Raadsvoorstel 202529527 (bijlage) Programmabegroting 2026 Versie 2
Tekst van het document
Afspraken met marktpartijen zijn gemaakt om de ontsluiting via het Emmakwartier te laten verlopen, om extra verkeer op de Ringstraat te voorkomen. Aan de Komeetstraat 25 en 29 worden de Rozenkranskerk, het Chalet en een woning aan de Ringstraat 5C herontwikkeld tot senioren- en zorgwoningen in het sociale en middenhuursegment. De karakteristieke kerk blijft behouden en wordt getransformeerd met een nieuwe ‘schil’ eromheen. In totaal komen hier 39 levensloopbestendige zorgwoningen in de kerk en schil. De overige gebouwen worden gesloopt voor een nieuw appartementencomplex met 40 levensloopbestendige seniorenwoningen. De omgevingsvergunning is onder voorwaarden verleend in 2025, waarmee de uitvoering van het plan een belangrijke stap dichterbij is gekomen. .2 De omgevingsvergunning van het deelgebied aan de Komeetstraat 25 en 29 is inmiddels onherroepelijk. De start van de bouw is afhankelijk van de te bereiken overeenstemming tussen de projectontwikkelaar en de uiteindelijke exploitant en zorgverlener.
Wat gaan we daarvoor doen in 2026: 4.1 De ontwikkelaar van het plangebied Emmakwartier is voornemens om te starten met de bouw van de projectmatige woningen (14 levensloopbestendige woningen en 8 rijwoningen).Toezicht houden op de oplevering van de openbare ruimte. 4.2 De omgevingsvergunning van het deelgebied aan de Komeetstraat 25 en 29 is inmiddels onherroepelijk. De start van de bouw is afhankelijk van de te bereiken overeenstemming tussen de projectontwikkelaar en de uiteindelijke exploitant en zorgverlener. 4.2 Vormgeven aan de invulling van het tussengebied tussen Emmashoes en het gebied Rozenkranskerk/chalet.
Gemeente Brunssum
79
Begroting 2026
5. Vlottrekken van de woningmarkt (52) Wat willen we bereiken: In 2023 heeft de gemeenteraad de lokale woonvisie voor Brunssum vastgesteld. Om de doelen uit deze visie te behalen, maakt de gemeente jaarlijks afspraken met woningcorporaties en huurdersorganisaties. Zo zorgen we ervoor dat er voldoende betaalbare en kwalitatieve sociale huurwoningen blijven. Ook spreken we af hoe we werken aan leefbaarheid, veiligheid, duurzaamheid en het huisvesten van groepen die zorg nodig hebben. Voor langetermijndoelen maken we meerjarige afspraken. De gemeente ondersteunt starters op de koopwoningmarkt met startersleningen. Daarnaast houden we het Regionale woonbehoefteonderzoek actueel, zodat we weten welke woningen waar nodig zijn. Woningbouwplannen stemmen we af met de regio en voegen we toe aan de Regionale Woningmarktprogrammering. We proberen ook subsidies binnen te halen voor woningbouwprojecten en herstructureringen, en voeren plannen uit waarvoor al subsidies zijn toegekend, zoals in Schuttersveld en Brunssum Noord. In en rond het centrum stimuleert de gemeente, waar mogelijk, de transformatie van oude winkels en bedrijfsruimtes naar woningen. Deze veranderingen moeten voldoen aan kwaliteitseisen uit het regionale woonbeleid. Op sommige plekken, zoals de Rumpenerstraat, zijn subsidieregelingen beschikbaar voor het transformeren van winkelruimte.
In het Ei worden verouderde panden gesloopt en vervangen door moderne woningen in verschillende huursegmenten. Dit helpt de doorstroming op de lokale woningmarkt. Ook in Kerkstraat-Noord en bij ‘wonen boven winkels’ worden nieuwe woonprojecten gefaciliteerd en gestimuleerd. De GTD-locatie in het centrum is de belangrijkste gemeentelijke bouwgrond die nog niet in gebruik is. Deze plek ligt tussen de N276, Karel Doormanstraat en dr. L.Th. Wietenstraat, en was vroeger het terrein van de gemeentelijke technische dienst, inclusief enkele aanliggende percelen. In 2024 hebben we een aanbesteding geprobeerd, maar die leidde niet tot een definitief aanbod. Omdat het bestemmingsplan en mogelijke saneringsvraagstukken onduidelijk waren, nemen we nu zelf de verdere onderzoeken en planuitwerking op ons. Later bepalen we hoe we de locatie gaan ontwikkelen: zelf, via een ontwikkelaar of een combinatie daarvan. We werken verder aan projecten zoals Raadhuisstraat, Entree Dorpstraat, Lindehof en Kloosterstraat. Bij Victoriapark zijn in 2025 diverse panden gesloopt, de bouw is gestart en gaat in 2026 verder. Voor het voormalige schoolgebouw aan de Wieënweg 6 komt een nieuwe tender om dit om te vormen tot woongebied. Ook vanuit de markt is er vraag naar transformatie en herontwikkeling. We proberen deze initiatieven zo veel mogelijk te ondersteunen.
Voorbeelden van locaties met transformatieplannen zijn de Maarstraat (al afgerond), de Schildstraat (voormalige Lidl-locatie in Treebeek), Prins Hendriklaan en Gregoriuslaan. Dit gaat vaak om oude supermarkten, dierenspeciaalzaken en andere verkooppunten. Ons ruimtelijk beleid richt zich op het concentreren van winkels en bedrijven in de daarvoor bestemde winkelclusters en bedrijventerreinen. Zo verbeteren we de leefbaarheid in woonwijken. Binnen die clusters is het ruimtelijk beleid toe aan een update en modernisering, zodat het beter aansluit bij de huidige transformatie-opgave.
80
Gemeente Brunssum
Begroting 2026
Wat gaan we daarvoor doen in 2026: 5.1 We leggen het omgevingsplan in de loop van 2026 aan de gemeenteraad voor om definitief vast te stellen. Daarna kan het plan verder worden uitgewerkt, afhankelijk van hoe het proces verloopt. 5.2 We implementeren de nieuwe regionale en lokale woonvisie en de Woondeal Limburg die op 23 maart 2023 is gesloten.
