CConstaterende datBunschoten
Koppel je AI →
Document · PDF

Kadernota begroting 2023 geactualiseerd

Gemeenteraad 23 juni 2022, gemeente BunschotenBij agendapunt: RV 1169954 - Kadernota begroting 2023 - 20267.595 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

KADERNOTA BEGROTING 2023 - 2026 GEACTUALISEERD

JUNI 2022

Pagina 2

Inhoudsopgave Aan de raad ............................................................................................................................................. 5 Beslispunten voor de raad ....................................................................................................................... 7 Leeswijzer ................................................................................................................................................ 9 Samenvatting resultaat .......................................................................................................................... 11 1.

Uitgangspunten kadernota begroting 2023 .................................................................................... 13

2.

Ontwikkeling algemene uitkering ................................................................................................... 17

3.

Ontwikkelingen bestaand beleid noodzakelijk ............................................................................... 19 Programma Bestuur en ondersteuning .............................................................................................. 19 Programma Verkeer, vervoer en waterstaat ...................................................................................... 20 Programma Sport, cultuur en recreatie .............................................................................................. 20 Programma Sociaal domein............................................................................................................... 20 Overzicht ............................................................................................................................................ 21

4.

Majeure ontwikkelingen (coalitieakkoord) ...................................................................................... 23 Programma Bestuur en ondersteuning .............................................................................................. 23 Programma Verkeer, vervoer en waterstaat ...................................................................................... 23 Programma Economie ....................................................................................................................... 24 Programma Sport, cultuur en recreatie .............................................................................................. 24 Programma Sociaal domein............................................................................................................... 25 Overzicht ............................................................................................................................................ 26

5.

Nieuw beleid/ wensen .................................................................................................................... 27 Programma Verkeer, vervoer en waterstaat ...................................................................................... 27 Programma Sport, cultuur en recreatie .............................................................................................. 28 Programma Volkshuisvesting, leefomgeving en stedelijke vernieuwing ........................................... 28 Overzicht ............................................................................................................................................ 28

6.

Ontwikkeling lokale lastendruk ....................................................................................................... 29

Pagina 3

Pagina 4

Aan de raad Er zijn weinig jaren geweest dat we vanuit een normale situatie een kadernota op hebben gesteld voor de meerjarenbegroting. Dit jaar springt daar echter ver bovenuit als we kijken naar de ontwikkelingen in de wereld. Er is een oorlog gaande tussen Rusland en Oekraïne waarvan de effecten worden gemerkt in ons eigen land en in Bunschoten. We zien een grote stroom vluchtelingen die een veilig heenkomen zoeken in andere landen. In onze eigen gemeente zijn drie gemeentelijke opvanglocaties ingericht en een groot aantal particulieren heeft ook ruimte beschikbaar gesteld. Regeerakkoord Aan de andere kant zien we oplopende (energie)prijzen met als gevolg een hoogoplopende inflatie wat van invloed is op de vrij te besteden middelen. Ook is het nog de vraag of de regering het regeerakkoord moet bijstellen, omdat zij ook extra moeten investeren in onder andere defensie. De maartbrief 2022 die de minister van Binnenlandse zaken heeft gestuurd geeft meer duidelijkheid voor de beschikbare financiële middelen tot en met 2025, maar het jaar 2026 blijft nog onzeker. Er wordt zelfs in gemeenteland gesproken over een zogenaamde “ravijnbegroting”. De regering heeft inmiddels wel voorstellen besproken voor dekking van de extra uitgaven. Besluitvorming daarover vindt plaats bij de voorjaarsnota eind mei 2022 en wordt verwerkt in de meicirculaire 2022.

Ook de toezichthouders staan nog in de wachtstand en wachten op besluitvorming van de regering. Herijking gemeentefonds Besloten is de herijking van het gemeentefonds door te voeren met ingang van 1 januari 2023. In het hoofdstuk over de ontwikkeling algemene uitkering wordt dat verder uitgewerkt. In deze kadernota zijn twee scenario’s uitgewerkt wat betreft de bovengenoemde risico’s. In het eerste positieve scenario gaan we ervan uit dat de opschalingskorting op het niveau van de begroting 2025 wordt bevroren. In het tweede scenario gaan we uit van een negatief scenario waarbij de bevriezing van de opschalingskorting met ingang van 2026 wordt losgelaten. Wij verwachten dat er bij de meicirculaire 2022 meer duidelijkheid ontstaat over de ontwikkelingen na 2025. Wanneer het negatieve scenario uitkomt en dus een extra nadeel is op de effecten van de herijking van het gemeentefonds willen wij voor de kadernota begroting 2024 met u de discussie voeren over een eventuele (gefaseerde) verhoging van de onroerendezaakbelastingen. Dit om een financieel gezonde positie als gemeente te behouden. Coalitieakkoord Op het moment van schrijven van deze kadernota wordt er onderhandeld over de vorming van een nieuwe coalitie. De uitkomsten konden nog niet worden meegenomen in deze kadernota.

Dit betekent dat deze kadernota een zogenaamde “beleidsarme” kadernota is waarin wel een aantal wensen zijn opgenomen vanuit het bestaand beleid. Als het coalitieakkoord gereed is zal het nieuwe college de besluitvorming voor de raad verder voorbereiden. Op 8 juni 2022 is het coalitieakkoord 2022 - 2026 ‘bouwen aan de toekomst’ gepresenteerd. In hoofdstuk vier zijn de projecten opgenomen die met ingang van 2023 actueel zijn. Het coalitieakkoord moet voor de jaren na 2023 verder worden uitgewerkt qua meerjarenplanning en beschikbare capaciteit. Financiële positie In deze kadernota geven we bij de uitgangspunten aan welke lijn we kiezen voor het opstellen van de programmabegroting 2023 - 2026. Uitgangspunt blijft een reëel sluitende meerjarenbegroting en een gezonde financiële positie. De taakstellende bezuiniging (€ 600.000,-) in het kader van de kerntakendiscussie is gerealiseerd. In deze kadernota hebben wij verder uitgewerkt een voorstel tot invulling van de taakstelling sociaal domein van € 500.000,-. De financiële positie van de gemeente is verder versterkt. De jaarrekening 2021 laat een mooi positief resultaat zien van € 0,6 miljoen (voor bestemming reserves € 2,1 miljoen), de reservepositie is versterkt en het gewenst solvabiliteitspercentage van 30 is bereikt.

