CConstaterende datBunschoten
Koppel je AI →
Document · PDF

Ontwerpbegroting BBS 2026 en meerjarenraming 2027-2029

Gemeenteraad 10 juli 2025, gemeente BunschotenBij agendapunt: Ingekomen stukken lijst A en B12.082 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Ontwerpbegroting 2026 en Meerjarenraming 2027-2029 Gemeenschappelijke Regeling Samenwerking Sociaal Domein Baarn, Bunschoten en Soest ver

VOORAF Voor u ligt de Ontwerpbegroting 2026 en de meerjarenraming 2027-2029 van de Uitvoeringsorganisatie Baarn Bunschoten Soest (BBS). BBS is een eigenstandige rechtspersoon verantwoordelijk voor uitvoeringstaken en ondersteunende processen in het sociaal domein van de drie opdrachtgevende gemeenten. In 2025 wordt de transitie naar een Gemeenschappelijke regeling (GR) onder de naam Eemkracht voorbereid. De huidige planning is dat die per 1-1-2026 operationeel is. In de aanloop naar 2026 wordt een begroting voor die nieuwe organisatie voorbereid en in het najaar van 2025 ter besluitvorming aan de Raden voorgelegd. In het geval die planning niet wordt gerealiseerd en om tijdig de Provincie in het kader van de WGR te informeren over een sluitende meerjarenbegroting voor BBS in 2026 heeft BBS deze begroting voor 2026 opgesteld binnen de huidige kaders en afspraken. In deze begroting leest u op hoofdlijnen wat BBS per programma concreet gaat doen in 2026, welke prestaties zijn beoogd en wat de inzet daarop gaat kosten. Namens het bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Samenwerking Sociaal Domein Baarn Bunschoten Soest (Uitvoeringsorganisatie BBS), Soest, 23-6-2025

Voorzitter De heer M. Eijbaard Wethouder Baarn

Mevrouw T. Aydemir Wnd. Directeur BBS

Bestuur De heer O. Suna Wethouder Soest

Bestuur De heer W. van der Es Wethouder Bunschoten

Begroting BBS 2026 en meerjarenraming 2027-2029 (versie 0.6) dd: 23-6-2025

2

Inhoud 1

2

3

4

5

6

7

INLEIDING .................................................................................................................... 5 1.1

Opdracht gemeenten ................................................................................................ 5

1.2

Algemene en financiële uitgangspunten ...................................................................... 6

1.3

Leeswijzer ............................................................................................................... 8

Programma 1: Inkomen.................................................................................................. 9 2.1

Omschrijving ........................................................................................................... 9

2.2

Kaderstellende nota’s ............................................................................................... 9

2.3

Wat willen we bereiken ............................................................................................. 9

2.4

Wat doen we ervoor ................................................................................................. 9

2.5

Prestatie-indicatoren................................................................................................ 10

2.6

Wat kost het? ......................................................................................................... 10

2.7

Risico’s .................................................................................................................. 12

Programma 2: participatie en Inburgering........................................................................ 13 3.1

Omschrijving .......................................................................................................... 13

3.2

Kaderstellende nota’s .............................................................................................. 13

3.3

Wat willen we bereiken ............................................................................................ 13

3.4

Wat doen we ervoor ................................................................................................ 13

3.5

Prestatie-indicatoren................................................................................................ 14

3.6

Wat kost het? ......................................................................................................... 14

3.7

Risico’s .................................................................................................................. 16

Programma 3: Zorgadministratie en Sociale/Lokale teams ................................................ 17 4.1

Omschrijving .......................................................................................................... 17

4.2

Wat willen we bereiken? ........................................................................................... 17

4.3

Wat gaan we ervoor doen? ....................................................................................... 17

4.4

Prestatie indicatoren en monitoring ........................................................................... 17

4.5

Wat kost het? ......................................................................................................... 18

4.6

Risico’s .................................................................................................................. 19

Programma 4: Ondersteuning ........................................................................................ 20 5.1

Omschrijving .......................................................................................................... 20

5.2

Wat willen we bereiken? ........................................................................................... 20

5.3

Wat gaan we ervoor doen? ....................................................................................... 20

5.4

Prestatie indicatoren ................................................................................................ 20

5.5

Wat kost het? ......................................................................................................... 20

5.6

Risico’s .................................................................................................................. 21

PARAGRAFEN ............................................................................................................... 22 6.1

Risicobeheersing ..................................................................................................... 22

6.2

Financiering ............................................................................................................ 23

6.3

Bedrijfsvoering ....................................................................................................... 23

Financiële begroting ...................................................................................................... 25 7.1

Bijdrage deelnemers in de organisatiekosten van BBS ................................................. 25

Begroting BBS 2026 en meerjarenraming 2027-2029 (versie 0.6) dd: 23-6-2025

3

7.2

Personele kosten (in aantallen Fte en kosten per programma) ...................................... 26

7.3

EMU saldo .............................................................................................................. 26

7.4

Gemeente Baarn ..................................................................................................... 27

7.5

Gemeente Bunschoten ............................................................................................. 28

7.6

Gemeente Soest ..................................................................................................... 29

7.7

Overzicht baten en lasten totaal BBS ......................................................................... 30

7.8

Taakvelden ............................................................................................................. 31

Begroting BBS 2026 en meerjarenraming 2027-2029 (versie 0.6) dd: 23-6-2025

4

1 INLEIDING Deze begroting heeft alleen geldigheid als de rechtspersoon BBS in 2026 nog bestaat. Het is het plan om de bestaande gemeenschappelijke regeling uit te breiden en deels te wijzigen, waaronder de wijziging van de naam van de uitvoeringsorganisatie naar Eemkracht. In deze begroting wordt beperkt naar Eemkracht verwezen en blijft BBS de aanduiding. In de aanloop naar 2026 bereidt BBS de begroting voor Eemkracht voor en legt die ter besluitvorming in het najaar van 2025 voor aan de Raden. De begroting is gebaseerd op de ontwikkelingen zoals geschetst in de Kadernota 2026. Zo zijn de effecten van de trajecten die in 2025 zijn ingezet met lean-management en verdergaande digitalisering verwerkt in een te verwachten reductie in de bezetting bij programma 1: Inkomen. Ook de maatregelen om het ziekteverzuim terug te dringen en op het niveau van het landelijk gemiddelde te brengen zijn doorvertaald naar 2026 waarbij enige reserve is ingebouwd in de reductie van de inhuur om tegenvallers te kunnen opvangen. Met diverse ontwikkelingen in b.v. de participatiewet is niet of maar beperkt rekening gehouden na interne afstemming met de drie gemeenten, gegeven de onzekerheden in de effecten die op het moment van het opstellen van de begroting kunnen worden overzien.

Wel is de in de kadernota voorgestelde korting op het participatiebudget naar € 200.000 niet doorgevoerd en is de begroting van 2025 als uitgangspunt voor 2026 gebruikt en nader toegelicht bij programma 2. Ten opzichte van de realisatie in 2024 zullen de kosten voor BBS in 2026 volgens deze begroting met 3,6% stijgen. Ten opzichte van de begroting 2024 stijgen de uitgaven voor de programma’s 1 t/m 3 naar verwachting met 14,5%. Daarentegen blijft de stijging van de personele kosten beperkt tot 9,3%. Voor een belangrijk deel verklaard door de CAO-stijging en de noodzaak tot inhuur om het ziekteverzuim op te vangen. Voor een ander deel verklaard door de geplande bezuinigingen door de maatregelen die in deze begroting worden toegelicht bij de verschillende programma’s. Met alle teamleiders van BBS en de sociale teams is de geplande bezetting voor 2026 afgestemd, is de vertaling naar een budget voor personeelskosten inzichtelijk gemaakt en daarmee het eigenaarschap voor de eigen (programma- en team) begroting versterkt. Diverse uitgangspunten voor de begrotingsopzet zijn expliciet gemaakt en gedeeld, zoals ook verder in deze begroting toegelicht. Een ander uitgangspunt is dat de DVO (dienstverleningsovereenkomst), zoals die in februari 2025 is vastgesteld voor 2025 door de drie deelnemende gemeenten in de huidige GR ook van toepassing is op 2026.

Ook de scope van de ondersteuning van de bedrijfsvoering van BBS door Soest is voor 2026 gelijk gehouden aan de afspraken voor 2025.