6. Stadsdeelvisies (56) Wat willen we bereiken: In het verleden zijn voor de wijken in Brunssum zogeheten stadsdeelvisies vastgesteld. Deze worden nu stap voor stap vernieuwd en omgevormd tot wijkplannen. Een wijkplan beschrijft de gewenste ontwikkelingen in een wijk en wordt opgesteld in samenwerking met bewoners, woningcorporaties, maatschappelijke organisaties en andere betrokken partijen. Deze plannen zijn gebaseerd op lokale kennis, ervaringen uit de buurt en de wensen van de wijkbewoners. Ze richten zich op wat er nú speelt en wat er concreet in de wijk aangepakt kan worden. De wijkplannen zijn bedoeld om breed gedragen te worden door de gemeenschap en leggen de nadruk op het verbeteren van leefbaarheid, veiligheid en sociale samenhang. Het wijkgerichte programma in Noord en Oost kijkt daarbij ook naar lange termijn opgaven, zoals generatieoverstijgende problemen richting het jaar 2050. Na het opstellen van het wijkplan voor Brunssum-Zuid volgt het plan voor Brunssum-Noord binnenkort. Daarna wordt gestart met de wijkplannen voor Brunssum-West en Brunssum-Centrum.
Wat gaan we daarvoor doen in 2026: 6.1 Het actualiseren van de stadsdeelvisies in de vorm van wijkplannen, gericht op het verbeteren van leefbaarheid, veiligheid en sociale samenhang in de wijken. De wijkplannen voor West en Centrum worden in 2026 vormgegeven. 6.2 Verder ontwikkelen van wijkgerichte communicatie in aanvulling op het kwartaalblad 'Typisch Brunssum' en andere gemeentelijke communicatie. Met informatie over ontwikkelingen in de wijk, activiteiten die georganiseerd worden, verhalen van buurtbewoners en oproepen (bijvoorbeeld voor vrijwilligers) gedeeld kunnen worden. 6.3 Organiseren van bijeenkomsten voor nieuwe inwoners van de buurten op structurele basis per twee à drie maanden om bewoners kennis te laten maken met hun nieuwe buurt.
7. Verbreden wijkgerichte dienstverlening (26 & 27) Wat willen we bereiken: De verbreding van de wijkgerichte dienstverlening naar alle wijken wordt opgepakt in de programmatische aanpak, waarbij de wijken Noord en Oost ontwikkelgebied zijn, alsmede in de wijkplannen.
Wat gaan we daarvoor doen in 2026: 7.1 Uitvoering geven aan het wijkprogramma Noord en Oost.
Gemeente Brunssum
81
Begroting 2026
8. Buurtnetwerken (54) Wat willen we bereiken: In elke wijk is een Buurtnetwerk actief. Deze netwerken zetten zich in voor de wijk en leveren een waardevolle bijdrage aan het maken en uitvoeren van plannen voor de buurt. De gemeente ondersteunt de Buurtnetwerken en helpt hun rol en positie te versterken. Sinds 2023 ontvangen de Buurtnetwerken de subsidie 'Opwaarderen Woon- en Leefomgeving'. Met deze subsidie kunnen ze, samen met bewoners, werken aan het verbeteren van het uiterlijk en de kwaliteit van hun wijk.
Wat gaan we daarvoor doen in 2026: 8.1 Bijdragen aan het versterken van de rol en positie van de Buurtnetwerken. Dit is een voortdurend proces waar de wijkmanagers samen met de buurtnetwerken vorm aan geven. 8.2 Definiëren en formaliseren van de rol van de Buurtnetwerken door middel van een korte omschrijving, waar de Buurtnetwerken hun eigen invulling aan kunnen geven.
Overige speerpunten 9. Ruimtegebruik van de fysieke leefomgeving Wat willen we bereiken: We zorgen voor een duurzame, veilige en efficiënte inrichting van de leefomgeving in Brunssum. Daarmee dragen we bij aan een prettige plek om te wonen, werken en recreëren. Ook beschermen we de bijzondere kenmerken van het gebied dat is aangewezen als beschermd stads- en dorpsgezicht. Vanaf 2024 werken we onder de nieuwe Omgevingswet (voorheen Wabo). Op basis hiervan verlenen we vergunningen en houden we toezicht. Alle Limburgse gemeenten moeten een meerjarenbeleidsplan voor Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (VTH) opstellen. Dit moet gebeuren volgens een vast format van het Interbestuurlijk Toezicht (IBT), zodat de plannen van gemeenten beter vergelijkbaar zijn. Binnen dat format is wel ruimte om rekening te houden met lokale omstandigheden. Op basis van dit beleidsplan maken we een jaarlijks uitvoeringsprogramma. Ook hiervoor is een standaard format beschikbaar, met ruimte voor lokale keuzes. Vanaf 2026 worden de zogeheten robuustheidscriteria, waaronder de Kwaliteitscriteria 3.0, wettelijk vastgelegd. Gemeenten moeten hieraan voldoen. Doen ze dat niet, dan kan het IBT ingrijpen bijvoorbeeld met een waarschuwing, een opdracht of zelfs door het overnemen van taken (indeplaatsstelling). Dit zal invloed hebben op hoe gemeenten hun VTH-taken uitvoeren.
Daarom gaan we in 2026 verschillende scenario’s uitwerken om onze werkwijze hierop aan te passen.
Wat gaan we daarvoor doen in 2026: 9.1 Opstellen Meerjarenbeleidsplan VTH (2026-2030). 9.2 Opstellen Uitvoeringsprogramma VTH 2026. 9.3 Scenario's uitwerken uitvoeren VTH-taken vanwege nieuwe wetgeving en toezicht vanaf 2026. 82
Gemeente Brunssum
Begroting 2026
10. Omgevingsplan Wat willen we bereiken: Bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet vormen de geldende ruimtelijke plannen en een aantal lokale regels samen met een aantal rijksregels (vervat in de Bruidsschat) het tijdelijke deel van het omgevingsplan. Tot eind 2031 heeft de gemeente de tijd om het tijdelijk deel van het omgevingsplan om te bouwen naar een definitief omgevingsplan. We constateren dat het omgevingsplan een allesomvattend document wordt waarin alles terecht komt dat met de fysieke leefomgeving te maken heeft, waaronder milieuregels, verordeningen en nieuwe thema’s en aandachtspunten op het gebied van de fysieke leefomgeving. Dat vergt ook een ander aanpak dan het opstellen van een bestemmingsplan. Buiten participatie en vooroverleg moet de gemeente bandbreedtes vast gaan leggen op het gebied van milieu en er moet beleid komen over onder andere thema’s zoals gezondheid, duurzaamheid en klimaatadaptatie. Daarnaast zijn er (nieuwe) aandachtspunten zoals stikstof, de Kaderrichtlijn water en Zeer Zorgwekkende Stoffen waarvoor regels moeten worden opgenomen in het Omgevingsplan. Dat vergt een intensieve samenwerking binnenshuis, met de regio en met onze vooroverlegpartners. Waar mogelijk worden regels in het Omgevingsplan ook toepasbaar gemaakt, waardoor middels vragenbomen snel duidelijk is of voor een bepaalde activiteit een vergunning of melding nodig is.
