CConstaterende datBrunssum
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel 83 (bijlage 46) Aanbiedingsbrief wijziging GR KBL

Commissie Algemeen bestuurlijke aangelegenheden 10 oktober 2023, gemeente BrunssumBij agendapunt: Wijziging GR-en en zienswijzeprocedure; Gemeenteblad 2023/831.055 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aan de colleges van B&W Van de GR Kredietbank Limburg

Datum 20 juli 2023 Onderwerp Wijziging GR

Behandeld door R.C.H. van den Tillaar

Ons kenmerk UIT-BMO2305818 Uw kenmerk

Geacht college, De afgelopen 1,5 jaar is er een traject doorlopen om te komen tot een wijziging van de Gemeenschappelijke regeling Kredietbank Limburg (GR KBL). Daarvoor waren oorspronkelijk 3 redenen: (1) Er waren enkele omissies in de tekst geconstateerd; (2) Vraagstuk rond mandatering of delegatie van bevoegdheden door de deelnemers, en (3) De wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen per 1 juli 2022. Tijdens het traject kwam daar de uittreding van het college van burgemeester en wethouders van Heerlen bij. Met betrekking tot het vraagstuk van mandatering of delegatie is uitgebreid met elkaar gediscussieerd, zowel ambtelijk als bestuurlijk. Dat heeft er toe geleid dat er een voorkeurskeuze is gemaakt voor delegatie (= overdracht van de bevoegdheid). Dat betekent dat de formele verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de overgedragen bevoegdheden bij het dagelijks bestuur van KBL komt te liggen. Via de systematiek van verlengd lokaal bestuur, zoals de Wet gemeenschappelijke regelingen die kent, moet natuurlijk wél verantwoording worden afgelegd aan zowel colleges als raden. De keuze voor delegatie is vooral ook praktisch ingestoken, bijvoorbeeld i.v.m. de mogelijkheden voor toegang tot basisadministraties.

Vanuit de geconstateerde omissies én de uittreding van Heerlen kwam ook het vraagstuk op omtrent de bestuurssamenstelling van KBL en de stemverhoudingen daar binnen. Dit wordt in deze aanbiedingsbrief nog nader toegelicht. Tot slot zijn ook wijzigingen zoals die voortvloeien uit de wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen per 1 juli 2022 doorgevoerd. Op verzoek van de ambtelijke begeleidingsgroep is daarbij aangesloten bij het advies dat Boels Zanders Advocaten en Cooperación voor enkele andere Limburgse gemeenschappelijke regelingen hebben opgesteld. Ook de archiefbepaling is aangepast conform het in het kader van dat traject door de archivarissen opgestelde conceptbepaling. Bijgaand treft u een compleet nieuwe versie van de Gemeenschappelijke regeling Kredietbank Limburg waarin alle geconstateerde omissies zijn verbeterd en bovenstaande punten zijn meegenomen (zie bijlage 1). Wij hebben tevens een was-wordt-tabel opgenomen, zodat u snel kunt zien wat gewijzigd is (zie bijlage 2).

Van belang is nog om op te merken dat het formeel-juridisch om een wijziging van de Gemeenschappelijke regeling Kredietbank Limburg gaat én niet om een nieuwe gemeenschappelijke regeling. Om die reden wordt ook steeds gesproken van een wijzigingsbesluit. In dat wijzigingsbesluit worden de oude artikelen 1 tot en met 40 ingetrokken en worden nieuwe artikelen vastgesteld. Dit is juridisch van belang omdat de Wet gemeenschappelijke regelingen maar enkele opties kent: het treffen, wijzigen en opheffen van een gemeenschappelijke regeling respectievelijk toetreding tot en uittreding uit een gemeenschappelijke regeling (art. 1 en 9 Wgr). Indien geen sprake van een wijziging zou zijn, dan zou dus de huidige gemeenschappelijke regeling opgeheven moeten worden (incl. liquidatie van het openbaar lichaam) en een nieuwe gemeenschappelijke regeling getroffen moeten worden. Als laatste bieden we u de planning voor het vervolg.

