CConstaterende datBunschoten
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage A Baggerplan Bunschoten 2024-2028.pdf

Gemeenteraad 30 januari 2025, gemeente BunschotenBij agendapunt: RV 1217257 Baggerplan 2024-20288.355 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Baggerplan Bunschoten 2024-2028

Zaaknummer: 1181374 November 2024 Pagina 2 van 24

Inhoud 1

Inleiding ...................................................................................................................................................3

2

Beschrijving gebied ...............................................................................................................................4

3 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5

Kwaliteit en hoeveelheid ........................................................................................................................5 Onderhoudsplicht......................................................................................................................................5 Kwaliteit waterbodem ...............................................................................................................................6 Hoeveelheid baggerspecie .......................................................................................................................6 Monitoringsprogramma .............................................................................................................................7 Meerjarenplanning ....................................................................................................................................8

4 4.1 4.2 4.3 4.4

Verwerkingsmogelijkheden baggerspecie gemeente Bunschoten ...................................................9 Wettelijk kader ..........................................................................................................................................9 Overige regelgeving ...............................................................................................................................11 Afweging verwerkingsmogelijkheden uit de gemeente Bunschoten ......................................................11 Keuze verwerkingsmogelijkheden gemeente Bunschoten .....................................................................13

5 5.1

Duurzaamheid, circulariteit en alternatieven .....................................................................................14 Verduurzaming van de baggerwerkzaamheden .....................................................................................14

6 6.1 6.2 6.3 6.4 6.5

Baggerprogramma 2024-2028 .............................................................................................................15 Afstemming met het waterschap ............................................................................................................15 Meerjarenprogramma .............................................................................................................................15 Benodigde vergunningen en toestemmingen .........................................................................................17 Risicoanalyse..........................................................................................................................................18 Communicatie .........................................................................................................................................19

7 7.1 7.2 7.3 7.4 7.5 7.6 7.7 7.8

Veranderingen in relatie tot de omgevingswet ..................................................................................20 Terminologie ...........................................................................................................................................20 Aanduiding van functionele toepassingen ..............................................................................................20 Melden van toepassen van grond of baggerspecie ................................................................................20 Gebruik van het Digitaal Stelsel Omgevingswet ....................................................................................20 Verspreiden baggerspecie ......................................................................................................................20 Diepe plassen .........................................................................................................................................20 Aanleveren gegevens en bescheiden gereinigde grond ........................................................................21 Maatwerk bij toepassen van grond en baggerspecie .............................................................................21

8

Samenvatting, conclusies en aanbevelingen ....................................................................................22

Baggerplan Bunschoten 2024-2028

1

Zaaknummer: 1181374 November 2024 Pagina 3 van 24

Inleiding Waterbeheer is een cruciaal aspect van stedelijke planning en ontwikkeling, en de effectieve beheersing van waterlichamen is van vitaal belang voor het welzijn van een gemeenschap. Als onderdeel van dit bredere watermanagement neemt baggerbeheer een centrale positie in, met als doel het handhaven van een optimale waterdiepte en -kwaliteit in de waterlichamen. Voor de gemeente Bunschoten vormt baggerbeheer een essentieel onderdeel van het streven naar duurzame en veerkrachtige waterinfrastructuur. Dit baggerbeheerplan is opgesteld om een kader te bieden voor het effectief beheren en onderhouden van waterwegen binnen de gemeente Bunschoten. Het omvat een gedetailleerde analyse van de huidige situatie, identificeert knelpunten en risico's, en presenteert een reeks doelgerichte maatregelen om duurzaam baggerbeheer te waarborgen. Door middel van samenwerking met belanghebbenden en een holistische benadering van waterbeheer, streeft de gemeente Bunschoten ernaar om de waterwegen te behouden en te verbeteren, wat bijdraagt aan de leefbaarheid en het welzijn van de gemeenschap. Een ander cruciaal onderdeel van het baggerbeheerplan is dat de onderhoudsaanpak wordt gestructureerd, waardoor de kosten voor de periode van het baggerbeheerplan, en zelfs voor de aankomende 10 jaren inzichtelijk worden gemaakt.

Het baggerplan kan zowel uitvoerings- als beleidsondersteunend gebruikt worden. De doelstelling van het plan kan worden onderverdeeld in de volgende onderdelen: ► beeld van de onderhoudsplicht voor de gemeente Bunschoten, ► beeld van de hoeveelheid en kwaliteit van aanwezige baggerspecie, ► vaststellen van de verwerkingsmogelijkheden van de vrijkomende baggerspecie, ► vaststellen van kosten per eenheid, voorbereiding, uitvoering, transport en verwerking, ► vaststellen van de volledige kosten gedurende het baggerbeheerplan van 2024-2028, ► vaststellen van het baggerprogramma 2024-2028. Het baggerplan is in twee fasen opgesteld. Als eerste de inventarisatiefase waarin de hoeveelheid en de kwaliteit van de baggerspecie is bepaald. Hiervoor is gebruik gemaakt van de volgende rapportages: ► Actualisatie baggerplan Bunschoten-Spakenburg, Niebeek Milieumanagement (i.o.v. Waterschap Vallei en Veluwe), Eindrapport 2382, maart 2013; ► Vwo en meerjarenplan havens Bunschoten, Tijhuis Ingenieurs, A12032.rp.0101, september 2012; Ten behoeve van voorliggend baggerplan zijn voorafgaand peilingen uitgevoerd om de hoeveelheid slib te bepalen in de nul-situatie, echter is er geen aanvullend waterbodemonderzoek uitgevoerd om de kwaliteit van het slib te bepalen. In fase 2 zijn de nieuwe eenheidsprijzen vastgesteld op basis van de verwerkingsmogelijkheden van de vrijgekomen baggerspecie.

Aansluitend is het baggerprogramma 2024-2028 opgesteld. Hierin is aangegeven in welke periode de verschillende werkzaamheden gestart moeten worden en wat de financiële consequenties zijn binnen de aankomende 5 jaar. Binnen het baggerbeheerplan is er rekening gehouden met een financiële cyclus van 5 jaar. Echter, vanwege de benodigde lang termijn visie van het baggeren is er een verdere gedetailleerde doorkijk van 10 jaar geschetst, en een globalere doorkijk van 25 jaar. Leeswijzer In hoofdstuk 2 wordt een algemene beschrijving van het gebied gegeven. In dit hoofdstuk wordt onder andere ingegaan op de baggerhistorie van de watergangen binnen de gemeente. In hoofdstuk 3 wordt ingegaan op de onderhoudsplicht, kwaliteit en kwantiteit van de te verwijderen baggerspecie. De verwerkingsmogelijkheden voor de baggerspecie uit de gemeente Bunschoten zijn in hoofdstuk 4 nader uitgewerkt. In hoofdstuk 5 is het duurzaamheidskader met betrekking tot het baggeren uitgelicht. In hoofdstuk 6 is het baggerprogramma 2024-2028 opgenomen. Nu de omgevingswet een belangrijke rol speelt zijn in hoofdstuk 7 de belangrijkste veranderingen van de omgevingswet met betrekking tot het baggerproces uitgelegd. Het rapport wordt in hoofdstuk 8 afgesloten met een samenvatting, conclusies en aanbevelingen.

Baggerplan Bunschoten 2024-2028

2

Zaaknummer: 1181374 November 2024 Pagina 4 van 24

Beschrijving gebied Begrenzing locatie De gemeente Bunschoten is gelegen in de provincie Utrecht en bestaat uit de plaatsen BunschotenSpakenburg, Eemdijk en Zevenhuizen, en het bijbehorende landelijke gebied. De plaats BunschotenSpakenburg grenst aan het Eemmeer. Het merendeel van de watergangen waarvoor de gemeente onderhoudsplichtig is bevindt zich in Bunschoten-Spakenburg. Ten tijde van het schrijven van dit baggerplan is de woonwijk Rengerswetering nog in ontwikkeling. Deze wijk komt te bestaan uit een aantal eilanden, waarvan er vier reeds gerealiseerd zijn. Uitsluitend het momenteel aanwezige water wordt meegenomen in dit baggerplan. Daarnaast zijn de watergangen van de huidige en toekomstige Rengerswetering in beheer van het waterschap, aangezien het A-Watergangen betreft. Eemdijk ligt ten westen van Bunschoten-Spakenburg langs de rivier de Eem. Eemdijk is van oudsher een boerendorp en bestaat uit een kleine woonkern met een aantal boerderijen. Binnen Eemdijk zijn er een aantal watergangen die in beheer zijn van de gemeente Bunschoten. De totale oppervlakte van de in het baggerplan opgenomen wateren bedraagt circa 15 ha, waarvan circa 2,5 ha uit havens in Bunschoten-Spakenburg. De totale lengte inclusief havens bedraagt circa 17 kilometer. In figuur 2.1 is een overzicht weergeven van het onderhoudsgebied.

