02.01 - Conceptverslag commissie BVM 24 januari 2022
Tekst van het document
Verslag van de hybride vergadering van de commissie Bestuur, Veiligheid en Middelen, gehouden op maandag 24 januari 2022 in het gemeentehuis aan de Rivierweg 111 te Capelle aan den IJssel en via Pexip, aanvang 20.00 uur Aanwezig zijn als:
voorzitter
:
de heer mr. P.M.D. Weijers;
volksvertegenwoordigers:
de heer J. Janson, raadslid Leefbaar Capelle; de heer J. Hooijkaas, burgerraadslid D66; de heer M.N. Landzaad MSc LLM, raadslid VVD; de heer G.M. Veenema MSc LLM, burgerraadslid SGP; mevrouw C.W.J. Weemhoff MA, raadslid PvdA; de heer ing. J. Breepoel, raadslid SP; mevrouw H.A. Groenendijk-de Vries MEd, raadslid ChristenUnie; de heer dr. V. Stevens, burgerraadslid CDA; de heer J.M. Snijders, raadslid GroenLinks; de heer M.C.J. van Gent, raadslid Capels Bewoners Belang;
secretaris
:
de heer S.G.V. Schouten;
portefeuillehouder
:
de heer mr. P. Oskam, burgemeester;
ambtelijke ondersteuning:
de heer F. van Boven, coördinator rampenbestrijding unit Veiligheid; de heer R. Elfert, unithoofd Veiligheid; de heer R. Kandel, unithoofd Ruimtelijke ontwikkeling; de heer B. van Leuven, BSc MSc, bestuursadviseur; de heer F. van der Linden, hoofd afdeling Bestuurs- en Concernondersteuning; mevrouw R. Turien, unithoofd Vergunningen, Toezicht en Handhaving;
gasten:
de heer G. Janssen, teamleider risicobeheersing Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond; de heer D. de Jong, wijkbrandweerfunctionaris Capelle a/d IJssel; de heer M. Koeleman MBA, DCMR; de heer T. Koeman MSc Ph.D., GGD; de heer H. Steens, districtscommandant brandweer Veiligheidsregio;
notulist
:
de heer H. Veenstra (Notuleerservice Dictum).
Op de publieke tribune zijn bij de aanvang van de vergadering geen personen aanwezig.
1.
Opening, mededelingen en vaststelling agenda
De VOORZITTER opent de vergadering en heet eenieder van harte welkom. Voorgesteld wordt agendapunt 7 voor agendapunt 6 te behandelen. Aldus wordt besloten en vervolgens wordt de agenda vastgesteld.
684926/602488
Behorende bij commissieverslag BVM, nummer: 684926/692488
2.
pagina: 2 van 12
Vaststellen verslag commissie Bestuur, Veiligheid en Middelen van 29 november 2021
Bij de aanwezigen moet de heer Schaatsbergen als lid van de fractie van Leefbaar Capelle vermeld worden in plaats van als lid van de SGP-fractie. Het verslag wordt vastgesteld, met inachtneming van de aangegeven wijziging. 3.
Spreekrecht inwoners
Er zijn geen insprekers. 4.
Gemeenschappelijke regelingen (Metropoolregio Rotterdam-Den Haag, Veiligheidsregio Rotterdam Rijnmond, IJSSELgemeenten en politie)
Er zijn geen mededelingen. 5.
Corona
Burgemeester OSKAM deelt mee dat het algemeen bestuur van de veiligheidsregio hedenochtend bijeen is gekomen om te praten over de op 25 januari 2022 mogelijk te presenteren versoepelingen. Er zal meer gesport kunnen worden en horeca- en cultuurgelegenheden zullen open gaan. Het Kabinet denkt nog na over het tot 22.00 uur open blijven van de horeca en theaters en de omgang met voetbalwedstrijden. Nederland zal dus iets meer open gaan, waarbij het aandachtsgebied de komende twee weken zal zijn. Daarna volgt dan weer een nieuwe landelijke persconferentie. 7.
Voortgang wijkbrandweerfunctionaris
De heer DE JONG, wijkbrandweerfunctionaris, zet zijn werkzaamheden over 2021 uiteen. Ook hij heeft dat jaar last gehad van beperkingen in verband met corona. Mensen uit zijn grootste doelgroep senioren waren erg voorzichtig en hadden liever geen contacten. Het advies vanuit de veiligheidsregio was veelal vanuit thuis te werken. Zijn werk ligt echter normaal vooral min of meer op straat, wat hij ook heeft geprobeerd te doen. Toch heeft hij bij mensen op leeftijd nog 13 keer een woningcheck dan wel veiligheidsadvies mogen uitvoeren. Wekelijks is hij vrij nauw betrokken geweest bij het bemoeizorgoverleg met Welzijn Capelle, de gemeente en het Wmo-loket om alle daaruit voortvloeiende gevaarlijke situaties te bespreken. Daar is hij in totaal 32 keer geweest. In 2021 waren er ook spreekuren, maar wel minder dan hij zou willen. De normale spreekuren in de Hoeken zijn in verband met corona stilgelegd en die hebben maar vijf keer plaatsgevonden. Ook in de bibliotheek heeft hij op de eerste maandag van de maand spreekuur, welke spreekuren in 2021 vijf keer zijn gehouden. Buiten de senioren zijn de scholen zijn tweede aandachtsgebied, vooral het basisonderwijs. In totaal heeft hij 19 klassen bezocht, vooral de jongste groepen. Hij heeft een heel succesvol ‘broodje brandweer’ mogen organiseren in Residentie IJsselzicht, waarbij 65 mensen aanwezig waren.
Regelmatig wordt hij telefonisch via het klantcontactcentrum door bewoners gevraagd voor allerlei uiteenlopende zaken. Hij probeert ook regelmatig aan te sluiten bij de WOP-vergaderingen en breed overlegvergaderingen, die het afgelopen jaar digitaal hebben plaatsgevonden. Er waren eind vorig jaar twee zeer grote branden en bij een ervan, in het Reviusrondeel, heeft hij best werk gehad. Een aantal mensen heeft hem namelijk gevraagd langs te komen voor een woningcheck met eventueel een veiligheidsadvies. In totaal is hij daar bij acht adressen langs geweest en ook anderen kunnen zich nog melden. In samenwerking met de gemeente, handhaving en politie heeft hij eind vorig jaar op zeven scholen een vuurwerkles mogen geven in het kader van de politiekids. Bij vijf uitrukdiensten heeft hij een presentatie gegeven over de omgang met vervuilde woningen.
