Evaluatie Implementatie Nascheiding_V20221102.pdf
Tekst van het document
RAPPORT Evaluatie Implementatie Nascheiding 2022 Bevindingen o.b.v. resultaten januari-september Klant:
Gemeente Bunschoten
Referentie: BH4082-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001 Status:
S0/P01.01
Datum:
31 October 2022
Alleen voor intern gebruik
HASKONINGDHV NEDERLAND B.V.
Laan 1914 no.35 3818 EX Amersfoort Mobility & Infrastructure Trade register number: 56515154 +31 88 348 20 00 T +31 33 463 36 52 F info@rhdhv.com E royalhaskoningdhv.com W
Titel document: Evaluatie Implementatie Nascheiding 2022 Sub titel: Bevindingen o.b.v. resultaten januari-september Referentie: BH4082-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001 Status: P01.01/S0 Datum: 31 October 2022 Projectnaam: Nascheiding Bunschoten Projectnummer: BH4082 Auteur(s): Paul Mul
Opgesteld door: Paul Mul Gecontroleerd door: Projectgroep Nascheiding Datum: 31 oktober 2022 Goedgekeurd door: Datum:
Classificatie Alleen voor intern gebruik
Behoudens andersluidende afspraken met de Opdrachtgever, mag niets uit dit document worden verveelvoudigd of openbaar gemaakt of worden gebruikt voor een ander doel dan waarvoor het document is vervaardigd. HaskoningDHV Nederland B.V. aanvaardt geen enkele verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid voor dit document, anders dan jegens de Opdrachtgever. Let op: dit document bevat mogelijk persoonsgegevens van medewerkers van HaskoningDHV Nederland B.V.. Voordat publicatie plaatsvindt (of anderszins openbaarmaking), dient dit document te worden geanonimiseerd of dient toestemming te worden verkregen om dit document met persoonsgegevens te publiceren. Dit hoeft niet als wet- of regelgeving anonimiseren niet toestaat. 31 October 2022
EVALUATIE
BH4082-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
ii
Alleen voor intern gebruik
Inhoud 1
Conclusies Evaluatie Nascheiding
1
2
Inleiding
3
3
Serviceresultaten
4
3.1
Verhoging serviceniveau
4
3.2
Uitvoering door ROVA
5
3.3
Klachten en meldingen
5
3.4
Beleving en tevredenheid van inwoners
6
3.5
Communicatie
7
3.6
Extra voorzieningen GFT hoogbouw
8
3.7
Extra uitgereikte minicontainers voor restafval+
8
3.8
Vervuiling en bijplaatsingen
8
3.9
Verwijderen ondergrondse containers
9
4
Milieuresultaten
10
4.1
Ontwikkeling van de kwantiteit van afvalstromen
10
4.2
Ontwikkeling van de kwaliteit van afvalstromen
13
4.3
Nascheidingsrendement
14
5
Kostenresultaten
15
5.1
Investeringen en desinvesteringen
15
5.2
Kosten en baten van nascheiding
17
5.3
Effect op de afvalstoffenheffing
19
6
Aanbevelingen en Doorkijk richting 2030
20
6.1
Aanbevelingen
20
6.2
Doorkijk richting 2030
21
Bijlagen No table of contents entries found.
31 October 2022
EVALUATIE
BH4082-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
iii
Alleen voor intern gebruik
1
Conclusies Evaluatie Nascheiding
We beginnen de evaluatie van de implementatie van het systeem nascheiding per 1 januari 2022 met een overzicht van de belangrijkste bevindingen, conclusies en aanbevelingen. Deze zijn verderop in het rapport nader uitgewerkt. De volgende bevindingen en conclusies komen aan bod: • Algemeen beeld inwoners • Service voor inwoners • Milieuresultaten • Kosten • Investeringen Met het oog op de toekomst gaan we ook in op: • Aanbevelingen • Doorkijk naar 2030 Algemeen beeld inwoners (zie hoofdstuk 3) De implementatie van het systeem nascheiding per januari 2022 is goed verlopen: er zijn minder meldingen over afval bij ROVA binnengekomen dan in 2021 en in de media zijn weinig (negatieve) berichten over het systeem nascheiding geweest. Uit een afval enquête uit september 2022 blijkt ook dat inwoners in grote meerderheid positief oordelen over de implementatie en werking van het systeem nascheiding. In de eerste maanden zijn hier en daar wat kleine aanpassingen gedaan om het systeem beter op wensen van inwoners te laten aansluiten. Service voor inwoners (zie hoofdstuk 3) Belangrijkste aanleiding om over te gaan op het systeem nascheiding was om de afvalinzameling servicegerichter te maken.
Op basis van de resultaten van de enquête van september 2022 kan worden opgemaakt dat het systeem over het algemeen goed aansluit op de wensen van inwoners: de meeste (laagbouw) inwoners bieden hun restafval het liefste aan via een minicontainer. Met de implementatie van het systeem nascheiding is deze doelstelling behaald: ruim 80% van de huishoudens hoeft restafval niet meer naar een ondergrondse container te brengen. Wel geeft een deel van de inwoners in de enquête aan het jammer te vinden dat PMD niet meer brongescheiden kan worden. Tegelijkertijd met de implementatie van het systeem nascheiding is ook het voorzieningenniveau voor de inzameling van GFT bij hoogbouw verbeterd: het aantal voorzieningen is verdubbeld (van 13 naar 25) en het aantal huishoudens dat daar gebruik van maakt is zelfs verdriedubbeld (van 85 naar 260). Milieuresultaten (zie hoofdstuk 4) Het grootste risico dat vooraf werd ingeschat is uitgebleven: de hoeveelheid restafval+ is niet schrikbarend gestegen. Vooraf werd een hoeveelheid van 125 kg/inw geraamd en de prognose voor 2022 is nu 136 kg/inw o.b.v. de eerste negen maanden. Doordat de hoeveelheid grof restafval op het aanbiedstation is teruggelopen met 15 kg/inw lijkt de totale hoeveelheid restafval (grof en fijn) zelfs lager te zijn geraamd. Stroom
Raming (in kg/inw)
Gerealiseerd (in kg/inw)
Restafval+
125
136
Grof restafval
51
36
TOTAAL
176
172
31 October 2022
EVALUATIE
BH4082-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
1
Alleen voor intern gebruik
Wel worden er minder grondstofstromen brongescheiden. De hoeveelheid brongescheiden GFT, papier, glas en luiers is met 20% afgenomen. Met betrekking tot het milieuresultaat is het grootste aandachtspunt GFT: de kwaliteit van GFT is vaak matig waardoor een deel van het GFT wordt afgekeurd (en dan verwerkt als restafval+). Hierop wordt inmiddels actie ondernomen. Het uitsorteerrendement van kunststof en drankenkartons uit het restafval+ via de nascheidingsinstallatie van Attero in Wijster is netto 14 kg/inw. In 2021 waren inwoners van Bunschoten met 71 kg/inw kampioen van Nederland m.b.t. de hoeveelheid bronscheiding van PMD. Wel was het aangeboden PMD relatief vervuild. De 71 kg/inw betrof de goedgekeurde fractie. Het scheidingsrendement is dus omlaag gegaan. Investeringen (zie paragraaf 5.1) De grootste (des)investeringen in het systeem nascheiding zitten in de verwijdering van overbodig geworden ondergrondse containers. Deze blijken een stuk lager dit liggen dan geraamd (voordeel € 247.000,-). Daarvoor zijn er verschillende verklaringen: • de ondergrondse containers inclusief de betonnen buitenbakken konden tegen boekwaarde worden overgenomen door ROVA voor toepassing elders. Dit voordeel voor de gemeente bedraagt € 113.000,- t.o.v. geraamd. • de verwijderings- en herinrichtingskosten per locatie lijken lager uit te pakken dan geraamd (eindafrekeningen nog niet binnen).
