CConstaterende datBrunssum
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel 41 (bijlage) 231130 AB agendapunt 13b bijlage 1 Kadernota 2025__202409774__

Commissie Burgerzaken 18 juni 2024, gemeente BrunssumBij agendapunt: Begroting 2025 GR GGD ZL; gemeentebladnummer 2024/414.939 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Kadernota 2025 GGD Zuid Limburg

1

Inhoud 1.

Inleiding ......................................................................................................... 3

1.1.

Aanbieding en kader .................................................................................. 3

1.2.

Over de GGD ............................................................................................ 3

2.

Bestaand beleid ............................................................................................... 7

2.1.

Inleiding................................................................................................... 7

2.2.

Algemene uitgangspunten .......................................................................... 8

3.

Ontwikkelingen 2025 ....................................................................................... 9

3.1. Meerjarenbeleidsplan 2024-2027 ‘GGD Zuid Limburg werkt aan gezond en actief leven’ ................................................................................................................ 9 3.3 Programma Veilig Thuis ................................................................................ 10 3.4 Programma JGZ ........................................................................................... 11 3.5 Programma GGD .......................................................................................... 11 3.6. Solide bedrijfsvoering .................................................................................. 14 4.

Financiële uitgangspunten ............................................................................... 16

4.1. Financiële parameters begroting 2025 en meerjarenraming 2026-2029 ............. 16

2

1.

Inleiding

1.1.

Aanbieding en kader

Het Dagelijks Bestuur biedt u de Kadernota 2025 ter vaststelling aan. Het Dagelijks Bestuur heeft met deze nota de volgende doelstellingen voor ogen: • Het formuleren van financiële kaders en uitgangspunten voor de begroting 2025 en meerjarenraming 2026–2029 binnen het bestaande beleid; • Het formuleren van financiële kaders en uitgangspunten voor de begroting 2025 vanuit het vastgestelde meerjarenbeleidsplan 2024-2027. • Het formuleren van financiële kaders en uitgangspunten inzake de GGD-opgave in Trendbreuk/ GALA/ IZA voor de begroting 2025. In de begroting 2025 zijn de structurele effecten van de jaarrekening 2023 en de begroting 2024 verwerkt. Daarnaast worden de autonome ontwikkelingen meegenomen in de begroting 2025 en in de meerjarenraming. Via de planning- en controlcylus stuurt de GGD Zuid Limburg op de beleidsdoelstellingen en de budgetten, en legt zij via deze cyclus verantwoording af aan het Dagelijks en Algemeen Bestuur. De planning- en controlcyclus start met de kadernota, waarin de uitgangspunten voor de begroting zijn opgenomen.

1.2.

Over de GGD

De GGD Zuid Limburg is een gemeenschappelijke regeling die is ingesteld door de gemeenten in Zuid-Limburg. Gemeenten hebben de taak om de lokale publieke belangen op het gebied van publieke gezondheid te behartigen. Gemeenten bepalen het gezondheidsbeleid en voeren hierop regie. De GGD adviseert gemeenten, levert data en kennis, verbindt partijen en is aanjager van processen die moeten leiden tot een betere gezondheid van de Zuid-Limburgers. Ook zorgt de GGD voor de uitvoering van de wettelijke taken uit de Wet publieke gezondheid en aanvullende taken die door de gemeenten aan de GGD Zuid Limburg zijn opgedragen. Missie De gezondheid van mensen gaat ons aan het hart. We staan midden in de maatschappij en maken het verschil, vandaag en morgen. Visie Wij verbeteren de gezondheid van Zuid Limburgers en verkleinen gezondheidsverschillen in onze regio zodat iedereen, van jong tot oud, kan deelnemen aan onze samenleving.

3

Kernwaarden | Wat voor organisatie willen we zijn?

Professionaliteit Professionaliteit komt binnen de GGD Zuid Limburg tot uiting door het expertschap en de regierol op het gebied van Publieke gezondheid. Dit gaat gepaard met een grote verantwoordelijkheid, die men omwille van de aanwezige expertise zo laag mogelijk wil beleggen in de organisatie. Onderzoek en innovatie dragen bij aan de legitimiteit en duurzaamheid van de expertstatus.

Wendbaarheid In een wereld die steeds verandert, staat het kernbegrip wendbaarheid voor flexibiliteit die dagelijks wordt gevraagd van de GGD én van de mensen die er werken. Schaalbaarheid is daarbij letterlijk en figuurlijk een rekbaar begrip. Men moet namelijk zowel fysiek als (denk)procesmatig in staat zijn om mee te bewegen met wat er in de samenleving speelt en daar voortdurend op anticiperen. Dit zorgt ervoor dat de GGD duurzame keuzes maakt, met aandacht voor mens en leefomgeving.

