23-045 Raadsvoorstel Programma water en riolering 2024-2028.pdf
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL
Raadsvergadering 22 juni 2023
Zaaknummer 1234588
Onderwerp: Programma water en riolering 2024-2028
Aan de raad, Onderwerp Programma water en riolering 2024-2028 Gevraagde beslissing 1. Het Programma water en riolering 2024-2028 vast te stellen. 2. In te stemmen met de uitvoering van scenario-A. Grondslag Wet milieubeheer; art 4.22 en art. 10.33 Waterwet; art. 3.5 en art. 3.6 Gemeentewet; art. 228a Omgevingswet ingangsdatum 01-01-2024 BBV (Besluit Begroting en Verantwoording) Inleiding Met het Programma water en riolering 2024-2028 (PWR) geeft de gemeente invulling aan een drietal zorgplichten; 1) inzamelen en transporteren van stedelijk afvalwater, 2) inzameling en verwerking van hemelwater voor zover de particulier hier zelf geen invulling aan kan geven en 3) voorkomen dat grondwater een structurele belemmering vormt voor de bestemming van het betreffende gebied. Aanleiding De hoeveelheid in te zamelen en te verwerken hemelwater heeft een grote invloed op het functioneren van de riolering. Bij hevige neerslag is het rioolstelsel niet langer opgewassen tegen het aanbod aan water. Het waterzuiveringsproces wordt verstoord, pompen en gemalen gebruiken aanzienlijk meer energie en zijn eerder aan vervanging toe. Daarnaast kan overlast optreden omdat het rioolstelsel het water niet snel genoeg kan afvoeren.
Door de toename van piekbuien in omvang en aantal, leidt vergroting van de hydraulische capaciteit, meer en/of grotere rioolleidingen, niet tot een toekomstbestendige oplossing. Bovendien gaat dit gepaard met hoge investeringen waarvan we als gemeenschap langdurig de kapitaallasten met ons meedragen. Het is dus belangrijk om doordachte keuzes te maken zodat we flexibel kunnen inspelen op veranderende omstandigheden. Effecten op milieu, welzijn, zorgplichten en klimaat-gerelateerde ambities vormen de grondslag voor de benodigde maatregelen en voorzieningen. Kosten voor ontwikkeling, beheer en onderhoud, verbetering en/of vervanging zijn doorgerekend in het kostendekkingsplan.
5
Beoogd effect ✓ Verbeteren van de leefomgeving en beperken wateroverlast, droogte en hitte. Het Programma water en riolering richt zich primair op beheersing van wateroverlast waarbij droogte (vasthouden van hemelwater) en hitte (vasthouden water is goed voor groen en verdamping) positief beïnvloed zullen worden. ✓
Onderzoeken welke klimaatadaptieve maatregelen effectief en doelmatig zijn. We willen verhard oppervlak afkoppelen van de riolering. Dit hemelwater willen we waar mogelijk vasthouden en infiltreren. De gemeente Bunnik kenmerkt zich door een sterk wisselende bodemsamenstelling. Vasthouden van hemelwater vereist maatwerk.
✓
Afkoppelen van hemelwater met en bij inwoners, bedrijven en instellingen. Op particulier eigendom zet de gemeente in op motiveren en stimuleren. Kwantificeren is in dit stadium nog niet mogelijk. Uit een enquête blijkt echter wel een sterke betrokkenheid en bereidwilligheid vanuit de gemeenschap.
✓
Beheersen/verminderen van structureel gemeenschappelijke kosten. We investeren alleen in uitbreiding en vernieuwing van riolering en gemalen (civieltechnische bouwwerken) als afkoppelen van hemelwater en/of renoveren van riolering en installaties niet tot het gewenste resultaat kan leiden.
✓
Herijken van de technische levensduur van de rioleringen. Bunnik rekent met een levensduur van 60 jaar. Herbeoordeling van het rioleringsstelsel Oranjebuurt geeft aanleiding tot verlengen van de levensduur, omdat de kwaliteit van de riolering beter blijkt dan verwacht mag worden op basis van de leeftijd. Langer in stand houden van kwalitatief goede riolering voorkomt kapitaalvernietiging. Indien ook de economische levensduur aantoonbaar verlengd kan worden geeft dit ook een positief effect op nieuwe kapitaallasten.