Dat is eveneens een uitdaging, omdat dit iets betekent voor de formulering van regels en de tijd die gestoken moet worden in het maken van beslisbomen. Vanwege genoemde uitdagingen en omdat ook de digitale voorzieningen (landelijk) nog niet stabiel zijn, zal ten behoeve van ruimtelijke ontwikkelingen nog zoveel als mogelijk gebruik gemaakt worden van buitenplanse omgevingsplanactiviteiten (bopa’s) eventueel gecombineerd met een wijziging van het omgevingsplan (gecoördineerde besluitvorming). De bopa moet te zijner tijd wel worden opgenomen in het omgevingsplan.
Wat gaan we daarvoor doen in 2026: 10.1 Opstarten van thematische en gebiedsgerichte wijzigingen van het omgevingsplan om uiterlijk 1 januari 2032 een definitief omgevingsplan beschikbaar te hebben. 10.2 Het verder verfijnen van de digitale voorzieningen (plansoftware en software voor toepasbare regels).
11. Omgevingsvisie Wat willen we bereiken: In 2025 is het Koerskompas 2050 vastgesteld. Dit is de basis voor de in 2026 op te stellen omgevingsvisie, ofwel de ruimtelijke doorvertaling van het Koerskompas. De omgevingsvisie wordt net als het Koeskompas in samenwerking met de stakeholders ontwikkeld. De omgevingsvisie kent meer detail dan het Koerskompas, maar de mate van detail hangt af van de vraag wat voor Brunssum in de huidige fase de best passende vorm is. De omgevingsvisie is onder de Omgevingswet vormvrij, maar de volgende zaken zijn minimaal verplicht te verwerken. 1. Een beschrijving van de hoofdlijnen van de kwaliteit van de fysieke leefomgeving.
Gemeente Brunssum
83
Begroting 2026 2. De hoofdlijnen van de voorgenomen ontwikkeling, het gebruik, het beheer, de bescherming en het behoud van het grondgebied 3. De hoofdzaken van het voor de fysieke leefomgeving te voren integrale beleid. In de afweging hoe gedetailleerd de Brunssumse omgevingsvisie wordt uitgewerkt, wordt rekening gehouden met zaken als een mogelijke plan-MER plicht versus de benodigde procestijd versus de opties om bepaalde verdieping te zoeken in gebiedsgerichte of thematische programma’s.
Wat gaan we daarvoor doen in 2026: 11.1 Starten met opstellen van een omgevingsvisie.
12. Programmatische aanpak Brunssum Noord en Oost Wat willen we bereiken: In 2025 is gekozen voor een programmatische aanpak in Brunssum Noord Oost met een horizon van 25 jaar. Doel is het versterken van leefbaarheid, gezondheid en samenhang in de wijken. De aanpak start vanuit de leefwereld van inwoners. Hun kennis en ervaring krijgen een vaste plek via ervaringswerkers, bewonersgroepen en gebiedsgericht werken. We werken van buiten naar binnen, zodat de signalen en oplossingen uit de wijk richtinggevend zijn voor gemeente en partners. Het programma richt zich nadrukkelijk op multiproblematiek. Het verbindt de domeinen fysiek, sociaal, veiligheid en gezondheid. Zo doorbreken we versnippering en sluiten we beter aan bij de werkelijkheid van inwoners. Samen werken we aan oplossingen die bijdragen aan een sterke en veerkrachtige gemeenschap. In 2026 zetten we de eerste stappen in uitvoering. Nieuwe ruimtelijke en sociale initiatieven in het gebied worden nadrukkelijk gekoppeld aan de programmatische aanpak en met bewoners besproken. Daarmee groeit de samenhang tussen fysieke plannen en het versterken van de leefbaarheid.
Wat gaan we daarvoor doen in 2026: 12.1 In 2026 starten we met pilots waarin professionals en inwoners samen aan de slag gaan rond thema’s als armoede, gezondheid en veiligheid. 12.2 Ook geven we uitvoering aan de eerste gebiedsgerichte projecten, waarin ruimtelijke en sociale initiatieven nadrukkelijk aan elkaar worden gekoppeld.
84
Gemeente Brunssum
Begroting 2026
Wat kost het programma in totaal? Bedrag x € 1.000
Taakveld Lasten XT-81 - Ruimtelijke ordening XT-82 - Grondexpl.(niet-bedr.terreinen) XT-83 - Wonen en bouwen Baten XT-81 - Ruimtelijke ordening XT-82 - Grondexpl.(niet-bedr.terreinen) XT-83 - Wonen en bouwen Totaal
Gemeente Brunssum
Begroting 2026 6.993 824 4.261 1.908 -4.400 0 -3.820 -580 2.593
Begroting 2027 7.720 819 5.010 1.891 -4.891 0 -4.611 -279 2.829
Begroting 2028 3.630 817 921 1.892 -802 0 -523 -279 2.829
Begroting 2029 4.752 804 2.071 1.877 -1.955 0 -1.677 -279 2.797
85
Begroting 2026
11. Algemene Dekkingsmiddelen
Inleiding Alle lasten en baten die samenhangen met de programma's 1 tot en met 10 worden rechtstreeks op het betreffende programma verantwoord. De baten bestaan onder andere uit doeluitkeringen, specifieke rijksvergoedingen, huuropbrengsten. Daarnaast kent de gemeente diverse inkomsten waarvan de besteding niet gebonden is, de zogenaamde algemene dekkingsmiddelen. Deze baten zijn niet rechtstreeks aan de programma’s 1 t/m 10 toe te wijzen. Artikel 8 van het BBV (Besluit begroting en verantwoording) schrijft voor dat in het programmaplan van de begroting (naast de raming van lasten en baten per programma) ook een overzicht algemene dekkingsmiddelen, overhead, vennootschapsbelasting en het bedrag onvoorzien opgenomen moeten worden. Dit overzicht is in de begroting opgenomen als programma 11, Algemene dekkingsmiddelen. Algemene dekkingsmiddelen geeft inzicht in specifieke financiële onderwerpen zoals de algemene uitkering, mutaties reserves, belastinginkomsten, geldleningen, treasury en overige baten en lasten. De overige baten en lasten bevat onder meer de verplichte post onvoorzien. In het programma Algemene dekkingsmiddelen is ook opgenomen "Beheer overige gebouwen en gronden".
