CConstaterende datCapelle Ad Ijssel
Koppel je AI →
Document · PDF

02.04 - conceptverslag cie SOB-SLE 08-12-2025

Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer 20 januari 2026, gemeente Capelle Ad IjsselBij agendapunt: Vaststellen verslagen5.191 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Verslag van de vergadering van de commissie Stadsontwikkeling en -Beheer, gehouden op maandag 8 december 2025, in de raadzaal, aanvang 20.00 uur. Aanwezig zijn als: voorzitter:

de heer ing. P. Eilander;

volksvertegenwoordigers: de heer G. Spruit, raadslid Leefbaar Capelle; mevrouw L. Feuth, raadslid D66; de heer drs. S. van Loef, raadslid VVD; de heer B.H.W. Oudshoorn, raadslid SGP; mevrouw M. Aktaş, raadslid GroenLinks; de heer drs. P.C. Heerens RC, burgerraadslid ChristenUnie; de heer drs. N.H. van Buren MCD, burgerraadslid CDA; de heer M.W. Vlot, raadslid SP; secretaris:

de heer drs. A.J.M.C. Schoenmakers;

portefeuillehouder:

de heer C.A.J. Schaatsbergen, wethouder;

ambtelijke ondersteuning: de heer J. van Baal, senior projectmanager stadsontwikkeling; notulist

de heer H. Veenstra (Notuleerservice Dictum)

Op de publieke tribune zijn bij aanvang van de vergadering 2 personen aanwezig.

1. Opening, mededelingen en vaststelling agenda. De VOORZITTER opent de vergadering en heet eenieder van harte welkom. Hij deelt mede dat bericht van verhindering is ontvangen van mevrouw Monteiro da Veiga van de PvdA en de heer Hartog van GroenLinks. De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld, De VOORZITTER geeft het woord aan de wethouder voor het doen van een mededeling. Wethouder SCHAATSBERGEN deelt de commissie mede dat afgelopen vrijdag van het ministerie de bevestiging is ontvangen dat de subsidieaanvraag voor de woningbouwimpuls Roer-Barbizon is goedgekeurd en dat tevens een extra WOP-subsidie is toegekend voor de Florabuurt. Desgevraagd bevestigt hij dat deadlines gelden voor het opleveren van de woningbouw; op dit moment heeft hij die echter niet paraat. 2. Spreekrecht inwoners Van het spreekrecht wordt geen gebruik gemaakt. 3. Gebiedspaspoort Roer-Barbizon Wethouder SCHAATSBERGEN memoreert dat met voorliggend gebiedspaspoort ergens medio 2017 al is begonnen. Het kent ook de nodige uitdagingen, omdat gedeeltelijk Rotterdams grondgebied in het geding is.

Ambtelijk zijn daarover de nodige afspraken gemaakt en hij verwacht dat die in het eerste kwartaal van 2026 bestuurlijk kunnen worden afgehecht in de zogenaamde ROFCAovereenkomst (Regionaal Overlegorgaan Fysieke Infrastructuur en Capaciteitsplanning) met Rotterdam waarin onder meer ook regievoering op bepaalde projecten geregeld kan worden. De periode 2017heden heeft een aantal momenten gekend waarop ook de raad erbij betrokken is, onder andere ten aanzien van het ambitiedocument, dat de eerste kaders geschetst heeft. Na het ambitiedocument is het wat langere tijd stil geweest dan was beoogd, wat onder andere te maken heeft gehad met de zorgvuldige afweging die moest worden gemaakt over het vormen van het AZC op het gebied. Uiteindelijk heeft een en ander geresulteerd in dit stuk, dat ook een financieel kader bevat. Het college heeft het stuk aan de raad doen toekomen met een maximale bijdrage van de gemeente van zes ton, geïndexeerd op 2026, en niet meer dan dat. Met het toekennen van de woningbouwimpuls is de

Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer maandag 8 december 2025

Pagina:

