CConstaterende datBrunssum
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel 202558658 (Bijlage) Advies commissie (bezwaar Palmen)_ondertekend_secr_vz

Raadsvergadering 28 oktober 2025, gemeente BrunssumBij agendapunt: Raadsvoorstel Beslissing op het bezwaarschrift tegen het besluit van de raad tot vaststelling van de raadsagenda d.d. 1 juli 2025 alsmede tegen het niet instemmen met het voor de raadsvergadering d.d. 1 juli 2025 geagendeerde initiatiefvoorstel961 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

GEMEENTE BRUNSSUM

COMMISSIEVOORDEBEZ@

Brunssum, 31 juli2025

Onderwerp: Advies n.a.v. het bezwaarschrift van de heer J.M.H. Palmen (verder: reclamant). Onderwerp van bezwaar: fl"t b.r*áarschrift is gericht tegen het besluit van de raad d.d. I juli 2025 tot vaststelling van de agenda van die raadsvergadering als gevolg waarvan, bij voorstel van orde, een aantal geagendeerde voorstellen niet als bespreekstuk maar als akkoordstuk werden geagendeerd. Standpunt van reclamant:

Reclamant is het niet eens met de gang van zaken. Samengevat is reclamant van mening dat raadsleden door deze handelwijze hun recht als volksvertegenwoordigers niet kunnen uitoefenen. Immers bij akkoordstukken vinden geen beraadslagingen over die voorstellen plaats; raadsleden mogen over die voorstellen dus niet het woord voeren maar mogen enkel èen korte stemverklaring uitbrengen. Het betrof diverse raadsvoorstellen waarbij een beoordeling van het gevoerde beleid door het college aan de orde is, waaronder een door reclamant ingediend initiatiefvoorstel. Reclamant is van mening dat dit in principe zou betekenen dat een (coalitie)meerderheid van de raad zowel het volk als hun vertegenwoordigers hun rechten ontzeggen en monddood zouden mogen maken. Reclamant heeft het bezwaarschrift als raadslid en als burger ingediend. Volledigheidshalve zij verwezen naar het bezwaarschrift d.d. 2 juli 2025 dat hier als herhaald en ingelast dient te worden beschouwd.

Wettelijke reeeling:

Artikel 16 Gemeentewet: De raad stelt een reglement van orde voor zijn vergaderingen en andere werkzaamheden vast'

Artikel 19 Gemeentewet:

1. De burgemeester roept de leden schriftelryk tot de vergadering op.

2. Tegehjlertryd met de oproeping brengt de burgemeester dag, tijdstip en plaats van de vergadering ter openbare kennis. De agenda en de daarbij behorende voorstellen met uitzondering van de in artikel 25, tweede lid, bedoelde stukken worden tegelijkertijd met de oproeping en op een bij de openbare kennisgeving aan te geven wljze tet inzage gelegd.

Artikel 10 van het Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad van Brunssum2023: 1. Voordat de schriftelijke oproep wordt verzonden, hebben de commissies geadviseerd over de te behandelen stukken op de raadsagenda. Hierop kan een uitzondering gemaakt worden, indien er sprake is van de situatie zoals bedoeld in art. 8 lid 4 van dit ieglement. De raadsag enda zal op basis van deze adviezen in samenspraak tussen de

voorzitter van de raad en de griffier opgesteld worden; 2. De agenda van de raad kent twee delen , waaraaî op basis van het advies van haar commissies invulling gegeven wordt. Ten eerste zal q een lijst samengesteld worden 1

van akkoord-stukken (A-agenda).Deze stukken worden afzonderlijk in stemming gebracht zonder beraadslaging. Over een motie of amendement op een Akkoord-stuk wordt eveneens niet beraadslaagd. Een lid van de raad kan een stemverklaring afgeven. De tweede lijst bestaat uit Bespreekstukken (B-agenda).Deze stukken worden afzonderlijk, inhoudelijk behandeld en in stemming gebracht; J

4 5

(...) Bij aanvang van de raadsvergadering stelt de raad de agenda definitief vast. (...)

