03.02 - Boekwerk Jaarstukken 2025 (gewaarmerkte versie accountant)
Tekst van het document
-14
0
-14
-14
0
Subtotaal Mutaties reserves lasten
-14
0
-14
-14
0
6.91 Coördinatie en beleid Wmo
14
0
14
14
0
Subtotaal Mutaties reserves baten
14
0
14
14
0
-23.774
1.675
-22.099
-22.101
-2
Mutatie Reserves
Resultaat
6.711 Huishoudelijke hulp (Wmo)
Subtotaal Baten Saldo van baten en lasten Mutaties reserves lasten
Mutaties reserves baten
Resultaat
Analyse verschil Begroting 2025 naar Rekening 2025 Lasten
Baten
Saldo
1 Beschermd wonen
Omschrijving
250
0
250
250
2 Huishoudelijke ondersteuning
-117
3
-114
-114
3 Begeleiding
-79
-79
-79
4 Overige verschillen
-32
-27
-59
22
-24
-2
Totaal
-59 0
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026
-2
54
Toelichting op de grootste verschillen 1 Beschermd wonen: Binnen programma 6C is het budget voor Beschermd wonen van mensen met een verstandelijke beperking opgenomen (B2025/NJN2024 6D.3), dit budget is niet aangewend in 2025. 2 Huishoudelijke ondersteuning: De begroting 2025 is bij de 2e Berap 2025 en Kadernota 2026 naar beneden bijgesteld. Reden hiervoor was dat de stijging van het aantal lopende indicaties achterliep op de prognose, mogelijk het gevolg van de oplopende doorlooptijden van de afhandeling van Wmo-meldingen. In de afgelopen periode zijn de achterstanden ingelopen, met als gevolg dat de uitgaven in de laatste maanden weer zijn gestegen. 3 Begeleiding: De begroting 2025 is bij de 2e Berap 2025 en Kadernota 2026 naar beneden bijgesteld. Reden hiervoor was dat de stijging van het aantal lopende indicaties achterliep op de prognose, mogelijk het gevolg van de oplopende doorlooptijden van de afhandeling van Wmo-meldingen. In de afgelopen periode zijn de achterstanden ingelopen, met als gevolg dat de uitgaven in de laatste maanden weer zijn gestegen.
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026
55
Deelprogramma 6D Jeugdzorg Wat willen we bereiken? Snelle, tijdige en passende hulp, zorg en ondersteuning Jeugdigen en hun ouders/verzorgers, die hun problemen (nog) niet zelf of met behulp van hun netwerk kunnen oplossen, krijgen snel en tijdig hulp, zorg en ondersteuning in hun eigen omgeving.
Wat hebben we gedaan? BG25 | Uitvoeren plan 'tegen de stroom in voor duurzame en betaalbare jeugdhulp' In 2025 is aan iedere huisartsenpraktijk in onze gemeente een praktijkondersteuner huisarts (POH) jeugd verbonden. Daarnaast voeren we bij minimaal vijf jeugdhulpaanbieders een onderzoek uit in het kader van rechtmatigheid (rechtmatigheid Jeugdwet). Tevens is de implementatie gestart van het omzetten van individueel jeugdhulpaanbod naar groepsaanbod en het verminderen van herindicaties jeugdhulp. Stand van Zaken We hebben de beweging van individueel naar collectief in gang gezet bij medewerkers, in processen en in communicatie-uitingen. Er is al passend collectief aanbod beschikbaar. De implementatie bij het CJG kost meer werk dan vooraf verwacht en is nog in ontwikkeling. In 2025 is de verordening jeugdhulp herzien en vastgesteld door de raad en is door de toezichthouders bij vijf jeugdhulpaanbieders een thematisch onderzoek (in het kader van rechtmatigheid jeugdwet) uitgevoerd en gerapporteerd. Daarnaast hebben we inmiddels aan iedere huisartsenpraktijk in onze gemeente een praktijkondersteuner huisarts (POH) jeugd gekoppeld. Kwaliteit (indicator)
Wat heeft het gekost? Overzicht baten en lasten In onderstaand overzicht zijn per taakveld de lasten en baten en de mutaties in de reserves van de primaire begroting 2025, wijziging begroting 2025, begroting na wijziging 2025, rekening 2025 en het verschil tussen de rekening en begroting opgenomen. Programma 6D
Begroting 2025
Wijziging
Begroting na
Begroting 2025
wijziging 2025
Rekening 2025
Verschil 2025
Lasten 6.751 Jeugdhulp ambulant lokaal
-10.121
431
-9.690
-9.570
120
6.752 Jeugdhulp ambulant regionaal
-4.894
669
-4.224
-5.014
-790
6.753 Jeugdhulp ambulant landelijk
-2.535
0
-2.535
0
2.535
6.761 Jeugdhulp met verblijf lokaal
-1.990
36
-1.954
-1.849
106
6.762 Jeugdhulp met verblijf regiona
-9.242
1.143
-8.099
-8.599
-500
6.763 Jeugdhulp met verblijf landeli
0
81
81
-683
-764
6.792 PGB Jeugd
-1.200
0
-1.200
-1.537
-337
6.821 Jeugdbescherming
-2.714
-330
-3.043
-2.860
183
6.822 Jeugdreclassering
-619
0
-619
-458
162
6.92 Coördinatie en beleid Jeugd
-1.314
-220
-1.534
-2.123
-589
Subtotaal Lasten
-34.630
1.812
-32.818
-32.694
124
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026
56
Programma 6D
Begroting 2025
Wijziging
Begroting na
Begroting 2025
wijziging 2025
Rekening 2025
Verschil 2025
Baten 6.751 Jeugdhulp ambulant lokaal
0
0
0
0
0
6.752 Jeugdhulp ambulant regionaal
0
0
0
0
0
6.753 Jeugdhulp ambulant landelijk
0
0
0
0
0
6.761 Jeugdhulp met verblijf lokaal
0
0
0
0
0
6.762 Jeugdhulp met verblijf regiona
0
0
0
0
0
6.763 Jeugdhulp met verblijf landeli
0
0
0
0
0
6.792 PGB Jeugd
0
0
0
0
0
6.821 Jeugdbescherming
0
0
0
0
0
6.822 Jeugdreclassering
0
0
0
0
0
6.92 Coördinatie en beleid Jeugd
0
0
0
0
0
Subtotaal Baten
0
0
0
0
0
-34.630
1.812
-32.818
-32.694
124
6.751 Jeugdhulp ambulant lokaal
0
0
0
0
0
Subtotaal Mutaties reserves baten
0
0
0
0
0
-34.630
1.812
-32.818
-32.694
124
Mutatie Reserves
Resultaat
Saldo van baten en lasten Mutaties reserves baten
Resultaat
Analyse verschil Begroting 2025 naar Rekening 2025 Omschrijving
Lasten
Baten
Saldo
1 Project 'Tegen de stroom in'
172
172
172
2 Doorbelasting bedrijfsvoering
-73
-73
-73
3 Overige verschillen
25
25
Totaal
124
0
124
25 0
124
Toelichting op de grootste verschillen 1 Project "Tegen de stroom in": In 2025 zijn op alle drie actielijnen van "Tegen de Stroom In" concrete stappen gezet. Iedere huisartsenpraktijk in Capelle is gekoppeld aan een praktijkondersteuner huisarts (POH) jeugd. Daarmee is een nieuwe, laagdrempelige ingang voor jeugdhulp volledig operationeel, waarmee we vroegtijdige signalering en lichtere hulp dichterbij gezin en buurt brengen. Vijf jeugdhulpaanbieders zijn onderworpen aan een thematisch rechtmatigheidsonderzoek. Dit draagt direct bij aan meer grip op kwaliteit en doelmatigheid van ingekochte hulp. De verordening jeugdhulp is herzien en door de raad vastgesteld, waarmee het beleidskader voor de verschuiving van individueel naar collectief aanbod juridisch verankerd is, wij meer grip krijgen op de omvang en duur van de inzet van jeugdhulp door het normenkader. De beweging van individueel naar groepsaanbod en de vermindering van herindicaties is in gang gezet bij medewerkers, in processen en in communicatie-uitingen. Passend collectief aanbod is al beschikbaar. De implementatie bij het CJG vraagt meer doorlooptijd dan voorzien. Het traject met de "voorloper scholen" wordt doorgetrokken naar 2026, waarvoor via resultaatbestemming middelen beschikbaar worden gehouden. 2 Doorbelasting bedrijfsvoering: De doorbelasting bedrijfsvoering is hoger dan begroot.