2

gemeente wel in de mogelijkheid om bij het sluiten van de anterieure overeenkomst met de ontwikkelaars een herberekening te maken die met een grote mate van waarschijnlijkheid zal resulteren in een lagere bijdrage dan het bedrag van maximaal zes ton dat in het voorstel is begrepen. Mevrouw FEUTH attendeert erop dat door D66 technische vragen zijn gesteld, die echter bij de vorige vergadering staan en in NotuBiz niet bij de agenda zijn gevoegd. Wethouder SCHAATSBERGEN maakt daarvoor excuses, mede namens de griffie. De vragen en de antwoorden daarop zullen worden meegenomen in de stukken voor de raadsvergadering van a.s. maandag. De VOORZITTER opent de beraadslagingen. De heer SPRUIT moet eerlijk zeggen dat hij tijdens het eerste bezoek van de raad aan het gebiedje Roer-Barbizon niet direct super-enthousiast was over de plannen die toen werden uitgelegd, en wel omdat hij heel sterk een vergelijking maakte met het gebied Rivium, waar tussen de ontwikkelaars gezamenlijk afspraken zijn gemaakt over datgene wat daar gebouwd moet worden, terwijl dat bij RoerBarbizon volledig ontbreekt. Dat heeft de trajectleider niet echt van de wijs gebracht, zo is in de afgelopen periode wel gebleken, want gaandeweg de rit is hij enthousiaster geworden. In het ambitiedocument zag het er eigenlijk al goed uit en in het gebiedspaspoort is het helemaal prima.

Het is goed dat nu ook een gebied wordt aangepakt dat wat minder in het beeld valt bij veel inwoners; tijdens de bespreking in januari heeft hij het een wat verweesd gebied van de gemeente genoemd. Misschien kan Rotterdam er een voorbeeld aan nemen, want zelf woont hij in ’s-Gravenland, tegen Kralingseveer aan, en dat is zo’n verweesd stukje Rotterdam dat eigenlijk niet of nauwelijks wordt aangepakt. Gelukkig gebeurt dat in Roer-Barbizon wel. Uitdagingen zijn er ook, bijvoorbeeld ten aanzien van de verkeersafwikkeling. Bij de behandeling van het ambitiedocument is de toenmalig wethouder de optie meegegeven om met Rotterdam te gaan praten. Wellicht kan de huidig wethouder aangeven of er mogelijkheden waren om wat uit te ruilen met Rotterdam. Deze wijk gaat ontsloten worden via Rotterdam en Capelle was van plan bij de ontsluiting van de Kralingseweg wat aanpassingen te gaan doen als het gaat over de Florabuurt, vandaar dat de wethouder was verzocht na te gaan of met Rotterdam te praten zou zijn over een afspraak waarbij Capelle de kosten van de Kralingseweg voor haar rekening zou nemen en Rotterdam die van deze ontsluiting. Inmiddels heeft hij begrepen dat dat niet gelukt is, maar mogelijk lopen toch nog pogingen om dat voor elkaar te krijgen, of zijn wellicht in de toekomst nog dergelijke afspraken te maken met Rotterdam.

Dan een vraag die betrekking heeft op het feit dat de ontwikkelaars allemaal zelfstandig op hun plot gaan bouwen. Heeft hij goed begrepen dat iedere ontwikkelaar straks zal moeten voldoen aan datgene wat de gemeente wil realiseren bij Roer-Barbizon als het gaat om sociale-woningbouw en betaalbare woningen, en dat dat zal worden vastgelegd in de anterieure overeenkomst? Wat hem ten slotte nog intrigeert in het gebiedspaspoort is het volgende. In het stuk staat dat tijdelijke oplossingen gezocht worden voor de leegstand die er nu is. Wat wordt in dit geval verstaan onder tijdelijke oplossingen? De heer VAN LOEF merkt op dat hem bij lezing van het stuk meteen één gebied in gedachten kwam – de heer Spruit zei het ook al – namelijk Rivium; in dit geval zou hij het haast Rivium-light willen noemen. Het roept de vraag op wat de gemeente aan de voorkant zal doen, met name financieel, en hoe de pandeigenaren erin zitten: zitten ze allemaal op één lijn, of niet? En dan de volgordekwestie: waarom wacht de gemeente niet eerst de bouwplannen af alvorens te gaan investeren? De VVD vind het absoluut een goed streven om dit gebied op te pakken. Vraag is alleen wie nu als eerste aan zet is en hoe de eigenaren op één lijn kunnen worden gekregen.

