Raadsvoorstel 78 (bijlage) Rapportage Mobiliteitsplan Brunssum 2022-2032_.pdf
Tekst van het document
Mobiliteitsplan Brunssum 2022 – 2032 Brunssum 10 minuten wandel- en fietsstad
Beste lezer,
1
Voor u ligt het Mobiliteitsplan Brunssum 2022 – 2032. In dit Mobiliteitsplan leggen we vast hoe we de komende jaren als gemeente omgaan met mobiliteit in een veranderende omgeving. De komst van de Buitenring biedt ons de kans om anders na te denken over het verkeer en de manier waarop we ons binnen Brunssum verplaatsen. Daarnaast zijn er allerlei maatschappelijke en technologische ontwikkelingen, die van ons verlangen om vanuit een ander perspectief na te denken over verkeer, mobiliteit en bereikbaarheid in onze gemeente. Vanuit de klimaatopgave waar we als samenleving voor staan, willen we met dit Mobiliteitsplan ook een bijdrage leveren aan de verduurzaming van Brunssum. We doen dat vanuit de gedachte ‘Brunssum 10-minuten wandel- en fietsstad’: een gemeente waarbinnen de bereikbaarheid en veiligheid voor voetganger- en fietser het uitgangspunt is. Daarnaast bieden we op een zorgvuldige manier ruimte aan gemotoriseerd verkeer, het openbaar vervoer en (nieuwe) vormen van aanvullende mobiliteit. Het Mobiliteitsplan Brunssum 2022 – 2032 is tot stand gekomen na een uitgebreide rondgang onder verschillende groepen: van raadsleden tot bewoners, ondernemers, belangengroepen en overige stakeholders.
De bijdragen die zij hebben geleverd en de ideeën die zij hebben voorgesteld hebben ons in staat gesteld om een mobiliteitsbeleid te creëren dat past bij Brunssum en bij de uitdagingen waar we als gemeente de komende 10 jaar voor staan.
Hugo Janssen, Wethouder.
Gemotoriseerd verkeer, vracht- en landbouwverkeer .......................... 31
Inhoud 1.
Introductie Mobiliteitsplan 2022 - 2032 ............................................. 3
Parkeren ................................................................................................. 35 4.
Een nieuw Mobiliteitsplan voor de gemeente Brunssum ....................... 3
Toekomstige wegcategorisering en weginrichting Brunssum ............... 38
Doelstelling Mobiliteitsplan Brunssum ................................................... 3
GOW 30 in Brunssum ............................................................................. 39
Sturingselementen .................................................................................. 4
Verkeersafwikkeling Lindeplein ............................................................. 41
Proces: naar een nieuw mobiliteitsplan 2022 - 2032 .............................. 5
Aanpak in- en uitvalswegen ................................................................... 42
Focus op Brunssum ................................................................................. 6 Leeswijzer ................................................................................................ 6 Begrippenlijst........................................................................................... 7 2.
Aansluiten op nationaal, regionaal en lokaal beleid ........................... 8 Mobiliteitsvisie Stadsregio Parkstad Limburg ......................................... 9
2
Ruimtelijke ontwikkelingen ................................................................... 10 3.
Mobiliteitsbeleid Brunssum .............................................................. 12 Lopen ..................................................................................................... 14 Fietsen ................................................................................................... 18 Openbaar Vervoer ................................................................................. 24 Mobiliteitsdiensten en Deelmobiliteit .................................................. 27
De Buitenring: een nieuwe wegenstructuur in Brunssum ................. 37
Komgrenzen ...........................................................................................44 5.
Verkeersveiligheid .............................................................................. 45 Objectieve ongevallencijfers .................................................................. 46 ROVL ....................................................................................................... 46
Bijlage 1: Focus op Brunssum..................................................................... 51 Bijlage 2: Oostflank en Mobiliteit............................................................... 52 Bijlage 3: Zebrapaden................................................................................. 54 Bijlage 4: Verkeerseffecten in beeld .......................................................... 56 Bijlage 5: Categoriseringsplan Brunssum ................................................... 58 Bijlage 6: 50 km/wegen in Brunssum 2030 ................................................ 59
2
1. Introductie Mobiliteitsplan 2022 - 2032 Een nieuw Mobiliteitsplan voor de gemeente Brunssum
3
Zonder dat we erbij stil staan, speelt mobiliteit een cruciale rol in ons dagelijks leven. Het is de basis voor een bereikbare samenleving, een draaiende economie en speelt een belangrijke rol in het terugbrengen van de CO2 uitstoot. Mobiliteit gaat ook over de manier waarop mensen zich verplaatsen en hoe we aangemoedigd worden dit op een duurzame, veilige en gezonde manier te doen. Dit alles leggen we vast in het Mobiliteitsplan Brunssum 2022-2032. De aanleidingen om een nieuw Mobiliteitsplan op te stellen zijn divers: De bestaande beleidsplannen zijn verouderd. Het verkeercirculatieplan dateert uit 2002 en het verkeersveiligheidsplan uit 2010; Het klimaatakkoord: op lokaal, nationaal en internationaal niveau zijn afspraken gemaakt om de klimaatopgaven aan te pakken.
Het Mobiliteitsplan is hiervoor op lokaal niveau een belangrijk instrument; De realisatie van de N300 Buitenring Parkstad: deze nieuwe regionale weg biedt op gemeentelijk niveau kans voor een verbetering van de bereikbaarheid, verkeersveiligheid en leefbaarheid; Regionaal mobiliteitsbeleid: Sinds 2018 wordt in de regio Zuid-Limburg door gemeenten, waaronder Brunssum, stadsregio Parkstad en provincie Limburg gewerkt aan een gemeenschappelijke visie op de toekomst van mobiliteit in de regio; Demografische, technologische en economische ontwikkelingen: de manier waarop de maatschappij veranderd is, is van invloed op de manier waarop we als gemeente Brunssum met mobiliteit willen omgaan; De Omgevingswet voorziet in een brede integrale aanpak van de fysieke leefomgeving, waarbij draagvlak centraal staat. Het Mobiliteitsplan is zodoende opgesteld met uitgebreide mogelijkheid tot participatie van belanghebbenden en inwoners. Het Mobiliteitsplan bestaat uit een overzicht van de mobiliteitsthema’s waar de gemeente de komende tien jaar invulling aan geeft. Per thema is beschreven waarom en welke stappen de gemeente neemt, ondersteund met concrete projecten. Het Mobiliteitsplan sluit af met een Uitvoeringsprogramma. Inwoners,
de ambtelijke organisatie, het gemeentebestuur en verschillende belangengroepen zijn betrokken bij de totstandkoming van dit Mobiliteitsplan. Op deze inbreng wordt per hoofdstuk dieper ingegaan. Bovendien is een reactienota bij dit document beschikbaar via de website van de gemeente: www.brunssum.nl/verkeer.
Doelstelling Mobiliteitsplan Brunssum Het doel van het Mobiliteitsplan is het behouden en verder verbeteren van de mobiliteit, de verkeersveiligheid en daarmee de leefbaarheid en bereikbaarheid van de gemeente Brunssum. Het Mobiliteitsplan schetst een heldere visie op het verkeer- en vervoersbeleid van de gemeente Brunssum voor de komende jaren (2022-2032). De centrale ambitie daarbij is: Brunssum 10-minuten wandel- en fietsstad. Het plan geeft een visie op een aantal mobiliteitsvraagstukken in de gemeente: De toekomstige (her)inrichting van wegen en wegcategorisering van de infrastructuur binnen de gemeente en hoofdroutenetwerken voor de verschillende modaliteiten; De toekomstige aanpak op verkeersveiligheid inclusief bijbehorende maatregelen; De inrichting van de drukkere kruispunten op de hoofdassen; De implementatie van ontwikkelingen op het gebied van duurzame mobiliteit zoals elektrisch vervoer, Het faciliteren en stimuleren van fietsgebruik en verruiming van het aanbod van verschillende vervoermiddelen.