Het voordeel voor de gemeente bedraagt € 60.000,-. • het aantal locaties was 10 lager dan geraamd. Het voordeel bedraagt € 64.000,-. Er zijn wel wat extra investeringen geweest in de ombouw van ondergrondse containers naar andere grondstoffen (ca € 13.000) en de investeringen voor de GFT voorzieningen voor de hoogbouw zijn hoger dan geraamd. De investeringen in de GFT voorzieningen wordt verrekend via de DVO met ROVA. Kosten en baten (zie paragraaf 5.2 en 5.3) Het systeem nascheiding heeft een prijs. Vooraf was geraamd dat de extra service van het systeem nascheiding ongeveer € 31 per huishouden hoger zou zijn dan het oude systeem (omgekeerd inzamelen met diftar). De grootste geraamde meerkosten vormden de hogere verwerkingskosten voor restafval en de vervallen vergoeding voor bronscheiding van PMD van Afvalfonds. De structurele kosten pakken hoger uit dan geraamd. Ten opzichte van de raming pakken de kosten voor het systeem nascheiding zo’n € 120.000,- hoger uit. Dit komt o.a. door de blijvende kosten voor containermanagement (€ 47.000,-), afkeur van GFT (€ 21.000,-), minder verwijderde ondergrondse containers (€ 16.000,-) en geen lagere opruimkosten van de Buitendienst (€ 15.000,-). Het effect op de afvalstoffenheffing is € 14 per huishouden. Aanbevelingen (zie paragraaf 6.1) Op basis van de evaluatie zijn er vijf aanbevelingen: 1. Zet in op verhoging kwaliteit GFT 2.
Onderzoek mogelijkheden verbeteren nascheidingsrendement 3. Onderzoek mogelijkheden verlagen kosten containermanagement 4. Blijf met huidige inzamelmiddelen inzamelen 5. Hou de aandacht van inwoners vast voor afvalscheiding 6. Blijf aantal tweede minicontainers voor restafval+ goed monitoren Doorkijk naar 2030 (zie paragraaf 6.2) Met de implementatie van het systeem nascheiding worden de landelijke VANG-doelen voor restafval (max 100 kg/inw) niet meer gehaald in Bunschoten. Om deze wel weer binnen bereik te krijgen, moet de gemeente de komende jaren extra inzetten op betere bronscheiding van grondstoffen, bij de volgende (AVU) aanbesteding inzetten op een afvalverwerker met een hoog nascheidingsrendement en grof restafval op het aanbiedstation verder reduceren via een combinatie van maatregelen.
31 October 2022
EVALUATIE
BH4082-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
2
Alleen voor intern gebruik
2
Inleiding
Aanleiding In het coalitieakkoord 2019-2022 is vastgelegd om de afvalinzameling in Bunschoten servicegerichter te maken voor inwoners en daarom over te gaan op het systeem nascheiding. Servicegerichtheid is vertaald naar drie systeemwijzigingen ten opzichte van het inzamelsysteem zoals dat tot 1 januari 2022 was vormgegeven: • Geen restafval inzamelen via ondergrondse containers voor laagbouw; • Niet meer betalen voor het aanbieden van restafval (geen diftar); • Bewoners hoeven geen PMD meer te scheiden (dat gaat machinaal achteraf). In 2020 is begonnen met de uitvoering van het “project nascheiding” om deze systeemwijzigingen te realiseren. De kaders hiervoor zijn vastgelegd in het Kaderstellend plan welke door de gemeenteraad is vastgesteld in oktober 2020. In het Uitvoeringsplan is de wijze van implementatie nader beschreven. Deze is in juli 2021 door de gemeenteraad vastgesteld. Conform het Uitvoeringsplan is de implementatie verder voorbereid, zodat het systeem nascheiding per 1 januari 2022 ingevoerd kon worden. Uitvoeringsplan Naast de uit te voeren activiteiten om het systeem nascheiding te kunnen implementeren, omvat het Uitvoeringsplan ook de beoogde milieu-, service- en kostenprestaties. Deze vormen ook de basis voor de kosten/batenanalyse (de businesscase) en de (des)investeringen.
De geraamde prestaties en bijbehorende geraamde financiële consequenties kunnen ook worden benut om te beoordelen of het systeem van nascheiding in de praktijk functioneert zoals vooraf verwacht. Evaluatie Inmiddels functioneert het systeem nascheiding bijna een jaar en kan op basis van de cijfers over de eerste negen maanden een indicatie gegeven worden van het functioneren en presteren. Gedurende deze maanden is het functioneren en presteren van het systeem van nascheiding gemonitord op basis van de in het Uitvoeringsplan beschreven indicatoren. Op basis daarvan is het mogelijk om nu een goed beeld te schetsen omtrent het functioneren en presteren van het systeem nascheiding. In dit rapport staan de bevindingen rondom presteren en functioneren: • hoofdstuk 3: serviceresultaten • hoofdstuk 4: milieuresultaten • hoofdstuk 5: kostenresultaten Daarnaast biedt deze evaluatie ook een doorkijk naar 2030 en zijn aanbevelingen geformuleerd om de komende jaren het systeem nascheiding verder te optimaliseren.
31 October 2022
EVALUATIE
BH4082-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
3
Alleen voor intern gebruik
3
Serviceresultaten
Met betrekking tot de service resultaten gaan we in op: 1. Verhoging serviceniveau 2. Uitvoering door ROVA 3. Klachten en meldingen 4. Beleving en tevredenheid van inwoners 5. Communicatie en berichten in de (sociale) media 6. Extra voorzieningen GFT hoogbouw 7. Extra uitgereikte minicontainers voor restafval+ 8. Vervuiling en bijplaatsingen 9. Verwijderen ondergrondse containers
3.1
Verhoging serviceniveau
Het servicegerichter maken van de afvalinzameling was de belangrijkste aanleiding om over te stappen van het systeem omgekeerd inzamelen met diftar naar het systeem nascheiding. De hogere service zit met name in de volgende drie elementen: • Loopafstanden: inwoners in de laagbouw hoeven geen restafval meer te brengen naar ondergrondse containers. Restafval+ wordt nu aan huis ingezameld via een minicontainer; • Per storting betalen voor aanbieden restafval: inwoners hoeven niet meer per storting te betalen voor het aanbieden van restafval (geen diftar). Ze kunnen binnen het inzamelregime restafval+ aanbieden wanneer dat het uitkomt; • Minder bronscheiding: inwoners hoeven geen PMD meer te scheiden. Dit mag bij het restafval+ en wordt bij het systeem nascheiding machinaal gescheiden bij de afvalverwerker. Cijfers voor gebruik van de ondergrondse containers laten zien dat (hoogbouw)inwoners ook gebruik maken van deze extra service: het aantal keer dat een ondergrondse container wordt geopend in 2022 is groter dan in 2021. Dat terwijl het aantal huishoudens aangesloten op de ondergrondse containers juist met ca. 80% is gedaald. Het gewicht dat per keer wordt aangeboden is ook kleiner: 3,5 kg per keer in 2022 voor restafval+ en 6,3 kg per keer in 2021 voor restafval. Deels komt dat ook door de aanwezigheid van PMD in het restafval+.
