CConstaterende datCapelle Ad Ijssel
Koppel je AI →
Document · PDF

02.00 - Conceptverslag cieBVM 28 juni 2021

Commissie Bestuur, Veiligheid en Middelen 13 september 2021, gemeente Capelle Ad IjsselBij agendapunt: Vaststellen verslagen commissie Bestuur, Veiligheid en Middelen8.124 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Verslag van de vergadering van de commissie Bestuur, Veiligheid en Middelen, gehouden op maandag 28 juni 2021 in de Van Polanenzaal van het gemeentehuis van Capelle aan den IJssel, aanvang 20.45 uur. Aanwezig zijn als: voorzitter

:

de heer mr. P.M.D. Weijers;

volksvertegenwoordigers:

de heer J. Janson, raadslid Leefbaar Capelle; de heer C.A.J. Schaatsbergen, raadslid Leefbaar Capelle; de heer J. Hooijkaas, burgerraadslid D66; de heer P.G. Holkamp, raadslid D66; de heer M.N. Landzaad MSc LLM, raadslid VVD; de heer S. Geissler, raadslid PvdA; de heer G.M. Veenema, burgerraadslid SGP; de heer ing. J. Breepoel, raadslid SP; mevrouw H.A. Groenendijk-de Vries Med, raadslid ChristenUnie; de heer dr. V. Stevens, burgerraadslid CDA;

secretaris

:

de heer S.G.V. Schouten;

grifier

:

mevrouw drs. T.A. de Mik;

portefeuillehouders

:

de heer mr. P. Oskam, burgemeester; mevrouw A.J. Hartnagel, wethouder; de heer N.C. van Veen, wethouder;

ambtelijke ondersteuning:

de heer A. van Dijk, unithoofd Beleid en Advies; de heer B. van Leuven, bestuursadviseur;

notulist

de heer H. Veenstra (Notuleerservice Dictum).

:

Op de publieke tribune zijn bij de aanvang van de vergadering geen personen aanwezig.

1. Opening, mededelingen en vaststelling agenda De VOORZITTER opent de vergadering en heet allen welkom. Bericht van verhindering is ontvangen van de heren Snijders en Schelkers. De heer Geissler zal vanavond ook namens GroenLinks het woord voeren. 2. Spreekrecht inwoners De heer MANSE, vicevoorzitter van de politievakbond ANPV, spreekt de commissie toe. Hij is ook werkzaam als agent op bureau Capelle aan den IJssel voor district Oost. De ANPV luidt de noodklok bij de gemeenteraad, omdat die invloed heeft op de sturing van de politie. Eigenlijk gaat het volgens hem ernstig de verkeerde kant op met de politie. Gemeentelijke korpsen zijn allemaal verwaterd en gaan allemaal op in eenheden, die weer in districten zijn verdeeld. De eenheid Rotterdam is eigenlijk het beste jongetje van de klas, want die leidt 20% van de studenten uit het land op. Studenten zijn eigenlijk nog geen volwaardige politieagenten. Het gaat om 800 personen, die wel in de sterkte worden meegeteld, maar eigenlijk niet volledig mogen worden meegerekend. De wijkbureaus zijn weg. Capelle heeft daarvan niet zoveel last gehad, omdat de gemeente maar één politiebureau had waar de wijkagenten zaten. Van de wijkagenten is maar 20% inzetbaar, omdat ze ook andere taken moeten doen, zoals noodhulp verrichten. Ze zijn ook bezig met operationele sturing in plaats van specialismen. 408485/544065

Behorende bij commissieverslag BVM, nummer: 408485/544065

pagina: 2 van 13

Voor noodhulp rijden er in Capelle, Krimpen en Rotterdam-Oost drie auto’s rond en dat is geen vetpot. De komende jaren gaan er tot 2025 twintigduizend mensen weg bij de politie. Opvullen van die vacatures gaat niet zo rap, omdat je mensen heel snel moet opleiden. Geprobeerd wordt de lat wat lager te leggen, zodat mensen eerder competent zijn voor taken die ze moeten verrichten. Ook wordt er enorm bezuinigd. Daardoor verliest de politie slagkracht, ook in de wijken en steden. De politie kan geen mensen krijgen. Studenten beginnen namelijk met een zakgeldregeling, wat betekent dat er alleen heel jonge politieagenten komen. De twintigduizend afvloeiende mensen zijn niet beschikbaar om jongere collega’s op te leiden. Als agenten eenmaal zijn opgeleid beginnen ze met een maandsalaris van € 1.500,-. Het is niet ondenkbaar dat deze mensen weggaan, mogelijk naar gemeenten als handhaver. Hij zit ook in de ondernemingsraad van de eenheid Rotterdam en die hoopt dat het korps in 2025 weer op sterkte is. De ANPV denkt dat niet te halen, omdat de opleidingen al niet vol te krijgen zijn en bovendien het uitvalpercentage op de politieopleidingen 15% bedraagt. De politie krijgt ook diversiteit niet voor elkaar. Er is in het district Stad Rotterdam een pilot met een headhunterbureau gestart om meer diversiteit te bewerkstelligen.

In totaal zijn er momenteel 400 vacatures en 800 fte aan niet inzetbare politiemensen. Gemeenten hebben volgens hem invloed op de sturing van de politiecapaciteit. De ANPV denkt dat het niet goed gaat en dat de bezetting in de eenheden steeds minder wordt. Wethouder mevrouw HARTNAGEL mist de vraag van de heer Manse aan de gemeenteraad en wat de politie daarvan nodig heeft. De heer MANSE luidt de noodklok bij de gemeenteraden, omdat die gremia meer invloed hebben. Gemeenteraden kunnen vragen of er inderdaad zo weinig politie op straat is. De VOORZITTER begrijpt dat de ANPV adviseert de gemeente waar het kan haar rol te pakken op de samenstelling en sterkte van de politiekorpsen en waar mogelijk haar invloed in de sturing uit te oefenen Burgemeester OSKAM deelt mee dat de gemeenteraad de burgemeester kan aanspreken, die in het bestuur van de politie zit. District Oost is meer mensen beloofd, omdat het achterloopt. Er werd echter een advocaat doodgeschoten, waardoor veel politiemensen voor beveiliging werden ingezet. Het verhaal van de Politieacademie is ook bekend. Toen hij Tweede Kamerlid was, was de gemiddelde leeftijd van de politiemensen in Overijssel 61 jaar. Zij gingen binnen drie jaar met functioneel leeftijdsontslag. Destijds is al gezegd te zorgen voor extra aanname van studenten bij de Politieacademie, maar dat kon die academie niet aan.

