SM 1168001 bijlage Jaarverslag gemeentelijke ombudsman Bunschoten 2021
Tekst van het document
Jaarverslag gemeentelijke ombudsman 2021 Gemeente Bunschoten
Pagina 1 van 8
Inhoud 1.
Inleiding ........................................................................................................................................... 3
2.
Werkwijze ........................................................................................................................................ 4
3.
Ontvangen klachten 2021 ............................................................................................................... 5
4.
Overige activiteiten ......................................................................................................................... 7 Contact met Nationale ombudsman en andere gemeentelijke ombudsvoorzieningen ..................... 7 Media................................................................................................................................................... 7 Overige externe activiteiten ................................................................................................................ 7
5.
Vooruitblik ....................................................................................................................................... 8
Pagina 2 van 8
1. Inleiding In 2017 hebben de gemeenteraden van Bunschoten, Nijkerk en Putten besloten om een gezamenlijke gemeentelijke ombudsman en een plaatsvervanger1 aan te stellen. Voor u ligt het vierde jaarverslag van de gezamenlijke ombudsman voor de gemeente Bunschoten. In dit jaarverslag staat een terugblik op de activiteiten in 2021, de klachten die aan de ombudsman zijn voorgelegd en volgt een korte vooruitblik. Het jaarverslag kent een algemeen deel, dat van toepassing is voor alle drie de gemeenten. Daarnaast is een specifiek deel voor de gemeente Bunschoten opgenomen. Dit jaarverslag is verzonden aan de gemeenteraad en aan het college van B&W van de gemeente Bunschoten2. De ombudsman hoopt ook het afgelopen jaar een bijdrage te hebben geleverd aan het versterken van het vertrouwen van burgers in de overheid. Door serieus naar klachten van burgers te luisteren, door uitleg te geven, te verwijzen en zo nodig door onderzoek te doen en een rapport op te stellen. De ombudsman concludeert dat de samenwerking met de gemeente Bunschoten ook in 2021 weer constructief is verlopen. Tot slot wil ik Rob Paulussen bedanken voor het invullen van de rol van plaatsvervangend ombudsman tijdens de afgelopen vier jaren. In verband met het aanvaarden van een nieuwe baan, heeft hij helaas moeten besluiten om zijn werkzaamheden als plaatsvervangend ombudsman te moeten stoppen.
William Maassen, ombudsman
1 2
In dit jaarverslag wordt onder ‘ombudsman’ ook verstaan de plaatsvervangend ombudsman. Verordening gezamenlijke ombudsman 2018, artikel 7.
Pagina 3 van 8
2. Werkwijze De taak van de ombudsman is bijdragen aan goede verhoudingen tussen gemeente en burgers door: • rechtsbescherming via het uitspreken van een oordeel over gedragingen van de gemeente. Het oordeel van de ombudsman komt tot stand na onderzoek en na hoor en wederhoor van beide partijen; • bemiddeling of interventie. Hierbij probeert de ombudsman via overleg het proces tussen bestuur en burger weer in goede banen te leiden; • preventie. De ombudsman kan de gemeente een aanbeveling geven voor toekomstig handelen, of op eigen initiatief een onderzoek naar misstanden beginnen. Het is mogelijk dat deze drie methoden bij de behandeling van een klacht naast elkaar voorkomen. Als een klacht bij de ombudsman wordt ingediend, wordt eerst bekeken of de klacht in behandeling kan worden genomen. Soms is dat niet het geval omdat een burger eerst de interne klachtenprocedure bij de gemeente moet doorlopen. De gemeente heeft dan de mogelijkheid om zelf de verhouding met de burger te herstellen. Soms kan een klacht niet in behandeling worden genomen omdat de klacht niet gaat om een gedraging van de gemeente. Voor een burger is niet altijd duidelijk welke (overheids)instantie waarvoor verantwoordelijk is. Als de klacht geen betrekking heeft op de gemeente, zal de ombudsman zo nodig doorverwijzen.