De reservepositie kan verder toenemen door de te realiseren opbrengst van de vrijgekomen gronden schoolgebouwen. De weerstandscapaciteit is meer dan voldoende om de geïnventariseerde risico’s op te vangen. Pagina 5

Tijdelijk kan dit onder druk komen te staan door de geplande investeringen. Een gezonde financiële positie is van belang om in onzekere tijden, dreiging van een crisis, voldoende buffer te hebben om tegenvallers op te vangen. Bunschoten is een kleine gemeente als het om aantal inwoners gaat, maar groot en dynamisch als het gaat om de ontwikkelingen in de gemeente. Dat vraagt ook om een organisatie die daarop is afgestemd. Uit de evaluatie van de organisatieontwikkeling blijkt dat de werkdruk hoog is en uitbreiding van de formatie noodzakelijk is. In deze kadernota is dat verder uitgewerkt. Net als in voorgaande jaren is de ontwikkeling van de lokale lastendruk gebaseerd op aanpassing van de tarieven het met inflatiepercentage. Dit percentage is voor 2023 hoog en vandaar dat geen voorstellen zijn gedaan voor verhoging van de tarieven boven inflatie. Tot slot Deze kadernota geeft een perspectief voor een reëel sluitende meerjarenbegroting 2023 - 2026, ruimte voor nieuw beleid en een gezonde financiële positie, maar is ook nog omgeven met veel onzekerheden. Burgemeester en wethouders, De secretaris,

de burgemeester,

Drs. J.F.H. Jennekens

M. van de Groep

Pagina 6

Beslispunten voor de raad De raad van de gemeente Bunschoten, gelezen de inhoud van dit voorstel voor de kadernota begroting 2023 - 2026. Besluit: 1. Ga akkoord met de uitgangspunten voor begroting 2023 (hoofdstuk één) 2. Ga akkoord met de voorstellen ontwikkeling algemene uitkering (hoofdstuk twee) 3. Ga akkoord met de voorstellen uit bestaand beleid (hoofdstuk drie) 4. Ga akkoord met de voorstellen uit het coalitieakkoord (hoofdstuk vier) 5. Maak een keuze welke voorstellen van nieuw beleid/wensen worden meegenomen in de programmabegroting 2023 – 2026 (hoofdstuk vijf) 6. Ga akkoord met de voorstellen ontwikkeling lokale lastendruk (hoofdstuk zes)

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Bunschoten van 23 juni 2022

De griffier,

De voorzitter,

Drs. E. Hoogstraten

M. van de Groep

Pagina 7

Pagina 8

Leeswijzer Na deze leeswijzer is een samenvatting opgenomen waarin in één oogopslag de ontwikkeling van het begrotingsresultaat 2023 - 2026 wordt weergegeven op basis van de voorstellen die in de hoofdstukken twee t/m zes worden gedaan. In hoofdstuk één worden in het kort de kaders en uitgangspunten weergegeven die van belang zijn bij het opstellen van de begroting en deze kadernota. Hoofdstuk twee geeft de ontwikkeling van de algemene uitkering weer met als uitgangspunt de meest recente informatie vanuit het Rijk over de ontwikkeling van gemeentefonds. Hoofdstuk drie geeft de voorstellen weer die vooral betrekking hebben op het bestaande beleid en bestaande afspraken en investeringen die niet kunnen worden uitgesteld door bijvoorbeeld nieuwe wetgeving. De ontwikkeling van een aantal majeure projecten (coalitieakkoord) is opgenomen in hoofdstuk vier. In hoofdstuk vijf zijn wensen/nieuw beleid uit de organisatie opgenomen. In hoofdstuk zes zijn de ontwikkelingen binnen de lokale heffingen opgenomen en het effect daarvan op de lastendruk voor burgers en bedrijven.

Pagina 9

Pagina 10

Samenvatting resultaat In deze samenvatting zijn twee scenario’s opgenomen waarbij in scenario 1 als uitgangspunt is genomen het in stand houden van de bevriezing van de opschalingskorting in 2026. In scenario 2 wordt een negatief scenario geschetst waarbij in 2026 de bevriezing van de opschalingskorting vervalt. Daarmee wordt de ruimte voor nieuw beleid behoorlijke beperkt. Vanuit een verantwoord financieel beleid is het voorstel bij de besluitvorming kadernota begroting 2024 ook een eventuele verhoging van de onroerendezaakbelastingen te betrekken. Wat dat mogelijk kan betekenen is in scenario 2 uitgewerkt. De tabellen zijn gewijzigd, omdat nu ook hoofdstuk vier financieel is ingevuld. Scenario 1: Bevriezen opschalingskorting blijft in 2026 in stand Bedragen x € 1.000,-

2023

2024

2025

2026

Begrotingsresultaat 2023-2026 voor taakstellingen

205

198

200

200

Taakstelling sociaal domein

500

500

500

500

Resultaat inclusief taakstellingen

705

698

700

700

Algemene uitkering (hoofdstuk twee)

1.141

1.245

1.454

882

Resultaat start kadernota begroting 2023

1.846

1.943

2.154

1.582

Bestaand beleid (hoofdstuk drie)

527

515

483

515

Coalitieakkoord (hoofdstuk vier)

209

239

239

239

Totaal noodzakelijke investering bestaand beleid

736

754

722

754

Resultaat voor nieuw beleid/wensen

1.110

1.189

1.432

828

Nieuw beleid/wensen (hoofdstuk vijf)

48

67

67

67

1.062

1.122

1.364

760

1.062

1.122

1.364

760

Taakstelling kerntakendiscussie

Resultaat bestaand beleid Ontwikkeling lokale lasten (hoofdstuk zes) Begrotingsresultaat 2023-2026

In dit scenario is bij het onderdeel algemene uitkering rekening gehouden dat de bevriezing van de opschalingskorting in 2026 in stand blijft. Wel blijft het beeld dat de financiële positie na 2025 minder wordt wat voor een belangrijk deel wordt veroorzaakt door de effecten van de herijking gemeentefonds.

Pagina 11

Scenario 2: Bevriezing opschalingskorting wordt in 2026 beëindigd Bedragen x € 1.000,-

2023

2024

2025

2026

Begrotingsresultaat 2023-2026 voor taakstellingen

205

198

200

200

Taakstelling sociaal domein

500

500

500

500

Resultaat inclusief taakstellingen

705

698

700

700

Algemene uitkering (hoofdstuk twee)

1.141

1.245

1.454

288

Resultaat start kadernota begroting 2023

1.846

1.943

2.154

988

Bestaand beleid (hoofdstuk drie)

527

515

483

515

Coalitieakkoord (hoofdstuk vier)

209

239

239

239

Totaal noodzakelijke investering bestaand beleid

736

754

722

754

Resultaat voor nieuw beleid/wensen

1.110

1.189

1.432

234

Nieuw beleid/wensen (hoofdstuk vijf)

48

67

67

67

1.062

1.122

1.364

167

165

495

495

1.287

1.859

662

Taakstelling kerntakendiscussie

Resultaat bestaand beleid Ontwikkeling lokale lasten (hoofdstuk zes) Begrotingsresultaat 2023-2026

1.062

In dit scenario is te zien dat de ontwikkeling van de algemene uitkering in 2026 hard terugloopt en daarmee een beeld geeft wat in gemeenteland nu de “ravijnbegroting” wordt genoemd. Om dat effect te compenseren is de optie van een eventuele verhoging van de onroerendezaakbelasting met ingang van 2024 in beeld gebracht.

Pagina 12

1. Uitgangspunten kadernota begroting 2023 Onderstaand treft u de uitgangspunten aan die worden gehanteerd voor het opstellen van de kadernota begroting 2023 - 2026 die in de raad van 23 juni 2022 wordt behandeld.

Algemeen Uitgangspunt voor de start van de kadernota begroting 2023 is het resultaat van de meerjarenbegroting 2022 - 2025. De bedragen zijn gebaseerd op de storting in de algemene reserve.

