CConstaterende datCapelle Ad Ijssel
Koppel je AI →
Document · PDF

02.01 - Vastgesteld notulen raadsvergadering 27-09-2021

Gemeenteraad 8 november 2021, gemeente Capelle Ad IjsselBij agendapunt: Vaststellen notulen raadsvergadering 27 september 202123.876 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

De gedachte achter de coördinatieregeling is dat bij de voordeur al voldoende participatie heeft plaatsgevonden waardoor alle vergunningsaanvragen snel afgewikkeld kunnen worden. Is de heer Van Buuren het daar mee eens? De heer VAN BUUREN: Voorzitter, dat zou heel goed kunnen. Als wij tegen de toepassing van de coördinatieregeling stemmen, dan worden de vergunningen alsnog los van elkaar aangevraagd. Als wij met elkaar over het belang van B6 willen praten, dan moeten wij niet dit punt aangrijpen. Dan moeten wij daarover op een ander moment met de wethouder van gedachten wisselen. Mijn voorstel van orde is om tijdens deze beraadslagingen niet de suggestie te wekken dat wij B6 kunnen regelen, want dat kunnen wij niet. De VOORZITTER: Mijn voorstel is dat wij de wethouder laten reageren op dit punt. Daarna kijk ik naar de fractievoorzitters om te reageren op het punt van orde van de heer Van Buuren. Het woord is aan wethouder Struijvenberg. Wethouder STRUIJVENBERG: voorzitter, het wel of niet toepassen van de coördinatieregeling, is niet van invloed op de uitvoering van de motie en het gesprek daarover met de raad. Dat gesprek is hetzelfde met een coördinatieregeling als zonder een coördinatieregeling. Dat staat vandaag inderdaad niet op de agenda. De VOORZITTER: De heer Vlot mag aangeven of wij stoppen met dit debat of dat wij hiermee doorgaan.

De heer VLOT: Voorzitter, ik meen dat er nog een partij was die de onthamering van dit stuk had aangevraagd. De VOORZITTER: Ik ga een rondje maken om te inventariseren wat alle partijen willen. U mag als eerste aangeven of u het debat wil vervolgen. De heer VLOT: Voorzitter, ik hoor het antwoord van de wethouder, maar ik heb de motie in mijn hoofd. Ik hoor graag van de wethouder dat hij een stap verder gaat zetten. Vandaar dat ik de 'kaarten in de mouw' noemde. Het is lastig praten als er vertrouwelijke collegebrieven zijn die soms verder gaan dan de realiteit die wij kennen. De VOORZITTER: Snapt u het argument van de wethouder?

210927

pagina: 17 van 38

De heer VLOT: Voorzitter, ik snap dat het gaat over de coördinatieregeling. Ik heb mijn bedenkingen om het op deze wijze te doen. Ik vroeg of dit is om de zaken te versnellen of om de zaken soepel te regelen voor de ontwikkelaar. Nogmaals, ik heb niks tegen de ontwikkelaars. De VOORZITTER: De heer Raadsen mag reageren op het punt van orde van de heer Van Buuren. De heer RAA DSEN: Voorzitter, ik begrijp de opmerking van de heer Van Buuren. Er ligt een impliciete veronderstelling ten grondslag aan zijn betoog, namelijk dat wij ons in het kader laten manoeuvreren van een dichotomie van voor of tegen de coördinatieregeling? Als wij het daarbij laten, dan heeft de heer Van Buuren volkomen gelijk. Er zijn echter meer mogelijkheden dan deze dichotomie. Er zijn vanavond insprekers geweest die erop wijzen dat er allerlei problemen zijn. Voor het oplossen van deze problemen kan het verstandig zijn om het spoor van de coördinatieregeling niet in te zetten, maar eerst te kijken naar mogelijke oplossingen. Vervolgens ontstaat er ruimte om in het ontwerp de vrijgekomen ruimte te gebruiken om hiervan een mooi plan te maken. Kortom, er is wel degelijk een relatie tussen de inhoud van het ontwerp en de procedure die wij gaan bewandelen. De VOORZITTER: Ik ben de voorzitter en geen onderwijzer, maar er luisteren mensen mee. Ik denk dat iedereen afhaakt.

Met dit soort woorden en termen maakt u het erg ingewikkeld. Het woord is aan mevrouw Weemhoff. Mevrouw WEEMHOFF: Voorzitter, de PvdA sluit zich aan bij de woorden van GroenLinks. Mevrouw VAN DER KLAUW: Voorzitter, het lijkt alsof de commissie wordt overgedaan. Daarin ging het tevens over de coördinatieregeling en terloops kwamen allerlei andere zaken op tafel. De wethouder heeft toen de toezegging gedaan dat hij ons op de hoogte zou brengen, terwijl dat niet over dit agendapunt ging. Wij horen vanavond de insprekers en er zijn bepaalde punten waarover nagedacht en besloten moet worden. Ik ga mee met het ordevoorstel, want zo is dit agendapunt bedoeld. Het lijkt mij goed dat in een later stadium de uitvoering van de motie en alle andere zaken die wellicht voor problemen zorgen te bespreken. De VOORZITTER: U noemt de insprekers. Los van de opmerking van de heer Van Buuren kan het zijn dat raadsleden willen inspelen op de opmerkingen van de insprekers. Mevrouw VAN DER KLAUW: Voorzitter, bij dit agendapunt is dat niet aan de orde. Dit is een procedureel vraagstuk. De inbreng van de ins prekers moeten wij meenemen naar een volgende commissievergadering waarin wij over de uitwerking van de motie gaan praten. De VOORZITTER: Ik snap wat u bedoelt. Het woord is aan mevrouw Den Engelsman.

Mevrouw DEN ENGELSMAN: Voorzitter, het voorliggende voorstel gaat over de keuze voor de coördinatieregeling voor een verkorte procedure of dat wij de inwoners met losse vergunningen meer bezw aarmogelijkheden geven. Gezien de insprekers wil ik dit stuk behandelen. Ik heb nog een paar vragen aan de wethouder dat mij kan helpen in de keuze om voor of tegen de toepassing van de coördinatieregeling te stemmen. De VOORZITTER: Daarover zegt mevrouw Van der Klauw dat het in een ander gremium kan. Dat is niet aan de orde bij de beslissing van dit agendapunt. Mevrouw DEN ENGELSMAN: Voorzitter, wat mij betreft is dat wel aan de orde. Als wij kiezen voor een coördinatieregeling, dan beperken wij de bezwaarmogelijkheden van omwonenden en belanghebbenden. Met de coördinatieregeling kunnen zij alleen naar de Raad van State. Anders is er nog een bezw aar- en beroepsprocedure. Dat is een degelijk verschil voor belanghebbenden. De VOORZITTER: Het woord is aan de heer Schaatsbergen. De heer SCHAA TSBERGEN: Voorzitter, net als de heer Van Buuren zat ik te wachten op een onderbreking in het betoog van de heer Vlot. Ik vraag mij af hoe een hamerstuk waarover in de commissie is besloten dat het een hamerstuk zou worden, op deze manier toch een bespreekstuk is geworden.

210927

pagina: 18 van 38

Daar is niks op tegen, zolang het over de coördinatieregeling gaat. Ik heb het vermoeden dat de heer Vlot de discussie wil voeren over de uitwerking van de motie. Dit lijkt mij daarvoor niet de juiste plek. Daarvoor ontbreekt het ons aan alle mogelijke stukken. Die discussie is niet vrijuit in de commissie gevoerd en zal daarom vanavond niet in de raad gevoerd moeten worden. De VOORZITTER: De heer Vlot heeft een interruptie. De heer VLOT: Voorzitter, is de heer Schaatsbergen zich ervan bewust dat er geen uitgesproken consensus en dat het nog hangende was boven de markt of het wel of geen hamerstuk zou worden? Ten tweede zijn de collegebrieven er gekomen. Die informatie was niet beschikbaar tijdens de commissievergadering. De heer SCHAATSBERGEN: Voorzitter, daar is niks op tegen. Als ik de agenda van de raad krijg waarop een hamerstuk staat vanuit de commissie, dan ga ik ervan uit dat de voorzitter van die commissie geconcludeerd heeft dat er voldoende reden was om over te gaan tot een hamerstuk. Het staat u altijd vrij om een stuk te onthameren indien er nieuwe informatie komt met betrekking tot het stuk. Dat heb ik u nog niet horen zeggen? De heer VLOT: Voorzitter, dat is wel degelijk aan de orde geweest. De bekende opmerking is: het is makkelijker dan een stuk te onthameren dan om het tot hamerstuk te maken. Zo gaat het vaker in een commissie.

