02.03 - conceptverslag Commissie SOB - 04-10-2022 - openbaar
Tekst van het document
Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer dinsdag 4 oktober 2022
Pagina:
1
Verslag van de vergadering van de commissie Stadsontwikkeling en -Beheer, gehouden op dinsdag 4 oktober 2022, in het gemeentehuis, aanvang 20.00 uur. Aanwezig zijn als: voorzitter
:
de heer ing. P. Eilander;
volksvertegenwoordigers :
mevrouw J. Lauw-Schouten, raadslid Leefbaar Capelle; de heer G. Spruit, raadslid Leefbaar Capelle; mevrouw L. Feuth, raadslid D66; mevrouw J.S. Kolster MSc MA, raadslid VVD; de heer B.H.W. Oudshoorn, raadslid SGP; de heer M.C.J. van Gent, raadslid Capels Bewoners Belang; de heer E. Hartog, burgerraadslid GroenLinks; mevrouw dr. W. Tieman, raadslid PvdA; de heer drs. P.C. Heerens, burgerraadslid ChristenUnie; mevrouw J. den Engelsman, raadslid CDA; de heer M.W. Vlot, raadslid SP;
secretaris
:
de heer drs. A.J.M.C. Schoenmakers;
portefeuillehouders
:
de heer D.B. van Woudenberg, wethouder;
ambtelijke ondersteuning :
de heer P. van der Graaff, senior verkeerskundige;
notulist
de heer A. de Krom (Notuleerservice Dictum).
:
Op de publieke tribune zijn bij de aanvang van de vergadering ? personen aanwezig.
1. Opening, mededelingen en vaststelling agenda. De VOORZITTER opent de vergadering en heet eenieder van harte welkom. De financiën betreffende het voorkeursalternatief MIRT oeververbinding regio Rotterdam worden in een volgende vergadering in beslotenheid behandeld. De heer OUDSHOORN merkt op dat zijn fractie de vergadering niet heeft kunnen voorbereiden, omdat de vergadering van vanavond pas vanmiddag openbaar is verklaard. Eventuele insprekers zijn ook niet in de gelegenheid gesteld om in te spreken. De VOORZITTER wijst erop dat het onderwerp op 18 of 19 oktober in de reguliere vergadering van de commissie SOB terugkomt, waarin ook aan insprekers de gelegenheid zal worden gegeven om in te spreken. Mevrouw FEUTH bevreemdt het dat de financiën na de inhoud worden behandeld. De VOORZITTER verwijst voor de financiën naar de besloten vergadering die na de openbare vergadering zal plaatsvinden. Het college kiest ervoor eerst het proces en de inhoud duidelijk te maken. Misschien moet aan het eind van de avond worden geëvalueerd of dat een logische volgorde is. Mevrouw TIEMAN begrijpt dat de commissie vanavond wordt geïnformeerd en vragen kan stellen en de politieke discussie op 19 oktober volgt.
De VOORZITTER stelt inderdaad voor om de politieke discussie te bewaren tot de reguliere commissievergadering van 19 oktober a.s., omdat niet elke fractie het onderwerp goed heeft kunnen voorbereiden. De heer SPRUIT spreekt het idee aan om vanavond slechts procesmatige en inhoudelijke vragen te stellen en de politieke discussie op 19 oktober te laten plaatsvinden. Aldus wordt besloten.
Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer dinsdag 4 oktober 2022
Pagina:
2
2. Vaststellen verslag commissie Stadsontwikkeling en –Beheer van 2 juni 2022 (besloten) Het verslag wordt in de besloten vergadering van de commissie SOB van 4 oktober 2022 vastgesteld. 3. Bespreking voorkeursalternatief MIRT Oeververbinding Regio Rotterdam a. Afstemming met raad en vervolgproces Wethouder VAN WOUDENBERG deelt mee dat het vanavond zijn eerste officiële commissievergadering in Capelle aan den IJssel is. In vijf weken tijd heeft hij over het onderwerp ongelooflijk veel informatie ontvangen en heeft hij zichzelf proberen te verdiepen in het proces. De afgelopen periode heeft hij namens de gemeente drie bestuurlijke vergaderingen bijgewoond om met de gemeenten Rotterdam, Krimpen aan den IJssel en Krimpenerwaard, de provincie en de MRDH stappen te zetten om uiteindelijk op 3 november a.s. bij de minister terecht te komen, die dan een MIRT-besluit moet gaan nemen. In dat bestuurlijke proces wordt van gemeenten heel veel gevraagd. Hem is uitgelegd dat nu sprake is van een bestuurlijke fase, waarin het bestuur de gemeenteraad maximaal consulteert en ook met de inwoners in gesprek gaat. Uiteindelijk wijst het bestuur samen met andere gemeenten een voorkeursscenario aan en neemt het daarin alles mee wat de gemeenteraad nog gaat zeggen op 19 oktober a.s. Het bestuur legt samen met partijen een voorkeursscenario bij de minister neer, die daarover een beslissing neemt.
