Raadsvoorstel 202479845 Klachtenverordening
Tekst van het document
Raadsvoorstel Collegeverg. d.d. Registratiekenmerk Gemeentebladnr. Afdeling opsteller Bereikbaar onder Portefeuillehouder Raadsvergadering d.d. Uiterlijke datum
: 21 januari 2025 : 202479845 : 2025/9845 : Bestuurszaken - Juridische zaken : +31455278539 , lia.meijers@brunssum.nl : Wilma van der Rijt : 15 april 2024 : Niet van toepassing
Aan de raad, 1. Onderwerp Klachtenverordening gemeente Brunssum 2025 2. Uitgangssituatie (WAAROM?) a. Aanleiding De huidige Klachtenverordening dateert uit 2005 en is toe aan actualisatie. b. Huidige situatie/probleemstelling Hoofdstuk 9 van de Algemene wet bestuursrecht bevat minimumeisen voor een goede behandeling van klachten over overheidsoptreden. Dit hoofdstuk bevat daartoe regels voor zowel het intern als het extern klachtrecht. Het intern klachtrecht houdt in dat een bestuursorgaan eerst altijd eerst zelf op een klacht dient te beslissen. Het intern klachtrecht is nader uitgewerkt in de Klachtenverordening gemeente Brunssum 2005. Actualisatie van deze verordening is na 20 jaar wenselijk. In verband daarmee is een nieuwe klachtenverordening opgesteld. Volledigheidshalve zij opgemerkt dat de gemeente Brunssum voor wat betreft het extern klachtrecht al sinds jaar en dag naar tevredenheid is aangesloten bij de Nationale ombudsman te Den Haag. 3. Gewenste situatie (WAT? a. Wat willen we bereiken? De Klachtenverordening 2025 vaststellen. b.
Kaders 1. 2. 3. 4. 5. 6.
eerdere besluitvorming (BBV nr. ): N.v.t. traject tot dusverre: N.v.t. rol/ bevoegdheden college van B en W: het college is belast met de voorbereiding van raadsbesluiten algemene beleidskaders (landelijk/ provinciaal/ lokaal): de Algemene wet bestuursrecht en de Gemeentewet. past het voorstel in de strategische visie/ relatie met uitvoeringsagenda?: Nv.t. relatie met programmabegroting/ financiële gevolgen: N.v.t.
c. Argumenten en overwegingen De Algemene wet bestuursrecht bepaalt in artikel 9:11 dat de beslistermijn waarbinnen een bestuursorgaan op een klacht dient te beslissen 10 weken bedraagt, deze termijn kan met 4 weken worden verdaagd. Met de nieuwe verordening wordt beoogd te komen tot een snellere afhandeling van klachten. Dit is wenselijk voor zowel de klager als voor de medewerker tegen wie de klacht is ingediend. De snellere afhandeling kan worden bereikt door het minnelijk gesprek, dat eerst gevoerd wordt en waarmee behandeling van de klacht door de externe klachtencommissie wordt getracht te voorkomen, niet meer door de gemeentesecretaris te laten voeren maar door de direct leidinggevende van de beklaagde medewerker. Dit is de belangrijkste wijziging ten opzichte van de huidige verordening. Voor een overzicht wie in welke gevallen aan zet is bij het minnelijk gesprek wordt verwezen naar artikel 5 van de nieuwe
Klachtenverordening. Hieruit blijkt ook wie aan zet is als een klacht is ingediend tegen een bestuursorgaan als zodanig of tegen een lid van een bestuursorgaan. Volledigheidshalve zij opgemerkt dat tegen een wethouder wel maar tegen een individueel raadslid geen klacht kan worden ingediend. Dit vloeit voort uit het bepaalde in artikel 9:1, tweede lid van de Algemene wet bestuursrecht waarin wordt bepaald dat gedragingen van leden van een bestuurscollege worden toegerekend aan het bestuurscollege. Een wethouder is werkzaam onder verantwoordelijkheid van het college van burgemeester en wethouders. Een raadslid is echter niet werkzaam onder verantwoordelijkheid van de gemeenteraad, zodat alleen geklaagd kan worden over gedragingen/handelingen van de gemeenteraad als zodanig, maar niet over gedragingen/handelingen van individuele raadsleden. Een andere reden voor actualisatie van de bestaande klachtenverordening is dat de raad in de ‘Verordening werkgeverschap raadsgriffie 2023’ heeft bepaald dat de ‘werkgeverscommissie raadsgriffie’, het werkgeverschap over de griffie uitoefent. In dat kader zijn een aantal taken aan de ‘werkgeverscommissie raadsgriffie’ gedelegeerd, waaronder alle zaken die betrekking hebben op het werkgeverschap aangaande de raadsgriffier. De beslissing op klachten kan onder deze gedelegeerde taken geschaard worden.
De vigerende klachtenverordening houdt hier echter geen rekening mee. In de nieuwe Klachtenverordening wordt hier wel rekening mee gehouden; op klachten tegen de griffier/griffiemedewerker beslist dan, al dan niet na advies van de externe klachtencommissie, niet de voltallige raad maar de ‘werkgeverscommissie raadsgriffie’ namens de raad. Tenslotte is ook het uitgangspunt om bevoegdheden lager in de organisatie te leggen aanleiding geweest om de vigerende Klachtenverordening gemeente Brunssum te actualiseren. d. Opties en keuze Uw raad wordt geadviseerd de Klachtenverordening gemeente Brunssum 2005 in te trekken en bijgevoegde Klachtenverordening gemeente Brunssum 2025 vast te stellen. 4. Bijlagen: Klachtenverordening gemeente Brunssum 2025; Klachtenverordening gemeente Brunssum 2005.
Het college van burgemeester en wethouders,
Burgemeester
Secretaris
Raadsbesluit Gemeentebladnr. Afdeling Registratiekenmerk
: 2025/9845 : Bestuurszaken - Juridische zaken : 202479845
De raad van de gemeente Brunssum gemeentebladnummer 2025/9845; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 21 januari 2025, afdeling Bestuurszaken - Juridische zaken ; Besluit: 1. De Klachtenverordening gemeente Brunssum 2005 in te trekken: 2. De Klachtenverordening gemeente Brunssum 2025 vast te stellen. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 15 april 2025.
De Raad voornoemd,
Voorzitter
Griffier