Niemand kan ontkennen dat dit gebeurd is. Bovendien zijn de collegebrieven verzonden in een later stadium. De VOORZITTER: U kent de regels. Een interruptie dient om een vraag te stellen. Niet om uw gelijk te halen. Het woord is aan de heer Van Loef. De heer VAN LOEF: Voorzitter, de heer Vlot heeft mij nog niet kunnen overtuigen. Het betreft een technische regeling en wij hebben momenteel geen behoefte aan een inhoudelijke bespreking. Wij willen graag een stap verder zetten. In de stukken lezen wij dat er nog stukken open staan. De VOORZITTER: Het woord is aan de heer Eilander. De heer EILANDER: Voorzitter, ik had een uitgebreide stemverklaring voorbereid. Doordat dit voorstel een bespreekstuk werd, zou ik mijn stemverklaring in de eerste termijn kunnen inbrengen. In mijn betoog kan ik aantonen dat het goed is om dit stuk vanavond te behandelen. Ik ben een van de aanvragers om de coördinatieregeling te behandelen in de raad. Ik wil graag toelichten waarom ik dat gedaan heb. Dat heeft alles te maken met iets uit de motie om draagvlak te creëren. Het is goed om aan de voorkant te voelen waar wij staan om ellende aan de achterkant te voorkomen. De ChristenUnie hecht er waarde aan om dit kort en zakelijk te behandelen. Niet om de motie over te doen, dat doen wij graag op een ander moment.

Wel schets ik de motie graag kort, omdat mensen daar recht op hebben als raadsleden verzoeken dit te behandelen. Het is netjes om daarvoor de tijd te maken met betrekking tot de coördinatieregeling. De heer VAN BUUREN: Voorzitter, ik sluit mij aan bij de woorden van de heer Eilander. Mijn voorstel van orde was niet bedoeld om mensen de mond te snoeren. Mijn voorstel was om ons tot het voorliggende punt te beperken en er geen zaken bij te halen die niet in de context van dit agendapunt passen. Het is prima om over het al dan niet toepassen van de coördinatieregeling van gedachten te wisselen in de raad. De VOORZITTER: Waarvan akte. Wij gaan door en houden scherp in de gaten dat wij over het onderwerp spreken en niet over wat er allemaal omheen of in de toekomst gebeurt. Dat komt zeker nog aan de orde, maar dan in een ander gremium. De heer Vlot heeft zijn inbreng geleverd in de eerste termijn. Het woord is aan mevrouw Van der Klauw. Mevrouw VAN DER KLAUW: Voorzitter, in de commissie is hierover voldoende gezegd. Mevrouw WEEMHOFF: Voorzitter, zoals de PvdA in de commissie heeft aangegeven, zijn er teveel open einden en is er teveel onduidelijkheid. Daarom zal de PvdA tegen de toepassing van de coördinatieregeling stemmen.

210927

pagina: 19 van 38

De VOORZITTER: Dat lijkt wel een stemverklaring. Het woord is aan mevrouw Den Engelsman. Mevrouw DEN ENGELSMAN: Voorzitter, de coördinatieregeling gaat ervan uit dat alles aan de voorkant goed geregeld moet zijn. Wij hebben de insprekers gehoord over de watercompensatie. Het is niet voor het eerst dat het CDA vragen heeft gesteld over de watercompensatie. Dat hebben wij gedaan in commissies en in technische vragen en wij staan nog steeds aan het begin van de zoektocht. De watercompensatie dient aangevraagd te worden via een vergunning bij het hoogheemraadschap. De inspreekster gaf aan dat wij daarmee moeten beginnen in plaats van eerst de coördinatieregeling vast te stellen. Het CDA heeft de volgende vragen aan de wethouder: is er zicht op een watercompensatie? Wij begrepen uit de informatieavond van 1 juli met de ontwikkelaar dat het nog teruggekoppeld wordt in een volgende participatiebijeenkomst. Er ligt inmiddels een vergunningaanvraag. Betekent dit dat het participatietraject is afgerond? Wanneer worden de raad, omwonenden en belangstellenden geïnformeerd over de watercompensatie. Er zijn voorkeurslocaties benoemd ter inventarisatie in de waterbankkaart. Waarom is daarvan geen gebruik gemaakt? De ontwikkelaar geeft toe dat het een moeilijke zoektocht is naar een geschikte plek.

Wie gaat dat betalen? Zou het zo kunnen zijn dat de gemeente een deel van de watercompensatie moet betalen? Wij hebben de stand van zaken gezien. Gaat u daarmee door? Als wij de vergunning inzetten, dan zijn er verschillende belanghebbenden. Als iemand bezwaar maakt, dan maakt diegene bezwaar tegen alle vergunningen. Ik hoor graag van de wethouder of hij het zo ver kan krijgen dat alles in een komt en hij ons kan overtuigen waarom wij de coördinatie zouden hanteren in plaats van aparte vergunningsaanvraag, terwijl er nog zoveel losse eindjes zijn. De heer EILANDER: Voorzitter, waarom heeft de ChristenUnie gevraagd om deze coördinatieregeling in de raad te besluiten? De geest van de motie was om met de inwoners en bedrijven in gesprek te gaan om de motie handen en voeten te geven. Het draagvlak moet meer aan de voorkant. Bij het gebiedspaspoort hebben wij gezien wat het oplevert als je dit niet aan de voorkant regelt. Dat was onze inzet om de coördinatieregeling in de raad te bespreken. Tevens kijken wij graag of het gelukt is om een volgende stap te zetten, voordat wij een jaar verder zijn met allerlei procedures op het moment dat wij het er niet mee eens zijn. De ChristenUnie staat positief tegenover een coördinatieregeling om integraal alle vergunningen te bekijken. De watervergunning zit daardoor in deze procedure.

Dat is het mooie van deze regeling om het integraal op te pakken. Vanuit het klankbord van de inwoners hebben wij geen specifieke opmerkingen meegekregen, behalve van de inspreker van vanavond. De inspanningen van de ontwikkelaar en de gemeente lijken op dat gebied goed verlopen te zijn. Dat is een positief punt dat meegenomen kan worden in dit besluit. Van bedrijven hebben wij andere geluiden gehoord. Het college heeft ons in de collegebrief uitvoerig vertrouwelijke informatie verstrekt over de zoektocht en waartoe dat geleid heeft. Helaas moet ik concluderen dat dit momenteel nog nergens toe geleid heeft. Laat ik het dan op tijd, geld en een alternatieve locatie houden. Dat maakt het niet mogelijk om onze voorkeursscenario B6 integraal te ontwikkeling met B1 tot en met BS. Dat is de realiteit en dat is jammer. Daarmee zeggen wij niet dat deze avond komt te vervallen. Het is goed om door te gaan. Anders krijg je losse vergunningen en daardoor wordt het lastiger voor omwonenden om daar goed naar te kijken. Ik heb een aantal vragen aan de wethouder. Is de wethouder bereid om in een latere sessie van gedachten te wisselen over de gevoelens van de raad? Dit kan wellicht vertrouwelijk als er meer van dit soort dossiers zijn waarin geld en alternatieve locaties een bepaalde rol spelen en waarin wij wensen hebben voor de 's-Gravenweg om de bedrijvigheid terug te brengen.

Dit zijn allemaal statements. In deze sessie kan gesproken worden over de vraag hoe de gemeente blijft meedenken met de ontwikkelaar, de inwoners en de bedrijven om de twee belangen goed te behartigen met het recht van overpad en de bedrijvigheid. Dat is een belangrijke vraag. Dat is redelijk goed geregeld, maar dat kan lastig zijn voor de bedrijven. Mijn tweede vraag is of het college blijft inzetten op het uit- of verplaatsen van de bedrijven. Dit is een algemene vraag die vanavond niet beantwoord hoeft te worden, maar wel in een gesprek over dit onderwerp op een later moment.

