Raadsvoorstel 3 (bijlage) Beleidsplan Schuldhulpverlening 2021-2024.docx
Tekst van het document
Beleidsplan Gemeentelijke schuldhulpverlening Gemeente Brunssum 2021-2024 Een integrale aanpak voor passende schuldhulpverlening binnen de gemeente Brunssum
Beleidsplan gemeentelijke schuldhulpverlening Maatschappelijke Ontwikkeling, 15 maart 2021
Inhoud 1.
Inleiding ...........................................................................................................................................1
2.
Kaders en ontwikkelingen ...............................................................................................................2
3.
2.1.
Wijziging Wet gemeentelijke schuldhulpverlening .................................................................2
2.2.
Wet vereenvoudiging beslagvrije voet ....................................................................................3
2.3.
Wet stroomlijning keten voor derdenbeslag...........................................................................5
2.4.
Wijzigingswet adviesrecht gemeenten bij schuldenbewind....................................................5
2.5.
Samenhang wetswijzigingen ...................................................................................................6
Gemeentelijk beleidskader Wet gemeentelijke schuldhulpverlening.............................................7 3.1.
3.1.1.
We werken samen ...........................................................................................................8
3.1.2.
We werken laagdrempelig en waar mogelijk preventief.................................................8
3.1.3.
We werken integraal aan een duurzame oplossing.........................................................9
3.1.4.
We hebben aandacht voor speciale doelgroepen ...........................................................9
3.1.5.
We ondersteunen zo vroeg als mogelijk, zo licht als mogelijk, zo zwaar als nodig .......10
3.2.
Resultaten..............................................................................................................................10
3.3.
Kwaliteitsborging...................................................................................................................11
3.4.
Samenwerking met schuldeisers ...........................................................................................11
3.5.
Termijnen ..............................................................................................................................12
3.6.
Bijzondere doelgroepen ........................................................................................................12
3.6.1.
Gezinnen met minderjarige inwonende kinderen.........................................................13
3.6.2.
Laaggeletterden.............................................................................................................13
3.6.3.
Statushouders................................................................................................................13
3.6.4.
Werkenden ....................................................................................................................14
3.6.5.
Zelfstandigen .................................................................................................................14
3.7. 4.
Visie .........................................................................................................................................7
Uitsluitingsgronden ...............................................................................................................15
Gebruik adviesrecht ......................................................................................................................16
Beleidsplan gemeentelijke schuldhulpverlening Maatschappelijke Ontwikkeling, 15 maart 2021
1
1. Inleiding Sinds 2012 is schuldhulpverlening wettelijk verankerd in de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs). Deze wet regelt dat mensen met problematische schulden bij gemeenten terecht kunnen voor hulp. Het idee hierbij is dat financiële problemen mensen belemmeren om te participeren. Mensen met schulden leven van dag tot dag. De capaciteit om andere problemen aan te pakken is hierdoor zeer beperkt. Een instabiele financiële huishouding is daardoor vaak medeoorzaak van bijvoorbeeld verzuim op het werk, relatieproblemen en schooluitval. Het besef dat nog steeds een grote groep huishoudens worstelt met schuldenproblematiek, leidde in 2018 tot het opstellen van het landelijk actieplan ‘Brede Schuldenaanpak’. Het aanpakken van schuldenproblematiek vraagt om een nauwe samenwerking tussen de ministeries, gemeenten en andere partijen. In de Brede Schuldenaanpak vullen alle partijen vanuit dezelfde uitgangspunten het schuldenbeleid in. De belangrijkste doelen daarbij zijn: Problematische schulden voorkomen door preventie en vroegsignalering; Effectieve schuldhulpverlening met passende ondersteuning; Het bevorderen van een zorgvuldige en maatschappelijk verantwoorde incasso. Om deze doelen te realiseren, hadden de betrokken instanties echter ook meer kaders en bevoegdheden nodig. Het kabinet zette daarom in op vier wetgevingstrajecten.
Een daarvan is de wijziging van de Wgs per 1 januari 2021. Door deze wijziging wordt vroegsignalering een wettelijke taak van gemeenten. Op grond van de Wgs zijn gemeenten verplicht een beleidsplan vast te stellen. Dit plan geeft richting aan het gemeentelijk beleid op het gebied van het voorkomen van schulden en het bevorderen van de integraliteit van de schuldhulpverlening. Met het onderhavige plan voldoet de gemeente Brunssum aan deze verplichting. Dit plan heeft betrekking op de periode van 2021 tot 2025. Het beleidsplan schuldhulpverlening sluit aan op de uitgangspunten van het Masterplan Sociaal Domein uit 2019 en het ‘Beleidsplan Armoede en schuldhulp’ uit december 2020. Het beschrijft onder andere de aanvullingen het beleidsplan als gevolg van de wettelijke wijzigingen per 1 januari 2021.
Beleidsplan gemeentelijke schuldhulpverlening Maatschappelijke Ontwikkeling, 15 maart 2021
2
2. Kaders en ontwikkelingen Zoals in het vorige hoofdstuk aangegeven zette het kabinet in op een aantal wetgevingstrajecten om betrokken instanties meer kaders en bevoegdheden te geven. Op die manier kunnen deze instanties tot een goed werkende integrale schuldhulpverlening komen. Om meer duidelijkheid te geven over deze kaders en bevoegdheden, gaan we in dit hoofdstuk nader in op de wijziging van de Wgs en de nieuwe aanpalende wetgeving.
2.1.
Wijziging Wet gemeentelijke schuldhulpverlening
Zoals aangegeven regelt de Wet gemeentelijke schuldhulphulpverlening (Wgs) sinds 2012 dat mensen met problematische schulden bij gemeenten terecht kunnen voor hulp. Op het gebied van preventie en vroegsignalering bood deze wet echter maar beperkte mogelijkheden. Inwoners moesten zelf informatie aanleveren die nodig was om het schuldhulpverleningproces op te starten. Daardoor ontstond er een spanning met de Algemene Verordening Gegevensbescherming wanneer schuldhulpverleners zelf gegevens voor de inwoner wilden opvragen. Met ingang van 1 januari 2021 is de wet hierop aangepast. Vroegsignalering is nu expliciet als gemeentelijke taak in de wet opgenomen en gemeenten hebben meer mogelijkheden gekregen om informatie te verzamelen. Gemeenten ontvangen van diverse partijen geautomatiseerd signalen over betalingsachterstanden. Na ontvangst van een signaal is de gemeente verplicht een aanbod tot een eerste gesprek te doen aan de betreffende inwoner. Als de inwoner bereid is tot een gesprek, organiseert de gemeente dit gesprek binnen vier weken. Tijdens het gesprek stelt de gemeente de hulpvraag vast. Als er sprake is van een dreigende woningontruiming, afsluiting van gas, water of licht of een beëindiging van de zorgverzekering moet het eerste gesprek binnen drie werkdagen plaatsvinden.
