Bijlage 1a. Bijlageboek De Kronkels-Zuid.pdf
Tekst van het document
Bestemmingsplan De Kronkels-Zuid Gemeente Bunschoten Bijlagenboek
Bestemmingsplan De Kronkels-Zuid Gemeente Bunschoten Bijlagenboek
Rapportnummer:
P02403_bijlagen
IMRO-identificatienummer:
NL.IMRO.0313.KronkelsZuid2100-0201
Datum:
20 april 2022
Opdrachtgever:
Gemeente Bunschoten
Projectteam BRO:
RFe, MOo, NvH, JvdA
BRO Vestiging Amsterdam Sarphati Plaza Rhijnspoorplein 38 1018 TX Amsterdam T +31 (0)20 506 19 99 E info@bro.nl
'H.URQNHOV=XLG
,QKRXGVRSJDYH
%LMODJHQELMWRHOLFKWLQJ
%LMODJH
6WLNVWRIEHUHNHQLQJ
%LMODJH
/DGGHUYRRUGXXU]DPHYHUVWHGHOLMNLQJ
%LMODJH 0HPRYHUNHQQHQG QDGHUERGHPHQYHUNHQQHQGDVEHVWLQJURQGHQ SXLQRQGHU]RHN
%LMODJH
$IYDO ZDWHUVWUXFWXXUSODQ
%LMODJH
0RELOLWHLWVWRHWV
%LMODJH
$UFKHRORJLVFKRQGHU]RHN
%LMODJH
0HPRDNRHVWLVFKRQGHU]RHN
%LMODJH
([WHUQHYHLOLJKHLG
%LMODJH
/XFKWNZDOLWHLW
%LMODJH
4XLFNVFDQIORUD IDXQD
%LMODJH
(FRORJLVFKYHOGRQGHU]RHN
%LMODJH
0HUDDQPHOGQRWLWLH
%LMODJH
1RWDYDQXLWJDQJVSXQWHQGXXU]DDPKHLG
%LMODJH
9HUDQWZRRUGLQJJURHSVULVLFR
%LMODJH
2SOHJQRWLWLHPRELOLWHLWVWRHWV
%LMODJH
1RWDLQVSUDDNHQRYHUOHJ
2
Bestemmingsplan "De Kronkels-Zuid" (ontwerp)
%LMODJHQELMWRHOLFKWLQJ
Bestemmingsplan "De Kronkels-Zuid" (ontwerp)
3
%LMODJH 6WLNVWRIEHUHNHQLQJ
4
Bestemmingsplan "De Kronkels-Zuid" (ontwerp)
Stikstofdepositie-onderzoek fase 1 De Kronkels-Zuid Bunschoten 19 april 2021
Kenmerk
R001-1281406VLU-V01-aqb-NL
Verantwoording Titel
Stikstofdepositie-onderzoek fase 1 De Kronkels-Zuid Bunschoten
Opdrachtgever
Gemeente Bunschoten
Projectleider
Natalie Sluis
Auteur(s)
Luc Verhees
Tweede lezer
Berend Hoekstra
Uitvoering meet- en inspectiewerk Projectnummer
1281406
Aantal pagina’s
19
Datum
19 april 2021
Handtekening
Ontbreekt in verband met digitale verwerking. Dit rapport is aantoonbaar vrijgegeven.
Colofon TAUW bv Handelskade 37 Postbus 133 7400 AC Deventer T +31 57 06 99 91 1 E info.deventer@tauw.com
2/19
Kenmerk
R001-1281406VLU-V01-aqb-NL
Inhoud 1
Inleding ...................................................................................................................................... 4
2
Wettelijk kader voor plannen ..................................................................................................... 5
3
Realisatiefase ............................................................................................................................ 6
4
3.1
Emissieplafond waarbij effecten kunnen worden uitgesloten ............................................. 6
3.2
Vrijstelling bouwwerkzaamheden in nieuwe stikstofwet? ................................................... 7
Emissies en depositiebijdrage beoogde situatie........................................................................ 9 4.1
Bedrijventerrein wel / niet aangesloten op het gasnet ....................................................... 9
4.2
Inzet van mobiele werktuigen ........................................................................................... 10
4.3
Ammoniakemissies .......................................................................................................... 11
4.4
Verkeersgeneratie ............................................................................................................ 11
4.5
Overige kenmerken bedrijventerreinen ............................................................................ 12
4.6
Berekende emissies en depositiebijdrage ........................................................................ 13
5
Salderen met weidegrond........................................................................................................ 14
6
Conclusie ................................................................................................................................. 18
Bijlage 1
AERIUS-berekening scenario 1 inclusief saldering met weidegrond
Bijlage 2
AERIUS-berekening scenario 2 inclusief saldering met weidegrond
Bijlage 3
AERIUS-berekening scenario 3 inclusief saldering met weidegrond
Bijlage 4
AERIUS-berekening scenario 4 inclusief saldering met weidegrond
Bijlage 5
AERIUS-berekening scenario 5 inclusief saldering met weidegrond
Bijlage 6
AERIUS-berekening scenario 6 inclusief saldering met weidegrond
Bijlage 7
AERIUS-berekening aanlegfase
Bijlage 8
Onderbouwing kentallen bedrijventerreinen
Bijlage 9
NH3 emissies bedrijven voedings- en genotmiddelenindustrie
3/19
Kenmerk
R001-1281406VLU-V01-aqb-NL
1 Inleding De gemeente Bunschoten is voornemens bedrijventerrein De Kronkels naar het zuiden toe uit te breiden; De Kronkels-Zuid (zie figuur 1.1) en hiervoor een bestemmingsplan voor De KronkelsZuid op te stellen. In de beoordeling van de inpasbaarheid van het plan, moeten onder meer de effecten van stikstofdepositie worden onderzocht. De Kronkels-Zuid is gelegen op ongeveer 17 km ten westen van stikstofgevoelige natuur in Natura 2000-gebied Veluwe, en tevens op ongeveer 17 km ten oosten van stikstofgevoelige natuur in Natura 2000-gebieden Naardermeer en Oostelijke Vechtplassen. Onder de huidige wet- en regelgeving wordt er in beginsel vanuit gegaan dat een plan dat meer dan 0,00 mol/ha/jaar bijdraagt aan de stikstofdepositie op een overbelast stikstofgevoelig habitattype of leefgebied in potentie een significant negatief effect kan hebben. De gemeente wil inzicht hebben in de bijdrage aan de stikstofdepositie van De Kronkels-Zuid van zowel de aanlegfase als de gebruiksfase. Voor de gebruiksfase zijn verschillende scenario’s doorgerekend. Ook is het effect van salderen met weidegrond inzichtelijk gemaakt. Voorliggend rapport is een update van het stikstofdepositie-onderzoek dat in juni 2020 door TAUW is opgesteld. In dat onderzoek is de bijdrage van de gehele uitbreiding – fase 1 & fase 2 – van bedrijventerrein De Kronkels beschouwd (circa 14 hectare uitgeefbase grond).
In deze actualisatie van het onderzoek wordt alleen fase 1 beschouwd (zie figuur 1.1). Overige aanpassingen ten opzichte van het onderzoek van juni 2020 betreffen: • De berekeningen zijn uitgevoerd met de vigerende versie van AERIUS (versie 2020, sinds • • •
15 oktober 2020 operationeel) De berekening voor de aanlegfase is aangepast; de emissies van mobiele werktuigen zijn met de laatste update van AERIUS namelijk naar boven bijgesteld Er wordt een doorkijk gegeven naar impact van de aanstaande nieuwe stikstofwet, van belang voor de realisatiefase, zie hoofdstuk 3 De methode voor salderen met landbouwgrond (bemesting) is aangepast op basis van recente informatie hierover die op de website van BIJ12 is gepubliceerd
In dit onderzoek wordt in hoofdstuk 2 eerst kort het wettelijk kader geschetst. In hoofdstuk 3 wordt de realisatiefase beschouwd en doorgerekend en in hoofdstuk 4 de gebruiksfase. Interne saldering met weidegronden komt in hoofdstuk 5 aan de orde. Hoofdstuk 6 geeft de conclusies.
4/19
Kenmerk
R001-1281406VLU-V01-aqb-NL
Figuur 1.1 Beoogde bedrijventerrein De Kronkels-Zuid. Fase 1 betreft het deel binnen de blauwe lijn
2 Wettelijk kader voor plannen In Nederland zijn ruim 160 Natura 2000-gebieden aangewezen, dit zijn gebieden met een Europese beschermingsstatus. Veel van die gebieden zijn gevoelig voor stikstofdepositie en overbelast door een teveel aan stikstof. Een bestuursorgaan stelt een plan dat significante gevolgen kan hebben voor een Natura 2000-gebied, uitsluitend vast na een passende beoordeling waaruit blijkt dat de zekerheid is verkregen dat het plan de natuurlijke kenmerken van het gebied niet zal aantasten. Daarom dient voor nieuwe of gewijzigde plannen onderzocht te worden of er sprake kan zijn van een significante depositie van stikstof op relevante Natura 2000-gebieden. Wanneer het verdwijnen van agrarische gronden in het plangebied het rechtstreekse, onlosmakelijke (positieve) gevolg is van de realisatie van bedrijventerrein, mag hier in de berekeningen rekening worden gehouden (interne saldering). Een plan dat meer dan 0,00 mol/ha/jaar bijdraagt aan de stikstofdepositie op een overbelast stikstofgevoelig habitattype of leefgebied heeft in potentie een significant effect.