Behorende bij commissieverslag BVM, nummer: 684926/692488
pagina: 3 van 12
Hij hoopt zijn werkzaamheden na de lockdown weer meer te kunnen oppakken, in het bijzonder de vier speerpunten: 1. risico- en kansgroepen, zoals de jeugd; 2. midden in de samenleving; hij is voor iedereen met vragen benaderbaar; 3. veilig leven bevorderen door middel van influencers; 4. interne samenwerking bij de brandweer. Recent kwam er een wijkbrandweervrouw in Barendrecht bij en zijn er wijkbrandweermannen aangesteld in Ridderkerk en Vlaardingen. Mevrouw WEEMHOFF is benieuwd wat de brandweerfunctionaris kan betekenen bij vervuilde of verwaarloosde huizen. De heer DE JONG vertelt dat een overvolle woning een behoorlijk risico met zich kan meebrengen. Als daar brand uitbreekt is er voor de bewoners en omwonenden een groot risico. Muren zijn namelijk berekend op een normale bewoning. Bij overmatig veel spullen in een woning kan een brand zich sneller uitbreiden. Ook voor de brandweer kan er dan een gevaar zijn. Dergelijke situaties brengt hij in het bemoeizorgoverleg in en daaraan kan dan door de gemeente aandacht gegeven worden. Bij een erge situatie kan hij een vuurlastberekening maken, waarna bouw- en woningtoezicht stappen kan ondernemen. Mevrouw GROENENDIJK-DE VRIES vindt het mooi dat de heer De Jong blijvend bezig is met preventie, ook bij jonge mensen.
Naar aanleiding van de grote brand waar de heer De Jong bij betrokken was vraagt zij welke dingen bewoners van hoogbouwwoningen makkelijk kunnen oppakken. De heer DE JONG bespreekt bij die woningen een lijst met punten, waarvan er een is hoe mensen hun woning kunnen ontvluchten. Bij branden in een gebouw zijn heel veel mensen overigens van mening te moeten vluchten. Hen overtuigt hij ervan dat hun woning veilig is als ze deuren dicht houden. Als er brand in hun eigen woning is moeten ze uiteraard hun woning wel ontvluchten. Vooral was er onrust doordat het trappenhuis vol met rook stond. Mensen stelt hij dan gerust en raadt hij aan in hun woning te blijven en dat ze aan de buitenwereld kenbaar maken dat zij nog in hun woning zitten. Zij worden dan door de brandweer op een veilige manier uit hun woning gehaald. Als ze dat weten zijn ze in het algemeen gerustgesteld. Ook adviseert hij in elke woning een paar goede rookmelders op te hangen. De heer HOOIJKAAS vraagt of de heer De Jong alleen inzet op bewoners of ook op bedrijven bij het geven van adviezen, zoals over elektrische brommers, scooters en scootmobielen. De heer DE JONG gaat als wijkbrandweerfunctionaris niet over bedrijven en daarvoor is er een afdeling risico- en crisisbeheersing. Bedrijven vallen ook onder andere regelgeving dan woningen.
Wel krijgt hij vaak van verenigingen van eigenaren het verzoek door een woongebouw te lopen en te adviseren wat er te doen is. In een woongebouw zijn er minder verplichtingen dan in een bedrijfsgebouw. In een bedrijfsgebouw is het verplicht blusmiddelen te hebben. Heel veel discussie heeft hij over het gebruik van scootmobielen die in een hal blijven staan. Daarvoor is er een handreiking en daarover geeft hij dan advies. De heer VEENEMA vindt het mooi dat de heer De Jong naast risicogroepen ook focust op de kansgroepen. Hij is benieuwd of nog veel mensen naar het spreekuur komen, welke vragen dan worden gesteld en of die vragen tijdens coronatijd zijn veranderd. Ook wil hij weten hoe de brandweerfunctionaris met name risicogroepen gaat overtuigen om weer met hem in contact te komen. De heer DE JONG krijgt niet zo heel veel vragen op zijn spreekuur, maar wel komen mensen met zeer uiteenlopende dingen naar hem toe. Het gaat bijvoorbeeld over mensen die zich over een bepaald woongebouw ongerust maken en mensen die vragen of hun rookmelders nog goed zijn en welke ze het beste zouden kunnen kopen. Merken mag hij niet aanprijzen, maar wel typen rookmelders. Ook krijgt hij vragen over te gebruiken blusmiddelen in de keuken. Soms vragen mensen hem om bij hen thuis de woning te komen bekijken.
Behorende bij commissieverslag BVM, nummer: 684926/692488
pagina: 4 van 12
De heer STEVENS vindt het mooi te horen dat veel activiteiten toch zijn doorgezet. Hij vraagt hoe de grotere groep Capellenaren kan worden bereikt over het verplicht stellen van rookmelders per 1 juli 2022. De heer DE JONG laat weten dat er wat campagnes zijn. In bepaalde winkels worden bij kassa’s rookmelders neergezet. Er zijn ideeën om daarbij een reclamezuil te maken. Er zijn tevens gedachten om regionale televisie, radio en kranten voor een campagne te gebruiken. De Brandwondenstichting is in dezen heel erg actief. Alles wat kan bijdragen aan gemeentelijke communicatiekanalen kan helpen, zoals de bibliotheek. Er zijn zat ideeën en de komende tijd zullen die ook opgepakt worden. De heer JANSON vraagt wat brandweercollega’s aan de brandweerfunctionaris doorgeven, hoe de samenwerking met de boa’s en de stadsmariniers verloopt en wat de gemeente(raad) kan doen om meer aandacht te krijgen voor de per 1 juli 2022 verplichte rookmelders. De heer DE JONG noemt de contacten en samenwerking met de boa’s en de stadsmariniers zeer goed en de lijntjes daarmee kort. Alle hulpverleners gaan dit jaar de wijk in, zodat bewoners kennis kunnen maken met degenen die wat voor hen kunnen betekenen. Als handhaving en wijkagenten expertise nodig hebben kunnen ze hem bellen. Over wat de gemeenteraad kan betekenen wat betreft rookmelders gaat hij nadenken.
