Kadernota begroting 2025 - 2028.pdf
Tekst van het document
KADERNOTA BEGROTING 2025 – 2028
JULI 2024
Pagina 2
Inhoudsopgave Aan de raad ............................................................................................................................................. 5 Beslispunten voor de raad ....................................................................................................................... 7 Leeswijzer ................................................................................................................................................ 9 Samenvatting resultaat .......................................................................................................................... 11 1.
Uitgangspunten kadernota begroting 2025 .................................................................................... 13
2.
Ontwikkeling algemene uitkering ................................................................................................... 17 Overzicht ............................................................................................................................................ 18
3.
Ontwikkelingen bestaand beleid noodzakelijk ............................................................................... 19 Programma Bestuur en ondersteuning .............................................................................................. 19 Programma Veiligheid ........................................................................................................................ 19 Programma Verkeer, vervoer en waterstaat ...................................................................................... 20 Programma Sport, cultuur en recreatie .............................................................................................. 20 Programma Sociaal domein............................................................................................................... 20 Programma Volksgezondheid en milieu ............................................................................................ 21 Overige ontwikkelingen ...................................................................................................................... 22 Overzicht ............................................................................................................................................ 23
4.
Majeure projecten........................................................................................................................... 25 Overzicht ............................................................................................................................................ 26
5.
Ontwikkeling lokale lastendruk ....................................................................................................... 27
6.
Voorstel perspectiefnota ................................................................................................................ 29
7.
Nieuw beleid/ wensen .................................................................................................................... 31 Programma Bestuur en ondersteuning .............................................................................................. 31 Programma Sport, cultuur en recreatie .............................................................................................. 31 Programma Sociaal domein............................................................................................................... 32 Programma Volksgezondheid en milieu ............................................................................................ 33 Overzicht ............................................................................................................................................ 34
8.
Investeringsbeeld ........................................................................................................................... 35
Bijlage Financiële perspectiefnota uitwerking begroting 2025 – 2028
Pagina 3
Pagina 4
Aan de raad Voor u ligt de kadernota begroting 2025-2028. Deze kadernota is opgesteld in een periode dat er nog onderhandeld wordt over een nieuwe regering. Dat geeft nog onzekerheid wat dit gaat betekenen voor de financiën van de gemeente de komende jaren. Het ravijnjaar is inmiddels een bekend begrip geworden en wordt zichtbaar met ingang van het jaar 2026 en verder. In deze kadernota zijn wel de voorlopige effecten van de voorjaarsnota van het Rijk verwerkt. Het belangrijkste voorstel dat het demissionaire kabinet daarin heeft opgenomen is dat de oploop van de opschalingskorting met ingang 2026 vervalt. De opschalingskorting bedroeg oorspronkelijk € 975 miljoen. Hiervan wordt nu een bedrag van € 675 miljoen weer aan het gemeentefonds toegevoegd. Er is op de situatie van het ravijnjaar geanticipeerd door vorig jaar bij de vaststelling van de programmabegroting ook de zogenaamde perspectiefnota vast te stellen. Daarin heeft college de opdracht gekregen maatregelen in beeld te brengen die leiden tot een duurzaam sluitende meerjarenbegroting. In die nota gingen we nog uit van een tekort van € 1,5 miljoen. Op basis van de ontwikkelingen in de jaarrekening 2023 moeten we constateren dat er nieuwe tegenvallers in het sociaal domein naar voren komen. Die maken dat het tekort verder oploopt. Met dat vertrekpunt zijn de maatregelen in de perspectiefnota uitgewerkt.
De Financiële perspectiefnota uitwerking begroting 2025 – 2028 (verder Financiële perspectiefnota uitwerking) is als bijlage bij deze kadernota gevoegd. Er is een mix van maatregelen in beeld gebracht die bestaat uit bezuinigingen, verhogen van de onroerendezaakbelastingen, ontwikkeling algemene uitkering en inzet van de algemene reserve. Dit betreft een opsomming en zijn nog geen definitieve bezuinigingen. Lastige keuzes, omdat in vorige kerntakendiscussies het zogenaamde “laaghangend fruit” al is geplukt. De VNG heeft geadviseerd de bezuinigingen in beeld te brengen, maar nog geen definitieve besluiten te nemen om de druk richting het Rijk hoog te houden. Ook wordt meegegeven aan te geven wat de effecten zijn voor de medebewindstaken (taken die het Rijk de gemeente oplegt). Ook heeft zij een advies gegeven over de inzet van de algemene reserve. Wij hebben daar in de Financiële perspectiefnota uitwerking een hoofdstuk over opgenomen, omdat dit ook bij de bespreking van de perspectiefnota naar voren kwam. De uitdagingen voor de komende jaren zijn groot. We zitten in een periode waarin veel investeringen op ons afkomen als gevolg van vervangingen, onderhoud en renovaties. Ook in het kader van duurzaamheid, huisvesten van statushouders, uitvoering van de spreidingswet, energietransitie en netcongestie liggen er forse uitdagingen.
Er worden verschillende beleidsdocumenten voorbereid waarin de visie op de toekomst in beeld wordt gebracht. We noemen de toekomstvisie, woonzorgvisie, centrumvisie, de visie op de binnengracht en visie nota sportaccommodaties. Aanvullend kunnen nog worden genoemd de doorontwikkeling van de samenwerkingsverbanden BLNP en BBS en de regionale opgaven. Die vragen allemaal verdere uitwerking en fasering om het qua capaciteit en financiën behapbaar te houden. Dit is voor ons reden geweest om in deze kadernota een apart hoofdstuk op te nemen over de ontwikkeling van het investeringsniveau in relatie tot de ontwikkeling van het balanstotaal en de reservepositie. We zien dat het eigen vermogen nagenoeg gelijk blijft en het vreemd vermogen daardoor toeneemt. De ontwikkeling van het solvabiliteitspercentage gaat hierdoor dalen. Vanuit een financieel verantwoord beleid en om onze voorzieningen op een adequaat niveau te houden is een verhoging van de eigen inkomsten nodig. We worden daarmee ook minder afhankelijk van de ontwikkeling van de algemene uitkering. Voldoende uitdagingen voor de behandeling van de kadernota in de raad van 4 juli 2024.
Burgemeester en wethouders, De secretaris,
de burgemeester,
Drs. J.F.H. Jennekens
M. van de Groep Pagina 5
Pagina 6
Beslispunten voor de raad De raad van de gemeente Bunschoten, gelezen de inhoud van dit voorstel voor de kadernota begroting 2025 - 2028. Besluit: 1. 2. 3. 4. 5. 6.
Akkoord te gaan met de uitgangspunten voor begroting 2025 (hoofdstuk één); Akkoord te gaan met de voorstellen ontwikkeling algemene uitkering (hoofdstuk twee); Akkoord te gaan met de voorstellen uit bestaand beleid (hoofdstuk drie); Akkoord te gaan met de voorstellen van majeure projecten (hoofdstuk vier); Akkoord te gaan met de voorstellen lokale lastenontwikkeling (hoofdstuk vijf); Een keuze te maken welke voorstellen vanuit de Financiële perspectiefnota uitwerking begroting 2025 – 2028 worden verwerkt in de meerjarenbegroting 2025 – 2028 (hoofdstuk zes); 7. Een keuze te maken welke voorstellen nieuw beleid worden meegenomen in de meerjarenbegroting 2025 – 2028 (hoofdstuk zeven); 8. Akkoord te gaan met het voorstel investeringsbeeld (hoofdstuk acht).
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Bunschoten van 4 juli 2024
De griffier,
De voorzitter,
Drs. E. Hoogstraten
M. van de Groep
Pagina 7
Pagina 8
Leeswijzer Na deze leeswijzer is een samenvatting opgenomen waarin in één oogopslag de ontwikkeling van het begrotingsresultaat 2025 – 2028 wordt weergegeven op basis van de voorstellen die in de hoofdstukken twee t/m zeven worden gedaan. In hoofdstuk één worden in het kort de kaders en uitgangspunten weergegeven die van belang zijn bij het opstellen van de begroting en deze kadernota. Hoofdstuk twee geeft de ontwikkeling van de algemene uitkering weer met als uitgangspunt de meest recente informatie vanuit het Rijk over de ontwikkeling van gemeentefonds. Hoofdstuk drie geeft de voorstellen weer die vooral betrekking hebben op het bestaande beleid en bestaande afspraken en investeringen die niet kunnen worden uitgesteld door bijvoorbeeld nieuwe wetgeving. In hoofdstuk vijf staan de ontwikkelingen binnen de lokale heffingen en het effect daarvan op de lastendruk voor burgers en bedrijven. De voorstellen die het college doet, vanuit de Financiële perspectiefnota uitwerking begroting 2025 – 2028 die als bijlage onderdeel is van deze kadernota, om tot een sluitende begroting te komen zijn opgenomen in hoofdstuk zes. In hoofdstuk zeven zijn wensen/nieuw beleid uit de organisatie opgenomen. De raad kan besluiten door amendering van bepaalde voorstellen deze mee te nemen in de op te stellen programmabegroting.