4

Vitaliteit Binnen de GGD Zuid Limburg is het kernbegrip vitaliteit gewaarborgd door de betrokkenheid en trots die medewerkers hebben als gevolg van het betekenisvolle werk dat zij doen. Een hoge mate van eigen inbreng, informeel contact en werkplezier wordt ondersteund en gestimuleerd door mogelijkheden op het gebied van persoonlijke (talent)ontwikkeling. Aangezien de GGD een afspiegeling wil zijn van een zo gezond mogelijke samenleving in de volle breedte is diversiteit vanzelfsprekend een onderdeel van de vitale organisatiestijl.

De organisatie De GGD Zuid Limburg kent drie programma’s: GGD, Jeugdgezondheidszorg en Veilig Thuis; het voornemen is dat de GHOR per 1 januari 2025 toetreedt tot de Veiligheidsregio. De taken van de GGD staan beschreven in het dienstverleningspakket en hebben een wettelijke grondslag in respectievelijk de Wet publieke gezondheid en de Wet maatschappelijke ondersteuning.

5

Basisprincipes GGD Zuid Limburg In haar werk hanteert de GGD Zuid Limburg de volgende basisprincipes: • De GGD maakt zich sterk voor de gezondheid en veiligheid van de inwoners van Zuid-Limburg; • De GGD staat midden in de samenleving; • De GGD werkt in opdracht van de Zuid-Limburgse gemeenten; • De GGD werkt vanuit een regionale opdracht en anticipeert op regionale ontwikkelingen; • De GGD werkt vanuit het gedachtengoed van positieve gezondheid; • De GGD gaat professioneel te werk en hecht waarde aan een duurzame inzet van het personeel; • De GGD werkt minimaal op wettelijk basisniveau en respecteert landelijke richtlijnen en protocollen; • De GGD is een betrouwbare en sterke (samenwerkings-)partner; • De GGD bevordert de samenwerking en verbinding met de Euregio en maakt hiertoe de noodzakelijke afspraken; • De GGD levert input voor het regionale en lokale gezondheidsbeleid en is kernpartner in de realisatie van de doelstellingen uit dit beleid.

6

2.

Bestaand beleid

2.1.

Inleiding

Dit hoofdstuk behandelt de financiële omgangsvormen (kaders) tussen het Dagelijks Bestuur en het Algemeen Bestuur. Daarbij wordt in het bijzonder ingegaan op de uitgangspunten voor de begroting 2025 en de daarbij behorende meerjarenraming 20242027, vastgelegd in de financiële doorkijk van het meerjarenbeleidsplan ‘GGD Zuid Limburg werkt aan gezond en actief leven’. Voor deze uitgangspunten gelden de volgende kwaliteitseisen: • De uitgangspunten dienen een voldoende realiteitsgehalte te hebben; • De uitgangspunten die het begrotingsresultaat bepalen, worden zoveel als mogelijk consequent toegepast; • Beoogd wordt een zo goed mogelijk inzicht te verkrijgen in de ontwikkeling van de begrotingsresultaten van de opeenvolgende jaren. Autonome ontwikkelingen • Lopend meerjarenbeleid wordt voortgezet. Met het meerjarenbeleidsplan speelt de GGD in op de externe veranderingen in de omgeving en de noodzakelijke doorontwikkeling van beleid, onderzoek en praktijk. De eerste contouren daarvan zijn in 2024 zichtbaar en zullen in 2025 versterkt doorgezet worden. • Er is slechts rekening gehouden met wijzigingen waarop de GGD geen invloed of weinig keuze heeft. • De begroting 2025 is opgebouwd vanuit het bestaande, geaccordeerde beleid.

Voor nieuw beleid geldt het uitgangspunt van de integrale afweging, waarbij het Algemeen Bestuur, indien van toepassing na zienswijze van de gemeenteraden, het nieuwe beleid vaststelt. Dit is vastgesteld bij de behandeling van het meerjarenbeleidsplan in juli 2023. • In de begroting 2025 zijn, voor zover per 1 februari 2024 bekend, wets- en regelgevingswijzigingen meegenomen. • De crisiseffecten van COVID-19 zijn in 2025 zo goed als verdwenen, mede door de reguliere vaccinatie van (risicogroepen in) de bevolking. Echter, de long-COVID effecten zijn nog onvoldoende onderzocht en zijn daarom niet meegenomen. De inzet voor Trendbreuk, GALA en IZA (TGI) daarentegen nemen toe door de rol van procescoördinatie en de ondersteuning van de gemeenten door de GGD.

7

2.2.

