CConstaterende datBunschoten
Koppel je AI →
Document · PDF

SM 1168069 bijlage Toelichting en analyse 2021

Commissie Bestuur en Financiën 12 mei 2022, gemeente BunschotenBij agendapunt: Mededelingen en rapportage samenwerkingsverbanden1.282 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Analyse/ toelichting op Burgerpeiling WSJG 2021 Inleiding Van eind oktober 2021 t/m begin december 2021 is het onderzoek waarstaatjegemeente.nl uitgevoerd. Dit onderzoek voert de gemeente Bunschoten tweejaarlijks uit sinds 2007. In 2021 hebben ruim 700 respondenten meegewerkt. De Burgerpeiling is initiatief van VNG Realisatie en is een gevalideerde modelvragenlijst en onderzoeksmethodiek voor inwoneronderzoek. Het onderzoek heeft als doel een relatie te leggen tussen enerzijds sociale buurt- en persoonskenmerken en anderzijds de beleving van de leefomgeving en de mogelijkheden van de burger om bij te dragen aan buurtparticipatie, burenhulp, vrijwilligerswerk en mantelzorg. De volgende vier maatschappelijke thema’s komen in de Burgerpeiling aan bod: • Woon- en leefomgeving • Relatie burger-gemeente • Dienstverlening • Zorg en welzijn Toelichting en analyse scores (p.4 en 5) De resultaten van alle voorgaande deelnames 2007-2019 zijn positief en in relatie tot referentie gemeenten bovengemiddeld. De resultaten van 2021 zijn positiever dan in 2019. Waar we ten opzichte van 2017 in 2019 een iets minder positiever beeld zagen op een aantal thema's, zien we nu juist weer een stijging. Met name de stellingen bij het thema relatie inwoner-gemeente.

Niet bekend is welke invloed corona heeft als er een verandering wordt geconstateerd, maar bij een aantal vragen zien we wel een logische ontwikkeling (bijv. wijze van contact met de gemeente, aandacht voor buren in een zorgwekkende situatie, en bereidheid om boodschappen te doen voor buren). Opvallende scores of ontwikkelingen per thema. Woon en leefomgeving Positief: “Buurtbewoners staan altijd voor elkaar klaar”, “buurtbewoners gaan op een prettige manier met elkaar”, “Straten, paden en trottoirs zijn goed begaanbaar” worden beter/ hoger gewaardeerd. Op de drie stellingen ten aanzien van de leefbaarheid zien we positieve stijging ten opzichte van 2019 en meer inwoners zijn (zeer) tevreden met de speelvoorzieningen. Negatief: “in mijn buurt is voldoende parkeergelegenheid” wordt opnieuw door minder mensen met (helemaal) eens beantwoord. “Winkels voor dagelijkse boodschappen zijn voldoende nabij” ligt onder het landelijke gemiddelde. In mijn buurt is voldoende groen wordt door minder inwoners met (helemaal) eens beantwoord, en iets minder inwoners zijn (zeer) tevreden over de (gezondheids-) zorgvoorzieningen dan twee jaar geleden Ook vallen twee scores op in relatie tot lange termijn perspectief. Mijn buurt is schoon wordt met 65% helemaal eens beoordeeld ten opzichte van 60% in 2019. In 2017 was dit 68%. Bij referentiegemeenten ligt deze score hoger (69%).

“Perken, plantsoenen en parken zijn goed onderhouden” wordt door 58% met (helemaal) eens beantwoord. In 2019 was dat 50%. En in 2017 (57%). Bij referentiegemeenten is dat 60%. Met de constructieve ontwikkelingen ten aanzien van de onderlinge omgang en het voor elkaar klaarstaan kan met oog op het “uitdaagrecht” en het stimuleren van initiatieven de leefbaarheid verder worden vergroot.

Er zijn meer mensen die overlast ervaren ten opzichte van 2019. We hebben ook vaker thuis gewerkt of verbleven in de avonden. We voelen ons er meer veilig dan in 2019, maar ervaren meer onveilige verkeerssituaties dan twee jaar geleden. Opmerkingen over parkeren zijn niet nieuw. De score neemt opnieuw af qua voldoende parkeergelegenheid. Het lopende parkeeronderzoek moet hierover nog meer duidelijkheid geven. Iedereen zet het liefst zijn auto zo dicht bij mogelijk waar hij moet zijn. Inzet van de BOA’s vindt ook plaats op fout parkeren, omdat dat een onderwerp is waarover relatief meer wordt gesproken, bijvoorbeeld ook op bewonersavonden. Als het gaat om te hard rijden in woonwijken kunnen BOA’s daarop niet handhaven. In de wet is deze taak bij de politie neergelegd. Als het überhaupt gaat om de inzet van BOA’s is vooral zichtbaarheid een belangrijk uitgangspunt. Zichtbaarheid van BOA’s draagt bij aan het veiligheidsgevoel van onze inwoners. In het Integraal Veiligheidsplan is één van de prioriteiten jongerenoverlast. Daarop worden specifiek de BOA’s ingezet en wordt zoveel mogelijk, samen met jongerenwerk, de verbinding met jongeren gezocht. In zijn algemeenheid kan worden gesteld dat de scores ten aanzien van Openbare Orde en Veiligheid goed zijn Inwoners van Bunschoten houden van netjes, schoon en verzorgd.