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026
57
Programma 7 Volksgezondheid, duurzaamheid en milieu Dashboard
Missie We staan voor het beschermen en bevorderen van de gezondheid van alle Capellenaren. We voeren onze wettelijke taken uit vanuit de Wet publieke gezondheid (Wpg). Het ons aanpassen aan een snel veranderend klimaat én het tegelijkertijd tegengaan van die klimaatverandering om verstrekkende negatieve gevolgen te voorkomen, zijn grote uitdagingen waar de wereld voor staat. Ook in Capelle moeten we hiermee aan de slag. Niets doen is geen optie: ook in Capelle hebben we de verantwoordelijkheid om onze stad goed door te geven aan volgende generaties. Daarbij kiezen we voor haalbare, betaalbare en realistische plannen. Plannen die niet leiden tot tweedeling in de samenleving. Plannen die horen bij de veranderingen die nodig zijn om in 2050 een duurzame, groene en schone stad te zijn. De lucht-, bodem- en waterkwaliteit voldoen aan de wettelijke eisen.
Prog Doel / Wat hebben we gedaan? 7
BG23 | Haalbaarheid warmtenet Florabuurt 7
BR25-1
BR25-2
JS25
R
R
O
Gr
Gr
Gr
De grote uitdagingen op het gebied van duurzaamheid aanpakken Bevorderen en beschermen van de gezondheid van Capellenaren BG25 | Integraal plan Gezond en Actief Leven 2025
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026
58
Prog Doel / Wat hebben we gedaan? 7
7
BR25-1
BR25-2
BG22 | Zonnepanelen op gemeentelijke panden
Gr
Gr
Gr
BG24 | Verduurzamen particuliere huurwoningen
Gr
Gr
Gn
BG25 | 2e tranche CIP starten
Gr
Gr
Gr
BG25 | Rijksmiddelen voor energiearmoede volledig benutten
Gr
Gr
Gr
Gr
Gr
Gr
BG25 | Verminderen restafval
Gr
Gr
Gr
BG25 | Minicontainers papier en gft introduceren
Gr
Gr
Gr
BG24 | Grondstoffen hub
Gr
Gr
Gr
BG25 | Pilot circulair beheer
Gr
Gr
Gr
O
O
O
In stand houden en verbeteren van woon- en leefmilieu BG23 | Basis Geluid Emissieplan opstellen
7
7
7
JS25
Energietransitie
Afvalinzameling
Circulariteit
Klimaatadaptatie en biodiversiteit BG25 | Meest groene straat van Capelle
Wat willen we bereiken? De grote uitdagingen op het gebied van duurzaamheid aanpakken Samen met de gemeente Rotterdam, Havensteder en Woonstad onderzoeken wij de haalbaarheid van de realisatie van een warmtenet in de Florabuurt en omgeving waarbij het uitgangspunt een woonlastenneutrale overstap voor de Capellenaar is. Hierna leggen wij uw raad een besluit voor om wel of geen concessie te verlenen aan een warmtebedrijf voor de realisatie en exploitatie van een warmtenet in dit gebied en welke financiële consequenties hieraan zijn verbonden. De kosten voor het doen van het onderzoek zijn gedekt binnen de begroting.
Wat hebben we gedaan? BG23 | Haalbaarheid warmtenet Florabuurt Samen met de gemeente Rotterdam, Havensteder en Woonstad onderzoeken wij de haalbaarheid van de realisatie van een warmtenet in de Florabuurt en omgeving waarbij het uitgangspunt een woonlastenneutrale overstap voor de Capellenaar is. Het onderzoek is in het eerste kwartaal van 2023 gereed. Hierna leggen wij uw raad een besluit voor om wel of geen concessie te verlenen aan een warmtebedrijf voor de realisatie en exploitatie van een warmtenet in dit gebied en welke financiële consequenties hieraan zijn verbonden. De kosten voor het doen van het onderzoek zijn gedekt binnen de begroting. Stand van Zaken Het haalbaarheidsonderzoek is beëindigd omdat er geen privaat warmtebedrijf is die in de huidige omstandigheden een warmtenet wil realiseren en exploiteren. De nieuwe wet collectieve warmte (inwerkingtreding 1 juli 2026) schrijft voor dat warmtenetten meer dan de helft in publieke handen moeten zijn. Wij onderzoeken samen met de gemeenten Rotterdam, Vlaardingen, Schiedam, Nissewaard, Krimpen aan den IJssel en Albrandswaard de toekomstige samenwerkingsmogelijkheden voor het vormen van een regionaal publiek warmtebedrijf dat in 2027 of 2028 van start kan gaan. Ook stellen we in 2026 het verplichte warmteprogramma vast waarin we vastleggen hoe en wanneer wijken aardgasvrij worden.
Het bevat de planning voor de energietransitie (tot 2035), de gekozen duurzame warmteoplossingen per wijk en de participatieaanpak. Warmtenetten zijn essentieel om een betrouwbare, duurzame en betaalbare energievoorziening te realiseren en netcongestie te verminderen. Kwaliteit (indicator)
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026
59
Wat willen we bereiken? Bevorderen en beschermen van de gezondheid van Capellenaren We zetten in op het promoten van een gezonde leefstijl en het verkleinen van gezondheidsverschillen.
Wat hebben we gedaan? BG25 | Integraal plan Gezond en Actief Leven 2025 We geven in 2025 en 2026 vervolg aan de uitvoer van het plan Gezond en Actief Leven. We richten ons op het verkleinen van gezondheidsverschillen, het terugdringen van gezondheidsachterstanden en het inrichten van een gezonde leefomgeving. De inzet bestaat in 2025 in ieder geval uit: We starten met de methodiek Kind naar Gezonder Gewicht. We geven Capelse kinderen een kansrijke start door een versterkt aanbod van interventies voor zwangeren en jonge gezinnen. We werken aan een leefomgeving die uitnodigt tot gezond gedrag. We intensiveren de inzet op valpreventie onder Capelse ouderen. Stand van Zaken De uitvoering van de lokale aanpak voor het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) loopt volgens plan. Alle in de landelijke akkoorden (GALA en het Integraal Zorgakkoord (IZA)) voorgeschreven ketenaanpakken zijn opgezet en gestart. Kwaliteit (indicator)
Wat willen we bereiken? Energietransitie Wij zetten de energietransitie stevig door. Dat doen wij door energie te besparen en duurzame energie op te wekken. Ook de overstap naar aardgasvrij draagt hieraan bij. Wij zetten ons in voor het verminderen van energiearmoede. Daarnaast denken wij na over het energiesysteem van de toekomst, staan wij open voor innovaties en hebben oog voor de impact van de energietransitie op de stad.