210927

pagina: 20 van 38

De heer RAA DSEN: Voorzitter, ik ben het eens met de woorden van mevrouw Den Engelsman en de heer Eilander. Op zichzelf is het mooi als je in een coördinatieregeling alle aspecten inhoudelijk integraal kunt bekijken. Het is de vraag of dat in dit geval tot een versnelling tot de procedure zal leiden, want het ziet ernaar uit dat er nogal wat vragen veel tijd kunnen vergen. Dan moet alles wachten. Daarvoor kan gekozen worden. Er is echter een punt dat overblijft waarmee ik moeite heb. Als de coördinatieregeling wordt doorgezet, dan blijft het financiële vraagstuk van B6 buiten beschouwing en daarbij de mogelijkheden die dat biedt als dat vrijkomt voor een integrale ontwikkeling. In het voorliggende plan is het zo getekend dat de problemen van elkaar los gekoppeld worden. Ook als B6 niet vrijkomt, kan het plan uitgevoerd worden. Ik vrees dat dit het wordt en dat er een plan gerealiseerd gaat worden dat ervan uitgaat dat B6 niet op tijd vrijkomt. Dat zou een gemiste kans zijn voor een integrale ontwikkeling van het hele gebied. Dat is voor mij een reden om tegen dit voorstel te stemmen. Zoals u hoort, twijfel ik over wat hier verstandig is. Het zou mij veel deugd doen als de wethouder ons kan toezeggen dat de inspanningen om B6 vrij te krijgen en een integraal plan te maken doorgang vinden bij een integrale afweging van alle vergunningen.

De VOORZITTER: Dank voor het deelgenoot maken van uw twijfel. Ik kijk naar Leefbaar Capelle, VV D en SGP. Deze partijen staan niet op de sprekerslijst. Is er behoefte om op dit punt het woord te voeren? Dat is niet het geval. Het woord is aan wethouder Struijvenberg voor de eerste termijn van het college. Wethouder STRUIJVENBERG: Voorzitter, er wordt gesproken over open eindjes. Ik probeer mij duidelijk te houden aan de coördinatieregeling. Aan de andere kant ontkom ik er niet aan om iets meer te zeggen, omdat hierover bijdragen zijn gedaan die relevant zijn en ertoe kunnen leiden om voor of tegen dit voorstel te stemmen. Als je alles integraal bekijkt, dan zijn er eerder minder losse eindjes dan meer. Het toepassen van de coördinatieregeling maakt de losse eindjes niet meer of minder. Uiteindelijk zal alles integraal bekeken moeten worden. Voor de watercompensatie wordt er geen vergunning afgegeven voordat dit geregeld is. De volgorde die mevrouw Den Engelsman schetst wordt toegepast zoals zij dat zei. De VOORZ ITTER: Ik heb een punt van orde. De heer Vlot heeft dit debat aangevraagd, maar hij heeft de zaal verlaten. Mijnheer Vlot, komt u terug in de zaal. Mevrouw Den Engelsman heeft een interruptie.

Mevrouw DEN ENGELSMAN: Voorzitter, de wethouder geeft aan dat eerst de vergunning wordt aangevraagd bij het hoogheemraadschap, maar de coördinatieregeling gaat er toch vanuit dat alle aanvragen integraal worden gedaan, inclusief de aanvraag bij het waterschap? Wethouder STRUIJVENBERG: Voorzitter, in mijn antwoord heb ik niet over het hoogheemraadschap gesproken. Mevrouw DEN ENGELSMAN: Voorzitter, de watercompensatie valt binnen de coördinatieregeling in het pakket van aanvragen die in een keer worden gedaan. De wethouder zegt dat deze vergunning eerder wordt afgegeven. Wethouder STRUIJVENBERG: Voorzitter, er wordt pas een vergunning afgegeven op het moment dat het helder is hoe het zit met de watercompensatie. Niet andersom dat er eerst een vergunning wordt aangevraagd en de watercompensatie later komt. Ik ben het eens met mevrouw Den Engelsman dat dit onwenselijk is. Zo zal het niet gaan. Het zal gaan in de goede volgorde, zoals mevrouw Den Engelsman in haar eerste termijn aangaf. Een aantal raadsleden vroeg of de wethouder bereid is om later met elkaar te spreken over de inhoud, B6, de motie en alles wat daarbij hoort, wellicht vertrouwelijk. Ja, graag zelfs! Ik kan mij voorstellen dat het deels vertrouwelijk besproken zal zijn, omdat de informatie daartoe aanleiding geeft. Ik ga heel graag met u daarover in gesprek op een later moment.

210927

pagina: 21 van 38

De verplaatsing heeft geen relatie met de coördinatieregeling. De wens, het effect of de inzet op de verplaatsing wordt niet meer of minder na vanavond als de raad instemt met de coördinatieregeling. Dit is tevens het antwoord op de vraag van de heer Raadsen die vroeg om een toezegging. Dit is geen toezegging, maar wel een verduidelijking. De inspanningen op B6 zijn er net. Dat staat los van deze regeling. De VOORZITTER: Dat is een duidelijk antwoord. Aan de orde is de tweede termijn van de raad. De heer Vlot stak reeds zijn vinger op. Ik ben niet uw hoeder, maar u heeft weinig tijd. De stadsvisie is een belangrijk onderwerp dat nog op de agenda staat en waarvoor u zich heeft aangemeld. De heer VLOT: Voorzitter, kunt u toelichten hoeveel tijd ik nog heb? De VOORZITTER: U heeft nog 4,22 minuten. De heer VLOT: Voorzitter, dan houd ik het kort. Ik heb niet direct een antwoord gehoord op mijn vraag. De wethouder heeft aangegeven dat er opnieuw in vertrouwelijkheid vergaderd kan worden. Daarmee kan ik genoegen nemen. Mevrouw DEN ENGELSMAN: Voorzitter, ik heb nog een vraag aan de wethouder. In de coördinatieregeling staat dat alle dingen vooraf geregeld moeten worden, zo ook het participatietraject. De ontwikkelaar had aangegeven dat er nog een informatieavond zal volgen, waar onder meer de watercompensatie teruggekoppeld zal worden. Ik heb het idee dat het

participatietraject is afgelopen tot aan de vergunningaanvraag. Als er nog iets teruggekoppeld moet worden, dan is dat nog niet gebeurd. Is het daardoor niet te vroeg om de coördinatieregeling voor te leggen? De heer EILANDER: Voorzitter, dank voor de toezegging met een uitroepteken, waarin de oproep zit om met elkaar in gesprek te gaan. Dat heeft ons meer dan voldoende geholpen om onze stemverklaring kracht bij te zetten. De heer RAADSEN: Voorzitter, ik sluit mij aan bij de laatste woorden van mevrouw Den Engelsman. De VOORZITTER: Het woord is aan de wethouder voor de beantwoording van de tweede termijn. Wethouder STRUIJVENBERG: Voorzitter, ik probeer het zuiver te houden. Mevrouw Den Engelsman kan mij wellicht helpen. De communicatie over de watercompensatie staat los van het besluit over de coördinatieregeling. Dat kan aan bod komen bij een nadere bespreking over de brief die is gestuurd en de aangenomen motie. Mevrouw DEN ENGELSMAN: Voorzitter, er wordt een bepaald proces doorlopen met inwoners. Dat rond je af en vervolgens wordt er een vergunning aangevraagd. Echter, voor mijn gevoel is dat proces niet afgerond. Voor mij is de keuze: een coördinatieregeling met een beperkt aantal mogelijkheden voor bezwaren of dat alles geregeld is met de ondernemers voordat er definitief vergunningen worden aangevraagd.

Er ligt trouwens nog een toezegging dat het nog een keer naar de raad komt. Denkt u dat allemaal in die periode te regelen? Deze zorgen leven bij mij. Wethouder STRUIJVENBERG: Voorzitter, die zorgen hoop ik weg te nemen in de nadere bespreking. Voor vanavond is het belangrijk dat wij allemaal beseffen dat alle zaken niet anders worden als er een coördinatieregeling wordt toegepast. Zonder coördinatieregeling lopen de zaken niet anders. Daardoor is de vraag van mevrouw Den Engelsman wel relevant, maar niet voor het besluit of wij een coördinatieregeling toepassen. Ik ga dolgraag het gesprek met u aan in de commissie. De VOORZITTER: Hiermee is een einde gekomen aan de tweede termijn van het college. Wij gaan stemmen over de agendapunten 7 en 8. Voordat het zover is, moet er logistiek het een en ander gebeuren. De griffier zal dat uitleggen. Na de instructies van de griffier gaan wij de vergadering 10 tot 15 minuten schorsen voor een sanitaire stop en een kopje koffie. Daarna zullen wij gaan stemmen. Het woord is aan de griffier. De GRIFFIER: Voor de stemming zal de zaal worden omgezet, waarbij een aantal stoelen in het midden van de zaal komen staan en een viertal raadsleden naar de tribune worden verwezen.