Uiteraard kunnen inwoners zich ook nog steeds zelf melden en om een gesprek over hun financiële situatie vragen. Om de wacht- en doorlooptijden voor schuldhulpverlening te versnellen, mag de gemeente in de nieuwe wet zelf gegevens opvragen die noodzakelijk zijn om de inkomens- en schuldenpositie te bepalen. Hierdoor wordt de schuldhulpverlening efficiënter uitgevoerd. De vier weken tot het eerste gesprek kunnen gebruikt worden om deze informatie te verzamelen. Na het eerste gesprek heeft de gemeente acht weken de tijd om een beschikking met plan van aanpak af te geven. Onderstaande tekeningen geven het proces rondom vroegsignalering (tekening 1) en de daarbij horende termijnen (tekening 2) weer.
Beleidsplan gemeentelijke schuldhulpverlening Maatschappelijke Ontwikkeling, 15 maart 2021
3
2.2.
Wet vereenvoudiging beslagvrije voet
Op 1 januari 2021 trad ook de Wet vereenvoudiging beslagvrije voet (Wvbvv) in werking. De beslagvrije voet is het deel van het inkomen waarop geen beslag mag worden gelegd door schuldeisers. De beslagvrije voet voorkomt dat mensen onder het bestaansminimum zakken. In de praktijk bleek de berekening van de beslagvrije voet echter vaak niet goed te gaan. Voor 1 januari 2021 waren mensen met schulden zelf verantwoordelijk voor het aanleveren van gegevens. Doordat zij dit vaak niet, onvolledig of te laat deden, stelden schuldeisers de beslagvrije voet vaak te laag vast. Hierdoor werd het besteedbaar inkomen onnodig laag. Er bleef dan vaak te weinig geld over om in de basiskosten van levensonderhoud te voorzien.
Beleidsplan gemeentelijke schuldhulpverlening Maatschappelijke Ontwikkeling, 15 maart 2021
4 Onder de Wvbvv zijn inkomen en leefsituatie bepalend voor de hoogte van de beslagvrije voet. Gegevens hierover worden geautomatiseerd opgehaald bij het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV) en gemeenten. Beslagleggers zijn verplicht om de persoon met schulden (de zogenaamde ‘schuldenaar’) op de hoogte te stellen van het beslag, de gebruikte persoonlijke gegevens en de hoogte van de beslagvrije voet. Dit doen zij met de zogenaamde ‘modelmededeling’. Dit is een format waarin een overzicht staat van de gegevens die zijn gebruikt om de beslagvrije voet te berekenen. Degene op wiens inkomen beslag is gelegd, krijgt dit format met een begeleidende brief per post of digitaal toegestuurd. Hij hoeft zelf alleen nog maar het format te controleren. Dit kan met de rekentool van de website www.uwbeslagvrijevoet.nl. In de modelmededeling vraagt de beslaglegger ook aan de schuldenaar om eventuele aanvullende informatie met de beslaglegger te delen. De beslaglegger gebruikt deze informatie om de beslagvrije voet zo nodig aan te passen. De schuldenaar heeft vervolgens vier weken de tijd om een aanpassing te vragen. Vraagt hij niet binnen vier weken om een aanpassing van de beslagvrije voet, dan hoeft de beslaglegger de beslagvrije voet niet met terugwerkende kracht aan te passen. Verder kent de Wvbvv een verplichte beslagvolgorde.
Als iemand meerdere inkomstenbronnen heeft, bepaalt de wet op welke inkomstenbron beslag moet worden gelegd. Zo wil de wetgever het beslag zoveel mogelijk concentreren op een inkomstenbron. Wanneer de beslaglegger zich niet aan de beslagvolgorde houdt, kan het beslag tot drie jaar na de datum van de beslaglegging vernietigd worden. Er is een aantal uitzonderingen op de beslagvolgorde. Hierdoor is het nog steeds mogelijk dat een beslaglegger op meerdere inkomensbronnen beslag legt. Daarnaast is het natuurlijk ook mogelijk dat er meerdere beslagleggers op een inkomensbron zijn. Voor die gevallen heeft de Wvbvv de zogenaamde ‘coördinerend deurwaarder’ in het leven geroepen. De coördinerende deurwaarder is de deurwaarder met het oudste executoriale beslag op de betreffende inkomensbron. Hij is aanspreekpunt van de schuldenaar voor de gehanteerde beslagvrije voet. Hij verstuurt ook de modelmededeling en stelt de beslagvrije voet zo nodig opnieuw vast. Ook informeert hij latere beslagleggende partijen over de gehanteerde beslagvrije voet. De coördinerend deurwaarder ontvangt de volledige aflossing. Als dat nodig is, betaalt hij bedragen door aan de andere beslagleggers. Informatie over beslagen op verschillende inkomensbronnen wordt op dit moment nog niet automatisch uitgewisseld. Deze informatie moeten schuldenaren op dit moment dan ook nog zelf doorgeven aan de beslaglegger(s).
Sommige beslagleggende organisaties hebben voor beslagen vanaf 1 januari 2021 tot 1 juli 2021 een overgangstermijn aangevraagd. Hierdoor mogen zij tot 1 juli 2021 nog de oude berekeningswijze hanteren. Voor beslagen die zijn gelegd voor 1 januari 2021 geldt een overgangsrecht. Voor deze beslagen hebben beslagleggers 12 maanden de tijd om de nieuwe beslagvrije voet te berekenen. Als de schuldenaar actief vraagt om toepassing van de nieuwe beslagvrije voet, dan moet de beslaglegger wel een herberekening maken. Dan gelden zowel de overgangstermijn als het overgangsrecht niet. Als de beslaglegger nog geen gebruik kan maken van een eigen systeem, dan kan hij de website www.uwbeslagvrijevoet.nl gebruiken om een herberekening te maken.
Beleidsplan gemeentelijke schuldhulpverlening Maatschappelijke Ontwikkeling, 15 maart 2021
5
2.3.