Wat hebben we gedaan? BG22 | Zonnepanelen op gemeentelijke panden Eind 2022 liggen op alle geschikte gemeentelijke daken (28) zonnepanelen. Stand van Zaken Op veel daken van gemeentelijke gebouwen zijn al zonnepanelen geplaatst. In 2025 hebben we op veertien gemeentelijke accommodaties en vier extra locaties, waaronder locaties van Welzijn Capelle, 1.491 zonnepanelen geplaatst. De ingrepen op deze vier aanvullende locaties hebben geleid tot een besparing van 24 ton CO2. Inclusief de resultaten uit 2024 komt de totale reductie door deze maatregelen uit op 194 ton CO2. De totale uitstoot van gemeentelijke panden is hiermee tov 2015 met 50% gereduceerd. Voor het gemeentehuis is een plan gemaakt voor het plaatsen van licht en circulaire zonnepanelen, maar dit wordt Q2 van 2026 verder uitgewerkt. Hier volgt nog een budget en subsidieaanvraag voor. Kwaliteit (indicator)
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026
60
BG24 | Verduurzamen particuliere huurwoningen In 2024 doen we onderzoek naar de mogelijkheden om het verduurzamen van particuliere huurwoningen te stimuleren. Op basis van de resultaten van dit onderzoek doen we een voorstel voor een aanpak. Stand van Zaken Uit het onderzoek blijkt dat het aantal huurwoningen in eigendom van particuliere verhuurders zo’n 3.700 woningen is. Ook hebben we onderzocht wat de energielabels van deze woningen zijn en of de woningen onder een VVE vallen. Op basis hiervan hebben we aanbevelingen gedaan. Woningen met een slecht label die onder een VVE vallen (197 woningen) stimuleren we om te verduurzamen door middel van de VVE aanpak. Het aantal woningen die niet onder een VVE vallen met een slecht label is beperkt (50 woningen). Hiervoor zorgen we voor de juiste informatievoorziening via onze vaste communicatiekanalen. Verder zijn vanaf 2029 slechte energielabels voor nieuwe huurders verboden. Voor het plannen van de handhaving hiervan nemen we in het nieuwe programma een actiepunt op. Kwaliteit (indicator)
BG25 | 2e tranche CIP starten We vervolgen het Capels Isolatieplan (CIP) met een tweede tranche, waarbij we een groot deel van de VvE's, die vallen in de doelgroep van het CIP, ondersteunen met hun woningisolatie. Stand van Zaken Met het Capels Isolatieplan (CIP) hebben wij in 2025 ongeveer 250 adviesgesprekken gevoerd bij grond gebonden koopwoningen. Bij 65 van deze woningen zijn gemiddeld twee maatregelen uitgevoerd. De populairste maatregel die Capellenaren nemen is het vervangen van glas, gevolgd door vloerisolatie, dak isolatie en spouwmuur isolatie. De bewoners van het Valeriusrondeel ontvingen in 2025 subsidie via het CIP voor de verduurzamingsmaatregel die zij willen uitvoeren. Het Valeriusrondeel gaat de bestaande gasketels vervangen door hybride warmtepompen. Hiermee behalen zij een gas besparing van 70%. Het totaal aan woningen dat via het CIP is geholpen vorig jaar komt in totaal uit op 497 woningen. Kwaliteit (indicator)
BG25 | Rijksmiddelen voor energiearmoede volledig benutten In 2025 ronden we de aanpak voor energiearmoede af die we betalen met het geld dat we van de Rijksoverheid hebben ontvangen. We zorgen dat het volledige bedrag van de Rijksoverheid is uitgegeven. Stand van Zaken De looptijd om de bijdrage van de Rijksoverheid uit te geven is met twee jaar verlengd tot eind 2027, waardoor we langer de tijd hebben om het geld te besteden. Van het ontvangen bedrag is tot nu toe 64% uitgegeven. In 2025 zijn er in totaal 135 gesprekken gevoerd, waaronder adviesgesprekken door de energiecoaches en huisbezoeken in samenwerking met de budgetcoaches van Welzijn Capelle. Ook zijn er (budget)trainingen en workshops georganiseerd voor gerelateerde doelgroepen. Kwaliteit (indicator)
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026
61
Wat willen we bereiken? In stand houden en verbeteren van woon- en leefmilieu Wij zorgen ervoor dat de wettelijke normen voor de lucht-, bodem-, geluid- en waterkwaliteit zorgvuldig en doelmatig behaald worden. De Capellenaren zullen worden betrokken bij de wijze waarop wij dit gaan doen.
Wat hebben we gedaan? BG23 | Basis Geluid Emissieplan opstellen Onder de Omgevingswet hebben wij de taak om het geluid van onze wegen te beheersen (Besluit kwaliteit leefomgeving). Voor het bewaken van de toename van geluid is eerst een basisemissie (referentie) nodig. Deze referentie wordt de basisgeluidsemissie genoemd. Vervolgens moet iedere vijf jaar een monitoring plaatsvinden. Aan de hand van de monitoring stellen wij vast of de actuele geluidsemissie hoger is dan de basisgeluidsemissie. Daarom gaan wij starten met het maken van geluid emissie berekeningen en het opstellen van het Basis Geluid Emissieplan (BGE) op. Stand van Zaken Het verzamelen van verkeerstellingen en andere brongegevens doen we in de eerste helft van 2026. Daarna richten we ons op het maken van geluid emissie berekeningen en het opstellen van het Basis Geluid Emissieplan (BGE) in de tweede helft van 2026. Het BGE moet voor 1 december 2026 zijn vastgesteld. Om te voorkomen dat bij vijfjaarlijkse monitoring blijkt dat er maatregelen getroffen moeten worden en de kosten daarvan niet meer toe te rekenen zijn aan de veroorzaker kiezen we voor jaarlijkse monitoring vanaf 2027. Kwaliteit (indicator)
Wat willen we bereiken? Afvalinzameling We hebben onze afvalinzameling op orde of verbeteren dit. We verhogen het scheidingspercentage en verminderen het restafval.
Wat hebben we gedaan? BG25 | Verminderen restafval De hoeveelheid restafval per inwoner te verminderen tot 145 kg in 2029, waarvan een proportioneel deel (4,4 kg) in elk van de tussenliggende jaren wordt gerealiseerd. Stand van Zaken In 2025 hebben we een daling van de hoeveelheid restafval gerealiseerd van 6 kilo. Daarnaast zijn we dit jaar gestart met de mobiele milieustraat. Kwaliteit (indicator)
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026
62
BG25 | Minicontainers papier en gft introduceren In de periode 2025 t/m 2029 stapt de laagbouw over op minicontainers voor papier en gft, waarbij elk jaar 20% van de huishoudens wordt aangesloten. Stand van Zaken We hebben in 2025 voor 136 adressen in de Amerikaansebuurt mini-containers uitgereikt voor GFT en papier. We volgen de uitvoering het eerste jaar nauwgezet om inzicht te krijgen in de resultaten. Op basis daarvan vindt een evaluatie plaats, voordat verdere uitrol plaatsvindt. In 2026 gaan we hiermee verder aan de slag. Kwaliteit (indicator)
Wat willen we bereiken? Circulariteit We gaan aan de slag met circulariteit. Dit is belangrijk omdat de grondstoffen die in al onze producten zitten wereldwijd opraken. In een circulaire economie voorkomen we dat we (nieuwe) grondstoffen moeten gebruiken. Daardoor zijn we minder afhankelijk van schaarse grondstoffen én besparen we de CO2-uitstoot van grondstofwinning en productie van nieuwe producten. De nieuwe circulaire aanpak biedt ook kansen voor de Capelse economie. Daarom willen we circulair werken en Capellenaren én Capelse ondernemers in staat stellen te profiteren van de nieuwe ‘groene’ economie.
Wat hebben we gedaan? BG24 | Grondstoffen hub We starten met het verkennen van de (economische) kansen van een circulaire grondstoffen hub. De verkenning richt zich op het optimaliseren van de gescheiden inzameling op de milieustraat, waarmee de circulariteit van monostromen vergroot wordt. In de toekomst kunnen daardoor meer waardevolle grondstoffen gewonnen en afval voorkomen worden. Stand van Zaken Opslagruimte om materialen tijdelijk op te slaan is noodzakelijk bij uitvoeringsprojecten in de bouw en de grond-, weg- en waterbouw. Om die reden is in 2025 een onderzoek gestart naar de benodigde ruimte, de kosten die hiermee gemoeid zijn en de opbrengsten die een grondstoffendepot kan opleveren. Het onderzoek heeft inmiddels inzicht opgeleverd in de hoeveelheden grondstoffen die hergebruikt kunnen worden, de benodigde opslagruimte en er is gekozen voor de voorkeurslocatie Groenedijk. Deze locatie levert ook een mooie meerwaarde voor de uitbreiding van de milieustraat. Wij hebben een goed werkende milieustraat waar het grof huishoudelijk afval wordt gescheiden. Doordat de grondstoffenmarkt steeds complexer wordt, biedt extra scheiding van grofvuil circulaire- en financiële kansen. We zijn gestart met het onderzoeken van die mogelijkheden. Voorlopige deelresultaten tonen aan dat met enkele laagdrempelige ingrepen aanvullende circulaire stappen gezet kunnen worden.
Daardoor kan de scheidingsgraad verder toenemen en ook het nuttig gebruik van materialen. Het onderzoek zal uiteindelijk een aantal scenario’s opleveren voor de milieustraat van de toekomst. Kwaliteit (indicator)
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026
63
BG25 | Pilot circulair beheer Op basis van de inventarisatie van de grootste circulaire kansen bij zowel groen- als wegbeheer in 2024, starten we in 2025 met een pilot van circulair beheer in uitvoering. Stand van Zaken Wij hebben de circulaire pilot gebruikt om de markt van groenaannemers uit te dagen om met een hoogwaardige circulaire aanpak te komen voor het maaien van gras en het snoeien van bomen. Hiervoor hebben we een toetsingsmethode ontwikkeld om de biedingen te beoordelen op circulariteit. Het resultaat is dat zowel gras als snoei- en stamhout vanaf 2026 op hoogwaardige circulaire manier gebruikt gaan worden. Gras bijvoorbeeld in de productie van papieren producten in plaats van compost. En hout niet meer versnipperen maar verwerken tot planken. Kwaliteit (indicator)
Wat willen we bereiken? Klimaatadaptatie en biodiversiteit We richten Capelle stap voor stap klimaatadaptief in. Zo bereiden we de stad voor op extremer weer om overlast te voorkomen en Capelle fijn en leefbaar te houden. Hierbij hoort ook het versterken van de biodiversiteit. De nadruk ligt hierbij op een groene inrichting van de stad.
