20250515 Reactie RES Amersfoort aan provincie Utrecht.pdf
Tekst van het document
Stadhuisplein 5 3811 LM Amersfoort Postbus 4000 3800 EA Amersfoort T 033 469 52 60
Aan
Onderwerp
Provincie Utrecht T.a.v. gedeputeerde H.P. van Essen Postbus 80300 3508 TH UTRECHT
Reactie op uw brief van 14 januari 2025
Datum
15 mei 2025
Geachte heer Van Essen, beste Huib, In december 2024 heeft de staatssecretaris van Defensie aangegeven geen medewerking te verlenen aan de realisatie van windprojecten op defensieterreinen. Daarmee valt het belangrijkste project weg uit het RES-bod van de Regio Amersfoort. Provincie Utrecht heeft op 14 januari 2025 per brief aan de gemeenten laten weten in gesprek te willen over de ontstane planuitval. Daarbij geeft de provincie aan na 15 mei 2025 te willen bezien of er toch nog aanvullende projectbesluiten nodig zijn in Regio Amersfoort, en daarover in dat geval voor 15 juli 2025 een besluit te willen nemen. In uw brief van 14 januari 2025 vraagt u ons aan te geven hoe wij als Regio Amersfoort om willen gaan met het wegvallen van de windlocaties in OER A28. In deze brief doen wij hiervoor een voorstel. De situatie die is ontstaan in de Regio Amersfoort is niet vergelijkbaar met die in andere regio’s. Om dit te verduidelijken benoemen we eerst de belangrijkste ontwikkelingen van het afgelopen jaar en het voorjaar van 2025. Afspraken zomer 2024 In de zomer van 2024 hebben de regiogemeenten aan de provincie laten weten op welke manier het RES-bod gerealiseerd zou worden. Hieraan is een intensief bestuurlijk proces voorafgegaan. Het uitgangspunt daarbij was om tot een gezamenlijke, regionale reactie te komen.
De bestuurders hebben onderling, maar ook in de eigen gemeenteraad, grote inspanningen geleverd om dit te bereiken. In de gezamenlijke reactie die door alle gemeenteraden is vastgesteld, is het RES-bod geconcretiseerd tot duidelijke projecten, die allemaal deel uitmaken van één gezamenlijke opgave. Een belangrijk uitgangspunt was het verdelen van de opgave over de verschillende gemeenten. Niet overal is evenveel mogelijk, maar iedere gemeente is bereid een deel van de opgave te pakken. Ook Provinciale Staten hebben, in de motie ‘Wie goed doet, goed ontmoet’ (M24-21, aangenomen 20 maart 2024), aangegeven dat inpassingsplannen voor gemeenten die hun aandeel met concrete plannen invullen pas als allerlaatste moeten worden overwogen. Daarmee blijft de RES, ook met een duidelijke verdeling van projecten over de gemeenten, nog steeds een gezamenlijke opgave. Met het doorlopen proces in 2024 heeft Regio Amersfoort duidelijk stappen gezet om de RES-doelen naar uitvoering te brengen. De voortgang van de uitvoering staat nadrukkelijk op de bestuurlijke agenda. In Tussenbalans II, die Gedeputeerde Staten in september 2024 hebben vastgesteld, werd bevestigd dat er geen aanleiding was om Provinciale projectbesluiten voor te bereiden.
Defensie trekt medewerking OER A28 in De samenwerking met Defensie in het kader van het project OER A28 verliep constructief, tot het moment waarop de staatssecretaris zich eind 2024 eenzijdig uit het project terugtrok. Hiermee valt ruim 0,2 TWh aan opwek weg. Tot onze grote teleurstelling kwam in één klap bijna de helft van ons RES-bod en nagenoeg de volledige windopgave in de regio te vervallen. De beschikbaarheid van rijksgronden is als voorwaarde al in ons RES-bod benoemd. Ook Rijkswaterstaat was van mening dat deze locatie uitermate geschikt was voor het realiseren van windenergie langs rijkswegen.
Het besluit van Defensie kwam onverwacht, zonder specifieke onderbouwing en was daardoor een verrassing voor de andere projectpartners. Ondanks alle gesprekken en inspanningen de afgelopen maanden blijft Defensie bij haar besluit. Provinciale brief over projectbesluiten windenergie Op 14 januari van dit jaar ontving de regio een brief van het college van Gedeputeerde Staten (GS) over het ‘Besluit keuze gebieden windenergie’. GS geven hierin aan met de regio in gesprek te gaan over de ontstane planuitval als gevolg van het besluit van Defensie. In de afgelopen maanden zijn hierover meerdere gesprekken gevoerd. Een terugkerend punt in die gesprekken was dat het wegvallen van OER A28 volledig te wijten is aan het Rijk. De huidige situatie is niet ontstaan doordat gemeenten geen inspanningen leveren en hun afspraken niet nakomen. Daardoor is de situatie in de Regio Amersfoort niet vergelijkbaar met die in andere regio’s. Dit vraagt in onze optiek dan ook een andere opstelling van de provincie aangaande het nemen van projectbesluiten. Gesprek directeur-generaal Klimaat en Energie Op 9 mei 2025 vond een gesprek plaats met de directeur-generaal (DG) Klimaat en Energie. In het gespreksverslag staat: DG Klimaat en Energie (Michel Heijdra) heeft begrip voor de lastige situatie en betreurt de uitkomst van het traject met Defensie.