1.1 Opdracht gemeenten De opdracht aan BBS is in 2026 (en mogelijk de jaren daarna) als volgt: 1) Het ervoor zorgen dat inwoners die een beroep doen op inkomensondersteuning vanuit de gemeenten zo snel mogelijk (weer) op eigen benen staan, of op zijn minst naar vermogen maximaal participeren in de samenleving, 2) Het optimaal ondersteunen van deze inwoners op het gebied van inkomen, 3) Het zo efficiënt en effectief mogelijk inrichten en uitvoeren van de administratieve afwikkeling van de zorg in het kader van de Jeugdwet en WMO in de drie BBS-gemeenten, 4) Het zorgdragen voor een zo snel en succesvol mogelijke inburgering van nieuwkomers in de BBS-gemeenten, 5) Het werkgeverschap voor de medewerkers van Werk en Inkomen, de Zorgadministratie en de lokale (sociale) Teams in Baarn, Bunschoten en Soest. Daarnaast zal BBS ook in 2026 extra werkzaamheden uitvoeren, zoals het financieel ondersteunen van Oekraïners.

Begroting BBS 2026 en meerjarenraming 2027-2029 (versie 0.6) dd: 23-6-2025

5

1.2 Algemene en financiële uitgangspunten Indexering • In aanvulling op de Cao-stijgingen in 2025 is de recent overeengekomen Cao met daarin een verhoging van de lonen met 1,25% per 1-7-2026 verwerkt in de raming van de loonkosten voor de begroting 2026. • Voor de materiële kosten rekenen we voor 2026 met de CPI-index van het Centraal Plan Bureau van 3% voor 2026. • In de tabellen voor de deelnemende gemeenten zijn de verdeelsleutels gebruikt conform de afspraken daarover met de drie gemeenten. Uitgaven Inkomensregelingen (levensonderhoud) In 2026 verwachten wij een stijging van de kosten voor de uitvoering van de Participatiewet. Deze stijging is voornamelijk toe te schrijven aan de indexering die door de Rijksoverheid is vastgesteld en een beperkte toename van het aantal uitkeringsgerechtigden volgens de uitgangspunten van het CPB. Daarnaast voorzien we hogere kosten door de volgende ontwikkelingen: • Een groeiend aantal inwoners met multiproblematiek vraagt om intensiever maatwerk en individuele beoordelingen, wat leidt tot hogere uitvoeringslasten. • Nieuwe landelijke beleidsdoelen op het gebied van armoede en inclusie vergroten de takenlast binnen het sociaal domein. Hoewel de precieze financiële impact van deze ontwikkelingen momenteel niet te kwantificeren is, verwachten we dat deze bijdraagt aan een kostenstijging.

Uitgaven Bijzondere bijstand Vanwege de groeiende instroom van nieuwkomers voorzien we een stijging in het aantal aanvragen bijzondere bijstand. Tegelijkertijd creëren we steeds meer bereik binnen de doelgroep, waardoor het beroep op de regeling toeneemt. Daarnaast wordt er actief ingezet op doelgroepverbreding, zoals de aanpak van de alleenverdienersproblematiek. Wij verwachten daardoor een stijging in de uitgaven. Uitgaven BBZ Voor de BBZ is vanaf 2026 een hoger bedrag begroot dan in 2025. In 2024 was er €290.000 begroot op de BBZ. Er is ca. €490.000 uitgegeven (inclusief €36.000 aan kredieten). Voor 2025 is er €251.000 begroot. Op basis van de uitgaven tot nu toe verwachten we in 2025 ca. €350.000 te gaan uitgeven (afhankelijk van eventuele bedrijfskredieten die verstrekt worden). We verwachten dat de uitgaven in 2026 iets hoger gaan uitvallen, al is het alleen al door een verhoging van de uitkeringsprijs. Ook gezien de toenemende economische onzekerheden en de aanscherping van de Wet DBA wordt een toename verwacht in deze regeling. We houden een stijging van 5% (welke gelijk is aan de gemiddelde stijging van het BUIG-budget in 2025 voor de drie gemeenten) aan waardoor we uitgaan van €367.500 aan uitgaven in 2026. Participatiebudget In de Kadernota 2026 zijn bezuinigingsvoorstellen meegenomen, waaronder een bezuiniging op de inkoop van re-integratie-instrumenten.

Door nieuwe wetgeving en aangepast beleid (in 2024) en de trend van een groter klantenbestand en bovendien klanten met een grotere afstand tot de arbeidsmarkt en daarmee de behoefte aan een aangepaste reïntegratieverordening met meer voorzieningen die werkgevers kunnen aanvragen, is de bezuiniging niet meer aan de orde. De financiële gevolgen van het beleid moeten nog in 2025 blijken, maar we gaan er van uit dat in 2026 het begrote budget van 2025 ad € 316.000 ook weer nodig is. Begroting BBS 2026 en meerjarenraming 2027-2029 (versie 0.6) dd: 23-6-2025

6

Begroting BBS 2026 en meerjarenraming 2027-2029 (versie 0.6) dd: 23-6-2025

7

Inburgering In 2025 gaan we inzetten op duale trajecten. Dit betekent dat de Inburgeraar naast zijn inburgeringstraject ook begeleid wordt naar een participatieplaats. Uitgangspunt hierbij is zoveel mogelijk een (duurzame) reguliere arbeidsplaats. Dit zetten we in 2026 voort. We verwachten in 2025 €150.000,- uit te geven aan uitvoeringskosten op basis van de trend die we in de eerste maanden van 2025 constateren. Ditzelfde bedrag begroten we voor 2026.

Apparaat: organisatiekosten en personeel • BSS betaalt Soest een vergoeding voor uitvoering van bedrijfsvoeringskosten, waaronder huisvesting en personeelszaken, gebaseerd op de jaarlijks afgesloten dienstverleningsovereenkomst (DVO). Voor 2026 is de principe-afspraak gemaakt om de omvang van de dienstverlening gelijk te houden aan die voor 2025 en te indexeren met de CPI-index voor 2026 (3%). • De loonkosten voor de apparaatskosten zijn verwerkt in de begroting, zowel voor wat betreft de als structureel aangemerkte kosten als voor de incidentele uitgaven. • 2% van de loonkosten is begroot om het effect van ziekteverzuim op de productiviteit van BBS op te vangen, overeenkomstig de (meerjarige) afspraken uit de Begroting 2022. Aangezien het werkelijke ziekteverzuim in 2024 boven de 8% zat en het niet een reële verwachting is dat het ziekteverzuim in 2025 zal dalen tot 2% bestaat het risico van hogere personele kosten voor de uitvoering van de primaire taken van BBS in 2026. • Er is een percentage van 1,5% van de loonkosten geraamd voor het opleidingsbudget, verdeeld over de programma’s en teams van BBS. Dat is eveneens conform de afspraken uit de Begroting 2022.

• De loonkosten zijn bepaald voor de geplande bezetting in 2026 per team voor de werkelijke schaal met de maximumtrede in die schaal en 17% IKB en 23% werkgeverslasten en de CAO voor 2026 met een verhoging van 1,25% per 1-7-2026. • De kosten voor mogelijke inhuur, die nu al wordt voorzien in 2026 zijn bepaald tegen een gemiddeld tarief voor 1.350 uur per jaar per fte.

Alle bedragen zijn afgerond op duizendtallen. Daardoor kan de som der delen (marginaal) afwijken van de vermelde totalen.

1.3 Leeswijzer De Begroting 2026 volgt de indeling van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) en bestaat uit: • Een beleidsbegroting bestaande uit een programmaplan en een aantal paragrafen. • Een financiële begroting bestaande uit het overzicht van baten en lasten en de uiteenzetting van de financiële positie. Hoofdstuk 2 tot en met 4 gaan in op de programma’s Inkomen, Participatie, Inburgering, Zorgadministratie en Sociale/lokale teams. Hoofdstuk 5 is gewijd aan programma 4: Ondersteuning en hoofdstuk 6 aan de Bedrijfsvoering en de verplichte paragrafen. De begroting wordt afgesloten met hoofdstuk 7, waarin de cijfers in totaal en per gemeente nader worden toegelicht. De begroting is geschreven vanuit BBS en niet vanuit de deelnemende gemeenten.

Begroting BBS 2026 en meerjarenraming 2027-2029 (versie 0.6) dd: 23-6-2025

8

2

PROGRAMMA 1: INKOMEN

2.1 Omschrijving Het programma Inkomen beslaat de uitvoering van wettelijke inkomensregelingen, die door Baarn, Bunschoten en Soest is uitbesteed aan BBS. Voor Soest voert BBS ook schuldhulpverlening uit. Het programma Participatie beslaat de begeleiding van klanten in de inkomensregelingen en van niet-uitkeringsgerechtigden in het Doelgroepenregister naar maximale participatie in de samenleving. Alleen de indicering van (arbeidsmatige) dagbesteding is niet bij BBS belegd. Het programma Inburgering beslaat de nieuwe wet Inburgering, die erop gericht is om nieuwkomers zo snel mogelijk (maatschappelijk) te laten meedoen in Nederland.

