CConstaterende datBrunssum
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel 61 De Omgevingswet en aanwijzing lijst van actviteiten bindend adviesrecht

Raadsvergadering 26 september 2023, gemeente BrunssumBij agendapunt: De Omgevingswet en aanwijzing lijst van activiteiten bindend adviesrecht; Gemeenteblad 2023/611.880 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel Collegeverg. d.d. Registratiekenmerk Gemeentebladnr. Afdeling opsteller Naam opsteller Bereikbaar onder Portefeuillehouder Raadsvergadering d.d. Uiterlijke datum

: 4 juli 2023 : 202226248 : 2023/61 : Ruimtelijke ontwikkeling en vastgoed : Marcel Ohlenforst : marcel.ohlenforst@brunssum.nl : Jaimy Dijk, van : 26 september 2023 : Niet van toepassing

Aan de raad, 1. Onderwerp Lijst van activiteiten waarvoor advies van de gemeenteraad nodig is bij een buitenplanse omgevingsplanactiviteit / de uitgebreide voorbereidingsprocedure van toepassing is (op grond van de artikelen 16.15a lid b onder 1 en 16.65 van de Omgevingswet).

2. Uitgangssituatie (WAAROM?) a. Aanleiding In de huidige regelgeving (Wabo) geldt dat een aanvraag om omgevingsvergunning die in strijd is met het bestemmingsplan, verleend kan worden via de uitgebreide vergunningprocedure. Bevoegd gezag is het college van burgemeester en wethouders. De raad dient wel een verklaring van geen bedenkingen af te geven. Op 14 april 2015 is door de gemeenteraad een lijst vastgesteld met situaties waarbij geen aparte verklaring van bedenkingen noodzakelijk is. Wanneer een aanvraag past binnen de op de lijst genoemde situaties kan het college, zonder dat de raad hierover nog apart moet beslissen, overgaan tot de afgifte van een omgevingsvergunning. In de Omgevingswet (Ow) blijft als hoofdregel dat het college van burgemeester en wethouders het bevoegde gezag is voor de afgifte van een omgevingsvergunning. Tussenkomst van de raad is in beginsel niet nodig. Dit past in het uitgangspunt van de Ow om daarmee procedures te versnellen en te vereenvoudigen. De raad kan wel via het zogenaamde bindend adviesrecht situaties benoemen, waarbij het college verplicht is om het advies van de raad in te winnen. In die gevallen moet het college van burgemeester en wethouders de raad horen alvorens over te gaan tot vergunningverlening.

Dit bindend adviesrecht geldt overigens alleen bij zogenaamde buitenplanse omgevingsplanactiviteiten (zijnde activiteiten die niet passen binnen het omgevingsplan en waar in dat plan ook geen ontheffingsmogelijkheden voor zijn opgenomen). Dit voorstel gaat over het benoemen van situaties waar de raad dit bindend adviesrecht wil uitoefenen. b. Huidige situatie/probleemstelling De gemeenteraad dient voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet een lijst van activiteiten vast te stellen waarvoor het bindend adviesrecht geldt. 3. Gewenste situatie (WAT? a. Wat willen we bereiken? De rolverdeling tussen de gemeenteraad en het college van burgemeester en wethouders blijft na de inwerkingtreding van de Omgevingswet in essentie onveranderd. De gemeenteraad stelt kaders vast en het college geeft uitvoering aan deze kaders (en toetst of initiatieven passen binnen de door de gemeenteraad vastgestelde kaders). Als kaders gelden bijvoorbeeld de omgevingsvisie of programma's. De eerder door de raad vastgestelde beleidsdocumenten met

betrekking tot het omgevingsdomein blijven uiteraard ook inhoudelijk na de inwerkingtreding van de Omgevingswet hun werking behouden (structuurvisie, beleidsnota's enz.). Door middel van het vaststellen van een lijst met omgevingsplanactiviteiten geeft de gemeenteraad aan bij welke zaken de raad vooraf om advies moet worden gevraagd. Het college is vervolgens verplicht om dit advies op te volgen. b.

Kaders 1. Eerdere besluitvorming Door de gemeenteraad is het Ambitiedocument Invoering Omgevingswet vastgesteld (21 december 2021) Met betrekking tot dit onderdeel is aangegeven dat aansluiting wordt gezocht bij de eerder vastgestelde lijn over de verklaring van geen bedenking uit 2015. Zie hierna. 2. Traject tot dusverre Niet van toepassing. 3. Rol/bevoegdheden college van B en W De rol en bevoegdheden van het college, alsmede de gemeenteraad zijn vastgelegd in de regels van de Omgevingswet en hierop gebaseerde uitvoeringsbesluiten. 4. algemene beleidskaders (landelijk/provinciaal/lokaal): Eén van de uitgangspunten die de raad moet meewegen bij de vaststelling van deze lijst is dat de Omgevingswet als doel heeft om besluitvorming over initiatieven sneller en overzichtelijker te laten verlopen. Voor burgers, bedrijven en omgeving dient sneller duidelijkheid te ontstaan over het al dan niet afgeven van een vergunning. Dit betekent dat de raad terughoudend dient om te gaan bij het uitoefenen van zijn bevoegdheid. Dit betekent immers dat daarmee ook procedures worden verlengd. Het gaat om die gevallen waarbij de raad aan de voorkant in positie gebracht moet worden om daarmee zijn kaderstellende rol te kunnen uitoefenen. 5. N.v.t.