Algemene uitkering Voor de ontwikkeling van de algemene uitkering wordt als uitgangspunt de septembercirculaire 2021 genomen. De meest recente informatie over de ontwikkeling van het gemeentefonds is opgenomen in de zogenaamde maartbrief 2022. Daarin zijn de effecten van het regeerakkoord verwerkt. Op basis hiervan is het mogelijk het effect te berekenen van de ontwikkeling van de algemene uitkering. Over de effecten van de meicirculaire 2022 wordt aanvullend geadviseerd. Taakmutaties opvangen binnen budget In de uitwerking wordt ervan uitgegaan dat de kortingen in verband met mutaties op beleidsterreinen moeten worden opgevangen door de betreffende budgetten te verlagen met eenzelfde bedrag. Extra middelen voor nieuwe wetgeving worden in eerste instantie voor dat doel gereserveerd in afwachting van voorstellen. Daarmee heeft dit geen direct effect op het begrotingsresultaat. Herijking gemeentefonds De herijking van het gemeentefonds wordt met ingang van 2023 doorgevoerd in een periode van drie jaar met een maximum nadeel van € 37,50 per inwoner. Het laatst berekende nadeel voor Bunschoten op basis van het jaar 2019 kwam uit op € 45,- per inwoner. Het ministerie gaat ervan uit dat deze nadelen kunnen worden opgevangen vanuit de extra middelen van het accres op basis van het regeerakkoord.

Provinciaal toezicht Het reguliere beleid van de provincie is erop gericht dat de gemeente een meerjarenbegroting opstelt die voldoet aan de voorwaarden van een duurzaam financieel evenwicht waarbij de minimale eis geldt dat de begroting het eerste jaar reëel sluitend moet zijn, of anders in meerjarenperspectief zicht moet zijn op een sluitende begroting.

Nieuwe ontwikkelingen na vaststelling begroting 2022 Sluitingstermijn meenemen ontwikkelingen in de kadernota Nadat de begroting 2022 is vastgesteld hebben zich ontwikkelingen voorgedaan die het meerjarenbeeld 2023 - 2026 beïnvloeden. Ontwikkelingen die van invloed zijn op de kadernota worden meegenomen tot begin mei 2022 (vaststelling kadernota in het college). Het gaat dan om effecten van raad- en collegebesluiten. Nieuwe (uitstelbare) ontwikkelingen die zich daarna voordoen schuiven door naar de kadernota begroting 2024. Meerjareninvesteringsplan 2023 - 2026 Basis voor de investeringen voor de periode 2023 - 2026 zijn de geraamde investeringen voor de periode 2022 - 2025. Voor nieuwe investeringen geldt in principe dat 2026 het eerste jaar is waarvoor ze kunnen worden meegewogen. In de raming van de kapitaallasten wordt structureel rekening gehouden met een onderuitputting (door uitstel investeringen) van € 50.000,-. Dit is de afgelopen jaren steeds reëel gebleken. Nieuw beleid Nieuw beleid kan worden ingediend, waarbij moet worden aangegeven of het noodzakelijk of gewenst beleid is. Het uitgangspunt blijft dat nieuw beleid kan worden gehonoreerd als er oud beleid voor wordt ingeleverd of doordat er ruimte ontstaat vanuit de algemene middelen.

Pagina 13

Op peil houden onderhoudsvoorzieningen Reserves/voorzieningen Als algemeen uitgangspunt wordt in de kadernota begroting 2023 uitgegaan van de bestaande risicoanalyse zoals die in de jaarrekening 2021 is bijgesteld. Die is bepalend voor de omvang van het weerstandsvermogen. Beschikking reserves Er wordt niet meer structureel beschikt over de reserves om te komen tot een sluitende (meerjaren)begroting. Dit uitgangspunt blijft gehandhaafd. Onderbesteding budget/ structurele tegenvallers Jaarlijkse worden de budgetten in beeld gebracht waar gedurende de afgelopen twee jaar onderbesteding is geweest of structurele tegenvallers waren die in de begroting moeten worden opgenomen Inflatiepercentage Algemeen beleid is dat de geraamde inflatie wordt verrekend met de werkelijke ontwikkeling. Omdat de inflatie ook basis voor aanpassing van de belastingtarieven is, wordt deze systematiek ook voor de belastingen toegepast. In de gepubliceerde raming door het CPB (9 maart 2022) wordt als belangrijkste economische gevolg van de Russische inval in Oekraïne de hogere energieprijs genoemd. Andere mogelijke effecten zijn op dit moment nog beperkt. Op basis van de informatie van het CPB wordt voor 2023 een inflatiepercentage verwacht van 2,2% (hicp, inflatie, geharmoniseerde consumentenprijsindex). Op basis van deze nieuwe ramingen komt er voor 2021 en 2022 een hoger percentage uit.

Deze correctie wordt bij het percentage van 2023 opgeteld. Het inflatiepercentage voor de begroting voor 2023 wordt daarmee 7,9% (2,2% + 1,2% + 4,5%). Jaar

Basis inflatie

2021 2022 2023

1,6 1,4 2,2

Inflatie op basis van maart 2022 2,8 5,9

Verschil + 1,2 + 4,5

Kostenstijging werk door derden Gemotiveerd moet worden aangegeven indien aanpassing van het budget met meer dan inflatiepercentage nodig is. Blijkt dat er voor bepaalde budgetten sprake is van structurele onderbesteding (twee jaar of meer onderbesteding) dan worden deze budgetten niet aangepast met het inflatiepercentage. Met betrekking tot het subsidiebeleid is de beleidslijn dat de subsidiabele personeelsuitgaven worden aangepast in overeenstemming met de cao-afspraken terwijl de overige kosten worden aangepast met het inflatiepercentage. Deze lijn kan worden doorgetrokken.

Omgevingswet De nieuwe invoeringsdatum van de Omgevingswet is 1 januari 2023. Met deze nieuwe wet is de gemeente voortaan verplicht een omgevingsvisie te maken. Dit is een strategische visie voor de lange termijn voor de hele fysieke leefomgeving.

Personeelskosten Voor de raming van de salariskosten wordt in basis uitgegaan van het aantal formatieplaatsen (inclusief vacatures) per 1 januari 2022. In de raming van de salarislasten wordt rekening gehouden met de lopende cao-afspraken. In de raming wordt geen rekening gehouden met een budget voor vervanging bij langdurige ziekte. Dat betekent dat in de tussentijdse bestuursrapportages het risico bestaat dat het salarisbudget moet worden bijgesteld om de taken te kunnen blijven uitvoeren.

Pagina 14

Samenwerking bedrijfsvoering BLNP Naast de organisatieontwikkeling speelt ook nadrukkelijk de samenwerking met betrekking tot de bedrijfsvoering in BLNP-verband. In de samenwerking ligt de focus op de drie K’s, kwaliteitsborging, vermindering kwetsbaarheid en kansen voor medewerkers. Daar worden de nodige stappen in gezet. Inmiddels is voor de taakvelden HRM, ICT en juridische zaken de formatie overgedragen aan de betreffende teamhoofden. Voor het taakveld financiën gebeurt dat gefaseerd. In 2022 volgt een onderzoek naar de houdbaarheid van de regeling zonder meer.

Organisatieontwikkeling De evaluatie van de organisatieontwikkeling is afgerond. In deze kadernota zijn voorstellen opgenomen voor een versterking van de formatie.