Wet stroomlijning keten voor derdenbeslag
De Wet Stroomlijning keten voor derdenbeslag treedt naar verwachting in 2022 in werking. Met deze wet wil de wetgever het proces rondom derdenbeslag nog verder verbeteren. Deze wet zorgt namelijk voor een betere gegevensuitwisseling tussen beslagleggende partijen. Ook daar waar het om een beslag op verschillende inkomensbronnen gaat. Hiervoor wordt het beslagregister gebruikt. Dit register bestaat al, maar op dit moment hebben alleen gerechtsdeurwaarders hiertoe toegang. Bovendien staan in dit register vooralsnog alleen gegevens van door deurwaarders opgelegde beslagen. Onder de nieuwe wet wordt ook informatie over beslagen die door publieke partijen zijn gelegd, opgenomen in het beslagregister. Het gaat dan om partijen als de belastingdienst, het UWV of gemeenten. Ook kunnen in de nieuwe wet meer instanties het register raadplegen. Zo kunnen zij beter bepalen of beslaglegging wel zinvol is. Als bijvoorbeeld de belastingdienst als preferent beslaglegger al maximaal beslag heeft gelegd, dan is de schuld oninbaar. Beslaglegging is dan niet zinvol. Door dit al in een vroeg stadium te constateren, worden onnodige proces- en executiekosten voor de schuldenaar voorkomen. Dit zorgt in het verlengde van de nieuwe beslagvrije voet voor een betere borging van het bestaansminimum van de schuldenaar.
In het brede beslagregister is ook te zien wie de coördinerend deurwaarder is en wat de hoogte is van de beslagvrije voet. Daarnaast kan de schuldenaar in het nieuwe beslagregister zelf zijn dossier inzien. Naar verwachting sluiten partijen na inwerkingtreding van de wet gefaseerd aan.
2.4.
Wijzigingswet adviesrecht gemeenten bij schuldenbewind
Tot slot is het burgerlijk wetboek per 1 januari 2021 gewijzigd. Als gevolg van deze wijziging heeft de gemeente nu een adviesrecht bij schuldenbewind. Schuldenbewind is een beschermingsmaatregel die de rechtbank op verzoek kan opleggen als iemand te maken heeft met problematische schulden. Het doel is om de financiële situatie van de betrokkene te stabiliseren en te zorgen dat basisvoorzieningen, zoals huur, gas, water, licht en leefgeld worden betaald. De betrokkene zelf, zijn naasten, zorginstelling of de gemeente kunnen bij de rechter vragen om schuldenbewind uit te spreken. Tot 1 januari 2021 wisten gemeenten vaak niet dat er een verzoek tot schuldenbewind was gedaan. Zij waren echter wel verantwoordelijk voor de juiste ondersteuning bij schulden. Omdat gemeenten niet alle informatie hadden, konden zij onvoldoende regie voeren. Bovendien betaalden zij via de bijzondere bijstand vaak wel de kosten van bewindvoering. De nieuwe wet wijzigt twee zaken rondom schuldenbewind: 1. Gemeenten krijgen in geval van schuldenbewind adviesrecht bij de rechtbank. 2. Schuldenbewind kan alleen nog voor bepaalde tijd worden ingesteld. Zo wordt voorkomen dat het bewind onnodig lang duurt. Met de invoering van het adviesrecht kunnen gemeenten hun regierol bij schuldhulpverlening beter vervullen.
De gemeente moet daartoe de rechtbank laten weten dat zij in het algemeen gebruik wil maken van het adviesrecht voor haar inwoners. Vervolgens moeten bewindvoerders gemeenten die gebruik willen maken van het adviesrecht voor hun inwoners, binnen twee weken informeren over de uitspraak van het bewind door de rechtbank. Binnen drie maanden na de uitspraak van het schuldenbewind moet de bewindvoerder een afschrift van de boedelbeschrijving en een plan van aanpak naar de gemeente sturen. Na de ontvangst van de boedelbeschrijving en het plan van aanpak brengt de gemeente binnen vier weken een advies uit aan de rechtbank. Daarbij stuurt zij ook afschriften van het advies aan haar inwoner en de bewindvoerder. Het advies helpt de rechter bij het maken van een afweging over de meerwaarde van schuldenbewind ten opzichte van een andere, Beleidsplan gemeentelijke schuldhulpverlening Maatschappelijke Ontwikkeling, 15 maart 2021
6 lichtere vorm van ondersteuning door de gemeente. Naar aanleiding van het advies ontvangt de gemeente via de griffier van de rechtbank een kopie van de afgegeven beschikking. Ook als het bewind is ingesteld vanwege de lichamelijke of geestelijke toestand van de inwoner, kan de rechter de bewindvoerder verplichten om een afschrift aan de gemeente te sturen. Dit gebeurt echter niet standaard. In principe kan de gemeente een advies uitbrengen aan de hand van de boedelbeschrijving en het plan van aanpak. Maar in de meeste gevallen is het lastig om op basis van deze feitelijke informatie een passend advies uit te brengen. Dan is het gewenst om een gesprek aan te gaan met de inwoner en de beschermingsbewindvoerder. Dit moet dan uiteraard wel binnen de adviestermijn gebeuren. De gemeente Brunssum besloot via het beleidsplan ‘Armoede en schuldhulp’ uit december 2020 gebruik te maken van het adviesrecht. Zij heeft zich dan ook aangemeld bij de rechtbank. Via het adviesrecht krijgt de gemeente inzicht in het aantal aanvragen schuldenbewind. Bovendien kan de gemeente nu een beargumenteerd alternatief voorstellen aan de rechtbank als de burger daarmee beter geholpen wordt.
2.5.
Samenhang wetswijzigingen
Met het geheel van de in dit hoofdstuk genoemde nieuwe en gewijzigde wetten wil het kabinet een systeem creëren waarin schulden zo veel mogelijk voorkomen worden, maar waarin mensen met schulden vervolgens zo goed en laagdrempelig mogelijk geholpen worden. Daarnaast wil men ervoor zorgen dat voor iedereen een toereikend bestaansminimum gegarandeerd blijft. Dit om te voorkomen dat problemen onnodig nog groter worden. Bovendien hoopt men de zelfredzaamheid van mensen met schulden te stimuleren. De onderstaande tekening geeft deze samenhang weer.