Uiteindelijk komt er een overeenkomst naar de raad toe, die vervolgens aan zet is. Het persbericht dat vorige week is verschenen had moeten vermelden dat het college kiest voor variant 1b-accent in plaats van dat de gemeente of de raad dat heeft gedaan. Het persbericht was wat dat betreft niet helemaal juist. Mevrouw FEUTH informeert waarom dan is gecommuniceerd dat er in oktober een beslismoment van de raad zou zijn en dat de raad een voorkeursvariant zou kiezen, dat de wethouder zou meenemen naar het bestuurlijk overleg. Nu wordt bekend dat de raad er in het eerste kwartaal van 2023 nog iets van mag vinden. Dat terwijl in het traject en het inwerkprogramma voor de raad voortdurend is gezegd dat er in oktober sprake zou zijn van een raadsbesluit. Zij is benieuwd hoe die discrepantie is ontstaan. Wethouder VAN WOUDENBERG heeft daarop geen antwoord en heeft ook niet teruggehoord dat gecommuniceerd zou zijn dat de raad een beslissing zou nemen. Hij kent die informatie niet. Mevrouw DEN ENGELSMAN zag dat de gemeenteraad van Krimpen aan den IJssel in oktober a.s. wel een besluit neemt en andere regiogemeenten ook nog besluiten. Zij vraagt of de gemeenteraad van Capelle dat dan ook doet. De heer SPRUIT meent dat het altijd de bedoeling is geweest dat in commissie- of raadsverband een besluit zou worden genomen over het voorkeursmodel van Capelle.
In zijn beleving is het altijd de bedoeling geweest dat de raad input aan het college geeft, die verwoord mag worden aan partijen die het uiteindelijke besluit gaan nemen over de totstandkoming van de uitvoering. De heer VAN DER GRAAFF laat weten dat het raadsbesluit van 2019 vermeldt dat het onderwerp naar de raad terugkomt. Er wordt op 2 november a.s. een besluit genomen met de zeven bestuurders. Een raadsvergadering in Capelle vindt echter pas op 14 november a.s. plaats. Informatie was in de vorige raadsvergadering van 26 september jl. nog niet beschikbaar. Er is nu nog weinig ruimte om tot 2 november onder de bestuurders tot één besluit te komen. Mevrouw TIEMAN ziet in de stukken van het raadsbesluit van 16 december 2019 staan: “Een definitief besluit over de hoogte van de Capelse bijdrage nog aan de gemeenteraad voor te leggen voordat de voorkeursbeslissing over circa twee jaar wordt genomen.” De raad neemt dus volgens haar een besluit en niet de commissie. Zij vraagt waar is afgesproken dat de commissie zou moeten worden geconsulteerd in plaats van de raad. Mevrouw FEUTH constateert ook dat andere gemeenten wel in staat zijn om het onderwerp naar de raad te brengen. Wethouder VAN WOUDENBERG komt hierop schriftelijk terug, waarna het aan de commissie en raad is om te besluiten wat ze daarmee doen.
Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer dinsdag 4 oktober 2022
Pagina:
3
De heer VLOT meent dat de raad op enig moment een besluit over de financiën heeft genomen en constateert dat die nu zaken uit handen geeft en een blanco cheque heeft getekend. Wethouder VAN WOUDENBERG erkent dat in 2019 budget beschikbaar is gesteld en uiteindelijk het besluit naar de raad toe komt. Het ministerie neemt een besluit over de MIRT. De uitwerkingsovereenkomst tussen partijen die met de Algeracorridor te maken hebben wordt aan de raad voorgelegd. Over die uitwerkingsovereenkomst neemt de raad dus een besluit. Dan is ook vastgelegd welk scenario het wordt. Het zou kunnen zijn dat bij de MIRT-beslissing een andere variant naar voren komt, maar dat is niet de verwachting. De heer OUDSHOORN stelt vast dat de commissie nu wordt geconsulteerd en vraagt of het wenselijk is dat het college al een persbericht met een keuze heeft doen uitgaan en ook twee andere partijen hun standpunt al bekend hebben gemaakt. Wethouder VAN WOUDENBERG antwoordt dat er eerst een collegebesluit zou moeten zijn, waarna er op basis daarvan commissiebehandeling plaatsvindt en een raadsbesluit wordt genomen. De keuze van het college is aan de commissie voorgelegd. Hij herhaalt dat de kop van het persbericht anders had moeten zijn. Omdat de andere gemeenten ook communiceerden wilde het college laten zien dat het Capelse college ook een keuze heeft gemaakt voor variant 1b-accent. b.
Inhoudelijke keuze (alternatief 1b met grote aandacht geluid Algeraweg) Presentatie De heer VAN DER GRAAFF laat het voorkeursalternatief zien. Het gaat om: - een aantal automaatregelen op de corridor; - een aantal fietsmaatregelen bij de corridor: - een fietsbrug nabij het Vuykpark; - het terugbrengen van de snelheid op de Abram van Rijckevorselweg; - meer ruimte op het Capelseplein en de Ketensedijk; - de komst van minder verkeer op de dijken. Het verschil tussen de varianten 1b en 2a zit hem in de doorstroming. De reistijd vanaf Krimpen aan den IJssel naar het Kralingseplein is in de ochtendspits ongeveer tien minuten. Vanaf het Capelseplein in de richting van Krimpen komt er een soort ‘krakeling’, waarbij men vanaf de Algeraweg naar de wisselstrook gaat. Er zijn dan geen afslagen meer en ook het fietsverkeer is ongelijkvloers. De linksafbeweging wordt ongelijkvloers richting Krimpen aan den IJssel gestuurd. De drukke routes vanuit de Krimpenerwaard en vanuit de Stormpolder ’s middags worden daardoor niet gekruist. In variant 2a blijven er twee rijstroken op de corridor en de brug. In die optie moet al het verkeer op twee maal twee rijbanen dan linksaf slaan en moet dat het verkeer vanuit de Krimpenerwaard en de Stormpolder kruisen. Bij variant 1b is er daardoor minder tijd nodig om de corridor door te komen dan in variant 2a.
