CConstaterende datBunschoten
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel verordening sociaal domein 2025

Gemeenteraad 12 december 2024, gemeente BunschotenBij agendapunt: RV 1217541 Verordening sociaal domein 20251.849 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel Nummer 1217541 - Verordening sociaal domein 2025 Aan de commissie: Samenleving Portefeuillehouder: P. van Asselt Beleidskader: Integraal beleidskader Sociaal Domein 2024-2027, gemeente Bunschoten Opmerkingen griffie: Team: Samenleving Ambtenaar: Rosan Hilhorst Telefoonnummer: 033 - 299 1411 E-mailadres: r.hilhorst@bunschoten.nl Datum raadsvergadering: 12 december 2024 Aanvullende stukken 1. Titel: Verordening Sociaal domein 2025 gemeente Bunschoten Bijlagen digitaal beschikbaar: X Ter inzage: 2. Titel: Toelichting op de verordening sociaal domein 2025 gemeente Bunschoten Bijlagen digitaal beschikbaar: X Ter inzage: 3. Titel: Overzicht wijzigingen verordening sociaal domein Bijlagen digitaal beschikbaar: X Ter inzage: 4. Titel: Was/wordt versie Verordening sociaal domein + toelichting Bijlagen digitaal beschikbaar: X Ter inzage: Voorstel 1. Stel de Verordening Sociaal domein 2025 gemeente Bunschoten en de daarbij behorende toelichting vast met ingang van 1 januari 2025 2. Trek de Verordening Sociaal domein 2024 gemeente Bunschoten en de daarbij behorende toelichting in met ingang van 1 januari 2025. Inleiding De gemeente Bunschoten hanteert een ‘Omgekeerde Verordening’, welke is ontwikkeld door Stimulansz. Jaarlijks worden er aanpassingen doorgevoerd vanwege wetswijzigingen, jurisprudentie en kleine tekstuele aanpassingen.

Wederom worden een aantal wijzigingen voorgesteld. De wijzigingen zijn opgenomen in de bijlage ‘Overzicht wijzigingen verordening sociaal domein’. Hieronder wordt weergegeven waar de voorgestelde wijzigingen betrekking op hebben in de verordening en wat de achtergrond is van deze wijzigingen. Eigen bijdrage Regiotaxi Met de nieuwe aanbesteding is het e.e.a. veranderd. Zo is gekozen om te werken met een andere betalingssystematiek. De eigen bijdrage is voortaan gebaseerd op het aantal kilometers. Voorheen werd er gewerkt met zones. Inwoners met een regio taxi-pas betalen een opstaptarief van € 1,20 en een eigen bijdrage van € 0,30 per kilometer. Inwoners uit de regiogemeenten moeten een vergelijkbare eigen bijdrage betalen (met uitzondering van gemeente Amersfoort). De eigen bijdrage die inwoners moeten betalen, is ongeveer gelijk als in de voorgaande situatie met zones. Dit is wel afhankelijk van de reisafstand. In de verordening wordt ook voorgesteld om het college de bevoegdheid te geven om de eigen bijdrage jaarlijks te indexeren en bekend te maken, specifiek door op te nemen in de (al daarvoor bestaande) Tarievenlijst Jeugd en Wmo, die jaarlijks wordt gepubliceerd. Reden is dat het totale tarief jaarlijks geïndexeerd wordt op basis van de NEA-index.

Deze indexering is soms pas laat bekend, waardoor het lastig om tijdig met omliggende gemeenten af te stemmen over de eigen bijdrage en de eigen bijdrage tijdig op te nemen in de verordening. De wijziging in eigen bijdrage gaat namelijk doorgaans altijd per 1 januari van het daaropvolgende jaar in.

Afwegingskader en uitwerking begrippen eigen mogelijkheden en probleemoplossend vermogen Uit de jurisprudentie ECLI:NL:CRVB:2024:1095; ECLI:NL:CRVB:2024:1096; ECLI:NL:CRVB:2024:1097) blijkt dat gemeenten in hun verordening moeten regelen hoe de gemeente tot een afweging komt over de eigen mogelijkheden en het probleemoplossend vermogen van ouders. Om op die manier duidelijkheid te geven over de toekenning en beoordeling van een aanvraag om jeugdhulp. Door deze begrippen uit te werken, wordt voldoende rechtszekerheid gegeven aan jongeren en hun ouders. Dit is in het nieuwe afwegingskader gedaan. Deze jurisprudentie is in het kader van de Jeugdwet gedaan, maar heeft ook gevolgen voor de uitvoering van de Wmo 2015. Om deze reden heeft het afwegingskader ook betrekking op de Wmo. Tevens blijkt uit een uitspraak van de Centrale Raad van beroep dat de deskundigheid die nodig is voor het indiceren (Jeugdwet) in de verordening moet staan. Hier is de verordening op aangepast. Mantelzorgondersteuning De gemeenteraad van gemeente Bunschoten heeft in de zomer besloten om vanaf 1 januari 2025 geen financiële middelen meer beschikbaar te stellen voor de HHT-regeling. Met deze regeling konden mantelzorgers gebruik maken van huishoudelijke ondersteuning in hun eigen huis of het huis waar zij mantelzorg verleenden.

De HHT- regeling kon ingezet worden voor maximaal drie uur in de maand ter ontlasting van mantelzorgers. Om gebruik te maken van deze regeling werd een eigen bijdrage van € 19,- per maand gevraagd (gelijk met Wmo-maatwerkvoorzieningen). Deze regel was opgenomen in de verordening. De passages die hiervoor in de verordening waren opgenomen, dienen daarom per 1-1-2025 te worden verwijderd. Schone en leefbare woning Huishoudelijke hulp kan ingezet worden als maatwerkvoorziening. In de verordening wordt aangegeven dat een schone en leefbare woning een woning is met een schone woonkamer, slaapvertrek(ken), keuken, sanitaire ruimtes, gang, trap en doorloop. Het schoonmaken van buitenruimte bij het huis (ramen, tuinen, balkon etc.) maakt geen onderdeel uit van het schoon en leefbaar houden van een woning. Dit was nooit het geval, maar door het expliciet op te nemen, kan hierover bij de uitvoering niet langer misverstand bestaan. Tevens wordt voorgesteld om met een normenkader te werken. Dit normenkader stelt consulenten van het Zorgloket nog beter in staat om tot een objectieve indicatiestelling te komen en wordt inmiddels in steeds meer gemeenten gebruikt vanwege de juridische houdbaarheid.

Individuele inkomenstoeslag Uit jurisprudentie blijkt dat gelet op het individuele karakter van de individuele inkomenstoeslag de gemeente niet de mogelijkheid heeft om bepaalde groepen uit te sluiten van de individuele inkomenstoeslag (zie Rechtbank Rotterdam 14-03-2016, ECLI:NL:RBROT:2016:1847, Rechtbank Limburg 29-08-2016, ECLI:NL:RBLIM:2016:7454 en Rechtbank Amsterdam 05-04-2017, nr. AMS 16/4202). De gemeente kan de doelgroep die in aanmerking komt voor de individuele inkomenstoeslag wel inperken via de beoordeling van het hebben van zicht op inkomensverbetering. Dit betekent dat ‘het voeren van een zelfstandig huishouden’ niet langer als voorwaarde gesteld kan worden. Voorgesteld wordt om dit dan ook te verwijderen uit de verordening. Inwoners die verblijven in een inrichting kunnen dus niet uitgesloten worden van de individuele inkomenstoeslag. Dit geldt dus ook voor een verblijf in een AZC. Ook is getracht de verordening zoveel mogelijk met de verordeningen van Baarn en Soest te uniformeren op het gebied van deze toeslag. In 2025 wordt gestreefd dat inwoners namelijk digitaal een aanvraag doen voor de individuele inkomenstoeslag bij de uitvoeringsorganisatie BBS. Nadat digitaal een aanvraag is ingediend, wordt getracht deze aanvraag automatisch te beoordelen door het digitale systeem.

Doordat het streven is de beoordeling grotendeels automatisch plaats te laten vinden, hebben de gemeenten Baarn, Bunschoten en Soest zoveel mogelijk hun verordening op elkaar afgestemd en op elkaar aangesloten. De verordening op het gebied van de individuele inkomenstoeslag is nagenoeg gelijk aan elkaar, met uitzondering van de gehanteerde inkomensgrens.

Argumenten 1.1. Door de nieuwe aanbesteding Regiotaxi moet de verordening aangepast worden. De eigen bijdrage voor inwoners werd voorheen bepaald op basis van zones. De betalingssystematiek is nu op basis van kilometers. De eigen bijdrage is afgestemd op de eigen bijdrage van omliggende gemeenten. 1.2.

De verordening moet op basis van recente jurisprudentie op een aantal punten wijzigen. Op 29 mei 2024 heeft de Centrale Raad van Beroep (CRvB) 3 uitspraken gedaan in het kader van de Jeugdwet. Het ging in deze zaken over een persoonsgebonden budget voor de ouders van een jeugdige. De gemeenten hadden de aanvraag om meer uren toe te kennen afgewezen of geweigerd, met als motivering dat de ouders het probleem zelf konden oplossen. De ouders waren het daar niet mee eens en zijn eerst in bezwaar, daarna in beroep en vervolgens in hoger beroep gegaan. De kern van de uitspraken is dat uit de Jeugdwet volgt dat gemeenten in hun verordening regels moeten opnemen hoe de gemeente tot een afweging komt over de eigen mogelijkheden en het probleemoplossend vermogen van ouders en verzorgers. Specifiek wijst de CRvB erop dat uit de verordening moet blijken welke betekenis de gemeenteraad toekent aan de ouderlijke verzorgings- en opvoedingsplicht die volgt uit het Burgerlijk Wetboek. Dit al dan niet in relatie tot begrippen als eigen kracht, gebruikelijke hulp en/of bovengebruikelijke hulp. Deze uitspraken zijn dus gedaan in het kader van de Jeugdwet, maar hebben ook gevolgen voor de uitvoering van de Wmo 2015. Met het afwegingskader wordt hier invulling aangegeven voor zowel de Jeugdwet als de Wmo.

Tevens heeft jurisprudentie aangetoond dat ‘zelfstandig huishouden’ niet als voorwaarde voor het toekennen van individuele inkomenstoeslag kan worden gesteld. Hier is tevens de verordening op aangepast.

1.3.

Een nieuw normenkader voor de toekenning van hulp bij het huishouden biedt meer houvast bij indicering en bij mogelijk bezwaar. De laatste jaren is de behoefte aan hulp bij het huidhouden in onze gemeente flink toegenomen. De verwachting is dat dit aanhoudt o.a. door verdere vergrijzing. Om de ondersteuning voor de meest kwetsbare inwoners beschikbaar te blijven houden in het belangrijk dat passende ondersteuning met een helder kader wordt bepaald.

1.4.

Door de verordening op het gebied van individuele inkomenstoeslag zoveel mogelijk te uniformeren met Baarn en Soest, kunnen aanvragen in de toekomst digitaal automatisch beoordeeld worden. Als de aanvragen voor de individuele inkomenstoeslag grotendeels automatisch beoordeeld worden, is minder personeel nodig voor de afhandeling van de individuele inkomenstoeslag.

Kanttekening 1. Wetswijzigingen in het kader van Participatiewet in Balans, wet handhaving sociale zekerheid en wetswijzigingen in het kader van de hervormingsagenda Jeugd zijn niet verwerkt in de verordening. Het wetsvoorstel Participatiewet in Balans is doorgestuurd aan de tweede kamer. Beoogde ingangsdatum van het wetsvoorstel is 1 januari 2025, maar de inwerkingtreding van het wetsvoorstel is mede afhankelijk van wanneer behandeling van het voorstel plaats zal vinden in de kamer. Als de wet in werking is getreden, zal dit naar alle waarschijnlijkheid wederom aanpassingen vereisen in de verordening. Het wetsvoorstel ‘Handhaving sociale zekerheid’ wordt begin 2025 aan de Tweede Kamer voorgelegd. Naar aanleiding van de Hervormingsagenda jeugd 2023-2028 zullen op termijn ook wetswijzingen plaats vinden. Financiën In principe leidt het vaststellen van de verordening niet direct tot financiële consequenties. Bestaande financiële kaders zijn leidend. Wijzigingen van wetgeving/aanpassingen in de verordening kunnen wel

leiden tot extra risico’s voor de budgetontwikkeling. Die nemen we dan mee in de Tussentijdse bestuursrapportages. Uitvoering Na vaststelling van de Verordening 2025 wordt deze gepubliceerd op www.overheid.nl. De verordening zal op 1 januari 2025 in werking treden. Communicatie Na publicatie van de door de raad vastgestelde Verordening 2025 wordt deze bekendgemaakt en geconsolideerd op www.overheid.nl, onder intrekking van de vorige verordening. Hiermee is de verordening openbaar en te raadplegen. Daarnaast brengen wij Uitvoeringsorganisatie BBS, het Sociaal team, het Zorgloket en de regiogemeenten hiervan op de hoogte. De Adviesraad Sociaal domein is op de hoogte gesteld van de voorgestelde wijzigingen in de verordening. Deze voorgestelde wijzigingen zijn met hen besproken in een vergadering. In overleg heeft de Adviesraad Sociaal domein besloten om geen advies uit te brengen op de wijzigingen, omdat het geen grote invloedrijke wijzigingen zijn, maar meer een aanscherping van het huidige beleid en verwerking van de jurisprudentie.

De raad van de gemeente Bunschoten, Gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 22 oktober 2024, nummer 1217540; Gelet op de Gemeentewet: Besluit 1. De verordening sociaal domein 2025 gemeente Bunschoten en bijbehorende toelichting vast te stellen per 1 januari 2025. 2. De verordening sociaal domein 2024 gemeente Bunschoten en bijbehorende toelichting in te trekken per 1 januari 2025 Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Bunschoten van 12 december 2024, Griffier drs. E. Hoogstraten Voorzitter mr. drs. B. Koelewijn

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14717404/2