CConstaterende datBunschoten
Koppel je AI →
Document · PDF

Nota van beantwoording ingebrachte zienswijzen d d 3 november 2020

Gemeenteraad 27 mei 2021, gemeente BunschotenBij agendapunt: RV 1160675 Verzoek verklaring van geen bedenkingen aanvraag omgevingsvergunning Celsiusweg 7-92.858 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Nota van beantwoording ingebrachte zienswijzen m.b.t. aanvraag om omgevingsvergunning voor het verbouwen en vergroten van een voormalig kantoorpand naar een logiesgebouw en het plaatsen van een (calamiteiten)brug aan de Celsiusweg 7-9 te Bunschoten-Spakenburg ----------------------------------------------------------------------------------------1. Er wordt gevreesd voor overlast (vooral in de weekenden en ’s nachts) Reactie: In de nabije omgeving is reeds een logiesgebouw voor arbeidsmigranten gerealiseerd. Hierdoor kan er een reëel beeld geschapen worden of de vrees voor overlast gegrond kan zijn. Bij de politie en bij het team samenleving van de gemeente waar openbare veiligheid onderdeel van uitmaakt, is navraag gedaan. Voor de locatie Amersfoortseweg 16 zijn er geen meldingen bekend en ook binnen de directe omgeving hebben er de afgelopen periode geen incidenten in het kader van overlast plaatsgevonden. Gebeurtenissen met geweld, zoals die in het verleden zijn voorgevallen betreffen incidenten die op zichzelf moeten worden gezien. Juist door het realiseren van een logiesgebouw met fatsoenlijke leefomstandigheden voor arbeidsmigranten in combinatie met het toezicht wordt de kans op incidenten of overlast zoveel mogelijk verkleind. De kans op overlast kan toenemen ingeval van te weinig privacy waardoor men de straat op gaat.

Dit wordt met het realiseren van een logiesgebouw zoveel mogelijk gemeden. Binnen het logiesgebouw is er geen sprake van overbevolking in een te kleine (woon)ruimte. Op basis van de tekeningen, behorende bij de aanvraag om omgevingsvergunning wordt er voldaan aan de normen en kunnen er maximaal twee personen per kamer verblijven. Daarnaast zijn er ook een aantal kamers aanwezig waar men alleen kan verblijven. Hierdoor blijft de onderlinge privacy zoveel mogelijk gewaarborgd. Een onveilig gevoel in het kader van overlast van de arbeidsmigranten, hangjongeren, andere onbevoegden e.d. in de omgeving van het logiesgebouw kan op dit moment voor de locatie Celsiusweg 7-9 niet worden voorzien. Om op voorhand al te stellen dat arbeidsmigranten overlast veroorzaken is in strijd met de in de Grondwet opgenomen grondrechten, namelijk recht op gelijke behandeling en het discriminatieverbod. Mocht blijken dat er sprake is van overlast e.d., zal er op de gebruikelijke wijze opgetreden worden. In onze Algemene Plaatselijke Verordening (APV) staan hierover, in artikel 2.47, bepalingen opgenomen. Daarnaast is de politie, bij calamiteiten, bevoegd om tot optreden over te gaan. 2. Er is onvoldoende geborgd dat er daadwerkelijk sprake is van een logiesgebouw Reactie: De aanvraag om omgevingsvergunning betreft het verbouwen en vergroten van een voormalig kantoorpand naar een logiesgebouw.

Mocht in de toekomst blijken dat er niet in overeenstemming met de omgevingsvergunning gehandeld wordt, dan kan ons college tot handhavend optreden overgaan. Tevens dient er op basis van artikel 2:38 van de APV een nachtregister aanwezig te zijn waaruit opgenomen kan worden of er daadwerkelijk sprake is van een logiesgebouw. Noordberg B.V. heeft aangegeven dat het pand verhuurt zal worden aan Mc Do-It. Met de plaatselijke uitzendorganisaties, waaronder Mc Do-It is een convenant ondertekend waarin afgesproken is dat de gemeente toe zal zien op de naleving van het bijhouden van het nachtregister. Alle uitzendorganisaties die het convenant ondertekend hebben, hebben ermee ingestemd dat dit register bij navraag direct beschikbaar is. Daarnaast voldoet het plan aan het landelijke woonkeurmerk van de Stichting Normering Flexwonen, worden er huisregels opgesteld en is een specifieke beheerder 24/7 verantwoordelijk gesteld voor de locatie. Op basis van een uitspraak van de Rechtbank Midden Nederland onder nummer ECLI:NL:RBMNE:2016:2456 kan gesteld worden dat voldoende gemotiveerd is dat dit plan inpasbaar is in de omgeving en zodanig niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening.