7

(.. ) ( ..)

8

(...)

6

Artikel 1:3 Algemene wet bestuursrecht (verder: Awb)

1. Onder besluit wordt verstaan: een schriftelijke beslissing van een bestuursorgaan, inhoudende een publiekrechtelijke rechtshandeling. 2.

(..)

a

(...)

4.

( ..)

Ontvankelijkheid: tngevolge àe artikelen 7:l en 8:1 van de Awb kan tegen een besluit bezwaar gemaakt worden. Het bezwaar is gericht tegen het besluit van de raad d.d. 1 juli2025 waarbij bij aanvang van de raadsvergadering de agenda definitief is vastgesteld' Ter beoordeling ligt enkel de vraagvoor of dat besluit, te weten het vaststellen van de agenda bij aanvang uun d" raadsvergadering, kan worden aangemerkt als een besluit als bedoeld in artikel l:3, eerste lid van de Awb.

Artikel 1:3, eerste lid van de Awb bepaalt dat onder besluit verstaan wordt een schriftelijke beslissing van een bestuursorgaan, inhoudende een publiekrechtelijke rechtshandeling. Dienaangaande overweegt de commissie het navolgende.

Met het begrip rechtshandeling in artikel 1:3, eerste lid van de Awb wordt bedoeld een handeling gerìcht op rechtsgevolg. Het rechtsgevolg moet extern gericht zijn. Daarmee is bedoeld ãut ¿" beslissing gericht moet zijn op rechtsgevolgen die ontstaan in de verhouding van het bestuursorgaan tot een of meerdere anderen. Uit de Memorie van Toelichting volgt dat beslissingen van het bestuursorgaan die een zuiver intern karakter hebben, zoals de bepaling vande prioriteit van de te behandelen zaken, aanwljzingen over op te stellen dergeìi¡ke dus niet als besluiten in de zin der wet zijn aan te merken (MvT II, Parl. rtokk"tr "n Gesch. Awb I, p.155). Een besluit van de raad tot vaststelling van de agenda en in dit geval om bepaalde onderwerpen als akkoordstuk te behandelen en niet als bespreekstuk, is naar mening van de

commissie een besluit van orde dat niet is gericht op enig (extem) rechtsgevolg. Het betreft een interne aangelegenheid van de raad die ziet op de wljze van vergaderen van de raad. Dit 2

besluit van de raad kan daarom niet gekwalificeerd worden als een besluit als bedoeld in artikel 1:3, eerste lid van de Awb en is daarmee, gelet op het bepaalde in de artikelen 7:1 en 8:1 van de Awb, niet vatbaar voor bezwaar en beroep. Omdat het in deze zaakgaat om een besluit van de gemeenteraad is de gemeenteraad het bevoegde Eezagc.q. bestuursorgaan dat op het bezwaar dient te beslissen. De commissie adviseert de gemeenteraad om, gezien het vorenstaande, hetbezwaarschrift niet-ontvankelijk te verklaren.

Artikel 7:3, onder a, vande Awb bepaalt, dat van het horen van belanghebbenden kan worden afgezienindien hetbezwaar kennelijk niet-ontvankelijk is. Daarom is reclamant niet in de gelegenheid gesteld een mondelinge toelichting te geven.

Advies: Op grona van het vorenstaande adviseert de commissie voor debezwaatschriften het door de tréei¡.ir¿.H. Palmen ingediende bezwaarschrift d.d. 2 juli 2025 niet-ontvankelijk te verklaren'

De Commissie voor de Bezw aarschriften,

mr. M.C. Siecker, voorzitter,

mr

L.M. Meijers,

secretaris

3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Brunssum&id=04d7569a-4dfa-4e97-8578-0140a640304c