Inmiddels is er bijna een deal gesloten, opdat mensen na een verkorte opleiding de straat op kunnen gaan. De burgemeesters maken zich grote zorgen. Regioaanvoerder Aboutaleb heeft om extra geld gevraagd. De strafrechtketen doet dat ook. Burgemeesters uit de regio Rotterdam blijven het probleem benoemen, maar eigenlijk denkt hij dat de politiebonden naar Den Haag moeten gaan en met de Kamercommissie moeten praten. De heer JANSON denkt dat de gemeenteraad middels een motie een signaal richting Den Haag kan afgeven om de burgemeester te steunen. Er kan daarin aandacht worden gevraagd voor de operationele capaciteit, onvoldoende studenteninstroom, de opvang van nieuwe agenten en het diversiteitsbeleid. De heer STEVENS onderschrijft dat volledig en kan zich vinden in die oproep. De heer MANSE gaat zeker naar Den Haag, maar uiteindelijk gaat het om de haarvaten die zich bevinden in de gemeenten. 1. Opening, mededelingen en vaststelling agenda De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld. 3. Gemeenschappelijke regelingen (Metropoolregio Rotterdam-Den Haag, Veiligheidsregio Rotterdam Rijnmond, IJSSELgemeenten en Politie) Er zijn geen actuele ontwikkelingen.

Behorende bij commissieverslag BVM, nummer: 408485/544065

pagina: 3 van 13

4. Corona Burgemeester OSKAM deelt mee dat maatregelen op 26 juni jl. opnieuw zijn afgeschaald. Op 2 juli 2021 geven de premier en minister De Jonge uitleg over het vervolgtraject. Als alles in Nederland goed blijft gaan kan het zijn dat alle maatregelen op 13 augustus 2021 van tafel zijn. 5. Voorjaarsnota Programma 0: Bestuur en Ondersteuning en de aanbiedingsbrief De VOORZITTER stelt de aanbiedingsbrief en de algemeen overstijgende financiële zaken aan de orde. De heer LANDZAAD vindt het financiële perspectief er aanmerkelijk beter uitzien dan aan het begin van deze raadsperiode en is daarmee heel blij. Voor het herstelplan wordt gedacht € 1 miljoen beschikbaar te stellen. De voorjaarsnota neemt een soort voorschot op het herstelplan of maatregelen die daaronder zouden kunnen vallen en hij vraagt waarom er niet voor is gekozen om die maatregelen in elk geval deels in dat potje op te voeren. De heer HOLKAMP zegt dank voor het verzette werk en de beantwoorde technische vragen in deze lastige tijd. Hij sluit zich aan bij de complimenten in de aanbiedingsbrief aan alle partijen die in Capelle hard hebben gewerkt om te zorgen door de moeilijke coronatijd heen te komen.

De gemeente behaalt structureel steeds een positiever resultaat dan begroot en daarom ontvangt hij te zijner tijd graag een overzicht uit welke taakvelden die overschotten in de afgelopen vijf jaar precies vandaan zijn gekomen. Als die taakvelden jaarlijks verspringen is het de vraag of de overschotten wel zo structureel zijn als ze lijken. De ene week spreekt de raad over het aanhalen van de broekriem en de andere week over een voorstel dat ervoor zorgt dat er minder geld binnenkomt, zoals vandaag de afschaffing van de hondenbelasting. Dat lijkt hem een wat kromme gang van zaken. Het voorstel over de hondenbelasting klinkt vlak voor de verkiezingen heel mooi. De tegenstanders van een afschaffing zal dan gezegd worden dat ze geen dierenvrienden zijn en ze de hondeneigenaren geen lastenverlaging gunnen. Ook de mensen van D66 zijn echter gek op dieren en kunnen iedereen het gezelschap van een hond aanraden. Zij willen daarnaast de lasten voor de Capellenaren zo laag mogelijk houden. Met het voorliggende voorstel moet heel Capelle betalen voor de hondeneigenaar. De gemeente geeft namelijk wel geld uit voor de honden en hun eigenaren. Hij vraagt of de wethouder vindt dat alle Capellenaren dienen te betalen voor de hondenvoorzieningen of het voorstel juist tot verwaarlozing van de hondenvoorzieningen zal leiden.

Ook informeert hij hoe de wethouder het voorstel kan rijmen met de bezuinigingen, waarover de commissie vorige week sprak. Van de financiën in het algemeen heeft hij toch een ander beeld dan dat het alleen maar heel goed gaat. De financiële ratio’s zijn nog steeds allemaal redelijk op niveau, maar dat komt voornamelijk door de Eneco-miljoenen. Daarnaast zit er in de begroting nog een taakstelling van bijna € 3 miljoen in 2024 oplopend tot € 5 miljoen in 2028. Aan het begin van deze raadsperiode was het al duidelijk dat de uitdaging in deze raadsperiode zit in het meerjarig op orde houden van de begroting. Hij vraagt de wethouder of het college de tijd een beetje door de vingers heeft laten glippen. In de voorjaarsnota ontbreekt ook een aantal zaken die bij de begroting of later zichtbaar zullen worden, maar die wel invloed hebben op de gemeentelijke financiën. Zo heeft de vorming van de bestemmingsreserve Eneco nu geen invloed op de getoonde ratio’s, maar als het geld wordt uitgegeven leidt dat wel tot een verslechtering van de netto schuldquote en de solvabiliteitsratio. Ook de vorming van de kapitaallastenreserve zal de financiële positie naar zijn mening verder aantasten. De gevolgen van de meicirculaire zijn nog niet verwerkt en van de wethouder ontvangt hij die graag zo snel mogelijk.

In het verleden wist de raad ook altijd voor de raadsvergadering de invloed van de meicirculaire. Het EMU-saldo lijkt over een aantal jaren richting nul te gaan, wat op zich een positief teken is. Terugkijkend naar het jaar 2016 was toen ook de voorspelling dat dat saldo over vier tot vijf jaar naar nul zou gaan. Het beeld van een EMU-saldo van nul schuift dus steeds verder naar voren. Hij vraagt hoe die trend te doorbreken is, omdat de gemeente tot die tijd wel steeds geld blijft lenen. De stelpost accres wordt niet meer opgenomen, wat op korte termijn een voordeel in de begroting oplevert. Het risico keert ook terug doordat minder behoedzaam wordt begroot ten opzichte van fluctuaties. Men gaat dus weer spreken over dagkoersen. Hij is benieuwd of dat is wat de wethouder voor ogen heeft met solide financieel beleid.

Behorende bij commissieverslag BVM, nummer: 408485/544065

pagina: 4 van 13

De aankoop van de aandelen voor het pand aan de Dorpsstraat is naar de commissie BVM gehaald. D66 kan zich vinden in dat voorstel. Het is namelijk een van de weinige rijksmonumenten waarover Capelle beschikt en het zou mooi zijn dat te kunnen veilig stellen, inclusief de toegankelijkheid en het houden van culturele evenementen en plechtige gebeurtenissen, zoals trouwerijen. De wethouder heeft een gesprek gehad met de GR IJsselgemeenten over een ICT-meerjarenplan en hij informeert naar de uitkomst daarvan. Hij vraagt of er een ICT-meerjarenplan komt. Tot slot informeert hij naar de beveiliging van de automatisering en het testen van procedures. Hij heeft graag de verzekering dat een situatie zoals in Hof van Twente in Capelle zich niet kan voordoen. De heer LANDZAAD vraagt of D66 het voorstel over de Enecoreserve wil overnemen, die reserve niet wil of daarvoor een lager bedrag dan € 20 miljoen wil opnemen. De heer HOLKAMP hoorde over de € 20 miljoen de redenering dat na het apart zetten van het bedrag benodigd om de gemiste dividenden goed te maken er nog een bedrag overblijft waar de € 20 miljoen goed inpast. Als de rekenrente echter wordt verlaagd zal men niet € 45 miljoen moeten vasthouden om het gemiste dividend te compenseren, maar eerder het dubbele op de lange termijn. Elke inhoudelijke onderbouwing voor het bedrag van € 20 miljoen ontbreekt zijns inziens.