5/19
Kenmerk
R001-1281406VLU-V01-aqb-NL
Een plan kan alleen worden vastgesteld als de stikstofdepositie op geen enkele relevante en voor stikstofdepositie gevoelige hexagonen 1 toeneemt. Bij (wijziging van) plannen wordt het projecteffect bepaald ten opzichte van de referentiesituatie. De referentiesituatie bij plannen is de feitelijke bestaande planologisch legale situatie ten tijde van vaststelling van het plan. Wanneer er sprake is van een toename in stikstofdepositie kan in een ecologische voortoets of passende beoordeling onderzocht worden of effecten daadwerkelijk op gaan treden als gevolg van het plan en of deze de natuurlijke kenmerken van het gebied aantasten.
3 Realisatiefase 3.1
Emissieplafond waarbij effecten kunnen worden uitgesloten
De aanleg/realisatie van een bedrijventerrein brengt NOx-emissies met zich, met name ten gevolge van de inzet van mobiele werktuigen. Voor de aanleg van bedrijventerrein zijn geen standaard kentallen beschikbaar. In de planfase waarin De Kronkels-Zuid (fase 1) zich bevindt is er ook nog geen informatie beschikbaar over de inzet van werktuigen. Er is daarom als eerste stap berekend hoeveel NOx en NH3-emissie per jaar geëmitteerd kan worden alvorens de drempelwaarde van +0,01 mol/ha/jaar op de omliggende Natura 2000-gebieden wordt bereikt. Dit is bij 553 kg NOx/jaar plus 1,66 kg NH3/jaar 2 (zie bijlage 7). Bij hogere NOx-emissies berekent AERIUS een toename in stikstofdepositie van 0,01 mol/ha/jaar of meer op de omliggende Natura 2000-gebieden. Blijft men in de realisatiefase onder de 553 kg NOx/jaar, dan kunnen effecten op de Natura 2000-gebieden worden uitgesloten en is de realisatiefase niet Wnb-vergunningsplichtig. De hoeveelheid emissie van 553 kg NOx/jaar is vervolgens gerelateerd aan kentallen voor woningenbouw, om zo een indicatie te krijgen van de haalbaarheid om onder deze hoeveelheid NOx-emissie te blijven. Op basis van deze kentallen voor woningbouw kan worden gesteld dat bij de bouw van 80 woningen 552 kg NOx/jaar vrijkomt 3. Tabel 3.1 geeft een overzicht van de in te zetten werktuigen bij deze hoeveelheid NOx-emissie en bijbehorende bouw van 80 woningen.
De gehanteerde kentallen zijn een inschatting van specialisten van TAUW, op basis van verzamelde informatie van woningbouwprojecten. Er is voor de berekening uit gegaan van moderne IV (bouwjaar vanaf 2014) werktuigen.
1
AERIUS berekent de depositiebijdrage op een hexagoon (een zeshoek met een oppervlak van 1 hectare). Een relevant hexagoon is een hexagoon welke (deels) overlapt met stikstofgevoelige habitats of leefgebieden van soorten in Natura 2000-gebieden Bij de inzet van mobiele werktuigen voor bouwwerkzaamheden bedraagt het aantal kilogram geïmiteerde NH3 ongeveer 3 promille van het aantal kilogram geëmitteerde NOx (bron; zie voetnoot 4) 3 De hoeveelheid vrachtverkeer en andere vervoersbewegingen zijn hier niet van belang aangezien 1) het rekenbereik in AERIUS voor verkeersbewegingen 5 km bedraagt en 2) De Kronkels-Zuid op meer dan 5 km is gelegen van stikstofgevoelige natuur 2
6/19
Kenmerk
R001-1281406VLU-V01-aqb-NL
Het aantal bedrijfsuren en het vermogen in tabel 3.1 is een conservatieve inschatting. De emissieen deellastfactoren die nodig zijn om de emissies door mobiele werktuigen te berekenen, zijn afkomstig uit TNO-rapport 2020 R11528 (Ligterink et al., 2020) en het bijbehorende Excel-bestand 4. Aangehouden is dat de werktuigen gemiddeld 70 % van de tijd dat ze in bedrijf zijn regulier belast worden (typische inzet) en de overige 30 % van de tijd stationair draaien (ook wel ‘idle’). Bij de bouw van bedrijfspanden worden voor eenzelfde vloeroppervlak aanzienlijk minder (mobiele) werktuigen ingezet dan bij de bouw van woningen. Dit aangezien bedrijfspanden veel groter zijn, en grote delen van deze panden prefab aangeleverd en geplaatst worden. Wanneer we uitgaan van de helft minder inzet van mobiele werktuigen voor bedrijfspanden dan voor woningen voor hetzelfde vloeroppervlak, en 100 m2 BVO voor een woning, dan zouden er op De Kronkels-Zuid per jaar 16.000 m2 BVO aan bedrijfspanden neergezet kunnen worden. Tabel 3.1 Inzet (mobiele) werktuigen en bijbehorende NOx-emissies bij de realisatie van 200 woningen Emissie typische
Emissie
Totale
Bedrijfs-
Vermogen
Deellastfactor
EF 5
inzet
idle
Emissie
uren
[kW]
[%]
[g/kWh]
[kg /jaar]
[kg/jaar]
[kg/jaar]
Tractor met hulpstuk
960
100
55
0.9
33.3
14.4
47.7
Shovel
320
100
55
0.9
11.1
4.8
15.9
Bulldozer
960
100
55
0.9
33.3
14.4
47.7
Shovel
720
100
55
0.9
24.9
10.8
35.7
Graafmachine
960
200
69
0.8
74.2
28.8
103.0
Heistelling
640
300
69
1.0
93.1
28.8
121.9
Betonmixer
160
300
69
1.0
23.3
7.2
30.5
Telekraan
880
200
61
0.9
67.6
26.4
94.0
Heftruck
640
100
84
0.9
33.7
9.6
43.3
Hoogwerker
320
80
55
0.9
Activiteit / werktuig Kavel bouwrijp maken
Bouwwerkzaamheden
TOTAAL
3.2
6
8.9
3.8
12.7
403.4
149.0
552.4
Vrijstelling bouwwerkzaamheden in nieuwe stikstofwet?
Op 9 maart 2021 heeft, na de Tweede kamer, ook de Eerste Kamer het nieuwe Wetsvoorstel stikstofreductie en natuurverbetering (Wsn) aangenomen. Een van de onderdelen van deze nieuwe wet is een vrijstelling van de natuurvergunningplicht voor het aspect stikstofdepositie voor tijdelijke (bouw)werkzaamheden.
4
Rapport titel “Onderbouwing AERIUS emissiefactoren voor wegverkeer, mobiele werktuigen, binnenvaart en zeevaart” met bijbehorend Excel bestand TNO_getallen_voor_AERIUS_2020v3_mobiele_werktuigen.xslx EF: emissiefactor. Dit is inclusief TAF-factor die corrigeert voor de wisselende belasting van de werktuigen in praktijkomstandigheden 6 Werkzaamheden die hierbij zijn meegenomen zijn: graafwerkzaamheden voor aanleg kabels en leidingen, fundering graven en storten, heien, betonnen constructie plaatsen, dak plaatsen, verplaatsen materiaal op bouwplaats 5
7/19
Kenmerk
R001-1281406VLU-V01-aqb-NL
De nieuwe stikstofwet zal ondernemers uiteindelijk meer perspectief bieden, maar voor het zover is moet zowel de inwerkingtreding van de wet als de vaststelling van bijbehorende algemene maatregelen van bestuur (amvb’s) nog plaatsvinden. Dat kan mogelijk nog enkele maanden op zich laten wachten. Voor welke activiteiten geldt deze vrijstelling? In het wetsvoorstel staat aangegeven dat de vrijstelling geldt voor: • •
Het verrichten van een bouwactiviteit of een sloopactiviteit die het feitelijk verrichten van bouw- of sloopwerkzaamheden aan een bouwwerk betreft Het aanleggen, wijzigen of opruimen van een werk
De vrijstelling omvat ook de vervoersbewegingen die samenhangen met de werkzaamheden, zoals aan- en afvoer van bouwmaterialen en bouw- en sloopafval, transport van werknemers en werktuigen van en naar de bouwplaats en de emissies van werktuigen op de bouwplaats (aggregaten, bouwmachines, baggervoertuigen et cetera). De vrijstelling geldt alleen voor tijdelijke stikstofemissies en niet voor structurele stikstofemissies in de gebruiksfase van het bouwwerk of werk, als gevolg van bijvoorbeeld bewoning, gebruik van een gebouw, of verkeer dat over een weg rijdt. Dit maakt de vrijstelling partieel, evenals het feit dat de vrijstelling alleen geldt voor de gevolgen van stikstofdepositie (en niet voor bijvoorbeeld geluid- of lichtverstoring). De partiële vrijstelling houdt in dat de tijdelijke toename van stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden, die veroorzaakt worden door deze tijdelijk activiteiten of werkzaamheden, buiten beschouwing worden gelaten bij de natuurvergunning. De vrijstelling geldt dus niet alleen voor de bouw en sloop van woningen, utiliteitsgebouwen en andere bouwwerken (zoals bruggen en viaducten) maar ook voor aanlegactiviteiten van andere ‘werken’, zoals voor wegen, rioleringen, leidingen, waterkeringen, duurzame energieopwekking en energie-infrastructuur.