Kaderstellende nota's • • • • • • • • • • •
86
Nota verbonden partijen Nota risicomanagement (2021) Nota activabeleid (2021) Nota reserves en voorzieningen (2022) Nota inkoop- en aanbestedingsbeleid (2024) Treasurystatuut (2020) Nota debiteurenbeleid (2020) Algemeen Controle Plan (2024) Financiële verordening 212 (2023) Controle verordening 213 (2023) Verordening 213a onderzoek door College naar de doelmatigheid en doeltreffendheid (2024)
Gemeente Brunssum
Begroting 2026 • • • • • • • • • • • • • • • • •
Informatiebeveiligingsbeleid 2020-2023 Privacy beleid gemeente Brunssum 2022-2024 Besluit Informatiebeheer gemeente Brunssum 2021 Duurzaamheidsbeleid Bedrijfsinformatieplan Kwaliteitsbeleid informatie- en archiefbeheer Verordening elektronische kennisgeving gemeente Brunssum 2016 Archiefverordening 2014 Beleidsplan integriteit 2022-2026 Organisatiebesluit gemeente Brunssum 2017 Personeelshandboek gemeente Brunssum Leges verordening en werken voor derden gemeente Brunssum Verordening op de heffing en invordering van belastingen en onroerendezaakbelasting Regeling kwijtschelding gemeentelijke belastingen gemeente Brunssum Verordening op de heffing en invordering van hondenbelasting gemeente Brunssum Verordening op de heffing en invordering van de afvalstoffenheffing gemeente Brunssum Verordening op de heffing en invordering van de rioolheffing gemeente Brunssum
Speerpunten uit het uitvoeringsprogramma 1. Streven naar een sluitende begroting (59) Wat willen we bereiken: Het streven en de ambitie is dat er jaarlijks een begroting wordt gepresenteerd met een reëel en structureel meerjarig begrotingsevenwicht. Dat betekent dat de uitvoering van structurele activiteiten volledig gedekt worden door structurele inkomsten. Slechts concreet incidentele kosten kunnen worden gedekt vanuit de reserves. De gemeente Brunssum wil een financieel gezonde organisatie zijn, die voldoet aan het Besluit Begroting en Verantwoording en werkt binnen alle wettelijke kaders en eisen. De bedrijfsvoering is daarbij zoveel mogelijk afgestemd op de eisen, die samenleving en bestuur hieraan stellen.
Wat gaan we daarvoor doen in 2026: 1.1 Er wordt gestreefd naar een structureel sluitende begroting.
2. Lasten burgers/ondernemers zo laag mogelijk (60) Wat willen we bereiken: De gemeente Brunssum streeft ernaar om de lasten voor de inwoners zo laag mogelijk te houden, waarbij de (verplicht) wettelijke kaders en regelgeving worden toegepast. Lokale heffingen, leges en overige inkomsten voor de gemeente worden jaarlijks aangepast voor inflatie. Hierbij wordt uitgegaan van de Nationale consumentenprijsindex (CPI) uit de meicirculaire. De verhoging betreft dus maximaal het CPI. De riool- en afvalstoffenheffing maken deel uit van een compartiment. Voor de riool- en afvalstoffenheffing wordt maximaal 100% kostendekkend gehanteerd. Daarnaast wordt nagestreefd om de kosten voor riool- en afvalstoffenheffing laag te houden. De OZB stijgt jaarlijks met het inflatiepercentage dat geldt voor dat betreffende begrotingsjaar.
Gemeente Brunssum
87
Begroting 2026
Wat gaan we daarvoor doen in 2026: 2.1 De lasten voor inwoners en bedrijven niet meer verhogen dan strikt noodzakelijk.
3. Hondenbelasting (61) Wat willen we bereiken: De coalitie wil de inkomsten en uitgaven van de hondenbelasting in evenwicht brengen. Er wordt gestreefd naar het stapsgewijs verlagen van de opbrengst hondenbelasting zodat in 2026 de inkomsten gelijk zijn aan de uitgaven voor bestrijding hondenoverlast.
Wat gaan we daarvoor doen in 2026: 3.1 Het streven naar evenwicht in de inkomsten en uitgaven voor bestrijding hondenoverlast is in de begroting 2025 bereikt. Dit wordt gecontinueerd door het op peil houden van de inkomsten hondenbelasting.
4. Duurzaamheid eigen gebouwen (17) Wat willen we bereiken: De gemeenten in Nederland hebben een voorbeeldrol als het gaat om het uitvoeren van het klimaatakkoord. Het is dan ook van belang dat de gemeente invulling geeft aan deze voorbeeldrol. Zo dragen investeringen in het gemeentelijk vastgoed bij aan de bewustwording in de omgeving en het stimuleren van draagvlak. Dit met als doel: het normaliseren van duurzaamheid en het vergroten van de bereidheid van de omgeving om eveneens stappen te zetten. Een gemeentebreed programma - gebaseerd op een actueel vastgoed en accommodatiebeleid - geeft hierbij helderheid en duidelijkheid.
Wat gaan we daarvoor doen in 2026: 4.1 Starten met de voorbereiding gefaseerde uitvoering van het gemeente-breed programma verduurzaming eigen vastgoed op basis van de kaders nieuw vastgoed-/accommodatiebeleid. 4.2 Streven naar 49% CO2 reductie voor al het gemeentelijk maatschappelijk vastgoed in 2030. 4.3 Het opstellen van vierjaarlijkse routekaarten op portefeuilleniveau, die in beeld brengen welke maatregelen al zijn getroffen en hoe toe te werken naar het streefdoel voor 2030. 4.4 Renovatieverplichting van ten minste 3% per jaar en daarbij zo goed als energieneutraal maken. 4.5 80% van alle overheidsgebouwen moeten in 2030 voorzien zijn van zonnepanelen.
Overige speerpunten 5. Een deugdelijk beheer van onze gebouwen Wat willen we bereiken: Het onderhoud van de gemeentelijke gebouwen vindt plaats conform het vigerend Accommodatiebeleid en het Meerjarig Onderhoud Plan (MJOP). De kaders en voorwaarden van het
88
Gemeente Brunssum
Begroting 2026 nog op te stellen Vastgoed en accomodatiebeleid houden rekening met de thema’s duurzaamheid en reductie van energiegebruik. Vooruitlopend op het nog vast te stellen Vastgoedbeleid en actualisatie van het vigerend Accommodatiebeleid worden maatregelen genomen om het energiegebruik terug te dringen.
Wat gaan we daarvoor doen in 2026: 5.1 Het meerjarenonderhoud (groot onderhoud) wordt jaarlijks getoetst naar de noodzakelijkheid van vervanging vooruitlopend op het begrotingsjaar (taakstellend budget betreffend jaar). 5.2 Uitvoering geven aan het Uitvoeringsprogramma op basis van de kaders van het nieuwe Vastgoed-/Accommodatiebeleid. 5.3 Het Uitvoeringsprogramma vindt fasegewijs plaats om de vastgoedportefeuille van de gemeente voor nu en in de toekomst gereed te maken.