Past het voorstel in de strategische visie/relatie met uitvoeringsagenda?

6. Relatie met programmabegroting / financiële gevolgen De afhandeling van aanvragen geschiedt voor rekening en risico van aanvragers. Voor aanvragen worden op grond van de legesverordening wel leges geheven. c.

Argumenten en overwegingen Bestaand beleid: In het door de raad vastgestelde Ambitiedocument Invoering Omgevingswet is aangegeven dat aansluiting wordt gezocht bij de eerder vastgestelde algemene verklaring van geen bedenkingen op grond van de Wabo. In een aantal gevallen is dat mogelijk door het "omdraaien" van de situatie zoals opgenomen in deze lijst. Als voorbeeld in de oude situatie was geen verklaring van geen bedenking van de raad nodig bij aanvragen tot 10 woningen. In de nieuwe situatie kan dit worden "omgedraaid" door de raad te raadplegen voor bouwplannen vanaf 10 woningen. In een aantal gevallen is dat "omdraaien" van de situaties zoals opgenomen in de oude lijst niet mogelijk, omdat hierdoor in alle gevallen de raad zou moeten worden geconsulteerd. Dat past zoals gezegd niet binnen de uitgangspunten van de Ow. In een enkel geval is een extra criterium (oppervlaktemaat) toegevoegd. In die gevallen waar eerder door de raad een beleids-/visiedocument is vastgesteld, hoeft de vergunningverlening ook niet apart aan de raad te worden voorgelegd. Tot slot zijn aan de lijst enkele gevallen toegevoegd die niet voorkwamen op de eerdere lijst. De afwijkingen ten opzichte van de eerder door de raad vastgestelde lijst en de toevoegingen/wijzigingen zijn per geval aangegeven.

Uitgebreide procedure conform afdeling 3.4 van de Algemene Wet Bestuursrecht: Ook bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten geldt dat deze in beginsel binnen de reguliere procedure van 8 weken moet worden verleend (met de mogelijkheid van eenmaal verlenging met 6 weken). Op verzoek van een initiatiefnemer kan de uitgebreide vergunningprocedure van toepassing worden verklaard (met een duur van maximaal 6 maanden). Bij een uitgebreide procedure wordt eerst een ontwerp-vergunning gepubliceerd waartegen zienswijzen kunnen worden ingediend. Bij een reguliere procedure wordt meteen een definitieve vergunning verleend. Het kan raadzaam zijn om de gelegenheid aan anderen te bieden tot het indienen van een zienswijze tegen het voorgenomen besluit, zodat deze zienswijzen in een definitief besluit (op voorhand) kunnen worden meegewogen. In een reguliere procedure wordt een besluit genomen, zonder dat vooraf de gelegenheid wordt geboden tot inspraak, tenzij participatie vooraf verplicht is gesteld. De situaties waarbij de raad het bindend adviesrecht uitoefent zijn in de regel complexe aanvragen. Hoofdregel is dat vergunningverlening geschiedt binnen de reguliere vergunningprocedure van 8 weken door het college. De Ow biedt de mogelijkheid om af te wijken van deze hoofdregel en de uitgebreide procedure te volgen.

Voorwaarde is wel dat sprake is van een activiteit die aanzienlijke gevolgen heeft of kan hebben voor de fysieke leefomgeving, en waartegen naar verwachting verschillende belanghebbenden bedenkingen zullen hebben. De bevoegdheid tot het volgen van de uitgebreide vergunningenprocedure is aan het college. Door het college is besloten om deze toe te passen in geval deze is opgenomen op de lijst waarvoor het bindend adviesrecht van de raad geldt. Hierdoor is een afgewogen behandeling van een initiatief geborgd door in het voortraject alle belangen goed te kunnen afwegen c.q. andere partijen bij de aanvraag te betrekken. In de regel voldoen deze gevallen aan de hiervoor genoemde voorwaarden van "aanzienlijke gevolgen" en/of "verschillende belanghebbenden met bedenkingen". Door toepassing te geven aan de uitgebreide vergunningprocedure is het ook mogelijk om aanvragen te behandelen binnen de bestaande raadscyclus. Binnen de reguliere vergunningprocedure zou voor ieder initiatief de raad apart bij elkaar moeten worden geroepen. In het verleden is door de gemeenteraad uitgesproken om (vroegtijdig) betrokken te worden bij de afwijking van bestemmingsplannen, zowel op inhoud als proces. Met toepassing van het bindend adviesrecht wordt hier invulling aan gegeven. Dit uiteraard rekening houdend met de nieuwe spelregels en uitgangspunten van de Ow.