Mevrouw FEUTH memoreert dat door D66 een aantal technische op- en aanmerkingen zijn gemaakt, met name over de bouwhoogten – in plaats van in lagen, graag in meters – en ook nog iets over het warmtenet. Dat wordt allemaal aangepast, zoals te zien is in de technische opmerkingen die daarbij geplaatst zijn. Zij zegt dank voor de beantwoording van de vraag over het parkeren. Voor het overige kan zij zich grotendeels aansluiten bij de woorden van de heer Spruit. Bij het eerste bezoek vroeg ook zij zich af wat men hiermee in ’s hemelsnaam zou moeten doen. Ze was daarom heel blij met het ambitiedocument, waaruit al meer één lijn sprak, en nu is dat omgezet in een gebiedspaspoort waarin de puntjes nog meer op de i zijn gezet. Zij hoopt dat alle ontwikkelaars aan de afspraken zullen

Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer maandag 8 december 2025

Pagina:

3

worden gehouden die hierin staan, zodat het wat meer één geheel wordt dan het nu is. Het verheugt haar dat ook nieuwbouw zal plaatsvinden en dat het binnengebied meer ontsloten wordt, maar vooral dat dit paspoort eindelijk de mogelijkheden biedt om dit gebied te gaan ontwikkelen. De heer OUDSHOORN betoogt dat het gebiedspaspoort het toetsingskader vormt voor de transformatie van het verouderde kantorenpark naar een groene, gemengde stadsbuurt met wonen, werken en voorzieningen. Er is al vaker op aangedrongen te proberen een en ander integraler op te pakken en dat is na het ambitiedocument, dat de eerste week van dit jaar besproken is, bij dezen verder vorm gegeven. Complimenten daarvoor. Wat de SGP betreft, voldoet het daarmee ook aan de eerder gestelde kaders. Of de fractie ook blij is met de vier torens, of ‘hoogteaccenten’, zoals ze in het stuk wat vriendelijker worden genoemd, laat hij nu maar even rusten. De zorgen die door de inwoners tijdens de participatie naar voren zijn gebracht zijn goed verwoord in het verslag. De mobiliteit bleek daarbij het grootste item te zijn en dat is ook hier steeds een punt van discussie geweest. Eigenlijk heeft men daarvan moeten vaststellen dat daarvoor geen goede oplossing bestaat Tot zover het gebiedspaspoort. Normaliter laat men de nota van beantwoording vrij snel passeren in de raad.

In dit geval wil hij er toch even de vinger bij leggen, want er zitten dingen in waar hij helemaal niet blij van wordt. De wethouder zei zojuist in diens introductie dat met Rotterdam was afgesproken dat Capelle hier de regie zou voeren, ook over de Rotterdamse aangelegenheid hiervan. Maar in vier antwoorden aan bewoners wordt eigenlijk op een heel simpele manier gezegd: ‘sorry, daarvoor moet u niet bij ons wezen want daar gaat Rotterdam over’. Bij een ontwikkeling op Capels grondgebied met zo’n impact voor de omwonenden vindt hij dat absoluut ongehoord. De wethouder legt hij dan ook de vraag voor hoe de indieners van de bezwaren alsnog tegemoet kan worden gekomen in dezen. De heer HEERENS heeft het ambitiedocument naast het gebiedspaspoort gelegd en tot zijn voldoening geconstateerd dat ze aardig in lijn zijn. Een vraag heeft hij te stellen over de ontsluiting. De toevoeging van 800 woningen leidt tot grote zorgen en hij is benieuwd of de wethouder het daarmee eens is. In het verlengde van de SGP had ook hij een vraag gesteld over het bedrijventerrein dat bij het woonterrein ligt; zie vraag 4. Heeft daarover overleg plaatsgevonden met Rotterdam? Ook hij is van mening dat de gemeente wel wat meer zou kunnen doen om te weten te komen wat de plannen zijn voor de toekomst. Mevrouw AKTAŞ vraagt aandacht voor de verkeersafwikkeling.

Er zijn goede en logische keuzes gemaakt om de verkeersafwikkeling te verbeteren, ook voor het fietsverkeer. Zorgelijk is wel dat het eerstvolgende metrostation op behoorlijke afstand ligt. Zijn er ook mogelijkheden om in de nabijheid extra OV-punten te creëren, bijvoorbeeld door een buurtbus langs dit gebied te laten rijden? Ten slotte juicht zij het toe dat gesproken wordt over inheemse bomen en struiken, omdat vooral inheemse soorten biodiversiteit ondersteunen. De heer VLOT wil allereerst weten hoeveel inwoners het gebied momenteel telt en hoeveel inwoners uiteindelijk worden verwacht in dit gebied. Hij vraagt dit mede in verband met de uiteindelijke invulling, de bebouwing en diverse functies binnen het gebied. Meerdere keren wordt gewag gemaakt van de levendigheid die het gebied zou moeten krijgen, waarbij gesproken wordt over winkels, horeca en maatschappelijke voorzieningen. Op enig punt in de buurt zou zelfs een gebiedsdragende voorziening moeten zijn, en daarnaast ook nog werkplekken. Op hoeveel mensen zijn dat soort dingen eigenlijk gebaseerd? Verder zal van een en ander mogelijk ook een aantrekkende werking uitgaan, wat weer meer verkeer met zich zou brengen in het toch al overbelaste gebied. Een specifieke vraag heeft hij voorts te stellen over de bruggen. Een brug loopt naar de groenstrook – langs de snelweg wordt er in het stuk aan toegevoegd.

