Raadsbesluit 58 (bijlage) Gemeenschappelijke Regeling ISD BOL.pdf
Tekst van het document
Brinssim
gemeente
Bijlage1 Collegebesluit
Het college van burgemeester enwethouders van de gemeente Brunssum; overwegende dat hetwenselijkis dat de uitvoering van de Wet inburgering 2021voorde gemeenten Brunssumen Landgraaf gedelegeerd wordt aan hetopenbaar lichaam ISD BOL enhetdaarom noodzakelijkis de regeling te wijzigen; geletopde Wet gemeenschappelijke regelingen; Besluit:
De gemeenschappelijke regeling van ISD BOL wordt gewijzigdals volgt. I.
Artikel 10 komt te luiden: Artikel 10 Takenen bevoegdheden vanhet dagelijksbestuur
1.
De takenvan hetdagelijks bestuurzijn: a. de uitvoering van de Participatiewetinclusiefde invoeringswet, de uitvoering van de Wet Inkomensvoorziening oudereengedeeltelijkarbeidsongeschikte werknemers(IOAW) ende Wet Inkomensvoorziening oudereengedeeltelijkarbeidsongeschikte zelfstandigen(IOAZ), de uitvoering van hetBesluitbijstandverlening zelfstandigen(Bbz) en bij deze wettenbehorende algemene maatregelen van bestuurenuitvoeringsregelingen. b. de uitvoering van de Wet inburgering 2021. c. de uitvoering van anderedoor eenof meerdeelnemende gemeenten aan de dienst opgedragen taken d.
2. 3. 4.
binnenhetsociaal domein. hetverlenen van dienstenbinnenhetsociaal domeinaan gemeenten buitenhetonderartikel 3 lid 2 genoemde rechtsgebieddan wel aan andereorganisatiesdan gemeenten ongeacht hunplaats van vestiging,met dien verstandedat hetalgemeen bestuurhiermeedient in te stemmen.De diensten wordenverleendtegeneenvoorafovereengekomen prijs. VerschuldigdeBTW wordt apart in rekening
gebracht. Aan hetdagelijks bestuurvan de dienst wordenbij deze regeling alle bevoegdheden overgedragen, die nodigzijn voorde uitvoering van de in lid 1 ondera enb van dit artikel genoemde taken. De vaststellingvan nadereregelsopgrondvan de verordeningen is de bevoegdheidvan de afzonderlijke Colleges,tenzijdeze bevoegdheidis gedelegeerd aan hetdagelijks bestuur. Voortsheefthetdagelijks bestuur,onverminderdhetbepaaldein artikel 33 b van de Wet gemeenschappelijke regelingen, de volgendetakenenbevoegdheden: a. hetvertegenwoordigen van de dienst binnenregionaalbestuurlijkoverleg. b. hetbehartigen van de belangen van de dienst bij andereoverheden, instellingen, bedrijvenof personen, waarmeecontactvoorde dienst van belangis. c. hethoudenvan toezichtophetfunctioneren van de dienst.
II.
Dit besluittreedt in werkingop1 november 2022.
Brunssum,
2022
Het college van burgemeester enwethouders,
Burgemeester
Secretaris
Gemeenschappelijke regeling van LSD BOL Hoofdstuk I Algemene bepalingen Artikel 1
Begripsomschrijvingen
Deze regeling verstaat onder: a. ISD BOL: hetopenbaarlichaam Intergemeentelijke Sociale DienstBrunssumen Landgraaf, als bedoeld in artikel 3, verder te noemen: de dienst; b. deelnemer(s):de bij de regeling aangesloten gemeenten Brunssumen Landgraaf; c. gemeentebesturen: de raden en de collegesvan burgemeester en wethouders,ieder voor zoverzij bevoegdzijn; d. Gedeputeerde Staten: Gedeputeerde Statenvan de provincieLimburg. Artikel 2
Belang
De regelingbehartigtdoor hetop bedrijfsmatigewijze uitvoeren van takenopterreinen van van de deelnemersopgenoemde terreinen. De dienst hetsociaal domein, de belangen neemtdaarbij de door de deelnemersgeformuleerde visie en missie in acht. De overheveling van takenen bevoegdheden van hetcollegewordt nader bepaald in artikel 6 en artikel 1 0 van deze regeling. Artikel 3
Openbaarlichaam
1. Er is eenopenbaarlichaam: ISD BOL. Het openbaarlichaam is gevestigdte Brunssum. 2. Het rechtsgebiedvan de dienst omvat hetgrondgebiedvan de deelnemers. Artikel4
Bestuursorganen
De dienst kentde volgendebestuursorganen: hetalgemeen bestuur,hetdagelijks bestuuren de voorzitter.