Mevrouw FEUTH vraagt het verschil te duiden tussen de varianten 1b en 1b-accent. De heer SPRUIT had gerekend op betere tekeningen in de presentatie dan in het rapport en verzoekt de wethouder bij de commissiebehandeling op 18 of 19 oktober a.s. om tekeningen voor te schotelen waarop goed te zien is hoe verkeersstromen zullen gaan lopen. Wethouder VAN WOUDENBERG heeft begrepen dat vanaf maart 2022 op de gemeentewebsite een boekwerk over het project beschikbaar is. Hij zegt linken op de website naar alle tekeningen toe. De heer VAN DER GRAAFF geeft het verschil tussen de varianten 1b en 1b-accent aan. In variant 1b-accent zijn er twee rijstroken vanaf de Algerabrug tot aan het Capelseplein. In variant 1b is er slechts één rijstrook gedurende 500 meter tot de Schönberglaan. Mevrouw FEUTH vraagt of die extra baan wordt gecreëerd door de busbaan te laten vervallen. De heer VAN DER GRAAFF herhaalt dat er een extra rijstrook naast komt, wat betekent dat er een aantal meters asfalt bij komt. In de planuitwerking wordt ook gekeken om de busbaan te gebruiken als tweede rijstrook, waardoor de bus met het autoverkeer kan meerijden. Dan moet het wel zeker zijn dat die niet in een file vast komt te staan. Dat meerijden van de bus met het overige verkeer moet eigenlijk
Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer dinsdag 4 oktober 2022
Pagina:
4
kunnen, maar dat is nog wel een punt van discussie. Dat gegeven is nog te optimaliseren in de planuitwerking en wordt nog doorgerekend. Bij de aansluiting met de Ketensedijk wordt voor personenauto’s een baan gecreëerd, waardoor men ongelijkvloers zonder verkeerslichten op de wisselstrook terecht komt. Bij variant 2a zijn er twee maal twee rijstroken, waarvan de buitenste rijstroken bestemd zijn voor personenauto’s en de middelste rijstroken voor het vrachtverkeer. De link naar de plaatjes staat op Oeververbindingen.nl en heeft hij al een aantal keren gecommuniceerd. Die link zal hij nog een keer nasturen. Variant 1b staat daar wel op, maar variant 1b-accent niet. De heer SPRUIT wijst erop dat variant 1b-accent wel daadwerkelijk moet bestaan als daarvoor wordt gekozen. Wethouder VAN WOUDENBERG laat weten dat variant 1b-accent op het allerlaatste moment naar voren is gekomen en de doorstroming vanuit Krimpen naar de tunnel daarmee verbetert. De ‘accent’ zou een oplossing zijn voor een nog betere doorstroming. 1b-accent is als variant vastgelegd en door alle partijen onderbouwd en onderschreven. De VOORZITTER noteert dat als een toezegging. Vragen commissieleden De heer VAN GENT vernam van de heer Van der Graaff dat er bij één variant geen kruisend verkeer meer is vanuit de Stormpolder, maar meent dat er daar in principe altijd kruisend verkeer is naar Capelle toe.
De heer HEERENS begrijpt dat de fietsverbinding naar verwachting zorgt voor 5.800 fietsbewegingen per dag en 1.000 voertuigen minder per dag op de Algerabrug. Vervolgens heeft hij meegekregen dat de haalbaarheid van de verbinding extra onderzoek vraagt. Het vindt het nogal een boude stelling dat zulke veranderingen gaan plaatsvinden, temeer omdat er in de regio meer gebouwd wordt. Hij vraagt zich af hoe de conclusie dan getrokken kan worden dat er daadwerkelijk minder auto’s komen en mensen in zulke groten getale meer op de fiets zullen gaan. Mevrouw TIEMAN heeft in de media vanuit bewoners een vijfde variant vernomen en vraagt of daarover iets te zeggen is. Mevrouw FEUTH ziet op pagina 6 van het collegevoorstel staan dat alternatief 1b-accent het beste in de doorstroming scoort omdat ‘door het behoud van de wisselstrook er minder zware richtingen op de Grote Kruising in Krimpen met elkaar in conflict komen.’ Zij vraagt om uitleg van die zin. Ook op pagina 6 van het collegevoorstel staat dat er geen fietsoversteek meer tussen Kralingseveer en Fascinatio komt, maar mensen daar moeten gaan omfietsen. In de subsidievoorstellen van het Rivium, waarmee de raad akkoord is gegaan, staat juist dat er een brug komt die naast de shuttle zou moeten lopen en de Abram van Rijckevorselweg zou moeten oversteken. In het voorliggende plan staat echter dat er daarvoor geen geld er ruimte is.
Zij vraagt zich af hoe die twee zaken matchen. Verder informeert zij of de ongelijkvloerse drive-under van de Algeraweg richting Rotterdam een halfom richting Alexander wordt of een driekwart-om richting het Kralingseplein. Voorts is op alle tekeningen geschetst dat er een brug zou komen bij de Schönberglaan, bij de Blinkerttunnel, zodat daar het fietspad normaal zou doorlopen. Die burg ziet zij nergens meer terug. Ten slotte is zij benieuwd of de daar extra te creëren rijbaan invloed heeft op de brug. De heer KOLSTER heeft ook gevraagd om een MKBA, omdat de raad bij monde van de raadscommissie om een mening wordt gevraagd. Scenario 1b krijgt 4,3 als score, scenario 2a krijgt een score van 2,5 en scenario 2b krijgt de score van 1,4. De totstandkoming van die scores kan hij echter niet vinden, zodat hij ook geen goed advies kan uitbrengen. Daarom wil hij de onderbouwing van die scores eerder ontvangen dan het moment dat het bestuurlijk overleg MIRT besluit over wat er gaat gebeuren.
Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer dinsdag 4 oktober 2022
Pagina:
5
Zowel in de varianten 1b, 2a als 2b moet ook al het huidige sluipverkeer over de Algeraweg gaan, wat betekent dat het verkeer op die weg nog verder zal toenemen. Hij vraagt of de bewoners van De Rondelen en ’s-Gravenland erbij gebaat zijn dat de ontzettend drukke weg nog drukker zal worden, met mogelijk meer geluid tot gevolg. Een oplossing daarvoor zijn eventueel geluidsschermen. De stukken vermelden dat de geluidsnormen van 2008 niet mogen worden overschreden. Gebeurt dat wel, dan is dat een ontbindende voorwaarde. Dat interpreteert hij als dat de gemeente Capelle met terugwerkende kracht geen besluit zou hebben genomen. Als Capelle dan variant 1b-accent niet heeft willen kiezen, maar die wel wordt doorgevoerd, dan zal zij de inwoners van De Rondelen en ’s-Gravenland waarschijnlijk tegemoet komen met lagere decibellen via geluidsschermen. Hij is benieuwd wie er dan voor die geluidsschermen zal betalen: de gemeente zelf of de regio. De heer VLOT merkt op dat de stukken er al sinds maart jl. in deze vorm zijn, terwijl de variant 1baccent er pas enkele weken is. Hij vraagt welke feiten daaraan ten grondslag liggen en of de ongelijkvloerse kruising daarvan de reden is. Het persbericht van Krimpen vermeldt dat er ook één extra rijstrook op de brug zelf gecreëerd zou kunnen worden door een andere fietsverbinding tot stand te brengen.
Hij meent dat de gemeente Krimpen aan den IJssel namelijk ook een voorkeur zou hebben voor een fietsbrug, waardoor er op de autobrug zelf een rijstrook bij kan komen. Die extra rijstrook ziet hij echter niet terug en vraagt of die naar de toekomst toe al is meegenomen. De heer HARTOG heeft op eerdere plaatjes gezien dat er een verbetering van het fietspad van de Algeraweg naar Capelsebrug zou komen. Hij is bezorgd over de geluidseffecten van de extra rijstrook op De Rondelen en de financiële effecten daarvan. Hij is benieuwd wie die financiële effecten op zich neemt. De heer SPRUIT weet dat bewoners ook een model hebben aangeleverd. Zij dachten dat er zonder al te veel extra asfalt ook wel wat verbeteringen te realiseren zouden zijn. Hij vraagt of naar de uitvoerbaarheid daarvan is gekeken, met name de ondertunneling voor de fietsers, waardoor het autoverkeer op gelijkvloerse kruisingen het Capelseplein zou opgaan. Hij vindt het wenselijk voor het nemen van een besluit over de varianten 1b en 2a te weten of er asfalt bijkomt in de vorm van een extra rijbaan, plus eventueel de mogelijkheid van een brug over de Schönberglaan. Er worden namelijk woningen gebouwd op het Blinkertterrein, maar de te realiseren wegen komen daar wel erg dichtbij te liggen. Spreker wil weten wat die wegen betekenen voor de nieuwbouwplannen en of daarnaar voldoende is gekeken.
Als er niet zoveel vertraging meer in de spits is, is het de vraag waarom een bus over een asfaltbaan zou moeten beschikken. De fietsbrug ziet hij niet in variant 2a. Als het in de toekomst drukker wordt is het mooi als er ruimte overblijft voor geluidwerende voorzieningen en hij wil weten of die ruimte er is en welke beperkingen geluidswerende voorzieningen opleveren. Daarnaast is hij benieuwd waarvoor de gemeente Krimpen aan den IJssel heeft gekozen: vier rijstroken (variant 1b-accent) of drie rijstroken (variant 2a). Het persbericht van die gemeente zou namelijk ook kunnen duiden op vier rijstroken, wat minder goed aansluit. Variant 1b is goed voor Krimpen vanwege bevordering van de doorstroming en daarvan heeft Capelle meer last, maar hij wil de lasten gelijkmatig verdelen tussen Capelle en Krimpen. De heer OUDSHOORN stelt vast dat de vertrouwelijkheid van de stukken af is en vraagt hoe in de ochtendspits 3,5 minuut reistijd kan worden gewonnen. Mevrouw DEN ENGELSMAN sluit zich aan bij een aantal vragen van D66 en de ChristenUnie en vraagt wanneer het onderzoeksrapport naar leefkwaliteit te verwachten is. Zij wil verder weten of er bij de variant 1b-accent ten opzichte van variant 1b alleen de extra rijstrook erbij komt of er nog meer aanpassingen zijn. Spreekster is benieuwd of de fietsbrug bij de Blinkert en de Schönberglaan bij een extra rijstrook overeind blijft.
