CConstaterende datBrunssum
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel 111 Veegplan Buitenring Parkstad Limburg 2022.docx

Raadsvergadering 20 december 2022, gemeente BrunssumBij agendapunt: Veegplan Buitenring PSL; Gemeenteblad 2022/1111.516 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel Collegeverg. d.d. : 22 november 2022 Registratiekenmerk : 202252089 Gemeentebladnr. : 2022/111 Afdeling opsteller : Ruimtelijke ontwikkeling en vastgoed Naam opsteller : Ellen Aarts Bereikbaar onder : 31455278474, ellen.aarts@brunssum.nl Portefeuillehouder : Jaimy Dijk, van Raadsvergadering d.d. : 20 december 2022 Uiterlijke datum : Uiterste datum 20 december 2022 Motivatie datum: De provincie heeft verzocht om voor de kerst te reageren. Aan de raad, 1.

Onderwerp Gelegenheid om te worden gehoord inzake Veegplan Buitenring Parkstad Limburg 2022

2. a.

Uitgangssituatie (WAAROM?) Aanleiding Voor het project Buitenring Parkstad Limburg (BPL) is in 2012 een Provinciaal Inpassingsplan (PIP) door de provincie opgesteld. Tijdens de uitvoering van het project bleek dat er afwijkingen waren van het ruimtebeslag dat daadwerkelijk nodig was voor de aanleg en het ruimtebeslag dat was vastgelegd in het PlP. Door de afwijkingen komt op tal van gronden de bestemming niet overeen met het daadwerkelijk gebruik. Om dit te corrigeren is een reparatie-PlP opgesteld: het Veegplan Buitenring Parkstad Limburg 2022. Hierin wordt de bestemming, functie en gebruik van circa 500 percelen op en naast de Buitenring aangepast naar het daadwerkelijk gebruik. Daarnaast wil de Provincie de bevoegdheid van de gemeenteraad om de inrichting en de functies in het betreffende gebied vast te stellen na de inwerkingtreding van dit inpassingsplan met onmiddellijke ingang teruggeven, zodat de gemeente relevante besluiten hierover kan nemen.

b.

Huidige situatie/probleemstelling In 2021 is het concept Veegplan voor het eerst ambtelijk besproken. Omdat dat enige tijd geleden is, heeft de provincie het concept in juli 2022 opnieuw ter visie gelegd. Ambtelijk is hierop gereageerd en is overleg gevoerd met de provincie om de gewenste aanpassingen te bespreken. Gelet op het bepaalde in artikel 3.26 Wro, moeten de gemeenteraden van het grondgebied waar het PIP betrekking op heeft, in de gelegenheid worden gesteld om te worden gehoord. Omdat dit een raadsbevoegdheid, wordt uw raad nu gevraagd een standpunt in te nemen over de vraag of u in deze procedure wenst te worden gehoord.

3. a.

Gewenste situatie (WAT? Wat willen we bereiken? Uw raad voor te stellen om geen gebruik te maken van de gelegenheid te worden gehoord inzake het Veegplan Buitenring Parkstad Limburg 2022

b.

Kaders 1. eerdere besluitvorming (BBV nr. ) Er heeft geen eerdere besluitvorming over plaatsgevonden. 2. traject tot dusverre Het concept Veegplan is in januari 2021 en juli 2022 aangeboden voor ambtelijk vooroverleg. Wij hebben onze opmerkingen met de provincie besproken. De provincie heeft ambtelijk laten weten met deze

opmerkingen te kunnen instemmen en het Veegplan daarop aan te passen. Dit raadsvoorstel dient om de formele stap te nemen, voortvloeiend uit art. 3.26 Wet ruimtelijke ordening, van het al dan niet gebruik maken van de gelegenheid om te worden gehoord. 3. rol/ bevoegdheden college van B en W Het gebruik maken van de hoorgelegenheid betreft een raadsbevoegdheid, gelet op het bepaalde in artikel 3.26 Wro. Het college heeft hier geen bevoegdheid in. 4. algemene beleidskaders (landelijk/ provinciaal/ lokaal) Art. 3.26 Wro 5. past het voorstel in de strategische visie/ relatie met uitvoeringsagenda? Niet aan de orde. Het betreft hier een formele stap in de procedure rond vaststelling van het inpassingsplan. 6. relatie met programmabegroting/ financiële gevolgen Niet aan orde. Dit voorstel heeft geen financiële gevolgen. c.