Beleidsplan gemeentelijke schuldhulpverlening Maatschappelijke Ontwikkeling, 15 maart 2021
7
3. Gemeentelijk beleidskader Wet gemeentelijke schuldhulpverlening Zoals in de inleiding al aangegeven willen we met dit plan richting geven aan het gemeentelijk beleid op het gebied van het voorkomen van schulden en integraliteit van de schuldhulpverlening. Op grond van de Wgs moet in dit plan in het bijzonder worden ingegaan op de volgende onderwerpen: Welke resultaten de gemeente wenst te behalen; Welke maatregelen de gemeente neemt om de kwaliteit van de schuldhulpverlening te waarborgen; Hoe de samenwerking met schuldeisers vorm krijgt; De termijnen waarbinnen de hulpvraag wordt beantwoord en de schuldhulpverlening wordt opgestart; De wijze waarop schuldhulpverlening aan gezinnen met inwonende minderjarige kinderen vorm krijgt. Als de gemeente naast de wettelijke uitsluitingsgrond van het niet hebben van een geldige verblijfsstatus nog andere uitsluitingsgronden wil hanteren, dient ook dit in het plan te worden opgenomen.
3.1.
Visie
De aanpak rondom schuldhulpverlening wordt ingegeven door wettelijke wijzigingen. In Brunssum vindt de aanpak rondom schuldhulpverlening echter ook zijn oorsprong in de herijking van het armoedebeleid uit 2017 en de uitgangspunten van het Masterplan Sociaal Domein uit 2019. De bestrijding van armoede en de werkwijze voor uitvoering van schuldhulp is gebaseerd op de vijf pijlers:
De mens centraal Samen meer met minder Zelf en niet alleen Integraal werken Preventie.
We kijken verder dan de primaire vraag en opteren voor een totaalaanpak. Deze integrale aanpak komt onder andere tot uiting via de pilot Mobility Mentoring® die de gemeente Brunssum sinds 1 januari 2019 samen met CMWW, ISD BOL, KBL en Betere Buren voor de wijk Brunssum Noord inzet vanuit Os Hoes. Daarnaast werken we ook integraal via het Loket Sociaal Centraal dat eind 2019 van start is gegaan. Preventief denken en doen op verschillende omgevingsniveaus is van belang en blijft het speerpunt in onze aanpak. In het ‘Beleidsplan Armoede en Schuldhulp’ vastgesteld in december 2020 formuleerde de gemeente Brunssum bovendien de volgende uitgangspunten:
Duurzame verbetering van de inkomenspositie van minima; Het bevorderen van (maatschappelijke) participatie en het voorkomen van uitsluiting; Een proactieve en integrale benadering van armoede en schuldhulp.
Beleidsplan gemeentelijke schuldhulpverlening Maatschappelijke Ontwikkeling, 15 maart 2021
8 Voor de uitvoering betekent de combinatie van de genoemde pijlers en uitgangspunten dat:
We samenwerken; We laagdrempelig en liefst preventief werken; We integraal werken aan een duurzame oplossing; We aandacht hebben voor speciale doelgroepen; We zo vroeg mogelijk, zo licht mogelijk, zo zwaar als nodig ondersteunen.
3.1.1. We werken samen Het Centrum voor Maatschappelijk Werk en Welzijnswerk (CMWW) voert de schuldhulpverlening voor de gemeente Brunssum uit. CMWW werkt samen met de inwoner door regelmatig contact te hebben over het traject en afspraken vast te leggen. Daarnaast onderhoudt CMWW nauw contact met de schuldeisers en investeert in een goede samenwerking met hen. CMWW heeft ook oog voor hun belangen en wil ook voor hen een gesprekspartner zijn. Op die manier ontstaat er bij alle betrokkenen vertrouwen in een goed resultaat. Bovendien kent CMWW de ketenpartners en weet ook hen te vinden wanneer dat nodig is. Een groot deel van de mensen met schulden is afhankelijk van een uitkering van ISD BOL. ISD BOL begeleidt deze mensen op het gebied van werk of participatie. De samenwerking met ISD BOL tussen CMWW en ISD BOL is daarom van groot belang. Samen vergroten zij de zelfredzaamheid van onze inwoners. Bovendien heeft ISD BOL veel ervaring met het beheren van geautomatiseerde systemen voor gegevensverwerking. Het ligt dan ook voor de hand om ook op dit onderdeel gebruik te maken van de expertise van ISD BOL. Meldingen over betalingsachterstanden worden immers via een geautomatiseerd systeem ontvangen. De gemeente Brunssum maakt hiervoor gebruik van het programma ‘RIS Matching’. ISD BOL beheert dit systeem.
Als er sprake is van een enkele melding over een betalingsachterstand, verstuurt ISD BOL namens CMWW een briefkaart aan de inwoner. Met deze briefkaart vraagt CMWW de inwoner om contact op te nemen als hij of zij behoefte heeft aan ondersteuning door CMWW. Uiteraard wordt de briefkaart om privacy-redenen verstuurt in een envelop. Indien er een afsluiting dreigt of het een melding van meervoudige betalingsachterstanden betreft, zet ISD BOL de melding direct door naar CMWW. In die gevallen neemt CMWW zelf het initiatief om met de inwoner in contact te komen.
3.1.2. We werken laagdrempelig en waar mogelijk preventief Zoals in de vorige subparagraaf aangegeven is CMWW het eerste loket voor vragen van financiële aard. CMWW geniet grote bekendheid binnen Brunssum en biedt een veelvoud van activiteiten aan waaraan veel Brunssummers deelnemen. CMWW maakt daartoe gebruik van verschillende laagdrempelige ontmoetingspunten. Bewoners kunnen hier in een ongedwongen sfeer over hun problemen praten. Inwoners die vragen hebben over inkomen of schulden kunnen zich telefonisch of tijdens een van de spreekuren bij CMWW melden. De locatie ‘Os Hoes’ vormt het centrale (inloop)punt voor inwoners die vragen hebben over hun financiële zaken. Dit blijft gehandhaafd. Daarnaast wordt in de overige Brunssumse wijken gekeken naar inloopmogelijkheden. Daarbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan het Noorderhuis. Zoals in de vorige paragraaf aangegeven werkt CMWW samen met ISD BOL. Deze samenwerking richt zich ook de preventie van schulden. Zo zet ISD BOL de app ‘Voorzieningenwijzer’ van Zorgweb in. Beleidsplan gemeentelijke schuldhulpverlening Maatschappelijke Ontwikkeling, 15 maart 2021
9 Consulenten van ISD BOL brengen met behulp van deze app in kaart op welke aanvullende voorzieningen en toeslagen inwoners recht hebben. De consulent dient ter plekke een aanvraag in of zorgt voor een warme overdracht aan CMWW. Op deze manier krijgen inwoners alle voorzieningen en toeslagen waarop zij recht hebben. Ook wanneer die niet via de gemeente verstrekt worden. ISD BOL zet de ‘Voorzieningenwijzer’ in eerste instantie in voor mensen die in de wijk Brunssum Noord worden. Later kan deze aanpak uitgebreid worden naar andere wijken. Ook Kredietbank Limburg is een vaste partner rondom de schuldhulpverlening van Brunssumse burgers. De Kredietbank werkt eveneens op de locatie Os Hoes en is daardoor snel in te schakelen als dat nodig is.