Hoofdstuk2 Het algemeen bestuur Artikel 5
Samenstellingvan het algemeenbestuur
1. Het algemeen bestuuris samengesteldals volgt: van iedere deelnemer:het collegeliddat belast is met de portefeuille sociale zaken plus tweedoor de gemeenteraaduit diens midden aan te wijzenleden. 2. De raden van de deelnemersbeslissenin de eerstevergaderingvan elke zittingsperiode over de aanwijzingvan de leden en twee plaatsvervangende leden van het algemeen bestuur.
3. De conformlid 2 van dit artikel aangewezen leden van het algemeenbestuurhebben, onverminderdhet bepaalde in artikel 17 lid 3, zitting gedurendede zittingsduurvan de gemeenteraad. 4. De leden van het algemeenbestuurtreden af op de dag waarop de nieuweleden door de nieuweraden van de deelnemerszijn aangewezen. De leden-portefeuillehouders blijven lid van het bestuurtot hetmomentwaaropin hunopvolging is voorzien. 5. Het lid dat ophoudtlid van de raad te zijn, respectievelijk het bestuurslid dat niet langer portefeuillehouder socialezaken is, houdtdaarmee tevensoplid te zijn van hetalgemeen bestuur. 6. Het lid dat ter vervullingvan eentussentijdsevacature als lid van het algemeenbestuur wordt benoemd,treedt af op hettijdstip waarop degenein wiens of wier plaats dit lid is benoemd,zou hebbenmoetenaftreden. 7. De ledenvan hetalgemeen bestuurdie tussentijdsontslagnemen,stellende voorzittervan het algemeenbestuuralsmede de raad die henheeftaangewezen hiervanop de hoogte. Het ontslag is onherroepelijk. Leden van het algemeenbestuur die ontslag hebben genomen, behoudenhunlidmaatschap totdat in hunopvolging is voorzien. 8. De aanwijzing voor de vervullingvan plaatsen die zijn opengevallen, vindt in de eerstkomende vergaderingplaats van de raad die hetaangaat. Artikel6
Takenen bevoegdheden van het algemeenbestuur
1. Ter vervullingvan hetin artikel 2 genoemde belangheefthetalgemeen bestuurde taak om het beleid te ontwikkelenen voor te bereiden op strategisch,tactisch en operationeel niveau. 2. Aan hetalgemeen bestuurworden alle bevoegdheden overgedragen, die nodig zijn voorde vervullingvan de taak als bedoeld in lid 1 van dit artikel met uitzonderingvan de bevoegdheden,die bij wet of in deze regelingaan een ander bestuursorgaanzijn toebedeeld. 3. Het vaststellenvan verordeningen en van beleid blijft de bevoegdheidvan de afzonderlijke gemeenteraden. 4. Het algemeenbestuuris bevoegdtot de oprichting van en de deelnemingin stichtingen, maatschappen, vennootschappen,verenigingen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen, indien dat in het bijzonder aangewezen moet worden geacht voorde behartiging van hetdaarmee te dienenopenbaarbelang. 5. Het besluit bedoeld in lid 4 van dit artikel wordt nietgenomen dan nadat de raden van de deelnemerseen ontwerpbesluit is toegezonden en in de gelegenheid zijn gesteld hun wensenen bedenkingen ter kennisvan hetalgemeenbestuurte brengen. Artikel 7
De werkwijzevan het algemeenbestuur
1. Het algemeen bestuurstelt eenreglement van orde voorzijn vergaderingen vast. Besluitenwordengenomen met gewone meerderheidvan stemmen.Als de stemmen stakengeldt de procedurezoals beschreven in artikel 32 lid 4 van de Gemeentewet. 2. Het algemeenbestuurvergadertzo vaak als hij daartoe heeftbesloten,maar minimaal twee keerperjaar en verder zo dikwijls als de voorzitterdit nodig acht of ten minste
twee ledenvan hetalgemeen bestuurzulks verzoeken (onderschriftelijkeopgavevan de redenen).In het laatste gevalvindt de vergaderingbinnentweewekenplaats. B. De voorzitterroeptde leden schriftelijktot de vergaderingop. 4. Tegelijkertijdmet de oproep brengtde voorzitterdag, tijdstip en plaats van de vergadering ter openbarekennis.De agenda en de daarbij behorendevoorstellenmet uitzondering van de stukkenwaaromtrentgeheimhouding is opgelegd,worden tegelijkertijdmet de oproep en opeenbij de openbare kennisgeving aan te gevenwijze ter inzagegelegd. 5. De vergaderingen van hetalgemeen bestuurzijn openbaar. 6. De deuren worden geslotenwanneereen vijfde deel van de aanwezigeleden daarom verzoektof de voorzitterhetnodig oordeelt. 7. Het algemeen bestuurbeslist vervolgens of met gesloten deurenwordt vergaderd. 8. Uit de Gemeentewet zijn van overeenkomstige toepassingde bepalingen in artikel 20 (quorumvooropening van vergadering),artikel 22 (onschendbaarheid, verschoningsrecht), artikel 26 (handhavingorde vergadering),artikel 28 (niet-deelnameaan de stemming), artikel 29 (quorumvoorgeldigestemming),artikel 30 (totstandkomingbesluit),artikel 31 (geheime stembriefjes),artikel 32 (overigestemmingen) en artikel 33 (ambtelijke bijstand ledenvan hetbestuur). Artikel 8
Beslotenvergadering
In eenbeslotenvergaderingvan hetalgemeenbestuurworden geenbesluitengenomen over hetbeleidsplan,de begroting (wijziging),de jaarrekening en het liquidatieplan.
