02.00 - conceptverslag commissie SOB 06-04-2021
Tekst van het document
Commissie Stadsontwikkeling en -beheer dinsdag 6 april 2021
Pagina:
1
Verslag van de vergadering van de commissie Stadsontwikkeling en -Beheer, digitaal gehouden via Pexip op dinsdag 6 april 2021, aanvang 20.00 uur Aanwezig zijn als: voorzitter
:
mevrouw mr. A.S. van der Klauw-Cornet;
volksvertegenwoordigers :
mevrouw V. King-de Hoog, raadslid Leefbaar Capelle (tot en met agendapunt 6); mevrouw J.W. Lauw-Schouten, raadslid Leefbaar Capelle; de heer G. Spruit, raadslid Leefbaar Capelle (vanaf agendapunt 7); de heer drs. S. van Loef, raadslid VVD; de heer H.E. Tiesma, burgerraadslid D66; de heer B.H.W. Oudshoorn, raadslid SGP; mevrouw C.W.J. Weemhoff MA, raadslid PvdA; de heer M.W. Vlot, raadslid SP; mevrouw D. Badloe Bsc, raadslid CDA (vanaf agendapunt 7); de heer E. Harinck, burgerraadslid CDA (tot en met agendapunt 6); de heer ing. P. Eilander, raadslid ChristenUnie; de heer E.C. Raadsen, raadslid GroenLinks;
secretaris
:
de heer drs. A.J.M.C. Schoenmakers;
portefeuillehouders
:
de heer M.J.W. Struijvenberg, wethouder;
notulist
:
de heer D. van Eck (Notuleerservice Dictum).
Bij de aanvang van de vergadering zijn op de publieke tribune geen personen aanwezig.
1. Opening, mededelingen en vaststelling agenda. De VOORZITTER opent de vergadering en heet eenieder van harte welkom. In de raadsvergadering van 22 maart jl. is besloten om het initiatiefvoorstel ‘Verkeersveiligheid voor viervoeters’ eerst door de commissie te laten behandelen. In overleg met indiener Kolster is besloten om dat voorstel te agenderen voor de commissieronde van mei a.s. Zij stelt voor de rondvraag voor wethouder Wilson als eerste agendapunt te behandelen. Aldus wordt besloten en vervolgens wordt de agenda vastgesteld. 2. Vaststellen verslagen: commissie Stadsontwikkeling en –Beheer van 1 maart 2021 commissie Stadsontwikkeling en –Beheer van 8 maart 2021 (openbaar en besloten) commissie Stadsontwikkeling en –Beheer van 16 maart 2021 gecombineerde commissie Stadsontwikkeling en –Beheer en Samenleving en Econo mie van 16 maart 2021 De verslagen worden ongewijzigd vastgesteld. 3. Spreekrecht inwoners De heer KEELDAR spreekt in over de Hoven en bevindt zich in de penibele situatie dat er zal worden ontruimd en uitgezet. Daardoor zal hij over twee weken dakloos worden, een schrijnende situatie. Alle hulp is welkom nu hij op straat dreigt te belanden. Hij vraagt wat er voor hem nog kan worden gedaan. Mevrouw ARIES spreekt in over het ING-gebouw aan de Kerklaan 450. Zij is lid van de initiatiefgroep “Leeuw van Capelle”. Nadat die op 8 maart jl.
een uitermate plezierig gesprek heeft gehad met de wethouders Hartnagel en Struijvenberg en Bowy van Leuven over het Right to Challenge-verzoek, is gebleken dat gezien het pand privé bezit is. Het idee past dus niet binnen het concept van the Right to Challenge-concept. Zij vraagt de gemeenteraad om de Leeuw van Capelle in het kader van burgerparticipatie de ruimte en ondersteuning te bieden die nodig is voor het verder ontwikkelen van het INGpand aan de Kerklaan. Het gebouw wil zij namelijk voor de Capellenaren behouden gezien het iconi-
Commissie Stadsontwikkeling en -beheer dinsdag 6 april 2021
Pagina:
2
sche karakter en de markante uitstraling. Het is een beeldbepalend gebouw voor Capelle aan den IJssel. In het rapport van bureau De Ruimte is een mix van functies als meest haalbare invulling genoemd. Dat is waar de initiatiefgroep ook op wil inzetten. Inmiddels heeft donderdag jl. een geïnteresseerde ontwikkelaar in gezelschap van de architect Max van Huut een bezoek aan het pand gebracht. De ontwikkelaar was erg enthousiast en begrijpt ook de wens om het pand te behouden. Deze ontwikkelaar zal zeer binnenkort contact met wethouder Struijvenberg opnemen om over de verdere ontwikkeling van het pand verder te praten. Zij hoopt in dezen op het positieve advies van de commissie. De heer EILANDER leest in het Right to Challenge-stuk dat er mogelijk vier geïnteresseerde ontwikkelaars zijn. Hij vraagt of de door mevrouw Aries genoemde ontwikkelaar een van die vier ontwikkelaars is en hoe het dan zit met de andere drie ontwikkelaars. Mevrouw ARIES antwoordt dat het inderdaad een van de vier ontwikkelaars betreft. Hij gaf aan heel erg geïnteresseerd te zijn. Verder moet men afwachten of deze ontwikkelaar ook de ruimte van de politiek krijgt om verder met de ontwikkeling van het pand te gaan. Uiteraard zet de initiatiefgroep in op het niet slopen van het gebouw, wat de ontwikkelaar ook weet. Zij denkt dat dat ook niet de bedoeling is van de ontwikkelaar.
De VOORZITTER leest vervolgens de bijdrage van de heer Laar voor, die wil inspreken over de fietscorridor Algerabrug-Capelsebrug: “Na verschillende participatie- dan wel inspraakmeetings over dit onderwerp te hebben bijgewoond zijn er een aantal zaken die opvallen welke ik graag benoemd zou hebben: 1. Het gebrek aan onderbouwing van de plannen. Vanaf dag een is het de gemeente niet gelukt om het belang van de voorgestelde wijzigingen op een goede manier te onderbouwen. Door te focussen op het korte, afzonderlijke stukje route tussen de Algerabrug en Capelsebrug verliest het plan zijn basis. Tevens wordt hierdoor direct elk alternatief, zoals dat door bewoners wordt aangedragen, aan de kant geschoven. Dat geeft onbegrip en beperkt de acceptatie van de voorgestelde plannen. In de bredere context van de Algeracorridor heeft de afzonderlijke route daarnaast weinig tot geen impact. De geprojecteerde verbetering en tijdwinst van 35 seconden zullen op het gehele traject vanuit de Krimpenerwaard dan ook naar verwachting niet het beoogde effect van toename van fietsbewegingen hebben. Het gepresenteerde plan lijkt gebaseerd op een extern rapport met een vraagstelling die specifiek is voor het (beperkte) traject en eenduidig gericht op de optimalisatie van de fietsstromen op dat traject, zonder aandacht voor andere verkeersstromen.
De gegeven argumenten om de plannen te onderbouwen (sluipverkeer, meer fietsbewegingen, afname van files) worden dan ook niet herkend door de wijkbewoners, die wel ongevraagde en ongewenste wijzigingen hun kant op zien komen. Het gebrek aan een goede onderbouwing lijkt erop te duiden dat het uitvoeren van de voorgestelde veranderingen voornamelijk wordt ingegeven door de wens om het door de provincie beschikbaar gestelde budget uit te geven. Een duidelijker onderbouwing van de noodzaak van de plannen is dan ook noodzakelijk om draagvlak voor de plannen te creëren. 2. Het gebrek aan aandacht voor de lokale verkeerstromen De uitgewerkte route gaat dwars door een woonwijk en houdt geen rekening met kruisende verkeersstromen. Zowel voetgangers als lokaal autoverkeer wordt niet genoemd, iets dat veelvuldig is aangehaald door bewoners tijdens de participatiesessies. Het vele kruisende verkeer zal naast een veiligheidsrisico ook een stremmende factor voor de beoogde fietsroute betekenen, die door betere bestrating en afgevlakte bochten niet zal worden opgelost. Vanuit de wijk is er logischerwijs een voorkeur voor veilig lokaal verkeer, met name kijkend naar voetgangers en spelende kinderen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de scholen (spelende en overstekende kinderen), het winkelcentrum (continu in- en uitgaand verkeer) en de vele ouderen op deze route (Rijckehove).