Bij de beoordeling van een klacht toetst de ombudsman het gemeentelijk handelen aan een aantal normen voor behoorlijk overheidsoptreden. Deze behoorlijkheidsvereisten zijn ontwikkeld door de Nationale ombudsman. Op deze wijze kan worden bereikt dat de uitspraken niet gebaseerd zijn op subjectieve inzichten van de fungerend gemeentelijke ombudsman, maar op landelijk erkende opvattingen over de eisen van behoorlijk handelen die aan de overheid mogen worden gesteld3. De essentie van behoorlijk overheidsoptreden kan worden samengevat in vier kernwaarden: • open en duidelijk; • respectvol; • betrokken en oplossingsgericht; • eerlijk en betrouwbaar. De ombudsman kan een klacht na onderzoek gegrond verklaren, deels gegrond verklaren of niet gegrond verklaren. In uitzonderlijke situatie kan de ombudsman tot de conclusie komen dat hij niet kan beoordelen of een klacht gegrond is. Tot slot kan de ombudsman ook een aanbeveling doen aan de gemeente. Een dergelijke aanbeveling staat los van de vraag of de klacht gegrond is.
3
De behoorlijkheidswijzer: https://www.nationaleombudsman.nl/folders-en-brochures/behoorlijkheidswijzer
Pagina 4 van 8
3. Ontvangen klachten 2021 In 2021 is een groter aantal klachten ontvangen dan in voorgaande jaren. Dat laatste geldt overigens ook voor de andere gemeenten waarvoor de ombudsman werkzaam is. Jaar Aantal klachten
2018 0
2019 3
2020 3
2021 5
De ontvangen klachten zijn zeer divers van aard, het is dan ook lastig conclusies te trekken over de oorzaak van de genoemde stijging. Er waren op 1 januari 2021 geen zaken uit voorgaande jaren meer in behandeling. Hieronder staat kort weergegeven waar de verschillende zaken betrekking op hadden en welke rol de ombudsman daarin heeft vervuld. In zaak 21001B betrof het een situatie waarin een inwoner van de gemeente stankoverlast van een bedrijf ondervond. Hierover waren meerdere malen e-mails gestuurd, meldingen gemaakt, klachten en handhavingsverzoeken ingediend, bij zowel de gemeente Bunschoten als de Regionale Uitvoeringsdienst Utrecht (RUD). De gemeente heeft hierover een brief gestuurd naar verzoeker, die volgens verzoeker onjuistheden bevatte, niet het hele verhaal vertelde en op hem overkwam als het proberen om een betrokken burger te intimideren en monddood te maken. Op initiatief van verzoeker heeft hierover een gesprek met de gemeente plaatsgevonden, waarin hij het verzoek heeft gedaan om de brief in te trekken dan wel te corrigeren. De gemeente was daartoe niet bereid. Verzoeker heeft daarop een klacht ingediend bij de ombudsman Normaliter neemt de ombudsman een klacht pas in behandeling als die klacht eerst aan de gemeente zelf is voorgelegd en door haar is afgehandeld.
In dit geval hebben verzoeker en gemeente echter beiden aan de ombudsman gevraagd om de klacht in behandeling te nemen zonder dat deze eerst formeel door de gemeente zelf is behandeld. In het gesprek tussen verzoeker en de gemeente heeft de gemeente geprobeerd duidelijk te maken dat meldingen, klachten, handhavingsverzoeken en WOB-verzoeken van verzoeker gewoon in behandeling zullen worden genomen, maar dat ze niet meer met verzoeker in discussie wil zodra die meldingen, klachten en verzoeken zijn afgehandeld. De gemeente heeft dat ook bevestigd aan de ombudsman. De nuancering die in het gesprek aan verzoeker is toegelicht en later ook aan de ombudsman, komt echter onvoldoende tot uiting in de brief van het college van burgemeester en wethouders. De klacht van verzoeker heeft de ombudsman dan ook gegrond verklaard. De ombudsman zag ook aanleiding tot het doen van een aanbeveling. Om duidelijk te maken aan verzoeker dat meldingen, klachten, handhavingsverzoeken en WOB-verzoeken van verzoeker dezelfde behandeling krijgen als wanneer die afkomstig zijn van anderen, heeft de ombudsman aan het college van burgemeester en wethouders geadviseerd om dit schriftelijk te bevestigen aan verzoeker. Het college heeft dat advies overgenomen. Zaak 21002B betrof een klacht van iemand die een brief had ontvangen over de aflossing van een schuld die samenhing met een bijstandsuitkering.