Functie en gebruik van het oppervlaktewater De primaire functie van de watergangen is waterafvoer en -berging. De watergangen zijn gelegen binnen de bebouwde kom en voor een groot deel in (nieuwbouw) woonwijken. De watergangen kunnen gekarakteriseerd worden als (weg)sloten, stadswater en vijvers. In het noorden van Bunschoten-Spakenburg bevinden zich 2 jachthavens. In 2012 is een derde jachthaven (Zuyderzee) aangelegd. Figuur 2.1 Begrenzing locaties ten behoeve van onderhavig baggerplan.

Baggerplan Bunschoten 2024-2028

3 3.1

Zaaknummer: 1181374 November 2024 Pagina 5 van 24

Kwaliteit en hoeveelheid Onderhoudsplicht In het baggerplan van de Gemeente Bunschoten (Tijhuis Ingenieurs & Gemeente Bunschoten, 2013) en in het baggerplan van Waterschap Vallei en Veluwe (Niebeek, 2013) is inzichtelijk gemaakt voor welke watergangen de gemeente onderhoudsplichtig is in Bunschoten-Spakenburg. In het stedelijk gebied van Bunschoten-Spakenburg is deels het waterschap en deels de gemeente onderhoudsplichtig. Deze verdeling is onderverdeeld in A-watergangen, waar het waterschap onderhoudsplichtig is, en B-watergangen, waar de gemeente onderhoudsplichtig is. Naast deze verdeling zijn er ook nog C-watergangen, waarbij het onderhoud ligt bij de eigenaren van het aangrenzende perceel. De overzichtskaart is terug te vinden in bijlage C: “Baggerbeheerplan Watergangen”, hierin zijn ook de locaties van de peilingen weergegeven. Het gros van de watergangen bestaat uit A-Watergangen, waar het waterschap onderhoudsplichtig is. Dit baggerbeheerplan doelt zich alleen op de B-watergangen, waar de Gemeente Bunschoten onderhoudsplichtig is. De tabel hieronder geeft een beter inzicht in de lengtes en oppervlaktes van de watergangen en havens die in het beheer zijn bij de Gemeente Bunschoten. Tabel 3.1: Totale hoeveelheid aan lengte en aan oppervlak van de watergangen en havens in beheer bij de gemeente Bunschoten.

Gemeente Bunschoten BWatergangen Gemeente Bunschoten Havens

Lengte (m) 8.664

Oppervlakte (m2) 51.386

1.420

37.416

Baggerplan Bunschoten 2024-2028

3.2

Zaaknummer: 1181374 November 2024 Pagina 6 van 24

Kwaliteit waterbodem Beschikbare gegevens De kwaliteit van de vrijkomende baggerspecie kan van invloed zijn op de verwerkingsmethode. Als de milieu hygiënische kwaliteit het verspreiden of nuttig toepassen niet toelaat, dan dient de specie bij een erkend depot gestort te worden. Ten behoeve van het baggerplan van 2002 zijn kwaliteitsmetingen verricht, waarbij toetsing aan de NW4 normen is uitgevoerd. ► In het baggerplan van Waterschap Vallei en Veluwe (Niebeek 2013) zijn de gegevens uit het baggerplan uit 2002 geëxtrapoleerd naar de op dat moment geldende normen van het Besluit Bodemkwaliteit. Hierbij is aangenomen dat bij een kwaliteitsklasse van klasse 0, 1 of 2 (NW4) er vanuit kan worden gegaan dat ze conform het Besluit bodemkwaliteit te beoordelen zijn als ten minste verspreidbaar op aangrenzend perceel. ► De woonwijk Rengerswetering wordt de komende jaren verder ontwikkeld. Voor de sliblaag in de woonwijk wordt de kwaliteitsklasse “verspreidbaar op aangrenzend perceel aangehouden. ► In het baggerplan van de havens (Tijhuis, 2012) is aanvullend waterbodemonderzoek uitgevoerd in de havens conform de huidig geldende normering. De kwaliteit is vastgesteld door toetsing aan de normen uit het Besluit Bodemkwaliteit. ► Van de watergangen in Eemdijk zijn geen kwaliteitsgegevens bekend. Aangenomen wordt dat de baggerspecie niet verspreidbaar is en maximaal klasse B bedraagt.

► De waterbodemkwaliteit voor de nieuwe (Zuyderzee) haven wordt geëxtrapoleerd uit het naastgelegen monstervak 3 uit het baggerplan van de havens (Tijhuis, 2012). De verwachte waterbodemkwaliteit bedraagt “verspreidbaar op aangrenzend perceel” en klasse A.

3.3

Hoeveelheid baggerspecie Beschikbare gegevens Voor het opstellen van het onderhavige baggerplan zijn gegevens gebruikt uit het baggerplan gemeente Bunschoten 2013-2023 aangevuld met aannames voor de nieuw aangelegde watergangen. Daarnaast zijn voorafgaand aan het baggerbeheerplan in 2024 metingen genomen van de hoeveelheid slib in de watergangen in beheer bij de gemeente Bunschoten. Deze metingen zijn eind maart 2024 genomen. Slibaanwas De aanwas van slib is van een aantal factoren afhankelijk. Zo kunnen organisch afval, microbiële activiteiten, afspoeling vanaf de oevers, bladval en kwel zorgen voor een aanwas van slib. Ook kan slibtransport vanuit aanliggende wateren er op bepaalde plaatsen voor zorgen dat het slib zich ophoopt. Slibaanwas in de wateren van Bunschoten-Spakenburg Uit de praktijk blijkt dat de slibaanwas in de regionale wateren over het algemeen ligt tussen de 1 en 5 cm per jaar. Voor dit baggerbeheerplan wordt een gemiddelde aanwas van 2 cm per jaar aangehouden. Dit is een realistische waarde voor het stedelijk gebied. Overigens blijkt de aanwas van slib rondom het sportpark Westmaat aanzienlijk sneller plaats te vinden dan elders. Naar aanleiding van metingen die uitgevoerd zijn voor het baggerbeheerplan wordt dit gegeven nogmaals geconfirmeerd. Binnen een periode van circa 5 jaar is circa 50 cm slib aangewassen.

Dit vertaalt zich in een gemiddelde aanwas van 10 cm slib per jaar. Dit gegeven wordt meegenomen in de doorberekening. Een ander gegeven dat meegenomen wordt in de doorberekening is dat de aanwas over de gehele binnengracht op 1 cm per jaar wordt gesteld, vanwege metingen over de afgelopen jaren. Berekeningen hoeveelheid baggerspecie De hoeveelheid baggerspecie is berekend door vanaf het laatste jaar van baggeren, of vanaf de laatste metingen, te rekenen met de nieuwe jaarlijkse aanwas. Hierbij is gebruik gemaakt van de gegevens uit het baggerplan van gemeente Bunschoten 2013-2023 en gegevens uit de metingen, die genomen zijn van alle watergangen in beheer van de gemeente Bunschoten. Deze metingen zijn uitgevoerd in maart van 2024 en zijn dus recent van aard. Deze meetgegevens dienen als vertrekpunt voor het berekenen van de hoeveelheden baggerspecie.