210927

pagina: 22 van 38

Ik verzoek de bezoekers op de tribune tijdens de stemming de zaal te verlaten, met uitzondering van de pers. Na de schorsing zal ik u naar uw plaats geleiden en kunnen wij de stemming laten plaatsvinden. De stoelen laten wij daarna staan, tot de laatste stemmingen van deze avond. De VOORZITTER: In het werkcafé kunt u de stemming volgen. Ik schors de vergadering voor 10 tot 15 minuten.

Schorsing van 21.30 uur tot 21.49 uur. De VOORZITTER: Ik heropen de vergadering. Wij gaan stemmen over agendapunt 7, Stedenbouwkundig plan en Beeldkwaliteitsplan Meeuwensingel. Ik vraag u of er nog stemverklaringen zijn. Het woord is aan mevrouw Den Engelsman. Mevrouw DEN ENGELSMAN: Voorzitter, het CDA zal instemmen met het voorstel, zeker gezien de toezegging die wij hebben ontvangen van de wethouder, waarbij wij hopen dat de zorgen van de MR zijn weggenomen. De VOORZITTER: Er zijn geen andere stemverklaringen. Dan gaan wij over het voorstel stemmen. Zonder hoofdelijke stemming besluit de raad hierna overeenkomstig het voorstel. De VOORZITTER: Aan de orde is de stemming over agendapunt 8, toepassen coördinatieregeling project Capelseweg/Bermweg. Zijn daarover stemverklaringen? Het woord is aan de heer Raadsen. De heer RAADSEN: Voorzitter, GroenLinks heeft destijds tegen het gebiedspaspoort gestemd. Het zou raar zijn als wij wel meewerken aan een procedure van het plan waar wij tegen waren. Daarom zal GroenLinks tegen dit voorstel stemmen. De VOORZITTER: Het woord is aan mevrouw Den Engelsman. Mevrouw DEN ENGELSMAN: Voorzitter, het CDA zal tegen de coördinatieregeling stemmen. Wij zien dat de watercompensatie niet voldoende geregeld is. Het CDA is bang dat je in de proceduretermijnen van alle vergunningen gaat achterlopen en in de problemen komt.

De VOORZITTER: Wij gaan stemmen over het voorstel. Zonder hoofdelijke stemming besluit de raad hierna overeenkomstig het voorstel, met de aantekening dat de fracties van de SP, GroenLinks, PvdA en CDA geacht worden te hebben tegengestemd. De VOORZITTER: Voordat wij beginnen aan agendapunt 9, zal er opnieuw een changement plaatsvinden. Schorsing van 21.51 tot 21.53 uur. 9.

Stadsvisie, met het oog op de toekomst

De VOORZITTER: Ik heropen de vergadering. Aan de orde is de stadsvisie 'Met het oog op de toekomst'. De goede gewoonte is dat degenen die tevoren een motie aankondigen, mogen beginnen. Het woord is aan de heer Van Buuren. De heer VAN BUUREN: Voorzitter, er ligt een stadsvisie die wij zowel qua proces als qua product zeer kunnen waarderen. Het is gepast om complimenten aan de bestuurders, de wethouder, het college en de ambtelijke organisatie over te brengen. In onze stadsvisie wordt het strijdige naast elkaar gezet: het strijdige tussen dorp en stad, het strijdige tussen hoogbouw en laagbouw, tussen verdichten en vergroenen, tussen de geneugten van de stad en het gemoedelijke van het dorp. Die twee logica's zitten in onze stadsvisie en blijven daarin naast elkaar staan. De strijdigheid daartussen blijkt niet te worden opgelost. Wij kunnen ons niet de luxe van een keuze veroorloven. De raad kan niet kiezen voor verstedelijking en verder verdichten.

210927

pagina: 23 van 38

Het dorpse karakter kunnen wij niet achter ons laten, omdat dit iets is uit het verleden dat wij langzamerhand ontgroeien en wij steeds meer samensmelten met Rotterdam. Tevens kunnen wij er niet voor kiezen om het dorpse karakter centraal te stellen en te behouden, want dan missen wij de boot en kunnen de Capelse inwoners hier geen plek meer vinden om te wonen en te leven. Wij zullen moeten blijven schipperen tussen de spanning van de stad en van het dorp. Ik heb erover nagedacht of het zijn van stad en dorp verenigd kan worden. Dat kan als wij met elkaar nadenken hoe wij de ontwikkeling van Capelle vormgeven. Daarbij ga ik drie elementen noemen die van belang zijn om mee te nemen bij de ontwikkeling van Capelle. Als eerste: authenticiteit. Capelle is een stads dorp of een dorpse stad met haar eigen kwaliteit. Laten wij die serieus nemen en proberen te koesteren. Laten wij er niet naar streven om qua voorzieningenniveau en uitstraling op Rotterdam te gaan lijken, maar laten wij de Capelse maat met elkaar serieus blijven nemen. Het tweede aspect heeft te maken met selectiviteit. Laten wij zorgvuldig zijn waar wij verdichten en waar wij zijn op het groen en op het landelijke. Dat betekent dat sommige plekken niet verdicht worden en dat bepaalde plekken bewust groen worden gelaten.

Verstedelijking en hoogbouw worden bewust geconcentreerd, waarbij de herontwikkeling van het Rivium een belangrijk voorbeeld is. Een derde aspect is creativiteit. Dit is tevens genoemd door de insprekers over de ontwikkeling van de Meeuwensingel. Daar zie Je een voorbeeld van hoe je met schaarse ruimte op een verstandige manier creatief kunt omgaan. Er is een drietal andere waarden die ik van belang vindt bij het combineren van de stad en het dorp. Ten eerste geborgenheid. Zowel in een stad als in een dorp is geborgenheid van belang. Mensen moeten zich veilig voelen en welkom weten. Ik vond het heel mooi dat het schilderij werd overhandigd door de Arabische dames waarmee zij hun dankbaarheid aan de Capelse gemeenschap onderstrepen en ons een belangrijk signaal geven: zij hebben zich welkom gevoeld. Laten wij dat vasthouden en verstevigen. Ten tweede inclusiviteit in de ware zin van het woord: dat iedereen in Capelle mag wonen en mag zijn. In alle wijken moeten wij sturen en behoeden dat de diversiteit en inclusiviteit gestalte blijven krijgen. De tweedeling in Capelle moet niet verder versterkt worden daarop in ruimtelijke zin te koersen. Ten derde de publieke familiariteit: het elkaar kennen, weten te vinden en ontmoeten. Als je in een buurt of straat woont, is het van belang dat je elkaar kent.

Wij moeten investeren in de sociale cohesie en de gemeenschapszin die zowel in een dorp als in een stad gestalte kunnen krijgen. De SGP is tevreden met deze stadsvisie. Hierin staan veel punten waarmee wij blij zijn. Er wordt creatief gekeken binnen buurten hoe wij mensen een wooncarrière kunnen geven en senioren in die buurten kunnen huisvesten, zodat het sociale weefsel van de buurt in stand wordt gehouden en tegelijkertijd woningen kunnen vrijspelen voor starters en jonge gezinnen. Wij zijn blij met de notie dat wij integraal kijken in Capelle naar de opgaven die op ons afkomen en die een plek moeten krijgen in de ontwikkeling van onze stad. Er is aandacht voor de Capelse maat. Er is een aantal zaken die wat minder goed in de stadsvisie tot uitdrukking komen. Ik vraag de wethouder of wij daarop mogen reageren. Het eerste punt betreft de particuliere woningvoorraad, want die is aan het verouderen in Capelle. Is de wethouder bereid om aandacht te geven aan dat punt en om met de raad in gesprek te gaan over hoe wij kunnen omgaan met de veroudering van de particuliere voorraad? Een tweede punt heeft betrekking op de IJssel. Zowel Capelle als Krimpen hebben wensen voor de ontwikkeling van de IJssel. De ontwikkelingen aan beide zijden van de IJssel beïnvloeden elkaar.

De ontwikkelruimte aan beide zijden van de IJssel is afhankelijk van wat aan beide kanten van de IJssel wordt gewenst. Is het geen idee om samen met Krimpen te werken aan een gezamenlijke visie op de IJssel en de ontwikkeling van de IJsseloevers? Als derde punt zijn wij blij dat de wethouder de toezegging heeft gedaan om een toekomstverkenning te doen. Wat zijn de toekomstige ontwikkelingen die op ons afkomen en wat is de betekenis hiervan voor de ontwikkelingen die wij met elkaar inzetten? Ik heb een aantal waarden genoemd die de SGP belangrijk vindt bij de uitwerking van de stadsvisie. Een ander punt bij de uitwerking van de stadsvisie heeft te maken met de spanning die ik aan het begin van mijn inbreng heb benoemd. Deze visie laat spanningsvelden bestaan en lost die spanningsvelden niet op. De visie geeft aan dat wij verschillende logica's in Capelle herbergen en dat wij daartussen moeten schipperen. Dat schipperen wordt concreet op het moment dat je naar concrete plekken gaat kijken. Daarvoor moet je afwegingen en keuzes maken. Daardoor wordt de spanning concreet.