3. De functie van de (calamiteiten)brug is onduidelijk en de plaatsing van de brug en de uitrit van het perceel leidt tot een verkeersonveilige situatie Reactie: Voor voetgangers en fietsers komt er door middel van een brug een rechtstreekse verbinding met de Amersfoortseweg. De ontsluiting van het perceel vindt plaats via de Celsiusweg. Het is een gegeven dat ten opzichte van de huidige in ruste zijnde kantoorlocatie, er na realisatie van het bouwplan meer verkeersbewegingen plaats zullen vinden. Dit is ten aanzien van het te realiseren gebouw niet onaanvaardbaar en tast een goed woon- leefklimaat niet aan. Er is alleen maar sprake van bestemmingsverkeer. De vrees dat de brug leidt tot een sluiproute is ongegrond. De brug geeft toegang tot het terrein van initiatiefnemer. Dit is een particulier terrein en niet toegankelijk voor onbevoegden. Het ter plaatse geldende bestemmingsplan “Bedrijventerreinen-zuid” biedt mogelijkheden waarbij de verkeersbewegingen ter plaatse aanzienlijk hoger kunnen zijn. De afmetingen van het parkeerterrein en de brug voldoen aan de daaraan ten grondslag gelegde norm. Zoals het plan gepresenteerd is, leent het terrein en het omliggende gebied zich niet om hard te rijden. Er zal, wanneer er gewoon rijgedrag vertoond wordt, geen sprake kunnen zijn van een verkeersonveilige situatie.

Het is de verantwoordelijkheid van een individuele voetganger om bij schemering en avond zorg te dragen voor passende kleding/verlichting t.b.v. zichtbaarheid. -

4. In het ontwerp is geen voorwaardelijke verplichting en een instandhoudingsverplichting voor de (calamiteiten)brug opgenomen Reactie: Een voorwaardelijke verplichting is een planregel die verplicht tot het uitvoeren van bepaalde maatregelen voordat een nieuwe ontwikkeling wordt gerealiseerd. Een voorwaardelijke verplichting en een instandhoudingsverplichting is voor onderhavige aanvraag niet noodzakelijk. De brug maakt onderdeel uit van de aanvraag om omgevingsvergunning en dient in dit kader ook te worden aangelegd. Initiatiefnemer heeft overigens te kennen gegeven er geen problemen mee te hebben wanneer de (calamiteiten)brug wel als voorwaardelijke verplichting wordt opgenomen. Volgens initiatiefnemer zijn er namelijk geen goede redenen te bedenken, waarom de brug, na aanleg, weer gesloopt zal worden. Dit is ook een enorme kapitaalvernietiging. 5. Een verkeerskundig rapport ontbreekt/verkeersonveilige situatie Reactie: Voor onderhavige aanvraag achten wij geen verkeerskundig rapport noodzakelijk. Er zal sprake zijn van een toename van het aantal voertuigbewegingen van personenauto’s ten opzichte van de huidige situatie. Dit aantal zal echter vergelijkbaar zijn met een kantoorgebouw dat op grond van het bestemmingsplan ook is toegestaan.

Verkeersbewegingen in de weekenden en avonden zijn van ondergeschikte betekenis omdat er dan op het bedrijventerrein toch al veel minder verkeersbewegingen zijn. Voor de locatie is in het verleden een omgevingsvergunning verleend voor het oprichten van een vrieshuis. Deze vergunning is onherroepelijk en realisatie van dit plan is direct uitvoerbaar. Het grote voordeel van het voorliggende plan ten aanzien van het vrieshuis is dat het nu gaat over personenauto’s en fiets-/voetbewegingen en niet om zwaar vrachtverkeer. De wegen op het bedrijventerrein “de Kronkels” kunnen dit, gelet op de 30 km zone, de breedte en de inrichting van de wegen, qua verkeersintensiteit gemakkelijk aan. Daarbij dient in aanmerking genomen te worden dat de fiets-/en voetbewegingen hoofdzakelijk via het fietspad aan de Amersfoortseweg plaats zullen vinden. Het terrein van initiatiefnemer is particulier terrein. Bij normaal rijgedrag zal er geen sprake zijn van een verkeersonveilige situatie. Het blokkeren van een in-/uitrit is uiteraard niet toegestaan. 6. De gehanteerde parkeernorm is te laag Reactie: Bij de aanvraag om omgevingsvergunning is berekend hoeveel parkeerplaatsen er noodzakelijk zijn om onderhavige aanvraag uit te kunnen voeren. Deze berekening is tot