De lat voor de openbare ruimte wordt hoog gelegd: Bunschoters wensen een hoog onderhoudsniveau. De roep om meer groen in de buurt horen we ook in de praktijk. Bij herontwikkeling van buurten proberen wij hier ook op in te spelen. We streven er na om wijken klimaat adaptief in te richten en meer groen te creëren. Dit aandachtpunt staat altijd onder spannen omdat mensen ook graag meer parkeerplaatsen willen. Goed om te lezen dat mensen de speelvoorzieningen waarderen en dat de tevredenheid is toegenomen. De afgelopen jaren is hier ook veel in geïnvesteerd. Niet alleen financieel maar ook om bewoners te betrekken bij de inrichting. Het is tot slot relevant te vermelden dat Fixi, het meldingssysteem voor zaken in de openbare ruimte, de hoogste klanttevredenheid van onze inwoners heeft gekregen. Relatie inwoner-gemeente: De scores worden overzichtelijk weergegeven op pag. 21-23 en liggen, op elk onderdeel, ver boven referentiegemeenten! De scores zijn goed en vertonen anderzijds herstel ten opzichte van 2017. In 2019 liepen tijdens het onderzoek de onderhandelingen voor een nieuwe coalitie. Het college was vlak voor aanvang van het onderzoek gevallen. Dat was in 2019 mogelijk een verklaring voor de tijdelijke daling. Significant positief tot eerdere deelnames vallen de o.a.

de scores* op ten aanzien van ‘flexibele opstelling indien nodig, het luisteren naar de mening van inwoners, het betrekken van inwoners bij plannen ed. en ruimte krijgen om ideeën en initiatieven te realiseren. Het aspect wat minder scoort is dat meer respondenten zijn het (helemaal) oneens met de stelling ‘voldoende toezicht op het naleven van de regels door de gemeente’. Gemeentelijke Dienstverlening De gemeentelijke dienstverlening wordt hoger gewaardeerd dan twee jaar geleden De score voor gemeentelijke dienstverlening is toegenomen met 0,3, terwijl landelijk iets minder waardering juist worden gegeven (-0,1) . Alle onderliggende stellingen (zie p.26 rapport) scoren bovengemiddeld ten opzichte van de referentiegemeenten. Voor een gedetailleerd overzicht ten opzichte van 2019 zie p.27-29 van het rapport. Er zijn geen significante afwijkingen positief noch negatief. Ten aanzien van de dienstverlening worden de ruime openingstijden en het meedenken met de klant gewaardeerd.

Zorg en Welzijn Het thema Zorg en welzijn is met een 7,2 gewaardeerd, dat is een stijging ten opzichte van de jaren ervoor en blijft bovengemiddeld. Positief: Meer mensen verrichten vrijwilligerswerk en ook meer mensen verlenen mantelzorg dan twee jaar geleden. De groep inwoners die zich soms eenzaam is kleiner geworden ten opzichte van 2019. Ook het aantal respondenten dat matige belemmeringen ervaart op het gebied van taal en cultuur is afgenomen. Negatief: Meer mensen in vergelijking met 2019 ervaren een lichte tot ernstige belemmering ten aanzien van hun geestelijke gezondheid om aan het maatschappelijk leven deel te nemen. Ook hebben meer respondenten lichte belemmeringen in hun lichamelijke gezondheid. De invloed van corona zal zich ook zeer waarschijnlijk hier laten gelden. Op landelijk niveau is het bekend dat er een toename is in GGZ-problematiek. Minder mensen in het onderzoek hebben vertrouwen in de toekomst maar anderzijds geven meer mensen aan (makkelijk) door moeilijke tijden heen te slaan. Ten aanzien van mantelzorg herkent de gemeente het beeld qua intensiteit. Bepaalde zorgverlening (zoals dagactiviteiten, wijkverpleging, welzijnsactiviteiten) heeft in de tijd van corona onder druk gestaan, waardoor er meer beroep werd gedaan op mantelzorgers. Mantelzorgondersteuning en respijtzorg blijven van belang.

Conclusies: • Voor de Woon- en leefomgeving is breed genomen goede scores. De lat voor het onderhoud ligt hoog bij de inwoners. • De relatie inwoner-gemeente is sterk verbeterd sinds laatste deelname. Het betrekken van inwoners en het zoeken van de samenwerking zijn sterke punten. • De gemeentelijke (digitale) dienstverlening wordt goed gewaardeerd • Zorg en welzijn wordt hoog gewaardeerd. De resultaten en signalen uit dit onderzoek worden meegenomen in het Beleidskader Sociaal Domein en Adviesraad Sociaal Domein

20220217

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11244937/1