Als laatste is een hoofdstuk opgenomen over de ontwikkeling van het investeringsniveau in relatie tot het balanstotaal, de reservepositie en ontwikkeling van de solvabiliteit. Zoals aangegeven is de Financiële perspectiefnota uitwerking begroting 2025 – 2028 als bijlage toegevoegd aan deze kadernota. De opsomming die wordt genoemd zijn mogelijkheden waar de raad uit kan kiezen. Dit zijn dus nog geen concrete bezuinigingen, maar mogelijkheden.
Pagina 9
Pagina 10
Samenvatting resultaat Hieronder staat een samenvatting van de uitkomsten van alle hoofdstukken. Een - bedrag betekend een nadeel. Startpunt is het meerjarig begrotingsresultaat uit de programmabegroting 2024 – 2027. Bedragen x € 1.000,-
2025
2026
2027
2028
Begrotingsresultaat 2025-2028 basis
737
-901
-843
-843
Algemene uitkering (hoofdstuk twee)
-550
750
750
750
Bestaand beleid (hoofdstuk drie)
-1.157
-964
-864
-775
Majeure projecten (hoofdstuk vier)
-139
-366
-539
-711
Ontwikkeling lokale lasten (hoofdstuk vijf)
163
163
163
163
Totaal noodzakelijke investeringen bestaand beleid
-1.683
-417
-490
-573
Begrotingsresultaat 2025 - 2028 na noodzakelijke aanpassingen
-946
-1.318
-1.333
-1.416
Bezuinigingen
409
500
750
1.000
OZB (5% per jaar)
263
538
828
1.131
Mutatie reserve
275
350
Totaal keuzes perspectiefnota
947
1.388
1.578
2.131
Resultaat voor nieuw beleid/wensen
0
70
245
715
Nieuw beleid/wensen (hoofdstuk zeven)
-326
-337
-137
-137
Begrotingsresultaat 2025-2028
-325
-267
108
579
Keuzes die gemaakt worden vanuit Financiële perspectiefnota uitwerking (hoofdstuk zes)
Uit bovenstaande tabel blijkt dat met ingang van 2027 het resultaat voor nieuwe wensen toeneemt en er perspectief is op een structureel sluitende begroting. We willen hierbij wel de kanttekening plaatsen dat de lasten van een aantal investeringen, zoals genoemd in de laatste alinea van Aan de raad, nog niet bekend zijn. Dat geldt ook voor de compensatie van loon- en prijsstijgingen op basis van de nieuwe bbp-index via gemeentefonds in relatie tot de werkelijke loon-en prijsstijgingen. Het is daarom verstandig om een buffer te creëren.
Pagina 11
Pagina 12
1. Uitgangspunten kadernota begroting 2025 Onderstaand treft u de uitgangspunten aan die worden gehanteerd voor het opstellen van de kadernota begroting 2025 - 2028 die in de raad van 4 juli 2024 wordt behandeld.
Algemeen Uitgangspunt voor de start van de kadernota begroting 2025 is het resultaat van de meerjarenbegroting 2024 – 2027 aangevuld met de financiële effecten van de vastgestelde perspectiefnota.
Algemene uitkering Voor de ontwikkeling van de algemene uitkering wordt als uitgangspunt de meicirculaire 2024 genomen. Naar verwachting wordt die ontvangen als de kadernota al in het bestuurlijk traject zit. Er wordt dan aanvullend geadviseerd, Voor nu wordt voorlopig uitgegaan van de informatie over de ontwikkeling gemeentefonds op basis van de voorjaarsnota van het Rijk. Taakmutaties opvangen binnen budget In de uitwerking wordt ervan uitgegaan dat de kortingen in verband met mutaties op beleidsterreinen moeten worden opgevangen door de betreffende budgetten te verlagen met eenzelfde bedrag. Extra middelen voor nieuwe wetgeving worden in eerste instantie voor dat doel gereserveerd in afwachting van voorstellen. Daarmee heeft dit geen direct effect op het begrotingsresultaat.
Provinciaal toezicht Het reguliere beleid van de provincie is erop gericht dat de gemeente een meerjarenbegroting opstelt die voldoet aan de voorwaarden van een duurzaam financieel evenwicht waarbij de minimale eis geldt dat de begroting het eerste jaar reëel sluitend moet zijn, of anders in meerjarenperspectief zicht moet zijn op een sluitende begroting. Er wordt wel meer ruimte gegeven voor (structurele) inzet van de algemene reserve.
Nieuwe ontwikkelingen na vaststelling begroting 2024 Sluitingstermijn meenemen ontwikkelingen in de kadernota Nadat de begroting 2024 is vastgesteld hebben zich ontwikkelingen voorgedaan die het meerjarenbeeld 2024 - 2027 beïnvloeden. Ontwikkelingen die van invloed zijn op de kadernota worden meegenomen tot begin mei 2024 (vaststelling kadernota in het college). Het gaat dan om effecten van raad- en collegebesluiten. Nieuwe (uitstelbare) ontwikkelingen die zich daarna voordoen schuiven door naar de kadernota begroting 2026. Meerjareninvesteringsplan 2025 - 2028 Basis voor de investeringen voor de periode 2025 - 2028 zijn de geraamde investeringen voor de periode 2024 - 2027. Voor nieuwe investeringen geldt in principe dat 2028 het eerste jaar is waarvoor ze kunnen worden meegewogen. In de raming van de kapitaallasten wordt structureel rekening gehouden met een onderuitputting (door uitstel investeringen) van € 50.000,-. In de afgelopen jaren zien we dat veel geraamde investeringen doorschuiven. In de Financiële perspectiefnota uitwerking is daar ook een hoofdstuk over opgenomen. Op basis van de jaarrekening 2023 was de onderuitputting bijna € 400.000,-. We moeten toe naar een meer realistische raming van de investeringen. Daarbij betrekken we ook de investeringen op basis van de beheerplannen.
Beheerplannen Er staan een aantal beheerplannen in de planning om in 2024 – 2026 herzien te worden (wegenbeheerplan, sportvelden). De investeringen die nu in de beheerplannen bekend zijn, worden meegenomen in de begroting. Dit geldt voornamelijk voor de openbare verlichting, riolering, spelen en wegen. Nieuw beleid Nieuw beleid kan worden ingediend, waarbij moet worden aangegeven of het noodzakelijk of gewenst beleid is. Het uitgangspunt blijft dat nieuw beleid kan worden gehonoreerd als er oud beleid voor wordt ingeleverd of doordat er ruimte ontstaat vanuit de algemene middelen.
Pagina 13
Op peil houden onderhoudsvoorzieningen Reserves/voorzieningen Als algemeen uitgangspunt wordt in de kadernota begroting 2025 uitgegaan van de bestaande risicoanalyse. Die is bepalend voor de omvang van het weerstandsvermogen. De risicoanalyse wordt in 2024/2025 geactualiseerd. Beschikking reserves Er wordt niet meer structureel beschikt over de reserves om te komen tot een sluitende (meerjaren)begroting. Dit uitgangspunt blijft gehandhaafd. In de uitwerking van het advies van de VNG zal dat ons uitgangspunt zijn. Onderbesteding budget/ structurele tegenvallers Blijkt dat er voor bepaalde budgetten sprake is van structurele onderbesteding (twee jaar of meer onderbesteding) dan worden deze budgetten niet aangepast met het inflatiepercentage. Dit is nu onderdeel van de Financiële perspectiefnota uitwerking. Als er structurele tegenvallers waren die in de begroting moeten worden opgenomen (onvermijdelijk), dan wordt dit aangepast in de begroting.