stand gekomen aan de hand van de kencijfers van CROW en de door het college d.d. 14 januari 2014 vastgestelde parkeernormen (beleidsregels). Deze kencijfers zijn algemeen erkend. De norm voor “zelfstandige kamerverhuur” is bepaald op 0,6 tot 0,7 per kamer. Uitgaande van 0,7 zijn er 35 parkeerplaatsen nodig voor 50 (woon)units. Uit de bij de aanvraag behorende tekeningen blijkt dat er 45 parkeerplaatsen aangelegd kunnen worden. Het aantal parkeerplaatsen is dan ook ruim voldoende en voldoet aan de norm. Er kan niet gesteld worden dat de parkeernorm te laag is. 7. Onduidelijk is in hoeverre er voldoende parkeerplaatsen op het perceel kunnen worden gerealiseerd Reactie: Bij de aanvraag omgevingsvergunning is een situatietekening gevoegd. Op deze tekening is een parkeerterrein gesitueerd waaruit geconcludeerd kan worden dat er 45 parkeerplaatsen aangelegd gaan worden. Gezien de grootte van het terrein is het niet aannemelijk dat dit aantal niet gerealiseerd wordt. -

8. Een voorwaardelijke verplichting en een instandhoudingsverplichting voor het aantal parkeerplaatsen ontbreekt Reactie: Voor het aanleggen van de parkeerplaatsen is geen voorwaardelijke verplichting noodzakelijk. Er dient, ten aanzien van de aanvraag om omgevingsvergunning, in voldoende parkeerplaatsen te worden voorzien. Indien blijkt dat het benodigde aantal niet aangelegd wordt of dat er parkeerplaatsen in de toekomstige situatie onbruikbaar zijn, kan ons college tot handhavend optreden overgaan. 9. In het geluidrapport wordt niet inzichtelijk gemaakt met welke waarden er wordt gerekend Reactie: Zoals in de memo van de RUDUtrecht (d.d. 22 februari 2017 kenmerk 599730) is aangegeven zijn logiesgebouwen conform de landelijke richtlijn “Ruimte voor arbeidsmigranten” geen geluidgevoelige gebouwen in het kader van de Wet milieubeheer. Derhalve hoeft er niet getoetst te worden aan de geluidsnormen uit deze regelgeving. Om toch een aanvaardbaar woonklimaat voor de arbeidsmigranten te kunnen garanderen is als geluidseis een binnenniveau van 35 dB(A) geëist, zie bijlage. Aan dit binnenniveau van 35 dB(A) dient te worden voldaan. Mocht blijken dat deze waarde niet gehaald wordt, kan er tot handhavend optreden worden overgegaan. 10. Het geluidrapport houdt geen rekening met piekgeluiden Reactie: Zie reactie onder 9. 11.

Het geluidrapport houdt onvoldoende rekening met het behouden van een goed woon- en leefklimaat op de rest van het perceel Reactie: Zie reactie onder 9. 12. Het plan is niet in overeenstemming met de provinciale structuurvisie Reactie: De Provinciale Ruimtelijke Structuurvisie 2013-2028 (herijking 2016) (PRS) is opgesteld om te zorgen voor een blijvend aantrekkelijke provincie. Via haar ruimtelijke beleid draagt de provincie bij aan een kwalitatief hoogwaardige fysieke leefomgeving, waarin het ook in de toekomst plezierig wonen, werken en recreëren is. In de Provinciale verordening wordt als provinciaal belang aangedragen dat kantorenleegstand tegen moet worden gegaan. Het ontwerp besluit is d.d. 15 januari 2019 ter informatie naar de provincie gemaild (in haar rol als toezichthouder). Van de provincie is geen reactie ontvangen waaruit wij mogen concluderen dat zij akkoord gaan met het plan en er dan ook geen strijdigheid is met de provinciale structuurvisie.