Het zal tussen de oren bij mensen moeten komen dat rookmelders naast verplicht ook nuttig zijn. Rookmelders hadden bij branden met een overlijden grotendeels het verschil kunnen maken. Zijn collega’s worden soms geconfronteerd met parkeeroverlast bij een waterwinning. Daarop kan hij aandacht vestigen vanwege zijn korte lijntjes met de wijkagent. De repressieve dienst was vorig jaar bij een man met kennelijk een drankprobleem die niet reageerde op de ontstane gevaarlijke situatie. Dat is eigenlijk een sociaal geval, dat bij hem wordt gemeld. Ook krijgt hij meldingen van geblokkeerde deuren in huizen en overmatig geparkeerde scootmobielen in huizen. De heer LANDZAAD vraagt of de wijkbrandweerfunctionaris wel bij bedrijven kan binnenlopen die zich in woonwijken bevinden. De heer JANSSEN antwoordt dat de veiligheidsregio na aankondiging wel bij bedrijven kan binnenlopen. De VOORZITTER constateert dat de commissie complimenten heeft uitgesproken over de presentatie van de wijkbrandweerfunctionaris en dankt hem voor de gegeven toelichting. 6.
Evaluatie gemeentelijke inzet brand Radarstraat 2021
De VOORZITTER wijst op het uitgebreide evaluatierapport, met daarin ook de beantwoorde vragen van D66 en het WOP Capelle-West. Burgemeester OSKAM herinnert aan een bewonersavond vorige week in Capelle-West. Hij kijkt terug op een heel lelijke brand. De week ervoor was er ook al een brand in het Reviusrondeel, waar sprake was van brandstichting en moord, welk incident op een goede manier met nazorg in samenwerking met Havensteder en de wijkbrandweerfunctionaris is opgelost. Over de brand in de Radarstraat was heel veel te doen en die had veel erger kunnen aflopen. Brandweer, politie en handhaving zijn adequaat opgetreden en hebben de brand bedwongen. Hij snapt heel goed dat een dergelijke brand bij bewoners en ondernemers een onveilig gevoel geeft. Hij was bij de brand aanwezig zodra het kon. Ondernemers schoten hem aan en vroegen hoe de brand heeft kunnen ontstaan. Het was de derde keer in anderhalf jaar tijd dat er brand was bij Felyx. Hij heeft daarom toegezegd een uitgebreid onderzoek te laten uitvoeren. De saamhorigheid tussen hulpdiensten en bewoners en ondernemers was groot. Er is een accountmanager aangesteld om gedupeerde ondernemers er snel doorheen te helpen. Bewoners zijn deels geëvacueerd. Ook daar was er gedeelde smart. Zij gingen naar Aquapelle en zijn daar opgevangen met koffie en broodjes.
Na de brand heeft hij een verklaring afgelegd in een vergadering van de commissie BVM en is er onderzoek aangekondigd. Op basis van het onderzoek is gebleken dat het bedrijf op de betreffende locatie conform het bestemmingplan gevestigd mocht zijn. Er gold geen vergunningplicht, maar wel een meldingsplicht milieu bij de DCMR.
Behorende bij commissieverslag BVM, nummer: 684926/692488
pagina: 5 van 12
Er hebben zich eerder bij Felyx branden voorgedaan, namelijk een kleine brand op 24 september 2020 en een middelgrote brand op 28 oktober 2020. Bij de laatste brand in oktober 2020 is handhaving ook ter plaatse geweest. Na 28 oktober 2020 heeft de brandweer een onderzoek ingesteld en die is langs geweest bij Felyx. Er is daar door de adviseur gevaarlijke stoffen met de bedrijfsleider over verbeteringen gesproken. Felyx heeft daaraan later wel gevolg gegeven. Die verbeteringen hadden te maken met litium-ion batterijen. Er zijn kluizen aangeschaft om die batterijen brandveilig te kunnen opbergen. Er zijn overigens geen wettelijke eisen voor het opslaan van accu’s. Het kan dus toch misgaan. Terugkijkend kunnen politie, brandweer, handhaving en vergunningen, bouw en woningtoezicht, de adviseur van de brandweer, de DCMR en de burgemeester groene vinkjes zetten. Niemand heeft namelijk iets verkeerd gedaan. Toch blijft er bij hem een rotgevoel hangen en vraagt hij zich af waarom de brand zich heeft voorgedaan. Stakeholders hebben daarover met elkaar gesproken en hebben gezegd meer op branden met impact te gaan zitten en te kijken wie iets moet doen. Ook landelijk is wetgeving in de maak voor lastig te blussen objecten, zoals Tesla’s en zonnepanelen. Het gemeentebestuur heeft dus kritisch naar zijn eigen rol gekeken.
Het gaat erom er scherper in te zitten, elkaar beter te informeren en te communiceren naar bewoners toe. De heer STEENS laat weten dat de brand aan de Radarstraat op 18 november 2021 ook voor de brandweer een groot incident was. Dergelijke branden komt de brandweer niet vaak tegen. Het was wel een brand met een bijzondere oorzaak. De brand is waarschijnlijk ontstaan op een punt waar batterijen geladen werden en is door een van de medewerkers ontdekt. Die medewerker is het gebouw in gegaan, heeft geconstateerd dat er iets rookte en heeft 112 gebeld. Daarna bleek al snel dat de brand zich dusdanig snel ontwikkelde dat die niet houdbaar was met kleine blusmiddelen en voor de brandweer. De brandweer heeft daarom moeten besluiten om het pand op te geven en zich in te zetten voor het behoud van belendingen en buren, met als gevolg hevige rookontwikkeling door de wijk. Op basis van de windrichting is ook besloten om een NL-Alert af te geven en om mensen daarover actief te informeren. Daarnaast zijn bewoners geïnformeerd die lokaal getroffen zijn in het effectgebied en degenen die als bezorgde inwoners op de hoogte willen blijven wat er gebeurt in de eigen gemeente. De brandweer is er met veel eenheden tegelijkertijd geweest. Op het hoogtepunt van de inzet waren er meer dan honderd brandweermensen uit de regio aan de slag om het verschil te maken.