Inflatiepercentage Algemeen beleid is dat de geraamde inflatie wordt verrekend met de werkelijke ontwikkeling. Omdat de inflatie ook basis voor aanpassing van de belastingtarieven is, wordt deze systematiek ook voor de belastingen toegepast. In de gepubliceerde raming door het Centraal Plan Bureau (CEP 28 februari 2024) wordt aangegeven dat de Nederlandse economie teruggaat naar een gematigd groeipad. Het overheidstekort loopt de komende jaren op. Op basis van de informatie van het CPB wordt voor 2025 een inflatiepercentage verwacht van 2,5% (hicp, inflatie, geharmoniseerde consumentenprijsindex). Op basis van deze nieuwe ramingen komt er voor 2023 een hoger percentage uit en voor 2024 een lager percentage dan waar de gemeente eerder rekening mee heeft gehouden. Het inflatiepercentage voor de begroting 2025 wordt daarmee 3,2% (1,2 - 0,5 + 2,5). Jaar
Basis inflatie
2023 2024 2025
2,9 3,2 2,5
Inflatie op basis van februari 2024 4,1 2,7
Verschil + 1,2 - 0,5
Verbonden partijen De verbonden partijen hebben een eigen begroting aangeleverd, daar is al op geadviseerd. De bijdragen uit deze vastgestelde begrotingen worden overgenomen in de gemeentebegroting. De verbonden partijen hebben een brief ontvangen met de motie die door de raad is aangenomen terughoudend te zijn met nieuw beleid voor de kadernota/begroting 2026. Subsidies Voor subsidies vanuit het subsidie jaarplan wordt ook het inflatiepercentage van 3,2% toegepast. Daarnaast is de beleidslijn dat de subsidiabele personeelsuitgaven worden aangepast in overeenstemming met de cao-afspraken. Kostenstijging werk door derden Gemotiveerd moet worden aangegeven indien aanpassing van het budget met meer dan inflatiepercentage nodig is. Anders wordt (bij geen onderbesteding) het budget verhoogt met het inflatiepercentage. Bovenstaande uitgangspunten over de inflatie gelden voor 2025, tenzij bij hoofdstuk zes het besluit wordt genomen om niet te indexeren. Dan wordt het inflatiepercentage voor 2025 0%.
Pagina 14
Omgevingswet De invoeringsdatum van de Omgevingswet was 1 januari 2024. De omgevingsvisie is vastgesteld. Een omgevingsvisie is een integrale langetermijnvisie voor de hele fysieke leefomgeving en het grondgebied van de gemeente. De komende jaren moet dat worden uitgewerkt in omgevingsprogramma’s.
Personeelskosten Voor de raming van de salariskosten wordt in basis uitgegaan van het aantal formatieplaatsen (inclusief vacatures) per 1 januari 2024 en op de groei van de gemeente. In de raming van de salarislasten wordt rekening gehouden met de lopende cao-afspraken. In de raming wordt geen rekening gehouden met een budget voor vervanging bij langdurige ziekte. Dat betekent dat in de tussentijdse bestuursrapportages het risico bestaat dat het salarisbudget moet worden bijgesteld om de taken te kunnen blijven uitvoeren. Waar mogelijk wordt een deel van de formatie doorbelast aan investeringen en grondexploitaties. Het blijft belangrijk dit te monitoren en bij te sturen als de investeringen teruglopen of de grondexploitaties onder druk komen te staan.
Samenwerking bedrijfsvoering BLNP (Bunschoten, Leusden, Nijkerk en Putten) en BBS (Baarn, Bunschoten, Soest) Naast de organisatieontwikkeling speelt ook nadrukkelijk de samenwerking met betrekking tot de bedrijfsvoering in BLNP-verband. In deze samenwerking ligt de focus op de drie K’s, kwaliteitsborging, vermindering kwetsbaarheid en kansen voor medewerkers. In het kader van de AVG en fiscale regelgeving is onderzocht of de regeling zonder meer nog voldoet om de samenwerking succesvol te laten zijn. Medio 2024 worden verdere besluiten genomen over de doorontwikkeling van BLNP. In het kader van de samenwerking binnen het sociaal domein is een bestuursopdracht vastgesteld voor doorontwikkeling van de samenwerking binnen BBS. Aanleiding voor het besluit is de gezamenlijke ambitie om de samenwerking zo vorm te geven dat deze van meerwaarde is voor de inwoners van de drie gemeenten. Samenwerking in een zelfstandige, professionele en robuuste organisatie, waar passende hulp en steun voor inwoners in de eigen gemeente zo integraal mogelijk wordt gerealiseerd, is de beste oplossing voor hoge kwaliteit, continuïteit en efficiency.
Belastingen en rechten Algemeen Effecten voor de lokale heffingen die voortvloeien uit de Financiële perspectiefnota uitwerking zijn bij dit onderdeel nog niet meegenomen. In 2024 is niet het volledige inflatiepercentage meegenomen in de tarieven voor de lokale heffingen, terwijl de kosten wel zijn gestegen (met name door cao-ontwikkelingen). Er is toen uitgegaan van 6,4% in plaats van 9,6%. Het verschil van 3,2% is een jaar uitgesteld en wordt voor 2025 als inhaalpercentage meegenomen. Onroerendezaakbelastingen Algemeen uitgangspunt is dat de tarieven jaarlijks worden aangepast met het inflatiepercentage, dat is voor 2025 3,2%. Totaal inclusief inhaaleffect een stijging van 6,4% voor 2025. 100%-kostendekkende activiteiten Afvalstoffenheffing Algemeen uitgangspunt is aanpassing met het inflatiepercentage plus eventuele extra stijging wanneer dit nodig is om te komen tot een 100%-kostendekking. Uitgangspunt is dat er binnen periode van de meerjarenbegroting niet meer structureel wordt beschikt over de egalisatiereserve reiniging. Voor 2025 wordt dit een stijging van 6,4% (inclusief inhaaleffect). Rioolrechten Algemeen uitgangspunt is aanpassing met het inflatiepercentage plus eventuele extra stijging wanneer dit nodig mocht zijn om te komen tot een 100%-kostendekking.
In het verbreed gemeentelijk rioleringsplan (vGRP) zijn afspraken gemaakt over een extra stijging van de rioolrechten om te sparen voor investeringen in de toekomst via de voorziening toekomstige vervangingsinvesteringen. In de
Pagina 15
systematiek van het sparen voor nieuwe investeringen is het de wens dat bedrag extra aan de voorziening toe te voegen. Voor 2025 wordt dit een stijging van 6,4% (inclusief inhaaleffect). Marktgelden Uitgangspunt is 100% kostendekking. Algemeen uitgangspunt is dat de tarieven jaarlijks worden aangepast met het inflatiepercentage, dat is voor 2025 3,2%. Totaal inclusief inhaaleffect een stijging van 6,4% voor 2025. Begraafrechten Uitgangspunt voor de begraafrechten is 100% kostendekking. Op basis van eerdere besluitvorming is onderzoek gedaan naar de mate van kostendekkendheid van de tarieven waarbij het serviceniveau en kostentoerekening zijn betrokken. Daarbij is afgesproken om de tarieven één keer per vijf jaar tegen het licht te houden, als het gaat om de kostendekkendheid en dan zo nodig bij te stellen. Algemeen uitgangspunt is dat de tarieven jaarlijks worden aangepast met het inflatiepercentage, dat is voor 2025 3,2%. Totaal inclusief inhaaleffect een stijging van 6,4% voor 2025. Leges publiekszaken Voorgesteld wordt de leges aan te passen met het inflatiepercentage. Voor 2025 wordt dit een stijging van 6,4% (inclusief inhaaleffect). Leges omgevingsvergunningen (effect WKB) De leges worden aangepast met het inflatiepercentage. Voor 2025 wordt dit een stijging van 6,4% (inclusief inhaaleffect).
In de meerjarenbegroting 2025 - 2028 is voor de opbrengst omgevingsvergunning rekening gehouden met een opbrengst op basis van een vijf-jaargemiddelde waardoor grote schommelingen geneutraliseerd worden. De uitkomst daarvan wordt nog wel afgezet tegen de bouwplanning in 2025. Overige belastingen en rechten Algemeen uitgangspunt is dat de tarieven jaarlijks worden aangepast met het inflatiepercentage, dat is voor 2025 3,2%. Totaal inclusief inhaaleffect een stijging van 6,4% voor 2025.