Juridische houdbaarheid De afgelopen jaren is vaak discussie geweest over de juridische haalbaarheid van een drempelwaarde of partiele vrijstelling. De Afdeling advisering van de Raad van State heeft zich eerder hierover kritisch uitgelaten. Ongetwijfeld zal deze partiele vrijstelling in de rechtszaal aan de orde gaan komen. Pas dan weten we of de beoogde wijzigingen van dit wetsvoorstel voldoende invulling kan geven aan de vereisten van de Europese Habitatrichtlijn.
8/19
Kenmerk
R001-1281406VLU-V01-aqb-NL
4 Emissies en depositiebijdrage beoogde situatie Aangezien nog niet bekend is welke bedrijven zich op De Konkels-Zuid (fase 1) zullen vestigen, wordt uitgegaan van algemene kentallen voor NOx en NH3-emissies en de verkeersaantrekkende werking. Er is gebruik gemaakt van door TAUW opgestelde kentallen voor bedrijventerreinen, zie bijlage 8. De kentallen gelden voor de bruto oppervlaktes van bedrijventerreinen. Voor de verkeersgeneratie wordt uitgegaan van cijfers uit de CROW-publicatie 381 uit 2018: Kerncijfers parkeren en verkeersgeneratie. Er zijn verschillende scenario’s doorgerekend waarbij als volgt is gevarieerd met aansluiting op het gasnet en de inzet van (mobiele) werktuigen: 1. Bedrijventerrein geheel, voor de helft of helemaal niet aangesloten op het gasnet 2. Op het bedrijventerrein wordt gebruik gemaakt van diesel- en benzine aangedreven mobiele werktuigen of van elektrische mobiele werktuigen Dit levert een zestal scenario’s op welke in tabel 4.1 in een overzicht zijn gezet. In paragraaf 4.1 en 4.2 worden deze variabelen voor de scenario’s verder besproken, terwijl paragraaf 4.3 t/m 4.5 ingaan op de overige uitgangspunten, welke voor alle scenario’s gelijk zijn. Tabel 4.1 Stikstofdepositieberekeningen De Kronkels-Zuid bij verschillende scenario’s Bron
Scenario
Scenario
Scenario
Scenario
Scenario
Scenario
1
2
3
4
5
6
Aangesloten op gasnet
X
X
-
-
-
-
Helft aangesloten op gasnet
-
-
X
X
-
-
Niet aangesloten op gasnet
-
-
-
-
X
X
Mobiele werktuigen niet elektrisch
X
-
X
-
X
-
Mobiele werktuigen elektrisch
-
X
-
X
-
X
Het plangebied voor fase 1 is 12,04 hectare groot en bestaat voor een deel uit waterberging (zuidkant) en zones met beplanting (zuid- en oostkant). Het oppervlak aan uitgeefbare grond bedraagt 7,08 hectare.
4.1
Bedrijventerrein wel / niet aangesloten op het gasnet
Indien alle bedrijven op bedrijventerrein De Kronkels-Zuid fase 1 op het gasnet worden aangesloten zal er sprake zijn van NOx-emissies door gasstook, voor een aanzienlijk deel ten behoeve van verwarming. Voor de NOx-emissies wordt in dat geval het kental voor aangehouden voor ‘bedrijventerreinen -stationaire bronnen’ van 387 kg NOx/ha/jaar, voor beperkt energie-intensieve bedrijven 7. Deze emissie is voor beperkt energie-intensieve bedrijven vrijwel uitsluitend toe te schrijven aan de emissies ten gevolge van verbranding van gas.
7
Hieronder vallen alle typen bedrijven met uitzondering van de afvalverbrandingsinstallaties, elektriciteitsopwekking en raffinaderijen. Deze worden geclassificeerd als energie-intensieve bedrijven
9/19
Kenmerk
R001-1281406VLU-V01-aqb-NL
Wanneer bedrijventerrein De Kronkels-Zuid fase 1 niet op het gasnet wordt aangesloten zullen de panden op een alternatieve, duurzame manier en zonder verbrandingsprocessen (dus ook geen biogas) worden verwarmd. Er is geen kental voorhanden voor bedrijventerreinen die niet op het gasnet zijn aangesloten. NOx-emissies van bedrijventerreinen anders dan veroorzaakt door de verbranding van gas afkomstig uit het gasnet zullen echter zeer beperkt zijn 8 (los van de emissies van mobiele werktuigen, waarvoor een apart kental beschikbaar is, zie paragraaf 4.2) en het is gebruikelijk 9 dat voor gasloze bedrijventerreinen wordt uitgegaan van 0 kg NOx/ha. Ook in dit onderzoek gaan we uit van 0 kg NOx/ha in het scenario waarbij De Kronkels-Zuid niet op het gasnet wordt aangesloten. Voor De Kronkels-Zuid fase 1 wordt de volgende NOx-emissie aangehouden ten gevolge van gasstook: • 7,08 ha x 387 kg NOx/jaar = 2.740 kg NOx/jaar wanneer volledig aangesloten op het gasnet • •
3,54 ha x 387 kg NOx/jaar = 1.370 kg NOx/jaar wanneer voor de helft aangesloten op het gasnet 0 kg NOx/jaar wanneer niet aangesloten op het gasnet
De hier gebruikte kentallen zijn gebaseerd op het gebruik van ‘regulier’ Gronings aardgas. Wanneer biogas wordt gebruikt zal de NOx-emissie anders zijn, en afhankelijk van de specifieke samenstelling van het biogas. Dit vereist nader onderzoek. TNO-rapport 2014-R10584 geeft voor ketels in de glastuinbouw een NOx-emissie van 20 g/GJ tegenover 14 g/GJ voor aardgas. Daarmee lijkt het gebruik van biogas niet te resulteren in lagere NOx-emissies.
4.2
Inzet van mobiele werktuigen
Naast de emissies afkomstig van stationaire bronnen, kunnen er emissies zijn van benzine, diesel en LPG aangedreven (mobiele) werktuigen. Hiervoor wordt het kental van 23 kg NOx/ha/jaar aangehouden (zie bijlage 8 voor onderbouwing). Denk hierbij aan emissies door heftrucks, graafmachines, shovels, aggregaten et cetera. Wanneer alleen elektrisch aangedreven mobiele werktuigen zouden worden ingezet, is er geen sprake meer van NOx-emissies. Het gebruik van elektrisch aangedreven heftrucks bijvoorbeeld, is al gangbaar. Er worden ten aanzien van de inzet van mobiele werktuigen twee scenario’s aangehouden: 100 % inzet van benzine, diesel en LPG aangedreven werktuigen en 100 % inzet van elektrisch aangedreven werktuigen. Voor De Kronkels-Zuid fase 1 wordt de volgende NOx-emissie aangehouden ten gevolge van de inzet van mobiele werktuigen: • •
7,08 ha x 23 kg NOx/ha/jaar = 163 kg NOx/jaar wanneer alleen benzine, diesel en LPG aangedreven (mobiele) werktuigen worden ingezet 0 kg NOx/jaar wanneer alleen elektrische (mobiele) werktuigen worden ingezet
8
Te denken valt dan aan emissies van bedrijven die hun eigen afvalstoffen verbranden, de verbranding van gas uit flessen of het affakkelen van restgassen uit processen Deze aanpak wordt ook gehanteerd door andere ingenieurs- / adviesbureaus
9
10/19
Kenmerk
4.3
R001-1281406VLU-V01-aqb-NL
Ammoniakemissies
Voor ammoniak (NH3)-emissies is het algemeen kental van 19,5 kg NH3/ha/jaar beschikbaar (zie bijlage 8). NH3 deponeert snel en kan daarmee, ondanks de beperkte emissies in absolute zin, een belangrijke bijdrage leveren aan de stikstofdepositie. Wanneer op voorhand bekend is dat bepaalde bedrijfssectoren welke NH3 emitteren zich niet op het bedrijventerrein gaan vestigen kan het kental voor NH3 daarmee naar beneden worden bijgesteld. In tabel 4.2 zijn alleen die regels niet doorgehaald waarvan de gemeente Bunschoten heeft aangegeven dat bedrijven in deze sectoren zich mogelijk op De Kronkels-Zuid fase 1 gaan vestigen. Bedrijven met NH3-emissies die zich mogelijk De Kronkels-Zuid fase 1 kunnen gaan vestigen beperken zich tot bedrijven uit de voedings- en genotmiddelenindustrie. Het betreft grote industriële fabrieken welke cacao, suiker, zuivel of bier produceren, zie bijlage 9. We gaan er vanuit dat soortelijke fabrieken zich niet op De Kronkels-Zuid gaan vestigen. In de stikstofdepositie-berekeningen gaan we daarom uit van een NH3-emissie van 0 NH3/ha/jaar. Voorwaarde hiervoor is, dat als een bedrijf dat op industriële schaal cacao, suiker, zuivel of bier produceert zich aanmeldt voor De Kronkels-Zuid fase 1, de gemeente moet informeren of dit bedrijf ook NH3 zal emitteren. Als dit het geval is zal dit bedrijf zelf een Wnbvergunningsprocedure moeten doorlopen.