3.1.3. We werken integraal aan een duurzame oplossing Chronische stress beïnvloedt het gedrag van mensen. Mensen met chronische stress leven meer bij de dag, zijn minder goed in staat om doelen en prioriteiten te stellen, emoties te reguleren en strategieën te ontwikkelen voor als het tegenzit. Hierdoor is de kans groot dat mensen die stress ervaren door sociale problemen, ook financiële problemen krijgen. Evenzo groot is de kans dat mensen met stress als gevolg van financiële problemen ook andere, sociale, problemen krijgen. Om tot een goede oplossing te komen, is het van belang dat we oog hebben voor alle problemen. Wanneer we immers alleen de financiële problemen oplossen en niets aan overige problemen doen, is de kans dat er in de toekomst opnieuw financiële problemen ontstaan groot. CMWW heeft daarom oog voor problemen op alle leefgebieden. Daar waar nodig verwijst CMWW de inwoners door naar meer gespecialiseerde hulp. In de eerder beschreven pilot Mobility Mentoring® helpen we inwoners die zich melden voor een uitkering en die met een veelheid aan problemen op meerdere leefgebieden te maken hebben. We doen dit op zo’n manier dat zij minder stress ervaren. Uitgangspunt daarbij is dat we samen de problemen op de verschillende leefgebieden in kaart brengen.
Vervolgens bepalen we samen met deelnemer, welk probleem de hoogste prioriteit heeft en hoe we de stress op dit gebied tot een acceptabel niveau terug kunnen brengen. Door de stapsgewijze aanpak krijgen deelnemers weer overzicht en zijn zij beter in staat om hun problemen ook echt structureel aan te pakken.
3.1.4. We hebben aandacht voor speciale doelgroepen De Wgs noemt alleen de doelgroep ‘gezinnen met inwonende minderjarige kinderen’ als doelgroep waarvoor de gemeente expliciet aandacht moet hebben. De gemeente Brunssum is echter van mening dat er meer doelgroepen zijn die om speciale aandacht vragen. Hierbij gaat het om doelgroepen die specifieke hulp nodig hebben om hun financiën op orde te brengen en op orde te houden. De gemeente Brunssum heeft daarom extra aandacht voor de volgende doelgroepen:
Gezinnen met inwonende minderjarige kinderen Laaggeletterden Statushouders Werkenden Zelfstandig ondernemers
In paragraaf 3.6. van dit plan gaan we verder in op deze bijzondere doelgroepen.
Beleidsplan gemeentelijke schuldhulpverlening Maatschappelijke Ontwikkeling, 15 maart 2021
10
3.1.5. We ondersteunen zo vroeg als mogelijk, zo licht als mogelijk, zo zwaar als nodig In haar uitvoeringsagenda 2019-2020 schrijft de gemeente Brunssum het volgende: ‘Ondersteuning op het gebied van armoede en schulden is niet zwaarder dan nodig, maar zo zwaar als nodig en wordt in de nabijheid van de burger en zijn netwerk georganiseerd, met inzet van korte lijnen naar (professionele) ketenpartners).’ In het beleidsplan Armoede en Schuldhulp uit 2020 is specifiek beschreven dat ‘preventie’ een belangrijk uitgangspunt is. Om die reden zetten we ook de eerdergenoemde voorzieningenwijzer in en houden we via de inzet van Mobility Mentoring® een vinger aan de pols in situaties met meervoudige problemen. In sommige gevallen is het ook niet nodig een formeel traject via de Wgs op te starten. Denk aan het treffen van een eenvoudige betalingsregeling voor een enkelvoudige schuld, hulp bij thuisadministratie of hulp bij het aanvragen van een bepaalde voorziening. Aan de andere kant zijn er helaas echter ook situaties waarin de hulp via de Wgs niet toereikend is. Het gaat dan bijvoorbeeld om situaties waarin iemands gedrag niet te sturen is, waardoor hij of zij afspraken niet nakomt. In zo’n geval kan begeleiding naar beschermingsbewind zowel voor de schuldenaar zelf als voor eventuele schuldeisers de beste oplossing zijn.
Hiermee wordt immers voorkomen dat iemand verder onnodige schulden maakt. De gemeente Brunssum zet instrumenten uit de Wgs alleen in waar dit de meest passende oplossing is. Het gaat dat om inwoners voor wie hulp via de Wgs echt nodig is en voor wie deze hulp naar verwachting volstaat om bestaande problemen op te lossen en verdere problemen te voorkomen.
3.2.
Resultaten
Ons voornaamste doel is het duurzaam vergroten van financiële zelfredzaamheid van de inwoner binnen zijn mogelijkheden. Vaak is daarbij een schuldenvrije toekomst het doel, maar soms is stabiliteit het hoogst haalbare. De verwachting is dat er per maand ca. 170 signalen over betalingsachterstanden worden ontvangen. Dit kunnen zowel enkelvoudige als meervoudige signalen zijn. Enkelvoudige signalen zijn signalen van een vaste lasten partner die betrekking hebben op achterstanden van één persoon of huishouden. Meervoudige signalen zijn signalen van meerdere vaste lasten partners die allemaal betrekking hebben op één persoon of huishouden. Gelet op het groot aantal signalen dat wordt verwacht en de beperkte capaciteit van CMWW, hanteert de gemeente Brunssum de volgende prioritering met betrekking tot het oppakken van meldingen: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9.
Dreigende afsluitingen of uithuiszettingen 3 of meer signalen in een maand 2 of meer signalen in een maanden Signalen van ten minste 2 maanden huurachterstand Signalen van zorgverzekeraars m.b.t. personen jonger dan 27 jaar Enkelvoudige signalen van gezinnen met minderjarige kinderen Meerdere opeenvolgende signalen binnen 3 maanden Meerdere opeenvolgende signalen binnen 6 maanden Enkelvoudige signalen
Beleidsplan gemeentelijke schuldhulpverlening Maatschappelijke Ontwikkeling, 15 maart 2021
11 In de komende periode willen we meer informatie verzamelen. De informatie die we zo verkrijgen, gebruiken we om onze werkwijze te verbeteren.