Rente financieringstekort/ kapitaalverstrekking t.b.v. grondexploitatie De investeringen die de gemeente de komende jaren gaat doen moeten worden betaald. Er wordt kritisch gekeken of dat betaald kan worden van de beschikbare geldmiddelen of dat er geld moet worden geleend. Bij de paragraaf Financiering in de begroting, wordt in beeld gebracht hoeveel geld er nodig is en voor welke periode dat nodig is. Als er geld wordt geleend moet daar rente over worden betaald. Voor overheidsinstellingen als de gemeente gelden andere tarieven dan voor particulieren. Momenteel is te zien dat de rentepercentages voor langlopende leningen nog hoog zijn >3%. Voor een 10-jarige lening ligt dat op 3,14% en voor een 25-jarige lening op 3,19%. De verwachting is dat de rentetarieven gaan dalen als de inflatie op een redelijk niveau blijft. Met name de ontwikkeling van de loonkosten is een aandachtspunt. Er worden nog steeds cao’s afgesloten tegen percentages die boven niveau inflatie liggen. Voorgesteld wordt uit te blijven gaan van een percentage van 3. Onvoorzien De post onvoorzien wordt voor de begroting 2025 minimaal gesteld op € 100.000,-. Eventuele beslissingen over de post onvoorzien in hoofdstuk zes is hier nog niet meegenomen.
Pagina 16
2. Ontwikkeling algemene uitkering De ontwikkeling van de algemene uitkering in dit hoofdstuk is gebaseerd op de informatie vanuit de voorjaarsnota van het Rijk. Onderstaand de belangrijkste punten die verder worden uitgewerkt bij de meicirculaire 2024. De punten in de Voorjaarsnota kennen meerdere onderdelen, met ieder een eigen uitwerking/afspraak: 1. Bijstelling accrespercentages van Miljoenennota 2024 (september 2023) naar percentages uit het CEP 2024 (februari 2024). Dit is een reguliere bijstelling die jaarlijks plaatsvindt. Uitgangspunt is dat de lagere indexcijfers ook een positief effect hebben op de lastenbudgetten (lagere inflatie). 2. Bijstelling accrespercentages (prijs en volume) als gevolg van de omzetting naar bbpsystematiek, vanaf 2024. Deze omzetting wordt financieel gecompenseerd door het Rijk. 3. Opschalingskorting. Vanaf 2026 wordt de oploop niet meer doorgezet. Vanaf 2026 wordt hierdoor € 675 miljoen structureel toegevoegd aan het gemeentefonds. In ruil daarvoor betalen gemeenten eenmalig € 675 miljoen in 2025. 4. Voor indexering zorgkosten: Vanaf 2026 wordt een bedrag gereserveerd, oplopend van € 75 miljoen in 2026, € 150 miljoen in 2027, € 225 miljoen in 2028 en € 300 miljoen vanaf 2029. Dit wordt gereserveerd op de Aanvullende Post, en wordt dus nog niet gestort in het gemeentefonds in de meicirculaire 2024.
De punten 1, 2 en 4 worden meegenomen bij het opstellen van de programmabegroting 2025, omdat dit een relatie heeft met de loon- en prijsontwikkeling. Het blijft spannen of deze compensatie voldoende is om de werkelijke ontwikkeling van de lonen en prijzen te dekken. In deze kadernota beperken we ons tot het effect dat genoemd wordt onder punt 3. Voor Bunschoten betekent dit een positief effect met ingang van 2026 van € 650.000,- structureel. Daar staat echter tegenover dat we nog een incidenteel nadeel moeten meenemen van € 650.000,- in 2025. Vooraankondiging indexatie stijgende zorgkosten Wmo In de Voorjaarsnota 2024 is toegelicht dat het Rijk en gemeenten werken aan de beheersbaarheid van de uitgaven van gemeenten en de wettelijke zorgtaken Wmo. De verwachting is dat in de toekomst (een nader te bepalen deel van de) Wmo niet langer via de algemene uitkering van het gemeentefonds gaat, maar via een aparte financiering. Hiervoor wordt gekeken naar de opties van een Bijzondere Fonds Uitkering of een constructie als de BUIG (bijstand). Vooruitlopend op de gekozen bekostigingsvorm wordt onderzoek gedaan naar een passende geobjectiveerde indexering, die ook rekening houdt met kostenontwikkeling en demografie/vergrijzing. Het Rijk heeft in de Voorjaarsnota alvast een reservering opgenomen voor een aanvullende indexering voor demografie boven op de bbp-systematiek.
Vanaf 2026 is een reservering opgenomen van € 75 miljoen oplopend tot € 300 miljoen in 2029. Het streven is dat er met ingang van 2026 nadere afspraken zijn. In de meicirculaire 2024 wordt deze reservering nog niet verwerkt. Omdat het een compensatie is voor loon- en prijsontwikkeling wordt dit nu niet in de kadernota als extra inkomst verwerkt. Bezuiniging Rijk Jeugdzorg In de voorjaarsnota heeft het Rijk opgenomen dat het niet lukt de taakstellende bezuiniging op de jeugdzorg, die voor rekening komt van het Rijk, al in 2025 in te vullen. Invoering is nu voorzien met ingang van 2026. Dit betekent dat de korting op het gemeentefonds van € 511 miljoen wordt teruggedraaid. In onze begroting hadden wij, overeenkomstig de afspraken, deze bezuiniging aan de uitgaven kant opgenomen als een stelpost lagere kosten jeugdzorg. Ook die wordt teruggedraaid. Dus per saldo een budgettair neutraal effect. Voor onze gemeente ging het om een bedrag van € 500.000,-. Afrekening btw-compensatiefonds: Uit de voorjaarsnota blijkt dat gemeenten in 2023 minder BTW hebben gedeclareerd bij het btwcompensatiefonds (BCF) dan het beschikbare plafond. Het bedrag dat niet is besteed wordt toegevoegd aan het gemeentefonds. Het gaat om een bedrag van € 214 miljoen over 2023. In de septembercirculaire werd al een bedrag uitgekeerd van € 359 miljoen. Totaal over 2023 dus een onderbesteding van € 573 miljoen.
In onze meerjarenbegroting hebben wij een bedrag geraamd in Pagina 17
meerjarenperspectief van € 300.000,-. De provinciale richtlijn geeft aan dat wij de ontwikkeling BCF mogen ramen als structureel dekkingsmiddel op basis van de meest recent vastgestelde afrekening. Dat betekent dus op basis van de € 573 miljoen. Vorig jaar bij de kadernota is besloten deze lijn aan te houden. Omgerekend voor Bunschoten kan nog afgerond € 200.000,- als extra dekking worden meegenomen. De vraag is of dit realistisch is. Wij stellen voor 50% nu mee te nemen in afwachting van de ontwikkeling 2024.
Overzicht In onderstaande tabel een samenvatting. De bedragen in deze tabel zijn inkomsten ( - = nadeel). (bedragen x € 1,-) Vervallen opschalingskorting Korting accres (eenmalig) Bezuiniging Rijk jeugdzorg Afrekening btw-compensatiefonds
2025 -650.000 100.000
2026 650.000 100.000
2027 650.000 100.000
2028 650.000 100.000
Totaal
-550.000
750.000
750.000
750.000
Pagina 18
3. Ontwikkelingen bestaand beleid noodzakelijk In dit hoofdstuk worden de voorstellen opgenomen op basis van het bestaande beleid en die niet uitstelbaar zijn of besluiten die al door de raad zijn genomen.
Algemeen Aanpassingen in verband met inflatie en areaaluitbreiding worden gedekt vanuit de accresontwikkeling (bijstelling loon- en prijsontwikkeling) van de algemene uitkering. In hoofdstuk twee over de ontwikkeling van de algemene uitkering is daar rekening mee gehouden.
