CConstaterende datBrunssum
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel 78 (bijlage) Rapportage Mobiliteitsplan Brunssum 2022-2032_.pdf

Raadsvergadering 29 november 2022, gemeente BrunssumBij agendapunt: Mobiliteitsplan 2022 - 2032; Gemeenteblad 2022/7819.284 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Als uit een valide onderbouwing blijkt dat handhaving door middel van een flitspaal naar verwachting een positieve bijdrage kan leveren aan de verkeersveiligheid, kan besloten worden om de aanvraag toe te kennen. Het definitieve besluit tot toezegging van een flitspaal wordt genomen door Parket CVOM (afdeling B&S) onder voorbehoud van het ondertekenen van de wegbeheerdersovereenkomst door de wegbeheerder en de plaatsingsmogelijkheden. De gemeente heeft dus geen beslissingsbevoegdheid inzake het plaatsen van flitspalen. Wél is recent een motie aangenomen door de gemeenten in Parkstad Limburg met als doel om op termijn zelfbeschikking over het plaatsen van flitspalen op gemeentelijke wegen te krijgen.

Colofon: 50

Augustus 2022 Dit rapport is opgesteld door Royal HaskoningDHV in samenwerking met de gemeente Brunssum Opdrachtgever: Gemeente Brunssum Fotoverantwoording/auteursrechten: De foto´s in dit document zijn eigendom van Royal HaskoningDHV en gemeente Brunssum. Foto’s door derden zijn voorzien van een bronvermelding

Bijlage 1: Focus op Brunssum

51

Bijlage 2: Oostflank en Mobiliteit

52

Mobiliteit en Oostflank Samen met de Provincie Limburg en Parkstad Limburg wordt gewerkt aan een kwaliteitsverbetering en structuurversterking van de Oostflank van Brunssum. De aanleg van de Buitenring Parkstad Limburg (verder: de Buitenring) biedt door de verbetering van de bereikbaarheid en zichtbaarheid van het gebied, kansen voor een economische structuurversterking, een kwaliteitsimpuls voor de ruimtelijke kwaliteit van het gebied en kansen voor maatschappelijke opgaven zoals de energietransitie en klimaatadaptatie. Op 30 juni 2020 heeft de raad een voorbereidingsbesluit genomen om ongewenste ontwikkelingen in de Oostflank van Brunssum (tijdelijk) te voorkomen. In navolging hierop is een beheersmatig bestemmingsplan opgesteld dat actuele planologische kaders zal gaan bieden voor het gebied. Daarbij worden dan ook de ongewenste ontwikkelingen uit de geldende bestemmingsplannen en beheer verordeningen definitief weggenomen. Op een later moment zal vervolgens een nieuw, ontwikkelingsgericht bestemmingsplan (of omgevingsplan) worden opgesteld dat de gewenste (door)ontwikkeling van het gebied faciliteert.

Daarmee wordt op korte termijn voorzien in actuele planologische kaders, afgestemd op onder meer de aangelegde Buitenring en het uitsluiten van ongewenste ontwikkelingen, terwijl parallel daaraan verder kan worden onderzocht welke nieuwe ontwikkelingen binnen het gebied wenselijk, maar ook uitvoerbaar zijn. Ligging en begrenzing plangebied Het plangebied van het beheersmatige bestemmingsplan voor de Oostflank van Brunssum is gelegen in het oostelijk deel van de gemeente Brunssum. Het gebied bestaat uit een aantal deelgebieden die niet direct aan elkaar grenzen. Voor een belangrijk deel wordt deze begrenzing ingegeven door het feit dat bij de vaststelling van de provinciale inpassingsplannen (PIP's) ten behoeve van de Buitenring is bepaald dat de gemeenteraad van Brunssum tot 18 maart 2026 geen bestemmingsplan mag vaststellen voor gronden waarvoor deze PIP's gelden. De gebieden blijven daarom buiten de begrenzing van voorliggend bestemmingsplan.

In navolgende afbeelding zijn de gebieden (1 t/m 5) globaal aangegeven inclusief de huidige infrastructuur:

Om op termijn te komen tot een optimale bereikbaarheid van het gebied moet bij de geplande ontwikkelingen onderzoek gedaan worden naar de gewenste toekomstige infrastructuur. Daarbij dient met name voor vrachtverkeer een goede route richting de aansluiting Buitenring-Ganzepool gevonden te worden.