Algemene uitgangspunten

Programmabegroting Voor de begroting 2025 geldt onderstaande programma indeling; 1. Programma GGD 2. Programma JGZ 3. Programma Veilig Thuis De overhead is per programma afzonderlijk zichtbaar. Financieel beleid Overeenkomstig de Gemeentewet dient de GGD Zuid Limburg te beschikken over een structureel sluitende begroting, dan wel zal de meerjarenraming een financieel evenwicht moeten laten zien. Indien hiervan geen sprake is, komt de GGD Zuid Limburg onder preventief toezicht te staan van de provincie. De algemene uitgangspunten van het te volgen financieel beleid die van toepassing zijn op de begroting 2025 luiden als volgt: • wij streven naar een evenwichtige financiële situatie. De financiële kengetallen, zoals in de begroting worden opgenomen, geven daarbij inzicht in de financiële ontwikkelingen; • de GGD Zuid Limburg streeft naar een begroting die structureel en reëel in evenwicht is en waarbij elke jaarschijf tenminste sluitend is.

8

3.

Ontwikkelingen 2025

Het meerjarenbeleidsplan 2024-2027 is vastgesteld en vormt de basis voor de begroting 2025. Dat is een beleidsrijk plan met extra financiering aan de GGD ter versterking van de organisatie van de GGD op het niveau van de bedrijfsvoering, ter integratie van onderzoek, beleid en praktijk en ter ondersteuning van gemeenten bij Trendbreuk, GALA en IZA. Inmiddels is al meer bekend wat dit betekent voor de inzet van de GGD. Daarbij hebben gemeenten gekozen voor een gefaseerde financiering. De impact op de begroting 2025 zal gedurende 2024 duidelijk worden. Gezien de nieuwe opgave van de GGD in een steeds veranderende omgeving zal in 20242027 ook worden gekeken naar een invulling van de topstructuur die past bij een wendbare organisatie.

3.1. Meerjarenbeleidsplan 2024-2027 ‘GGD Zuid Limburg werkt aan gezond en actief leven’ Het meerjarenbeleidsplan 2024-2027 “GGD Zuid Limburg werkt aan gezond en actief leven” schetst voor de komende jaren een beeld van de nieuwe beleidsperiode anticiperend op de ontwikkelingen in de omgeving van de GGD. Deze is onderhevig aan grote en snelle veranderingen: met de komst van GALA en IZA worden door de Rijksoverheid grote beleidsprogramma’s inhoudelijk en financieel ingezet om gezondheid centraal te stellen en de toegankelijkheid en betaalbaarheid van de zorg te garanderen. De GGD heeft in Zuid-Limburg de opdracht van de gemeenten gekregen hier procesregie en inhoudelijke coördinatie op te voeren. Dit vergt extra inzet van de GGD in de ondersteuning van en advisering aan gemeenten. Ook voor de interne organisatie genereert dit een extra inspanning. De ambitie en de aanpak van het programma Trendbreuk sluiten nauw aan bij de doelen van GALA en IZA. Daarom is ook besloten om de regionale samenwerking en afstemming op de leest van trendbreuk te schoeien; de aanpak van trendbreuk geldt als voorbeeld voor GALA-IZA. Ook is geconstateerd dat Trendbreuk verbreed moet worden naar andere levensfasen. In de tussentijd loopt de Trendbreuk-aanpak door; vele interventies worden zoveel als mogelijk regionaal uitgevoerd en gemonitord op effectiviteit.

De nieuwe akkoorden GALA en IZA zorgen voor veel dynamiek in Zuid-Limburg. Het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) en het Integraal Zorg Akkoord (IZA) hebben als doel te komen tot een transformatie van de zorg. Dit gebeurt door in te zetten op de beweging naar voren, op preventie en gezondheidsbevordering, met als doel de druk op de curatieve zorg - waaronder jeugdzorg - te verminderen en deze toegankelijk, bereikbaar en betaalbaar te houden. Beide akkoorden hangen nauw met elkaar samen. Hiervoor is inmiddels een gedragen regiobeeld opgesteld en worden regioplannen en lokale plannen uitgewerkt waarin prioriteiten worden benoemd waarop door partijen in de komende jaren wordt ingezet. Gemeenten en verschillende zorgpartijen maken afspraken over te bereiken gezondheidsdoelen. Voorwaarde daarvoor is het realiseren van een regionale preventie-infrastructuur. Het GALA richt zich met name op het continueren van bestaande inzet op het gebied van gezondheidsbevordering en de verdere versterking daarvan. Vanuit de Rijksoverheid worden voor zowel GALA als IZA (structurele en tijdelijke) middelen beschikbaar gesteld om tot 2026 te investeren in een structurele en integrale aanpak die veel verder gaat dan het huidige gezondheidsdomein.