6. Informatiemanagement Wat willen we bereiken: Het continu optimaliseren van onze (digitale) dienstverlening en (interne) processen (informatiemanagement). We brengen de informatiehuishouding verder op orde door o.a. de doorontwikkeling van het zaakgericht werken waarbij bestuurlijke en organisatorische ambities inzake dienstverlening en bedrijfsvoering gekoppeld worden aan de implementatie van o.a. de nieuwe Wet Open Overheid (Woo), de Wet Modernisering Electronisch Bestuurlijk verkeer (Wmebv), de Wet Elektronisch Publiceren (Wep) en de Wet Digitale Overheid. Uiteraard binnen de kaders van Informatiebeheer, Informatieveiligheid en Privacy. De informatie-architectuur, onderliggende ICT-techniek en kantoorinrichting zijn zodanig van aard dat we onbeperkt integraal flexibel en hybride kunnen werken. Niet alleen intern maar ook in samenwerking met het sociaal maatschappelijk middenveld en de gemeentelijke ketenpartners. Richtinggevend hierbij zijn het Koerskompas, de onderliggende opgaven zoals benoemd in de diverse Programma's , het interne Programma Informatiehuishouding op Orde en de maatschappelijke en technologische ontwikkelingen.
Onder de vlag van "datagedreven" werken wordt de beschikbare informatie vanuit de diverse interne en externe bronnen gebruikt om verdere beleidsontwikkeling en -monitoring alsmede de continue verbetering van de gemeentelijke dienstverlening en bedrijfsvoering vorm te geven. (Voor meer details zie de Paragraaf Bedrijfsvoering)
Wat gaan we daarvoor doen in 2026: 6.1. Verkennen van de mogelijk voor een integraal digitaal klantplatform waarmee inwoners en bedrijven de voortgang van hun lopende zaken kunnen monitoren. 6.2 Realisatie van een uniform dataplatform op basis van de uitgangspunten van "data-gedreven" werken. 6.3 Implementeren van kunstmatige intelligentie (AI) in de gemeentelijke dienstverlening en bedrijfsvoering. 6.4 Actualisatie van het informatiebeleid (Bedrijfsinformatieplan), GEO-informatiebeleid en Informatiebeveiligingsbeleid (NIS2)
Gemeente Brunssum
89
Begroting 2026 6.5 Verdere integratie van samenwerkingstools, kantoorautomatisering met de gemeentelijke informatiesystemen en telefonie. 6.6 Implementatie digitale archivering (E-depot).
7. Personeel- en organisatieontwikkeling Wat willen we bereiken: Personeel Een toekomstbestendige organisatie met betrokken, wendbare en deskundige medewerkers die bijdragen aan het realiseren van onze gemeentelijke opgaven. Zonder deze voorwaarden kan onze gemeente haar taken niet uitvoeren en het college haar plannen niet verwezenlijken. In de paragraaf 5 bedrijfsvoering wordt verder ingegaan op de ontwikkeling(en) van ons personeel en welke speerpunten in 2026 belangrijk zijn en waarbij het streven is deze op te pakken. Organisatie ontwikkeling Gemeenten zijn jarenlang vooral bezig geweest met rechtmatigheid. Welke voorzieningen moeten we regelen? Hoe zorgen we ervoor dat de inwoners krijgen wat hen toekomt? Vervolgens werd duidelijk dat dit niet altijd meer voldeed; het ging niet meer alleen om regels goed toepassen maar ook om het resultaat. Efficiency en effectiviteit werden daardoor ook belangrijke criteria, naast rechtmatigheid. Daarna dienden gemeenten niet langer ieder vraagstuk van de inwoner meer apart te bekijken, maar op zoek naar samenhang en integraliteit. Waarbij niet alleen gekeken werd naar de mogelijkheden van verschillende onderdelen van de gemeente, maar ook naar externe partners in de samenleving. Dat vroeg om (keten)samenwerking en co-creatie, naast de effectiviteit en rechtmatigheid.
En nu verandert de rol van de gemeente weer verder als gevolg van de opkomst van de participatiemaatschappij. Van inwoners wordt verwacht dat ieder naar vermogen participeert. Niet meer rechtstreeks toepassen van wet- en regelgeving, maar het meewegen van de context. Dit stelt weer nieuwe eisen aan ons als gemeente, naast de samenwerkende, effectieve en rechtmatige gemeente die we ook – nog steeds- zijn.
Wat gaan we daarvoor doen in 2026: 7.1 Implementeren van de in 2025 vastgestelde uitkomsten van het Programma Organisatieontwikkeling 7.2 Doorvoeren van programmagericht en planmatig werken in de hele organisatie 7.3 Verbeteren van de dienstverlening met oog voor samenwerking met de omgeving 7.4 Analyseren van de lijnorganisatie om efficiënter te werken en beleid logisch te positioneren tussen programma’s en lijn
90
Gemeente Brunssum
Begroting 2026
Wat kost het programma in totaal? Bedrag x € 1.000
Taakveld Lasten XT-010 - Mutaties en reserves XT-03 - Beheer over. gebouwen/ gronden XT-04 - Overhead XT-05 - Treasury XT-064 - Belastingen overig XT-08 - Overige baten en lasten XT-09 - Vennootschapsbelasting Baten XT-010 - Mutaties en reserves XT-03 - Beheer over. gebouwen/gronden XT-04 - Overhead XT-05 - Treasury XT-061 - OZB woningen XT-062 - OZB niet-woningen XT-064 - Belastingen overig XT-07 - Algemene uitkering XT-08 - Overige baten en lasten Totaal
Gemeente Brunssum
Begroting 2026 20.231 873 171 17.209 709 641 628 0 -97.459 -2.628 -68 -993 -1.084 -5.063 -1.933 -251 -85.161 -278 -77.228
Begroting 2027 20.656 624 159 18.049 683 656 484 0 -97.728 -1.616 -68 -835 -1.079 -5.180 -1.978 -253 -86.442 -278 -77.072
Begroting 2028 21.945 794 159 19.215 658 681 438 0 -96.751 -1.151 -68 -835 -1.066 -5.294 -2.021 -255 -85.784 -278 -74.806
Begroting 2029 24.929 870 159 20.305 642 694 2.260 0 -99.462 -1.045 -68 -835 -1.048 -5.410 -2.066 -263 -88.451 -278 -74.534
91
Begroting 2026
Paragrafen
92
Gemeente Brunssum
Begroting 2026
1. Lokale heffingen Algemeen De lokale heffingen zijn een integraal onderdeel van het gemeentelijk beleid. Ze raken de burgers, bedrijven en instellingen direct in hun portemonnee. Gemeentelijke heffingen staan dan ook sterk in de politieke belangstelling. Jaarlijks stelt de Raad de belastingverordeningen en de daarbij behorende tarieven vast. Deze paragraaf bevat een overzicht van de voorgestelde wijzigingen van de gemeentelijke heffingen die van invloed zijn op de begroting 2026. Een van de uitgangspunten uit het coalitieakkoord 2022 – 2026 is: Zorgdragen voor een structureel sluitende begroting, o.a. door realistisch begroten, structurele uitgaven te dekken met structurele inkomsten, een solide reservepositie, actief te zoeken naar subsidiemogelijkheden en het doen van slimme investeringen (59).
