02.03 - conceptverslag cie SLE-SOB 250624 (19.30 uur)
Tekst van het document
Verslag van de gecombineerde vergadering van de commissies Samenleving en Economie en Stadsontwikkeling en -Beheer, gehouden op dinsdag 24 juni 2025, in de raadzaal, aanvang 19.30 uur. Aanwezig zijn als:
voorzitter:
de heer ing. P. Eilander;
volksvertegenwoordigers: de heer J. Frieser, raadslid Leefbaar Capelle; de heer drs. M.G. Jaliens, raadslid Leefbaar Capelle; de heer J.B.L. Kerver, raadslid Leefbaar Capelle mevrouw L.D. Poppe, raadslid Leefbaar Capelle; mevrouw L. Feuth, raadslid D66; de heer J.G. Stegeman, raadslid D66; de heer drs. S. van Loef, raadslid VVD; de heer prof. dr. M.W. van Buuren, raadslid SGP; de heer B.H.W. Oudshoorn, raadslid SGP; de heer E. Hartog, burgerraadslid GroenLinks; de heer drs. P. Heerens RC, burgerraadslid ChristenUnie; de heer drs. J. Visscher, burgerraadslid ChristenUnie; mevrouw J. den Engelsman, raadslid CDA; de heer drs. N.H. van Buren MCD, burgerraadslid CDA; de heer M.W. Vlot, raadslid SP; secretaris:
de heer drs. A.J.M.C. Schoenmakers;
portefeuillehouders:
de heer S. Geissler, wethouder; de heer D.B. van Woudenberg, wethouder;
ambtelijke ondersteuning de heer M. van Dijk; de heer M. Droog; notulist
de heer H. Veenstra (Notuleerservice Dictum).
Op de publieke tribune zijn bij aanvang van de vergadering 12 personen aanwezig. 1. Opening, mededelingen en vaststelling agenda De VOORZITTER opent de vergadering en heet eenieder van harte welkom. Hij deelt mede dat bericht van verhindering is ontvangen van mevrouw Monteiro da Veiga. Haar inbreng zal worden verzorgd door de fractie van GroenLinks. In verband met de door twee insprekers te leveren inbreng inzake de kinderboerderij, stelt hij voor de agendapunten 3 en 4 in omgekeerde volgorde te behandelen. Aldus wordt besloten. De agenda wordt vastgesteld. 2. Spreekrecht inwoners De VOORZITTER geeft achtereenvolgens het woord aan mevrouw Vos en de heer Twigt, die willen inspreken over de toekomst van de kinderboerderij Klaverweide. Mevrouw VOS: Geachte leden, aanwezigen in deze commissievergadering. Mijn naam is Marie-José Vos, ik ben bewoner van Bermweg 474 en eigenaar van B&B Au Berm Marie, recht tegenover het parkeerterrein van het Pannenkoekenhuis. Graag maak ik gebruik van het spreekrecht inzake de eventuele verhuizing van de kinderboerderij van de ‘s-Gravenweg naar de Bermweg. Wij waren wel verrast over de informatie over de voorgenomen verplaatsing. Op zichzelf hebben wij geen probleem met een kinderboerderij, maar wij zijn wel bezorgd over de extra verkeersoverlast en de gevaarlijke situaties die de komst van de kinderboerderij extra gaat veroorzaken.
Wij, de bewoners, hebben hiermee nu al dagelijks te maken en in de weekeinden nog extra. Na de recent aangescherpte parkeerregels – niet meer parkeren met twee wielen op de stoep – is het inderdaad veel veiliger voor de voetgangers, maar daardoor is de rijweg smaller geworden en zijn de verkeersopstoppingen, dus verkeersoverlast, fors toegenomen.
1728035/2045267
Behorende bij gecombineerde commissieverslag SLE/SOB, nummer: 1728035/2045267
pagina: 2 van 20
De overlast die wij ervaren bestaat hieruit: buiten veel normaal verkeer van vrachtwagens van de firma’s Kalkman en Van Wageningen, vuilniswagens, bezorgvrachten voor het Pannenkoekenhuis, aanvoer van stro en voer voor de manege, de strontafvoer vanaf de manege , leveranciers en klanten van Tegelhandel Boer, bezorgers van pakketten en het toegenomen autoverkeer uit de nieuwbouwwijk van Nieuwerkerk aan den IJssel, hebben we vooral in het weekend te maken met veel extra auto’s van mensen die het park, de speeltuin, een kerk, het volkstuinencomplex, Sparta, de waterspeeltuin en het Pannenkoekenhuis bezoeken. En nu komt het: iedereen, iédereen wil dichtbij staan en een mogelijkheid om allemaal dichtbij te staan is er niet. Je kunt op meerdere plekken je auto kwijt, maar dat wordt al gauw als te ver lopen ervaren. Als de kinderboerderij naar de Bermweg komt zal de beoogde parkeerplaats van de volkstuinvereniging op 325-400 meter afstand zeker met kleine kinderen als te ver ervaren worden. Heel begrijpelijk als je met kleine kinderen komt. Mensen gaan dan creatief parkeren, zoals wij dat nu al zien. Overal gaan ze staan. Dat is nu al een probleem en wij zijn er van overtuigd dat deze parkeeroverlast, en de onveiligheid die dat met zich brengt, alleen maar zal toenemen als de kinderboerderij zich vestigt aan de Bermweg.
Het probleem van de ‘s-Gravenweg wordt dan het probleem van de Bermweg. Wat wij als bewoners kunnen doen bij verkeersoverlast is bellen met Handhaving, maar dat kan alleen als het spoed is, en overlast is geen spoed en meldingen via social media worden vaak pas uren later opgevolgd als de overlast al achter de rug is, dus laten we het meestal na om alles te melden. Maar overlast leidt wel tot veel irritatie en onveilige situaties. Wij zouden u willen vragen om bij uw plannen bovenbeschreven parkeerproblemen en de verkeersveiligheid mee te nemen in uw besluitvorming. Waar wij als bewoners mee zouden zijn geholpen is - indien mogelijk - meer parkeergelegenheid, strenger controleren op parkeren op plekken die daarvoor niet zijn bedoeld, beter aangeven waar nog plekken beschikbaar zijn, meer invalidenparkeerplaatsen en bredere plekken maken voor mensen met kleine kinderen op de parkeerplaats bij het Pannenkoekenrestaurant. Hartelijk dank voor het luisteren en ik hoop dat u iets kunt doen om de parkeeroverlast voor de bewoners te beperken. De heer TWIGT: Goedenavond allemaal. Beste commissie, raadsleden en aanwezigen. De kinderboerderij. Misschien moet ik de commissie gelijk geven dat het het mooiste plekje is van Capelle. Ik ben de buurman van het perceel.
Vraag is alleen of dit voor een kinderboerderij de juiste plek is, met 60.000 bezoekers, voor de Bermweg een aantal dat er nog bij komt. Want er zijn meer dingen, door mijn buurvrouw ook al genoemd, maar ik wil wel ze toch nog even aanhalen: de volkstuinvereniging met meer dan 100 leden, dus 100 auto’s, het rugbyveld op zaterdag en zondag met meerdere auto’s, de paardenmanege met een paar honderd paarden. c.q. auto’s en aanhangers, en dan natuurlijk het Schollebos, waar het op zaterdag en zondag echt druk is. Afgelopen zaterdag bijvoorbeeld was het schitterend weer, het was zo druk dat de inrit van het Pannenkoekenhuis gewoon vol stond en dat niemand er in en uit kon, met als gevolg dat auto’s over het fietspad gingen rijden om uit het bos te komen. Er zijn echt te weinig parkeerplaatsen. Driehonderd meter verderop ligt inderdaad een parkeerplek van de volkstuinvereniging, die door de week bijna altijd leeg staat, maar op zaterdag en zondag is er een kerk, de Voorhof, die er op zondag twee keer gebruik van maakt. Het zijn dubbele diensten, om half negen de eerste, om half elf de tweede, om half drie nog een en om half vijf nog een. Op zaterdag en zondag is het er dus goed vol. Waar moeten we onze auto’s laten? Is er in Capelle nog een alternatief voor de kinderboerderij? Ik denk het wel. We hebben Oeverrijk, die als bouwlocatie is afgeschreven.