Wat hebben we gedaan? BG25 | Meest groene straat van Capelle We zetten Capellenaren die aan de slag gaan met het groener maken van hun straat extra in het zonnetje door een prijs voor de meest groene straat uit te reiken. Stand van Zaken De verkiezing van meest groene straat is vanwege andere prioriteiten verplaatst naar 2026. Kwaliteit (indicator)
Verantwoording Meldingen buitenruimte Na een analyse van het totaal aantal meldingen (15.443) is gebleken dat een klein aantal categorieën, te weten Afval (4.415), Groen (3.118) Overlast parkeren (2.404), het grootste deel van de meldingen veroorzaakt. Van het totaal aantal meldingen is 96,8% binnen de termijn afgehandeld. Door hier gericht op te sturen in capaciteit, preventiemaatregelen en beleid, kan de afhandeling in de toekomst nog efficiënter worden ingericht en blijft de druk op uitvoerende afdelingen beter beheersbaar.
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026
64
Milieu Vanuit het Schone Lucht Akkoord hebben we een luchtmeetnet opgezet. Bewoners meten zelf de hoeveelheid fijnstof in de lucht. Resultaten zijn te zien op SODAQ AIR. In het najaar 2025 is er ook een hout stook campagne gestart. Doel van beide acties is het verhogen van bewustwording over gezondheidsrisico's, het verminderen van de overlast, en het stimuleren van gedragsverandering. We hebben geluidsmetingen uitgevoerd langs de metro in Fascinatio. Het geluid blijft wel binnen de wettelijke normen, maar er is 1 spoor dat meer geluid maakt dan de andere sporen. Vervolggesprekken hebben ertoe geleid dat RET in de eerste helft van 2026 opnieuw onderhoud gaat uitvoeren op delen van het spoor. We hebben samen met Krimpen a/d IJssel en Rotterdam het Geluid Reductie Plan van industrieterrein Stormpolder vastgesteld. Duidelijke afspraken over het geluid van bedrijven was een belangrijke voorwaarde voor de planontwikkeling van het naastgelegen Rivium.
Wat heeft het gekost? Overzicht baten en lasten In onderstaand overzicht zijn per taakveld de lasten en baten en de mutaties in de reserves van de primaire begroting 2025, wijziging begroting 2025, begroting na wijziging 2025, rekening 2025 en het verschil tussen de rekening en begroting opgenomen. Programma 7
Begroting 2025
Wijziging
Begroting na
Begroting 2025
wijziging 2025
Rekening 2025
Verschil 2025
Lasten 7.1 Volksgezondheid
-5.355
-245
-5.601
-5.713
-113
7.2 Riolering
-4.939
330
-4.609
-4.971
-362
7.3 Afval
-9.789
-762
-10.551
-10.671
-120
7.4 Milieubeheer
-4.602
-671
-5.273
-4.863
410
-7
-292
-298
-272
27
-24.692
-1.640
-26.332
-26.490
-158
7.5 Begraafplaatsen en crematoria Subtotaal Lasten Baten 7.1 Volksgezondheid
394
396
790
746
-44
7.2 Riolering
5.205
-343
4.862
5.225
363
7.3 Afval
10.442
682
11.124
11.235
112
7.4 Milieubeheer
1.776
948
2.724
2.695
-28
22
0
22
58
36
Subtotaal Baten
17.838
1.683
19.522
19.960
438
Saldo van baten en lasten
-6.854
44
-6.810
-6.530
280
7.5 Begraafplaatsen en crematoria
Mutaties reserves lasten 7.1 Volksgezondheid
0
0
0
0
0
7.4 Milieubeheer
0
-183
-183
-237
-54
Subtotaal Mutaties reserves lasten
0
-183
-183
-237
-54
0
0
0
0
0
7.4 Milieubeheer
225
146
371
242
-129
Subtotaal Mutaties reserves baten
225
146
371
242
-129
-6.629
6
-6.623
-6.525
98
Mutaties reserves baten 7.1 Volksgezondheid
Resultaat
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026
65
Analyse verschil Begroting 2025 naar Rekening 2025 Omschrijving 1 Riolering en waterzuivering 2 Voorziening riolering middelen derden
Lasten
Baten
-187
Saldo
Mutatie Reserves
Resultaat
-187
-187 183
0
183
183
3 Bijdrage CDOKE SPUK F28
285
-103
182
4 Energietransitie
164
168
332
5 Klimaatadaptatie & Biodiversiteit
99
99
99
6 Reiniging
-84
-84
-84
7 Voorziening afval middelen derden
182 -182
150
0
84
84
84
8 Duurzaamheid Algemeen
103
-130
-27
-27
9 Rioolbeheer
-146
146
0
0
10 Doorbelasting bedrijfsvoering
-459
-459
-459
11 Overige verschillen Totaal
67
90
157
-158
438
280
157 -182
98
Toelichting op de grootste verschillen 1 Riolering en waterzuivering: De toename van materialen in het riool die daar niet horen, bemoeilijkt het inspecteren en reinigen van het riool, wat leidt tot hogere lasten. 2 Voorziening riolering middelen derden: Vanwege het resultaat op Riolering en waterzuivering (zie toelichting hierboven) heeft een extra onttrekking aan de voorziening plaatsgevonden. 3 Bijdrage CDOKE SPUK F28: In de Kadernota 2026 is een extra budget toegevoegd vanuit de SPUK CDOKE (€ 285.000), te besteden aan personele inzet. Om technische redenen vindt de realisatie hiervan elders in de begroting plaats. In 2025 is € 182.000 uitgegeven aan personele inzet, wat het verschil van € 103.000 verklaart. 4 Energietransitie: In het kader van Energietransitie hevelen we restbudgetten (in totaal € 182.000) via de reserve eenmalig over naar 2026 voor 1. ondersteuning bij subsidies Capels Isolatie Plan 2. uitvoeren van het CIP bij VvE's en 3. de duurzaamheidslening. 5 Klimaatadaptatie & Biodiversiteit: In 2025 is minder (€ 99.000) uitgegeven aan klimaatadaptatie dan voorzien omdat: 1. De kosten voor de tuinrangers voor het grootste deel al betaald zijn uit het budget van 2024 en 2. Een gereserveerd bedrag voor een te verlenen subsidie groen dak voor een bedrijf uiteindelijk niet is aangevraagd.
6 Reiniging: Doordat de minicontainers beperkt zijn uitgerold ontstaan een voordeel van € 164.000 op het afvalbeleidsplan. Echter op reiniging is er ook sprake van een nadeel door extra lasten voor onderhoud op de milieustraat van € 74.000, lasten voor de prullenbakken en zwerfafval van € 123.000 en hogere verwerkingskosten GFT van € 51.000 waardoor per saldo een nadeel van € 84.000 ontstaat op reiniging. 7 Voorziening afval middelen derden: Vanwege het resultaat op afval heeft een extra onttrekking aan de voorziening plaatsgevonden. 8 Duurzaamheid Algemeen: In 2025 hebben we vanuit het Rijk een extra bijdrage ontvangen voor energiebeleid. Een deel hiervan (103) hevelen we over naar 2026 voor het inrichten van een digitaal- en mobiel Energieloket. Ook zetten we in op een intensieve, wijkgerichte aanpak met inzet van externe expertise en gespecialiseerde voorlichting op locaties. Het verschil van - € 130.000 is ontstaan omdat de gerealiseerde baat vanuit de CDOKE is verwerkt op de hiervoor bestemde kostenplaats. 9 Rioolbeheer: Bij werkzaamheden is schade ontstaan wat hersteld is en waarvoor de aannemer een vergoeding heeft betaald. 10 Doorbelasting bedrijfsvoering: De doorbelasting bedrijfsvoering is hoger dan begroot. Er is minder doorbelast naar programma 0 (taakveld overhead) en meer naar programma 7 (taakveld milieubeheer).
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026
66
Programma 8 Stadsontwikkeling Dashboard
Missie We regisseren en faciliteren de ontwikkeling van een blijvend vitale stad. Een stad waar het prettig wonen, werken en leven is. We zorgen ervoor dat wonen in Capelle aantrekkelijk blijft met passende woningen voor iedereen. We zetten hierbij in op het uitbreiden van de woningvoorraad. Samen met de Capellenaar en partners geven we de omgeving vorm en bieden ruimte aan initiatieven. We spelen ondernemend en daadkrachtig in op ontwikkelingen, staan in constante dialoog met de omgeving en formuleren hierop een duidelijke strategie. We doen dit alles met oog voor de ruimtelijke kwaliteit. Prog 8
Doel / Wat hebben we gedaan?