Hij heeft die brug niet kunnen ontdekken in de visualisering. De gevisualiseerde bebouwing van het asielzoekersopvangcentrum Iijkt aanmerkelijk groter te zijn. Wordt daar omheen gebouwd en leidt het tot nog meer verstening? Dit brengt hem op het hotel dat een aantal malen wordt genoemd. Er wordt steeds van uitgegaan dat het de bestemming hotel zal houden, zij het met werkplekken en ook opleidingsmogelijkheden – in ieder geval met een bredere maatschappelijke bestemming. Het gebied staat al langer bekend als een omgeving waarin de kwaliteit, de leefomgeving et cetera door geluid, fijnstof en andere zaken te wensen overlaten. Destijds, toen het AZC kwam, werd dat door de VVD, die tegen het AZC was, zelfs als argument

Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer maandag 8 december 2025

Pagina:

4

aangevoerd om te betogen dat daar niemand zou mogen wonen. Voor tijdelijke bewoning gelden echter andere regels, heeft hij destijds al begrepen toen het eerste AZC daar in transformatie terechtkwam. Is dat nu iets wat meegenomen wordt in de ontwikkeling van die hotelplek? Want dan zou je met dezelfde bestemmingsregels andere vormen van bebouwing kunnen blijven behouden. Mooi is te zien dat voor de ontwikkeling van sociale-woningen de 30%-regeling in het stuk is opgenomen. Ook wordt de afkoopregeling genoemd, met daarbij de opmerking dat die ertoe kan leiden dat zelfs bovenprocentuele ontwikkeling mogelijk is. Hoe verhoudt deze opmerking in de stukken zich echter tot de wijzigingen in het woonprogramma? De heer VAN BUREN meent dat de heer Spruit een aantal vingers op de zere plek heeft gelegd met diens opmerkingen over een verweesd gebied binnen het Capelse. Volgens hem is het ook een verweesd gebied vanaf Rotterdamse kant bezien. Zoals het er nu uitziet is het niet alleen verweesd, maar eigenlijk ook een soort Fremdkörper in de directe omgeving. Wat in deze visie op de toekomst van dit gebied heel sterk is, is dat men qua materiaalgebruik met de ontwerpen die in het stuk zijn opgenomen, probeert de aansluiting te vinden op het omwonende gebied.

De overgang naar baksteen, ook in de kleuren die aansluiten op de omgeving, zorgt er in ieder geval voor dat het gevoel van een Fremdkörper iets afneemt. Hoewel het nog steeds de vraag is, gesteld door mevrouw Feuth, maar ook in de zienswijzen naar voren gebracht, of in de vorm straks aansluiting zal worden gevonden op het gebied, is dat in de beleving, de kleur, en het ontwerp wel zo en zelfs de hoekige vorm waarin de panden zijn opgenomen in het stuk sluiten aan bij de hoekige vormen die de woningen aan Rotterdamse kant hebben. Dat is in ieder geval een heel belangrijke stap, die iets meer eenheid gaat brengen in het gebied. Vroeger stonden zeer actieve kantoren in dit gebied met heel veel werknemers en het is dan ook de vraag of er zoveel verschil zal zijn tussen datgene wat vroeger aan verkeersmobiliteit in het gebied voorkwam, toen dit nog een werkend gebied was, ten opzichte van wat men straks probeert te krijgen: gewoon een gebied waar mensen willen wonen. Qua locatie, locatie, locatie als adagium voor de waarde op lange termijn blijft het natuurlijk een moeilijk gebied en van sommige keuzes snapt hij ook volstrekt dat ze erin zitten, maar dat maakt het niet makkelijker. Meerdere collega’s hebben al gewezen op de afhandeling van het verkeer, zeker ook de afhandeling van het bedrijfsverkeer vanuit Rotterdam over de Roer.