9

Doelstelling is buurten en wijken gezonder te maken, gezondheidsverschillen te verkleinen en brede welvaart te bevorderen. Het moge duidelijk zijn dat ambities en doelstellingen in een meerjarenperspectief in een financieel haalbaar en realistisch perspectief moeten worden geplaatst. In aanloop naar de begroting 2025 zal het bestuur zich dienen uit te spreken over de wijze waarop de governance vormgegeven wordt en in welke vorm en tempo gemeenten regionaal en lokaal TGI willen realiseren. GHOR De coronacrisis en de daarmee gepaard gaande extreme en zeer snelle opschaling tot een crisisorganisatie hebben laten zien dat versterking van de GHOR nodig is. En ook dat het aansluiten bij landelijke netwerken en overleg noodzakelijk is. Op die manier is de GHOR beter voorbereid op nieuwe gezondheidsbedreigingen. Het is voor de GHOR van wezenlijk belang om naadloos aan te kunnen sluiten bij de ontwikkelingen in de crisisbeheersing binnen de veiligheidsregio. Tegelijk is de organisatorische verbinding met de GGD beperkt nadat de meldkamer ambulancezorg en de ambulancedienst per 1 januari 2023 ontvlochten zijn uit de GGD en zijn opgegaan in de Regionale Ambulancevoorziening Limburg. Daarom is het voornemen om de GHOR per 1 januari 2025 te ontvlechten uit de GGD ZL en te positioneren bij de Veiligheidsregio Zuid-Limburg.

Voor de gemeenten brengt dit geen financiële risico’s met zich mee: de kosten worden opgevangen in de lopende begroting van beide organisaties.

3.3 Programma Veilig Thuis Ten aanzien van het programma Veilig Thuis blijft de opdracht ongewijzigd. De begroting 2025 borduurt voort op de begroting 2024. Het beleidskader voor Veilig Thuis blijft gelegen in de regiovisie ‘Geweld in Afhankelijkheid (GIA) Zuid-Limburg’. Deze is besproken in de Commissie Zorg en Veiligheid waar een groot draagvlak bestaat voor de inhoud. Zij is tot stand gekomen in samenwerking met alle relevante partners op het gebied van GIA: Veilig Thuis, OM, politie, Raad voor de Kinderbescherming, Zorg- en veiligheidshuizen, Vrouwenopvang-organisaties, gecertificeerde instellingen en de 16 Zuid-Limburgse gemeenten. Op landelijk niveau is in opdracht van de VNG, de ministeries van J&V en VWS gekeken naar een mogelijk nieuwe inrichting voor de Nederlandse jeugd- en gezinsbescherming. Het huidige stelsel wordt als te complex gezien en te versnipperd. Er is een landelijk toekomstscenario kind- en gezinsbescherming opgesteld met een meerjarige aanpak en implementatieplan. Op dit moment is nog niet te voorzien of deze ontwikkeling in 2025 van invloed zal zijn op de opdracht, de inbedding en de financiering van Veilig Thuis. Als gevolg van regionaal beschikbaar gestelde gelden (die vanuit het Rijk zijn ontvangen middels de doeluitkering vrouwenopvang) is er wel sprake van een nieuwe indeling inzake de financiering.

Een aanzienlijk groter deel zal door de centrumgemeenten, vanuit de door haar ontvangen rijksmiddelen, voor haar rekening worden genomen. Het aandeel van de gemeenten op basis van de afgesproken verdeelsleutel wordt hierdoor geringer. De begroting 2025 van Veilig Thuis verandert hierdoor niet.

10

3.4 Programma JGZ Na een aantal jaren van ontwikkelingen en extra investeringen vanuit de gemeenten staat de JGZ voor de opgave om mee te bewegen met en te anticiperen op de snelle veranderingen in de samenleving ten aanzien van zwangerschap, opvoeden en opgroeien. Nieuwe generaties ouders en kinderen stellen steeds opnieuw nieuwe eisen aan de taken en uitvoeringspraktijk van JGZ. De samenhang en synergie tussen het sociaal en medisch domein is van groot belang. Gezond opgroeien van de kinderen en jongeren in Zuid-Limburg staat centraal, vooral gericht op het ondersteunen bij en het vergroten van gelijke kansen op gezondheid. De oriëntatie op passende zorg voor specifieke kinderen in een kwetsbare situatie, op een collectief aanbod en op een omgevingsgerichte (contextuele) benadering naast het individuele aanbod, is daarbij nieuw. De bijdrage van JGZ aan Trendbreuk blijft onverminderd groot, de aansluiting bij GALA en IZA zal vooral zitten in de ambitie van de regionale thema’s gezonde generatie, mentale gezondheid en veilige, sociale, gezonde leefomgeving. Wat dit betekent voor de inzet van JGZ is nog niet helemaal duidelijk, maar dat die inzet gewenst en noodzakelijk is staat buiten kijf.