Vervolgens wil zij laten kijken welke kansen er zijn om het fietserstunneltje onder de Algerabrug, dat veel ergernis veroorzaakt, eventueel te vernieuwen. Het is namelijk nu een smerig en onveilig tunneltje en het is volgens haar wachten op de eerste ongelukken, die misschien al zijn gebeurd.
Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer dinsdag 4 oktober 2022
Pagina:
6
Daarna informeert zij welke maatregelen er bij het Kralingseplein zullen worden genomen. Er komt een afsluiting van de Ketensedijk en de Nijverheidstraat. Vanaf de Ketensedijk moet men dan via de Slotlaan of via een sluiproute door ’s-Gravenland rijden. Mogelijk kunnen de uitgevoerde verkeerstellingen op die locatie naar de commissie gezonden worden. Bij variant 1b is vermeld mogelijk terug te gaan naar een maximumsnelheid van 50 km per uur vanaf het Capelseplein tot aan de Beethovenlaan. Wellicht is het ook een oplossing om die maximumsnelheid door te trekken naar het Kralingseplein, vanwege de bouw van woningen in het Rivium. Tot slot informeert zij of er in het eerste kwartaal een goed beslisdocument kan komen met consequenties van gemaakte keuzen en welke maatregelen er eventueel zijn afgevallen. Wethouder VAN WOUDENBERG antwoordt dat de planning is dat er door de aanleg van de fietsbrug er 1.000 auto’s per dag minder over de Algerabrug rijden. In de uitwerkingsfase wordt dat verder doorgerekend, ook richting 2040. De fietsbrug bij het Vuykpark zal waarschijnlijk vooral nieuwe fietsers aantrekken, ook fietsers tussen Capelle en Krimpen. De fietsers die normaal gesproken over de Algerabrug rijden en richting Capelsebrug of Rotterdam gaan blijven gewoon over die brug fietsen.
Een aantal mensen zal de auto laten staan en zal rechtstreeks van Krimpen naar Capelle en vice versa gaan fietsen. De meeste mensen zullen echter de auto blijven gebruiken. De fietsbrug bij het Vuykpark is dus niet de brug die ervoor zal zorgen dat er duizenden auto’s van de Algerabrug af gaan. Mevrouw Feuth vroeg de zin op pagina 6 van het collegevoorstel over conflicterend zwaar verkeer te verduidelijken. De Algerabrug is een oude brug en is na renovatie nog dertig jaar te gebruiken. Die kan dus voorlopig nog blijven bestaan. De middelste banen zijn bestemd voor het vrachtverkeer. Als een zware vrachtauto voor de brug gaat kruisen naar de middelbaan heeft dat een stokkend effect voor het overige verkeer, waardoor het doorstroomeffect bij variant 2a minder gunstig is dan bij variant 1b, waar het verkeer zonder wisselingen gewoon door kan blijven rijden. Mevrouw FEUTH begrijpt dat de vermelding ‘minder zware richtingen’ het onderscheid betekent tussen zwaar verkeer en minder zwaar verkeer. Wethouder VAN WOUDENBERG weet dat niet exact. Wethouder VAN WOUDENBERG vervolgt dat de Capelse projectaanjagers anderhalve week terug hun uiteindelijke planvoorstel hebben ingediend, dat het college vanochtend heeft behandeld. Heel veel punten kunnen in de uitwerkingsfase meegenomen worden.
Projectaanjagers geven aan op drie banen op de rotonde van het Capelseplein te blijven rijden, terwijl het college daarbij gaat voor een tunnel die de doorstroming veel beter maakt. Een brief van het college gaat naar de Capelse aanjagers en gaat ook naar de commissie toe, zodat de commissie die op 19 oktober kan behandelen. De Schönberglaan krijgt een brug en die zit in de KTA-maatregelen. Nog niet bij de MIRT-beslissing in november, maar wel in de uitwerkingsfase is te zien of er een extra baan moet komen of de busbaan daarvoor gebruikt kan worden. Als er een extra baan komt schuift de brug iets op. MKBA betreft vertrouwelijke informatie en hij weet niet precies wanneer die beschikbaar komt. Hij wil bij de MRDH navragen of die informatie in vertrouwelijkheid voor de commissie beschikbaar te stellen is. Het college kiest voor scenario 1b-accent. De geluidsbelasting voor ’s-Gravenland en De Rondelen vindt het college van dusdanig belang dat de huidige geluidsbelasting als uitgangspunt wordt genomen bij de ontwikkeling van scenario 1b. Door het sluipverkeer overal weg te halen ziet men in grote delen van Capelle de geluidsbelasting minder worden, maar wordt het op de Algeraweg drukker, met als gevolg meer geluidsbelasting. Het uitgangspunt is echter dat er niet meer geluidsbelasting is voor ’s-Gravenland en De Rondelen.