De heer JANSON vraagt of D66 voorstander is van de hondenbelasting. De opbrengst van die belasting gaat naar de algemene middelen, zodat men kan stellen dat mensen met een hond juist meer belasting betalen. De heer HOLKAMP is geen voorstander van het afschaffen van de hondenbelasting, ook gelet op de huidige financiële positie en de gesprekken over hoe het daarmee verder moet. De argumentatie dat door afschaffing van de hondenbelasting iedereen een hond kan hebben vindt hij niet zo sterk, zeker niet als men weet dat de hondenbelasting onder het vrijstellingsbeleid valt. De heer LANDZAAD is benieuwd hoe D66 de financiële impact van de hondenbelasting duidt en hoe zij de schaal van die belasting weegt in relatie tot het op orde houden van de gemeentebegroting. De impact is namelijk niet eens € 300.000,- en het gaat om 0,01% van de gemeentebegroting. Hij neemt aan dat D66 ook naar argumenten kijkt om de hondenbelasting in stand te houden, zoals het argument dat de hond het enige dier is dat de gemeente extra belast, terwijl het niet het enige dier dat de gemeente kosten oplevert. Heel veel buurgemeenten hebben de hondenbelasting afgeschaft en niet alle opbrengst van de hondenbelasting gaat naar het hondenbeleid. De heer HOLKAMP erkent dat de opbrengst van € 300.000,- een betrekkelijk laag bedrag is, maar het gaat erom terughoudend te zijn met wat je teruggeeft.

Als het geld weg is, is het bijzonder lastig om dat weer terug te krijgen. De begroting zit vol met kleine posten. Gemeenten hebben belastingvrijheid, terwijl nu wordt geprobeerd de belastingen van gemeenten gelijk te trekken. De heer JANSON wijst erop dat landelijk is aangekaart om de hondenbelasting af te schaffen. De heer HOLKAMP weet dat minister Ollongren van BZK juist heeft gezegd de afschaffing van de hondenbelasting niet landelijk te zullen regelen voor alle gemeenten. Het deel van de opbrengst van de hondenbelasting dat niet aan hondenbeleid wordt besteed bedraagt volgens hem € 25.000,-. Het principiële punt dat de opbrengst naar de algemene middelen gaat en het onderhoud van de buitenruimte, waaronder opruimen van hondenpoep, ook uit de algemene middelen wordt bekostigd, erkent hij. Wat betreft de onrechtvaardigheid om de hondenbezitters extra te belasten wacht hij eventueel een voorstel over invoering van de kattenbelasting af. De heer VEENEMA complimenteert de wethouder en het college met het afvlakken van de meerjarige trends en dat die niet in de rode zone belanden, wat in sterk contrast staat met twee jaar terug. Er zijn ook wel flink wat financiële meevallers geweest, zoals de Eneco-gelden en de vertraging van projecten bij Stadsontwikkeling. De heer STEVENS wijst op de taakstelling van meer dan € 20 miljoen voor de begroting voor de periode van 2024 tot 2029.

De heer VEENEMA bevestigt dat, maar wel ziet hij de trends afvlakken. Over de taakstelling en de effecten op langere termijn gaat de commissie het nog hebben. Omdat de schuldquote en de solvabiliteitsratio in het oranje terecht komen roept hij op om voorzichtig te blijven en de financiële positie van Capelle te blijven versterken. Naast de positieve woorden stelt hij ook een kritische vraag. In de Jaarschijf 2021-2022 staat een verlies van € 814.000,- ingeboekt, maar is geen uitleg gegeven over het compenseren van dat nadeel. Daarop vraagt hij alsnog een toelichting.

Behorende bij commissieverslag BVM, nummer: 408485/544065

pagina: 5 van 13

Hij sluit zich aan bij de kritische woorden over het afschaffen van de hondenbelasting. Die beleidskeuze sorteert al voor op de in de volgende raadsperiode te voeren kerntakendiscussie. Met de afschaffing wordt € 300.000,- aan inkomsten uit de begroting gehaald, maar er is geen verantwoording over het dekken van dat bedrag. Hij vraagt of de portefeuillehouder bereid is om de hondenbelasting voorlopig niet af te schaffen. Ooit was er een discussie over het eerst voteren van middelen en daarna besluiten wat er met die middelen wordt gedaan. Toen is afgesproken dat dat geen goede gang van zaken is. Toch gebeurt het weer in deze voorjaarsnota. Er wordt een herstelplan opgesteld voor de effecten van de coronapandemie. Dat besluit vindt de SGP heel verstandig. Dat herstelplan zou in september gereed moeten zijn en dan pas worden de met het plan gemoeide kosten bekend. Over die kosten valt nu nog niet veel te zeggen, omdat alle schade nog niet bekend is en omdat nog niet bekend is welke middelen exact vanuit de centrale overheid beschikbaar worden gesteld. Daarnaast worden bij enkele onderdelen in de voorjaarsnota al middelen voor het herstel aangeraamd, wat de vraag opwerpt wat er dan nog in herstelplan te financieren is. Er is dus nog wel wat onzekerheid over de benodigde middelen. Toch wordt wel gevraagd om al een bedrag van € 1 miljoen te voteren.

Een verantwoording daarvan volgt dan later wel in het herstelplan. Dat is niet in lijn met de werkwijze van eerst besluiten en dan voteren, dat overigens ook in het coalitieakkoord is opgenomen. De heer LANDZAAD vraagt of de heer Veenema bekend is met het coalitieakkoord op het punt van de hondenbelasting. De heer VEENEMA meent dat daarin staat dat de hondenbelasting afgeschaft moet worden. Dat was een verkiezingsbelofte. Hij begrijpt echter niet waarom de SGP bij het coalitieakkoord wordt betrokken. De heer LANDZAAD deed dat omdat de heer Veenema het coalitieakkoord benoemde, evenals de hondenbelasting als onderdeel van de taakstelling, die in de volgende raadsperiode wordt bediscussieerd. Coalitiepartijen waren echter al voornemens om de hondenbelasting af te schaffen, zodat hij niet ziet waarom die afschaffing in de taakstellingsdiscussie moet worden betrokken. Mevrouw GROENENDIJK-DE VRIES verbaast hetgeen de heer Landzaad zegt omdat de framing van het voorstel over de afschaffing van de hondenbelasting in de krant en de brief is gerelateerd aan corona. Er werd echter niets gezegd over het coalitieakkoord. Het stoort haar dat de coalitie bepaalde zaken alsnog probeert op een andere manier op de agenda te krijgen. De heer LANDZAAD stelt dat de VVD-fractie de voorjaarsnota niet heeft geschreven en heel veel argumenten heeft om tegen de hondenbelasting te zijn.