53

Bij de blauwe cirkel is momenteel de komovergang aanwezig waar de grens ligt tussen de bebouwde en niet bebouwde kom. Deze komgrens is niet goed als komgrensovergang ingericht. Ook de verkeersafwikkeling op het kruispunt dient in de toekomst onderzocht te worden. Beide aspecten samen kunnen ertoe leiden dat mogelijk een rotondevorm de beste oplossing voor dit kruispunt is. Op dit moment is de veiligheid van de fietser in het geding op de Waubacherweg. Indien er een toename van vrachtverkeer richting locatie Mourik verwacht wordt, dan dient nader onderzoek gedaan te worden naar de aanleg van een vrijliggend fietspad langs die route. Door de aanleg van nieuwe wegen (blauw gestippeld) kan de verkeersveiligheid op de Waubacherweg door (de toename) van vrachtverkeer verder verbeterd worden. Een ander scenario om te onderzoeken betreft een knip van de Waubacherweg. (Vracht)verkeer kan afhankelijk van de verkaveling in het gebied tot aan de betreffende locatie rijden, maar dient altijd weer via de Ganzepool het gebied te verlaten. Dit voorkomt onnodig vrachtverkeer richting Landgraaf en de wegen die voor de ontsluiting van de Oostflank bedoeld zijn, worden daardoor ook beter benut. In de toekomst zijn dus 3 opties mogelijk zijn: A. Knip Waubacherweg (uitgezonderd fietsers) met een goede keermogelijkheden op de percelen; B. Nieuw ontsluiting zuidzijde Mourik terrein; C.

Doortrekken Kranepool naar Waubacherweg. Als laatste dient de ontwikkeling Oostflank afgestemd te worden in relatie tot de knip Rimburgerweg en mogelijke aanpassingen op het kruispunt Europaweg Noord – Waubacherweg.

Bijlage 3: Zebrapaden

54

Voetgangers zijn kwetsbare verkeersdeelnemers, zij hebben geen bescherming om zich heen zoals bestuurders in een auto. Daarom is het belangrijk een veilige omgeving te creëren om de voetgangers te beschermen. Een zebrapad lijkt bij uitstek een veilige oplossing voor de voetgangers, maar op sommige plekken is een zebrapad ongewenst. In de praktijk blijkt dat automobilisten en fietsers niet altijd stoppen voor zebrapaden, terwijl de voetgangers wel verwachten dat de bestuurders hen voorrang verlenen. Hierdoor bieden zebrapaden soms schijnveiligheid. Zebrapaden zijn daardoor niet op elke locatie wenselijk. Het zebrapad wordt in de verkeerswetgeving een voetgangersoversteekplaats (VOP) genoemd, maar omdat in de praktijk deze term bijna niet gebruikt wordt, wordt in dit beleid de term zebrapad aangehouden. Het zebrapad heeft een juridische status, bestuurder van motorvoertuigen en fietsers moeten voetgangers en bestuurders van gehandicaptenvoertuigen verplicht voorrang geven. Het zebrapad bestaat uit dwars op de weg aangebrachte witte strepen over de volle breedte van de rijbaan. De witte markering strepen zijn 0,5 meter breed, net als de tussenliggende afstand tussen de witte markering. De breedte van het zebrapad is ten minste 4 meter zodat het zebrapad goed zichtbaar is voor de verkeersdeelnemers.

Het zebrapad moet zo gesitueerd worden dat de oversteeklengte zo klein mogelijk is. Bij het zebrapad moet verlichting aangebracht worden en het verkeersbord L2 geplaatst worden. In Brunssum realiseren we met ingang van dit Mobiliteitsplan zebrapaden op 50/km u wegen en op GOW30 wegen. In het afwegingskader Zebrapaden staan de overwegingen voor het realiseren van een zebrapad.

