02.01 - Verslag commissie Samenleving en Economie 24 mei 2022
Tekst van het document
Verslag van vergadering van de commissie Samenleving en Economie, gehouden op dinsdag 24 mei 2022, in de raadzaal van het gemeentehuis, aanvang 20.00 uur Aanwezig zijn als: voorzitter
:
de heer L.C.A. Anink;
volksvertegenwoordigers :
de heer J.B.L. Kerver, raadslid Leefbaar Capelle; de heer F. Patty, raadslid Leefbaar Capelle; de heer J.G. Stegeman, raadslid, D66; mevrouw C.T.F. Penterman, raadslid VVD; de heer prof. dr. M.W. van Buuren, raadslid SGP; mevrouw M.O. Pengel LLB, raadslid Capels Bewoners Belang; mevrouw S.F.I. Roos, raadslid GroenLinks; mevrouw C.W.J. Weemhoff MA, raadslid PvdA; de heer ing. P. Eilander, raadslid ChristenUnie; mevrouw J. den Engelsman, raadslid CDA; de heer M.W. Vlot, raadslid SP (vanaf 20.09 uur); mevrouw T. Sormaz, raadslid BVNL;
secretaris
:
de heer drs. F. Harteveld, raadsadviseur;
portefeuillehouder
:
mevrouw A.J. Hartnagel, wethouder; mevrouw H.D. Westerdijk LLM, wethouder; de heer M.E. Wilson, wethouder;
ambtelijke ondersteuning :
mevrouw I. van Groenestein, accountamanager Social Return; mevrouw J. Stuifzand, unitmanager maatschappelijke zorg en participatie;
notulist
de heer H. Veenstra (Notuleerservice Dictum).
:
Op de publieke tribune zijn bij de aanvang van de vergadering 11 personen aanwezig.
1. Opening, mededelingen en vaststelling agenda De VOORZITTER opent de vergadering en heet alle aanwezigen welkom. Van de heer Vlot is een bericht van verlate aanwezigheid ontvangen. De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld. 2. Vaststellen verslag vergadering commissie Samenleving en Economie van 15 februari 2022 Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld. 3. Spreekrecht inwoners Van het spreekrecht wordt geen gebruik gemaakt. 4. Gemeenschappelijke regelingen ( GGD, Jeugdhulp, Promen en Recreatieschap Hitland)) Er zijn geen mededelingen. 5. Corona Er zijn geen mededelingen. 6. Voorlopige Jaarstukken 2021, Ontwerpbegrotingswijziging 2022 en Ontwerpbegroting 2023 van de Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond (GRJR) De VOORZITTER deelt mee dat het college voorstelt om: - kennis te nemen van de voorlopige Jaarstukken 2021 van de Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond, de Ontwerpbegrotingswijziging 2022 en de Ontwerpbegroting 2023; - ten aanzien van de Ontwerpbegrotingswijziging 2022 en de Ontwerpbegroting 2023 een zienswijze in te dienen bij het dagelijks bestuur; - de conceptbrief aan het dagelijks bestuur vast te stellen.
Commissie Samenleving en Economie dinsdag 24 mei 2022
Pagina:
2
De heer VAN BUUREN merkt op dat de gemeente zelf indicatoren en criteria hanteert en ratio’s in de begroting gebruikt om te bepalen gemeenschappelijke regelingen ervoor staan. Misschien kan de gemeenteraad zelf een checklist ontwikkelen om bij de jaarstukken te hanteren, zodat het makkelijker wordt om te beoordelen of het goed met gemeenschappelijke regelingen gaat of dat zij in de gevarenzone verkeren. Veel jaarstukken van gemeenschappelijke regelingen kenmerken zich door het gebruik van jargon en veronderstellen eigenlijk heel veel voorkennis. Besturen zouden moeten beseffen dat gemeentebesturen lekenbesturen zijn en de materie niet altijd heel goed kennen. Hij deelt de observatie van het college dat de basis bij de GRJR steeds beter op orde komt, maar tegelijkertijd blijven er zorgen. Daarom is het goed om de vinger aan de pols te houden. In dat verband vindt spreker de zienswijze eigenlijk wat vaag. Die bevat veel tekst, maar wat de gemeente eigenlijk anders wil wordt daarin niet echt scherp. Daarom verzoekt hij het college daarnaar nog eens te kijken en na te gaan of de zienswijze wat concreter kan. De gemeente zou wat scherper kunnen aangeven wat zij anders zou willen. Nu gaat het meer om observaties en overwegingen, maar wat de gemeente daarmee anders wil wordt naar zijn mening onvoldoende duidelijk. Op dat punt zou de zienswijze kunnen verbeteren.
Er zijn met name wachtlijsten voor de complexe zorg, die bij hem de vraag oproepen wat wordt gedaan om te voorkomen dat kinderen en jeugdigen die complexe zorg nodig krijgen. Doet men voldoende aan preventie? Dat ligt meer bij het takenpakket van de gemeente. Mogelijk is daarin meer te investeren om te voorkomen dat de kosten van de gemeenschappelijke regeling verder oplopen. Als men weet dat een stabiele basis in het gezin nodig is raakt dat eigenlijk heel erg de gemeente en wat zij kan doen opdat de kosten van de GRJR beheersbaar blijven. Dat roept de vraag op hoe het met de balans zit tussen wat de gemeente doet en wat de regio doet. De gemeente gaat met het CJG een aantal dingen zelf doen. De SGP-fractie blijft er heel graag van op de hoogte hoe dat uitpakt en hoe men die balans tussen de gemeente en de regio optimaal zou kunnen organiseren. Het is hem voorts ook nog wel vrij onduidelijk wat wordt gedaan om de financiën te beheersen en de kosten in de hand te houden. Dat heeft alles te maken met het voorkomen dat kinderen hulp nodig hebben en ook te voorkomen dat ze steeds zwaardere hulp nodig hebben. De vraag daarbij is wat de gemeenschappelijke regeling doet om middelen verder te ontschotten, nieuwe vormen van aansturing en bekostiging te verkennen en te zorgen dat aanbieders geen perverse prikkels ervaren.
De gemeenschappelijke regeling zou zo doelmatig mogelijk ingericht moeten worden en daarover hoort hij graag meer. Er is een groot tekort aan pleeggezinnen en misschien kunnen de gemeente en maatschappelijke organisaties daarin iets betekenen, zodat het aanbod van pleeggezinnen groter wordt. Hij denkt dus meer na over de voorkant van de keten en de vraag wat de gemeente kan doen, zodat de kosten van de gemeenschappelijke regeling niet verder dan nodig toenemen. De heer EILANDER heeft niets aan dat betoog toe te voegen en wil daarop bij het volgende agendapunt verder ingaan. Mevrouw SORMAZ heeft dezelfde vraag als de heer Van Buuren over het mogelijk vergroten van het aantal pleeggezinnen en het oplossen van het tekort daaraan. De heer KERVER vindt de voorliggende stukken en de tekorten geen erg grote verrassing, maar Leefbaar Capelle maakt zich wel ernstige zorgen over de alarmerende berichten over jongeren en de desastreuze gevolgen van de coronamaatregelen. Juist nu zijn preventief te werk gaan en vroegsignalering erg belangrijk. Juist om kosten beheersbaar te krijgen zou het goed kunnen zijn om te kijken wat de gemeente op dit moment nog extra kan doen voor jongeren. Die opmerking maakt hij vooral in het kader van preventie en de signalen over depressieve gedachten bij jongeren.
