Raadsvoorstel 202558658 Beslissing op het bezwaarschrift tegen het besluit van de raad tot vaststelling van de raadsagenda d.d. 1 juli 2025 alsmede tegen het niet instemmen met het voor de raadsvergadering d.d. 1 juli 2025 geagendeerde initiatiefvoorstel.
Tekst van het document
Raadsvoorstel Collegeverg. d.d. Zaaknummer Afdeling opsteller Bereikbaar onder Portefeuillehouder Raadsvergadering d.d. Uiterlijke datum
: 9 september 2025 : 202558658 : Bestuurszaken - Juridische zaken : +31455278539 , lia.meijers@brunssum.nl : Wilma van der Rijt : 28 oktober 2025 : Niet van toepassing
Aan de raad, 1. Onderwerp Beslissing op het bezwaarschrift tegen het besluit van de raad tot vaststelling van de raadsagenda d.d. 1 juli 2025 alsmede tegen het niet instemmen met het voor de raadsvergadering d.d. 1 juli 2025 geagendeerde initiatiefvoorstel. 2. Uitgangssituatie (WAAROM?) a. Aanleiding Het bezwaarschrift d.d. 2 juli 2025 tegen het besluit van de raad d.d. 1 juli 2025 tot vaststelling van de agenda van die raadsvergadering waarbij, bij ordevoorstel, een aantal geagendeerde voorstellen niet als bespreekstuk maar als akkoordstuk werden geagendeerd alsmede de aanvulling van het bezwaarschrift d.d. 13 augustus 2025 waarin aangegeven wordt dat ook bezwaar gemaakt wordt tegen het niet instemmen door de raad met het voor die raadsvergadering geagendeerde initiatiefvoorstel. b. Huidige situatie/probleemstelling Bezwaarmaker is het niet eens met de gang van zaken. Hij is van mening dat raadsleden door deze handelwijze hun recht als volksvertegenwoordigers niet kunnen uitoefenen. Immers bij akkoordstukken vinden geen beraadslagingen over die voorstellen plaats; raadsleden mogen over die voorstellen dus niet het woord voeren maar mogen enkel een korte stemverklaring uitbrengen. Het betrof diverse raadsvoorstellen waarbij een beoordeling van het gevoerde beleid door het college aan de orde is, waaronder een door reclamant ingediend initiatiefvoorstel.
Bezwaarmaker is van mening dat dit in principe zou betekenen dat een (coalitie)meerderheid van de raad zowel het volk als hun vertegenwoordigers hun rechten ontzeggen en monddood zouden mogen maken. Bezwaarmaker heeft het bezwaarschrift als raadslid en als burger ingediend. Op 13 augustus 2025 heeft bezwaarmaker zijn bezwaarschrift nader toegelicht en maakt hij ook bezwaar tegen het besluit van de raad d.d. 1 juli 2025 om niet in te stemmen met het door hem ingediende initiatiefvoorstel. 3. Gewenste situatie (WAT? a. Wat willen we bereiken? Een beslissing nemen op het bezwaarschrift d.d. 2 juli 2025, aangevuld d.d. 13 augustus 2025. b.
Kaders 1. eerdere besluitvorming (BBV nr. ): N.v.t. 2. traject tot dusverre: N.v.t. 3. rol/ bevoegdheden college van B en W: Het college is belast met de voorbereiding van raadsstukken. Uw raad is het orgaan dat een beslissing op het bezwaar dient te nemen omdat het bezwaarschrift is gericht tegen een besluit van uw raad. 4. algemene beleidskaders (landelijk/ provinciaal/ lokaal): De Gemeentewet, het Reglement van Orde voor de vergadering en andere werkzaamheden van de gemeenteraad van Brunssum 2023 en de Algemene wet bestuursrecht. 5. past het voorstel in de strategische visie/ relatie met uitvoeringsagenda?: N.v.t. 6. relatie met programmabegroting/ financiële gevolgen: N.v.t.