Programma Bestuur en ondersteuning Commissie Bestuur en Financiën, portefeuillehouders M. van de Groep en R.J. Beukers
Taakveld Overhead Bijdrage Archief Eemland Vanwege een actualisering van Archief Eemland is een herberekening gemaakt van de kosten. Sinds de totstandkoming in 1998 is deze niet actief geïndexeerd. De kosten worden naar rato op basis van het aantal fte van de deelnemer doorberekend. Budgetverhoging vanaf 2025 structureel
€
25.000,-
Uitbreiding integratieplatform Bij de kadernota 2023 is budget aangevraagd voor dit onderdeel. Er werd uitgegaan van drie koppelingen per jaar, maar dit zijn er 10. Er is € 10.000,- extra nodig. Het gemeentelijk applicatielandschap is er de laatste jaren niet eenvoudiger op geworden. Er komen steeds meer applicaties bij en deze worden (in de ideaalsituatie) ook allemaal aan elkaar gekoppeld. Dit gebeurt niet alleen met applicaties binnen de gemeente, maar ook met applicaties die elders staan. Vanuit het perspectief van informatieveiligheid is in 2019 een aanbesteding gedaan en sindsdien zijn veel koppelingen gelegd via het integratieplatform. Vanuit de organisatie blijft de behoefte groot om applicaties aan elkaar te koppelen waardoor het beschikbare structurele budget moet worden uitgebreid. Het voordeel van een integratieplatform is dat koppelingen bij vervanging van applicaties hergebruikt kunnen worden. Op lange termijn zal deze structurele inzet weer afnemen vanwege de common ground beweging die door de VNG is ingezet. Hierbij worden de gegevens alleen bij de bron opgeslagen en geraadpleegd. Budgetverhoging vanaf 2025 structureel
€
10.000,-
Programma Veiligheid Commissie Bestuur en Financiën, portefeuillehouder M. van de Groep.
Taakveld Openbare orde en veiligheid Bijdrage DierenZorg Eemland Gemeente Bunschoten heeft een contract met DierenZorg Eemland voor de wettelijke taken van het in bewaring nemen en vervoeren van zwerfdieren en de opvang van afstandsdieren. Het contract is sinds 2011 niet meer herzien. Op dit moment betaald de gemeente € 0,63 per inwoner. Om aan te sluiten bij de kosten die DierenZorg Eemland maakt moet de gemeente € 2,28 per inwoner bijdragen. In overleg is voorgesteld om vanaf 2025 een tarief van € 1,- per inwoner te hanteren. Voor de jaren na 2025 wordt een P.M. post opgenomen, omdat nog met de andere drie gemeenten (de Bilt, Soest en Eemnes) afstemming moet plaatsvinden om toe te groeien naar het tarief dat DierenZorg Eemland voor ogen heeft. Budgetverhoging 2025 structureel Budgetverhoging vanaf 2026 structureel
€ €
10.000,P.M. Pagina 19
Programma Verkeer, vervoer en waterstaat Commissie Ruimte, portefeuillehouder R.J. Beukers. Voor het taakveld havens is P. van Asselt portefeuillehouder, commissie Samenleving.
Taakveld Verkeer en vervoer Rehabilitatie asfaltwegen In het Beheerplan Wegen 2022 – 2026, vastgesteld in de gemeenteraad van 8 juli 2021, zijn de rehabilitatiekosten van asfaltwegen tot en met 2030 inzichtelijk gemaakt. De investering voor 2028 wordt nu aangegeven. Investering 2028
€
900.000,-
kapitaallasten € 32.000,-
Programma Sport, cultuur en recreatie Commissie Samenleving, portefeuillehouder P. van Asselt. Voor het taakveld Openbaar groen en (openlucht) recreatie is W. de Jong portefeuillehouder, commissie Ruimte.
Taakveld Openbaar groen en (openlucht) recreatie Parkeerterrein ’t Kleine Zeetje In het meerjareninvesteringsplan is al jaren een budget van € 100.000,- gereserveerd voor het opknappen en uitbreiden van de parkeervoorziening tussen de gebouwen bij jachthaven Nieuwboer en recreatiegebied 't Kleine Zeetje. Door de beoogde bouw van een hotel in dat gebied moet deze parkeervoorziening worden uitgebreid. Daarnaast is het de bedoeling een kwaliteitsverbetering door te voeren door onder andere de betonstenen te vervangen voor gebakken materialen en het inpassen van meer groen en verbetering van de verlichting. De kosten zijn begroot op € 372.000,-. Vanuit de ontwikkelaar wordt een bijdrage ontvangen (door grondverkoop en extra bijdrage) van ongeveer € 360.000,-. De bijdrage mogen we in mindering brengen op de investering, waardoor dit om en nabij budgetneutraal is. Investering 2025 incidenteel
€
272.000,-
Programma Sociaal domein Commissie Samenleving, portefeuillehouder P. van Asselt .
Taakveld Arbeidsparticipatie Softwarepakket WorkIT Het UWV gaat de softwarepakketten WBS en Sonar vervangen door een nieuw systeem (WorkIT). In de huidige situatie hebben gemeenten toegang tot deze pakketten om regionaal informatie te kunnen delen over werkgevers, vacatures en kandidaten en hoeven zij daar niet voor te betalen. In de toekomst krijgen gemeenten geen toegang meer tot het nieuwe systeem van UWV, maar wordt het mogelijk om door een koppeling gegevens over werkzoekenden en vacatures buiten het systeem van UWV en een door de gemeenten aan te schaffen systeem met elkaar uit te wisselen. Deze koppeling wordt door het UWV, de VNG en het ministerie van Sociale zaken en werkgelegenheid ontwikkeld en heet VUM (Verbeteren Uitwisselen Matchingsgegevens). Regionaal is besloten gezamenlijk op te trekken en de software gezamenlijk aan te schaffen via een aanbesteding. Deze software connect dan met VUM. Vanaf 2026 wordt dit verwerkt in de begroting van BBS. Investering 2025 incidenteel Budgetverhoging vanaf 2026 structureel
€ €
30.000,3.000,-
kapitaallasten € 7.800,-
Pagina 20
Taakveld Huishoudelijke hulp (Wmo) Tarieven huishoudelijke hulp In de nieuwsbrief sociaal domein bent u geïnformeerd over de lopende discussie met een aantal zorgaanbieders Huishoudelijke Hulp over de tarieven. Zij geven aan dat de tarieven waarvoor ze hebben ingeschreven niet voldoen aan de definitie van reële kostprijs. Dit heeft ertoe geleid dat er een onafhankelijk onderzoek is gedaan naar de reële kostprijs en daar komt uit naar voren dat die inderdaad hoger liggen dan het tarief waarvoor de aanbieders hebben ingeschreven. Als er van de nieuwe tarieven wordt uitgegaan moet het budget voor de huishoudelijke hulp met € 250.000,- worden verhoogd. De verwachting is dat de tarieven voor Huishoudelijke hulp in het kader van mantelzorg gelijk worden getrokken met die van de Huishoudelijke hulp. Dat geeft nog een extra nadeel van € 50.000,-. Budgetverhoging vanaf 2025 structureel
€
300.000,-
Taakveld Jeugdhulp ambulant Kosten jeugdzorg Uit de voorlopige cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek blijkt dat het aantal jongeren in de jeugdzorg landelijk gestegen is met 2,2 procent ten opzichte van 2021. Uit de voorlopige cijfers voor Bunschoten blijkt dat in 2023 15,74% van de jongeren tot en met 17 jaar jeugdzorg kreeg ten opzichte van 12,78% in 2021. We zien dit terug in de oplopende kosten voor jeugdzorg. Over het jaar 2023 moeten we constateren dat er nog steeds sprake is van een groei van de kosten. Dat geldt met name voor de Breed Spectrum Aanbieders en het perceel ambulante behandeling jeugd. Voorlopig verwachten wij dat de kosten nog hoog blijven en dat een extra budget nodig is van € 900.000,-. De maatregelen die worden doorgevoerd op basis van de voorstellen van de taskforce jeugd hebben tijd nodig voordat het effect daarvan zichtbaar wordt in de kosten. Budgetverhoging vanaf 2025 structureel
€
900.000,-
In relatie met de stijging van de kosten van de jeugdzorg stellen wij voor de veranderopgave van de nieuwe zorgaanbieder MetMaya hier ook bij te betrekken. Om deze taakstelling richting de aanbieders in beeld te houden en daar ook op te sturen stellen wij voor deze nu ook in de begroting op te nemen. Wij gaan uit van een gefaseerde invulling van € 100.000,- in 2025 oplopend naar € 500.000,- in 2028.
Programma Volksgezondheid en milieu Taakveld Volksgezondheid valt onder de commissie Samenleving, portefeuillehouder P. van Asselt. De taakvelden Riolering, Afval en Begraafplaatsen en crematoria horen bij de commissie Ruimte, portefeuillehouder W. de Jong. Begraaf beleid hoort bij M. van de Groep, commissie Bestuur en Financiën.