Zijn vraag is wat op lokaal niveau daaraan nog extra te doen is om te voorkomen dat de kosten in de toekomst weer oplopen. Aanvullend is zijn vraag in hoeverre de depressiviteit onder jongeren in de cijfers is terug te zien. In hoeverre zijn er dus ook data om op te kunnen acteren? Hij vindt het in ieder geval goed dat wordt toegewerkt naar een meer realistische begroting, wat ook hard nodig is om de kosten enigszins behapbaar te krijgen. Controle zal nog wel moeilijk zijn, maar met goede data is er meer voorspelbaarheid en inzicht te krijgen. Tot slot is hij benieuwd naar het regelen van de eigen inkoop door de MVS-gemeenten. Het is naar zijn mening best interessant om nauwkeurig in de gaten te houden of die gemeenten daarvan profijt gaan hebben, zodat daarop in de toekomst geëvalueerd kan worden en worden bepaald welke best practices voor Capelle over te nemen zijn. Hij vraagt of de wethouder die eigen inkoop door MVS-
Commissie Samenleving en Economie dinsdag 24 mei 2022
Pagina:
3
gemeenten de komende tijd nauwlettend in de gaten wil houden, zodat de commissie daarop later terug kan komen om aanvullende vragen over te stellen. Mevrouw PENGEL sluit zich voor een groot deel aan bij de opmerkingen van de heer Van Buuren. In de stukken leest zij dat realistisch begroten belangrijk is om tegenvallers te voorkomen. Gemeenten hebben daarvoor in 2022 extra middelen beschikbaar, maar voor de langere termijn zijn ombuigingsmaatregelen nodig om uitgaven te beperken, omdat de rijksoverheid naar verwachting niet de doorgaande stijging zal compenseren. Dit gezegd hebbende sluit zij zich aan bij de heer Van Buuren dat de zienswijze een beetje vaag blijft en die meer concretisering verdient. Haar vraag is welke de ombuigingsmaatregelen precies zijn en hoe de gemeente daarmee zal omgaan. Mevrouw DEN ENGELSMAN stelt vast dat de GRJR het gemeentelijke zorgenkindje blijft. Ieder jaar gaat daarnaar weer een dikke zienswijze vanuit Capelle toe. Die is vooral gericht op financiële gegevens en ook moet er zicht worden gehouden op gezinnen. Ook zij is van opvatting dat die zienswijze best wel mag worden aangescherpt ten aanzien van wat de gemeente echt wil. Zij zou daarin het liefst nog wel meer willen zetten betreffende wachttijden en dat soort zaken meer. De GRJR heeft in 2019 ingezet op een verbeterplan en zij hoopt dat dat op termijn gaat aanslaan.
Bekend is dat de wethouder zich daarvoor elke keer keihard inzet binnen de gemeenschappelijke regeling. Ook zij vindt het zeer interessant om de eigen inkopen van de MVS-gemeenten te volgen. De heer STEGEMAN heeft geen aanvullende bijdrage na de zinnige woorden van zijn voorgangers te hebben gehoord. Mevrouw ROOS is tevreden over het zetten van goede stappen in de richting van een realistische begroting. Zij vraagt welke invloed het door de gemeente meer lokaal regelen heeft op de begroting van de GRJR en wat er bekend is over de status van de middelen die de gemeente wellicht van het Rijk gaat ontvangen. Mevrouw WEEMHOFF ziet dat de gemeente in de zienswijze vermeldt dat de basis in de GRJR beter op orde is gekomen. Zij vraagt wat de wethouder ervan ziet dat dat ook is gebeurd. De heer VLOT is van oordeel dat de GRJR en de jeugdzorg in het algemeen inmiddels een zeer complexe zaak zijn geworden Voormalig SGP-raadslid Terlouw was degene die enigszins de feitelijkheden van geld en zorg binnen alle percelen kon duiden. Dat is namelijk voor de gemeenteraad als lekenbestuur niet eenvoudig. Het lijkt vooral om geld te gaan, maar het gaat natuurlijk om de inrichting van de jeugdzorg. Dat zou Capelle in haar zienswijze meer kunnen benadrukken.
Het ligt voor de hand te spreken over een ongelooflijke bezorgdheid betreffende de ontwikkeling van de jeugdzorg gezien de cijfers over oplopende wachtlijsten voor specialistische zorg. Capelle zou moeten proberen vooruit die keten te denken en kunnen proberen een doorslaggevende schakel te worden in een vervolgtraject binnen de jeugdzorg. Vermijden en voorkomen zijn beter dan genezen, maar het is ook beter om perverse prikkels bij aanbieders er sowieso uit te halen. Efficiency, doelgerichtheid, menselijkheid en mensgerichtheid zijn de grootste factoren in de zorg bij het beheersen van de zorgproblematiek en de financiële kant. Hij is benieuwd of de wethouder dat met hem eens is en vraagt wat Capelle daaraan in de komende tijd kan gaan doen. Wethouder mevrouw HARTNAGEL vond de heer Van Buuren in zijn bijdrage niet echt onder doen voor toenmalig SGP-raadslid Terlouw, evenals voormalig D66-raadslid Holkamp. Beiden waren destijds altijd terecht kritisch en hielden het college scherp, wakker en alert. Als de raad een checklist wil laten ontwikkelen die het makkelijker maakt om te beoordelen of het goed met gemeenschappelijke regelingen gaat of dat zij in de gevarenzone verkeren, dan zal de raad daarmee zelf moeten komen. Als die checklist meerwaarde heeft, dan kan die misschien met andere gemeenten gedeeld worden.
Met de gemeenschappelijke regeling GRJR is in 2015 begonnen en dat is gebeurd met heel goede bedoelingen, maar die werkt niet heel optimaal. Als die wel optimaal had gewerkt was het aantal kinderen en jongeren met problemen gedaald en waren er geen wachtlijsten geweest. Vijf jaar geleden begon de GRJR met € 220 miljoen en nu gaat het om € 240 miljoen. Het is dus geen kwestie van geld. Geld moet er altijd bij, omdat er geen kind tussen wal en schip mag geraken. De Kinderom-
Commissie Samenleving en Economie dinsdag 24 mei 2022
Pagina:
4
budsman heeft van de GRJR de garantie gekregen dat de wachttijd aan het eind van het jaar hooguit drie maanden zou zijn. Dat zou een hele verbetering zijn, omdat jongeren nu soms negen maanden moeten wachten. Voor die lange wachttijd schaamt zij zich eigenlijk. Commissieleden noemen de zienswijze vaag en willen die concreter zien. In het verleden is zij een aantal keren teruggefloten, omdat de gemeente niet lief genoeg was en zienswijzen aardiger en positiever moesten zijn. Zij vindt het al heel bijzonder dat de Jeugd Bescherming Rijnmond in de zienswijze is gezet. Daarover maakt zij zich ook zorgen. Het is ook puur een zienswijze en een eventuele aanvulling daarop ziet zij graag tegemoet. Bijdragen in zienswijzen van de Capelse raad hebben de afgelopen jaren gezorgd dat zaken op sommige punten ten positieve zijn doorgevoerd. Gevraagd is welke verbeterpunten in de afgelopen jaren zijn aangebracht. De vastgestelde regiovisie is al grote winst en die heeft al veel in zich van de hervormingsagenda, waarmee het kabinet komt. De zienswijze vermeldt bezuinigingen vanuit het kabinet, maar die zijn van tafel. Of de eigen bijdrage voor gezinnen daarmee ook van tafel is durft zij niet met zekerheid te zeggen, maar daarover wordt voorzichtig gesproken. Er is een nieuwe manier van aanbesteden gekomen.
Er zijn verschillende commissies die ervoor zorgen dat er geen afspraken en kartelvorming komen. Op het gebied van wachtlijsten doet zij wat zij kan. Als Capelse jongeren op wachtlijsten staan en ze hebben hulp nodig, dan springt het CJG bij en die houdt de jongeren dan bij zich. Het gaat dan niet om specialistische zorg, maar die jongeren laat de gemeente dan niet los. Dat is vaak terug te zien in cijfers van het CJG. De heer VLOT vraagt in hoeverre de gemeente invloed heeft op de rol van het CJG en op uithuisplaatsingen van de slachtoffers van de Toeslagenaffaire. De gemeente kan misschien monitoren of enigszins aanwezig zijn, maar wat gebeurt er als dat soort instanties een besluit neemt ten nadele van het kind of het gezin? Wethouder mevrouw HARTNAGEL licht toe dat de gemeente Capelle alles met het eigen CJG kan doen. Dat legt verantwoording aan de gemeente af. Capelle aan den IJssel is niet aangesloten bij het CJG Rijnmond en is daar jaren geleden uitgestapt. Het eigen CJG staat dus juist heel dichtbij de gemeente Capelle aan den IJssel. Het CJG houdt juist jongeren bij zich en zegt indien nodig dat er geld bij moet vanwege problemen of als het anders moet. De gemeente Capelle heeft delen van jeugdbescherming overgenomen, waarvoor het CJG een eigen team heeft, evenals voor de percelen D en E.