Barbizon nog dichter bij het kruispunt proberen te halen om het allemaal af te handelen, leidt waarschijnlijk tot zoveel problemen op het wegennet dat je dat niet zou moeten willen. Daarom snapt hij ook wel de keuze voor de Roer. De vraag is alleen: hoe wordt met het herontwerp van de Roer omgegaan – misschien moet dat nog worden bedacht –, of het type verkeer vanuit het bedrijfsterrein, waarover de nodige opmerkingen zijn gemaakt door omwonenden? Dat daar een stoplicht komt, lijkt hem absoluut noodzakelijk. Het vraagt wel alle zorgvuldigheid voor de omwonenden, ook op Rotterdams gebied, hoe het verkeer wordt afgehandeld via die wegen en hoe voorkomen wordt dat het een racecircuit wordt. Eens is hij het met mevrouw Aktaş over de metrohaltes. De tekst doet voorkomen alsof die zo dichtbij zijn. Als je 18 bent, of 20, en graag jogt, zal dat zeker zo zijn, maar voor de wat oudere bewoner zal dit niet de meest aangewezen plek zijn. Misschien kan de wethouder, op gevaar af dat dit wat technisch klinkt, iets van het enthousiasme verklaren om hier ook nog werkunits te verwerken in de opbouw van het programma.

Is dat echt haalbaar, of wordt dat straks een soort vergeten strook in de plint? Want zoveel inwoners worden nu ook weer niet toegevoegd dat er op een gegeven moment draagvlak is voor een brede reeks aan voorzieningen, omdat het ook voor de rest van de wijk, aan de Rotterdamse kant, aan de periferie ligt. De vraag is welke groep daarmee op een gegeven moment wordt bediend. In het algemeen past hulde voor de wijze waarop nagedacht is over vorm en materiaal. De overgang van de omliggende bewoning naar de plannen hier begrijpt hij vanuit hetgeen getransformeerd moet worden in het gebied, maar dat wil nog niet zeggen dat het gelijk een vloeiende overgang in alle zin is van de omliggende bebouwing naar de nieuwe bebouwing. In kwaliteit echter zal het gebied zeker vooruit gaan en hij is van mening dat er ook een aantal goede ingrepen zijn gedaan met de voorgestelde inrichting van het openbaar gebied. Verder denkt hij dat de watertoets zeker volstaat met de plannen zoals die er nu uitzien. In het algemeen staat het CDA dus positief tegenover het voorstel, zij het met een zorgpunt, zoals door de bewoners, maar ook door collega's hier aangegeven, op het gebied van de afhandeling van het verkeer.

Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer maandag 8 december 2025

Pagina:

5

Wethouder SCHAATSBERGEN memoreert dat voor de mobiliteitsproblematiek niet alleen door de commissie, maar ook door de buurt Roer-Barbizon zelf al geruime tijd aandacht wordt gevraagd. Het is een van de redenen waarom bij de Roer op Rotterdams grondgebied gezocht is naar de mogelijkheid voor een zogeheten verkeersregelinrichting, oftewel stoplicht. Uit de gesprekken met de bewoners in de wijk is gebleken dat zoiets liever nog gisteren dan vandaag op prijs zou worden gesteld en geprobeerd wordt dan ook daaraan na vaststelling van het gebiedspaspoort zo snel mogelijk uitvoering te geven. Daarmee zal niet worden gewacht totdat de ontwikkelaars met de definitieve planvorming komen. Rotterdam heeft achter Roer-Barbizon nog een bedrijventerrein liggen, het zogenaamde DHL-terrein, dat voor nogal wat overlast zorgt en schade aan de openbare inrichting, wat ertoe leidt dat een aantal bewoners hun voertuig al niet meer op de daartoe bestemde parkeerplaatsen in Roer-Barbizon durven parkeren vanwege de schade die gereden wordt. Bij de aanpassing van de infrastructuur en het wegennet aldaar zal dan ook zeker worden bezien welke maatregelen kunnen worden getroffen om, heel plat gezegd, de DHL-chauffeurs te dwingen voorzichtiger te rijden, zodat de desbetreffende parkeerplaatsen weer normaal gebruikt kunnen worden.

Uiteraard is met Rotterdam overlegd of het bedrijventerrein niet een andere plek zou kunnen krijgen, maar daarop is afwijzend gereageerd. Met de voorgestelde maatregelen zal in ieder geval een hele grote stap worden gezet in het kader van de afwikkeling van de verkeersstromen. Er is wel degelijk overwogen om op twee plekken een verkeersregelinrichting neer te zetten, maar zoals de heer Van Buren terecht opmerkte, zal een verkeersregelinrichting nog meer naar het grote kruispunt brengen meer problemen opleveren dan oplossen. In het gebiedspaspoort is gekozen voor de meest haalbare oplossing. Helemaal ideaal is het niet, want er zullen uitdagingen blijven bestaan, maar het verheugt hem dat deze oplossing in ieder geval uitdrukkelijk gedragen wordt door de bewoners. De heer Spruit refereerde aan een gesprek dat een van zijn voorgangers heeft gevoerd met Rotterdam over mogelijkheden van uitruil e.d. Op dit moment wordt ervan uitgegaan dat de kosten voor deze verkeersmaatregelen door Capelle geabsorbeerd zullen moeten worden. Uiteraard wordt wel in gesprek gebleven met Rotterdam over alle zaken die in de oostflank van Rotterdam, aan de westzijde van Capelle, gaan plaatsvinden, zoals onder meer de ontsluiting van Rivium richting Toepad, maar zeker ook Roer-Barbizon en andere plekken.

Als het mogelijk is de kosten voor de verkeersafhandeling die voorzien wordt op Roer-Barbizon hierdoor nog enigszins neer te leggen bij Rotterdam, omdat deze maatregelen in principe immers op haar grondgebied worden genomen, zal dat zeker niet worden nagelaten. In het gebiedspaspoort worden de kaders gesteld, zoals de raad die in heel veel beleidsstukken heeft neergelegd. Dat is in principe dus niets nieuws. Natuurlijk worden aan de zijlijn ook al gesprekken gevoerd met de ontwikkelaars. Door een aantal commissieleden is in dit verband verwezen naar de manier waarop voor Rivium een consortium aan de slag is gegaan, dat daar een coalitie heeft gevormd dat in principe tot één planontwikkeling is gekomen. Zijn voorgangers hebben dat hier ook met de ontwikkelaars geprobeerd en bij zijn aantreden in deze portefeuille heeft hij eveneens een bestuurlijk overleg met hen gehad om hen uit te dagen een soort coalitie te vormen om tot één gebiedsontwikkeling te komen, met één plan waarin gewoon alles verwerkt wordt conform gemeentelijk beleid, maar dat is niet gelukt.

Dat betekent dat in principe bij alle ontwikkelingen en alle planvorming die hier plaatsvindt in de basis gewoon al het beleid getoetst wordt, wel in een integrale afweging van het gebiedspaspoort, maar iedere ontwikkelaar die een eigen plan indient zal ook op diens eigen plan conform het gebiedspaspoort getoetst worden aan de hand van alle beleidsregels die daarvoor hier zijn vastgesteld. De heer Spruit stelde ook nog een vraag met betrekking tot de tijdelijke oplossing voor leegstand. Dat is een beetje ingegeven door het feit dat voordat daadwerkelijk tot de eerste bouw wordt overgegaan, nog een aantal jaren te overbruggen is. Het lijkt misschien niet zo, maar bijna alle kantoorpanden staan leeg. De huidige bewoners geeft het best een onveilig gevoel als ze ‘s avonds over straat gaan, terwijl alles donker en leeg is, maar ook overdag als alles leeg is. Daarom wil de gemeente de mogelijkheid scheppen om op welke manier dan ook in tijdelijkheid iets met deze panden te doen, hetzij via antikraak, hetzij via tijdelijke huisvesting van een bedrijfje o.i.d. Mevrouw Feuth zegt hij dank voor haar technische opmerkingen, altijd scherp, en daar is hij altijd wel blij mee. Control-F doet niet altijd per definitie dat wat je wilt, dus een extra paar ogen zijn altijd welkom.

Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer maandag 8 december 2025

Pagina:

6

De heer Oudshoorn dankt hij voor diens opmerkingen over de nota van beantwoording. Om heel eerlijk te zijn, had hij zich dit op deze manier niet gerealiseerd. Capelle gaat zeker vanuit ROFCA regie voeren. De antwoorden die hierop betrekking hebben zal hij voor a.s. maandag in die zin laten ombuigen. Tot mevrouw Aktaş merkt hij op dat, als het aan hem lag, hij graag een extra metrostationnetje zou neerleggen of een extra buslijntje zou laten rijden, maar dit zijn zaken die gevoed worden door de RET, onder meer ook vanuit de concessies, en de MRDH. De gemeente heeft het wel bij de RET aangekaart en zal hiervoor aandacht blijven vragen, ook in MRDH-verband voor wat betreft de Vervoersautoriteit. Zoals men op de lijst van ingekomen stukken voor de raad wellicht zal hebben gezien, heeft hij afgelopen week in het WOP Schollevaar een petitie in ontvangst genomen waarin blijvende aandacht wordt gevraagd voor de buurtbus die door Capelle heen rijdt. De heer Vlot heeft een vrij technische vraag gesteld over de hoeveelheid inwoners van het gebied nu en in de toekomst, waarop hij geen volledig antwoord kan geven. Dankzij de ambtelijke ondersteuning die inmiddels aan het googelen is geweest, kan hij wel een indicatie geven. Het aantal woningen in het gebied bedraagt momenteel 253, met 415 inwoners, zijnde gemiddeld 1,65 persoon per woning.

Uiteindelijk is de verwachting dat naar ongeveer 1771 personen zal worden toegegroeid. Uiteraard heeft dat ook invloed op mogelijke voorzieningen in het gebied. Hoewel ongetwijfeld veel mensen ook wel hun weg naar het Rotterdamse verzorgingsgebied zullen weten te vinden, zullen die voorzieningen ook hier gecreëerd moeten worden. Wat hij wil voorkomen is dat, als daarvoor nu niet de mogelijkheden worden geschapen, dat over een aantal jaren betreurd zal worden. De heer Vlot heeft nog een andere technische opmerking gemaakt, namelijk over de brug naar de groenstrook langs de snelweg. Op de pagina’s 11, 16 en 23 is het pad richting de groenstrook gevisualiseerd, dus die staat er wel degelijk in. De heer Vlot heeft ten slotte een vraag gesteld over de bebouwing van het AZC. Op termijn is planvorming mogelijk bij het Barbizonhotel. Het zal alleen wat langer op zich laten wachten. Overigens verzoekt hij de heer Van Baal daarop nader in te gaan. De heer VAN BAAL zet uiteen dat het altijd de intentie is geweest van de gemeente om op deze plek een hotel te realiseren. De huidige eigenaar heeft ook aangegeven daar opnieuw een hotelfunctie te willen als het met het AZC is afgelopen en er geen verlenging komt.

Ondanks het feit dat er ook in Rivium al een hotel gemaakt zal worden, is de verwachting dat er met de 35.000 woningen die in het ROFCA-gebied komen ook behoefte zal zijn aan een hotel. Er is zijns inziens ook een hele goede combinatie mogelijk om daar ook werk aan te koppelen in allerlei vormen. Wethouder SCHAATSBERGEN zegt inmiddels ook antwoord te kunnen geven op de vraag die aan het begin van deze vergadering is gesteld over de looptijd voor wat betreft de WBI. De eerste bouwstart binnen een woningbouwimpuls betekent dat binnen drie kalenderjaren na de beschikking gestart moet zijn met de eerste bouw en de laatste woningen moeten gestart zijn uiterlijk binnen tien kalenderjaren na de uitkering van de WBI. De VOORZITTER stelt vast dat naar aanleiding van de technische vragen van de heer Oudshoorn en mevrouw Feuth twee wijzigingen zijn toegezegd, die voor de raadsvergadering geel gearceerd zullen zijn terug te vinden in de stukken Tweede termijn De heer SPRUIT concludeert dat een heel lastig dossier nu tot een afronding lijkt te komen en daarvoor past een compliment aan de wethouder, de ambtenaren en de heer Van Baal als projectleider. De heer VAN LOEF zegt de wethouder dank voor de directe en indirecte beantwoording van zijn vragen. Hij begrijpt dat de coalitie niet gelukt is.

Kan de wethouder wel aangeven waarop dat vastzit? Voorts neemt hij er kennis van dat ieder idee / initiatief nu getoetst zal worden en dat daarvoor tien jaar de tijd is. Mevrouw FEUTH sluit zich volledig aan bij de woorden van de heer Spruit. De heer OUDSHOORN zegt dank voor de beantwoording en de toezegging om de nota van beantwoording aan te passen. Overigens roept dat nog wel een andere vraag op. De nota van

Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer maandag 8 december 2025

Pagina:

7

beantwoording is een weergave van het antwoord dat gestuurd is aan de indieners. Het stuk wordt nu wel aangepast, maar worden de indieners ook op die manier geholpen? De heer HEERENS vraagt of bekend is hoe de marktpartijen tegen deze plannen aankijken. Mevrouw AKTAŞ zegt namens GroenLinks dank voor de beantwoording en toont zich ingenomen met de blijvende aandacht en inzet van de wethouder. De heer VAN BUREN onderschrijft de eerdere positieve opmerking van de collega’s over het proces en de kwaliteit van het product. De wethouder heeft duidelijk uiteengezet hoe zal worden omgegaan met de zorgen rondom de verkeersafhandelingen en de veiligheid die de bewoners aan de Roer zelf willen ervaren wanneer het gaat over het langskomend verkeer. Dat was voor het CDA het belangrijkste punt en hij zal de fractie adviseren het stuk als hamerstuk te laten afhandelen in de raad. Wethouder SCHAATSBERGEN neemt alle complimenten die zijn gemaakt graag in ontvangst. Dat is het voorrecht dat een portefeuillehouder toevalt, maar wel met de wetenschap dat een aantal voorgangers zich hiermee ook nadrukkelijk hebben beziggehouden en dat er heel veel ambtelijk werk voor is verzet, en nog verzet zal worden, want het gebiedspaspoort is in principe slechts de start om uiteindelijk te komen tot uitvoering. De heer van Loeff durft hij niet te zeggen waarop een eventuele coalitievorming is stukgelopen.

Er is uitgebreid over gesproken met betrokkenen, waarbij is verzocht ook eens te kijken naar de manier waarop het in het nieuwe Rivium wordt aangepakt, maar tot op heden is dat niet gebeurd. Dat wil overigens niet zeggen dat ze niet samenwerken, dat doen ze wel degelijk. Een coalitie à la Rivium is helaas niet tot stand gekomen, maar wellicht komen ze uiteindelijk in de finale planvorming alsnog tot de conclusie dat dat toch wel een wenselijk traject is. Dat de gemeente en de ontwikkelaars hiervoor tien jaar de tijd hebben, zoals de heer Van Loef veronderstelde, moet hij tegenspreken. Het ministerie heeft de woningbouwimpuls toegekend en als de gemeente de uitkeringsbeschikking heeft, moet binnen drie jaar de eerste paal de grond in en de laatste paal binnen tien jaar. Tot de heer Oudshoorn merkt hij op dat de raad de nota van beantwoording vaststelt, die daarna officieel wordt. Als daarin wijzigingen worden aangebracht, zal dat uiteraard ook gecommuniceerd worden richting de indieners van de nota van beantwoording. De heer Heerens vroeg hoe de marktpartijen tegen dit gebiedspaspoort aankijken. Het zou utopisch zijn te veronderstellen dat dit gebiedspaspoort in volledige volgordelijkheid wordt opgesteld en dat pas daarna met de ontwikkelaars om de tafel wordt gegaan. Natuurlijk is men hierin gezamenlijk opgetrokken.

Het is hem bekend dat de vier ontwikkelaars nu ook in de raadskalender meekijken naar het verloop van deze commissievergadering, want er is hun natuurlijk ook veel aan gelegen dat dit gebiedspaspoort wordt vastgesteld. De VOORZITTER sluit de beraadslagingen met de conclusie dat het stuk als hamerstuk naar de raad kan worden geleid. De ambtelijke organisatie zegt hij dank voor het feit dat ze voor de tweede keer bijeen moest komen voor deze behandeling. 4. Rondvraag De heer SPRUIT verzoekt van deze rondvraag gebruik te mogen maken voor het doen van een mededeling. De VOORZITTER stemt daarin toe. De heer SPRUIT memoreert dat het zojuist behandelde agendapunt eigenlijk stond geagendeerd voor vorige week. Tijdens de rondvraag in die vergadering, voor een volle tribune, heeft hij toen enige vragen gesteld over de Kralingseweg en de ontsluiting vanuit de Florabuurt. Tijdens die vergadering is daarop antwoord gegeven op een moment dat de heer Oudshoorn al was vertrokken. Het antwoord luidde dat de raad medio december een totaal overzicht zou ontvangen van de verkeersproblematieken die worden onderkend in Capelle.

Hij is voornemers om, nadat hij er in zijn fractie over heeft gesproken, met de heer Eilander en de heer Oudshoorn, te overleggen over de vraag of nu geduldig moet worden gewacht tot de raadsvergadering in februari, of dat het toch aanbeveling verdient het in december te doen. Eventueel zal dan een motie worden ingediend om het college op dat gebied aan het werk te zetten.

Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer maandag 8 december 2025

Pagina:

8

Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer maandag 8 december 2025

Pagina:

9

De heer VAN BUREN attendeert erop dat bij het Valeriusrondeel een groot deel van de parkeerplekken is opgebroken, wat langzamerhand tot stevige problemen begint te leiden. Hij verzoekt de wethouder in een collegebrief terug te koppelen wanneer dat opgelost zal worden. Wethouder SCHAATSBERGEN zegt dit toe. 5. Sluiting De VOORZITTER sluit te 21.08 uur de vergadering. Aldus vastgesteld in de vergadering van de commissie Stadsontwikkeling en -Beheer van 19 januari 2026, de secretaris,

de voorzitter,

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16469943/2