Verzoeker had daarover een klacht Pagina 5 van 8
ingediend bij de gemeente Bunschoten, maar geen inhoudelijke reactie ontvangen. Omdat de klacht feitelijk ging over Uitvoeringsorganisatie Baarn Bunschoten Soest, had de gemeente de klacht echter -terecht- doorgestuurd. De ombudsman heeft verzoeker naar diens tevredenheid geïnformeerd over het feit dat zijn klacht was doorgestuurd naar Uitvoeringsorganisatie Baarn Bunschoten Soest en over de termijn waarop hij een reactie op zijn klacht mocht verwachten. In zaak 21003B betrof het een klacht over het project Grondgebruik. Verzoeker vond dat hij niet op dezelfde wijze werd behandeld als de buren. In beide gevallen was er grond van de gemeente in gebruik genomen. Verzoeker kreeg echter een schrijven van de gemeente met het verzoek om een financiële vergoeding voor de ingebruikname van de grond, waar de buren een dergelijk schrijven niet hadden ontvangen. Volgens de gemeente was er geen sprake van ongelijke behandeling, omdat bij de buren nauwelijks gemeentegrond in gebruik was genomen, bij verzoeker zelf betrof het een groter aantal vierkante meters. De ombudsman heeft verzoeker, in overleg met de gemeente, gewezen op de mogelijkheid om een nieuwe meting te laten verrichten door het kadaster, op kosten van verzoeker. Van die optie heeft verzoeker uiteindelijk geen gebruik gemaakt. Zaak 21004B betrof een klacht over de WOZ-waardering van de woning van verzoeker.
In 2020 was verzoeker door de rechter in het gelijk gesteld in zijn stelling dat de WOZ-waarde in 2018 te hoog was berekend doordat geen rekening was gehouden met de aanwezigheid van asbest in de woning. Verzoeker heeft vervolgens gevraagd om ambtshalve vermindering van de WOZwaarde over de jaren 2012 tot en met 2017. Dat verzoek was door GBLT afgewezen. Verzoeker heeft daarover vervolgens een klacht ingediend bij de gemeente. Volgens de ombudsman heeft de gemeente verzoeker er terecht op gewezen dat de bevoegdheid tot uitvoering van de Wet WOZ en gemeentelijke belastingheffing is overgedragen aan GBLT en dat de gemeente zelf geen bevoegdheid meer heeft om daarover te besluiten. In zaak 21005B werd geklaagd over het uitblijven van maatregelen door gemeente, woningcorporatie en politie in een conflict waarin klagers zich met hun buren bevinden. De gemeente had hiertoe volgens klagers toezeggingen gedaan over de te volgen werkwijze die door de gemeente niet zouden zijn nagekomen. Na onderzoek oordeelt de ombudsman dat de klacht op dit onderdeel gegrond is: de gemeente is gemaakte afspraken en toezeggingen niet nagekomen. Over een ander klachtonderdeel volgde de ombudsman de conclusie die de gemeente ook eerder in de eigen procedure had getrokken: klagers werden telefonisch niet adequaat te woord gestaan en het ontbrak aan een ontvangstbevestiging van een ingediende klacht.