Zij heeft nog geen uitsluitsel hoeveel dat oplevert, maar dat hoort de raad als dat bekend is. De gemeente heeft de gedupeerde ouders van de Toeslagenaffaire allemaal benaderd. Niet is geprobeerd te achterhalen welk aantal kinderen in Capelle uit huis zijn geplaatst, omdat de gemeente niet bij namen kan komen. Zij gaat echter voorzichtigheidshalve uit van een aantal van 10. Aan ouders is meegedeeld dat de gemeente hulp wil bieden. Vervolgens gaat zij in op de balans tussen wat de gemeente en de regio doet. Het is de bedoeling dat de balans doorslaat naar wat de gemeente doet en daarmee is een voorzichtig begin gemaakt. De specialistische hulp moet regionaal gebeuren en daarnaast is er hulp die het Rijk regelt, waarvan de gemeente niets weet, maar die de gemeente slechts betaalt. De gemeente Capelle doet haar best om zoveel mogelijk zorg naar haar toe te halen en zij is wat dat betreft een voorloper in de regio. Er is veel gedaan aan kostenbeheersing. Er zouden nog praktijkondersteuners voor jeugdhulp bij huisartsen geplaatst kunnen worden, die aanzienlijk in de kosten schelen. Huisartsen vinden dat een goed idee en juichen hen ook toe, maar hebben er geen plaats voor in hun praktijk. Er is nu begonnen met één praktijkondersteuner. Zij hoopt dat dat zo goed gaat dat alle huisartsen ze willen. Er wordt al ruim twee jaar gewerkt om dat breder in Capelle te kunnen trekken.
Als de gemeente erin zou slagen om het hele systeem doelmatig in te richten zou zij dat landelijk kunnen verkopen. Geen enkele gemeente of regio heeft namelijk nog het beste systeem uitgedacht en dat kan nog stukken beter. Elke poging om nog een beroep op gezinnen te doen om pleeggezin te worden is het meer dan waard. Mevrouw ROOS vraagt wat de gemeente Capelle concreet doet om een toename van het aantal pleeggezinnen te bevorderen. Wethouder mevrouw HARTNAGEL antwoordt dat er nog niet zo lang geleden campagne voor is gevoerd op TV Rijnmond met bekende Rijnmonders. Die campagne was vrij succesvol en daaraan deed Capelle mee. Er zijn ook verwendagen voor pleeggezinnen en hun kinderen. Als de commissieleden ideeën over het vergroten van het aantal pleeggezinnen hebben hoort zij die graag. De alarmerende berichten die de heer Kerver vernam horen allen. Zij beschikt niet over cijfers daarvan, maar probeert samen met haar collega van Onderwijs aan scholen zoveel mogelijk aan te bieden, zoals Homebase en WALHALLAb. Capsloc voert ook activiteiten uit om te zorgen dat jongerenwerkers met jongeren in gesprek komen. Er zijn korte lijntjes met de scholen. Onlangs was er de kinderconferentie, waar kinderen konden vertellen wat er beter kan en hoe ze zich voelen. Wat kan wor-
Commissie Samenleving en Economie dinsdag 24 mei 2022
Pagina:
5
den ingezet gebeurt, wat niet wil zeggen dat elke jongere gered kan worden, maar daartoe doet zij wel heel erg haar best. Op de vraag of het aantal depressieve kinderen en jongeren in de cijfers terug te zien is antwoordt zij dat de gemeente alleen maar cijfers over wachtlijsten ontvangt. Met haar collega uit de gemeente Krimpen aan den IJssel heeft zij afgesproken dat het regelmatige overleg met collega’s van de MVS-gemeenten wordt doorgezet, zodat van hen uit de eerste hand te horen is hoe eigen inkoop werkt en hoe dat verloopt. In de afgelopen jaren was zij druk met realistisch begroten en de omgang met eventuele ombuigingsmaatregelen, waarover mevrouw Pengel sprak. Heel veel mensen zijn bezig met hoe het realistische begroten nog beter kan en waar er omgebogen kan worden, maar dat is heel lastig. Zij bevestigt hetgeen mevrouw Den Engelsman zei dat de jeugdzorg een zorgenkindje is en zij is bang dat het dat voorlopig ook blijft. Mevrouw Den Engelsman heeft volgens haar ook een heel groot punt als zij zegt dat het alleen maar over de centen gaat. Dat is ook zo als alle portefeuillehouders in vergadering bijeen zijn. Niet één keer gaat het dan over een jongere. Er worden dan geen goede ideeën gedeeld. Het gaat dus dan alleen maar over geld. Het zou mooi zijn als het anders zou zijn. Dadelijk komt er een andere samenstelling van wethouders.
Zij zijn heel gretig, willen van alles anders, maar na een jaar of twee worden ze weer braaf als ze carrièrekansen zien of als ze met iets anders bezig zijn. Dan gaat het alleen maar weer over geld. De eerste twee jaar moet Capelle dus haar best gaan doen om de verandering weer de goede kant uit te krijgen. Mevrouw PENGEL lijkt het juist interessant om wel te weten wat de hulpvragen van degenen op de wachtlijsten zijn, zodat men daarop kan sturen en om prestatieafspraken op af te stemmen. Wethouder mevrouw HARTNAGEL zei niet dat zij dat niet wist, maar weet niet van jongeren waarvoor ze behandeld worden. Wel weet zij dat er een wachtlijst is bij specialistische hulp voor jongeren met depressieve klachten. Zij weet echter niet hoeveel Capelse jongeren daarvoor op de wachtlijst staan. Er is dus wel bekend waar de wachtlijsten zijn en waar de nood hoog is, maar niet om hoeveel Capelse jongeren het gaat. Zolang jongeren op de wachtlijst staan blijven ze bij het CJG en daarna gaan ze over naar een organisatie buiten Capelle. De basis beter op orde gaat om alle bedachte veranderingen, zoals de aanbesteding, de regionale agenda en de regiovisie. Daarbij wordt geprobeerd om ook de directeuren van de gemeenten meer invloed te geven, zodat er meer grip op komt. Zij denkt wel te mogen zeggen dat in Capelle door het eigen CJG de menselijke maat heel erg in de gaten wordt gehouden.
De heer VLOT vraagt in welke mate de gemeente met overblijvend geld van de GRJR stappen kan zetten om de lokale aanpak te versnellen of te verbeteren. Wethouder mevrouw HARTNAGEL heeft niet echt geld over en er komen ook nog afrekeningen aan. In 2024 gaat het alweer de verkeerde kant uit. Bij iets nieuws komt zij naar de raad terug en vraagt zij om geld. Het door de gemeente meer lokaal regelen van zorg heeft geen invloed op de begroting van de GRJR. De gemeente krijgt dit jaar waarschijnlijk weer meer geld van het Rijk, maar hoeveel dat wordt weet zij niet. Het geld van het Rijk dat de gemeente gedurende de afgelopen twee jaar heeft gekregen gaat grotendeels al naar de GRJR toe. Capelle heeft de afgelopen jaren ook veel bijgeplust uit de eigen begroting. Tweede termijn De heer VAN BUUREN vindt het goed om te horen hoeveel inzet er wordt gepleegd. Het viel hem op dat werd gezegd dat als zaken goed waren georganiseerd er geen wachtlijsten zouden zijn. Eigenlijk werd daarmee volgens hem gezegd dat er niet zozeer sprake is van een extra aanwas van jongeren die hulp nodig hebben, terwijl hij zich kan voorstellen dat het beroep op de jeugdzorg toeneemt. Verder informeert hij naar het personeelstekort dat ook een deel van de wachtlijsten kan veroorzaken. Hij is blij met de uitgestoken hand van de wethouder wat betreft een extra actie op pleeggezinnen.
Met een benadering dichtbij mensen kan men naar zijn mening soms best wel wat bereiken en het lijkt hem mooi om daarin iets te doen. Hij is graag bereid om daarover mee te denken en daarin mee te helpen. De wethouder ging niet in op zijn opmerking over het gezin als stabiele basis. Zijn vraag is wat de gemeente doet om echt bij de basis te beginnen. Praktijkondersteuners bij huisartsen zitten al dichtbij het gezin, maar de basis begint nog eerder. Wellicht kan men daarin toch nog meer betekenen. De zienswijze bevat zijns inziens een goede balans van positief en kritisch. Sommige zinnen in het tweede deel van de zienswijze over financiële beheersing en samenwerking kunnen echter anders en concreter. Hij verklaart zich bereid om daarover een tekstvoorstel te doen als de wethouder daarmee geholpen is. Abstracte zinnen kan de GRJR namelijk heel makkelijk naast zich neerleggen.