3.3.
Kwaliteitsborging
CMWW heeft een ISO9001 certificaat en het kwaliteitslabel van Sociaal Werk Nederland. Hiermee is de kwaliteit van de processen die CMWW uitvoert, geborgd. Daarnaast wordt ook op specifieke deelgebieden aandacht besteed aan kwaliteitsborging. Zo zijn de medewerkers van ISD BOL die met de Voorzieningenwijzer werken allemaal getraind via aanbieder Zorgweb. Ook de professionals die betrokken zijn bij Mobility Mentoring® zijn allemaal getraind. Inforing, de organisatie die het systeem RIS levert, is ISO 27001 gecertificeerd voor de software. Periodiek hebben de gemeente Brunssum, CMWW en ISD BOL overleg. Tijdens deze overleggen worden de verkregen informatie, behaalde resultaten en ervaringen uit de uitvoering besproken. Ook op deze manier proberen we de kwaliteit van de dienstverlening verder te optimaliseren.
3.4.
Samenwerking met schuldeisers
De Wgs biedt een wettelijke grondslag voor geautomatiseerde gegevensuitwisseling met energie- en drinkwaterleveranciers, zorgverzekeraars en verhuurders. De wet gaat ervan uit dat schuldeisers eerst zelf een maatschappelijk verantwoorde incasso uitvoeren. Dit betekent dat schuldeisers de betalingsachterstanden pas melden aan de gemeente wanneer ze: 1. Tenminste eenmaal een schriftelijke betalingsherinnering hebben gestuurd. 2. Zich hebben ingespannen om in persoonlijk contact te treden om te wijzen op mogelijkheden om betalingsachterstanden te voorkomen en te beëindigen. 3. De inwoner gewezen hebben op de mogelijkheden voor schuldhulpverlening. 4. De inwoner aangeboden hebben gegevens door te geven aan de gemeente. De bewijslast dat eerst een maatschappelijk verantwoorde incasso is geprobeerd, ligt bij de schuldeisers. Dit is een inspanningsverplichting gekoppeld aan de mogelijkheid/bevoegdheid om gegevens te delen. Wanneer een inwoner het hulpaanbod van de gemeente accepteert, krijgen de betreffende schuldeisers een terugmelding. Vanaf dat moment worden zij betrokken bij het vervolg. Het hulpaanbod kan bijvoorbeeld een advies zijn, hulp bij het treffen van betalingsregelingen (quick fix) of een schuldhulpverleningstraject.
Indien een vroegsignaal niet tot een hulpaanbod leidt, mag de gemeente in verband met bescherming van de privacy van de inwoner geen terugkoppeling geven aan de schuldeiser. Het Besluit gemeentelijke schuldhulpverlening maakt alleen het delen van informatie over toelating tot de gemeentelijke schuldhulpverlening mogelijk. De Nederlandse Vereniging voor Volkskrediet (NVVK) is een koepelorganisatie voor schuldhulpverlening. Zij heeft met de koepelorganisaties van diverse vaste lasten-partners convenanten over vroegsignalering afgesloten. In deze convenanten zijn samenwerkingsafspraken over het minnelijk traject van schuldhulpverlening vastgelegd. De convenanten hebben als doel de samenwerking tussen schuldeisers en schuldhulpverlening te verbeteren, het aantal wanbetalers terug te dringen en het afsluiten van minnelijke schuldregelingen te bevorderen. Uitgangspunt is dat Beleidsplan gemeentelijke schuldhulpverlening Maatschappelijke Ontwikkeling, 15 maart 2021
12 de gehele vordering terugbetaald wordt. Wanneer dit, naar het oordeel van het NVVK-lid, niet mogelijk is en de schuldenaar voldoet aan de gestelde voorwaarden, zal het NVVK-lid aan de convenantpartij vragen om in te stemmen met het verzoek om gedeeltelijke kwijtschelding. In de convenanten zijn onder andere afspraken opgenomen met betrekking tot:
Termijnen; Het behartigen van de belangen van de schuldeisers (door bijvoorbeeld tijdens het eerste gesprek expliciet te wijzen op de verplichting om de maandelijkse lasten, inclusief eventuele voorschottermijnen, te betalen); Het voortzetten of hervatten van de levering van diensten of producten; Het onder bepaalde omstandigheden op verzoek opschorten van incassomaatregelen; De onderlinge communicatie over de voortgang van het traject.
De gemeente Brunssum heeft via de NVVK-convenanten gesloten met de koepelorganisaties van: WML De diverse in Brunssum actieve woningcorporaties Alle zorgverzekeraars Particuliere verhuurders Een groot deel van de leveranciers van energie en gas
De gemeente Brunssum probeert ook de energie- en gasleveranciers die niet zijn aangesloten bij een koepelorganisatie te benaderen met het verzoek aan te sluiten bij het betreffende convenant. Opvallend is dat signalen over gemeentelijke belastingen onder de nieuwe wet niet mogen worden uitgewisseld. De Belastingsamenwerking Gemeenten en Waterschappen (BSGW) mag dus geen informatie over betalingsachterstanden aanleveren. De reden hiervoor is dat inwoners met een dergelijke betalingsachterstand al intern bekend zijn bij de gemeente. Deze inwoners dienen via een maatschappelijk verantwoorde incasso richting schuldhulpverlening te worden doorgeleid. Dit kan de BSGW doen door ze in diverse vormen van klantcontact naar schuldhulpverlening te verwijzen. Het is vervolgens aan de schuldenaar zelf om hulp te vragen. De gemeente Brunssum informeert de BSGW actief over de mogelijkheid om inwoners naar CMWW te verwijzen.
3.5.
Termijnen
De gemeente Brunssum hecht waarde aan een goede beoordeling van elke individuele situatie. Het is daarom van belang zoveel mogelijk ter zake doende informatie te verzamelen en de situatie van een schuldenaar goed in kaart te brengen. Om die reden houdt de gemeente Brunssum vast aan de maximale wettelijke termijnen. Deze zijn als volgt:
Eerste gesprek binnen drie dagen na ontvangst van een melding over een dreigende woningontruiming, afsluiting van gas, water of licht of een beëindiging van de zorgverzekering. Eerste gesprek binnen vier weken na ontvangst van overige meldingen. Beschikking en plan van aanpak binnen 8 weken na het gesprek.
3.6.