210927

pagina: 24 van 38

De SGP-fractie heeft in samenspraak met de gehele raad een motie voorbereid om een volgende stap te zetten in de geest van de wijze waarop deze visie tot stand is gekomen in gezamenlijkheid met de raad en het college en in samenspraak met de partners van de stad. Het is integraal, ruimtelijk en sociaal. Een motie om een doorvertaling te maken van deze visie door een verkenning te starten om de belangrijkste opgavegebieden in beeld te brengen en te prioriteren in een ontwikkelagenda. Dit nadrukkelijk in samenspraak te doen met de partners van de stad. deze strategische ontwikkelagenda te benutten om te bepalen welke gebieden een nadere kaderstellende doordenking vragen en deze ontwikkelagenda periodiek te herijken. In de motie wordt ernaar verwezen dat in de structuurvisie het fungerende visiedocument een uitwerking was gegeven in termen van kansgebieden. Analoog daaraan vraagt deze motie om die vervolgstap bij deze stadsvisie te zetten.

Motie (SGP, ChristenUnie, Leefbaar Capelle, D66, CDA, GroenLinks, SP): var stadsvisie naar strategische ontwikkelagenda De gemeenteraad van Capelle aan den IJssel, in vergadering bijeen op 27 september 2021, behandelende de Stadsvisie; constaterende dat: de stadsvisie duidelijk maakt welke kwaliteiten wij in Capelle willen borgen en ontwikkelen en welke opgaven we daarbij zien; de stadsvisie daarbij ook duidelijk maakt hoe wij met die opgaven om willen gaan en op welke wijze wij als bestuur in kunnen spelen op initiatieven van anderen; overwegende dat: de stadsvisie nog niet de vertaalslag maakt naar de vraag wat deze ambities en opgaven (zoals leefbaarheid, onderwijs of wonen voor starters of senioren) daadwerkelijk betekenen voor concrete gebieden en plekken in Capelle; de stadsvisie logischerwijs ook niets zegt over de strategische agenda's van de partners in de stad en waar deze in Capelle samenkomen en impact op de omgeving zullen hebben; deze vertaalslag een logische vervolgstap vormt op de Stadsvisie; verder overwegende dat: de Structuurvisie 2030 wel zogenoemde kansgebieden en veranderlocaties benoemde, waarbij de kansgebieden ook successievelijk zijn vertaald in een gebiedsvisie / gebiedspaspoorten; een dergelijke vertaalslag helpt om de visie concreet te maken; hierbij integraliteit het vertrekpunt moet zijn en er aandacht moet zijn voor zowel sociale als ruimtelijke

agenda's en opgaven; het van belang is om dit in gezamenlijkheid met de partners in de stad te doen om zo te achterhalen wat hun agenda is en op welke plekken opgaven samenkomen en er dus werk aan de winkel is; een dergelijke verkenning natuurlijk nooit af of definitief is, maar een voortrollend karakter draagt, waarbij het goed is om periodiek de balans op te maken en de verkenning te herijken; verzoekt het college: om in gezamenlijkheid met de raad een verkenning te starten om de belangrijkste "opgavegebieden" in beeld te brengen en te prioriteren in een ontwikkelagenda;' dit nadrukkelijk in samenspraak te doen met de partners van de stad (denk aan zorginstellingen, vastgoedeigenaren en huiseigenaren); deze strategische ontwikkelagenda te benutten om te bepalen welke gebieden een nadere kaderstellende doordenking vragen; deze ontwikkelagenda periodiek te herijken; En gaat over tot de orde van de dag. De VOORZITTER: De motie is voldoende ondertekend en maakt deel uit van de beraadslaging. De heer Van Loef. De heer VAN LOEF: Voorzitter, kan de heer Van Buuren uitleggen wat hij precies verstaat onder: "nadere kaderstellende doordenking", zoals in de motie verwoord?

210927

pagina: 25 van 38

De heer VAN BUUREN: Voorzitter, de stadsvisie blijft op een aantal punten abstract en laat de spanning tussen een aantal waarden bestaan, zoals het dorp en de stad en het verdichten en groen houden. Een nadere kaderstellende doordenking vindt bijvoorbeeld plaats in een gebiedsvisie. De structuurvisie benoemt drie kansgebieden: centraal Capelle, Landelijk Capelle en Bongerd/Wingerd. Op basis hiervan is een visieproces begonnen. Dat bedoel ik met nadere kaderstelling. Dit gaat over plekken waar opgaven bij elkaar komen, zoals woningbouw, verduurzaming of de transformatie naar particulier vastgoed. Daarvoor wachten wij niet het initiatief van ontwikkelaars of Havensteder af, maar slaan wij de handen ineen door een kaderstellend document op te stellen. Het initiatief van andere partijen en onze eigen initiatieven kunnen wij hierdoor in samenhang doordenken en programmeren. Ik heb zojuist zeer spaarzaam het woord gevoerd en ik wil deze bijdrage besluiten met een kleine persoonlijke noot. U mag van mij verwachten dat ik regelmatig in de Bijbel lees. Ik las daarin de geschiedenis van Abraham. Abraham is een van de aartsvaders; een van de voorvaders van het volk van Israël. Abraham heeft zijn hele leven in tenten gewoond. Hij kreeg niet de kans om een huis te bouwen. Het is een belangrijke Bijbelse notie om je pinnen niet al te vast in te slaan.

De stad waarin wij wonen is geen blijvende stad; alles gaat voorbij. Het is zaak dat wij de toekomende stad zoeken. Paulus heeft over Abraham geschreven dat hij zijn hele leven in tenten woonde, want: "Hij verwachtte de stad, die fundamenten heeft, welke Kunstenaar en Bouwmeester God is." Dit vind ik een prachtig mooie spreuk uit de Bijbel. Het is onze verantwoordelijkheid om te bouwen aan deze stad en ik hoop van harte dat wij allen iets van het verlangen kennen naar die stad die fundamenten heeft. De VOORZITTER: U gaat toch niet verhuizen? De heer VAN BUUREN: Voorzitter, ik heb mijn pinnen redelijk vast ingeslagen. De VOORZITTER: Dat dacht ik al. Het woord is aan mevrouw Weemhoff, omdat zij een amendement heeft aangekondigd. Mevrouw WEEMHOFF: Voorzitter, er staan veel mooie woorden in de stadsvisie. Wij hebben met elkaar een mooi proces doorlopen en er zijn flinke discussies gevoerd. Veel inwoners van Capelle hebben hierover meegesproken. Dat zijn allemaal mooie dingen. De titel van de stadsvisie luidt 'Met het oog op de toekomst' en als ondertitel 'stadsdorp tussen IJssel, stad en groen'. Het dilemma waarover de heer Van Buuren zojuist sprak is keurig samengevat in het woord 'stadsdorp' De gemeente heeft mooie ambities, maar deze zijn nog niet concreet gemaakt. De heer Van Buuren heeft een motie ingediend om deze ambities concreet te maken.

Deze stadsvisie is echter een omgevingsvisie volgens de Omgevingswet. De omgevingsvisie geeft de kaders weer volgens welke wij in Capelle met elkaar om willen gaan en willen bouwen. De plannenmakers die ideeën hebben voor deze stad moeten een kapstok hebben om hun plannen aan af te meten of deze passen binnen de ontwikkeling zoals de gemeenteraad van Capelle die heeft voorzien. Dan maken wij geen keuze. Wij praten over hoogbouw. De wethouder zei dat Capelle inmiddels een 'urban' plaats is geworden; hoogstedelijk. Het woord hoogbouw komt erg vaak voor in de stadsvisie. De PvdA pleit ervoor om weliswaar te blijven bouwen en te blijven kijken naar de manier waarop wij moeten verdichten. Er zijn plekken in Capelle waar dat mogelijk is. Er zijn besluiten genomen. In Middelwatering staat al hoogbouw en voor het Rivium zijn plannen gemaakt voor hoogbouw. De PvdA was tegen deze plannen, maar zullen niks afdoen aan de besluiten die recent door deze gemeenteraad zijn genomen. Op www.waarstaatjegemeente.nl staat de bevolkingsdichtheid van deze stad. Daarop zien wij dat een heel aantal wijken in het stedelijk gebied vallen. Niet in het hoogstedelijk gebied. Daarbij moet je denken aan heel dichtbevolkte wijken, zoals Hoogvliet, de Bijlmer of Manhattan aan de IJssel. De PvdA stelt voor om te blijven bouwen, maar om dat te beperken tot een maximale hoogte van 40 meter.