Argumenten en overwegingen Alle opmerkingen worden door de provincie reeds verwerkt. Het horen van de raad door de provincie heeft geen toegevoegde waarde. Zoals gezegd is dit Veegplan bedoeld om de stroken grond die niet zijn gebruikt voor de aanleg van de buitenring, terug te bestemmen naar de bestemming die deze stroken hadden, voordat de buitenring werd aangelegd. In veel gevallen betreft het stroken die nu bestemd worden tot "groen", "bos" of "natuur". Voor Brunssum vormt de Oostflank hier een uitzondering op. In dat gebied zijn een aantal percelen die in het Veegplan een bedrijfsbestemming krijgen. Omdat er percelen zijn die zowel op grond van het bestemmingsplan Oostflank als op grond van het PIP een bedrijfsbestemming hebben, is ambtelijk vanuit zowel de gemeente als de provincie geprobeerd om de bestemmingen uit het bestemmingsplan (bevoegdheid gemeente) en het PIP (bevoegdheid provincie) op elkaar te laten aansluiten, zodat eigenaren van deze percelen geen hinder ondervinden van de verschillende bevoegdheidsregimes. Omdat het bestemmingsplan Oostflank reeds is vastgesteld, zal het PIP hier qua formulering aansluiting bij zoeken. In de ambtelijke overleggen (per mail en online) zijn de punten waar wij opmerkingen over hadden besproken. De provincie heeft hierop gereageerd.

Het betreft deze opmerkingen: Verzoek 1 gemeente: De afbakening van de “overige zone- gemeentelijke bevoegdheid” en de toewijzing van bestemmingen is niet helder en vraagt om een nadere onderbouwing of toelichting en afhankelijk daarvan wellicht om een aanpassing van de afbakening. Reactie provincie: Wij hebben geconstateerd dat het onderscheid tussen gemeentelijke en provinciale bevoegdheid voor onduidelijkheid zorgt. Bovendien zijn we tot inzicht gekomen dat het aanhouden van een provinciale bevoegdheid niet langer nodig is zodra het voorliggende Veegplan is vastgesteld. Daarom zal het plan zodanig worden aangepast dat na vaststelling de bevoegdheid voor het opstellen van ruimtelijke plannen weer bij betreffende gemeente komt te liggen. Voor wat betreft de plankaartonderdelen waar een bestemming volgens indiener ontbreekt, is sprake van de bestemming die reeds in het vastgestelde PIP 2012 is opgenomen. Aanvullende bestemmingswijzigingen voeren wij niet door in het voorliggende Veegplan zonder dat

onderbouwing is aangeleverd en eventuele onderzoeken zijn gedaan. Na vaststelling van het Veegplan krijgt gemeente de bevoegdheid terug en kan zij zelf een ruimtelijk plan opstellen om bestemmingen te wijzigen. Verzoek 2 gemeente: In overeenstemming brengen van planregels met bestemmingsplan Oostflank. Reactie provincie: Het bestemmingsplan Oostflank liep parallel en kent mogelijk nog kleine wijzigingen die wij niet mee hebben kunnen nemen. Geen probleem om dit in overeenstemming te brengen. Ten aanzien van de specifieke gebruiksregels omtrent stikstof Onder 6.4 van het concept Veegplan is wel degelijk een specifieke gebruiksregel vergelijkbaar met die van bestemmingsplan Oostflank opgenomen: 6.4.1 Geen toename stikstofemissie. Verzoek 3 gemeente: In de bestemming “Groen “de mogelijkheid opnemen om voorzieningen ten behoeve van duurzame energieopwekking en een (collectief) gebruik daarvan te kunnen toestaan. Reactie provincie: In bestemmingsplan Oostflank is voor bestemming Groen opgenomen dat deze ook bestemd is voor: 6.1.1. g. voorzieningen ten behoeve van duurzame energieopwekking en een (collectief) gebruik daarvan.