Dat is uiteindelijk ook gelukt, maar een brand met batterijen is altijd een langlopend proces. Batterijen zijn lastig tot niet te blussen. Ze moeten vooral gekoeld of ondergedompeld worden. Het is uiteindelijk wel gelukt om de brand te bestrijden, maar met als resultaat dat het bedrijfspand als verloren kon worden beschouwd. Naar aanleiding van de brand is gekeken waarvan de brandweer kan leren. Er is ter lering een eigen brandonderzoek gestart. Brand met betrokkenheid van batterijen krijgt ook landelijk de aandacht en die wordt onderdeel van de kennisdatabank van de brandweer. Het doel is om in de toekomst slagvaardiger te worden bij dit soort incidenten en te kijken hoe invloed uit te oefenen is op bestaande regelgeving. De heer JANSSEN licht toe dat naar aanleiding van de brand op 28 oktober 2020 door brandweermensen ter plekke aan preventie is gevraagd om te gaan kijken. Preventie en een adviseur gevaarlijke stoffen is bij Felyx gaan kijken en hebben adviezen gegeven op basis van toekomstige regelgeving. Een hoop adviezen zijn overgenomen. Door vooral de groei in de bedrijfsvoering van Felyx bleek dat niet voldoende te zijn. Regelgeving is helaas nog niet van kracht en dat zal dit jaar met een PGS 37 (Publicatiereeks Gevaarlijke Stoffen, aanvullende regelgeving) gaan gebeuren.
Het betreffende pand is nog geen 2.000 m² groot, maar zou eigenlijk onbeperkt tot 2.500 m² gebouwd mogen worden. Op het bouwkundige brandveiligheidsaspect is er daarom nu geen reden tot zorg. De heer KOELEMAN kijkt eerst naar de formele juridische positie van het bedrijf. Vanuit de Wet milieubeheer kan gezegd worden dat het bedrijf een meldingsplicht heeft in het kader van het Activiteitenbesluit. Het betreft een type B-inrichting.
Behorende bij commissieverslag BVM, nummer: 684926/692488
pagina: 6 van 12
Er waren wel twee kwetsbaarheden. Ten eerste werden in het bedrijf lithium-ion batterijen opgeslagen. De regelgeving voorziet nog niet in voorschriften of randvoorwaarden voor opslag en gebruik van litium-ion batterijen. PGS 37 moet dat gaan oplossen en stelt landelijke regels, die een formele basis zullen zijn. Er zijn wel allerlei handreikingen in omloop. Er is dus best wel kennis, maar die heeft nog geen formele status. Ten tweede bleek een jaar voor de brand dat het bedrijf zich niet gemeld had in het kader van de meldingsplicht. De DCMR heeft daarom het bedrijf aangeschreven. Het bedrijf is gesommeerd om dat snel recht te zetten, wat ook best snel is gedaan. Dat is ongeveer een jaar voor de brand gebeurd. De DCMR realiseerde zich dat er niet alles in beeld is wat er op zo’n terrein of algemeen in de regio gebeurt. De DCMR gaat daarom actief inventariseren waar lithium-ion batterijen worden gebruikt en opgeslagen en welke bedrijven dat doen. Daaropvolgend gaat de DCMR maatwerkvoorschriften aan de licentie die het betreffende bedrijf heeft toevoegen, opdat het litium-ion risico wordt gecoverd. De DCMR heeft ook een team litium-ion geactiveerd, waarin alle disciplines bij elkaar komen, zodat de actie effectief in te zetten is.
Wat betreft kennisontwikkeling en de formele regelgeving omtrent litium-ion batterijen neemt de DCMR actief deel aan het team dat de PGS 37 momenteel schrijft. De PGS 37 verwacht hij dit jaar. Vragen De heer JANSON kan zich voorstellen dat Felyx over meer locaties beschikt en vraagt of informatie ook wordt doorgespeeld naar gemeenten waar die locaties zijn of waar er bedrijven zijn die ook scooters exploiteren. De gemeente Krimpen aan den IJssel, waar veel scooters naartoe gaan, komt het scooterbedrijf misschien wel op een bepaalde manier tegemoet. Hij kan zich dan voorstellen dan wel eisen te stellen. In het collegevoorstel gaat het over kanspiketten, maar hij vraagt zich af of het moet gaan over gewone piketten. Adviespunt 4 vermeldt het alarmeren/informeren van de burgemeester vanaf een middelbrand voortaan telefonisch te doen. Hij adviseert daarbij ook de locoburgemeester mee te nemen. In punt 5 van het feitenrelaas staat dat de bouwtekeningen niet meer in het digitale of normale archief aanwezig zijn, wat hem verbaast en hij vraagt of er daarvoor een reden is. De heer STEVENS complimenteert de burgemeester met het aangaan van gesprekken met omwonenden en bedrijven in de buurt. Hij focust zich op de vraag of het bedrijf conform het bestemmingsplan wel op de locatie gevestigd mocht worden. Volgens het feitenrelaas is dat wel het geval.
Uit het feitenrelaas wordt hem niet bekend sinds wanneer Felyx op de betreffende locatie is gevestigd. Op de locatie was categorie 2 van kracht, waaronder reparatie ten behoeve van particulieren, exclusieve auto’s en motorfietsen vallen. Voor verhuurbedrijven voor transportmiddelen geldt een hogere categorie, 3.1. Dat is een hogere risicocategorie dan eigenlijk mocht op het adres Radarstraat 7. Voor hem is het onduidelijk waarom Felyx als verhuurbedrijf van deelscooters niet onder die categorie valt en wat maakt dat dat onder categorie 2 valt. Wellicht moeten deze risicovolle bedrijven in een hogere risicocategorie worden geplaatst. De heer LANDZAAD gaat in op de aanbeveling van de DCMR om te onderzoeken waar servicepunten van deelscooters zijn gevestigd. Hij vraagt wie precies dat onderzoek gaat doen, op welke termijn dat onderzoek gaat plaatsvinden, hoe lang dat zal duren en of andere bedrijven die met dergelijke accu’s werken bij dat onderzoek worden betrokken. De aanbeveling wordt in het collegevoorstel breder getrokken, namelijk om de risicokaart van Capelle aan den IJssel te actualiseren. Vermeld is: ‘en de veiligheidsregio hiertoe te verzoeken eerst in beeld te brengen welke risico’s zij ziet op het gebied van de energietransitie’.