Taakveld Riolering Bijdrage Platform Water en uitvoeringsteam (UVT) Door uitbreiding van de taken en de formatie van de uitvoeringsorganisatie van het Platform Water Vallei en Eem is een verhoging van de jaarlijks bijdrage noodzakelijk. Budgetverhoging vanaf 2025 structureel
€
12.000,-
Gemeentelijk Water en Rioleringplan (GWRP) Vanuit het GWRP is de investering voor 2028 € 1.200.499,-. Dit is voor o.a. de overstort Gerbrandysingel, Sluisweg en Eemdijk. Een kast, elektrotechnisch en mechanisch deel hoofdgemalen Haarbrug Noord, Zevenhuizerstraat 285 en Haarbrug Zuid en voor het half afkoppelen van de Oranjebuurt en vervangen van leidingen. Investering 2028
€ 1.200.499,-
kapitaallasten € 48.000,Pagina 21
Taakveld Milieu Energieloket Het is wettelijk verplicht om een energieloket te hebben als gemeente. Op dit moment is er al een energieloket, maar de kosten waren nog niet structureel opgenomen in de begroting. Budgetverhoging vanaf 2025 structureel
€
8.000,-
Overige ontwikkelingen Vrijval kapitaallasten De vrijval van de kapitaallasten voor 2024 - 2027 is al in de meerjarenbegroting verwerkt. De vrijval voor 2028 is geraamd op totaal € 75.000,-. Hiervan heeft een bedrag van € 34.000,- betrekking op vervangingsinvesteringen en is dus nodig voor dekking vervanging. Een bedrag van € 36.000,- heeft betrekking op vrijval van lasten kostendekkende tarieven. Dit laatste heeft geen budgettair effect, omdat dit wordt verrekend met de betreffende egalisatiereserves. Een bedrag van € 5.000,- heeft een budgettair effect en wordt nu meegenomen.
Pagina 22
Overzicht In dit overzicht staan alle voorstellen bestaand beleid. Het - bedrag staat voor een bezuiniging. Bedragen x € 1,Onderwerp Programma Bestuur en ondersteuning
2025 Investering
2026
2027
2028
(Kapitaal)lasten
Bijdrage Archief Eemland
25.000
25.000
25.000
25.000
Uitbreiding integratieplatform
10.000
10.000
10.000
10.000
10.000
10.000
10.000
10.000
900.000
-
-
-
16.000
272.000
-
-
-
-
30.000
3.900
10.800
10.800
10.800
300.000
300.000
300.000
300.000
Programma Veiligheid Bijdrage DierenZorg Eemland Programma Verkeer, vervoer en waterstaat Rehabilitatie asfaltwegen Programma Sport, cultuur en recreatie Parkeerterrein 't Kleine Zeetje Programma Sociaal domein Softwarepakket WorkIT Tarieven huishoudelijke hulp Kosten jeugdzorg
900.000
900.000
900.000
900.000
Veranderopgave MetMaya
-100.000
-300.000
-400.000
-500.000
12.000
12.000
12.000
12.000
-
-
-
24.000
8.000
8.000
8.000
8.000
1.168.900
975.800
875.800
815.800
12.000
12.000
12.000
36.000
Programma Volksgezondheid en milieu Bijdrage Platform Water en UVT Gemeentelijk Water en Rioleringplan Energieloket Totaal lasten noodzakelijke investeringen Dekking egalisatiereserve riolering Vrijval kapitaallasten Totaal beschikbare dekkingsmiddelen Totaal netto last noodzakelijke investeringen
1.200.499
5.000 12.000
12.000
12.000
41.000
1.156.900
963.800
863.800
774.800
Pagina 23
Pagina 24
4. Majeure projecten In dit hoofdstuk zijn de voorstellen opgenomen die onderdeel uitmaakten van de perspectiefnota. De raad heeft besloten dat de projecten waarvoor nog geen krediet is verstrekt worden opgenomen in de kadernota. Om daar invulling aan te geven worden die voorstellen in dit hoofdstuk weer opgenomen. We hebben daarbij een splitsing aangebracht in de voorstellen waarvoor de raad al krediet heeft verstrekt, maar de lasten nog niet in de begroting zijn verwerkt (wel onderdeel van de perspectiefnota), en de voorstellen waarvoor nog geen krediet is verstrekt. In onderstaande tabel zijn de investeringen opgenomen met de jaarlasten waarvoor al een krediet beschikbaar is gesteld. Een - bedrag staat voor een positief effect. Bedragen x € 1,Onderwerp
2025 Investering
2026
2027
2028
(Kapitaal)lasten
Semi permanente sporthal
3.200.000
96.000
192.000
192.000
192.000
Aanleg extra kunstgrasveld
800.000
17.333
34.667
34.667
34.667
1.548.000
Overname areaal openbare verlichting
-87.675
-87.675
-87.675
-87.675
Rente-effect
55.000
111.000
111.000
111.000
Totaal lasten genomen besluiten
80.658
249.992
249.992
249.992
Raadsvoorstel 1180182 Nota Sportaccommodaties 2024 – 2027 ▪ Verduurzaming De Kuil Investering 2027 incidenteel
€ 3.000.000,-
kapitaallasten € 180.000,-
▪ Renovatie De Toekomst Investering 2025 incidenteel
€
kapitaallasten €
100.000,-
6.000,-
Raadsvoorstel 1213663 IHP 2024 – 2027 ▪ Uitbreiding Oostwende college Investering 2027 incidenteel
€ 2.100.000,-
kapitaallasten € 63.000,-
▪ Uitbreiding ’t Kruisrak Investering 2025 incidenteel € 2.960.000,kapitaallasten € 89.000,De investering heeft ook betrekking op de kinderopvang voor € 1.264.000,-. Dit deel is geen last voor de gemeente, want dit komt terug via de marktconforme huurtarieven. ▪ Uitbreiding De Vlucht Investering 2025 incidenteel € 1.791.000,kapitaallasten € 53.700,De investering heeft ook betrekking op de kinderopvang voor € 892.000,-. Dit deel is geen last voor de gemeente, want dit komt terug via de marktconforme huurtarieven.
Pagina 25
Overzicht In dit overzicht staan nog te nemen besluiten. Bedragen x € 1,Onderwerp
2025 Investering
Verduurzaming De Kuil De Toekomst
2026
2027
2028
(Kapitaal)lasten
3.000.000
-
-
90.000
180.000
100.000
3.000
6.000
6.000
6.000
Uitbreiding Oostwende college
2.100.000
-
-
31.500
63.000
Uitbreiding 't Kruisrak
2.960.000
44.500
89.000
89.000
89.000
Uitbreiding De Vlucht
1.791.000
26.850
53.700
53.700
53.700
Rente-effect 2%
49.000
97.000
148.000
199.000
Totaal lasten gewenste investeringen
123.350
245.700
418.200
590.700
Doorbelasten kinderopvang
64.680
129.360
129.360
129.360
Totaal beschikbare dekkingsmiddelen
64.680
129.360
129.360
129.360
Resterende last gewenste investeringen
58.670
116.340
288.840
461.340
Pagina 26
5. Ontwikkeling lokale lastendruk In dit hoofdstuk wordt op hoofdlijnen ingegaan op de ontwikkeling van de lokale lastendruk. De voorstellen die het college doet (hoofdstuk zes) in het kader van de maatregelen uit de Financiële perspectiefnota uitwerking zijn in deze paragraaf wel meegenomen. Onroerendezaakbelasting Het voorstel is om de onroerendezaakbelasting (ozb) voor woningen en niet-woningen aan te passen met 6,4%. De extra stijging van 3,2% betekent een extra inkomst van € 163.200,- (structureel). Vanuit de Financiële perspectiefnota uitwerking wordt voorgesteld de onroerendezaakbelasting (ozb) met 5% extra per jaar te laten stijgen. Voor 2025 is dat een extra opbrengst van € 263.000,- oplopend tot € 1.131.000,- in 2028. Tarief- en heffingsscenario afvalstoffenheffing Op basis van de huidig beschikbare informatie voor 2025 is de verwachting dat aanpassing met inflatiepercentage van 6,4 volgens de uitgangspunten voldoende is. Vanuit de Financiële perspectiefnota uitwerking wordt voorgesteld de lasten van de uitvoeringskosten GBLT voor een bedrag van € 50.000,- door te belasten aan de afvalstoffenheffing. De verwachting dat hiervoor geen extra stijging nodig is. Rioolrechten In het vastgestelde rioolbeheerplan is geen extra stijging meer voorzien boven het inflatiepercentage.
