02.02 - conceptverslag cie SOB-SLE 02-12-2025
Tekst van het document
Verslag van de vergadering van de commissies Stadsontwikkeling en -Beheer en Samenleving en Economie, gehouden op dinsdag 2 december 2025 in de raadzaal van het gemeentehuis, aanvang 19.30 uur Aanwezig zijn als: voorzitter
:
de heer ing. P. Eilander;
volksvertegenwoordigers :
de heer J. Frieser, raadslid Leefbaar Capelle; de heer drs. M.G. Jaliens, raadslid Leefbaar Capelle; mevrouw J.W. Lauw-Schouten, raadslid Leefbaar Capelle; de heer F. Patty, raadslid Leefbaar Capelle; mevrouw L. Feuth, raadslid D66; de heer J.G. Stegeman, raadslid D66; de heer M. de Jong, raadslid VVD; de heer drs. S. van Loef, raadslid VVD; de heer prof. dr. M.W. van Buuren, raadslid SGP; de heer B.H.W. Oudshoorn, raadslid SGP; de heer H.T. Verhoef, burgerraadslid SGP; de heer E. Hartog, burgerraadslid GroenLinks; de heer drs. P.C. Heerens RC, burgerraadslid ChristenUnie; de heer drs. J. Visscher, burgerraadslid ChristenUnie; de heer drs. N.H. van Buren MCD, burgerraadslid CDA; de heer M.W. Vlot, raadslid SP;
secretaris
mevrouw drs. C.M.J. van Adrichem;
:
Ambtelijke ondersteuning :
de heer M. van Gils, strategisch adviseur ruimtelijke ontwikkeling; de heer D. Keers, beleidsadviseur sociaal domein
portefeuillehouder
:
de heer R. van Hemert, wethouder;
notulist
:
de heer H. Veenstra (Notuleerservice Dictum).
Bij aanvang van de vergadering zijn op de publieke tribune 3 personen aanwezig. 1. Opening, mededelingen en vaststelling agenda De VOORZITTER opent de vergadering en heet eenieder van harte welkom. Bericht van verhindering is ontvangen van mevrouw Den Engelsman van het CDA. De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld. 2. Spreekrecht inwoners Van het spreekrecht wordt geen gebruik gemaakt. 3. Samenlevingsagenda (koersdocument) Wethouder VAN HEMERT geeft aan dat het koersdocument belangrijk is voor de volgende colleges en gemeenteraden. Er is al veel goed werk verzet om het document klaar te krijgen en hij beveelt dat van harte ter goedkeuring aan. De heer STEGEMAN spreekt waardering uit voor het mooie en uitgebreide document, waarin alle aspecten die de stad maken zijn vermeld en dankt alle partijen die daaraan hebben meegewerkt, binnen en buiten de gemeentelijke organisatie. De Adviesraad Sociaal Domein noemt hij in het bijzonder, omdat die een zeer uitgebreid en gedegen advies met goede aanbevelingen en adviezen heeft geschreven, welke het college overneemt. In het participatieverslag mist hij de meest belangrijke groep: de Capelse inwoners.
Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer en Samenleving en Economie, dinsdag 2 december 2025
Pagina:
2
Hij vraagt de portefeuillehouder waarom zij niet betrokken zijn. Het kernteam concludeerde dat meer informatie bij de Capellenaren moet worden opgehaald door ambtenaren meer naar buiten te laten gaan. Hij is somber over de gepresenteerde resultaten en cijfers. Capelle doet het niet erg goed op welvaart, problematische schulden, gezondheid, jeugdhulp, woonaantrekkelijkheid, sociale samenhang, slachtoffers van de toeslagenaffaire, lage uitgaven per inwoner aan cultuur etc. Op een behoorlijk aantal indicatoren bevindt Capelle zich zelfs in de 10% laagste scores van Nederlandse gemeenten, wat hem wat zorgen baart. Hij hoopt dat de uiteindelijke uitvoering van het koersdocument met als ambitieus hoofddoel het verbeteren van de kwaliteit van het leven en de vijf behorende uitgangspunten daadkrachtig wordt opgepakt en volledig wordt verwerkt in de integrale beleidsafwegingen en uitvoeringsplannen. De gemeente heeft inmiddels al veel goede stappen gezet, o.a. met betrekking tot de New Townproblematiek, waarop hij wil laten voortborduren. De mooie opgave van het nieuwe college is de periodieke herijking van de Samenlevingsagenda. De heer VAN BUUREN geeft complimenten voor het mooie document en vindt het goed om te zien dat een brede coalitie van partijen als afzenders op het stuk staan.
Het proces laat zien dat er aandacht is besteed aan het breed ophalen van input in de Capelse samenleving. Zelf had hij ook de kerken als parels willen laten benoemen. De getoonde cijfers zijn schokkend en daarvan is ook hij geschrokken. Er is reden tot zorg vanwege eenoudergezinnen, mishandeling, huiselijk geweld en eenzaamheid. Hij informeert in dat opzicht naar de normerende rol van de gemeentelijke overheid en dat die mensen aanspreekt op hun verantwoordelijkheid naar zichzelf en elkaar. Mensen leven in een hypernerveuze samenleving en maken elkaar gek met prestatiedruk en de snelheid waarmee alles moet gebeuren. De vraag is hoe die trend te keren is door de normerende rol van de overheid. Als men zaken laat gebeuren blijft men vooral bij het bestrijden van symptomen. Het vraagt een verandering in mindset, een element dat naar de mening van de SGP in de Samenlevingsagenda wat onderbelicht is. Vervolgens vraagt hij zich af of er voldoende zicht is op de oorzaken van de problematiek, of de Samenlevingsagenda daarop voldoende aansluit, of dat de gemeente vooral bezig is met het bestrijden van symptomen. Er zou een goede en onderbouwde verandertheorie moeten zijn, die helpt waar inzet nodig is om de trend te keren en die niet alleen de gevolgen van die trends bestrijdt.
Het viel de SGP op dat het stuk vooral over veerkracht spreekt, terwijl het maatschappelijke debat in toenemende mate ook over weerbaarheid gaat. Daarom vraagt hij wat het stuk over weerbaarheid zegt. De samenleving staat namelijk open voor desinformatie, verstoring van buitenuit en de gevolgen van polarisatie. Hij wil weten hoe de gemeente met dat soort zaken omgaat. De overkoepelende doelstelling is generiek gesteld op het vergroten van de kwaliteit van leven. Daarmee is hij het graag eens, maar dat roept wel de vraag op of de gemeente juist wil en moet inzetten op de kwetsbare Capellenaar, van wie de kwaliteit van leven veel lager is. Men zou misschien meer moeten inzetten op kansengelijkheid en het verkleinen van het verschil door met name de kwetsbaren extra te helpen, bijvoorbeeld via taalvaardigheid en vormen die maatschappelijke participatie helpen. Graag vraagt hij de wethouder daarop een reactie. De Samenlevingsagenda legt terecht veel nadruk op het laten floreren van gemeenschappen, wat de gemeente misschien te lang heeft laten liggen. Het gaat erom dat de samenleving sterker wordt, omdat de gemeente het zelf niet kan. De vraag is dan wat ervoor nodig is om de samenredzaamheid daadwerkelijk te vergroten. Op dat punt vindt hij het stuk nog vaag blijven.
Dat vraagt misschien om afspraken met scholen, werkgevers e.d., om tijd en aandacht te organiseren om er voor elkaar te zijn. Hij vraagt wat het betekent als een aantal buurten als hotspots van problemen naar voren komt, zoals het gericht daarop inzetten of minder differentiëren, wat raakt aan het eerder genoemde punt van kansengelijkheid. Blij is hij met de principes om complexiteit te omarmen en doorbraken te realiseren, wat heel wat gevolgen heeft voor de wijze van inrichten van de gemeentelijke organisatie en de wijze van kaders stellen door de gemeente. Dat heeft zelfs gevolgen voor de manier waarop de gemeente verordeningen opstelt. Men zal meer ruimte voor uitvoering moeten organiseren om maatwerk mogelijk te maken en uitvoerders de ruimte geven om doorbraken te realiseren en de menselijke maat voorop te stellen. De raad stelt de Samenlevingsagenda vast en het college de daaropvolgende stukken.
Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer en Samenleving en Economie, dinsdag 2 december 2025
Pagina:
3
Hij vraagt wel om een debat te voeren over en te bepalen welke stukken een collegebevoegdheid zijn. De SGP vindt het nu te ver gaan om alle op de Samenlevingsagenda gebaseerde stukken door het college vast te laten stellen. De zinsnede dat niet per se minder budget nodig zal zijn noemt hij een understatement als waarschuwing dat de uitvoering misschien extra geld zal kosten, wat ook aannemelijk lijkt. Hij leest dat het gaat om een verschuiving van middelen. Spreker vraagt wat het eerlijke verhaal is over de benodigde middelen om de Samenlevingsagenda te realiseren. Doorbraakbudgetten en het organiseren van nabijheid kosten uiteindelijk geld en wellicht is het eerlijk om uit te spreken dat het in elk geval op de korte termijn extra geld zal kosten. De heer OUDSHOORN noemt het hoofddoel van de Omgevingsagenda, het toevoegen van woningen, in beginsel niet in lijn met het hoofddoel van het koersdocument, het verbeteren van de kwaliteit van leven. Het is namelijk niet automatisch zo dat het toevoegen van veel nieuwe bewoners op dezelfde oppervlakte leidt tot een verbetering van de kwaliteit van leven. Welzijn floreert meestal meer bij ruimte, groen en goed werkende gemeenschappen dan bij verstedelijking, verdichting en woningtypen, die vaak bijdragen aan mensen die langs elkaar heen leven. Hij vraagt hoe de wethouder daarop reflecteert.
Het is fijn dat participatie heel breed is opgepakt en hij vraagt of er al kaders zijn om iedereen te laten meedoen. Als dat niet zo is kan het een voedingsbodem voor teleurstelling zijn. Daarom roept de SGP op om voor participatie goede kaders te stellen. Een uitgangspunt is doorbraken forceren, wat volgens de SGP ook nodig is. Bijna niets lijkt met een normale manier van werken op te lossen en dat vraagt lef, tijd en ruimte, die niet altijd beschikbaar zijn. De SGP roept op om de kaders daarop wel te richten, minder strikte regels te hanteren en ruimte te bieden, om die doorbraken ook daadwerkelijk te forceren. De heer VLOT is ook vrij geschokt over de gepresenteerde gegevens die niet makkelijk te relativeren zijn. Er ligt een document voor, dat iets wil meegeven naar de komende jaren. De Capelse gemeenschap moet zo gezond mogelijk worden meegenomen. Strakke kaders leiden soms tot verschraling, terwijl verbreding, vergroten van bereikbaarheid en meer ondersteuning nodig zijn. Op bepaalde zaken, die te maken hebben met brede welvaart, heeft de gemeente gefaald, gezien het hoge schoolverzuim en meer mensen die zonder diploma scholen verlaten. De intentie van het stuk noemt hij prima. Dat bevat urgentie, zeker gezien de mindere cijfers voor Capelle.
De Adviesraad Sociaal Domein vraagt aandacht voor hoe de zorg wordt aangeboden en of door marktwerking kwaliteit geboden kan worden. Daarin ligt volgens de SP de grootste uitdaging. Bomen planten is voor de leefbaarheid het eenvoudigst. Naar aanleiding van druk op voorzieningen is handelen nodig en het koersdocument geeft handvatten om daarop in te spelen. In die zin steunt de SP het koersdocument. Tot slot vraagt hij evenals de Adviesraad Sociaal Domein aandacht voor goede verlichting van de openbare ruimte, wat belangrijk is voor de veiligheid, evenals voor mensen met een beperking. De heer HARTOG ziet veel goede punten en een goede intentie in de Samenlevingsagenda staan en sluit zich aan bij de gevraagde aandacht voor de kwetsbare Capellenaren en de zorg over vroegsignalering. Veel zorgen maakt hij zich over het gebrek aan koppeling tussen de samenlevings- en Omgevingsagenda. Het lijkt hem alsof de twee documenten volledig los van elkaar zijn ontwikkeld. De Omgevingsagenda bevat een fasering in de tijd voor het verbeteren van wijken, waarbij die keuze van fasering is gebaseerd op de sociale weerbaarheid en cohesie binnen een wijk of buurt (hotspots). Die fasering ziet hij niet terug in de Samenlevingsagenda.
De Omgevingsagenda bevat ook tien keuzen, die sterk leunen op de samenleving en de sociaalmaatschappelijke opgaven, waaronder buurtallianties om samenredzaamheid in de buurt te organiseren, en het stimuleren van ontmoeting en levendigheid in de wijken. Zes van die tien keuzen hebben een directe koppeling met de Samenlevingsagenda. Die koppeling is echter niet expliciet gemaakt in de Samenlevingsagenda, wat hij een gemiste kans vindt. De vervlechting van samenlevings- en Omgevingsagenda ziet hij niet expliciet terug en die zou hij wel willen hebben. Hij vraagt of de wethouder het daarmee eens is en hoe die die vervlechting zou willen toevoegen.
Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer en Samenleving en Economie, dinsdag 2 december 2025
Pagina:
4
De heer VISSCHER sluit zich aan bij de dankwoorden aan de partners die hebben geholpen bij het tot stand komen van het document. Het document brengt de kracht en kwetsbaarheid van Capelle onder woorden. De ChristenUnie herkent de geschetste brede richting, de nadruk op de kwaliteit van leven, preventie en onderlinge betrokkenheid. Mensen floreren niet in systemen, maar in relaties, niet in protocollen, maar in gemeenschappen. Hij waardeert de expliciete benoeming van de verschuiving van de verzorgingsstaat naar de samenleving. Het stuk maakt een directe koppeling met de woningbouwopgave en de Omgevingsagenda, maar de uitwerking daarvan blijft nog wel wat abstract. Florerende gemeenschappen vragen ook om fysieke ruimte, plekken om elkaar te ontmoeten, overeind blijvende voorzieningen, niet overbelaste buurten en een stedenbouwkundige visie, waarin sociale samenhang niet toevallig tot stand komt, maar bewust wordt gebouwd. Ook vandaag vormen geloofsgemeenschappen en kerken een belangrijk sociaal vangnet, wat volgens het document alleen vroeger het geval was. Hij is benieuwd hoe de wethouder de huidige Capelse kerken en andere geloofsgemeenschappen concreter gaat betrekken bij de preventieve en sociale opgave.
In hoofdstuk 2 over maatschappelijke ondersteuning en gezondheid mist hij inzicht in de cijfers van mensen met beperkingen en ernstige beperkingen vanwege gezondheid, wat vaak een indicatie is van belemmering in functioneren en een bron van hulpvraag is. Wellicht is het beweegaanbod niet meer op orde, gezien het niet halen van de beweegrichtlijn. Hij vraagt welke de overwegingen waren om die inzichten niet op te nemen in hoofdstuk 2. De gemeente heeft preventie steeds beter op orde en pakt zware problematiek en casuïstiek goed aan. Wel vraagt hij aandacht voor de middengroep, gezinnen met complexe, maar nog niet zware problematiek. Die hulp is vaak nog versnipperd en zou goed in beeld moeten komen. De Samenlevingsagenda staat naast de Omgevingsagenda en hij vraagt hoe het college borgt dat ruimtelijke keuzes de komende jaren ook daadwerkelijk bijdragen aan sterke gemeenschappen, waar voorzieningen en ontmoetingsplekken structureel onderdeel van zijn en moeten blijven. De ChristenUnie staat positief tegen de aangegeven koers en wil die beweging vasthouden, ook als het ingewikkeld wordt. De heer VAN BUREN bevestigt dat de mens voor zichzelf en voor anderen verantwoordelijk is. Met die gedachte is het CDA blij met het voorliggende stuk, waarvan de essentie van groot belang is.
Op onderdelen vraagt hij af of dieper op cijfers in te gaan is, om werkelijk grip te krijgen op problemen en om antwoord te geven op de vraag of wordt gereageerd op symptomen of op oorzaken. Hij volgt al meerdere jaren de onderzoeken van Peter Louter over de achteruitgang van Capelle op het gebied van de sociaaleconomische positie en sociale cohesie. Ook uit eigen ervaring in zijn woonomgeving van de Sperwerhof maakte hij duistere zaken mee, die het verhaal achter de cijfers somber tekenden. Het is ook daarom goed dat het document voorligt. De overheid kan niet alles doen en als de samenleving aan zaken invulling kan geven is dat enorm goed. Of dat zal lukken is de opgave. Wijken verschillen op het gebied van de aanwezigheid van sociaal kapitaal. Voorop staat dat men met de aanwezigheid van sociaal kapitaal blij kan zijn. Organisaties zetten zich in om het beste voor een ander te betekenen. Het viel hem op dat meerdere families al generaties lang betrokken zijn bij het eigen wel en wee en de vertaling daarvan in de energie en organisatiekracht in gemeenten. Capelle is een New Town, maar heeft op het gebied van sociaal kapitaal en organisatiekracht nog voor de Samenlevingsagenda uiterst relevante slagen te maken. Gezorgd moet worden dat het sociaal kapitaal zich mede-eigenaar voelt van het welzijn van anderen in de eigen gemeente.
Het gaat ook om stadsmarketing, het zich Capellenaar voelen en niet alleen maar om de technische en beleidsmatige uitwerking van sociale agenda’s, zoals in hoofdstuk 5 staat. Hij vindt het terecht dat de ChristenUnie de vertaling naar de ruimtelijke agenda maakt, ook naar het in fysieke zin faciliteren van ontmoeting. Wat betreft de verdichting is er nog een opgave. Het is volgens hem niet zo dat het niet verdichten automatisch leidt tot het versterken van de sociale cohesie. Het gaat er meer om hoe men samen optreedt bij verdichting en hoe men daaraan vorm en inhoud geeft. Ook in een appartementencomplex moet men energie steken in het elkaar laten kennen van buren die op twee verdiepingen wonen. Achter zorgwekkende ontwikkelingen moet de gemeente meer haar vinger krijgen, zoals het bijeenkrijgen van de organisatiekracht om anderen nog beter energie te kunnen laten steken in het
Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer en Samenleving en Economie, dinsdag 2 december 2025
Pagina:
5
vrijwilligerswerk. Ook moet er absorptievermogen zijn om de instroom op te pakken. Omarmen van complexiteit heeft hij vaak gehoord, wat niet altijd even makkelijk is. Hij vraagt hoe de wethouder dat intern afstemt en mandaat geeft om te handelen. Spreker is benieuwd welke kansen het college ziet om slagen te maken in samenwerking met externe organisaties. Bij economie en schulden moet men zorgen dat ketens naast mensen van schulden af helpen hen ook aan een baan helpen. Capelle kent geen automatische rolmodellen waarop jongeren zich kunnen richten en hij vraagt welke daarvan aan kinderen kunnen worden voorgelegd. Er zijn dus vragen over uitvoerbaarheid, doeltreffendheid, de omgang met complexiteit, de wijze van organiseren en zorgen dat de organisatiekracht in de samenleving aan te spreken is op alle onderdelen van de Samenlevingsagenda, maar wel op zo’n wijze dat alle waardevolle zaken die nu al door vrijwilligers worden gedaan, niet worden gekannibaliseerd. De gemeente moet dus oog houden op waar gaten kunnen vallen. D66 merkte op dat participatie werd gemist, maar hij denkt dat er nog meer dan genoeg tijd is om meer reacties op te halen. Ook hij wil weten wat de positie van het document is. Dat het wordt gedefinieerd als een programma onder de omgevingsvisie zou hij gezien de grootte van de Samenlevingsagenda niet voorstaan. De sturing van de raad mag niet worden gemist.
De heer FRIESER sluit zich aan bij de dankwoorden en schrok ook van de cijfers, zoals de kans van 50% dat huishoudens in problematische schulden terecht komen, een op de zes huishoudens die van jeugdhulp gebruik maken en acht op de tien jongeren die angst of depressie ervaren. Daarmee zou volgens hem meer vanuit data-oogpunt kunnen worden gedaan en dat mist hij in de aanpak en adviezen. Hij wil de grondoorzaken van het gebruik van jeugdhulp analyseren en met elkaar doelstellingen durven laten stellen. Het gaat dus om meer resultaatgericht werken. De uitgangspunten noemt hij best abstract, zodat hij vraagt om toezeggingen op het stellen van indicatoren en het stellen van concreet meetbare resultaten. De heer VAN BUUREN heeft zelf ook geaarzeld over het stellen van die vraag. De heer Frieser stelt voor een aantal kpi’s te benoemen, maar de vraag is op welk niveau doelstellingen te formuleren zijn. Moet dat op output gebeuren of op het realiseren van maatschappelijke uitkomsten/effecten? Meestal verdwijnen maatschappelijke effecten uit het zicht als men getallen heilig verklaart. De heer FRIESER bedoelt dat het doel is dat jongeren zich fijner voelen en mensen gezonder worden, zodat ze meer een geluksgevoel krijgen. Men kan kijken naar wat jongeren nodig hebben en aan welke knoppen te draaien is, waardoor cijfers verbeteren, zonder dat ze een doelstelling op zich zijn geworden.
De heer JALIENS zegt de wethouder en medewerkers dank voor de aanlevering van het document, waarmee hij heel erg blij is. Uit het document blijkt kwaliteit. Ook hij mist de dialoog met de Capellenaar in het stuk. De data liegen er niet om. Die laten o.a. een dalende aantrekkelijkheid van de leefomgeving zien, evenals een beperkte sociale cohesie en zorgen over bestaanszekerheid. Daarin staat Capelle niet alleen. Recent onderzoek naar New Towns laten ook elders een zorgelijke trend zien. De urgentie om daaraan iets te doen is ook landelijk doorgedrongen. Het koersdocument geeft een aanzet tot het herijken van de visie op het sociaal domein. Dit document beschrijft een integrale visie op het Capelse sociale domein. De visie zal worden uitgewerkt in een uitvoeringsdocument en hij vindt het zaak om daarbij meetbare indicatoren te ontwikkelen. Leefbaar Capelle kan zich vinden in de vijf uitgangspunten en het overkoepelende doel om in te zetten op het verbeteren van de kwaliteit van leven. Hij gaat er van uit dat gedoeld wordt op het verbeteren van het leven van de kwetsbare Capellenaar, omdat immers sterke en veerkrachtige Capellenaren sterke en veerkrachtige buurten en wijken maken. Wat Leefbaar Capelle betreft ligt de focus op de kwetsbare Capellenaren en/of kwetsbare buurten en niet zozeer op de wijk als geheel. Er zijn immers in een wijk ook sterke, veerkrachtige buurten.
In dit kader mist hij in de lijst van te herijken documenten het herijken van het document ‘Buurtwerk nieuwe stijl’ uit 2016. Hij vraagt of dat kan worden toegevoegd, of sprake is van een bewuste keuze om die herijking niet mee te nemen. Kwetsbare Capellenaren kunnen in het proces naar het versterken van de veerkracht worden ondersteund door sterke, veerkrachtige buren. In die zin vraagt hij of dat ook op buurtniveau mogelijk is: sterke veerkrachtige buurten die kwetsbare buurten ondersteunen in het proces naar een sterke veerkrachtige buurt. Daarmee zoekt hij ook naar een verbinding tussen buurten.
Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer en Samenleving en Economie, dinsdag 2 december 2025
Pagina:
6
Zijn inspiratiebron Ans Hartnagel heeft eens gezegd dat een onsje welzijn kan leiden tot een kilo minder zorg. In lijn daarmee zegt hij dat een onsje onderwijs kan leiden tot een pondje meer welzijn en een kilo minder zorg. Toch mist hij in het document het onderwijskansenbeleid, welk document gelukkig binnenkort herijkt wordt. Hij ziet dan ook graag dat document opgenomen in de lijst van te herijken documenten, zoals opgenomen op bladzijde 40. Leefbaar Capelle is van mening dat het versterken van de weerbaarheid van met name de Capelse jeugd de veerkracht zal vergroten. Daarom ziet hij graag het ontwikkelen van een integrale visie op het versterken van de weerbaarheid van de jeugd. Zelf denkt hij aan het ontwikkelen van een integrale visie op weerbaarheid en een curriculum van een doorlopende ontwikkellijn dat loopt vanaf de bovenbouw van het primair onderwijs tot aan de onderbouw van het voortgezet onderwijs. In de lijst van te herijken documenten is het beleidskader preventief jeugdbeleid uit 2021 opgenomen. Hij weet niet zo goed of het ontwikkelen van een integrale visie op weerbaarheid ook daarbij past. Leefbaar Capelle zet erop in die hierbij op te nemen. Natuurlijk wil hij ook het versterken van weerbare ouderen niet vergeten. De heer VAN BUREN vindt het fijn dat de heer Jaliens op deze wijze ingaat op veerkracht en weerbaarheid.
De laatste tijd wordt het woord ‘weerbaarheid’ vaak gebruikt, ook in de zin van hoe weerbaar een samenleving is in tijden van crises. Nu heeft hij het gevoel dat weerbaarheid naar het persoonlijke wordt getrokken en naar buurten en wijken. Hij vraagt zich af welke breedte de heer Jaliens voor de definitie van weerbaarheid gebruikt en of die past in het weerbaar maken van de Capelse samenleving voor een crisis. De heer JALIENS gaat het in essentie om de kwetsbare Capellenaar, die veelal in een kwetsbare buurt woont. Die focus wil hij leggen als het om het vergroten van de weerbaarheid gaat, die veerkracht zal versterken. Daaraan wil hij verder geen wetenschappelijke definitie verbinden. Leefbaar Capelle kan zich vinden in het hoofddoel en de uitgangspunten in het koersdocument en ziet graag aandacht voor zijn gedachtenspinsels en de verwijzingen naar het koersdocument. De heer VAN LOEF spreekt eveneens zijn dank uit aan de wethouder en diens ambtenaren voor het vele verzette werk. Tussen de regels door ziet hij toch wel dat het document onder tijdsdruk tot stand is gekomen, wat met name in het deel met statistieken tot kwaliteitsverlies heeft geleid. De statistieken zijn soms moeilijk te duiden en hij vraagt waarom het niet is gelukt daarbij een helder verhaal te schrijven.
De bronverwijzingen zijn wel zinnig en als men die volgt kan men de verhalen over New Towns lezen en wat daar allemaal niet zo goed gaat. Die zijn helaas onverkort van toepassing op Capelle. De cijfers zijn inderdaad schokkend. Uiteindelijk gaat het stuk erover wat aan de schokkende cijfers zal worden gedaan, wat voor gemeente Capelle wil zijn en hoe de aanpak daarvan is. Uiteindelijk gaat het over de verzorgingsstaat en of men teruggaat naar kerken en charitatieve instellingen. Hij wil weten of Capelle op dat gebied een stapje zal terugzetten en of sprake zal zijn van een verzorgingsstaat light. Gaat men vanuit een liberale bril naar de opgave kijken? De heer HARTOG vraagt wat de VVD als achteruitgang ziet, bijvoorbeeld het toepassen van charitatieve instellingen en kerken of het toe gaan naar een uitgebreidere verzorgingsstaat. De heer VAN LOEF wijst op de constatering dat de overheid niet alles kan doen, waarna het de vraag is wat de lokale overheid nog kan betekenen. Aan het in leven houden van arrangementen hangt een kostenplaatje en daarover moet de raad een afweging maken. De rollen van kerken en charitatieve instellingen zijn in het verleden in hoge mate door de overheid overgenomen, waarna momenteel de discussie is dat die de rollen niet meer kan waarmaken. Hij is benieuwd hoe de wethouder daarnaar kijkt.
Hij vindt dat de Adviesraad Sociaal Domein heel goed werk heeft geleverd en de VVD zegt voor die reactie heel veel dank. De punten 3, 6, 7 en 9 wil de VVD daarom nader uitgewerkt zien. Verder vraagt hij hoe de wethouder naar de voorliggende woningbouwopgave in verhouding tot de Samenlevingsagenda kijkt. Zeggen dat de punten van het koersdocument in de Samenlevingsagenda terugkomen vindt hij een dooddoener. De VOORZITTER schorst de vergadering om 20.44 uur. Schorsing.
Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer en Samenleving en Economie, dinsdag 2 december 2025
Pagina:
7
De VOORZITTER heropent de vergadering om 20.54 uur. Wethouder VAN HEMERT zegt dank voor de mooie woorden vanuit de commissie, met name over de adviezen van de Adviesraad Sociaal Domein en het verrichte ambtelijke werk. Hij erkent dat de cijfers schokkend zijn en daarmee is het college ook bezig, bijvoorbeeld met lokale inkomensregelingen. Het meenemen van gedachtenspinsels, zoals de heer Jaliens aangaf, vindt hij prima. De raad kan dat laten doen via een amendement. De VVD vond cijfers wat onduidelijk, maar daarbij is een link vermeld, De achterliggende data kloppen en zijn goed te raadplegen. Op 1 oktober heeft hij op de conferentie over de Samenlevingsagenda vanuit zijn hart gesproken, waarbij ook Capellenaren aanwezig waren. Als wordt gezegd dat de mening van Capellenaren wordt gemist, dan is daarin dus nog een slag te maken. Er zijn echter veel organisaties bij het koersdocument betrokken. De heer STEGEMAN weet dat er op 1 oktober veel mensen aanwezig waren. De Capellenaren die er waren zijn echter net niet de Capellenaren die als doelgroepen in het document zijn benoemd, zijnde de kwetsbare en minder veerkrachtige inwoners. Wethouder VAN HEMERT reageert dat het koersdocument een beginproduct voor de komende periode is en verdere uitwerking behoeft.
In het algemeen en ook in Capelle is er heel veel aandacht voor verdichting, maar men moet ook oog houden voor groen, spelen, maatschappelijk welzijn en voorzieningen. Dat is terug te zien in Rivium, ook om die verdichting niet te sterk te maken. Er is juist ook aandacht voor zaken die de wijk mooi maken. De heer VAN GILS merkt op dat veel onderwerpen nog nadere verdieping behoeven, onder andere door het sturen op indicatoren. Daarbij wordt de raad betrokken. Het gaat bijvoorbeeld ook over het versterken van gemeenschappen en wat zij aan kunnen. Het gaat om kwalitatieve keuzen. De samenhang tussen de Samenlevingsagenda en de Omgevingsagenda wordt nadrukkelijk gezien als twee delen van dezelfde munt. Niet alle keuzen zijn overgenomen. De overkoepelende verbetering van de kwaliteit van leven komt wel overeen. Er is dus wel een koppeling en de volgorde der dingen en de aandacht voor specifieke buurten kunnen nog nader worden uitgewerkt en overeenkomen. Veel Capellenaren zijn gesproken en hun adviezen worden meegenomen in het vervolgproces om tot de Samenlevingsagenda te komen. Gevraagd is of aan de oorzaken of symptomen van problemen wordt gewerkt. Deels zijn de oorzaken van problemen bekend, maar deels ook niet. Samen met andere groeikernen van de New Towns wordt uitgeplozen wat wel werkt en wat anders, sneller en beter kan gebeuren om bepaalde opgaven beet te pakken.
Vanuit Berenschot is bekend aan welke knoppen is te draaien om de sociale en fysieke opgaven goed samen te laten komen. Veerkracht en weerbaarheid zijn resilience-kwesties en eigenlijk synoniemen. Die semantische discussie laat hij in het midden. De heer VAN BUUREN constateert dat het college een aantal dingen expliciet niet laat terugkomen in de beantwoording. Over een groot aantal zaken is gezegd daarop in een volgende fase terug te komen. De vraag is echter hoe zeker de raad daarvan is. Hij vraagt of het college zaken heeft gehoord waarmee zij het niet eens is en die niet worden meegenomen in een vervolgfase. De heer FRIESER mist antwoord op zijn vragen over data en indicatoren. De heer VAN BUREN stelt vast dat vragen over het omarmen van de complexiteit door de gemeentelijke organisatie niet zijn beantwoord. Wethouder VAN HEMERT heeft veel opmerkingen genoteerd, maar heeft geen dingen gehoord waarmee hij het niet eens is of waarmee niets zal worden gedaan. Hij wil zaken samen met de raad in de komende periode laten terugkomen. De heer VAN GILS gaat in de verdere uitwerking bepaalde indicatoren opnemen, evenals data waarop
Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer en Samenleving en Economie, dinsdag 2 december 2025
Pagina:
8
wordt gestuurd, omdat monitoren expliciet wordt gemaakt. De mate van detail is nog niet bekend en wordt uitgewerkt in de verdieping. Sturen op geluk vraagt iets anders dan sturen op jeugdhulp in wijken, maar kan men beide doen. Wethouder VAN HEMERT stelt dat indien nodig de organisatie zal worden aangepast aan de maatschappij. Daarvoor is dus zeker oog. Tweede termijn De heer STEGEMAN gaat akkoord met het vaststellen van het koersdocument, gezien de opmerking van de wethouder dat de aangedragen opmerkingen en aanbevelingen van de commissieleden zullen worden verwerkt. De VOORZITTER wijst erop dat gemaakte opmerkingen en aanbevelingen een plek zullen krijgen in de Samenlevingsagenda. De heer VAN BUUREN zegt dank voor de genereuze toezegging van de wethouder om alle input mee te nemen. De doelstelling gaat nu generiek over het vergroten van de kwaliteit van leven en hij heeft gevraagd om dat nadrukkelijker aan te vliegen vanuit het idee van kansengelijkheid. Daardoor wordt meer ingezet op het verhogen van de kwaliteit van leven van degenen voor wie dat nog onder de maat is. Hij is blij met het antwoord op de vraag over de verandertheorie. Wel vraagt hij om richting de uitwerking van de Samenlevingsagenda daaraan te blijven bouwen, zodat symptomen bestrijden wordt voorkomen en er zicht is op welke processen is in te grijpen om de trend te keren.
Ook vindt hij het fijn dat vraagstukken over de normerende rol van de overheid in de volgende fase zullen worden gesteld, evenals het versterken van samenredzaamheid. Hij wil ook weten van welke volgende stukken de raad nog iets kan vinden en waarover dus een discussie met de raad mogelijk is. Wethouder VAN HEMERT vraagt of het de bedoeling is om de raad te betrekken via bijeenkomsten zoals die over het Rivium hebben plaatsgevonden. De heer VAN BUUREN wil het presidium die vraag laten beantwoorden. De VOORZITTER suggereert dat onderwerp een plek te geven in de werkgroep Raadswisseling. De heer VAN BUUREN vervolgt dat het omarmen van complexiteit ook iets vraagt van de wijze van het opstellen van verordeningen. Dat betekent soms ook een verordening opstellen, waarbij de raad niet precies weet waartegen ja wordt gezegd. Dat risico moet de raad dan bewust nemen. Wat de SGP betreft moet het stuk ook realisme bevatten, zodat men alleen moet verdichten voor zover dat bijdraagt aan het versterken van de sociale infrastructuur. Als verdichting daarmee op gespannen voet staat moet men een pas op de plaats maken. Er ligt een stevige opgave, waardoor men volgens hem de ambitie moet durven uitspreken op zoek te gaan naar de benodigde middelen om die te realiseren.
Het college maakt de SGP namelijk niet wijs de ambitie te realiseren met de huidige middelen die voor de opgave in de begroting staan. De heer OUDSHOORN vindt het goed om de participatiedoelstelling bij burgers, waarover ze mogen meespreken, meedenken en meebeslissen, duidelijk op te schrijven. Het forceren van doorbraken vereist dingen overboord gooien, zoals bestaande regels en standaard werkwijzen. Dat had hij genoemd willen zien. Innovatie en experimenten hebben dat nodig. De heer HARTOG vindt het goed over het stuk in gezamenlijkheid door de commissies SOB en SLE te laten praten. Dat moet wellicht vaker gebeuren. Verder informeert hij naar de status van het koersdocument, of dat klaar is om aan de raad voor te leggen en welke waarde dat dan heeft. Volgens hem moet nog een stap gezet worden. De heer VISSCHER voelt de behandeling als een consultatie zonder vervolg, omdat opmerkingen en aanbevelingen niet in het koersdocument komen te staan. Daarom voelt hij ook wel wat voor het houden van een vinger aan de pols, op welke manier dan ook. De heer VAN BUREN kan zich de gerichtheid op kwetsbaren voorstellen, om ervoor te zorgen dat de kwaliteit van leven voor iedereen omhoog gaat. De Samenlevingsagenda probeert dat o.a. te bereiken
Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer en Samenleving en Economie, dinsdag 2 december 2025
Pagina:
9
door te werken aan florerende gemeenschappen, waardoor de organisatiekracht wordt gevonden om iets voor anderen te betekenen. Er hoeft niet per se een een-op-eenrelatie te zijn tussen het floreren van gemeenschappen en aandacht alleen laten uitgaan naar het ondersteunen van kwetsbaren. Men kan bij de vertaling van beleid inwoners vragen om zich heen te kijken naar anderen die ondersteuning nodig hebben. Waar dat niet lukt is er de zware taak van de overheid om in te stappen en te zorgen dat mensen niet door het ijs zakken. Verdichten is soms een pijnlijk punt. Capelle is de op vier na dichtstbevolkte gemeente van Nederland en blijft dat ook met 10.000 woningen erbij. Als men die verdichting ziet in relatie tot bouwen aan gemeenschappen moeten er ook ontmoetingsplekken voor jongeren en woningen voor de eigen jeugd zijn. Ook moeten mensen in hun eigen wijk kunnen blijven wonen, door toevoegen van bepaalde woningtypen. Wat betreft de positie van de raad ondersteunt hij de woorden van de heer Van Buuren. De heer FRIESER sluit zich aan bij de heer Hartog, maar is na twee uur commissiebehandeling nog niet veel wijzer geworden. De heer JALIENS wil naast de kwetsbaren ook naar de niet-kwetsbaren kijken, omdat ook sterkeren door het ijs kunnen zakken. Daarnaast wil hij aandacht hebben voor selectieve migratie.
Hij vraagt of hij een amendement moet indienen als zijn gedachtenspinsels niet in het groene deel zijn opgenomen. De heer VAN LOEF onderschrijft de complimenten van de wethouder aan de Adviesraad Sociaal Domein ten volle en vraagt een nadere uitwerking van de punten 3, 6, 7 en 9 van het advies daarvan. Er zijn inhoudelijk heel veel inhoudelijke opmerkingen gemaakt en zijn vraag is of die in de richting van de raad moeten gaan. Wethouder VAN HEMERT begrijpt de worsteling en de opmerking van de heer Frieser, maar wijst erop dat het document nog niet af is. Het gedachtenspinsel van de heer Jaliens staat in het groen, maar als die dat echt wil terugzien moet die het document laten aanpassen met een amendement. Het liefst wil hij de raad met het koersdocument aan de slag te laten gaan, omdat het nog niet af is. Wellicht moet de raad met sessies daarmee aan de slag gaan om dat verder ruit te werken. Over het antwoord op de vraag de commissies SLE en SOB vaker gezamenlijk moeten vergaderen gaat de raad zelf. De heer KEERS staat in nauw contact met de Adviesraad Sociaal Domein, ook over het koersdocument. Het college neemt in de antwoordbrief punt 3 uit het advies daarvan over, deelt punt 6, betrekt 7 en kan punt 9 meenemen. De teneur in de antwoordbrief is in de vervolgfase over de Samenlevingsagenda nauw met de Adviesraad Sociaal Domein in overleg te gaan.
Dat uit zich in een gezamenlijke planning opstellen en op de jaarplanning goed op de agenda terecht te komen. De heer VAN LOEF meent dat het nog een slag concreter kan en maakt bezwaar tegen het veel naar de toekomst verwijzen van zaken en straks terug te verwijzen naar vanavond, wat niet helemaal goed voelt. Hij begrijpt dat het nu gaat om de koers te bepalen en vervolgens over een jaar besluitvorming over de Samenlevingsagenda zal plaatsvinden. De VOORZITTER wijst erop dat de heer Van Buuren met de wethouder de voorzet heeft gedaan om het komend jaar elkaar te betrekken en met elkaar te overleggen over wat de Samenlevingsagenda moet worden. De beantwoordingsbrief is onderdeel van de beraadslaging en gaat daarin mee. De heer VAN GILS heeft in het begin de optie overwogen om de Samenlevingsagenda meteen vast te stellen, maar de raad heeft verzocht nog in deze raadsperiode over het onderwerp te spreken. Evenals bij het programma Buitenruimte wordt eerst een koersdocument vastgesteld en gaat het daarna in detail de verdieping in bij de Samenlevingsagenda. Die opzet is nu ook gekozen. Ook de sterke schouders in gemeenschappen zijn nodig. Sommige buurten hebben net iets meer nodig en voor bepaalde buurten en doelgroepen is er daarom extra aandacht. De heer VAN BUUREN vraagt of de expliciete doelstelling van de Samenlevingsagenda is om de kansengelijkheid in Capelle te bevorderen.
Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer en Samenleving en Economie, dinsdag 2 december 2025
Pagina:
10
De VOORZITTER informeert naar de koers op dat gebied. Wethouder VAN HEMERT beantwoordt dat de koers aan het bevorderen van kansengelijkheid bijdraagt. De VOORZITTER concludeert dat kansengelijkheid bevorderen geen specifiek doel op zich is. De heer VAN BUUREN worstelt met de generositeit van de wethouder dat alle gemaakte opmerkingen in het uitwerkingsproces naar de Samenlevingsagenda langs komen en moeten worden uitgediept. Het dilemma is nu wel een koers mee te geven, waarmee kaders aan het proces worden verbonden. Er is onzekerheid over hoe hard het is dat het college iets met gemaakte opmerkingen doet. Het kan daarom helpen om een schriftelijke reflectie te geven op wat er vanavond is gezegd en hoe de gemaakte opmerkingen in het vervolg een plek krijgen. De heer VAN BUREN stelt dat kansengelijkheid nastreven alleen de discussie al waard is. Men kan nu volgens hem geen toezegging regelen over een te voeren diepgaande discussie over kansengelijkheid. Men zou op een andere manier het gesprek moeten voeren over hoe kansengelijkheid en de kwaliteit van leven verbeteren zich tot elkaar verhouden. De VOORZITTER denkt, een vertaling makend van de opmerking van de heer Van Buuren, dat er wellicht vanuit het college een aandachtspuntenlijst komt met mee te nemen zaken.
De heer VAN LOEF betuigt steun aan de heer Van Buuren om schriftelijk op gemaakte opmerkingen te reageren, daarin betrekkend het advies van de Adviesraad Sociaal Domein. De VOORZITTER schorst de vergadering om 21.45 uur. Schorsing. De VOORZITTER heropent de vergadering om 21.49 uur. Hij concludeert dat er voor behandeling van het koersdocument door de raad een collegebrief komt met de belangrijkste punten die meegaan in de uitwerking. De heer VAN BUUREN verwacht een aantal door hem in tweede termijn gemaakte opmerkingen in dat lijstje terug te zien. De VOORZITTER concludeert dat het voorstel als bespreekstuk zal worden doorgeleid naar de raadsvergadering van 15 december a.s. 4. Rondvraag. Van de rondvraag wordt geen gebruik gemaakt. 5. Sluiting De VOORZITTER sluit te 21.51 uur de vergadering. Aldus vastgesteld in de vergadering van de commissie Samenleving en Economie van 19 januari 2026, de secretaris,
de voorzitter,
Aldus vastgesteld in de vergadering van de commissie Stadsontwikkeling en -Beheer van 20 januari 2026, de secretaris,
de voorzitter,