De VVD wil de hondenbelasting al de gehele collegeperiode afschaffen. Die argumenten blijven staan en corona kan daarbij ook een rol spelen. De heer VEENEMA begrijpt dat de collegepartijen uitvoering willen geven aan het coalitieakkoord, maar wat betreft de hondenbelasting lijkt dat een slechte timing. De SGP is niet principieel tegen het afschaffen van de hondenbelasting, maar het gaat hem meer om de financiële positie van de gemeente en de timing van het voorstel. Hij concludeert dat er onzekerheid is over de benodigde middelen voor het coronaherstelplan, maar toch wordt alvast om een bedrag van € 1 miljoen gevraagd. De verantwoording daarvan volgt later bij het herstelplan, wat naar zijn mening niet in lijn is met de werkwijze van eerst besluiten en dan voteren. De met het herstelplan gemoeide kosten kunnen ook prima in de najaarsnota of zelfs bij de begroting worden ingeboekt. Dan is ongetwijfeld al meer bekend over hoeveel geld echt nodig is en past dat ook veel beter bij de planning. Hij vraagt daarom of de wethouder bereid is te wachten met het voteren van de middelen voor het herstelplan tot tenminste de behandeling van de najaarsnota. De heer BREEPOEL is voorstander van het afschaffen van de hondenbelasting, omdat het volgens hem een oneerlijke belasting is. Als reden is genoemd dat door corona veel mensen een hond als huisdier namen.

Nu verneemt hij weer dat veel mensen van hun hond af willen en hij vraagt hoe daarmee om te gaan, zowel in financiële als morele zin. De heer GEISSLER sluit zich aan bij de woorden van de heer Veenema als het gaat om eerst besluiten en dan pas geld voteren. De collegebrief schetst een tijdpad voor het herstelplan en daarin ziet hij dat de commissie en de raad worden betrokken om kaders te stellen. Er is ook een bijeenkomst op 7 juli gepland, maar dat is een meer informeel overleg, dat over de opzet van het herstelplan gaat. Bij voorkeur wil hij dat overleg in commissieverband laten plaatsvinden, zodat de vakspecialisten kunnen aanschuiven en niet alleen de fractievoorzitters.

Behorende bij commissieverslag BVM, nummer: 408485/544065

pagina: 6 van 13

Burgemeester OSKAM vertelt dat het herstelplan op 4 oktober 2021 in een brede commissievergadering met de raad wordt besproken. Op 1 november 2021 is er een extra raadsvergadering. De heer GEISSLER stelde een vraag over een overleg met fractievoorzitters, collegeleden en de leden van het projectteam op 7 juli 2021 over de opzet van het plan. Wat hem betreft is dat een politiek onderwerp, waarover overleg in de openbaarheid zou moeten plaatsvinden. Burgemeester OSKAM reageert dat het proces vaststaat en het herstelplan met de hele raad in de openbaarheid zal worden besproken. Om te voorkomen dat men tot oktober moet wachten met goede ideeën kunnen fractievoorzitters die alvast op 7 juli aanleveren. Daarbij gaat het om de eerste contouren. De heer GEISSLER ziet in de aanbiedingsbrief dat er vanuit het Rijk meer geld is vrijgemaakt voor jeugdhulp, namelijk € 1,3 miljard. Een bedrag is nog niet verwerkt in de voorjaarsnota en de verdeelsleutel is nog niet bekend. Wellicht kan een bedrag toch meegenomen worden, waarbij rekening wordt gehouden met een veiligheidsmarge. Mevrouw GROENENDIJK-DE VRIES sluit zich aan bij de heren Holkamp en Veenema over de afschaffing van de hondenbelasting en de daarover gestelde vragen. De heer LANDZAAD vraagt of ook de ChristenUnie evenals de SGP geen principieel tegenstander is van de afschaffing van de hondenbelasting.

Mevrouw GROENENDIJK-DE VRIES komt daarop terug. Zij was verbaasd over de framing in de krant over de afschaffing van de hondenbelasting. De VVD heeft al lang de wens om de hondenbelasting af te schaffen, maar dat staat volgens haar niet in het coalitieakkoord. Ook de ChristenUnie houdt van dieren en zij voelt zich ongemakkelijk over het framen van het voorstel. Het in een nieuw jasje gieten van een oude wens heeft haar verbaasd. Gezien de komende kerntakendiscussie en de discussie over efficiency vindt zij het niet gepast om nu met het voorstel te komen over het afschaffen van de hondenbelasting. Het gaat ook om het signaal dat de raad serieus met zaken bezig is. Honden kunnen ook zorgen voor overlast, zoals onlangs was te lezen in de IJssel en Lekstreek. Een hond kost aan hondenbelasting € 80,- per jaar en aan aanschaf tussen € 500,- en € 2.000,-. Volgens haar kopen mensen geen hond omdat ze geen € 80,- aan hondenbelasting kunnen betalen als ze wel het aanschafbedrag kunnen betalen. Daarnaast kost het dier aan eten en inentingen ongeveer € 700,per jaar. Zij kan zich overigens voorstellen dat een huisdier ook een medisch middel kan zijn. De heer JANSON stelt dat die heldere argumenten ook van toepassing kunnen zijn bij een kat als huisdier en vraagt of de ChristenUnie dan ook voor een kattenbelasting is.

Mevrouw GROENENDIJK-DE VRIES heeft daartoe niet per se een aandrang, maar legt nu uit waarom zij momenteel tegen het afschaffen van de hondenbelasting is. Voorts wijst zij op de gang van zaken in Oostbloklanden met puppyhandel. De gemeente zou dus niet per se hondenbezit moeten stimuleren, vanwege de negatieve kanten die eraan vast zitten. Haar bezwaar tegen het afschaffen van de hondenbelasting heeft alles met timing te maken. De hondenbelasting is een van de weinige belastingen die de gemeente zelf kan innen. Volgens haar betalen mensen belasting omdat een overheid allemaal nuttige dingen doet, waarvoor mensen inkomsten moeten genereren. Daarbij wordt gekeken welk voordeel zij hebben, zoals een hond en een huis. In deze tijd de hondenbelasting afschaffen noemt zij niet verstandig. Wat betreft de toeslagenaffaire vernam zij dat er nog meer stagnatie is bij het betalen van de € 30.000,vergoeding aan de slachtoffers. Zij informeert naar de stand van zaken daarvan. Zij vraagt vervolgens waarom de inzet van de assistent-stadsmarinier Schollevaar in maart 2021 is beëindigd. Verder is zij benieuwd waarom op bladzijde 6 iets is vermeld over duurzaamheid dat teruggaat tot 2019. Bladzijde 7 van de aanbiedingsbrief vermeldt dat de werkwijze en inhoudelijke uitwerking van het programma Buitenruimte passen bij de grote ontwikkelingen in de gemeentelijke organisatie.