2.2 Kaderstellende nota’s • • • • • • • • • •

Verordeningen Werk en Participatie 2024 gemeente Baarn Verordeningen individuele inkomenstoeslag 2018 gemeente Soest Handhavingsverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ gemeente Soest Verordening Sociaal Domein gemeente Bunschoten 2025 Integraal beleidskader Sociaal Domein 2024-2027 Samen Verder gemeente Bunschoten Beleidsplan armoede en schulden 2020-2023 gemeente Bunschoten Verordening minimafonds 2018 gemeente Soest Beleidsregel Schuldhulpverlening gemeente Soest Actieplan armoedebestrijding gemeente Baarn en het Aanvullend actieplan armoedebestrijding kinderen gemeente Baarn Verordening Werk en Participatie 2024 gemeente Soest

2.3 Wat willen we bereiken 1) Inwoners uit Baarn, Bunschoten of Soest zo vroeg mogelijk activeren en begeleiden richting (duurzame) arbeidsdeelname, met als uitgangspunt dat preventie van langdurige uitkeringsafhankelijkheid bijdraagt aan zowel de zelfredzaamheid van inwoners als aan de beheersbaarheid van de publieke middelen. 2) Klanten worden proactief benaderd op het gebied van werk en inkomen. Wij informeren inwoners actief over relevante regelingen, kansen en ondersteuning, met als doel hen tijdig in positie te brengen om stappen richting werk of financiële stabiliteit te zetten. Deze aanpak draagt bij aan een toegankelijke dienstverlening. 3) Voor de inwoners van Soest blijven wij uitvoering geven aan de maatwerktaak binnen de schuldhulpverlening. Wij hebben zicht op de individuele trajecten van inwoners en kunnen vroegtijdig signalen oppakken die kunnen duiden op (dreigende) financiële problematiek. Deze vroegsignalering stelt ons in staat om tijdig passende ondersteuning te bieden en verdere problematiek te voorkomen. 4) Om inwoners duurzaam in beeld te houden, zet BBS in op samenwerking met ketenpartners en laagdrempelig klantcontact. Hiermee kunnen wij tijdig inspelen op signalen en passende ondersteuning bieden.

2.4 Wat doen we ervoor •

Werkgevers worden gestimuleerd om meer mensen uit de bijstand in dienst te nemen, het aanbieden van werkervaringsplekken, wat de instroom in de Participatiewet kan verminderen.

•

Ontwikkelen van een activerend gesprek i.p.v. een toetsend gesprek wanneer er beroep wordt gedaan op inkomensondersteuning. Hiermee hebben we al een start gemaakt in

Begroting BBS 2026 en meerjarenraming 2027-2029 (versie 0.6) dd: 23-6-2025

9

•

2025 door de medewerkers volgens het model Stress Sensitieve dienstverlening in contact te laten komen met de klanten. In 2026 vervolgen wij deze methodiek. Periodiek informeren middels een (digitale) nieuwsbrief over de ontwikkelingen van de organisatie, werk, regelingen en financiële ondersteuning. Daarnaast moeten we

ontwikkelen in digitale toegankelijkheid en klantvriendelijke systemen. Dit verhoogt het bereik en de zelfredzaamheid, maar vereist structurele inzet op communicatie en systeemontwikkeling. • • • • •

•

Behouden en door ontwikkelen van de schuldhulpverlening voor de bewoners van de gemeente Soest. Doorontwikkelen van de samenwerking met ketenpartners voor een completere en nabije dienstverlening. Daar waar mensen zelf niet in hun levensonderhoud kunnen voorzien, ondersteunen we hen (tijdelijk) door middel van een bijstandsuitkering. We voorkomen onnodige en onrechtmatige uitkeringen, gebruiken digitale informatie, zetten voorliggende voorzieningen in, en maken rechten en plichten duidelijk. We verstrekken de uitkering zo snel mogelijk. De klant krijgt in elk geval binnen de wettelijke termijn van acht weken een besluit, maar we streven naar een veel kortere doorlooptijd (van gemiddeld 32 dagen). We denken mee over de situatie in de aanvraagperiode, wijzen de klant op de noodzaak informatie tijdig aan te leveren, en verstrekken indien nodig een voorschot. We handhaven strikt, waarbij we in eerste instantie uitgaan van vertrouwen.

2.5 Prestatie-indicatoren 2024

2025

2026

1.175

1.190

1.208

21%

21%

21%

32 dagen

32 dagen

32 dagen

25 dagen

25 dagen

25 dagen

100%

100%

100%

Wat Personen met periodieke uitkering levensonderhoud Het aantal mensen met een bijstandsuitkering (stand per 1 januari) gaat gelijk op met de landelijke ontwikkeling (uitgangspunt is een stijging van 1,5%). Voorkomen is beter dan een vangnet We handhaven de gunstige ‘Poort’-score uit 2024, waarbij 21% van de aanvragen levensonderhoud niet tot toekenning leidde. Bij recht op uitkering, zo snel mogelijk een uitkering De gemiddelde doorlooptijd voor aanvragen levensonderhoud blijft 32 dagen (het wettelijk maximum is 56 dagen), terwijl het aantal aanvragen stijgt (zie paragraaf 1.2). De gemiddelde doorlooptijd van aanvragen bijzondere bijstand blijft 25 dagen (het wettelijk maximum is 56 dagen), bij een stijgend aantal aanvragen (zie paragraaf 1.2). Duidelijke afspraken tussen BBS en de klant Alle klanten hebben een plan van aanpak waarmee de klant weet wat van hem verwacht wordt.

2.6 Wat kost het?

Begroting BBS 2026 en meerjarenraming 2027-2029 (versie 0.6) dd: 23-6-2025

10

Programma 1: Inkomen Activiteiten

Begroting

Jaarrekening

Begroting

Begroting

Begroting

Begroting

Begroting

2024

2024

2025

2026

2027

2028

2029

Inkomensregelingen, IOAW en IOAZ

€

19.482 €

20.135 €

20.552 €

21.432 €

21.432 €

21.432 €

21.432

Loonkostensubsidie

€

625 €

974 €

900 €

1.305 €

1.305 €

1.305 €

1.305

Bbz gev. levensonderhoud en krediet

€

290 €

433 €

250 €

367 €

367 €

367 €

367

Bijz. bijstand en minima regelingen

€

2.801 €

3.085 €

3.122 €

3.250 €

3.250 €

3.250 €

3.250

Personeelskosten Inkomensregelingen

€

2.565 €

3.362 €

2.622 €

2.625 €

2.625 €

2.625 €

2.625

Uitvoeringsbudget Inkomensregelingen €

95 €

46 €

72 €

72 €

72 €

72 €

72

Personeelskosten schuldhulpverlening

148 €

141 €

152 €

152 €

152 €

152 €

152 45

€

Uitvoeringsbudget Schuldhulpverlening €

50 €

38 €

51 €

45 €

45 €

45 €

Energietoeslag

€

-

€

-112 €

-

-

-

-

-

Opvang Oekraïners

€

-

€

470 €

-

€

400 €

400 €

400 €

400

Lasten

€

26.056 €

28.572 €

27.721 €

29.649 €

29.649 €

29.649 €

29.649

Terugvordering Uitk. Levensonderhoud

€

-353 €

-171 €

-353 €

-300 €

-300 €

-300 €

-300

Terugvordering BBZ

€

-110 €

-142 €

-110 €

-130 €

-130 €

-130 €

-130

Terugvordering Bijzondere bijstand

€

-221 €

-223 €

-175 €

-200 €

-200 €

-200 €

-200

Bijdrage Gemeenten Inkomensregelingen €

-25.372 €

-28.036 €

-27.083 €

-28.421 €

-28.421 €

-28.421 €

-28.421

Bijdrage Gemeente Schuldhulpverlening €

-

€

-

€

-

€

-197 €

-197 €

-197 €

-197

Bijdrage Gemeente Energietoeslag

€

-

€

-

€

-

€

-

-

-

-

Bijdrage Opvang Oekraïners

€

-

€

-

€

-

€

-400 €

-400 €

-400 €

-400

Baten

€

-26.056 €

-27.721 €

-29.649 €

-29.649 €

-29.649 €

-29.649

-28.572 €

€

Begroting BBS 2026 en meerjarenraming 2027-2029 (versie 0.6) dd: 23-6-2025

11

€

€

Toelichting op de wijzigingen t.o.v. begroting 2025 Lasten

Begroting 2025

Onderbouwing

Begroting 2026

Verschil

De stijging is voornamelijk het gevolg van indexering (gem. 2,4% tot 3%) die door de 1.1