Commissie Samenleving en Economie dinsdag 24 mei 2022
Pagina:
6
De VOORZITTER wijst erop dat voor een wijziging van de zienswijze een amendement nodig is. De heer VAN BUUREN heeft inhoudelijk geen bezwaren tegen de zienswijze, maar wil die op een aantal punten concreter zien. Als de rest van de raad de zienswijze echter prima vindt laat hij zijn voorstel zitten. De heer EILANDER sluit zich aan bij het initiatief voor pleegzinnen. Hij vraagt of Capelle voor de nieuwe periode van vier jaar een nieuwe gretige wethouder moet leveren of dat mevrouw Hartnagel dat zelf altijd al was geweest. Mevrouw SORMAZ hoorde zojuist dat de wethouder haar best heeft gedaan om uit huis geplaatste kinderen op te sporen, maar gebonden was aan privacywetgeving, waardoor het moeilijk was om iedereen te traceren. Zij vraagt in hoeverre het is gelukt om op dat vlak met de Kinderombudsman samen te werken en in hoeverre dat mogelijk is voor de nabije toekomst. Ook wil zij weten of de wethouder op de korte termijn kan vooruitblikken naar het komende najaar, waarin eventueel nieuwe beperkingen afgekondigd zullen worden. Bekend is al dat de scholen open zullen blijven, maar daarmee is alles nog niet opgelost voor de kinderen die weer zullen worden teruggeworpen in bepaalde omstandigheden, waarin ze zich niet prettig zullen voelen. Wellicht zijn er geleerde lessen uit het verleden die gebruikt kunnen worden om met de toekomstige situatie te kunnen omgaan.
De heer KERVER maakt een aanvullende opmerking over de pleegzorg, een ontzettend grote uitdaging. Wellicht is meer in te gaan op ervaringen van pleeggezinnen en is onderscheid te maken tussen fulltime of parttime pleegzorg en pleeggezinnen voor de korte en lange termijn. Het is volgens hem zeker vruchtbaar om daarover nog een keer het gesprek met elkaar aan te gaan. De heer STEGEMAN vraagt of de kosten van de praktijkondersteuners bij huisartsen bij de eerste lijn, de zorgverzekeraars, blijven liggen of ten laste komen van de jeugdzorg. Wethouder mevrouw HARTNAGEL antwoordt dat de gemeente de praktijkondersteuners bij huisartsen betaalt. De heer STEGEMAN vindt dat jammer, omdat als de huisarts de praktijkondersteuner onder diens eigen post kan declareren het hem gunstig lijkt voor de jeugdzorg. Wethouder mevrouw HARTNAGEL vertelt dat er bijna geen gemeente in Nederland als Capelle aan den IJssel is die zo goed en dicht op de gedupeerde ouders van de Toeslagenaffaire zit. Capelle aan den IJssel was de eerste gemeente die in 2012 naar de minister ging en in de media heeft verkondigd dat er gedupeerde ouders zijn. De klokkenluider daarvan heeft zeer recent een onderscheiding gekregen. Capelle heeft als een van de weinige gemeenten in Nederland ouders bijgestaan en de klokkenluider geloofd. De gemeente heeft toentertijd ook de jurist daarvoor betaald.
Capelle beschikt over een uitstekend team dat de ouders bijstaat. In totaal gaat het om 572 bereikte ouders. Zij zal met het team overleggen of er na de zomervakantie een informatieavond kan komen waarop de commissie wordt bijgepraat over wat er is gedaan en wat er nog wordt gedaan. In dit opzicht is de Kinderombudsman niet nodig, omdat het team al zoveel leden kent die korte lijnen met de ouders hebben en die hen ook weten te vinden. De Kinderombudsman is alleen nodig als de gemeente Capelle mensen niet geholpen zou hebben, wat gelukkig nog niet het geval is. Mevrouw SORMAZ begrijpt dat alle uit huis geplaatste kinderen weer terug bij hun ouders zijn. Wethouder mevrouw HARTNAGEL heeft net gezegd niet te weten hoeveel het er zijn in verband met privacywetgeving. Zij denkt dat het er misschien tien zijn, maar bij de gemeente heeft zich geen ouder gemeld die heeft gezegd dat zijn of haar kind uit huis is geplaatst. Over de mogelijkheden van een lokale campagne voor pleegouders wil zij graag in een kleiner comité nog een keer praten. Bij de tekst van de zienswijze blijft zij even vandaan. De gemeente doet haar best om dichtbij gezinnen te komen, zoals via kinderlabs en scholen, waar het CJG zit. Geprobeerd wordt de lijnen zo kort mogelijk te houden. Er zijn spreekuren voor mensen die willen gaan scheiden.
De heer VAN BUUREN kan zich voorstellen na september een thema-avond over het gezin als basis te organiseren. Mevrouw STUIFZAND deelt mee dat de gemeente de praktijkondersteuner bij huisartsen zelf betaalt en die bevindt zich op het grensvlak tussen eerstelijns zorg en de verantwoordelijkheid van gemeenten voor jeugdhulp.
Commissie Samenleving en Economie dinsdag 24 mei 2022
Pagina:
7
De VOORZITTER concludeert dat het voorstel kan worden doorgeleid naar de lijst van hamerstukken voor de raadsvergadering van 7 juni a.s. 7. Wijziging Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond De VOORZITTER licht toe dat de zeer beperkte wijziging vooral te maken heeft met een juridische aanpassing om een aantal mogelijkheden te creëren. De heer EILANDER vindt het goed dat is gekeken naar een wijziging voor een slagvaardiger GRJR. Bijsturen moet snel kunnen als dat nodig is. De aanpassing van secretaris naar directeur en het betrekken van meer directeuren lijkt hem goed, omdat het vaak over financiën, fte et cetera gaat. De afgelopen jaren heeft de ChristenUnie regelmatig met de wethouder geworsteld over het meer grip krijgen op diverse percelen van de gemeenschappelijke regeling. De wethouder is in het bestuur de vertegenwoordiging in de gemeenschappelijke regeling, waar gestuurd of bijgestuurd kan worden. Met name door de wijziging van artikel 10 dragen de colleges bevoegdheid aan het algemeen bestuur over. Hij vraagt zich af of raad en college dan de grip meer kwijt raken, waarmee zij de afgelopen jaren toch al hebben geworsteld. Hij begrijpt dat de bevoegdheid overgaat van het college naar de wethouder en de vraag is of dat verstandig is voor de grip op de GRJR.
Spreker vraagt of de wethouder het met hem eens is dat de raad, het college en misschien ook de wethouder verder op afstand komen te staan, juist door deze ingreep, en zo minder grip hebben op sturing op en rondom de gemeenschappelijke regeling. Mevrouw ROOS vindt het goed dat er in de regeling duidelijkheid komt over de mandaatverlening, maar vraagt zich ook af of die op dezelfde manier kan blijven controleren als die dat deed. Ook wil zij weten of er iets in de functie van secretaris verandert, nu die directeur zal worden genoemd en zo ja, hoe deze verandering in terminologie dan beoogt de governance te verbeteren. Uit het onderzoek naar de governancestructuur is gebleken dat de vorige overlegstructuur als tijdrovend en complex werd gezien. Zij vraagt hoe artikel 21 lid 6 dan kan bijdragen aan de verbetering van de overlegstructuur. Wethouder mevrouw HARTNAGEL heeft nu geen antwoord op de technische vragen van mevrouw Roos. In antwoord op de heer Eilander deelt zij mee dat er eigenlijk niets verandert. Als er ‘dagelijks bestuur’ in plaats van ‘algemeen bestuur’ had gestaan, dan was zij voor het voorstel gaan liggen, omdat het dan nog meer gaat om de directie. Zij is niet bang dat gemeenten minder invloed krijgen, omdat in dat opzicht in haar optiek niets verandert. Zaken wil zij niet uit handen geven als het belang van kinderen en jongeren ermee is gemoeid.