Brunssum: 10-minuten wandel- en fietsstad
4
Stel dat je alle voorzieningen in je stad binnen tien minuten lopen en/of fietsen kunt bereiken? Wat betekent dat voor de inrichting van ons mobiliteitssysteem? Door na te denken over Brunssum als 10-minuten wandel- en fietsstad, zien we kansen en mogelijkheden die we eerder niet zagen. De hemelsbrede doorsnede van Brunssum is 3 kilometer. Een afstand die zich perfect leent voor het uitwerken van deze ambitie. Deze ambitie daagt ons uit om anders na te denken over mobiliteit en de inrichting van onze openbare ruimte. Een groot aanbod aan voorzieningen binnen 10 minuten fietsafstand van de plaats waar je verblijft, stimuleert de actieve en gezonde vormen van mobiliteit: lopen en fietsen. Het draagt bij aan inclusie, want de toegang tot voorzieningen wordt voor veel inwoners groter, naarmate deze over korte afstand beter bereikbaar zijn. Centraal in de aanpak voor 10-minuten wandel- en fietsstad Brunssum staat een nieuwe manier van denken. We redeneren vanuit loop- en fietsverbindingen en vragen ons af hoe we die zo goed mogelijk kunnen maken. In de basis richten we de ruimte dus in voor wandelaar en fietser en kijken vervolgens naar de bereikbaarheid voor het openbaar vervoer en de auto als dat de bereikbaarheid ten goede komt.
Dat betekent dat we bij nieuwe ontwikkelingen in de gemeente zoeken naar kansen om de fietsroutes in de omgeving te verbeteren, veiliger te maken, of te zorgen voor aantrekkelijke looproutes naar bijvoorbeeld de supermarkt, school of natuurgebied. Daarnaast is er de mogelijkheid om binnen 10-minuten op te stappen op het openbaar vervoer naar elders in de regio. Door te denken vanuit Brunssum als 10-minuten wandel- en fietsstad, zien we kansen om de openbare ruimte meer in te richten met oog op het bevorderen van gezondheid en ontmoeting door ruimte te bieden aan, bewegen en ontmoeten in combinatie met aantrekkelijk groen. Zo blijft Brunssum leefbaar nu en in de toekomst.
Sturingselementen Het Mobiliteitsplan beschrijft de visie en aanpak van de gemeente in woord en beeld. Het concretiseren van het beleid staat daarmee echter niet op zichzelf. Om ook daadwerkelijk resultaten te bereiken, is een aantal sturingselementen op de achtergrond essentieel. Gedragsverandering: een succesvolle uitwerking van het mobiliteitsbeleid valt of staat bij de bereidheid van mensen om anders te durven denken over hun mobiliteitsgewoonten. Om dit te realiseren, wordt in het plan regelmatig stil gestaan bij het mobiliteitsbewustzijn van inwoners en biedt het handvaten om traditionele denkwijzen te veranderen. Nieuwe mobiliteitsvormen: het actief aanbieden van nieuwe en diverse vormen van mobiliteit als deelfietsen en deelauto’s is noodzakelijk om een nieuw mobiliteitssysteem te ontgrendelen. Verkeersmanagement: het doelgericht sturen van verkeersstromen over het gemeentelijk wegennet heeft als doel een optimale verkeersafwikkeling, verbeterde verkeersveiligheid, maximale doorstroming en minimale milieuhinder. Parkeerbeleid: de vraag naar parkeerplaatsen legt een claim op de openbare ruimte. Vraag en aanbod moet zo goed mogelijk worden verdeeld, om de leefbaarheid in wijken en het centrum op peil te houden. Handhaving: om gewenst gedrag af te dwingen, is de gemeente aangewezen op handhaving door het daarvoor bevoegd gezag.
Handhaving is de controle op de naleving van de wet- en regelgeving in het verkeer en het doen naleven van deze regels.
Proces: naar een nieuw mobiliteitsplan 2022 - 2032 Het Mobiliteitsplan Brunssum 2022 - 2032 is stapsgewijs tot stand gekomen, waarbij op basis van een uitgebreid proces een vertaling is gemaakt naar een beleidsplan en een uitvoeringsprogramma. In het proces zijn de volgende fasen doorlopen: Beleidsstudie landelijke en regionale kaders en richtlijnen Met het oog op het opstellen van een integraal Mobiliteitsplan, zijn om te beginnen de relevante kaders en richtlijnen van verschillende beleidsterreinen verzameld en geanalyseerd om de kaders voor het Mobiliteitsplan te bepalen. Het onderschrijven van het nationale Klimaatakkoord door gemeenten en het aansluiten op de Omgevingswet zijn hierbij belangrijke speerpunten. Daarnaast zorgen de Mobiliteitsvisie Zuid-Limburg, de bijbehorende agenda en de Visie op Mobiliteit van de regio Parkstad Limburg, voor inhoudelijke bouwstenen voor het Mobiliteitsplan. Vanuit verkeersveiligheid is het Strategisch Plan Verkeersveiligheid (SPV) een belangrijk uitgangspunt.
5
Analyse beschikbare data toegepast op Brunssum De inhoud en beleidslijnen die op landelijk en regionaal niveau gelden, zijn vertaald naar gemeentelijk niveau. Daarvoor zijn op basis van data en cijfers over onder andere wonen, toerisme, sociaal domein, economie en duurzaamheid specifieke speerpunten voor Brunssum benoemd. Deze hebben vervolgens een verdere uitwerking gekregen in het Mobiliteitsplan. Raadplegen: Burgerparticipatie De Omgevingswet verlangt van gemeenten, dat bij de totstandkoming van (nieuwe) beleidsplannen een vorm van participatie plaatsvindt. Het resultaat is dat nieuwe plannen aansluiten op ervaringen en behoeften van inwoners zodat er breder draagvlak ontstaat. Inwoners zijn bij het opstellen van het Mobiliteitsplan betrokken middels een uitgebreide inspraakmogelijkheid in een digitale omgeving, op maat gemaakt voor Brunssum. Daarnaast is de integraliteit met andere beleidsvelden en de stem van de inwoner geborgd via overleggen met een interne klankbordgroep. Ook de raadsfracties zijn tijdens informatiebijeenkomsten geïnformeerd over de kaders van het Mobiliteitsplan.
Stakeholders Er heeft inhoudelijk overleg plaatsgevonden met vertegenwoordigers uit (plaatselijke) organisaties en belangengroepen als de Fietsersbond, VVN, Arriva, Wandelnet en de veiligheidsdiensten. Via een online interview en aansluitende mailcorrespondentie zijn zij betrokken bij de inhoudelijke uitwerking van het Mobiliteitsplan. Interne klankbordgroep In twee interne klankbordbijeenkomsten is de inhoud van het Mobiliteitsplan ambtelijk afgestemd en gespiegeld aan de verschillende gemeentelijke beleidsterreinen. Zo is geborgd dat het Mobiliteitsplan inhoudelijk aansluit op andere beleidsthema’s en ontwikkelingen binnen de gemeente of deze zelfs versterkt. Hierbij is met name afstemming gezocht tussen de afdelingen Ruimtelijke Ontwikkeling en Openbare Ruimte. Informatiebijeenkomst raadsfracties In digitale bijeenkomsten zijn de raadsfracties informeel geïnformeerd over de vorm en inhoud van het nieuwe Mobiliteitsplan. Tijdens deze bijeenkomsten hebben de leden van de fracties gesproken over de toekomst van mobiliteit binnen de gemeente en wat ervoor nodig is om de opgaven waar de gemeente voor staat aan te pakken.
Resultaat Het resultaat is een breed gedragen Mobiliteitsplan, waarbij vanuit verschillende perspectieven inbreng is geleverd. Zo is het een toekomstbestendig en richtinggevend plan, voor alle inwoners van de gemeente Brunssum.
Focus op Brunssum
Leeswijzer
Met het nieuwe mobiliteitsplan spelen we in op de demografische kenmerken van Brunssum. Brunssum maakt deel uit van de regio Parkstad Limburg. Parkstad is een regio met specifieke uitdagingen zoals krimp in het aantal banen en inwoners, vergrijzing en inwoners met ongezonde levensstijl. De regio is auto-georiënteerd en er wordt door inwoners relatief weinig gefietst. Het nieuwe Mobiliteitsplan van Brunssum speelt strategisch in op deze kenmerken, door mobiliteitsbeleid hand in hand te ontwikkelen met andere beleidsvelden in de gemeente. Een grotere weergave van onderstaande figuur is opgenomen in bijlage 1.
