CConstaterende datCapelle Ad Ijssel
Koppel je AI →
Document · PDF

02.03 - verslag BESLOTEN commissie SLE van 2 december 2020

Commissie Samenleving en Economie 27 januari 2021, gemeente Capelle Ad IjsselBij agendapunt: Vaststellen verslagen5.943 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Verslag van de digitale besloten vergadering van de commissie Samenleving en Economie, gehouden op woensdag 2 december 2020, gehouden via Pexip, aanvang 20.00 uur Aanwezig zijn als: voorzitter

:

de heer C.A. Santman;

volksvertegenwoordigers :

de heer drs. M.G. Jaliens, raadslid Leefbaar Capelle; de heer F. Patty, raadslid Leefbaar Capelle; de heer M.N. Landzaad MSc LLM, raadslid VVD; de heer P.G. Holkamp, raadslid D66; de heer drs. A. Terlouw, raadslid SGP; mevrouw H.A. Groenendijk-de Vries MEd, raadslid ChristenUnie; de heer M.W. Vlot, raadslid SP; mevrouw D. Badloe BSc, raadslid CDA; mevrouw M. Schep, burgerraadslid GroenLinks;

secretaris:

de heer drs. F. Harteveld;

BLICK op onderwijs

de heer J.J. van Loon, voorzitter Raad van Toezicht BLICK; de heer S. El Ouazizi, lid Raad van Toezicht BLICK; mevrouw J. van den Brug, lid Raad van Toezicht BLICK;

notulist

:

de heer A. de Krom (Notuleerservice Dictum).

Op de publieke tribune zijn bij de aanvang van de vergadering geen personen aanwezig.

1. Opening, mededelingen en vaststelling agenda De VOORZITTER opent de besloten vergadering en heet eenieder van harte welkom, in het bijzonder de leden van de Raad van Toezicht van BLICK. Mevrouw Weemhoff van de PvdA is verhinderd vanwege haar aanwezigheid bij een andere vergadering. De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld. 2. Jaargesprek tussen gemeenteraad Capelle aan den IJssel en Raad van Toezicht BLICK op onderwijs De heer VAN LOON vindt het plezierig bij de commissie te gast te zijn. De Raad van Toezicht is geïnformeerd over het convenant tussen de gemeenteraden van Capelle en Krimpen aan den IJssel over het toezicht en was daarover verrast. Nu zijn er twee aparte vergaderingen met de commissies of gemeenteraden van Capelle en Krimpen aan den IJssel en het beeld was dat er een gezamenlijke bijeenkomst zou zijn. Hij vindt het plezierig te praten over wat toezicht is, hoe de Raad van Toezicht zijn rol ziet en wat de gemeente van toezicht op de toezichthouder verwacht. Hij heeft tevoren de leidraad van de gemeente ontvangen, die veel relevante punten bevat, maar veeleer is gaat het om bestuurlijk thema’s die in een jaarrekening aan bod komen en minder in het overleg tussen de Raad van Toezicht en de gemeenteraad.

De Raad van Toezicht is benieuwd hoe de gemeenteraad kijkt naar ontwikkeling, aanpassing en vernieuwing van wijken en scholen daarin en de eventuele verhuizing of nieuwbouw daarvan. De Raad van Toezicht wil uitgebreider bij governance stilstaan en de overige onderwerpen de revue laten passeren als die ter sprake komen.

160823/395850

Behorende bij commissieverslag SLE (besloten), nummer: 160823/395850

pagina: 2 van 9

Mevrouw GROENENDIJK-DE VRIES geeft een toelichting op het convenant tussen de gemeenteraden van Capelle en Krimpen aan den IJssel. De heer Landzaad heeft de heer Van Loon gebeld naar aanleiding van het voornemen een convenant tussen de twee gemeenteraden op te stellen, waarin afstemming plaatsvindt over de toezichthoudende rol ten opzichte van BLICK. Het was niet haalbaar voor de beide gemeenteraden om één gesprek met BLICK aan te gaan vanwege de te diverse belangen van de twee gemeenten. Om die diverse belangen steeds af te stemmen is het wel goed om daarover onderling afspraken te maken, wat los staat van de contacten met de Raad van Toezicht. De Raad van Toezicht houdt toezicht op het schoolbestuur en de gemeenteraad houdt vervolgens toezicht op de Raad van Toezicht. Er zijn bij raadsleden wat vragen over de diverse gespreksonderwerpen, te beginnen bij governance. Groei en huisvesting zijn ook zaken die de Raad van Toezicht met het college bespreekt. De gemeenteraad is vooral bezig met het toezicht houden op de Raad van Toezicht. Governance De heer VAN LOON deelt mee dat eind vorig jaar de nieuwe bestuursvoorzitter is benoemd, mevrouw Esmee Smit, die de commissie heeft ontmoet in de februaribijeenkomst. BLICK is in 2020 overvallen door corona, welk jaar zich ook kenmerkte door activiteiten en energie.

