CConstaterende datCapelle Ad Ijssel
Koppel je AI →
Document · PDF

02.01 - commissieverslag cieBVM 11-05-2026

Commissie Bestuur, Veiligheid en Middelen 22 juni 2026, gemeente Capelle Ad IjsselBij agendapunt: Vaststellen verslag commissie Bestuur, Veiligheid en Middelen van 11 mei 20265.255 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Verslag van de vergadering van de commissie Bestuur, Veiligheid en Middelen, gehouden op maandag 11 mei 2026 in de Van Polanenzaal van het gemeentehuis, aanvang 20.00 uur Aanwezig zijn als: voorzitter:

de heer mr. P.M.D. Weijers;

volksvertegenwoordigers:

de heer G.J.M. van den Akker, burgerraadslid Leefbaar Capelle; mevrouw W.J. Ravenna, raadslid Leefbaar Capelle; mevrouw M. Aktaş, raadslid PRO; de heer J.G. Stegeman, burgerraadslid D66; de heer R.F. Verleun, burgerraadslid SGP; mevrouw drs. C.T.F. Penterman, raadslid VVD; mevrouw J. den Engelsman, raadslid CDA; mevrouw mr. D.E. Armfield, raadslid EvC;

secretaris:

de heer mr. S. Davids;

griffier:

mevrouw drs. T.A. de Mik;

portefeuillehouder:

de heer J.J. Manusama MA, burgemeester;

notulist:

de heer D. van Eck (Notuleerservice Dictum).

Op de publieke tribune zijn bij de aanvang van de vergadering 3 personen aanwezig.

1. Opening, mededelingen en vaststelling agenda De VOORZITTER opent de eerste vergadering van de commissie BVM in de nieuwe raadsperiode 2026-2030 en heet eenieder welkom, in het bijzonder de nieuwe commissiesecretaris Davids, de opvolger van de heer Schouten. De ChristenUnie-fractie is vanavond afwezig en haar bijdrage zal worden geleverd door de vertegenwoordiger van de SGP. De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld. 2. Vaststellen verslagen van de: vergadering van de commissie Bestuur, Veiligheid en Middelen van 23 februari 2026 besloten vergadering van de raadsbrede commissie van 15 april 2026 De verslagen worden ongewijzigd vastgesteld. 3. Spreekrecht inwoners Van het spreekrecht wordt geen gebruik gemaakt. 4. Toezeggingen De VOORZITTER deelt mee dat op voorhand is verzocht om een actualisatie van de toezeggingen 25/007 (herijking kindcentrum Meeuwensingel) en 25/013 (inkomsten en uitgaven in het kader van de medebewindstaken). Wat betreft het kindcentrum Meeuwensingel zou er informatie komen over het voorlopig ontwerp scholen en de stand van zaken daarvan, waarop in het eerste kwartaal van 2026 zou worden teruggekomen. Er zou worden gezorgd voor een finale datum en een tussenbericht. Het college heeft inmiddels in een tussenbericht voorzien en een raadsinformatiebrief volgt in het tweede kwartaal van 2026.

Toezegging 25/013, over inkomsten en uitgaven in het kader van de medebewindstaken, is nog actueel en is nog niet aangepast.

Commissie Bestuur, Veiligheid en Middelen maandag 11 mei 2026

Pagina:

2

Mevrouw DEN ENGELSMAN weet dat toezegging 25/013 in reactie op gestelde technische vragen is gedaan. Als antwoord is gegeven dat deze inkomsten en uitgaven nog niet bekend zijn. Het CDA zal hierover na het bekend worden van inkomsten en uitgaven nog nadere technische vragen stellen, zeker in de aanloop naar de Kadernota 2027. De VOORZITTER deelt mee dat toezegging 26/004, over de zienswijze op het regionaal risicoprofiel, in de collegebrief van 24 februari 2026 is afgedaan en in het deel van de afgedane toezeggingen is opgenomen. 5.

Gemeenschappelijke regelingen (MRDH algemeen, Veiligheidsregio RotterdamRijnmond, IJsselgemeenten financiën en ICT, Politie) Er zijn geen mededelingen en/of vragen. 6. Pilotproject Vergroten maatschappelijke weerbaarheid De VOORZITTER deelt mee dat de aanleiding voor het voorstel de toename van de hybride en militaire dreigingen is, zoals cyberaanvallen, spionage en sabotage als gevolg van geopolitieke spanningen. Het Rijk heeft gemeenten opgeroepen hun maatschappelijke weerbaarheid te vergroten, onder meer via versterking van zelfredzaamheid van burgers, continuïteit van de organisatie en crisisvoorbereiding. Het project richt zich op het vergroten van de zelfredzaamheid van inwoners via risicocommunicatie (o.a. het project Denk vooruit), het waarborgen van de continuïteit van de gemeentelijke organisatie, het versterken van de sociale cohesie en het voorbereiden van noodsteunpunten. Concreet wordt ingezet op een pilot voor het voorbereiden van een noodsteunpunt en het aanstellen van een projectleider voor de jaren 2026 en 2027. Het voorstel vraagt de raad expliciet kennis te nemen van dat pilotproject ‘Vergroten maatschappelijke weerbaarheid’ en hiervoor eenmalig een budget van afgerond € 296.000,- beschikbaar te stellen.