Bijzondere doelgroepen
De Wgs noemt alleen de doelgroep ‘gezinnen met inwonende minderjarige kinderen’ als bijzondere doelgroep. De gemeente Brunssum vindt echter dat er meer doelgroepen zijn die extra Beleidsplan gemeentelijke schuldhulpverlening Maatschappelijke Ontwikkeling, 15 maart 2021
13 ondersteuning kunnen gebruiken. De gemeente Brunssum heeft oog voor deze doelgroepen. Voor al deze doelgroepen geldt dat we sterk inzetten op preventie.
3.6.1. Gezinnen met minderjarige inwonende kinderen Op grond van de Wgs moet de gemeente vastleggen welke aandacht zij geeft aan gezinnen met minderjarige inwonende kinderen. De wetgever wil de effecten van sociale uitsluiting op kinderen zoveel mogelijk beperken. Voor kinderen is het opgroeien in een problematische schuldensituatie te vergelijken met opgroeien in armoede. Jeugdprofessionals zien armoede bij gezinnen met meerdere problemen soms over het hoofd. Dit terwijl de gevolgen van armoede en schulden voor kinderen groot zijn. Het tijdig signaleren van armoede is essentieel om kinderen en gezinnen in een vroeg stadium te helpen. Het is van belang dat bij gezinnen met minderjarige kinderen de uiterste inspanningen worden geleverd om een uithuiszetting en afsluiting van energie te voorkomen. Samenwerking tussen professionals om problemen zo vroeg mogelijk te signaleren, is hierbij van groot belang. De samenwerking met de sociale wijkteams vervult hierbij een grote rol. Door een tijdige signalering kan eerder hulp worden geboden, waardoor we gezinnen bereiken voordat de problemen hen boven het hoofd groeien.
3.6.2. Laaggeletterden Uit verschillende onderzoeken weten we dat armoede en schulden vooral aanwezig zijn bij mensen die over minder mogelijkheden beschikken om regie over hun eigen leven te voeren. Daartegenover staat dat onze samenleving steeds ingewikkelder wordt. Zij vraagt steeds meer van haar burgers op het gebied van bijvoorbeeld administratieve-, digitale, taal- en rekenvaardigheden. Hierdoor is er sprake van een steeds groter wordende groep mensen die in de problemen komt. Om die reden heeft de gemeente Brunssum ook extra aandacht voor de hulp aan laaggeletterden. Daar waar CMWW constateert dat er sprake is van financiële problemen, beoordeelt CMWW ook steeds of er mogelijk sprake is van problemen op het gebied van administratieve-, digitale-, taal- of rekenvaardigheid. Daar waar er inderdaad ook sprake blijkt te zijn van problemen op dit vlak, wordt iemand verwezen naar passende hulp.
3.6.3. Statushouders De complexiteit van onze samenleving vormt ook een grote uitdaging voor de doelgroep van statushouders. Zij weten vaak weinig van de manier waarop zaken in Nederland geregeld zijn. Welke instantie verantwoordelijk is voor welk onderwerp, welke financiële verplichtingen er in Nederland bestaan en op welke regelingen zij een beroep kunnen doen. Bovendien is er vaak nog sprake van een taalbarrière die het extra moeilijk maakt informatie te verstrekken over deze complexe onderwerpen. De doelgroep statushouders is daarmee ook een doelgroep die volgens de gemeente Brunssum extra aandacht verdient en waarbij preventie van groot belang wordt geacht. Gedurende de eerste 12 maanden na huisvesting in de gemeente Brunssum vanuit een Azc worden statushouders intensief begeleid via de maatschappelijk begeleider van de gemeente. De maatschappelijk begeleider helpt statushouders onder andere bij het afsluiten van een huurovereenkomsten en het aangaan van overeenkomsten met energieleveranciers en zorgverzekeraars. Daarnaast biedt de maatschappelijk begeleider hulp bij het bijhouden van de eigen administratie. Voorts worden de vaste lasten van uitkeringsgerechtigde statushouders gedurende Beleidsplan gemeentelijke schuldhulpverlening Maatschappelijke Ontwikkeling, 15 maart 2021
14 deze periode door ISD BOL doorbetaald. Tot slot wordt aan uitkeringsgerechtigde statushouders een training ‘Omgaan met geld’ aangeboden. In deze training wordt nadere uitleg gegeven over de diverse in Nederland werkzame instanties, hun taken en hun wijze van ‘factureren’. De ervaring leert dat in het bijzonder onderwerpen als voorschot-betalingen, voorlopige aanslagen en toeslagen voor veel statushouders moeilijk te begrijpen zijn. Daarom wordt, waar mogelijk, bij de trainingen ‘Omgaan met geld’ gebruik gemaakt van de hulp van een tolk.
3.6.4. Werkenden In 2019 liep een pilot waarbij de Kredietbank Limburg wekelijks een inloopspreekuur hield bij de Sociale Werkvoorziening WOZL. Aangenomen werd dat onder de werkenden ook veel mensen zijn die kampen met financiële problemen en/of armoede omdat er veel loonbeslagen worden uitgevoerd. Medewerkers werden uitgenodigd om binnen te lopen voor vragen en ondersteuning. Dit leidde in elk geval tot het inzicht dat het bereik van regelingen en ondersteuning bij werkenden meer aandacht behoeft. Ook uit de cijfers van de MER 2020 blijkt dat onder de inwoners van Brunssum met een inkomen tot 120% bijna 1/3 géén bijstandsuitkering of AOW heeft, maar een andersoortig inkomen zoals WW of een baan. In de komende periode willen we onderzoeken of er een vervolg kan komen op dit initiatief bij meerdere werkgevers in Parkstad. Het Werkgevers Servicepunt Parkstad (WSP) is voor ons de link naar de werkgevers. Afgesproken is dat de medewerkers ook schuldenproblematiek bij medewerkers bespreken tijdens hun bezoeken aan werkgevers.