Er zijn gesprekken gevoerd met de bestuursvoorzitter in het kader van de jaarlijkse voortgang en met de medezeggenschapsraad. Mevrouw Smit bevalt zeer goed in de organisatie en wordt daardoor gedragen. Dat was voor de Raad van Toezicht een van de belangrijkste zaken. Ondertussen is er toch een aantal ontwikkelingen gaande. Vorig jaar is de Onderwijsinspectie bij de scholen op bezoek geweest. Daaruit bleek dat de kwaliteit niet was wat de onderwijsinspectie er van gedacht had. Een aantal scholen scoorde niet voldoende en die onvoldoendes zijn in het afgelopen jaar vrijwel weggewerkt. De Onderwijsinspectie beoordeelt het IJsselcollege voor havo en vwo wel als ‘voldoende’. De inspectie heeft voor basisschool Ontdekrijk aangeboden om voor de zomervakantie terug te komen, omdat de verwachting is dat de school dan ‘voldoende’ zal scoren. Dat is een bijzondere prestatie om te memoreren en die ligt aan de immense inzet vanuit leerkrachten en de organisatie. De onderwijsorganisatie moest schakelen naar een vorm van online onderwijs, wat in zeer korte tijd met soms vallen en opstaan is gerealiseerd. Er zijn heel veel mogelijkheden binnen BLICK en de organisatie is veerkrachtig. Vervolgens kijkt hij naar het functioneren van het bestuur van de organisatie en de invulling van het toezicht daarop.

De Raad van Toezicht voert regelmatig gesprekken met de bestuurder, de controller en de accountant over ontwikkelingen. Er is een commissie Onderwijs en Kwaliteit die uit twee leden bestaat en spreekt met de bestuurders. Verantwoordelijken voor de onderwijskwaliteit zijn de directeuren en de onderwijsondersteuner. Daarnaast is er een Auditcommissie en de Renumeratiecommissie bespreekt het functioneren en de ontwikkeling van het bestuur zelf. De drie commissies doen het voorwerk voor de Raad van Toezicht. Tot de Raad van Toezicht behoren ook Ilona Dulfer en Dirk-Jan de Bruijn en zij hebben ook naar hun eigen functioneren gekeken. In die evaluatie is gekeken is naar het versterken van de commissies en het belang daarvan. Vastgesteld is per vergadering een bepaald thema aan de orde te stellen, zoals onderwijskwaliteit in de eerste maanden. Een ander punt van de evaluatie zijn de schoolbezoeken. Belangrijk is te zien hoe het op scholen gaat. Dat is helaas doorkruist door corona. Dit jaar zou de Raad van Toezicht drie dagdelen op scholen hebben doorgebracht om zo ook met leerkrachten en kinderen/jongeren te kunnen spreken. Dat is in verband met de coronacrisis niet doorgegaan. Gehoopt wordt dat in het komende jaren weer te kunnen doen, maar dat hangt af van de ontwikkeling van de coronamaatregelen.

Vervolgens gaat hij in op het risicogestuurd toezicht, waarbij hij inzoomt op de belangrijkste risico’s waarmee de organisatie intern en extern te maken heeft en hoe wordt geacteerd op het vermijden en het minimaliseren van effecten van risico’s. Het afgelopen jaar zijn er vijf reguliere Raad van Toezicht-vergaderingen gehouden. Er was één extra vergadering in coronatijd. De Onderwijscommissie en de Auditcommissie zijn vier keer bijeengekomen en de Renumeratiecommissie kwam tot nu toe twee keer in de formele samenstelling bijeen. De Raad van Toezicht spreekt niet alleen met het bestuur, maar ook met andere gremia in de organisatie. De Raad van Toezicht spreekt twee keer per jaar met de medezeggenschap en twee keer per jaar met een directie.

Behorende bij commissieverslag SLE (besloten), nummer: 160823/395850

pagina: 3 van 9

Mevrouw GROENENDIJK-DE VRIES zegt dank voor de aftrap van de heer Van Loon en is blij de Raad van Toezicht weer te zien, nadat mevrouw Smit op 17 februari 2020 haar verhaal heeft verteld. Governance stond als te bespreken onderwerp bovenaan de lijst van de gemeenteraad en die vindt het belangrijkst dat de Raad van Toezicht in control is. Daarvan gaf de heer Van Loon een behoorlijk beeld. De Raad van Toezicht is bezig met risicogestuurd toezicht en het vermijden van risico’s. Zij wil weten welke risico’s de Raad van Toezicht op dit moment voor ogen heeft. Aansluitend heeft zij gelezen dat de Raad van Toezicht een vernieuwd toezichtkader is gaan toepassen en zij wil weten hoe dat gaat, wat de ervaringen ermee zijn en wat de consequenties daarvan zijn ten opzichte van de gemeenteraad. Er is tevredenheid over mevrouw Smit, voorzitter van het college van bestuur en ook zij hoort daarover positieve geluiden. Zij is benieuwd of de Raad van Toezicht heeft gesproken over het aantal van één of twee collegeleden van bestuur. De gemeenteraad ziet graag twee bestuursleden. Twee keer per jaar overleggen tussen de Raad van Toezicht en de medezeggenschapsraad is het wettelijk vastgelegd minimum en zij vraagt of de Raad van Toezicht ook in goed contact is met de GMR, gezien de niet zo goede verhoudingen in het verleden.