c. Argumenten en overwegingen Het bezwaarschrift is voor advies voorgelegd aan de externe commissie voor de bezwaarschriften. De externe commissie voor de bezwaarschriften heeft op 31 juli 2025 advies uitgebracht en adviseert het bezwaarschrift nietontvankelijk te verklaren omdat geen sprake is van een besluit als bedoeld in artikel 1:3, eerste lid van de Algemene wet bestuursrecht. De commissie is namelijk van mening dat het besluit waar het bezwaar tegen is gericht, geen besluit is waar bezwaar tegen gemaakt kan worden. Ingevolge de artikelen 8:1 juncto 7:1 en artikel 1:3, eerste lid van de Algemene wet bestuursrecht is bezwaar alleen mogelijk tegen een schriftelijke beslissing van een bestuursorgaan inhoudende een publiekrechtelijke rechtshandeling. Met het begrip rechtshandeling wordt een handeling bedoeld die gericht is op extern rechtsgevolg dat wil zeggen dat de beslissing moet zijn gericht op rechtsgevolgen die ontstaan in de verhouding van het bestuursorgaan tot een of meer anderen. In onderhavige zaak gaat het om een bezwaarschrift van een lid van uw raad tegen het besluit van uw raad tot vaststelling van de agenda van die raadsvergadering waarbij een aantal geagendeerde voorstellen niet als bespreekstuk maar als akkoordstuk werden geagendeerd. Dit is echter een besluit van orde dat niet gericht is enig (extern) rechtsgevolg.
Het betreft immers een puur interne aangelegenheid van de raad die ziet op de wijze van vergaderen van de raad zelf. Ook het aanvullend bezwaarschrift d.d. 13 augustus 2025 is voor advies voorgelegd aan de externe commissie voor de bezwaarschriften. De commissie is van mening dat de aanvullende gronden van bezwaar niet kunnen leiden tot wijziging van het advies d.d. 31 juli 2025. Ten aanzien van het besluit van de raad om niet in te stemmen met het initiatiefvoorstel overweegt de commissie dat dit besluit evenmin aangemerkt kan worden als een besluit als bedoeld in artikel 1: 3 van de Algemene wet bestuursrecht omdat dit besluit evenmin gericht is op enig (extern) rechtsgevolg. Omdat het besluit geen extern rechtsgevolg heeft, en dus geen besluit is als bedoeld in artikel 1:3, eerste lid van de Algemene wet bestuursrecht is het maken van bezwaar tegen dat besluit niet mogelijk. Daarom wordt geadviseerd het bezwaarschrift niet-ontvankelijk te verklaren. Artikel 7:3, onder a van de Algemene wet bestuursrecht bepaalt dat van het horen van belanghebbenden kan worden afgezien indien het bezwaar kennelijk niet-ontvankelijk is. Daarom is bezwaarmaker niet in de gelegenheid gesteld een mondelinge toelichting te geven. d.
Opties en keuze Uw raad wordt geadviseerd de adviezen van de externe commissie voor de bezwaarschriften over te nemen en het bezwaarschrift met overname van de in die adviezen vervatte overwegingen niet-ontvankelijk te verklaren en bezwaarmaker met brief met nummer 202590900 van uw besluit in kennis te stellen.
4. 1. 2. 3. 4. 5.
Bijlagen: Bezwaarschrift d.d. 2 juli 2025; Advies van de externe commissie voor de bezwaarschriften d.d. 31 juli 2025; Aanvullend bezwaarschrift d.d. 13 augustus 2025; Aanvullend advies van de externe commissie voor de bezwaarschriften d.d. 25 augustus 2025; Mededeling aan bezwaarmaker van de beslissing op bezwaar.
Het college van burgemeester en wethouders,
Burgemeester
Secretaris
Raadsbesluit Afdeling Registratiekenmerk
: Bestuurszaken - Juridische zaken : 202558658
De raad van de gemeente Brunssum, Overwegende dat: 1.
2. 3.
Uw raad op 1 juli 2025 de agenda van die raadsvergadering heeft vastgesteld waarbij een aantal geagendeerde voorstellen niet als bespreekstuk maar als akkoordstuk werden geagendeerd en waarbij de raad besloten heeft niet in te stemmen met het geagendeerde initiatiefvoorstel; Hiertegen d.d. 2 juli 2025 een bezwaarschrift is ingediend, aangevuld d.d. 13 augustus 2025; Het bezwaarschrift alsmede de aanvulling daarvan voor advies aan de externe commissie voor de bezwaarschriften zijn voorgelegd;
Gelezen de adviezen van de externe commissie voor de bezwaarschriften d.d. 31 juli 2025 en 25 augustus 2025; Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 9 september 2025, afdeling Bestuurszaken - Juridische zaken ; Besluit: 1. Het ingediende bezwaarschrift d.d. 2 juli 2025, aangevuld d.d. 13 augustus 2025, met overname van de in de adviezen d.d. 31 juli 2025 en 25 augustus 2025 van de externe commissie voor de bezwaarschriften vervatte overwegingen niet-ontvankelijk te verklaren; 2. Bezwaarmaker hiervan met brief met nummer 202590900 in kennis te stellen.
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 28 oktober 2025.
De Raad voornoemd,
Voorzitter
Griffier