Dat budget wordt deels gedekt door een overschot van € 165.000,- van de Veiligheidsregio RotterdamRijnmond en € 131.000,- via een onttrekking uit de algemene reserve, wat zal worden verwerkt in de kadernota. Burgemeester MANUSAMA geeft voor de eerste termijn een korte toelichting op het voorstel. Burgemeesters hebben een brief van de NCTV ontvangen, die vermeldt ernstig rekening te houden met hybride dreigingen, zoals cyberoperaties en sabotages. Die kunnen bijvoorbeeld meerdaagse stroomuitval tot gevolg hebben. De waarschuwing daarbij was dat men zich eerder moet afvragen wanneer deze dreigingen werkelijkheid zullen worden in plaats van of deze zich zullen openbaren. Mevrouw PENTERMAN noemt het document helder en ook helder onderbouwd, maar heeft er moeite mee dat de gemeente zich voor een project aanmeldt waarvoor geen capaciteit is. Dat betekent geld uitgeven voor inhuur van een externe projectleider. Daarom vraagt zij waarom Capelle zich voor de pilot aanmeldt. Mevrouw RAVENNA vindt veiligheid voorop staan en stelt vast dat het vergroten van maatschappelijke weerbaarheid een enorme investering vraagt.

Zij vraagt daarom: wat de Capellenaar van de pilot zal merken; waar het pilot-noodstopsteunpunt gaat komen; welke locatie daarvoor op dit moment het meest waarschijnlijk is; wanneer definitief bekend zal zijn waar het noodsteunpunt komt; of er bij de keuze van de locatie ook wordt gekeken naar de spreiding over de wijken en de bereikbaarheid voor bijvoorbeeld kwetsbare doelgroepen; waarom de gemeente slechts met maar één noodsteunpunt zou starten; wat een Capels noodsteunpunt minimaal moet kunnen; gaat het om informatievoorziening, noodstroom en/of warmte; wie de noodsteunpunten gaat bemensen en in hoeverre er daarbij wordt gerekend op vrijwilligers en/of samenwerking met vrijwilligersorganisaties; welke de vervolgkosten na de pilot zullen zijn, bijvoorbeeld na opschaling naar acht of negen steunpunten; of het gaat om een incidentele uitgave of dat de pilot een opmaat is naar structurele kosten voor crisisweerbaarheid. Mevrouw DEN ENGELSMAN merkt op dat het CDA vindt dat een sterke samenleving begint met mensen die naar elkaar omzien en verantwoordelijkheid nemen voor hun omgeving. Weerbaarheid is daarbij niet alleen een taak van de overheid, maar ook een gezamenlijke verantwoordelijkheid van inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties. Juist door samenwerken kan men goed

Commissie Bestuur, Veiligheid en Middelen maandag 11 mei 2026

Pagina:

3

voorbereid om schokken op te vangen. Daarbij is het wel van belang om ook oog voor de kwetsbaren te houden. Naar aanleiding van de ontvangen documenten stelt zij de volgende vragen: of er nog bandbreedte is met betrekking tot het beschikbare budget, ook in verband met de komende netcongestie, die zorgt voor vertraging van projecten; de vraag is of er binnen de gehele gemeentelijke organisatie naar budget is gekeken; in hoeverre de gemeente monitort of Capellenaren gedurende 72 uur na een noodsituatie of crisis zelfredzaam kunnen zijn; wellicht moet er daarover meer communicatie komen; of het noodsteunpunt bij de locatie van de brandweer en politie komt en of voor de negen noodsteunpunten ook wordt gekeken naar projecten in voorbereiding, zoals de Sporthal Schenkel die een toekomstige toelooplocatie kan zijn of nieuwbouwprojecten, waar men een voorinvestering kan doen om daarvan een grotere locatie te maken; ook wil zij weten hoe de Capelse samenleving daarbij wordt betrokken, zoals vrijwilligersorganisaties, politieagenten, jongeren, kerken en maatschappelijke organisaties; wat er met de projectleider gebeurt als het Rijk geen subsidie verleent voor noodsteunpunten in 2027. Zij zou het prettig vinden als andere gemeenten, zoals Krimpen aan den IJssel en Lansingerland, als buddygemeenten meekijken en daarmee eventueel kosten te delen zijn.