Het plan is juist een voorbeeld van intensief/zorgvuldig ruimtegebruik. Het sluit aan op provinciaal beleid dat uitgaat van inbreiding in plaats van uitbreiding en het doel om leegstand van kantoren terug te dringen. 13. Het plan is niet in overeenstemming met de toekomstvisie van de gemeente Bunschoten Reactie: In de toekomstvisie Bunschoten 2025, vastgesteld in 2013, staat opgenomen dat het belangrijk is dat mensen prettig kunnen werken in Bunschoten. Bunschoten telt circa 2.025 bedrijfsvestigingen. De gemeente heeft een open houding richting deze bedrijven met het oog op de economische ontwikkelingen en kansen. Dit blijkt ook uit het feit dat de gemeente veelal positief meedenkt bij uitbreidingsmogelijkheden. De ontwikkeling van het bedrijventerrein Haarbrug-Zuid is hier een goed voorbeeld van. Extra uitbreidingsmogelijkheden vergt extra arbeidskrachten. Deze extra arbeidskrachten zijn vaak niet voorhanden, vandaar dat de inzet van arbeidsmigranten binnen onze gemeente van groot belang is. Er kan dan ook niet gesteld worden dat onderhavige aanvraag om omgevingsvergunning niet in overeenstemming is met onze toekomstvisie. 14. De behoefte toets is onvoldoende gemotiveerd Reactie: Door Stec groep is, namens de initiatiefnemer, een behoeftetoets opgesteld. Deze behoeftetoets is door BRO d.d.

20 mei 2020 middels het rapport “Ladder voor duurzame verstedelijking arbeidsmigranten” nader onderbouwd. In deze rapportage is de noodzaak voor een logiesgebouw onderbouwd. Hierbij wordt ook aangegeven dat de huisvesting is bedoeld voor werknemers die werkzaam zijn in Bunschoten. Dit is ook aannemelijk gezien de grote vraag en vanuit de aanzienlijke omvang van de maakindustrie in Bunschoten, de sterke groei van het aantal bedrijven de afgelopen en komend jaren plus de voorgenomen plannen voor verdere uitbreiding van de bedrijfsterreinen binnen het grondgebied van Bunschoten. Gezien dit feit en vanwege het grote woningbouwtekort in de regio is niet verdedigbaar om het verzorgingsgebied te vergroten en te stellen dat de werknemers die in Bunschoten werken zich maar moeten vestigen in omliggende gemeenten. Te meer nu er met de beoogde transformatie van dit vervallen pand een goede mogelijkheid ontstaat om de plaatselijke werknemers op een passende manier te huisvesten. Het is een feit dat er binnen onze gemeente onvoldoende bouwmogelijkheden zijn om in de woningbehoefte te voorzien. Het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB) heeft een analyse van de woningbouwprogrammering op lange termijn (2013-2014) verricht voor de Regio Amersfoort (gemeente Amersfoort, Baarn, Barneveld, Bunschoten, Eemnes, Leusden, Nijkerk, Soest en Woudenberg).

Binnen dit rapport is er voor iedere gemeente een aanbeveling gedaan. Voor Bunschoten is gesteld dat er op lange termijn sprake zal zijn van een tekort aan planaanbod (woningen) en dat extra planaanbod nodig zal zijn, met de focus op eengezinswoningen. Dit tekort is nu al merkbaar vandaar dat de gemeenteraad in zijn vergadering van 19 maart 2019 ingestemd heeft met de uitgangspunten voor een offertetraject Woonbehoefteplan 2019 en Woonvisie 2020-2015. Dit offertraject vindt één jaar eerder plaats dan gepland omdat er sprake is van een overspannen woningmarkt met sterke prijsstijgingen, waardoor de betaalbaarheid van goedkope woningen onder druk staat. Wanneer arbeidsmigranten uit bestaande eengezinswoningen, hetgeen het uitgangspunt van Mc Do-It is, naar het logiesgebouw verhuizen komen er meer eengezinswoningen binnen onze gemeente beschikbaar. Het realiseren van een logiesgebouw, op basis van particulier initiatief, is dan ook een positieve ontwikkeling. De zienswijze m.b.t. de behoeftetoets en het verzorgingsgebied kan dan ook niet worden onderschreven. In de bijlage “onderbouwing behoefte huisvesting arbeidsmigranten”, die als geactualiseerd stuk bij de aanvraag is gevoegd, wordt de behoefte voor onze gemeente nader uiteenzet. In Bunschoten is er, naast hetgeen al vergund is/c.q.

naar verwachting onder het overgangsrecht zal vallen, nog voor ca 235-350 arbeidsmigranten behoefte aan huisvesting.