Dat past in een stadsdorp. In een stadsdorp passen geen gebouwen van 70 of 80 meter hoog.

210927

pagina: 26 van 38

In het amendement onder de titel 'Beperk de verdichting van Capelle', stellen wij voor om de hoogbouw te beperken met een grens van maximaal 40 meter en om de verdichting van Capelle te beperken tot maximaal 2.500 adressen per wijk. Er is een aantal aanpassingen, met hartelijke dank aan de griffie die ons daarbij ondersteuning heeft verleend. Ten derde willen wij geen hoogbouw toestaan aan de IJssel. De hoogbouw moet vooral geconcentreerd worden rondom OV-knooppunten. Dit zijn geen OV-punten, want dan kan het gaan over iedere willekeurige bushalte. Dat is niet de intentie zoals eerder besproken is. Moet ik het amendement voorlezen, of moet ik het hierbij laten? De VOORZITTER: U mag het iets uitgebreider toelichten voor de luisteraars thuis. De raadsleden hebben het amendement gezien en het staat op Notubox. Voor de mensen thuis kunt u het iets scherper maken. Daarvoor hoeft u niet het hele amendement voor te lezen. Mevrouw WEEMHOFF: Voorzitter, prima.

Amendement (PvdA, SP): Beperk de verdichting van Capelle De gemeenteraad van Capelle aan den IJssel, bijeen op 27 september 2021 behandelende de Stadsvisie 'Met het oog op de toekomst' constaterende dat: deze stadsvisie geldt als omgevingsvisie volgens de Omgevingswet die naar verwachting per 1 juli 2022 in zal gaan; volgens de Omgevingswet, de omgevingsvisie leidend is voor plannenmakers voor bouwprojecten; in voorliggende stadsvisie grote gebieden in Capelle zijn aangewezen als mogelijke plaats voor hoogbouw; hoogbouw niet nader is gedefinieerd; er dringend behoefte is aan betaalbare woningen in Capelle, er is op dit moment een fors tekort aan woningen die betaalbaar zijn voor mensen uit de doelgroep voor huurtoeslag; overwegende dat: Capelle op nummer 5 staat van de dichtstbevolkte gemeenten in Nederland; er weliswaar een grote behoefte is aan woningen, echter: • in de huidige woonvisie is opgenomen dat Capelle zich wil beperken tot 10.000 sociale woningen;

•

in de afgelopen jaren bij bouwprojecten steeds dure woningen zijn gebouwd en er afspraken zijn gemaakt om het aantal sociale woningen te handhaven op 10.000; derhalve: meer bouwen niet leidt tot oplossen van de problematiek voor woningzoekers in de categorieën die hard een woning nodig hebben: zorgpersoneel, politieagenten, onderwijzend personeel; bij de consultatie voor de stadsvisie door veel bewoners is aangegeven verdere verdichting van Capelle/hoogbouw niet wenselijk te achten; besluit: 1. de Nota van beantwoording zienswijzen Stadsvisie vast te stellen; 2. de Stadsvisie, die ook Omgevingsvisie is, vast te stellen met inachtneming van de volgende wijzigingen: • pagina 14 (eerste alinea, tweede zin): • 'Hoogbouw en verdichting zijn onvermijdelijk als we in de woningbehoefte willen voorzien.' wijzigen (in het rood) in; "Hoogbouw met een grens van maximaal 40 meter en verdichting zijn onvermijdelijk als we in de woningbehoefte willen voorzien."; • pagina 14 (eerste alinea, derde zin): • 'In Capelle doen we dat terughoudend.' wijzigen (in het rood) in; 'In Capelle doen we dat terughoudend waarbij we geen hoogbouw toestaan langs de IJssel.";

210927

pagina: 27 van 38

•

3.

pagina 26 (kader Onze visie: stedelijke zones rondom OV-punten, tweede alinea, eerste zin): 'In deze zones is het denkbaar om te verdichten door middel van hoogbouw: Capelse hoogbouw met een Capelse maat en typologie.' wijzigen (in het rood) in; "In deze zones is het denkbaar om te verdichten door middel van hoogbouw: Capelse hoogbouw met een Capelse maat en typologie, waarbij er niet hoger dan 40 meter wordt gebouwd."; • pagina 26 (kader Onze visie: stedelijke zones rondom OV-punten, derde alinea, eerste zin): 'Daarnaast zijn er ook specifieke gebieden buiten de zone waar soms wat hogere bebouwing mogelijk is. Hier kan bijvoorbeeld gedacht worden aan een beperkt aantal plekken langs de IJssel en kleinschalige verdichting gericht op verbetering op buurtniveau.' wijzigen (in het rood) in; "Daarnaast zijn er ook specifieke gebieden buiten de zone waar soms wat hogere bebouwing mogelijk is.

Hier kan bijvoorbeeld gedacht worden aan kleinschalige verdichting gericht op verbetering op buurtniveau.; • pagina 26 (kader Onze visie: stedelijke zones rondom OV-punten): 'De mogelijkheden voor hoogbouw rond OV knooppunten te beperken tot die locaties, waarbij de mate van stedelijkheid niet verder wordt verhoogd in Capelle; dat wil zeggen voor alle wijken de omgevingsadressendichtheid te beperken tot maximaal 2500 met uit zondering van Middelwatering en Rivium.' toe te voegen aan het kader over Onze visie: stedelijke zones rondom OV-knooppunten; de genoemde wijzigingen te verwerken in de kaarten op de pagina's 31 en 35.

De VOORZITTER: Het amendement is voldoende ondertekend en maakt deel uit van de beraadslaging. Het woord is aan mevrouw King. Mevrouw KING: Voorzitter, voor ons ligt de stadsvisie 'Met het oog op de toekomst'. Niet 'Met het oog op morgen'. Dat vond ik wel een hele mooie verspreking deze week. Er is hard gewerkt aan de stadsvisie sinds 2019 door met elkaar in gesprek te gaan via de raadswerkgroep, de participatiebijdragen vanuit diverse partners, de commissies SLE en SLB, raadsbrede commissies en uiteraard de projectleider en degenen die daaraan meegeschreven hebben. Er ligt een stuk voor waarin Leefbaar Capelle zich goed kan vinden. Door de heer Van Buuren als voorganger hoef ik geen toevoegingen te doen aan mijn verhaal. Authenticiteit, selectiviteit en creativiteit zijn mooie punten die Leefbaar Capelle zeker onderschrijft. Inhoudelijk zal ik niet ingaan op de stadsvisie, want deze is meerdere malen besproken. Onlangs in

de raadsbrede commissie SLE en SLB. Een herhaling van zetten is niet bevorderlijk tot het komen van een besluit, dan wel uren debatteren over zaken die allang besproken zijn. In de commissie is door meerdere partijen, waaronder Leefbaar Capelle, geconstateerd dat wij graag zien hoe wij omgaan met de ambities en de opgaven in Capelle. De wethouder heeft gezegd dat wij een keer gaan praten over de toekomstige ontwikkelingen. Leefbaar Capelle vindt het aspect wonen zeer belangrijk en het sociale aspect. Dat zien wij niet in voldoende mate terug in de stadsvisie. Daarom is het dermate van belang om mee te gaan in de motie en de strategische ontwikkelagenda daarvoor te maken. Wij zijn daarom blij met de motie van de SGP en hebben deze medeondertekend. Dank aan de heer Van Buuren om de zin, zoals door Leefbaar Capelle was gevraagd, toe te voegen over integraliteit als vertrekpunt en dat er aandacht moet zijn voor zowel de sociale aspecten als de ruimtelijke aspecten. Dat is voor Leefbaar Capelle belangrijk. Het amendement van de PvdA lezend, kunnen wij stoppen met het Rivium. Dat kan dan niet doorgaan qua hoogte en verdichting. Dat is echter een andere discussie. Het stuk dat wordt voorgesteld door de PvdA is mooi om mee te nemen in de strategische ontwikkeling van wat je wenst en wat de opgaven zijn waaraan aandacht geschonken moet worden.