Een derde klachtonderdeel betrof het niet goed informeren van klagers door een specifieke medewerker. Op dit onderdeel oordeelde de ombudsman dat dit ongegrond was. Tot slot is in 2021 in één geval herziening aangevraagd van een rapport dat eerder door de plaatsvervangend ombudsman was uitgebracht. Die herziening heeft niet geleid tot een andere beoordeling van de klacht. De ombudsman heeft vastgesteld dat de plaatsvervangend ombudsman in dit geval in alle redelijkheid tot zijn beoordeling heeft kunnen komen.
Pagina 6 van 8
4. Overige activiteiten Naast de behandeling van individuele klachten, heeft de ombudsman ook andere activiteiten verricht.
Contact met Nationale ombudsman en andere gemeentelijke ombudsvoorzieningen Zo heeft de ombudsman voor de gemeenten Bunschoten, Nijkerk en Putten ook in 2021 nadrukkelijk aansluiting gezocht bij activiteiten op initiatief van de Nationale ombudsman. Gelet op de coronamaatregelen hadden deze activiteiten een digitaal karakter. Op 23 juni 2021 nam de ombudsman deel aan een bijeenkomst met de Nationale ombudsman en gemeentelijke ombudsvoorzieningen, waarin in een aantal workshops werd ingegaan op de zogenaamde ‘Venice Principles’4 en op de invulling van het begrip ‘behoorlijkheid’, waaraan de ombudsman het optreden van de overheid beoordeelt. Verder heeft de ombudsman waar nodig met de Nationale ombudsman over individuele zaken afstemming gezocht.
Media In 2021 is de ombudsman benadert door RTL Nieuws vanwege een onderzoek naar huisuitzettingen/huissluitingen door burgemeesters (o.a. na de vondst van drugs). Omdat er bij mij als ombudsman geen zaken hebben gespeeld op dit terrein in de gemeenten Bunschoten, Nijkerk en Putten, heeft de ombudsman geen inhoudelijke bijdrage kunnen leveren aan dit onderzoek.
Overige externe activiteiten Op 7 oktober 2021 nam de ombudsman deel aan een aantal speeddate-sessies met studenten van de opleiding HBO-rechten van de Hogeschool Leiden. In deze sessie heeft de ombudsman, aan de hand van vragen van studenten, verteld wat het werk van ombudsman inhoudt.
4
Op 15 maart 2019 nam de Venetië Commissie (een adviesorgaan van de Raad van Europa) de "Principles on the Protection and Promotion of the Ombudsman Institution (the “Venice Principles”)" aan. Hierin staat onder meer "The mandate of the Ombudsman shall cover all general interest and public services provided to the public, whether delivered by the State, by the municipalities, by State bodies or by private entities.". De Venice principles komen terug in een resolutie (nr 2301)van de Parlementaire Vergadering van de Raad van Europa op 2 oktober 2019 en werden opgenomen een aanbeveling (nr. 2163) aan de lidstaten.
Pagina 7 van 8
5. Vooruitblik Zoals al in de inleiding vermeld, heeft Rob Paulussen moeten besluiten om te stoppen als plaatsvervangend ombudsman. Inmiddels hebben sollicitatiegesprekken plaatsgevonden met potentiële opvolgers, en is een geschikte kandidaat gevonden om de rol van plaatsvervangend ombudsman over te nemen. Op korte termijn zal deze kandidaat worden voorgedragen aan de gemeenteraden van Bunschoten, Nijkerk en Putten. Deze kandidaat zal over twee jaar, als de termijn van zes jaar van de ombudsman afloopt, de rol van ombudsman overnemen. Ik kijk uit naar de samenwerking met mijn nieuwe plaatsvervanger en hoop hiermee op eenzelfde prettige en positieve wijze te kunnen samenwerken als met de aftredend plaatsvervangend ombudsman. Ook hoop en verwacht ik dat de samenwerking met de gemeente Bunschoten in de toekomst op een even constructieve manier blijft verlopen als in de afgelopen jaren.
Pagina 8 van 8