BR25-1
BR25-2
JS25
Gewoon goed wonen BG24 | Aantal nieuwbouwwoningen
R
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026
O
67
Wat willen we bereiken? Gewoon goed wonen We dragen eraan bij om een aantrekkelijke woongemeente te blijven met passend aanbod in alle categorieën van de woningvoorraad.
Wat hebben we gedaan? BG24 | Aantal nieuwbouwwoningen We streven ernaar om in 2024 tussen de 600 en 1.000 nieuwe woningen toe te voegen aan de Capelse woningvoorraad. Zie ook het woningbouwprogramma. Stand van Zaken Als onderdeel van de doelstelling om tot en met 2036 10.000 woningen te bouwen zijn in 2024 in totaal 367 woningen opgeleverd. Het doel voor 2024 was tussen de 600 en 1.000 woningen. Vanwege een bezwaarprocedure is realisatie van een plan met 342 woningen opgeschoven waardoor de doelstelling niet is gehaald. Plannen kunnen door verschillende zaken vertragen of zelfs helemaal niet doorgaan. Tegelijkertijd blijft de woningnood hoog en willen wij snel meer woningen bouwen. Daarom hebben wij in november 2025 besloten onderzoek uit te voeren hoe wij de plancapaciteit kunnen vergroten om uitval en vertragingen te kunnen opvangen. Hierbij kijken wij naar nieuwbouw en het beter benutten van de bestaande woningvoorraad. De uitkomsten van dit onderzoek nemen wij mee in de update van het woningbouwprogramma in het najaar van 2026. Tegelijk werken we hard door aan bestaande plannen zoals het Rivium en de Florabuurt. Kwaliteit (indicator)
Verantwoording Florabuurt Op 10 juli 2025 heeft de gemeenteraad de bestemmingsplannen Florabuurt Middengebied zuidblok en Florabuurt Middengebied noord- en middenblok vastgesteld. Tegelijkertijd heeft de gemeenteraad de aanvullende kredietaanvraag realisatie Kindcentrum goedgekeurd. Bijzondere mijlpalen die het startsein zijn voor de realisatiefase van de Florabuurt. In de tweede helft van het jaar is de ontwikkelaar van het Zuidblok gestart met de ontwerpfase van haar ontwikkeling en is hard gewerkt aan de afronding van het PVE van het Kindcentrum t.b.v. van de aanbesteding voor de realisatie. Tegen beide bestemmingsplannen is bij de Raad van State een beroep ingediend. In 2025 zijn de volgende subsidies aan de Florabuurt toegekend: Woningbouwimpuls zevende tranche, Woningbouw op Korte Termijn en Herinrichting en kwaliteitsimpuls recreatie. Het jaar 2026 zal voor de Florabuurt met name in het teken staan van de beroepsprocedure en de aanbesteding voor realisatie van het Kindcentrum. Rivium 2025 was een belangrijk jaar voor het project Rivium. Wij zijn met de ontwikkelende partijen tot het inzicht gekomen dat nieuwe afspraken gemaakt moesten worden over de samenwerking om dit project een succes te laten worden. In juni is een ‘package deal’ getekend over het ontvlechten van verschillende werkzaamheden en verantwoordelijkheden.
Dit heeft uiteindelijk geleid tot een nieuwe samenwerkingsovereenkomst en anterieure overeenkomsten die in december ondertekend zijn. Daarnaast zijn het omgevingsplan, het milieueffectrapport, het beeldkwaliteitsplan+ als ontwerp afgerond en eveneens in december ter inzage gelegd. Naar verwachting worden deze stukken in de 1e helft 2026 ter vaststelling aangeboden aan de raad waarna naar verwachting een beroepsprocedure start. Verder wordt 2026 gebruikt voor het ontwerp van een aantal verkeerskundige maatregelen en buitenruimte.
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026
68
Stadsplein In 2017 begon de gemeente samen met inwoners met het vormgeven van een nieuw Stadsplein. Op 8 januari 2024 werd gestart met de werkzaamheden met als doel het plein te veranderen in een aantrekkelijk en levendig stadshart, de woonkamer van Capelle. Eind 2025 waren de werkzaamheden gereed en op 23 januari 2026 werden de fonteintjes op het plein met de druk op een knop geactiveerd, wat het startsein was voor de feestelijke opening van het hernieuwde Stadsplein. De markt is inmiddels terugverhuisd naar het Stadsplein. Het is nu wachten op het voorjaar; wanneer de bomen weer groen zijn en het heerlijk vertoeven is op de terrassen van de betrokken, Capelse ondernemers op het vernieuwde stadsplein.
Wat heeft het gekost? Overzicht baten en lasten In onderstaand overzicht zijn per taakveld de lasten en baten en de mutaties in de reserves van de primaire begroting 2025, wijziging begroting 2025, begroting na wijziging 2025, rekening 2025 en het verschil tussen de rekening en begroting opgenomen. Programma 8
Begroting 2025
Wijziging
Begroting na
Begroting 2025
wijziging 2025
Rekening 2025
Verschil 2025
Lasten 8.1 Ruimte en leefomgeving
-2.671
-2.318
-4.988
-3.505
1.483
8.2 Grondexpl. (niet-bedr.terreinen)
-5.588
-7.191
-12.779
-8.565
4.214
8.3 Wonen en bouwen
-4.309
-4.947
-9.256
-8.919
337
Subtotaal Lasten
-12.567
-14.456
-27.023
-20.990
6.034
Baten 8.1 Ruimte en leefomgeving
0
2.246
2.246
850
-1.396
6.036
10.303
16.339
15.132
-1.207
812
1.755
2.567
6.941
4.374
Subtotaal Baten
6.847
14.304
21.151
22.923
1.772
Saldo van baten en lasten
-5.720
-152
-5.872
1.933
7.805
8.1 Ruimte en leefomgeving
0
-161
-161
-257
-96
8.3 Wonen en bouwen
0
-200
-200
-200
0
Subtotaal Mutaties reserves lasten
0
-361
-361
-457
-96
8.2 Grondexpl. (niet-bedr.terreinen) 8.3 Wonen en bouwen
Mutaties reserves lasten
Mutaties reserves baten 8.1 Ruimte en leefomgeving
402
-252
150
150
0
8.3 Wonen en bouwen
537
2.465
3.002
2.902
-100
Subtotaal Mutaties reserves baten
939
2.213
3.152
3.052
-100
-4.781
1.700
-3.081
4.528
7.610
Resultaat
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026
69
Analyse verschil Begroting 2025 naar Rekening 2025 Omschrijving
Lasten
Baten
Saldo
0
3.794
3.794
3.794
4.352
-874
3.479
3.479
0
224
224
224
4 De Hoven 2
209
0
209
209
5 Landelijk Capelle
162
0
162
162
6 Faciliterende projecten en opgavengebieden
947
-855
92
92
7 Voorbereidingsbudget
311
-278
33
8 Omgevingswet/visie
96
0
96
-96 -100
1 SPUK Realisatiestimulans 2 Grondexploitaties 3 Opbrengsten omgevingsvergunningen
9 Ontwikkelkader de Terp
100
0
100
10 Overige verschillen
-144
-239
-384
6.034
1.772
7.806
Totaal
Mutatie Reserves
Resultaat
33 0 0 -384 -196
7.610
Toelichting op de grootste verschillen 1 SPUK Realisatiestimulans: Wij komen in aanmerking voor de Realisatiestimulans-uitkering voor 542 woningen van € 7.000 per woning. Het gaat om een bedrag van totaal € 3,794 miljoen. 2 Grondexploitaties: Het positieve saldo binnen de grondexploitatie wordt met name veroorzaakt doordat de subsidies WOKT en WBI Florabuurt in 2025 definitief zijn vastgesteld. Als gevolg hiervan heeft een vrijval van de verliesvoorziening plaatsgevonden, wat een positief effect heeft op het resultaat. Voor een nadere toelichting per grondexploitatie wordt verwezen naar de paragraaf grondbeleid. 3 Opbrengsten omgevingsvergunningen: De opbrengsten voor omgevingsvergunningen zijn hoger doordat er meer aanvragen zijn ontvangen. 4 De Hoven 2: De gemeente draagt bij in de ontwikkeling van de Harmonie fase 1 en fase 2. De betalingen die wij doen aan de ontwikkelaar hangt samen met de uitvoering in het gebied. Wij verwachten nog een deel over te maken in 2026. Voorgesteld wordt om het resterende budget van € 209.000 middels resultaatbestemming over te hevelen naar 2026. 5 Landelijk Capelle: Dit betreft de onderdelen groenstructuren, wandelroutes Ringvaart en algemeen. In 2024 zijn de beschikbare budgetten voor Landelijk Capelle herverdeeld naar projecten binnen de programma’s openbare ruimte (programma 8) en mobiliteit (programma 2).