✓
Meer financiële ruimte voor groene oplossingen. In deze planperiode werken we toe naar een informatiegestuurde aanpak waarbij we alleen riolering vervangen op basis van kwaliteit. Met gerichte maatregelen houden we objecten verantwoord langer in stand. Met deze aanpak besparen we kosten ten opzichte van de traditionele aanpak waarbij riolering wordt vervangen. Ook bij projecten die we in de planperiode uitvoeren, passen we deze aanpak toe. Zo kijken we voor de Oranjebuurt waar we levensduurverlengende maatregelen kunnen toepassen en waar we riolering moeten vervangen. Wanneer we met deze gewijzigde aanpak budget besparen zetten we dit in om: ▪ Grijze oppervlakken van bedrijven en particulieren om te zetten naar groene waterberging (vergroening). ▪ Extra (groene) waterberging realiseren bij aanpak knelpunten hittestress. ▪ Extra inzet van adviseur klimaat mogelijk te maken.
✓
Vastleggen van het te voeren beleid voor de periode 2024-2028. Hiermee geven we invulling aan de zorgplichten voor afvalwater, hemelwater en grondwater.
✓
Dat de financiële middelen in overeenstemming zijn met de uit te voeren maatregelen.
Behoort bij zaaknummer 1234588
5
Beschrijving varianten/mogelijkheden Op basis van de uitgangspunten, totale lasten, inkomsten en stand van de voorziening zoals in de voorgaande paragrafen beschreven, is het effect op de rioolheffing bepaald voor de periode 2023 – 2028. Uitgangspunt hierbij is dat de rioolheffing 100% kostendekkend is. Hiervoor zijn drie verschillende scenario’s doorgerekend.
A. Bij scenario-A willen we goed doordachte keuzes maken en het beschikbare geld op de meest efficiënte manier uitgeven. Daarom doen we eerst onderzoek om te bepalen of de maatregelen die we willen nemen nuttig en doelmatig zijn. Hierbij moet gedacht worden aan het uitvoeren van een second opinion voorafgaand aan realisatie van projecten Oranjebuurt en Sint Nicolaaslaan en aan informatiegestuurde uitvoer van beheer en onderhoud waarbij alleen die onderdelen worden vervangen waarvan de kwaliteit niet meer voldoet. Daarnaast kiezen we er bij deze variant voor om op locaties waar dat mogelijk is bovengronds af te koppelen. In het kostendekkingsplan zijn we er vanuit gegaan dat dit in 50 % van de gevallen mogelijk is. De onderzoeken verdelen we zo over de planperiode dat we deze met de beschikbare personele capaciteit uit kunnen voeren. We zetten in dit scenario maximaal in op participatie van inwoners bij het nemen van klimaatmaatregelen. Dit doen we door inzet van een adviseur klimaat als kennis- en vraagbaak voor bewoners en bedrijven en door in de planperiode een subsidie voor materiaal (afkoppelsetje) beschikbaar te stellen. B. Bij scenario-B kiezen we voor een traditionelere aanpak en nemen we extra budget op om tegenvallers op te kunnen vangen.
Voorbeelden hiervan zijn het opnemen van budget voor uitvoer van maatregelen naar aanleiding van de emissieberekening en voor calamiteitenbudget voor reparaties, calamiteiten en asbest in voegenkit. We weten nu nog niet of deze maatregelen daadwerkelijk nodig zijn, maar sorteren bij dit scenario voor op uitvoer binnen de planperiode. Uitvoer van beheer en onderhoud doen we bij dit scenario volgens een vaste cyclus, waardoor we onderdelen (mogelijk) eerder vervangen en daardoor meer kosten maken. Omdat nu nog niet duidelijk is of, en zo ja op welke locaties, bovengronds afkoppelen mogelijk is, gaan we er bij dit scenario vanuit dat afkoppelen altijd door middel van aanleg van een gescheiden rioolstelsel gedaan wordt. Door aanleg van een gescheiden stelsel zijn er minder meekoppelkansen voor groen, droogte en hitte. De onderzoeken voeren we aan het begin van de planperiode uit. Hiermee hebben we sneller het benodigde inzicht, maar dit vraagt wel een extra inspanning van ons personeel. In dit scenario zetten we ook maximaal in op participatie van inwoners bij uitvoer van klimaatmaatregelen. C. Bij scenario-C zoeken we bewust de ondergrens op voor uitvoering van onze zorgtaken. We schuiven investeringen zo ver mogelijk naar achteren en onderzoeken hoe we met minimale maatregelen kunnen voldoen. Beheer en onderhoud voeren we uit volgens het systeem van incidentenbestrijding.
