Gesprekverslag raadsinformatiebijeenkomst 24 okt 2023 def (006).pdf
Tekst van het document
Gespreksverslag INFORMATIEBIJEENKOMST ONDERWIJS – JEUGD Dinsdag 24 oktober 2023 - Vathorst College
19.00 – 19.10 uur Inloop 19.15 – 19.30 uur Welkom op het Vathorst College 19.30 – 19.45 uur Wethouder Nadya Aboyaakoub – Akkouh en directeur bestuurder Anne Maljers van SWV de Eem in gesprek over de reikwijdte van de jeugdwet en het passend onderwijs
Programma
19.45 – 20.10 uur Belangrijkste ontwikkelingen inkoop specialistische jeugdhulp, passend onderwijs en de samenwerking
20.10 – 20.20 uur Pauze 20.20 – 20.50 uur Gespreksronde 1 20.55 – 21.25 uur Gespreksronde 2 21.30 – 22.00 uur Afsluiting + napraten
Gesprek tussen
Wethouder Nadya Aboyaakoub – Akkouh en directeur bestuurder Anne Maljers van SWV de Eem
Een mooi gesprek tussen twee bestuurders: We hebben elkaar nodig om de zorg voor onze kwetsbare kinderen goed te organiseren en juist de kracht vinden in elkaar. Tegelijkertijd mag je elkaar ook aanspreken op de verantwoordelijkheden over en weer. Dat vraagt vertrouwen, een open blik en soms een beetje geven en nemen, zeker als dit in het belang van een kind is!
Tijdens de workshop over de reikwijdte van de jeugdhulp is een presentatie gegeven door Agnes van de gemeente Amersfoort. Hierin werd uitgelegd waarom de regio bezig is met de reikwijdte van de jeugdhulp. Dit is een opgave uit de Hervormingsagenda Jeugd. De regiogemeenten hebben samen 9 uitgangspunten opgesteld die in de verordeningen van elke gemeente opgenomen gaan worden. Het doel hiervan is dat de jeugdhulp terecht komt bij de jeugdigen die de hulp het hardst nodig hebben.
De negen uitgangspunten zijn:
Gespreksronde 1A Hervormingsagenda jeugd en reikwijdte jeugdwet
1)
(leeg)ouders zijn verantwoordelijk voor de opvoeding en ondersteuning van hun kind;
2)
Hulp is altijd gericht op het versterken van de eigen kracht en het sociale steun vanuit het netwerk van het gezin;
3)
Jeugdhulp is aanvullend op de eigen kracht en sociale steun van het gezin en algemeen toegankelijke voorzieningen.
4)
De hulpvraag wordt eerst vanuit aanpalende domeinen zoals het onderwijs, volwassenen-ggz en bestaanszekerheid opgepakt, voordat jeugdhulp wordt ingezet.
5)
De ondersteuningsstructuur van het onderwijs is voorliggend op jeugdhulp;
6)
Collectieve voorzieningen gaan voor op individuele voorzieningen;
7)
Specialistische jeugdhulp wordt aangeboden door gecontracteerde aanbieders;
8)
Een PGB kan ingezet worden, wanneer er geen passend gecontracteerd aanbod beschikbaar is;
9)
Jeugdhulp wordt niet met terugwerkende kracht toegekend.
Na de presentatie zijn er 3 groepjes gevormd om inhoudelijk over de uitgangspunten te praten. Hierbij werd gepeild of de professionals en raadsleden die aanwezig waren het eens zijn met de uitgangspunten en daarna werd hier een gesprek over gevoerd. Het waren mooie gesprekken. Deze input wordt meegenomen in het schrijven van de verordeningen Jeugdhulp. Presentatie in de bijlage
Tijdens de gespreksronde over de collectieve specialistische jeugdhulp in de klas op de Klimboom hebben Agnes Ijmker en Marianne Huitema een presentatie gegeven. De Klimboom is een school voor speciaal onderwijs. Sinds dit schooljaar hebben de regiogemeenten een collectieve afspraak gemaakt met de school, de Amerpoort en SWV de Eem, zodat de benodigde ondersteuning direct in de school kan worden ingezet. Uit het gesprek kwamen de volgende punten: • De beweging gaat van individueel beschikken naar collectieve beschikking in het onderwijs.