In de tweede Bestuursrapportage 2025 is opgenomen dat voor de projecten binnen de openbare ruimte, waaronder groenstructuren en wandelpaden, een raadsvoorstel wordt voorbereid om de bijbehorende kredieten in te zetten voor toekomstige ruimtelijke opgaven. Voorgesteld wordt om het resterende budget van € 163.000 middels resultaatbestemming over te hevelen naar 2026. 6 Faciliterende projecten en opgavengebieden: Vanwege fasering van werkzaamheden is minder besteed aan faciliterende projecten en opgave gebieden (€ 947.000). Voor de meeste projecten zijn anterieure overeenkomsten afgesloten, de gemaakte kosten worden in rekening gebracht bij de ontwikkelaars (€ 855.000). 7 Voorbereidingsbudget: In 2025 zijn de lasten lager uitgevallen dan begroot om de niet-te-verhalen baten op te vangen. Hierdoor blijven zowel de baten als de lasten achter ten opzichte van de begroting. 8 Omgevingswet/visie: In 2025 is intensief gewerkt aan de transitie van het Omgevingsplan. Hierbij wordt de regelgeving voor de fysieke leefomgeving, afkomstig uit voormalige bestemmingsplannen, voorbereidingsbesluiten, verordeningen en rijksregels, omgezet van het tijdelijke naar het definitieve deel van het Omgevingsplan (deadline eind 2031). Deze werkzaamheden worden in 2026 voortgezet. Voorgesteld wordt om het resterende budget van € 96.000 via de reserve Eenmalige uitgaven over te hevelen naar 2026.
9 Ontwikkelkader De Terp: Het budget is oorspronkelijk bij de VJN 2023 opgenomen voor het opstellen van aanvullende ontwikkelkaders voor zowel De Terp als De Linie. Voorgesteld wordt om het bedrag van € 100.000 via de reserve Eenmalige uitgaven over te hevelen naar 2026 omdat de gemeente, mede door de actuele ontwikkelingen rondom netcongestie, in 2026 versneld wil doorgaan met de plannen voor De Linie. Hiervoor is het nodig om een ontwikkelkader op te stellen. De kosten kunnen naar verwachting (deels) worden verhaald.
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026
70
Overzicht algemene dekkingsmiddelen Algemene dekkingsmiddelen De algemene dekkingsmiddelen van de gemeente bestaan uit: 1. Algemene uitkering uit het gemeentefonds; 2. Gemeentelijke belastingen; 3. Commerciële contracten; 4. Dividenden; 5. Saldo van de financieringsfunctie (rente). Hieronder wordt toelichting per onderdeel gegeven. 1. Algemene uitkering uit het gemeentefonds Het gemeentefonds is veruit de grootste inkomstenbron voor onze gemeente. In 2025 is de begroting hiervoor geactualiseerd in de Kadernota, en Slotwijziging 2025. Het resultaat is een voordeel van 572. Dit resultaat wordt veroorzaakt door de decembercirculaire 2025, die een voordeel oplevert van 284. De decembercirculaire wordt te laat gepubliceerd om nog in een begrotingswijziging te verwerken, waardoor het resultaat in de jaarrekening valt. Het overige voordeel wordt veroorzaakt door afrekeningen van vorige jaren. 2. Gemeentelijke belastingen De opbrengsten van Onroerendzaakbelasting (Ozb) en logiesbelasting (voor toeristen) beschouwen we als algemene dekkingsmiddelen. Dit in tegenstelling tot bijvoorbeeld de afvalstoffenheffing of de rioolheffing, waarbij we deze middelen voor het gerelateerde doel in moeten zetten. De lagere opbrengst logiesbelasting wordt veroorzaakt doordat een hotel vanaf 2025 in gebruik is genomen voor de opvang van asielzoekers.
In de paragraaf Lokale heffingen leest u meer over de belastingen en heffingen. 3. Commerciële contracten Dit betreft baten die worden verkregen uit reclame-uitingen langs de openbare weg. 4. Dividenden Dit betreft de opbrengsten van dividenden van Stedin NV, Evides NV, Irado NV en de BNG. 5. Saldo van de financieringsfunctie Dit betreft het resultaat van rente over de lang- en kortlopende leningen. Het is het verschil tussen de toegerekende rekenrente aan de programma’s en de werkelijk betaalde rente. Aangezien er geen apart programma voor de algemene dekkingsmiddelen is, wordt in het overzicht hieronder weergegeven op welk programma het betreffende algemene dekkingsmiddel betrekking heeft. Algemeen dekkingsmiddel
Programma
Begroting 2025
0
169.196
4.080
- ozb
0
15.901
- logiesbelasting
3
55
3. Commerciële contracten
3
4. Dividenden 5. Saldo financieringsfunctie
1. Algemene uitkering
Wijziging Totale begroting begroting 2025 2025
Realisatie 2025
Verschil begroting en realisatie
173.276
173.848
572
252
16.153
16.144
-9
0
55
1
-54
499
149
648
648
0
0
1.211
207
1.418
1.428
10
0
233
-303
-70
182
252
187.095
4.386
191.480
192.252
771
2. Gemeentelijke belastingen:
Totaal
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026
71
Overzicht overhead Overzicht overhead De gerealiseerde kosten van de overhead zijn in 2025 € 27.271.000. Lasten
Begroting na wijziging 2025
Rekening 2025
Verschil 2025
Personeelskosten excl. inhuur
15.117
14.551
567
Personeel van derden
2.393
2.142
251
Overige goederen en diensten
6.059
5.221
838
Reserveringen / Dotatie voorzieningen
464
453
11
Kapitaallasten
209
209
0
Overige inkomensoverdrachten
6.474
6.552
-78
Doorbelasting overhead
-698
-2.633
-1.935
Communicatie
38
78
-40
Totaal lasten
28.121
27.271
850
Baten
Begroting na wijziging 2025
Rekening 2025
Verschil 2025
Overige goederen en diensten
2.926
3.300
374
Totaal baten
2.926
3.300
374
Saldo Overhead
25.195
23.971
1.224
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026
72
Vennootschapsbelasting Bedrag heffing vennootschapsbelasting In 2025 verwachten we een winst op de buitenreclame van 587 en hierop een aanslag Vennootschapsbelasting van afgerond 138. Na vaststelling van de jaarstukken wordt de aangifte pas definitief. Er is een voorlopige aanslag opgelegd van 80 in 2025 en een aanvullende voorlopige aanslag aangevraagd van 58. Samenvattend is dus grotendeels voorzien in de af te dragen Vennootschapsbelasting. Het resterende wordt betaald c.q. verrekend met de definitieve aanslag.
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026
73
Onvoorzien Post onvoorzien In de primitieve begroting is in programma 0 Bestuur en ondersteuning een post voor onvoorziene uitgaven opgenomen voor een bedrag van 34. De raming van deze post is gebaseerd op een bedrag van € 0,50 per inwoner. De post onvoorzien is een begrotingspost die per definitie niet leidt tot uitgaven. Het totaalbudget wat gereserveerd is in de begroting wordt ingezet door een begrotingswijziging, waardoor het budget wordt getransporteerd naar het programma waar de uitgaven worden gedaan. Het college is bevoegd tot besteding van de post onvoorzien. In 2025 is de post onvoorzien niet ingezet.
Post onvoorzien
Begroting 2025
Wijziging Begroting 2025
-34
0
Totale Begroting 2025 Rekening 2025 -34
Vrijval Rekening 2025
0
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026
34
74
EMU-saldo EMU-saldo Het EMU-saldo geeft een indicatie van de feitelijke geldstromen van de gemeente. Volgens de Septembercirculaire 2024 zou deze in 2025 niet nadeliger moeten zijn dan € 12,807 mln, oftewel ons Capelse aandeel in het totale begrotingstekort van Nederland. Deze referentiewaarde is inclusief ons aandeel in openbare lichamen, zijnde gemeenschappelijke regelingen. Dit is echter geen harde norm, maar een indicatie. Uit de tabel blijkt dat we hier aan hebben voldaan in 2025. Wel is deze een stuk positiever dan de verwachting in de Begroting 2025. Dit wordt onder andere veroorzaakt door hogere vooruit ontvangsten van subsidies, (Woningbouwimpuls Roer-Barbizon, Woningbouwimpuls Florabuurt en Zuidelijke Fietsroute), lagere uitgaven op incidentele projectbudgetten en een verschuiving van investeringsuitgaven naar 2026.