Beleid en tariefstelling Het totale pakket van de verschillende gemeentelijke belastingen en heffingen wordt gelegitimeerd met belastingverordeningen. Voor de hoogte van tarieven/leges gelden de volgende uitgangspunten: 1. Voortzetten van gemaakte keuzes uit het verleden, onder de voorwaarde dat deze keuzes voldoende aansluiten bij de huidige situatie. 2. Kostendekkende tarieven en leges. 3. Prijsindexering, lokale heffingen, leges en overige inkomsten, waaronder huren en inkomsten sportaccommodaties worden jaarlijks aangepast voor inflatie. Als basis wordt gebruikt de Nationale consumentenprijsindex (CPI) zoals opgenomen in de meicirculaire 2025. Voor 2026 wordt voorgesteld om de OZB, precariobelasting, reclamebelasting en de begraafrechten met 2,6% te indexeren (CPI meicirculaire 2025). Ook de leges worden geïndexeerd met 2,6% CPI. 4. De legestarieven mogen de wettelijk vastgestelde bedragen niet overschrijden. 5. De kosten van de BsGW worden toegerekend aan de verschillende belastingsoorten. Conform het Besluit begroting en verantwoording (Bbv) geeft de BsGW de verdeelsleutel aan op basis waarvan hun kosten verdeeld dienen te worden. Met ingang van 2026 heeft de BsGW de kostenverdeelmethode aangepast.
Volgens de nieuwe kostenverdeelmethode worden minder kosten doorverdeeld naar afval en riool en meer naar de OZB hetgeen invloed heeft op de tarieven, afval en riool zullen dalen en de OZB zal stijgen. Omdat deze gegevens laat in het begrotingsproces ontvangen zijn, wordt in de begroting 2026 gerekend op basis van de oude methodiek. Bij het opstellen van de begroting 2027 wordt onderzocht op welke wijze de nieuwe kostenverdeling verwerkt zal worden. Het verdere beleid voor de lokale lasten wordt hierna per heffing afzonderlijk vermeld. De diverse belastingverordeningen worden afzonderlijk ter vaststelling in december aan uw Raad voorgelegd.
Gemeente Brunssum
93
Begroting 2026 Indexering lokale heffingen Consumentenprijsindex (cpi)
2025 3,2 %
2026 2,6 %
2027 2,3 %
2028 2,2 %
2029 2,2 %
Bron: meicirculaire 2025
Inkomsten en kosten toerekening aan leges en rechten Conform het Besluit Begroting en verantwoording (BBV) worden kosten verantwoord op de taakvelden. Vanuit de taakvelden zijn de directe kosten toegerekend aan de betreffende leges en rechten. De kosten van overhead (indirecte kosten) worden conform vastgestelde methodiek toegerekend. Hieronder worden de inkomsten voor de gemeente en de heffing voor de burger per belasting / heffing in beeld gebracht en toegelicht.
Onroerende zaakbelasting (XT-061) De onroerende zaakbelastingen (OZB) hebben tot doel om de gemeente te voorzien van algemene middelen. Voor de OZB is de herwaardering ingevolge de Wet waardering onroerende zaak (Wet WOZ) van belang. Deze WOZ-waarde wordt jaarlijks vastgesteld. Voor het belastingjaar 2026 gaat het daarbij om de waarde op peildatum 1 januari 2025. De uitkomsten van deze herwaardering hebben geen invloed op het gemiddelde tarief OZB voor 2026. Bij een stijging van de gemiddelde WOZ-waarde zal het percentiel naar beneden worden aangepast, zodat de totale inkomsten OZB niet stijgen of dalen. Voor 2026 wordt de OZB-opbrengst alleen geïndexeerd met 2,6%.
Uitgangspunten heffing OZB conform rapportages en prognose BsGW Belastingjaar Peildatum Totale waarde woningen Totale waarde niet-woningen Eigenaar Totale waarde niet-woningen Gebruiker
Percentages OZB eigenaar woning OZB eigenaar niet-woning OZB gebruiker niet-woning Gemiddelde waarde woning
2024 1-1-2023 € 3.217.789.000 € 353.549.000 € 217.388.000
2025 1-1-2024 € 3.440.082.000 € 375.541.000 € 215.789.000
2026 1-1-2025 n.n.b.* n.n.b.* n.n.b.*
2024 0,1461% 0,3323% 0,2851% € 220.000
2025 0,1435% 0,3285% 0,3015% € 235.200
2026 n.n.b.* n.n.b.* n.n.b.* n.n.b.*
*nog niet bekend bij het samenstellen van de begroting. Waarde heeft geen invloed op het gemiddelde ozb tarief 2026.
Heffing OZB / Inkomsten OZB gemeente Brunssum Gemiddelde aanslag OZB Gemiddelde waarde woning OZB-aanslag op basis van gemiddelde waarde
2024 € 220.000 € 321,47
2025 € 235.200 € 337,54
2026 n.n.b.* € 346,32
*nog niet bekend bij het samenstellen van de begroting. Waarde heeft geen invloed op het gemiddelde ozb tarief 2026
Inkomsten OZB Onroerende zaakbelastingen
94
Realisatie 2024 € 6.222.000
Begroting 2025 € 6.819.570
Begroting 2026 € 6.996.880
Gemeente Brunssum
Begroting 2026 Afvalstoffenheffing (XT-73) De kosten voor de verwijdering van huisvuil bij particuliere huishoudingen worden verhaald door een heffing van de feitelijke gebruiker van het perceel. De afvalstoffenheffing mag maximaal 100% kostendekkend zijn*. Onderdeel van het vaste tarief zijn de geraamde kosten van de kwijtschelding (zie hiervoor onderdeel “kwijtschelding afvalstoffenheffing” van deze paragraaf). We passen 100% kostendekkendheid toe binnen het onderdeel afval. In het vastgestelde coalitieakkoord is afgesproken dat structurele uitgaven gedekt dienen te worden met structurele inkomsten (59). Voor het jaar 2026 stijgt het vaste tarief afvalstoffenheffing met € 14,04 (was € 248,40 in 2025) naar € 262,44. Deze stijging komt doordat de kosten van Rd4 stijgen. Een bedrag van € 251.000 wordt uit de voorziening gehaald om de stijging van het tarief gedeeltelijk te dempen. * Sinds 2003 kunnen gemeenten met het btw-compensatiefonds toch een belangrijk deel de btw terugvragen die ze hebben betaald over uitbesteed werk. Ter voorkoming van een budgettair probleem is bepaald dat de omzetbelasting inzake de afvalstoffenheffing en rioolrecht tot de lasten blijft behoren voor de bepaling van de tarieven.
Afvalstoffenheffing Bedragen x € 1.000 Omschrijving Kosten afval Kosten Rd4 Overige kosten Rd4, geprognotiseerd batig saldo Aandeel kosten overhead Kosten BsGW BTW-component Aandeel kosten straatreiniging Kwijtschelding TOTAAL DOOR TE BEREKENEN KOSTEN (A) Inkomsten afval Afvalstoffenheffing Bijdragen van derden (zwerfafval o.a.) Inzet voorziening TOTAAL INKOMSTEN AFVAL (B) Kostendekkendheid (B / (A-(A-B)) SALDO TEN LASTE (+)/ GUNSTE (-) VAN VOORZIENING (A-B) Heffingsbedragen afval (in euro's) Vast bedrag per lediging 240 l. container rest per lediging 140 l. container rest per zak of inworp verzamelcontainer 60 l. per zak of inworp verzamelcontainer 30 l.
Gemeente Brunssum
Realisatie 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
3.095 3 0 29 139 650 169 248 4.333
3.222 10 0 49 179 679 200 250 4.589
3.455 10 0 49 179 727 204 250 4.874
4.592 26
4.407
4.623
182 4.589 100%
251 4.874 100%
248,40 11 8,1 2 1,05
262,44 11 8,1 2 1,05
4.618 107% -285
254,40 11 8,1 2 1,05
95
Begroting 2026 Kwijtschelding afvalstoffenheffing Het maximale jaarlijkse kwijtscheldingsbedrag 2026 is gelijk aan dat van 2025 en voorgaande jaren. Het bedrag voor kwijtschelding wordt bepaald op basis van het vaste tarief en voor de ledigingen is het bedrag afhankelijk van de grootte van het huishouden. Gezinssamenstelling 1-persoonshuishouden 2-persoonshuishouden 3-persoonshuishouden 4 en meer personen in een huishouding
maximaal bedrag 2026 € 55,00 € 75,00 € 90,00 € 100,00
Rioolheffing (XT-72) De kosten die gemaakt worden voor de rioleringszorg worden gedekt uit de rioolheffing. De rioolheffing mag maximaal 100 % kostendekkend zijn. De belasting wordt geheven via een eigenarenheffing naar de waarde van een perceel in het economisch verkeer.
Rioolheffing Bedragen x € 1.000 Omschrijving Kosten riool Kosten Vervangingsinvesteringen Kapitaallasten Aandeel kosten overhead Kosten BsGW Aandeel kosten onkruidbestrijding verharding Aandeel kosten straatreiniging BTW-component TOTAAL DOOR TE BEREKENEN KOSTEN (A) Inkomsten riool Bijdragen van derden Rioolheffing TOTAAL INKOMSTEN RIOOL (B) Kostendekkendheid (B / (A-(A-B)) SALDO TEN LASTE (+)/ GUNSTE (-) VAN VOORZIENING (A-B) Heffingsbedragen riool (in euro’s) Rioolrecht eigenaar ≥ € 30.000,Rioolrecht eigenaar ≤ 30.000,-
Realisatie 2024
Begroting 2025 Begroting 2026
1.633 0 525 1.076 138 150
1.692 0 522 1.232 158 140
1.712 0 520 1.232 158 145
238 332 4.092
283 342 4.369
288 346 4.401
0 4.134 4.134 101% - 42
0 4.369 4.369 100% 0
0 4.401 4.401 100% 0
270,84 26,28
286,08 27,84
288,36 28,56
Rioolrecht eigenaar > € 30.000 In 2026 wordt dit riooltarief verhoogd van € 286,08 naar €288,36 . Rioolrecht eigenaar < € 30.000 Dit tarief stijgt van € 27,84 naar € 28,56.
96
Gemeente Brunssum
Begroting 2026 Toeristenbelasting (XT-34) Door de heffing van een toeristenbelasting is het mogelijk om een bijdrage te verkrijgen in de kosten van de (algemene) voorzieningen waarvan ook de toeristen profiteren. Dit betekent dat bij de toeristenbelasting sprake is van een algemene heffing waarvan de opbrengst ten goede komt aan de algemene middelen. Het tarief 2026 blijft gelijk aan het tarief 2025 van € 2,30 per persoon per overnachting. Toeristenbelasting Tarief: Heffing per persoon per nacht Inkomsten toeristenbelasting: Toeristenbelasting
Realisatie 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
€ 1,85
€ 2,30
€ 2,30
€ 190.500
€ 212.000
€ 217.100
Hondenbelasting (XT-064) De hondenbelasting is een belasting die bijdraagt aan de algemene middelen van de gemeente. De Hoge Raad acht het niet nodig dat de gemeente een relatie legt tussen de opbrengst van de hondenbelasting en de kosten die voor de gemeente verbonden zijn aan de vervuiling door honden. De BsGW voert jaarlijks controles per wijk uit. Dit is een belangrijk instrument om nog niet aangemelde honden alsnog in de belasting te betrekken. Actiepunt 61 van het coalitieakkoord streeft naar het in evenwicht brengen van de inkomsten en uitgaven van de hondenbelasting. Met ingang van 2025 zijn de uitgaven en inkomsten in evenwicht. De tarieven 2026 worden verhoogd om de stijging van de kosten van bestrijding overlast op te vangen. Het tarief voor de eerste hond wordt € 39,60 (was € 39,00 in 2025). Hondenbelasting Tarief per jaar: Eerste hond Tweede hond Iedere volgende hond Kennel Inkomsten hondenbelasting Hondenbelasting
Realisatie 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
€ 43,20 € 157,80 € 318,60 € 1.076,16
€ 39,00 € 156,00 € 318,60 € 1.076,16
€ 39,60 € 159,60 € 327,00 € 1.104,00
€ 171.200
€ 153.700
€ 155.300
Precariobelasting (XT-064) Precariobelasting is een heffing voor het gebruiken van voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond. Naast onderdelen van gebouwen, zoals luifels en balkons, gaat het bijvoorbeeld om reclamevoorwerpen als uithangborden, zonneschermen, lichtreclames, het uitstallen van winkelgoederen en terrassen. Het tarief is afhankelijk van het soort voorwerp. Voor 2026 is uitgegaan van indexering van 2,6%.
Gemeente Brunssum
97
Begroting 2026 Precariobelasting Tarief: Zie bijlage 1 behorende bij de verordening precariobelasting Brunssum 2026 Inkomsten precariobelasting Precariobelasting
Realisatie 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
€ 19.700
€ 24.150
€ 21.000
Reclamebelasting (XT-064) Reclamebelasting wordt binnen het centrumgebied geheven over de periode waarin Reclamebelasting wordt binnen het centrumgebied geheven over de periode waarin daadwerkelijk aankondigingen zichtbaar zijn. Op initiatief van de ondernemers wordt zo een ondernemersfonds gevoed waarmee allerlei voorzieningen, activiteiten en projecten in het kernwinkelcentrum worden gefinancierd. De geïnde belasting wordt doorbetaald aan de ondernemersvereniging. De tarieven stijgen voor 2026 met 2,6%. Reclamebelasting Tarief Bedrag per vestiging per jaar in het centrumgebied voor één of meer openbare aankondigingen Inkomsten reclamebelasting Reclamebelasting Doorbetaling aan de ondernemersvereniging Reclamebelasting
Realisatie 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
€ 504,60
€ 518,40
€ 531,60
€ 44.200
€ 44.592
€ 44.600
€ 43.000
€ 44.592
€ 44.600
Marktgelden (XT-33) Met ingang van 2025 worden geen marktgelden geheven.