Het besluit tot terugtrekken van genoemde gebieden uit OER door Defensie is definitief. Hoewel de ruimtevraag van Defensie evident is, heeft deze casus ertoe geleid dat KGG in de Nota Ruimte erop inzet dat aanvliegroutes voor Defensie niet mogen leiden tot grootschalige beperkingen aan windmolens op land. De tegenvaller kan dan ook niet gebruikt worden om het RES-bod an sich ter discussie te stellen. Wel wordt gezien dat dit invloed kan hebben op de datum waarop het bod gerealiseerd kan worden. Per 1 juni start bij Defensie een programmamanager OER. Vanuit het programma OER bij KGG zal aan de programmamanager bij Defensie gevraagd worden om met voorrang naar mogelijkheden binnen RES Amersfoort te kijken en naar bijvoorbeeld de mogelijkheden voor zon op dak binnen het defensieterrein. Verder zal vanuit het programma OER bij KGG met een bredere ‘scan’ bekeken worden welke mogelijkheden er zijn op rijksgronden binnen de RES Amersfoort. We constateren dat het Rijk geen resultaatsverantwoordelijkheid meer neemt. Dat was tot nu toe een belangrijke pijler onder ons bod, waar de regio op mocht vertrouwen. De regio betreurt deze koerswijziging. Voorstel voor vervolg Regio Amersfoort wil op een realistische manier invulling geven aan het gezamenlijke vervolg.
Op de vraag hoe wij om willen gaan met de RES-opgave stellen wij het volgende voor: - Gemeenten houden zich aan de afspraken die in de zomer van 2024 zijn afgesproken. Alle projecten die toen zijn vastgesteld gaan onverkort door, met uitzondering van de projecten die door toedoen van het Rijk zijn weggevallen en met inachtneming van de motie zoals door de gemeenteraad van Baarn is aangenomen (d.d. 27 november 2024). - Gemeenten erkennen het belang van voldoende duurzame opwek op land en van het verkennen van alternatieven voor weggevallen locaties. De provincie vraagt ons nu hoe de, door het wegvallen van OER-projecten, ontstane planuitval gecompenseerd kan worden. Wij willen deze vraag serieus oppakken en moeten daar ook een zorgvuldig proces met onze raden voor doorlopen, net zoals we dat hebben gedaan bij het in juli 2024 geconcretiseerde bod. Wij vragen daarom tijd om dit goed uit te werken en met een inhoudelijke reactie te komen. - Uitgangspunt voor het vervolg is een brede blik, niet alleen gericht op de kansrijke locaties uit de provinciale PlanMER maar ook op andere (planMER)-locaties en alle mogelijkheden voor duurzame opwek, mogelijk ook voorbij 2030. De door KGG aangeboden brede scan naar de mogelijkheden voor duurzame opwek op rijksgronden, inclusief Pro Rail-gronden, willen wij
-
graag betrekken bij het bod en in ons vervolgproces. Graag zien we dat de programmamanager OER Defensie, die start per 1 juni 2025, zich niet alleen richt op zon maar ook op overige kansen voor duurzame energie, waaronder zowel opwek, opslag als warmte. Belangrijk uitgangspunt voor het vervolg is het principe van een eerlijke verdeling van de opgave. Concreet betekent dit dat gemeenten die op dit moment al een groot deel van de projecten voor hun rekening nemen niet extra belast kunnen worden met toekomstige projecten. Ook niet als de meest kansrijke locaties juist in die gemeenten liggen. Hiermee wordt recht gedaan aan het proces dat in 2024 is doorlopen en de afspraken die toen zijn gemaakt.
In 2024 hebben we als regio belangrijke stappen gezet richting uiteindelijke realisatie van projecten. De regionale samenwerking en de gezamenlijke verantwoordelijkheid voor alle projecten in de regio blijft ook voor het vervolg de belangrijkste succesfactor. De voorgestelde aanpak sluit hierop aan. We vragen Provincie Utrecht, als belangrijke partner in de RES-samenwerking, begrip te hebben voor de bijzondere situatie in RES Regio Amersfoort en vertrouwen uit te spreken in de voorgestelde aanpak. Met vriendelijke groet, Roland van Benthem Voorzitter Bestuurlijk Overleg RES Regio Amersfoort