EMU-saldo
Begroting
Jaarrekening
Jaar 2025
-34.542
-7.444
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026
75
Paragrafen
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026
76
Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026
77
Weerstandsvermogen en weerstandscapaciteit Definitie weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen of waar na het treffen van maatregelen nog restrisico’s overblijven, met de kans dat deze risico’s zich voordoen. De verhouding wordt uitgedrukt in een ratio.
Beleid voor weerstandsvermogen en risicobeheersing Het beleid ten aanzien van risico’s en weerstandsvermogen hebben wij vastgelegd in de Nota Reserves, Voorzieningen, Risicomanagement en Weerstandsvermogen 2017. In maart 2026 heeft de raad een vernieuwde Nota Reserves, Voorzieningen, Risicomanagement en Weerstandsvermogen 2026 vastgesteld. In deze nota heeft de raad besloten de reserves Algemene reserve minimumniveau ad. € 10 mln op te heffen en toe te voegen aan de vrij aanwendbare Algemene reserve. Deze mutatie is verwerkt in de weerstandscapaciteit 2025. Wij streven na om geen onnodige risico’s te lopen, en zoveel mogelijk risico’s af te dekken, mits financieel verantwoord. Risico’s die niet worden afgedekt door bijvoorbeeld een verzekering of een voorziening, moeten kunnen worden opgevangen door de beschikbare weerstandscapaciteit. De definitie van een risico luidt als volgt: De kans op het optreden van een gebeurtenis, die zowel positieve als negatieve gevolgen voor de gemeente kan hebben, waarvan de omvang nog onbekend is, maar van materiële betekenis kan zijn (groter dan 250.000). Eenvoudiger gezegd bestaat een risico dus uit kans * impact. In lijn met de genoemde beleidsnota hanteren wij voor wat betreft de kans van voordoen in de basis drie varianten: lage kans (25%), gemiddelde kans (50%) en hoge kans (75%).
Waar deze varianten niet volstaan, hebben wij dit aangepast in 1%, 5% en 100%. Voor wat betreft de impact, zijn er drie varianten mogelijk: 1. Als de impact redelijk goed in te schatten is: als vaste waarde; 2. Als de impact moeilijker in te schatten is: met een bandbreedte, waarin wij een onder- en bovengrens geven en wij rekenen met het gemiddelde; 3. Als de impact (nog) niet in te schatten is: als pm. Bij risico’s met een incidenteel karakter hanteren wij een factor van 1, omdat het risico zich in één keer voor zal kunnen doen. Voor risico’s met een structureel karakter hanteren wij een factor van 5, gebaseerd op het lopende begrotingsjaar en de vier begrotingsjaren erna. Dat betekent dat de weerstandscapaciteit vijf maal zo groot moet zijn dan het totaalbedrag van het structurele risico. De kwaliteit van het weerstandsvermogen wordt bij iedere document van de P&C cyclus gemeten. Dat wil zeggen dat wij het weerstandsvermogen actualiseren en ook de risico’s opnieuw beoordelen. Zo kan het zijn dat er telkens nieuwe risico’s worden geïdentificeerd en dat eerder geconstateerde risico’s verdwijnen.
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026
78
Overzicht risico's Hieronder een overzicht van de risico’s die op dit moment nog bestaan of nieuw zijn. Totaal lijst risico's
Nieuw / bestaand Hoger / gelijk / lager risico t.o.v. BG26
Algemene risico's 1
Algemene uitkering Gemeentefonds
Bestaand
Gelijk
2
Fiscaliteiten
Bestaand
P.M.
3
Dividenden
Bestaand
Gelijk
4
Verleende borgstellingen voor instellingen
Bestaand
Lager
5
Oplopende rentelasten
Bestaand
P.M.
6
Positie waarborgfonds sociale woningbouw (WSW)
Bestaand
Hoger
Risico's sociaal domein 7
Participatiewet
Bestaand
Hoger
8
Jeugdzorg
Bestaand
Lager
9
Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo)
Bestaand
P.M.
Bestaand
P.M.
11 Onderwijshuisvesting - beleidsrisico's
Bestaand
P.M.
12 Onderwijshuisvesting - projectrisico's
Bestaand
P.M.
13 Onderwijshuisvesting - meerjarige opgave (SHO)
Bestaand
P.M.
14 Grondexploitaties
Bestaand
Hoger
15 Impact nieuwe omgevingswet op leges omgevingsvergunningen
Bestaand
P.M.
16 Risico's Rivium District
Bestaand
Hoger
17 Leerlingenvervoer
Bestaand
P.M.
18 Netcongestie
Nieuw
10 Openeinderegelingen voor inkomensondersteunende regelingen Overige risico's
Berekening benodigde weerstandscapaciteit (=risico's) In deze paragraaf geven wij een overzicht van de risico’s die op dit moment nog bestaan en geven wij aan wat die risico’s voor de komende jaren betekenen. De lijst met risico's staat in de onderstaande tabel. De risico's die gekwantificeerd zijn en daarbij de basis voor de "benodigde weerstandscapaciteit" vormen, staan in de tabel daaronder. Berekening benodigde weerstandscapaciteit / risico's
I/S* Kans
Impact
Riscobedrag 2026
2027
2028
2029
-1.000
-1.000
Nr. Risico = kans * impact 1 Algemene uitkering
S
50%
-2.000
0
0
3 Dividenden
S
50%
-110
0
0
-55
0
4 Verleende borgstellingen voor instellingen
I
5%
-5.634
-282
-282
-282
-282
6 Positie waarborgfonds sociale woningbouw (WSW)
I
0,1% -479.105
-479
-479
-479
-479
7 Participatiewet (BUIG)
S
50%
-3.632
-1.816
-1.816
-1.816
-1.816 -521
8 Jeugdzorg
S
50%
-1.041
-521
-521
-521
14 Grondexploitaties
I
100%
431
431
431
431
431
14 Grondexploitaties
I
100%
-3.344
-3.344
-3.344
-3.344
-3.344
16 Risico's Rivium District (Plankosten)
I
25%
-2.500
0
-625
-625
-625
16 Risico's Rivium District (Omgevingsplanprocedure)
I
50%
-200
0
-100
-100
-100
16 Risico's Rivium District (Cofinanciering rijkssubsidie)
I
10%
-4.200
0
-420
-420
-420
Subtotaal
-6.010
-7.155
-8.210
-8.155
Strucurele risico's vermenigvuldigen met 5
-11.683 -11.683 -16.958 -16.683
Incidentele risico's
-3.674
Totaal benodigde weerstandscapaciteit
-15.356 -16.501 -21.776 -21.501
-4.819
-4.819
-4.819
* I = Incidenteel (1 jaar) S=structureel (5 jaar)
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026
79
Bepaling beschikbare weerstandscapaciteit en weerstandsratio Hieronder staat de beschikbare weerstandscapaciteit en de berekening van de weerstandsratio. Beschikbare weerstandscapaciteit
2025
Rekeningsaldo
25.949
Post onvoorzien
34
Algemene reserve *
99.582
Totaal beschikbare weerstandscapaciteit
125.565
Berekening weerstandsratio
2025
Benodigde weerstandscapaciteit
-15.356
Beschikbare weerstandscapaciteit
125.565
Weerstandsratio
8,2
Verloop weerstandsratio over de jaren Jaarrekening 2020
3,5
Jaarrekening 2021
5,7
Jaarrekening 2022
3,8
Jaarrekening 2023
10,0
Jaarrekening 2024
8,6
Begroting 2025
7,0
Jaarrekening 2025
8,2
* Op het saldo van de Algemene reserve per 31-12-2025 is een bedrag van € 50 mln in mindering gebracht vanwege een overheveling naar een kapitaallastenreserve in 2026.