Dit houdt in dat we pas aan de slag gaan als een onderdeel niet meer werkt. Dit houdt in dat inwoners regelmatig last hebben van riolering die niet goed functioneert. Ook vergroot met deze aanpak de kans op noodoverstortingen vanuit de riolering, waardoor de waterkwaliteit kan verslechteren. Om kosten te besparen is uitvoer van de onderzoeken naar achter geschoven (deels pas na de planperiode), waardoor het langer duurt voordat we het gewenst inzicht hebben en we minder kunnen werken aan onze ambities. Bij dit scenario zetten we geen adviseur klimaat of subsidie in om participatie door inwoners te stimuleren. Argumenten 1.1 Onder de huidige wetgeving dient de gemeente een gemeentelijk rioleringsplan te hebben. Elke gemeente is conform wet Milieubeheer verplicht een Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) te hebben. Het bestaande GRP is in 2017 vastgesteld en is in 2022 verlengd tot 1 januari 2024. Het GRP loopt dit jaar af. Het Programma water en riolering 2024-2028 voldoet aan de eisen van een gemeentelijk rioleringsplan. Dus als de omgevingswet op 1 januari 2024 niet wordt ingevoerd voldoet de gemeente ook aan de wettelijke verplichting. 1.2
De raad is bevoegd orgaan tot vaststellen van het Programma water en riolering 2024-2028.
1.3
Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden (HDSR) geeft een positief advies. Het waterschap en de gemeente maken samen afspraken over verwerken van afvalwater en kwaliteit van oppervlaktewateren. De afspraken worden geconcretiseerd in het Programma water en riolering.
1.4
Om het Programma water en riolering 2024-2028 uit te kunnen voeren dienen kosten en baten in balans te zijn. Voor het bepalen van de benodigde rioolheffing is door adviesbureau TAUW in samenwerking met Financiën en Beheer openbare ruimte een kostendekkingsplan opgesteld. Hierin is in alle scenario’s rekening gehouden met 100%(1) kostendekkend tarief.
Behoort bij zaaknummer 1234588
5
2.1
Scenario-A geeft binnen de beschikbare middelen de beste invulling aan de gemeenschappelijke ambitie en zorgplicht. Scenario-A borgt een goede en realistische balans in wat we willen en wat we kunnen. We kiezen er bewust voor om via onderzoek te bepalen hoe we onze financiële en personele middelen het best in kunnen zetten om tot een volwaardig uitvoeringsprogramma te komen.
2.2
De adviseur klimaat geeft invulling aan de ambitie afkoppelen van hemelwater met en bij inwoners, bedrijven en instellingen. De adviseur klimaat treedt op als kennis- en vraagbaak voor bewoners en bedrijven om gevraagd en ongevraagd informatie en advies op maat te geven over mogelijkheden voor afkoppelen, berging en infiltratie. De adviseur klimaat borgt voortgang op kwaliteit van onderzoeken en realisatie van gebiedspaspoorten (afkoppelen).
2.3
Onderzoeken onderbouwen doelmatige inzet van financiële middelen en personele capaciteit. We gebruiken onderzoeksresultaten om vast te stellen of maatregelen nuttig en doelmatig zijn. Met de juiste informatie kunnen niet noodzakelijke investeringen worden uitgesteld en effectieve maatregelen worden bespoedigd.
Kanttekeningen 1.1 Onzekerheid over prijsontwikkeling van grondstofprijzen en energie Het verloop van de inflatie en het effect daarvan op prijzen voor personeel, materiaal en energie zijn niet in te schatten. Dit kan effect hebben op de lasten die zijn opgenomen in het kostendekkingsplan. In 2025 is een actualisatie van het Kostendekkingsplan voorzien. 1.2
Schaarste aan materialen en capaciteit De prijsontwikkeling en beschikbaarheid van materialen is niet met zekerheid vast te stellen. Dit kan effect hebben op de planning van werkzaamheden. Als materialen niet voorhanden zijn kan het werk niet uitgevoerd worden. De gemeente beschikt nu niet over voldoende personele capaciteit om de werkzaamheden uit het Programma water en riolering (zowel zorgplichten als ambitie) uit te voeren. In het kostendekkingsplan is rekening gehouden met inzet van extra capaciteit. Wanneer deze inzet niet ingevuld kan worden heeft dit effect op de planning en moeten onderzoeken en maatregelen worden uitgesteld.
2.1
Wat als we niet voor scenario-A kiezen Met alle scenario’s wordt voldaan aan de primaire zorgplicht van de gemeente. Met scenario-A is een zorgvuldige afweging gemaakt tussen inzet van middelen, resultaat en risico. Met de keuze voor variant-B of -C verandert deze balans en daarmee ook de rioolheffing. B. De rioolheffing stijgt aanzienlijk met gemiddeld 7,35%(1) per jaar in de planperiode. C. De rioolheffing hoeft bij dit scenario minder hard te stijgen (gemiddeld 3,55(1) % per jaar in de planperiode).