Gespreksronde 1B Collectieve specialistische jeugdhulp in de klas op de Klimboom
• Het initiatief van de Veldmuisgroep is de start geweest van collectieve specialistische jeugdhulp in een klas op de Klimboom. Zindelijkheidstraining werd voorheen in het onderwijs gegeven en moest jaarlijks opnieuw worden geëvalueerd. Dit was niet wenselijk en dat vormde een haakje in het proces om met de gemeente in gesprek te gaan. • Samenwerking tussen partijen is van groot belang. De klimboom ziet met de inzet van Amerpoort verbeterde onderwijsresultaten. Er staat een vaste zorgverlener op de groep van één organisatie. De expertise van Amerpoort is echt anders en vult die van het onderwijs aan. Het gaat vaak om gedrag, balans tussen inspanning en ontspanning. • Een belangrijke voorwaarde in de samenwerking is om de hulpvraag van de leerkracht goed te formuleren. • Het is nog een uitdaging om de ondersteuning voor kinderen in de klas die onder de WlZ vallen te organiseren. Deze zorg valt niet binnen het collectief aanbod gefinancierd vanuit jeugdhulp. Dit betekent dat het zorgkantoor/ministerie VWS een nieuwe partij is waarmee in de toekomst gesprekken moeten worden gevoerd.
Presentatie in de bijlage
M. van der Plas (SWV Eemland) gaf een inleiding over het langlopende project ‘Verbrede toelating’ in de regio Eemland. Het project heeft als doel om het onderwijs voor alle leerlingen in de regio Eemland, die langdurig ziek zijn (LZ) e/o lichamelijke beperkt zijn (LG), thuis nabij en inclusief te organiseren binnen het regulier VO. Dankzij een samenwerking tussen Pro33 (praktijkonderwijs), Yuverta (VMBO), het Vathorst College (M/H/V), het SWV, het VSO van de Kleine Prins (vestigingen in Utrecht en Hilversum), de brugfunctionaris (wijkteam) en de Gemeente Amersfoort worden leerlingen die normaliter naar Utrecht of Hilversum moeten voor ‘passend onderwijs’ nu in de regio bediend.
Gespreksronde 1C
Project ‘Verbrede toelating’ Vathorst College, Yuverta en Pro33
Zowel het onderwijs (pedagogisch en didactisch), de gebouwelijke omstandigheden en de specifieke begeleiding van de leerlingen bij hun ondersteuning worden allemaal bínnen het reguliere VO georganiseerd. De drie betrokken VO-scholen presenteerden praktijkvoorbeelden van hoe zij leerlingen uit deze doelgroep naar een diploma begeleiden. Hierbij werden ook de rollen, taken en verantwoordelijkheden van de ‘niet-onderwijs-partners’ (wijkteam en gemeente) in het voetlicht gezet en werd benadrukt hoe belangrijk deze samenwerking is; bijvoorbeeld de intake van betreffende leerlingen e/o het organiseren van excursies. Ook werd benadrukt hoe belangrijk de info-verstrekking is naar o.a. het primair onderwijs/ speciaal onderwijs in de regio om de ‘doorstroom’ van leerlingen binnen deze doelgroep goed in beeld te hebben en de mogelijkheden van het regulier VO bekendheid te geven. Na de presentaties was er veel sympathie voor het project en werd er specifiek ingegaan op vragen rondom de financiering van deze mogelijkheden binnen het regulier VO. De financiering wordt georganiseerd door SWV V(S)O Eemland in samenwerking met VO-scholen, de brugfunctionaris en de GGD. Soms is aanvullende jeugdhulp nodig dan zet de brugfunctionaris zich hiervoor in, dit is nu nog individueel. Gezamenlijk wordt gezocht naar een werkwijze dat aansluit bij de doelstellingen van het project.
Presentatie in de bijlage
Erik Hogebrug (De Have) en Peter Schouten (Vervoerder Noot) presenteerden over leerlingenvervoer. Leerlingenvervoer wordt belicht vanuit het perspectief van de leerling, ouders, scholen, vervoerder en gemeente. Voor de aanbesteding zijn gesprekken gevoerd met (vertegenwoordigers van) deze partners, waarbij begrip en samenwerking centraal stonden. Het uitgangspunt is het bieden van een passende mobiliteitsoplossing voor de leerling, variërend van fiets-, auto- of OV-kostenvergoeding bij eigen vervoer, een e-bike of een bekostiging van taxi(bus)vervoer of touringcar. Bij leerlingenvervoer wordt vaak onterecht alleen aan taxivervoer gedacht. ‘Eigen kracht’ wordt getoetst door de adviseurs leerlingenvervoer. Bij de komende aanbesteding gaat het uitsluitend over het aangepast vervoer.