Er wordt voorgesteld om alleen het inflatiepercentage voor 2025 van 6,4 toe te passen volgens de uitgangspunten. Begraafrechten Begraafrechten Uitgangspunt is een sluitende exploitatie van de begraafplaatsen. Op basis van eerdere besluitvorming is onderzoek gedaan naar de mate van kostendekkendheid van de tarieven waarbij het serviceniveau en kostentoerekening zijn betrokken. Er wordt voorgesteld om alleen het inflatiepercentage voor 2025 van 6,4 toe te passen volgens de uitgangspunten. Marktgelden Uitgangpunt blijft een 100% kostendekking bij een 100% bezetting op de markt en zo nodig een extra (gefaseerde) stijging om tot 100% kostendekkendheid te komen. Op deze wijze worden de bestaande markthandelaren niet onevenredig hoog belast als er geen volledige bezetting van de markt is. Er wordt voorgesteld om alleen het inflatiepercentage voor 2025 van 6,4 toe te passen volgens de uitgangspunten. Lokale lastendruk Op basis van de voorgaande voorstellen wordt voor 2025 een gemiddelde lokale lastendruk verwacht van 8,4%. Hierbij is rekening gehouden met de voorstellen vanuit de perspectiefnota.
Pagina 27
Pagina 28
6. Voorstel perspectiefnota In dit hoofdstuk wordt aangegeven wat het college voorstelt om te bezuinigen. Om te komen tot een sluitende meerjarenbegroting loopt het niveau van de bezuinigingen op naar € 1.000.000,- in 2028. Om niet in één keer deze volledige opgave in te vullen stelt het college voor deze bezuinigingen fasegewijs in te voeren in vier stappen. € 409.000,€ 500.000,€ 750.000,€ 1.000.000,-
2025 2026 2027 2028
(+ € 91.000,-) (+ € 250.000,-) (+ € 250.000,-)
Ieder jaar wordt bij de kadernota dan een aanvullend deel van de bezuinigingsopgave ingevuld, oplopend naar het totale bedrag van € 1 miljoen in 2028. Het college stelt voor om voor 2025 minimaal € 409.000,- te bezuinigen. Dit kan worden bereikt door de onderuitputting van (afgerond) € 117.000,- te verwerken (hoofdstuk één van de Financiële perspectiefnota uitwerking). Aanvullend door het uitvoeren van vier voorstellen uit hoofdstuk twee van de Financiële perspectiefnota uitwerking per 1 januari 2025, voor een totaal bedrag van € 292.000,-. Het gaat hierbij om voorstellen die op korte termijn geregeld kunnen worden. -
Onderuitputting verwerken
€
117.000,-
-
Geen inflatie op huidige budgetten en subsidies toepassen* Onvoorzien bijstellen Perceptiekosten GBLT toerekenen aan afvalstoffenheffing Subsidie doelgroeppeuters uit OAB verwerken
€ € € €
167.000,50.000,50.000,25.000,-
Totaal
€
409.000,-
* Door de budgetten en subsidies te bevriezen (geen inflatie doorberekenen), ontstaat er ruimte die is berekend op afgerond € 500.000,-. Voor een aantal budgetten kan dit (nog) niet worden gerealiseerd en gaan we uit van een bezuiniging van 1/3e van het voorgestelde bedrag wat neerkomt op een bedrag van € 167.000,-. Aanvullend stelt het college voor een extra verhoging van 5% per jaar van de onroerendezaakbelasting. Dit betekent voor 2025 een extra opbrengst van € 262.500,-. In 2028 loopt dit op naar € 1.331.408,-. Het restant dat dan nog benodigd is om het te tekort te dekken wordt via een incidentele onttrekking van de algemene reserve ingezet. Dit is in overeenstemming met de voorschriften van de VNG zoals toegelicht in hoofdstuk vier van de Financiële perspectiefnota uitwerking.
Pagina 29
Pagina 30
7. Nieuw beleid/ wensen In dit hoofdstuk zijn wensen opgenomen voor nieuw beleid. Daarnaast zijn er twee onderwerpen vanuit het coalitieakkoord opgenomen. Voor deze twee onderwerpen was bij de behandeling van Kadernota 2024 – 2027 een amendement ingediend om deze opnieuw mee te wegen bij Kadernota 2025 – 2028.
Programma Bestuur en ondersteuning Commissie Bestuur en Financiën, portefeuillehouders M. van de Groep en R.J. Beukers.
Taakveld Overhead Onderzoek Huis van de Gemeente In het coalitieakkoord is opgenomen dat het gemeentehuis het Huis van de gemeente moet zijn. Multifunctioneel gebruik is daarbij het uitgangspunt. Onder alle omstandigheden blijft het mogelijk dat mensen met fysieke belemmeringen ook het gemeentehuis kunnen bezoeken. Dit onderzoek heeft ook raakvlakken met het opstellen van een dienstverleningsconcept. Investering 2025 incidenteel
€
30.000,-
kapitaallasten € 8.000,-
Digitalisering archief bouwdossiers Vanuit perspectief van 24/7 digitale dienstverlening is het een wens om de 325 meter aan bouwdossiers te digitaliseren. De digitale bouwdossiers worden ontsloten via de e-depot voorziening die Bunschoten al heeft afgenomen bij Archief Eemland. Met uitzondering van dossiers van monumentale panden kunnen de dossiers worden vernietigd wat op termijn bespaart op archiefbeheer. Daarnaast scheelt dit veel intern verkeer van de diverse afdelingen naar de archiefkluis. Uit een markconsultatie blijkt dat digitalisering ongeveer € 900,- per meter kost. Daarnaast kunnen in BLNP verband een aantal ingewerkte medewerkers met afstand tot de arbeidsmarkt voor dit project gedurende de looptijd van het project worden ingehuurd. Budgetverhoging 2025 en 2026 incidenteel
€
200.000,-
Programma Sport, cultuur en recreatie Commissie Samenleving, portefeuillehouder P. van Asselt. Voor het taakveld Openbaar groen en (openlucht) recreatie is W. de Jong portefeuillehouder, commissie Ruimte.
Taakveld Sportbeleid en activering Trimbaan In het coalitieakkoord is opgenomen dat er een trimbaan wordt aangelegd, waarbij realisatie hiervan bij ’t Kleine Zeetje een mogelijkheid is. Dekking voor deze investering is te vinden in de egalisatiereserve corona. Het bedrag wordt ineens onttrokken aan de reserve corona en toegevoegd aan de reserve dekking kapitaallasten. De jaarlijkse lasten worden vervolgens gedekt uit deze reserve Investering 2025 incidenteel
€
50.000,-
kapitaallasten € 6.000,-
Taakveld Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie Viering 80 jaar bevrijding In 2025 is het 80 jaar geleden dat Nederland werd bevrijd. De verwachting is dat diverse instanties hierbij willen stilstaan. De gemeente wil hiervoor maximaal € 10.000,- bijdragen. Budgetverhoging 2025 incidenteel
€
10.000,-
Pagina 31
Taakveld Openbaar groen en (openlucht) recreatie Onderhoud sanitaire voorzieningen Havenstraat Op dit moment is het nog onduidelijke welke partij verantwoordelijk is voor het grootschalige onderhoud van de sanitaire voorzieningen bij de Havenstraat. De Watersportvereniging is belast met het groot onderhoud, maar het is onbekend of zij over het benodigde budget beschikken. Indien wordt besloten dat de gemeente het groot onderhoud op zich neemt, zal de terugbetaling geregeld worden binnen een herzien huurcontract. Budgetverhoging 2025 incidenteel
€
P.M.
Pergola Kolkplein Op 29 juni 2023 heeft de gemeenteraad de Motie 5 ‘Overkapping Kolkplein’ unaniem aangenomen. Het college stelt voor om te kiezen voor de schetsvariant ‘Pergola’ als voorkeursvariant voor de ruimtelijke inpassing en de verschijningsvorm van een overkapping op het Kolkplein Investering 2025 incidenteel
€
45.000,-
kapitaallasten € 3.500,-
Programma Sociaal domein Commissie Samenleving, portefeuillehouder P. van Asselt.