Tabel 4.2 NH3 emissies (ton) door bedrijven in 2015 in Nederland (doorgehaald zijn de (sub)sectoren welke zich sowieso niet op Kronkels Zuid fase 1 zullen vestigen) Sector
Subsector
Afvalverwijdering
gft-en groenafvalverwerking
SBI-code
ton NH3/jaar
-
219,8
Afvalverwijdering Afvalverwijdering
AVI’s
38.2
69,0
Overige
38.3
3,2
Chemische industrie Energiesector
(alle subsectoren)
20
563,9
(alle subsectoren)
35
20,9
Overige industrie
Bouwmaterialenindustrie
23
309,5
Overige industrie
Basismetaal
24
31,5
Overige industrie
Voedings- en genotmiddelenindustrie
10
406,8
Overige industrie
Textiel- en tapijtindustrie
13
7,1
Overige industrie
Metaalelektro
25
2,5
Overige industrie
Papier(waren)
17
5,7
Totaal alle sectoren
1640,0
Totaal Kronkels Zuid
409,3
4.4
Verkeersgeneratie
Het extra verkeer (de verkeersgeneratie) ten gevolge van de uitbreiding van het bedrijventerrein De Kronkels-Zuid is overgenomen uit de concept Mobiliteitstoets Kronkels-Zuid Bunschoten (BRO, 2018), en is bepaald op basis van CROW-publicatie 381 (Kencijfers parkeren en verkeersgeneratie, uitgave december 2018). Aangenomen is dat de verkeersgeneratie van fase 1 de helft bedraagt van de totale verkeersgeneratie wanneer fase 1 en fase 2 gerealiseerd zijn.
11/19
Kenmerk
R001-1281406VLU-V01-aqb-NL
Het extra verkeer wordt conform de werkwijze voor AERIUS-berekeningen meegenomen vanaf het terrein totdat het opgaat in het heersend verkeersbeeld. Dit is tot aan de eerste kruising van de ontsluitingsweg / -wegen van de uitbreiding van een terrein. Voor De Kronkels-Zuid fase 1 is alleen de verkeersgeneratie in de berekeningen meegenomen op het terrein zelf, totdat het verkeer de Bisschopsweg (N414) of de Amersfoortseweg (N199) oprijdt. Het verkeer is gemodelleerd met 60 % afwikkeling via de noordelijke ontsluiting en 40 % via de oostelijke ontsluiting (bron: concept mobiliteitstoets, BRO, 2018). Het rekenbereik van de SRM2 rekenmethode voor wegverkeer, welke in AERIUS is opgenomen, bedraagt 5 km. Dit betekent dat op afstanden groter dan 5 km geen bijdrage van het wegverkeer wordt berekend. Dit geldt ook voor De Kronkels-Zuid aangezien het bedrijventerrein op een veel grote afstand (circa 17 km) is gelegen van stikstof gevoelige natuur in Natura 2000-gebied. De hoeveelheid extra verkeer (de verkeersgeneratie) heeft dus uiteindelijk voor De Kronkels-Zuid geen effect op de AERIUS uitkomsten. Modellering wegverkeer De emissies afkomstig van verkeer worden door AERIUS zelf berekend. Deze emissie is afhankelijk van het voertuigtype 10 (personenauto’s, middelzwaar of zwaar vrachtverkeer), het aantal bewegingen per etmaal, het wegtype, de rijafstand en de mate van stagnatie.
Voor het wegtype is in de modellering aanhouden: ‘binnen bebouwde kom’.
4.5
Overige kenmerken bedrijventerreinen Naast de NOx en NH3-emissies van stationaire bronnen en mobiele werktuigen op bedrijventerreinen zijn de emissiehoogte en de warmte-inhoud van invloed op de rekenresultaten. Voor de emissiehoogte is het volgende aangehouden (zie ook bijlage 8): 1. Hanteer in de modelberekening voor de uitstoothoogte ten gevolge van gasstook de helft van 2.
de maximale bouwhoogte, en Hanteer voor de spreiding eveneens de helft van de maximale bouwhoogte. De spreiding geeft de mate aan waarin de uitstoothoogte kan afwijken van de ingevoerde uitstoothoogte. De maximale bouwhoogte voor De Kronkels-Zuid fase 1 bedraagt 20 meter
Voor de warmte-inhoud zijn in AERIUS default-waarden beschikbaar voor bepaalde sectoren. De gemiddelde warmte-inhoud over alle subsectoren in de sector Industrie bedraagt 0,25 MW. Voor ‘industrie overig’ wordt als default warmte-inhoud 0,28 MW gegeven. Deze default-waarden hebben betrekking op industrieën met productieprocessen waarbij verbrandingsgassen vrijkomen uit schoorstenen. De beoogde activiteiten op De Kronkels-Zuid zijn aanzienlijk minder energie-intensief en NOx-emissies (indien het terrein op het gasnet aangesloten is) zullen voor een belangrijk deel optreden ten gevolge van gasstook voor verwarming. In dat geval is het gebruikelijk zonder warmte-inhoud (0 MW) te rekenen. Het rekenen zonder warmte-inhoud (0 MW) is een worstcase benadering. De berekenende depositie is dan hoger (zowel dichtbij als ver weg van de bron) dan wanneer met een bepaalde warmte-inhoud wordt gerekend.
10
In AERIUS zijn steeds de meest recente emissiekentallen voor wegverkeer geïmplementeerd, voor de zichtjaren 2014 t/m 2030
12/19
Kenmerk
R001-1281406VLU-V01-aqb-NL
De emissies van mobiele werktuigen zijn als aparte bron in de berekeningen opgenomen. De emissiehoogte is 4 meter en de warmte-inhoud 0 MW. Dit zijn de default waarden in AERIUS voor mobiele werktuigen. De Instructie gegevensinvoer AERIUS Calculator geeft het advies om de default spreiding (4 meter) aan te passen naar de helft van de uitstoothoogte. De ingevoerde spreiding is daarmee 2 meter.
4.6
Berekende emissies en depositiebijdrage
Tabel 4.3 geeft een overzicht van de zes doorgerekende scenario’s (paragraaf 4.1 t/m 4.5) en het variabele deel van de NOx-emissies per scenario. Tabel 4.4 geeft de NOx en NH3-emissies die voor alle scenario’s gelijk zijn. Met AERIUS versie 2020 is vervolgens per scenario de toename in stikstofdepositie berekend. Het resultaat wordt gegeven in tabel 4.5. Tabel 4.3 NOx-emissies De Kronkels-Zuid bij verschillende scenario’s Bron
Scenario
Scenario
Scenario
Scenario
Scenario
Scenario
1
2
3
4
5
6
Aangesloten op gasnet
2.740
2.740
-
-
-
-
Helft aangesloten op gasnet
-
-
1.370
1.370
-
-
Niet aangesloten op gasnet
-
-
-
-
0
0
Mobiele werktuigen niet elektrisch
163
-
163
-
163
-
Mobiele werktuigen elektrisch
-
0
-
0
-
0
NOx-emissie (kg/jaar)
2.903
2.740
1.533
1.370
163
0
Tabel 4.4 Overige emissies, gelijk voor elk van de vier scenario’s Bron
Emissie
Ammoniakemissies bedrijventerrein
0 kg NH3/jaar
NOx-emissies verkeersgeneratie
183,8 kg NOx/jaar
Ammoniakemissies verkeersgeneratie
5.4 kg NH3/jaar
Tabel 4.5 Met AERIUS-versie 2020 berekende maximale toename in stikstofdepositie Scenario
Maximale toename in
Oppervlakte waarbij
stikstofdepositie
maximale toename = 0,00 mol/ha/jaar
Scenario 1 (gas & werktuigen fossiel)
0,03 mol/ha/jaar
1,4 ha
Scenario 2 (gas & werktuigen elektrisch)
0,02 mol/ha/jaar
1.5 ha
Scenario 3 (½ gas & werktuigen fossiel)
0,01 mol/ha/jaar
2,7 ha
Scenario 4 (½ gas & werktuigen elektrisch)
0,01 mol/ha/jaar
3,0 ha
Scenario 5 (gasloos & werktuigen fossiel)
0,00 mol/ha/jaar
hele plangebied
Scenario 6 (gasloos & werktuigen elektrisch)
0,00 mol/ha/jaar
hele plangebied
Wanneer De Kronkels-Zuid fase 1 (met 7,08 hectare uitgeefbaar terrein) in het geheel niet op het gasnet wordt aangesloten, wordt een bijdrage van 0,00 mol/ha/jaar berekend op Natura 2000-gebied Veluwe en kunnen significant negatieve effecten op Natura 2000-gebieden worden uitgesloten.
13/19
Kenmerk
R001-1281406VLU-V01-aqb-NL
Wanneer het bedrijventerrein deels op het gasnet wordt aangesloten kunnen effecten niet worden uitgesloten en wordt een bijdrage > 0,00 mol/ha/jaar berekend. In hoofdstuk 5 is berekend wat de effecten zijn van het intern salderen met weidegrond (bemesting) welke uit productie wordt genomen bij realisatie van het bedrijventerrein. Voor scenario 1 t/m 4 is berekend wat de maximale oppervlakte aan uitgeefbaar terrein is dat kan worden gerealiseerd en waarbij de toename in stikstofdepositie niet meer dan 0,00 mol/ha/jaar bedraagt, zie tabel 4.5. Deze oppervlaktes zijn relatief beperkt wanneer afgezet tegen de ambitie om 7,08 hectare aan uitgeefbaar terrein te realiseren.
