CConstaterende datBunnik
Koppel je AI →
Document · PDF

Ia.01. Bijlage 1 - Inventarisatie

Raadsvergadering 14 november 2024, gemeente BunnikBij agendapunt: Ingekomen stukken College2.043 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Inventarisatie Dierenwelzijn Deze inventarisatie naar dierenwelzijn biedt een uitgebreide analyse van de huidige stand van zaken binnen de gemeente, gebaseerd op de nota van de Dierenbescherming. In dit document wordt per thema gekeken naar de maatregelen en verantwoordelijkheden die de gemeente heeft ten aanzien van dierenwelzijn. Daarbij worden niet alleen wettelijke verplichtingen besproken, maar ook de aanbevelingen voor verbetering. Onderstaande tabel biedt een gedetailleerd overzicht van de huidige situatie.

Algemeen 1.1 Diervriendelijk beleid

Er is geen specifiek beleid of nota voor dierenwelzijn in de gemeente Bunnik

1.2 Wethouder dierenwelzijn

Wethouder Julie d'Hondt is aangesteld als wethouder dierenwelzijn

1.3 Ambtelijke capaciteit

Er is momenteel ambtelijke capaciteit beschikbaar voor de inventarisatie. Verdere capaciteit wordt bepaald op basis van de uitkomsten van deze inventarisatie

Dieren in nood 2.1 Maak goede afspraken met dierenopvangcentra en ambulancediensten over de opvang en het vervoer van dieren en verstrek een kost dekkende vergoeding. Gebruik hiervoor bij voorkeur het diensverleningsoverzicht van de Dierenbescherming.

Er is periodieke vergoeding per opgevangen dier, maar nu worden structurele afspraken gemaakt via een overeenkomst met de Dierenambulance

2.2 Faciliteer het maken van afspraken tussen hulpdiensten en dierenopvangcentra over de opvang van huisdieren in geval van een (gedwongen) opname, arrestatie of huiselijk geweld.

Zie punt 2.1.

2.3 Zorg voor financiële ondersteuning voor opvang en vervoer van in het wild levende dieren.

Wordt financieel vergoed.

2.4 Start een publiekscampagne zodat inwoners weten wat ze moeten doen als ze wilde dieren in nood aantreffen.

Eerder niet uitgevoerd, maar nu opgenomen in het communicatieplan

2.5 Sluit een contract af met opvangcentra en ambulances voor de dierenhulp binnen de gemeente.

Zie punt 2.1

2.6 Verleen waar nodig een ontheffing aan de dierenambulance voor het medegebruik van de bus- en trambanen en voorzie in de benodigde parkeervergunningen.

Niet van toepassing in Bunnik vanwege gebrek aan (gemeentelijke) busbanen en de bestaande parkeermogelijkheden zijn voldoende.

2.7 Neem in het rampen(bestrijdings-)plan een passage op over hulp aan dieren.

Opgenomen in het Handboek Bevolkingszorg 2.0

2.8 Maak afspraken met veiligheidsregio en het crisisteam over dierennoodhulp.

Verwezen naar de ketenpartner: de dierenambulance

2.9 Maak bij het opstellen van beleid rondom dierennoodhulp gebruik van het dienstverleningsoverzicht van de Dierenbescherming.

Momenteel geen specifiek dierenbeleid.

Gezelschapsdieren 3.1 Zorg voor voorlichting over het houden van huisdieren om dierenleed te voorkomen.

Momenteel nog niet aanwezig, maar het is een ambitie om dit verder uit te werken.

3.2 Geef op de gemeentelijke website voorlichting over regelgeving en het diervriendelijk houden van hobbydieren.

Momenteel nog niet op de website aanwezig, maar plannen om dit op korte termijn te verkennen.

3.3 Zorg dat hobbydierhouders een schuilgelegenheid/-stal kunnen bouwen.

Geen aanvragen bekend; aanvragen voor paardenstallen worden beoordeeld op basis van het bestemmingsplan.

3.4 De gemeente informeert en faciliteert sociale hulpverleners om te signaleren en te acteren bij verminderd dierenwelzijn.