Het Mobiliteitsplan is zorgvuldig opgebouwd, zodanig dat alle belangrijke thema’s en achtergronden goed met elkaar verweven zijn. De volgende onderdelen beschrijven het proces dat is gevolgd in de totstandkoming van het Mobiliteitsplan. Daarnaast benoemen we sturingselementen, die we inzetten om de doelen en ambities in het plan ook concreet te kunnen uitvoeren. In hoofdstuk 2 wordt ingezoomd op de belangrijkste regionale beleidskaders, de ruimtelijke ontwikkelingen en demografische kenmerken van Brunssum waarop het Mobiliteitsplan aanhaakt. Daarmee zorgen we er onder andere voor dat het plan aansluit bij het Regionaal Mobiliteitsbeleid van Parkstad Limburg en dat het past bij de ruimtelijke context van Brunssum. Hoofdstuk 3 beschrijft het mobiliteitsbeleid, waarin per modaliteit invulling gegeven wordt aan de doelstellingen en ambities voor Lopen, Fietsen, Openbaar Vervoer, Mobiliteitsdiensten en Deelmobiliteit, Gemotoriseerd verkeer en Parkeren. Parkeren wordt aanvullend uitgewerkt in een separate nieuwe Parkeernota dat tegelijkertijd met het Mobiliteitsplan is opgesteld. Hoofdstuk 4 geeft inzicht in de kansen die de realisatie van de Buitenring biedt, om het mobiliteitsbeleid uit te werken over de inrichting van bepaalde wegen en de manier waarop we met mobiliteit omgaan. In hoofdstuk 5 wordt vervolgens de verkeersveiligheidsaanpak voor de komende jaren uitgewerkt.
6
Separaat aan dit Mobiliteitsplan is het Uitvoeringsprogramma Mobiliteit gevoegd, met daarin vermeld de concrete projecten, die op basis van het nieuwe beleid uitgevoerd gaan worden. Ook wordt er een financieringsvoorstel in gedaan.
Figuur 1. Focus op Brunssum
Begrippenlijst Aanvullend vervoer: Aanvullend vervoer is openbaar vervoer voor mensen die niet zelfstandig met het openbaar vervoer kunnen reizen. CROW: Het CROW (Centrum voor Regelgeving en Onderzoek in de Grond-, Wateren Wegenbouw en de Verkeerstechniek) is een Nederlandse stichting die zich opstelt als kennisinstituut voor infrastructuur, openbare ruimte, verkeer en vervoer, en werk en veiligheid. Deelmobiliteit: Vervoersmiddelen die gedeeld worden zoals deelauto’s, deelscooters of deelfietsen.
7
Duurzaam Veilig: Concept om de verkeersveiligheid op wegen in Nederland te verbeteren. Duurzaam Veilig beoogt een reductie van het aantal verkeersslachtoffers door middel van een systeem waarin vorm, functie en gebruik op elkaar zijn afgestemd, en waarbij wordt uitgegaan van de beperkte mogelijkheden van de verkeersdeelnemer. ETW – Erftoegangsweg: Een weg die bedoeld is om verkeer uit te wisselen, zowel op wegvakken als op kruispunten. Een erftoegangsweg is het meest lokale wegtype in de Nederlandse wegcategorisering. Het betreft wegen met gemengd langzaam verkeer en gemotoriseerd verkeer, zonder rijrichtingscheiding en meestal zonder gescheiden fietspaden. GOW – Gebiedsontsluitingsweg : Een gebiedsontsluitingsweg is een weg die is bedoeld om landelijk of stedelijk gebied te ontsluiten. De wegvakken hebben hierbij een doorstroomfunctie, terwijl de gelijkvloerse kruispunten uitwisseling van verkeer mogelijk maken met lagere orde wegen. Ketenmobiliteit: Ketenmobiliteit is een verzamelbegrip voor het mogelijk maken van het gebruiken van diverse vervoermiddelen tijdens een reis. Het draagt niet alleen bij aan het reisgemak van de reizigers, maar het levert ook een bijdrage aan het oplossen van de problemen met files en bereikbaarheid.
Leefbaarheid: De mate waarin het (gemotoriseerd) verkeer de normale uitoefening van andere activiteiten die eigen zijn aan de omgeving hindert of verstoort. Oorzaken van deze hinder zijn bijvoorbeeld geluidsoverlast, verkeersonveiligheid of barrièrewerking. Hoe kleiner de verstoring des te beter is de leefbaarheid Mobiliteitsplan: Het mobiliteitsplan beschrijft de langetermijnvisie van de gemeente op verkeer en vervoer. Het plan schetst onder andere de gewenste infrastructuur met aandacht voor bereikbaarheid, verkeersveiligheid, leefbaarheid en duurzaamheid. Openbaar Vervoer (OV): is personenvervoer dat openbaar toegankelijk is, dat wil zeggen dat iedereen die dat wil van de vervoerdienst gebruik kan maken, mits de reiziger het geldende tarief betaalt. OV-knooppunt: Dit zijn plekken waar mensen overstappen tussen verschillend openbaar vervoer, verblijven en elkaar ontmoeten. Strategisch Plan Verkeersveiligheid (SPV): Landelijk verkeersveiligheidsbeleid, aanvullend op Duurzaam Veilig, met als doel 0 verkeersdoden in 2030. SPV biedt een risico gestuurde aanpak op het gebied van verkeersveiligheid. Door het in kaart brengen van risico’s en vervolgens maatregelen te nemen om de grootste risico’s te verminderen wordt de verkeersveiligheid vergroot. Verkeersveiligheid: Verkeersveiligheid of verkeersonveiligheid is de mate van veiligheid in het wegverkeer.
WMO: De Wet maatschappelijke ondersteuning 2015, voorziet in het ondersteunen van de zelfredzaamheid en participatie van mensen met een beperking, chronische psychische of psychosociale problemen. Onder andere in het aanbieden van vervoer.
2. Aansluiten op nationaal, regionaal en lokaal beleid Samengevat Het Mobiliteitsplan past binnen de vigerende beleidskaders op verschillende overheidsniveaus en sluit zo aan op de Omgevingswet, regionale mobiliteitsvisies en de centrumvisie 2026; Stadsregio Parkstad Limburg heeft van de Provinciale Mobiliteitsvisie een regionale doorvertaling gemaakt in de “Visie op Mobiliteit” met daarin 5focuspunten voor lokaal mobiliteitsbeleid in de regio. Deze focuspunten zijn als kader gebruikt voor Mobiliteitsplan Brunssum. De opzet is de structuur geweest voor de stakeholdersessies en de inwonerparticipatie en voor de manier waarop de inhoud van dit plan is verzameld
Omgevingswet en Omgevingsvisie 8
Een belangrijk uitgangspunt voor het Mobiliteitsplan is de (inwerkingtreding van) de Omgevingswet1. Na de inwerkingtreding wordt ook de Planwet Verkeer en Vervoer onderdeel van de Omgevingswet. De Omgevingswet voorziet in een integrale aanpak van (beleids)plannen in het fysieke domein zoals mobiliteit gekoppeld aan bijvoorbeeld ruimte en economie, en legt daarbij een sterke focus op participatie. Gemeenten leggen hun beleidsspeerpunten daarbij vast in een Omgevingsvisie. Omdat de Omgevingsvisie voor Brunssum (op het moment van schrijven) nog niet is vastgesteld, biedt dit Mobiliteitsplan een sterke basis om accenten vanuit dit mobiliteitsbeleid aan de Omgevingsvisie mee te geven.
Mobiliteitsvisie Zuid-Limburg De Provincie Limburg heeft in 2020 samen met haar partners de Mobiliteitsvisie Zuid-Limburg opgesteld. Op dit moment bestaat het overgrote deel van de verplaatsingen in Zuid-Limburg uit automobiliteit. Dit leidt over het algemeen niet (meer) tot grootschalige structurele capaciteitsknelpunten. Als gevolg van de groei
1 Beoogde invoering in 2023per 1 juli 2022
van de economie en de agglomeratiekracht van Zuid-Limburg binnen de Euregio, is het belangrijk om de bereikbaarheid regionaal op peil te houden en tegelijkertijd bij te dragen aan maatschappelijke- en klimaatopgaven. De regio gaat met deze visie voor een mobiliteitstransitie. Een transitie die resulteert in meer ‘actieve, dus gezondere mobiliteitsvormen’ en ‘duurzamere en meer inclusieve mobiliteit’.
Structuurvisie Brunssum 2025 De Structuurvisie Brunssum 2025 is in 2009 vastgesteld. Het doel van de Structuurvisie Brunssum is om de ruimtelijke kwaliteit binnen het gemeentelijk grondgebied te verbeteren en sturing te geven aan toekomstige veranderingsprocessen. Brunssum richt zich op het behouden en versterken van de gemeente als onderscheidende, kwalitatief goede woonplek. Brunssum moet ook in 2025, mede in het licht van de veranderende demografische omstandigheden, niet alleen een aantrekkelijke woongemeente zijn, maar ook een gemeente waar goed geleefd kan worden.
Centrumvisie Brunssum 2020-2026 Succesvol mobiliteitsbeleid gaat gepaard met nauwkeurige inpassing binnen ruimtelijke ontwikkelingen in de gemeente. In 2020 stelde de gemeenteraad de nieuwe Centrumvisie “Centrum Brunssum 2020-2026” vast. De Centrumvisie beschrijft de doelen die de gemeente voor de komende jaren met de binnenstad beoogt en geeft aan waar strategische speerpunten liggen. Verjongen, Internationaliseren en Verduurzamen zijn daarvoor kernwaarden om een aantrekkelijke ontmoetingsplek van het centrum te maken. Vanuit de functies Wonen, Diensten en Ontmoeten wordt hier de komende jaren invulling aan gegeven. Het Mobiliteitsplan sluit aan op de principes van de Centrumvisie en speelt hierin een faciliterende rol. Mobiliteitsplan Brunssum 2022 – 2032 geldt na vaststelling als vigerend mobiliteitsplan voor de gemeente Brunssum en vervangt beleidsdocumenten: Verkeerscirculatieplan Brunssum 2002 Verkeersveiligheidsplan 2010 – 2020
Mobiliteitsvisie Stadsregio Parkstad Limburg Vertaling van regionaal naar gemeentelijk mobiliteitsbeleid
9
De regio heeft in de afgelopen jaren met de aanleg van de Buitenring Parkstad flink geïnvesteerd in de auto-bereikbaarheid. Parkstad Limburg wil nu profiteren van deze investering, door in te zetten op: Duurzaamheid & energietransitie: inzetten op elektrisch busvervoer, laadinfrastructuur voor elektrische auto’s en fietsen en deelmobiliteit Gezond bewegen: ervoor zorgen dat mensen meer lopen en fietsen Inclusiviteit: ervoor zorgen dat iedereen toegang heeft tot mobiliteit en daardoor kan meedoen aan de samenleving Ontbrekende schakels: vitale gebieden nog beter met elkaar verbinden Parkstad is een regio met specifieke demografische uitdagingen. De regio kent (in tegenstelling tot veel andere stedelijke regio’s in Nederland) een krimp in het aantal inwoners. Als gevolg van een veranderende bevolkingssamenstelling, neemt het aantal huishoudens wél toe. Dat blijkt uit cijfers van het CBS en het RIVM. Er is sprake van vergrijzing en ontgroening en relatief veel mensen hebben een ongezonde levensstijl en/of ervaren een vorm van eenzaamheid. Voor een nieuwe visie op mobiliteit is het belangrijk om deze context te begrijpen. Daarnaast kan mobiliteit indirect een bijdrage leveren aan deze uitdagingen. Zo dragen actieve vormen van mobiliteit (lopen en fietsen) bijvoorbeeld bij aan een betere gezondheid en een beter leefklimaat.
De beschikking hebben over mobiliteit is randvoorwaardelijk om andere mensen te ontmoeten. Om haar doelen te bereiken werkt de Stadregio vanuit 5 Focuspunten: Focuspunt #1 – Zet in op lopen en fietsen Focuspunt #2 – Verruim het aanbod van vervoersmiddelen Focuspunt #3 – Zet in op elektrisch vervoer Focuspunt #4 – Verbeter de leefbaarheid Focuspunt #5 – Bereikbaarheid & Verkeersveiligheid Focuspunt #6 Parkeren is door de gemeente Brunssum als bouwsteen voor een goede openbare inrichting toegevoegd
Deze focuspunten zijn in de totstandkoming van dit Mobiliteitsplan steeds kapstok geweest van waaruit de behoeften in het toekomstig mobiliteitssysteem en de mobiliteitsbehoeften van Brunssum zijn getoetst. Door deze aanpak is het regionaal beleid sterk verankerd in het gemeentelijke Mobiliteitsplan.
Figuur 2. Focuspunten op mobiliteit in Stadsregio Parkstad Limburg en gemeente Brunssum
Ruimtelijke ontwikkelingen In de komende jaren spelen er diverse ruimtelijke ontwikkelingen in Brunssum, waarmee het mobiliteitsbeleid raakvlakken heeft. Er wordt onderscheid gemaakt in gebiedsontwikkelingen, infrastructurele projecten en ontwikkelingen op het gebied van toerisme.
Gebiedsontwikkelingen
10
Uitwerking Centrumplan, met het autoluw maken en herinrichten Ing. Op den Kampstraat en Lindeplein. Ook is het parkeer- en ontheffingenbeleid geactualiseerd en wordt geanticipeerd op de aanleg van een centraal OVoverstapstation. Daarnaast is ook woningbouw in ontwikkeling, zowel in publieke als in private initiatiefprojecten. Bij deze projecten stemmen we vanuit het mobiliteitsbeleid af wat daarbij wenselijk is op het gebied van parkeren en verkeersregulering. Reconstructie bedrijventerrein Haefland: de gemeente werkt aan de ontwikkeling van een aantal nieuwe kavels op bedrijventerrein BSV Limburgia en een toekomstige reconstructie van het bedrijventerrein Haefland. Aanpak Oostflank Brunssum: De gemeente ontwikkelt plannen voor herontwikkeling van het gebied Oostflank. Het gebied van 360 hectare kan flink op de schop. Bestaande verbindingen kunnen worden verbeterd, een facelift voor bedrijventerreinen, nieuwe bedrijfskavels en meer ruimte voor groen, duurzame energieopwekking en toerisme/recreatie. De aanpak Oostflank behelst momenteel een project waarbij het terrein van Mourik doorontwikkeld wordt tot een duurzaam logistiek bedrijvenpark met een zo optimaal mogelijke invulling (zie bijlage 2 voor verdere toelichting).
Infrastructurele projecten Transformeren Rumpenerstraat, in afstemming met de geplande reconstructie van de Bodemplein-route en het gedeelte Bodemplein-/Heugerstraat, Herinrichting Trichterweg – Maastrichterstraat en herinrichting Prins Hendriklaan. Deze straten zijn minder druk dan vroeger vanwege de openstelling van de Buitenring waardoor er meer ruimte gemaakt kan worden voor langzaam verkeer. Ook wordt gewerkt aan een andere indeling van de wegen.
Toerisme Op het gebied van toerisme zijn enkele ontwikkelingen die raakvlak hebben met kansen voor mobiliteit in de gemeente: Het tracé van de Leisure Lane ligt vast en momenteel is het project, waar de Provincie Limburg kartrekker van is, in voorbereiding. In Brunssum loopt het tracé via de zuidflank van de gemeente: rondom de Emmaweg richting Brunssumerheide. Op 18 maart 2021 tekenden de 16 Zuid-Limburgse gemeenten, met steun van provincie Limburg, de samenwerkingsovereenkomst om het wandelroutesysteem Knopen Lopen te realiseren. Het wandelnetwerk van 1800 km wordt aangelegd in de driehoek tussen Sittard-Geleen, Vaals en Eijsden-Margraten en zal aansluiten op bestaande knooppuntennetwerken van Echt-Susteren, de Voerstreek en het Aachener Wald. Revitalisering van het Schutterspark: Brunssum wil de potentie van het park verhogen door de verbinding te leggen met het centrum van Brunssum.
Ruimtelijke ontwikkelingen en mobiliteit Het toetsen van het aantal verkeersbewegingen dat een ruimtelijke ontwikkelingen genereert, is een vast onderdeel in de planvorming van de gemeente. Het aantal verkeersbewegingen is van invloed op de leefbaarheid en de bereikbaarheid. Bovendien moet dit aantonen of de bestaande infrastructuur voldoende draagkrachtig is en of er verkeersveiligheidsknelpunten ontstaan.
Mobiliteitsbeleid en duurzaamheid (klimaatmitigatie en klimaatadaptatie) Duurzame mobiliteit wordt in het kader van de klimaatopgave ook vormgegeven met het oog op energie neutrale mobiliteit. De beleidsterreinen mobiliteit en duurzaamheid trekken daarin gezamenlijk op. Hierdoor levert mobiliteit ook een bijdrage aan de energiedoelstellingen (zie ook RES Zuid Limburg) en andere klimaatopgaven. Zodoende heeft gemeente Brunssum in de uitwerking van haar beleid in de openbare ruimte specifieke aandacht voor de onderstaande punten: •
•
11
•
•
© CycloMedia Technology B.V.
Klimaatbestendige openbare ruimte door bij de inrichting van de infrastructuur rekening te houden met: Het voorkomen en waar mogelijk inperken van hitte-eilanden Vergroenen en verduurzamen van de leefomgeving, rekening houdend met klimaatadaptatie (het wordt natter/ het wordt droger) en een natuur inclusieve openbare ruimte Elektrificeren wagenpark incl. een laadstructuur. Deze laadstructuur kan mogelijk ook van toegevoegde waarde zijn voor het uitvlakken van piekmomenten op het elektriciteitsnet. De mate waarin de infrastructuur voor mobiliteit een bijdrage kan leveren aan het opwekken van de benodigde energiebehoefte. Hierbij willen we graag inzicht hoe bijv. met wind- of zonne-energie, elektriciteit kan worden opgewekt door bijvoorbeeld: Overkappen/ inrichten van parkeerterreinen (auto, fiets) of de infrastructuur (mogelijk met zonnepanelen) Overdekte mobiliteits-hubs (mogelijk met zonnepanelen) Rotondes met energie gerelateerde kunst in te richten Gebruik van (midden) bermen Bij de uitwerking van plannen rekening te houden met circulariteit om daardoor ook de CO2 productie bij de uitvoering van het mobiliteitsplan zo laag mogelijk te houden.
3. Mobiliteitsbeleid Brunssum
12
Samengevat Om richting te geven aan 10 minuten-wandel- en fietsstad Brunssum, maakt de gemeente in de komende jaren nieuwe keuzes op het gebied van mobiliteit. De traditionele focus op autoverkeer wordt losgelaten. De auto staat daardoor niet meer eenzaam bovenaan in de mobiliteitsketen, maar vormt slechts een van de schakels hierbinnen. Voetgangers, fietsers, openbaar vervoer en nieuwe vormen van (elektrische) mobiliteit krijgen daarin meer prioriteit en vullen elkaar aan. De basis daarvoor is het STOMP-principe (zie volgende pagina). Zo stimuleert de gemeente een systeem waarin mobiliteit een sleutel is in de duurzame en gezonde bereikbaarheid van voorzieningen en diensten voor inwoners en ondernemers van de stad. In dit hoofdstuk is per modaliteit uitgelicht wat inwoners belangrijk vinden. Dit is door middel van brede inwonersparticipatie in de maanden augustus en september 2021 in beeld gebracht. Veel van de ingebrachte ideeën en aandachtspunten zijn in dit hoofdstuk vertaald; Het mobiliteitsbeleid sluit (in lijn met het Centrumplan 2026) aan op de wensen van ondernemers, om het centrum en voorzieningen aantrekkelijker bereikbaar te houden voor inwoners en bezoekers, en met oog voor alle verschillende vervoersmiddelen.
Onderlegger voor het mobiliteitsbeleid zijn de vijf focuspunten die in het regionaal Mobiliteitsplan van Parkstad zijn uitgewerkt en het zesde focuspunt parkeren dat door de gemeente Brunssum is toegevoegd. Het Mobiliteitsplan is zo opgesteld, dat alle facetten uit het regionale beleid zijn verweven met het gemeentelijk beleid. Per modaliteit wordt een omschrijving gegeven van de doelen en functies die de gemeente de komende jaren uitwerkt. Daarbij wordt inhoudelijk toegelicht hoe de gemeente dat voor zich ziet. Bovendien wordt beschreven welke projecten er de komende jaren gepland zijn en wat u als inwoner belangrijk vindt.
© CycloMedia Technology B.V.
Mobiliteitsbeleid op basis van STOMP
Een passend instrument bij het realiseren van Brunssum 10-minuten wandel- en fietsstad is het STOMP – principe en dat is overgenomen uit de Mobiliteitsvisie Zuid-Limburg. Het is een methode waarbij in de openbare ruimte in volgorde van importantie ruimte wordt gereserveerd voor Stappen (lopen), Trappen (fietsen), Openbaar en collectief vervoer, Mobiliteitsdiensten en de Privéauto en parkeren. Dit sluit naadloos aan op de ambitie van Brunssum als 10-minuten wandel- en fietsstad. Lopen en fietsen wordt in dit principe als meest aantrekkelijk vervoersmiddel gestimuleerd, met name binnen de gemeente. Hierdoor wordt erin de fysieke leefomgeving hier nadrukkelijk ruimte voor opgenomen. Vervolgens wordt er ruimte gereserveerd voor het OV (waar van toepassing), deelmobiliteit en de personenauto en parkeren. Bij herinrichting- en reconstructieprojecten wordt STOMP op maat toegepast zodat het aansluit bij de betreffende (woon)omgeving. De inrichting op basis van het STOMP-principe doet niets af aan de bereikbaarheid. Juist door de doorstroming op de ontsluitende wegen te waarborgen en/of te vergroten, is er ruimte om in woon- en verblijfsgebieden de leefbaarheid te verbeteren. Dit komt de aantrekkingskracht van Brunssum als woongemeente ten goede. Voor de bereikbaarheid van sommige locaties heeft lopen of fietsen niet de voorkeur.
Bijvoorbeeld als gevolg van de afstand of de functie van een bestemming. STOMP betekent daarom niet dat er bij wegen eerst een voetpad wordt aangelegd, daarna een fietspad en de overige ruimte beschikbaar wordt gesteld voor de auto, maar dat er een veilige integrale mobiliteitsoplossing wordt gekozen waar de gebruiker centraal staat. De afbeelding hiernaast geeft de voorkeursmodaliteit aan bij verschillende afstanden. Voor de wandelvoorzieningen, zet de gemeente in op een passend kwaliteitsniveau bij de omgeving zodat elke inwoner binnen de kernen voorzieningen goed te voet kan bereiken. Niet iedereen beschikt over een rijbewijs en/of auto. Dit kan een bewuste keuze zijn, maar ook zijn ingegeven door bijvoorbeeld leeftijd, kosten of (fysieke) beperkingen. Om iedereen aan de maatschappij deel te kunnen laten nemen, wordt ingezet op het versterken van de mobiliteitsnetwerken fiets, collectief vervoer en deelmobiliteit.
13
Stappen
Trappen
Openbaar vervoer
Mobiliteitsd iensten
Privéauto / parkeren
Lopen Samengevat
14
Brunssum zet zich in om lopen als uitstekende en toegankelijke modaliteit voor korte afstanden en ter bevordering van de gezondheid op de kaart te zetten, door o Het op orde brengen van de wandelinfrastructuur, (rust)voorzieningen en oversteekplaatsen o Het aansluiten op de aantrekkelijke wandelroutes in de omgeving (Toeristische wandelroutes als Knopen Lopen) o Het voorkomen van barrièrewerking voor voetgangers door drukke ontsluitingswegen in de gemeente of het ontbreken van oversteekplaatsen Met educatie, campagnes en evenementen maken we mensen bewust van de voordelen van wandelen en stimuleren we jong en oud om er te voet op uit te trekken
Lopen is een gezonde en milieuvriendelijke manier van verplaatsen. Met goede wandelroutes naar bijvoorbeeld voorzieningen en OV-locaties, zorgen we ervoor dat lopen een prominentere rol krijgt in de mobiliteitsketen. Actieve mobiliteit stimuleert bovendien een verbetering van de verkeersveiligheid, sociale veiligheid, bereikbaarheid, gezondheid en de leefbaarheid. Voetgangers behoren, samen met fietsers, tot de groep langzame en meest kwetsbare verkeersdeelnemers. De kwaliteit van de voetpaden binnen de gemeente verdient daarom continu de aandacht, met name binnen de wijken.
Het netwerk op orde Lopen is populairder dan ooit. De coronapandemie en bijbehorende maatregelen maakten dat Nederland massaal aan het lopen ging. Uit de Nationale Wandelmonitor 2021 van stichting Wandelnet blijkt dan ook dat Nederlanders meer zijn gaan lopen. In de monitor gaf zo’n 83% van de ondervraagden aan van plan te zijn, om ook na de pandemie regelmatig te blijven lopen. Uit de Wandelmonitor blijkt bovendien dat lopen goed is voor de gezondheid én voor de lokale economie. Om de bereikbaarheid en de kwaliteit van voorzieningen binnen de gemeente Brunssum te verbeteren, is het van belang om een volledige hoofdstructuur voor lopen aan te bieden. Belangrijk zijn daarbij de inrichting en toegankelijkheid van de trottoirs en de oversteekplaatsen. We onderscheiden twee soorten loopverkeer in Brunssum: 1. Functioneel lopen 2. Recreatief lopen
1. Functioneel lopen 15
Om lopen in de gemeente aantrekkelijker te maken, moet de basis op orde zijn. Het netwerk, de wandelinfrastructuur, is de ruggengraat voor wandelaar tussen woning en de belangrijkste werk-, school- en voorzieningenlocaties binnen de gemeente. Met aandacht voor een aantal functionele criteria voor afstand en kwaliteit, zorgt de gemeente voor een goede basis voor lopen. Naast het netwerk moet bovendien de openbare ruimte aantrekkelijk zijn en uitnodigen om te lopen: een ommetje te maken. Een aantal criteria is daarbij belangrijk: Hierbij wordt de aansluiting gezocht bij het Handboek mens en openbare ruimte2. Afstanden De afstand die iemand acceptabel vindt om te lopen verschilt per persoon en hangt af van verschillende factoren. Zo zijn stedenbouwkundige aspecten als bebouwing en groen van invloed voor de beleving van de loopafstand. Daarnaast heeft
2 Dit boek van Maas & Kuitert (2016) beschrijft de relatie tussen gebruik, ontwerp en
inrichting van de openbare ruimte. Hierin worden richtlijnen uitgewerkt voor aantrekkelijk, veilig en toegankelijk inrichten van de ruimte op verschillende schaalniveaus.
Brunssum te maken met hoogteverschillen waardoor lopen niet voor iedereen altijd even makkelijk is. Om de bereikbaarheid van voorzieningen binnen de gemeente Brunssum te verbeteren, hanteren we een aantal richtlijnen die gebaseerd zijn op acceptabele loopafstanden. Van huis naar: Algemene voorzieningen zoals winkels, zorgvoorzieningen en werklocaties en bushalte: 500 – 750 meter; School en sportvoorzieningen: 750 – 1.000 meter; Geparkeerde privéauto: 100 – 200 meter; De acceptatie van de loopafstand hangt daarnaast af van een groot aantal factoren zoals aantrekkelijkheid, directheid, veiligheid (sociaal en verkeer) op de wandelroute en de fysieke mogelijkheden van de voetganger.
Wandelen en gedragsverandering Om lopen als modaliteit aantrekkelijk te maken, is meer nodig dan alleen goed ingerichte en volledige wandelnetwerken. Om wandelen aantrekkelijk te maken, is het van belang om te laten zien dat lopen leuk is en gezond voor je kan zijn. Door het aanbieden van mooie routes stimuleren we mensen om er te voet op uit te trekken. Daarnaast wordt voor kinderen jaarlijks een avondvierdaagse georganiseerd. In samenwerking met scholen, Wandelnet en het VVN wil de gemeente zich inzetten om ook lopen naar school vanzelfsprekend te maken. Door samen educatieprogramma’s (bijvoorbeeld het programma Gezonde Basisschool) en campagnes op te zetten, zetten we letterlijk stappen naar een groter aantal wandelende inwoners en maken we lopen als actieve vorm van mobiliteit vanzelfsprekend.
16
Kwaliteit wandelvoorzieningen Voor de inrichting van de wandelinfrastructuur baseren we ons op de richtlijnen voor voetgangers in het CROW ASVV20213. Hoogteverschillen, aanwezigheid van bebouwing en de bestaande wegenstructuren maken het niet altijd mogelijk om hieraan te voldoen. De belangrijkste kwaliteitseisen die Brunssum stelt aan wandelvoorzieningen zijn: Uit de inspraakronde onder inwoners van de gemeente, blijkt dat op een aantal locaties de kwaliteit en toegankelijkheid van de trottoirs ondermaats wordt bevonden. De gemeente heeft deze locaties in het vizier en neemt dit mee in onderhoudsprogramma’s voor de komende jaren. Voetpaden zijn toegankelijk voor personen in een scootmobiel of rolstoel, of mensen met een kinderwagen. De trottoirs zijn daarom bij kruispunten altijd voorzien zijn van een verlaagde trottoir- of inritband met helling ≤ 1:10 en breedte ≥ 1,2 m Voetpaden in het netwerk zijn voldoende breed en liefst verhard. De minimale maat voor een trottoir is 1,50 meter breed (5 tegels).
Zo kunnen ook personen in een scootmobiel goed gebruik maken van de voorzieningen (zie kader) Het plaatsen van obstakels als terrassen, reclameborden, fietsenrekken, laadpalen etc.) op de trottoirs wordt zoveel mogelijk voorkomen via de gemeentelijke APV (2020) De bewegwijzering en de verlichting op de wandelroutes is op orde Zoveel mogelijk voorkomen van barrièrewerking op wandelroutes door bijvoorbeeld drukke ontsluitingswegen in de gemeente of het ontbreken van oversteekplaatsen Oversteekplaatsen zijn herkenbaar ingericht, voor zowel automobilisten als voor voetgangers (met een visuele beperking). In 30km zones komen in de regel geen zebrapaden voor, op GOW30 wegen in de toekomst wel. (zie bijlage 3) 3 Het CROW (Centrum voor Regelgeving en Onderzoek in de Grond-, Water- en Wegenbouw
en de Verkeerstechniek) is een Nederlandse stichting die zich opstelt als kennisinstituut voor infrastructuur, openbare ruimte, verkeer en vervoer, en werk en veiligheid.
Basisniveau toegankelijkheid wandelvoorzieningen De ruimte die mensen nodig hebben om zich te verplaatsen wordt bepaald door lichaamsbouw, benodigde hulpmiddelen (rollator, krukken, rolstoel), spullen die mensen bij zich hebben (kinderwagen, tassen) en de intensiteit waarmee ze elkaar passeren. Voor een ongehinderde verplaatsing is een obstakelvrije looproute noodzakelijk. De voorkeursmaat is de maat die gewenst is om een verblijfsgebied optimaal toegankelijk te maken voor de gebruiker of doelgroep. In de praktijk is deze voorkeursmaat lang niet altijd haalbaar, doordat de beschikbare ruimte hiervoor soms te beperkt is. Voor die gevallen is een minimummaat opgenomen; deze stelt de wegbeheerder in staat om aan de minimale standaard voor toegankelijkheid te voldoen. De gemeente wenst in de toekomst het volgende basisniveau zoveel als mogelijk te hanteren • ≥ 1,80 m voorkeursmaat (excl. de trottoirband) • ≥ 1,50 m minimummaat (excl. de trottoirband) • ≥ 1,20 m bij plaatselijke versmallingen over een lengte van max. 20 m • ≥ 0,90 m bij puntvernauwing over een lengte van max. 0,50 m
17
2. Recreatief lopen – aansluiten op de omgeving
Wat vinden inwoners van Brunssum?
Naast de functionele voetgangersverbindingen binnen de wijken is het belangrijk om ook de recreatieve wandelvoorzieningen op orde te brengen ter bevordering van een gezonde levensstijl. De omgeving van Brunssum leent zich goed voor recreatief lopen. Door het trottoir bij de voordeur te verbinden met de groene omgeving, maken we die toegankelijker voor wandelaars. Het Schutterspark, Heidserpark, Trichterbos en de Brunssummerheide bieden bij uitstek gelegenheid om dichtbij huis een wandeling te maken in de natuur. Door aansluiting te zoeken bij de recreatieve wandelroutes van onder andere Visit Zuid Limburg, stimuleert de gemeente het gebruik van de omgeving door inwoners van Brunssum. Op regionaal niveau is er door de Zuid-Limburgse gemeenten en ondernemers een voorzet genomen op het verbinden van toeristische wandelroutes. Op 18 maart 2021 tekenden de 16 Zuid-Limburgse gemeenten, met steun van provincie Limburg, de samenwerkingsovereenkomst om het wandelroutesysteem Knopen Lopen te realiseren (zie kader aan het einde van dit hoofdstuk). Met de realisatie van het nieuw wandelnetwerk, ontstaat een systeem met knooppuntnummers naar analogie van het fietsknooppuntensysteem. Door lokaal aansluiting te zoeken met deze netwerken, moedigt Brunssum naast toeristen, met name ook haar eigen inwoners aan om erop uit te trekken en de omgeving te voet te verkennen.
Uit de rondvraag over mobiliteit in Brunssum onder inwoners, blijkt dat: De oversteekbaarheid voor kwetsbare verkeersdeelnemers bij basisscholen en speeltuinen verbeterd kan worden Geparkeerde voertuigen op de trottoirs soms een obstakel vormen in de toegankelijkheid van voetpaden De snelheid van het gemotoriseerd verkeer als gevaar bij het oversteken wordt ervaren Er vraag is naar de invulling van ontbrekende schakels in de voetgangersstructuur, met voetpaden en bruggen
Inspelen op toekomstige ontwikkelingen Lopen is dus een goed en gezond alternatief voor verplaatsingen over korte afstanden binnen Brunssum. Brunssum bereidt zich voor op de toekomst van mobiliteit en ziet een aantal ontwikkelingen op het gebied van openbaar vervoer, Mobiliteits-hubs en mobiliteitsdiensten, waarbij lopen een belangrijke schakel in de mobiliteitsketen (systeem) of ketenreis (reiziger) vervult. Het aanleggen van goede wandelvoorzieningen van en naar onder andere opstapplaatsen voor het openbaar vervoer, deelvoertuigen en fietsenstallingen, wordt de toegang tot deze vervoersmiddelen eenvoudiger en aantrekkelijker gemaakt.
Projecten
Om de kwaliteit op orde te brengen, gaat de gemeente de komende jaren aan de slag om ontbrekende schakels in de wandelinfrastructuur in te vullen Met onderhoud aan de bestaande voetpaden en trottoirs wordt de toegankelijkheid en veiligheid verbeterd We nemen deel aan de ontwikkeling van Knopen Lopen en andere lokale en regionale ontwikkelingen op het gebied van lopen
Knopen Lopen in Zuid-Limburg Sinds 2017 wordt er gewerkt aan een eigentijds Knopen Lopen-wandelnetwerk in ZuidLimburg. Dat is belangrijk, omdat wandelen de nummer 1 activiteit van elke toerist in Zuid-Limburg is en ook populair onder inwoners. Bovendien brengt het nieuwe wandelnetwerk kansen voor ondernemers die langs de route liggen en die wandelaars herbergen. Als laatste biedt het knopen lopen-systeem alle gelegenheid om toeristische spreiding te creëren en heel Zuid-Limburg te bewandelen. Het wandelnetwerk van 1800 km wordt aangelegd in de driehoek tussen Sittard-Geleen, Vaals en Eijsden-Margraten en zal aansluiten op bestaande knooppuntennetwerken. In het systeem van Knopen Lopen wandelt men van knooppunt, naar knooppunt. Op elk knooppunt staat een klein landkaartje met knooppunten in de directe omgeving. Naar verwachting wordt eind 2022 gestart met de uitvoering van het wandelnetwerk.
Fietsen Samengevat Het fietsnetwerk van Brunssum sluit lokaal aan op het Regionaal Utilitair Fietsnetwerk Zuid-Limburg om zo het fietsnetwerk te completeren en om op recreatieve routes aan te takken. Brunssum zet in op de realisatie van een deelfietsensysteem op strategische locaties in de gemeente Brunssum draagt projecten aan voor het Nationaal Toekomstbeeld Fiets, om de regionale fietsbereikbaarheid te vergroten Met campagnes en educatie verbetert de verkeersveiligheid van jonge en oudere fietsers in de gemeente Brunssum zet zich samen met de politie in om fietsendiefstal verder terug te dringen en verkent de mogelijkheid om een bewaakte fietsenstalling in het centrum te realiseren
18
Algemeen Naast lopen is fietsen een aangewezen gezonde en duurzame manier om over relatief korte afstanden (0 – 7,5km met reguliere fiets en 7,5 - 15 km per e-bike en zelfs tot 30-40 km met de speed pedelec) te verplaatsen. Brunssum 10 minutenwandel- en fietsstad profiteert van goede en veilige fietsverbindingen zodat er optimaal ruimte kan worden gegeven aan deze vorm van verplaatsen. Net als voor lopen geldt dat we inwoners en bezoekers van Brunssum willen stimuleren vaker te fietsen. Ook hier is de zichtbaarheid van (toeristische) fietsroutes belangrijk en om inwoners inzicht te geven in wat fietsen kan betekenen voor hun eigen gezondheid. Door de komst van de Buitenring en ontwikkelingen op fietsgebied, zoals e-bike en speed pedelec, liggen er kansen om het fietsgebruik te bevorderen. Daarbij is aandacht vereist voor een volledig fietsnetwerk, goede fietsinfrastructuur en voldoende en veilige fietsparkeerplaatsen.
© CycloMedia Technology B.V.
Fietsnetwerken in Brunssum
19
De gemeente Brunssum beschikt niet over een eigen vastgesteld functioneel fietsnetwerk maar sluit lokaal aan op het Regionaal Utilitair Fietsnetwerk (RUF). Het RUF is gezamenlijk door de gemeenten in de regio opgesteld en bestaat uit een prioritair netwerk van fietsroutes. In het RUF zijn de voorkeurs fietsroutes voor verbindingen tussen de belangrijkste herkomst- en bestemmingslocaties binnen de gemeenten in de regio Zuid-Limburg uitgewerkt. Het gaat hier nadrukkelijk om de grotere fietsrelaties. Het betreft regionale relaties tussen woningen en onder andere OV-knooppunten, scholen, werk en zorginstellingen. Het RUF kijkt naast regionale verbindingen, ook naar inprikkers vanuit andere regio’s, Duitsland en België. Het RUF onderscheidt: 1. Doorfietsroute tussen grote woongebieden en stations, centra en scholen/werkgebieden (driehoek Maastricht-Sittard-Heerlen-Aken, aangevuld met een route langs Stein/Chemelot en Kerkrade-LandgraafBrunssum-Hoensbroek (onderlinge afstanden circa 20 km). 2. Regionale hoofdroute tussen middelgrote woonkernen en stations, centra en scholen/werkgebieden. 3. Regionale fietsroute tussen kleine woonkernen en dichtstbijzijnde laag als verbinding tussen woonkernen als meerdere routes van kleine kernen richting bestemmingen samenvallen.
Het faciliteren van het fietsgebruik in de gemeente begint bij het vaststellen en onderling verbinden van het lokale functionele (gericht op het verbinden met voorzieningen zoals winkel, werk en school) en recreatieve netwerk met de utilitaire functionele en recreatieve regionale netwerken. Het utilitaire functionele netwerk vormt de lokale ruggengraat voor fietsers tussen woonkernen en de belangrijkste regionale werk-, school- en voorzieningenlocaties. Daarnaast wordt met het RUF-aansluiting gezocht bij de diverse recreatieve fietsverbindingen in de regio en daarbuiten, waaronder de Leisure Lane. Dat betekent dat deze routes elkaar kruisen en soms gedeeltelijk overlappen. In dat laatste geval heeft de fietsroute een dubbelfunctie. Het is vervolgens aan de gemeenten in de regio, om lokale verbindingen te leggen met het RUF, en de routes in het regionaal netwerk toegankelijk en veilig in te richten
Figuur 3. Overzicht fietsroutes in en om Brunssum (RUF) en zoekgebieden ontwikkelingen voor fietsparkeren
Het Nationaal Toekomstbeeld Fiets Het Nederlands fietsbeleid is vooralsnog vaak een lokale of regionale aangelegenheid. Veel regio’s en provincies hebben hun fietsbeleid verankerd in visies en kaarten. Eén complementair nationaal kader ontbrak tot op heden. Met het uitwerken van het Nationaal Toekomstbeeld Fiets (NTF) ontstaat een nationaal netwerk van regionale fietsverbindingen. Samen met de Stadsregio Parkstad Limburg inventariseert en agendeert de gemeente een aantal toekomstige fietsprojecten met regionale potentie, ter completering van het NTF, dat zijn ten minste: • Snelfietsroute Kerkrade-Landgraaf-Brunssum • Waubacherweg • Prins Hendriklaan Brunssum, als onderdeel hoofdfietsroute HeerlenKoningsbosch
20
Fietsinfrastructuur op orde brengen Om de fietsbereikbaarheid te vergroten en de fietsveiligheid te verbeteren, ziet de gemeente kansen om de fietsinfrastructuur te optimaliseren en aan te laten sluiten op de regionale routes: Enerzijds door te investeren in onderhoud en opwaarderen van bestaande fietsroutes die aansluiten op het RUF. Zo maken we lokaal de verbinding met het regionale fietsnetwerk en verbinden we de woon- en verblijfsfuncties met de belangrijkste regionale voorzieningen in Parkstad Daarnaast door uitwerken van het nieuwe wegcategoriseringsplan dat wordt uitgewerkt in hoofdstuk 5. Door wegen af te waarderen (snelheid omlaag) en/of volwaardig in te richten (bijpassende fietsinfrastructuur) worden per wegcategorie (binnen de bebouwde kom) de juiste omstandigheden voor veilig fietsen gecreëerd In figuur 4 is een overzicht opgenomen van de bestaande fietsvoorzieningen in Brunssum. Zwart gestippeld zijn de ontbrekende schakels in het netwerk (een deel van de Emmaweg en de Waubacherweg) waar het in zijn geheel ontbreekt aan een fietsvoorziening. De gemeente onderzoekt de mogelijkheden om hier desgewenst fietsinfrastructuur te realiseren. Figuur 4. Overzicht van de fietsvoorzieningen in Brunssum
Naast goede infrastructuur voor fietsen, wordt fietsen gestimuleerd door een aantal belangrijke beleidsregels: De gemeente gaat (in overleg met de regio) aan de slag met het op orde brengen van fietsbewegwijzering om de vindbaarheid van routes en bijvoorbeeld het centrum te vergroten. Langs gebiedsontsluitingswegen zijn (vrij liggende) fietsvoorzieningen aanwezig, mits passend in de beschikbare ruimte. Als het ruimtelijk niet past, past de gemeente het afwegingskader CROW 30km/u toe (november 2021). Fietspaden worden voorzien van goede verlichting en voor de herkenbaarheid en het comfort in principe uitgevoerd in een herkenbare verhardingskleur. Ook de oversteekbaarheid en uniforme voorrangsregelingen binnen- en buiten de bebouwde kom worden op orde gebracht: daar waar mogelijk krijgen fiets voorrang op plaatsen waar dat nu nog niet is. Op fietspaden wordt spaarzaam om gegaan met obstakels als geleiders en afzetpalen en waar mogelijk worden die verwijderd.
Maatvoering breedte fietspad De gemeente streeft ernaar de volgende breedtes te hanteren bij het realiseren van fietsinfrastructuur. De maatvoering is daarbij afhankelijk van de spitsintensiteit. Eenrichtingen fietspad
Tweerichtingen fietspad
Spitsuur intensiteit 1 richting
Breedte **
Spitsuur intensiteit 2 richtingen
Breedte**
0-150
2,00 m
0-50
2,50 m*
75-375
3,00 m
50-150
3,00 m
* Tot een breedte van 2,50 m heeft een pad aan beide zijden een overrijdbare berm, zodat
Fiets en openbare ruimte
fietsers de mogelijkheid hebben om uit te wijken. ** Waar het grotere (regionale) doorfietsroutes betreft, wordt afhankelijk van de intensiteiten gekozen voor 0,50cm bredere fietspaden ten opzichte van de in de tabel genoemde waardes.
Fietsen in het centrumgebied De gemeente richt zich op overlast door fietsers, voor voetgangers en ondernemers in het centrumgebied. Het betreft onder andere de Kerkstraat, Doorvaartplein, Passage, Schiffelerstraat en winkelcentrum de Parel. De politie heeft daartoe een enquête uitgevoerd om meer inzicht te krijgen. Het blijkt dat er door ondernemers hinder wordt ervaren van (brom)fietsers en scooters in het centrumgebied en dan met name in de Kerkstraat. De snelheid van (brom)fietsers en scooters is volgens de deelnemers te hoog en wordt roekeloos genoemd. De piekmomenten waarop overlast door (brom)fietsers wordt ervaren ligt buiten de schooltijden om. Het gevaar zit er volgens de deelnemers in, dat voetgangers, klanten en horecapersoneel een verhoogd risico lopen op aanrijdingen. Naast overlast van fietsverkeer in het centrum, wordt ook overlast door logistiek en bevoorrading ervaren. Dan gaat het met name om scheef geparkeerde voertuigen die doorgaande routes blokkeren.
21
Een oplossing is feitelijk tweeledig. Enerzijds is er de mogelijkheid om het centrum blijvend te verbieden voor (brom)fietsers. Dit kan echter niet op volledig draagvlak rekenen. Ondernemers zijn immers ook gebaat bij de fietsbereikbaarheid van hun winkels. Een andere mogelijkheid is om het fietsgebruik, gecontroleerd toe te staan. Het idee is dat als de gemeente dat zou toestaan, dus fietsers uitzonderen in het voetgangersgebied, dat dit dan ook in de materialisatie zichtbaar wordt. Bijvoorbeeld in de vorm van een aparte strook ingericht voor fietsers. Fietsdiefstal Voor fietsers is bij de inrichting van de openbare ruimte ook van belang dat een fiets veilig kan worden gestald bij voorzieningen als winkels, sportlocaties, bushaltes en scholen. Daarbij geldt dat fietsenstallingen zo dicht als mogelijk bij de ingang een plek dienen te krijgen (ook als dit ten koste zou gaan van een parkeerplaats) zonder de wandelroutes te blokkeren. De gemeente zet zich hier de komende jaren voor in en zoekt daarin de samenwerking met onder andere de Fietsersbond en VVN. Uit onderzoek van de politie blijkt dat in het jaar 2015, binnen de gemeente Brunssum, 156 geregistreerde fietsendiefstallen hebben plaatsgevonden. 69 van deze 156 fietsendiefstallen hebben plaatsgevonden rondomen in het centrum van
Brunssum. Procentueel gezien betekent dit dat ruim 44% van alle fietsendiefstallen binnen de gemeente Brunssum plaats vindt in het centrum van Brunssum. De politie ziet een trend in de toename van fietsendiefstallen. Dat is een gevolg van de steeds duurdere fietsen die er op de markt zijn. Als oorzaak voor fietsendiefstallen wordt daarnaast genoemd:
Het onbewaakt stallen van fietsen Het niet goed afsluiten van fietsen Ontbreken van voldoende fietsenstallingen
Uit de meeste aangiftes blijkt dat gestolen fietsen los gestald staan voor of nabij winkels in het centrum. De slachtoffers bestaan dan ook uit veelal winkelend publiek, die op hun fiets naar het centrum van Brunssum zijn gegaan. De gemeente Brunssum gaat samen met de politie en andere samenwerkingspartners, aan de slag om het aantal fietsendiefstallen terug te brengen. Dat doen zij onder ander door: 1. 2. 3.
De bewustmaking van de aanwezigheid van fietsenstallingen en van het belang van afsluiten en vastmaken aan stallingen van fietsen Het plaatsen van meer fietsenstallingen bij voorzieningen Opsporen van verdachte(n) fietsendiefstallen
Bewaakte fietsenstalling Brunssum In het kader van Brunssum als 10-minuten wandel en fietsstad en om het fietsen in de gemeente aantrekkelijker te maken dan de auto, zijn goede stallingsvoorzieningen een belangrijke voorwaarde. Met goede (bewaakte) fietsenstallingen dichtbij voorzieningen verhogen we de aantrekkelijkheid daarvan.
22
In 2018 is er door de gemeente een onderzoek uitgevoerd naar het draagvlak onder inwoners voor het realiseren van een bewaakte fietsenstalling in het centrum. Uit het onderzoek dat door meer dan 300 mensen is ingevuld, blijkt onder andere dat 80% van de deelnemers aan het onderzoek gebruik zou maken van een gratis bewaakte fietsenstalling in het centrum. De aanwezigheid van een bewaakte stalling zou bovendien 95% van de ondervraagden overwegen om met de fiets naar het centrum te gaan in plaats van met de auto. Als vervolgstap wordt de komende periode, ook mede gelet op de centrumontwikkelingen, actief gezocht naar een vorm en mogelijke locatie. Er is daarom informatie ingewonnen bij de gemeentes Kerkrade (inpandig bewaakt) en Sittard-Geleen (openbare ruimte). Beide opties hebben voor- en nadelen. Het nadeel van een inpandig bewaakte stalling is dat men voor sluitingstijd de fiets afgehaald moet hebben. Bij een stalling in de openbare ruimte hoeft dat niet per se. Een fietsenstalling in de openbare ruimte is in Brunssum lastig realiseerbaar omdat dat dan ten koste zou gaan van een groot aantal openbare parkeerplaatsen. De voorkeur gaat daarom op dit moment uit naar een inpandig bewaakte stalling. Zodra er een locatie voor ogen is en we komen tot een daadwerkelijke realisatie dan wordt voor de duur van één jaar een pilot gestart en wordt de locatie ook gemonitord.