Zojuist heeft hij echter meegekregen dat deze risico’s eigenlijk al best lang bekend zijn, zodat hij vraagt waarom dat onderzoek nodig is voor de risicokaart te kunnen actualiseren. Dat leidt wellicht tot onnodige vertraging. De heer VAN GENT vraagt of de brandweer ook al ideeën heeft over de plaatsing en opslag van thuisbatterijen. De samenleving krijgt steeds meer te maken met accubranden. Vooruitlopend op PGS 37 kan Capelle misschien een idee daarover ontwikkelen.
Behorende bij commissieverslag BVM, nummer: 684926/692488
pagina: 7 van 12
Wellicht is er ook regelgeving in Capelle mogelijk over het stallen van dergelijke scooters, om te voorkomen dat ze niet rond blijven zwerven. De heer VEENEMA zegt dank aan de hulpdiensten en de vrijwilligers voor de opvang van omwonenden. Het is fijn dat er een uitgebreide evaluatie voorligt met wat zich heeft afgespeeld. Die evaluatie vindt hij compleet met nuttige en duidelijke aanbevelingen. Hij hoopt dat er regelgeving komt waarmee preventief kan worden opgetreden tegen bedrijfsvoering waaraan meer risico’s kleven. Hij vraagt wat de achtergrond is van de vermelding op pagina 11 dat, omdat er niet voldoende mensen konden worden opgetrommeld, naar alternatieven moet worden gezocht om met minder medewerkers te volstaan bij de opvang van inwoners. Qua regelgeving wordt ook uitgekeken naar landelijke ontwikkelingen. Hij vraagt of er vanuit de regio ook een signaal naar de landelijke overheid kan worden afgegeven om snelle regelgeving te maken. De opslag van batterijen gebeurt al jaren, zodat de regelgeving wel wat laat is. Mevrouw GROENENDIJK-DE VRIES zegt betrokkenen dank voor hun inzet en de evaluatie. Uit de stukken blijkt heel erg het lerend vermogen, ook gezien de energietransitie en de opkomst van batterijen. Zij las dat het openstellen van het gemeentehuis niet helemaal soepel ging en daarop vraagt zij een reactie.
Ook wil zij weten waarom mensen niet zo snel beschikbaar waren. Het informatiesysteem kwam moeizaam op gang en ook op dat gebied wil zij een toelichting hebben en weten wat daarvan is geleerd. De heer HOOIJKAAS is erg te spreken over de overgenomen aanbevelingen, aanpassingen en procedures en de actualisatie van de risicokaart. De conclusie is wel dat de wetgeving de gemeente hier in de steek heeft gelaten. Voor D66 heeft de burgemeester op dit punt wel een rood vinkje. De aanbeveling om de risicokaart van Capelle aan den IJssel te actualiseren ziet hij als een zeer waardevolle stap om meer grip te krijgen op bedrijven met een hoog veiligheidsrisicoprofiel. Veranderingen in de samenleving gaan zo snel dat de gemeente gelijk moet anticiperen op nieuwe ontwikkelingen, zoals het opslaan van duurzame energie in accu’s. Hij vraagt de portefeuillehouder daarom meer te vertellen over het opnemen van extra maatregelen in de nieuwe Omgevingswet om dit soort situaties meer af te dekken. In de stukken is vermeld dat er 160 lithiumbatterijen in het bedrijf aanwezig zouden zijn en volgens de verzekering zouden dat er 500 zijn. Hij informeert naar de gevolgen van de verbranding van lithium-ion batterijen, onder andere voor de vervuiling van grond of het grondwater. Ook hij merkt op dat bouwtekeningen digitaal en fysiek niet terug te vinden zijn.
Dat heeft hij al eerder gehoord, zelfs bij woningen uit 2005. Hij vraagt zich af of hier sprake is van een probleem of een incident. Mevrouw WEEMHOFF hoorde dat zal worden geïnventariseerd waar in het gebied lithium wordt gebruikt en ter overbrugging aanvullende regelgeving wordt gemaakt in de tijd dat de wetgeving nog niet volkdoende is. Zij informeert binnen welke termijn aanvullende regelgeving in werking zal treden, omdat mensen zich zorgen kunnen maken als er accu’s in hun omgeving opgeslagen worden. Felyx heeft een advies gekregen en heeft dat deels opgevolgd. Het bedrijf heeft de groei en de bedrijfsvoering kennelijk zwaarder laten wegen dan de daarmee gepaard gaande veiligheidsrisico’s. Tot slot vraagt zij of kanspiketten moeten blijven of piketdiensten moeten worden. De heer SNIJDERS heeft het idee dat bij Felyx geen lerend vermogen aanwezig is, in elk geval niet in de mate zoals die er bij de gemeentelijke organisatie is. Er is namelijk iets gruwelijk fout gegaan door iets dat ook eerder een probleem vormde: een ontbrandende accu. Hij vraagt zich daarom af hoe een bedrijf als Felyx echt duidelijk kan worden gemaakt dat het zorg moet dragen voor de veiligheid van haar omgeving in plaats van hoe het zo veel mogelijk geld kan verdienen. Daarmee worstelt hij en dat maakt hem boos, maar hij beseft dat de gemeenteraad daarmee niet echt veel kan.
Het is echter wel een sentiment dat velen in Capelle met hem moeten delen.