Wordt niet ingezet door CvE.

3.5 Zorg dat mensen met een laag inkomen goed voor hun huisdier kunnen zorgen. Stel vergoedingen voor medische kosten beschikbaar in het kader van het minimabeleid of de Bijzondere bijstand.

Verkenning van opties voor ondersteuning van inwoners met een laag inkomen bij medische kosten voor huisdieren. Bijvoorbeeld via het declaratiefonds.

3.6 Ondersteun het project Dierenbuddy door een financiële bijdrage en promotie binnen het sociaal domein.

Niet aanwezig; door beperkte middelen wordt hier niet voor gekozen.

3.7 Neem actief deel aan ‘chip-je-kat’-acties met financiering, publiekscommunicatie en afstemming met betroken partijen.

Geen lokale acties bekend; inventarisatie uitgevoerd.

3.8 Zorg voor een goede registratie met meldingen met betrekking tot overlast, verwaarlozing en mishandeling van dieren.

Wordt momenteel niet geregistreerd.

3.9 Stel hondenbeleid op waarin het welzijn van de hond centraal staat. Heb daarbij onder andere aandacht voor voorzieningen voor honden.

Geen specifiek beleid, maar regels over het uitlaten van honden staan op de website.

3.10 Indien hondenbelasting wordt geïnd, gebruik deze dan om de openbare voorzieningen voor honden te verbeteren.

Er wordt geen hondenbelasting meer geïnd.

3.11 Registreer bijtincidenten en stel een protocol op dat wordt ingezet en gecommuniceerd in geval van een bijtincident.

Protocol via APV aanwezig; muilkorfgebod kan worden opgelegd na politieverzoek.

3.12 Zet in op het voorkomen van bijtincidenten door voorlichting over het houden van honden en het stimuleren van het volgen van hondencursussen- en trainingen samen met gespecialiseerde partijen.

Geen voorlichting of stimulering van hondencursussen.

3.13 Gebruik de mogelijkheden binnen de Wet aanpak woonoverlast om op basis van de stank- en geluidsoverlast in te grijpen als het welzijn van huisdieren in gevaar is.

Alleen in APV opgenomen; geen casussen bekend.

Vermaak met dieren 4.1 Hanteer een voorkeursbeleid voor evenementen zonder dieren.

Er is momenteel geen voorkeursbeleid voor evenementen zonder dieren.

4.2 Hanteer een voorkeursbeleid voor circussen zonder dieren.

Vergunningen worden alleen verleend aan circussen aangesloten bij de VNCO; evenementen met dieren kunnen worden geweigerd als de gezondheid van dieren in gevaar komt.

4.3 Sta alleen kerststallen zonder levende dieren toe. Indien het gebruik van dieren toch wordt toegestaan, dan alleen onder strenge voorwaarden voor huisvesting en verzorging.

Geen specifiek verbod, maar de gezondheid van dieren mag niet in gevaar komen.

4.4 Maak de organisatie van evenementen met dieren, zoals levende kerststallen, struisvogelraces, roofvogelshows en paardenmarkten lastiger door via de APV aanvullende voorwaarden te stellen.

Geen aanvullende voorwaarden in de APV opgenomen.

4.5 Gebruik bij het afgeven van een vergunning voor een paardenmarkt het door de Raad van Dierenaangelegenheden aangescherpte protocol voor paardenmarkten.

Niet van toepassing.

4.6 Stel een informatief en educatief programma als voorwaarde bij financiële steun aan een dierentuin.

Niet van toepassing.

4.7 Sta het oprichten en beheren van een kinderof stadsboerderij of hertenkamp slechts onder bepaalde voorwaarden toe, waaronder het uitsluitende gebruik van bekende hobbydieren. Zie erop toe dat het welzijn, de gezondheid en lichamelijke integriteit van de dieren zijn gewaarborgd.

Geen nieuwe oprichtingen, wel bestaande dierenweide in Odijk.

4.8 Maak bij voorkeur gebruik van de intentieverklaring voor dierenwelzijn op kinderboerderijen als basis voor de eigen afspraken met partijen.