5 Salderen met weidegrond Wanneer voor een beoogd bedrijventerreinen een bestemmingsplan in procedure wordt gebracht en de gronden in het plangebied thans feitelijk planologisch legaal in gebruik zijn voor beweiding en/of bemesting, mag het verdwijnen daarvan in de ecologische (plan)toets worden betrokken. De huidige jurisprudentie stelt niet als vereiste dat ook in dat geval is vereist dat er voor die beweiding en/of bemesting een Wnb-vergunning is verkregen. Omdat er sprake is van interne saldering hoeft er vanwege stikstofdepositie geen passende beoordeling te worden verricht en hoeft er uit hoofde van art. 7.2a lid 1 Wm geen plan-MER te worden gemaakt. Als er in het (bestemmingsplan)traject is gesaldeerd, mag diezelfde saldering ook worden ingezet in het projectspoor. Aldus is ook verankerd in art. 7 van de beleidsregels intern en extern salderen van de provincie Gelderland. Het bestemmingsplantraject staat overigens los van het Wnb-projectspoor, in die zin dat een eventuele Wnb-vergunning niet eerder benodigd is dan op het moment waarop de uitvoering van het bestemmingsplan ter hand wordt genomen. Door de realisatie van bedrijventerrein De Kronkels-Zuid fase 1 wordt 11,2 hectare weidegrond op veen uit productie genomen, zie figuur 5.1.
Het verdwijnen van deze 11,2 hectare aan weidegronden is het rechtstreekse, onlosmakelijke (positieve) gevolg van de realisatie van bedrijventerrein De Kronkels-Zuid fase 1.
14/19
Kenmerk
R001-1281406VLU-V01-aqb-NL
Figuur 5.1 Weidegrond welke verdwijnt door de realisatie van De Kronkels-Zuid fase 1
15/19
Kenmerk
R001-1281406VLU-V01-aqb-NL
Het is bij de opdrachtgever momenteel niet bekend of bemesting plaatsvindt op deze weidegronden. Op in ieder geval een deel van de percelen is sprake van beweiding door koeien en schapen. Aangezien over het huidige gebruik van de weidegrond weinig details bekend zijn, is berekend wat het effect is op de stikstofdepositie ten gevolge van het bemesten van de uit productie te nemen weidegronden (emissies ten gevolge van beweiding mogen niet worden ingezet voor interne saldering). De website van BIJ12 geeft onder veelgestelde vragen bij het onderwerp ‘Salderen’ informatie over “Hoe saldeer ik met een uit productie genomen bemest perceel?” 11. Hier kan een kaart worden geraadpleegd met mestdeelgebieden 12. Per gebied is een NH3-emissiekental gegeven ten gevolge van bemesting gegeven in kg/ha/jaar. De kentallen zijn afgeleid van de INITIATOR-data van RIVM. Uitgebreide informatie over INITIATOR-data en rekenmethodes wordt gegeven in de rapportage “Ruimtelijke allocatie van mesttoediening en ammoniakemissie, WUR, Kros et al. April 2019). De NH3-emissie voor het gebied waarin De Kronkels is gelegen bedraagt volgens deze bron 35,44 kg/ha/jaar.
Wil bemesten worden ingezet als bron voor interen saldering dan zal de initiatiefnemer/gemeente wel moeten aantonen dat de percelen in de referentiesituatie (huidige situatie) legaal bemest kunnen worden op grond van de meststoffenregelgeving en het bestemmingsplan. Tijdens de uitvoering van het eerdere stikstofdepositie-onderzoek (juni 2020) waren de hierboven genoemde kentallen nog niet op de website van BIJ12 beschikbaar en is uitgegaan van een andere benadering om de NH3-emissie ten gevolge van bemesting vast te stellen. Deze luidde als volgt: • Voor het bemesten wordt als uitgangpunt gebruikt dat in Nederland jaarlijks maximaal 170 kg stikstof uit dierlijke mest per hectare mag worden opgebracht 13. Niet alle toegediende stikstof zal echter emitteren naar de lucht. Dit is afhankelijk van de totale hoeveelheid ammoniakale stikstof (TAN) in de mest. Vervolgens moet rekening worden gehouden met een
•
vervluchtigingspercentage om uiteindelijk tot een emissie door bemesting te komen. In tabel 5.1 wordt de berekening gegeven voor de NH3-emissie ten gevolge van bemesten Ten aanzien van parameter E: Er is uitgegaan van het meest behoudende uitgangspunt dat het vervluchtigingspercentage 19 % bedraagt, op basis van de zodebemesting. Bovengronds uitrijden van de mest zou leiden tot een veel hogere emissie.
De twee methodes geven een verschillende NH3-emissie ten gevolge van bemesting: 35,4 versus 18,8 kg NH3/jaar. In de berekeningen met AERIUS, waarbij intern gesaldeerd wordt met het wegvallen van emissies door bemesting, is derhalve gerekend met de gemiddelde van de twee kentallen, zijnde 27,1 kg NH3/jaar.
11 12 13
https://www.bij12.nl/onderwerpen/stikstof-en-natura2000/veelgestelde-vragen/ https://www.bij12.nl/emissie-bemesting Zie https://www.rvo.nl/onderwerpen/agrarisch-ondernemen/mestbeleid/mest/gebruiksnormen/dierlijke-mest
16/19
Kenmerk
R001-1281406VLU-V01-aqb-NL
De berekende hoeveelheid NH3-emissie door bemesten op de weidegronden van het toekomstige bedrijventerrein De Kronkels-Zuid fase 1 komt daarmee op 11,2 hectare x 27,1 kg NH3/jaar = 303,5 kg NH3/jaar. Tabel 5.1 Alternatieve berekening NH3-emissie ten gevolge van bemesting en beweiding (methode uit rapport juni 2020) Parameter
Kental
Cijfer voor
A
Kg N/ha uit dierlijke mest
170
B
Kg N/ha door beweiding op grasland (gemiddelde)
60
Formule
grasland op veen
C
% ammoniakale N uit te rijden mest (TAN)
48%
(WUR: Velthof) D
Kg NH3/ha.jr door bemesting
99.1
A * C * (17/14)
(omrekening van N naar NH3) E
Vervluchtigingspercentage 2018/2019 grasland o.b.v.
19%
zodebemesting (WUR: Velthof) Totaal NH3/ha.jr door bemesting
18.8
D*E
(uit te rijden dierlijke mest)
In scenario’s 1 en 2, waarbij het terrein geheel op het gasnet wordt aangesloten, wordt de stikstofdepositie ten gevolge van het bedrijventerrein net niet gecompenseerd door het wegvallen van stikstofdepositie door bemesting. Er wordt voor deze scenario’s nog een toename berekend van 0,01 mol/ha/jaar op enkele omliggende Natura 2000-gebieden. Wanneer de helft van het bedrijventerrein op gasnet wordt aangesloten (scenario 3 en 4) dan wordt de stikstofdepositie ten gevolge van het bedrijventerrein wel volledig gecompenseerd door het wegvallen van stikstofdepositie door bemesting. Om netto (na intern salderen met bemesting) uit te komen op 0,00 mol/ha/jaar kan maximaal 76 % van het uitgeefbaar terrein op het gasnet aangesloten zijn. Dit is 5,4 hectare en geldt wanneer op het bedrijventerrein geen gebruik wordt gemaakt van diesel- en benzine aangedreven mobiele werktuigen. Wanneer dit wel het geval is dan kan maximaal 72 % van het uitgeefbaar terrein op het gasnet aangesloten zijn. Dit is 5,1 hectare. De genoemde oppervlaktes van 5,4 en 5,1 hectare betreffen dus het netto oppervlakten, oftewel het aantal hectares uitgeefbaar terrein. Dit zijn de kavels waarop de bedrijven gerealiseerd worden. Het bruto oppervlak is inclusief wegen, openbare ruimte, groen et cetera. Het beoogde bruto oppervalk van De Kronkels-Zuid fase 1 bedraagt 12,04 ha.
Een bij de netto oppervlaktes van 5,4 en 5,1 hectare behorende bruto oppervlakte kan niet worden gegeven; dit mag iedere oppervlakte zijn aangezien wegen, openbare ruimte, groen et cetera in de gebruiksfase geen NOx of NH3 emitteren.
17/19
Kenmerk
R001-1281406VLU-V01-aqb-NL
6 Conclusie De gemeente Bunschoten wil bedrijventerrein De Kronkels-Zuid fase 1 realiseren, met 7,08 hectare uitgeefbaar terrein. Met meerdere scenario’s is onderzocht is wat de bijdrage aan de stikstofdepositie op omliggende Natura 2000-gebieden kan zijn ten gevolge van NOx en NH3-emissies van het bedrijventerrein. Aangezien nog niet bekend is welke bedrijven zich op De Konkels-Zuid fase 1 zullen vestigen is uitgegaan van algemene emissiekentallen en kentallen voor de verkeersgeneratie. De conclusies voor de realisatiefase en de gebruiksfase worden hieronder gegeven. Realisatiefase Op basis van worstcase uitgangspunten voor de realisatiefase kan gesteld worden dat per jaar minimaal 16.000 m2 BVO aan bedrijfspanden gerealiseerd kan worden alvorens een stikstofdepositiebijdrage van meer dan 0,00 mol/ha/jaar wordt berekend, waarboven potentieel significant negatieve effecten op Natura 2000-gebieden niet kunnen worden uitgesloten. Met de inwerkingtreding van de nieuwe stikstofwet (naar verwachting medio 2021) worden deze bouwwerkzaamheden waarschijnlijk vrijgesteld van natuurvergunningsplicht voor het aspect stikstofdepositie.