Behorende bij commissieverslag BVM, nummer: 684926/692488
pagina: 8 van 12
Felyx hield zich aan de regels, maar toch is het heel erg fout gegaan en had het nog veel slechter kunnen aflopen. Hij sluit zich aan bij de vragen van mevrouw Weemhoff over wanneer echt actie wordt ondernomen en wanneer mensen in de omgeving weer rustig naar bed kunnen gaan en niet weer met dergelijke branden worden geconfronteerd. Het rapport was voor hem verhelderend en redelijk duidelijk geformuleerd. De ambtelijke organisatie en de betrokken partijen zegt hij daarvoor dank. De heer BREEPOEL wijst ook op de kwetsbaarheid van de kanspiketten en sluit zich aan bij de daarover gestelde vragen. Burgemeester OSKAM licht toe dat ingeval van een grote brand iemand van handhaving piketdienst heeft. Die persoon is altijd bereikbaar en zorgt dat er een bus van de RET komt en dat Aquapelle of het gemeentehuis open gaat. Kanspiket is van toepassing op ambtenaren van de gemeente Capelle aan den IJssel. Dat kunnen dus ook juristen, trouwambtenaren of medewerkers zijn die paspoorten uitgeven. Het aantal op te roepen medewerkers hangt daarbij af van het aantal op te vangen mensen. Het beleid is om per vijf op te vangen mensen één medewerker op te roepen. Het kost te veel geld om alle mensen piketdienst te geven. In zijn periode van zes jaar burgemeesterschap heeft hij drie keer een evacuatie meegemaakt. Mensen altijd dienst laten vervullen kost heel veel geld.
Hij durft het risico te nemen dat bij bijvoorbeeld de opvang van 50 mensen het altijd wel lukt om 10 medewerkers te kunnen oproepen. Een handhaver is overigens altijd bereikbaar. De heer Landzaad informeerde wie onderzoek gaat doen naar servicepunten voor deelscooters. Dat is volgens hem een gezamenlijke verantwoordelijkheid. De gemeente kent de bedrijven op haar grondgebied en moet daarnaar op zoek gaan. De brandweer heeft verstand van brandrisico’s en de DCMR is belast met de toepassing van milieuwetgeving. Dat onderzoek zal dus gezamenlijk worden opgepakt. Het gaat in dezen ook om bedrijven in elektrische auto’s en zonnepanelen. Met de veiligheidsregio’s worden ontwikkelingen in de maatschappij gemonitord. Daardoor verandert het werk van de brandweer en moet de gemeente kijken of vergunningen nog wel up to date zijn. Felyx komt niet meer terug op dezelfde plek, omdat de eigenaar van het gebouw haar de huidige plek heeft ontzegd. Het bedrijf wil echter heel graag door in Capelle, maar met elkaar moet worden bekeken wat een verstandige plek is. Dat is een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Hij noemt het verder belangrijk dat stadsmariniers, handhavers, de politie, de wijkbrandweerfunctionaris, gemeenteraadsleden, bewoners en ondernemers vaststellen als er iets niet deugt.
Pas toen hij bij de brand kwam hoorde hij dat het bedrijf al voor de derde keer te maken heeft gehad met een brand. Dat heeft te maken met de piketregeling van het college. Met de brandweer heeft hij als burgemeester de afspraak gemaakt dat hij bij een grote brand met letsel, doden of evacuatie aanwezig is. Bij zijn afwezigheid komt wethouder Hartnagel ter plaatse. Na een brand wil hij altijd horen of het in orde is, dat geen actie nodig is of de DCMR een onderzoek instelt. Met elkaar wordt gekeken of er iets te doen of nodig is of dat communicatie naar ondernemers of bewoners gewenst is. Aan het einde van de vergadering zal hij vertellen hoe het college naar het onderzoeksrapport kijkt en wat het met aanbevelingen doet, met name op het gebied van preventie. Een van de aanbevelingen betreft het inventariseren van de servicepunten. Er is een keuze gemaakt waar mensen worden opgevangen. De laatste tijd heeft de gemeente op dat gebied goede ervaringen met Aquapelle, waarvan Sportief Capelle de beheerder is. Voor de openstelling van het gemeentehuis moet er eerst een beveiliger worden gebeld. Sportief Capelle is de partner van de gemeente bij het opvangen van slachtoffers. Daarom wordt er vaak voor een locatie van Sportief Capelle gekozen. Welke locatie open gaat hangt ook een beetje af van het aantal op te vangen mensen en hoe snel zaken voor elkaar te krijgen zijn.
Dat het niet lukte het gemeentehuis in te komen is een punt dat is opgepakt. De heer VAN BOVEN vult aan dat de achtergrond van het niet in het gemeentehuis kunnen komen te maken had met een bedrijfswijziging bij beveiligingsbedrijf Trigion, dat niet automatisch in de crisisbestrijding was doorgevoerd. Dat is nu wel gebeurd.
Behorende bij commissieverslag BVM, nummer: 684926/692488
pagina: 9 van 12
De heer KOELEMAN gaat in op maatwerkvoorschriften. In gevallen waarin de regelgeving niet voorziet, zoals lithium-ion batterijen, biedt de wet de mogelijkheid dat het bevoegde gezag maatregelenvoorschriften maakt. Dat is aanvullende regelgeving bovenop hetgeen in de Wet milieubeheer en het Activiteitenbesluit is geregeld. Die voorziening wordt nu uitgewerkt, zodat die toegepast kan worden in bedrijven waar litium-ion activiteiten plaatshebben. Over gevolgen voor de grond of het grondwater als gevolg van verbranding van lithium-ion batterijen heeft hij geen actuele gegevens beschikbaar. Onmiskenbaar zal er een invloed zijn, maar die hangt af van de omstandigheden ter plekke. Bij de voorbereiding van PGS 37 wordt veel aandacht besteed aan bodembeschermende voorzieningen, opdat na de komst van de brandweer en bij het blussen de gevolgen voor de omgeving heel beperkt zijn. De heer Veenema vroeg of vanuit de omgevingsdienst een signaal naar de centrale overheid gaat om versneld regelgeving te maken. De DCMR is actief betrokken bij het schrijven van PGS 37. Door daarbij aan tafel te zitten is de DCMR in de gelegenheid om de relevantie en de urgentie te duiden. De heer Janson vroeg of de ervaringen opgedaan bij de brand worden doorgegeven aan andere gemeenten, brandweerkorpsen en omgevingsdiensten.