Gelet op de mogelijkheden die binnen de bestemming Groen in het Veegplan al wel worden geboden (onder andere ondergeschikt ‘openbare nutsvoorzieningen’) is het legitiem hier ook de mogelijkheid voor duurzame energieopwekking en een (collectief) gebruik daarvan toe te staan. Artikel 8 ‘Groen’ van de planregels zal hierop aangepast worden. Verzoek 4 gemeente: Aanpassen bestemmingsnaam ‘Militaire zaken 1’ naar Militaire zaken’. Reactie provincie: Artikel 9 ‘Maatschappelijk - Militaire zaken 1’ van de planregels zal worden gewijzigd naar Artikel 9 ‘Maatschappelijk - Militaire zaken’. Verzoek 5 gemeente: In de bestemming “Natuur” zoals is opgenomen aan de oostzijde van het Schutterspark zou een mogelijkheid moeten worden opgenomen om parkeren ten behoeve van het Schutterspark te faciliteren. Reactie provincie: In het oorspronkelijke bestemmingsplan betrof het ook de bestemming Natuur met een parkeerfunctie. In het PIP BPL 2014 is het bestemming Verkeer geworden, maar is het niet als weg aangelegd. Nu het met het voorliggende plan weer teruggebracht wordt naar natuur, is het legitiem om ook de parkeerfunctie weer terug te brengen. We zullen dit aanpassen in het plan. Verzoek 6 gemeente: Ter plaatse van Ouverbergstraat 2 Brunssum bij de voormalige manage de woonbestemming vervangen door natuurbestemming. Reactie provincie:

De woonbestemming ter plaatse van de Ouverbergstraat 2 te Brunssum is opgenomen na overleg met en op verzoek van gemeente Brunssum, zie verslag van gesprek 17 juni 2020. Medewerkers van Gemeente Brunssum zijn door Pierre Hawinkels op 18 juni 2020 hierover aangeschreven. De woning moest behouden blijven zodat er een vorm van toezicht op de cultuurhistorische badhokjes zou plaatsvinden. Uit de nu voorliggende vooroverlegreactie wordt duidelijk dat gemeente Brunssum is teruggekomen op haar standpunt. Dit betekent dat wij ook niet langer aanleiding zien om de woonfunctie toe te kennen. Wij zullen dus medewerking verlenen aan het verzoek om de woonbestemming te vervangen door een natuurbestemming. De bestaande woning is in dermate slechte staat dat deze onbewoonbaar is. Het ligt voor de hand dat deze gesloopt wordt. Op 3 november 2022 heeft de provincie aangegeven de opmerkingen te zullen verwerken, zoals hierboven aangegeven. Ambtelijk zien wij daarom geen toegevoegde waarde in het horen van de raad over deze kwestie. Wij stellen dan ook voor om Gedeputeerde Staten dit te berichten middels bijgevoegde antwoordbrief. d.

Opties en keuze Uw raad heeft de mogelijkheid om wel te worden gehoord door de provincie. Gelet op het voorgaande zien wij echter hier geen toegevoegde waarde in.

Het college van burgemeester en wethouders,

Burgemeester

Secretaris

Raadsbesluit Gemeentebladnr. Afdeling Registratiekenmerk

: 2022/111 : Ruimtelijke ontwikkeling en vastgoed : 202252089

De raad van de gemeente Brunssum gemeentebladnummer 2022/111; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 22 november 2022, afdeling Ruimtelijke Ontwikkeling en Vastgoed ; Besluit: Geen gebruik te maken van de gelegenheid te worden gehoord, zoals bedoeld in artikel 3.26 Wro, ter zake het Veegplan Buitenring Parkstad Limburg 2022, zoals verwoord in antwoordbrief nr. 202253766. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 20 december 2022

De Raad vernoemd,

Voorzitter

Griffier

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Brunssum&id=de2448aa-8a75-4980-abf4-b433328a7d46