Het afwegingskader over de hoogbouw en verdichting kan hierin meegenomen worden. Daarom zal Leefbaar Capelle niet meestemmen met het amendement. De VOORZITTER: Mevrouw Weemhoff heeft een interruptie.

210927

pagina: 28 van 38

Mevrouw WEEMHOFF: Voorzitter, mevrouw King geeft aan dat het Rivium van de agenda kan. Dat is nadrukkelijk uitgesloten in dit amendement, omdat wij geen zojuist genomen besluit van deze raad ter discussie willen stellen. Onze vraag is wel of u het kaartje uit de stadsvisie kent waarop de gebieden van mogelijke hoogbouw zijn aangegeven. Bent u het met mij eens dat een omgevingsvisie leidend kan zijn voor plannenmakers die willen bouwen? Hierdoor wordt het lastig voor de gemeente om een projectontwikkelaar ervan te weerhouden om een toren van 80 meter hoog in het centrum te zetten. Mevrouw KING: Voorzitter, daar ben ik niet bang voor. In dat geval is de gemeente nog steeds aan zet. Wie zegt dat wij tegen bouwen zijn? De punten die zijn benoemd over de OV-knooppunten en het centrum vormen een mooie discussie om te voeren in een afwegingskader verdichting en hoogbouw. Niet via een amendement. Leefbaar Capelle zal daarin niet meegaan. Indien de motie het haalt, wordt het een mooi proces om te bedenken hoe hieraan invulling gegeven kan worden. Het zou leuk zijn als dat voor de verkiezingen gebeurt, maar dat zal een utopie zijn. Laten wij ons best doen om te komen tot een mooie stadsvisie in Capelle aan den IJssel. Dat verdient de stad. Er is nog veel werk te verrichten. Dat kan goed gedaan worden in de strategische ontwikkelagenda. Deze stadsvisie kunnen wij blijven herijken.

De VOORZITTER: Mevrouw King ziel de motie als een stimulans. Het woord is aan de heer Van Loef. De heer VAN LOEF: Voorzitter, met het oog op de toekomst van Capelle aan den IJssel had de VVD scherpere richtinggevende keuzes willen maken op het gebied van wonen, verkeer, groen en voorzieningen. Gelet op het amendement van de PvdA en de motie van de SGP leeft deze behoefte inmiddels bij meerdere partijen. Dit heeft echter alleen niet zo mogen zijn. Wij zien de stadsvisie als parapludocument voor programma's, beleid en concrete uitvoeringsmaatregelen. Tevens wordt de stadsvisie de basis voor het omgevingsplan. De VVD dankt eenieder die een bijdrage heeft geleverd aan de totstandkoming van de stadsvisie en wij zien in het bijzonder uit naar het afwegingskader verdichting, als het om hoogbouw gaat en het programma buitenruimte met betrekking tot water en groen. Het amendement van de PvdA vindt de VVD voorbarig. Eerst gaan wij discussiëren over het waar en waarom. Dat doen wij met betrekking tot het afwegingskader verdichting. Dat is het platform om daarover te spreken. De VVD zal instemmen met de motie van de SGP. De heer SCHELKERS: Voorzitter, wat voor Capelle willen wij zijn? Als het aan D66 ligt is dat een Capelle waarin iedereen zichzelf kan zijn, waar wij omkijken naar elkaar en waar wij kunnen wonen.

Deze stadsvisie is breed ingezet, waardoor iedereen zijn of haar belangrijke punten hierin terug kan vinden. Scherpe keuzes moeten nog gemaakt worden. Wat ons betreft worden deze gemaakt in specifieke programma's, zoals het mobiliteitsprogramma. Zonder alle onderwerpen opnieuw aan te willen doen, ga ik er een drietal uitlichten. Allereerst tolerantie. Het zou vanzelfsprekend moeten zijn dat iedereen zichzelf kan zijn, ongeacht zijn of haar geaardheid, geslacht of afkomst. Helaas is dat in de praktijk niet het geval. Daarom vraag ik aandacht om ons te blijven inzetten om te bewerkstelligen dat de acceptatie er is en dat wij alles samen doen. Geen polarisatie, maar samen. Er moet geen sprake zijn van een tweedeling, zodat iedere Capellenaar zichzelf kan zijn. Een andere belangrijke uitdaging betreft het wonen. Een grote groep mensen, waaronder een groot deel van mijn leeftijdsgenoten, kan geen woning vinden. De gemeente moet zich ervoor inzetten dat deze mensen een woning kunnen vinden. Tegelijkertijd is het de taak van de gemeente om ervoor te zorgen dat wonen in Capelle voor de huidige Capellenaren fijn blijft. Dat betekent dat bij elk project een zorgvuldige afweging gemaakt moet worden over wat het betekent voor de inwoners in de omgeving. Het is daarvoor cruciaal dat omwonenden vanaf begin meegenomen worden in de plannen en niet pas achteraf.

Daarnaast is het voor D66 essentieel dat wij zuinig omgaan met het groen en dat er niet meer groen gaat verdwijnen. Daarom zijn wij blij dat er een afwegingskader komt voor verdichting en hoogbouw. Kortom, D66 is voor meer woningen, maar niet ten koste van alles. Laat de oplossingen van vandaag niet de problemen van morgen zijn.

210927

pagina: 29 van 38

Het derde punt betreft vergrijzing. Ik heb het nog niet aan den lijve mogen ondervinden, maar wij hebben te maken met vergrijzing in Capelle. Ouderen krijgen andere woonbehoeften en daarop zullen wij moeten inspelen. Voor ouderen moet het fijn wonen zijn in Capelle en voorzieningen moeten daarop ingericht zijn. Denk daarbij aan het openbaar vervoer dat op orde moet zijn en mogelijke nieuwe woonvormen die de gemeente moet faciliteren. Aan het begin van mijn betoog heb ik naar voren gebracht dat er weinig scherpe keuzes gemaakt zijn. Met de motie van de SGP die D66 heeft medeondertekend, kunnen de opgaven concreet worden. Deze opgaven reiken verder dan wonen of groen en betreffen tevens het klimaat, de sociale opgaven en de bedrijvigheid. Om die opgaven goed aan te pakken, blijft integraal werken essentieel. De VOORZITTER: De heer Van Buuren heeft een interruptie. De heer VAN BUUREN: Voorzitter, ik zat te kauwen op de opmerking van de heer Schelkers over het wonen. Is het voor D66 een wens dat de gemeente een veel actievere rol gaat spelen op de woningmarkt, bijvoorbeeld door mensen te helpen een woning te bemachtigen of door zelf woningen te ontwikkelen? De heer SCHELKERS: Voorzitter, ik heb mijn pinnen heel diep geslagen en zal niet snel vertrekken uit Capelle. U stelt een goede vraag en het is een afweging die wij iedere keer moeten maken.

Daarin moeten wij blijven kijken wat wij willen en waar wij dat willen. D66 zal het amendement van de PvdA niet steunen om in het algemeen te zeggen wat wij wel of niet gaan doen. Laten wij per situatie kijken welke kant wij op willen gaan. De heer VAN BUUREN: Voorzitter, er zit momenteel een tamelijk liberaal college. Uw partij behoort tot dit deel van het politieke spectrum. Daarmee krijgen wij niet meer regie op de woningmarkt. U wilt het per geval bekijken, maar dat klinkt aarzelend. Ik zou graag een stevigere uitspraak willen hebben. Wilt u dat de gemeente meer regie pakt op de woningmarkt en meer gaat doen om de Capellenaar te helpen om een woning te bemachtigen of te voorzien dat de juiste woningen worden gebouwd of struikelen wij nog een poosje voorwaarts? De VOORZITTER: De vraag is of u een stevigere uitspraak kunt doen. De heer SCHELKERS: Voorzitter, laat ik stevig zeggen dat D66 een sociaal-liberale partij is. Ik zal altijd zeggen: "Dat zijn de echte liberalen." De heer Van Buuren daagt mij uit en wil graag dat ik sterk ga zeggen wat wij gaan doen. Dat is niet de stijl die wij hanteren. Het blijft altijd een zorgvuldige afweging. Ik kan heel nadrukkelijk zeggen dat de gemeente alleen sociale woningen moet bouwen of alles zelf moet oppakken, maar uiteindelijk is het een zorgvuldige afweging.