Spreekster wil weten wat dan onder de Capelse manier van werken wordt verstaan. Op pagina 9 van de aanbiedingsbrief staat dat de risico’s op basis van de voorjaarsnota iets zijn afgenomen ten opzichte van de jaarrekening, mede door een wijzigingsvoorstel in de voorjaarsnota. Zij vraagt of met dat wijzigingsvoorstel het structurele verhaal over extra jeugdhulp is bedoeld. De heer LANDZAAD verwoordde daarnet het coalitieakkoord niet helemaal juist met betrekking tot het afschaffen van de hondenbelasting. De verwarring bij hem is een beetje ontstaan door de ambities die telkens in de verschillende P&C-cycli zijn opgenomen.

Behorende bij commissieverslag BVM, nummer: 408485/544065

pagina: 7 van 13

De heer STEVENS merkt op dat in het coalitieakkoord staat dat het bestrijden van grotere ergernissen, zoals overlast door hondenpoep, een prioriteit blijft. Hij wil het in zijn eerste termijn hebben over wat grotere relevante thema’s voor de commissie BVM. Daarbij sluit hij zich aan bij de heer Holkamp wat betreft het geschetste beeld over de gemeentelijke financiële situatie. Ook kan hij zich volledig aansluiten bij de heer Veenema. De heer HOLKAMP is benieuwd waar de heer Stevens bij hem aansluit en op welke punten bij de heer Veenema, omdat hij op bepaalde vlakken met de heer Veenema van mening verschilt. De heer STEVENS sluit zich bij de heer Holkamp aan als het gaat om het accres. De baat van € 2,5 miljoen kan fluctueren, zodat hij voorstander is van behoedzaamheid. De koerswijziging daarop heeft hem verrast en daarop verzoekt hij de wethouder te reflecteren. Wat betreft het coronaherstelplan sluit hij zich aan bij de SGP: eerst bespreken en dan geld voteren. De raad bespreekt het coronaherstelplan op 1 november 2021 en het te voteren bedrag zou dan in de najaarsnota kunnen worden opgenomen. Zijn laatste punt gaat over de algemene vergadering van Stedin en of de raad voor het kopen van preferente aandelen € 3,8 miljoen of € 7,6 miljoen moet vrijmaken. Hij vraagt of de wethouder daarvan een update kan geven.

De heer LANDZAAD lijkt het een goed voorstel om panden met een waarde vanaf € 4 miljoen opnieuw te taxeren en tegelijkertijd de inventaris mee te nemen. Daarbij worden ook onderwijspanden meegenomen. Wellicht is dan ook een blik te werpen op de bouwkundige staat, zodat is na te gaan of vanuit onderwijsorganisaties ook wordt voldaan aan de onderhoudsverplichting richting de gemeente. De inkoopdiagnose brengt structurele kosten met zich mee en hij vraagt of die diagnose ook baten oplevert die groter zijn dan de kosten. Wethouder VAN VEEN meent dat het zeer onredelijk zou zijn om € 1 miljoen voor het coronaherstelplan niet in de voorjaarsnota op te nemen. Er wordt niet gevoteerd voor besluitvorming, omdat het besluit later volgt. De heer STEVENS vraagt wat de wethouder bedoelt met ‘onredelijk’. Wethouder VAN VEEN kwalificeert namens het college het wachten met het voteren van geld tot november als mosterd na de maaltijd. De heer HOLKAMP begrijpt dat de raad het coronaherstelplan op 1 november a.s. vaststelt en het bedrag voor 2021 is bedoeld. Hij verwacht niet dat miljoen in 2021 nog op te maken. Misschien is het beter een lager bedrag voor 2021 te voteren en de rest voor 2022. Wethouder VAN VEEN legt uit dat het college € 1 miljoen beschikbaar wil hebben. Als er middelen overblijven zijn ze ongetwijfeld mee te nemen naar 2022. Hij ziet daar geen enkel probleem in.

De heer Holkamp informeerde naar een overschot bij de taakvelden, waarvan hij een overzicht kan aanleveren over de afgelopen vier jaar. Hij wijst erop dat de hondenbelasting geen doelbelasting is en op de opbrengst nog ambtelijke kosten en incasseringskosten in mindering worden gebracht. Het aantal honden nam in coronatijd toe, terwijl het aantal honden waarvoor hondenbelasting werd betaald afnam. Als er geen controle op de hondenbelasting plaatsvindt neemt het aantal honden waarvoor hondenbelasting wordt betaald af. Ook vraagt hij zich af of het in deze tijd nog wel gemeengoed is dat ambtenaren aan deuren aanbellen en ter controle vragen of het huishouden een hond heeft. Dat komt niet plezierig over. Wat betreft de taakstelling heeft de pandemie het college verrast en parten gespeeld. De heer STEVENS wijst erop dat een budget voor de taakstelling al in de najaarsnota van 2019 is opgenomen. De situatie was dus al voor de pandemie zo zorgelijk dat richting 2029 een taakstelling van € 20 miljoen in paragraaf 0.10 van de najaarsnota van 2019 is meegegeven. De opmerking dat de pandemie het college heeft verrast vindt hij daarom niet het juiste beeld geven.

Wethouder VAN VEEN vervolgt dat het college heeft nagedacht over het buiten schot houden van mensen aan de financiële onderkant van de maatschappij, waartoe een kapitaalslastenreserve is bedacht en het scherp aan de wind zeilen met een doelmatigheidsonderzoek. De bedragen die de heer Stevens noemt kloppen volgens hem niet. De heer HOLKAMP herinnert aan het besluit genomen aan het begin van de raadsperiode tot het instellen van de werkgroep Structurele Investerings Ruimte (SIR), juist vanwege het voorzien van financiële problemen. Het eerste advies van de werkgroep SIR uit april 2019 omvatte het maken van een kadernota voor het starten van een kerntakendiscussie, welk advies het college lang heeft laten liggen. Daarop sloeg zijn opmerking over het college dat de tijd door de vingers heeft laten glippen. Daarop hoort hij graag een reflectie van de wethouder.

Behorende bij commissieverslag BVM, nummer: 408485/544065

pagina: 8 van 13

Wethouder VAN VEEN licht toe dat het college de mensen aan de onderkant van de maatschappij wil beschermen en voor de lange termijn een sluitende cijferreeks wilde neerleggen. De heer HOLKAMP stelt dat er al veel eerder gewerkt moest worden aan een kerntakendiscussie. Wethouder VAN VEEN verwijst nogmaals naar de voorliggende antwoorden en vervolgt met de beantwoording van de in eerste termijn gestelde vragen. Wat betreft de ratio’s voor de Eneco-gelden zou men bij een nog lagere rente nog minder kunnen uitpakken. Het college is uitgegaan van de destijds gemaakte berekeningen die de raad heeft geaccepteerd. Zo is het college op € 20 miljoen uitgekomen. Meer kan hij daarover niet zeggen. Het steeds veranderen van dat bedrag bij een rentewijziging heeft weinig zin. Het lagere dividend is overigens structureel in de cijfers verwerkt en dat is ook na te gaan. De cijfers van de meicirculaire zegt hij op 29 juni a.s. toe. Het EMU-saldo van nul verschuift steeds naar de toekomst, maar dat loopt wel terug, hetgeen ook de bedoeling is conform wat de provincie van de gemeente Capelle verwacht. Vervolgens gaat hij in op de vraag over het afschaffen van de stelpost accres en of dat wel past bij een solide begrotingsbeleid en niet leidt tot dagkoersen. Het college heeft bewust gekozen om die stelpost op deze wijze te verwerken en dat vindt het college alleszins verantwoord. Het.