Financiële kengetallen Het Besluit Begroting en Verantwoording provincie en gemeenten schrijft voor dat wij door middel van kengetallen inzicht geven in onze financiële positie. Gemeenten zijn vrij om hier zelf duiding aan te geven. Niettemin heeft de provincie Zuid-Holland in een themacirculaire een aantal signaleringswaarden aangegeven. De signaleringswaarden staan in onderstaande tabel. Financiële ratio's
Rekening 2024
Begroting 2025
Rekening 2025
1a netto schuldquote
30,6%
46,3%
29,6%
1b netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen
29,3%
45,2%
28,5%
2 solvabiliteit
55,6%
47,2%
55,5%
3 grondexploitatie
0,3%
0,8%
-0,9%
4 structurele exploitatieruimte
2,2%
1,5%
7,0%
5 belastingcapaciteit
73,4%
76,7%
73,4%
Signaleringswaarden provincie Zuid Holland voor ratio's
Categorie A minst risicovol
Categorie B neutraal
Categorie C meest risicovol
1a netto schuldquote
<90%
90-130%
>130%
1b netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen
<90%
90-130%
>130%
2 solvabiliteit
>50%
20-50%
<20-50%
3 grondexploitatie
<20%
20-35%
>35%
4 structurele exploitatieruimte
>0%
0%
<0%
5 belastingcapaciteit
<95%
95-105%
>105%
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026
80
Netto schuldquote en netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen (1a en 1b) Dit cijfer geeft inzicht in het niveau van de gemeentelijke schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft dus een indicatie van de mate waarin de rentelasten op de eigen middelen drukken. De schuldquote is dit jaar nagenoeg gelijk gebleven aan de rekening 2024. De netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen geeft dezelfde ratio weer, maar dan zonder verstrekte leningen aan andere organisaties. De omvang van deze verstrekte leningen is dermate laag dat deze ratio dezelfde uitkomst heeft als de netto schuldquote. Solvabiliteitsratio (2) Dit cijfer geeft het percentage eigen vermogen ten opzichte van het totaal vermogen weer. Deze ratio is dit jaar nagenoeg gelijk gebleven aan de rekening 2024 en valt in de categorie A (groen). Grondexploitatie (3) Dit cijfer geeft aan hoe groot de grondpositie (waarde van grond) is ten opzichte van de totale baten. Met 0,2% zit deze ratio ruimschoots in de categorie minst risicovol. Wanneer deze ratio zou stijgen, zou er meer risico ontstaan: een positief risico bij goede marktomstandigheden en een negatief risico bij minder goede marktomstandigheden. Structurele exploitatieruimte (4) Dit cijfer helpt mee om te beoordelen welke structurele ruimte een gemeente heeft om de eigen lasten te dragen.
Het kengetal wordt berekend door de incidentele baten en lasten en de structurele toevoegingen en onttrekkingen aan reserves te corrigeren op het jaarrekeningresultaat. Deze ratio is positief. Gemeentelijke belastingcapaciteit (5) Dit cijfer geeft inzicht in hoe de belastingdruk in de gemeente zich verhoudt ten opzichte van het landelijk gemiddelde. Als dit percentage laag ligt, betekent dit dat de gemeente meer inkomsten uit belastingen zou kunnen verwerven. Onze lokale belastingen (OZB, afval- en rioolheffing) zijn relatief laag en staan op 73,4% van het landelijk gemiddelde. Om in aanmerking te komen voor financiële steun vanuit het Rijk (art. 12-status), moeten de lokale belastingen ten minste 120% van het landelijk gemiddelde zijn.
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026
81
Algemene risico's 1. Algemene uitkering Gemeentefonds Nummer/Naam
1. Algemene uitkering Gemeentefonds
Omschrijving risico
Het gemeentefonds is de grootste inkomstenbron van de gemeenten. De jaarlijkse toe- en afname van het gemeentefonds wordt het acres genoemd. Binnen het gemeentefonds is de algemene uitkering de grootste component. Het bedrag van de algemene uitkering wordt verdeeld over de gemeenten via maatstaven, zoals het inwonertal en de oppervlakte van een gemeente, een aan de maatstaven gekoppeld gewicht (bedrag per eenheid) en de uitkeringsfactor (voor alle gemeente gelijke vermenigvuldigingsfactor). Die drie componenten zijn aan wijzigingen onderhevig en daardoor kunnen inkomsten uit het gemeentefonds lager zijn dan waar we in de begroting rekening mee hebben gehouden.
Specifieke risico's
Er zijn verschillende onzekerheden met betrekking tot de hoogte van de algemene uitkering: Financieringssystematiek: Bij de Miljoenennota 2025 zijn voor het eerst de accressen van het gemeente- en provinciefonds geactualiseerd op basis van de nieuwe bbp-systematiek. Deze nieuwe systematiek houdt in dat de volumeontwikkeling van het gemeentefonds vanaf 2024 wordt gebaseerd op het historisch gemiddelde van de ontwikkeling van het bruto binnenlands product (bbp) in plaats van de ontwikkeling van de rijksuitgaven. De cijfers worden elk jaar drie keer geraamd en de effecten hiervan worden verwerkt in de mei- , september- en decembercirculaire. In het voorjaar van het lopende jaar wordt het accres definitief. De definitieve vaststelling kan lager uitvallen dan eerdere ramingen. Daarnaast bestaat het risico dat de nieuwe financieringssystematiek tekortschiet om de groei van de uitgaven te kunnen opvangen. Met name de vergoeding voor loon- en prijsontwikkelingen is in de nieuwe systematiek lager. Hierdoor kunnen in de begroting 2026 de budgetten te laag zijn opgenomen om prijsontwikkelingen op te vangen. BTW-compensatiefonds Het BTW-compensatiefonds (BCF) wordt verrekend met het gemeentefonds. De afgelopen jaren is er ruimte onder het BCF-plafond geweest, maar deze ruimte wordt wel beperkter. Dit komt omdat gemeenten meer gaan investeren en daarmee meer gaan declareren in het BCF.
Als een overschrijding van het BCF plafond ontstaat zouden gemeenten gekort kunnen worden op de algemene uitkering. Herziening gemeentefonds In de Meicirculaire 2025 zijn de resultaten van de ‘herziening gemeentefonds’ verwerkt. Capelle aan den IJssel komt hier negatief uit. Op basis van het ingroeipad is het maximale nadeel voor een gemeente € 37,50 per inwoner. Het feitelijke nadeel is € 84,75 per inwoner. In de Meicirculaire 2022 is Capelle aan den IJssel een suppletie-uitkering van 3,2 miljoen in 2025 en volgende jaren toegezegd. De suppletie-uitkering is structureel in de meerjarenraming opgenomen. Inmiddels wordt gewerkt aan een evaluatie van het nieuwe verdeelstelsel 2023 waarin ook de afbouw van de suppletie-uitkering wordt meegenomen. Verwacht wordt dat de afbouw van de suppletie-uitkering vanaf 2028 zal plaatsvinden. Besloten is om het voordeel uit de decembercirculaire 2025 in te zetten om de suppletie-uitkering met € 1.180 te verlagen naar € 2.000. Hiermee wordt het risico van de afbouw van de suppletie-uitkering beperkt.
Bandbreedte financiële gevolgen
Het gemeentefonds is onvoorspelbaar en het is niet mogelijk om de mogelijke effecten goed te kwantificeren. De ervaring van de afgelopen jaren is dat er zowel grote voor- als nadelen kunnen ontstaan. Daarom staat dit bedrag op P.M. Uitzondering hierop is de suppletie-uitkering inzake de herijking van het gemeentefonds. Hierbij houden we rekening met een bedrag van 2 miljoen en een kans van 50% vanaf 2028.
Beheersingsmaatregelen
De beheersingsmaatregelen zijn beperkt. We hebben geen invloed op de uitkomsten.
Verloop en bewaking
Eerste moment van opname: Voorjaarsnota 2012. Geactualiseerd: elk P&C-document sindsdien. De afdeling Financiën volgt de ontwikkelingen van het Gemeentefonds.
Verantwoordelijken
Ambtelijk: afdeling Financiën Bestuurlijk: Van Woudenberg
Communicatie
Niet van toepassing
Ondernomen en mogelijke De laatst gepubliceerde circulaire is de Decembercirculaire 2025. Deze is verwerkt in de Jaarstukken acties 2025.
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 11 juni 2026
82
2. Fiscaliteiten Nummer / Naam
2. Fiscaliteiten
Omschrijving risico
Rijksbelastingen worden geheven aan de hand van fiscale wet- en regelgeving die voortdurend in beweging zijn. De voornaamste afdrachten vinden plaats voor de belastingmiddelen loonheffingen, btw en vennootschapsbelasting. Risico's in aard en omvang zijn met name 1) proces-gerelateerd, 2) fiscaal administratief van aard en 3) inhoudelijk gedreven. Voornaamste is dat de fiscaliteit proactief en op een natuurlijke wijze bij de start van het proces wordt betrokken en dat taken en rollen duidelijk zijn gedefinieerd. Dit voorkomt onjuiste boekingen, vermindert faalkosten en zorgt dat gericht een gewogen oordeel kan worden gegeven over de fiscale aanpak en de hieraan verbonden risico's in het kader van besluitvorming en verantwoording. De Gemeente is zich bewust van de verschillende risico's en neemt op een gesystematiseerde wijze maatregelen om deze risico's verder te beheersen. In het onderdeel bewaking en te ondernemen acties wordt dit verder toegelicht.