Taakveld Samenkracht en burgerparticipatie Uitvoering Beleidskader Sociaal Domein 2024 - 2027 In het nieuwe integraal beleidskader Sociaal Domein 2024-2027 is vastgelegd dat de benodigde middelen voor specifiek activiteiten, die niet uit IZA/GALA kunnen worden bekostigd, jaarlijks worden aangeboden via een bestedingsvoorstel. Ontwikkelen en opgroeien Voor 2025 komt dat neer op bedrag € 5.000,- voor continuering van het project Samen op de Bank (vanaf schooljaar 2025/2026). Dit is laagdrempelig maatschappelijk werk op (een aantal) scholen in het primair onderwijs. Dit project is opgezet vanuit de Nationaal programma onderwijs middelen (NPO) ten tijde van corona en van toegevoegde waarde in het kader van preventie. In diezelfde tijd is met behulp van corona-steunpakketten gestart met extra inzet van straatwerk bij de Boei dat zowel voor zorg als veiligheid toegevoegde waarde heeft. Continuering vanaf 2025 vraagt een investering van € 22.000,-. En er is ingezet op cybercriminaliteit bij jongeren via het programma Hackshield. Om dit door te zetten is € 5.000,- nodig. De maatregelen Taskforce Jeugd vragen een investering van € 35.000,- voor een project Vinger aan de Pols van MEE bedoeld om uitstroom uit specialistisch zorg te bespoedigen door inzet van lichtere, soms langdurige support in de thuissituatie.
Daarnaast is voor Kamers met Aandacht, momenteel gefinancierd vanuit een tijdelijk rijksbudget Aanpak dak- en thuislozen, rekening gehouden met gewenste continuering vanaf 2026 voor een bedrag van € 15.000,Voortkomend uit het coalitieakkoord is een investering van € 5.000,- voor een anti-pestenpact en een bedrag van € 10.000,- bedoeld als uitvoeringsbudget voor de Lokale Inclusie Agenda. Budgetverhoging vanaf 2025 structureel Budgetverhoging vanaf 2026 structureel
€ €
82.000,97.000,-
Gezond en actief leven Een structurele subsidie ter ondersteuning van Waypoint van € 20.000,- als laagdrempelige voorziening in het kader van de aanpak middelengebruik en tevens een P.M. post voor uitwerking aanpak alcohol en drugs. Budgetverhoging vanaf 2025 structureel
€
20.000,- + P.M.
Pagina 32
Sterke sociale basis Voor de uitwerking van de toekomstige Uitvoering Sociaal domein, waaronder de ontwikkeling van een integrale toegang, wordt een P.M. post opgevoerd. €
P.M.
Totaal budgetverhoging vanaf 2025 structureel € Totaal budgetverhoging vanaf 2026 structureel €
102.000,117.000,-
Budgetverhoging vanaf 2025 structureel
Buitenspeeldag Op woensdag 12 juni is de Nationale Buitenspeeldag, een initiatief van Jantje Beton, waarbij heel Bunschoten-Spakenburg wordt aangemoedigd om buiten te gaan spelen. NBSS heeft de Buitenspeeldag al drie jaar op rij groots georganiseerd, wat een groot succes was. Eerder werd de buitenspeeldag gefinancierd vanuit coronagelden. Budgetverhoging vanaf 2025 structureel
€
8.000,-
Programma Volksgezondheid en milieu Taakveld Volksgezondheid valt onder de commissie Samenleving, portefeuillehouder P. van Asselt. De taakvelden Riolering, Afval en Begraafplaatsen en crematoria horen bij de commissie Ruimte, portefeuillehouder W. de Jong. Begraafbeleid hoort bij M. van de Groep, commissie Bestuur en Financiën .
Taakveld begraafplaatsen en crematoria Herinrichting en drainage deelfase 3 Memento Mori Na het ruimen in 2024 ontstaat de gelegenheid om een grote herinrichting uit te voeren. Met dit werk wordt ondergronds de drainage vernieuwd, wordt bovengronds het maaiveld op niveau gebracht en wordt de indeling van het grafveld en paden geoptimaliseerd. Hierna kan de gemeente op die plek nieuwe graven blijven uitgeven die drie lagen diep zijn in plaats van twee. Dit levert de gemeente meer inkomsten op, geeft een impuls aan de beeldkwaliteit van de begraafplaats en stelt de ontwikkeling van een nieuwe derde begraafplaats uit. De lasten kunnen gedekt worden uit de exploitatie van de begraafplaatsen begraafrechten. Investering 2025 incidenteel
€
250.000,-
kapitaallasten € 7.500,-
Pagina 33
Overzicht In dit overzicht staan de wensen. Bedragen x € 1,Onderwerp
2025 Investering
2026
2027
2028
(Kapitaal)lasten
Programma Bestuur en ondersteuning Onderzoek Huis van de Gemeente
30.000
Digitalisering archief bouwdossiers
4.000
8.000
200.000
200.000
8.000
8.000
Programma Sport, cultuur en recreatie Trimbaan
50.000
3.000
6.000
6.000
6.000
10.000
-
-
-
P.M.
P.M.
P.M.
P.M.
1.750
3.500
3.500
3.500
102.000
117.000
117.000
117.000
8.000
8.000
8.000
8.000
3.750
7.500
7.500
7.500
Totaal lasten gewenste investeringen
332.500
350.000
150.000
150.000
Reserve corona/ dekking kapitaallasten
3.000
6.000
6.000
6.000
Egalisatiereserve begraafrechten
3.750
7.500
7.500
7.500
Totaal beschikbare dekkingsmiddelen
6.750
13.500
13.500
13.500
Resterende last gewenste investeringen
325.750
336.500
136.500
136.500
Viering 80 jaar bevrijding Onderhoud sanitaire voorzieningen Havenstraat Pergola Kolkplein
45.000
Programma Sociaal domein Uitvoering beleidskader Sociaal Domein 2024 - 2027 Buitenspeeldag Programma Volksgezondheid en milieu Herinrichting en drainage deelfase 3 Memento Mori
250.000
Pagina 34
8. Investeringsbeeld In dit hoofdstuk wordt het investeringsbeeld van de gemeente gepresenteerd. Doordat de komende jaren veel wordt geïnvesteerd, stijgt het balanstotaal. Daarnaast is er ook geld nodig om aan de financiële verplichtingen te voldoen, waardoor het noodzakelijk is om geld te lenen (vreemd vermogen). Door reserves ook in te zetten als dekkingsmiddel voor het tekort, daalt het eigen vermogen. Hierdoor daalt ook het solvabiliteitspercentage. In het coalitieakkoord is afgesproken dat het solvabiliteitspercentage minimaal op 30% ligt. Het solvabiliteitspercentage geeft een indicatie waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Het eigen vermogen (reserves) wordt uitgedrukt in een percentage van het balanstotaal. Bij de jaarrekening 2023 is dit percentage 37,2%. Hieronder is een voorlopige indicatie gegeven van het te verwachten balanstotaal, de ontwikkeling van de reserves en het effect op de solvabiliteit de komende jaren. € 120.000.000
40,0% 35,0%
€ 100.000.000
30,0% € 80.000.000
25,0% Reserves
€ 60.000.000
20,0% 15,0%
€ 40.000.000
Totale balans
Solvabiliteit
10,0% € 20.000.000
5,0%
€-
0,0% 2023
2024
2025
2026
2027
2028
Op basis van bovenstaande grafiek zien we dat het solvabiliteitspercentage in meerjarenperspectief uitkomt op 28% in 2028. Om de norm van 30% zoals afgesproken in het coalitieakkoord te bereiken is een versterking nodig van het eigen vermogen van afgerond € 2,1 miljoen. Wij stellen voor nu geen verdere maatregelen te nemen om dit te bereiken. Wij verwachten dat dit gerealiseerd kan worden door de incidentele verkoop van grond van de vrijgekomen schoolgebouwen. In de grafiek die hiernaast staat is het investeringsniveau voor de komende jaren in beeld gebracht. Daarin komt naar voren dat de verdeling per jaar onevenwichtig is en met name in het eerste jaar de investeringen hoog zijn.
€ 16.000.000 € 14.000.000 € 12.000.000 € 10.000.000 € 8.000.000 € 6.000.000 € 4.000.000 € 2.000.000 €2024
2025
2026
2027
2028
Pagina 35