Voorlopig krijgen die groepen verkeersdeelnemers veel te weinig aandacht, iets dat bij een voortzetting van de plannen zeker in overweging moet worden genomen.
Commissie Stadsontwikkeling en -beheer dinsdag 6 april 2021
Pagina:
3
De heer VAN WIJK is een bewoner van de Schubertstraat in de wijk ’s Gravenland en spreekt in namens meerdere bewoners van deze straat. De Schubertstraat is een mooie rechte klinkerstraat in de Bizetbuurt, een woonerf en 30 km-zone. Zoals het bestemmingsplan aangeeft: 'De Schubertstraat is een groene straat met een parkachtige inrichting.' Net voor de kerst viel bij de bewoners van de Schubertstraat en Sibeliusweg de aankondiging van een bijeenkomst over 'de fietscorridor' in de bus. In die brief werd niets gezegd over de concrete plannen, zodat de nietsvermoedende lezer dacht dat het ging om wat klein onderhoud aan de straten waarop allen prettig fietsen. Vele bewoners hebben de bijeenkomst daarom niet bijgewoond. Gelukkig werd hij er tijdig op gewezen dat dit heel wat meer betrof, een plan waarbij schijnbaar alles mag wijken voor veronderstelde fietscomfortverbetering en snelheidsverhoging voor fietsverkeer (en brommerverkeer) vanuit de Krimpenerwaard naar Capelsebrug en vice versa. Het betreft volgens hem een veronderstelde verbetering en versnelling, want goede onderbouwing voor de € 2 miljoen aan investering ontbreekt. Cijfers over aantallen fietsers, tijdwinst, effect op sluipverkeer, parkeerbezetting et cetera zijn niet of niet objectief onderbouwd, aantoonbaar onjuist en/of ontbreken volledig. Effecten op de veiligheid, wooncomfort, beeldkwaliteit, afwatering, etc.
zijn zelfs helemaal niet meegenomen in de afwegingen en worden weggewuifd door de ambtenaren: een voorbeeld is de verminderde veiligheid door het weghalen van een verkeersdrempel; dat is voor de ambtenaren bijvoorbeeld iets dat maar met meer handhaving moet worden opgelost. Het plan voor de Schubertstraat, die maar 290 meter lang is, is zeer ingrijpend: asfalt in plaats van klinkers, een knik in de weg waardoor veilig overzicht verdwijnt en het aanzicht ernstig wordt aangetast, een flinke hoeveelheid groen verdwijnt, tweezijdig langsparkeren komt in plaats van eenzijdig dwarsparkeren et cetera. Forse ingrepen terwijl dit (ook volgens de ambtenaren) geen enkele seconde snelheidswinst voor de fietsers oplevert. Het gaat dus alleen om wat meer fietscomfort. Hij kent enkele fietsers die vanuit Krimpen deze route volgen maar ook die hebben hier nooit om gevraagd, wie wel? Het is voor bewoners nu volstrekt onduidelijk waarom zij woongenot moeten inleveren en waarom de gemeente zo graag € 2 miljoen wil investeren in iets dat door de bewoners als negatief wordt gezien, een plan waarvan überhaupt de baten lijken te ontbreken.
Waar is eigenlijk de goedgekeurde businesscase van dit plan? Hij wil de leden van de commissie Stadsontwikkeling en Beheer daarom vragen de uitvoering van deze plannen stil te leggen en te herbezinnen op maatregelen, op basis van objectieve, actuele en zo volledig mogelijke cijfers met een goed afwegingskader van doelstellingen en voor- en nadelen. Daarbij hoort een eerlijke vergelijking van alle alternatieve routes, zoals bewoners die hebben aangedragen en meeweging van de invloed van toekomstige plannen. De heer WEKKER deelt zijn statement en zorgen vanuit de laatste bewoners van de Hoven. Hij heeft het daarbij niet over de anti-krakers. Bewoners zitten letterlijk vast. Vijf of zes andere mensen kunnen nergens naartoe. Van de andere vier of vijf andere mensen weet hij niet hoe zij het gaan doen. Het verbaast hem dat woningcorporatie Havensteder qua verantwoordelijkheid met de vinger naar de gemeente wijst. Vanuit de gemeente wordt weer gewezen naar Havensteder. Toentertijd is gezegd urgentie aan te vragen, zodat mensen sneller geholpen zouden kunnen worden en waardoor zij wel een route zouden kunnen vinden. Urgentie is echter heel snel van tafel geveegd. Bewoners vinden zich nu in de steek gelaten en hij snapt dat politici, wethouders en ambtenaren er eigenlijk een beetje klaar mee zijn.
In de Hoven zitten echter nog wel mensen die letterlijk nergens heen kunnen en ook niet door de gemeente geholpen worden. De gemeente zou eigenlijk de zwaarste last moeten dragen, omdat die over burgerrechten en grondrechten gaat. Gezien het om burgers van de gemeente Capelle gaat vindt hij dat zaken orde moeten komen. Vanuit de gemeente en Havensteder wordt gezegd nog te wachten tot eind april, waarna het probleem weg zou zijn, omdat dan ook anti-krakers weg zijn, evenals de laatste tijdelijke vaste bewoners van Havensteder. Hij snapt ook dat de gemeente achter het vernieuwingsplan staat, maar in tweeënhalf jaar tijd werden bewoners eigenlijk gedwongen in de procedure te stappen en kwam er vanuit de gemeente en de projectontwikkelaar niets. Er zijn ook geen tips gegeven aan de laatste elf huishoudens. Er wordt wel heel veel beweerd dat bewoners zijn gezocht en zijn gesproken en is bezien of ze te helpen zijn. In de afgelopen tweeënhalf jaar heeft hij letterlijk niets aan hulp of tips gekregen. Het gaat echter om een precaire en nare situatie, die niet kan. Er heerst rechtvaardigheid, waaraan niemand ontkomt. Niets blijft ongeschreven en hij vindt dat er nog iets gedaan moet worden. Als dat niet gebeurt is het zo dat
Commissie Stadsontwikkeling en -beheer dinsdag 6 april 2021
Pagina:
4
ambtenaren dat op hun geweten willen nemen. Dat vindt hij onmenselijk en barbaars, wat gebeurt in een christelijke gemeente als Capelle aan den IJssel. Mevrouw WEEMHOFF heeft uit een vorige bespreking begrepen dat bewoners van de Hoven in contact met de Stichting Welzijn Capelle zouden worden gebracht om ze te ondersteunen bij volgende stappen om huisvesting te kunnen vinden. Zij vraagt of dat heeft plaatsgevonden en hoe dat is gegaan. De heer KEELDAR antwoordt dat hij zich als bewoner heeft gewend tot de Stichting Welzijn. Handvatten zijn aangereikt, maar bewoners moeten het vooral zelf doen. Bewoners werd gezegd hier en daar te kijken, maar moesten het vooral zelf doen. Er is ook een juridische procedure door bewoners opgestart. Meer dan dat is er niet geweest. 8. Rondvraag De heer TIESMA stelt een vraag over fruitbomen aan de oostkant van de volkstuinen van ‘Nut en Genoegen’ in het Schollebos. Deze bomen zijn vele jaren geleden geplant, met het idee dat mensen zelf kunnen zien hoe fruit groeit en dat kunnen plukken. De bomen staan al jaren scheef en zakken steeds verder, wat niet de bedoeling kan zijn. Uiteindelijk leidt het tot omvallen of kappen. Hij vraagt de wethouder waarom de bomen scheef zakken en wat de gemeente kan doen opdat dat ze weer rechtop komen te staan. De bomen staan tientallen graden uit het lood.
Wethouder WILSON antwoordt dat de bomen vorige maand nog met snoeiwerkzaamheden zijn meegenomen en het plan is om dat jaarlijks structureel te blijven doen. Door jaarlijks snoeien blijft de kruin van de boom open en binnen bereikbare opvang wordt het risico op verder scheef zakken aanzienlijk beperkt, wat de fruitproductie alleen maar ten goede komt. Het doel is om de beheeractiviteiten van plukfruit vorm te geven binnen het concept ‘Vrienden van het Schollebos’, waarbij door inzet van participerende burgers en vrijwilligersgroepen de fruitbomen duurzaam beheerd kunnen gaan worden. De scheefstand is bij de meeste bomen ontstaan toen de bomen nog jong waren door een combinatie van harde wind en nog onvoldoende doorworteling op een slappe bodem. De huidige scheefstand is niet dermate dramatisch dat de bomen op het punt van omvallen staan. Twee bomen met een grotere scheefstand worden extra in de gaten gehouden. De bomen zijn inmiddels wel goed geworteld en ondanks de scheefstand staan ze erg stevig. De bomen worden extra in de gaten gehouden, om te zien of ze extra scheef gaan staan. Op dit moment lijkt dat niet het geval. Ingrepen om bomen van deze leeftijd recht te krijgen zijn niet wenselijk, omdat dat beschadiging van het wortelgestel tot gevolg kan hebben. Hierdoor raakt de boom juist extra verzwakt wat ze gevoeliger maakt voor windschade. 4.
Gemeenschappelijke regelingen (DCMR Milieudienst Rijnmond) Geen opmerkingen. 5. Corona Geen opmerkingen. 6. Planvorming over de ING-locatie Kerklaan 450 (Right tot Challenge-verzoek) De VOORZITTER deelt mee dat de commissie wordt gevraagd een opvatting over de twee rapporten over het ING-gebouw te geven, evenals een opvatting over het initiatief van bewonersinitiatiefgroep “De Leeuw van Capelle”, met inachtneming van de adviesnota van 10 maart jl. van het college. Dat advies luidt om het Right tot Challenge-verzoek niet te honoreren, maar de initiatiefnemers buiten het Right tot Challenge-kader de ruimte te geven om met de ambities uit het voorstel aan de slag te gaan. Na de consultatie van de raad vanavond zal het college een definitief besluit over het Right to Challenge-verzoek nemen. Het gaat dus in dezen om een consultatie van de raad, die niet naar de raad zal doorgeleid worden. Mevrouw KING-DE HOOG herinnert aan de Leefbaar Capelle-motie vreemd aan de orde van de dag om behoud van het pand te onderzoeken. Daaraan is voldaan, omdat een onderzoek heeft plaatsgevonden. Het is wel mogelijk, maar niet rendabel om eventueel appartementen of woningen in het pand te plaatsen.
Commissie Stadsontwikkeling en -beheer dinsdag 6 april 2021
Pagina:
5
Het Right tot Challenge-verzoek vond zij helder en duidelijk met goed aangegeven tijdpaden. Daar staat zij positief tegenover en zij wil laten bezien of daarvoor animo is. Wel is er een financieringsprobleem en is het pand privé-eigendom. Het college wil het wel meenemen. Zij vraagt hoe groot de kans is dat de intermediair uit het Denk en Doe Mee! Fonds te financieren is. Verder informeert zij welke kosten nog meer te maken zijn om nog meer ruimte aan het initiatief te geven. Al met al wil zij graag meegaan met het college om het initiatiefverzoek van de bewonersgroep buiten het kader mee te nemen en te bezien of daaraan gevolg te geven is. De heer VAN LOEF leest dat sloop van het pand het meest haalbaar is en er geen sluitende businesscase is. Nu ligt het initiatief van “De Leeuw van Capelle” voor om met een projectontwikkelaar naar mogelijkheden te kijken. Hij vraagt welke planning daaraan ten grondslag ligt en uiteindelijk zullen projectontwikkelaars een berekening maken. Hij vraagt wat hun geheim is, zodat zij wel tot een sluitende businesscase kunnen komen. HIG moet uitgekocht worden en vervolgens zal men geld moeten overhouden om een ontwikkeling in gang te zetten. Hij geeft het initiatief het voordeel van de twijfel.
De heer TIESMA noemt het ING-gebouw een van de weinige bijzondere gebouwen van Capelle en brengt hulde aan de omwonenden en anderen die sloop van het gebouw willen voorkomen. Het college zegt hij dank om mee te werken aan de pogingen van “De Leeuw van Capelle” om het gebouw te behouden. Hij kan meegaan met de redenering van de gemeente dat het eigenlijk geen right to challenge is, omdat het geen gemeenschappelijke dienst is. Het gebouw is niet om te zetten naar een appartementsgebouw en is gebaseerd op antroposofische uitgangspunten. Om daarvan gebruik te maken lijkt niet uitgebreid onderzocht te worden en hij vraagt of de wethouder daarover iets kan toelichten. De gemeente kan alsnog de mogelijkheid met “De Leeuw van Capelle” onderzoeken en de raad berichten over de uitkomst. Een alternatief is een combinatie van restaurant, hotel, werkplekken en een maatschappelijke functie, waarvan D66 een voorstander is. Het is wel een pittige zoektocht om die oplossing sluitend te maken. Vragen zet hij bij een basic-hotel, waarvan er al meerdere zijn in de omgeving. Wellicht heeft de gemeente extra werkplekken nodig en hij vraagt of die mogelijkheid is onderzocht. Tot slot vraagt hij welke instrumenten, behalve een weigering om de bestemming te veranderen, de gemeente in handen heeft om te voorkomen dat er een torenflat komt, in het geval er geen oplossing wordt gevonden.
De heer OUDSHOORN staat sympathiek tegenover de poging om het gebouw te behouden. Het pand aan de Kerklaan 450 valt op in het centrum. Hij heeft kennisgenomen van de pogingen van de bewoners om het initiatief vorm te geven. Hij vraagt of de wethouder het haalbaar acht dat bewoners het initiatief zo oppakken en hoeverre die bereid is om het bewonersinitiatief te ondersteunen. Mevrouw WEEMHOFF brengt hulde aan bewoners en het college dat de bewoners de ruimte heeft gegeven om met het idee aan de gang te gaan. Zij waardeert het zeer dat het college bereid is met de bewoners mee te denken. Als het Denk en Doe Mee! Fonds niet bereid is om bij te dragen vraagt zij of de wethouder zich bereid verklaart om een bijdrage te leveren. Er kan namelijk een ontwikkelaar zijn met niet geld als eerste belang, maar die andere belangen voor ogen heeft. De heer VAN LOEF vraagt of mevrouw Weemhoff dan bedoelt dat de gemeente een substantiële bijdrage gaat leveren aan het verwerven van de toren, die particulier eigendom is. Mevrouw WEEMHOFF kan zich voorstellen dat de gemeente met een ontwikkelaar die financieel wil investeren in het gebouw helpt om creatieve oplossingen te bedenken om financiële middelen te realiseren. Het gaat dus niet per om een eigen bijdrage vanuit de gemeente.
Wellicht kunnen ook ideeën worden onderzocht waarbij de gemeente zelf winst behaalt, zoals die waarmee de heer Tiesma kwam. De heer VAN LOEF begrijpt daar weinig van. Het pand is eigendom van een ontwikkelaar en vervolgens heeft hij geen beeld bij wat mevrouw Weemhoff in gang wil zetten. Het pand moet men eerst verwerven, waarmee een behoorlijk bedrag is gemoeid. De blijkbaar enthousiaste projectontwikkelaar moet dus voldoende liquide zijn om de toren te verwerven. Mevrouw WEEMHOFF beaamt dat het pand gekocht moet worden. De projectontwikkelaar moet dus bereid zijn om het pand van de huidige eigenaar te kopen. De gemeente Capelle kan baat hebben bij
Commissie Stadsontwikkeling en -beheer dinsdag 6 april 2021
Pagina:
6
een hotel- of buurthuisfunctie. Eerder zag zij projecten in Capelle waarbij ettelijke tonnen zijn geïnvesteerd in het organiseren van kinderlabs en wat al meer. Die optie kan de gemeente overwegen om een win-winsituatie te bereiken met bijvoorbeeld eetcafés en inloopruimtes. Mevrouw KING-DE HOOG vraagt of mevrouw Weemhoff bedoelt dat de gemeente haar aandeel heeft om opbrengsten te genereren vanuit werkplekken en een ondernemershuis. Mevrouw WEEMHOFF denkt dat de gemeente baat kan hebben om gebruik te maken van het pand. De heer VLOT heeft de tegen het verlies van het gebouw protesterende mensen meerdere malen ontmoet. Er zijn meerdere overwegingen. Het gebouw heeft volgens hem een monumentaal karakter en er zijn meerdere sentimenten, misschien wel raadsbreed, voor het behoud van het gebouw voor de gemeente. Als dat echter ten koste gaat van woongenot in de directe omgeving levert dat ook weer problemen op. De toren heeft namelijk voor bewoners sowieso nadelige gevolgen. De op tafel gelegde haalbaarheidsvraag vindt hij een mooi initiatief. Evenals de heer Oudshoorn vraagt hij zich af of de inzet van publieke middelen haalbaar is. Geld hieraan besteden uit het Denk en Doe Mee! Fonds is wellicht logischer dan geld daaruit besteden aan zaken die structureel op de begroting behoren te staan.
Als het initiatief te realiseren is met geld uit een bepaalde middelenbron uit de gemeente, dan zegt hij daar geen nee tegen. Daarom vindt hij dat open en enthousiast naar het initiatief gekeken moet worden met het oog op het behoud van het gebouw. Hij vraagt hoe de wethouder daarnaar kijkt. De heer HARINCK complimenteert de bewoners met hun inzet en hun respect voor de spelregels van de democratie. Zij kiezen een route die veel energie kost, maar die alle partijen meeneemt, wat heel waardevol is. Ook complimenteert hij de wethouders. Van de bewonersgroep heeft hij begrepen dat die op 8 maart is ontvangen door de wethouders Hartnagel en Struijvenberg en ambtelijke ondersteuning, welk gesprek positief was. Daarvoor zegt hij dank, zeker omdat het CDA de afgelopen maanden best wel vaak kritische vragen over participatie heeft moeten stellen. Dit doorlopen parcours is in zijn ogen een schoolvoorbeeld van hoe het zou moeten gaan. Hij ziet betrokken en zich verdiepende verantwoordelijke bewoners die hun verhaal onder de aandacht van de politiek brengen, naast een politiek die rustig, weloverwogen en met respect met deze bewoners in gesprek gaat. Het gedeelde filmpje gaf een mooi inkijkje in het gebouw. Samen met Leefbaar Capelle heeft het CDA in een motie het college gevraagd om het pand te behouden en te bekijken welke daartoe de mogelijkheden zijn.
Het CDA heeft respect voor het door bewoners opgestelde stappenplan. De collegenotitie over de status van de Right to Challenge neemt hij voor kennisgeving aan. Het gaat om het vertrouwen en het ruimte bieden aan meedenken, waaraan het gelukkig niet ontbreekt. Er zijn eerst contacten gelegd met ontwikkelaars. Het CDA noemt het belangrijk dat een ontwikkelaar instapt die hart heeft voor de stad. Hij heeft zijn oor te luisteren gelegd bij deskundigen in deze markt en heeft het vertrouwen dat deze eerste gemelde kandiaat-ontwikkelaar het beste met binnensteden voor heeft. Die heeft al meerdere projecten gedaan, die er veelbelovend uitzien. Het is van belang dat de politiek het project met woord en misschien wel met daad steunt. Beleggers en ontwikkelaars hebben baat bij commitment en vertrouwen van de raad en het college. Het is daarom van belang dat commissie en raad een positief signaal aan hen afgeven. De politiek moet bereid zijn om eventuele belemmeringen die het bestemmingsplan zou kunnen opwerpen weg te nemen. Het concept van De Leeuw van Capelle bevat een verdieping met flexplekken. Mogelijk is zelfs een verdieping beschikbaar voor kantoren. Het zou interessant zijn als de gemeente overweegt om van die flexplekken gebruik te maken en daar toezeggingen over te doen of in kantoormeters te participeren. Niet zozeer kopen, maar gemeentelijke diensten verhuizen naar dat pand.
Daarmee geeft de gemeente een signaal aan de markt af. Beleggers hebben namelijk graag zekerheden. Hij vraagt hoe de wethouder staat tegenover het eventueel gemeentelijke diensten naar het pand te verhuizen. Het CDA heeft vertrouwen in het stappenplan, dat spreekt over behoefte aan ondersteuning. Over de ondersteuning door een intermediair adviseert hij positief. Hij vraagt het college om daarvoor budget vrij te maken, aanvankelijk wellicht uit het Denk en Doe Mee! Fonds. Het zou mooi zijn om bij de voorjaarsnota hiervoor formele stappen te zetten.
Commissie Stadsontwikkeling en -beheer dinsdag 6 april 2021
Pagina:
7
De heer EILANDER constateert dat ‘de schreeuw van de leeuw’ is opgepakt, waarvoor hij bewoners dank zegt, evenals het college dat hen serieus heeft genomen. De conclusie van de rapporten van bureau De Ruimte zijn helder. Woningbouw en kantoren zijn een lastige businesscase. De meeste potentie lijkt te zitten in de Right to Challenge. Hij is blij dat het college die potentie deelt en daarom sluit hij zich aan bij de vraag hoe de wethouder tegenover de mogelijke haalbaarheid aankijkt. Alle getallen zijn genoemd, zodat het een open casus lijkt. De ChristenUnie staat positief tegenover het met enige realisme behouden van het pand en wil het college de vrijheid geven met HIG en bewoners in gesprek te gaan om dat voor elkaar te krijgen. Voorts sluit hij zich aan bij de intentie van mevrouw Weemhoff om de gemeente anders dan in geld een bijdrage te laten leveren. Het gaat om functies die de gemeente ergens in het centrum onder dak wil brengen. Wellicht is daarvoor een lijstje beschikbaar. Ook wordt gevraagd overal in de wijk huisartsenpraktijken te hebben en misschien kan de gemeente een intermediair zijn om functies aan elkaar te verbinden, om de businesscase te laten slagen. Tot slot vraagt hij de wethouder de raad op de hoogte te houden van gesprekken met HIG en bewoners.
Wellicht wordt namelijk iets extra’s van de raad gevraagd dan gebruikelijk, waardoor de raad verder moet kijken. Dan kan de raad met het college in gesprek gaan over wat mogelijk is. De heer VLOT meent dat huisartsenpraktijken los staan van het gebouw en dat die er in de wijk zouden moeten zijn, wat niet moet afhangen van het een functie geven aan het ING-gebouw. De heer EILANDER wil dat inderdaad niet laten afhangen van het ING-gebouw, maar hij probeert kansen te koppelen. Wellicht kan de gemeente helpen om de businesscase makkelijker te maken. Hij wil geen huisartsenpraktijk betalen, maar een koppeling leggen als er vraagtekens zijn. Spreiding van huisartsen kan wellicht ook op een andere manier. Mevrouw KING-DE HOOG hoort dat de heer Eilander het gebouw al invult, terwijl zij meer gecharmeerd is van een hotel in het gebouw. Zij is het eens met de vraag van de heer Vlot en wil eerst zien of het plan doorgang kan vinden. Initiatieven zijn later dan altijd nog te bedenken. De heer RAADSEN heeft ook alle lof voor initiatieven om het gebouw te kunnen behouden. Capelle is niet erg rijk aan architectonisch bijzondere gebouwen en helaas beschikt de gemeente ook niet over een cultuurbudget om die te helpen. Hij ondersteunt alle initiatieven om creatief mee te denken om de gemeente medewerking te laten verlenen.
Wethouder STRUIJVENBERG wil kijken wat hij kan doen met het idee en de in beeld zijnde ontwikkelaars bij de bewoners. Naast het HIG-onderzoek was er op verzoek van de raad nog een extra onderzoek, waaruit komt dat behoud van het gebouw niet onmogelijk is, maar erg lastig is. Bewoners kennen ontwikkelaars die tegenover hen interesse hebben geuit. Als dat zo is gaat het college daarin graag mee. Op doorlooptijden durft hij zich moeilijk vast te leggen, maar wel heeft hij met bewoners gesproken over stappen in het proces. Ook is het zaak dat de in beeld zijnde ontwikkelaars met de pandeigenaar gaan praten. Hij hoopt dat die gesprekken in de komende weken zullen plaatsvinden en daarna een volgende stap te zetten is. Bij het inwilligen van een Right to Challenge-verzoek is een intermediair nodig, maar volgens de huidige voorziene manier is die niet nodig, omdat hij beschikt over ambtenaren. De intermediair valt dus weg. Hij voorziet geen investeringen in het pand, maar kan die niet 100% uitsluiten. Een businesscase gestoeld op forse investeringen, dan wel gesubsidieerde activiteiten van de gemeente liggen niet voor de hand. Er moet echt een andere businesscase komen tot een exploitabel verhaal. De gemeente wil daarover meedenken, zoals over een huisartsenpost. Dat is te doen gebruikelijk voor de gemeente bij het kijken naar vastgoed van anderen.
De gemeente biedt dan graag haar kennis aan en dat zal zij bij dit pand ook doen. Meer te maken kosten voorziet hij niet, behalve reguliere kosten en plankosten bij een ontwikkeling. Een woningtransformatie voorziet hij eveneens niet, omdat die al twee keer is afgevallen. Daarom wil hij zich focussen op het initiatief van de bewoners met de bij hen in beeld zijnde ontwikkelaars. Een businesscase zou niet gestoeld moeten zijn op een grootschalige verhuizing van de gemeente naar een huurpand, wat hem ook niet in het beleid van de gemeente lijkt te passen. De gemeente beschikt over mogelijkheden qua officiële bevoegdheden. Bij een functieverandering of een woontoren is een woonbestemming nodig. Daar is de gemeente dan aan zet.
Commissie Stadsontwikkeling en -beheer dinsdag 6 april 2021
Pagina:
8
Over hoe hijzelf de haalbaarheid van behoud van het gebouw ziet doet hij geen uitspraak. Hij werkt graag mee, stimuleert het gesprek en faciliteert waar nodig het gesprek tussen HIG en ontwikkelaars om te kijken of er vanuit een ontwikkelaar een haalbaar alternatief komt voor het HIG-plan. Hoe haalbaar dat is zal blijken. Dat is niet aan hem, maar aan een geïnteresseerde ontwikkelaar. De heer OUDSHOORN hoort de wethouder zijn vraag verkeerd interpreteren. Het ging hem niet zozeer om het antwoord op de vraag of de wethouder de hele ontwikkeling haalbaar vindt, maar of die het haalbaar vindt als bewoners het heft in eigen hand nemen om het initiatief verder op te pakken. Wethouder STRUIJVENBERG voorziet dat de gemeente wel faciliterend optreedt tussen bewoners en ontwikkelaars. De te zetten stappen worden goed met bewoners afgestemd in overleggen, zodat ze goed betrokken zijn bij het initiatief. De onderliggende vraag is een serieus onderzoek te entameren van ontwikkelaars, vanwege het private bezit, en dat de gemeente daarin een rol speelt. Hij zegt toe de commissie op de hoogte te houden van het proces als er nieuws is, als het gaat om financiën, bestemmingen of anderszins. Tweede termijn De heer VAN LOEF informeert welke tijd HIG de gemeente in dezen nog biedt, omdat tijd geld is.
De heer TIESMA heeft nergens teruggevonden dat het gebouw op antroposofische uitgangspunten is gebaseerd en vraagt of de wethouder daarover iets kan zeggen, dat kan meenemen en de raad daarover kan berichten. In het algemeen zijn de mensen achter die beweging niet de meest arme in Europa. De heer OUDSHOORN spreekt sympathie voor het voorstel uit. De heer HARINCK vraagt of de gemeente momenteel diensten buiten het gemeentehuis heeft gehuisvest, waarbij vastgoed van beleggers of particulieren wordt verhuurd. Zij zouden eventueel kunnen verhuizen van het ene naar het andere pand. Wethouder STRUIJVENBERG is geen zoektocht begonnen naar ontwikkelaars met een antroposofische achtergrond, maar die zijn wel uit het netwerk van de architect naar voren gekomen. Hoewel HIG geen recht kan ontlenen aan een bepaalde ontwikkeling of een bestemmingsplanwijziging wil hij die wel heel serieus blijven nemen. Hij wenst echter geen eindeloze looptijd te hanteren. Naar zijn mening is haast te maken, zonder onzorgvuldig te worden. De pandeigenaar moet een keer duidelijkheid krijgen, maar wel met een eerlijke kans voor het initiatief vanuit de markt. De heer VAN LOEF stelt zich voor dat HIG heeft gezegd een bepaalde periode te geven, zoals twee of drie maanden.
Wethouder STRUIJVENBERG beaamt dat HIG een belang erbij heeft dat het niet te lang duurt en de periode van twee, drie maanden lijkt hem een periode waarin steeds in verschillende stappen meer duidelijkheid te verkrijgen is over het door bewoners aangedragen alternatief. Het moet geen jaren duren, maar enkele maanden om richtinggevende duidelijkheid te hebben lijkt hem niet meer dan billijk. De heer VAN LOEF vraagt of HIG heeft gezegd dat er op een bepaalde datum duidelijkheid moet zijn. Wethouder STRUIJVENBERG antwoordt dat HIG graag morgen duidelijkheid wil, maar dat gaat niet lukken. Nog een paar maanden wachten kan volgens hem wel. Als het plan van HIG onverhoopt doorgaat hebben de gemeente en HIG elkaar nodig, zodat men in een goed gesprek eruit moet komen. Tot nu toe lukt dat wel, maar HIG wil ook graag spreken met de in beeld zijnde ontwikkelaars, omdat HIG pandeigenaar is. Dat wil hij graag faciliteren. De gemeente beschikt niet of nauwelijks over diensten waarvoor vastgoed wordt gehuurd. Die diensten zitten vooral in eigen vastgoed. Misschien zit er bij uitzondering wel iemand van Economische Zaken in het Rivium. Schorsing (21.21 – 21.30 uur). 7. Fietscorridor Algerabrug Capelsebrug De heer TIESMA licht zijn agenderingsverzoek toe en doet het deugd dat er muziek zit in het fietsen. D66 juicht investeren in fietspaden en fietsverbindingen zeker toe.
De aangekondigde fietscorridor
Commissie Stadsontwikkeling en -beheer dinsdag 6 april 2021
Pagina:
9
Algerabrug-Capelsebrug wil hij echter door de commissie laten bespreken, omdat er € 2 miljoen mee is gemoeid, dat niet door de gemeentelijke begroting wordt bekostigd. Hij wil echter zuinig omgaan met geld van de belastingbetaler. Er is nog geen duidelijkheid over een fietspad over de Algerabrug. Er komt een andere verbinding, maar de vraag is of die daarbij wel aansluit, welke vraag onbevredigend is beantwoord. Er zal nog onderzoek plaatsvinden naar fietsverkeer dat gebruik maakt van de IJsseldijk en Schaardijk. Ook heeft hij vragen over participatie van omwonenden, met name bewoners van huizen die grenzen aan het aan te leggen fietspad. Het effect op hun woonkwaliteit is voor hem een groot vraagteken. Gezien het bedrag wil hij de juiste fietsfoute of een alternatief zeker weten. Hem hebben brieven van bewoners bereikt, zodat hij graag een update van de wethouder wil horen. Wethouder STRUIJVENBERG vindt de agendering van het onderwerp logisch. Het uitgangspunt is vanuit een veelheid van redenen te proberen fietsroutes en fietscorridors snel te realiseren. De route kwam eind 2019 in beeld bij het bespreken van het MIRT over de Algeracorridor. Eigenlijk is het een bestaande fietsfoute. Als die wordt opgewaardeerd is er een betere fietsverbinding te krijgen, die leidt tot meer fietscomfort en een iets snellere verbinding, die bijdraagt aan een verandering van mobiliteit.
De eerste schetsen en tekeningen zijn een goed moment om met bewoners langs de fietspaden te bespreken. Daar zijn heel kritische geluiden geuit. Hij wil bedenkingen en gestelde vragen een serieuze behandeling bieden. Niet heldere zaken vragen om meer uitleg. Er is nog geen besluit genomen of de corridor gerealiseerd wordt. Een van de vragen is of het een tweerichtingfietspad wordt aan één zijde van de straat of aan twee zijden van de straat, waarbij het fietspad aan beide zijden iets smaller is. Dat de gemeente Capelle niet betaalt is geen reden om te zeggen dat de fietscorridor er moet komen. Het is wel wakker van ambtenaren om geld naar Capelle te laten toekomen. De heer SPRUIT kan zich de agendering van het onderwerp voor de commissievergadering voorstellen, omdat het verloop van het proces niet helemaal bevredigend is. Hij heeft daarbij ook wat vraagtekens gezet, omdat hij zich afvraagt welk probleem de fietscorridor eigenlijk oplost. Zo druk befietst is de fietsroute namelijk niet. Door de term ‘snelfietspad’ ontstaat wellicht de indruk dat fietsers ruim baan gegeven moet worden. Volgens hem is dat fietspad bedoeld om fietsers een veilige en een zo kort mogelijke doortocht ergens naartoe te geven. Klinkers verwijderen en asfalt terugleggen kan die indruk wel wekken om fietsers snel te laten fietsen. Ook informeert hij naar het verdere verloop van het proces.
De heer VAN LOEF vraagt of er ook andere routes denkbaar zijn en of geld ook anders in te zetten is. Daarnaast hij wil weten welk probleem er met de corridor wordt opgelost. Aan de overkant van de Algerabrug wordt het wegprofiel aangepast en ook aan deze zijde sluit hij aanpassingen niet uit. Dat aspect wil hij bij de fietscorridor laten meenemen. Het met de corridor gemoeide bedrag vindt hij redelijk megalomaan, zodat hij op voorhand nog niet echt enthousiast daarover is. Bij de heer OUDSHOORN kwam ook de vraag naar boven welk probleem de fietscorridor oplost. De SGP is wel voorstander om fietspaden in de gemeente beter en veiliger te maken. De vraag is wel wie er baat bij een corridor heeft en wie er last van heeft. Blijkbaar hebben eigen inwoners van de gemeente er vooral last van, terwijl degenen die per fiets de gemeente doortrekken er vooral baat bij hebben. Hij vraagt of de wethouder dat ook zo ziet. Misschien is dan het beter de hele route in kaart te brengen en te zien waar er het meeste effect is. Mevrouw WEEMHOFF dankt D66 voor agendering van het onderwerp en vraagt zich ook af of dit nu de plek is om € 2 miljoen te investeren om fietsen sneller en veiliger te maken. Zij kan daarvoor wel wat andere plekken bedenken en andere ideeën laten onderzoeken, zoals het ondertunnelen van de Abram van Rijckevorselweg.
Ook zij wil weten hoe het proces in het beeld van de wethouder verder gaat verlopen.
Commissie Stadsontwikkeling en -beheer dinsdag 6 april 2021
Pagina:
10
De heer VLOT vergelijkt het vervangen van klinkers door asfalt met het vervangen van sociale woningen door villa’s en vraagt zich af wat dat oplevert voor de Capellenaar. Dat heet dan vooruitgang. Het kost wat geld. In dit geval valt het kostenplaatje voor de gemeente niet zo slecht uit, maar er zal altijd een lastenverhoging zijn, in dit geval voor de beleving van de mens. Ook hij heeft mailtjes ontvangen en de situatie in ogenschouw genomen. Een snelweg voor fietsverkeer is de toekomst, gezien de mobiliteitsopgave. Daarover is een besluit te nemen. Het is moeilijk afwegen welke belangen bewoners hebben. Beoogd wordt dat mensen op de fiets stappen naar hun werkplek. Hij wil zoveel mogelijk rekening houden met Capelse inwoners. Mobiliteit is niet zo’n acuut probleem als woningbouw, maar het gaat om een toekomstvisie waarbij men moet aansluiten. Met name het veiligheidsaspect en de veiligheidsbeleving van het tracé zijn heel belangrijk, evenals het nut ervan in het kader van het mobiliteitsvraagstuk en verduurzaming van de samenleving. Hij hoopt dat de wethouders de bezwaarmakers enigszins gerust kan stellen dat het project op de juiste wijze zal worden aangepakt. Mevrouw BADLOE zegt D66 dank voor het agendaverzoek van het onderwerp, dat het CDA wel verschillende keren heeft genoemd in de werkgroep denktank MRDH.
Er zijn veel meningen over de mogelijke fietscorridor in ’s-Gravenland. Voor veel bewoners betreft het een ingrijpende aanpassing, die gevolgen heeft voor het comfort, het woongenot en de veiligheid. Wijkbewoners zeggen vooral dat de huidige fietsroute als heel comfortabel, aantrekkelijk en veilig wordt gezien. Het is al een route zonder stops, met verkeerlichten en zonder omrijden, met vooral voorrang voor fietsers. Ze geven aan dat met de voorgestelde plannen de kwaliteit eerder af- dan toeneemt. Men kan nooit iedereen tevreden stellen en zeker het CDA staat open voor de mobiliteitstransitie, waarbij er naast de auto vooral aandacht is voor de fiets en het OV. Het plan moet wel bijdragen aan doorstroming, het stimuleren van reizen met de fiets en aansluiten bij de behoeften en zorgen van de wijk. Zij vraagt of rekening wordt gehouden met steile hellingen, die nu onder andere als knelpunten worden gezien en die ook niet stimulerend werken om de fiets te pakken. Het blijft de vraag of de beoogde aanpassing van de route door ’s-Gravenland veel nieuwe fietsers gaat opleveren gezien de reistijdwinst van 38 seconden, die marginaal zou kunnen zijn. Het lijkt alsof er een oplossing voorligt voor een niet bestaand probleem. Zij wil ook graag helderheid over het proces tot aan het definitieve ontwerp, dan wel het besluit.
Ook wil zij weten of er in een bepaalde fase een consulterende rol voor de raad komt of dat het bij een collegebesluit blijft. Verder hoort zij graag of de grote bijeenkomst al gepland is en of die uitnodiging ook breed ingezet zal worden naast bewoners van de Sibeliusweg en Bizet- en Schubertstraat. Vervolgens vraagt zij of de maatregelen voldoen aan het bestemmingsplan en of die periode ook samenhangt met het verkeersbesluit. Daarna wil zij weten of er nog ruimte is om het plan met twee jaar uit te stellen totdat langetermijnmaatregelen voor de aanpak van de Algeracorridor bekend zijn. Ook is zij benieuwd wanneer de uitvoering dan kan plaatsvinden. Gezien de aanpak van de grote kruising kan die bijkomende werkzaamheden met zich meebrengen, zij vraagt zich af of langs elkaar lopende projecten wel verstandig is. Het kan zijn dat bepaalde verkeerspunten op de huidige fietscorridor waar er wel draagvlak is, zoals de fietstunnel bij de Algeraweg, de rotonde bij de Puccinistraat en de Rossinistraat, wel aan te pakken zijn, exclusief de aanpak voor specifiek de Sibeliusweg en Bizet- en Schubertstraat. Voor die straten ziet zij nog geen meerwaarde van het nemen van maatregelen in. Zij vraagt vervolgens vanaf welk punt de tijdwinst van 38 seconden wordt geteld, of er nog nieuwe fietstellingen komen en vanaf waar die fietstellingen gaan plaatsvinden.
Beter zou zijn die bij het tunneltje te doen dan wel bij het begin van het Sibeliuspad, de Sibeliusweg. Ten slotte informeert zij of bij het tegemoetkomen van bewoners er binnen het budget van € 1,85 miljoen gebleven wordt. Ook las zij dat er door de Verkeersonderneming naar maatregelen wordt gekeken om het autoverkeer te verminderen. Dat kan wellicht breder getrokken worden naar Fascinatio en het Rivium.
Commissie Stadsontwikkeling en -beheer dinsdag 6 april 2021
Pagina:
11
De heer EILANDER is het helemaal eens met de bespiegelingen van de heer Vlot, met uitzondering van die over woningen. De raad moet nu dingen durven en besluiten, wat ten koste van andere zaken gaat. Dat is best lastig. Daarom is hij blij met het op tafel liggende onderwerp voor een eerste verkenning. Hij denkt dat nu slechts sprake is van een eerste speldenprik voor wat men allemaal op de fiets in Capelle wil. Hij vraagt wat er gebeurt als er niets wordt gedaan, of er veel mensen uit Krimpen en de Krimpenerwaard met de fiets naar Capelle komen en of de gemeente in de toekomst tegen veel problemen aanloopt. Verder adviseert hij de wethouder naar de veiligheid van het tunneltje laten kijken. Als de gemeente een goede route wil voorbereiden moet zij mensen uitnodigen een veilige route te nemen. Daarmee zou een fietsstraat met asfalt logisch zijn. Andere punten dan het 39 seconden korter berijden van het traject zijn misschien belangrijker, zoals veiligheid en het goed begeleiden van de stroom fietsen naar Capelsebrug toe. Hij roept de raad op om goed over de toekomst na te denken. De heer RAADSEN sluit zich graag aan bij de uitspraken van de SP en de ChristenUnie. Het probleem is hier dat de gemeente nooit echt prioriteit heeft kunnen geven aan bredere doorfietsroutes. De auto staat altijd centraal en de fiets wordt er maar een beetje naast gelegd.
Volgens het coalitieakkoord is er ook alleen maar geld voor het onderhoud van fietspaden en niet voor extra investeringen. De gemeente wil meestal wel meedoen als een ander iets betaalt, zoals bij deze fietscorridor. Die ziet hij als een onderdeel van een breder pakket aan maatregelen om de verkeerscongestie op de Algeracorridor op te lossen, evenals de duurzaamheidsproblemen met de mobiliteitstransitie. Zonder overige maatregelen zal deze weinig effect opleveren, maar binnen een totaalpakket lijkt het hem zeker effectief om dit soort maatregelen te nemen. De door de gemeente gedane voorstellen voor deze route stuiten op bezwaren van bewoners. Dat is begrijpelijk, omdat er wordt geprobeerd een dubbel fietspad aan te leggen aan de noordzijde van de Sibeliusweg, waarvoor er te weinig ruimte is. Voorstellen van D66 om autorijbanen te verplaatsen vindt de gemeente te duur. Met voorstellen van GroenLinks voor een dubbel fietspad aan de zuidzijde en een brug om onveilige kruisingen te vermijden wordt ook niet meegedacht. Oplossingen voor het behoud van een enkel fietsspoor aan de noordzijde naast een dubbel spoor aan de zuidzijde zijn ook mogelijk, maar de gemeente stelt zich niet echt open voor een gesprek met wie er zou willen meedenken.
Het zou goed zijn als de gemeente wat meer bereidheid zou willen tonen om in te gaan op genoemde bezwaren en wat meer open te staan voor ideeën om dit project tot een succes te maken met draagvlak van alle betrokkenen. Bijvoorbeeld in de vorm van een ontwerpatelier, waarin mogelijk oplossingen te toetsen zijn. Hij ziet graag een besluitvormingsproces met open afwegingen van argumenten en voor- en nadelen en hij vraagt of de wethouder daarvoor open staat en of die denkt dat dat zou kunnen. De heer TIESMA vraagt waarom specifiek voor de route via de Sibeliusweg is gekozen en niet voor de route via het tunneltje en de Rondelen of de IJsseldijk/Schaardijk. Wellicht zijn er daarover tellingen beschikbaar en als die er niet zijn, zijn die misschien te houden. Die tellingen kunnen dan meewegen bij het nemen van een andere beslissing. Hij vraagt of de wethouder daartoe bereid is. Vervolgens informeert hij naar een propagandaplan voor de nieuwe route voor mensen in Krimpen aan den IJssel en de Krimpenerwaard. Uit reacties van omwonenden concludeert hij dat ze zich onvoldoende gehoord voelen. Er was wel een verkennend onderzoek van de provincie, waarbij van geen enkele participatie sprake was. Tijdens bijeenkomsten hebben bewoners ervaren dat het leek dat hun wensen en vragen niet serieus worden genomen.
Hij begrijpt uit de woorden van de wethouder dat die zeker met bewoners gaat overleggen en daarvan hoort hij graag een bevestiging en hoe dat in zijn werk zal gaan. Verder vraagt hij of de wethouder de door omwonenden aangedragen alternatieven en andere mogelijkheden gaat onderzoeken en wat hij met die daaruit naar voren komende afwegingen gaat doen. De bedoeling is om het fietspad aan de noordzijde uit te breiden, maar ook kunnen fietspaden breder worden. Hij vraagt of de wethouder dat wil overwegen. De verbreding van de fietstunnel wordt eigenlijk afgewezen als mogelijke subsidiebestemming en hij vraagt of die verbreding expliciet is uitgesloten. Wellicht is het een idee om die mogelijkheid alsnog naar voren te brengen. Nu is die fietsroute eigenlijk onveilig. De wethouder kan ook overwegen om op de Schubertstraat eenrichtingverkeer in te stellen om de verkeersveiligheid te vergroten.
Commissie Stadsontwikkeling en -beheer dinsdag 6 april 2021
Pagina:
12
Wethouder STRUIJVENBERG probeert met de fietscorridor de verandering van de modaliteiten te accommoderen. Als men in de toekomst wil dat er vaker gefietst wordt zou het fijn zijn als de groei van het fietsverkeer meer wordt geaccommodeerd dan dat tot nu toe plaatsvindt. Dan gaan goede fietsverbindingen en openbaar vervoer daarbij helpen, evenals goede afspraken met werkgevers over begin en eind van werktijden van hun werknemers. Het gaat om de korte termijnaanpak van de Algeracorridor. Het gaat om duizenden fietsers per dag met de aspecten tijdwinst, fietscomfort, het verbeteren van de voorrangsregels en een breder fietspad, dat mensen op een veiliger manier van A naar B laat gaan. Er zijn alternatieve fietsroutes in beeld, waarover hij wel wil nadenken. Een alternatief voor de voorliggende fietsroute is echter lastig en voorziet hij niet. Het geld vloeit voort uit de korte termijnaanpak van het MIRT en als de fietsroute er niet komt vloeit dat geld terug. Het is dan niet zo dat het geld voor Capelle vrij besteedbaar is voor een ander doel. Het plan kan wel worden aangepakt in samenhang met de andere aspecten van de Algeracorridor, omdat het een onderdeel is van de korte termijnaanpak, waarbij men no regretmaatregelen wil nemen. Men wil geen maatregelen nemen die bij een uitwerking van de lange termijnaanpak weer nutteloos blijken te zijn.
Hij is van plan om met een aantal bewoners een fietstocht te maken over de voorgestelde route, om daarover met hen goed te kunnen spreken, zodat bewoners kunnen aanwijzen wat er op verschillende plekken speelt. De gemeente kan dan ook extra duiding aan hen geven, wat ook zal gebeuren op een te plannen grotere bewonersbijeenkomst. Uiteindelijk volgt een collegebesluit en hij kan zich voorstellen dat hij daarover de gemeenteraad informeert. Als de commissie het wil kan dat besluit geagendeerd worden voor een commissievergadering. Uitstel van de fietsroute tot de lange termijnaanpak is lastig, omdat die fietsroute juist onderdeel is van de korte termijnaanpak in het MIRT. Aanleg gebeurt niet binnen een maand, maar hij kan er ook geen jaren mee wachten. Het is de vraag of bewoners binnen € 1,85 miljoen tegemoet kan worden gekomen. Dat is te bezien. De heer VLOT stelt dat de route die de wethouder met bewoners gaat fietsen niet de situatie is van de tot stand te brengen snelfietsroute. Hij vraagt of het gaat om bewoners die zich met hun informele zienswijze hebben gemeld. Wethouder STRUIJVENBERG antwoordt dat het niet alleen bewoners zijn die hij tevoren selecteert. Hij kan zich voorstellen dat het mensen zijn die zich via het WOP hebben aangemeld en mensen die al informeel een zienswijze hebben ingediend. Hij verwacht dan ook kritische vragen.
De heer VLOT vraagt of het mogelijk is dat hij met die fietstocht meefietst. Wethouder STRUIJVENBERG heeft daar niets op tegen, maar probeert de fietsgroep in deze tijd ook klein te houden. Zijn gedachte was niet dat raadsleden met de fietstocht zouden meegaan. Misschien kan de raad de heer Vlot aanwijzen om namens de raad met de fietstocht mee te gaan. De heer Vlot kan ook automatisch van hem of van anderen te weten komen hoe de fietstocht is verlopen. Mevrouw BADLOE vraagt wanneer het besluit over het definitief ontwerp volgt. Wethouder STRUIJVENBERG durft nu geen maand te noemen, omdat hij nog moet luisteren naar input van bewoners. Er volgen nog een bewonersbijeenkomst en een fietstocht. De gemeente moet ook nog berekeningen maken over een alternatieve invulling van de route. Daarna volgt een besluit. Het besluit volgt niet pas over jaren, maar ook niet binnen een maand. Een afschrift van het besluit doet hij aan de gemeenteraad toekomen. Het antwoord op de vraag over tellingen en het start- en eindpunt daarvoor moet hij nagaan. Tellingen vinden nog steeds plaats. De vraag over het nemen van maatregelen om autoverkeer te verminderen breder te trekken naar Rivium en Fascinatio heeft hij niet zo goed begrepen en kan misschien in tweede termijn herhaald worden. Als er niets wordt gedaan mist men iets waarvan hij denkt dat het goed past in het mobiliteitsprogramma.
Als er op alle terreinen niets gebeurt loopt het helemaal vast. Vaker nee zeggen tegen ideeen om op mobiliteitsgebied de stad vooruit te helpen betekent dat de mobiliteitstoekomst van de stad er minder fraai uit komt te zien. Dat wil echter ook niet zeggen dat het verplicht is overal ja tegen te zeggen. De opmerkingen over het tunneltje neemt hij mee en dat pakt hij sowieso op. Ook de fiets is in het coalitieakkoord genoemd en hij staat zeker open voor suggesties. Tweede termijn
Commissie Stadsontwikkeling en -beheer dinsdag 6 april 2021
Pagina:
13
De heer SPRUIT beluistert dat GroenLinks, de SP en de ChristenUnie bij voorkeur zoveel mogelijk asfalt als mogelijk in Capelle neerleggen, zodat men lekker comfortabel kan fietsen. In de afweging tussen het verbreden van de A20 of heel Capelle asfalteren denkt hij voor het eerste te kiezen. Fietsen hebben tegenwoordig vering, zodat ook op klinkers comfortabel te fietsen is. Daarom is hij geen voorstander van het neerleggen van asfalt in heel Capelle om vooral mensen uit Krimpen aan den IJssel en de Krimpenerwaard de gelegenheid te bieden om comfortabel naar Capelsebrug te fietsen. Het onderwerp krijgt hij graag ter consultatie terug naar de commissie. Hij gaat er van uit dat de wethouder door diens fietstocht met bewoners ook zelf ervaart hoe de fietsmogelijkheden er nu bij liggen en wat er te verbeteren valt. De heer VLOT vindt de opmerking van de heer Spruit over al dan niet meer asfalt en verbreding van snelwegen een beetje ongepast. Nu gaat het over een snelfietsroute. De SP en andere groene partijen laten zich erop voorstaan dat die gerealiseerd moet worden. De heer SPRUIT hoorde de heer Vlot in diens eerste termijn dat het niet willen asfalteren van klinkerstraten te vergelijken is met het wijken van sociale woningbouw voor villa’s. Het verhaal is hem duidelijk: omdat in ’s-Gravenland niet zoveel sociale woningbouw staat mag men daar wel asfalt neerleggen.
De heer VAN LOEF is nog niet echt overtuigd van het verhaal welk doel met de fietsroute wordt gediend. Wel is hij ervan overtuigd dat bij fietsroutes, en deze misschien in het bijzonder, naar veiligheid moet worden gekeken. Daarvoor middelen van de regio inzetten is altijd goed. Het gehele tracé vindt hij nog steeds een tikkeltje megalomaan. Mevrouw WEEMHOFF is blij dat de wethouder zich met de bewoners gaat verstaan en gaat onderzoeken of er mogelijk betere alternatieven bedenkbaar zijn. Ook zij wil graag, als er een aangepast voorstel komt, dat ter consultatie naar de commissie doorgeleid zien. Mevrouw BADLOE noemt het fijn dat de wethouder een fietstocht met de bewoners gaat houden. Bij een definitief ontwerp wordt de commissie geïnformeerd en zij sluit zich aan bij de vraag of er ruimte is voor een consultatieronde als daaraan bij de commissie behoefte bestaat. Zij vindt het prima als het antwoord op haar vraag over fietstellingen achteraf wordt nagezonden. Naast de tellingen wil zij weten vanaf welk punt geteld wordt: vanaf het tunneltje, het Sibeliuspad en het begin van de Sibeliusweg. Verder informeert zij of ook een alternatief is de fietscorridor uit te stellen of het alleen aanpakken van specifieke verkeerspunten waarvoor wel breed draagvlak is, los van de Sibeliusweg en de Bizet- en Schubertstraat.
Zij heeft begrepen dat verschillende bewoners ook een voorstel hebben gedaan en vraagt of dat ook wordt meegenomen in de afweging van mogelijke aanpassingen, dan wel een te bieden alternatief. Zij wil dus weten wat de alternatieven worden en waaruit straks valt te kiezen. Met de Verkeersonderneming wordt nagedacht over maatregelen om het autoverkeer te verminderen en zij vraagt of dat ook geldt voor de gebieden Fascinatio en Rivium. De heer EILANDER vindt de reactie van de heer Spruit op de bijdragen van de SP, GroenLinks en de ChristenUnie over wat zij met asfalt willen volledig uit zijn verband gerukt. Het is wellicht verstandig volgend jaar met de verkiezingen battles te houden over asfalt voor fietsen of auto’s. De heer RAADSEN vraagt hoe de wethouder bereid is de verschillende meedenkers in het ontwerpproces te betrekken. De heer TIESMA stelt zijn technische vragen nog anderszins aan de wethouder. Cruciaal is hoe het fietsverkeer vanuit Krimpen en de Krimpenerwaard wordt verdeeld over de mogelijke drie routes, wat tot een ander besluit zou kunnen leiden. Hij is blij met de toezeggingen van de wethouder over de participatiefietstocht en bewonersbijeenkomst. Het gevoel bij bewoners is dat niet serieus genoeg naar hen wordt geluisterd wat betreft het meenemen van mogelijkheden. De toezegging dat dat daadwerkelijk gebeurt wil hij nog horen.
Commissie Stadsontwikkeling en -beheer dinsdag 6 april 2021
Pagina:
14
Wethouder STRUIJVENBERG informeert de raad zodra het college iets van de fietsroute heeft gevonden. Dat noemt hij ter consultatie voorleggen. Technische vragen zal hij nog beantwoorden. In antwoord op de vraag over mogelijk uitstel geeft hij aan dat hij de tijd neemt om goed over het wat en hoe te denken, het gesprek met bewoners goed te voeren en ook ruimte te bieden voor de commissie om het gesprek met hem te voeren. Dat is geen uitstel. Hij vraagt tot wanneer en waarom mevrouw Badloe daarbovenop uitstel wil. Mevrouw BADLOE maakte de koppeling met de lange termijnaanpak van de Algeracorridor. Wethouder STRUIJVENBERG heeft daarvan gezegd dat het volledig koppelen aan de lange termijnaanpak minder voor de hand ligt, omdat de fietsroute een maatregel is uit de korte termijnaanpak. Die kan hij niet laten wachten. Hij is echter niet gebonden aan een maand. Voorstellen van bewoners neemt hij mee en andere invullingen van de route zijn mogelijk. Compleet andere routes liggen voorshands niet voor de hand. Men krijgt echter de tijd en de mogelijkheid om uit te leggen dat het anders zit. De voorliggende route tussen de Algerabrug en Capelsebrug is wel heel logisch, maar wel staat hij altijd open voor alternatieven. Als daartussen heel goede ideeën zitten doet hij graag zijn voordeel daarmee.
Middels bewonersbijeenkomsten en contact met het WOP zijn mensen nog te betrekken bij het ontwerp. Natuurlijk luistert hij goed naar bewoners, wat hij normaal ook altijd doet. De Verkeersonderneming is voor Capelle betrokken bij gedragsmaatregelen. Het gaat om andere manieren of andere tijden om mensen naar het werk te kunnen laten komen, teneinde tot een betere doorstroming te komen. De heer TIESMA dankt zijn collega’s voor hun inbreng, die tot een heel vruchtbare discussie met de wethouder heeft geleid. Er is nu duidelijkheid over de vervolgstappen en het proces. Er zal behoorlijke participatie van de omwonenden zijn. Fietsen als belangrijk alternatief voor de auto staat voor hem buiten kijf. De VOORZITTER vat de gedane toezeggingen samen: - de raad krijgt het nog te zien; - de wethouder staat open voor alternatieven als die er zijn. 8. Rondvraag De heer TIESMA stelt ook een rondvraag namens mevrouw Den Engelsman van het CDA. Hij vraagt of de evaluatie van de gebiedspaspoorten door het college nog in april is gepland, of die evaluatie nog wordt besproken door de commissie of de raad en of de wethouder daarvoor een bepaalde datum op het oog heeft. Tot slot informeert hij of de evaluatie nog met bewoners wordt besproken in de Mient en wanneer dat zal gebeuren. Wethouder STRUIJVENBERG voorziet behandeling in april of anders begin mei a.s.
Het lijkt hem wenselijk om de gebiedspaspoorten dan met de commissie te bespreken. Het antwoord op de vraag over bespreking met bewoners in de Mient moet hij nog schuldig blijven. Als bewoners met hem daarover willen spreken vindt hij dat prima, mogelijk na de evaluatiebespreking met de commissie. 9. Sluiting. De VOORZITTER sluit te 22.30 uur de vergadering. Aldus vastgesteld in de vergadering van de commissie Stadsontwikkeling en -Beheer van 21 juni 2021, de secretaris,