De heer EILANDER ziet in de tekst staan dat het college overdraagt aan de wethouder, zodat het lijkt dat men het wakend oog van het college kwijt is. Hij vraagt of daarmee de positie van de wethouder verandert. Mevrouw STUIFZAND antwoordt dat zoals het nu is beschreven het ook altijd al was. Bij de instelling van de gemeenschappelijke regeling was het dus al zo bepaald en het is destijds niet goed opgenomen in de gemeenschappelijke regeling zelf. Vandaar dat de technische wijziging is opgenomen. De heer EILANDER concludeert dat het altijd al zo heeft gewerkt en het nu goed is opgeschreven. Mevrouw STUIFZAND bevestigt dat. De heer EILANDER neemt daarmee voor dit moment even genoegen. Mevrouw STUIFZAND verzoekt mevrouw Roos haar vraag nog even te herhalen via e-mail, zodat die technisch te beantwoorden is. Mevrouw ROOS wil dat doen, maar vraagt zich af of het een technische vraag is, omdat uit de memorie van toelichting of andere stukken niet is gebleken hoe artikel 21 lid 6 bijdraagt aan het verbeteren van de overlegstructuur. De VOORZITTER stelt dat een vraag over een memorie van toelichting sowieso technisch van aard is. De VOORZITTER concludeert dat het voorstel onder voorbehoud van beantwoording van de technische vraag kan worden doorgeleid naar de lijst van hamerstukken voor de raadsvergadering van 7 juni a.s. 12. Rondvraag wethouder Hartnagel
Commissie Samenleving en Economie dinsdag 24 mei 2022
Pagina:
8
De heer KERVER ziet dat er momenteel veel Oekraïense vluchtelingen de regio binnenkomen en is benieuwd in hoeverre er aandacht is voor eventuele problemen waarmee zij kampen en of die lokaal opgevangen kunnen worden. Wethouder mevrouw HARTNAGEL antwoordt dat de burgemeester verantwoordelijk is voor die opvang, maar het college doet wat zij kan om Oekraïense kinderen naar school te geleiden. Alles wordt geregeld en daarop kan een beroep gedaan worden. Ook het CJG en mensen uit de gemeentelijke organisatie zijn daarbij betrokken. 8. Ontwerpbegroting 2023 en Jaarverslag 2021 Gemeenschappelijke Regeling GGD RotterdamRijnmond. De VOORZITTER deelt mee dat het college voorstelt kennis te nemen van de kaders voor 2023 en het Jaarverslag 2021 van de gemeenschappelijke regeling en om geen zienswijze naar voren te brengen over de Ontwerpbegroting 2023. Ook is het voorstel om de conceptbrief aan de secretaris vast te stellen en te verzenden. De heer VLOT begreep dat sprake was van een afname van het beschikbare budget, welke afname wordt ondervangen door een toename voor de komende twee of drie jaar. Hij vraagt op basis waarvan dat is besloten en of dat te maken heeft met corona en nu wordt ingezien dat de GGD meer geld nodig heeft dan gedacht.
Mevrouw PENTERMAN wil weten hoe de GGD zich momenteel voorbereidt op een nieuwe coronauitbraak, of daarop wordt geanticipeerd en wat daarover de afspraken zijn met de GGD. De heer VAN BUUREN denkt dat het terecht is om geen zienswijze in te dienen, behalve om de GGD te complimenteren met wat zij de afgelopen jaren aan werk heeft verstouwd. Dat compliment kan wellicht op een andere manier overgebracht worden. Hij stelt vervolgens een vraag over de GGD 3.0, het toekomstbeeld waarheen de GGD wil evolueren. Daarin staat dat ziekten voorkomen beter is dan ze te genezen en te komen van ziekte en zorg naar gezondheidsbevordering via een gezonde leefstijl. Dat is een prachtige denklijn, maar hij vraagt of de gemeente zich daarbij aansluit en daarvoor klaar is. De inspanningen van de gemeente moeten in dat opzicht complementair zijn aan wat de GGD doet. Verder gaat het om investeren in een gezonde leefomgeving, waarbij de GGD refereert aan de Omgevingswet en een intensievere betrokkenheid van de GDD bij grote stedelijke en gebiedsontwikkelingen. Hij vraagt of de Capelse praktijk daarop is ingericht, zodat de gemeente nadrukkelijk met de GGD over gezondheidseffecten van nieuwbouwontwikkelingen het gesprek voert en gezondheidsaspecten bij dat soort afwegingen een rol laat spelen.
De heer KERVER begrijpt dat allerlei situaties aanleiding zijn om de begroting niet voor een langere periode vast te stellen, wat ook weer sturingsmogelijkheden voor de periode 2024-2027 biedt. Er zijn twee wijzigingen in het basistakenpakket met betrekking tot toezicht op gastouderopvang en de inwerkingtreding van de Omgevingswet en de rol van de gezonde leefomgeving hierin. Hij informeert of de gemeente nog uitdagingen ziet met betrekking tot deze basistaken. Mevrouw PENGEL vindt de uitbreiding van een basispakket in het oog springen om de continuïteit van en de samenhang binnen de publieke gezondheidszorg te bevorderen. Capels Bewoners Belang kan daarmee instemmen. Er is sprake van uitbreiding van het Wmo-toezicht met 1 fte om op diverse momenten meer inzet te plegen op het toezicht en het uitvoeren van verschillende onderzoeken mogelijk te maken. Zij vindt het goed te lezen dat in maatwerk wordt geïnvesteerd. En omdat het altijd beter kan moedigt zij aan hierin te blijven investeren. Het vastgestelde visiedocument laat zien dat de GGD werkt aan een betere slagvaardigheid door onder andere lering te trekken uit de coronaperikelen en zich anticiperend op te stellen. De wendbaarheid van de GGD blijkt ook uit het verleggen van aandacht van ziekte en zorg naar gezondheidsbevordering via een gezonde leefstijl door het stimuleren en faciliteren van gezond gedrag.
Dat zijn allemaal mooie ontwikkelingen en vooruitzichten. Het moment van meten van de geleverde prestaties en de aanlevering van de eerste en tweede en tussentijdse rapportages lopen helaas niet synchroon, waardoor geen adequate meting van de prestaties kan plaatsvinden. Daardoor komt ook bijsturing in gevaar. In 2022 wordt nog gesproken hoe dit beter en efficiënter uit is te voeren. Zij vraagt of daarvoor al een moment is gepland om het meten van die prestaties adequaat te kunnen uitvoeren.
Commissie Samenleving en Economie dinsdag 24 mei 2022
Pagina:
9
Wethouder de heer WILSON moet het antwoord op de laatste vraag nagaan. In antwoord op de heer Vlot gaat het om het jaarlijks af te geven indexpercentage door de kring van gemeentesecretarissen. Dat percentage bedraagt voor het begrotingsjaar 2023 4,8. Qua financiën komt er nog meer op gemeenten af. Die zaken gaat men eerst in kaart brengen, evenals de bijdrage van het Rijk en de herijking op dat gebied. Het Rijk wil heel erg inzetten op het voorkomen van ziekten, maar de vraag is of daarbij ook geld beschikbaar komt. Er is ook een lokaal preventieakkoord en vorig jaar is ook een beleidskader maatschappelijke ondersteuning en gezondheid vastgesteld. De gemeente werkt met de huisartsen heel goed samen en ook Sportief Capelle zet op preventie in. Van de coronapandemie is geleerd voorbereid te zijn op de toekomst. Hoe beter je eigen gezondheid is, hoe beter je overlevingskansen zijn. De ontwikkelingen in het najaar zijn nog ongewis. Volgens hem wordt nu niets extra’s gedaan. Aan de GGD heeft hij gevraagd om een informatieavond te beleggen over de omgang met corona in het najaar. De GGD zegt daarop te zijn voorbereid. Het testbeleid is echter volledig afgeschaald en het is hem onduidelijk of er in het najaar weer op te schalen is. Daarover maken hij en zijn collega’s in de regio zich zorgen. Die zorgen worden meegegeven aan de GGD.