Belastingen en rechten Onroerendezaakbelastingen Algemeen uitgangspunt is dat de tarieven jaarlijks worden aangepast met het inflatiepercentage. In de kadernota wordt ook aangegeven wat het effect is van een extra stijging of daling met 1%. 100%-kostendekkende activiteiten Afvalstoffenheffing Algemeen uitgangspunt is aanpassing met het inflatiepercentage plus eventuele extra stijging wanneer dit nodig is om te komen tot een 100%-kostendekking. Uitgangspunt is dat er binnen periode van de meerjarenbegroting niet meer structureel wordt beschikt over de egalisatiereserve reiniging. Rioolrechten Algemeen uitgangspunt is aanpassing met het inflatiepercentage plus eventuele extra stijging wanneer dit nodig mocht zijn om te komen tot een 100%-kostendekking. Marktgelden Uitgangspunt is 100% kostendekking. Begraafrechten In de raad van februari 2022 is een amendement aangenomen op het voorstel vaststellen tarief grafrecht voor onbepaalde tijd. Daarin is onder andere opgenomen dat er bij deze kadernota een voorstel wordt uitgewerkt op welke manier kostendekkende tarieven, al dan niet gefaseerd, kunnen worden doorgevoerd. En dat er wordt gekeken naar het serviceniveau en kostentoerekening van de begraafplaatsexploitatie. De kostendekking komt nu uit op 66%. Het is niet gelukt bij deze kadernota al met een verder uitgewerkt voorstel te komen.

Ons voorstel is dat eind 2022 op te pakken en mee te nemen in de kadernota begroting 2024. Leges publiekszaken Voorgesteld wordt de leges aan te passen met het inflatiepercentage. Leges omgevingsvergunningen In de meerjarenbegroting 2022- 2025 is voor de opbrengst omgevingsvergunning rekening gehouden met een opbrengst op basis van een vijf-jaargemiddelde waardoor grote schommelingen geneutraliseerd worden. De uitkomst daarvan wordt nog wel afgezet tegen de bouwplanning in 2023. Ook de invulling van de omgevingswet kan invloed hebben op de opbrengst van de bouwleges. Overige belastingen en rechten De overige belastingen en rechten worden aangepast met het inflatiepercentage.

Pagina 15

Rente financieringstekort/ kapitaalverstrekking t.b.v. grondexploitatie De investeringen die de gemeente de komende jaren gaat doen moeten worden betaald. Er wordt kritisch gekeken of dat betaald kan worden van de beschikbare geldmiddelen of dat er geld moet worden geleend. Bij de paragraaf Financiering in de begroting, wordt in beeld gebracht hoeveel geld er nodig is en voor welke periode dat nodig is. Als er geld wordt geleend moet daar rente over worden betaald. Voor overheidsinstellingen als de gemeente gelden andere tarieven dan voor particulieren. Momenteel is te zien dat de rentepercentages voor langlopende leningen oplopen. Voor een 10-jarige lening ligt dat op 1,5% en voor een 25-jarige lening op 1,75%. De gemiddelde rente op de huidige leningen bedraagt 1%. Deze rente wordt omgeslagen over de boekwaarde van de investeringen en komt dan uit op 0,49%. Het voorstel is om voorlopig uit te blijven gaan van een omslagrente van 1%. Er wordt onderzocht of er gebruik kan worden gemaakt voor de investeringen in de grondexploitatie van de zogenaamde projectfinanciering. Onvoorzien De post onvoorzien wordt voor de begroting 2023 minimaal gesteld op € 100.000,-.

Pagina 16

2. Ontwikkeling algemene uitkering Dit hoofdstuk geeft het beeld van de algemene uitkering weer. Basis september- en decembercirculaire 2021 De laatst bekende cijfers uit de september- en decembercirculaire 2021 vormen de basis voor de berekening. U bent daar eerder over geïnformeerd via een schriftelijke mededeling. In onderstaande tabel is deze informatie opgenomen. Basisontwikkeling algemene uitkering

(bedragen x € 1.000,-) 2023

2024

2025

2026

Septembercirculaire 2021

501

381

649

649

Decembercirculaire 2021

152

149

149

149

Actueel effect

653

530

798

798

Wet open overheid

110

125

135

80

Toeslagenaffaire/wijkteam

75

75

75

75

Compensatie cao zorg

75

75

75

75

Totaal

260

275

285

230

Actuele start

393

255

513

568

Reserveren nieuwe taken

Meicirculaire 2022 De meicirculaire 2022 wordt eind mei verwacht. Deze is belangrijker dan in voorgaande jaren omdat daarin verder wordt uitgewerkt wat de effecten zijn van het regeerakkoord en hoe de tegenvallende uitgaven binnen de Rijksbegroting worden opgevangen. De uitkomst van de meicirculaire wordt in een aparte mededeling uitgewerkt en nog betrokken bij de besluitvorming van de kadernota. Hieronder volgen de onderwerpen die al wel meegenomen kunnen worden voor de berekening van de algemene uitkering 2022. Herijking gemeentefonds Op 6 april 2022 heeft de minister van Binnenlandse zaken een brief naar de Tweede Kamer gestuurd met informatie over de herijking van het gemeentefonds en de effecten van het regeerakkoord voor het accres van de gemeente. De effecten daarvan zijn hieronder verwoord. De herijking van het gemeentefonds kent al een lange voorgeschiedenis met steeds wisselende uitkomsten. De eerste berekeningen voor Bunschoten waren positief, slechts een nadeel van € 1,- per inwoner, maar sloegen om naar een nadeel van € 53,- per inwoner. De meest recente berekeningen op basis van 2019 komen uit op een nadeel van € 45,- per inwoner. Er komt nog een nieuwe berekening op basis van de cijfers 2020.

Wij hebben via diverse wegen onze bezwaren en zorgen kenbaar gemaakt en nog samen met Baarn en aantal andere gemeenten een motie ingediend op het VNG-congres die bijna unaniem is aangenomen. Ondanks dat ligt er nu een voorstel om de herijking met ingang van 2023 door te voeren. Dat komt voor Bunschoten neer op een bedrag van afgerond € 1 miljoen. De herijking wordt met ingang van 2023 doorgevoerd en gemaximeerd op een nadeel van € 7,50 per inwoner voor het jaar 2023. In de jaren daarna loopt dit op met € 15,- per inwoner tot maximaal € 37,50 per inwoner in 2024. Deze maximalisatie komt voor Bunschoten uit op € 825.000,-. Daarna volgt een evaluatie en wordt ook gekeken naar de uitbreiding van het gemeentelijk belastinggebied. Die effecten van die evaluatie worden na 2026 doorgevoerd in gemeentefonds volgens de laatste berichten.

Pagina 17

De minister geeft aan dat geen enkele gemeente er op achteruit gaat, omdat er door de ontwikkeling van de accressen ook extra geld naar de gemeenten gaat. Daar plaatsen we een grote kanttekening bij, omdat ook voor de gemeenten er forse uitdagingen in het verschiet liggen als het gaat om de grote thema’s van bouwen, duurzaamheid, transitie jeugdzorg en een organisatie die daar op is afgestemd. Effecten regeerakkoord Positieve ontwikkelingen binnen het gemeentefonds die genoemd kunnen worden zijn de effecten van het nieuwe regeerakkoord (mee de trap op) en het bevriezen van de oploop van de zogenaamde opschalingskorting. Die effecten zijn grofweg berekend op € 1,1 miljoen in 2023 oplopend naar € 2,2 miljoen in 2025. Omdat het regeerakkoord maar tot en met 2025 loopt, zijn de effecten na 2025 nog onzeker. Vanuit de adviezen die we landelijk ontvangen wordt geadviseerd voorzichtigheidshalve uit te gaan van 75% van de ontwikkeling accres, omdat het risico groot is dat het Rijk niet alles kan uitvoeren en we mee de trap af gaan. Voor de opschalingkorting wordt uitgegaan dat voor 2026 de opschalingskorting wordt bevroren op het niveau van 2025. Er is een tweede scenario uitgewerkt met als uitgangspunt dat de op oploop van de opschalingskorting met ingang van 2026 niet langer wordt bevroren en dus een extra nadelig effect geeft van € 594.000,- ten opzichte van scenario 1.