Aantal klepopeningen op maandbasis (in stuks) 12.000 10.000 8.000 6.000 4.000 2.000 0 jan
feb
mrt
apr
mei 2021
31 October 2022
EVALUATIE
jun
jul
aug
sep
2022
BH4082-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
4
Alleen voor intern gebruik
3.2
Uitvoering door ROVA
ROVA heeft haar dienstverlening in de praktijk en in de DVO aangepast. De volgende wijzigingen zijn doorgevoerd: • Aanpassen inzamelroutes minicontainers • Aanpassen inzamelroutes ondergrondse containers • Uitbreiden GFT-inzamelroute verzamelcontainers (cocons) • Separaat opslaan (op locatie Amersfoort) en transporteren restafval+ naar Attero In de praktijk zijn deze wijzigingen probleemloos doorgevoerd. Deels geschiedde dit op iteratieve basis: in de eerste maanden is nog wat geschoven in locaties van ondergrondse containers om tegemoet te komen aan wensen van inwoners.
3.3
Klachten en meldingen
ROVA en de gemeente houden binnen gekomen klachten en meldingen rondom afval bij. Hierbij hanteert ROVA de volgende definities: • Klacht: uiting van ontevredenheid met betrekking tot resultaten en/of dienstverlening van ROVA (gegrond of ongegrond) waarbij de betrokkene nadeel of schade heeft ondervonden e/of persoonlijk belang heeft; • Melding: omvat alle signalen door derden over (vermeende) onvolkomenheden waarvoor ROVA verantwoordelijkheid draagt. De onderstaande figuur toont het aantal binnengekomen klachten en meldingen bij ROVA op maandbasis voor de eerste negen maanden in 2021 en 2022. Klachten en meldingen bij ROVA (aantal) 100
14
90
12
70
10
60
8
50 40
6
30
4
Klachten
Incidenten
80
20 2
10 0
0 jan
feb
Incidenten 2021
mrt
apr
mei
Incidenten 2022
jun
jul
Klachten 2021
aug
sep Klachten 2022
Uit de figuur blijkt dat het aantal meldingen (incidenten) bij ROVA over afvalinzameling in Bunschoten in 2022 structureel lager ligt dan in 2021. Opvallend is ook het lage aantal meldingen in de implementatiemaand januari: juist dan zou je veel vragen van inwoners verwachten. Het relatief lage aantal meldingen en klachten geeft een indicatie dat inwoners goed uit de voeten kunnen met het systeem nascheiding en dat dit weinig vragen en problemen heeft opgeroepen. 31 October 2022
EVALUATIE
BH4082-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
5
Alleen voor intern gebruik
ROVA splitst de aard van meldingen nader uit. De meeste meldingen gaan over de inzamelmiddelen (containers), de inzameling van afval en de milieupas.
3.4
Beleving en tevredenheid van inwoners
In september 2022 is het klanttevredenheidsonderzoek (dat ROVA periodiek houdt) verspreid over de ROVA-gemeenten. Het onderzoek is uitgevoerd door Integron. Voor Bunschoten is een aantal specifieke vragen toegevoegd over de implementatie van nascheiding. De respons in Bunschoten was 300 en daarmee representatief. De onderstaande twee figuren tonen de beleving van inwoners over het systeem nascheiding. Ervaring overgang naar nascheiding
Oordeel systeem nascheiding
Zeer goed Goed Redelijk goed Redelijk slecht Slecht Zeer slecht Geen mening
De bovenstaande figuur laat zien dat de overgrote meerderheid in Bunschoten (90%) de overgang naar het systeem nascheiding op een goede manier heeft ervaren. Slechts een klein deel heeft de overgang als slecht (5%) ervaren. Dit geeft een indicatie dat de implementatie door gemeente en ROVA goed is verlopen. Dat is mede te danken aan de inspanningen verricht op vlak van communicatie (zie 3.5). Daarnaast oordeelt een grote meerderheid (84%) ook positief over het systeem nascheiding zelf. Een klein deel oordeelt negatief (11%) over het systeem nascheiding. Dit geeft een indicatie dat het systeem nascheiding goed past bij de behoeften van de meeste inwoners van Bunschoten. Inwoners konden ook opmerkingen plaatsen over het systeem nascheiding. In veel opmerkingen wordt aangegeven dat men het nieuwe systeem prettig vindt en dan met name dat er niet meer per storting betaald hoeft te worden voor restafval en dat restafval weer aan huis opgehaald wordt. Er zijn ook verschillende opmerkingen waarbij men aangeeft graag het PMD apart te willen houden (beter voor het milieu) en dat men vermoedt dat het systeem nascheiding geldverspilling is.
31 October 2022
EVALUATIE
BH4082-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
6
Alleen voor intern gebruik
3.5
Communicatie
ROVA en de gemeente hebben een communicatieplan gemaakt waarin is beschreven hoe inwoners in verschillende fasen van de implementatie geïnformeerd worden over het systeem nascheiding. Gedurende de verschillende fasen van het project is als volgt gecommuniceerd: • Voorbereiding (najaar 2021): o Huis-aan-huis informatiekrant (oktober): algemene informatie over afval en de werking van het systeem nascheiding o Diverse artikelen via alle communicatiekanalen van de gemeente, waaronder de gemeentepagina, website, social media (Twitter, Facebook, Instagram). o Brief naar alle inwoners in hoogbouw/kleine tuin voor een gezamenlijke GFT-container. o Brief ROVA (december): instructie systeem en stickers voor op PMDcontainer • Implementatie (eind december en januari 2022): o Diverse artikelen via alle communicatiekanalen van de gemeente. o Brief instructie buitengebied (januari): ophalen PMD-minicontainer • Na invoering (februari-oktober 2022): o Diverse artikelen via alle communicatiekanalen van de gemeente. o Herhaling van artikelen om bewoners van hoogbouw/kleine tuin te informeren over de mogelijkheid van een GFT verzamelcontainer. o Vanaf september is er een communicatiecampagne gestart om vervuiling van GFT tegen te gaan. o Specifieke aandacht voor het verwijderen van de ondergrondse containers in de openbare ruimte en de herbestemming van de containers.
Over het algemeen kan gesteld worden dat er relatief weinig reuring is geweest rondom het systeem nascheiding in de (sociale) media. Uit de enquête (zie 3.4) komt naar voren dat 90% van de inwoners de overgang naar het systeem nascheiding op een goede manier heeft ervaren. Dat is grotendeels te danken aan de inspanningen die op het onderdeel communicatie zijn verricht om de implementatie over een lange periode in goede banen te leiden.
31 October 2022
EVALUATIE
BH4082-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
7
Alleen voor intern gebruik
3.6
Extra voorzieningen GFT hoogbouw
Voor nascheiding is het belangrijk dat het ingezamelde restafval+ stroom zo “schoon en droog” mogelijk is. Dat betekent dat groente-, fruit- en tuinafval (GFT) zoveel mogelijk brongescheiden moet blijven worden. Niet alle inwoners in hoogbouw complexen hadden mogelijkheden om GFT te scheiden 1 . Daarom is gelijktijdig met de implementatie van het systeem nascheiding ingezet op verbetering (uitbreiding) van de GFT voorzieningen bij hoogbouw woningen. In 2021 zijn hoogbouw bewoners via verschillende kanalen benaderd met de uitnodiging om op vrijwillige basis gebruik te maken van een gezamenlijke voorziening voor de inzameling van GFT. In het afgelopen jaar zijn er 12 nieuwe voorzieningen bijgekomen: het aantal locaties is verdubbeld van 13 naar 25. In totaal maken op dit moment circa 260 hoogbouw huishoudens gebruik van een GFT-voorziening. Dit is ongeveer een verdriedubbeling ten opzichte van het aantal in 2021 (circa 85). De voorzieningen voor GFT bij de hoogbouw worden via een aparte hoogbouwroute geleegd op vrijdagen. De kwaliteit van GFT van hoogbouwwoningen is net als de kwaliteit van GFT van laagbouw een aandachtspunt. Er komen weinig klachten van gebruikers binnen over de GFT voorzieningen bij hoogbouw. Gebruik door inwoners en lediging door ROVA lijken dus goed te gaan.