Bestuurssamenstelling Voorkeursvariant Met het algemeen bestuur van KBL is eerder gesproken over de gevolgen van de uittreding van Heerlen voor de bestuurssamenstelling. De eerder gekozen lijn dat iedere deelnemer nog maar één lid in het algemeen bestuur zou krijgen, is door die uittreding niet meer mogelijk. Het dagelijks bestuur mag immers in stemmen geen meerderheid hebben in het algemeen bestuur (art. 14 lid 3 Wgr). Dat heeft ertoe geleid dat nieuwe modellen zijn ontwikkeld. In het AB is besloten dat de colleges van Maastricht en Sittard-Geleen ieder twee leden van het algemeen bestuur aanwijzen, terwijl Brunssum, Kerkrade en Landgraaf ieder één lid aanwijzen. De stemverhoudingen gelden zoals die er thans ook zijn. Wanneer er in de toekomst nieuwe toetreders komen kan dit weer heroverwogen worden, zodat alsnog naar het oorspronkelijke uitgangspunt kan worden gegaan van één lid van het algemeen bestuur per deelnemer.

Besluitvorming algemeen bestuur Uit de schriftelijke reacties van de colleges van burgemeester en wethouders kwam ook nog een ander punt naar voren. Dat betreft de zeggenschap binnen het algemeen bestuur. Door het vertrek van Heerlen hebben de vertegenwoordigers van Maastricht en Sittard-Geleen samen een meerderheid van stemmen in het algemeen bestuur. Dat betekent dat deze twee gemeenten in theorie de dienst uitmaken zolang zij het met elkaar eens zijn. De andere gemeenten hebben aangegeven dit niet wenselijk te vinden. Het algemeen bestuur heeft besloten om de oplossing niet in de stemverhoudingen te zoeken, maar in de meerderheid waarmee besloten mag worden. Daar wordt een extra eis aan toegevoegd. Wat blijft is dat er een volstrekte meerderheid vereist is voor besluitvorming (= gewone meerderheid), met inachtneming van de stemverhoudingen. Als extra eis geldt dat vertegenwoordigers van ten minste drie gemeenten moeten instemmen. Daarmee wordt de bijzondere positie van de grotere gemeenten geborgd (via de stemverhoudingen) en wordt voorkomen dat de kleinere gemeenten volledig overstemd kunnen worden (via de extra eis). Deze aanvullende bepaling is in de concept-gemeenschappelijke regeling opgenomen in artikel 6 lid 3.

Hierbij wordt opgemerkt dat het eventueel opnemen van deze bepaling vooral ook toeziet op de fase totdat er nieuwe toetreders komen. Daarna kan dit opnieuw worden bekeken, omdat naar verwachting Maastricht en Sittard-Geleen dan niet langer een meerderheid hebben samen. Voorkomen moet worden dat de besluitvormingsmechanismen te makkelijk kunnen leiden tot een patstelling in de samenwerking. Planning De oorspronkelijke planning van inwerkingtreding van de herziene gemeenschappelijke regeling op 1 januari 2024 is niet meer haalbaar door de extra stappen die we hebben moeten zetten rond de bestuurssamenstelling, n.a.v. de uittreding van Heerlen. Die uittreding is wél beoogd voor 1 januari 2024. De gewijzigde Wet gemeenschappelijke regelingen moet echter verwerkt zijn voor 1 juli 2024. Om die reden wordt nu voorgesteld qua planning aan te sluiten bij het traject dat veel andere gemeenschappelijke regelingen doorlopen met ondersteuning van Boels Zanders Advocaten en Cooperación. Die planning is grofweg:

Juni-juli 2023

September – november 2023 November – december 2023 Januari – april 2024 mei 2024 30 juni 2024

KBL brengt wijzigingsvoorstel bij colleges aan en verzoekt hen om wijzigingen in procedure te brengen Zienswijzeprocedure bij raden Verwerking ingekomen zienswijzen Toestemmingsprocedure raden Instemming colleges Inwerkingtreding wijziging

Uw college wordt verzocht de ontwerp-wijzigingsbesluit GR KBL voor zienswijze door te geleiden naar uw gemeenteraad. Met vriendelijke groet,

Ruud van den Tillaar Secretaris Namens het Algemeen Bestuur

Bijlagen: 1. Gemeenschappelijke regeling KBL 2. Was-wordt-tabel Gemeenschappelijke regeling KBL

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Brunssum&id=0356a4a7-3aae-4ecc-9975-aea47555e2d2