Wegvak Wegvak km/u

GOW30

Veel voetgangers >100 voetgangers of > 50 kinderen of ouderen per etmaal Voorrang (zebra) *

Weinig voetgangers <100 voetgangers of <50 kinderen of ouderen per etmaal

Nauwelijks voetgangers < 25 voetgangers per etmaal

Voorrang (zebra) *

Geen voorziening

>200 mvt/ spitsuur of > 50 mvt/spitskwartier

Voorrang (zebra) *

Geen voorziening

Geen voorziening

<200 mvt/spitsuur of <50 mvt/spitskwartier

Geen voorziening

Geen voorziening

Geen voorziening

Wegvak 50 km/u

Veel voetgangers

Weinig voetgangers

Nauwelijks voetgangers

>1500 mvt/spitsuur of >375 mvt/spitskwartier

Verkeerslicht/ Ongelijksvloers

Verkeerslicht/ Ongelijksvloers

Ongewenst

>1000 mvt/spitsuur of >250 mvt/spitskwartier

Verkeerslicht/ Voorrang (zebra) **

Geen voorrang

Ongewenst

<1000 mvt/spitsuur of <250 mvt/spitskwartier

Voorrang (zebra) **

Geen voorrang

Ongewenst

>400 mvt/ spitsuur of > 100 mvt/spitskwartier

*Zebrapad alleen toepassen indien een aanwezige parallelle fietsoversteek ook in de voorrang ligt. **Zebrapad alleen toepassen indien geen parallelle fietsoversteek aanwezig is.

Rotonde

Gelijkwaardig kruispunt 30 km/u

Weinig voetgangers

Nauwelijks voetgangers < 25 voetgangers per etmaal

Voorrang (zebra) *

< 100 voetgangers of < 50 kinderen of ouderen per etmaal Voorrang (zebra) *

Geen voorziening

Voorrang (zebra) *

Geen voorziening

Geen voorziening

Geen voorziening

Geen voorziening

Geen voorziening

Veel voetgangers >100 voetgangers of > 50 kinderen of ouderen per etmaal

55

>400 mvt/spitsuur of > 100 mvt/ spitskwartier >200 mvt/spitsuur of > 50 mvt/ spitskwartier <200 mvt/spitsuur en < 50 mvt/ spitskwartier

*Zebrapad alleen toepassen indien een aanwezige parallelle fietsoversteek ook in de voorrang ligt.

Voorrangskruispunt Max.snelheid < 50 km/u Te kruisen arm: voorrangsweg Te kruisen arm: zijweg

Veel voetgangers Voorrang (zebra) *

Weinig voetgangers Geen voorrang

Nauwelijks voetgangers Geen voorrang

Voorrang (zebra) *

Voorrang ( zebra) *

Geen voorrang

* Zebrapad alleen toepassen als er geen naastgelegen fietsoversteek is; eventuele fietsers die de voorrangsweg oversteken, maken gebruik van de rijbaan

Ongeacht aantal voetgangers > voorrang gelijk aan die van fietsers; bij fietsers in de voorrang: zebrapad. Dit geldt altijd in de bebouwde kom. Max. snelheid > 50 km/u

Ongeacht aantal voetgangers

Ongeacht te kruisen arm

Geen voorrang

Bijlage 4: Verkeerseffecten in beeld

56

Inzicht in verkeersbeeld Verkeerstellingen zijn nodig om inzicht te krijgen in het verkeersbeeld, bijvoorbeeld bij onderzoeken waarbij gekeken wordt naar de weginrichting. Mocht de weg te druk of te rustig blijken, dan kan met de verkeersgegevens besloten worden om een reconstructie wel of niet door te voeren. Bij te hoge verkeersintensiteiten kan men kiezen om de route onaantrekkelijker te maken, of een alternatief te creëren. Maar het kan ook bijdragen aan de besluitvorming of er een rotonde, verkeerslichten of een gewone kruising moet komen. Daarnaast kan met telslangen gericht representatieve snelheidsmetingen (zonder consequenties voor het passerende verkeer) uitgevoerd worden. Dit speelt met name een rol op erftoegangswegen buiten de kom met een maximumsnelheid van 60 km/uur zonder een bijpassend wegbeeld, waar dus doorgaans (veel) te hard wordt gereden. Zodoende kan men een weg aanpassen door bijvoorbeeld drempels, plateaus of wegversmallingen toe te passen, of juist een weg met een hogere intensiteit te classificeren als een gebiedsontsluitingsweg. Bevestigen of ontkrachten van waarnemingen Daarnaast zijn verkeerstellingen nodig om subjectieve waarnemingen te bevestigen of juist te ontkrachten. Een gemeente kan bijvoorbeeld klachten krijgen dat er te hard wordt gereden op bepaalde wegen. Dit is een subjectieve waarneming.