Als een stukje extra service worden de GFT containers voor hoogbouw periodiek schoongemaakt in opdracht van ROVA.
3.7
Extra uitgereikte minicontainers voor restafval+
Huishoudens die onvoldoende capaciteit hebben aan één minicontainer voor restafval+ en voldoen aan de voorwaarden (minimaal 5 inwoners) kunnen tegen betaling een extra minicontainer voor restafval+ aanvragen. Deze huishoudens kunnen bij ROVA voor € 70,- (eenmalig) een extra minicontainer aanvragen. Op dit moment heeft dat nog geen jaarlijkse doorwerking op de hoogte van de afvalstoffenheffing die een huishouden moet betalen. Tot heden (in 2022) hebben 10 huishoudens een extra minicontainer voor restafval+ aangevraagd.
3.8
Vervuiling en bijplaatsingen
Bij het systeem van omgekeerd inzamelen met diftar was er regelmatig sprake van vervuiling en bijplaatsingen van afval bij de locaties met ondergrondse containers. Door over te gaan naar het systeem nascheiding zou deze vorm van overlast kunnen afnemen was de hypothese. Uit de praktijk blijkt dat vervuiling en bijplaatsingen deels zijn afgenomen. Op de voormalige probleemlocaties waar de ondergrondse container is verwijderd (in buurten met vooral laagbouw), is de overlast rondom de voormalige locaties inderdaad verdwenen. Echter de meeste probleemlocaties bevinden zich bij (hoogbouw)complexen en rond het centrum. Daar zijn de ondergrondse containers blijven staan en is de observatie van de Buitendienst dat het probleem van vervuiling en bijplaatsingen niet noemenswaardig is veranderd na de implementatie van het systeem nascheiding. Dat er in de praktijk weinig meldingen binnenkomen over overlast op de probleemlocaties met ondergrondse containers komt doordat de Buitendienst deze locaties dagelijks bezoekt en vervuiling en bijplaatsingen 1
De gemeente heeft in het verleden inwoners in de hoogbouw wel benaderd en in de gelegenheid gesteld om een GFT voorziening te realiseren bij hoogbouwcomplexen. 31 October 2022
EVALUATIE
BH4082-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
8
Alleen voor intern gebruik
verwijdert. Zo worden meldingen voorkomen. De inspanning die de Buitendienst verricht om dit mogelijk te maken is nagenoeg onveranderd na de implementatie van het systeem nascheiding ten opzichte van het oude systeem omgekeerd inzamelen met diftar.
3.9
Verwijderen ondergrondse containers
Doordat de meeste laagbouwwoningen restafval met een minicontainer zijn gaan inzamelen bij het systeem van nascheiding, is een deel van de ondergrondse containers voor PMD en restafval overbodig geworden. In de voorbereidingsfase zijn de te verwijderen of om te vormen (naar een andere afvalstroom) containers geïdentificeerd. In de eerste twee maanden na implementatie is nog enigszins geschoven in te behouden en te verwijderen ondergrondse containers om het systeem zo goed mogelijk te laten aansluiten op wensen en behoeften van inwoners. Ook is rekening gehouden met toekomstige nieuwbouwplannen in de gemeenten. Op enkele plekken (ca 5) is op basis daarvan besloten om de tijdelijk overbodig geworden ondergrondse containers te laten staan. In de toekomst kunnen die dan gebruikt worden door inwoners in de nieuwbouwprojecten. In september en oktober 2022 zijn de niet meer in gebruik zijnde ondergrondse containers inclusief de betonnen buitenbak verwijderd. De containers en de betonnen buitenbakken krijgen een nieuwe bestemming in het ROVA verzorgingsgebied. Alle betonnen buitenbakken konden heelhuids worden verwijderd t.b.v. hergebruik. De onderstaande tabel geeft een overzicht van het geraamde aantal te verwijderen en om te vormen ondergrondse containers en de realisatie in de praktijk. Ondergrondse containers
Geraamd
Gerealiseerd
Behouden (restafval en PMD)
50
59
Ombouwen (naar andere grondstof)
2
3
Verwijderen
57
47
TOTAAL
109
109
31 October 2022
EVALUATIE
BH4082-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
9
Alleen voor intern gebruik
4
Milieuresultaten
Met betrekking tot de milieuresultaten gaan we in op de volgende onderdelen: 1. Ontwikkeling van de kwantiteit afvalstromen (hoeveelheden in kg per inwoner) 2. Ontwikkeling van de kwaliteit van afvalstromen (vervuiling, afkeur) 3. Nascheidingsrendement
4.1
Ontwikkeling van de kwantiteit van afvalstromen
Rondom de ontwikkeling van de kwantiteit van de ingezamelde afvalstromen gaan we in op: • de hoeveelheid restafval • de hoeveelheid brongescheiden grondstoffen • de hoeveelheid grof restafval De hoeveelheid restafval+ Restafval+ is de afvalstroom die inwoners van Bunschoten sinds 1 januari 2022 (nieuwe situatie) aanbieden en bestaat uit restafval met PMD. Voor 1 januari 2022 (oude situatie) boden inwoners van Bunschoten brongescheiden PMD en restafval aan. Om de restafval+ resultaten van 2022 goed te kunnen vergelijken met 2021 moeten daarom de hoeveelheden restafval en PMD uit 2022 bij elkaar worden opgeteld. De onderstaande figuur laat de ingezamelde hoeveelheden over de eerste negen maanden in 2021 (restafval en brongescheiden PMD) en 2022 (restafval+) zien Ingezamelde hoeveelheid restafval+, restafval en PMD (in ton)
raming
2022
2021 0
500 Rest OGC
1.000 Rest mini
Rest+ OGC
1.500 Rest+ mini
2.000 Raming
2.500
PMD
Uit de figuur blijkt dat er 27% meer afval (restafval + PMD) is ingezameld in 2022 ten opzichte van 2021. Ook blijkt dat er 9% meer restafval+ is ingezameld dan vooraf verwacht (de raming). Op jaarbasis was de raming 125 kg/inw. Op basis van de eerste negen maanden in 2022 is de prognose 136 kg/inw. Twee verklaringen kunnen zijn (zie ook verderop): • er wordt minder (grof) restafval naar het aanbiedstation gebracht (ca 15 kg/inw); • er worden minder grondstoffen brongescheiden (ca -20%).