2.2
Informatiegestuurd rioolbeheer kan leiden tot andere kosten We willen in deze planperiode verder invulling geven aan de informatiegestuurde aanpak van rioolbeheer. We verwachten dat door differentiatie naar functie en locatie efficiënter om te kunnen gaan met de beschikbare middelen.
(1) Percentage kan afwijking. Hiervoor treft u een verklaring in bijlage-3 ‘Verklaring financiële afwijking Kostendekkingsplan PWR 2024-2028’
Behoort bij zaaknummer 1234588
5
Kosten, baten en dekking De lasten voor het rioleringsbeleid (inclusief grondwater en hemelwater) worden volledig gedekt uit de rioolheffing. Voor een overzicht van uitgaven en inkomsten wordt verwezen naar het Programma Water en Rioleringsplan 2024-2028 (dit is als bijlage toegevoegd aan dit raadsvoorstel) en naar de bijlage Financieel effect PWR 2024-2028 inclusief onkruidbestrijding. In dit Programma Water en riolering wordt voorgesteld de rioolheffing te laten stijgen met 7,84% in 2024 van € 235,01 in 2023 naar € 253,44 in 2024 conform onderstaande tabel:
Rioolheffing Tarief Stijging
PWR PWR PWR PWR PWR Lokale heffingen 2023 2024 2025 2026 2027 2028 235,01 253,44 267,16 282,52 297,52 312,52 7,84% 5,41% 5,75% 5,31% 5,04%
De rioolheffing stijgt hiermee gemiddeld met circa 5,87% ten opzichte van het tarief van het jaar ervoor, exclusief inflatie. Toekomstige regulering van verhardingen op particulier terrein en handhaving van de normen zal op termijn extra capaciteit vereisen. Communicatie en participatie Na vaststelling van het PWR gaan we aan de slag met activeren en stimuleren van de inwoners van Bunnik. We zetten actief in op communicatie waarbij we de samenwerking zoeken met onze inwoners, bedrijven en instellingen. Hiervoor zoeken we de verbinding intern op met Groen zodat we de inwoners met een gezamenlijke boodschap kunnen inspireren. Uitvoering De planperiode van het Programma water en riolering begint in 2024 en loopt t/m 2028. Direct nadat het Programma water en riolering is vastgesteld beginnen we met voorbereiden en uitvoering van maatregelen. In 2025 is een actualisatie van het kostendekkingsplan gepland. Het kostendekkingsplan en actuele systeemoverzicht Stedelijk Water vormen dan de basis voor een nieuw Programma water en riolering dat vanaf 2027 wordt opgesteld. In 2030 wordt een geheel nieuw Systeemoverzicht Stedelijk Water opgesteld waarin het milieutechnisch functioneren opnieuw wordt onderzocht. Bijlagen 1. Programma Water en Riolering Bunnik 2024-2028 (4 mei 2023) 2. Financieel effect PWR 2024-2028 inclusief onkruidbestrijding 3.
Verklaring financiële afwijking Kostendekkingsplan PWR 2024-2028 Ter inzage -
Odijk, 16 mei 2023 Burgemeester en wethouders van Bunnik, de secretaris de burgemeester, dhr. mr. G. Veenhof
Behoort bij zaaknummer 1234588
dhr. R. van Bennekom
Nummer 1234588
De raad van de gemeente Bunnik; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 16 mei 2023;
besluit: 1. Het Programma water en riolering 2024-2028 vast te stellen. 2. In te stemmen met de uitvoering van scenario-A.
Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van 22 juni 2023, de griffier,
de voorzitter,
dhr. F.J. van der Lubbe
dhr. R. van Bennekom
2
Procedure raadsvoorstel / -besluit Digitaal beschikbaar bij griffie NEE
Onderwerp
Programma water en riolering 20242028
Bijgevoegde stukken Ter inzage Inhoud besluit B&W
JA NEE 1. Vaststellen Programma water en riolering 2024-2028. 2. In te stemmen met de uitvoering van scenario-A. 16 mei 2023
Datum besluit B&W In Voorrondes Open Huis Bijzonderheden
Bespreken
Gewenste planning Open Huis Raad Uiterste datum Raad
8 juni 2023 22 juni 2023 22 juni 2023
Agenda Commissie Datum bespreking Opmerkingen
23 april 2023 Dient voorafgaand aan vaststelling van de kadernota te worden vastgesteld
Behoort bij zaaknummer 1234588