Niet van toepassing.

Landbouwhuisdieren 5.1 Draag actief bij aan de transitie richting een toekomstbestendige veehouderij en sluit daarbij aan bij het van EU, Rijk en provincies.

gemeente Bunnik is aangesloten bij de landelijke transitie i.v.m. minder stikstof en samenhang van bodem en water gestuurde inrichting. We geven ruimte voor ondernemers die willen overschakelen naar duurzamere vormen van ondernemen. Bij ontwikkelingen in het buitengebied sluiten we aan bij provinciale omgevingsverordening.

5.2 Leg ambities met betrekking tot verduurzamen van de veehouderij binnen gemeentegrenzen vast in beleid.

In de omgevingsvisie wordt op hoofdlijnen ambitie gegeven: “agrariërs ruimte bieden om verder in te zetten op duurzame en toekomstbestendige bedrijfsvoering”.

5.3 Pak vraagstukken in de veehouderij - op het gebied van milieu, dierenwelzijn, volksgezondheid

Vanuit Utrechts Programma Landelijk Gebied is een integrale aanpak van landelijk gebied opgezet.

en de sociaaleconomische positie van de boer – zoveel mogelijk integraal aan.

Daarnaast wordt geadviseerd wanneer veehouder wil stoppen en een andere functie wil geven aan veehouderij.

5.4 Begeleid veehouders die willen stoppen en faciliteer hen hierbij.

Hiervoor komen regelmatig verzoeken binnen. Veehouders die een andere bestemmingsfunctie willen krijgen voor hun perceel. Er wordt dan gebruik gemaakt van de ruimte voor ruimte regeling. In de omgevingsvisie is het volgende opgenomen: “vrijer om gaan met bestemmingen in het buitengebied om meer ruimte te geven aan nieuwe initiatieven op het gebied van recreatie en natuur”. Als gemeente ondersteunen we agrariërs bij de omschakeling naar andere bedrijfsvormen en/of beëindiging.

5.5 Ondersteun veehouders die blijven bij de omschakeling naar een duurzamere en diervriendelijkere manier van veehouderij bedrijven. 5.6 Zet waar mogelijk in op het vergroten van de afzet van duurzaam en diervriendelijk geproduceerde producten 5.7 Hanteer vanuit een voorbeeldfunctie een inkoopbeleid dat uitsluitend gericht is op duurzaam en diervriendelijk geproduceerde producten.

In het wild levende dieren 6.1 Sta jacht op gemeentegronden niet toe.

Niets over bekend bij gemeente. Vanuit stuurgroep Kromme Rijn Landschap zijn er wel projecten om de ondernemers samen te laten werken en steekproducten aandacht te geven. Gemeente heeft als doelstelling om de markt te beïnvloeden door vraag te creëren en te vergroten naar minder milieubelastende producten. Daarnaast wordt bij aanvang van een inkooptraject verkend wat de duurzame mogelijkheden zijn.

We verhuren als gemeente geen jachtrecht op gemeentegrond.

6.2 Voorzie inwoners van informatie over dieren in hun omgeving.

Wordt in communicatieplan opgenomen.

6.3 Neem waar mogelijk als alternatief voor het doden van dieren, diervriendelijke maatregelen ten behoeve van het voorkomen van schade en verkeersongevallen binnen de gemeente.

Vanuit verkeer worden er geen voorzieningen getroffen.

6.4 Geef informatie aan burgers over diervriendelijke manieren van het beperken van schade en leg daarbij nadruk op preventieve maatregelen.

Doen we als gemeente niet.

6.5 Bied financiële ondersteuning aan de TNRmethode om te zorgen dat verwilderde kattenpopulaties niet verder uitbreiden en uiteindelijk afnemen.

Doen we als gemeente niet. Ook geen behoefte bekend.

6.6 Verpacht geen (vis)water aan hengelsportverenigingen.

We verpachten geen viswater als gemeente.