Gespreksronde 1D Leerlingenvervoer en onderwijs
Ouders en leerlingen willen graag een vaste chauffeur met ‘feeling’ voor de doelgroep, maar het tekort aan chauffeurs maakt dit niet altijd haalbaar. Goede communicatie over afwijkende tijden, andere chauffeur, etc. is daarom belangrijk. Ook de duur van de rit wordt vaak als belastend ervaren. Het proces van jaarlijks aanvragen wordt herzien om de administratieve druk te verminderen. Ouders denken mee over alternatieven zoals centrale opstapplaatsen en grotere taxibussen. Daarnaast zou een ‘hybride’ vorm van leerlingenvervoer mogelijk zijn; bijvoorbeeld 2 dagen zelf brengen/halen of poolen met andere ouders en de overige 3 dagen per week taxivervoer. Met ouders wordt gecommuniceerd via een app, sms, mail en telefoon. Ouders zijn mondiger geworden en verwachten meer omdat er meer mogelijk is qua informatietechnologie. Sommige scholen zitten vol waardoor er leerlingen buiten het eigen samenwerkingsverband naar school gaan hetgeen op het vervoer drukt (langere reistijden). Meer inclusiever thuisnabij onderwijs en het wijzigen van schooltijden voor een aantal scholen zou wellicht meer ruimte kunnen geven binnen het leerlingenvervoer.
Presentatie in de bijlage
Tot slot wordt lange reistijd (bijv. 2x 90 min) als onacceptabel beschouwd. Sommige gespecialiseerde scholen liggen verder weg, wat onvermijdelijk is. Verschillende voorbeelden tonen de complexiteit van het vervoer, zoals een taxibus die langs meerdere adressen gaat en vervolgens naar verschillende scholen rijdt, of een touringcar met vaste opstapplaatsen in Bunschoten die niet geschikt is voor alle leerlingen.
Tijdens deze gespreksronde heeft Maddy Laforrest van SWV de Eem een toelichting gegeven op de poortwachtersfunctie van de regio (onderdeel van de ketenaanpak dyslexie) om het hoge aantal dyslexie verklaringen te verminderen. De volgende punten zijn daarbij besproken: • Dyslexie wordt gevonden in het onderwijs. • Vergoeding voor de behandeling van ernstige dyslexie valt onder de jeugdwet. • SWV de Eem vervult regionaal de rol van poortwachter.
Gespreksronde 1E De ketenaanpak dyslexie
• De ketenaanpak dyslexie in de regio wordt gezien als een landelijk voorbeeld. • Het preventieve programma Bouw! wordt ingezet. Dat is een preventief programma dat leerlingen ondersteunt bij beginnende geletterdheid en leren lezen. Het is een methode om risicoleerlingen te stimuleren. • Het verwijzingspercentage van 7% komt overeen met het landelijk gemiddelde. De ambitie is om het percentage te verlagen. Het opvallende feit dat kinderen met een migratieachtergrond minder naar voren komen, werd besproken. We willen heel graag de kinderen met dyslexie goed helpen, maar helpen we nu echt die 7 % kinderen?
M. van der Plas (SWV Eemland) gaf een inleiding over de doelstellingen van het Ondersteuningplan 19-23 en het huidige Ondersteuningsplan 23-27 van het SWV. Deze plannen, verplicht opgesteld door de SWV (PO en VO), fungeren een ‘strategische agenda” voor een periode van vier jaar. Ze moeten ook door o.a. de regio gemeentes – bestuurlijk- worden geaccordeerd en dat gebeurd in het OOGO (Overrenstemming Gericht Overleg) waarin de bestuurders van de SWV en de Wethouders overleggen over onderwijs en (jeugd-)zorg. Eén van die doelstellingen voor het SWV Eemland hadden en hebben specifiek te maken met de verbinding van de Jeugdzorg bínnen het onderwijs/ de onderwijssetting. Het is de route naar inclusiever onderwijs waarbij de ‘vindplaats’ (waar de leerling zich bevindt) ook ‘de werkplaats’ moet zijn voor een integraal aanbod van onderwijs én zorg.