Gebruiksfase Om potentieel significant negatieve effecten op Natura 2000-gebieden op voorhand uit te kunnen sluiten is vereist dat niet meer 5,4 hectare 14 van de 7,1 hectare aan uitgeefbaar terrein 15 van het beoogde bedrijventerrein De Kronkels-Zuid fase 1 op het gasnet wordt aangesloten. In dat geval worden de stikstofemissies van het bedrijventerrein volledig gecompenseerd door het wegvallen van stikstofdepositie door bemesting; waarbij dus wordt aangenomen dat bemesting daadwerkelijk plaatsvindt in de huidige situatie. Wanneer het gewenst is om een groter deel van het bedrijventerrein op het gasnet aan te sluiten, kan in een ecologische of passende beoordeling kan onderzocht worden of de natuurlijke kenmerken van de Natura 2000-gebieden, waarop een depositiebijdrage wordt berekend, daadwerkelijk aangetast worden. Wanneer het bedrijventerrein geheel gasloos wordt aangelegd kunnen potentieel significant negatieve effecten op Natura 2000-gebieden op voorhand worden uitgesloten (de depositiebijdrage is dan 0,00 mol/ha/jaar), ook zonder saldering met weidegrond (bemesting).
14
Geldt wanneer op het bedrijventerrein uitsluitend gebruik wordt gemaakt van elektrische mobiele werktuigen. Indien op het bedrijventerrein uitsluitend gebruik wordt gemaakt van diesel- en benzine aangedreven mobiele werktuigen is dit oppervlak 5,1 hectare 15 Dit is hetzelfde als het netto oppervlak. Het bijbehorend bruto oppervlak doet niet ter zake, zie laatste alinea van hoofdstuk 5
18/19
Kenmerk
R001-1281406VLU-V01-aqb-NL
Voor fase 2 van bedrijventerrein De Kronkels-Zuid zal een vergelijkbare conclusie gelden aangezien de oppervlaktes aan uitgeefbaar terrein (6,52 voor fase 2 versus 7,08 hectare voor fase 1) en de oppervlakte aan weidegrond dat uit productie wordt gehaald (11,4 voor fase 2 versus 11,2 hectare voor fase 1) vergelijkbaar zijn met die oppervlaktes voor fase 1.
19/19
Kenmerk
Bijlage 1
R001-1281406VLU-V01-aqb-NL
AERIUS-berekening scenario 1 inclusief saldering met weidegrond
Dit document bevat rekenresultaten van AERIUS Calculator. Het betreft de hoogst berekende stikstofbijdragen per stikstofgevoelig Natura 2000-gebied, op basis van rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant. De berekening op basis van stikstofemissies gaat uit van de componenten ammoniak (NH3) en/of stikstofoxide (NOx). Wilt u verder rekenen of gegevens wijzigen? Importeer de pdf dan in Calculator. Voor meer toelichting verwijzen wij u naar de website www.aerius.nl.
Berekening bemesting en beoogd Kenmerken Samenvatting emissies Depositieresultaten Gedetailleerde emissiegegevens
Verdere toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: https://www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers. Rmrdi4Qa3oXz (13 april 2021) pagina 1/14
Resultaten
Contact
Activiteit
Rechtspersoon
Inrichtingslocatie
gemeente Bunschoten
-, - Bunschoten
Omschrijving
AERIUS kenmerk
De Kronkels Zuid fase 1
Rmrdi4Qa3oXz
Datum berekening
Rekenjaar
Rekenconfiguratie
13 april 2021, 10:31
2021
Berekend voor natuurgebieden
Totale emissie
Situatie 1
Situatie 2
Verschil
NOx
-
3.086,75 kg/j
3.086,75 kg/j
NH3
303,50 kg/j
5,85 kg/j
-297,65 kg/j
Resultaten
Natuurgebied
Verschil
Hectare met hoogste verschil (mol/ha/j)
Naardermeer
+ 0,01
Toelichting
Resultaten
ontwikkeling nieuw bedrijventerrein De Kronkels Zuid scenario 1 (gas + werktuigen fossiel) met salderen met weidegrond (bemesting)
bemesting beoogd
Rmrdi4Qa3oXz (13 april 2021) pagina 2/14
Resultaten
Locatie bemesting
Emissie bemesting
Bron Sector
bemesting Landbouwgrond | Mestaanwending
Resultaten
bemesting beoogd
Emissie NH3
Emissie NOx
303,50 kg/j
-
Rmrdi4Qa3oXz (13 april 2021) pagina 3/14
Resultaten
Locatie beoogd
Emissie beoogd
Resultaten
Bron Sector
bemesting beoogd
Emissie NH3
Emissie NOx
mobiele werktuigen Mobiele werktuigen | Bouw en Industrie
< 1 kg/j
163,00 kg/j
verkeersgeneratie noord Wegverkeer | Binnen bebouwde kom
3,87 kg/j
132,91 kg/j
verkeersgeneratie oost Wegverkeer | Binnen bebouwde kom
1,48 kg/j
50,84 kg/j
gasstook NOx Industrie | Overig
-
2.740,00 kg/j
NH3 emissies Industrie | Overig
-
-
Rmrdi4Qa3oXz (13 april 2021) pagina 4/14
Resultaten
Resultaten stikstof gevoelige Natura 2000 gebieden
Natuurgebied
Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil
Naardermeer
0,01
0,01
+ 0,01
Veluwe
0,01
0,02
+ 0,01
Oostelijke Vechtplassen
0,01
0,01
+ 0,01
Kolland & Overlangbroek
0,00
0,01
+ 0,01
Rijntakken
0,00
0,01
0,00
Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*
(mol/ha/j)
*
Resultaten
Als de hoogste depositietoename plaatsvindt op een hexagoon waar géén sprake is van een (naderende) stikstofoverbelasting, dan is de hoogste toename op een hexagoon met wel een (naderende) stikstofoverbelasting in deze kolom weergegeven.
bemesting beoogd
Rmrdi4Qa3oXz (13 april 2021) pagina 5/14
Resultaten
Resultaten per habitattype
Naardermeer Habitattype
(mol/ha/j) voor de 10 stikstofgevoelige Natura 2000gebieden met het hoogste resultaat
Resultaten
Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil
Lg05 Grote-zeggenmoeras
0,01
0,01
+ 0,01
H91D0 Hoogveenbossen
0,00
0,01
+ 0,01
H3150baz Meren met krabbenscheer en fonteinkruiden, buiten afgesloten zeearmen
0,00
0,01
+ 0,01
H7140B Overgangs- en trilvenen (veenmosrietlanden)
0,01
0,01
+ 0,01
H7140A Overgangs- en trilvenen (trilvenen)
0,01
0,01
+ 0,01
H3140lv Kranswierwateren, in laagveengebieden
0,00
0,01
+ 0,01
H6410 Blauwgraslanden
0,00
0,01
+ 0,01
H9999:94 Habitattype onbekend/onzeker KDW op basis meest kritische relevante type (H7140B).
0,01
0,01
+ 0,01
ZGH7140B Overgangs- en trilvenen (veenmosrietlanden)
0,00
0,01
+ 0,01
ZGH3150baz Meren met krabbenscheer en fonteinkruiden, buiten afgesloten zeearmen
0,01
0,01
+ 0,01
H4010B Vochtige heiden (laagveengebied)
0,00
0,01
0,00
bemesting beoogd
Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*
Rmrdi4Qa3oXz (13 april 2021) pagina 6/14
Resultaten
Veluwe Habitattype
Resultaten
Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil
ZGLg13 Bos van arme zandgronden
0,01
0,02
+ 0,01
ZGLg14 Eiken- en beukenbos van lemige zandgronden
0,01
0,02
+ 0,01
Lg13 Bos van arme zandgronden
0,01
0,02
+ 0,01
Lg14 Eiken- en beukenbos van lemige zandgronden
0,02
0,02
+ 0,01
ZGL4030 Droge heiden
0,01
0,02
+ 0,01
H9190 Oude eikenbossen
0,02
0,02
+ 0,01
H2310 Stuifzandheiden met struikhei
0,00
0,01
+ 0,01
H4030 Droge heiden
0,01
0,02
+ 0,01
ZGH2310 Stuifzandheiden met struikhei
0,01
0,01
+ 0,01
H9120 Beuken-eikenbossen met hulst
0,02
0,02
+ 0,01
L4030 Droge heiden
0,01
0,02
+ 0,01
H2330 Zandverstuivingen
0,00
0,01
+ 0,01
Lg09 Droog struisgrasland
0,00
0,01
+ 0,01
ZGH9120 Beuken-eikenbossen met hulst
0,01
0,02
+ 0,01
ZGH2330 Zandverstuivingen
0,00
0,01
+ 0,01
ZGLg09 Droog struisgrasland
0,00
0,01
+ 0,01
H3160 Zure vennen
0,01
0,01
0,00
H5130 Jeneverbesstruwelen
0,01
0,01
0,00
H4010A Vochtige heiden (hogere zandgronden)
0,01
0,01
0,00
bemesting beoogd
Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*
Rmrdi4Qa3oXz (13 april 2021) pagina 7/14
Resultaten
Veluwe Habitattype
Resultaten
Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil
ZGLg01 Permanente bron & Langzaam stromende bovenloop
0,01
0,01
0,00
H6230 Heischrale graslanden
0,01
0,01
0,00
H91E0C Vochtige alluviale bossen (beekbegeleidende bossen)
0,01
0,01
0,00
Lg01 Permanente bron & Langzaam stromende bovenloop
0,01
0,01
0,00
ZGH3130 Zwakgebufferde vennen
0,00
0,01
0,00
H7150 Pioniervegetaties met snavelbiezen
0,01
0,01
0,00
H3130 Zwakgebufferde vennen
0,01
0,01
0,00
ZGH4030 Droge heiden
0,00
0,01
0,00
ZGH9190 Oude eikenbossen
0,01
0,01
0,00
ZGH6230 Heischrale graslanden
0,00
0,01
0,00
H7110B Actieve hoogvenen (heideveentjes)
0,01
0,01
0,00
H2320 Binnenlandse kraaiheibegroeiingen
0,01
0,01
0,00
H6410 Blauwgraslanden
0,01
0,01
0,00
ZGH4010A Vochtige heiden (hogere zandgronden)
0,01
0,01
0,00
bemesting beoogd
Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*
Rmrdi4Qa3oXz (13 april 2021) pagina 8/14
Resultaten
Oostelijke Vechtplassen Habitattype
Resultaten
Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil
H91D0 Hoogveenbossen
0,01
0,01
+ 0,01
ZGH3150 Meren met krabbenscheer en fonteinkruiden, buiten afgesloten zeearmen
0,01
0,01
+ 0,01
H3140 Kranswierwateren
0,00
0,01
+ 0,01
H3150 Meren met krabbenscheer en fonteinkruiden, 0,01 buiten afgesloten zeearmen
0,01
+ 0,01
H7140B Overgangs- en trilvenen (veenmosrietlanden)
0,01
0,01
+ 0,01
H7140A Overgangs- en trilvenen (trilvenen)
0,00
0,01
+ 0,01
ZGH3140 Kranswierwateren
0,00
0,01
+ 0,01
H6410 Blauwgraslanden
0,00
0,01
+ 0,01
ZGH91D0 Hoogveenbossen
0,00
0,01
+ 0,01
H9999:95 Habitattype onbekend/onzeker KDW op basis meest kritische relevante type (H7140B).