Inkomensregelingen Rijksoverheid is vastgesteld en een beperkte

€

20.552 €

21.432 €

880

€

900 €

1.305 €

405

€

250 €

367 €

117

€

3.122 €

3.250 €

128

€

2.622 €

2.625 €

3

€

72 €

72 €

€

152 €

152

0

€

51 €

45 €

-6

€

-

€

-

400 €

400

stijging (1,5%) in de bestandsvolume volgens de uitgangspunten uit de CBP. De inzet van LKS laat een duidelijke landelijke 1.2

Loonkostensubsidie

stijgende trend zien, ook voor BBS. Dit wordt mede gestimuleerd door BBS in opdracht van de gemeenten. Gezien de toenemende economische

1.3

BBZ

onzekerheden en de aanscherping van de Wet DBA wordt een toename verwacht in deze regeling. De lichte stijging van het aantal huishoudens zorgt

1.4

Bijz. bijstand

ervoor dat ook de bb stijgt. Daarnaast wordt er actief ingezet op doelgroepverbreding, zoals ook de aanpak van de alleenverdienersproblematiek. Door in te zetten op het ''LEAN'' maken van processen en door te handelen vanuit vertrouwen

1.5

P-kosten Inkomensregelingen

om meer zaken digitaal aan te vragen zal een kostenbesparing opleveren in de p-kosten. Vooral een geplande daling in het ziekteverzuim zal leiden tot minder dubbele kosten (voor inhuur) in 2026 t.o.v. de realisatie in 2024

1.6

1.7

1.8

1.9

Uitvoeringsbudget Inkomensregelingen P-kosten schuldhulpverlening Uitvoeringsbudget Schuldhulpverlening Energietoeslag

Het uitvoeringsbudget blijft voorlopig stabiel.

-

Verdeling van de werklast over 5 medewerkers van team Inkomen blijft voorlopig gelijk. In de nieuwe organisatie gaat dit anders worden. Er is een dalende lijn te zien vanwege de samenwerking in het kader van de vroegsignalering. De energietoeslag was tijdelijk in het leven geroepen tot 30 juni 2024. De verwachting is dat er een daling is van het

1.10 Opvang Oekraïners

aantal ontheemden en vanwege aanscherpingen van regelingen. Voor 2025 was er geen bedrag opgenomen in de begroting.

2.7 Risico’s Zie paragraaf 6.1. Begroting BBS 2026 en meerjarenraming 2027-2029 (versie 0.6) dd: 23-6-2025

12

€

3 PROGRAMMA 2: PARTICIPATIE EN INBURGERING 3.1 Omschrijving Het programma Participatie beslaat de begeleiding van klanten die binnen de doelgroep van de Participatiewet vallen naar maximale participatie in de samenleving. Dit zijn klanten met een gemeentelijke uitkering, maar ook zonder gemeentelijke uitkering. Het programma Inburgering beslaat de nieuwe wet Inburgering, die erop gericht is om statushouders zo snel mogelijk (maatschappelijk) te laten meedoen in Nederland.

3.2 Kaderstellende nota’s • • • • • • • • • • •

Beleidsnota Sociaal Domein Baarn 2021-2024 ‘Baarn Vitaal’ Verordening tegenprestatie Participatiewet, IOAW en IOAZ gemeente Baarn 2019 Verordening individuele studietoeslag Participatiewet 2015 gemeente Baarn Verordening Werk en Participatie 2024 gemeente Baarn Nota Uitvoering nieuwe Wet Inburgering 2022, gemeente Baarn Beleidskader Sociaal Domein ‘Samen veder’ 2024-2027 gemeente Bunschoten Omgekeerde verordening Sociaal Domein gemeente Bunschoten 2025 Nota voor de invoering van de nieuwe Wet inburgering 2022, gemeente Bunschoten Integrale Visie Sociaal Domein 2024-2028 gemeente Soest Verordening Werk en Participatie 2024 gemeente Soest Nota voor de invoering van de nieuwe Wet inburgering 2022, gemeente Soest

3.3 Wat willen we bereiken 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8.

We zorgen dat anderstaligen zo effectief mogelijk duurzaam uitstromen naar werk, parttime of fulltime We zorgen dat meer mensen met loonkostensubsidie aan het werk zijn Mensen met een indicatie Beschut Werk gaan zo veel mogelijk bij reguliere werkgevers beschut aan het werk. Een beschutte werkplek bij Amfors behoort ook tot de mogelijkheden. We hebben alle klanten in beeld. Duale trajecten zorgen ervoor dat inburgeraars optimaal kunnen participeren in de samenleving Alle inburgeraars in de Z-route hebben na drie jaar voldoende participatie-uren gedraaid om hun inburgeringstraject te kunnen halen. De administratie in het DUO portaal is up-to-date Alle inburgeraars doen praktijkervaring op na het afronden van het theoretische gedeelte van de MAP

3.4 Wat doen we ervoor 1. We breiden het aantal mogelijke werkervaringsplekken voor anderstaligen uit. We werken actief samen binnen het RWC met lokale werkgevers en met de regionale verbinder Statushouders. We zetten instrumenten als loonkostensubsidie en jobcoaching in om anderstaligen meer kans op de arbeidsmarkt te geven. 2. Als er sprake is van verminderd arbeidsvermogen bij mensen met een indicatie Beschut Werk of Banenafspraak of bij kwetsbare inwoners, zetten we loonkostensubsidie in conform verordening. Voor de mensen met een indicatie blijven wij verantwoordelijk voor de reintegratie tot hun pensioengerechtigde leeftijd. Ongeachte de hoogte van de subsidie houden we contact met werknemer en werkgever om te zorgen dat de werknemer kan blijven. 3. We begeleiden mensen met een indicatie Beschut Werk zo veel mogelijk naar een reguliere werkplek bij een reguliere werkgever. Als er geen reguliere werkgever gevonden wordt, wordt de klant (tijdelijk) op een beschutte werkplek bij Amfors geplaatst.. Begroting BBS 2026 en meerjarenraming 2027-2029 (versie 0.6) dd: 23-6-2025

13

4. We zorgen dat elke klant die nog kan stijgen op de participatieladder, een plan van aanpak heeft, waarin het traject naar (maatschappelijke) participatie is vastgelegd. We begeleiden zo veel mogelijk mensen intensief om de kans te vergroten dat een planning wordt gehaald en het plan van aanpak actueel blijft. We zorgen voor verbinding met de klant om vanuit vertrouwen door middel van het Integratief Gedragsmodel en stress-sensitieve dienstverlening de klant stappen of stapjes richting participatie te laten zetten. Bij de intensieve begeleiding zetten we alle mogelijke instrumenten vanuit EVA (Effectief, Vakbekwaam en Actueel) in. We lossen samen mogelijke belemmeringen op en we bereiden klanten voor op een werkzaam leven. We werken actief aan versterking van de samenwerking met de sociale teams. We zetten de klant centraal, en niet de specifieke wet. We werken ook nauw samen met andere partijen, zowel lokaal als regionaal. . In 2026 zetten we de samenwerking met RWC voort voor meer zichtbaarheid bij inwoners en werkgevers in wat we kunnen doen als BBS. We zetten gidsen in voor het Werkcentrum in Amersfoort en bemensen de Werkbus om inwoners te informeren over vacatures en loopbaanbegeleiding. Daarnaast werken alle jobhunters en accountmanagers in de arbeidsmarktregio samen richting de werkgevers om vraag en aanbod beter te laten aansluiten.

3.5 Prestatie-indicatoren 2024

2025

2026

Wat

100%

100%

100%

Duidelijke afspraken tussen BBS en de klant Alle klanten hebben een plan van aanpak

Conform landelijk gemiddelde

Conform landelijk gemiddelde

Conform landelijk gemiddelde

Optimale begeleiding naar werk We scoren tenminste even hoog als landelijk gemiddeld voor wat betreft de uitstroom naar werk1.