Gespreksronde 2A
AOJ teams in het voortgezet onderwijs
In het voortgezet onderwijs in Amersfoort zijn AOJ-teams actief die gezamenlijk de ondersteuning rondom leerlingen vormgeven. AOJ staat voor Aansluiting Onderwijs Jeugdhulp. Het team omvat vertegenwoordigers van Leerplicht, GGD (jeugdarts), Brugfunctionaris (wijkteam), en het interne ondersteuningsteam van de school, met onder andere de ondersteuningscoördinator en orthopedagoog. Dit team buigt zich over leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben vanwege belemmeringen op school e/o de thuissituatie die effect hebben op hun prestaties. De deelnemers doen dat allen vanuit hun eigen expertise en verrijken elkaar bij het zoeken naar gepaste interventies. Het AOJteam maakt ieder schooljaar – bij de start- een afsprakenplan en maakt hiervan verslag ( en levert dat aan bij het SWV). Dit wordt tussentijds en aan het eind van het schooljaar in ieder geval herhaald. Inclusief de verslaglegging (op werkprocessen) naar het SWV. De verslaglegging wordt gebruikt voor monitoring, het signaleren van trends en besprekingen tussen de leidinggevenden van de verschillende disciplines binnen het AOJ-team. Vergelijkbare werkwijzen worden gehanteerd door VO-locaties in de regio, die ook verslaglegging aanleveren aan het SWV. Na de presentatie was er ruimte voor vragen, waarbij vooral de trends in ondersteuningsbehoeften werden verkend en besproken.
De gespreksronde behandelde het onderwijs en specialistische jeugdhulp (OSJ), waarbij vaste specialistische jeugdhulpverleners op school aanwezig zijn en jeugdhulp bieden aanvullend op het schoolprogramma zonder dat hiervoor een verwijzing nodig is. Ze werken nauw samen met het onderwijs(zorg)team binnen een vooraf opgesteld gezamenlijk plan. De plannen kunnen heel verschillend zijn en is vooral vraaggericht. Een voorbeeld van de OSJ is een school met veel NT2 leerlingen. Op de locatie speelde veel zoals; groepsvorming, jongens die veel buiten spelen, culturele diversiteit, meidenvenijn en vechtscheidingen. Dit alles vroeg veel van de leerkracht. Waarbij de leerkracht zich niet altijd realiseerde dat er voordat de kinderen in de klas zaten al veel gebeurd was waardoor de kinderen niet echt openstonden voor leren.
Gespreksronde 2B
Onderwijs en specialistische jeugdhulp (OSJ)
Een ander voorbeeld dat binnen de OSJ ontwikkeling past, is traumasensitief lesgeven. Vanuit de jeugdhulp is het contact met ouders anders dan het contact wat de leerkracht heeft. Door diepgaand te informeren naar de behoeften van het kind vanuit jeugdhulp en ouders bewust te maken van het gedrag dat het kind in de klas vertoont, kreeg het kind de ruimte om te leren. De OSJ'er, niet de IB'er, bespreekt deze kwesties met de leerkracht, waardoor de expertise wordt versterkt. OSJ voorbeeld Back up klas van t Hooghe Landt College:
De Back up klas is een aparte voorziening binnen het Hooghe Landt College waar kinderen/jongeren terecht kunnen die niet het hele onderwijs programma kunnen volgen. De ondersteuner gaat na aanmelding binnen twee weken op huisbezoek als brug tussen school en jeugdhulp. Een vaste groepsbegeleider(gefinancierd vanuit onderwijsmiddelen) zorgt voor stabiliteit. De OSJ’er wordt flexibel (voor 16 uur) vanuit de Jeugdhulp ingezet. Bij multidisciplinaire problematiek lijkt een blijvende aanpak vanuit OSJ nodig. Het belang van korte lijnen, flexibiliteit en samenwerking tussen onderwijs en jeugdhulp zorgt voor effectieve ondersteuning van kinderen. Zie de bijlage voor meer informatie.
Tijdens de workshop ‘MBO Track - Back on track’ presenteerde Jeroen Harmeijer. Het biedt perspectief voor jongeren die vastlopen in het regulier onderwijs. De locatie op Isselt is een bedrijfspand waar zowel onderwijs als praktijk wordt aangeboden aan leerlingen die behoefte hebben aan een ander perspectief, meestal vanaf 15/16 jaar. Deze leerlingen zijn vastgelopen in zowel regulier als speciaal onderwijs.
MBO track is ontstaan vanuit de behoefte om het zowel voor studenten als docenten wenselijk en veilig te houden. Vanuit SWV Eemland, gemeente Amersfoort en meerdere scholen is MBO track ingericht om thuiszitters te voorkomen. Aanmeldingen verlopen altijd via onderwijsinstellingen, samenwerkingsverbanden of gemeenten, niet rechtstreeks via ouders.