15. De ruimtelijke onderbouwing is onduidelijk ten aanzien van het bepalen van het groepsrisico Reactie: In de memo van de RUDUtrecht (d.d. 22 februari 2017 kenmerk 599730) is een onderbouwing op het gebied van externe veiligheid uitgewerkt. Uit de memo blijken geen belemmeringen vanwege de groepsrisico’s van de omliggende bedrijven. Bij het bedrijf Bungas blijkt, met de eerder opgestelde QRA, dat ook het logiesgebouw geen significante invloed heeft op de hoogte van het groepsrisico. De VRU is in de gelegenheid gesteld ook over dit groepsrisico te adviseren en heeft dit d.d. 31 juli 2017 gedaan (advies met kenmerk 17.0008980). Er is d.d. 6 april 2018 een advies opgesteld. Daarbij is geconstateerd dat het geplande bouwwerk niet geheel voldoet aan de genoemde regelgeving met betrekking tot brandveiligheid. Er wordt geadviseerd om bij vergunningverlening nadere voorschriften te verbinden. Op 27 juni 2018 is er opnieuw advies gevraagd. Dit doordat er een gewijzigde tekening (DO-110 20-06-2018) was ingediend. Op basis van deze tekening heeft de VRU geconstateerd dat de aanvraag onder voorwaarden kan voldoen aan de genoemde regelgeving met betrekking tot brandveiligheid. Op 20 oktober 2020 is het plan wederom voorgelegd aan de VRU. De VRU blijft het standpunt behouden dat aan de regelgeving wordt voldaan. 16.

Het plan leidt tot waardevermindering van omliggende panden Reactie: De vrees voor waardevermindering van omliggende panden is niet aannemelijk gemaakt. Volgens vaste jurisprudentie leidt de enkele vrees voor waardevermindering niet tot het oordeel om de omgevingsvergunning niet te verlenen. De wet kent voor planschade een eigen verhaalsmogelijkheid. Indien waardevermindering wel aannemelijk wordt gemaakt zal dit financiële consequenties hebben voor de initiatiefnemer/eigenaar. De initiatiefnemer en de eigenaar hebben een planschadeovereenkomst ondertekend. In deze overeenkomst staat dat verzoeker (initiatiefnemer) zich ten behoeve van de economische uitvoerbaarheid van de maatregel bereidt verklaart de daaruit voortvloeiende voor vergoeding in aanmerking komende planschade volledig aan de gemeente te vergoeden. De economische uitvoerbaarheid is hiermee dan ook gewaarborgd. 17. Er wordt gevreesd voor een onveilige situatie op het bedrijventerrein Reactie: Zie reactie onder 1. Door de Veiligheidsregio Utrecht is op 31 juli 2017 een advies opgesteld. In dit advies zijn aanbevelingen gedaan, die bij de aanvraag om omgevingsvergunning in acht zijn genomen of na vergunningverlening in acht dienen te worden genomen. 18. Het (ontwerp)besluit is onzorgvuldige voorbereid Reactie: Het ontwerp besluit is met grote zorgvuldigheid voorbereid.

Dit blijkt ook uit de lange voorbereidingstijd die met deze aanvraag gemoeid is. Alle facetten zijn bezien en afgewogen. Van initiatiefnemer is ook d.d. 21 augustus 2019 een uitgebreide reactie ontvangen waarin, ten aanzien van de aanvraag en het gebruik, duidelijkheid geschept wordt. 19. Het besluit is, qua geluid, onvoldoende gemotiveerd Reactie: Zoals in onze reactie onder 9 is aangegeven is, ondanks de geluidsvrijstelling in de richtlijn, met de binneneis een aanvaardbaar woon/leefklimaat gemotiveerd. Daarnaast is in dezelfde memo onderbouwd dat de vestiging van dit logiesgebouw op het gebied van geluid geen belemmering vormt voor de omliggende bedrijven.

20. Er is een grote kans op toename van zwerfafval Reactie: Zwerfafval is een probleem van de gehele samenleving. Het gedrag rondom afval is in belangrijke mate afhankelijk van de groep waarmee zij zich op dat betreffende moment (willen) identificeren. Vaak betreft het de doelgroep “jongeren” maar het zou ook de doelgroep “arbeidsmigranten” kunnen zijn. Mocht blijken dat het zwerfafval rond of binnen het bedrijventerrein “De Kronkels toeneemt, zal er actie ondernomen worden. Het zal namelijk al snel, gelet op de producten, duidelijk zijn wanneer zwerfvuil afkomstig is van arbeidsmigranten. Indien hier sprake van is, zal hierover met de uitzendorganisaties afspraken worden gemaakt.

3 november 2020

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10067327/1