ICT-meerjarenplan ligt bij de GR IJsselgemeenten en moet aan de commissie aan te leveren zijn. Wat betreft ICT-beveiliging is het beveiligingsplan van de week door de GR behandeld, zodat dat ook leverbaar moet zijn. Het negatieve saldo van € 814.000,- komt ten laste van de algemene reserve. Hondenbelasting wordt geboekt vanuit het rekeningsaldo en er is nimmer dekking voor individuele posten. De heer Breepoel informeerde hoe om te gaan met mensen die van hun hond af willen. In dat verband heeft hij daarvoor als wethouder Financiën geen oplossing. De rijksgelden van € 1,3 miljard voor jeugdhulp zijn bedoeld voor 2022 en kan hij niet in de voorjaarsnota opnemen. Hij verzoekt mevrouw Groenendijk de vraag over pagina 6 van de aanbiedingsbrief als technische vraag in te dienen. Onder de Capelse manier van werken verstaat hij de wijze waarop het college werkt: rechtstreeks en snel. De afdeling Financiën is bezig met strakker begroten. Ten aanzien van de aankoop van preferente Stedin-aandelen krijgt Capelle het dubbele aantal. Onderwijspanden worden op een gegeven moment aan de gemeente teruggegeven en bezien moet worden of reserves ook teruggaan. Daarover zijn met het onderwijsveld afspraken gemaakt. Wat betreft de inkoopdiagnose heeft de gemeente met een paar flinke zeperds te maken gehad. Bij een project aan de Capelseweg liepen aannemers weg, omdat ze failliet waren.

De verbouwing van het gemeentehuis werd later opgeleverd, waardoor de gemeente vervangende huisvesting moest huren. Het advies van de Rekenkamer is overgenomen en de inkoop zal tegen het licht worden gehouden. De afgenomen risico’s vanwege een in de voorjaarsnota opgenomen wijziging betreffen het dividend van Stedin en het Wmo-leerlingenvervoer. Mevrouw GROENENDIJK-DE VRIES kondigt aan hierover nog een technische vraag te stellen. Burgemeester OSKAM vult aan dat de Capelse manier van werken komt vanuit het organisatieontwikkeltraject, dat drie pijlers kent. De eerste pijler is de basis op orde. De tweede pijler is echt investeren in persoonlijk leiderschap, het management en mensen die zich willen doorontwikkelen. De derde pijler betreft wendbaar te willen organiseren om de Capellenaren zo goed mogelijk van dienst te zijn. Die manier van werken is dit jaar ingegaan bij de aanstelling van de nieuwe gemeentesecretaris. Die geeft nu leiding aan het implementatietraject. De assistent-stadsmarinier van Schollevaar hield zich bezig met Antilliaanse jongeren, maar er was geen geld voor nog meer uren, zodat daarmee is gestopt. Mevrouw GROENENDIJK-DE VRIES vraagt of de huidige stadsmarinier zijn werk zonder assistent aan kan. Burgemeester OSKAM beantwoordt deze vraag bevestigend en wijst op de jongerenwerker van de Stichting Welzijn Capelle waarmee de benodigde expertise in huis is.

Wethouder mevrouw HARTNAGEL licht toe dat toeslagenaffaire vanwege de nieuwe ontwikkelingen onduidelijker en onzichtbaarder wordt en de kwestie steeds langer gaat duren. Nu wordt bezien hoe de uitbetaling werkt. Het is een enorme klus. Het team is met één persoon uitgebreid om de gesprekken aan te gaan. Er wordt gedaan wat mogelijk is en de gemeente is bereikbaar.

Behorende bij commissieverslag BVM, nummer: 408485/544065

pagina: 9 van 13

Tweede termijn De heer HOLKAMP constateert dat een flink aantal toezeggingen is gedaan over een aantal toe te sturen documenten, namelijk: 1. een overzicht van de overschotten van de afgelopen vier jaar; 2. de meicirculaire; 3. het meerjarenplan ICT van de GR IJsselgemeenten; 4. het beveiligingsplan automatisering GR IJsselgemeenten. Hij kan leven met een overzicht van de overschotten van de taakvelden van de afgelopen vier jaar. Wat betreft het verschuiven van het EMU-saldo van nul memoreert hij dat in 2016 ook werd gedacht dat het saldo in 2020 naar nul zou gaan. Het nulsaldo komt echter niet dichterbij en daardoor blijft de gemeente bijlenen. Daarom kijkt hij anders naar de financiële situatie dan andere commissieleden. Hij hoopt dat het besluit over het accres een bewuste keuze van het college is geweest en niet zomaar is ontstaan. Een inhoudelijk antwoord waarom de gemeente teruggaat naar dagkoersen is echter niet gegeven. Hij onderschrijft dat ook andere dieren dan honden overlast geven, zoals duiven. Als de wethouder die overlast kan beperken door op die dieren belasting te heffen kan die op zijn steun rekenen. De heer VEENEMA volgt de beantwoording van de portefeuillehouder op zijn vragen niet volledig, maar neemt die mee terug naar zijn fractie. Vermoedelijk zal de SGP in de raadsvergadering amendementen indienen.

Mevrouw GROENENDIJK-DE VRIES beluistert van de wethouder dat hondenbelasting niet meer van deze tijd is, omdat mensen die belasting soms toch niet betalen en ambtenaren niet meer ter controle langs deuren kunnen gaan. Dat begrijpt zij echter niet. Wethouder VAN VEEN beantwoordt de vraag over het accres met de opmerking dat het college reëel raamt voor de algemene uitkering, wat ook wordt verwacht. Het standpunt van het college over de hondenbelasting is ook het standpunt van 50% van de andere gemeenten in Nederland. Men kan daarover dus van mening verschillen. Mevrouw GROENENDIJK-DE VRIES constateert dat de wethouder geen antwoord op haar vraag heeft gegeven. Schorsing (22.30 - 22.36 uur). Mevrouw GROENENDIJK-DE VRIES heeft van de controller antwoord gekregen op haar vraag over de risicoparagraaf, waarbij is gesproken over een verminderd risico door het wijzigingsvoorstel in de voorjaarsnota. De controller bevestigde haar dat het gaat over het risico van het dividend van Stedin, dat nu lager is door opname van het voorstel in de voorjaarsnota. Tegelijkertijd is ook sprake van een lager risico bij de aanbesteding van Wmo-leerlingenvervoer door het meevallen van de aanbesteding. De aangekondigde technische vraag hoeft zij daardoor niet meer te stellen.