De gemeente kan dan beslissen tot een verkeerstelling met snelheidsregistratie om dit beeld objectief te bevestigen of te ontkrachten waarna actie ondernomen kan worden om de weg of zijn omgeving aan te passen. Een ander voorbeeld is wanneer er klachten komen dat er te veel vrachtwagens rijden. Een telling kan dan kijken of dit daadwerkelijk het geval is, of dat men op basis van de functie van de weg een bepaald aandeel vrachtverkeer kan verwachten.

Ter ondersteuning van geluids- en luchtkwaliteitsonderzoek Wellicht nog belangrijker zijn verkeersgegevens ten behoeve van akoestische en luchtkwaliteitsonderzoeken die bij bestemmingsplannen horen. Bijvoorbeeld wanneer iemand een huis wil bouwen langs een weg met een geluidszone moet hiervoor akoestisch onderzoek worden uitgevoerd wat bekijkt of de voorkeursgrenswaarde wordt overschreden of niet. Hiervoor is de input van verkeersgegevens nodig, de intensiteit, de dag, avond en nachtuurpercentages en de verdeling van het verkeer over die perioden. Daarvoor moet ten minste één week worden geteld op een representatieve periode. Een representatieve periode is wanneer een normaal verkeersbeeld verwacht moet worden. Dit is buiten de bekende vakanties en feestdagen, en onder normale omstandigheden. Extreme weersomstandigheden of extra verkeer ten gevolge van ongevallen elders kunnen dit verstoren. Voor de uitvoerder van de verkeerstelling is het daarom belangrijk de situatie in de gaten te houden. Wanneer een bepaalde weg is afgesloten kan dit tijdelijk voor extra verkeer op andere wegen veroorzaken waardoor de verkeerstelling niet representatief is. Soms wil men juist tellingen uitvoeren buiten de normaal representatieve periodes, bijvoorbeeld om recreatief verkeer te registreren in vakantieperiodes, of om de omvang van het fietsverkeer vast te stellen op bepaalde routes.

Daarnaast kan het interessant zijn te kijken of verkeer bepaalde omleidingsroutes volgt, om voor nieuwe omleidingen in de toekomst vast te stellen wat het verwachte verkeersbeeld is. Voor overige verkeersonderzoeken Een telling van verkeer staat meestal aan de basis voor andere verkeersonderzoeken. De verzamelde gegevens kunnen dan dienen als invoer voor verkeersmodellen of voor het doorrekenen van een kruispuntvariant in verkeersregeltechnische software.

Monitoring Een laatste toepassing van verkeerstellingen is het monitoren van verkeer met als doel het verzamelen van intensiteitsgegevens. Veel wegbeheerders hebben hiervoor permanente tellocaties ingericht. Een groot aantal wegbeheerders publiceren deze gegevens jaarlijks in een zogenaamd telrapport waarmee inzichtelijk gemaakt wordt wat de stijging of daling op elke beheerde weg is. Eens in de zoveel tijd wordt via nieuwsberichten dan kenbaar gemaakt hoe groot of hoe klein deze stijging of daling is geweest, zodat mensen tijdens verjaardagen en samenkomsten weer een nieuw gespreksonderwerp hebben. Ook zijn er mensen die als hobby de cijfers regelmatig controleren.

57

NDW In 2009 is de Nationale Databank Wegverkeersgegevens (NDW) gestart. Dit is een samenwerking tussen Rijkswaterstaat en de lagere wegbeheerders. Doel van het NDW is het aanbieden van één locatie waar alle meetgegevens samenkomen. In 2009 bevatte het NDW ongeveer 25.000 km aan actuele informatie van de belangrijkste wegen in Nederland, waar vrijwel alle belangrijke wegen en dus ook de provinciale wegen in zijn opgenomen.

Overzicht tellocaties en tellingen

Bijlage 5: Categoriseringsplan Brunssum

58

Bijlage 6: 50 km/wegen in Brunssum 2030

59

De afbeelding geeft een overzicht van de toekomstige indeling van 50km/u wegen in Brunssum.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Brunssum&id=9df57e98-c1bf-44c0-9b6d-4e14dcb1bed1