Mevrouw AKTAŞ heeft al antwoorden op door PRO gestelde technische vragen ontvangen over de rol van de projectleider in relatie tot de landelijke campagne ‘Denk vooruit’ en de continuïteit van de gemeentelijke organisatie tijdens crises. PRO vindt het positief dat de veiligheidsregio en de gemeente investeren in het vergroten van de maatschappelijke weerbaarheid, maar vraagt of is overwogen om in deze fase als buddygemeente te fungeren in plaats van direct een actieve rol op zich te nemen bij het daadwerkelijk inrichten van een noodsteunpunt. Spreekster constateert dat deelname aan de pilot forse gevolgen voor de gemeentelijke financiën heeft, ongeveer € 300.000,- in totaal voor de jaren 2026 en 2027. Dekking vindt deels plaats vanuit de algemene reserve via verwerking in de kadernota en deels door inzet van het voordelige saldo van de veiligheidsregio uit 2025. Deze middelen zouden anders eveneens aan de algemene reserve zijn toegevoegd. Per saldo betekent het dat het volledige bedrag ten laste van de algemene reserve komt. PRO is benieuwd naar de ontwikkeling van de kosten als de pilot wordt vervolgd door het ontwikkelen van meerdere noodsteunpunten. Voor verkrijging van dekking vanuit het Rijk zal een stevige lobby nodig zijn en spreekster vraagt of daarop al actief wordt ingezet.

Tot slot wil zij weten of mogelijkheden en scenario’s zijn verkend voor kostenreductie, zoals door het delen van een projectleider door twee gemeenten. Mevrouw ARMFIELD benadrukt het belang van de pilot voor Capelle. De wereld wordt namelijk onrustiger en de overheid waarschuwt voor meer cyberaanvallen, verstoringen en mogelijke uitval van vitale voorzieningen. Er is al oorlog aan de grenzen van de Europese Unie, waarop de gemeente voorbereid moet zijn. Het voorstel gaat over iets heel belangrijks: de veiligheid van de Capellenaar en die niet in de kou laten staan als er echt iets misgaat. Zij hoopt met de pilot informatie te verkrijgen over waar mensen terecht kunnen voor warmte, water en informatie, die geen luxe, maar een basis voor veiligheid zijn. Echt voor Capelle vindt het zeer belangrijk dat kwetsbare doelgroepen op een effectieve manier worden meegenomen en de projectleider daaraan extra aandacht besteedt. Spreekster sluit zich verder aan bij de gestelde vragen van de eerdere sprekers. De heer STEGEMAN laat weten het heel belangrijk te vinden noodsteunpunten te ontwikkelen om snel te kunnen acteren in een echte crisissituatie.

Hij begrijpt de vragen van de andere fracties of voor een noodsteunpunt geld beschikbaar moet komen, maar hij wil ook voorkomen dat Capellenaren zeggen dat er over crises meer informatie had kunnen komen of een betere voorbereiding had kunnen plaatsvinden. Mevrouw PENTERMAN wijst erop dat het gaat om een pilot voor een noodsteunpunt en de communicatie daaromheen. Als de gemeente geen trekker, maar buddygemeente is, leert zij volgens haar ook net zoveel. De heer STEGEMAN bevestigt dat, maar is blij dat de gemeente Capelle zich als een van de zeven gemeenten voor een pilot heeft aangemeld. Zo staat zij vooraan en kan zij sneller acteren in geval van echte crisissituaties. Van het zijn van een buddygemeente heeft men ook profijt, maar de betrokkenheid bij het inrichten van een noodsteunpunt betekent dat men dat al een keer heeft gedaan, waardoor het een volgende keer een stuk sneller zal gaan. Een vrij grote gemeente als Capelle zou op dit punt ook het voortouw moeten nemen. Hij vraagt:

Commissie Bestuur, Veiligheid en Middelen maandag 11 mei 2026

-

-

Pagina:

4

of de burgemeester kan garanderen of de personele inzet van het pilotproject op het door de veiligheidsregio gevraagde niveau is en ook blijft, door bijvoorbeeld een andere projectleider achter de hand te houden; als een projectleider wegvalt zou een andere functionaris diens werkzaamheden moeten kunnen overnemen; waarom de pilotkosten niet deels door buddygemeenten gedragen kunnen worden, die immers ook baat bij de pilot hebben; wat er gebeurt met de noodsteunpunten na afloop van de pilot en of ze actief blijven of worden ontmanteld; bij ontmanteling wil hij de reden daarvoor weten; welke na 2027 bij doorgaan na de pilot de jaarlijkse kosten en de financiering daarvan zijn.