Programma 0: Bestuur en Ondersteuning en aanbiedingsbrief exclusief de financiële onderdelen De heer SCHAATSBERGEN complimenteert het college en de ambtelijke organisatie met de voorjaarsnota, evenals de Capelse instellingen die in Capelle goed werk verrichten. Wat betreft corona hebben het CJG en de GGD puik werk gedaan. De vaccinatiebereidheid is in Capelle 87%, waaraan de beide organisaties een behoorlijke bijdrage leveren. Mevrouw Groenendijk complimenteert hij als voorzitter van de Auditcommissie met het traject om te komen tot de nieuwe aanbesteding van de accountantsdienst. Alles wat de raad wil heeft een impact op de griffie. De raad is ook werkgever van de griffie, die voor € 70.000,- extra in de voorjaarsnota staat, wat onvermijdelijk is vanwege alle werkzaamheden die de griffie heeft gedaan en nog zal blijven doen. De griffie heeft in alle omstandigheden willen en kunnen leveren, wat een behoorlijke impact heeft en daaraan hangt ook een prijskaartje. In Rotterdam is er wat onduidelijkheid over de dekkingsgraad van AED’s wat betreft de maximale afstand van 500 meter en de dekking gedurende 24 uur per dag, zeven dagen per week. Hij informeert naar die dekkingsgraad in Capelle aan den IJssel.

Behorende bij commissieverslag BVM, nummer: 408485/544065

pagina: 10 van 13

Leefbaar Capelle heeft met de VVD een motie ‘Participatie in de mist’ ingediend ter invoering van de Participatieverordening. Die is in de voorjaarsnota genoemd voor medio november en hij vraagt of dat tijdsframe nog steeds is aan te houden. Hij is verder aangenaam verrast om voor het dividend van Irado voorzichtig te ramen en niet de volledige € 7,6 miljoen en het bijbehorende dividend in de voorjaarsnota op te nemen, wat volgens hem een utopie is. Leefbaar Capelle is voorstander van afschaffing van de hondenbelasting, die ooit in het leven is geroepen ter bestrijding van hondsdolheid. Hij is blij met de discussie in Den Haag daarover. De overgrote meerderheid van de Tweede Kamer is ook voorstander van afschaffing van de hondenbelasting. De heer LANDZAAD sluit zich aan bij de complimenten van de heer Schaatsbergen aan het CJG en de GGD, evenals de complimenten aan de griffie. Hij ziet uit naar het debat over de hondenbelasting in de gemeenteraadsvergadering. De heer HOOIJKAAS zegt dank aan de griffie voor het verrichte werk en sluit zich aan bij de complimenten. Big data bieden veel mogelijkheden. Hij is daarop niet tegen, maar vindt dat moet worden gekeken naar een informatief beleid. Belangrijk is zorgvuldig om te gaan met informatie en privacy van de Capellenaren. De heer VEENEMA sluit zich aan bij alle dankwoorden.

De heer GEISSLER vraagt zich af de rol van de functionaris gegevensbescherming bij het datalab en big data die van een actief deelnemer moet zijn en of die meer passief zou moeten zijn. Mevrouw GROENENDIJK-DE VRIES vraagt of inmiddels een goedkeurende accountantsverklaring is ontvangen. Zij is blij met het zoeken van een oplossing voor de toegang van de fietskelder. Het uitvoeren van een inkoopdiagnose eens in de twee jaar heeft haar instemming, een mooie invulling van de adviezen bij het rapport ‘Grip op inkoop’. Zij is het niet eens met het afschaffen van de hondenbelasting. Volgens haar was de reden om hondenbelasting in te voeren het financieren van de armenhulp. Als de minister terughoudend is om zich te bemoeien met gemeentelijke inkomstenbronnen zouden raadsleden dat niet als argument moeten aanhalen. Verder zijn gemeenten vrij om hierin hun eigen beleid te voeren. De heer STEVENS geeft ook complimenten aan de griffie en is trots op de GGD en het vaccinatiecentrum, waarover Capelle als een van de eerste gemeenten beschikte. Ook hij vond de positionering van de functionaris gegevensbescherming opvallend. De Autoriteit Persoonsgegevens heeft een document over het eigen positioneren geschreven en die pleit voor het uitgangspunt dat voorkomen beter dan genezen is.

De organisatie zou de functionaris gegevensbescherming daarom in een vroeg stadium moeten betrekken bij de doorontwikkeling van producten en diensten. Tegen die achtergrond begrijpt hij een actieve positionering. Bij de Omgevingswet zijn er bepaalde verplichtingen voor het datagebruik. De Wet open overheid wordt waarschijnlijk volgend jaar doorgevoerd. Dat maakt dat de gemeente een actieve openbaarmaking van gegevens voor externen en inwoners moet bieden. Daarom moedigt hij de organisatie aan om die omwenteling te maken, ook omdat hij leest dat de gemeente tot nu alleen maar open data op het portaal plaatst wanneer er van externe partijen vragen op komen. Burgemeester OSKAM gaat de dekking van de AED-dekking uitzoeken en kondigt aan in een collegebrief de dekkingsgraad aan te geven. De invoering van de Participatieverordening verloopt volgens schema. Met de commissie wil hij die gaan bespreken. Voor of kort na de zomervakantie kondigt hij een tussenbericht over de stand van zaken aan. Wat hem betreft is de verordening in november klaar. Hij denkt dat de opmerkingen van de heren Geissler en Stevens over de functioneel gegevensbeheerder juist zijn en die zinsnede misschien wat ongelukkig is opgeschreven. De functie is een beetje gelijk aan die van een controller. Een controller controleert en geeft tips. Hetzelfde geldt voor de functioneel gegevensbeheerder.

Als het fout gaat leidt die het onderzoek, maar in de tussentijd geeft die voorlichting en adviezen. Het woord ‘beheerder’ kan worden vervangen door ‘adviseur’.

Behorende bij commissieverslag BVM, nummer: 408485/544065

pagina: 11 van 13

De heer VAN DIJK gaat in op de vraag van mevrouw Groenendijk over de accountant. Vanuit de directeur van de GR richting het RBZ heeft een escalatie plaatsgevonden, zodat de controlerende accountants met elkaar in contact konden treden. Die escalatie heeft vrijdag 25 juni 2021 plaatsgevonden. Er zijn afspraken gemaakt om vrijdag 2 juli 2021 de reviews te laten plaatsvinden gericht op het afgeven van een controleverklaring op 6 juli 2021 door de GR. Als die controleverklaring is afgegeven en ook de controle op het CJG is afgerond kan er ook een definitieve controleverklaring vanuit de gemeentelijke accountant komen. Dat alles lijkt voor de raadsvergadering van 12 juli 2021 te gaan lukken. Dat alles onder voorbehoud van een goede review. Programma 1: Integrale Veiligheid en Openbare Orde De heer STEVENS kijkt uit naar de collegebrief over de wijkveiligheidsplannen en vindt de hoeveelheid activiteiten op het thema fijn te lezen, evenals de overlegstructuren. Wel is hij benieuwd naar de effectiviteit van de activiteiten. Hij is ingenomen met de openheid en transparantie in programma 1. Mevrouw GROENENDIJK-DE VRIES vraagt of het aantal winkeldiefstallen in 2020 niet is gemeten. De heer GEISSLER kijkt uit naar de grootschalige vuurwerkshow die in programma 1 is opgenomen.