3.6 Wat kost het? Programma 2: Participatie (deel Werk) Begroting 2024

Activiteiten

Jaarrekening 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

Begroting 2029

Participatie werk en activering

€

316 €

457 €

316 €

316 €

316 €

316 €

316

Personeelskosten participatie

€

1.698 €

1.685 €

1.736 €

1.944 €

1.944 €

1.944 €

1.944

Beschut werk

€

30 €

37 €

30 €

30 €

30 €

30 €

30

Studietoeslag

€

€

38 €

60 €

60 €

60 €

60 €

60

Lasten

€

2.044 €

2.217 €

2.142 €

2.350 €

2.350 €

2.350 €

2.350

Bijdrage gemeente participatie (werk)

€

-2.044 €

-2.217 €

-2.142 €

-2.350 €

-2.350 €

-2.350 €

-2.350

Baten

€

-2.044 €

-2.217 €

-2.142 €

-2.350 €

-2.350 €

-2.350 €

-2.350

-

1

Gezien de lage bijstandsdichtheid in de drie BBS-gemeenten en de verhoudingsgewijs grotere instroom van mensen met grote achterstand tot de arbeidsmarkt, is een ontwikkeling gelijk aan de landelijke gunstig. Begroting BBS 2026 en meerjarenraming 2027-2029 (versie 0.6) dd: 23-6-2025

14

Toelichting op de wijzigingen t.o.v. begroting 2025 (Programma 2, deel Werk) Lasten

Begroting 2025

Onderbouwing

Begroting 2026

Verschil

Wijkt af van voorstel in de kadernota 2026. In 2025 is de trend zichtbaar ven een groter Participatie werk en

klantenbestand, klanten met een grotere afstand

activering

tot de arbeidsmarkt en een aangepaste re-

€

316 €

316 €

-

€

1.736 €

1.944 €

208

€

30 €

30 €

-

€

60 €

60 €

-

integratieverordening met meer voorzieningen die werkgevers kunnen aanvragen. De personeelskosten zijn hoger door stijging CAO en een bijstelling van kosten die eerder niet waren meegenomen. Het laatste is gebleken na intensief onderzoek op de overschrijding van de P-kosten participatie personeelskosten in 2024. Er is geen bezuiniging (werk)

op formatie mogelijk vanwege eerdere beloften mbt formatie om regionale en lokale doelen te bereiken. Door een andere werkwijze sinds 2025 is de verhoging beperkt en is een daling van het participatiebudget mogelijk.

Beschut werk

Studietoeslag

In samenwerking met het Sociaal Ontwikkelbedrijf Amfors worden trajecten opgezet Er worden geen veranderingen in uitgaven voor studietoeslag verwacht

Inburgering In de loop van 2025 zullen de eerste statushouders hun inburgeringstraject gaan afronden. Dit betekent voor de komende periode nog een groei van het klantenbestand waarna dat op den duur als het goed is stabiliseert. In de afgelopen jaren hebben we gezien dat er met de huidige caseload te weinig ruimte is om in te zetten op de begeleiding naar (betaalde) arbeid, ook wel het duale traject genoemd. Daarom is in de kadernota al gevraagd om extra formatie (1 fte) klantmanager inburgering. Vanwege de uitbreiding van de formatie verwachten we dat we meer aandacht kunnen besteden aan de inburgeraars. Daarom is er ook een ruimer uitvoeringsbudget nodig. Op basis van de uitgaven in 2024 (98K) en de verwachting van de uitgaven in 2025 (150K) begroten we de uitvoeringskosten voor 2026 op 150K. Uitvoeringskosten voor Inburgeraars bestaan voornamelijk uit de kosten voor extern uitgezette trajecten.

Begroting BBS 2026 en meerjarenraming 2027-2029 (versie 0.6) dd: 23-6-2025

15

Programma 2: Participatie (deel Inburgering) Activiteiten

Begroting

Jaarrekening

Begroting

Begroting

Begroting

Begroting

Begroting

2024

2024

2025

2026

2027

2028

2029

Uitvoeringsbudget Inburgering

€

213 €

98 €

85 €

150 €

150 €

150 €

150

Personeelskosten inburgering

€

527 €

530 €

539 €

640 €

640 €

640 €

640

Lasten

€

740 €

628 €

624 €

790 €

790 €

790 €

790

Bijdrage gemeente inburgering

€

-740 €

-628 €

-624 €

-790 €

-790 €

-790 €

-790

Baten

€

-740 €

-628 €

-624 €

-790 €

-790 €

-790 €

-790

Toelichting op de wijzigingen t.o.v. begroting 2025 (Programma 2, deel Inburgering) Lasten

Begroting 2025

Onderbouwing

Begroting 2026

Verschil

Door meer aandacht te besteden aan een groeiend aantal inburgeraars is een ruimer uitvoeringsbudget nodig. Op basis van de uitgaven Uitvoeringsbudget Inburgering

in 2024 (€ 98K) en de verwachting van de uitgaven in 2025 (€ 150K) begroten we de uitvoeringskosten €

85 €

150 €

65

539 €

640 €

101

voor 2026 vooralsnog op het te verwachten niveau van 2025: € 150K. Uitvoeringskosten voor Inburgeraars bestaan voornamelijk uit de kosten voor extern uitgezette trajecten. In de loop van 2025 zullen de eerste statushouders hun inburgeringstraject gaan afronden. Dit betekent voor de komende periode nog een groei van het klantenbestand waarna dat op den duur

Personeelskosten inburgering

als het goed is stabiliseert. In de afgelopen jaren hebben we gezien dat er met de huidige caseload

€

te weinig ruimte is om in te zetten op de begeleiding naar (betaalde) arbeid, ook wel het duale traject genoemd. Daarom is in de kadernota al gevraagd om extra formatie (1 fte) klantmanager inburgering.

3.7 Risico’s Zie paragraaf 6.1.

Begroting BBS 2026 en meerjarenraming 2027-2029 (versie 0.6) dd: 23-6-2025

16

4 PROGRAMMA 3: ZORGADMINISTRATIE EN SOCIALE/LOKALE TEAMS 4.1 Omschrijving De zorgadministratie voert de administratieve taken op het gebied van de zorgkosten Wmo en Jeugd. Daarnaast omvat dit programma het werkgeverschap van BBS voor de Sociale/Lokale teams.

4.2 Wat willen we bereiken? De verwachting is dat het taakveld van de Zorgadministratie in 2026 niet zal veranderen. Extra taken worden wel verwacht vanuit de teams Baarn. De teams Baarn hebben aangeven om in 2026, net als thans voor de gemeente Soest en Bunschoten, ook de beschikkingen bij de Zorgadministratie te willen beleggen. Indien de aanlevering van de noodzakelijke uitvoeringsinformatie richting de ZA voor alle de drie BBS-gemeenten eenduidig gemaakt kan worden, zal getracht worden om deze taak zonder extra formatie uit te voeren. De ZA voert de administratieve taken op het gebied van de zorgkosten Wmo en Jeugd in 2026 nog efficiënter uit, niet alleen omdat de Zorgadministratie de processen actueel en in een handboek heeft beschreven en vastgelegd, maar ook omdat de verschillen in aanlevering per team en vervolgens ook per gemeente richting de Zorgadministratie ingaande 2026 niet meer hoeft te bestaan door de samenwerking en eenduidig werken van de teams. Aangezien de ZA een eigen kwaliteitsmedewerker heeft kunnen we adequaat, proactief, blijven inspelen op wijzigingen in beleid en wet- en regelgeving.

4.3 Wat gaan we ervoor doen? De Zorgadministratie blijf proactief m.b.t. veranderingen en bijhouden van de uitvoeringsvoorschriften, handboek ZA. We consolideren de gerealiseerde veranderingen en stabiliteit bij de Zorgadministratie. Er wordt hard gewerkt aan verder allrounder krijgen van de medewerkers, incl. de twee nieuwe collega's'. De samenwerking met de uitvoerende teams wordt hechter, door de nabijheid, eenduidigheid en de verandering in de organisatievorm. Alle ongeschreven afspraken, uitvoeringsregels in de afgelopen jaren worden verzameld en ter besluitvorming aangeboden aan de huidige verantwoordelijke medewerkers vanuit de gemeente. We blijven als vraagbaak fungeren voor de klantregisseurs en de zorgaanbieders.

4.4 Prestatie indicatoren en monitoring De instroom van werkprocessen wordt elk kwartaal binnen het team besproken. De gemaakte afspraak met de drie BBS-gemeenten om een voorgestelde voorziening binnen 10 werkdagen te initiëren en hierover te beschikken, mits de voorstellen volledig zijn. Er is regelmatig overleg met de kwaliteitsmedewerkers van de uitvoerende teams en ook wordt deelgenomen aan het regionaal overleg zorgadministraties om processen, aanstaande wijzigingen goed op te pakken.