De heer VERLEUN deelt namens de ChristenUnie mede het voorstel van harte te steunen, omdat het voor een samenleving en individu van belang is om op noodsituaties voorbereid te zijn. Wel is er het verzoek om de raad actief te informeren en mee te nemen in het vervolgproces en richting de eventuele uitrol van meerdere noodsteunpunten. De ChristenUnie wil weten hoe de burgemeester van plan is de raad in het vervolg te betrekken. De SGP is ook van harte voorstander om zo goed mogelijk voorbereid te zijn op crises, rampen en bedreigingen. De omstandigheden lijken er meer dan ooit aanleiding toe te geven om goed voorbereid te zijn. Oefening baart daarbij kunst. De werkopdracht van de projectleider is om het noodsteunpunt adequaat op een basisniveau in te richten. De website Denkvooruit.nl, met de landelijke lijn, vermeldt dat een noodsteunpunt bedoeld is om belangrijke informatie te ontvangen. Daarom wil hij weten hoe het Capelse ambitieniveau zich tot die landelijke lijn verhoudt. Verder informeert hij wat hij moet verstaan onder materiële investeringen, waarvoor de veiligheidsregio en de gemeente elk € 34.000,- beschikbaar stellen. De SGP betreurt het voor de projectleider externe capaciteit te moeten inhuren en zou het mooier vinden dat de gemeente die taak zelf uitvoert.

Ook is hij benieuwd hoe het college borgt dat opgedane kennis niet wegvalt als de projectleider weg gaat of na afronding van de pilot. Ingeval van de komst van meerdere noodsteunpunten wil hij weten hoe de burgemeester de verkrijgbaarheid van nooddrinkwater op rantsoen voor zich ziet, ook in relatie tot de eigen verantwoordelijkheid van de Capellenaar daarvoor. Wellicht denkt die dat de gemeente wel voor water zal zorgen. Het definitief doorgaan na de pilot is mede afhankelijk van externe financiering en hij vraagt of de portefeuillehouder ook eigen gemeentelijke middelen wil inzetten. Tot slot vraagt de SGP of Capelle na inrichting van de noodsteunpunten weerbaar genoeg zal zijn of dat er dan nog aanvullende maatregelen van het college te verwachten zijn voor de veiligheid en saamhorigheid van de Capellenaren in tijden van crises en rampen. Het grootste deel van het voorstel gaat over de inrichting van een noodsteunpunt, een van de drie sporen van het grotere geheel. Een ander spoor is de continuïteit van de gemeentelijke organisatie. In verband daarmee informeert hij naar de stand van zaken met betrekking tot de maatschappelijke weerbaarheid en de continuïteit en wat het ambitieniveau daarvan is. Burgemeester MANUSAMA merkt in zijn reactie op de fractiebijdragen in eerste termijn op dat een heleboel gestelde vragen onderdeel zijn van de evaluatie.

Een aantal antwoorden op vragen moet hij daarom nu ook schuldig blijven. Capelle loopt niet weg voor haar verantwoordelijkheid. Alle verkiezingsprogramma’s vermeldden dat Capelle een stad van en voor veiligheid is. De gemeente heeft ook behoorlijk wat kwetsbare en slecht bereikbare inwoners binnen haar grenzen en wil daarom een actieve rol spelen bij het vergroten van de maatschappelijke weerbaarheid. Dat is de gemaakte keuze, waar het college nog steeds achter staat en daaraan hangt een prijskaartje. De gestelde vragen zijn ook terecht in een tijd waarin Capelle het financieel lastig heeft. De Capellenaar zal van de pilot merken dat de gemeente zich voorbereidt op een situatie die zich hopelijk nooit zal voordoen. Helder moet zijn dat bijvoorbeeld mensen bij langdurige stroomuitval weten dat er noodsteunpunten zijn, waarvoor die bestemd zijn en waarvoor ze daarbij terecht kunnen. Antwoorden op vragen over de best werkende communicatie, het bereiken van de Capellenaar en welke voorzieningen en diensten het meeste nodig zijn zullen na de pilot te geven zijn. Op die zaken wil hij daarom niet te ver vooruitlopen. De vraag waar het noodsteunpunt komt vindt hij terecht. Dat is nog definitief bekend, maar in eerste instantie wordt naar een locatie in Schollevaar gekeken. Na de pilot komen er per wijk een of twee noodsteunpunten.

Het eerste idee is om op de brandweerkazerne, waar ook de politie en een deel van de GHOR zitten, een coördinerend steunpunt te maken. De pilot is regionaal van aard, met zes tot acht noodsteunpunten. Het doel is om niet alleen lessen voor heel Capelle te trekken, maar op basis van verschillende inrichtingen en communicatieve keuzes van noodsteunpunten in de regio tot de meest passende invulling van een noodsteunpunt te komen.