Dat zal waarschijnlijk met de andere partijen nog tot discussies leiden. Variant 1b-accent is er lopende het proces in de ontwikkelingsfase bij gekomen. Het idee van een klein stukje een tweede baan erbij is in de afgelopen maanden ontstaan en leidt tot een betere doorstroming. Het verkeer hoeft dan niet meer te weven en uit elkaar te voegen, met meer tempo als gevolg. 500 meter extra asfalt zorgt voor een betere doorstroming van het verkeer. Hij vindt het een logisch toegevoegd accent. De extra baan is ook het enige dat de 1b-accent-variant inhoudt. De heer VLOT stelt dat het niet nodig hebben van de busbaan slechts proefondervindelijk kan worden aangetoond. De heer VAN DER GRAAFF reageert dat visiemodellen zijn gebruikt om aan te tonen of al dan niet files ontstaan en of de bus dan in die verkeersstroom mee kan rijden. Bij de keuze van een variant
Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer dinsdag 4 oktober 2022
Pagina:
7
wordt op basis daarvan weer opnieuw getekend. Een onderdeel daarvan zal zijn of de bus in het normale verkeer ongehinderd kan meerijden. Wethouder VAN WOUDENBERG vervolgt dat er twee tunnels komen. De eerste tunnel komt vanaf het fietspad bij de Schönberglaan, waardoor men rechtdoor kan blijven rijden. In de bewonerstekening staat er ook een tweede tunnel linksaf getekend, waardoor men bij de aldaar liggende restaurants uitkomt. Die tweede tunnel zit niet in het model, maar de eerste tunnel onder de Abram van Rijckevorselweg wel in variant 1b. De nieuwe brug in variant 2a komt aan de Rotterdamse kant naast de huidige Algerabrug te liggen. De gemeente Krimpen aan den IJssel heeft variant 1b-accent omarmd. Hij weet niet waar de geruchten over een extra baan vandaan komen, maar die zijn niet waar. De gemeenten Capelle en Krimpen zitten op dezelfde lijn en hebben met elkaar afgestemd over de beste oplossing. De drie gemeenten trekken gemeenschappelijk op. De heer SPRUIT vraagt wie uiteindelijk het besluit neemt of de busbaan al dan niet verdwijnt en of er een baan bijkomt, gezien het gaat om Capels grondgebied. De heer VAN WOUDENBERG denkt dat de raad een besluit daarover neemt bij de uitwerkingsovereenkomst via een zienswijze. In de planuitwerking met alle partijen wordt een definitieve variant in de uitwerkingsovereenkomst gezet.
De heer VAN DER GRAAFF laat weten dat de planuitwerking nog twee jaar gaat duren. Daarin zitten ook meer vragen, zoals over het al dan niet handhaven van een bomenrij, maar ook de vraag over de busbaan. Vanwege geld van zes partijen voor de gehele Algeracorridor wordt een besluit in gezamenlijkheid genomen. Eventuele verschillen in standpunten zijn misschien daarbij te overbruggen. Zeker komt het college over de planuitwerking nog een aantal keer naar de commissie terug, waarbij ook wordt gevraagd wat er met de input van bewoners gebeurt. De vraag is dan ook of de gereserveerde financiën passend zijn of dat er geld bij moet. Een aantal vragen is in het collegebesluit gedefinieerd. Vragen over het geluid en de busbaan moeten in de volgende fase uitgedetailleerd worden. In de planuitwerking zullen misschien nog aanpassingen aan het bestemmingsplan moeten plaatsvinden. Het bevoegd gezag is in dit geval de provincie. Voor de oeververbinding is dat de gemeente Rotterdam binnen de MIRT. De bestuursovereenkomst maakt veel duidelijker wie waarvoor verantwoordelijk is. De heer FEUTH begrijpt dat de tunnel die bij de restaurants uitkomt richting het Kralingseplein gaat en niet richting Rotterdam-Alexander. Wethouder VAN WOUDENBERG antwoordt dat er twee tunnels komen. De tunnel voor de auto’s gaat vanaf de Algeraweg naar links naar het Kralingseplein toe.
De fietstunnel gaat vanaf de Schönberglaan rechtdoor richting IJssellandziekenhuis. De tunnel richting Capelsebrug zit niet in deze planuitwerking. De Algeratunnel, waarover mevrouw Den Engelsman het had, vindt hij vooral gevaarlijk. Bij de definitieve uitwerking zal de meest logische structuur van fietspaden moeten worden uitgedacht. In elk geval worden fietsen volledig gescheiden van auto’s, zodat beide geen last meer van elkaar hebben. Het Kralingseplein zit niet in de MIRT, maar de A16 en de problematiek van het weven met de A15 wel. Door de weeffout is er nu een terugslag op het Kralingseplein. Men wil eerst het effect van de MIRT-beslissing op de A16 afwachten voordat men iets men het Kralingseplein gaat doen. Ondertussen heeft Capelle het Kralingseplein wel op de agenda gezet, omdat men daarmee wel iets moet doen. Dat heeft ook met de ontwikkeling van het Rivium te maken. Hij weet niet of er modellen zijn om een maximumsnelheid van 50 km per uur tot aan het Kralingseplein te laten gelden. De heer HEERENS leest dat ‘formeel juridisch het bevoegde gezag bij de provincie Zuid-Holland en de gemeente Rotterdam ligt voor alle projecten binnen de MIRT-oeververbindingen. De gemeente Capelle aan den IJssel heeft formeel alleen een adviserende rol.
Toch is door de vier initiatiefnemers afgesproken dat de drie Algeragemeenten meebeslissen op het punt van de Algeracorridor, omdat ze daar financieel aan bijdragen.’ Hij interpreteert dus dat de gemeente Capelle meebeslist op dat punt. Wethouder VAN WOUDENBERG meent dat de heer Van der Graaff dat ook heeft gezegd.
Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer dinsdag 4 oktober 2022
Pagina:
8
De heer VAN DER GRAAFF laat wat betreft de Grote Kruising in de presentatie zien dat er in variant 1b voor verkeer vanaf de Algerabrug naar de Nieuwe Tiendweg geen kruising is met het verkeer vanaf de Stormpolder en de Krimpenerwaard. In de varianten 2a en 2b is er bij de Grote Kruising wel sprake van een normale kruising. Vanuit de Krimpenerwaard en de Stormpolder moeten bewegingen kruisen, wat tijd kost. In variant 2a moeten in Krimpen vrachtauto’s met auto’s weven, wat opstoppend werkt en ook een groot verkeersveiligheidsaspect heeft (turbulentie) met een grotere kans op ongevallen. Het verkleinen van de kans op ongevallen is ook goed voor de doorstroming en het voorkomen van leed. Bij variant 1b is het belangrijk dat je rijdend in Capelle in de richting van Krimpen al de keuze maakt welke kant je op gaat. Op de Algeraweg moet dan bij variant 1b een bord komen te staan dat de wisselstrook open is. De heer VAN GENT vraagt waar verkeer naar Krimpen toe in Capelle dan kruist. De heer VAN DER GRAAFF antwoordt dat net na het Capelseplein de open wisselstrook wordt aangegeven. De ruimte voor wevend verkeer tussen het Capelseplein en de Algerabrug is veel groter dan de ruimte voor wevend verkeer aan de Krimpense kant. Vervolgens gaat hij in op de fietsbruggen. Er zijn twee soorten fietsbruggen.
Bij de varianten 1a en 1b wordt ook echt ingezet op de fiets, waarvoor iets extra’s wordt gedaan. Dat gebeurt met de fietsbrug bij het Vuykpark. In de varianten 2a en 2b wordt veel meer ingezet op het autoverkeer en is er dus geen sprake van een extra brug in de buurt van het Vuykpark. Bij variant 2a moet een nieuwe fietsbrug in het sluizencomplex worden gelegd. In de 1-varianten is er een extra brug in de buurt van het Vuykpark, waardoor het fietsverkeer veel meer te stimuleren is. Er zitten ook nadelen aan de variant 1b. Als men door het afkappen van de IJsselmondselaan daar niet meer als fietser kan komen moeten fietsers daar omrijden via de brug bij het Riviumviaduct of bij het tunneltje bij Capelsebrug. Het gaat om circa 200 fietsers per dag. Nu rijden er ongeveer 7.000 fietsers op de Algerabrug en op de dijken en richting het Capelseplein zijn dat er 2.000 tot 3.000. Het fietsverkeer bij de parkshuttle kan zonder verkeerslichten naar Capelsebrug en de metro gaan. Wat betreft de brug bij de Schönberglaan is in 2019 afgesproken ook op korte termijn maatregelen te nemen om de doorstroming te verbeteren. Het gaat dan om de zuidelijke fietsroute door ’sGravenland, een stalling en een fietsbrug bij de Schönberglaan. Waar precies die brug moet komen hangt af van de varianten 1a en 1b.
Bij de varianten 2a en 2b zijn er altijd twee rijstroken richting het Capelseplein, die op de brug worden doorgezet. In de ochtendspits duurt een autorit vanaf Krimpen naar Rotterdam 10 minuten. Op reistijden in diverse varianten wordt in de collegebrief nog teruggekomen. Mevrouw DEN ENGELSMAN vraagt of er nog de mogelijkheid is om vanaf de Ketensedijk of de Nijverheidstraat de Algerabrug op te rijden. Wethouder VAN WOUDENBERG weet dat bij de raadsbehandeling in Krimpen de vraag is gesteld of het mogelijk is om komend vanuit Krimpen af te slaan naar de Ketensedijk. De weg vanaf de Nijverheidstraat in de richting Krimpen is al afgesloten. Bij openstelling van die weg de andere kant op zou men heel veel vertraging en ook sluipverkeer krijgen, omdat mensen dan over de dijk willen gaan. Als men echter van de dijk een fietsstraat wil maken met de auto te gast moet je eigenlijk zo weinig mogelijk verkeer op die dijken hebben. Bij definitieve afsluiting zal er in de wijken geen sluipverkeer meer zijn. De heer VAN DER GRAAFF vult aan dat er in de definitieve planuitwerking nog wel ruimte is om de openstelling van de afslag naar de Ketensedijk te bekijken. Het heeft ook te maken met geluidhinder. Mevrouw DEN ENGELSMAN is blij met die ruimte, ook met de mogelijkheid om vanuit de Capelse kant vanuit de dijk de Algeracorridor op te kunnen.
De heer HEERENS komt nog terug op het bevoegde gezag en hoorde van de wethouder dat zes partijen over de voorkeursvariant besluiten, terwijl hij eigenlijk maar vijf partijen telt: de provincie ZuidHolland en de gemeenten Rotterdam, Capelle, Krimpen en Krimpenerwaard. Hij vraagt verder of de stem van de drie gemeenten net zo zwaar telt als die van de provincie of de gemeente Rotterdam.
Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer dinsdag 4 oktober 2022
Pagina:
9
Mevrouw TIEMAN vraagt hoe lang de omfietsroutes bij de IJsselmondselaan zijn en of de twee rijstroken van de Algerabrug naar het Capelseplein inclusief een extra rijstrook of inclusief de busbaan zijn. Mevrouw FEUTH wenst alle tekeningen digitaal beschikbaar hebben voor de commissievergadering. De heer VAN DER GRAAFF zegt dat toe. De heer VLOT vraagt of op bestuurlijk niveau ter sprake is gekomen dat de Stormpolder opnieuw ontwikkeld wordt, bijvoorbeeld met maritiem gerichte bedrijvigheid, die gepaard gaat met zwaar transport, een van de grootste veroorzakers van geluidsoverlast en belasters van de Algerabrug. De heer SPRUIT vraagt of het neerleggen van extra asfalt invloed zal hebben op de ontwikkeling van het Blinkertterrein, waarvan de woningen volgens hem allemaal al zijn verkocht. De heer OUDSHOORN weet dat de tunnel bij het Capelseplein maar één rijstrook telt, terwijl de weg van de Algerabrug naar het Capelseplein er twee telt. De heer VAN DER GRAAFF reageert dat in de variant 1b wordt uitgegaan van één rijstrook, die in principe voldoende zal zijn om het verkeer te verwerken. In de tunnel zitten een busbaan en een rijstrook. De heer OUDSHOORN constateert dat het argument dat er ook twee rijstroken de tunnel ingaan dan niet geldig is.
De heer VAN DER GRAAFF wijst erop dat de tweede rijstrook niet zozeer voor de tunnel is, maar vooral ter voorkoming van grote terugslag richting Krimpen. Twee banen bij elkaar voegen is eigenlijk een kiem voor congestie. Door een extra baan erbij te leggen kan men het verkeer wel mooi laten doorstromen. Een baan gaat de tunnel in en de andere baan gaat naar Capelle en de Alexanderlaan. Mevrouw DEN ENGELSMAN vraagt of de gemeente Capelle over het project nog in gesprek gaat met bewoners. Wethouder VAN WOUDENBERG geeft aan dat in het MIRT-overleg de drie Algera-gemeenten niet aanwezig zijn en bestaat uit de gemeente Rotterdam, de MRDH, de provincie en het ministerie. Als het gaat over de Algeraweg en de Algeracorridor doen de drie gemeenten Capelle, Krimpen en Krimpenerwaard mee in de besluitvorming. Welk belang en welke stem de drie gemeenten in het MIRTverhaal hebben weet hij niet. De heer VAN DER GRAAFF denkt dat dat punt aan de orde komt bij de bestuursovereenkomst. Als er een voorkeursalternatief voorligt moeten er afspraken komen over het proces, de financiën, wie de trekker wordt, evenals over een aantal juridische zaken. In totaal gaat het om zeven partijen. Rijkswaterstaat doet namelijk als eigenaar van de Algerabrug ook mee, maar betaalt niet mee. De omrijdbewegingen bij de IJsselmondselaan zijn in kaart gebracht, maar die zouden via Google Maps na te trekken zijn.
Mevrouw TIEMAN verontrust dat antwoord een beetje, omdat dan niet is uitgerekend hoeveel de extra fietstijd voor 200 fietsers is. De heer VAN DE GRAAFF legt uit dat in geval van variant 2a het ook nog een optie is om naar een busbaan te kijken of dat een extra rijstrook bijgelegd moet worden. In de verkeersmodellen is rekening gehouden met de verwachte bedrijvigheid en woningen in 2040, met daarin een speciale vrachtwagenmodule. Die wordt dan in de geluidsmodellen gestopt. Een rijstrook erbij kan, maar in de planuitwerking moet duidelijk zijn wat dat betekent, ook voor de Schönbergbrug. Het Blinkertterrein wordt als basis gebruikt om de Algeracorridor vorm te geven. Qua participatie vindt van 10 tot 14 oktober MIRT on tour door de hele regio plaats. Op 13 oktober is daarbij een dag voor Capelle gepland en rijdt er een bus door de wijken die langs de Algeracorridor liggen. Op die dag kunnen mensen van 10 tot 20 uur vragen stellen. Als projectleider is hij daar de gehele dag bij. Er is na het nemen van het besluit een formele inspraakprocedure waarbij mensen bezwaar kunnen maken op het voorkeursalternatief. De heer HARTOG vraagt of de gemeente Capelle nog aanvullende activiteiten organiserend aanvullend op de dag met de bus op 13 oktober a.s.
Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer dinsdag 4 oktober 2022
Pagina:
10
De heer VAN DER GRAAFF antwoordt dat de gemeente Capelle daarop niets aanvullends doet. Mevrouw DEN ENGELSMAN vraagt of de gemeente Capelle nog iets aan bewonersinfo zal doen. De heer VAN DER GRAAFF antwoordt dat op de gemeentelijke website wordt aangekondigd dat de dag van 13 oktober a.s. er is. De gemeente gaat zelf niet ook nog de wijken in. De heer SPRUIT vraagt hoe toekomstige bewoners worden benaderd zodat ze deel kunnen nemen aan het participatieproces. Wethouder VAN WOUDENBERG neemt die vraag mee en kan die over twee weken beantwoorden. Mevrouw FEUTH hoorde van de wethouder dat er in de uitvoeringsfase wel weer inspraakmomenten voor bewoners en omwonenden zullen zijn. De heer VAN DER GRAAFF antwoordt dat er in de verkenningsfase een heel participatietraject van drie jaar was, waarin heel veel informatie is uitgewisseld en waaraan mensen konden meedoen. Die fase is eigenlijk afgesloten. MIRT on tour is eigenlijk een kers op de taart. Bij de planuitwerking is er een nieuwe ronde en kan eenieder weer instromen. 4. Rondvraag Er zijn geen vragen. 5. Sluiting De VOORZITTER sluit te 21.55 uur de vergadering. Aldus vastgesteld in de vergadering van de commissie Stadsontwikkeling en -Beheer van 18 oktober 2022, de secretaris,
de voorzitter,