Die wet streeft naar snellere procedures en duidelijkheid voor de klant (en de omgeving). Voor de raad is een rol weggelegd door de vaststelling van belangrijke beleidsdocumenten zoals de omgevingsvisie en het omgevingsplan. In de uitvoering ligt de hoofdrol bij het college van burgemeester en wethouders. Die uitvoering betreft ook de vergunningverlening (al dan niet in strijd met dat bestemmingsplan). De raad dient zich af te vragen in welke situaties bij afwijkingen men nog een rol wil spelen. Daarvoor is het bindend adviesrecht bedoeld. In alle andere gevallen is uitsluitend het college aan zet, zonder tussenkomst van de raad, zowel niet op inhoud alsook proces. In de meeste van die gevallen is overigens ook, gelet op de van toepassing zijnde reguliere vergunningprocedure, tussenkomst van de raad, in de tijd gezien, nog nauwelijks mogelijk. Vergunningen moeten immers binnen uiterlijk 8 weken worden verleend. Overigens past dit ook bij de uitgangspunten van de Ow. Die legt de verantwoordelijkheid voor vergunningverlening bij het college. Tussenkomst van de raad is niet nodig, tenzij de raad specifieke situaties benoemt. Onder vigeur van de Wabo gold juist een omgekeerde situatie. Bij vergunningverlening in afwijking van het bestemmingsplan moet de raad worden gekend, tenzij de raad heeft aangegeven via de algemene verklaring van geen bezwaar dat dit niet nodig is.

In die zin is sprake van een verschuiving van verantwoordelijkheden om daarmee het vergunningenproces te kunnen versnellen. Met de komst van de Omgevingswet en de hierop gebaseerde regelgeving is het besluit van de raad van 26 januari 20216 om actiever betrokken te worden bij planherzieningen als het ware ingehaald door de tijd. Met de vaststelling van het bindend adviesrecht wordt hier invulling aan gegeven. Hoewel het besluit van destijds alleen betrekking had op bestemmingsplanherzieningen en niet op vergunningprocedures, is deze procesgang nu in strijd met de geest van de Omgevingswet. Dit laat uiteraard onverlet om de raad in het kader van de actieve informatieplicht bij belangrijke besluiten te informeren. Gelet op het voorgaande is in het bijgevoegd concept-besluit dan ook de intrekking van dit eerdere besluit van 2016 opgenomen.

d.

Opties en keuze Voorgesteld wordt om de lijst van activiteiten waarvoor het bindend adviesrecht van de gemeenteraad geldt vast te stellen overeenkomstig het bijgevoegde concept-besluit. Wanneer de gemeenteraad geen lijst vaststelt met activiteiten is sturing in het vergunningenproces door de raad niet mogelijk. Daarmee zou geen uitvoering worden gegeven aan de kaderstellende rol van de gemeenteraad.

Inwerkingtreding van dit besluit is voorzien per datum van inwerkingtreding van de Omgevingswet (1 januari 2024). Tot slot. Na verloop van tijd kan bezien worden of het werken met de nieuwe lijst leidt tot werken in de "geest van" de Omgevingswet. Wanneer dat niet het geval is, zal een nieuw voorstel worden gedaan aan de raad. Daarvoor zullen de ervaringen de komende tijd ook worden gebruikt.

Het college van burgemeester en wethouders,

Burgemeester

Secretaris

Raadsbesluit Gemeentebladnr. Afdeling Registratiekenmerk

: 2023/61 : Ruimtelijke ontwikkeling en vastgoed : 202226248

De raad van de gemeente Brunssum gemeentebladnummer 2023/61; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 4 juli 2023, afdeling Ruimtelijke ontwikkeling en vastgoed ; Gelet op de artikelen 16.15a lid b onder 1 van de Omgevingswet; Besluit: 1.

De in de bijlage opgenomen situaties aan te wijzen als categorieën van gevallen waar de gemeenteraad gebruik maakt van haar adviesrecht.

2.

Het besluit van 26 januari 2016 waarbij de raad een procesvoorstel heeft vastgesteld bij planherzieningen, in te trekken.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 26 septeber 2023. De Raad voornoemd,

Voorzitter

Griffier

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Brunssum&id=9378ab84-3911-4c8c-9513-044fa9d1d94a