3.5 Programma GGD Seksuele gezondheid, infectieziektebestrijding en Medische Milieukunde (SIM) Infectieziektebestrijding (IZB) De coronapandemie heeft een aantal kwetsbaarheden blootgelegd van de infectieziektebestrijding in Nederland. Het kabinet heeft daarom in de voorjaarsnota 2023 en de Kamerbrief (juni 2023) nadere invulling gegeven aan een pakket van maatregelen en structurele investeringen om de publieke gezondheidszorg en specifiek de infectieziektebestrijding te versterken voor de toekomst. Er zijn extra financiële middelen ter beschikking gesteld om de komende jaren te werken aan een meer slagvaardig, wendbaar en schaalbaar stelsel van de infectieziektebestrijding om in de toekomst beter toegerust te zijn op een grootschalige uitbraak van een infectieziekte. Daarvoor investeert de Rijksoverheid structureel ruim € 136 miljoen per jaar in versterking van de 25 regionale GGD-en en in versterking van de GGDGHOR NL. Tevens is duidelijk geworden dat er een fundamentele verbetering van het IV-landschap nodig is (landelijk bij GGDGHOR en regionaal). Een IV-landschap dat de reguliere infectieziektebestrijding optimaal ondersteunt en dat kan worden opgeschaald in het geval van een pandemie. Dit zorgt ervoor dat de juiste informatie op het juiste moment en bij de juiste partijen beschikbaar is.

Tevens zijn er landelijk vergevorderde plannen om een toekomstbestendig vaccinatiestelsel te ontwikkelen. De insteek hiervan is dat bij alle 25 GGD-en een regionale vaccinatievoorziening voor volwassenen wordt vormgegeven. Een voorziening waarin regionaal vaccinatie expertise wordt gebundeld en waarin regionaal laagdrempelige en beter toegankelijke mogelijkheden worden ontwikkeld waar burgers zich kunnen laten vaccineren.

11

Tuberculosebestrijding (TBC) Door de lage incidentie van tuberculose en door een tekort aan artsen tuberculosebestrijding heeft de GGDZL haar tuberculosezorg anders georganiseerd. Dit via een samenwerkingsverband tussen de artsen infectieziektebestrijding, TBCverpleegkundigen en medisch technisch medewerkers van de GGDZL en een longarts en infectioloog van het Maastricht UMC+ (MUMC+). Dit heeft geleid tot meerjarige detacheringen van de medische specialismen longarts en infectioloog bij de GGDZL en procesmatige efficiency verbeterpunten. Nu Niet Zwanger (NNZ) Sinds 2023 is de interventie Nu Niet Zwanger (NNZ) structureel geborgd binnen de begroting. Het succes van deze interventie maakt dat het beschikbare werkbudget in 2023 reeds ontoereikend is om alle hulpvragen te kunnen oppakken. Vanuit de GALA gelden is het mogelijk om tijdelijk extra financiële ondersteuning te verkrijgen voor de NNZ uitvoering met name ten behoeve van verruimen van het anticonceptie budget. Echter, voor de toekomst is het belangrijk dat het vaste NNZ werkbudget wordt vergroot, zodat er meer personeel en anticonceptie budget beschikbaar komt om alle hulpvragen adequaat te kunnen oppakken. De huidige vraag vertaalt zich naar een prognose dat deze toeneemt komende jaren.

Gezien de hoge mate van onzekerheid en de wijze waarop financiering vorm moet krijgen leidt dit vooralsnog niet tot een financiële aanpassing van de begroting 2025. Centra Seksuele Gezondheid (CSG) Sinds 2008 maakt de GGDZL gebruik van de landelijke ASG regeling, een subsidieregeling waarmee alle 25 GGD-en aanvullende Seksuele Gezondheidszorg kunnen verstrekken aan specifieke doelgroepen zoals; Mannen die seks hebben met mannen (MSM), jongeren tot 25 jaar en sekswerkers. Centraal staat het voorkomen van verdere verspreiding van seksueel overdraagbare aandoeningen (soa’s) en het geven van seksuele voorlichting. Momenteel loopt er een toekomstverkenning vanuit VWS naar de ASG regeling. De regeling kent momenteel grote financiële uitdagingen daar de ASG regeling sinds 2015 onvoldoende is meegegroeid met gestegen materiaal-, behandel- en diagnostiekkosten. Dit onderzoek wordt november 2023 afgerond, echter wijzigingsvoorstellen worden overgelaten aan een volgend kabinet. Hygiëne en Inspectie (H&I) Op basis van wetgeving heeft de GGD een aantal toezichthoudende taken in opdracht van gemeenten. Dit zijn met name het calamiteiten toezicht op de Wmo en toezicht op de kinderopvang (dat betreft kinderdagopvang, buitenschoolse opvang, gastouderbureaus en gastouders).