0,00
0,01
+ 0,01
H7210 Galigaanmoerassen
0,00
0,01
+ 0,01
ZGH7140B Overgangs- en trilvenen (veenmosrietlanden)
0,00
0,01
+ 0,01
H4010B Vochtige heiden (laagveengebied)
0,00
0,01
+ 0,01
bemesting beoogd
Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*
Rmrdi4Qa3oXz (13 april 2021) pagina 9/14
Resultaten
Kolland & Overlangbroek Habitattype
H91E0C Vochtige alluviale bossen (beekbegeleidende bossen)
Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil
0,00
0,01
Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*
+ 0,01
Rijntakken Habitattype
H91F0 Droge hardhoutooibossen
0,00
0,01
0,00
ZGLg11 Kamgrasweide & Bloemrijk weidevogelgrasland van het rivieren- en zeekleigebied
0,00
0,01
0,00
Lg07 Dotterbloemgrasland van veen en klei
0,00
0,01
0,00
H91E0B Vochtige alluviale bossen (esseniepenbossen)
0,00
0,01
0,00
*
Resultaten
Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil
Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*
Als de hoogste depositietoename plaatsvindt op een hexagoon waar géén sprake is van een (naderende) stikstofoverbelasting, dan is de hoogste toename op een hexagoon met wel een (naderende) stikstofoverbelasting in deze kolom weergegeven.
bemesting beoogd
Rmrdi4Qa3oXz (13 april 2021) pagina 10/14
Resultaten
Emissie (per bron)
Naam Locatie (X,Y)
bemesting
Uitstoothoogte Oppervlakte Spreiding Warmteinhoud Temporele variatie NH3
Resultaten
bemesting beoogd
bemesting 153569, 470800 0,5 m 11,2 ha 0,3 m 0,000 MW Meststoffen 303,50 kg/j
Rmrdi4Qa3oXz (13 april 2021) pagina 11/14
Resultaten
Emissie (per bron)
mobiele werktuigen 153563, 470874 163,00 kg/j < 1 kg/j
Naam Locatie (X,Y)
beoogd
NOx NH3
Voertuig
Omschrijving
AFW
mobiele werktuigen
Uitstoot hoogte (m)
Spreiding (m)
Warmte Stof inhoud (MW)
Emissie
4,0
2,0
0,0 NOx NH3
163,00 kg/j < 1 kg/j
Naam Locatie (X,Y) NOx NH3
Resultaten
verkeersgeneratie noord 153465, 470888 132,91 kg/j 3,87 kg/j
Soort
Voertuig
Aantal voertuigen Stof
Emissie
Standaard
Licht verkeer
538,0 / etmaal NOx NH3
33,60 kg/j 2,25 kg/j
Standaard
Middelzwaar vrachtverkeer
57,0 / etmaal NOx NH3
30,77 kg/j < 1 kg/j
Standaard
Zwaar vrachtverkeer
82,0 / etmaal NOx NH3
68,54 kg/j 1,10 kg/j
bemesting beoogd
Rmrdi4Qa3oXz (13 april 2021) pagina 12/14
Resultaten
verkeersgeneratie oost 153574, 470632 50,84 kg/j 1,48 kg/j
Naam Locatie (X,Y) NOx NH3
Soort
Voertuig
Aantal voertuigen Stof
Emissie
Standaard
Licht verkeer
359,0 / etmaal NOx NH3
12,82 kg/j < 1 kg/j
Standaard
Middelzwaar vrachtverkeer
38,0 / etmaal NOx NH3
11,73 kg/j < 1 kg/j
Standaard
Zwaar vrachtverkeer
55,0 / etmaal NOx NH3
26,29 kg/j < 1 kg/j
Naam Locatie (X,Y) Uitstoothoogte Oppervlakte Spreiding Warmteinhoud Temporele variatie NOx
Naam Locatie (X,Y) Uitstoothoogte Oppervlakte Spreiding Warmteinhoud Temporele variatie
Resultaten
bemesting beoogd
gasstook NOx 153563, 470874 10,0 m 7,6 ha 10,0 m 0,000 MW Standaard profiel industrie 2.740,00 kg/j NH3 emissies 153563, 470874 10,0 m 7,6 ha 10,0 m 0,000 MW Standaard profiel industrie
Rmrdi4Qa3oXz (13 april 2021) pagina 13/14
Resultaten
Disclaimer
Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden.
Rekenbasis
Deze berekening is tot stand gekomen op basis van: AERIUS versie 2020_20210209_2f032ce1a2 Database versie 2020_20210209_2f032ce1a2 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/nl/factsheets/release/aerius-calculator-2020
Resultaten
bemesting beoogd
Rmrdi4Qa3oXz (13 april 2021) pagina 14/14
Kenmerk
Bijlage 2
R001-1281406VLU-V01-aqb-NL
AERIUS-berekening scenario 2 inclusief saldering met weidegrond
Dit document bevat rekenresultaten van AERIUS Calculator. Het betreft de hoogst berekende stikstofbijdragen per stikstofgevoelig Natura 2000-gebied, op basis van rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant. De berekening op basis van stikstofemissies gaat uit van de componenten ammoniak (NH3) en/of stikstofoxide (NOx). Wilt u verder rekenen of gegevens wijzigen? Importeer de pdf dan in Calculator. Voor meer toelichting verwijzen wij u naar de website www.aerius.nl.
Berekening bemesting en beoogd Kenmerken Samenvatting emissies Depositieresultaten Gedetailleerde emissiegegevens
Verdere toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: https://www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers. RxSYLXwLqnC8 (13 april 2021) pagina 1/14
Resultaten
Contact
Activiteit
Rechtspersoon
Inrichtingslocatie
gemeente Bunschoten
-, - Bunschoten
Omschrijving
AERIUS kenmerk
De Kronkels Zuid fase 1
RxSYLXwLqnC8
Datum berekening
Rekenjaar
Rekenconfiguratie
13 april 2021, 10:37
2021
Berekend voor natuurgebieden
Totale emissie
Situatie 1
Situatie 2
Verschil
NOx
-
2.923,75 kg/j
2.923,75 kg/j
NH3
303,50 kg/j
5,35 kg/j
-298,15 kg/j
Resultaten
Natuurgebied
Verschil
Hectare met hoogste verschil (mol/ha/j)
Naardermeer
+ 0,01
Toelichting
Resultaten
ontwikkeling nieuw bedrijventerrein De Kronkels Zuid scenario 2 (gas + werktuigen elektrisch) met salderen met weidegrond (bemesting)
bemesting beoogd
RxSYLXwLqnC8 (13 april 2021) pagina 2/14
Resultaten
Locatie bemesting
Emissie bemesting
Bron Sector
bemesting Landbouwgrond | Mestaanwending
Resultaten
bemesting beoogd
Emissie NH3
Emissie NOx
303,50 kg/j
-
RxSYLXwLqnC8 (13 april 2021) pagina 3/14
Resultaten
Locatie beoogd
Emissie beoogd
Resultaten
Bron Sector
bemesting beoogd
Emissie NH3
Emissie NOx
verkeersgeneratie noord Wegverkeer | Binnen bebouwde kom
3,87 kg/j
132,91 kg/j
verkeersgeneratie oost Wegverkeer | Binnen bebouwde kom
1,48 kg/j
50,84 kg/j
gasstook NOx Industrie | Overig
-
2.740,00 kg/j
NH3 emissies Industrie | Overig
-
-
RxSYLXwLqnC8 (13 april 2021) pagina 4/14
Resultaten
Resultaten stikstof gevoelige Natura 2000 gebieden
Natuurgebied
Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil
Naardermeer
0,01
0,01
+ 0,01
Veluwe
0,01
0,02
+ 0,01
Oostelijke Vechtplassen
0,01
0,01
+ 0,01
Kolland & Overlangbroek
0,00
0,01
+ 0,01
Rijntakken
0,00
0,01
0,00
Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*
(mol/ha/j)
*
Resultaten
Als de hoogste depositietoename plaatsvindt op een hexagoon waar géén sprake is van een (naderende) stikstofoverbelasting, dan is de hoogste toename op een hexagoon met wel een (naderende) stikstofoverbelasting in deze kolom weergegeven.
bemesting beoogd
RxSYLXwLqnC8 (13 april 2021) pagina 5/14
Resultaten
Resultaten per habitattype
Naardermeer Habitattype
(mol/ha/j) voor de 10 stikstofgevoelige Natura 2000gebieden met het hoogste resultaat
Resultaten
Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil
Lg05 Grote-zeggenmoeras
0,01
0,01
+ 0,01
H91D0 Hoogveenbossen
0,00
0,01
+ 0,01
H3150baz Meren met krabbenscheer en fonteinkruiden, buiten afgesloten zeearmen
0,00
0,01
+ 0,01
H7140B Overgangs- en trilvenen (veenmosrietlanden)
0,01
0,01
+ 0,01
H7140A Overgangs- en trilvenen (trilvenen)
0,01
0,01
+ 0,01
H3140lv Kranswierwateren, in laagveengebieden
0,00
0,01
+ 0,01
H6410 Blauwgraslanden
0,00
0,01
+ 0,01
ZGH7140B Overgangs- en trilvenen (veenmosrietlanden)
0,00
0,01
+ 0,01
H9999:94 Habitattype onbekend/onzeker KDW op basis meest kritische relevante type (H7140B).