Wellicht is het mogelijk dat de gemeenteraad tweemaal per jaar met de Raad van Toezicht spreekt, bijvoorbeeld in de zomer over het jaarverslag en in het najaar over de begroting. Mevrouw VAN DEN BRUG beaamt dat de Raad van Toezicht een nieuw toezichtkader heeft opgesteld waarin de volgende kernwaarden van BLICK zijn opgenomen: ˗ een open cultuur; ˗ een open Raad van Toezicht zijn die door iedereen te benaderen is, zo ook door de medezeggenschapsleden; haar ervaring is dat de medezeggenschapsraadsleden open en eerlijk naar de leden van de Raad van Toezicht zijn; ˗ een lerende Raad van Toezicht zijn; een voorbeeld daarvan is het houden van vooroverleg voor te gaan vergaderen met de bestuurder; daarbij worden zaken uitgesproken door de Raad van Toezicht, waardoor in de samenwerking met het bestuur te groeien is. Er zijn commissies ingesteld, maar dat zijn geen vaste commissies. De Onderwijscommissie is er juist nu vanwege de onderwijskwaliteit. Wellicht moet er volgend jaar een andere commissie komen. Mevrouw GROENENDIJK-DE VRIES wil meer weten over het functioneren van de verhouding met de medezeggenschapsraad en of het toezichtkader ook ziet op de verhouding tot de gemeenteraad.

Mevrouw VAN DEN BRUG verduidelijkt dat het toezichtkader niet ziet op de verhouding met de gemeenteraad, maar op hoe de Raad van Toezicht aankijkt tegen de rol van toezichthouder, welke waarden zijn te hanteren en waar de focus op wordt gelegd dit jaar. De Raad van Toezicht spreekt twee keer per jaar met de medezeggenschapsraad en het idee is elkaar vaker te zien, ook bij andere bijeenkomsten. De Raad van Toezicht wil eigenlijk met de medezeggenschapsraad in gesprek in andere bijeenkomsten waar ook andere functionarissen bij zijn, bijvoorbeeld met directies in overleggen waar het gaat over bepaalde thema’s. Dat is niet formeel vastgelegd. De heer VAN LOON vult aan dat in het toezichtkader de belanghebbenden en organen zijn aangegeven die bij BLICK voor ondersteuning, zorg of via passend onderwijs betrokken zijn bij goed onderwijs aan kinderen van BLICK. Die partijen zijn belanghebbenden waarmee weliswaar minder frequent contact gewenst is, maar waarnaar de Raad van Toezicht wil luisteren. Zo ziet de Raad van Toezicht ook de verhouding met de gemeenteraad, gezien de openbare identiteit van BLICK. Het gaat om het bieden van goed openbaar onderwijs. Mevrouw GROENENDIJK-DE VRIES verzoekt de Raad van Toezicht ook in te gaan op haar andere vragen. De heer VAN LOON is blij dat de gemeenteraad risicogestuurd werken waardeert en herkent.

Het is een belangrijk instrument om de rol richting het college van bestuur als Raad van Toezicht in te vullen. Het gaat erom zien wat de belangrijkste zaken zijn waarmee de organisatie te maken krijgt en om de continuïteit van goed onderwijs te borgen. De belangrijkste risico’s zijn onderwijskwaliteit, zorgen dat die goed blijft en de vraag beantwoorden wat goed onderwijs is. De Raad van Toezicht wil graag zien dat de organisatie daarmee bewust bezig is in het handelen, acties en te nemen beslissingen.

Behorende bij commissieverslag SLE (besloten), nummer: 160823/395850

pagina: 4 van 9

Een tweede risico is HRM, medewerkers, de belangrijkste bron om onderwijs te kunnen bieden. Daaraan is de afgelopen paar jaar heel veel aandacht gegeven. Wat in de afgelopen twee jaar in gang is gezet laat zien dat lucht, energie, vertrouwen, transparantie en openheid in de organisatie zijn toegenomen. Zaken die in het verleden erg belemmerend werkten zijn weg. Dat wil niet zeggen dat alles weg is, maar er is een andere wind van openheid gaan waaien. Men gaat weer normaal met elkaar om en men wil als professionals elkaar ondersteunen en realiseren waarvoor men staat. Een derde risico zijn de financiën. In een recente vergadering kwamen de begroting en de verwachtingen voor de komende jaren aan de orde. De organisatie zal op een aantal punten moeten veranderen. Oorzaak daarvan zijn deels in het verleden genomen besluiten die lang doorwerken. Leerlingenaantallen waren in de oorspronkelijke plannen veel hoger en zitten nu op een reëel niveau. Capelle ligt in een krimpregio en dat is in de bekostiging te merken. De bekostiging van het voortgezet onderwijs gaat in 2022 veranderen en die zal voor BLICK een nadelig effect hebben. De financiële continuïteit is belangrijk en daarom is de Raad van Toezicht daarmee bezig.

Met het bestuur wordt gekeken wat de mogelijkheden zijn en wordt ook bezien hoe er wordt bestuurd en hoe de organisatie in control blijft, ook als de te zetten stappen wat minder aangenaam zijn. De drie belangrijkste thema’s komen ook steeds terug voor de meeste schoolorganisaties. Mevrouw GROENENDIJK-DE VRIES constateert dat er interne en externe risico’s zijn en dat er enorme prestaties zijn verricht door mevrouw Smit en haar collega’s door stappen op onderwijskwaliteit te zetten, wat heeft geleid tot een beter en tevredener oordeel van de Onderwijsinspectie. Zij stelt de vragen over het aantal leden in het college van bestuur en twee keer per jaar spreken door de Raad van Toezicht met de gemeenteraad aan de orde. Het is voor de heer VAN LOON niet de eerste gedachte om te beoordelen uit welk aantal leden het college van bestuur zou moeten bestaan, maar wel wat de kwaliteit van het bestuur is plus de vraag of het college de organisatie goed kan besturen. Openbare identiteit en eigen verantwoordelijkheid komen daarbij aan de orde. Ook is gekeken wat er nodig is om in een organisatie vooruit te komen, zoals tegenspraak, checks and balances, hoe besluiten tot stand komen, hoe andere organisaties met dezelfde omvang eruit zien en wat daarmee de ervaring is.

Op de lange termijn denkt hij dat een college met een actief directieberaad van VO- en PO-directeuren met een aantal bovenschoolse verantwoordelijkheden met het college samenwerkt. Het college is dan richtinggevend in de visie, het strategische beleidsplan en draagt zorg ervoor dat thema’s besproken worden in het directieberaad. Een eenhoofdig college van bestuur is op zich voldoende, maar de Raad van Toezicht ziet op dit moment ook een aantal grote en stevige opgaven voor de komende jaren, zoals onderwijskwaliteit. Wellicht is er samen te werken met andere scholen, gezien de krimpregio waarin Capelle en Krimpen liggen. Met de voorliggende opgaven denkt de Raad van Toezicht dat het verstandig is om in de komende twee tot vier jaar te werken met een tweehoofdig college van bestuur. De frequentie van ontmoetingen tussen de Raad van Toezicht en de gemeenteraad verhogen tot twee keer per jaar heeft wel een meerwaarde, maar de Raad van Toezicht vertelt al twee keer hetzelfde verhaal aan de gemeenteraden van Capelle en Krimpen. Wellicht kan een van de extra vergaderingen daarom in gezamenlijkheid plaatsvinden met de beide gemeenteraden, zodat uitgebreider te bekijken is hoe het toezicht eigenlijk gaat.

Mevrouw GROENENDIJK-DE VRIES wil weten of er al stappen gezet zijn naar een tweehoofdig college van bestuur, maar zij wil eerst de andere commissieleden in de gelegenheid stellen om over de andere thema’s vragen te stellen. Financiën De heer TERLOUW is heel benieuwd hoe de Raad van Toezicht kijkt naar de kwaliteit van het genormaliseerde resultaat over 2019 ten opzichte van 2018. Volgens de meerjarenprognose wordt cumulatief verlies verwacht van € 1,9 miljoen van 2020 tot en met 2023 en in 2024 een nulresultaat. Hij is benieuwd hoe de Raad van Toezicht kijkt naar de financiële kwaliteit van BLICK. Verder wil hij de visie van de Raad van Toezicht weten op de negatieve ontwikkeling van de algemene reserve vanaf 2019 van het VO-deel ten opzichte van de positieve ontwikkeling van de algemene reserve voor het basisonderwijs. Tot slot vraagt hij een toelichting van de Raad van Toezicht op kleine implicaties van de coronacrisis en wil hij weten hoe de Raad van Toezicht kijkt naar de stand van de meerjarenonderhoudsplannen, ook gezien de wat mindere resultaten.

Behorende bij commissieverslag SLE (besloten), nummer: 160823/395850

pagina: 5 van 9

De heer EL OUAZIZI zit in een organisatie die van ver komt. De inkomsten zijn leerlingenaantallen en de kostenpost is human capital, die circa 75% tot 80% van de begroting behelst. In 2020 zijn maatregelen genomen, omdat de leerlingenaantallen achterblijven. Daardoor is er iets te doen aan de formatie, wat lastig blijkt, waardoor het resultaat onder druk staat. De Raad van Toezicht is bezig zaken in lijn te brengen en zet daar de nodige stappen in. Het is echter een moeizaam proces, omdat de leerlingenaantallen achterblijven en de formatie daarmee niet in lijn te brengen is, waardoor het resultaat onder druk komt te staan. Men is druk bezig om dat in lijn te brengen en de nodige acties worden in gang gezet. Dat zal zijn weerslag krijgen in de resultaten van 2020 en de komende jaren. Mevrouw VAN DEN BRUG heeft de afgelopen maanden opnieuw gekeken naar de verdeling tussen PO en VO en of de feitelijke verdeling over de onderwijsvormen wel overeenkomstig de werkelijkheid was. Er zijn nu verschuivingen aan het plaatsvinden van toe te rekenen posten aan het VO en PO. Cijfers uit 2018 en 2019 en cijfers van nu zijn lastiger te vergelijken omdat onder leiding van mevrouw Smit en de controller wijzigingen in systematieken plaatsvinden die veel meer recht doen aan de werkelijkheid. Met wat zij nu weet is het een goede vraag of de conclusie terecht is dat het PO het VO betaalt.

De heer TERLOUW snapt het dilemma van afnemende leerlingenaantallen en vraagt wat de heer El Ouazizi bedoelt met effecten en hoe 2020 er daarmee dan uitziet. De heer VAN LOON beantwoordt die vraag, omdat de digitale verbinding met de heer El Ouazizi is weggevallen. Hij verwacht dit jaar een slechter resultaat ten opzichte van de begroting. Het plan was reducties in de personele omvang door te voeren en dat lukt nog niet voldoende. Daarom zijn de kosten minder snel omlaag te brengen dan begroot. In de komende tijd moet daarin versnelling komen en moet men goed kijken waarom het zo moeilijk is aan personeelsreductie te doen. Dat heeft te maken met arbeidsvoorwaarden en de veelheid aan veranderingen. Ingrijpen is nodig, omdat dit niet een aantal jaren achter elkaar is vol te houden. Er wordt aan de wind gevaren en het is even wat ruiger weer, waar wel goed doorheen is te komen, maar er moet wel geacteerd worden. Dat zal op een aantal punten lastig zijn, maar dat moet dan wel gebeuren. De heer VLOT is het bekend dat de personeelskosten stijgen vanwege een tekort. Zzp’ers brengen hogere kosten met zich mee en dat is al langer aan de orde en een bekend feit, dat niet verbazingwekkend is in 2020. Mevrouw VAN DEN BRUG erkent dat personeel steeds duurder wordt. Een groot probleem voor BLICK is de keuze om het voortgezet onderwijs op een bepaalde manier vorm te geven.

Je kunt zeggen gewoon te schrappen in het personeel. BLICK wil echter een breed VO neerzetten (vmbo, mavo, havo en vwo en brede keuzemogelijkheden) wat wegstrepen van vakken ingewikkeld maakt. Dat speelt op het IJsselcollege. Er moet dus personeel uit, maar het personeel dat eruit moet heeft BLICK ook nodig, omdat er al een tekort is. Het is daarom lastig om op te sturen en daarmee hebben meerdere VO-scholen te maken. Bij BLICK is dat extra ingewikkeld gezien de opbouw van leerlingen op het havo en het vwo, zeker ook als men de verschillende onderwijsvormen in stand wil houden. Dat brengt personele keuzen met zich mee. De heer TERLOUW constateert dat de breedte steeds meer onder spanning komt te staan, waardoor men moet acteren, omdat de breedte niet meer te handhaven is. De heer EL OUAZIZI stelt dat BLICK holistisch gezien één organisatie is van PO en VO. Het resultaat van het VO staat onder druk en snoept het eigen vermogen op. Bezien wordt hoe een duurzaam resultaat neer te zetten is, aan welke knoppen te draaien is en daaraan werkt de Raad van Toezicht keihard. Om snoepen van het eigen vermogen te voorkomen zijn nu keiharde acties nodig. Covid-19 en ziektevervanging hebben wel degelijk invloed op de bedrijfsvoering en geprobeerd wordt die op te vangen, ook door samenwerking. BLICK heeft echter niet heel veel financiële middelen om bij te sturen.

Mevrouw VAN DEN BRUG herinnert zich van het voorjaar dat ziekteverzuim niet echt een issue was. Dat leidde niet tot extra kosten. In het najaar nemen de onderwijskosten en vervangingskosten wel toe. Vervanging is schaars en zzp’ers moet men via bureaus inhuren zodat het nog duurder is. De heer TERLOUW had daarom eerder het gesprek met de Raad van Toezicht willen hebben om dichter op de bal te zitten. De heer EL OUAZIZI deelt vervolgens mee dat BLICK heel veel prioriteit geeft aan noodzakelijk onderhoud. De leerlingenaantallen zijn echter niet op niveau om alle onderhoudskosten te kunnen te dragen. In lijn met de meerjarenonderhoudsplannen worden daarom keuzen gemaakt. Het gaat om een situatie waarin elke euro om te draaien is en men zich afvraagt waaraan die uit te geven is. Schorsing (21.43 – 21.50 uur).

Behorende bij commissieverslag SLE (besloten), nummer: 160823/395850

pagina: 6 van 9

Kwaliteit onderwijs Mevrouw BADLOE vraagt of de Raad van Toezicht concreter kan zijn over het oordeel van de Onderwijsinspectie over drie specifieke basisscholen De Wonderwind, De Catamaran en De Groeiplaneet. Staan zij nog op ‘onvoldoende’ en wordt het oordeel volgend jaar ‘voldoende’? Basisschool Ontdekrijk had het oordeel ‘zeer zwak’ en zij vraagt wat de status daarvan nu is. Als het oordeel ‘zeer zwak’ niet verbetert, zouden er maatregelen vanuit de minister kunnen komen. Het inspectierapport vermeldt dat een herstelonderzoek op bestuursniveau in het eerste kwartaal van 2021 zal plaatsvinden, namelijk of kwaliteitszorg op bestuursniveau voldoet aan de wettelijke eisen. Daarbij wordt specifiek gekeken naar De Bouwsteen en het praktijkonderwijs van het IJsselcollege. Zij vraagt aan de Raad van Toezicht of dat herstelonderzoek nog steeds volgens planning zal gaan en of de wettelijke tekortkomingen inmiddels zijn opgelost. Er zou volgens de Raad van Toezicht een fundament zijn gelegd voor een professionele cultuur waarin men van en met elkaar kan leren en zij vraagt hoe dat terug te zien is in de organisatie en of de toezichthouder daarin ook het verschil ziet.

Ten aanzien van het VO viel het in het jaarverslag op dat het driejaarlijks gemiddelde van het slagingspercentage positieve cijfers laat zien bij havo en vwo, maar een lichte daling bij het vmbo en zij is benieuwd naar een verklaring daarvoor en of er redenen zijn voor zorg. Wat betreft passend onderwijs werkt BLICK samen met Samenwerkingsverband Aan den IJssel voor het VO en Samenwerkingsverband Koers VO voor het voortgezet onderwijs. Zij wil weten of de Raad van Toezicht zicht heeft op die samenwerking en de besteding van de middelen van het passend onderwijs. Tot slot vraagt zij de Raad van Toezicht iets meer te vertellen over het afstandsonderwijs. Landelijk is te zien dat er meer wordt gericht op de onderwijsachterstanden en kansengelijkheid. Zij vraagt hoe de Raad van Toezicht naar deze pijlers kijkt. In het jaarverslag was het leuk en goed om te lezen dat er extra aandacht was voor techniek en zij vraagt of de Raad van Toezicht plannen heeft voor vmbo-techniek. Mevrouw VAN DEN BRUG is lid van de Onderwijscommissie. Een aantal vragen is behoorlijk specifiek en daarop kan een bestuurder veel beter antwoord geven. Zij kan dat niet op detailniveau doen. Wat betreft de uitkomsten van de Onderwijsinspectie zijn eigenlijk alle scholen naar ‘voldoende’ gegaan.

Eén school staat nog onvoldoende op één onderdeel en die heeft de mogelijkheid om dat oordeel in januari naar ‘voldoende’ te krijgen. De school die ‘zeer zwak’ stond is naar ‘onvoldoende’ gegaan. Die krijgt de mogelijkheid om bijvoorbeeld in juni, voor de zomervakantie, terug te komen om naar ‘voldoende’ te gaan. Dat is nu onderwerp van gesprek tussen bestuur en directeur. Er zijn dus allemaal positieve ontwikkelingen. De Onderwijscommissie van de Raad van Toezicht zit er bovenop en heeft veel gesprekken met mevrouw Smit en de kwaliteitswerkgroep. Zij heeft heel veel vertrouwen in de laatste te zetten stappen. Tegelijkertijd realiseert mevrouw Smit zich heel goed dat ze er nog niet is. Er is ook een interne norm voor onderwijskwaliteit. Scholen worden regelmatig intern ge-audited. Dat gene wat de interne audit laat zien komt steeds overeen met wat de Onderwijsinspectie ook constateert. Dat betekent dat het interne auditteam heel erg goed in staat is om iets te zeggen over de onderwijskwaliteit, waardoor er minder verrassingen zijn. Samen met het nieuwe strategisch beleidsplan is weer een nieuwe impuls te geven, zodat men op de grens zit die men graag wil zien vanuit BLICK zelf. Leren op afstand lukt voor bepaalde leerlingen wel en voor anderen niet. Daarin is BLICK gelijk aan andere scholen. Mevrouw Smit heeft gezegd volop achterstanden weg te werken met ‘Studio BLICK’.

De structuur en methodiek van leren op afstand staan nu en als ze moeten worden ingezet kan dat. De hele ervaring met het geven van onderwijs op afstand kan later worden ingezet bij langdurig zieke kinderen. De heer VAN LOON beschikt niet over de leerresultaten van het vmbo, zodat die vraag aan de bestuurder gesteld moet worden. Mevrouw BADLOE herhaalt haar vraag over een herstelonderzoek op bestuursniveau in het eerste kwartaal van 2021 en of kwaliteitszorg op bestuursniveau voldoet aan de wettelijke eisen. Daarbij wordt specifiek gekeken naar De Bouwsteen en het praktijkonderwijs van het IJsselcollege. De heer VAN LOON antwoordt dat de Onderwijsinspectie in het kader van bestuursonderzoek dan langskomt en onder andere spreekt met de medezeggenschapsorganen, het college van bestuur en een afvaardiging van de raad van het toezicht. De twee genoemde scholen zijn niet zozeer onderdeel van het bestuursonderzoek, maar op diezelfde dag vinden ook verificatieonderzoeken op die twee scholen plaats. Die staan los van het bestuursonderzoek, maar vinden plaats omdat de inspecteurs die het bestuursonderzoek doen ook deels het verificatieonderzoek van de twee scholen doen.

Behorende bij commissieverslag SLE (besloten), nummer: 160823/395850

pagina: 7 van 9

Leerlingenaantallen De heer HOLKAMP noemt leerlingenaantallen cruciaal voor de inkomsten en uitgaven en vraagt hoe de Raad van Toezicht omgaat met de aantallen uit het verleden en de trend naar de toekomst. BLICK verliest marktaandeel, maar het leerlingenaantal blijft in de laatste jaren constant. De prognoses zijn eerder dit jaar behoorlijk bijgesteld. Hij vraagt hoe de Raad van Toezicht oordeelt over acceptabele leerlingenaantallen. Verbeteracties voor het IJsselcollege zijn er met de hoop dat leerlingenaantallen gaan toenemen en hij is benieuwd hoe die verbeteracties worden verwerkt in de leerlingenaantallen en hoe de Raad van Toezicht daarover vervolgens oordeelt. De heer VAN LOON heeft begin dit jaar gekeken naar de basis voor de leerlingenaantallen en ziet dat de huidige cijfers realistisch zijn. Gevolgen van allerlei acties worden niet meegenomen in de leerlingenverwachtingen, omdat hij dat wishfull thinking vindt. Voor het PO kan men prognoses redelijk goed baseren op cijfers van Pronexus en ontwikkelingen in de wijk, omdat ouders vanuit hun woning het liefst kleine achterstanden willen overbruggen. Bij het VO is dat notoir moeilijk, omdat daar andere factoren meespelen, zoals schoolkeuzes en de aard van opleidingen.

Opvallend is dat 10% tot 30% van de leerlingen naar het IJsselcollege vanuit Rotterdam komt vanwege het soort onderwijs, wat mede komt door goede bereikbaarheid via het openbaar vervoer. De Raad van Toezicht vindt continuïteit belangrijk: goed onderwijs bieden voor leerlingen en of dat aansluit bij wat ze nodig hebben. Bekostiging en de kosten moeten met elkaar in lijn zijn, maar men moet ook goed kijken naar de kwaliteit van het onderwijs. Het praktijkonderwijs van het IJsselcollege loopt best wel goed. Bij het aanbieden van goed onderwijs is het te overwegen om samenwerkingen met andere scholen op te zoeken. In onderwijsland geldt ook dat je eigenlijk niet wilt dat scholen met elkaar concurreren om hun eigen bestaansrecht. Bovenaan staat namelijk de ontwikkeling van leerlingen. Onderlinge concurrentie op leerlingenaantallen probeert men te voorkomen. Ook goed te bezien is of samenwerking met andere scholen of besturen mogelijkheden biedt. Een school kan bijvoorbeeld opleidingen in eigen naam verzorgen gebruikmakend van de faciliteiten van andere scholen. Dat zijn overwegingen waarbij wordt bekeken wat er nodig is om goed onderwijs voor voldoende leerlingen in Capelle en Krimpen te kunnen blijven aanbieden. De heer HOLKAMP is het er op zich mee eens dat scholen niet horen te concurreren op leerlingenaantallen.

In de laatste negen jaar heeft het Comenius college er echter circa 600 leerlingen bij gekregen, terwijl het IJsselcollege met dat aantal is teruggelopen. Blijkbaar speelt er wel iets met de groei en krimp van scholen en hij vraagt hoe de Raad van Toezicht daarnaar kijkt. Mevrouw VAN DEN BRUG valt het binnen gesprekken heel erg op dat het IJsselcollege een imagoprobleem heeft. Dat is nu nog te merken. Bepaalde ouders zeggen dat hun kind niet naar dezelfde school mag gaan als iemand die naar een vmbo-school gaat. Dat is een probleem waar BLICK mee te maken heeft. Op een open dag heeft zij aan leerlingen gevraagd wat voor hen zo belangrijk is en het antwoord was de doorkruising van vriendschappen door de opleidingen heen. Er is binnen het IJsselcollege een heel groot gevoel van veiligheid en ook de saamhorigheid is groot. Op dat gebied wordt heel veel ondernomen, maar het lukt echter onvoldoende om dat buiten te brengen. Nu wordt weer uitgedragen wat voor mooie school het IJsselcollege is en dat alles op één plaats zit. De pareltjes naar buiten dragen is niet alleen een PR-verhaal, maar ook een kwestie van heel veel teleurstellingen in de afgelopen jaren geïncasseerd hebben. Daaraan wordt heel hard gewerkt en mensen zien en geloven de waarde en kracht van het IJsselcollege. HRM-beleid De heer JALIENS leidt het onderwerp in.

Er is in het voorjaar van 2019 een evaluatie en analyse van de werkdruk geweest en hij is benieuwd naar de stand van zaken van de uitvoering daarvan. De heer VAN LOON weet de precieze stand van zaken niet, maar heeft daarover eerder dit jaar met de medezeggenschapsraad gesproken. De druk blijft hoog, wat algemeen is in het onderwijs. Vanwege de betere verstandhouding en sfeer wordt die druk als minder belastend ervaren. Door corona en uitval is de werkdruk in korte tijd heel veel opgelopen, wat wel een zorgpunt is. BLICK is daarin niet de enige. De in gang gezette acties en de komst van mevrouw Smit zorgden voor vermindering van de (psychologische) werkdruk. Door de coronaperikelen was er heel veel extra inzet van alle medewerkers, waarvoor de Raad van Toezicht zeer dankbaar is. Als een docent in quarantaine moet kan het onderwijs op afstand voortgezet worden.