Volgens de gemeenteraad moet er een ecologisch centrum komen. Als het goed is, zijn daarvoor plannen in de maak. Er liggen vijf weilanden. Als daar een ecologisch centrum wordt gemaakt, waarom wordt er dan niet een kinderboerderij bij gemaakt, met parkeerplaatsen via de ingang van de Kanaalweg? De ingang en de inrit liggen er al, de parkeerplaatsen nog niet. De ingang voor de fiets via de ’s-Gravenweg, die door Veilig Verkeer Nederland is aangewezen als fietsroute. Ik denk dat dat echt een mooie plek is. Alternatief 2 is nog steeds blijven waar we zitten, maar er is dan geen bestuur meer en de renovatie kost best heel veel geld. En dan is er nog een laatste optie. Kom eens langs bij mij, wethouder. Ik ben de buurman, ik weet van niks en moet het in de krant lezen. Ik vind dat niet zorgvuldig. Twintig jaar geleden hebben we het verhaal van de ijsbaan gehad. Er is toen een rechtszaak geweest tegen de gemeente, die werd gewonnen door de bewoners van de Bermweg. Gaan we het nu weer proberen? Dank u voor uw aandacht. De VOORZITTER zegt de insprekers dank voor hun bijdrage.
Behorende bij gecombineerde commissieverslag SLE/SOB, nummer: 1728035/2045267
pagina: 3 van 20
4. Toekomst Kinderboerderij Klaverweide Mevrouw DEN ENGELSMAN dankt de insprekers voor hun bijdragen, die door het CDA zeker zullen worden betrokken in de beraadslagingen. De persberichten beziende die al zijn uitgegaan over de kinderboerderij, zou je bijna concluderen dat het al beklonken is en dat de raad met de rug tegen de muur wordt geplaatst. Het CDA vindt dat niet kies en had wat meer terughoudendheid verwacht bij het college, zeker omdat hierover nog een besluit moet worden genomen in het licht van de ombuigingen. Het ontwerpbesluit bevat een zevental punten waarover een uitspraak wordt gevraagd. Het CDA zou zich wellicht nog kunnen vinden in de punten die betrekking hebben op het verplaatsen van de kinderboerderij, maar heeft grote moeite met de punten 5, 6 en 7, waarin ook al wordt gevraagd een besluit te nemen over de kavel ’s-Gravenweg, meteen een bestemming wordt aangegeven als zorgwoningen en de twee velden die ernaast liggen er eveneens bij worden betrokken, temeer daar in dit geval op voorhand zeer beperkte kaders worden gesteld. Zoals gebruikelijk bij eigen grond in Capelle, wordt daarvoor een plan opgesteld en daarvoor bestaan verschillende instrumenten, bijvoorbeeld een kavelpaspoort waarin de gemeente mensen uitnodigt, ontwikkelaars en Capelse inwoners die wellicht iets zouden willen met die plot. Want wellicht zijn er nog andere initiatiefnemers.
Zo kreeg het CDA zondagavond een brief van een Capelse inwoner die een droom heeft, dezelfde droom als de bewoners van de Poortmolen: wonen met elkaar, denk bijvoorbeeld aan een Knarrenhof. Waarom zouden deze inwoners die met goede plannen komen geen kans worden gegeven boven een ontwikkelaar? Het CDA zou dan ook graag willen voorstellen om de punten 5, 6 en 7 eruit te halen, dat op een andere manier te gaan invullen en er op een ander tijdstip een goed besluit over te nemen Wat de insprekers aangaven over het parkeren is haar ook opgevallen. Ze komt regelmatig bij het Pannenkoekenhuis en ziet dan vaak het kleine parkeerplaatsje helemaal vol staan. Daarvoor zullen een aantal maatregelen moeten worden genomen, want als de kinderboerderij daar wordt gerealiseerd, moet er iets aan de verkeersproblematiek worden gedaan. De afstand van 300 tot 400 meter kan wellicht best ver zijn voor kleine kinderen, maar als de weg erheen op een bepaalde manier wordt ingericht, zou het toch aantrekkelijk kunnen zijn om er ook met kinderen langs te lopen. Denk maar aan de route die er is in het Schollebos, langs de kunstwerken of het kabouterbos. Wat betreft de bomen, verheugt het de fractie dat nog een bomeneffectrapportage zal worden uitgebracht. Het verheugt haar voorts dat de huuropzegging van het educatieve gebouw voorlopig is ingetrokken.
Al met al is de fractie blij dat de kinderboerderij ondanks de ombuigingen behouden kan worden. Wel hoopt zij dat er een goed uitgewerkt plan komt voordat hierover een besluit wordt genomen. De heer HEERENS betoogt dat de kinderboerderij past bij de gemeente Capelle aan den IJssel en er wat de ChristenUnie betreft sowieso moet komen om kinderen in contact te brengen met boerderijdieren en de natuur en het bieden van educatieve en recreatieve mogelijkheden. Ook ontmoeting en sociale interactie zijn daarbij belangrijk, wat ook plaatsvindt bij de kinderboerderij. De fractie begrijpt de keuze vanuit de continuïteit van het bestuur dat onder druk staat, het achterstallig onderhoud en ook de parkeerproblemen bij de huidige locatie. In het verlengde van de bijdrage van de insprekers vraagt de ChristenUnie zich wel af of er geen parkeerproblemen zullen ontstaan. Specifiek vraagt zij aandacht voor de Voorhof, voor de kerkgangers van met name de late zondagmorgen- en de middagdiensten. Tenslotte nog een vraag over de efficiencyslag die genoemd wordt van € 125.000. Hoe denkt de wethouder dit te realiseren? De heer HARTOG benadrukt dat een stad als Capelle een boerderij nodig heeft, niet voor de lol, of als hobby, maar opdat de kinderen kennis kunnen blijven maken met natuur en dieren, dat ze leren dat melk van de koe komt en niet uit de fabriek.
Het liefst zou GroenLinks de huidige locatie behouden, die direct gekoppeld is aan het dorpse Capelle, aan een weg waar die boerderijdieren ooit echt zaten en waar nog steeds genoten kan worden van het slagenlandschap. Bovendien is het een plek waar veel bezoekers en ook de vrijwilligers hun hart aan verpand hebben. Helaas bleek al in het begin dat de huidige locatie een lastige is voor de kinderboerderij. Met name het parkeren op de ’s-Gravenweg is altijd erg problematisch geweest en levert meer en meer problemen op. Nu er ook zaken bij komen in het eigenaarschap, zoals de grond met het gebouw voor natuureducatielessen, wordt deze locatie voor de Klaverweide nog wat moeilijker. Al eerder is gesproken over het verplaatsen van de kinderboerderij naar een andere locatie binnen Capelle, zoals bijvoorbeeld het Schollebos, maar dat heeft ook z’n nadelen: een verhuizing naar het Schollebos neemt ruimte weg in het bos. Er zouden weliswaar minder problemen zijn met parkeren, maar na de insprekers gehoord te hebben, is hij wel benieuwd naar de reactie van de wethouder daarop.
Behorende bij gecombineerde commissieverslag SLE/SOB, nummer: 1728035/2045267
pagina: 4 van 20
Het opzetten van een nieuwe kinderboerderij kost vanzelfsprekend ook veel geld. Uit eerste onderzoeken blijkt dat het behouden van de huidige locatie bijna even duur is als een compleet nieuwe kinderboerderij en bovendien kan in dat geval de locatie aan de ‘s-Gravenweg verkocht worden. In het stuk staat dat de opstallen eigendom blijven van de gemeente. Hopelijk worden dan de problemen met het eigenaarschap voorkomen, zoals die nu zijn voorgekomen bij Klaverweide. Blijkens het stuk zou de huidige subsidie vanuit de subsidieregeling milieueducatie op den duur wegvallen. Anderzijds staat in het stuk dat het onderhoud van de nieuwe kinderboerderij door de gemeente gedaan wordt. Het deel dat bedoeld is voor het beheer van de dieren zou dan door een derde bekostigd moeten worden. Hoe denkt de wethouder hiervoor een derde partij warm te kunnen maken? Bij het voorstel van het CDA om de punten 5, 6 en 7 van het ontwerpbesluit in heroverweging te nemen, sluit GroenLinks zich graag aan. Namens de PvdA meldt hij dat deze fractie blij is dat het voortbestaan van de kinderboerderij gewaarborgd blijft. De kinderboerderij is niet alleen een plek voor dieren, maar ook een belangrijke sociale ontmoetingsplek in de gemeente. De PvdA kijkt dan ook uit naar een zorgvuldige en betrokken uitvoering van het plan. Daarbij zijn nog een aantal vragen gerezen.