Begraafrechten (XT-75) Voor de toekomst wordt getracht de opbrengst te handhaven op het huidige niveau (gecorrigeerd voor indexatie), al neemt het aantal begravingen en verlengingen af (meer crematies). De tarieven stijgen voor 2026 met 2,6%. Begraafrechten Inkomsten begraafrechten Tarief per jaar (voor een periode van 10 jaar): - voor een kindergraf < 12 jaar - voor een enkel particulier graf - asbus op of in particulier graf - in een particulier urnengraf in de bogen - in een particulier urnengraf (tegelgraf of urnenmuur) Begraafrechten
98
Realisatie 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
€ 749 € 998 € 998 € 749
€ 900 € 1.168 € 1.168 € 900
€ 923 € 1.198 € 1.198 € 923
€ 499
€ 538
€ 552
€ 115.100
€ 64.680
€ 66.100
Gemeente Brunssum
Begroting 2026 Leges (div. taakvelden) Het betreft hier de volgende leges: 1. Burgerlijke stand, reisdocumenten, rijbewijzen, verstrekkingen uit de BRP. 2. Bestuur stukken, vastgoedinformatie, gemeentearchief, leegstandswet, kansspelen, kinderopvang, telecommunicatie, verkeer en vervoer, verstrekken van afschriften, begraven op eigen terrein 3. Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/Omgevingswet 4. Tarieven werken voor derden 5. Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn Uitgangspunten legesheffing: •
• • •
In 2015 heeft het college de optimale kostendekkingsgraad voor de legestarieven per onderdeel vastgesteld. De percentages in onderstaande tabel worden jaarlijks vastgesteld, mede op basis van een gehouden benchmark waarbij de tarieven van andere gemeenten, binnen en buiten de regio, zijn vergeleken en ook een analyse is gemaakt van de aspecten die de kostendekkendheid beïnvloeden. Hierbij is gekeken naar wettelijk vastgestelde maximale tarieven, verplichte afdracht van inkomsten aan het rijk en maatschappelijke effecten van de tariefstelling. De percentages kostendekkendheid legestarieven 2025 zijn met de begroting 2025 vastgelegd. De percentages kostendekkendheid voor 2026 worden gezamenlijk met deze begroting aan de raad voorgelegd. Er wordt gestreefd naar 100% kostendekkendheid met uitzondering van de door het rijk bepaalde tarieven.
Op 1 januari 2024 is de Omgevingswet (Ow) en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) in werking getreden. Wkb ziet vooralsnog enkel op nieuwbouw vallende onder de Gevolgklasse 1. De minister heeft aangegeven dat de inwerkingtreding voor verbouw en renovatie, vallende onder gevolgklasse 1, tot nader order wordt uitgesteld. De ruimtelijke component (toets Omgevingsplan, welstand) blijft bij de gemeente. De bouwtechnische toets aan het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl, voorheen Bouwbesluit) én het toezicht op de uitvoering vervalt voor gemeenten voor bouwwerken behorende tot Gevolgklasse 1 (denk hierbij vooralsnog aan de nieuwbouw van grondgebonden woningen en bedrijfsgebouwen van beperkte omvang), en wordt overgenomen door een onafhankelijk "kwaliteitsborger", een private partij. Onzeker is of in de verdere toekomst de gevolgklassen worden uitgebreid. Hiervoor in de plaats komt een meldingen systeem. De ervaring leert inmiddels dat hiermee de invloed op de legesinkomsten redelijk beperkt is.
Kostendekkendheid 2026 Optimale kostendekkingsgraad legestarieven (streefpercentages) Legestarieven Algemene Dienstverlening (Hoofdstuk 1 Legesverordening) Legestarieven Omgevingsvergunning (Hoofdstuk 2 Legesverordening) Legestarieven Dienstverlening, vallend onder de dienstrichtlijn en niet vallend onder hoofdstuk 2 (Bijzondere wetten / APV) (Hoofdstuk 3 Legesverordening) Totale legesverordening
Gemeente Brunssum
2026 e.v. 35 % 60 -70 % 30 % 40-45 %
99
Begroting 2026 Kostendekkendheid legestarieven Algemene Dienstverlening (Hoofdstuk 1 Legesverordening) Omgevingsvergunning (Hoofdstuk 2 Legesverordening) Bijzondere wetten / APV (Hoofdstuk 3 Legesverordening) Tarief* Inkomsten leges
Realisatie 2024 60,84 %
Begroting 2025 51,67 %
Begroting 2026 43,90 %
56,63 %
28,84 %
52,08 %
6,29 %
6,29 %
8,59 %
Zie Bijlage 1 (Tarieventabel) van de legesverordening 2026 en werken voor derden Brunssum 2026. € 1.680.000
€ 826.411
€ 1.226.411
Realisatie 2024 € 15.444.500
Begroting 2025 € 16.050.100
Begroting 2026 €16.480.380
Specificatie: Onroerende zaakbelastingen (a) Afvalstoffenheffing (b) Rioolheffing (c) Toeristenbelasting (d) Hondenbelasting (e ) Precariobelasting (f) Reclamebelasting (g) af: doorbetaling reclamebelasting Marktgelden (h) Begraafrechten (i)
€ 6.222.000 € 4.592.000 € 4.134.000 € 190.500 € 171.200 € 19.700 € 44.200 -€ 44.200 €0 € 115.100
€ 6.819.570 € 4.407.000 € 4.369.000 € 212.000 € 153.700 € 24.150 € 44.592 -€ 44.592 €0 € 64.680
€ 6.996.880 € 4.623.000 € 4.401.000 € 217.100 € 155.300 € 21.000 € 44.600 -€ 44.600 €0 € 66.100
Leges
€ 1.680.000
€ 826.411
€ 1.226.411
Lokale lastendruk per jaar voor meerpersoonshuishoudens
2025
2026
stijging/ daling %
stijging in € per maand
Met eigen woning (OZB, Riool en Afval)
€ 949,02
€ 974,12
2,6 %
€ 2,09
Zonder eigen woning (Afval)
€ 325,40
€ 339,44
4,3 %
€ 1,17
Totaal overzicht lokale heffingen Totaal geraamde inkomsten De inkomstenraming voor de lokale belastingen (excl. Leges) bedraagt:
100
Gemeente Brunssum