Baggerplan Bunschoten 2024-2028

Zaaknummer: 1181374 November 2024 Pagina 7 van 24

Zoals eerder aangekaart en uitgelegd, wordt in dit baggerplan een gemiddelde aanwassnelheid van 2 cm per jaar gehanteerd. Dit geldt voor alle watergangen op twee na. Voor de Westmaat wordt een aanwas gehanteerd van 10cm per jaar en voor de binnengracht wordt een aanwas gehanteerd van 1 cm per jaar. Bij het bepalen van de hoeveelheden te verwijderen baggerspecie in het stedelijk gebied is aangehouden dat zoveel mogelijk van het slib gebaggerd wordt tot maximaal 1,20 m t.o.v. het waterpeil (1 meter leggerdiepte + 20 cm overdiepte). Dit zijn echter hooguit uitgangspunten, aangezien een leggerdiepte ontbreekt in het stedelijk gebied. Bij het opstellen van dit baggerplan zijn onderstaande uitgangspunten gehanteerd: ►

►

►

►

3.4

Voor de watergangen worden de volgende uitgangspunten gehanteerd: o De sliblaag mag niet meer innemen dan 1/3e deel van de waterdiepte met een theoretisch maximum van 30cm; o Er wordt een theoretische baggercyclus van 15 jaar aangehouden; o De wenselijke waterdiepte bedraagt minimaal 1 meter; Voor de havens geldt een onderhoudsdiepte van -2,30 m-NAP, bij het verwijderen geldt een overdiepte van 20 cm. Er wordt zoveel mogelijk aangesloten bij de baggerprogrammering van het waterschap. Een gezamenlijke uitvoering kan tot efficiëntie en lagere kosten leiden. Er wordt zoveel mogelijk geclusterd.

Monitoringsprogramma Het inschatten van de slibaanwas per watergang op basis van een gemiddelde aanwas per watergangtype of gebied geeft slechts een benadering van de werkelijke slibaanwas. Voor dit baggerplan is ervan uitgegaan dat de slibaanwas gemiddeld 2 cm per jaar bedraagt. Uit de gegevens blijkt dat rondom het sportpark de Westmaat een aanzienlijk hogere slibaanwas geldt tot circa 10 cm per jaar. Voor watergangen elders in Bunschoten-Spakenburg, bijvoorbeeld langs de Koningin Wilhelminastraat, m.a.w. de Binnengracht, geldt echter een slibaanwas van circa 1 cm per jaar. Daarnaast is aangehouden dat nieuwgevormd slib dezelfde kwaliteit heeft als hoe dit in de afgelopen jaren in een watergang is aangetroffen. Samenvattend, voor de Westmaat wordt een slibaanwas aangehouden van 10 centimeter per jaar, voor de Spakenburger-binnengracht een slibaanwas van 1 centimeter per jaar. Voor de overige watergangen wordt een gemiddelde slibaanwas aangehouden van 2 centimeter per jaar. Deze gegevens zullen ook gebruikt worden om een kostenindicatie te maken voor de meerjarenplanning. Het is echter moeilijk in te schatten hoe de kwaliteit en kwantiteit van nieuw te vormen slib zich in de toekomst ontwikkelt. De aanname is dat wanneer de verontreinigingsbron niet meer aanwezig is, de nieuwe slibaanwas schoner zal zijn dan de oude (verwijderde) sliblaag.

Om een beeld te krijgen van de toekomstige situatie is het echter nuttig om de ontwikkeling (zowel chemisch als fysisch) van de waterbodem in enkele representatieve watergangen in de tijd te volgen. Daarnaast blijft er altijd enige onzekerheid bestaan met betrekking tot opkomende stoffen. Hier dient echter wel rekening mee gehouden te worden en vanwege opkomende stoffen kunnen uitgangspunten, aannames en aanbevelingen die in dit baggerbeheerplan worden gedaan veranderen met de tijd. Meer gedetailleerde aanwas- en kwaliteitsgegevens kunnen verkregen worden via een monitoringsprogramma. Voorafgaand aan het opstellen van het baggerbeheerplan is een monitoringsronde uitgevoerd waarbij de watergangen zijn ingemeten. Voorgesteld wordt om driejaarlijks een monitoringsronde uit te voeren naar de slibaanwas, welke dient te gebeuren in afstemming met het waterschap. Door middel van gedetailleerd en frequent monitoren kunnen betere keuzes worden gemaakt en kan het onderhoud op een efficiënte en effectieve wijze plaatsvinden. Een bijkomend effect is dat dit in veel gevallen een kostenbesparing op zal leveren.

Baggerplan Bunschoten 2024-2028

3.5

Zaaknummer: 1181374 November 2024 Pagina 8 van 24

Meerjarenplanning Om een inschatting te maken in de hoeveelheid slib per jaar per watergang is een doorberekening gemaakt. Als startpunt is de metingronde van maart 2024 aangehouden. Deze ronde dient als vertrekpunt voor de inschatting van het slib over de gehele cyclus van 15 jaar. Een gemiddelde aanwas van 2 cm per jaar wordt doorberekend per profiel. Dit geeft een redelijke inschatting in de sliblaag per profiel en vervolgens per watergang. Aangezien de aanwas bij de Westmaat dusdanig hoog is, wordt voor de Westmaat een gemiddelde aanwas aangehouden van 10 centimeter slib per jaar. Dit betreft de profielen 021 tot en met 041. Ook wordt voor de Spakenburgse-Binnengracht een gemiddelde slibaanwas van 1 cm per jaar aangehouden. Dit betreft de profielen 059 tot 077.

Baggerplan Bunschoten 2024-2028

4 4.1

Zaaknummer: 1181374 November 2024 Pagina 9 van 24

Verwerkingsmogelijkheden baggerspecie gemeente Bunschoten Wettelijk kader Verwerkingsbeleid conform Besluit bodemkwaliteit Het Besluit Bodemkwaliteit (Bbk) maakt onderscheid in het verspreiden van baggerspecie, het toepassen van specie in het oppervlaktewater en het toepassen in of op de landbodem. Verspreiden van baggerspecie In het Besluit Activiteiten Leefomgeving (Bal) wordt de baggerspecie, op basis van de toetsing voor verspreiding, ingedeeld in de klassen “vrij verspreidbaar”, “verspreidbaar op aangrenzend perceel” en “niet verspreidbaar”. De normen die gebruikt worden voor de toetsing voor verspreiding zijn gebaseerd op ecologische risico’s. Deze risico’s worden uitgedrukt in msPAF. De msPAF staat voor ‘meer stoffen Potentieel Aangetaste Fractie’ en geeft een indicatie van het percentage van de aanwezige organismen dat nadelige gevolgen kan ondervinden van de aanwezige verontreinigingen. Daarbij wordt onderscheid gemaakt voor verontreinigingen met metalen en met organische stoffen.

De grens voor wel of niet verspreiden is momenteel: ► Metalen → msPAF <50%, ► Organische parameters → msPAF <20%, Naast de msPAF gelden voor de verspreidbaarheid (nog) aparte normen voor de concentratie aan minerale olie en cadmium: ► Cadmium → maximaal 7,5 mg/kg droge stof, ► Minerale olie → maximaal 3.000 mg/kg droge stof, Daarnaast mag de kwaliteit van de baggerspecie de interventiewaarden voor droge bodems niet overschrijden. Toepassen baggerspecie in oppervlaktewater In het Besluit Bodemkwaliteit (Bbk) wordt de baggerspecie, kijkend naar de toetsing voor toepassing in oppervlaktewater, ingedeeld in de klassen “vrij toepasbaar”, “toepasbaar klasse A”, “toepasbaar klasse B” en “niet toepasbaar”. Toepassen baggerspecie in of op landbodem In het Besluit Bodemkwaliteit (Bbk) wordt de baggerspecie, voor toepassing in of op landbodem, ingedeeld in de klassen “vrij toepasbaar”, “wonen”, “industrie” en “niet toepasbaar”. Omgevingswet Met ingang van de omgevingswet zijn er enkele veranderingen ontstaan met betrekking tot het deponeren en verspreiden van de vrijgekomen baggerspecie. Deze veranderingen worden hieronder toegelicht: Veranderingen onder de Omgevingswet voor het verspreiden van baggerspecie op land Met inwerkingtreding van de Omgevingswet veranderen de regels voor het verspreiden van baggerspecie.