Commissie Bestuur, Veiligheid en Middelen maandag 11 mei 2026

Pagina:

5

De gemeente geeft dus niet alleen, maar krijgt ook iets. Capelle is onderdeel van het geheel en trekt lering uit de pilot van de veiligheidsregio. Op de vraag wat een noodsteunpunt minimaal moet kunnen en/of leveren noemt hij informatievoorziening, noodstroom, warmte, nooddrinkwater en triage, evenals het melden van incidenten. In de pilot van Capelle gaat het in eerste instantie om informatievoorziening. Andere noodsteunpunten in de veiligheidsregio richten zich op andere aspecten, zoals noodstroom en het melden van incidenten. Na de pilot worden ervaringen gedeeld en gaat iedere gemeente aan de slag met de inrichting van alle noodsteunpunten, als er uiteindelijk een model ligt, waarin de raad wordt meegenomen. De bemensing van het noodsteunpunt moet nog worden uitgezocht en de projectleider zal daarvoor een voorstel moeten doen, mede op basis van de bevindingen van de veiligheidsregio. Vrijwilligers en gemeentelijk personeel kunnen daarbij een rol spelen, maar dat aspect wil hij nog niet invullen. Externe inhuur voor de projectleider is nodig, omdat het eigen team Veiligheid anders met andere taken moet stoppen. . De heer VAN DEN AKKER wijst erop dat niemand heeft gezegd dat de capaciteit voor de projectleider uit het team Veiligheid moet komen. Er kan namelijk ook een herschikking binnen de gemeentelijke organisatie plaatsvinden.

Burgemeester MANUSAMA wijst erop dat het werk van de projectleider heel specialistisch is en er al wordt bezuinigd. Voor herschikking binnen de gemeentelijke organisatie vindt hij evenwel wat te zeggen. De heer VAN DEN AKKER meent dat de betreffende in te zetten functionaris vooral een goede projectleider moet zijn. Burgemeester MANUSAMA bevestigt dat en wijst erop dat die ook direct inzetbaar moet zijn en zich niet eerst zou moeten hoeven inwerken. Het gaat namelijk om een korte pilot. Vervolgkosten zijn nog niet precies aan te geven. De schatting van de eenmalige kosten van de inrichting van een noodsteunpunt bedraagt € 25.000,- tot € 50.000,-. Bij tien noodsteunpunten komt men daardoor tussen de € 400.000,- en € 500.000,- uit, een aspect dat hij vindt mee te nemen in de pilot. De daadwerkelijke kosten worden pas na de pilot duidelijk. Belangrijk is wel stevig te lobbyen voor een bijdrage van het Rijk. Ook het Rijk wacht de pilots af en heeft laten doorschemeren een deel van de kosten te zullen dragen. Voor een lobby wil hij zich ook zelf inzetten. De heer VERLEUN vraagt of Capelle zich in de pilot alleen op de informatievoorziening richt of ook een basissteunpunt gaat inrichten. Burgemeester MANUSAMA wil de volledige inrichting van een basissteunpunt wel meenemen, maar richt zich daarbinnen wel in eerste instantie op de informatiepositie.

De kosten bij verder gaan na de pilot zullen zijns inziens wel meevallen, omdat het voornamelijk gaat om komende crisiskosten. Bij bijvoorbeeld elektriciteitsuitval gedurende 48 tot 72 uur zal die crisis wat geld kosten en nog niet is te voorzien hoeveel. Gezien de eenmalige kosten vindt hij de algemene reserve de juiste dekking. De pilot kan wel een opmaat zijn tot structurele kosten. Als de noodsteunpunten eenmaal zijn ingericht gaan de kosten met name in het bijhouden van het materieel zitten. Crisiskosten zijn voor het overige moeilijk te voorzien en zijn eenmalig van aard. Ze kunnen wel oplopen. Er zullen overigens wel wat structurele lasten zijn, maar voornamelijk de eenmalige investering zal meer kosten, waaraan het Rijk een bijdrage zal leveren. De algemeen en dagelijkse besturen van de veiligheidsregio’s gaan daarvoor lobbyen richting het Rijk, waarmee wordt geprobeerd de lasten zo beperkt mogelijk te houden. Dat is echter geen garantie. De vragen van het CDA lopen op de evaluatie vooruit. Hij erkent dat vanwege de vele kwetsbare en moeilijk bereikbare inwoners Capelle een van de pilotgemeenten wil zijn. Locaties voor het noodsteunpunt moeten nog worden uitgezocht in de pilot. Het betrekken van de Capelse samenleving benadrukt hij, zoals sportverenigingen en kerken. Gemeente, politie en brandweer kunnen het namelijk niet alleen.