Begroting BBS 2026 en meerjarenraming 2027-2029 (versie 0.6) dd: 23-6-2025

17

4.5 Wat kost het? Door de nieuwe inkoop binnen de Jeugdwet werd een eenmalige formatiedaling van 2 fte binnen de Zorgadministratie verwacht. Deze daling is per abuis jaarlijks vanaf 2025 doorgevoerd in de begroting. Hoewel de daling van het aantal te verwerken declaraties binnen de Jeugdwet zichtbaar is, zien we tegelijkertijd een aanzienlijke stijging in de processen binnen de WMO. De daling bleef beperkt tot 5%. Door het aanscherpen van de interne processen en het verbreden van de inzetbaarheid van medewerkers is een daling in de bezetting van 11,2 fte (jaarrekening 2022) naar 10,2 fte (2023) naar 9,8 fte (2024) gerealiseerd. Voor 2026 wordt gerekend met 9,2 fte uitgaande van een gelijkblijvend aantal werkprocessen. Voor 2027 en verder zijn nog geen verwachtingen in de omvang van de werkvoorraad concreet gemaakt noch vertaald naar personele kosten.

Programma 3a: Zorgadministratie Begroting 2024

Activiteiten

Jaarrekening 2024

917 €

Begroting 2026

€

61 €

-

Lasten

€

813 €

917 €

618 €

814 €

814 €

814 €

814

Bijdrage gemeenten: Zzorgadministratie €

-813 €

-917 €

-618 €

-814 €

-814 €

-814 €

-814

Baten

-813 €

-917 €

-618 €

-814 €

-814 €

-814 €

-814

€

-

814 €

Begroting 2029

Uitvoeringsbudget Zorgadministratie

-

814 €

Begroting 2028

€

€

618 €

Begroting 2027

Personeelskosten Zorgadministratie

€

752 €

Begroting 2025

€

-

814 €

€

-

814

€

-

Toelichting op de wijzigingen t.o.v. begroting 2025 (Programma 3a, deel Zorgadministratie) Lasten

Onderbouwing

Begroting 2025

Begroting 2026

Verschil

Zoals ook in de kadernota 2026 aangegeven worden voor 2026 de personeelskosten geraamd 3a.1

Personeelskosten

op basis van de analyse van de werklast en de

Zorgadministratie

daarvoor noodzakelijke bezetting. Voor 2026 komt

€

618 €

814 €

196

het neer op 9,2 fte. Dat is hoger dan waarmee in de meerjarenbegroting van 2025 was gerekend.

Sociale teams bij de gemeenten BBS heeft in de rol van werkgever alleen de verantwoordelijkheid voor de personele kosten van de sociale teams bij de gemeenten. In samenwerking met de teamleiders van de sociale teams zijn de personele kosten voor 2026 geraamd. Niet alle loonkosten van de sociale teams vallen binnen de scope van de BBS-begroting. Voor de gemeente Bunschoten zijn de kosten voor de teammanagers en de gedragswetenschappers binnen de scope van deze begroting opgenomen. Voor Baarn en Soest vallen de kosten voor de teammanagers en in enkele gevallen de gedragswetenschappers en de medewerkers kwaliteit en expertise buiten deze begroting van BBS, maar wel binnen de begroting van de gemeenten. In de onderlinge afstemming met de managers van de sociale teams zijn die kosten en ook de kosten voor inhuur, die in enkele gevallen nu al worden voorzien voor 2026 en de dekking vanuit andere gemeentelijke budgetten inzichtelijk gemaakt en vastgelegd.

Begroting BBS 2026 en meerjarenraming 2027-2029 (versie 0.6) dd: 23-6-2025

18

In de personele kosten van de sociale teams is een duidelijk stijgende lijn te zien. Ten opzichte van de jaarrekening 2024 is de stijging 3% voor de begrote kosten voor 2026 enerzijds het gevolg van de Cao-stijging van 2025 en 2026 en anderzijds een daling in de te verwachten inhuur.

Programma 3b: Sociale teams Begroting 2024

Activiteiten

Jaarrekening 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

Begroting 2029

Personeelskosten Sociale teams

€

5.863 €

6.223 €

5.995 €

6.747 €

6.747 €

6.747 €

6.747

Lasten

€

5.863 €

6.223 €

5.995 €

6.747 €

6.747 €

6.747 €

6.747

Bijdrage gemeenten: Sociale teams

€

-5.863 €

-6.223 €

-5.995 €

-6.747 €

-6.747 €

-6.747 €

-6.747

Baten

€

-5.863 €

-6.223 €

-5.995 €

-6.747 €

-6.747 €

-6.747 €

-6.747

Toelichting op de wijzigingen t.o.v. begroting 2025 (Programma 3b, deel Sociale Teams) Lasten

Begroting 2025

Onderbouwing

Begroting 2026

Verschil

Personele bezetting, incl. noodzakelijke inhuur conform opgave van de teammanagers sociale 3b.1

Personeelskosten

teams. Loonkosten in lijn met de Cao. Voor de

sociale teams

gemeente Bunschoten zijn ook de kosten voor de

€

5.995 €

teammanager en de gedragswetenschappers nu binnen de begroting van BBS gebracht.

4.6 Risico’s Zie paragraaf 6.1.

Begroting BBS 2026 en meerjarenraming 2027-2029 (versie 0.6) dd: 23-6-2025

19

6.747 €

752

5 PROGRAMMA 4: ONDERSTEUNING 5.1 Omschrijving Het uitgangspunt is dat in 2026 BBS niet meer bestaat en is opgegaan in Eemkracht. Een begroting daarvoor wordt nog in 2025 opgesteld. Mocht onverhoopt de ingangsdatum van 1-1-2026 voor Eemkracht niet gehaald worden dan is deze begroting de basis voor de taken, verantwoordelijkheden en middelen voor BBS in 2026. Dat betekent ook dat de bestaande DVO met de gemeente Soest voor de ondersteuning van de bedrijfsvoering van BBS het uitgangspunt blijft voor 2026 tot de ingangsdatum van Eemkracht.

5.2 Wat willen we bereiken? Het doel om in 2026 te bereiken is een succesvolle overgang naar Eemkracht met goed ingerichte (informatie)systemen, een adequate bezetting en een ingewerkt team voor de bedrijfsvoering van Eemkracht. De gezamenlijke aanbesteding voor de accountantsdiensten met Soest is in 2025 afgerond. Dat betekent dat voor de controle over het boekjaar 2025 BBS zich voorbereidt met een nieuwe accountant.

5.3 Wat gaan we ervoor doen? • • • •

Zorgen dat klanten steeds meer aanvragen digitaal kunnen regelen, zoals benoemd in de kadernota 2026 en nader toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering in deze begroting. Optimale voorbereiding op de inrichting van systemen, processen en werkwijzen in de aanloop naar de geplande transitie naar Eemkracht. Een verdere implementatie van Lean-management, zoals aangekondigd in de kadernota en in voorbereiding in 2025. Een gerichte aanpak voor het terugdringen van ziekteverzuim in aansluiting op de plannen voor vitaliteitsbevordering die in 2025 zijn ingezet. De geconstateerde oorzaken voor het relatief hoge ziekteverzuim in 2024 lagen voornamelijk in de werk-privé-balans van de medewerkers.

5.4 Prestatie indicatoren • •

Een ziekteverzuim dat niet hoger is dan het landelijk gemiddelde van 5,4% Werkprocessen die waar mogelijk en wenselijk gedigitaliseerd zijn, zoals benoemd in de Kadernota BBS 2026.