Compensatie negatieve effecten De effecten van de herijking werken hier fors negatief in door (€ 0,9 miljoen). Als in 2026 ook de bevriezing van de opschalingskorting wordt beëindigd vinden wij het verdedigbaar samen met u na te denken over een compensatie van het totaal van de negatieve effecten. Die discussie willen we dan bij de kadernota begroting 2024 met u voeren. Daarbij denken wij aan een gefaseerde verhoging van de onroerendezaakbelasting met ingang van 2024 gebaseerd op onder andere de nadelige effecten van de herijking in jaar t-1. In het hoofdstuk lokale lastenontwikkeling hebben we dat verder uitgewerkt In onderstaande tabel is de hoofdlijn weergegeven. In de meicirculaire 2022 worden ook de andere aspecten van het regeerakkoord verder uitgewerkt. Effecten regeerakkoord

(bedragen x € 1.000,-) 2023

2024

2025

2026

Bevriezen oploop opschalingskorting

352

462

594

594

Accres over effect regeerakkoord

748

1.364

1.562

726

Afslag 25% accres

-187

-341

-391

-182

913

1.485

1.766

1.139

Herijking gemeentefonds

-165

-495

-825

-825

Totaal effecten regeerakkoord

748

990

941

314

Een kanttekening bij deze positieve ontwikkeling van het accres is op zijn plaats nu de wereld er anders uitziet door de oorlog tussen Rusland en Oekraïne. Het is de vraag of de extra uitgaven die het Rijk doet voor hulp aan Oekraïne meetellen voor de ontwikkeling van het accres. Vandaar het voorstel om de effecten van het accres voor 75% mee te nemen. Het totale effect van de hiervoor genoemde ontwikkeling van de algemene uitkering is in onderstaande tabel opgenomen en kan worden ingezet als dekking voor de voorstellen uit deze kadernota. Totaalbeeld ontwikkeling algemene uitkering

(bedragen x € 1.000,-) 2023

2024

2025

2026

Ontwikkelingen vanuit circulaires 2021

393

255

513

568

Regeerakkoord/herijking

748

990

941

314

1.141

1.245

1.454

882

Actueel effect

Pagina 18

3. Ontwikkelingen bestaand beleid noodzakelijk In dit hoofdstuk worden de voorstellen opgenomen op basis van het bestaande beleid en die niet uitstelbaar zijn of besluiten die al door de raad zijn genomen.

Algemeen Aanpassingen in verband met inflatie en areaaluitbreiding worden gedekt vanuit de accresontwikkeling (bijstelling loon- en prijsontwikkeling) van de algemene uitkering. In hoofdstuk twee over de ontwikkeling van de algemene uitkering is daar rekening mee gehouden.

Programma Bestuur en ondersteuning Commissie Bestuur en Financiën, portefeuillehouders M. van de Groep en R.J. Beukers

Overhead Gas en elektra De inkoop voor gas en elektra binnen de gemeentelijke gebouwen zijn fors gestegen. Voor 2023 wordt er een stijging van 100% ten opzichte van 2022 verwacht. Voor 2024 een stijging van 50%. Dit gebaseerd op de eerste inkoopcontracten die zijn afgesloten. De jaren daarna zijn nog niet in te schatten. € €

Budgetverhoging 2023 Budgetverhoging 2024

174.000,87.000,-

Organisatieontwikkeling Uit de evaluatie van de organisatieontwikkeling is gebleken dat er een te krappe formatie is (SM 1170001). Breed in de organisatie is de belasting te hoog, wat ten koste gaat van de gezondheid, het werkplezier van de medewerkers en de kwaliteit van de resultaten. Het gebrek aan capaciteit staat het goed functioneren van de organisatie in de weg. Dit is dusdanig opgelopen dat er een groot afbreukrisico is ontstaan. De structurele koppeling van de groei van de omvang van de organisatie aan de groei van de gemeente is nodig om de basis op orde te houden. Er is op korte termijn een extra investering van € 300.000,- voor 4 fte noodzakelijk om ervoor te zorgen dat er versterking is van ondersteuning voor management en bestuur, kwaliteitsborging, strategisch advies en dat de gemeente op goede wijze vertegenwoordigt kan worden op verschillende niveaus van samenwerking.

Budgetverhoging 2023

€

300.000,-

Pagina 19

Programma Verkeer, vervoer en waterstaat Commissie Ruimte, portefeuillehouder R.J. Beukers. Voor het taakveld havens is P. van Asselt portefeuillehouder, commissie Samenleving

Verkeer en vervoer Rehabilitatie asfaltwegen In het Beheerplan Wegen 2022-2026, vastgesteld in de gemeenteraad van 8 juli 2021, zijn de rehabilitatiekosten van asfaltwegen tot en met 2030 inzichtelijk gemaakt. De rehabilitatiekosten bedragen gemiddeld € 1.130.000,- per jaar. In het beheerplan is aangegeven dat de exacte planning van de rehabilitatie van asfaltwegen kan worden bepaald naar aanleiding van de tweejaarlijkse inspecties (mei 2021) en nadere onderzoeken (in januari/februari 2022 zijn wegenscans en deflectiemetingen uitgevoerd). Deze planning is opgesteld en via een schriftelijke mededeling gedeeld met de gemeenteraad. Op basis van een eerste analyse worden in 2023 de volgende asfaltwegen gerehabiliseerd: ▪ De Kronkels: € 522.836,▪ Eemdijk-Zuid (buitengebied): € 1.453.025,▪ Haarbrug-Noord: € 576.909,Investering 2023 Investering 2024 en 2025 Investering vanaf 2026

€ 2.552.770,€ 1.500.000,€ 900.000,-

kapitaallasten oplopend naar € 220.000 in 2026

Programma Sport, cultuur en recreatie Commissie Samenleving, portefeuillehouder P. van Asselt. Voor het taakveld Openbaar groen en (openlucht) recreatie is W. de Jong portefeuillehouder, commissie Ruimte.

Openbaar groen en (openlucht) recreatie Renovatie kistdam ’t Kleine Zeetje Bij 't Kleine Zeetje is een kistdam aangelegd om erosie van het zandstrand zo veel mogelijk te voorkomen. De kistdam van azobe damwand met een lengte van 75 meter is gelijktijdig met het strand in 2000 aangelegd. Normaliter gaat een dergelijke constructie ongeveer 40 jaar mee maar na gedetailleerde inspectie is gebleken dat de constructie geen of nagenoeg geen restlevensduur meer heeft. Vervanging is op korte termijn noodzakelijk. Dat wil zeggen dat uiterlijk in 2023 de constructie vervangen moet worden. Voorgesteld wordt de kistdam te vervangen door een constructie van kunststof damwanden en dekplanken. De levensduur van deze kunststof damwanden wordt ingeschat op 50 jaar, maar wij gaan voorzichtigheidshalve uit van en termijn van 40 jaar. Investering 2023

€

172.500,-

kapitaallasten € 6.000,-

Programma Sociaal domein Commissie Samenleving, portefeuillehouder P. van Asselt.