De belangrijkste wijziging zit in het bij wet veel concreter maken van het beleid, waardoor hopelijk minder discussie plaatsvindt in de uitvoeringspraktijk tussen gemeenten, waterschappen, terreineigenaren en aannemers. Het scherper definiëren van het verspreidingsgebied vormt hierbij een van de belangrijkste onderdelen. Het nog beter rekening houden met ecologische risico’s en voedselveiligheid in de normen is doorgevoerd om zorgen over de risico’s van het verspreiden van de baggerspecie weg te nemen. De nieuwe regelgeving voor verspreiden is opgenomen in het Bal, het gewijzigde Besluit bodemkwaliteit (beide via het Aanvullingsbesluit bodem Omgevingswet) en de onderliggende Regeling bodemkwaliteit 2021. In tabel 3b van bijlage B van de Regeling bodemkwaliteit 2021 zijn de normen opgenomen. De milieu hygiënische kwaliteit van de baggerspecie die op land mag worden verspreid (of gebruikt wordt in weilanddepots), is nader afgestemd op de normen voor voedselveiligheid en ecologische risico’s. Er worden dusdanige eisen aan de baggerkwaliteit gesteld, dat de bodemfuncties ten aanzien van duurzaam landbouwkundig gebruik en ecologie voldoende zijn gewaarborgd. Vanwege de herkenbaarheid voor de omgeving, zodat voor omwonenden duidelijk is waar baggerspecie vandaan komt, wordt in het B een afstandscriterium (een “cirkel”) van 10 km gehanteerd voor het verspreiden van baggerspecie op

Baggerplan Bunschoten 2024-2028

Zaaknummer: 1181374 November 2024 Pagina 10 van 24

landbouwgronden en het aanleggen van weilanddepots op die landbouwgronden. Het middelpunt van de cirkel is waar de baggerspecie vrijkomt. Door van een concrete afstand van 10 km van de plaats van vrijkomen uit te gaan, zal in de praktijk geen discussie meer ontstaan over de vraag of in geval de verspreiding op landbouwgronden plaats vindt er wel of niet sprake is van een aangrenzend perceel. Daarnaast zijn er na inwerkingtreding van de Omgevingswet dus nog enkele andere verduidelijkingen en nuances voor het verspreidingsbeleid: - Het aanleggen van een weilanddepot op een perceel met een agrarische bestemming kan onder de Omgevingswet tot een afstand van 10 km vanaf de watergang (nu: alleen nog mogelijk op een aan dezelfde watergang gelegen perceel). In een natuurgebied is het echter alleen mogelijk op een direct aan de watergang gelegen perceel een weilanddepot op te richten. Nota bene: om negatieve effecten door het lozen uit het depot op het watersysteem te voorkomen, moet zoveel mogelijk het zwevend stofgehalte in het proceswater worden beperkt. - Het wordt mogelijk om baggerspecie uit stedelijk gebied, mits die voldoet aan de verspreidingsnorm, in te brengen in een weilanddepot. Het weilanddepot hoeft niet meer (zoals onder het regime van het Besluit bodemkwaliteit dd.

22 november 2007) per se op een aan dezelfde watergang gelegen perceel te worden opgericht, maar dit mag tot een afstand van 10 km van de te baggeren watergang onder de voorwaarde dat het gaat om landbouwgronden. Na ontmanteling van het weilanddepot mag de ingedroogde baggerspecie op een agrarisch perceel binnen een afstand van 10 km van dezelfde (stedelijke) watergang worden verwerkt. Ook mag de ingedroogde baggerspecie op de betreffende locatie achterblijven ter verbetering van de bodemgesteldheid. - Er mag maar sporadisch plastic en ander bodemvreemd materiaal (anders dan steenachtig materiaal of puin) in de baggerspecie zitten. Voor steenachtig materiaal en hout geldt wel een percentage: maximaal 20% (gewichtsprocenten), voor zover het bodemvreemd materiaal al voorafgaand aan het ontgraven of bewerken in de waterbodem aanwezig was en vermenging daarmee redelijkerwijs niet kon worden voorkomen. Gemeenten kunnen in het Omgevingsplan via maatwerkregels afwijkende percentages toegestaan bodemvreemd materiaal in de grond of baggerspecie opnemen. Dit is vergelijkbaar met de mogelijkheden die er onder het Besluit bodemkwaliteit bestaan voor het vaststellen van gebiedsspecifiek beleid. - Gemeenten hebben bij zwaarwegende belangen het recht maatwerkregels en voorschriften op te stellen, die het verspreiden van baggerspecie kunnen verruimen of inperken.

Verspreidingsgebied voor baggerspecie onder de Omgevingswet naar 10 km Onder het Bal is het verspreidingsgebied beperkt tot de 'aan de watergang grenzende percelen'. Vanaf inwerkingtreding van de Omgevingswet is die voorwaarde ingevuld door een afstandsmaat voor de herkomst van de baggerspecie op te nemen van 10 km voor zover sprake is van landbouwpercelen; in andere gevallen mag het alleen op een perceel dat ligt aan de watergang van waar de baggerspecie afkomstig is. Dit volgt uit artikel 4.1269, lid 3 sub a van het Bal. In de meeste gevallen zal door het waterschap of de gemeente bij voorkeur gebruik worden gemaakt van de ontvangstplicht van eigenaren van aan de watergang grenzende percelen om de kosten van het baggeren zo laag mogelijk te houden. Mocht de baggerspecie niet op een aan dezelfde watergang gelegen perceel kunnen worden verspreid, dan zal altijd worden gezocht naar een zo duurzaam en functioneel mogelijke oplossing. In sommige gevallen is verspreiden vanwege het gebruik van het perceel ongewenst of onmogelijk. Bijvoorbeeld in stedelijk gebied of in het geval dat er particuliere (sier)tuinen aan de watergang grenzen, bij situaties dat er tussen een watergang en een weg te weinig ruimte is om baggerspecie te verspreiden zonder dat de verkeersveiligheid in gevaar komt, of bij natuurterreinen met een verschralingsdoelstelling.

In die gevallen voorziet de afstandsmaat van 10 km in meer mogelijkheden voor het waterschap of de gemeente om met (ontvangst-plichtige) terreineigenaren binnen het verspreidingsgebied te zoeken naar een geschikte alternatieve bestemming voor de baggerspecie (mits het perceel een landbouwfunctie heeft). Buiten de aangrenzende percelen is er geen ontvangstplicht en zal dus altijd in overleg moeten worden getreden met de betreffende grondeigenaar voor het verspreiden van baggerspecie over zijn landbouwgronden.

Baggerplan Bunschoten 2024-2028

4.2

Zaaknummer: 1181374 November 2024 Pagina 11 van 24

Overige regelgeving Naast direct aan baggeren gerelateerd beleid dient bij de uitvoering van baggerwerken met onderstaande regelgeving rekening te worden gehouden. Eural In de Europese afvalstoffenlijst (Eural) benoemt de Europese Commissie afvalstoffen en bepaalt wanneer een afvalstof gevaarlijk is. Deze lijst is een samenvoeging van de Europese lijst van gevaarlijke afvalstoffen en de Europese afvalcatalogus. Sinds 8 mei 2002 is de Eural in de plaats gekomen van drie Nederlandse regelingen: het Besluit aanwijzing gevaarlijke afvalstoffen (BAGA), de Regeling aanwijzing gevaarlijke afvalstoffen (RAGA) en de Regeling aanvulling aanwijzing gevaarlijke afvalstoffen (RAAGA). Voor baggerspecie zijn de volgende Euralcodes van toepassing: ► code 17 05 05 voor baggerspecie waar de interventiewaarde voor waterbodems wordt overschreden, ► code 17 05 06 voor baggerspecie waar geen interventiewaarde voor waterbodems wordt overschreden. Asbest Onderzoek naar asbest in waterbodems is verplicht. Door tijdens de voorbereiding van een baggerwerk een waterbodemonderzoek op basis van NEN 5720 met een vooronderzoek op basis van NEN 5717 uit te voeren, wordt vastgesteld of een locatie asbestverdacht is. Indien asbest in de waterbodem kan worden verwacht dient een verkennend asbestonderzoek te worden verricht.

De concentratie en vorm van de in de baggerspecie aanwezige asbest is van invloed op de mogelijke uitvoeringsmethoden voor het baggerwerk en de keuze van de verwerkingslocatie.

4.3

Afweging verwerkingsmogelijkheden uit de gemeente Bunschoten Zoals in de voorgaande paragraaf is aangegeven hangen de mogelijkheden voor verwerking van de baggerspecie af van de wettelijke bepalingen en milieu hygiënische randvoorwaarden. Onder verwerken wordt in principe verstaan het verspreiden, toepassen, bewerken (scheiden en/of reinigen) en storten van de baggerspecie. Voor de gemeente Bunschoten zijn de volgende verwerkingsmethoden geselecteerd om nader uit te werken: ► verspreiden van baggerspecie/ inrichten van een weilanddepot, ► hergebruik van baggerspecie, ► storten van baggerspecie. Het bewerken van de vrijkomende baggerspecie met andere technieken wordt financieel gezien niet zinvol geacht. Fractiescheiding en (intensieve) reiniging van baggerspecie zijn relatief dure technieken en kunnen alleen rendabel zijn voor grote hoeveelheden te storten sterk verontreinigde baggerspecie. Verder zijn er nog enkele innovatieve technieken op de markt, zoals het produceren van waterdoorlatende tegels van niet-verontreinigde baggerspecie. Ook dit wordt financieel gezien niet zinvol geacht. De geschikte verwerkingsmogelijkheden zijn in het navolgende verder uitgewerkt.

Verspreiden van baggerspecie/Weilanddepot Milieu hygiënisch gezien kan baggerspecie worden verspreid indien bij toetsing aan het verspreidingsspoor de baggerspecie als ‘vrij verspreidbaar’ of ‘verspreidbaar over aangrenzend perceel’ wordt aangemerkt. Met ingang van de omgevingswet, welke in januari 2024 is ingegaan, heeft het “verspreiden over aangrenzend perceel” een ietwat andere definitie gekregen. Het volgende zegt de omgevingswet over het verspreiden van baggerspecie: “Voor het verspreiden van baggerspecie op een aangrenzend perceel geldt een afstandsmaat van 10 km van de plaats van vrijkomen bij het verspreiden van baggerspecie op landbouwpercelen. Dat geldt ook voor het gebruik van weilanddepots.” (IPLO, 2023). Voorheen was het in het stedelijk gebied lastig te realiseren om baggerspecie op de kant te verwerken, omdat dit ofwel vaak niet mogelijk (fysieke belemmeringen) of niet wenselijk (esthetisch) was.

Baggerplan Bunschoten 2024-2028

Zaaknummer: 1181374 November 2024 Pagina 12 van 24

Een bijzondere vorm voor het verspreiden van baggerspecie is het realiseren van een weilanddepot. Een weilanddepot kan, maar hoeft niet, op een aan de watergang grenzend perceel worden ingericht. Na indroging kan de baggerspecie ter plaatse nuttig worden toegepast (drooglegging, structuurverbetering). Het nuttig zijn van de toepassing is wel een vereiste. Tevens dient het gebruik van een weilanddepot binnen het bestemmingsplan te passen. Gezien de stedelijke ligging van de watergangen was het verspreiden op aangrenzende oevers voorheen geen realistische optie, echter, met ingang van de omgevingswet is dat veranderd. De radius van 10 km geeft kansen voor het verspreiden van de baggerspecie op percelen met agrarische bestemming. Ook zijn er, gezien de ligging van de watergangen en het verontreinigingsbeeld mogelijkheden om een weilanddepot in te richten. De mogelijkheid om voor een baggerwerk een weilanddepot in te richten dient tijdens de voorbereiding te worden afgestemd met onder andere de omgevingsdienst Regio Utrecht (RUD) en de gemeente Bunschoten of, wanneer gebruik wordt gemaakt van een weilanddepot dat zich bevindt in een andere gemeente, de desbetreffende gemeente en de RUD. Verwerken of storten van baggerspecie Onder het storten wordt verstaan het binnen een inrichting op of in de bodem brengen van baggerspecie teneinde zich van deze stoffen te ontdoen.

Een definitieve stortplaats kan zowel voor natte als gedroogde specie worden ingericht en kan zowel onder als boven water liggen. Een dergelijk depot dient te voldoen aan de IBC-criteria (Isoleren, Beheren, Controleren). Voor het storten en hergebruiken van baggerspecie zijn in onderstaande tabel een aantal verwerkingsmogelijkheden opgenomen. Tabel 4.1 verwerkingsmogelijkheden baggeren Bunschoten Naam

Locatie

Smink De Meergrond Hooge Kampse Plas Baggerdepot van Ooijen Alpha bagger- en gronddepot

Amersfoort Nieuw Vennep Groenekan Woerden Wilnis

Afstand tot baggerwerk (km) 15 70 30 60 45

Verwerkingsmogelijkheden hergebruik na indroging / storten hergebruik na indroging / storten direct nat toepassen hergebruik na indroging / storten hergebruik na indroging

Voor het aanleveren van baggerspecie bij één van de locaties langs de grote rivieren is aanlevering per schip noodzakelijk. Voor het baggeren van de havens is dit mogelijk wel een financieel aantrekkelijke optie.

Baggerplan Bunschoten 2024-2028

4.4

Zaaknummer: 1181374 November 2024 Pagina 13 van 24

Keuze verwerkingsmogelijkheden gemeente Bunschoten In de voorgaande paragrafen zijn de mogelijkheden voor verwerking van de baggerspecie uit Bunschoten-Spakenburg beschreven en zijn de kosten aangegeven. Op basis hiervan is een keuze gemaakt voor de wijze van verwerking van de vrijkomende baggerspecie. Verspreiden op aangrenzend perceel komt als economisch voordeligst uit de analyse, gevolgd door deponeren van de baggerspecie in een weilanddepot. Met inwerkingtreding van de omgevingswet is het mogelijk om de baggerspecie binnen een straal van 10 kilometer te deponeren, deze straal binnen 10 kilometer wordt in zijn geheel gewaarmerkt als “aangrenzend perceel”. Dit maakt deze optie en methode toegankelijker en uitvoerbaarder. De afweging dient echter nog wel genomen te worden tussen kosten en overlast. Deponeren van baggerspecie op aangrenzend perceel brengt de nodige overlast met zich mee, wat zich voornamelijk uit in de vorm van zicht en stank/geur-overlast. Tabel 4.2: keuze verwerking baggerspecie Bunschoten-Spakenburg Kwaliteit baggerspecie

Wijze van verwerking

Verspreidbaar

Toepasbaar

(Vrij) Verspreidbaar

Toepasbaar

Niet verspreidbaar

Toepasbaar

Verspreiden over aangrenzend perceel/ Toepassen op een weilanddepot Afvoeren naar erkend verwerker

Niet verspreidbaar

Niet toepasbaar

Storten

Baggerplan Bunschoten 2024-2028

5

Zaaknummer: 1181374 November 2024 Pagina 14 van 24

Duurzaamheid, circulariteit en alternatieven In het kader van klimaatverandering en duurzaamheid zijn er enkele opties voor het verduurzamen van het baggerproces. Het duurzaamheidskader is onderverdeeld in het baggerproces zelf en de verwerking en hergebruik van de baggerspecie.

5.1

Verduurzaming van de baggerwerkzaamheden De baggerwerkzaamheden zelf kunnen op een aantal manieren verduurzaamd worden. Dit dient een afweging te zijn voor de aanbesteding van baggerwerkzaamheden. Er kan gestimuleerd worden om een hoeveelheid lengte of een bepaald aantal m3 slib elektrisch te baggeren. Echter is het wel belangrijk ervoor zorg te dragen dat de infrastructuur voor elektrisch baggeren voldoende aanwezig is, wanneer dit verlangd wordt. Zorgdragen voor passende infrastructuur is nodig, zodat het voorkomen wordt dat elektrisch baggerapparatuur wordt gevoed door bijvoorbeeld een Dieselaggregaat, omdat er onvoldoende infrastructuur aanwezig is om de baggeraar zijn werk elektrisch uit te laten voeren. Naast elektrisch baggeren kan ook worden gestimuleerd om duurzamer brandstof, zoals biodiesel (HVO100) te gebruiken. Alternatieven van de baggerwerkzaamheden 1. Blad baggeren a. Voornamelijk de Westmaat dient frequent te worden ge “bladbaggerd”. Het huidige uitgangspunt is om elke 3 jaar te bladbaggeren.

Baggerplan Bunschoten 2024-2028

6

Zaaknummer: 1181374 November 2024 Pagina 15 van 24

Baggerprogramma 2024-2028 In het voorgaande is van de baggerspecie de kwaliteit en hoeveelheid vastgesteld en zijn de voor gemeente Bunschoten toe te passen verwerkingsmogelijkheden aangegeven. Om de komende 10 jaar een evenredige verdeling van het benodigde budget te hebben wordt de aanwezige baggerspecie verdeeld over de planperiode verwijderd. Echter zal ook worden gekeken of er budget beschikbaar is om de baggerwerkzaamheden te clusteren en af te stemmen met het baggerprogramma van het waterschap. In het baggerprogramma wordt dan ook aangegeven in welk jaar welke watergangen of (deel)gebieden worden gebaggerd. Bij het vaststellen van de planning is gebruik gemaakt van de gegevens uit het baggerplan van Waterschap Vallei en Veluwe (Niebeek 2013) en het baggerplan van de havens (Tijhuis 2012).

6.1

Afstemming met het waterschap Het clusteren van baggerwerkzaamheden zal in samenspraak met Waterschap Vallei en Veluwe gebeuren. Dit heeft echter wel de consequentie dat het clusteren anders zal gebeuren dan wanneer enkel geclusterd wordt vanuit oogpunt van de gemeente. Het waterschap clustert op een breder/ groter gebied. Dit zal dus veelal voor de gemeente Bunschoten betekenen dat, wanneer uit de planning van het waterschap blijkt dat gebaggerd dient te worden in de gemeente Bunschoten, dat vrijwel alle watergangen mee zullen worden genomen. Dit betekent dus dat sommige watergangen “te laat” en sommige watergangen “te vroeg” gebaggerd zullen worden. Op deze manier zullen echter de kosten een stuk voordeliger uitpakken, aangezien het clusteren de efficiëntie en effectiviteit van de werkzaamheden bevordert. Hier dient echter wel rekening mee worden gehouden met het budgetteren, en zal er een voorziening opgebouwd moeten worden alvorens het jaar dat de watergangen gebaggerd zullen worden.

6.2

Meerjarenprogramma Voor het bepalen van een voorkeursvolgorde voor de te baggeren watergangen is gekeken naar de kwaliteit van de baggerspecie en de sliblaagdikte in de betreffende watergang. Tevens is waar mogelijk rekening gehouden met het jaar waarin de watergang reeds gebaggerd is en een baggercyclus van 10 jaar. In Q1 2024 is een inpeilingsronde geweest, waarbij de slibdiktes en profielen van watergangen zijn ingepeild. Als niet bekend was wanneer een watergang voor het laatst is gebaggerd, is een inschatting van het laatste baggerjaar gemaakt op basis van de huidige slibdikte in 2024 en de verwachte slibaanwas. Op basis van bovenstaande criteria zijn de watergangen zo verdeeld dat het jaarlijkse budget ongeveer gelijk is. Naast de hoeveelheden en verdeling van benodigd jaarlijks budget is rekening gehouden met: ► Clusteren van te baggeren gebieden (aaneengesloten watergangen), ► Clusteren van baggerspecie met dezelfde verwerkingsmethode, ► Clusteren van baggerwerkzaamheden in samenwerking met het Waterschap Vallei en Veluwe, ► Aansluiting bij de baggerplanning van Waterschap Vallei en Veluwe om mogelijkheden te creëren voor samenwerking bij de uitvoering. In onderstaande tabel is per jaar de hoeveelheid baggerspecie inclusief de aanwas en de kosten aangegeven. De kosten in tabel 6.1 zijn de totaal geraamde kosten, inclusief een indexering van 2% per jaar.

Bij de prijs zijn ook de voorbereidingskosten (15%) en interne uren gemeente (10%) opgenomen.

Baggerplan Bunschoten 2024-2028

Zaaknummer: 1181374 November 2024 Pagina 16 van 24

Tabel 6.1: Totale kosten van het baggeren van de havens en watergangen tot en met het jaar 2049.

BWaterg angen

Havens

Totale kosten tot 2045 Totale kosten tot 2050

Jaar indexa tie 1 4

Jaar

m3

Cumulatie ve m3

2025 2028

7 13 19

2031 2037 2043

25

2049

4253 1251 4 1777 1777 1606 3 1777

jaar indexa tie 16

jaar 2040

2597 4

Totaalprijs inclusief indexering € 260.301 € 812.723

Cumulatief

4253 16767

Kost eenhei d 60 60

18544 20321 36384

60 60 60

€ 122.469 € 137.920 € 1.404.048

€ 1.195.493 € 1.333.414 € 2.737.462

38161

60

€ 174.916

€ 2.912.378

60

€ 2.139.406

€ 260.301 € 1.073.024

€ 4.876.867 € 5.051.784

Uit tabel 6.1 blijkt dat de totale kosten voor het baggeren van de watergangen (exclusief havens) in onderhoud bij de gemeente Bunschoten voor de planperiode 2024-2033 circa € 1.195.493,bedragen. In tabel 6.2 is een overzicht gegeven over de huidige stand van de voorziening, de huidige en toekomstige stortingen in de voorziening en de te verwachten onttrekking t.b.v. de baggerwerkzaamheden. Het biedt een overzicht voor de financiële voorziening.

Baggerplan Bunschoten 2024-2028

Jaar 2023

Zaaknummer: 1181374 November 2024 Pagina 17 van 24

Tabel 6.2: Stortingen in de voorziening en verwachte onttrekkingen uit de voorziening vanaf het jaar 2023 tot en met het jaar 2049. Huidige storting in Onttrekking Stand voorziening de voorziening einde van het jaar € 462.386

2024

€ 136.700

€ -80.567

€ 518.519

2025

€ 136.700

€ -260.301

€ 394.918

2026

€ 150.000

€-

€ 544.918

2027

€ 150.000

€-

€ 694.918

2028

€ 150.000

€ -812.723

€ 32.195

2029

€ 150.000

€-

€ 182.195

2030

€ 150.000

€-

€ 332.195

2031

€ 150.000

€ -122.469

€ 359.726

2032

€ 150.000

€-

€ 509.726

2033

€ 150.000

€-

€ 659.726

2034

€ 150.000

€-

€ 809.726

2035

€ 150.000

€-

€ 959.726

2036

€ 150.000

€-

€ 1.109.726

2037

€ 150.000

€ -137.920

€ 1.121.805

2038

€ 150.000

€-

€ 1.271.805

2039

€ 150.000

€-

€ 1.421.805

2040

€ 150.000

€ -2.139.406

€ -567.600

2041

€ 150.000

€-

€ -417.600

2042

€ 150.000

€-

€ -267.600

2043

€ 150.000

€ -1.404.048

€ -1.521.649

2044

€ 150.000

€-

€ -1.371.649

2045

€ 150.000

€-

€ -1.221.649

2046

€ 150.000

€-

€ -1.071.649

2047

€ 150.000

€-

€ -921.649

2048

€ 150.000

€-

€ -771.649

2049

€ 150.000

€ -174.916

€ -796.565

6.3

Benodigde vergunningen en toestemmingen Algemene zaken Voor aanvang van baggerwerkzaamheden dienen de volgende algemene zaken te worden geregeld: ► uitvoeren verkennend waterbodemonderzoek (conform SIKB BRL 2003 en NEN5720), ► voor en verkennend asbestonderzoek van de watergangen, ► opstellen van een veiligheids- en gezondheidsplan, ► vaststellen ligging van kabels en leidingen (KLIC-melding), ► voor de locaties waarbij parameters boven de interventiewaarde gemeten zijn, dient bij Waterschap Vallei en Veluwe een melding ingreep in de waterbodem gedaan te worden in het kader van de Waterwet, ► ecologische onderzoek, ► opstellen bestek, ► afstemmen met de Milieudienst indien een weilanddepot wordt opgericht.

Baggerplan Bunschoten 2024-2028

Zaaknummer: 1181374 November 2024 Pagina 18 van 24

Verwerken baggerspecie Voor de verwerking van de baggerspecie dienen naast de hiervoor genoemde algemene zaken het volgende te worden geregeld: ► regelen verwerkingslocatie verspreidbare baggerspecie, ► regelen van verwerkingslocatie voor niet verspreidbare baggerspecie. Meldingsplicht BAL In het kader van het BAL dient een partij baggerspecie gemeld te worden bij Agentschap.nl. Indien de baggerspecie wordt verspreid op het aangrenzend perceel hoeft er geen melding te worden gemaakt. Voor het oprichten van een weilanddepot dient ook een melding te worden gedaan. De melding kan worden verricht via de website https://meldpuntbodemkwaliteit.agentschapnl.nl. (Omgevings)vergunningcheck Alvorens er werkzaamheden uitgevoerd gaan worden dient er een omgevingscheck te worden gedaan via https://omgevingswet.overheid.nl. Dit geldt zowel voor de baggerwerkzaamheden als voor het verplaatsen van de baggerspecie naar aangrenzend perceel of een weilanddepot.

6.4

Risicoanalyse Voor het onderhavige baggerplan is een risicoanalyse gemaakt. In de risicoanalyse is voor verschillende factoren aangegeven welke onzekerheden aanwezig zijn. Kwaliteit waterbodem ► Bij het onderzoek naar de kwaliteit van de baggerspecie is onder andere gebruik gemaakt van historische gegevens, waarbij oude toetsingsgegevens (NW4) zijn omgezet naar het BAL. Deze omzetting heeft plaatsgevonden op basis van ervaringsgegevens. Aangezien tussen beide toetsingsmethoden verschillen bestaan, is de kans aanwezig dat de kwaliteit op bepaalde trajecten zal afwijken van de nu veronderstelde kwaliteit. Hoeveelheid baggerspecie ► Voor het bepalen van de te baggeren hoeveelheid baggerspecie zijn gegevens gehanteerd uit het baggerplan van Waterschap Vallei en Veluwe (Niebeek 2013) en het baggerplan van de havens in Bunschoten-Spakenburg (Tijhuis 2012). Afhankelijk van de situatie ter plaatse (ondergrond, begroeiing, stroming, afkalving, kwaliteit oeververdediging) kan de werkelijke aanwas in de watergangen afwijken. Om deze reden dienen voor aanvang van een baggerwerk de hoeveelheden opnieuw en nauwkeurig bepaald te worden. Voor het vaststellen van de werkelijke aanwas, wordt geadviseerd een monitoringsprogramma op te zetten. Verwerkingsmogelijkheden ► Voor het bepalen van de verwerkingsmogelijkheden is uitgegaan van de op dit moment beschikbare locaties.

Wijzigingen in wetgeving of acceptatiecriteria kunnen mogelijkheden veranderen. Gezien het toenemende aantal verwerkingslocaties wordt dit risico niet groot geacht. Kosten Voor de kostenraming is gewerkt met eenheidstarieven. De tarieven zijn gebaseerd op het prijspeil van 2024. Hierdoor kunnen de kosten per specifieke locatie of in de toekomst enigszins afwijken. Aangezien in de berekeningen van het baggerprogramma rekening is gehouden met een indexering van 2% per jaar, wordt het risico op grote afwijkingen in de kosten niet groot geacht.

Baggerplan Bunschoten 2024-2028

6.5

Zaaknummer: 1181374 November 2024 Pagina 19 van 24

Communicatie Om baggerwerkzaamheden in goede banen te kunnen leiden is goede communicatie noodzakelijk. Dit betreft zowel communicatie tussen opdrachtgever, aannemer en andere belanghebbende maar ook met overige betrokken instanties. Deze communicatie is hieronder uitgewerkt. Communicatie met belanghebbenden Voor de communicatie met belanghebbenden zijn de volgende punten van belang: ► startoverleg tussen aannemer en de gemeente en/of waterschap waarbij de knelpunten en de te ondernemen acties worden geïnventariseerd, ► een persbericht in huis aan huisbladen plaatsen voorafgaande aan de baggerwerkzaamheden, zodat inwoners op de hoogte zijn gesteld, ► voorafgaande aan de baggerwerkzaamheden een brief bij aangrenzende bewoners (laten) bezorgen waarin de aard van het werk en de duur van de werkzaamheden zijn beschreven, ► tijdens de uitvoering van het werk regelmatig een bouwvergadering beleggen met de aannemer en toezichthouder om knelpunten en andere zaken die zich tijdens de uitvoering van het baggerwerk voordoen te behandelen. Communicatie overige instanties en regelen vergunningen en toestemmingen In de voorbereiding van het baggerwerk wordt overleg met de betrokken instanties gevoerd.

Hiervoor wordt in ieder geval met de volgende instanties overlegd: ► Waterschap Vallei en Veluwe In kader van de Waterwet dient bij het waterschap een melding te worden gedaan voor het verrichten van baggerwerkzaamheden, indien er daarbij ook aanpassingen in de watergangbreedte of beschoeiing plaatsvinden of indien er daarbij natuurvriendelijke oevers aangelegd worden; ► wegbeheerder In overleg met de wegbeheerder dient te worden nagegaan welke mogelijkheden en beperkingen er zijn voor de uitvoering van de werkzaamheden; ► groenbeheerder In overleg met de beheerder van de groenvoorzieningen dient te worden nagegaan in hoeverre bomen en/of struiken kunnen worden gesnoeid; ► Milieudienst Afstemming van de bestemming van baggerspecie die niet op aangrenzend perceel wordt verspreid.

Baggerplan Bunschoten 2024-2028

7

Zaaknummer: 1181374 November 2024 Pagina 20 van 24

Veranderingen in relatie tot de omgevingswet Aangezien er met ingang van de omgevingswet vrij veel veranderingen teweeg zijn gebracht wat betreft het baggerproces, zijn de belangrijkste veranderingen hier nogmaals omschreven. Dit geeft een beter inzicht in wat er daadwerkelijk verandert en waar extra rekening mee gehouden dient te worden met betrekking tot het baggeren en het baggerbeheerplan.

7.1

Terminologie Een aantal definities uit het Besluit bodemkwaliteit (Bbk) is onder het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) aangepast aan de Omgevingswet. Zo heet de milieu hygiënische verklaring nu milieuverklaring bodemkwaliteit. De Kwalibo-erkenning is nu erkenning bodemkwaliteit. Een nuttige en functionele toepassing heet nu functionele toepassing. De benaming van kwaliteitsklassen is aangepast. Voor baggerspecie is nu duidelijker wat de kwaliteit van het materiaal is.

7.2

Aanduiding van functionele toepassingen De aanduiding en omschrijving van functionele toepassingen in artikel 4.1269 van het Bal is verduidelijkt ten opzichte van het voormalige artikel 35 van het Bbk (oud). Bij een eerdere evaluatie van het Bbk bleek dat de aanduiding van nuttige toepassingen in artikel 35 niet volledig was. Enkele toepassingen waren onbedoeld niet genoemd, zoals ophogingen van recreatieterreinen (in tegenstelling tot industrieterreinen, woningbouwlocaties, landbouw- en natuurgronden) of volledige dempingen van oppervlaktewater. Dit is hersteld bij het overzetten van dit artikel naar het Bal.

7.3

Melden van toepassen van grond of baggerspecie -

7.4

Niet melden: gewijzigd is dat niet melden van een toepassing betekent dat de toepassing niet is toegestaan. Voorheen zou dan alleen een administratief voorschrift zijn overschreden. Onderscheid melden en aanleveren gegevens en bescheiden: in het Bal is onderscheid gemaakt tussen het melden van een toepassing (artikel 4.1266, Bal) en het aanleveren van gegevens en bescheiden per toe te passen partij (artikel 4.1267, Bal) Hoeveelheidsgrens particulier: er is onder de Omgevingswet een hoeveelheidsgrens voor toepassing door een particulier: maximaal 25 m³. De wetgever noemt een particulier een 'natuurlijk persoon'.

Gebruik van het Digitaal Stelsel Omgevingswet Melden van een voorgenomen toepassing en het aanleveren van gegevens en bescheiden voor een toe te passen partij, vinden plaats via het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). Voor nieuwe toepassingen na de inwerkingtreding van de Omgevingswet maakt een initiatiefnemer dus geen gebruik meer van het Meldpunt Bodemkwaliteit.

7.5

Verspreiden baggerspecie -

-

7.6

De kwaliteitseisen voor het verspreiden van baggerspecie op de landbodem zijn aangepast en gebaseerd op het landbouwkundig gebruik. In de Regeling bodemkwaliteit 2022 is de toxische druk van het mengsel van stoffen (msPAF) en enkele normen voor metalen, minerale olie en PCB’s aangepast ten opzichte van de Regeling bodemkwaliteit die voorheen gold. Voor het verspreiden van baggerspecie op een aangrenzend perceel geldt een afstandsmaat van 10 km van de plaats van vrijkomen bij het verspreiden van baggerspecie op landbouwpercelen. Dat geldt ook voor het gebruik van weilanddepots.

Diepe plassen Er geldt een vergunningplicht met MER-beoordeling voor de verondieping van diepe plassen. Naast de vergunning voor de beperkingengebiedsactiviteit geldt ook een vergunningplicht voor de lozingsactiviteit

Baggerplan Bunschoten 2024-2028

7.7

Zaaknummer: 1181374 November 2024 Pagina 21 van 24

Aanleveren gegevens en bescheiden gereinigde grond Voor toepassing van onder de BRL SIKB 7500 gereinigde grond is de termijn voor het aanleveren van gegevens en bescheiden 4 weken in plaats van 1 week. Ook moet de melder expliciet aangeven dat sprake is van gereinigde grond.

7.8

Maatwerk bij toepassen van grond en baggerspecie De Omgevingswet biedt maatwerkmogelijkheden bij het toepassen van grond en baggerspecie. Dat kan in de vorm van maatwerkregels en maatwerkvoorschriften. Op sommige punten gelden voorwaarden voor dit maatwerk. -

Projectbesluit: als er een projectbesluit is genomen, kan een maatwerkvoorschrift dit projectbesluit niet belemmeren. Dit staat in artikel 4.1265a van het Bal. - Maatwerkvoorschriften en -regels: in het Bal zijn veel mogelijkheden voor het stellen van maatwerkvoorschriften en maatwerkregels. Voor vrijwel alle bepalingen zijn maatwerkvoorschriften en maatwerkregels mogelijk. - Voorwaarden aan maatwerk voor invulling stand still: in het Bal staan voorwaarden voor het stellen van maatwerk over kwaliteitseisen. Deze staan in de artikelen: o 4.1273 (algemene kwaliteitseisen) o 4.1275 (grootschalige toepassing) o 4.1277 (toepassen in een diepe plas) o 4.1279 (verspreiden van baggerspecie). Het gaat om het stellen van soepelere kwaliteitseisen. De voorwaarde is dan wel dat de grond of baggerspecie uit hetzelfde bodembeheergebied moet komen. De verplichting om in die situaties een bodembeheergebied aan te wijzen, volgt ook uit een instructieregel uit artikel 5.89o en artikel 6.3 Bkl. De instructieregel is voor gemeenten en waterbeheerders. Zij moeten een bodembeheergebied aanwijzen als het gaat om maatwerkregels of voorschriften die een versoepeling betekenen van de kwaliteitseisen in het Bal. Een belangrijke voorwaarde voor het stellen van soepelere kwaliteitseisen is dat toe te passen partijen grond of baggerspecie afkomstig moeten zijn uit dit aangewezen bodembeheergebied.

Baggerplan Bunschoten 2024-2028

8

Zaaknummer: 1181374 November 2024 Pagina 22 van 24

Samenvatting, conclusies en aanbevelingen Op basis van dit baggerbeheerplan met bijbehorend baggerprogramma kunnen jaarlijks budgetten worden gereserveerd en afspraken worden gemaakt met andere waterbeheerders over een gecombineerde uitvoering van het baggerwerk. In het baggerplan zijn de wateren opgenomen die in onderhoud bij de gemeente Bunschoten zijn. Op basis van de geïnventariseerde hoeveelheid en kwaliteit en de verwerkingsmogelijkheden van de baggerspecie is een baggerprogramma opgesteld. Basisgegevens Bij de inventarisatie is gebruik gemaakt van beschikbare gegevens uit het Baggerplan van Waterschap Vallei en Veluwe (Niebeek, 2013) en het baggerplan van de havens in BunschotenSpakenburg (Tijhuis, 2012). Daarnaast zijn metingen uitgevoerd in april 2024, recent voor het actualiseren van het baggerbeheerplan. Baggerstrategie Voor het bepalen van de hoeveelheid vrijkomende baggerspecie is geen informatie bekend van eventuele leggerdiepte. Uitgangspunt voor het onderhavige baggerplan is het verwijderen van de aangewassen sliblaag, rekening houdend met een aanwas van 2 cm per jaar. Daarnaast worden de uitgangspunten van het waterschap ook meegenomen. Verwerkingswijze Voor de verwerking van de vrijkomende baggerspecie wordt uitgegaan van het volgende: ► verspreidbare baggerspecie wordt zo veel mogelijk lokaal gehouden en lokaal verspreid.

De baggerspecie zal worden verspreid op aangrenzende percelen of landbouwpercelen. Als uitgangspunt wordt wel gehanteerd dat de verspreiding voor zo min mogelijk overlast moet zorgen bij de inwoners van de Gemeente Bunschoten. Mocht het niet mogelijk zijn de baggerspecie te verspreiden dan dient deze afgevoerd te worden naar een erkend verwerker. Eventueel kan de baggerspecie ook worden afgezet in zogenaamde weilanddepots.. Als verwerker voor het accepteren van de baggerspecie kan gebruik worden gemaakt van bijvoorbeeld Smink te Amsersfoort. ► Niet verspreidbare baggerspecie wordt afgevoerd naar een erkend verwerker zoals Smink te Amersfoort. Baggerprogramma Het baggerprogramma (zie tabel 5.1) is opgesteld voor de periode 2024-2028. In deze periode worden, indien nodig, alle watergangen één keer gebaggerd. Echter wordt een theoretisch baggercyclus van 15 jaar aangehouden, waardoor het voor kan komen dat in de periode 2024-2028 een geringe hoeveelheid gebaggerd dient te worden. Echter dient er wel geld gebudgetteerd te worden.

Bij het bepalen van de volgorde van aanpak van de werkzaamheden is uitgegaan van de volgende criteria: ► prioritering op basis van kwaliteit en dikte van de aanwezige sliblaag, ► (zoveel mogelijk) gelijke verdeling van het benodigde jaarlijkse budget, ► clusteren van te baggeren gebieden (aaneengesloten watergangen), ► clusteren van te baggeren gebieden in overeenstemming met het waterschap, ► clusteren van baggerspecie met dezelfde verwerkingsmethode. De totale kosten voor het verwijderen en verwerken van de vrijkomende baggerspecie uit de watergangen in onderhoud bij de gemeente Bunschoten gedurende de aankomende periode van 10 jaar (2024-2033) bedragen circa € 1.195.493,- exclusief B.T.W. Hierbij is rekening gehouden met een indexering van 2% per jaar, 15% voorbereidingskosten en 10% interne kosten door de gemeente. De Kosten voor de huidige planperiode van 5 jaar (2024-2028) bedragen €1.073.023,-

Baggerplan Bunschoten 2024-2028

Zaaknummer: 1181374 November 2024 Pagina 23 van 24

Tabel 6.1: samenvatting baggerprogramma (kosten in €, exclusief BTW) BWatergangen

Jaar

m3

Cumulatieve m3

Kost eenheid

2025 2028 2031

4.253 12.514 1.777

4.253 16.767 18.544

60 60 60

Totaalprijs inclusief indexering € 260.301 € 812.723 € 122.469

Cumulatief € 260.301 € 1.073.024 € 1.195.493

Aanbevelingen Voor het uitvoeren van de baggerwerkzaamheden in Bunschoten-Spakenburg worden de volgende aanbevelingen gedaan: ► voldoende tijd uittrekken voor het voorbereiden van de baggerwerkzaamheden; ► het laten uitvoeren van een gebiedsdekkende Flora en Fauna inventarisatie waaruit de mogelijke beperkingen voor het baggeren ten gevolge van de aanwezige (beschermde) flora en fauna blijkt; ► het overleggen met mede-onderhoudsplichtigen om gezamenlijk het baggerwerk in de betreffende wateren uit te voeren; ► het overleggen met Waterschap Vallei en Veluwe om baggerwerken te combineren en zo optimaal gebruik te maken van het benodigde materieel en kosten te besparen. Tevens kan op deze wijze de overlast voor omwonenden worden geminimaliseerd; ► het voorafgaand aan het geplande baggerwerk controleren van de noodzaak tot baggeren door middel van (punt)peilingen. Hiermee kan gekeken worden of de aangenomen uitgangspunten ten aanzien van de hoeveelheid op basis van het baggerplan nog overeenkomen met de werkelijkheid; ► waterbodemonderzoek uitvoeren in de te baggeren watergangen waarvan geen recente gegevens bekend waren ten tijde van het opstellen van onderhavig baggerplan (gegevens gebaseerd op extrapolatie) en/of om de begrenzing van de verontreinigingen vast te stellen.

Op basis van deze gegevens kan het geplande baggerwerk worden voorbereid; ► op basis van de gegevens uit de (punt)peilingen en bekende knelpunten jaarlijks het baggerprogramma voor dat jaar definitief vaststellen; ► afstemmen wat de bestemming wordt van baggerspecie die niet op een aangrenzend perceel wordt verspreid; ► het afstemmen met de Omgevingsdienst Regio Utrecht en Waterschap Vallei en Veluwe voor wat betreft de mogelijkheden om baggerspecie in een weilanddepot te bestemmen; ► het in één systeem vastleggen en bijhouden van gegevens over de watergangen met betrekking tot waterbodemonderzoeken en baggerplannen (peilingen, kwaliteitsmetingen, planningen).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14846439/1