3.6.5. Zelfstandigen Met de inwerkingtreding van de nieuwe Wgs is de toegang van zelfstandigen tot de Wgs verduidelijkt. De Wgs gaat in zijn huidige vorm uitdrukkelijk uit van een brede toegang tot hulp. Dus ook voor zelfstandigen met een nog functionerende onderneming. We verwachten dat door de Corona-crisis steeds meer zelfstandigen in financiële problemen komen en zich bij gemeenten gaan melden met een vraag om ondersteuning. In beginsel biedt het Besluit bijstandverlening zelfstandigen (Bbz) mogelijkheden om zelfstandigen te ondersteunen in de vorm van een tijdelijke inkomensaanvulling tot het sociaal minimum of een bedrag aan bedrijfskapitaal. Dit bedrag aan bedrijfskapitaal kan ook worden gebruikt voor een gehele of gedeeltelijke aflossing van een bedrijfsschuld. Voorwaarde is wel steeds het bedrijf nog levensvatbaar is. De Bbz is echter niet bedoeld voor het oplossen van schulden, maar voor het bieden van een financieel vangnet. Vergelijkbaar met reguliere bijstand. Alleen huishoudens met een inkomen beneden bijstandsniveau komen hiervoor in aanmerking. Ondernemers met een huishoudinkomen boven de bijstandsnorm kunnen dus geen beroep doen op de Bbz. Het fenomeen ‘vroegsignalering’ dat binnen de Wgs nadrukkelijk aan bod komt, is in relatie tot zelfstandigen binnen de Bbz niet bekend. De inkomenssituatie van zelfstandigen is vaak complex.
Daarbij is ook de aard van de schulden vaak van een andere orde dan bij particulieren. Het gaat vaak om aanzienlijk hogere bedragen, er zijn vaak belastingvorderingen en vorderingen aan toeleveranciers. Dit zijn partijen waarmee geen convenanten zijn gesloten over het toepassen van een sociale incasso. Daarnaast is het belangrijk ervoor te zorgen dat de onderneming, waar mogelijk, voort kan blijven bestaan. De schuldhulpverlening aan zelfstandigen vraagt daarom om bijzondere expertise. De Kredietbank Limburg onderzoekt op dit moment de mogelijkheden om medewerkers op te laten leiden tot specialisten op het gebied van schuldhulpverlening aan zelfstandigen. Totdat hier meer duidelijkheid
Beleidsplan gemeentelijke schuldhulpverlening Maatschappelijke Ontwikkeling, 15 maart 2021
15 over bestaat, zet de gemeente Brunssum de samenwerking voort met gespecialiseerde externe partijen.
3.7.
Uitsluitingsgronden
In beginsel zijn alleen personen die geen rechtmatig verblijf in Nederland hebben uitgesloten van toelating tot de Wgs. De wet biedt gemeenten echter de mogelijkheid schuldhulpverlening ook op andere gronden te weigeren. De gemeente Brunssum kiest ervoor om in principe iedereen die dat nodig heeft schuldhulpverlening te bieden. In uitzonderingsgevallen moet het echter mogelijk zijn om schuldhulpverlening op bovengenoemde gronden te weigeren. In dat geval wordt toepassing gegeven aan artikel 3, 2e en 3e lid van de wet. We sluiten daarom de volgende doelgroepen uit van deelname: Personen die, ook na een hersteltermijn, verwijtbaar niet voldoende meewerken aan de schuldhulpverlening of niet de gevraagde informatie verstrekken; Personen die bewust schulden maakten of bewust schulden niet betaalden; Personen over wie een faillissement is uitgesproken of die tot de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen zijn toegelaten; Personen die fraude hebben gepleegd, die financiële benadeling van een bestuursorgaan tot gevolg heeft en die in verband daarmee onherroepelijk strafrechtelijk zijn veroordeeld of aan wie hiervoor een onherroepelijke bestuurlijke sanctie is opgelegd; Personen bij wie sprake is van recidive.
Beleidsplan gemeentelijke schuldhulpverlening Maatschappelijke Ontwikkeling, 15 maart 2021
16
4. Gebruik adviesrecht Zoals eerder aangegeven besloot de Brunssumse gemeenteraad in december 2020 per 1 januari 2021 gebruik te maken van het adviesrecht bij schuldenbewind. Tot 1 januari 2021 waren gemeenten wel al verantwoordelijk voor de juiste ondersteuning bij schuldenproblematiek en betaalden via de bijzondere bijstand ook vaak de kosten van bewindvoering. Nu hebben zij ook de mogelijkheid de rechtbank te adviseren over de noodzaak om iemand onder schuldenbewind te plaatsen. Op 26 september 2019 sloten de Parkstad-gemeenten een convenant af met ruim 50 bewindvoerders. Met dit convenant willen zij een nadere samenwerking in de aanpak van armoede en schulden bewerkstelligen. Burgers die onder bewind staan hebben gedurende de periode van bewind geen eigen financiële verantwoordelijkheid. Dit geeft natuurlijk rust, maar het onthoudt burgers ook inzicht in en verantwoordelijkheid voor de eigen financiële huishouding. In samenspraak met de deelnemende bewindvoerders willen de gemeenten ervoor zorgen dat burgers waar mogelijk leren om zelfstandig(er) hun eigen financiën te regelen. Ook willen gemeenten met de bewindvoerders bespreken of er wellicht eenvoudigere, kortere en minder dure alternatieven zijn om iemand te begeleiden met zijn financiën. Verdere werkafspraken zouden in 2020 via themabijeenkomsten worden gemaakt.
Helaas vonden de geplande bijeenkomsten, als gevolg van de uitbraak van het Corona-virus, geen doorgang. De gemeente Brunssum is van mening dat een advies om het schuldenbewind te beëindigen alleen dan afgegeven dient te worden wanneer er absolute zekerheid is over de mogelijkheden die iemand heeft om zijn financiën zelf te regelen of dit met een lichtere ondersteuningsvorm te kunnen doen. Er is immers een groep inwoners die eenvoudigweg niet in staat is, zijn financiën (al dan niet met lichte ondersteuning) zelf goed op orde te houden. Bovendien worden inwoners die onder schuldenbewind staan, geregistreerd in het Centraal curatele- en bewindregister. Dit voorkomt dat iemand onterecht nieuwe overeenkomsten aan gaat en dus nieuwe schulden maakt. Het is dus een bescherming voor de onder bewind gestelde, maar ook voor de tegenpartij met wie hij een contract afsluit. De gemeente Brunssum zet daarom liever in op het maken van afspraken met bewindvoerders om, eventueel met gebruikmaking van gemeentelijke instrumenten, te komen tot een zo groot mogelijke financiële zelfredzaamheid en transparantie van de dienstverlening. Een advies dient binnen vier weken na ontvangst van het plan van aanpak en de boedelbeschrijving door de gemeente afgegeven te worden.
De gemeente Brunssum is van mening dat deze periode erg kort is om een gedegen beeld te krijgen van de mogelijkheden van de onder bewindgestelde en de bereidheid tot extra inzet van de bewindvoerder. Vaak kan de gemeente daarom pas bij een verzoek tot verlenging van het bewind een gedegen advies geven.
Beleidsplan gemeentelijke schuldhulpverlening Maatschappelijke Ontwikkeling, 15 maart 2021