31 October 2022
EVALUATIE
BH4082-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
10
Alleen voor intern gebruik
De onderstaande figuur laat de hoeveelheid op maandbasis zien. Voor 2021 is dit de hoeveelheid restafval en PMD bij elkaar opgeteld en voor 2022 is dat de hoeveelheid restafval+. Hoeveelheid restafval+ op maandbasis (in ton) 300 250 200 150 100 50 0 jan
feb
mrt
apr
mei 2021
jun
jul
aug
sep
2022
In de figuur is te zien dat de ingezamelde hoeveelheden restafval+ tussen de 220 en 290 ton op maandbasis schommelen. De schommelingen komen mede door het aantal dagen in de maand en het aantal inzameldagen (dat verschilt soms iets per maand). Prognose restafval+ 2022 Er zijn verschillende stromen die zullen worden verwerkt als restafval+. De totale hoeveelheid restafval+ zal daarom groter zijn dan de verwachte 136 kg/inw die wordt ingezameld via de minicontainers en ondergrondse containers voor restafval+. De onderstaande tabel geeft de totale geprognosticeerde hoeveelheid restafval+ voor 2022. Onderdelen restafval+
Prognose Hoeveelheid 2022
Restafval+ (uit minicontainers en ondergrondse containers)
136 kg/inw
Afkeur GFT (wordt verwerkt als restafval+)
18 kg/inw
Restafval+ uit zakkenbak aanbiedstation
10 kg/inw
Verwerking luiers (wordt verwerkt als restafval+)
8 kg/inw
TOTAAL
172 kg/inw
De hoeveelheid brongescheiden grondstoffen De onderstaande figuur (volgende pagina) laat de hoeveelheid ingezamelde grondstoffen zien in 2021 en 2022 in de eerste negen maanden van het jaar. Onderscheid wordt gemaakt in GFT (inclusief afgekeurd GFT), papier, glas en luiers. Uit de figuur blijkt dat de hoeveelheid ingezamelde grondstoffen in 2022 met zo’n 20% is afgenomen ten opzichte van 2022. Grootste absolute verschil zit in het GFT. ROVA geeft aan dat dit niet alleen te zien is in Bunschoten, maar ook in veel andere gemeenten. Dat heeft te maken met de kleinere hoeveelheid tuinafval in verband met het droge weer in het voorjaar en de zomer (-18% in Bunschoten en -15% ROVA breed, afkeur in Bunschoten meegeteld als totale hoeveelheid ingezameld). 31 October 2022
EVALUATIE
BH4082-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
11
Alleen voor intern gebruik
Ingezamelde hoeveelheid grondstoffen (in ton)
raming
2022
2021 0
500
1.000
1.500 GFT
2.000 papier
glas
2.500
3.000
3.500
4.000
luiers
Door het wegvallen van diftar vervalt de financiële prikkel om afval te scheiden. Dit is een belangrijke verklaring voor het effect dat de figuur laat zien. Een andere verklaring kan het COVID effect zijn: in 2021 waren inwoners meer thuis dan in 2022 waardoor er iets meer huishoudelijk afval werd geproduceerd. Met name de gescheiden inzameling van luiers zakt de laatste maanden sterk in: er wordt nog ongeveer de helft van de hoeveelheden uit 2021 ingezameld. In 2021 was Bunschoten naast kampioen PMD scheiden ook kampioen van Nederland luiers bronscheiden (12 kg/inw en nummer 2 had 11 kg/inw). De hoeveelheid grof restafval De hypothese was dat inwoners (en kleine bedrijven met afval lijkend op dat van huishoudens) een deel van het restafval door diftar in 2021 niet via de ondergrondse container aanboden maar via het aanbiedstation. Afschaffing van diftar zou dan moeten leiden tot een reductie van de hoeveelheid grof restafval. Vanaf 2022 is ook onderscheid gemaakt in zakken restafval die worden gebracht naar het aanbiedstation en echt grof restafval. De onderstaande figuur toont de hoeveelheid grof restafval in de eerste negen maanden van 2021 en 2022. Ingezamelde hoeveelheid grondstoffen (in ton)
2022
2021
0
100
200
300
400
500
zakken
grof rest
600
700
800
900
De figuur laat een flinke afname zien van de hoeveelheid grof restafval dat naar het aanbiedstation (ca 250 ton ofwel 29%). Een verklaring kan zijn dat bewoners een deel van het afval nu via de ondergrondse en minicontainers aanbieden, omdat dat sinds 2022 gratis kan en dan niet meer de moeite nemen om dat naar het aanbiedstation te brengen: de financiële prikkel daarvoor is weg. Meer informatie over grof restafval staat in het RHDHV-rapport “Reductiemogelijkheden grof restafval op het aanbiedstation”. 31 October 2022
EVALUATIE
BH4082-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
12
Alleen voor intern gebruik
4.2
Ontwikkeling van de kwaliteit van afvalstromen
Rondom de ontwikkeling van de kwaliteit van de afvalstromen zijn er gegevens over: • samenstelling restafval • afkeur van GFT Voor de andere relevante stromen zijn er geen ontwikkelingen geweest m.b.t. het aspect kwaliteit die gemeten zijn c.q. data over beschikbaar is. Samenstelling restafval De samenstelling van het restafval geeft aan welke materialen er in het restafval zitten. Deze samenstelling wordt door AVU periodiek gemeten door middel van een sorteeranalyse. Doordat PMD niet meer wordt brongescheiden, is de verwachting dat het aandeel PMD in het restafval sterk zou toenemen. De resultaten van de sorteeranalyses 2022 heeft AVU op dit moment nog niet beschikbaar, zodat nog geen uitspraak gedaan kan worden over welke afvalstromen het meest voorkomen in het restafval+. Deze cijfers zijn begin 2023 wel beschikbaar. Afkeur van GFT Een indicatie van de kwaliteit van het GFT is de hoeveelheid GFT die wordt afgekeurd vanwege de aanwezigheid van vervuiling. In 2021 was er geen afkeur van GFT. Vanaf maart 2022 is er sprake van afkeur van GFT uit Bunschoten. Deels staat dit los van de implementatie van het systeem nascheiding: GFT-verwerkers letten beter op de kwaliteit van GFT, omdat de landelijke trend is dat er steeds meer vervuiling in het GFT zit waardoor het GFT-afval slechter verwerkbaar wordt.
Deels lijkt dit in sterke mate te spelen in Bunschoten ten opzichte van andere ROVA-gemeenten: ROVA geeft aan de afgelopen jaren op basis van visuele inschatting een geleidelijke achteruitgang te zien in kwaliteit van GFT in Bunschoten. GFT op maandbasis (in ton) 250 200 150 100 50 0 jan
feb
mrt
apr
mei
Goedgekeurd
jun
jul
aug
sep
Afgekeurd
Inmiddels hebben de gemeente en ROVA nader onderzoek gedaan naar de oorzaken van de afkeur en wordt gewerkt aan maatregelen om de vervuiling van GFT zoveel mogelijk te beperken. In eerste instantie wordt ingezet op het verkrijgen van inzicht (in welke wijken is het GFT met name vervuild en met welke afvalstromen wordt het GFT vervuild) en communicatie. De prognose is dat er in 2022 ca 18 kg/inw aan GFT zal worden afgekeurd. NB. Voor september is de afkeur nog niet verwerkt in de cijfers.
31 October 2022
EVALUATIE
BH4082-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
13
Alleen voor intern gebruik
4.3
Nascheidingsrendement
Het ingezamelde restafval+ wordt gebracht naar ROVA in Amersfoort. Daar wordt het restafval+ van Bunschoten apart gehouden van ander ingezameld restafval uit ROVA-gemeenten en vandaar apart getransporteerd naar de nascheidingsinstallatie van Attero in Wijster. Via verschillende scheidingstechnieken worden daar plastics, drankenkartons en metalen (PMD) uit het restafval nagescheiden. Attero kan geen onderscheid maken naar input en sorteerrendement van individuele gemeenten: er is alleen een cijfer voor het gemiddelde sorteerrendement van de installatie. Het netto sorteerrendement wordt uitgedrukt in het uitsorteerpercentage en verschilt enigszins in de tijd: • 2019: 6,5% • 2022 (tot heden): 6,4% Op basis van een uitsorteerrendement van 6,4% en een input van 172 kg/inw aan restafval+ bedraagt de uitgesorteerde hoeveelheid kunststoffen en drankenkartons 11 kg/inw. Dit betrekt het netto uitsorteerrendement: de hoeveelheid stromen die voor recycling kan worden aangeboden (balen met een DKR kwaliteit). Het bruto uitsorteerrendement is hoger: 15,2%. Ongeveer 58% daarvan valt dus nog af. Blikjes worden na verbranding magnetisch uit de (bodem)assen van de afvalverbrandingsinstallatie verwijderd. Dit is ongeveer 3 kg/inw. Het totale uitsorteerrendement is zo 14 kg/inw.