Hoe wordt geborgd dat de omwonenden van de nieuwe locatie aan de Bergweg vroegtijdig en goed meegenomen worden in het participatietraject? Kan de wethouder toezeggen dat ook vrijwilligers en bezoekers van de huidige kinderboerderij een stem krijgen in het ontwerp en de invulling van de nieuwe locatie? Hoe wordt voorkomen dat er een gat valt in de educatieve functie van de kinderboerderij tijdens de verhuizing? Wat zijn de belangrijkste criteria voor de selectie van een nieuwe beheerder? Hoe wordt de continuïteit van de zorg voor de dieren gegarandeerd? Hoe zal de nieuwe kinderboerderij bijdragen aan de sociale functie in de wijk en aan natuur- en milieueducatie? Zal er ook ruimte zijn voor kwetsbare doelgroepen, zoals mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, om actief te blijven op de nieuwe locatie? De heer VLOT toont zich blij verrast door wat nu toch nog mogelijk lijkt te zijn, vergeleken met wat eerder in al dan niet besloten vergaderingen ter sprake is gekomen in verband met ombuigingen. Het mag wat kosten, maar dan heb je ook wat, zou hij namens de SP willen zeggen, zoals hij overigens wel vaker doet. De insprekers zegt hij dank voor hun bijdragen, waarbij hij zich aansluit bij de vraag van één van hen hoe het met de participatie is gesteld. Eerder was hij al in de materie gedoken, toen het erop leek dat de kinderboerderij opgedoekt zou worden.
Hij vroeg zich af wat er dan zou moeten gebeuren: die grond verkopen en dat monument? Want, en dan sluit hij zich meteen aan bij het CDA: het is mooi en aardig om dan gelijk een klein tussensprintje te houden, maar een globale en summiere invulling van de plot en misschien ook wel van het zo dierbare gebouw, dat ooit nog eens een burgemeesterswoning had kunnen zijn, een hele mooie plek aan de ’s-Gravenweg, gaat hem wel aan het hart. In beginsel staat de SP positief tegenover het behoud van de kinderboerderij, waarbij ze ook nog een redelijke kans ziet om de huidige locatie te gelde te maken en te exploiteren, waarmee iets zou kunnen worden bijgedragen aan de financiën van de gemeente. Van belang is dan wel duidelijkheid te scheppen met de partijen die daar iets willen gaan doen, zodat ze niet, zoals wel vaker voorkomt, heel recent nog, weer een blauwtje lopen omdat de belangen van andere partijen de voornemens die de gemeente heeft om het allemaal mooi soepel te laten lijken, spaak laten lopen. Daarover zal nu absoluut zekerheid verkregen moeten worden. Er kan een hoop aan de Bermweg, maar je moet er wel heen en je moet er ook weer weg en zo ruim is het daar ook niet met aan- en afvoer. Dat zijn de wrijvingen en de wrevels die nu leven bij de omwonenden en daar moet echt aandacht voor zijn.
Bij de herinrichting van bijvoorbeeld de ’s-Gravenweg vonden de bewoners het niet nodig om het langsparkeren te verbieden. Nou, aan de Bermweg, waar een fietsstrook ligt, wordt continu langsgeparkeerd op de fietsstroken bij de wegversmallingen, dus dan moet je die bewoners wel een beetje meekrijgen en een bewustzijn creëren. De bezoekersaantallen van de kinderboerderij staan bijna gelijk aan het inwonertal van de gemeente. Zelf is hij ook zo'n inwoner geweest die daar weleens kwam. Als de kinderboerderij behouden kan worden en de gemeente er beter van wordt, zegt hij geen nee, ook al past ze perfect waar ze was, alle schaalvergroting in de gemeente meegenomen. Daarnaast de mogelijkheden die eerder al door collega's genoemd zijn, de invulling qua bebouwing. Denk eens aan de Poortmolen en aan de Knarrenhof, maar dan op een betaalbaarder niveau. Daar zit de gemeente ook op te wachten. Gooi het niet allemaal weer op leuk, het past in het plan en het mag wat kosten: laat het toegankelijk blijven, de kinderboerderij, de bewoning, de bebouwing op de locatie Laat het toegankelijk blijven voor alle Capellenaren, want daar gaat het nu toch om: de Capelse gemeente betaalbaar houden in de toekomst.
Behorende bij gecombineerde commissieverslag SLE/SOB, nummer: 1728035/2045267
pagina: 5 van 20
De VOORZITTER verzoekt de heer Vloot tot een afronding te komen. De heer VLOT hoopt dat de wethouder er blijk van kan geven dat oog zal worden gehouden voor alle Capellenaren en niet alleen opportunistisch gedacht zal worden dat het even goed uitkomt. Want een stichting die zegt bedrijfsmatig bezig te zijn met zeven werknemers: waar is het ondernemersplan van een kinderboerderij dan, als het wel in het sentiment wordt gegooid dat een stichting het moeilijk heeft als bedrijf met zeven werknemers? Dan heeft de gemeente daar toch bij gestaan, en dan moet wel even goed worden gekeken wat de levensvatbaarheid van een kinderboerderij precies inhoudt, en vooral wat de betekenis is voor de gemeenschap van Capelle. De heer VAN BUREN vraagt of de heer Vlot na deze bijdrage concludeert dat het beter is de punten 5, 6 en 7 beter niet in het besluitstuk op te nemen. De heer VLOT zegt blij te zijn dat het CDA die punten in deze bespreking betrekt en is van mening dat de besluitvorming daarvan waarschijnlijk beter losgekoppeld kan worden van de vraag over het voortbestaan van de kinderboerderij in z’n algemeenheid. De heer OUDSHOORN moet zeggen dat de SGP zich na het vrij lange traject dat met de Klaverweide is doorlopen wel wat overvallen voelt door wat nu voorligt.
Met het CDA is de fractie het geheel eens dat de verkoop van de gronden en de verplaatsing van de kinderboerderij niet in één stuk behoren te worden gegoten. Voorts vraagt hij zich af waarom het college met de gemaakte keuze nu al in de media staat. Welk doel is daarmee gediend? Het voelt onbehoorlijk en als een ondermijning van de behandeling hier en de behandeling van alle bezuinigingsvraagstukken. Waarom is bewust niet even twee weken gewacht met dit mediaoptreden? Het voorgenomen plan om de kinderboerderij te verhuizen en te proberen de oude opstallen en gronden maximaal te verkopen ziet de SGP als een kille opbrengstmaximalisatie, die men niet op die manier zou moeten willen. Door meteen ook maar de bestemming te veranderen van weidegrond naar woonbestemming, wordt weer een stukje volgebouwd op de ‘s-Gravenweg. Dat wilde men toch landelijk houden en dan kan dit toch niet de bedoeling zijn? Ook het behoud van het monumentale pand loopt door deze keuze ernstig gevaar. Net als het CDA stelt de SGP voor de punten 5 t/m 7 los te trekken van het besluit om te verhuizen. Eerst zal het besluit over de verhuizing moeten worden genomen, uiteraard na de besluitvorming over de bezuinigingen, pas daarna zal de kaderstellende discussie moeten plaatsvinden en een eventueel gebiedspaspoort moeten worden vastgesteld voor de betrokken kavels.
Een ander punt: hoe kan het rijksmonument op de ’s-Gravenweg worden behouden? Het is een niet strategisch object in eigendom van de gemeente en hoe wordt daarmee omgegaan? De teksten die bijgevoegd zijn baren hem zorgen. Daarin valt te lezen dat men kans ziet om het achterhuis te slopen en dat een en ander nog niet is besproken met de erfgoedcommissie. Hoe kunnen nu op deze manier stukken aan de raad voorgelegd worden? Hoe denkt de wethouder zelf over het behoud van monumentale panden in Capelle? Als een ontwikkelaar dit koopt en het even vijf of tien jaar verwaarloost, volgt direct het besluit om te slopen, omdat het pand helaas niet meer te redden is en zo komt de gemeente van haar monumenten af. De SGP mist ook een goede onderbouwing waarom het blijven geen goede optie zou zijn. Natuurlijk zit er een onderbouwing bij: het kost een hoop geld en het lokaal dreigt verloren te gaan, maar als in de plannen meteen al wordt voorgesteld om de weidegronden om te turnen naar bouwgrond, waarom zou die weidegrond dan ook niet de bestemming kinderboerderij kunnen worden gegeven en daar een stukje parkeerruimte mooi vormgegeven en een nieuw educatief lokaal en andere opstallen georganiseerd? Dan zou men daar kunnen blijven. Is dat op die manier ook bekeken? Met de nieuw voorgestelde locatie moet nog steeds ruim 300 meter gelopen worden.
Ook nu is het ongeveer 300 tot 400 meter lopen naar de kinderboerderij. Dat kan mooi opgelost worden door er een soort belevingspad van te maken, maar dat kan nu toch ook vanaf de Purmerhoek? Al met al is de SGP kritisch over de keuzes die nu voorgelegd worden, niet over het behoud van de kinderboerderij, laat dat ook duidelijk zijn, maar over de keuze, de onderbouwing, het momentum en de manier waarop dit nu wordt voorgelegd. De heer VAN BUUREN vervolgt namens de SGP met de SLE-kant van het verhaal. Na het lezen van de stukken was hij echt verdrietig. Af en toe vond hij het bijna stuitend te lezen hoe argumenten die wel zouden gelden voor het verbouwen of opknappen van de kinderboerderij niét zouden gelden voor de verkoop c.q. nieuwbouw op die plaats, zoals bijvoorbeeld de monumentale status. Hij vindt het echt ongekend dat in een ambtelijk advies openlijk wordt gesproken over de kans om een deel van een rijksmonument te slopen.
Behorende bij gecombineerde commissieverslag SLE/SOB, nummer: 1728035/2045267
pagina: 6 van 20
Hij vindt dat heel raar en ook een buitengewoon verkeerd signaal dat een gemeentebestuur hiermee afgeeft aan haar inwoners. Vervolgens is het niet mogelijk om een parkeerterrein te realiseren op een weide, want dat zou in strijd zijn met de huidige ruimtelijke kaders, maar het zou wel mogelijk moeten zijn om er woningen te realiseren. Ook dat is heel merkwaardig en een buitengewoon fout signaal richting de inwoners. Enerzijds lijkt het al heel opportunistisch dat argumenten die voor het opknappen wel zouden gelden blijkbaar niet gelden voor het verkopen en het veranderen van de bestemming, ook de manier waarop hier gesproken wordt over de vraag hoe met een rijksmonument moet worden omgegaan, vindt hij buitengewoon zorgwekkend. Voorts citeert hij de volgende passage: “Voor het hoofdgebouw geldt namelijk dat we een kans zien om het achterste deel van de oude boerderij te slopen en te verbouwen tot een nieuw multifunctioneel verblijf met ruimte voor het CNME en het personeel.
In zo'n plan zou het nieuwe moderne achterhuis via een onder architectuur ontworpen verbinding vastgemaakt worden aan het voorhuis.” Zal nu de activiteit van het Centrum voor Natuur- en Milieueducatie wel worden voortgezet op de locatie aan de ‘s-Gravenweg, ook al verhuist de kinderboerderij, of is hier gewoon sprake van een slordige fout? Waar de subsidie aan het Centrum voor Natuur- en Milieueducatie kan worden afgebouwd, zoals hier te lezen valt, roept dat sowieso de vraag op hoe zich dat nu eigenlijk tot elkaar verhoudt en welk besluit hier eigenlijk impliciet wordt genomen over de activiteiten van dit centrum. Als de continuïteit van het centrum nu een probleem vormt, omdat die locatie straks niet meer beschikbaar is, hoe kan het dan zijn dat in hetzelfde stuk word gepleit voor het afbouwen van die activiteiten? Ook dat is een merkwaardige inconsistentie. Als alle aspecten naast elkaar worden gezet, is het maar de vraag welke optie het beste scoort. Financieel ontlopen de twee opties elkaar niet zo heel erg veel. De gemeente rekent zich nu rijk met een btw-voordeel, maar dat zal nog moeten blijken.
Als de gemeente zelf verantwoordelijkheid neemt voor het opknappen van de kinderboerderij, een mooie cultuurhistorische kavel aan de Bermweg weet te sparen, verantwoordelijkheid neemt voor het eigen rijksmonument en voorkomt dat een of andere private ontwikkelaar daar straks iets anders gaat doen, lijkt het blijven op de huidige locatie ook cultuurhistorisch de beste optie. En zojuist zijn allerlei twijfels geuit over het parkeren, wat misschien net zo problematisch is aan de Bermweg als straks aan de ‘s-Gravenweg. Hij is daarom heel erg benieuwd hoe de multicriteria-analyse er eigenlijk uitziet. Verspreid door de stukken heen wordt soms een argument voor deze en soms een argument voor de andere optie genoemd, maar hij zou wel eens een helder overzicht willen hebben van alle aspecten die in deze afweging een rol spelen en niet alleen het financiële, en dat is nota bene ook nog eens heel beperkt en moet maar worden afgewacht of het inderdaad een besparing zal blijken te zijn. Merkwaardig is ook dat een krediet van 4,1 miljoen euro wordt aangeraamd, terwijl het niet zeker is of de btw zal worden terugontvangen.
En is het eigenlijk wel verstandig om nu een besluit over verplaatsing van de kinderboerderij te nemen, terwijl eigenlijk nog geen zicht bestaat op de continuïteit ervan? Moet er niet eerst een partij zijn die bereid is de kinderboerderij te exploiteren alvorens te besluiten een kinderboerderij te gaan bouwen? Het voorstel om een zelfstandige afweging te maken over de herbestemming van de ‘s-Gravenweg onderschrijft de SGP van harte. Dat kan echter niet in één besluit worden meegenomen. Het vereist een zorgvuldige discussie in de raad over de voor- en nadelen en hoe wordt omgegaan met de huidige ruimtelijke kaders die voor de ‘s-Gravenweg gelden. Het lijkt nu alsof een verhuizing een oplossing is voor bestuurlijke continuïteit, maar dat lijkt hem zeer merkwaardig. Waarom zou je deze twee discussies verbinden? Geef eerst zekerheid over de beschikbaarheid van een derde partij om de kinderboerderij te kunnen exploiteren alvorens een besluit tot nieuwbouw te nemen. De heer VAN LOEF wil na deze kritische geluiden van de beide heren naast zich een wat positiefkritischer verhaal ten beste geven. Het dossier over de toekomst van Klaverweide dat vanavond gepresenteerd wordt bestaat minimaal uit drie delen: het monument dat achtergelaten wordt, de intentie om zorgwoningen te realiseren en het onderzoek naar de twee weides.
Het verheugt de VVD in ieder geval dat Klaverweide een toekomst heeft met dit voorstel. Het college is nu eindelijk voortvarend aan de slag gegaan, maar dat betekent natuurlijk niet dat je onzorgvuldig moet zijn; dat is hij geheel met zijn buren eens. Hij noemt in dit verband het parkeren. Is daar wel goed onderzoek naar gedaan? Zoals iedereen weet, is het parkeren aan de ’s-Gravenweg bij de kinderboerderij nu gewoon gevaarlijk. Dat er een parkeeroplossing moet komen, ook op de nieuwe locatie, moge duidelijk zijn. Ook op de fiets kun je er overigens perfect naartoe, maar veel ouders met kinderen gaan graag met de auto en die willen het liefst voor de deur, misschien zelfs wel ín de kinderboerderij parkeren. Hetzelfde zie je bij het onderwijs en misschien moet een oplossing ook wel in die richting worden gezocht, in de vorm van een kiss & ride zone.
Behorende bij gecombineerde commissieverslag SLE/SOB, nummer: 1728035/2045267
pagina: 7 van 20
Blijkens de stukken vindt in deze fase nog geen participatie plaats. Naar hij heeft begrepen, is wel gesproken met de werkgroep Vrienden Schollebos, hartstikke goed, maar waarom is niet al eerder contact gelegd met de nieuwe buren? De heer VAN BUUREN vraagt of de heer Van Loef het niet met hem eens is dat een betere onderbouwing voor het parkeren, waarvoor deze terecht heeft gepleit, nodig is voordat een besluit wordt genomen over verhuizing, om te voorkomen dat aan de Bermweg precies dezelfde problematiek ontstaat als aan de ’s-Gravenweg. De heer VAN LOEF is het ermee eens dat daarnaar een onderzoek dient te worden ingesteld. Tegelijkertijd is hij van mening dat het niet slechter kan dan in de huidige situatie. Momenteel zijn er op verschillende plekken plukken parkeergelegenheden en de truc wordt om dat op een goede manier te gaan begeleiden. Hij is echter geen parkeerdeskundige en laat dat graag aan het ambtelijk apparaat over. De heer VAN BUUREN zegt van de insprekers te hebben begrepen dat het probleem met name op zondag erg groot is vanwege de kerkdiensten die dan ook plaatsvinden. Is het voor de VVD ook een begaanbaar pad om de kinderboerderij op zondag te sluiten, zodat er in ieder geval voldoende parkeercapaciteit voor de kerk is? De heer VAN LOEF repliceert dat naar zijn mening beide mogelijk moet zijn. Na de verhuizing van Klaverweide resteert een monument.
Met zijn collega’s is hij het geheel eens dat daarmee heel zorgvuldig zal moeten worden omgegaan. Voorts is gesuggereerd om op de twee weides woningen neer te zetten. In het besluit wordt gewag gemaakt van een onderzoek ter zake. Zijns inziens mag best wat explicieter worden ingegaan op de vraag wat dat onderzoek behelst. Al met al spreekt hij de hoop uit dat in Capelle in ieder geval een kinderboerderij behouden kan worden. Mevrouw DEN ENGELSMAN vraagt hoe de VVD staat tegenover het voorstel om de punten 5, 6 en 7 uit het ontwerpbesluit te schrappen. De heer VAN LOEF antwoordt dat hij daarover nog eens even moet nadenken. De heer STEGEMAN zegt de beide insprekers dank voor hun bijdrage. Daarbij moet het hem meteen van het hart dat hij het nogal raar vindt dat niemand van de gemeente even bij de buurman langs is geweest. Mevrouw Den Engelsman deelt hij mede dat ook D66 van mening is dat over de punten 5, 6 en 7 van het ontwerpbesluit niet nu besloten moet worden. Dat er iets gaat gebeuren, is prima, maar wat het gaat worden en om daar meteen een andere bestemming aan te hangen, is te voorbarig. Een vraag rest D66 nog betreffende het bedrag van 360.000 euro aan personele kosten, overeenkomend met 5 fte. Gezien de ombuigingen, pleit hij ervoor te onderzoeken of daarin niet een besparing mogelijk is. Uitgaande van 5 fte, zouden bijna 4 mensen per dag daar aanwezig zijn.
Misschien kan eens worden onderzocht of mensen op vrijwillige basis daar iets willen doen. De heer FRIESER betoogt dat de kinderboerderij al jarenlang een geliefde plek is in Capelle aan den IJssel, niet alleen voor kinderen en gezinnen, maar ook voor scholen, maatschappelijke organisaties en vrijwilligers. Leefbaar Capelle hecht grote waarde aan het behoud van deze voorziening. Het is voor de fractie een belangrijk streven om deze waardevolle plek niet alleen te behouden, maar ook toekomstbestendig te maken. De mogelijke verplaatsing naar een nieuwe locatie biedt volgens haar ook kansen voor verbetering. De nieuwe plek is beter bereikbaar en veiliger voor bezoekers, wat de toegankelijkheid vergroot en de educatieve functie van de kinderboerderij blijft behouden, zodat scholen en andere instellingen hier kunnen blijven leren over natuur, duurzaamheid en dierenwelzijn. Leefbaar Capelle realiseert zich dat hier kosten mee gemoeid zijn. Toch acht zij deze investering verantwoord. Het gaat niet alleen om een kinderboerderij, maar om een multifunctionele voorziening met een brede maatschappelijke waarde. Bovendien levert de verkoop van de huidige locatie aan de ‘s-Gravenweg inkomsten op, wat bijdraagt aan een evenwichtige financiering van het geheel.
Aanvankelijk had Leefbaar Capelle geen vragen meer willen stellen, maar na de inbreng van de insprekers is alsnog een vraag gerezen, en wel of er creatieve mogelijkheden zijn om het parkeerprobleem aan te pakken, of is anders een toezegging mogelijk om hiernaar op korte termijn onderzoek te doen, met als doelstelling de parkeersituatie te verbeteren?
Behorende bij gecombineerde commissieverslag SLE/SOB, nummer: 1728035/2045267
pagina: 8 van 20
Tot slot. Wat Leefbaar Capelle betreft is hier sprake van een investering in educatie, dierenwelzijn en leefbaarheid van de stad, die zij van harte ondersteunt. Wethouder GEISSLER zegt de insprekers en de fracties dank voor de geleverde bijdragen. Hij stelt zich voor eerst een algemene toelichting te geven en daarna in te gaan op de punten die door de verschillende fracties zijn aangedragen. Vanavond staat een voorstel op de agenda dat veel Capellenaren aan het hart gaat: de toekomst van kinderboerderij Klaverweide, een plek die al vijftig jaar generaties verbindt met dieren, met natuur en met elkaar. Het voortbestaan van deze plek staat onder druk en daarom ligt nu een zorgvuldig uitgewerkt voorstel voor waarin de wens om Klaverweide te behouden wordt gecombineerd met toekomstbestendigheid, betere bereikbaarheid en nieuwe kansen voor educatie en recreatie. Voor het college is duidelijk dat een besluit nu nodig is. Er wordt al vijftien jaar over gesproken, sindsdien zijn allerlei onderzoeken uitgevoerd en de laatste onderzoeken zijn nu afgerond. In 2020 zijn nog onderzoeken uitgevoerd door Twijnstra Gudde en daar moet nu echt een punt achter worden gezet. Uitstel is geen optie omdat er serieuze knelpunten spelen.
Het bestuur van de Stichting Klaverweide heeft aangegeven dat zij haar taken wil overdragen aan een externe partij en dat zij in ieder geval haar taken wil neerleggen omdat het haar boven het hoofd groeit en te zwaar is. Dat is geen legitieme reden om te spreken over verplaatsing, om meteen de vraag van de heer Van Buuren te beantwoorden, maar in het kader van de bezuinigingen en ombuigingen waar de gemeente voor staat, is het wel een heel logisch moment om te bepalen of met een kinderboerderij verder kan worden gegaan of niet. Het overdragen van de stichting, en de constructie die daaronder zit, zou mogelijk ook al plaatsvinden voordat sprake is van verplaatsing naar een nieuwe locatie, omdat het stichtingsbestuur heeft aangegeven richting het einde van het jaar haar taken te willen overdragen. De heer VAN BUUREN vraagt of hij goed begrijpt dat het enkele feit dat het huidige bestuur nadenkt over stoppen geen reden is om deze discussie te versnellen of überhaupt het besluit tot verplaatsing te nemen. Wethouder GEISSLER repliceert dat wel degelijk sprake is van een raakvlak, in die zin dat, als de gemeente nu een keuze wil maken voor Klaverweide, naar het totaalpakket gekeken zal moeten worden, dus ook naar de organisatie en naar de toekomstbestendigheid van de locatie. Op basis daarvan worden dan vervolgkeuzes gemaakt.
Als de raad met de kinderboerderij zou willen stoppen, is dit daarvoor het moment, want als de gemeente op de huidige locatie, of op een nieuwe locatie, een meerjarig contract sluit met een partij aan wie het beheer wordt gegund, heeft ze daarmee te dealen. De heer VAN BUUREN concludeert dat het besluit om door te gaan, dan wel te stoppen, sterk samenhangt met de vraag of er een bestuur is of niet, maar dat de vraag wáár de activiteit vervolgens wordt uitgevoerd losstaat van de vraag met welke partij dat vorm wordt gegeven. Wethouder GEISSSLER bevestigt dat. De onderhoudskosten van de huidige locatie lopen op. De komende jaren is circa € 575.000 nodig – geld dat de stichting niet heeft –, niet alleen voor het voorhuis, dat onlangs een nieuwe rieten kap heeft gekregen en een monumentaal pand is waar de gemeente heel zuinig op is, maar ook voor de omliggende stallen; er moet bijvoorbeeld een stalvloer vernieuwd worden en er moeten ook allerlei andere zaken worden uitgevoerd. en dan heeft hij het nog niet eens over de gewenste verblijfsruimte voor de dieren. Een deel van de grond en opstallen van de kinderboerderij is eigendom van een particulier investeerder, die kortgeleden de huur heeft opgezegd. Naar aanleiding daarvan is een gesprek gevoerd met de beste man, waarin ook is aangegeven dat gedacht wordt aan verplaatsing.
Op basis daarvan heeft de man aangegeven zelf ook nog wat plannen te willen uitrollen op diens gedeelte van de kavel, wat ook niet van vandaag op morgen geregeld zal zijn, en dan kan de kinderboerderij gedurende die periode nog gebruikmaken van de huidige locatie. De heer VLOT voelt zich wat overvallen door deze mededeling. In een eerdere bespreking heeft hij begrepen dat de gemeente, de stichting en onder andere Pameijer belanghebbenden zouden zijn. Is er nu nog een andere partij die uit de penibele situatie van de kinderboerderij een slaatje denkt te kunnen slaan? Wethouder GEISSLER legt uit dat het hier gaat om de naastgelegen kavel waarop een zorgcomplex is neergezet. Ten tijde van de verkoop door de gemeente aan die partij, in 2015, is ook een gedeelte meeverkocht aan opstallen en gronden die op dit moment nog worden gehuurd en in gebruik zijn door de kinderboerderij. Die huurovereenkomst is opgezegd en daaraan wordt ook gerefereerd in de stukken.
Behorende bij gecombineerde commissieverslag SLE/SOB, nummer: 1728035/2045267
pagina: 9 van 20
Ook de bereikbaarheid komt verder onder druk te staan, mede als gevolg van de herinrichting van de ’s-Gravenweg, die meer een straat zal worden waar ook fietsen gepromoot wordt. Iemand die vanuit het tunneltje naar de ’s Gravenweg moet zal ook nog langs de ’s-Gravenweg moeten lopen, waar straks veel meer fietsverkeer zal zijn, en de vraag is hoe veilig dat is. Kortom, als er niets wordt gedaan - en dat is een gezamenlijke opvatting van zowel het bestuur van de kinderboerderij als het college - zal de kinderboerderij verdwijnen en dat wil men niet. Dan de locatiekeuze. Zorgvuldig is onderzocht of vernieuwing op de huidige locatie mogelijk is. Dat kan inderdaad, maar per saldo tegen hogere kosten en met veel onzekerheden, zeker ook als in ogenschouw wordt genomen dat de huidige kavel, die op dit moment maatschappelijk gebruikt wordt, verkocht zou kunnen en misschien wel zou móeten worden, gegeven het huidige beleid, waarvan het uitgangspunt is dat wat niet langer wordt aangewend voor maatschappelijk gebruik afgestoten zal worden. Dat zou ook zonder tussenkomst van de gemeenteraad kunnen.
Zou men echter op die locatie ook woningbouw willen toestaan, dan moet natuurlijk de bestemming worden gewijzigd en wordt daarop bij de gemeenteraad teruggekomen, zonder oplossing voor parkeren overigens en gelet op het gesprek met de eigenaar van enkele opstallen dan ook zonder Centrum voor Natuur- en Milieueducatie en met een breuk tussen de twee huidige weides, want de buurman zit met diens kavel tussen de twee weides van de Klaverweide in. Aan de andere zijde van de ‘s-Gravenweg hebben ze nog een weide en die is natuurlijk nu ook al niet echt één geheel met de kinderboerderij, maar als die buurman de huur opzegt, rest nog zo'n kleine doorgang tussen beide kavels dat daarmee de kinderboerderij eigenlijk ook om zeep is. Nieuwbouw in het Schollebos biedt juist veel voordelen: meer ruimte voor de dieren en de bezoekers, betere bereikbaarheid voor de hele stad, geen verhuizing en dus geen langdurige sluiting. Het is de bedoeling dat het Centrum voor Natuur- en Milieueducatie gewoon doorgaat op de huidige locatie en dat pas sprake is van verhuizing als de nieuwe locatie klaar is, zodat het eigenlijk geruisloos door zou kunnen gaan. Zou de huidige locatie worden aangepakt en daar worden uitgevoerd wat in het programma van eisen staat, dan betekent dat ook dat die locatie gedurende zo'n verbouwing een tot twee jaar zal moeten sluiten.
Financiële ondersteuning van externe partijen wil hij ook nog even noemen. In het afgelopen jaar zijn gesprekken gevoerd met externen, die hebben aangegeven wel interesse te hebben om mee te investeren in verplaatsing naar de Bergweg, maar zeker niet op de huidige locatie. Door de insprekers zijn vooral zorgen tot uitdrukking gebracht over het parkeren, wat alleszins logisch is. Daarom is hieraan ook nadrukkelijk aandacht geschonken in de verkenning. De kinderboerderij krijgt in ieder geval parkeerplekken op het eigen terrein voor personeel en leveranciers en voor bezoekers zijn op deze locatie veel meer parkeerpockets beschikbaar van waaruit naar de kinderboerderij toegeleid zou kunnen worden. Dat is niet alleen de parkeerplaats bij de Voorhof, bij de volkstuinen, en ook niet de parkeerplaats die meestal vol staat bij het Pannenkoekenrestaurant, daarnaast zijn er ook nog twee parkeerplaatsen die ruimte bieden om bezoekers toe te leiden naar de kinderboerderij. Al met al bieden op dit moment voldoende ruimte voor de bezoekers van de kinderboerderij. Voorts worden creatieve oplossingen verkend om één of meer parkeerterreinen te verbinden. Mevrouw Den Engelsman had het over een kabouterpad en dat is inderdaad iets wat ook bekeken wordt.
In het kader van de verkeersveiligheid hoeft daar geen weg overgestoken te worden als er netjes in de parkeerpockets wordt geparkeerd, want dan kan met wandelpaden naar de kinderboerderij toe worden volstaan, wat een stuk veiliger is. Kortom, verwacht wordt dat het parkeren kan worden opgelost binnen de bestaande structuur, zonder extra parkeerdruk voor omwonenden en bij de verdere uitwerking van het ruimtelijk plan zal daarnaar ook nadrukkelijk worden gekeken. Zodra de politiek een besluit neemt, wordt een nadere uitwerking gemaakt met schetsontwerpen voor bebouwing in het terrein. Op dat moment wordt ook in kaart gebracht hoe de leidingen liggen, wat de ecologische gevolgen zijn, welke verkeer- en parkeereffecten mogelijk zijn en hoe dat dan moet worden opgelost. Dat is eigenlijk wat in de ruimtelijke procedure die hierna volgt aan bod komt. Daar zal dan ook een onderzoek onder liggen waar de heer Van Loef naar vroeg en dat komt dan ook uitgebreid terug. Op dit moment ziet het college dit als de beste locatie om de kinderboerderij naar te verplaatsen. De participatie, het betrekken van de bewoners en de gebruikers hierbij, is essentieel. Daarom wordt bij de uitwerking van het ontwerp gestart met een zorgvuldig participatietraject.
De onderzoeken die zojuist zijn genoemd worden uitgevoerd en stap twee is het opstarten van het participatietraject met de omwonenden, maar ook met de vrijwilligers en de belanghebbenden. Dat gaat dan over de inrichting van de nieuwe kinderboerderij. Het college is van mening dat over de locatiekeuze zelf geen participatie hoeft plaats te vinden, omdat er maar één realistische locatie is, t.w. het Schollebos. Alle andere opties, zoals het Hitland, maar ook de bestaande locaties die zijn onderzocht, vallen af om inhoudelijke, financiële of praktische redenen.
Behorende bij gecombineerde commissieverslag SLE/SOB, nummer: 1728035/2045267
pagina: 10 van 20
De heer VAN BUREN vraagt of de locatie-Oeverrijk als een van de opties is onderzocht en, zo ja, hoe die is afgewogen tegen de locatie waarop het college nu is uitgekomen. Wethouder GEISSLER repliceert dat de locatie Oeverrijk ooit wel een keer ambtelijk ter sprake is gebracht, maar dat de raad eerder duidelijk heeft aangegeven daar geen bebouwing te willen. Ook qua parkeeroplossingen en aanvoer naar de kinderboerderij is deze locatie minder geschikt en daarom destijds niet meegenomen in het locatieonderzoek. Het verplaatsen van de kinderboerderij kost € 4 miljoen, wat minder is dan het renoveren op de huidige plek door de btw-teruggave en de verkoop van de huidige locatie. Beheer en onderhoud worden waarschijnlijk efficiënter en goedkoper omdat straks een nieuw pand zal verrijzen waarvoor een plan van onderhoud zal worden opgesteld en waarvoor ook duurzame materialen worden gebruikt. De gemeente heeft dan een verschil bij te passen van € 125.000. Mevrouw Engelsman gaf aan wat meer terughoudendheid van het college te hebben verwacht. Het college heeft gemeend dit voorstel naar buiten te moeten brengen omdat er duidelijkheid was. Een collegevoorstel wordt altijd gepubliceerd, wat betekent dat ook de pers het op het spoor komt, want via de perspost krijgen zij anderhalve week na het collegebesluit de stukken toegestuurd, en dan kun je maar beter zelf de regie in handen hebben.
Er is expliciet bij vermeld, ook in de persberichten, dat het aan de raad is om hierover een besluit te nemen en dat het een wens is van het college om het te doen. Een ander argument van het college om dit nu al te presenteren is dat het ook iets terug wil doen voor de stad. Er moet bezuinigd worden en er zullen pijnlijke keuzes moeten worden gemaakt. Met de kinderboerderij en de sporthal meent het college iets terug te kunnen doen voor de stad. Met de heer Heerens is hij het eens dat het parkeren in relatie tot de Voorhof goed bekeken zal moeten worden. Bij het inrijden van de Bermweg kan op een slimme manier inzichtelijk worden gemaakt waar de parkeergelegenheid is, zodat men meteen naar de juiste locatie kan worden geleid. Als iemand zich daar niet aan houdt en de auto op een verkeerde plek neerzet, is het altijd aan Handhaving om daar iets mee te doen. De heer Heerens had voorts een vraag over de efficiencyslag ad € 125.000. In werkelijkheid is die wat lager, namelijk € 75.000, en dat is te realiseren door creatiever om te gaan met een aantal zaken die nu veel onderhoud vergen. Als er nu een storm is, is er een onderhoudsman in dienst die alle dakpannen weg moet leggen en die eigenlijk continu bezig is met het onderhoud van alle gebouwen en het extra onderhoud dat boven het planmatig onderhoud normaal gesproken moet worden uitgevoerd.
Daarin kan echt een flinke slag worden geslagen. Wat ook meespeelt in dit geval is dat de huidige locatie qua technisch vernuft bepaald te wensen overlaat. Alles wordt handmatig gedaan en er worden emmers met water gesjouwd, terwijl het elektronisch gestuurd kan worden als het goed wordt aangepakt; het water wordt dan naar de dieren geleid, wat gewoon tijd scheelt en mogelijkerwijze ook menskracht. De inzet van vrijwilligers is ook een belangrijke. Dankbaarheid is op z’n plaats voor de vrijwilligers die op dit moment hun werkzaamheden daar ontplooien: een grote groep, die meehelpt om de kinderboerderij in Capelle in de lucht te houden en daarvan zal zeker gebruikgemaakt moeten blijven worden. Ook het personeel is zeker belangrijk om de structurele inbedding van de kinderboerderij in Capelle te waarborgen; zonder personeel lukt het niet. Verder wordt met andere partijen, onder andere de verbonden partijen die er zijn, onderzocht of die warm kunnen lopen voor het beheer van een kinderboerderij. Op dit moment verlopen die gesprekken best wel positief. De huidige subsidie wordt eigenlijk lump sum overgemaakt aan het bestuur van de kinderboerderij. Opdrachten zullen voortaan niet meer worden gegeven op basis van subsidieverstrekking, maar op basis van een opdrachtverstrekking aan een externe partij.
De heer VAN BUUREN vraagt of de subsidie zal worden afgebouwd, zoals in het stuk wordt gesuggereerd. Wethouder GEISSLER licht toe dat de suggestie is dat de kinderboerderij in de huidige vorm mogelijk juridisch gaat fuseren met de nieuwe entiteit. Dat is nog allemaal onderwerp van onderzoek. Die entiteit zou dan ook weer een stichting moeten opzetten, wil een fusie überhaupt mogelijk zijn. Het is ook mogelijk dat de stichting haar taken beëindigt en alles overdraagt aan die andere partij, waarna de gemeente vervolgens de opdracht verstrekt aan die andere partij. De heer VAN BUUREN blijft even haken op het feit dat in het stuk de suggestie wordt gewekt dat op een gegeven moment de subsidie voor cultuur- en milieueducatie wordt afgebouwd. Is dat een slip of the pen, of is dat inderdaad het streven en blijft dan het aanbod gelijk?
Behorende bij gecombineerde commissieverslag SLE/SOB, nummer: 1728035/2045267
pagina: 11 van 20
Wethouder GEISSSLER zet uiteen dat de subsidie wordt gestaakt als de gemeente stopt en overgaat naar de andere partij, die ook de natuur- en milieueducatie op zich gaat nemen. Daarmee blijft naar het oordeel van het college het voorzieningenniveau intact en moet de efficiencyslag door die organisatie gevonden worden. De vraag is of dat gaat lukken, maar daarbij zal de gemeente ook zeker een vinger aan de pols houden. De heer VAN BUUREN neemt aan dat de zinsnede over een nieuw multifunctioneel verblijf met ruimte voor het CNME en het personeel aan de ’s-Gravenweg dan waarschijnlijk een verschrijving is. Wethouder GEISSLER bevestigt dat in het programma van eisen rekening is gehouden met een multifunctionele ruimte in het hoofdgebouw, waar nu het CNME is gehuisvest in de Hooischuur, die onder druk staat en waar de eigenaar ook van af zou willen. Als de hele boel verbouwd zou worden, zou het in theorie kunnen in het nieuwe hoofdgebouw, al zou dan mogelijk afbreuk worden gedaan aan het monumentale karakter, wat hijzelf onwenselijk zou vinden. De heer VLOT vindt het positief dat de dienstverlening van de kinderboerderij gecontinueerd kan worden. Hij meent echter gelezen te hebben dat, zelfs als ermee gestopt zou worden, de subsidie aan de huidige stichting niet in één keer beëindigd zou kunnen worden. Het huidige stichtingsbestuur wil ermee stoppen.
Houdt dat in dat in de afbouwperiode ook nog extra subsidie verleend moet worden aan de nieuwe exploitant van de kinderboerderij? Wethouder GEISSLER erkent dat subsidies juridisch gezien afgebouwd dienen te worden, maar als gezamenlijk tot de conclusie wordt gekomen dat het van de ene partij overgaat naar de andere, en dat door beide partijen wordt gesteund, maakt hij zich daar geen zorgen over en is dat ook de insteek van het college. De heer Hartog informeerde naar de plannen van de wethouder ten aanzien van het eigendom op de nieuwe locatie. Het zou betekenen dat de gemeente eigendom blijft van de gebouwen en ook van de kavel aldaar en dat dus een partij wordt gevraagd om de boel te gaan beheren, zodat problemen als nu op de huidige locatie voorkomen kunnen worden. De heer Hartog maakte ook een opmerking over de kavels. Eerder heeft hij al iets gezegd over het hoofdgebouw en de kavels, de losse weides langs de ‘s-Gravenweg die in eigendom zijn van de kinderboerderij en van de gemeente, zijnde de weide aan de ‘s-Gravenweg naast de kinderboerderij, als het ware aan de overzijde, die als quarantaineweide wordt gebruikt. Die weides worden op dit moment gebruikt door de kinderboerderij en de vraag is wat daarmee moet gebeuren. In de visie Landelijk Capelle die de raad heeft vastgesteld staat dat die kavels eigenlijk onbebouwd zouden moeten blijven.
Er is natuurlijk ook een wens voor woningbouw vanuit de gemeenschap. Het college heeft niet vooruit willen lopen op een nadere discussie en het onderzoek dat hiernaar zou moeten worden uitgevoerd. Pas op dat moment kan echt een besluit worden genomen over wat er met die weides moet gebeuren. De heer HARTOG concludeert hieruit dat het verwerken van de winst op de verkoop van het pand en de kavel in het jaarresultaat van het jaar van overdracht, zoals in de gevraagde beslissingen staat, dan in ieder geval prematuur is. Wethouder GEISSLER roept hiervoor de steun van de ambtelijke assistentie in. De heer VAN DIJK verduidelijkt dat de verkoop van de kavel niet zozeer het onderwerp is als wel de vraag wat de bestemming gaat worden. Bekend is waarschijnlijk dat het een monumentaal pand betreft. Het monumentale deel van het pand is de voorzijde, daterend uit 1650. Het achterhuis is uit 1900. Omdat de voorkant monumentaal is, is de achterzijde dat ook, maar dat betekent niet dat alles dezelfde monumentale waarde heeft. Omdat op de kavel een optimale mix van functies wordt gezocht en de ruimte beperkt is, is onderzocht hoe het achterhuis goed kan worden ingevuld. Nagegaan is of daarvoor nieuwbouw in aanmerking komt. Formeel is nog niet afgestemd met de Rijksdienst Cultureel Erfgoed, maar natuurlijk is wel gevraagd of dit wel eens voorkomt en het antwoord luidde bevestigend.
Een architect die hierover is geraadpleegd heeft ernaar gekeken; het desbetreffende stuk is bijgevoegd en er zijn ook wat sfeerbeelden bij gedaan. Kort gezegd komt het erop neer dat een en ander op die locatie heel lastig zou zijn in te passen. Door de gemeente is ook bezien wat er kan gebeuren met het pand dat overblijft. Een publieksfunctie lijkt lastig, vanwege het verkeer op dat punt. De logische volgende stap is dan om over te gaan tot verkoop, waarbij verkoop voor wonen het meest logisch lijkt.
Behorende bij gecombineerde commissieverslag SLE/SOB, nummer: 1728035/2045267
pagina: 12 van 20
De heer VAN BUUREN bespeurt een discrepantie tussen de beslispunten 5 t/m 7 en de opmerking van de wethouder dat deze daarop niet vooruit wil lopen. Genoemde beslispunten lopen daar namelijk wel op vooruit, waarbij zelfs de intentie wordt uitgesproken om de bestemming wonen toe te staan. Is de wethouder het met een meerderheid van deze commissie eens dat het beter en zuiverder is om over de beslispunten 5 t/m 7 later separaat een fatsoenlijke discussie te voeren? Wethouder GEISSLER zegt het daarmee niet eens te zijn. Waar hij op doelde waren de weides. Het college wil niet vooruitlopen op de vraag hoe met die weides dient te worden omgegaan. Het pand is op dit moment maatschappelijk vastgoed. Het beleid voor maatschappelijk vastgoed dat niet als zodanig gebruikt wordt, is dat het wordt afgestoten. Op het terrein staan allerlei stallen en andere bebouwing en het zou een hele logische stap zijn om na te gaan of daar dan een woonbestemming is te realiseren. Dat is de reden waarom het hier vermeld staat, ook om een deel van de kosten uiteindelijk te drukken en via de algemene reserve weer terug te laten vloeien. De continuïteit voor dieren is geborgd, maar ook voor personeel, want bezien zal worden of de instanties die straks het beheer overnemen ook het personeel zouden kunnen overnemen.
Daarop zal echt worden ingezet en dat geldt ook voor de kwetsbare doelgroepen waarvoor de PvdA aandacht vroeg. Pameijer vervult er nu bijna dagelijks vrijwilligerswerk en onderhoudt een gedeelte van het terrein. Het zou heel mooi zijn als dat ook op de nieuwe locatie terug kan komen. Met de heer Oudshoorn is hij het geheel eens dat het belangrijk is monumentale panden te behouden. Het betreft hier een rijksmonument en die monumentale status zal er niet zomaar van af gaan. 300 meter lopen: dat is echt wel een verschil bij de ’s-Gravenweg, vanaf de Purmerhoek gezien. Het heeft te maken met de behoorlijke fysieke barrière tussen de Purmerhoek en de locatie aan de ’s-Gravenweg. Je moet eigenlijk eerst drie kilometer omrijden voordat je bij die locatie bent, vervolgens moet je nog een tunneltje doorsteken, pas dan moet je nog een straat oversteken met je kinderen en dan ben je bij de kinderboerderij, en dan moet je ook nog weer terug. In het kader van de verkeersveiligheid en ook die fysieke barrière wordt dat niet levensvatbaar geacht. Het btw-krediet opnemen terwijl nog geen zicht bestaat op de continuïteit daarvan: de gemeente behoudt het eigendom van de kinderboerderij en zal een verbonden partij aanzoeken die het beheer gaat doen. Op die manier zou voor deze constructie gekozen kunnen worden en dat is ook waar alles op gericht is op dit moment.
Naar zijn mening is het ook de goede volgorde om nu al een krediet aan te vragen. Er is al heel veel krediet verspild aan allerlei onderzoek en nu is het eindelijk een keer goed gedaan en is het ook klaar. Voor het vervolg is eveneens krediet nodig, ook een voorbereidingskrediet, en dan is de raad aan zet. Gevraagd is of bestuurlijke continuïteit niet een voorwaarde is voordat hierover een besluit kan worden genomen. Eerder is al aangegeven dat gezocht wordt naar een oplossing en dat die oplossing binnen handbereik lijkt. Het is dan ook een logisch gevolg om dit allemaal integraal te behandelen. Volgens hem staat nu nog één vraag open, die hij had willen behandelen toen hij werd geïnterrumpeerd. Natuurlijk had ervoor gekozen kunnen worden om de omwonenden al van tevoren te informeren, maar er zullen nog twee participatiemomenten komen, zowel aan de voorkant straks van het ruimtelijke traject als na het afronden van het eerste gedeelte van het ruimtelijke traject als een besluit wordt genomen. Dan volgt ook nog een officiële zienswijzeprocedure en normaal gesproken is het ook niet zo dat meteen aan de voorkant allerlei gesprekken gevoerd worden en deze participatie al wordt opgestart, zeker niet nu de gemeente al duidelijk één locatie voor ogen heeft. Tweede termijn De heer VAN BUREN telt eerst de belangrijkste knoop van dit debat: de raad is voor behoud van de kinderboerderij.
Over de vorm kan wellicht nog van mening worden verschild, maar voor de ombuigingsdiscussie is dit wel een heel belangrijk punt. De heer Van Buuren voegde met diens opmerking over het cultureel en historisch erfgoed een belangrijk punt toe: de zorgtaak die de gemeente heeft om dat te bewaken. Helaas is in de afgelopen decennia gebleken dat daarmee niet altijd even zorgvuldig is omgegaan. Daardoor ontstaat bij de raad soms ook enige vermoeidheid. Op onderdelen van zo'n complex kan dat wat minder belangrijk zijn. Het ooit gemaakte toegangshek van de Klaverweide heeft natuurlijk niet dezelfde historische waarde als het pand uit 1650, ook al is dat toegangshek ooit door zijn vader bij de sociale werkplaats in elkaar gelast. Wat hem een zucht ontlokte was de wijze waarop de wethouder tot de conclusie kwam: het moet aan elkaar gekoppeld worden, want als dat niet gebeurt, is het het vastgoed dat wordt afgestoten en daarmee is de discussie af. Hij vindt dit wel een heel kortzichtige manier van beleid uitvoeren. Iedere plek is gevoelig en dat betekent ook dat over de punten 5, 6 en 7 op een later moment een beslissing kan worden genomen, omdat niet meteen de dag nadat het besluit gevallen is en het pand voldoet aan het stuk vastgoed dat normaliter wordt afgestoten, die handeling ook wordt uitgevoerd.
Behorende bij gecombineerde commissieverslag SLE/SOB, nummer: 1728035/2045267
pagina: 13 van 20
Hij kan moeilijk geloven dat op zo’n kordate manier gehandeld zal worden, zeker nu in de gemeenteraad zoveel zorgen zijn uitgesproken over de manier waarop met dit complex dient te worden omgegaan. Mevrouw DEN ENGELSMAN haakt in op wat de wethouder iedere keer zei over het beheer van derden. Welke derden zijn dat dan? In Krimpen aan den IJssel wordt de kinderboerderij beheerd door Promen. Is dat ook iets voor Capelle? De heer HEERENS geeft te kennen dat de beslissing over de punten 5, 6 en 7 in het ontwerpbesluit ook de ChristenUnie wat te snel gaat op dit moment. De fractie is er dus voorstander van om die punten te schrappen. De heer HARTOG doet het goed dat iedereen in de raad de kinderboerderij wil behouden. Wat betreft de volgorde van de verschillende stappen, heeft hij de wethouder horen zeggen dat de eerste keuze het besluit is om verder te gaan met de kinderboerderij, voorts de keuze van de locatie en dan het issue van het beheer van de kinderboerderij. Daarna volgen de punten 5, 6 en 7 en daarbij wordt gezegd dat het de wens is gemeentelijk vastgoed af te stoten. Voordat iets in de verkoop kan worden gegooid, zal zijns inziens echter ook bekend moeten zijn waarvoor het gebruikt kan worden.