Ik heb niet de illusie dat wij in ons eentje alle woningproblematiek gaan oplossen in Capelle. Daarin moet ik de heer Van Buuren teleurstellen. De heer VAN BUUREN: Voorzitter, dat klopt. De VOORZITTER: Het is fijn om te weten dat de heer Schelkers zijn pinnen vast in Capelle heeft geslagen, omdat u bekend staat als een prominent zwerver in Capelle. De heer SCHELKERS: Voorzitter, van de voetbalvereniging. De VOORZITTER: Het woord is aan de heer Vlot. De heer VLOT: Voorzitter, ik verbaasde mij enigszins over de ondertitel 'Met het oog op de toekomst'. Ik meen dat dit de titel van het coalitieakkoord is en ik hoor mevrouw King zojuist zeggen zij zich absoluut niet kan vinden met alles wat in de stadsvisie staat. Dat terzijde. De VOORZITTER: Mevrouw King mag reageren op het persoonlijk feit. Mevrouw KING: Voorzitter, waarop doelt de heer Vlot?

210927

pagina: 30 van 38

De heer VLOT: Voorzitter, ik dacht dat ik u over bepaalde woningbouwzaken hoorde zeggen dat u niet helemaal akkoord gaat met hoe het in de stadsvisie is verwoord. Mijn excuses. Mevrouw KING: Voorzitter, dat moet ik teruglezen in het verslag, want dat heb ik niet op die wijze gezegd. De VOORZITTER: De heer Vlot vervolgt zijn betoog. De heer VLOT: Voorzitter, tegen de heer Van Buuren zeg ik dat in Genesis 16 wordt herhaald dat Abraham zijn slavin Hagar en haar zoon verstootte en de woestijn in stuurde. Wat dat aangaat over het thuis zijn. De VOORZITTER: Ik twijfel erover of dit een persoonlijk feit is. Het woord is aan de heer Van Buuren. De heer VAN BUUREN: Voorzitter, de raadsvergadering leent zich niet voor een wedstrijd wie de meeste bijbelkennis te berde kan brengen. Mijn punt was op een ander onderwerp gericht. De heer VLOT: Voorzitter, dat zal ik voor kennisneming aannemen. Namens de SP heb ik mij weleens uitgelaten over de voorliggende stadsvisie: teveel schets en teveel wensgedachten. De SP is blij met de scherpzinnige motie van de hand van onze collega's van de SGP, alsmede de opmerking over de omgevingsvisie richting het omgevingsplan in het amendement van de PvdA. De tekstuele aanpassing bij het gebruik van de term 'erfelijkheid' doet ons evenzeer deugd.

Al hadden wij bij een andere aanpassing bij de bereikbaarheid en het openbaar vervoer nadrukkelijk kunnen blijven vermelden dat Rotterdam-centrum voor veel Capellenaren sneller te bereiken is dan ons eigen stadscentrum of het ziekenhuis. De wens tot verbeteren van het openbaar vervoer maakt deel uit van deze stadsvisie. Denkend aan de titel van de vorige stadsvisie 'Parkstad naast economische motor', moet ik concluderen dat de uitwerking van alleen al de titel van de stadsvisie geen sinecure is gebleken. Het Schollebos staat nog steeds op instorten en een veel gehoord punt is een tekort aan groen. Daarnaast is er een zogenaamd granieten bestand van mensen met een uitkering. De sociaal-economische tweedeling in de samenleving is groter geworden. Wij moeten absoluut voorkomen dat dit in onze gemeente gebeurt, al zullen wij dat niet zondermeer op het conto van het gemeentebestuur zetten. De enige economische motor die op stoom kwam in onze gemeente was die van de projectontwikkelaars, wat mede debet is aan het gemis van groen dat zo vaak genoemd is bij de burgerparticipatie. Denk daarbij aan de kavels in Fascinatio. Dat moeten wij vermijden en anders oplossen. Graag horen wij van de wethouder hoe deze stadsvisie meer leidend kan worden. Daarbij denkend aan de genoemde motie.

Mevrouw DEN ENGELSMAN: Voorzitter, zoals mooi verwoord in het voorwoord van de stadsvisie, was het een scherp en zeer intensief traject. Dat hebben wij samen gedaan met de partners in de stad, de ondernemers, inwoners en iedereen die bij de gemeente werkt: ambtenaren, het college en raadsleden. Allemaal gericht op een mooier Capelle. De heer Van Buuren sprak mooie woorden waarin de geborgenheid, het welkom zijn, de zorgvuldigheid en de creativiteit geprikkeld moeten worden. Dit zien wij momenteel bij Havensteder gebeuren. Vorige week bij het Themater hebben zij meegedacht over de toekomst voor de ouderenwoningen, oplappen of ernaast bouwen van een lift. Zojuist werd de vraag aan de heer Schelkers gesteld of de gemeente daarop meer moet sturen. Wij moeten kijken wat er is en wat erbij moet komen. Als Havensteder aangeeft dat in haar visie tot 2030 staat dat er genoeg voorraad is voor ouderen, moeten wij dan ouderenwoningen door blijven bouwen of moeten wij kijken naar de jongeren? Op een kamer voor jongeren komen 500 reacties. Op ouderenwoningen komen 25 reacties. Aan de hand van big data kan gekeken worden of wij op de juiste weg zijn met bouwen. Los van de vraag wat, waar en hoe wij gaan bouwen moet er rekening gehouden worden met de beweegvriendelijke omgeving gelet op het vervoer, de fietspaden, goede interwijkse verbindingen, het OV en de auto.

Capelle moet een aantrekkelijke stad blijven voor de ondernemers, zeker gezien de maakindustrie aan de IJssel. Daar zijn werkplekken voor jongeren vanuit het lwoo en het mbo.

210927

pagina: 31 van 38

De suggestie van de heer Van Buuren om gezamenlijk met Krimpen een visie op de IJssel te ontwikkelen kan ik zeer aanbevelen aan de wethouder. De industriezone van de Stormpolder is geen sinecure dat in een gebiedspaspoort weggeschreven kan worden als zijnde dat daarmee geen rekening wordt gehouden. Het is een uitgestrekt gebied, maar het CDA is blij dat er zoekgebieden zijn en dat de motie van de SGP voorligt. De heer Van Buuren heeft de zorgen vanuit de commissie goed samengevat. Dank daarvoor. De aandachtspunten die het CDA heeft meegegeven zien wij terug in de motie. Er moet aandacht zijn voor de sociale opgaven en voor de ruimtelijke opgaven. Wij zijn de stadsvisie met zijn allen begonnen en wij moeten gezamenlijk het pad naar de strategische ontwikkelagenda bewandelen. Op voorhand moeten wij geen zaken benoemen, zoals de hoogte van 40 meter, zoals verwoord in het amendement van de PvdA. Wij zien de creativiteit. Dat zagen wij bij de scholen en Havensteder gaat aan de slag met het optoppen. Zo gaat er een rollend balletje van creativiteit door de stad samen met onze partners. Met de motie van de SGP kunnen wij de stadsvisie een stapje verder brengen. Wij hebben de garantie dat de stadsvisie iedere raadsperiode herijkt wordt. Een volgende generatie raad is altijd aan zet in de stadsvisie.

De heer EILANDER: Voorzitter, wij krijgen een nieuwe stadsvisie 'Met het oog op de toekomst'. Dit is een visie met veel input van allerhande instellingen, maatschappelijke organisaties, bedrijven en Capellenaren. De ChristenUnie is heel trots op de voorliggende visie. Met dank aan de ambtelijke organisatie, het college, de raadsleden en burgerraadsleden om alle informatie op te halen, te verzamelen en direct of indirect een plek te geven in de stadsvisie. De stadsvisie is een van onze gezamenlijk gekozen thema's om met deze raad in deze periode aan de slag te gaan en om over dit onderwerp met de Capellenaren in gesprek te gaan. Door die mooie gesprekken in wijken, de bibliotheek, via Zoom en in de reflectiegesprekken kunnen wij zeggen dat het een echte Capelse stadsvisie is. De wijk moet centraal staan, zodat de Capellenaar gezien wordt en geen nummer is. Capelle is geen dorp en geen stad. Wat dan wel? Een stad met een dorps karakter of een dorp met een stads karakter. Er is ruimte voor de IJssel, woningen voor ouderen en starters, wijken zijn in balans op leeftijd, culturele achtergrond, opleiding en inkomen. Groen is de belangrijke verbindende factor in ons sociale leven: een plek voor ontmoeting. Hoogbouw zien wij liever niet, maar er moet gekeken worden waar het kan als dat nodig is.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10720350/2