Jaarlijkse wetswijzigingen en ontwikkelingen in het werkveld en de maatschappij vragen continu aanpassing van de werkwijze. Er is een voornemen van het ministerie van OCW om toezicht op de voorschoolse educatie bij kinderopvang door de Onderwijsinspectie over te dragen naar de gemeenten. Het belang van preventie van infectieziekten door de technische hygiëne zorg (THZ) is toegenomen sinds de Coronapandemie. Deze THZ-taak bevat verschillende vormen van toezicht; ook de locaties voor de opvang van Oekraïners en crisisnoodopvang asielzoekers horen bij dit werkveld, evenals de advisering bij evenementen aan de GHOR. De dak- en thuislozen centra en andere belangrijke doelgroepen verdienen de komende jaren extra aandacht en de samenwerking met Algemene Infectieziekte bestrijding wordt versterkt.

12

Medische Milieukunde (MMK) De gezonde leefomgeving is een thema dat steeds meer op de voorgrond treedt. Een gezonde leefomgeving levert een belangrijke bijdrage aan de gezondheid en het welzijn van mensen. Daarnaast is het belangrijk om de gezondheid van burgers, als het invloeden van het milieu betreft, te beschermen en te bevorderen door te signaleren, adviseren, voorlichting te geven en mee te werken aan onderzoek op dit gebied. Voorkomen en beperken van blootstelling aan schadelijke milieufactoren behoort tot één van de kerntaken van de WPG. Belangrijke milieufactoren die invloed hebben op de gezondheid zijn luchtverontreiniging, geluidhinder en een ongezond binnenmilieu in huis. Het gaat hierbij ook om gezondheidseffecten als hinder en ongerustheid over milieufactoren. Mede door de klimaatverandering, de steeds grotere druk op het milieu en de leefomgeving nemen de vragen omtrent de bedreiging voor de gezondheid van burgers toe. Publieke Gezondheid Het verzamelen van data die leiden tot beleidsrelevante gezondheidsinformatie is de basis van publieke gezondheid. Op basis van deze informatie worden prioriteiten gesteld, interventies ontwikkeld en beleidsprogramma’s opgesteld – alles bedoeld om de gezondheid en de gelijke kans op gezondheid te bevorderen.

De bestaande gezondheidsachterstand in Zuid-Limburg heeft oorzaak in en invloed op andere leefdomeinen dan alleen gezondheid: armoede, ongezonde arbeidsomstandigheden, psychosociale problemen, ongezonde woon- en leefomgeving. Dit vraagt om meer dan op één probleem gerichte interventie, het vereist een integrale probleemanalyse, integraal beleidsadvies en praktijkvoering vanuit meerdere disciplines. Gemeenten onderkennen de samenhang van gezondheidsproblemen en passen hier steeds meer hun beleid op aan. Hiervoor is ook onderzoek nodig dat de problemen vanuit die samenhang van factoren onderzoekt. Dat gebeurt bij de Academische Werkplaats Publieke Gezondheidszorg en de Kenniswerkplaats Jeugd. In deze werkplaatsen komen onderzoek, beleid en praktijk samen. Naast onderzoek heeft gezondheidsbevordering een taak om kennis om te zetten in integrale, samenhangende preventieactiviteiten. Voor de GGDZL betekent dit dat het programma Trendbreuk uitgebreid wordt naar andere levensfasen, ook ligt er een grote opgave van GALA en IZA. De GGDZL verzorgt hierin, op verzoek van de gemeenten, de regie op het proces en de inhoudelijke coördinatie. Dit stimuleert alle partijen tot een nieuwe en verdergaande vorm van samenwerking. Dit vergt extra personele inzet, het vraagt ook andere competenties van GGD-medewerkers.

In het meerjarenbeleidsplan is hiermee rekening gehouden, in deze kadernota krijgt dit een nadere uitwerking.

13

Overige taken Vangnet/OGGZ Openbare Geestelijke Gezondheidszorg (OGGZ) wordt ook wel bemoeizorg genoemd. Daarbij gaat het over mensen die in eerste termijn geen hulp vragen of accepteren maar wel vaak ernstige sociale, psychische of psychiatrische problemen hebben. Via een subsidieconstructie door ZonMw zijn voor 2024 en 2025 rijksmiddelen voor de ‘wijk-GGD’er ’ ter beschikking gesteld voor de doorontwikkeling van OGGZ-vangnet. Deze middelen kennen vooralsnog een incidenteel karakter maar er is een perspectief op structurele financiering. Forensische geneeskunde De forensische geneeskunde wordt in gezamenlijkheid met de GGD Limburg-Noord uitgevoerd voor geheel Limburg. De dienstverlening bestaat naast de gemeentelijke lijkschouw en het leveren van forensisch medische expertise ook uit de zorg aan arrestanten, die onder verantwoordelijkheid van politie en justitie vallen. Politie Nederland start een landelijke aanbesteding voor het leveren van arrestantenzorg. De beide GGDén zullen hieraan meedoen. Uiteraard is de uitkomst hiervan niet zeker. Indien de gunning niet richting de GGDén zou gaan, kan dit leiden tot kostenverhoging binnen de forensische medische expertise en de gemeentelijke lijkschouw. Sociaal Medische Advisering De SMA is geen wettelijke taak van gemeenten. Het vraagstuk of deze markttaak bij de GGD moet blijven, is in 2023 besproken.