Taakstelling sociaal domein In de meerjarenbegroting 2022 - 2025 is rekening gehouden met de invulling van de taakstelling sociaal domein van € 500.000,-. Het is nog niet gelukt deze in te vullen. Toch zien wij mogelijkheden hier invulling aan te geven langs verschillende wegen. Voor de invulling is enerzijds gekeken naar de besparingen op de kosten jeugdzorg. Die gaat nu een traject in van transitie naar transformatie. De nieuwe inkoop gaat uit van een meer taakgerichte inkoop en meer eigen begeleiding. Daar verwachten wij een voorzichtige besparing te kunnen inboeken van € 150.000,-. Een andere lijn is dat de verevening met ingang van 2023 wordt beëindigd. Gemiddeld zijn wij een betalende gemeente. Ook daar verwachten we een positief effect van € 150.000,-. Pagina 20

Een derde spoor zijn de extra middelen vanuit het gemeentefonds. Die zijn nu nog voor 75% geraamd in de algemene uitkering en voor de jaren 2022 - 2025 voor een deel toegevoegd aan de egalisatiereserve sociaal domein. Het is legitiem nu deze extra middelen zijn toegekend deze ook in te zetten voor invulling van de taakstelling. Wij verwachten vanuit deze middelen de resterende taakstelling (€ 200.000,-) in te kunnen vullen.

Overige ontwikkelingen Vrijval kapitaallasten De vrijval van de kapitaallasten voor 2022 - 2025 is al in de meerjarenbegroting verwerkt. De vrijval voor 2026 is geraamd op € 11.000,-.

Overzicht Bedragen x € 1,Onderwerp

2023 Investering

2024

2025

2026

(Kapitaal)lasten

Programma Bestuur en ondersteuning Gas en elektra

174.000

87.000

Organisatieontwikkeling Programma Verkeer, vervoer en waterstaat

300.000

300.000

300.000

300.000

6.400.000

50.000

122.000

177.000

220.000

172.500

3.000

6.000

6.000

6.000

527.000

515.000

483.000

526.000

Rehabilitatie asfaltwegen Programma Sport, cultuur en recreatie Renovatie kistdam 't Kleine Zeetje Programma Sociaal domein Taakstelling sociaal domein Totaal lasten noodzakelijke investeringen Beschikbare dekkingsmiddelen Onderuitputting kapitaallasten Totaal beschikbare dekkingsmiddelen Totaal netto last noodzakelijke investeringen

11.000 -

-

-

11.000

527.000

515.000

483.000

515.000

Pagina 21

Pagina 22

4. Majeure ontwikkelingen (coalitieakkoord) In dit hoofdstuk is de financiële doorrekening (op hoofdlijnen) van het coalitieakkoord ‘bouwen aan de toekomst’ voor het jaar 2023 opgenomen. Dit hoofdstuk is het nieuwe beleid dat het college aan de raad voorlegt ter besluitvorming. Per programma worden de punten besproken. Investeringen voor de jaren 2024 en verder worden verwerkt in een meerjarenuitvoeringsprogramma en meegenomen bij de Kadernota 2024 – 2027. Voor de tekst van het coalitieakkoord, kunt u klikken op het onderstreepte gedeelte of wordt u verwezen naar de stukken, zoals die zijn besproken in de raad van 8 juni 2022.

Programma Bestuur en ondersteuning Optimale dienstverlening De avondopenstelling op woensdag en de vrijdagmiddagopenstelling blijft behouden. Budgetverhoging vanaf 2023 structureel € 25.000,-

Toekomstvisie 2035 De gemeente Bunschoten blijft werken aan haar toekomst. Daarom wordt begonnen met het ontwikkelen van een nieuwe Toekomstvisie 2035. Het proces hoe we dit gaan insteken willen we graag met u bespreken. Afhankelijk van nog te maken keuzes gaan we voorlopig uit van een bedrag van maximaal € 50.000,-. Investering 2023

€

50.000,-

kapitaallasten

€ 13.000,-

Programma Verkeer, vervoer en waterstaat Ontsluiting Rengerswetering: uitbreiding kruispunt De Kampen Het onderzoek en de realisatie van de capaciteitsuitbreiding van De Kampen wordt vanuit het mobiliteitsplan in de tijd naar voren gehaald, zodat de ontsluiting van de eilanden 1, 2 en 3 wordt verbeterd. Investering 2023

€

346.000,-

kapitaallasten

€ 12.100,-

Veilige fietsoversteken (vanuit hoofdstuk vijf) In mei 2020 is het Mobiliteitsplan vastgesteld door de gemeenteraad. Als maatregel voor het verhogen van de verkeersveiligheid is in het Mobiliteitsplan opgenomen dat de fietsoversteken in twee richtingen bij rotondes worden voorzien van een snelheidsremmend plateau. In de kadernota 2022 is hiervoor een budget van € 48.000,- opgenomen. Inmiddels is gestart met de technische voorbereidingen voor het aanbrengen van de plateaus bij fietsoversteken in twee richtingen bij drie rotondes op de Westsingel. Voor de drie rotondes op de Westsingel is een eerste ontwerp gemaakt en een raming opgesteld. De totale kosten van deze raming komen uit op € 194.000,-. De kosten zijn hoger dan waar eerder rekening mee is gehouden, omdat met het oog op de verkeersveiligheid en de hierbij geldende richtlijnen het plateau ook wordt doorgetrokken over de voetgangersoversteekplaatsen. Kanttekening In het mobiliteitsplan zijn vanaf 2023 onderzoeken opgenomen naar vrij liggende fietspaden aan de oostzijde van de Westsingel. Wanneer dit vrij liggende fietspad wordt gerealiseerd, is geen sprake meer van een fietsoversteek in twee richtingen op de drie rotondes op de Westsingel en zullen de rotondes opnieuw moeten worden aangepast. Investering 2023

€

146.000,-

kapitaallasten

€ 5.100,Pagina 23

Verkeersoplossing Zuidwenk/Oostsingel/Schouw (vanuit hoofdstuk vijf) Er wordt een veilige verkeersoplossing voor de verkeersproblemen op het kruispunt Zuidwenk/Oostsingel/Schouw gerealiseerd. Daar wordt nu al aan gewerkt en dit budget is al in de huidige begroting verwerkt. Voor een geloofwaardige snelheidsinrichting van het wegdek vanaf dit kruispunt tot Oostelijke Randweg is een investering van € 137.000,- nodig. Investering 2023

€ 137.000,-

kapitaallasten

€ 4.800,-

Programma Economie Centrumactiviteiten (vanuit hoofdstuk vijf) Voor de structurele financiering van de centrumactiviteiten zijn verschillende vormen mogelijk. Een opslag op de onroerendezaakbelastingen niet-woningen, de invoering van een BIZ-regeling of vanuit de algemene middelen. Uit de onderzoeken die tot nu toe zijn uitgevoerd is er geen draagvlak voor de eerste optie en ook een nieuwe BIZ- verdient niet de voorkeur. Het voorstel is nu vanuit de algemene middelen een bedrag van € 95.000,- beschikbaar te stellen. Dit bedrag is afgeleid van de opbrengst vanuit de inmiddels opgeheven BIZ-regeling. Budgetverhoging vanaf 2023 structureel € 95.000,-