Gespreksronde 2C MBO Track
MBO Track integreert onderwijs en hulpverlening, waarbij individuele leerplannen worden gebruikt. De leerlingen ontvangen intensieve persoonlijke begeleiding gedurende een plaatsing van circa 8-9 maanden, waarbij momenteel 20 leerlingen zijn betrokken. Het programma omvat veel betrokkenheid van professionals in het netwerk rondom de jongeren, die worden ingeschakeld bij het leerproces. Op dit moment is MBO Track alleen beschikbaar voor vroegtijdige schoolverlaters op niveau Entree (niveau 1 MBO), maar er groeit een toenemende behoefte aan een vergelijkbaar aanbod voor niveau 2. Het project wordt oa. gefinancierd door MBO Amersfoort, SWV Eemland, v(s)o scholen die leerlingen aanmelden en het VSV programma.
Nicole Tates – Jansen, Maarten van Keulen, Resi van Gestel en Annemarie de Wit gaven een presentatie over thuiszitters en het leerrecht. Hier de kern van de presentatie: Scholen en samenwerkingsverbanden spannen zich in om ieder kind een passende onderwijsplek te bieden, met extra zorg en ondersteuning indien nodig. De samenwerkende partijen kijken met een bredere blik naar de ontwikkeling van kinderen, vooral voor de leerlingen waarvoor een vrijstelling 5a wordt aangevraagd (psychisch/lichamelijk). De aanvraag voor vrijstelling van leerplicht wordt beoordeeld vanuit zowel passend onderwijs als vanuit sociaal medisch oogpunt.
Gespreksronde 2D Thuiszitters - Leerrecht
Er zijn twee niveaus van overleg: de regietafel voor trends en ontwikkelingen en TOM-tafel voor het bespreken van de casuïstiek. Bij de TOM-tafel zit een team van experts, waaronder een onderwijsondersteuner van het samenwerkingsverband en een onafhankelijk aangestelde GGDjeugdarts. Op verzoek kunnen ouders of de betrokken wijkteammedewerker aansluiten. Samen gaan zij na of er mogelijkheden zijn voor het kind om naar een school te gaan, of dat een vrijstelling van leerplicht nodig is. Het doel is om in een vroeg stadium multidisciplinair te kijken wat kinderen wel kunnen.
Samenwerkingsverbanden voor het primair en voortgezet onderwijs zitten in de regio Amersfoort samen aan tafel, om ook de overgang van PO naar VO te bespreken. Een signaal is dat in de afgelopen periode meer jonge kinderen, zo rond de leeftijd van 5 jaar, vaker kampen met ontwikkelingsproblemen. Met subsidie van Wel in Ontwikkeling gaat een leerkracht op de fiets naar een zorginstelling om onderwijs aan te bieden. Er zijn vooral zorgen over de wachtlijsten in de (jeugd)zorg voor de jeugd die niet direct naar school kan.
Sonja Strijk van de gemeente Amersfoort en Riemer Poortstra vertelden in hun workshop over privacy. Op de dag van de raadsbijeenkomst was het diep uitgewerkte privacydocument klaar. De achtergrond van dit stuk is dat tot 2018 alle partijen in het onderwijs- en jeugddomein om casuïstiek te bespreken 4 keer per jaar gegevens doorgaven aan het SWV van thuiszitters. Thuiszitters zijn in dit geval ongeoorloofd verzuimers, maar ook jongeren die verhuizen of die niet verschijnen op de nieuwe school. Hierin worden ook mbo'ers mee genomen.
Gespreksronde 2E Privacy
Er zijn veel verschillende vormen van afwezigheid. Voor vrijstellingen onder artikel 5, waarvan 5a de bekendste, is een verklaring van een jeugdarts nodig, een SMA: sociaal medisch advies. Het doorgeven van gegevens mag niet aan een derde, als dat herleidbaar is tot een persoon. Daarom was het thuiszitterspact afgesloten, maar een week later lag het plat omdat het vanwege AVG niet mocht. Hierdoor kunnen partijen, en dat kunnen er veel zijn, die om één casus zitten geen gegevens uitwisselen en dat maakt het in de praktijk erg lastig. Om die reden is het privacyconvenant gekomen. Nu is voor elk casusoverleg beschreven wie erbij zit en wie wat doet. Ook is beschreven wie wat mag delen en waarom, etc. Het document is een voorloper binnen het domein. Het privacyconvenant moet ouders, leerlingen en instellingen helpen. Het blijft echter lastig omdat alle partijen lijstjes hebben van thuiszitters en wachtlijsten, maar zij deze niet kunnen delen. Het mag worden opgemerkt dat alle protocollen en procedures ten koste gaan van de leerlingen en van het werkplezier.