6.7 Organiseer samen met natuur- en dierenbeschermingsorganisaties voorlichting over de leefwijze en gedrag van vissen.

Wordt niet door de gemeente gedaan.

6.8 De gemeente zorgt ervoor dat diegenen die

We hanteren als gemeente de gedragscode

Bij de ontwikkeling van de Kersenweide wordt wel aandacht besteed aan het leefgebied van de das.

ruimtelijke ingrepen doen of hierbij betrokken zijn, goed op de hoogte zijn van de geldende gedragscode en volgens deze gedragscode werken. Een regelmatige evaluatie en controle in het veld maken hier onderdeel van uit.

soortenbescherming van vereniging Stadswerk. Dit schrijven we ook voor aan de aannemers die voor de gemeente werken.

6.9 De gemeente treft bij ruimtelijke ingrepen zo veel mogelijk compenserende en/of mitigerende maatregelen, waardoor schade aan flora en fauna verder worden beperkt.

Soorten worden beschermd door het soortenmanagementplan. Hierbij is er ook aandacht voor groenbeleid om het leefgebied te behouden en te vergroten.

6.10 Besteed in het bestemmingsplan aandacht aan soortenbescherming.

Afhankelijk van de functie die een plaats heeft wordt hier in meer of mindere mate aandacht aan besteed.

6.11 Inventariseer altijd voorafgaand aan kap- en snoeiwerkzaamheden of er broedende vogels of jaarrond beschermde nesten aanwezig zijn.

Onderdeel van de gedragscode soortenbescherming.

6.12 Neem in het eigen groenbeleid op dat er geen snoei- en kapactiviteiten plaatsvinden van tenminste 15 maart tot en met 15 juli.

Alle nesten zijn beschermd tijdens het broedseizoen. Tussen 15 maart en 15 juli vinden er geen verstoringen plaats. Buiten het broedseizoen geldt dit ook voor vaste nesten en rustlocaties.

6.13 Neem verkeersmaatregelen op wegen en in goten in eigen beheer met oog op het beschermen van dieren in het wild

De N229 lijkt hiervoor meest voor de hand liggend, hiervan is de provincie wegbeheerder. Op andere wegen in de gemeente is dit niet van toepassing.

6.14 Verplicht de baggeraar contractueel om preventieve maatregelen te nemen die leed ten aanzien van vissen en andere dieren in de sloot voorkomen, bij het geven van een opdracht tot het droogleggen of baggeren van een sloot.

Dit is ook opgenomen in de gedragscode soortenbescherming. Het is echter nog niet helder in hoeverre deze regels zijn verwerkt in contracten en overeenkomsten met derden.

6.15 Gebruik geen gif ter bestrijding van ongewenste kruidengroei en geef prioriteit aan natuurontwikkeling door bijvoorbeeld de aanleg van bloemrijke bermen, plaatsing van nestkasten of het creëren van ecologische infrastructuur.

We gebruiken als gemeente geen gif. We geven prioriteit aan natuurontwikkeling. Minder maaien en meer kruidenrijke grassen waar het kan gezien de veiligheid van de buitenruimte.

6.16 Leg een integrale visie op openbaar groen voor de langere termijn vast in bijvoorbeeld een natuurontwikkelingsplan of groenstructuurplan.

Samenhangend groenbeleid is ten tijde van deze inventarisatie in de afrondende fase.

6.17 Pas de ambities voor natuur inclusief bouwen integraal toe in de eigen bouwprojecten.

Met het convenant duurzame woningbouw heeft gemeente Bunnik zich achter de doelen en ambities geschaard voor natuur inclusief bouwen.

6.18 Stimuleer en ondersteun bewoners bij het nemen van natuur-, insect- en diervriendelijke maatregelen rondom hun woning door voorlichting, subsidieverstrekking en actieve deelname aan (landelijke) projecten.

Er is geen gemeentelijke subsidie hiervoor beschikbaar. Er wordt wel gewerkt aan een overzicht waarin opgenomen wordt wat de gemeente nog meer kan doen om biodiversiteit te bevorderen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Bunnik&id=63614dc2-3520-4d29-af89-3a3098f356b3