0,01
0,01
+ 0,01
ZGH3150baz Meren met krabbenscheer en fonteinkruiden, buiten afgesloten zeearmen
0,01
0,01
+ 0,01
H4010B Vochtige heiden (laagveengebied)
0,00
0,01
0,00
bemesting beoogd
Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*
RxSYLXwLqnC8 (13 april 2021) pagina 6/14
Resultaten
Veluwe Habitattype
Resultaten
Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil
ZGLg13 Bos van arme zandgronden
0,01
0,02
+ 0,01
ZGLg14 Eiken- en beukenbos van lemige zandgronden
0,01
0,02
+ 0,01
Lg13 Bos van arme zandgronden
0,01
0,02
+ 0,01
Lg14 Eiken- en beukenbos van lemige zandgronden
0,02
0,02
+ 0,01
H2310 Stuifzandheiden met struikhei
0,00
0,01
+ 0,01
ZGL4030 Droge heiden
0,00
0,01
+ 0,01
ZGH2310 Stuifzandheiden met struikhei
0,01
0,01
+ 0,01
H2330 Zandverstuivingen
0,00
0,01
+ 0,01
Lg09 Droog struisgrasland
0,00
0,01
+ 0,01
H9190 Oude eikenbossen
0,02
0,02
+ 0,01
H4030 Droge heiden
0,01
0,01
+ 0,01
L4030 Droge heiden
0,01
0,01
+ 0,01
H9120 Beuken-eikenbossen met hulst
0,01
0,02
+ 0,01
ZGH2330 Zandverstuivingen
0,00
0,01
0,00
ZGH9120 Beuken-eikenbossen met hulst
0,01
0,02
0,00
ZGLg09 Droog struisgrasland
0,00
0,01
0,00
H5130 Jeneverbesstruwelen
0,01
0,01
0,00
H4010A Vochtige heiden (hogere zandgronden)
0,01
0,01
0,00
H3160 Zure vennen
0,01
0,01
0,00
bemesting beoogd
Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*
RxSYLXwLqnC8 (13 april 2021) pagina 7/14
Resultaten
Veluwe Habitattype
Resultaten
Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil
ZGLg01 Permanente bron & Langzaam stromende bovenloop
0,01
0,01
0,00
H6230 Heischrale graslanden
0,00
0,01
0,00
H91E0C Vochtige alluviale bossen (beekbegeleidende bossen)
0,01
0,01
0,00
ZGH3130 Zwakgebufferde vennen
0,00
0,01
0,00
Lg01 Permanente bron & Langzaam stromende bovenloop
0,01
0,01
0,00
ZGH4030 Droge heiden
0,00
0,01
0,00
ZGH9190 Oude eikenbossen
0,00
0,01
0,00
H7150 Pioniervegetaties met snavelbiezen
0,01
0,01
0,00
ZGH6230 Heischrale graslanden
0,00
0,01
0,00
H3130 Zwakgebufferde vennen
0,01
0,01
0,00
H7110B Actieve hoogvenen (heideveentjes)
0,01
0,01
0,00
H2320 Binnenlandse kraaiheibegroeiingen
0,00
0,01
0,00
H6410 Blauwgraslanden
0,01
0,01
0,00
ZGH4010A Vochtige heiden (hogere zandgronden)
0,01
0,01
0,00
bemesting beoogd
Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*
RxSYLXwLqnC8 (13 april 2021) pagina 8/14
Resultaten
Oostelijke Vechtplassen Habitattype
Resultaten
Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil
H91D0 Hoogveenbossen
0,01
0,01
+ 0,01
ZGH3150 Meren met krabbenscheer en fonteinkruiden, buiten afgesloten zeearmen
0,01
0,01
+ 0,01
H3140 Kranswierwateren
0,00
0,01
+ 0,01
H7140B Overgangs- en trilvenen (veenmosrietlanden)
0,01
0,01
+ 0,01
H3150 Meren met krabbenscheer en fonteinkruiden, 0,01 buiten afgesloten zeearmen
0,01
+ 0,01
H7140A Overgangs- en trilvenen (trilvenen)
0,00
0,01
+ 0,01
ZGH3140 Kranswierwateren
0,00
0,01
+ 0,01
H6410 Blauwgraslanden
0,00
0,01
+ 0,01
ZGH91D0 Hoogveenbossen
0,00
0,01
+ 0,01
H9999:95 Habitattype onbekend/onzeker KDW op basis meest kritische relevante type (H7140B).
0,00
0,01
+ 0,01
H7210 Galigaanmoerassen
0,00
0,01
+ 0,01
ZGH7140B Overgangs- en trilvenen (veenmosrietlanden)
0,00
0,01
+ 0,01
H4010B Vochtige heiden (laagveengebied)
0,00
0,01
+ 0,01
bemesting beoogd
Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*
RxSYLXwLqnC8 (13 april 2021) pagina 9/14
Resultaten
Kolland & Overlangbroek Habitattype
H91E0C Vochtige alluviale bossen (beekbegeleidende bossen)
Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil
0,00
0,01
Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*
+ 0,01
Rijntakken Habitattype
H91F0 Droge hardhoutooibossen
0,00
0,01
0,00
ZGLg11 Kamgrasweide & Bloemrijk weidevogelgrasland van het rivieren- en zeekleigebied
0,00
0,01
0,00
Lg07 Dotterbloemgrasland van veen en klei
0,00
0,01
0,00
H91E0B Vochtige alluviale bossen (esseniepenbossen)
0,00
0,01
0,00
*
Resultaten
Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil
Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*
Als de hoogste depositietoename plaatsvindt op een hexagoon waar géén sprake is van een (naderende) stikstofoverbelasting, dan is de hoogste toename op een hexagoon met wel een (naderende) stikstofoverbelasting in deze kolom weergegeven.
bemesting beoogd
RxSYLXwLqnC8 (13 april 2021) pagina 10/14
Resultaten
Emissie (per bron)
Naam Locatie (X,Y)
bemesting
Uitstoothoogte Oppervlakte Spreiding Warmteinhoud Temporele variatie NH3
Resultaten
bemesting beoogd
bemesting 153569, 470800 0,5 m 11,2 ha 0,3 m 0,000 MW Meststoffen 303,50 kg/j
RxSYLXwLqnC8 (13 april 2021) pagina 11/14
Resultaten
Emissie (per bron)
Naam Locatie (X,Y)
beoogd
NOx NH3
Soort
Voertuig
Aantal voertuigen Stof
Emissie
Standaard
Licht verkeer
538,0 / etmaal NOx NH3
33,60 kg/j 2,25 kg/j
Standaard
Middelzwaar vrachtverkeer
57,0 / etmaal NOx NH3
30,77 kg/j < 1 kg/j
Standaard
Zwaar vrachtverkeer
82,0 / etmaal NOx NH3
68,54 kg/j 1,10 kg/j
Naam Locatie (X,Y) NOx NH3
Resultaten
verkeersgeneratie noord 153465, 470888 132,91 kg/j 3,87 kg/j
verkeersgeneratie oost 153574, 470632 50,84 kg/j 1,48 kg/j
Soort
Voertuig
Aantal voertuigen Stof
Emissie
Standaard
Licht verkeer
359,0 / etmaal NOx NH3
12,82 kg/j < 1 kg/j
Standaard
Middelzwaar vrachtverkeer
38,0 / etmaal NOx NH3
11,73 kg/j < 1 kg/j
Standaard
Zwaar vrachtverkeer
55,0 / etmaal NOx NH3
26,29 kg/j < 1 kg/j
bemesting beoogd
RxSYLXwLqnC8 (13 april 2021) pagina 12/14
Resultaten
Naam Locatie (X,Y) Uitstoothoogte Oppervlakte Spreiding Warmteinhoud Temporele variatie NOx
Naam Locatie (X,Y) Uitstoothoogte Oppervlakte Spreiding Warmteinhoud Temporele variatie
Resultaten
bemesting beoogd
gasstook NOx 153563, 470874 10,0 m 7,6 ha 10,0 m 0,000 MW Standaard profiel industrie 2.740,00 kg/j NH3 emissies 153563, 470874 10,0 m 7,6 ha 10,0 m 0,000 MW Standaard profiel industrie
RxSYLXwLqnC8 (13 april 2021) pagina 13/14
Resultaten
Disclaimer
Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden.