Raadsvoorstel 75 (getekende bijlage) Verordening voorziening huisvesting onderwijs gemeente Brunssum 2023
Tekst van het document
4. De ruimtebehoefte voor een school voor voortgezet onderwijs is de som van: a. de uitkomst van de vermenigvuldiging van het aantal leerlingen per onderwijssoort met de bijbehorende normoppervlakten;
b. de vaste voet per instelling;
c. als dit van toepassing is, een vaste voet per VMBO-profiel, uitgedrukt in bruto vierkante meter. 5. De ruimtebehoefte van een schoolvoor praktijkonderwijs is de som van: a. de uitkomst van de vermenigvuldiging van het aantal leerlingen met de bijbehorende
normoppervlakten; b. de vaste voet voor praktijkonderwijs' 26
Bijlage lll- Vaststellen capaciteit en ruimtebehoefte Deel B - Ruimtebehoefte
6. Als dit noodzakelijk is voor het bepalen van de omvang van de toekenning, kan op basis van deze normering de leegstand in onderwijsruimten binnen een gebouw voor voortgezet onderwijs worden bepaald. Het ruimtebehoeftemodel kent een afzonderlijke normering voor het praktijkonderwijs. Het ruimtebehoeftemodel kent geen afzonderlijke normering voor een orthopedagogisch didactisch centrum. Tabel 1 Ruimtebehoeftemodel Voortgezet Onderwiis m2 bvo
vaste
m2 bvo/ leerling
m2 bvo/ leerling
excl. Gymnostiek
gymnostiek
L2,0
2,0
5,8
7,5
6,7
7,7
BLW-
BLW-
voet
Pe
r school VM BO- H AVO-VWO (h oofdve sti g n g * )
Pe
r sch ool V M BO- HAVO-VWO ( n eve nve sti g i n g
i
m et s pre i d i n g s n oodza o k* )
980
550
Per school PRO (ook indien eigen ofdeling binnen
schoolVO)
P RO
306
(Proktijkonderwiis)
VMBO- Theoretische leerweg (TLW) V M BO- Theoreti sch e lee rwe g on de rste u ne n d
onderwiis (TLW-LWOO)
LWOO
KLW
GLW
77,7
9,7
8,0
LWOO
KLW
VMBO- Profiel Bouwen, wonen en interieur (BWl) VMBO- Profiel produceren, installeren en energìe (PtE)
(+ 2es)
VMBO- Profiel Mobiliteit en transport (M&T) VMBO- ProfielMoritiem en techniek (MaT)
(+ 162)
8,9
7,4
6,9
VM BO- Profíel Zorg-welziin (Z&W)
(+ 139)
8,4
7,4
6,9
VMBO- ProfielGroen
(+ 117)
7,8
6,9
6,3
VMBO- ProfietEconomie en ondernemen (E&O)
7,5
7,7
VMBO- Profiel Medio, vormgeving en ICT (MVI)
VMBO- Profiet Horeco, bokkeriien recreotie (HBR)
27
Bijlage lll- Vaststellen capaciteit en ruimtebehoefte Deel B - Ruimtebehoefte
GLW
VMBO- Profiel Dienstverlening en producten (+ 1s0)
(D&P)
8,9
7,4
6,9
HAVO
5,8
7,2
VWO
5,8
7,0
*) niet von toepossing voor zelfstondige proktijkschool TLW = Theoretische leerweg
LWOO = Leerwegondersteunend onderwijs BLW- KLW = Basisberoep of- Kaderberoepsgerichte
leerweg GLW = Gemengde leerweg
8.2 Lokalen bewegingsonderwijs
1. De ruimtebehoefte van een lokaal bewegingsonderwijs wordt vastgesteld a. voor een school voor basisonderwijs, op 1,5 klokuren per week per groep leerlingen 6 jaar en ouder;
b. voor een speciale school voor basisonderwijs op 2,25 klokuren per week per groep leerlingen 6 jaar en ouder, en;
c. als het schoolgebouw niet beschikt over een speellokaal, op 3,75 klokuren per week voor de leerlingen4en5jaar.
2. Bij een school voor voortgezet onderwijs wordt de ruimtebehoefte bepaald op basis van het aantal lestijden bewegingsonderwijs. Hiervoor geldt als maximum het aantal lesuren dat overeenkomstig tabel l- van het ruimtebehoeftemodel is berekend. Deze berekening is als volgt: (aantal leerlingen * 32 * vierkante meter bruto vloeroppervlakte bewegingsonderwijs per leerling) + 455. Voor het leerwegondersteunend onderwijs en praktijkonderwijs wordt een aangepaste formule gehanteerd: (aantal leerlingen * 32 * vierkante meter bruto vloeroppervlakte bewegingsonderwijs per leerling) + 322.
28
Bijlage lll- Vaststellen capaciteit en ruimtebehoefte Deel B - Ruimtebehoefte
Deel C - Vaststellen aanvullende ruimtebehoefte C. 1
Voor blijvend gebruik bestemde voorzieningen
Er is sprake van een voorziening voor blijvend gebruik als de overeenkomstig deel C vastgestelde
ruimtebehoefte gedurende minstens vijftien jaar blijft bestaan' C.1.1 Nieuwbouw, of vervangende nieuwbouw De omvang van de goedgekeurde voor blijvend gebruik bestemde voorziening nieuwbouw of
vervangende nieuwbouw wordt overeenkomstig deel B vastgesteld. C.1.2 Overige voor blijvend gebruik bestemde voorzieningen
1. Uitbreiding, uitbreiding tervervanging van een bestaand gebouw, ingebruikneming of medegebruik wordt voor een:
a. school voor basisonderwijs, speciaal basisonderwijs vastgesteld als het verschil tussen de overeenkomstig deel A vastgestelde capaciteit en de overeenkomstig deel B vastgestelde ruimtebehoefte gelijk of groter is dan de drempelwaarde van:
1".
55 vierkante meter bruto vloeroppervlakte voor een voorziening basisonderwijs;
2"
50 vierkante meter bruto vloeroppervlakte voor een voorziening speciaal
basisonderwijs.
b. school voor voortgezet onderwijs wordt vastgesteld als het verschil tussen de overeenkomstig
deel A vastgestelde capaciteit en de overeenkomstig deel B vastgestelde ruimtebehoefte gelijk of groter is dan tien procent van de bestaande capaciteit met een minimum van l-00 vierkante meter. Medegebruik wordt vastgesteld op het verschil tussen de overeenkomstig deel B vastgestelde ruimtebehoefte en de overeenkomstig deel A vastgestelde capaciteit verhoogd
met L0%.
2. Voor een speciale school voor basisonderwijs bedraagt de bruto vloeroppervlakte van een speellokaal, in aanvulling op het aantal meters bruto vloeroppervlakte bedoeld in het eerste lid, 90 vierkante meter. C.2 Voor tijdelijk gebruik bestemde voorzieningen De ruimtebehoefte van een voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening wordt op dezelfde wijze vastgesteld als de ruimtebehoefte voor een voor blijvend gebruik bestemde voorzieningen. Een voor
tijdelijk gebruik bestemde voorziening is voor minstens vier jaar en maximaal vijftien jaar noodzakelijk. Voor het vaststellen van de omvang van een voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening moet het verschil:
a. bij een school voor basisonderwijs of speciaal basisonderwijs ten minste 40 vierkante meter bruto vloeroppervla kte bedragen, en;
b. bij een school voor voortgezet onderwijs voldoen aan het gestelde onder C.1.2, eerste lid, onder b.
29
Bijlage lll- Vaststellen capaciteit en ruimtebehoefte Deel C - Aanvullende ruimtebehoefte
C.3 Overige voor blijvend gebruik of voor tijdelijk gebruik bestemde voorzieningen De omvang van een goedgekeurde voorziening
a. voor blijvend of tijdelijk gebruik bestemde voorziening terrein, dan wel uitbreiding van het terrein, wordt bepaald door de minimaal noodzakelijke terreinoppervlakte om het schoolgebouw te realiseren met inachtneming van de bij of krachtens de wet gestelde eisen ten aanzien van de terreinoppervlakte en de minimumnormen, bedoeld in deel D.
b. eerste aanschafvan:
1. onderwijsleerpakket en meubilair, of uitbreiding van de eerste aanschaf van het
onderwijsleerpakket en meubilair voor een school basisonderwijs en een speciale school voor basisonderwijs, en;
Z. leer- en hulpmiddelen en meubilair, of uitbreiding van de eerste aanschaf van leer- en hulpmiddelen en meubilair voor een school voor voortgezet onderwijs, is gekoppeld aan de omvang van de toegekende voorziening.
c. voor tegemoetkoming in eerste inrichting leer- en hulpmiddelen en meubilair voor een school
voor voortgezet onderwijs als gevolg van een inpandige aanpassing, waarbij algemene of specifieke ruimte wordt omgezet in specifieke of werkplaatsruimte, is gekoppeld aan de omvang van toegekende voorziening en bedraagt het verschil tussen de vergoeding voor eerste inrichting van de bestaande ruimte en de vergoeding voor eerste inrichting van de te cretiren ruimte.
d. herstel van constructiefouten en herstel van schade aan het gebouw, onderwijsleerpakket, leeren hulpmiddelen en meubilair in geval van bijzondere omstandigheden wordt bepaald door de activiteiten die minimaal noodzakelijk zijn voor de voortgang van het onderwijs. C.4 Lokalen bewegingsonderwijs
1. De omvang van de goedgekeurde voorziening nieuwbouw, vervangende nieuwbouw en uitbreiding van een lokaal bewegingsonderwijs wordt:
a. voor een school voor basisonderwijs en een speciale school voor basisonderwijs op het verschil tussen de overeenkomstig bijlage lll, deel A, vastgestelde capaciteit en het overeenkomstig 8.2, eerste lid, vastgestelde ruimtebehoefte[, en;
b. voor een school voor voortgezet onderwijs vastgesteld op de overeenkomstig 8.2, tweede lid, vastgestelde ruimtebehoefte als de uitbreiding groter of gelijk is dan tien procent van de overeenkomstig deel A vastgestelde capaciteit.
2. De omvang van de goedgekeurde voorziening uitbreiden van een lokaal bewegingsonderwijs van een school voor basisonderwijs en speciaal basisonderwijs wordt vastgesteld op de minimaal noodzakelijke aanvullende vloeroppervlakte om te kunnen voldoen aan de minimumnormen,
bedoeld in deel D, onder D.3.
30
Bijlage lll- Vaststellen capaciteit en ruimtebehoefte Deel C - Aanvullende ruimtebehoefte
3. De omvang van de goedgekeurde voorziening terrein, of uitbreiding van het terrein, voor een lokaal bewegingsonderwijs wordt vastgesteld op de minimaal noodzakelijke terreinoppervlakte om het lokaal, of de uitbreiding van het lokaal te realiseren.
4. De omvang van de goedgekeurde voorziening aanvulling op de eerste aanschaf van het meubilair wordt overeenkomstig b¡jlage lV bepaald als een lokaal bewegingsonderwijs in gebruik wordt genomen door andere leerlingen dan waarvoor het lokaal oorspronkelijk is bedoeld of wordt uitgebreid.
5. De omvang van de goedgekeurde voorziening herstel van constructiefouten en het herstel van schade aan gebouw, onderwijsleerpakket en meubilair in geval van bijzondere omstandigheden, wordt bepaald door de feitelijke kosten voor de activiteiten die minimaal noodzakelijk zijn voor de voortgang van het onderw'tjs.
3L
Bijlage lll- Vaststellen capaciteit en ruimtebehoefte Deel C - Aanvullende ruimtebehoefte
Deel D - Minimumnormen bii het realiseren van nieuwe voorzieningen D.1 Terreinoppervlakte 1. Bij (vervangende) nieuwbouw voor een school voor basisonderwijs, een speciale school voor basisonderwijs, een school voor speciaal onderwijs of een school voor voortgezet speciaal onderwijs geldt voor de speelplaats het vloeroppervlak in vierkante meters uit de volgende tabel
Aantal leerlingen van de school
Omvang buitenruimte
L-L00 leerlingen
300
101-200 leerlingen
300+3*(L-100)
ZOL- OO leerlingen
600
401-600 leerlingen
600+3*(L-400)
601-800 leerlingen
1200
801-1000 leerlingen
L200+3*(L-800)
1001 leerlingen of meer
1800
L = Aantal leerlingen dat op de teldatum voorafgaande aan elk jaar waarop de prognose betrekking heeft op de school zijn ingeschreven. 2. Bij (vervangende) nieuwbouw voor een school voor voortgezet onderwijs geldt voor de speelplaats het vloeroppervlak in vierkante meters uit de volgende tabel:
Aantal leerlingen van de school
Omvang buitenruimte
1-300 leerlingen
300
301 leerlingen of meer
300+0,75*(L-300)
L = Aantal leerlingen dat op de teldatum voorafgaande aan elk jaar waarop de prognose
betrekking heeft op de school zijn ingeschreven. 3. De in het eerste en tweede lid gestelde normen betreffen de exclusieve speel- en beweegruimte voor de leerlingen van de school. De terrein voor voorzieningen dient te worden opgeteld bij de
norm. 4. Voor parkeervoorzieningen wordt de voor de locatie van het terrein geldende gemeentelijke pa rkeernorm geha nteerd.
D.2 Speellokaal 32
Bijlage lll - Vaststellen capaciteit en ruimtebehoefte Deel D - Minimumnormen nieuwe voorzieningen
Een speellokaal heeft een minimum van 60 bruto vierkante meter'
D.3 Lokaal bewegingsonderwiis
1. De netto vloeroppervlakte van een lokaal bewegingsonderwijs is minstens 252 vierkante meter en de hoogte minstens 5 meter.
2. Een lokaal bewegingsonderwijs bevat minstens twee kleedruimten met een was- of douchegelegenheid.
33
Bijlage lll - Vaststellen capaciteit en ruimtebehoefte Deel D - Minimumnormen nieuwe voorzieningen
Deel E - Meetinstructie voor het vaststellen van de bruto vloeroppervlakte van schoolgebouwen E.1 Meetinstruct¡e voor schoolgebouwen De bruto vloeroppervlakte van een schoolgebouw wordt vastgesteld volgens NEN 2580. E.2 Aanvulling op de meetinstructie
voor de schoolgebouwen
E.2.1 (Speciaal) basisonderwijs
1. De in- en aangebouwde fietsenstallingen en bergingen die uitsluitend van buitenaf bereikbaar zijn, worden niet tot de bruto vloeroppervlakte gerekend.
2. De oppervlakte van verbindende ruimten tussen in- of aanpandige lokalen bewegingsonderwijs wordt toegekend aan het lesgebouw.
3. Bijscheidingswanden tussen lesgebouwen en in- of aanpandige lokalen bewegingsonderwijs wordt de bruto vloeroppervlakte gerekend tot het hart van de scheidingsconstructie. E.2.2 V oortgezet onderwiis De bruto oppervlakte van een gebouw is de som van de bruto vloeroppervlakte van alle tot het gebouw behorende beloopbare binnenruimten. De bruto vloeroppervlakte wordt gemeten op
vloerniveau langs de buitenomtrek van de opgaande buitenconstruct¡es die de ruimten omhullen. Tot de bruto oppervlakte behoren eveneens:
a. de oppervlakte van trapgaten, liftschachten, en leidingschachten op elk vloerniveau, en b. de oppervlakte van vrijstaande uitwendige kolommen, voor zover groter dan 0,5 vierkante meter E.2.3 Uitzonderingen
1. De oppervlakten van overdekte niet door vaste buitenbegrenzingen omsloten ruimten worden niet tot de bruto vloeroppervlakte gerekend, ongeacht de vloerconstructie of wijze van verharding. Dit betreft in ieder geval luifels, dakoverstekken, de ruimte onder op kolommen staande verdiepingen, fietsenstallingen.
2. Open brand-of vluchttrappen aan de buitenzijde van een gebouw worden bij de bepaling van de bruto oppervlakte niet meegerekend.
3. Niet beloopbare kelders en zolders worden niet meegerekend.
34
Bijlage lll - Vaststellen capaciteit en ruimtebehoefte Deel E - Meetinstructie
Bijlage lV - Normbedragen voor vergoeding en indexering Deel A - lndexering De normbedragen in deel B worden jaarlijks aangepast in overeenstemming met de onderstaande
systematiek va n prijsbijstelling:
4.1 Nieuwbouw en uitbreiding Prijsindexcijfer van de bouwkosten van nieuwe
MEV, jaar t+1,
woningen, jaar t, T
bruto investeringen door bedrijven in woningen (bron: CPB, Middelen en
tweede kwartaal (bron: CBS, kerncijfers, bouwnijverheid, inclusief
bestedingen)
btw) *
*.
Prijsindexcijfer van de bouwkosten van nieuwe woningen, jaar l-I,
MEV, jaar t,
bruto investeringen door bedrijven in woningen (bron: CPB, Middelen en
t
tweede kwartaal (bron: CBS, kerncijfers, bouwnijverheid, inclusief
bestedingen)
btw) A.2 Eerste inrichting onderwijsleerpakket en meubilair MEV, jaar t+L
Consumentenprijsindex, alle huishoudens, jaar t, per 1 juli
prijsmutatie netto materiële overheidsconsumptie (bron: CPB, Kerngegevens collectieve sector)
(bron: CBS, Kerncijfers,
T
cijfer van de maand junijaar
t) *
¡1.
MEV, jaar t,
prijsmutatie netto materíële overheidsconsumptie (bron: CPB, Kerngegevens collectieve sector)
Consumentenprijsindex, alle huishoudens, jaar t-1, per 1
juli (bron: CBS, Kerncijfers, cijfer van de maand junijaar t-1)
1
35
Bijlage lV - Normbedragen Deel A
- lndexering
Deel B - Normbedragen
Alle in dit deelgenoemde bedragen zijn inclusief BTW. Weergegeven zijn de normbedragen voor 2023 conform opgave van de vNG (Vereniging Nederlandse Gemeenten). A. Nieuwbouw met permanente bouwaord
4.1 Kostencomponenten nieuwbouw
1. De financiële normering voor nieuwbouw valt uiteen in de volgende kostencomponenten: a. kosten voor terrein; b. bouwkosten;
c. toeslag voor verhuiskosten bij vervangende bouw; d. als het een school voor voortgezet onderwijs betreft, toeslag paalfundering; e. als het een speciale school voor basisonderwijs betreft een toeslag voor het realiseren van een afzonderlijk speellokaal.
2. Als vervangende nieuwbouw wordt gecombineerd met het uitbreiden van een gebouw ter vervanging van een ander gebouw, gelden de bedragen bedoeld in paragraaf B.
4.2 Kosten voor terreinen Het benodigde bouwrijpe terrein wordt door de gemeente, eventueel na aankoop, om niet aan het schoolbestuur beschikbaar gesteld en het juridisch eigendom wordt aan hen overgedragen. De kosten van een terrein worden opgenomen op het programma, zowel bij aankoop van een terrein als in de situatie dat de gemeente een terrein beschikbaar stelt. De kosten voor het terrein worden bepaald op de in de gemeente gangbare wijze van waardevaststelling van terreinen. Bij vervangende nieuwbouw behoren de kosten voor het slopen van het oude gebouw tot de kosten voor terreinen.
4.3 Bouwkosten
A.3.l Bouwkosten 1. Tot de bouwkosten behoren
a. de bouwkosten van het gebouw, inclusief fundering; b. en de kosten van de aanleg en inrichting van het schoolterrein. 2. De vergoeding bestaat uit een startbedrag, inclusief een aantal vierkante meters, en een bedrag per vierkante meter bruto vloeroppervlakte. Met deze vergoedingsbedragen moet de in overeenkomstig bijlage lll, deel C, vastgestelde aanvullende ruimtebehoefte worden gerealiseerd
36
Bijlage lV - Normbedragen Deel B - Normbedragen
A.3.2 Bouwkosten school voor basisonderwijs De vergoeding voor een basisschool wordt vastgesteld op basis van de volgende bedragen
Startbedrag voor de realisatie van de eerste 350 m2 bvo*
€ 7.4LL.576
€2.416
Voor elke volgende m2 bvo
x Onder m2 bvo wordt hier en verder verstaan: vierkante meter bruto vloeroppervlakte.
4.3.3 Bouwkosten speciale school voor basisonderwijs De vergoeding voor een speciale school voor basisonderwijs wordt vastgesteld op basis van de
volgende bedragen:
2.287.178
Startbedrag voor de realisatie van de eerste 670 m2 bvo, waarin niet begrepen een eventueel speellokaal
2.529
Voor elke volgende m2 bvo, waarin niet begrepen een eventueel speellokaal
zt7.0L2
Toeslag voor elk speellokaal
A.3.4 Bouwkosten school voor (voortgezet) speciaal onderwijs N.v.t. A.3.5 Bouwkosten school voor voortgezet onderwijs
1. Er is geen onderscheid in de normbedragen tussen nieuwbouw en uitbreiding'
2. De vergoeding voor een school voor voortgezet onderwijs bestaat uit: a. een startbedrag, afhankelijk van de omvang van de voorziening; b. een werkplaatstoeslag, afhankelijk van het profiel in het VMBO; c. een bedrag afhankelijk van het aantal vierkante meters, vastgesteld op basis van de toegekende
ruimtebehoefte per onderwijssoort, overeenkomstig bijlage lll, deel c. Startbedrag = < 455 m2 >= 455 m2 < 250O m2
€0 €706.54r 37
Bijlage lV - Normbedragen Deel B - Normbedragen
€ 892.008
>2500 m2
Werkplaatstoeslag VMBO = Voor de onderwijssoort VMBO met de profielen: bwi, pie, mot, mat, hbr en g een bedrag van € 86.550. Ruimteafhankelijke vergoeding = Een bedrag per vierkante meter, dat afhankelijk is van de omvang van de voorziening en van de onderwijssoort en bijbehorende profiel
Onderwijssoort
Profìelen
PRO, HAVO, VWO
bvo totøal exclusiel gymnast¡ek >=2.500 m2 >455 m2 <=455 m2 <2.500 m2 € 2.189 €2.243 €3.779
VMBO-TL, VMBO TL-IW VMBO Gemengde leerweg bwi, pie, mot, mot
€ 4.34L
€.2.576
€ 2.515
mvi, eo, hbr
€4.426
€ 2.563
zw
€3.779
g
€ 4.927
d&p
€ 4.070
€2.626 €2.243 €2.924 €2.4L5
€2.629 €2.68L
Kode
VMBO
te leerweg € 4.538
€2.L89 €2.854 € 2.358
mvi, eo, hbr
€4.628
zw
€3.779
€2.693 €2.746 €2.243
g
€ 4.885
€ 2.899
€ 2.830
d&p
€ 3.381
€2.007
€ 1.959
bwi, pie, mot, mot
€ 4.632
€ 2.683
mvi, eo, hbr
€ 4.808
€.2.749 € 2.853
zw
€3.779
€2.L89
g
€ 4.370
€2.243 €2.594
d&p
€4.242
€ 2.518
bwi, pie, mot, mot
€2.189
VM BO Le e rwe g on de rste u ne n d on de rw iis
€2.785
€2.532 €2.457
bwi = bouwen, wonen en interieur pie produceren, instolleren en energie
eo = economie en ondernemen hbr = horeco, bokkerij en recreatie
mot = mobiliteit en transport mot = moritiem en techniek mvi = medio, vormgeving en ict
zw = zorg en welzijn q = QrOen
d&p = dienstverlening en producten
4.3.6 Toeslag paalfundering school voor voortgezet onderwijs
1. Voor de school voor voortgezet onderwijs is het bedrag van de normkosten gebaseerd op een standaardlocatie. Voor de volgende aanvullende investeringskosten wordt, indien noodzakelijk, een aanvullend bedrag beschikbaar gesteld: 38
Bijlage lV - Normbedragen Deel B - Normbedragen
a. paalfundering, en; b. bemaling 2. De aanvullende vergoeding is afhankelijk van de benodigde paallengte in relatie met de omvang van de bouw in bruto vloeroppervlakte en wordt bepaald op basis van de volgende formules:
Nieuwbouw en uitbreiding < 7000 m2 € 6.951
Paalle
tot 15 meter 15 tot 20 meter
Paalle
20 meter of la
€ 8.263
Paalle
1-
€7.40r
>= Paallen Paallen Paal
€ 8.489 € 71.072
1 tot 15 meter
15 tot 20 meter 20 meter of la
r
€ 76.81-4
+(€ 36* + € 62* + €110*
€ 13* € 33*A + € 67xA
+ +
3. Als de grondwaterstand minder dan 1 meter onder het maaiveld ligt, is bemaling noodzakelijk en wordt een aanvullend bedrag per vierkante meter goedgekeurde terreinoppervlakte toegekend. De vergoeding bedraagt €24 per vierkante meter terrein. 4.3.7 Toeslag voor verhuiskosten bij vervangende nieuwbouw
1. Als een school tijdens de realisatie van vervangende nieuwbouw gebruik kan blijven maken van het bestaande schoolgebouw, bestaat aanspraak op bekostiging van de verhuiskosten voor één
verhuizing.
2. Als een school tijdens de realisatie van vervangende nieuwbouw tijdelijk op een andere locatie moet worden gehuisvest, bestaat aanspraak op bekostiging van de verhuiskosten voor twee verhuizingen.
3. De vergoeding wordt vastgesteld op feitelijke kosten' B, lJitbreiding met permd nente bouwdo rd
B.l Reikwijdte Deze paragraaf is van toepassing op de uitbreiding van de huisvesting in permanente bouwaard van een school voor basisonderwijs of een speciale school voor basisonderwijs tot 1035 vierkante meter
bruto vloeroppervlakte. Op overige uitbreidingen is paragraaf A overeenkomstig van toepassing' 8.2 Kosten terrein Als uitbreiding van het terrein noodzakelijk is, is het bepaalde in 4.2 overeenkomstig van toepassing
op het vaststellen van de kosten voor het voor uitbreiding benodigde terrein.
39
Bijlage lV - Normbedragen Deel B - Normbedragen
8.3 Bouwkosten
B.3.l Bouwkosten
1. Tot de bouwkosten behoren
a. de bouwkosten van het gebouw, en; b. kosten voor extra aanleg en inrichting van een deel van het schoolterrein. 2
De vergoeding bestaat uit een startbedrag, inclusief een aantal vierkante meters, en een bedrag
per vierkante meter. Met deze vergoedingsbedragen moet de overeenkomstig bijlage lll, deel C, vastgestelde aanvullende ruimtebehoefte worden gerealiseerd.
8.3.2 Bouwkosten school voor basisonderwijs De vergoeding voor een basisschool wordt bepaald op basis van de volgende bedragen:
Startbedrag bij uitbreidingen van tLS m2 bvo of groter
€206.7Ll
Startbedrag bij uitbreidingen van 55 tot LL5 m2 bvo
€137.807
Voor elke volgende m2 bvo
€2.754
8.3.3 Bouwkosten speciale school voor basisonderwijs De vergoeding voor een speciale school voor basisonderwijs wordt bepaald op basis van de volgende
bedragen:
Startbedrag bij uitbreidingen van 105 m2 bvo of groter
€212.574
Startbedrag bij uitbreidingen van 50 tot L05 m2 bvo
€ t41.7L6
Naast het startbedrag voor elke volgende m2 bvo, waarin niet begrepen een eventueel speellokaal
€ 2.808
40 Bijlage lV - Normbedragen Deel B - Normbedragen
Toeslag voor elk afzonderlijk speellokaal (90 m2 bvo) in combinatíe met
€247.825
uitbreiding van de school
Vergoeding voor elk afzonderlijk speellokaal, zonder gelijktijdige uitbreiding van de school
€ 455.642
8.3.4 Bouwkosten school voor (voortgezet) speciaal onderwijs N.v.t. 8.3.5 Toeslag paalfundering school voor voortgezet onderwijs Het bepaalde in 4.3.6 is overeenkomstig van toepassing op het bepalen van de omvang van de vergoeding voor paalfundering en bemaling bij uitbreiding. C. Tijd elij ke voorzÍ en ing
C.1 Vergoedingsbed ragen tijdelijke voorzieningen
1. De vergoedingsbedragen voor tijdelijke voorzieningen zijn afgestemd op de investeringslasten van voor tijdelijk gebruik bestemde voorzieningen. Hierbij is onderscheid gemaakt tussen:
a. nieuwbouw van een voor tijdelijk gebruik bestemd gebouw als hoofdlocatie; b. uitbreiding van een permanente hoofdlocatie met een voor tijdelijk gebruik bestemd gebouw, en;
c. uitbreiding van bestaande voor tijdelijk gebruik bestemde gebouwen. 2. ln aanvulling op het eerste lid wordt rekening gehouden met het bekostigen van een tijdelijke voorziening door middel van huur van een voor t¡jdelijk gebruik bestemd gebouw.
C.2 Kosten voor terreinen Als een tijdelijke voorziening niet gerealiseerd kan worden op het aanwezige terrein, worden de
kosten voor het benodigde terrein bepaald overeenkomstig 4.2. C.3 Bouwkosten C.3.1 Nieuwbouw als hoofdlocatie/uitbreiding van permanente hoofdlocatie
per inrichting en vierkante meter. ln deze bedragen zijn begrepen de bouwkosten, de kosten van herstel De vergoeding voor een tijdelijke voorziening bestaat uit een startbedrag en een bedrag
van terreinen, de kosten van paalfundering en de eenmalige aansluitkosten op nutsvoorzieningen.
4t Bijlage lV - Normbedragen Deel B - Normbedragen
c.3.2 Vergoeding basisschool en speciale schoolvoor basisonderwijs De vergoeding voor een basisschool en een speciale school voor basisonderwijs wordt vastgesteld
op
basis van de volgende bedragen:
Startbedrag bij nieuwbouw van 80 m2 bvo of groter
€ 80.387
Startbedrag bij nieuwbouw van 40 tot 80 m2 bvo
€ s3.591
Naast het startbedrag voor elke volgende m2 bvo
€ 1,.975
C.3.3 Vergoeding school voor (voortgezet) speciaal onderwijs
N.v.t. C.3.4 Vergoeding school voor voortgezet onderwijs De vergoeding voor een school voor voortgezet onderwijs wordt bepaald op basis van de vergoedingsformule € L.203 x A + € 82.680, waarbij A het overeenkomstig bijlage lll, deel C, bepaalde
aantal vierkante meter bruto vloeroppervlakte aan t¡jdelijke huisvesting is. C.4 Uitbreiding C.4.1 Uitbreiding van bestaande tiidelijke voorzieningen primair onderwiis
1. De vergoeding voor uitbreiding bestaande tijdelijke voorziening bestaat uit een startbedrag en
een bedrag per vierkante meter. ln deze bedragen zijn begrepen de bouwkosten, de toeslag voor paalfundering en de toeslag voor herstel en inrichting van terreinen.
2. paragraaf A is overeenkomstig van toepassing op het bepalen van de hoogte van de vergoeding voor sloopkosten van het oude gebouw, herstel en inrichting van terreinen en voor tijdelijke verhuizing van de leerlingen.
42
Bijlage lV - Normbedragen Deel B - Normbedragen
c.4.2 Vergoeding basisschoolen speciale school voor basisonderwijs De vergoeding voor een basisschool en een speciale school voor basisonderwijs wordt vastgesteld
op
basis van de volgende bedragen:
Startbedrag bij uitbreiding van 80 m2 bvo of groter
€ 45.186
Startbedrag bij uitbreiding van 40 tot 80 m2 bvo
€30.L24
Naast het startbedrag voor elke volgende m2 bvo
€2.070
C.4.3 Vergoeding school voor (voortgezet) speciaal onderwijs
N.v.t. C.5 Huur van voor tijdelijk gebruik bestemde gebouwen
Huur van een voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening en huur van een bestaand gebouw worden vergoed op basis van de werkelijke kosten.
D, Eerste ínrichting D.1 Basisschool en speciale school voor basisonderwijs
D.1.1 Uitbreiding onderwijsleerpakket en meubilair Onderwijsleerpakket en meubilair wordt bepaald aan de hand van het verschil tussen de al toegekende investeringsbedragen en de nieuw berekende vergoeding. D.1.2 Vergoeding basisschool De vergoeding voor een basisschool wordt vastgesteld op basis van de volgende bedragen:
Startbedrag, inclusief 200 m2 bvo
Voor elke volgende m2 bvo
€ 48.785
€ 17L
43
Bijlage lV - Normbedragen Deel B - Normbedragen
D.1.3 Vergoeding speciale school voor basisonderwijs De vergoeding voor een speciale school voor basisonderwijs wordt vastgesteld op basis van de
volgende bedragen:
Startbedrag, inclusief 250 m2 bvo
€ 103.505
€ 177
Naast het startbedrag voor elke volgende m2 bvo
D.1.4 Vergoeding school voor (voortgezet) speciaal onderwiis
N.v.t. D.1.5 Vergoeding speellokaal speciale school voor basisonderwiis De vergoeding voor onderwijsleerpakket en meubilair voor de inrichting van een speellokaal voor
een speciale schoolvoor basisonderwijs en een schoolvoor speciaalonderwijs bedraagt €9.445. D.2 School voor voortgezet onderwijs
1. De vergoeding voor eerste inrichting leer- en hulpmiddelen en meubilair is gekoppeld aan de toe te kennen voorziening nieuwbouw, uitbreiding en ingebruikneming, niet zijnde ingebruikneming ter vervanging van een bestaand gebouw. Aanspraak op deze vergoeding bestaat als de eerste inrichting nog niet eerder door het rijk of de gemeente is bekostigd. De hoogte van de vergoeding wordt berekend door vast te stellen het verschil tussen de al toegekende vergoeding en de vergoeding die is vastgesteld op basis van de te real¡seren bruto vloeroppervlakte per onderwijssoort. De vergoeding per onderwijssoort wordt bepaald op basis van de volgende bedragen:
Onderwijssoort
per m2 bvo
Proktijkonderwiis
€ 386
VMBO Theoretische leerweg (TLW)
€20L
V M BO The oreti sche I ee rwe g on de rste u ne n d on de rw ii s (TLW-LWOO)
€20L
VMBO- Profiel Bouwen, Wonen en lnterieur (BWl)
€ 494
VMBO- Profiel Produceren, lnstolleren en Energie (PtE)
€494
VMBO- Profiel Mobiliteit en Tronsport (M&T)
€ 494
VMBO- Profiel Moritiem en Techniek (MoT)
€ 494
VMBO- Profiel Medio, Vormgeving en ICT (MVl)
€288
VMBO- Profiet Economie en Ondernemen (E&O)
€ 288 44
Bijlage lV - Normbedragen Deel B - Normbedragen
VMBO- Profiel Horeco,
Bakkerij en Recreatie (HBR)
VMBO- profiet Zorg- Welzijn
€ 956
(Z&W) € 471
VIWBO- ProfielGroen
VMBO- Profiel Dienstve
€ 494 rlening e n Producten (DA
P)
€207
HAVO
€201
VWO
€201
2' Ars in praats van uitbreiding van
het schoorgebouw medegebruik van ee n voor een school bestemd gebouw wordt g"uorO"rO,
voor medegebruik aangewezen
*;rdt inventar¡, ,f ã.f,i, aegekend als de inventaris in de ruimte ontbreekt of niet geschíkt is.
E. Loka I en beweg í ng son d e rwíjs
E.1 Bouwkosten nieuwbouw
1' De vergoeding van de bouwkosten
voor nieuwbouw van een rokaar bewegingsonderwijs netto speeroppervrakte van met een 2s2v¡erkante o"¿rrrÀiä 1.483.923 ars deze op het schoolterrein gerealiseerd T:ters kan *"ri;, 1.513.g36 ars de op een gerealiseerd *otol afzonderlijk terrein "taI vP6sr ln deze u"rgo.Jing.ijn opgenom.n rurrren oe d" kosten 'ur k,t" van funderíng op staal en inrichting van het terrein.
2' Als paalfundering noodzakelijk
is wordt een toesrag gegeven
Paallengte vergoeding vergoeding L<15m
€ 29.847
€ 37.633
L5<20m
€41.j.46
€52.119
>20m
€ 57.788
€ 75.008
op basis van de vorgende bedragen:
bij ruimten LG en MG
E.2 Uitbreiding
Het bepaalde in E.L, eerste lid, is overeenk, de vergoedi'u
;"; ,;n:ii:iJ;l,li,i,îï:,ff1::J*fiiJiï"i:rî"::ï5::ö:
"*,',,,¡reiding met een oefenvloer "." mete¡¡etto van 140 vierkante speeroppervrakte
of minder, tan
ãe oefenvroer ;'*5::iiii:'i,ï::ffi:i:ïfii:.",i,';;;;fi;;:i:,i: De hoogte u.n o" uã,goeding wordt
Bijlage tV - Normbedragen Deel B - Normbedragen
45
Uitbreiding
Normbedrag paallengte
L < L5
112t/m I20 m2
L21- tlm j.50
m2
€344.771,
€ 4l.g.1.t6
meter
15 < 20
meter
> Z0 meter
€ L3.362
€ 23.1.44
€ 37.838
€ L6.708
€28.923
€ 47.298
E.3 Eerste inrichting
E'3.1 otp/meubirair schoot voor
basisonderwijs en speciaar basisonderwijs
De vergoeding voor de eerste
inrichting met,onderwijsleerpakket of meubilair voor een lokaal voor een basisschãol of een ,p".i.r" ;.;;"1 voor basisonderwijs bedraagt :"ri:ï""nderwijs E'3'2 oLPlmeubirair schoor voor (voortgezet)
speciaar onderwijs
N.v.t
E'3'3 Meubirair/reer- en hurpmidderen
schoor voor voortgezet onderwijs
De vergoeding voor de eerste
ffä"ï"ï::::JÏf
ínrichting meubilair of leer- en hulpmiddelen voor een lokaal voor een school voor voortsezet onderwijs wordt bepaatd op basis van de
Eerste lokaal Tweede lokaal Derde lokaal Oefenplaats L Oefenplaats 2
Meubilair
Leer- en hulpmiddelen
Totaal
€ 1.380
€82.3L2
€ 83.692
€ 1.380
€ 64.21,0
€ 65.590
€ 1.380
€27.91,s
€29.296
€ 0,00
€ 78.178
€ 18.178
€ 0,00
€ 2.098
€ 2.098
E.4 Medegebruik/huur van een
niet_eigen voorziening
Naast bewegingsonderwijs in een eigen lokaalvan de school is ook bewegingsonderwijs mogelijk in een bestaand lokaal bewegíngsondeiwijs
door middelvan:
Bijlage tV - Normbedragen Deel B - Normbedragen
a' medegebruik van
een gebouw van
b. huur van een gebouw
van een commerciële
F. Verhoging
vergoeding
F.1 Verhoging
normbedragen
De¡ormbedragen
als bedoeld in
,ü;
::11_"t.verhoogd met een omsrandish"lãïì"',."r"ruru,"¡0 Het budgetrecht
F.2 Verhoging De vergoeding n
een andere schoor
of de gemeente,
of;
exploitant.
artikel4.
tid, kunnen do
rffi.";eerste
"åîä"#:j:,ilii;1,*ii;:Tåif#;:";,ï,,î"îïå'il,,. is voorbehouden
aan de gemeenteraad.
feitelijke kosten van d
:, ;;;;;Ë ;; l5,'å,"iTX:
l: : : advisering,
"oå'.."oî,,,", """
n rt ke, 4, t 3: 1:_"1, :i "ï",,î i
a
i
""",,;,ilî:J#,ïniih#"*"ïi$i;jli::ff,t"."# t artikel 2, onder b en
oo o.
c.
H. Huur sportvelden
1. Een school voor
v sportveld uoo|.tnro-o,.1'9ezet onderwijs maakt aanspraak op er weken per jia a r periode D e ¡ e n € 270 n. n,î,,. ""
"r";;;1'::ar8 ".
Ëä;"s"":i ;:'åi'"iåt ï:.i:*ï
î::1îï'
'' ff'å:ïi::J""ffiïTng ars bedoerd in het eerste rid bestaat sportveld dat door u
niet beschikt over."n;,r#;:ff:i:1t-'lïruítend als de schoorvoor o" g"r"ã"r"o*;ffi""r'5:" sportvetd en seen gebruik;-.;il
van een
lv - Normbedragen :1'tt: Deel B _ Normbedragen
47
iJ:?:åX,-ucriteria
voor het vaststellen van
de prioriteit van de aansevraagde
7. Algemeen
Prioríteiten worden vastgesteld
als het overeenkomstig
ögi,,ff i: ï ;i t"rgïîf *ii::¡ op
artiker 11. vastgesterde
ie n i n ge n ;;"1
; vastgesteld van de råorzieningen *rrrurn'1n'
;; ;
bekostigingsprafond m te wo rd e n
e rk i n g ko m e n o
basis van de gesteldÀ pr¡orit.¡teniordt
een rangorde
::ï*''uooi*"*"ì;;;,ïil:iliË1"ff-çJ,ffi i:,ï:",run:*:l;;:X;î"î itr;Ï,î-$ff p.e,",,r,ï;;:i"Jooffiii:,.ïi[îtJ,,îå:. o" u*,.,'¡"ningen o'","i*",oen
op het
opsenomen
2. OnderscheÍd voorzieningen
1' Bij het stellen van de prioriteiten a. om capaciteitstekorten op b. om een adequaat n¡veau
t ffi:i::';::llåir:1"":rd
wordt onderscheid gemaakt
in voorzieningen die
noodzakerr.¡-k zijn
te heffen, en;
te handhaven.
in het eerste lid, onder
a, vailen onder hoordprioriteir
j.. Her betreft
de
a. nieuwbouw, inclusief terrein; b. uitbreiding, indien van toepassing,
inclusief terrein;
c' in gebruik nemen bestaand gebouw,
indien van toepassing,
d. verplaatsen tijdelijke gebouwen;
e' eerste inrichting met onderwíjsleerpakket
r' uitbreiding eerste inrichting
of meubílair of leer- en
met onderwijsreerpakket
g. medegebruik.
t ffi:i::'Ï:::.*i.:1î:rd
in het eerste rid, onder
a' vervangende níeuwbouw, indien
O.
incrusief terrein;
en meubirair of reer- en
b, varen onder hoofdpriorireir
van toepassing, inclusíef
b. herstel van een construct¡efout,
en;
c' herster en vervanging in verband
met schade.
hulpmiddelen; hurpmidderen, en;
2. Her betreft de
terrein;
o-1der hoofdpríoriteit
2 opgenomen hoordprioriteitiopr,"t,o,"ån,;;ä::i:H:ffi,.Xîïii".:å,#:åïî.1,:ïîîlo,e¡oineu,n
,?"
Bijlage V - priorítering
48
de capaciteit en
de ve
genoemd ono",.,;#i:i::::i;':ïî:ïw.noodzakerijk
is omdat wordt
vordaan aan het
criterium
3. Hoofd- en subprìoriteit
t.
te komen tot het vaststellen .Or van - -' d hoofdprioriteit en ' -e prioriteit wordt een onderverdering sub-pr¡or¡teit. gemaakt
in
2, Voor het vaststell,
mtl'#rT,:düi;Jff :ïJ,"J'x'#"ïli,iiirÍ;,,,ji.ï,irl;ïlËl;,genoemde voorzieningen roraienää;::#::.:ll, --' c.-' e schoorgebouwen
3. Nadat ¿" ono",.u"r"
ars ¿e rokaren bewegingsonoeiw¡s'deet
'l'de
-:-::::::
::1" op """;.;;;;;;i:iHii:j.îiflruî:l praats basis u* t
programma in
moet worden vastgesterd te worden rãoì**,. Dit vindt
i *i"rãän
o" uotg"no" wetke voorzieningen welke uoor;,"n,1Tlr¡or¡t"¡i voor het prrrirån op het
die relatief e
t"t h.rr.Àik'k;;;;;; lï|:ilffi;fi.sroot mogeríjk kwanriratiertekort ophert
b. vervolgens die voorzieníng een situatíe zonder
c.
om u..t i"lt.lt"n ¡(trrr€fl
aanmerking kom"nì-' 'u
a. als eerste die voorziening een situatie
h:ert praatssevonden
*'rrr"r,"n'iil:iÏ,ii;:jå1åï;ii.
uitgangspunten gehanteerd "t
Deze eç
in
die relatief
r,"rr.n'¡ri¡"nsî;:åïiä:ï:f::::mogerijk kwanriratiertekort ophert
¡rqrvolsens die voorziening die relatief e lokaren beweginsso"¿"r*i'¡,
"ï;r:ïJ"ïffïff:ri.
"ot
moset,jk kwantitariertekort
aan
Bijlage V - prioriteríng 49
in