De gemeente Capelle is klaar voor de Omgevingswet en de GGD was dat nog niet. Die wil graag wat meer fte daarvoor beschikbaar hebben, zodat zij de gemeenten wat beter kan bedienen. Daarover is door het algemeen bestuur een discussie gevoerd, omdat niet elke gemeente daarvoor wil betalen. De heer VAN BUUREN begrijpt dat als er regionaal geen draagvlak is om van de Omgevingswet een basistaak te maken het voorstel aan de raad zou zijn om die expertise als plustaak in te kopen. Wethouder de heer WILSON zou dat advies geven, vanwege een aantal projecten binnen Capelle waarbij het college die expertise wil gebruiken. Bij andere gemeenten speelt er heel weinig, zodat zij de expertise in het kader van de Omgevingswet niet als basistaak willen hebben. De heer VAN BUUREN vindt het fijn dat die afweging in geval van geen overeenstemming in de regio bij de raad terugkomt. Tweede termijn Mevrouw PENGEL begrijpt dat haar technische vraag over het meten van geleverde prestaties en het niet synchroon lopen van de eerste en tweede tussenrapportage daarmee ambtelijk zal worden beantwoord. De VOORZITTER bevestigt dat en concludeert dat het voorstel zal worden doorgeleid naar de lijst van hamerstukken van de raadsvergadering van 7 juni a.s. Vervolgens schorst hij de vergadering om 21.31 uur. Schorsing. De VOORZITTER heropent de vergadering om 21.40 uur. 9.
Jaarstukken 2021 en Primitieve Begroting 2023 Promen De VOORZITTER deelt mee dat het college voorstelt om: - kennis te nemen van de Jaarstukken 2021 Promen, het maatschappelijke jaarverslag ProWork 2021, de primitieve begroting Promen 2023 en de primitieve begroting Prowork 2023; - ten aanzien van de voorlopige Jaarstukken 2021 en de primitieve begroting 2023 een zienswijze kenbaar te maken aan het dagelijks bestuur; - de conceptbrief met de zienswijze aan het algemeen bestuur van Promen vast te stellen. De heer PATTY kan zich, rekening houdend met de controleverklaring van de onafhankelijke accountant, vinden in de gevraagde beslissing. Leefbaar Capelle is verheugd over het feit dat Promen over 2021 toch een voordelig resultaat wist te behalen en dat dat niet teruggestort wordt naar de gemeenten, maar wordt toegevoegd aan de reserve luchtbehandelingssystemen. Mevrouw WEEMHOFF heeft daaraan eigenlijk niet zoveel toe te voegen en vindt wat Promen in de afgelopen jaren heeft bewerkstelligd heel knap. De heer VLOT voegt toe dat het mooi is om dat te zien. De gemeente intensiveert het contact met Promen en betrekt dat bij onder andere social return.
Commissie Samenleving en Economie dinsdag 24 mei 2022
Pagina:
10
In de begroting is een afnemend energieverbruik opgenomen, terwijl de Capelse vestiging aan de Hoofdweg geen zonnepanelen op het dak kan plaatsen. De heer EILANDER sluit zich aan bij de gegeven complimenten, welke complimenten in de zienswijzebrief alleen naar de jaarstukken gaan. De complimenten vindt hij juist betrekking hebben op wat in de bedrijfsvoering is gedaan. Zelfs het ziekteverzuim is op een laag peil gebleven. Daarom geeft hij de wethouder in overweging om de complimenten breder te maken en te richten op wat vorig jaar is bereikt. Mevrouw PENGEL kan Promen zeker met het sluitende resultaat over 2021 complimenteren vanwege het blijven binnen het beschikbaar gestelde budget. Een ander compliment is dat Promen de kwetsbare doelgroep behalve werk ook een veilige thuishaven biedt. Promen staat verder voor vanuit de kernwaarden respect ontwikkelen, resultaatgerichtheid en samenwerken. Daarmee geeft Promen richting en inhoud aan de missie om mensen met een kwetsbare positie op de arbeidsmarkt te ontwikkelen naar betaald werk en daarmee bij te dragen aan hun zelfredzaamheid. Promen beschikt daartoe over een grote variëteit aan werkplekken, zowel bij de eigen bedrijfsonderdelen als bij andere bedrijven en instellingen. De organisatie zoekt daarbij continu naar de balans tussen het vinden van geschikt werk voor de doelgroep en werk dat voldoende opbrengt.
Zij stelde in de vergadering van de commissie BVM van 23 mei jl. al een vraag hoe de gemeente erin voorziet dat werk voor bijstandsgerechtigden daadwerkelijk lonend is. Spreekster vraagt of op dit gebied maatwerk wordt geleverd of dat het doel is om mensen aan het werk te krijgen, ongeacht of zij er op hun plaats zijn en er sprake is van maatwerk. Promen is merkbaar in transitie van productiebedrijf naar een excellent mensontwikkelbedrijf. Waar voorheen de focus op productie lag ligt die nu steeds meer op ontwikkeling, zoals uit het maatschappelijk jaarverslag blijkt, waarmee zij Promen complimenteert. De heer STEGEMAN geeft ook complimenten aan Promen en herinnert aan het goede verhaal tijdens de introductieavond voor de raad. De menselijke maat staat nu hoog in het vaandel, waarvoor hij slechts waardering heeft. De heer VAN BUUREN sluit zich aan bij de gegeven complimenten, zeker gelet op de problemen in de voorgaande jaren. De suggestie van de heer Eilander om complimenten te geven voor wat is gedaan deelt hij. Het viel hem op dat in de zienswijze gevraagd wordt de gemeente te informeren als zich onvoorziene risico’s voordoen. Hij vraagt of dat nu nog geen staande praktijk is. Als dat wel zo is, is het de vraag waarom het nodig is om die zin zo expliciet in de zienswijze op te nemen.
Het valt hem op dat dankzij de krappe arbeidsmarkt de uitstroom van mensen die doorstromen naar buiten Promen vaak prima is en dat ook het karakter van de instroom verandert. Hij is benieuwd welke consequenties dat voor Promen heeft en of Promen daarop inspeelt. Je zou kunnen zeggen dat een categorie mensen met meer beperkingen instroomt en hij vraagt wat dat voor Promen betekent en of de organisatie voldoende is geëquipeerd om met een andere doelgroep net zo succesvol als nu te blijven. Mevrouw DEN ENGELSMAN geeft eveneens complimenten voor de stukken van Promen, waarin zij steeds meer het mensontwikkelende bedrijf ziet ontstaan. Promen speelt ook in op innovatieve ontwikkelingen en gaat mee in de circulaire economie, waarbij wordt geprobeerd op dat gebied meer werk binnen te halen. Daarnaast wordt geprobeerd vaktechnisch geschoolde werkleiders binnen te halen. Ook wordt geprobeerd steeds meer op andere gebieden mensen aan het werk te krijgen. ProWork vermeldt in het jaarverslag de module ‘statushouders naar werk’, waarin te zien is wat het aanbod vanuit Promen is met een taalklas, e-learning en taalmaatjes op de werkvloer. In de BVMcommissievergadering van 23 mei jl.
ging het over de gemeenschappelijke regeling IJsselgemeenten, waarbij naar voren kwam dat 53% van de cliënten een niet-Westerse achtergrond heeft, waardoor taal in meer of mindere mate een belemmering bij de re-integratie naar werk vormt. Zij vraagt of vanuit de GR IJsselgemeenten deze statushouders ook richting Promen gaan om de taal beter te leren. Ook bleek in die vergadering dat er een arbeidsmakelaar zal worden ingezet, waarvoor geld gevraagd werd. Wethouder Financiën Van Veen wist daarvan niets af. Zij concludeert derhalve dat de commissie BVM iets goedkeurt waarover commissieleden nog inhoudelijke vragen hebben. Die zouden zij dan als technische vraag moeten stellen. Wellicht is er in dezen een gecombineerde vergadering van de commissies BVM en SLE nodig, zodat ook op dat soort vragen antwoord kan worden gegeven.
Commissie Samenleving en Economie dinsdag 24 mei 2022
Pagina:
11
De VOORZITTER vindt die laatste vraag meer bedoeld voor de Agendacommissie. Mevrouw DEN ENGELSMAN suggereert die vraag dan bij de rondvraag te stellen, waarbij er een combinatie mogelijk is met IJsselgemeenten waarbij dat probleem wordt aangegeven. Mevrouw ROOS wil Promen ook zeker complimenteren. Mevrouw PENTERMAN geeft ook complimenten en sluit zich aan bij de heer Eilander om de complimenten breder te trekken. Wethouder mevrouw WESTERDIJK zegt dank voor de complimenten, die volgens haar terecht zijn, gezien dat Promen dit jaar geconfronteerd werd met mensen die door corona minder makkelijk het huis uit gingen. Het werk heeft echter altijd kunnen doorgaan. In onzekere periodes heeft het werk ook steun geboden. Bij Promen staan de mens en het werk centraal. Het gaat dus niet alleen om resultaatgerichtheid, mensen aan het werk te hebben en uitstroom naar werk. Promen is echt een mensontwikkelbedrijf geworden, dat zorgt dat mensen de opstap naar werk kunnen maken. Promen is van oudsher een Sw-bedrijf, waarin mensen vanuit de Sw-voorziening zitten en ProWork, waarin de participatietrajecten geregeld worden. Zij deelt de zorg van mevrouw Pengel. Geprobeerd wordt om die in het maatschappelijk jaarverslag vorm te geven en te zorgen dat de ontwikkeling van de mensen centraal staat en stapjes gezet kunnen worden.