Actualiseren Centrumvisie (vanuit hoofdstuk vijf) De Centrumvisie Bunschoten-Spakenburg 2017-2023 dient te worden geactualiseerd. Welke ambities en uitgangspunten blijven gehandhaafd? Aan welk doelstellingen wil de gemeente de komende jaren werken. Er dient een geactualiseerde visie te worden opgesteld voor het behoud en een toekomstbestendig centrum. Investering 2023

€

15.000,-

kapitaallasten

€ 3.150,-

Programma Sport, cultuur en recreatie Buurtsportcoaches (vanuit hoofdstuk vijf) De inzet van buurtsportcoaches wordt gefinancierd vanuit een subsidieregeling. Het is geen wettelijke verplichting, maar op basis van een intentieverklaring van het college is Bunschoten bij het Rijk voor de periode 2020-2022 gecommitteerd aan de inzet van 4,9 fte aan buurtsportcoaches. Het Rijk draagt € 100.000,- aan cofinanciering bij en bij de inzet van vakleerkrachten op school betalen de scholen een deel. Vanaf 2020 wordt 0,5 fte ingezet om een structurele besparing op de uitgaven van dagactiviteiten jeugd te realiseren. Bij de discussie in 2019 over de beheersing van de kosten sociaal domein is besloten de te stoppen met de buurtsportcoaches als er geen andere dekking beschikbaar is. De besparing die is ingeboekt bedraagt € 60.000,-. In 2023 wordt de subsidieregeling gewijzigd. Nog niet duidelijk is wat dat gaat betekenen voor de gemeentelijke cofinanciering door de gemeente. Het doorgaan met de inzet van de buurtsportcoaches vraagt wel het beschikbaar stellen van extra gemeentelijke middelen. Vanuit het coalitieakkoord is afgesproken om het bedrag te continueren op € 60.000,-. In de kadernota begroting 2023 zoals die in de commissie is behandeld was als wens opgenomen een bedrag van € 95.000,-. Budgetverhoging vanaf 2023 structureel € 60.000,-

Nota sportaccommodaties Er wordt een totaalonderzoek naar de bestaande sportaccommodaties en de exploitatie hiervan uitgevoerd. Dit leidt tot een nieuwe nota sportaccommodaties. Investering 2023

€

30.000,-

kapitaallasten

€ 7.800,-

Pagina 24

Aanleg pumptrack Er wordt een onderzoek gedaan naar de mogelijkheden voor de aanleg van een pumptrack. Investering voor aanleg € 50.000,-, dekking is mogelijk vanuit de coronamiddelen. Investering 2023

€

50.000,-

kapitaallasten

€ 5.500,-

Programma Sociaal domein Uitvoering wensen speelbeleid (vanuit hoofdstuk vijf) Het speelbeleid 2022-2026 is op 16 december 2021 vastgesteld door de raad. De wensen van het creëren van vier samenspeelplekken (€ 60.000,-) en een nieuwe middelgrote speeltuin (€ 30.000,-) in het Zuiderzeeplan zijn opgenomen in het beleid. Met de motie 'Kinderen spelen samen' is verzocht aan het college om met een ambitieuzer voorstel te komen. Het streven is om in de periode 20232026 acht samenspeelplekken (€ 120.000,-) te creëren de komende jaren. Investering 2023, 2025 en 2026 Investering 2024

€ 30.000,€ 60.000,-

kapitaallasten kapitaallasten

€ 2.300,€ 4.600,-

Pagina 25

Overzicht Bedragen x € 1,Onderwerp

2023 Investering

2024

2025

2026

(Kapitaal)lasten

Programma Bestuur en ondersteuning Optimale dienstverlening

25.000

25.000

25.000

25.000

50.000

6.500

13.000

13.000

13.000

Ontsluiting Rengerswetering: kruispunt De Kampen

346.000

6.050

12.100

12.100

12.100

Veilige fietsoversteken

146.000

2.550

5.100

5.100

5.100

Verkeersoplossing Zuidwenk/Oostsingel/Schouw

137.000

2.400

4.800

4.800

4.800

95.000

95.000

95.000

95.000

1.575

3.150

3.150

3.150

60.000

60.000

60.000

60.000

Toekomstvisie 2035 Programma Verkeer, vervoer en waterstaat

Programma Economie Centrumactiviteiten Actualiseren Centrumvisie

15.000

Programma Sport, cultuur en recreatie Buurtsportcoaches Nota sportaccommodaties

30.000

3.900

7.800

7.800

7.800

Aanleg pumptrack

50.000

2.750

5.500

5.500

5.500

120.000

6.000

13.000

13.000

13.000

Programma Sociaal domein Uitvoering wensen speelbeleid Totaal lasten majeure projecten

211.725 244.450 244.450 244.450

Reserve corona

2.750

5.500

5.500

5.500

Totaal beschikbare dekkingsmiddelen

2.750

5.500

5.500

5.500

Totaal netto last majeure projecten

208.975 238.950 238.950 238.950

Pagina 26

5. Nieuw beleid/ wensen In dit hoofdstuk zijn investeringen opgenomen voor nieuw beleid. Vanuit dit hoofdstuk zijn diverse wensen verplaatst naar hoofdstuk vier, naar aanleiding van het coalitieakkoord.

Programma Verkeer, vervoer en waterstaat Commissie Ruimte, portefeuillehouder R.J. Beukers. Voor het taakveld havens is P. van Asselt portefeuillehouder, commissie Samenleving

Verkeer en vervoer Mobiliteitsplan Het mobiliteitsplan is vastgesteld in de vergadering van 28 mei 2020. Bij kadernota 2021 – 2024 is besloten om elk jaar bij de kadernota te beoordelen voor welke projecten krediet beschikbaar wordt gesteld. Hieronder staan de projecten voor 2023 genoemd. Onderzoek aanleg fietspad Westsingel – Velduil – Blauwe reiger Onderzoek automatiseren venstertijden voor laden en lossen Spuiplein Kapitaallasten

€

€ €

27.000,5.000,-

1.100,-

Herinrichting verblijfsgebieden met duidelijke poortconstructie Bij herinrichting worden verblijfsgebieden met een duidelijke poortconstructie ingericht. Op de wegenplanning staat in 2023 de herinrichting van de Sint Nicolaasweg. Vanaf de Westsingel is een poortconstructie wenselijk. Het budget voor wegbeheer biedt hierin geen ruimte, want dit is alleen voor het vervangen van de huidige bestrating. Budgetverhoging vanaf 2023 structureel € 20.000,-

Onderzoek hoofdwegennetwerk Als vervolg op het onderzoek ‘Toekomstvisie N199’ is een onderzoek ‘noodzaak capaciteitsvergroting hoofdwegennetwerk (rondweg Haarbrug-Zuid)’ een goed en logisch vervolg. Voor het met zekere regelmaat dichtslibbende wegennet aan de zuidkant van de bebouwde kom en het sluipverkeer over de N199 en N806 door de bebouwde kom is een onderzoek naar een eventueel alternatief en de noodzaak hiervan nodig. Voor dit onderzoek wordt een extern bureau ingeschakeld. Investering 2023

€

30.000,-

kapitaallasten

€ 8.000,-

Vervangen asfaltwegen door elementverharding In het kader van het (verkeers)veiliger maken van woongebieden is het de bedoeling dat de snelheid van het gemotoriseerde wegverkeer omlaaggaat. In dat kader is het ook goed om de asfaltverharding te vervangen door elementenverharding (klinkers) en de wegbreedte te verminderen tot een maatvoering passend bij een maximumsnelheid van 30 km/h, specifiek in dit geval de Beethovenlaan. Investering 2024

€

460.000,-

kapitaallasten

€ 19.900,-

Pagina 27

Programma Sport, cultuur en recreatie Commissie Samenleving, portefeuillehouder P. van Asselt. Voor het taakveld Openbaar groen en (openlucht) recreatie is W. de Jong portefeuillehouder, commissie Ruimte.