De heer HOOIJKAAS krijgt uit verschillende buurten opmerkingen dat buurtpreventieteams niet lopen zoals het zou moeten en vraagt of het daarmee goed gaat en of de bezetting daarvan nog wel goed is. Hij krijgt signalen dat ze niet altijd de ondersteuning krijgen op het gebied van materialen. Ook mist hij een stukje waardering voor de buurtpreventieteams, zoals bij Kerstmis en Pasen. Capellenaren zijn bereid om aan allerlei zaken mee te doen, zoals preventieapps. Die preventieteams en deelname aan apps zouden groter moeten worden en dat zou opgepakt moeten worden door mensen in het sociaal domein. Het aantal gewelds- en seksuele misdrijven is sinds het tweede jaar toegenomen en is opgelopen ten opzichte van het landelijk gemiddelde, waarover hij zich lichte zorgen maakt. Hij wil weten of er daarvoor een plan van aanpak is. De heer LANDZAAD pleit voor een extra grafiekje, over de huidige politieformatie, de beloofde formatie en gewenste formatie. De heer JANSON blijft zich inzetten voor de objectieve en subjectieve veiligheid en vindt het mooi om te zien dat alle onderdelen van het programma op grijs staan: alles verloopt volgens planning. Dat is in een coronajaar niet vanzelfsprekend. Hulpverleners hadden het zwaar en daarom wil hij met gas erop doorgaan.

In het Valerius- en Reviusrondeel loopt het project ‘Wens en wacht’, waarbij mensen via een motivatiebrief kunnen solliciteren naar een woning. Daarover heeft hij ooit een motie ingediend. Daarover wil hij graag informatie hebben, zodat hij kan inventariseren of die methode in meer complexen toe te passen is. Verder vraagt hij aandacht voor de algemene inzet van hulpverleners en politie. Binnen de eenheid Rotterdam spelen de volgende problemen: - operationele capaciteit; - onvoldoende studenteninstroom; - opvang van nieuwe agenten; - diversiteitsbeleid. Hierover denkt Leefbaar Capelle aan het indienen van een motie om de burgemeester in positie te brengen, zodat die deze zaken op het betreffende niveau iets sterker aan kan zetten. De heer LANDZAAD vraagt of de motie zodanig wordt ingestoken dat meerdere gemeenten zich daarbij kunnen aansluiten teneinde een wat sterkere vuist te kunnen maken. De heer JANSON vindt dat een goede tip en streeft in elk geval naar een raadsbrede motie, zodat de burgemeester maximale ruggensteun heeft. Wethouder mevrouw HARTNAGEL is blij verrast over openheid en de wijze van invulling geven. Het is erg moeilijk om de deelname aan apps te vergroten, omdat elke app op zichzelf staat. De heer HOOIJKAAS denkt dat heel veel communicatie extra informatie kan opleveren.

Bij meer mogelijkheden om mensen goed te infomeren zijn ze beter in staat om de juiste informatie door te geven aan diverse kanalen.

Behorende bij commissieverslag BVM, nummer: 408485/544065

pagina: 12 van 13

Wethouder mevrouw HARTNAGEL noemt het enige wat men kan doen is apps delen op sociale media. Zij wil daaraan graag meewerken. Zij wil de buurtpreventieteams complimenteren met hun inzet. Waardering gebeurt met een etentje, maar in verband met corona heeft dat niet plaatsgevonden. Over ‘Wens en wacht’, toewijzing van woningen, gaat zij net niet, maar wel wethouder Struijvenberg. Burgemeester OSKAM deelt mee dat het CBS nog geen cijfer heeft doorgegeven over de winkeldiefstallen in 2020. Veel winkels waren toen gesloten. Hij houdt de commissie op de hoogte van deze cijfers. Zedendelicten zijn er in verschillende soorten en maten en het aantal is gestegen van 58 naar 60. Een plan van aanpak is lastig te maken. Bij onveilige plekken kunnen camera’s komen, handhaving of kunnen die meegenomen worden in de surveillance. Regelmatig bespreekt hij het onderwerp met de politie. In oktober wil hij de politiechef in een commissievergadering uitnodigen, waarbij hij vraagt de vragen tevoren aan te leveren. Mevrouw De MIK wijst erop dat een werkbezoek aan politie en brandweer bij de raadsreis al in het najaar is ingepland. Burgemeester OSKAM voelt niet zo veel voor een extra grafiek over de politieformatie, waarop de gemeente geen invloed heeft. Hij kan alleen daarvoor aandacht vragen bij het dagelijks bestuur van de politie. De capaciteit schommelt per dag.

Een goede graadmeter is het aantal wijkagenten, dat 1 per 5.000 inwoners zou moeten zijn. De politiecapaciteit is een verdeling van schaarste. De motie aangekondigd door de heer Janson is sympathiek en neemt hij mee, maar alle burgemeesters willen wat daarin staat. De VOORZITTER constateert dat het voorstel wordt doorgeleid naar de lijst met bespreekstukken van de komende raadsvergadering. Als nog aan te leveren stukken aan de raad vermeldt hij: - een overzicht van de overschotten op de taakvelden in de afgelopen vier jaar; - de meicirculaire via een collegebrief; - meerjarenplan automatisering ICT GR IJsselgemeenten; - beveiligingsplan ICT GR IJsselgemeenten. De vraag over de dekkingsgraad AED’s zal doorgespeeld worden naar wethouder Wilson en daarop zal via een collegebrief worden geantwoord. De burgemeester heeft aangegeven dat het tijdpad voor de Participatieverordening volgens schema verloopt, maar dat nog een tussenbericht zal volgen over de concrete stand van zaken. De heer VAN LEUVEN verduidelijkt het tijdpad van de Participatieverordening. Raadsbehandeling is in november a.s. bezien. In oktober liggen de verordening en visie bij de gecombineerde commissie SOB/BVM voor. Na de zomervakantie worden de concepten daarvan besproken door de raadswerkgroepen. 6. Rondvraag De heer GEISSLER vraagt om een doorkijk van de capaciteit van de politie voor evenementen in 2022.

Bij problemen over de capaciteit kan er wellicht een helder afwegingskader komen over welke evenementen in 2022 wel en niet kunnen doorgaan. Burgemeester OSKAM kan de vraag niet echt beantwoorden. In de regionale politie-eenheid moet de schaarste en de sterkte van de politie worden verdeeld. Dit jaar heeft de politie bijna geen verlof genomen. Organisatoren kunnen een vergunning aanvragen en daarover moet de gemeente adviseren. De Veiligheidsregio en de evenementencoördinator van de politie kijken daarnaar. Hij zal alles eraan doen om evenementen in 2022 mogelijk te maken en denkt na corona naar een nieuwe werkelijkheid te gaan. Misschien is meer inzet van particuliere beveiliging nodig. 7. Sluiting De VOORZITTER sluit om 23.26 uur de vergadering. Aldus vastgesteld in de vergadering van de commissie Bestuur, Veiligheid en Middelen van 13 september 2021, de secretaris, de voorzitter,

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10498218/1