CConstaterende datBunnik
Koppel je AI →
Document · PDF

22-080 Bijlage 1 - Tekstuele en financiële wijzigingen belastingverordeningen 2023.pdf

Raadsvergadering 22 december 2022, gemeente BunnikBij agendapunt: Belastingverordeningen 2023769 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage 1

Tekstuele en financiële wijzigingen belastingverordeningen 2023 Toeristenbelasting • De tarieven voor de toeristenbelasting worden met 3.4 % inflatie aangepast. In de programmabegroting 2023 – 2026 is als gevolg van het coalitieakkoord een verhoging opgenomen van de opbrengst toeristenbelasting ad € 75.000.Deze verhoging is voor € 20.000 toegerekend aan de mobiele onderkomens, het restant € 55.000 is toegerekend aan de overige accommodaties. • Artikel 3 vrijstellingen is aangepast vanwege de wijziging van de Wet Toelating Zorginstellingen (WTZ). Afvalstoffenheffing • De tarieven voor de afvalstoffenheffing worden op basis van volledige kostendekkendheid aangepast. • Artikel 8 lid 4 is toegevoegd zodat het mogelijk is ook ontheffing te verlenen als binnen het huishouden het aantal personen wijzigt/afneemt. Reinigingsrechten • Geen wijzigingen. Rioolheffing • Het tarief voor de rioolrechten wordt, conform het kostendekkingsplan gemeente Bunnik 2023, aangepast naar € 235,02. • Artikel 1 lid 2 is komen te vervallen onder vernummering van lid 3 naar lid 2. • Artikel 5 lid 2 onderdeel b t/m g: de term ‘bedrijf’ is vervangen door ‘niet-woning’. Legesverordening • Artikel 3, belastingplicht, is gewijzigd. Tarieventabel Legesverordening • • • • • • • •

De tarieven in de tarieventabel Legesverordening zijn aangepast met 3,4% inflatie, tenzij deze door derden worden aangeleverd of het wettelijk maximumtarief wordt gehanteerd. 1.1.2, het tarief voor het omzetten van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk is verhoogd. In het verleden werden hiervoor geen kosten in rekening gebracht. Met ingang van 2023 bedragen de kosten hiervoor € 55,-- per omzetting. 2.3.1.7 In plaats van het gehanteerde 3.4% inflatie is conform opgave van de Omgevingsdienst ODRU 4.5 uur * € 98,50 opgenomen. 2.3.1.1 Vanwege de gestegen bouwkosten is het maximum opgehoogd tot € 500.000. 2.3.3.1 Vanwege de gestegen bouwkosten is het maximum opgehoogd tot € 5.600. 2.3.3.3 Vanwege de gestegen bouwkosten is het maximum opgehoogd tot € 39.000. 2.3.4.1 Vanwege de gestegen bouwkosten is het maximum opgehoogd tot € 5.600. 2.3.4.3 Vanwege de gestegen bouwkosten is het maximum opgehoogd tot € 39.000.

Onroerende zaakbelasting • Bij het vaststellen van de tarieven voor de onroerende zaakbelastingen voor 2022 is rekening gehouden met een waardestijging van 7,4% voor de woningen en 0.0% voor de niet-woningen. In werkelijkheid is er een waardestijging van 7,9% voor de woningen en 0,1% waardedaling voor de niet-woningen. In de berekening van de tarieven voor 2023 wordt de nacalculatie over 2022 verwerkt conform de besluitvorming in de raad van 15 december 2016. Dit betekent dat het tarief voor 2022 voor de woningen met 0,5% (7,4% -/- 7,9%) wordt verlaagd en voor de niet-woningen met 0,1% (0 -/- 0,1%) wordt verhoogd. • In de programmabegroting 2023-2026 was aanvankelijk rekening gehouden met een waardestijging voor de woningen met 13,5% en 1,0% waardestijging voor de niet-woningen. Deze waarde ontwikkeling was gebaseerd op de gegevens uit de meicirculaire. Daarnaast worden de tarieven met het inflatiepercentage van 3,4% gecorrigeerd.

1

Bijlage 1

•

Op dit moment (7 oktober 2022) verwacht de BghU voor de woningen een gemiddelde waardestijging van 21,4% en voor de niet-woningen 0,9%. Rekening houdend met deze waarde ontwikkelingen worden de tarieven, zoals gemeld in de programmabegroting 2023-2026 gewijzigd. Op grond van de huidige informatie worden hieronder de tarieven 2022, de tarieven programmabegroting 2023-2025 en de definitieve tarieven 2023 weergegeven. Omschrijving

Tarief 2022

Tarief 2023 programma begroting

Tarief 2023 definitief

Onroerende zaakbelastingen niet-woningen: - gebruiker - eigenaar woningen:

0,2651% 0,3316% 0,1272%

0,2922% 0,3656% 0,1221%

0,2927% 0,3662% 0,1108%

Belastingcapaciteit: Woonlasten meerpersoonshuishouden In de programmabegroting 2023-2026 is in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing een overzicht opgenomen van de totale woonlasten voor een meerpersoonshuishouden ten opzichte van het landelijke gemiddelde van voorgaand jaar, de belastingcapaciteit van gemeenten. Met de aanpassing van het tarief van afvalstoffenheffing is het overzicht als volgt: Begroting 2022 614

Begroting 2023 681

2024

2025

2026

A OZB-lasten voor gezin bij gemiddelde WOZ-w aarde

Jaarstukken 2021 562

681

681

681

B Rioolheffing voor gezin bij gemiddelde WOZ-w aarde

218

227

235

235

235

235

C Afvalstoffenheffing voor een gezin

321

322

325

325

325

325

0

0

0

0

0

0

1.101

1.163

1.241

1.241

1.241

1.241

773

877

904

904

904

904

142,4%

132,6%

137,2%

137,2%

137,2%

137,2%

D Eventuele heffingskorting E Totale w oonlasten voor gezin bij gemiddelde WOZw aarde (A+B+C-D) F Woonlasten landelijke gemiddelde voor gezin in t -1 Woonlasten t.o.v. landelijke gem iddelde jaar er voor

2

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Bunnik&id=cb143b98-6a01-4d7c-9363-7ae6df88ea03