Mevrouw PENGEL was zelf al op haar vraag teruggekomen door zelf te verwijzen naar het mensontwikkelbedrijf. Zij vindt het toch fijn dat de wethouder nog daarop reageerde. Wethouder mevrouw WESTERDIJK vervolgt met het karakter van de instroom. Promen was van oudsher een Sw-bedrijf, dat heel veel ervaring heeft opgedaan met mensen met een ruimere afstand tot de arbeidsmarkt. De zorg over de instroom heeft zij zowel in het dagelijks en algemeen bestuur gedeeld. Die besturen zien juist mogelijkheden door het meer dan anderen kunnen aanbieden van specialistische trajecten en het hebben van ervaring daarin. Promen is altijd op zoek om te zorgen dat de werksoorten bijdragen aan de ontwikkeling van de mensen, waarbij ook een stukje loonwaarde wordt gecreëerd. De raad gaat zelf over de zienswijze en het college heeft daarvoor een suggestie gedaan. In de aanbiedingsbrief is juist geprobeerd te verwoorden dat de complimenten breder zijn dan alleen de technische zienswijze op de jaarstukken. Zij kan zorgen dat de uitgesproken complimenten bij Promen terechtkomen. Ze staan ook in het verslag en ook zelf heeft zij die al overgebracht. De andere zorg gaat om het door Promen benoemen van onvoorziene risico’s als die zich voordoen. Het college heeft daarmee willen benadrukken in te zien dat er sprake is van onzekere periodes.
Ten tijde van het opmaken van de jaarstukken was er minder werk door het niet aanleveren van producten vanwege de Oekraïneoorlog. Als zich risico’s voordoen inhoudende dat leveringen niet doorkomen ontstaan er hindernissen en wil het college daarover vroegtijdig geïnformeerd worden. De heer Vlot vroeg zich af hoe het energieverbruik kan afnemen. Promen ziet ook kans om een duurzaam mensontwikkelbedrijf in alle facetten te zijn. Promen is ook duurzaam in het gebruik van het wagenpark en klimaatbeheersing. In Gouda is onlangs gestart met grondboringen om aardwarmte te kunnen gebruiken, waarmee een reductie op het energiegebruik is te genereren. Zij vermoedt dat daarop al ietsje vooruit is gelopen door die besparingen al te laten terugkomen. Gepoogd is om meer trajecten richting Promen te brengen. Ook daar ligt een kans met social return. Bedrijven kan men laten zien dat er via Promen een mogelijkheid is om hen te ondersteunen. Dat is een van de ontwikkelkansen voor social return. Die kans is in ontwikkeling, maar nog niet uitgevoerd. De GR IJsselgemeenten en Promen werken intensief samen. De taalvaardigheden waarop Promen doelt voor mensontwikkeling zijn ondersteunend aan de mensen die daar trajecten doen. IJsselgemeenten koopt ook trajecten in. Het kan zijn dat iemand daar ondersteuning krijgt ten tijde van dat traject. Die kan er onderdeel van zijn.
De meeste taalondersteuning gebeurt echter op een andere manier in de trein op weg naar werk van de GR IJsselgemeenten. Die wordt dan via IJsselgemeenten ingezet waarvan Promen een onderdeel kan zijn, maar taal is vaak niet het hoofddoel bij Promen. Gisteravond bood zij aan aanwezig te zijn bij de vergadering van de commissie BVM. Het betrof echter financieel-technische jaarstukken te behandelen door de commissie BVM, waarvoor zij geen uitnodiging had gehad. De commissie is echter vrij om haar aanwezig te laten zijn bij een commissievergadering. Het is een goede suggestie om commissievergaderingen te combineren, maar dat is aan de commissies zelf. Tweede termijn
Commissie Samenleving en Economie dinsdag 24 mei 2022
Pagina:
12
De heer VAN BUUREN kan leven met de toelichting van de wethouder op het verzoek aan Promen om de gemeente te informeren als zich onvoorziene risico’s voordoen als gevolg van de coronacrisis en de oorlog in Oekraïne. De wethouder stelde ook voor de complimenten mondeling in een eerstvolgende bestuursvergadering in te brengen en geen plek te geven in een zienswijze. Hij vraagt zich af welke de afweging van de wethouder is om dat zo te doen. Wethouder mevrouw WESTERDIJK merkt op dat de complimenten uitgebreider in de zienswijze staan. De vorige keer waren de complimenten uitgebreider, maar toen werd aangegeven dat de zienswijze zakelijker moest zijn. Vervolgens moest de zienswijze vriendelijker worden. Nu is geprobeerd daarin een tussenweg te vinden. De VOORZITTER concludeert dat het voorstel kan worden doorgeleid naar de lijst van hamerstukken voor de raadsvergadering van 7 juni a.s. 10. Jaarrekening 2021, Financiële begroting 2023 en Meerjarenraming 2024-2026 Recreatieschap Hitland De VOORZITTER geeft aan dat het voorstel aan de raad is: - kennis te nemen van de Jaarrekening 2021 van Recreatieschap Hitland; - ten aanzien van de Financiële begroting 2023 en Meerjarenbegroting 2024-2026 Recreatieschap Hitland geen zienswijze kenbaar te maken bij het algemeen bestuur.
De heer VAN BUUREN is het ermee eens om geen zienswijze in te dienen en vraagt of de raad gelegenheid heeft gehad om kaders voor de nieuw op te stellen toekomstvisie van Recreatieschap Hitland te geven of alleen kan deelnemen aan het participatieproces daarvoor. Logischer zou het zijn eerst als raad een kaderstellend gesprek te hebben over binnen welke marges die toekomstvisie zich moet bewegen en wat het ambitieniveau van de raad inzake Hitland is. Op basis daarvan kan met andere stakeholders in gesprek worden gegaan over de invulling daarvan. De heer PATTY geeft aan dat de afgegeven controleverklaring van de onafhankelijke accountant Leefbaar Capelle tot tevredenheid stemt. Hij kan zich vinden in de gevraagde beslissing. Wat betreft de toekomstvisie sluit hij zich aan bij de heer Van Buuren. Spreker hoopt echter dat die geactualiseerde toekomstvisie aan het eind van dit jaar rond zal komen. Mevrouw DEN ENGELSMAN stemt eveneens in met het uitbrengen van geen zienswijze en geeft complimenten. De verwachting was in verband met corona dat cijfers zouden tegenvallen, maar ze zijn toch positief. Ook geeft zij complimenten aan de werkgroep Hitland, die ondanks de omstandigheden toch bijeen is gekomen. Het CDA is blij dat er binnen het jaarverslag aandacht is voor die werkgroep, bestaande uit vrijwilligers uit de gemeenten Zuidplas en Capelle aan den IJssel, die goed werk doen.
In de toekomstvisie worden de kaders en de uitgangspunten van de huidige visie in het vierde kwartaal geactualiseerd. Een eindresultaat wordt verwacht in het eerste kwartaal van 2023, dat naar de colleges en de raden gaat. Misschien is het handig en leerzaam om met de twee gemeenteraden gezamenlijk daarover te laten spreken. Wethouder mevrouw WESTERDIJK zegt ook hier dank voor de complimenten. Na vorig jaar was het goed om er strak bovenop te zitten en het advies van de SGP over een goed tijdpad te volgen. Daarin wordt goed bezien of alle trajecten gevolgd kunnen worden, zodat er tijdig een goedkeurende verklaring is. Zij denkt daarin geslaagd te zijn, hetgeen complimenten aan de directeur waard is. Er zijn ook complimenten aan de werkgroep, die goed werk verricht. De door de werkgroep genoemde punten worden opgepakt en er zijn eveneens complimenten aan de directeur, die ruimte aan de werkgroep voor samenwerking biedt. Kaders van de raad zouden nodig zijn als het tot een heel nieuwe toekomstvisie zou komen, maar er is nu gekozen voor een geactualiseerde toekomstvisie, omdat de huidige visie nog niet zo heel oud is. De raad wordt daarbij uitgenodigd voor een participatieavond. Op 9 juni a.s. is er een informatieavond en op 27 juni a.s. een inspraakavond met de andere stakeholders en de gemeenteraad van Zuidplas. Beide gemeenteraden zijn voor een van die avonden uitgenodigd.
Op 6 oktober a.s. is er ook nog een inspraakavond. In het eerste kwartaal van 2023 zal de vernieuwde toekomstvisie naar verwachting worden opgeleverd.
Commissie Samenleving en Economie dinsdag 24 mei 2022
Pagina:
13
De VOORZITTER concludeert dat het voorstel kan worden doorgeleid naar de lijst van hamerstukken voor de raadsvergadering van 7 juni a.s. 11. Evaluatie social return 2020/2021 De VOORZITTER brengt naar voren dat met de vaststelling van de Najaarsnota 2021 de raad heeft ingestemd met een structurele ophoging van de formatie ten behoeve van de uitvoering van het social returnbeleid met 0,43 fte tot 0,83 fte, waarop een evaluatie zou komen. Die evaluatie ligt nu voor. De heer PATTY kan zich vinden in de gevraagde beslissing en spreekt de hoop uit dat dat het gemiddelde percentage aan SR-verplichtingen op enig moment toch op 5 uitkomt. Het doet Leefbaar Capelle wel deugd dat over de periode 2018 tot en met 2021 sprake was van een stijgende lijn wat betreft social return. Leefbaar Capelle kijkt uit naar de besteding van het fonds, ziet graag de verantwoording tegemoet en is verheugd over het ter hand nemen van de ondersteuning als het gaat om sociale return richting de Capelse stichtingen en de gemeenten Krimpen en Zuidplas. Dat kan alleen maar ter versterking van Capelle zijn. De heer VAN BUUREN ziet een mooie en inzichtelijke evaluatie voorliggen. Het is interessant dat soms de realisatie van social return hoger is dan de verplichting en hij vraagt zich af waarin hem dat nou zit en of de gemeente daarmee wat kan.
Zijn bedrijven intrinsiek gemotiveerd om aan social return te doen of zijn ze heel creatief met boekhouden en kunnen ze die verplichting redelijk makkelijk aantonen omdat ze toch al dingen doen? Ook vraagt hij of de categorie maatschappelijke activiteiten breder te definiëren is. Hij kan zich ook voorstellen na te denken over het versterken van de link tussen het fysieke en sociale domein, zoals activiteiten die nu via het Denk & Doe Mee!-fonds lopen via een social return-verplichting realiseren. Tot slot wil hij weten hoe de gemeente omgaat met het niet altijd betalen van boetes. De heer VLOT valt het op dat bij een van de doelstellingen de vermelding ‘geen’ staat en sluit zich aan bij de heer Van Buuren betreffende het niet betalen van boetes. Bij sancties zou het gaan om € 180.000,-, waarvan € 73.000,- is voldaan. Drie schuldenaren hebben hun boetes niet voldaan en zij zouden goed zijn voor € 110.000,-. Hij vraagt of het gaat om grote bedrijven met veel aanbod en informeert waarom zij hun boetes niet hebben voldaan. Mevrouw WEEMHOFF is benieuwd welke sancties de gemeente kan opleggen aan bedrijven die niet aan hun verplichtingen voldoen. Capelse certificaten lijken een mooi idee en zij is benieuwd hoe die gaan uitpakken. Zij wil weten hoe leren erbij kan worden betrokken en of er meer betrokkenheid is dan van twee medewerkers van de gemeente.
Mevrouw ROOS is het gebleken dat veel opdrachtnemers de verplichting aan het einde van de overeenkomst niet of niet volledig hebben ingevuld, waarvoor 21 sancties zijn opgelegd. Het lijkt haar beter zich op preventie te richten, zodat zij vraagt hoe het college van plan is ervoor te zorgen dat meer opdrachtnemers de verplichting van het social returnfonds eerder gaan invullen, zodat sanctionering achterwege kan blijven. Uit de stukken blijkt dat het een aandachtspunt is om de informatie over uitnutting en meerwerk tijdig ter beschikking te stellen. Zij vraagt hoe het college van plan is hierin te verbeteren. De heer EILANDER vindt een mooie en inzichtelijke evaluatie voorliggen, die een langzaam stijgende lijn laat zien op de inzet van social return. Die lijn mag van hem eigenlijk nog wel meer stijgen, waarvoor er ook een verbeterplan op de doorontwikkeling uit 2019 is om minimaal 5% te halen. Hij vraagt of het college nog meer mogelijkheden ziet dan nu al in die doorontwikkeling. Verbreding van maatschappelijke activiteiten spreekt hem eigenlijk het meeste aan van alle doorontwikkelingspunten. De vraag is wat er nog meer nodig is om die 5% of meer te behalen. Voor het overige stemt hij in met het voorstel en is dat voor hem voldoende om de extra fte in te zetten. Mevrouw PENTERMAN vindt de stukken helder. Verschillende keren is aangegeven dat de 5% echt gehaald moet worden.
Zij vraagt zich af of dat percentage in de huidige markt wel reëel is, gezien alle stijgende kosten en de huidige arbeidsmarkt. De gemeente is heel actief op het gebied van social return en zij informeert of de andere gemeenten dat ook zijn.
Commissie Samenleving en Economie dinsdag 24 mei 2022
Pagina:
14
Mevrouw SORMAZ noemt de stukken eveneens helder en sluit zich aan bij de vraag of het percentage van 5 reëel is. Mevrouw PENGEL stemt in met de vaststelling van de evaluatie social return 2020/2021, specifiek met een structurele ophoging van de formatie ten behoeve van de uitvoering van het social returnbeleid, zodat meer mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt aan de slag kunnen gaan. Zij vindt het van groot belang dat Capellenaren beschikken over een dagbesteding en dat hun arbeidsontwikkeling wordt bevorderd. Een dagbesteding bevordert namelijk maatschappelijke deelname en voorkomt het geïsoleerd leven. Capels Bewoners Belang juicht verder uitbouw van het contact met netwerkpartners toe, evenals meer invulling via sociale werkvoorziening en ondersteuning bij de invulling van social return binnen Capelse stichtingen en Krimpen en Zuidplas. Mevrouw DEN ENGELSMAN sluit zich aan de vraag van de heer Van Buuren, zeker wat betreft de uitbreiding van social return naar maatschappelijke organisaties en het Denk & Doe Mee!-fonds. Facturen van opgelegde sancties blijken voor ruim € 106.000,- nog niet te zijn betaald en men zou kunnen verwachten dat het ook sancties zijn uit 2018. De vraag is hoe die bedragen nog zullen worden geïnd en wat de inzet daarop zal zijn. Ook wil zij weten hoe kan worden ingezet op meer preventie en om te zorgen dat er geen sancties worden opgelegd.
De heer STEGEMAN sluit zich aan bij mevrouw Den Engelsman. Wethouder mevrouw WESTERDIJK heeft via social return heel veel mensen de kans gegeven om in het arbeidsproces deel te nemen op basis van contracten die de gemeente met bedrijven en partners in de gemeente afsluit als ze een waarde hebben van € 50.000,-. Naast Rotterdam is Capelle daarbij een koploper in de regio. Vier jaar geleden was nog sprake van een beginstadium en sindsdien heeft Capelle echt stappen gezet. Daarvoor geeft zij een compliment aan mevrouw Van Groenestein. De commissie focust zich een beetje op contracten en opgelegde boetes. In 2018 waren er 81 dossiers, in 2019 96 dossiers, in 2020 111 dossiers en in 2021 zelfs 137 dossiers. Over die hele periode zijn er 21 boetes opgelegd, wat marginaal is. De gemeente zit niet bovenop de inning, omdat contracten soms meerdere jaren lopen. Per jaar wordt gekeken of aan de social returnverplichting wordt voldaan. Soms kan een conflict ontstaan over een contract, wat de inning van de sociale returnverplichting bemoeilijkt. Over waarin hem dat dan zit kan zij geen uitspraak doen. Wat betreft het streven naar 5% social return kijkt het college naar het soort en type contract dat mogelijk is. Mensen wordt een kans gegeven bij een bedrijf en dan wordt gekeken naar het type contract om zoveel mogelijk social return te genereren.