Voor maatwerkvoorschriften gaat de omgevingsdienst wel te rade bij collega-omgevingsdiensten om daar ervaring op te pakken. Hij denkt overigens dat het goed is om de opgedane ervaring actief te delen binnen de omgevingsdiensten in Nederland. Mevrouw WEEMHOFF vraagt wanneer maatwerkvoorschriften in werking zullen zijn en wanneer bedrijven aan regelgeving moeten voldoen ten aanzien van het bewaren van dit soort accumateriaal. De heer KOELEMAN antwoordt dat gezien de urgente kwestie maatwerkvoorschriften zo snel mogelijk in werking moeten zijn. Binnen de DCMR is een team lithium op de zaak gezet. Een datum heeft hij niet in zijn hoofd. Mevrouw TURIEN voegt toe dat nog een inventarisatie moet plaatsvinden, die de DCMR reeds heeft opgestart. Die inventarisatie gebeurt voor Capelle en regionaal. De kwestie staat voor Capelle, de veiligheidsregio en de DCMR hoog op de agenda. Een exacte tijdplanning kan zij echter niet geven, maar maatwerkvoorschriften kunnen nog enige tijd op zich laten wachten. De VOORZITTER gaat er van uit dat als zich een nieuw bedrijf meldt dat valt onder de meldingsplicht van het Activiteitenbesluit direct wordt gekeken naar maatwerkvoorschriften. De heer KOELEMAN beaamt dat de opgedane ervaringen dan direct worden gebruikt. De VOORZITTER stelt vast dat het voor de andere bedrijven afhangt van de inventarisatie.
De heer JANSSEN brengt naar voren dat Felyx niet als verhuurbedrijf is aangemerkt, omdat op de betreffende locatie niets wordt verhuurd. Er worden alleen deelscooters gebracht om te worden gerepareerd en opgehaald. Daarom is binnen het bestemmingsplan categorie 2 van toepassing. De VOORZITTER constateert dat een categorie 2-bedrijf niet automatisch in een zwaardere categorie mag worden gerangschikt. De heer JANSSEN bevestigt dat. De heer STEVENS wijst erop dat het ook gaat om opslag, waarvoor men in toekomstige bestemmingsplannen een categorie kan bepalen. Burgemeester OSKAM reageert dat het niet om verhuur gaat, maar om reparatie van scooters. Adviezen gingen over de opslag van batterijen. Er is altijd sprake van een risico. De zaak valt binnen het bestemmingsplan en er is een meldplicht in het kader van de milieuwetgeving. Hij hoopt dat de wetgeving in de toekomst veel strenger zal worden, waarmee de gemeente weer haar voordeel kan doen. De heer JANSSEN gaat in op de vraag van de heer Landzaad over een onderzoek en waarom het logo van de VRR daarop staat. Volgens hem is ook een logo van de Veiligheidsregio Haaglanden vermeld. Dat is eigenlijk de voorloper van de PGS 37. Een aantal fanatieke collega’s is binnen de VRR en de Veiligheidsregio Haaglanden met lithium-ion batterijen aan de slag gegaan. Zij hebben de handreiking opgesteld die wordt vertaald in de PGS 37.
Het blijft een handreiking, die in de kinderschoenen staat. De handreiking is al in de regio toegepast op een EOS-locatie. Vaak worden batterijen al neergezet op een flat zonder voorziening en is daar sprake van onwetendheid.
Behorende bij commissieverslag BVM, nummer: 684926/692488
pagina: 10 van 12
Hij bevestigt dat regelgeving soms op zich laat wachten. Vanuit het Instituut Fysieke Veiligheid (IFV) is onderzoek gedaan naar elektrische voertuigen in parkeergarages. Daarop heeft BZK snel gehandeld en wordt per 1 juli regelgeving gewijzigd: waar boven wordt geslapen en eronder een parkeergarage is moet een actief blussysteem aanwezig zijn. De heer STEENS haalt ook vanuit de responskant heel veel op, met name bij het leren van incidenten. Met de kennis van het incident gebeurt heel veel. De brand was overigens vorig jaar de derde op een locatie met scooterverhuur. De brandweer is ook betrokken bij het project van Brandweer Nederland onder IFV-vlag over energietransitie en alles wat daarmee heeft te maken. Dat past in het toonaangevende ontwikkelprogramma van de brandweer, die vooral volcontinu wil blijven groeien en leren. De accu is niet nieuw, maar neemt wel toe in kwantiteit. Elk huishouden gebruikt gemiddeld 169 batterijen en dat aantal neemt nog toe. Hoe hoger de kwantiteit, hoe groter de kans dat het mis kan gaan. Ook hier probeert men door te leren regelgeving aan te scherpen. Burgemeester OSKAM vervolgt dat voortaan bij branden niet ook de locoburgemeester zal worden gebeld, wat de heer Janson opperde. De lijn is dat de crisisfunctionaris van de gemeente wordt gebeld, die vervolgens hem belt.
Hij belt daarna de locoburgemeester, die de contacten met het college onderhoudt. De heer LANDZAAD vraagt of de burgemeester een toezegging kan doen over het na drie maanden een terugkoppeling geven naar de gemeenteraad over de inventarisatie van bedrijven die te maken hebben met litium-ion batterijen. Burgemeester OSKAM belooft dat. Mevrouw TURIEN gaat in op de vraag over archivering van bouwtekeningen. Het betreffende pand stamt uit 1974, waarna er geen wijzigingen meer zijn geweest. Er zijn daardoor geen vergunningen meer verleend. Dat maakt dat het gaat om een achiveringskwestie. Men moet vele jaren terug en dat maakt dat bouwtekeningen niet meer aanwezig zijn. In dit soort gevallen gaat bouw- en woningtoezicht met de VRR op pad om in de huidige stand van zaken in het pand in beeld te brengen. Dit alles doet niet af aan het feit dat het pand voldeed aan het Bouwbesluit en alle benodigde eisen. De heer Hooijkaas vroeg of het niet aanwezig zijn van bouwtekeningen een incident betreft. Voor panden die al lang staan is er mogelijk sprake van een archiveringskwestie, omdat er vroeger geen computers waren. Dat dit het laatste geval is waarvoor een archiveringskwestie gold durft zij niet te zeggen, maar zij hoopt dat het een van de zeer weinige kwesties is.