De verwachting is dat de dienstverlening zal worden beëindigd in 2024. Om die reden is in de begroting 2025 SMA niet meer opgenomen.

3.6. Solide bedrijfsvoering Om de hiervoor beschreven ontwikkelingen te ondersteunen en faciliteren is een solide bedrijfsvoering noodzakelijk. De in 2023 in gang gezette doorontwikkeling van de bedrijfsvoering van de GGDZL wordt ook in 2024 en 2025 verder voortgezet. Uitgangspunt daarbij blijft een gedegen en samenhangende aanpak vanuit relevante thema’s. Deze thema’s staan naast de continue aandacht die er moet zijn om de reguliere processen efficiënt en effectief vorm te geven en te blijven voldoen aan (wijzigende) wet- en regelgeving. Eveneens in 2023 en 2024 zal het intern organisatieontwikkeltraject Canvas worden voortgezet om de veranderende opgave van de GGDZL te kunnen vervullen. Dit organisatieontwikkeltraject leidt tot een eigentijdse, solide GGD met een passende interne organisatiestructuur en -inrichting. Informatiemanagement heeft een steeds grotere rol gekregen in alle geledingen van de organisatie. De Wet elektronische gegevens uitwisseling in de zorg (WEGIZ) verplicht om meer data op digitale wijze met elkaar te delen. NEN 7510 certificering is hiervoor noodzaak om aantoonbaar te voldoen aan de normen voor informatiebeveiliging. In de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO) is vastgelegd wat het basisnormenkader is voor onze informatiebeveiliging (en vormt een vertaling van de NEN en ISO

14

normeringen). Verder zal in dat kader Elektronisch Voorschrijven (EVS; inzetten van een geautomatiseerd systeem dat onveilige situaties signaleert tijdens het voorschrijven van medicatie) in 2025 onze aandacht vragen. De (verdere) verbetering van de cyberbeveiling, zoals beoogd in de herziening van de Network and Information Security Directive (NIS2), blijft ook in 2025 onze volle aandacht houden (o.a. ketenverantwoordelijkheid van data security en het Incident Respons Team (IRT), een vervolg op het verplichte bedrijfscontinuïteitsplan. Verdere ontwikkelingen op het gebied van richtlijnen voor nationale en internationale digitale gegevensuitwisseling blijven we volgen. Voor onze interne bedrijfsvoering zijn informatiemanagement en de ontwikkeling van onze datasystemen van cruciaal belang om de datagedrevenheid van de organisatie te kunnen realiseren. Dit bevordert niet alleen de kwaliteit van de besluitvorming, maar ook onze doelmatigheid, doeltreffendheid en wendbaarheid. De GGDZL is een organisatie van en voor mensen. Daarmee zijn de medewerkers het grootste kapitaal van de organisatie.. Daarom is de visie van de GGDZL erop gericht om de vitaliteit, professionaliteit en wendbaarheid van haar medewerkers te stimuleren. Onze inspanningen zijn erop gericht om de betrokkenheid en bevlogenheid van onze medewerkers te faciliteren.

De GGDZL creëert een positief en stimulerend werkklimaat met volop kansen voor flexibele professionals die zich willen ontwikkelen in een lerende organisatie. De krapte op de arbeidsmarkt is een algemeen probleem en dat merkt ook de GGDZL. Daarbij heeft de GGDZL nog extra te maken met krapte aan zorgpersoneel. De belangrijkste thema’s in dit kader zijn arbeidsmarktbewerking, een eigentijdse aanpak van duurzame inzetbaarheid, diversiteit en inclusie, strategische personeelsplanning, nieuwe vormen van recruitment etc. Onze acties zijn erop gericht om een eigentijdse en aantrekkelijke werkgever te zijn, zodat de GGDZL kwalitatief en kwantitatief voldoende personeel heeft en houdt. Duurzaamheid is een van de thema’s waarop verdere doorontwikkeling plaatsvindt. De Rijksoverheid stelt steeds pregnanter en dwingender aan gemeenten en GGD via wet- en regelgeving kaders en richtlijnen, waarvoor zij in haar jaarrapportages en jaarrekening verantwoording moet afleggen. Duurzaamheid wordt in dit kader breed opgevat en bevat de primaire- en de ondersteunende processen, het gedrag van medewerkers en het PTObeleid. Een van de concrete projecten die in 2025 worden geïmplementeerd is de registratie in het kader van de CO2 reductie als gevolg van werkgebonden personenmobiliteit.