Behorende bij commissieverslag SLE (besloten), nummer: 160823/395850

pagina: 8 van 9

De heer JALIENS informeert wanneer het rapport van de evaluatie en analyse komt en neemt aan dat de gemeenteraad daarvan in kennis wordt gesteld. De heer VAN LOON kan de timing niet aangeven, maar van de hoofdlijnen van het analyse- en evaluatierapport zal de raad in kennis worden gesteld. Covid-19 met de focus op veiligheid De heer VLOT geeft aan dat de gemeenteraad zich zorgen maakt over de invloed van het coronavirus op het onderwijs. Bij het vaststellen van het jaarverslag 2019 was de ernst van het coronavirus al duidelijk. Eind 2020 is meer bekend, enerzijds over besmettingen en de gevolgen daarvan voor het onderwijs en anderzijds over hoe om te gaan met de situatie. Onderwijs op afstand geeft gelukkig de mogelijkheid tot het doorgaan met het lesgeven. Inmiddels wordt ook gesteld dat met name voor jonger leerlingen onderwijs op afstand tot weinig progressie leidt. Hij is daarover bezorgd, evenals over de besmettingen onder de jeugd. Hij vraagt een toelichting van de Raad van Toezicht op hoe daarmee binnen BLICK wordt omgegaan en of er signalen van achterstanden of problemen door onderwijs op afstand zijn. Mogelijk komen problemen bij gezinnen boven water omdat kinderen niet kunnen meedoen met het onderwijs op afstand.

Ook wil hij weten of daarover contact is met het college van bestuur en de medezeggenschapsraad en of er consultatie plaatsvindt over tekortkomingen of problemen met het ministerie van OCW. Vervolgens wil hij weten of de Raad van Toezicht vindt dat er met BLICK voldoende contact is vanuit de gemeentelijke instanties die zich bezighouden met leer- of gezinsproblematiek die aan het licht zijn gekomen door deze crisis. Hij is benieuwd in hoeverre de Raad van Toezicht zich geroepen voelt en/of instrumenten heeft om met het college van bestuur een bijdrage te kunnen leveren aan het verminderen of oplossen van de geconstateerde problemen. Mevrouw VAN DEN BRUG merkt op dat de bestuurder inhoudelijk meer weet dan de Raad van Toezicht. De Raad van Toezicht krijgt regelmatig briefings over wat er binnen BLICK gebeurt op het gebied van het coronavirus. Er zijn leerlingen die buiten de boot zijn gevallen vanwege onderwijs op afstand. Mevrouw Smit heeft subsidie aangevraagd voor het bestrijden van onderwijsachterstanden. Studio BLICK is vorige week opgestart in samenwerking met andere gemeentelijke partijen in de gemeente, zoals de bibliotheek. Zeggen wat de effecten zijn is nog veel te vroeg. Er zijn lacunes en die beginnen zich nu te manifesteren, evenals het effect op onderwijsresultaten, die pas later blijken.

Leerkrachten proberen zo goed mogelijk onderwijs te geven en te kijken waar de hiaten zitten. Haar ervaring is dat docenten heel goed weten welke leerlingen achterstand oplopen en daar gaat zeker extra aandacht naartoe. Bij samenwerken met andere gemeentelijke instanties zet zij haar vraagtekens en zij denkt niet dat dat de rol van de school is. De bestuurder is wel bezig om breder dan alleen BLICK te kijken en op te trekken met andere partijen om te zorgen dat de achterstand zoveel mogelijk ingehaald wordt. De Raad van Toezicht heeft hierover met de medezeggenschap gesproken. Die heeft van ouders vernomen dat ze tevreden zijn hoe zaken door de scholen zijn opgepakt. De heer VLOT weet dat juist de gemeente verschillende programma’s heeft lopen om kinderen en gezinnen met achterstanden te helpen bij het beter functioneren, met name als het om onderwijs gaat en hij zou het geruststellend vinden als de Raad van Toezicht daarop wijst bij het college van bestuur en andere lagen binnen het onderwijs. De Raad van Toezicht kan daarop sturen of communiceren, zodat effect te behalen is uit gemeentelijke regelingen. Mevrouw BADLOE vraagt of de Raad van Toezicht bepaalde onveilige situaties rondom de VO-school herkent, zoals incidenten met messen of een bepaalde straatcultuur die leeft.

Mevrouw VAN DEN BRUG antwoordt dat de veiligheid op het IJssel college als heel hoog wordt ervaren en is. Er zijn wel eens incidenten, die dan in de media meestal breed worden uitgemeten in vergelijking met andere scholen, waar incidenten niet naar buiten komen. Zij neemt aan dat op bestuurlijk niveau tussen mevrouw Smit en de wethouder gesproken wordt over gemeentelijke mogelijkheden en mogelijkheden binnen BLICK, die docenten kunnen doorgeven aan ouders. Zij vraagt zich af of de Raad van Toezicht in dezen een grote rol heeft, zeker omdat er bestuurlijk overleg plaatsvindt tussen het college van bestuur en de gemeente. Bespreking zou hierover naar haar mening veel meer in het bestuurlijk overleg moeten plaatsvinden.

Behorende bij commissieverslag SLE (besloten), nummer: 160823/395850

pagina: 9 van 9

3. Rondvraag Er zijn geen vragen. 4. Sluiting De VOORZITTER heeft het overleg ervaren als een prettig gesprek en sluit de vergadering om 22.13 uur. Aldus vastgesteld in de vergadering van de commissie Samenleving en Economie van 26 januari 2021, de secretaris, de voorzitter,

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9640157/1