5.5 Wat kost het? Programma 4: Ondersteuning Activiteiten

Begroting

Jaarrekening

Begroting

Begroting

Begroting

Begroting

Begroting

2024

2024

2025

2026

2027

2028

2029

Personeelskosten Ondersteuning*

€

1.787 €

1.823 €

1.941 €

2.001 €

2.001 €

2.001 €

2.001

Uitvoeringsbudget Ondersteuning

€

2.131 €

2.361 €

2.217 €

2.284 €

2.284 €

2.284 €

2.284

Lasten

€

3.918 €

4.184 €

4.158 €

4.285 €

4.285 €

4.285 €

4.285

Bijdrage gemeenten: Ondersteuning

€

-3.918 €

-3.980 €

-4.158 €

-4.285 €

-4.285 €

-4.285 €

-4.285

€

-204 €

-

€

-3.918 €

-4.184 €

-4.158 €

Rente(baten) Baten

€

-

€

-4.285 €

Begroting BBS 2026 en meerjarenraming 2027-2029 (versie 0.6) dd: 23-6-2025

20

-

€

-4.285 €

-

€

-4.285 €

-4.285

* Vanaf 2026 zijn de procesregisseurs niet meer bij BBS

Toelichting op de wijzigingen t.o.v. begroting 2025 (Programma 4, Ondersteuning) Lasten

Begroting 2025

Onderbouwing

Begroting 2026

Verschil

Kostenstijging vooral veroorzaakt door de CAO4.1

Personeelskosten

stijging. De noodzakelijke personele uitbreiding

Ondersteuning*

voor de transitie naar Eemkracht is hier buiten

€

1.941 €

2.001 €

60

€

2.217 €

2.284 €

67

beschouwing gelaten. De DVO is hierbij de belangrijkste kostenpost. Blijft 4.2

Uitvoeringsbudget

in omvang van de dienstverlening gelijk aan 2025.

Ondersteuning

Kosten worden wel geïndexeerd (met 3%) door Soest

* Vanaf 2026 zijn de procesregisseurs niet meer bij BBS

5.6 Risico’s Zie paragraaf 6.1

Begroting BBS 2026 en meerjarenraming 2027-2029 (versie 0.6) dd: 23-6-2025

21

6 PARAGRAFEN 6.1 Risicobeheersing Onderstaande risico’s zijn door het MT van BBS onderkend, benoemd en gekwantificeerd. Deze risico’s zijn in lijn met voorgaande jaren in een getal uitgedrukt door de kans te vermenigvuldigen met het effect. Het is niet vertaald in een financieel risico. Als het risico zich voordoet, zal dit ten laste van de deelnemende gemeenten komen omdat BBS geen algemene reserve kent en geen weerstandsvermogen heeft. BBS heeft de ambitie om risicomanagement in 2026 naar een hoger plan te tillen met o.a. de uitwerking en implementatie van een frauderisicobeleid. Onderwerp

Oorzaak

Gevolg

Kans

Risico

Beheersmaatregel

(Omvang gevolg x Kans), schaal 0100)

Ziekteverzuim

Afbouw ziekteverzuim van ruim 8% (2024) naar 5,4% lukt minder goed dan gewenst.

Extra inhuur, stijgende kosten, aangezien met beperkte ruimte in de begroting rekening is gehouden.

H

75

Goed verzuim- en vitaliteitsbeleid, preventiemaatregelen. Niet direct inhuren bij kort verzuim en voortgang bewaken bij tussenrapportages. In de begroting is jaarlijks een bedrag van 2% van de loonkosten opgenomen.

Bestandsgroei

Economische verslechtering.

Oplopende wachttijden door stijgende workload.

M

25

Personeel

Krappe arbeidsmarkt met lange doorlooptijden voor werving en/of moeilijk vervulbare vacatures.

H

75

Niet voldoen aan de AVG

Onduidelijke regels, slordige uitvoering.

L

5

Er is een reeks maatregelen genomen die het risico zeer beperkt maken.

Fraude

Oneigenlijk gebruik middelen door eigen personeel.

Onvoldoende bezetting, wat kan leiden tot oplopende wachttijden en /of extra inzet (duur) extern personeel. Mogelijk boetes en ongewenste mediaaandacht. Onrust, negatieve aandacht.

Afgesproken groei- en krimpsystematiek personeel d.m.v. inhuur en uitwisseling werkzaamheden. Nieuwe website gericht op werving, nauwe contacten met hogescholen, afspraken met detacheringsbureaus over overname ingehuurd personeel.

L

25

Functiescheidingen en controle hierop. Jaarlijkse quick scans van potentiële risico’s. VOG-aanvragen voor nieuwe medewerkers. Opstellen en implementeren frauderisicobeleid.

Begroting BBS 2026 en meerjarenraming 2027-2029 (versie 0.6) dd: 23-6-2025

22

Veiligheid medewerkers

Agressief gedrag van klanten.

Van angst tot (im)materiële schade. En mogelijk uitval van medewerkers.

M

75

Medewerkers volgen trainingen over omgang met agressie. Zichtbare veiligheidsmaatregelen. En toepassen protocol bij huisbezoeken.

Netto gecorrigeerde schuldquote BBS heeft een schuldquote van 0%: we hebben geen langlopende leningen met rentekosten. Solvabiliteit BBS heeft geen eigen vermogen om tegenvallers zelf op te vangen. De deelnemers zullen er steeds voor zorgen dat BBS over voldoende middelen beschikt om tijdig aan haar verplichtingen tegenover derden te kunnen voldoen (artikel 19 – GR Uitvoeringsorganisatie BBS). Structurele exploitatieruimte Dit kengetal is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte een organisatie heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Dit is niet van toepassing voor BBS.

6.2 Financiering De paragraaf financiering is niet van toepassing voor BBS omdat volgens de statuten BBS geen gelden mag uitzetten of aantrekken. Op basis van de gemeenschappelijke regeling doen de deelnemende gemeenten bij voorschot betalingen voor de uitvoering van de taken. In de aanloop naar 2026 worden nieuwe afspraken voorbereid voor een vereenvoudiging van de bevoorschotting als onderdeel van de liquiditeitsplanning en het -beheer. De systematiek voor de verdeling van de kosten van BBS over de deelnemers blijft in opzet voor 2026 gelijk aan 2025 met daar waar van toepassing actualisatie van de kengetallen (zoals aantallen uitkeringsgerechtigden naar de stand van 1-1-2025). De uitwerking van een nieuwe systematiek van kostenverdeling over de deelnemende gemeenten is eveneens in voorbereiding voor de begroting van Eemkracht met een nader te bepalen ingangsdatum.

6.3 Bedrijfsvoering ICT De Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer (Wmebv) regelt dat burgers en bedrijven hun zaken die ze met de overheid moeten doen, digitaal kunnen afhandelen. Hiervoor dient niet alleen in de techniek geinvesteerd te worden, maar ook in begeleiding en nieuwe rollen. In 2026 dient in beeld gebracht te worden welke voorzieningen hiervoor er zijn, wat de investering hiervan zal zijn en/of er samenwerking komt met de BBS gemeenten om hierin samen op te trekken, dan wel apart te organiseren en/of aan te schaffen. Naast de drie fte voor de huidige kernapplicatie van BBS, noodzakelijk voor beheer van de Suite, zijn er geen verdere rollen en ondersteuning in de ICT binnen de formatie van BBS aanwezig. De ict projectleider, welke buiten de dvo met Soest valt, en daarom door BBS wordt ingehuurd dient daarom ook in 2026 voortgezet te worden. Naast de kernapplicaties, de Suite, zijn er diverse applicatie die iet alleen beheerd dienen te worden, maar ook gezorgd te worden dat de medewerkers deze goed kunnen gebruiken. Te denken valt aan office365, zaaksysteem.nl, verdere verbetering en ondersteuning in documentbeheer (Xential), de nieuwe site voor organisatie, intranet, digitale aanvragen, "mijn Begroting BBS 2026 en meerjarenraming 2027-2029 (versie 0.6) dd: 23-6-2025

23

inkomen” etc. Deze ontwikkeling en vooral de inbedding in de organisatie kan zonder extra ondersteuning niet tot stand komen. De begroting van deze kostenpost is niet opgevoerd, in afwachting van de a.s. samenwerking binnen het sociaal domein. De verwachting is dat er in 2026 wel een extra impuls komt als gevolg van de samenwerking binnen het sociaal domein. Het huidige klantvolgsysteem dat BBS bij Werk en Inkomen gebruikt (Suite Sociaal domein) voldoet niet meer aan de huidige normen, zoals die van de accountant met betrekking tot de aanbestedingsregels. Om deze reden moet het systeem worden vervangen. Het besluit is genomen om de aanbesteding pas op te starten als de nieuwe uitvoeringsorganisatie Eemkracht is geïmplementeerd, om te voorkomen dat er een stapeling ontstaat van wijzigingen in systemen, processen en structuren. Deze gefaseerde aanpak biedt dan voldoende tijd voor een zorgvuldig implementatie. Informatievoorziening Datagedreven werken en hiervoor managementinformatie ontwikkelen en analyseren om tijdig te kunnen sturen, juiste beslissingen te kunnen nemen is in deze tijden essentieel. Het is niet alleen nodig om de organisatie aan te sturen, maar ook om de gemeente tijdig en juist te informeren en de efficiëntie en de kosten van de informatievoorziening in beeld te houden. Ook deze taak zal in 2026 met de vorming van een nieuwe organisatie professioneler worden.