Gezien de onduidelijkheid inzake de snelheid van wijzigingen in weten regelgeving zal dit nog niet leiden tot een financiële aanpassing van de begroting 2025. In onze dienstverlening willen we concrete stappen zetten op het gebied van digitale transformatie. Door gebruik te maken van nieuwe technologische ontwikkelingen en het gebruik van andere media in onze dienstverlening kan onze dienstverlening eigentijdser en meer op maat worden georganiseerd.

15

4.

Financiële uitgangspunten

4.1. Financiële parameters begroting 2025 en meerjarenraming 20262029 Concern brede uitgangspunten die gelden voor alle onderdelen • De GGD stelt jaarlijks een begroting op conform het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) gemeenten. • Het begrotingsjaar loopt van 1 januari t/m 31 december. • Er wordt jaarlijks een begroting opgesteld met daarin vermeld de inkomsten en uitgaven voor het komende boekjaar, welke is voorzien van een toelichting en de nodige specificaties, waaronder overzichten van de ramingen van bijdragen van de gemeenten en van de opbrengsten van de verrichtingen die op tariefbasis aan de gemeenten en derden in rekening worden gebracht. • Een eventuele herrekening van de index zal plaatsvinden op basis van de septembercirculaire in het 4e kwartaal van het lopende jaar. • De begroting wordt op hoofdproductniveau, conform het dienstverleningspakket, opgesteld. • Vaststelling van de begroting door het Algemeen Bestuur gebeurt op programmaniveau waarbij de productbegroting ter informatie is toegevoegd. • De GGD gebruikt voor de meerjarenraming een index percentage conform de CPB gegevens zoals deze beschikbaar zijn in september 2023. • Specifiek voor het begrotingsjaar 2025 zal rekening worden gehouden met de aangepaste nota overhead van de Commissie BBV. De verwachting is dat deze met ingang begrotingsjaar 2025 van toepassing zal zijn.

Uitgangspunten onderdeel GGD • De bijdrage van de gemeenten wordt voor het onderdeel GGD gebaseerd op het aantal inwoners van Zuid-Limburg op basis van de CBS-cijfers per 1 januari van twee jaar voorafgaand aan het boekjaar (begroting 2025 is gebaseerd op het aantal inwoners per 1 januari 2023). • Bij het opstellen van de begroting wordt gebruik gemaakt van indexcijfers van het Centraal Planbureau (peildatum september 2023). Van de indexpercentages voor loon en materieel wordt een gemiddelde index berekend op basis waarvan de opbrengsten (inclusief gemeentelijke bijdrage) worden geïndexeerd. • Voor 2025 hanteert de GGD een index van 1,6% voor materieel en een index van 5,4% voor personele kosten.

16

Uitgangspunten onderdeel jeugdgezondheidszorg • De bijdrage van de gemeenten wordt voor het onderdeel JGZ gebaseerd het aantal jeugdigen van Zuid-Limburg op basis van de CBS-cijfers per 1 januari van twee jaar voorafgaand aan het boekjaar (begroting 2025 is gebaseerd op het aantal jeugdigen van 1 januari 2023). • Bij het opstellen van de begroting wordt gebruik gemaakt van indexcijfers van het Centraal Planbureau. Van de indexpercentages voor loon en materieel wordt een gemiddelde index berekend op basis waarvan de opbrengsten (inclusief gemeentelijke bijdrage) worden geïndexeerd. • Voor 2025 hanteert de GGD een index van 1,6% voor materieel en een index van 5,4% voor personele kosten.

Uitgangspunten Veilig Thuis Op verzoek van de gemeenten in Zuid-Limburg is Veilig Thuis per 1 januari 2015 ondergebracht bij de GGD Zuid Limburg. Het beleidskader voor Veilig Thuis ligt in de regiovisie Geweld hoort nergens thuis. • De bijdrage van de gemeenten voor het programma Veilig Thuis is gebaseerd op een aantal parameters uit het gemeentefonds en kent een peildatum van 1 januari van twee jaar voorafgaand aan het boekjaar (begroting 2025 is gebaseerd op parameters van 2023). • Voor 2025 hanteert de GGD een index van 1,6% voor materieel en een index van 5,4% voor personele kosten. Beleidsindicatoren De beleidsindicatoren uit het Besluit Begroting en Verantwoording - zoals u die voor de gemeente kent - zijn niet van toepassing op de inhoudelijke taken van de GGD. Over de belangrijkste indicatoren op dit gebied wordt periodiek verantwoording afgelegd aan het bestuur van de GGD en deze zijn ook onderdeel van het jaaroverzicht.

17

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Brunssum&id=796ed0f9-0d54-426d-9bd9-b1c08224d56a