Openbaar groen en (openlucht) recreatie Aanmeerfaciliteiten fluisterbootjes Met de aanleg van de Laakzone en, als laatste in dit recreatieproject, het realiseren van de overtoom bij de Oostdijk zullen meer (fluister)bootjes de haven(s) van de gemeente bezoeken. Voor het aanmeren van deze bootjes bestaan nu geen faciliteiten. Vooralsnog zouden aanmeerfaciliteiten gemaakt kunnen worden ten westen van de huidige aanlegsteiger bij de Westpier. Hiervoor dient dan wel een verdieping van het vaarwater ter plaatse plaats te vinden. Hiermee wordt dan ook aan het verzoek van de Eemlijn om meer diepgang te creëren bij de aanlegsteiger voldaan. Investering 2024

€

140.000,-

€ 8.400,-

kapitaallasten

Programma Volkshuisvesting, leefomgeving en stedelijke vernieuwing Commissie Ruimte, portefeuillehouder W. de Jong

Ruimte en leefomgeving Participatie Vooruitlopend op het participatiebeleid dat in de tweede helft van 2022 wordt voorgelegd aan de raad is het voorstel om jaarlijks een bedraag van €10.000,- beschikbaar te stellen voor participatiedoeleinden. In het kader van de nieuwe Omgevingswet wordt participatie gestimuleerd en is dit in aantal gevallen verplicht. Medewerkers kunnen over extra middelen beschikken dat het participatieproces ten goede komt. Na drie jaar wordt het beleid geëvalueerd samen met de beschikbare middelen en of het budget daadwerkelijk zijn ingezet. Budgetverhoging vanaf 2023 structureel € 10.000,-

Overzicht Bedragen x € 1,Onderwerp

2023 Investering

2024

2025

2026

(Kapitaal)lasten

Programma Verkeer, vervoer en waterstaat Mobiliteitsplan

32.000

Herinrichting verblijfsgebieden poortconstructie

600

1.100

1.100

1.100

20.000

20.000

20.000

20.000

Onderzoek hoofdwegennet

30.000

4.000

8.000

8.000

8.000

Vervanging asfaltwegen door elementverharding

460.000

9.500

19.900

19.900

19.900

140.000

4.000

8.400

8.400

8.400

Participatiebeleid

10.000

10.000

10.000

10.000

Totaal lasten gewenste investeringen

48.100

67.400

67.400

67.400

Totaal beschikbare dekkingsmiddelen

-

-

-

-

48.100

67.400

67.400

67.400

Programma Sport, cultuur en recreatie Aanmeerfaciliteiten fluisterbootjes

Resterende last gewenste investeringen

Pagina 28

6. Ontwikkeling lokale lastendruk In dit hoofdstuk wordt op hoofdlijnen ingegaan op de ontwikkeling van de lokale lastendruk. Onroerendezaakbelasting De onroerendezaakbelasting (ozb) voor woningen en niet-woningen wordt aangepast met inflatie. Een mutatie met 1% (stijging of verlaging) komt overeen met een bedrag van afgerond € 44.000,-. Bij Samenvatting resultaat zijn twee scenario’s opgenomen. De uitgangspunten van de scenario’s zijn daar ook toegelicht. Scenario 1 geeft het beeld weer dat we als basis nemen voor deze kadernota. In dit scenario is geen extra verhoging van de onroerendezaakbelastingen voorzien. Scenario 2 gaat uit van een minder rooskleurig financieel beeld ultimo 2026. Wij vinden het verdedigbaar samen met u na te denken over een compensatie van het totaal van de negatieve effecten. Die discussie willen we dan bij de kadernota begroting 2024 met u voeren. Daarbij denken wij aan een gefaseerde verhoging van de onroerendezaakbelasting met ingang van 2024 gebaseerd op onder andere de nadelige effecten van de herijking in jaar t-1 en voorlopig te maximeren op het niveau van 2024. Dit in afwachting van de evaluatie van de herijking van het gemeentefonds in 2025. Bij de uitwerking hiervan in scenario 2 zou dat een eventuele stijging zijn in 2024 van afgerond 3,75% oplopend naar 11,25% in 2025. Voor de begroting 2023 gaan we uit van een aanpassing met inflatie.

Tarief- en heffingsscenario afvalstoffenheffing Voor de begroting 2022 is besloten tot het invoeren van een tarief voor één- en meerpersoonshuishouden. Voor de meerpersoonshuishoudens is die vastgesteld op € 285,- en voor de éénpersoonshuishoudens op € 259,-. Er is toen ook een perspectief gegeven van de noodzakelijke stijging voor de komende jaren, die uitgaat van een stijging met € 5,- per jaar tot en met 2025. Die lijn is ook in de meerjarenbegroting verwerkt en is ook basis voor de ontwikkeling van de tarieven voor deze kadernota. Gelet op het hoge inflatiepercentage voor 2023 stellen wij voor de extra stijging voor 2023 te bevriezen en het tarief voor 2023 alleen aan te passen met het inflatiepercentage. Rioolrechten In het verbreed gemeentelijk rioleringsplan (vGRP) zijn afspraken gemaakt over een extra stijging van de rioolrechten om te sparen voor investeringen in de toekomst via de voorziening toekomstige vervangingsinvesteringen. In de systematiek van het sparen voor nieuwe investeringen is het de wens dat bedrag extra aan de voorziening toe te voegen. In het nieuw vastgestelde rioolbeheerplan is geen extra stijging meer voorzien boven het inflatiepercentage. Begraafrechten In de raad van februari 2022 is een amendement aangenomen op het voorstel vaststellen tarief grafrecht voor onbepaalde tijd.

Daarin is onder andere opgenomen dat er bij deze kadernota een voorstel wordt uitgewerkt op welke manier kostendekkende tarieven, al dan niet gefaseerd, kunnen worden doorgevoerd. Ook dat er wordt gekeken naar het serviceniveau en kostentoerekening van de begraafplaatsexploitatie. Op basis van het rapport van Kybus (advisering kostendekking begraafplaats) zijn onze tarieven niet kostendekkend, maar op 66% Het is niet gelukt bij deze kadernota al met een verder uitgewerkt voorstel te komen. Ons voorstel is dat eind 2022 op te pakken en mee te nemen in de kadernota begroting 2024. De tarieven worden nu alleen aangepast met het inflatiepercentage. Lokale lastendruk Op basis van de voorgaande voorstellen wordt voor 2023 een gemiddelde lokale lastendruk verwacht van 7,9% wat gelijk is aan de ontwikkeling inflatie.

Pagina 29

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11599630/1