Tweede termijn De heer JANSON kan zich voorstellen dat vanuit de MRDH eisen worden gesteld aan vervoerbedrijven die met accu’s werken, zoals de RET, totdat de wetgeving op orde is. De heer VAN GENT vraagt of iets is gedaan met de thuisbatterij op een flat en hoe de aanpak is als die in Capelle worden geconstateerd. De burgemeester vraagt hij iets te doen tegen scooters die overal neergegooid worden en die af en toe brandjes veroorzaken. De heer HOOIJKAAS vernam dat er 160 lithiumbatterijen in het pand zouden zijn, terwijl er bij de verzekering 500 zijn aangegeven. Hij informeert naar het daadwerkelijk in het pand aanwezige aantal lithium-ion batterijen. Burgemeester OSKAM gaat het uiteindelijk erom dat gemeenten kijken wat verantwoord ondernemerschap is in het kader van brandveiligheid. MRDH stimuleert ten behoeve van duurzaamheid juist bedrijven als Felyx om op te starten. Mevrouw TURIEN antwoordt dat er een pilot wordt voorbereid over hoe overlastgevend gedrag met deelscooters aan te pakken is. Bezien wordt overlastgevende en verkeerd geparkeerde deelscooters te kunnen beboeten.
Behorende bij commissieverslag BVM, nummer: 684926/692488
pagina: 11 van 12
De heer JANSSEN heeft voor de batterij op de flat een praktische voorziening getroffen. Als daarmee wat gebeurt, kan die worden ‘verzopen’ en middels een container onder water gezet. Als de brandweer dergelijke batterijen ziet, wordt het betreffende bedrijf benaderd. De heer VAN GENT vraagt of die containers om batterijen in onder te dompelen een kleur hebben. De heer JANSSEN antwoordt dat om het even welke kleur voor een dergelijke container kan worden gekozen. De heer STEENS verbaast het niet dat het aantal batterijen na inventarisatie achteraf groter is, evenals het verschil. Na een brand blijft er namelijk bijna niets over. Dat is de logische verklaring voor het verschil in aantallen batterijen. Het verschil heeft voornamelijk te maken met de grote getallen versus de exacte getallen. Burgemeester OSKAM is blij dat hij naar de lelijke brand onderzoek heeft laten instellen, welk onderzoek duidelijkheid en scherpte naar de toekomst geeft. De brand en het onderzoek waren vooral een oefening in samenwerking. De conclusie is dat geen van de partijen iets verkeerds heeft gedaan, maar toch hebben allen een beetje een unheimisch gevoel. Uitgesproken is dat het beter kan en men meer moet monitoren, zeker gelet op de ontwikkelingen. Afgesproken is drie levels te hanteren: 1. Communicatie.
Ook na afloop wil hij over de oorzaak van een brand geïnformeerd worden; ook of handhaving, de brandweer en de DCMR nog op de brandlocatie zijn wezen kijken en adviezen hebben gegeven. Dan kan hij die ook aan bewoners communiceren. Naast periodiek overleg met de brandweercommandant over de brandweer in Capelle overlegt hij eens in de zoveel tijd met handhaving en de DCMR over wat er in de afgelopen tijd is gebeurd en wat er aan ontwikkelingen te zien is. Het vast te stellen beleidskader brandpreventie- en brandveiligheidsbeleid wordt naar voren gehaald en de geleerde lessen worden daarin opgenomen. 2. Vooruitlopend op wetgeving zal hij met voorschriften ondernemers dwingen om een veilig beleid voeren. Zodra de nieuwe wetgeving er is zal hij die meteen implementeren en daarop goed monitoren en handhaven. 3. Inventariseren van bedrijven met lithium-ion batterijen en andere risicovolle bedrijven op het gebied van brandveiligheid. Met elkaar kunnen partijen de handen ineen slaan om Capelle veiliger te maken. De VOORZITTER deelt mee dat een toezegging is gedaan om over drie maanden een stand van zaken te geven over hoe ver het staat met de inventarisatie van opslaglocaties van lithium-ion batterijen. Hij kijkt terug op een goede bespreking van het evaluatierapport. De bespreking was ook goed om in de toekomst incidenten te voorkomen. 8.
Rondvraag
De heer STEVENS vraagt welk aantal meldingen er van vuurwerkoverlast zijn geweest en welk aantal boetes daarvoor is uitgedeeld. Burgemeester OSKAM vermeldt dat de schade € 10.000,- was, niet buitensporig hoog, maar wel zonde. Er was bij Oud en Nieuw een vuurwerkverbod en het beleid was toch om niet te veel boetes uit te delen. Er is echter flink veel vuurwerk afgestoken, overigens in heel Nederland. Geprobeerd wordt daarom met België betere afspraken te maken en maatregelen te treffen. Er waren 233 meldingen van vuurwerkoverlast. Er is één boete uitgeschreven. Wel zijn er zes waarschuwingen uitgedeeld en vier keer is vuurwerk in beslag genomen. Zes keer is er een flinke hoeveelheid vuurwerk aangetroffen, zonder dat er iemand bij was. Hij is niet echt ontevreden over hoe het gegaan is, er zijn geen ongelukken gebeurd met hulpverleners en er zijn geen grote branden geweest. De heer VAN GENT informeert naar de elektriciteitsbrand op de Bermweg en de grootte daarvan. De heer JANSSEN gaat het om de brand bij Bermweg 100, die een scooter betrof. Het systeem voorziet niet in de registratie of het een brand van een elektrische scooter of van een scooter met een benzinemotor betrof.
Behorende bij commissieverslag BVM, nummer: 684926/692488
pagina: 12 van 12
De heer HOOIJKAAS vraagt of het wellicht goed is om de oorzaak van de brand te registreren. De heer STEENS zegt dank voor die tip, maar beperkt de registratiegegevens om zich te kunnen beperken tot de kerntaak van de brandweer. 9.
Sluiting
De VOORZITTER sluit de vergadering om 22.22 uur.
Aldus vastgesteld in de vergadering van de commissie Bestuur, Veiligheid en Middelen van 14 februari 2022, de secretaris, de voorzitter,