BBS is al in gesprek met de gemeente Baarn en Soest om hierin, gezien de beperkte formatie samen op te trekken. De samenwerking en kennisdeling met de BBS-gemeenten zal in 2026 alleen maar intensiever worden. Lean-management Bij BBS is de afgelopen jaren gewerkt aan het verbeteren van interne processen. Dit was nodig om knelpunten aan te pakken die mede waren ontstaan door een sterk verouderd IT-systeem en veranderende wet- en regelgeving. De invoering van de Participatiewet in Balans belooft de uitvoering eenvoudiger te maken, waardoor processen logischer en efficiënter ingericht kunnen worden. Tegelijkertijd biedt digitalisering en de mogelijkheid tot geautomatiseerde besluitvorming kansen om processen verder te optimaliseren. Dit vraagt naast de medewerkers in de uitvoering, vooral inzet van de kwaliteitsmedewerkers, De geplande investering om in 2025 alle interne processen LEAN in te richten, met daarbij de focus op digitalisering en automatisering kent zeker een vervolg in 2026. Het doel is om de processen niet alleen nog efficiënter te maken, maar ook toekomstbestendig. Hiervoor is ook scholingsbudget voor training van medewerkers nodig. Vooruitlopend op deze investering is de kostenraming van de personele kosten bij het programma 1: Inkomen naar beneden licht bijgesteld.

BBS houdt er rekening mee dat door een stapeling van activiteiten met de uitwerking van de bestuursopdracht niet het volledige besparingspotentieel in 2026 zal worden bereikt. Daarmee is de omvang van de inhuur nog niet tot nul afgebouwd in 2026. Handelen vanuit vertrouwen Vanaf 2025 kunnen klanten bij BBS steeds meer zaken digitaal aanvragen. Dit is niet alleen klantvriendelijk, maar biedt bovendien de mogelijkheid om processen te optimaliseren en kosten te besparen. Een onderdeel hiervan betreft het handelen vanuit vertrouwen door automatisch te beslissen bij zogeheten categoriale aanvragen. Dit betreft eenvoudige, enkelvoudige aanvragen voor standaardregelingen en aanvragen voor het minimafonds. De genoemde aanvragen worden, net als alle andere aanvragen voor financiële ondersteuning, in het kader van rechtmatigheid één voor één door medewerkers onderzocht en beoordeeld. In 2024 ontving BBS 2.200 van deze aanvragen, die een klantmanager gemiddeld drie kwartier per aanvraag kostten. Het plan waaraan BBS in 2025 werkt om deze automatisch te laten beslissen door middel van een computerprogramma wordt in 2026 verder uitgewerkt en geïmplementeerd. In de begroting van de personele kosten voor 2026 is reeds vooruitgelopen op een besluit over een uitgewerkt plan en is een besparing in de werkzaamheden van klantmanagers inkomen ingeboekt.

Begroting BBS 2026 en meerjarenraming 2027-2029 (versie 0.6) dd: 23-6-2025

24

7 FINANCIËLE BEGROTING In de begroting wordt aangegeven welke bijdrage elke deelnemer verschuldigd is voor de uitvoering van de taken van BBS. Het bestuur stelt een bijdragebesluit op en legt daarin de verdeelsleutel per product vast. Voorafgaand daaraan worden de raden in de gelegenheid gesteld daarover zienswijzen in te dienen. In onderstaande paragrafen zijn per gemeente en per programma de lasten en baten inzichtelijk gemaakt en getotaliseerd. Aansluitend is een totaaloverzicht van de lasten en baten voor BBS weergegeven. Voor de 4 programma’s van BBS zijn waar mogelijk en wenselijk de lasten per activiteit binnen een programma uitgesplitst. Alleen voor programma 1 is een onderscheid gemaakt in de baten tussen de ‘opbrengsten derden’ (in de vorm van terugvorderingen en/of boetes) en de bijdragen van de gemeenten. De totale lasten verminderd met die ‘opbrengsten derden’ zijn de werkelijke bijdrage van de gemeenten. Op hoofdlijnen zijn de volgende trends relevant voor een beschouwing op de begroting 2026 (zie voor de onderbouwing de cijfers in bijlage 2): • De totale lasten zullen naar verwachting in 2026 met 12,3% stijgen t.o.v. de begroting voor 2024, maar met 3,6% t.o.v. de realisatie in 2024. • Bij de jaarrekening 2024 is al geconstateerd dat zowel bij de personele kosten als bij de uitgaven voor de 4 programma’s de realisatie 8,4 % hoger uitviel dan begroot.

• De begroting 2025 is 3,5% lager dan de realisatie in 2024 en is te verklaren door het grote tijdsverschil tussen het opstellen van de begroting door BBS en de kostenontwikkelingen in 2024. • In 2025 zijn stappen gezet om het realiteitsgehalte van de BBS-begroting te vergroten door intensiever overleg en afstemming met de gemeenten en het management van BBS. • Zonder de personele kosten en de kosten voor de ‘overhead’ van BBS zullen naar verwachting de uitgaven in 2026 voor de programma’s 1 t/m 3 met 14,5% stijgen t.o.v. de begroting van 2024. De stijging van de personele kosten is beperkt tot 9,3%. Voor een belangrijk deel verklaard door de CAO-stijging en de noodzaak tot inhuur om het ziekteverzuim op te vangen. Voor een deel verklaard door de geplande bezuinigingen door de maatregelen die in de begroting zijn toegelicht bij de verschillende programma’s.

7.1

Bijdrage deelnemers in de organisatiekosten van BBS

De volgende tabel geeft de variabelen weer die BBS gebruikt voor de verdeling van de lasten over de deelnemende gemeenten via een verdeelsystematiek. In enkele gevallen zijn de personele kosten direct toewijsbaar per gemeente, zoals voor de sociale teams en de dienstverlening van BBS op het gebied van Schuldhulpverlening alleen t.b.v. Soest. Voor de overige personele kosten en de materiële kosten t.b.v. de bedrijfsvoering van BBS worden verdeelsleutels gehanteerd, die zijn gebaseerd op een vastgestelde verdeelsystematiek en geactualiseerd naar de afgesproken standaarden in 2025. Een ander uitgangspunt is dat de kosten voor de procesregisseurs (interventiespecialisten) nog in 2025 worden overgeboekt naar de gemeente Bunschoten en daardoor niet zijn meegenomen in de kosten voor 2026 voor BBS. Het exploitatiesaldo van BBS over een kalenderjaar wordt, op basis van de door het bestuur vastgestelde verdeelsleutel, met de deelnemende gemeenten verrekend.

Begroting BBS 2026 en meerjarenraming 2027-2029 (versie 0.6) dd: 23-6-2025

25

Baarn

Bijdrage deelnemers organisatiekosten 2026 C liënten (aantallen)

Stand per 1-1-2025

Schuldhulpverlening

Bezetting in FTE

Sociale teams

Bezetting in FTE

Zorgadministratie

Bezetting in FTE

Bunschoten

Soest

356

190

14,8 2,5

19,1 2,2

804 595 165

416 308 155

Totaal

Verdeelsleutel

644 1,7 39,3 4,6

1190 1,7 73,3 9,2

1.406 1.041 320 152

2.625 1.944 640 152

6.747 Directe toerekening

Bedragen x € 1000 Inkomen (cliënten)

Personeelskosten

Participatie (cliënten)

Personeelskosten

A

Inburgering

Personeelskosten

Schuldhulpverlening (FTE)

Personeelskosten

Soc team (FTE)

Personeelskosten

1.340

1.725

3.683

Zorgadministratie

Personeelskosten

226

189

399

Interventiespecialist

Personeelskosten

Overige kosten ondersteuning

Materiële budgetten

181

107

341

629

C

Inkomen

Materiële budgetten Materiële budgetten

177 203

91 105

Schuldhulpverlening

Materiële budgetten

Sociale teams

Materiële budgetten

Zorgadministratie

Materiële budgetten

577 662 39 167 210 1.655 698 800 47 202 254 2.001

A

Arbeidsparticipatie

17.207

A F 100% Soest

814

G Vervallen

Ondersteuning:

Personeelskosten

Arbeidsparticipatie

Personeelskosten

Schuldhulpverlening

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15772378/1