De afgelopen jaren was de brongescheiden hoeveelheid PMD in Bunschoten: • 2019: 43 kg/inw • 2020: 64 kg/inw • 2021: 71 kg/inw In 2021 was Bunschoten kampioen PMD bronscheiden: geen enkele gemeente zamelde meer PMD in kg/inw in dan Bunschoten. Wel was de PMD fractie vervuild met andere afvalstromen en is een klein deel afgekeurd: wat resteert is dan 71 kg/inw goedgekeurd PMD in 2021. Ten opzichte van de brongescheiden hoeveelheden PMD uit de afgelopen jaren (43 tot 71 kg/inw) wordt er nu dus minder PMD teruggewonnen via nascheiding (14 kg/inw).
31 October 2022
EVALUATIE
BH4082-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
14
Alleen voor intern gebruik
5
Kostenresultaten
Met betrekking tot de kosten gaan we nader in op de volgende onderdelen: 1. Investeringen en desinvesteringen 2. Kosten en baten van nascheiding 3. Effect op de afvalstoffenheffing
5.1
Investeringen en desinvesteringen
Om het systeem nascheiding te kunnen implementeren, zijn er diverse investeringen en desinvesteringen gedaan zoals beschreven in het Uitvoeringsplan: • Eenmalige projectkosten; • Investeringen in afvalsysteem hoogbouw; • Desinvesteringen ondergrondse containers. Eenmalige projectkosten De onderstaande tabel laat de eenmalige projectkosten zien die zijn geraamd en gerealiseerd: Post
Geraamd
Gerealiseerd € 80.000
€ 87.000
-
-
Communicatiekosten rondom implementatie
€ 20.000
€ 13.000
Afvalcoach 3 mnd. na implementatie
€ 5.000
€ 2.000
Handhaving 3 mnd. na implementatie
-
-
€ 7.000
€0
€ 112.000
€ 102.000
Extern projectmanagement Projectteam Bunschoten en ROVA
Aanpassing (ICT-)systeem GBLT TOTAAL
Uit de tabel blijkt dat de eenmalige projectkosten wat lager hebben uitgepakt dan geraamd. Investeringen in afvalsysteem hoogbouw De onderstaande tabel laat de eenmalige projectkosten zien die zijn geraamd en gerealiseerd: Post
Geraamd
Inzamelvoorzieningen GFT hoogbouw
€ 25.000
Gerealiseerd €02 € 10.000
Civiele kosten GFT hoogbouw
-
Maatwerkoplossingen hoogbouw
€ 10.000
-
TOTAAL
€ 35.000
€ 10.000
Tegelijkertijd met de implementatie van nascheiding zijn ook aanvullende voorzieningen voor GFT gerealiseerd voor hoogbouw en laagbouw woningen waar geen eigen minicontainer voor GFT geplaatst
2
Deze worden via de DVO met ROVA verrekend. De gemeente heeft niet geïnvesteerd
31 October 2022
EVALUATIE
BH4082-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
15
Alleen voor intern gebruik
kon worden. Hiervoor zijn een aantal cocons gebruikt die nog in de opslag stonden en zijn enkele nieuwe GFT containers gekocht door ROVA. De kapitaalkosten hiervoor zijn opgenomen in de DVO. Daarnaast zijn er geen kosten gemaakt voor aanvullende maatwerkoplossingen voor hoogbouw. Deze post bleek in de praktijk derhalve niet nodig. Desinvesteringen ondergrondse containers De desinvesteringen bestaan uit de kosten om ondergrondse containers te verwijderen en de eenmalige versnelde afschrijving van ondergrondse containers. De onderstaande tabel geeft een overzicht van de geraamde en gerealiseerde desinvesteringen per ondergrondse container. Kostenpost (per container)
Geraamd
Gerealiseerd
Versnelde Afschrijving civiel
€ 1.000
€ 919
Versnelde Afschrijving container
€ 2.400
-
Verwijderingskosten
€ 1.900
€ 1.180
Herinrichtingkosten (stelpost)
€ 1.000
€ 400 3
TOTAAL
€ 6.400
Ca € 2.500
Bij het opstellen van het Uitvoeringsplan kon nog geen nieuwe bestemming voor de overbodige ondergrondse containers gevonden worden. Daarom is uitgegaan van een volledige afschrijving. In de praktijk kon via ROVA wel een nieuwe bestemming worden gevonden, zodat de versnelde afschrijving van de container uiteindelijk € 0,- was: ROVA heeft de containers voor de boekwaarde overgenomen. Daarnaast bleek na uitvraag bij aannemers dat de gemiddelde kosten voor de verwijdering en herinrichting van de locaties lager waren dan geraamd. Daardoor zijn de gerealiseerde desinvesteringen per ondergrondse container (€ 2.500,-) een stuk lager dan geraamd (€ 6.400,-). de verwijderingskosten worden via ROVA met de gemeente verrekend en de gemeente betaalt zelf de herinrichtingskosten. Daarnaast zijn er ook minder ondergrondse containers verwijderd. Het lagere aantal (-10) en de lagere desinvesteringen (- € 3.900,-) per stuk hebben ertoe geleid dat de gerealiseerde desinvesteringen een stuk lager zijn dan geraamd. Desinvesteringen
€ per stuk
Aantal
Totaal
Geraamd
€ 6.400
57
€ 365.000
Gerealiseerd
€ 2.500
47
€ 118.000
Er zijn wel extra kosten gemaakt t.b.v. de ombouw van drie ondergrondse containers naar oud papier en karton van € 12.670,-.
De prognose is dat dit maximaal € 20.000,- gaat zijn. Omdat de beplanting pas in het voorjaar zal worden aangebracht, is dit bedrag nog niet zeker. 3
31 October 2022
EVALUATIE
BH4082-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
16
Alleen voor intern gebruik
5.2
Kosten en baten van nascheiding
De kosten en baten veranderen bij het systeem nascheiding. In deze paragraaf staan: • geraamde en gerealiseerde meerkosten; • geraamde en gerealiseerde baten; • geraamde en gerealiseerde baten grof restafval; • totaaloverzicht geraamde en gerealiseerde baten. Geraamde en gerealiseerde meerkosten In de onderstaande tabel staan de geraamde versus de gerealiseerde meerkosten van het systeem nascheiding ten opzichte van het oude systeem (omgekeerd inzamelen met diftar). De verwerkingskosten zijn gebaseerd op de eerste negen maanden van 2022 en geëxtrapoleerd naar heel 2022.
Meerkosten
Geraamd
Gerealiseerd
Extra verwerkingskosten restafval
€ 240.000
€ 297.000
Geen PMD vergoeding Afvalfonds
€ 237.000
€ 338.000 4
Extra inzamelkosten mini’s rest
€ 76.000
€ 76.000
Extra inzamelkosten GFT hoogb.
€ 1.000
€ 1.000
Kapitaalkosten GFT maatwerk
€ 4.000
€ 18.000
-
€ 21.000
€ 558.000
€ 751.000
Extra kosten afkeur GFT
TOTAAL
De meerkosten voor restafval vallen om twee redenen hoger uit: • de prognose is dat er meer restafval+ wordt ingezameld (136 kg/inw vs. 125 kg/inw geraamd) • in 2021 is minder restafval ingezameld dan geraamd (37 kg/inw vs. 43 kg/inw geraamd). Voor de kosten was gerekend met de gerealiseerde hoeveelheden uit 2020 De vervallen baten (PMD vergoeding Nedvang) vanwege overgang van bronscheiding naar nascheiding vallen ook hoger uit, omdat ten opzichte van de raming voor 2021 (43 kg/inw – gebaseerd op de gerealiseerde cijfers van 2019) er veel meer PMD is ingezameld (71 kg/inw). Een extra kostenpost vormen de kosten voor het afgekeurde GFT. De vraag is of deze wel moeten toegerekend aan de implementatie van het systeem nascheiding, omdat daarvoor de kwaliteit van GFT in Bunschoten ook al matig was. Afgekeurd GFT moet worden verwerkt als restafval waarvoor de verwerkingskosten hoger liggen (€ 137,- vs. € 84,- per ton). In totaal is de prognose dat in 2022 ca 400 ton GFT zal worden afgekeurd. Geraamde en gerealiseerde baten In de onderstaande tabel staan de geraamde versus de gerealiseerde baten van het systeem nascheiding ten opzichte van het oude systeem (omgekeerd inzamelen met inzamelen). De verwerkingskosten zijn gebaseerd op de eerste negen maanden van 2022 en geëxtrapoleerd naar heel 2022.
De PMD vergoeding van Afvalfonds bedroeg in 2021 € 383.000 o.b.v. € 245/ton. Het tarief voor 2022 is € 218/ton. Op basis van de hoeveelheid 2021 en tarief 2022 komt de gemiste vergoeding in 2022 uit op € 338.000,-. 4
31 October 2022
EVALUATIE
BH4082-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
17
Alleen voor intern gebruik
Baten
Geraamd
Gerealiseerd
Lagere inzamelkosten OVS5 rest
-
-
Geen inzamelkosten OVS PMD
€ 13.000
€ 13.000
Lagere kapitaal-, onderhouds- en ICT-kosten OVS rest/PMD
€ 91.000
Minder opruimkosten buitendienst
€ 15.000
-
Minder verwerkingskosten GFT
€ 37.000
€ 41.000
Lagere kosten GBLT
€ 16.000
€ 16.000
Vergoeding Afvalfonds
€ 24.000
€ 27.000
Minder afvalpassen (diftar)
€ 47.000
-
TOTAAL
€ 243.000
€ 172.000
€ 75.000
Uit de tabel blijkt dat containermanagement (post “minder afvalpassen”) is gebleven. Deze post betreft het containermanagementsysteem dat ROVA heeft op de inzamelmiddelen in de gemeente Bunschoten. In de raming werd ervan uitgegaan dat deze post betrekking had op de afvalpassen, maar dat bleek niet zo te zijn. Er is voor gekozen om het containermanagementsysteem operationeel te houden om grip te blijven hebben op het aanbieden van minicontainers en om (toekomstig) misbruik te voorkomen. Tevens is door het containermanagement de hoeveelheid restafval binnen de perken gebleven. Geraamde en gerealiseerde baten grof restafval Bij het systeem nascheiding is er voor inwoners geen (financiële) prikkel meer om restafval (al dan niet weggemoffeld tussen grof restafval) naar het aanbiedstation te brengen. De verwachting vooraf was daarom ook dat de hoeveelheid (grof) restafval op het aanbiedstation zou afnemen. In de praktijk gebeurt dat ook. Daarnaast wordt vanaf 2022 6 ook onderscheid gemaakt in restafvalzakken (dat voor het restafvaltarief verwerkt kan worden) en echt grof restafval (dat voor het hogere grof restafvaltarief verwerkt wordt). Ook dit heeft een effect gehad. De onderstaande tabel laat het effect van de verschuivingen in grof restafval op het aanbiedstation zien met de geraamde en de (geprognosticeerde) gerealiseerde baten. Baten
Geraamd
Gerealiseerd
-
€ 55.000
Lager verwerkingstarief zakken
€ 36.000
€ 25.000
Lager AVU tarief 2022
€ 17.000
€ 14.000
Totaal baten
€ 53.000
€ 94.000
Minder grof restafval
In totaal is de verwachting dat over heel 2022 ca 350 ton minder grof restafval zal worden aangeboden op het aanbiedstation (ca -16 kg/inw). Dit kan de hoger dan geraamde hoeveelheid restafval+ verklaren (+11 kg/inw). De gerealiseerde besparing is ter vergelijking berekend met het 2021 AVU-verwerkingstarief (€ 154/ton). Het verwerkingstarief voor grof restafval is in 2022 hoger (€ 248/ton). Dan zou de besparing zijn uitgekomen op ca € 88.000,-. 5 6
OVS: Ondergronds Verzamel Systeem Dit is een maatregel die in 2022 is genomen in het kader van het onderzoek “Reductiemogelijkheden grof restafval aanbiedstation”
31 October 2022
EVALUATIE
BH4082-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
18
Alleen voor intern gebruik
Totaaloverzicht geraamde en gerealiseerde baten De onderstaande tabel biedt een totaaloverzicht van de kosten en baten. Meerkosten
Geraamd
Gerealiseerd
Totaal meerkosten
€ 558.000 (-)
€ 751.000 (-)
Totaal baten
€ 243.000 (+)
172.000 (+)
Totaal baten grof restafval
€ 53.000 (+)
€ 94.000 (+)
SALDO
€ 262.000
€ 485.000
Geraamd waren meerkosten (saldo) van € 262.000,- ofwel ongeveer € 31,- per huishouden. Op basis van prognoses van afvalhoeveelheden 2022 lijken de daadwerkelijke meerkosten € 485.000,- te worden ten opzichte van 2021 ofwel € 57,- per huishouden. De totale meerkosten lijken hoger uit te pakken door drie posten: • meer baten PMD in 2021 dan geraamd: € 101.000,• meer restafval+ in 2022 en minder restafval in 2021 dan geraamd: € 57.000,• geen minderkosten afvalpassen/containermanagement: € 47.000,De kleinere hoeveelheid grof restafval zorgt ervoor dat de meerkosten (saldo) enigszins beperkt blijven. Dit kan erop duiden dat er een grotere verschuiving van aanbiedstation naar minicontainer plaatsvindt dan eerder gedacht.
5.3
Effect op de afvalstoffenheffing
Het effect op de afvalstoffenheffing is wat anders dan de meerkosten ten opzichte van 2021. De afvalstoffenheffing voor 2022 is namelijk net als de raming voor het systeem nascheiding gebaseerd op de gerealiseerde gegevens 2020 i.p.v. de vergelijking die in paragraaf 5.2 is gemaakt o.b.v. 2021. Twee meevallers zijn dan ook niet meegenomen in de begroting voor de heffing van 2022: • 6 kg/inw minder restafval (€ 18.000,-) • 28 kg/inw extra PMD (€ 101.000,-) Het effect op de afvalstoffenheffing is daarmee ca € 120.000 ofwel ca € 14,- per huishouden minder nadelig dan geschetst in paragraaf 5.2. Dat betekent dat de afvalstoffenheffing per huishouden € 45,- hoger is door implementatie van het systeem nascheiding ten opzichte van € 31,- per huishouden geraamd. In de begroting en 2e tussentijdse bestuursrapportage is al rekening gehouden met een tekort van circa 200.000,- (ten laste van de reserve afvalstoffenheffing, die daarmee weer op nul staat).
€
Voor 2023 is in de begroting van de afvalstoffenheffing uitgegaan van een tekort van circa € 125.000,-. De tarieven zijn alleen verhoogd met 7,9% inflatie en verder geen extra stijging in 2023. Op basis van de uitkomsten bij de jaarrekening 2022 zal bekeken moeten worden wat de effecten zijn voor 2023, waarna dit meegenomen kan worden in de tussentijdse bestuursrapportages.
31 October 2022
EVALUATIE
BH4082-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
19
Alleen voor intern gebruik
6
Aanbevelingen en Doorkijk richting 2030
6.1
Aanbevelingen korte tot middellange termijn
Op basis van de evaluatie komen we tot de volgende aanbevelingen: 1. Zet in op verhoging kwaliteit GFT 2. Onderzoek mogelijkheden verbeteren nascheidingsrendement 3. Onderzoek mogelijkheden verlagen kosten containermanagement 4. Blijf met huidige inzamelmiddelen inzamelen 5. Hou de aandacht van inwoners vast voor afvalscheiding 6. Blijf aandacht extra uitgereikte restafval+ minicontainers goed monitoren Ad 1) Zet in op verhoging kwaliteit GFT In een circulaire economie is de kwaliteit van secundaire grondstoffen belangrijk, zodat deze zo hoogwaardig mogelijk terug in de kringloop gebracht kunnen worden. Voor GFT geldt dat dit maximaal met 5% vervuild mag zijn met andere afvalstromen (de gemiddelde vervuiling bij verwerker Attero bedraagt 3,3%). Een behoorlijk deel van het GFT uit Bunschoten voldoet niet aan die norm en wordt daardoor verbrand in plaats van vergist en gecomposteerd. Op dit moment wordt al gewerkt aan het verkrijgen van inzicht in de oorzaken van afkeur en communicatie daarover richting inwoners. De komende tijd moet hier een aanpak voor worden ontwikkeld om de huidige afkeur (sterk) te reduceren en in de toekomst voortaan te voorkomen. Ad 2) Onderzoek mogelijkheden verbeteren nascheidingsrendement Het nascheidingsrendement in de huidige situatie is laag waardoor er maar (relatief) weinig PMD uit het restafval+ teruggewonnen wordt.
Er zijn in Nederland installaties (zoals die van OMRIN) die meer materialen uit het restafval+ zouden kunnen terugwinnen. Daarnaast zijn er ook pilot installaties (zoals die van Cirwinn in Almere) die meer gericht zijn op het uitsorteren van PMD uit het restafval+ zoals dat in Bunschoten wordt ingezameld. In Almere heet deze stroom PMD+ (PMD met zo droog mogelijk restafval). Daar wordt van de ca 100 kg/inw PMD+ circa 40 kg/inw PMD nagescheiden zodat uiteindelijk slechts ca 60 kg/inw restafval resteert dat verbrand wordt. De gemeente kan de mogelijkheden onderzoeken hoe een hoger nascheidingsrendement met het restafval+ van Bunschoten kan worden behaald. Dit kan input zijn voor de volgende AVU-aanbesteding van restafval(+). Ad 3) Onderzoek mogelijkheden verlagen kosten containermanagement Het behouden van containermanagement is wenselijk om grip te houden op het aanbieden van afval door inwoners. De kosten die ROVA hiervoor rekent zijn wel relatief hoog: deze zijn hetzelfde gebleven als bij het diftar systeem dat Bunschoten voor de implementatie had. De gemeente en ROVA kunnen nader onderzoeken hoe de kosten voor containermanagement kunnen worden verlaagd. Ad 4) Blijf met huidige inzamelmiddelen inzamelen Het restafval+ van laagbouw woningen wordt momenteel ingezameld met de oude PMD minicontainer.
Onderdeel van de evaluatie was om te bezien of het noodzakelijk is om de deksel van de oude PMD minicontainer te vervangen door een deksel die qua kleurstelling beter past bij de afvalstroom restafval+ met als doel verduidelijking (o.b.v. de grijze kleur die past bij restafval) voor inwoners. Om kosten te besparen is daar bij de implementatie niet voor gekozen. Op basis van deze evaluatie lijkt er ook geen noodzaak te zijn om dat alsnog te doen. De aanbeveling is daarom te blijven inzamelen met de huidige inzamelmiddelen voor restafval+ tot het moment dat de huidige inzamelmiddelen (technisch) afgeschreven zijn en dan pas tot vervanging over te gaan.
31 October 2022
EVALUATIE
BH4082-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
20
Alleen voor intern gebruik
Ad 5) Aandacht vasthouden voor afvalscheiding Het afgelopen jaar is er veel aandacht voor huishoudelijk afval geweest in de vorm van communicatie van de gemeente en ROVA. Algemeen is bekend dat veel communicatie voor afval ervoor zorgt dat dit ook onder de aandacht blijft van inwoners met vaak een positief effect op het scheidingsgedrag. De huidige hoeveelheid restafval+ in Bunschoten is relatief laag in vergelijking met andere gemeenten die het systeem nascheiding hebben zonder diftar (de Friese OMRIN-gemeenten met de Sortibak zonder diftar hebben bijvoorbeeld circa 200 kg/inw restafval vs. de prognose van 136 kg/inw in Bunschoten). Om deze goede prestatie vast te houden, is het belangrijk dat de gemeente en ROVA de komende jaren het onderwerp afval voldoende onder de aandacht van inwoners blijft houden. Ad 6) Blijf aandacht extra uitgereikte restafval+ minicontainers goed monitoren Tot heden zijn 10 extra minicontainers uitgereikt voor restafval+ voor huishoudens die voldoen aan de voorwaarden voor een extra container en onvoldoende capaciteit hebben aan één minicontainer. Op dit moment hoeft alleen betaald te worden voor de aanvraag (€ 70,-). Voor een dergelijk klein aantal is het niet lonend om daar de afvalstoffenheffing op aan te passen (de meerkosten voor de uitvoering daarvan zijn hoger dan de baten).
Wanneer het aantal huishoudens met een tweede container de komende jaren wel behoorlijk stijgt (tot minimaal ca 1% van de aansluitingen), kan het wel lonend zijn om in de heffing een bedrag op jaarbasis (bijvoorbeeld ca € 70,-) op te nemen voor het in gebruik hebben van een tweede container voor restafval+. Tot die tijd moeten gemeente en ROVA het aantal tweede containers jaarlijks blijven monitoren.
6.2
Doorkijk richting 2030
Met de implementatie van het systeem nascheiding worden de landelijke VANG-doelen voor restafval (max 100 kg/inw) niet meer gehaald in Bunschoten. Om deze wel weer binnen bereik te krijgen, kan de gemeente de komende jaren inzetten op het volgende (naast de eerder genoemde aanbevelingen): • Restafval+ zo droog mogelijk maken • Inzetten op een afvalverwerker met zo hoog mogelijk nascheidingsrendement • Bronscheiding blijven optimaliseren Restafval+ zo droog mogelijk maken In Nederland lopen momenteel diverse onderzoeken naar een “nat een droog” systeem voor afvalscheiding. Het idee is dat uit een droge stroom grondstoffen gemakkelijker uit te sorteren zijn en zo een hoog nascheidingsrendement mogelijk wordt. In de toekomst kan de gemeente Bunschoten wellicht ook meeliften op deze ontwikkelingen. De gemeente kan de komende jaren hierop voorsorteren door de stroom restafval+ zo schoon en droog mogelijk te maken, bijvoorbeeld door in te zetten om GFT (en met name keukenafval) en luiers zo veel als mogelijk bron te (blijven) scheiden.
Inzetten op een afvalverwerker met zo hoog mogelijk nascheidingsrendement Wanneer het huidige AVU-contract voor restafval afloopt (per 31-12- 2026) zijn er voor de gemeente Bunschoten mogelijkheden om te selecteren op een verwerker die (beter) past bij de restafval+ stroom met als doel een zo groot mogelijk deel van de grondstoffen (met name PMD) uit te sorteren. Het nascheidingsrendement is bij de huidige nascheider relatief laag. Hierop dient de gemeente zich dan wel tijdig op voor te bereiden via onder andere aanbeveling 2 en overleg met AVU over de volgende aanbesteding van restafval(+) van de AVU-gemeenten door bijv. hiervoor een apart perceel op te nemen. Bronscheiding blijven optimaliseren Bronscheiding blijft noodzakelijk voor Bunschoten om de VANG-doelstellingen te halen. De komende jaren moet Bunschoten blijven inzetten om de gescheiden inzameling van o.a. GFT, papier, glas, textiel en luiers zoveel mogelijk verder te optimaliseren. De uitkomsten van de jaarlijkse sorteeranalyses, marktprijzen en benchmark resultaten kunnen helpen bij het stellen van prioriteiten. 31 October 2022
EVALUATIE
BH4082-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001
21