De gemeente Capelle zal ook luisteren naar hoe andere gemeenten die maatschappelijke betrokkenheid vormgeven. Als het Rijk geen bijdrage verleent heeft de gemeente volgens hem nog steeds de taak om noodsteunpunten in te richten, wat betekent kijken waar men vier tot vijf ton vandaan moet halen. Veiligheid betreft namelijk ook omgang met crisissituaties. Ook de rijksoverheid heeft daarin een taak. Het gaat om een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Of de in te huren projectleider zal blijven kan hij niet zeggen. Wel zal er een persoon worden benaderd die het hele project zal begeleiden. De raad wordt zeker bij de evaluatie betrokken, ook vanwege de vele mogelijke consequenties qua financiën, de inrichting van de veiligheid en het betrekken van het maatschappelijke middenveld. De borging bestaat uit bestuurlijke verantwoordelijkheid en het elkaar scherp houden binnen de gemeente en het algemeen bestuur van de veiligheidsregio. Er is geen keuze om niets te doen.

Commissie Bestuur, Veiligheid en Middelen maandag 11 mei 2026

Pagina:

6

Ten aanzien van de beschikbaarheid van water in noodsituaties gaat het ook om communicatie naar bewoners toe om aan te geven dat niet alleen de overheid daarvoor verantwoordelijk is. De communicatie moet straks ook vanuit de veiligheidsregio komen.

De VOORZITTER vat samen dat: de pilot relatief beperkt wordt, omdat die voor de gemeente Capelle ziet op één onderdeel, informatievoorziening; aan de hand van de totale regionale pilot wordt bepaald hoe het verder gaat en aan de hand daarvan vindt verdere besluitvorming plaats; een relatief dure externe projectleider zal worden ingehuurd, dit vanwege de bredere taakopvatting van vooruit denken. Tweede termijn Mevrouw PENTERMAN is na de antwoorden van de burgemeester nog niet helemaal overtuigd van het door Capelle actief moeten deelnemen aan de pilot. De VVD heeft echter geen twijfel over de uiteindelijke inrichting van noodzakelijke noodsteunpunten, die kosten met zich zullen meebrengen. Ook de VVD vindt veiligheid heel belangrijk, wat echter iets anders is dan zich aanmelden voor een pilot, waarvoor geen capaciteit beschikbaar is, zodat men daarvoor € 220.000,- beschikbaar moet stellen voor een functionaris die na een half jaar weer weg is. Beter zou men kosten kunnen delen of buddygemeente worden. Zij vraagt zich af of het team Veiligheid geen ruimte heeft voor het initiatief en hoe maatschappelijke weerbaarheid in de toekomst dan zal worden geborgd. De gemeente zou ook consistent kennis en capaciteit in huis moeten willen hebben.

Capelle is volgens haar niet uniek in het aanwezig zijn van kwetsbare doelgroepen, maar wel uniek voor Capelle is dat er geen geld en capaciteit zijn voor de pilot. Zij pleit er daarom voor zich als buddygemeente aan te melden of de kosten van de pilot te delen. Spreekster heeft dus het idee dat de gemeente op dit punt een te grote broek wil aantrekken, wat zij zich helemaal niet kan veroorloven. De heer STEGEMAN wijst op het risico van achterover leunen en de gemeentelijke organisatie op het gebied van veiligheid later niet op orde te hebben als Capelle zich als buddygemeente aanmeldt. Hij gaat er van uit dat kennis niet verdwijnt met het vertrek van een projectleider, vanwege het aanwezigheid van een draaiboek en andere functionarissen, die ook over kennis van veiligheid beschikken. Mevrouw PENTERMAN is het daarmee niet eens vindt het zich aanmelden als buddygemeente geen achteroverleunen, omdat acht gemeenten in de regio ook buddygemeente zijn. Als er een draaiboek komt kan ook Capelle daar mee werken en hoeft de gemeente niet achterover te leunen. Burgemeester MANUSAMA verwacht dat buddygemeenten spijt zullen krijgen van het zich niet opgeven als pilotgemeente. Als een gemeente niet meedraait in de pilot zal die ook met een projectleider of anderszins met crisisvoorbereiding aan de slag gaan. Een pilotgemeente krijgt ook subsidie.

Capelle richt zich in eerste instantie op het deelgebied informatievoorziening, maar kijkt in de volle breedte ook mee met andere pilotgemeenten en wat hun deelgebieden betekenen voor Capelle. Capelle doet graag mee als pilotgemeente om niet achter te lopen op het gebied van veiligheid. Mevrouw PENTERMAN wil op het gebied van de pilot niet vooraan staan, maar benadrukt veiligheid wel degelijk van belang te vinden. De heer STEGEMAN stelt dat een aan de pilot deelnemende organisatie zal weten wat er nodig is in geval van een crisis. Daardoor heeft men dus een voorsprong en kan men bezien hoe de eigen organisatie in te richten is. Mevrouw PENTERMAN erkent dat men door het draaien van een pilot een voorsprong heeft ten opzichte van een buddygemeente, maar zij heeft daarvoor geen € 300.000,- over. De heer STEGEMAN gaat het bij de pilot erom waar het noodsteunpunt komt, wat de aanrijroutes zijn, hoe communicatie plaatsvindt en waar borden komen te staan. Hij vraagt of mevrouw Penterman het daarmee eens is. Mevrouw PENTERMAN ziet die meerwaarde, maar vindt die geen € 300.000,- waard. Als de gemeente capaciteit beschikbaar zou hebben voor de pilot zou zij daarmee instemmen. Gezien de gemeentelijke financiële situatie ziet zij echter geen ruimte om de pilot te draaien. Dan betekent het als buddygemeente met een andere gemeente mee te kijken, die de pilot wel kan draaien.

Mevrouw RAVENNA steunt het doel van een weerbare samenleving, maar wil zeker weten dat het voorstel leidt tot een praktisch betaalbaar werkend systeem, waarop Capellenaren in een crisis kunnen vertrouwen. Zij zou ook een tussenevaluatie met leerpunten willen laten houden, met een verder voorstel over omgang met kwetsbaarheden, zodat tussentijds aandachtspunten duidelijk zijn.

Commissie Bestuur, Veiligheid en Middelen maandag 11 mei 2026

Pagina:

7

Mevrouw DEN ENGELSMAN snapt de redenering van de burgemeester om de specialistische kennis van een projectleider in te huren, vanwege gebrek aan capaciteit binnen de eigen gemeentelijke organisatie. Bij de door haar gesteunde oproep van Leefbaar Capelle voor een tussenevaluatie wil zij de raad ook betrokken laten zijn, gezien de kosten van de projectleider in 2027. Wellicht zijn er dan openingen om die kosten binnen de organisatie te implementeren. Mevrouw AKTAŞ wil meer weten over de afweging tussen het zijn van een pilotgemeente of buddygemeente en had gehoopt dat het college een doordacht besluit daarover had genomen, waarbij voor- en nadelen zouden zijn vermeld. Verder wil zij meer horen over eventuele uitgezochte scenario’s om de kosten te reduceren, zoals kosten delen tussen gemeenten of het delen van projectleiders. Mevrouw ARMFIELD vindt de antwoorden van de portefeuillehouder duidelijk en steunt het voorstel van Leefbaar Capelle voor het houden van een tussenevaluatie. De heer STEGEMAN herhaalt zijn vraag waarom de pilotkosten niet ook deels door buddygemeenten worden gedragen. De heer VERLEUN informeert naar de te verwachten kosten in de toekomst na inrichting van negen of tien noodsteunpunten en welke voorstellen nog te verwachten zijn om voorbereid te zijn op crises. Verder vraagt hij of het noodsteunpunt in de korte tijd van de pilot te realiseren zal zijn.

Burgemeester MANUSAMA zegt dank voor de eigenlijk toch wel commissiebrede steun voor zijn voorstel. In reactie op de vraag van mevrouw Aktaş over afgewogen pro’s en contra’s wijst hij erop dat het om een pilot gaat. Als Capelle buddygemeente zou zijn moet zij ook kosten maken en kan zij niet stil zitten. Het heeft volgens hem voordelen om het voortouw in de pilot te nemen, wat een politieke afweging vergt. Het college denkt dat het om een goede investering gaat, ook in financieel lastige tijden. De veiligheidsregio doet een tussenevaluatie, waarin Capelle wordt meegenomen. De doorlooptijd van de pilot is zes, zeven maanden. In het algemeen en dagelijks bestuur zal hij aangeven dat Capelle een tussenevaluatie belangrijk vindt, die dan na enkele maanden kan plaatsvinden. De vraag is dan wel of men daar veel uithaalt. Mevrouw DEN ENGELSMAN wil dat de raad de tussenevaluatie zal doen. Burgemeester MANUSAMA stelt dat de tussenevaluatie een verantwoordelijkheid van de veiligheidsregio is, waarin hij evenwel de raad wil laten meenemen. Daarop wil hij niet vooruit lopen, ook omdat een tussenevaluatie met zeven gemeenten veel waardevoller is. Daarbij krijgt de gemeente ook volledige inzage in waar men staat.

De heer VAN DEN AKKER meent dat Capelle als opdrachtgever en hoofdfinancier de voortgang van het proces kan bepalen en in het dagelijks bestuur kan aangeven een tussenevaluatie in september te willen. Burgemeester MANUSAMA ontkent dat de gemeente Capelle aan den IJssel hoofdfinancier van de pilot is. Er zijn namelijk zeven deelnemende gemeenten. Capelle financiert 12,5% van de pilot. Mevrouw PENTERMAN krijgt de indruk dat verschillende van haar collega’s een tussenevaluatie gericht op Capelle aan den IJssel verwachten, wat volgens haar niet zo is. De tussenevaluatie is er volgens haar een van de veiligheidsregio. Zij vraagt of haar collega’s een tussenevaluatie willen gericht op de specifieke situatie van Capelle. Burgemeester MANUSAMA zegt toe de raad mee te nemen in de tussenevaluatie van de veiligheidsregio en aan te geven wat die inhoudt voor Capelle aan den IJssel. Van een eigen tussenevaluatie voor Capelle aan den IJssel is hij geen voorstander. Mevrouw RAVENNA gaat akkoord met een tussenevaluatie vanuit de veiligheidsregio, met inachtneming van de toezegging van de burgemeester om aan te geven wat die inhoudt voor Capelle aan den IJssel. Mevrouw DEN ENGELSMAN gaat daarin grotendeels mee en vraagt of de Capelse bevindingen naar de veiligheidsregio toe nog met de raad gedeeld worden.

Bij een evaluatie in 2026 lijkt het haar handig aan het eind van het jaar te kijken of in 2027 met de externe projectleider wordt doorgegaan. Mevrouw AKTAŞ stemt in met een tussenevaluatie door de veiligheidsregio en het delen van een korte stand van zaken met de raad.

Commissie Bestuur, Veiligheid en Middelen maandag 11 mei 2026

Pagina:

8

Mevrouw ARMFIELD en de heer STEGEMAN kunnen zich eveneens vinden in een tussenevaluatie door de veiligheidsregio. De heer VERLEUN verwacht niet te veel van een tussenevaluatie, gezien de korte doorlooptijd, ook omdat men pas het hele plaatje na de hele pilot kan zien. Burgemeester MANUSAMA zegt op de vraag van mevrouw Den Engelsman een korte toelichting toe op in hoeverre de projectleider stappen zet. Borging van maatschappelijke weerbaarheid zit deels in de kennisoverdracht van de projectleider richting de gemeentelijke organisatie. Borging moet ook plaatsvinden in de gemeentelijke organisatie. Hoe die moet gebeuren is ook onderdeel van de pilot. De heer VERLEUN informeert naar het realisme van een deadline van de pilot van 1 januari 2027 en welke aanvullende voorstellen nog te verwachten zijn van de burgemeester op het gebied van zelfredzaamheid en zelfvoorzienendheid. Burgemeester MANUSAMA betrekt momenteel daarbij al het maatschappelijke middenveld en doet in de gemeentelijke organisatie daaraan al heel veel. De gemeente moet ook kansen benutten als zij die ziet. Het onderwerp staat ook goed op het netvlies van de gemeente als geheel. De korte doorlooptijd van de pilot is een uitdaging, maar de verwachting is een projectleider met de nodige kennis te kunnen werven. Ook de veiligheidsregio vindt dat realistisch.

Het college heeft geen financiële scenario’s doorgenomen, maar vindt het belangrijk een eerste stap te zetten door deelname aan de pilot. Het is een politieke afweging of fracties het daarmee al dan niet eens zijn. Het college is niet over een nacht ijs gegaan en heeft gezien wat er in de wereld gebeurt die keuze gemaakt. De heer STEGEMAN wijst erop dat buddygemeenten ook informatie van pilotgemeenten krijgen, zodat zijn vraag was of zij aan de pilot kunnen meebetalen. Burgemeester MANUSAMA profiteert ook mee van waarmee buddygemeenten aan de slag gaan. Als zij goede ideeën hebben worden die ook met de andere gemeenten gedeeld. De VOORZITTER vat de gedane toezeggingen samen: de raad meenemen in de tussentijdse evaluatie vanuit de veiligheidsregio; de raad actief informeren over zaken die betrekking hebben op de Capelse situatie, waarbij \ met name aandacht zal worden gegeven aan de projectleider. Hij constateert verder steun voor de pilot. Mevrouw PENTERMAN vindt het voorstel geen hamerstuk vanwege de financiële consequenties. De VOORZITTER concludeert daarop dat het voorstel wel als hamerstuk kan worden doorgeleid naar de raadsvergadering, waarbij zo nodig het voorstel tijdens die vergadering in een bespreekstuk kan worden gewijzigd. 7.

Rondvraag Mevrouw RAVENNA vraagt waarom Capelle niet zelf meedoet aan de ETHOS-tellingen, waarmee ook een telling van dak- en thuislozen plaatsvindt. Burgemeester MANUSAMA neemt die vraag mee en komt daarop terug in een raadsinformatiebrief. 8. Sluiting De VOORZITTER sluit onder dankzegging de vergadering om 21.34 uur. Aldus vastgesteld in de vergadering van de commissie Bestuur, Veiligheid en Middelen van maandag 22 juni 2026,

de secretaris,

de voorzitter,

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17079941/1