Hoofdstuk3 Het dagelijks bestuur Artikel9
Samenstellingvan het dagelijksbestuur
1. Het dagelijks bestuurbestaat uit de voorzitteren één ander lid, door en uit hetalgemeen bestuuraan te wijzen. De aldus aangewezen leden van hetdagelijks bestuurmogenniet afkomstigzijn uit dezelfde gemeente. 2. De leden van het dagelijks bestuuroefenen hunfunctieuit met ingangvan de eerste vergaderingvan hetalgemeen bestuurin de nieuwesamenstelling.
3. De leden van hetdagelijks bestuurtreden, onverminderdhet bepaalde in artikel 15 lid 3, af op de dag van aftreden van hetalgemeenbestuur.Ze houdenhunlidmaatschap totdat in hunopvolging is voorzien. 4. De aanwijzing van leden van het dagelijks bestuur ter vervullingvan plaatsen, die openvallen, vindt plaats binnen2 maanden of indien dit niet mogelijkis, zo spoedig mogelijkdaarna. 5. Degenedie ophoudtlid van het algemeenbestuurte zijn, houdt tevensop lid te zijn van hetdagelijks bestuur. Artikel 10 Takenen bevoegdheden van hetdagelijks bestuur 1. De takenvan hetdagelijks bestuurzijn: a. de uitvoering van de Participatiewetinclusiefde invoeringswet, de uitvoering van de Wet Inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werknemers (IOAW) en de Wet Inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte zelfstandigen (IOAZ), de uitvoering van het Besluit bijstandverleningzelfstandigen(Bbz) en bij deze wetten behorendealgemene maatregelen van bestuuren uitvoeringsregelingen. b. de uitvoering van de Wet inburgering 2021. c. de uitvoering van andere door eenof meerdeelnemendegemeenten aan de dienst opgedragen taken binnenhetsociaal domein. d.
het verlenenvan dienstenbinnenhet sociaal domein aan gemeenten buitenhet onder artikel 3 lid 2 genoemderechtsgebieddan wel aan andere organisatiesdan gemeenten ongeacht hunplaats van vestiging,met dien verstandedat hetalgemeen bestuurhiermeedient in te stemmen. De dienstenworden verleend tegeneen voorafovereengekomen prijs. VerschuldigdeBTW wordt apart in rekening gebracht. 2. Aan het dagelijks bestuurvan de dienst worden bij deze regelingalle bevoegdheden overgedragen, die nodig zijn voorde uitvoering van de in lid 1 onder a en b van dit artikel genoemde taken. 3. De vaststellingvan nadere regelsop grondvan de verordeningen is de bevoegdheid van de afzonderlijkeColleges,tenzijdeze bevoegdheidis gedelegeerdaan het dagelijks bestuur. 4. Voorts heefthet dagelijks bestuur,onverminderdhet bepaalde in artikel 33 b van de Wet gemeenschappelijke regelingen, de volgendetaken en bevoegdheden: a. hetvertegenwoordigen van de dienst binnenregionaalbestuurlijkoverleg. b. het behartigen van de belangenvan de dienst bij andere overheden,instellingen, bedrijven of personen, waarmeecontactvoorde dienst van belangis. c. hethoudenvan toezichtop hetfunctioneren van de dienst. Artikel 11
Werkwijze
1. Het dagelijks bestuurvergadert zo dikwijls als de voorzitterof een ander lid van het dagelijks bestuurdit nodig acht, zulks onder opgavevan redenen.De vergaderingvindt plaats binnentweewekennadat hetverzoekis ingekomen.
2. Het dagelijks bestuurkan zijn werkzaamhedenverdelenoverzijn leden. Het dagelijks bestuurdeelt zijn besluitendaarover meeaan hetalgemeen bestuur. 3. Het dagelijks bestuurkan eenreglement van orde voorzijn vergaderingen vaststellen,dat aan hetalgemeen bestuurter kennisneming wordt overgelegd. Artikel 12
kaders
1. De uitvoering van de in artikel 10, lid 1 ondera en b genoemde takenis gebonden aan het door de deelnemersingevolge artikel 1 9 vastgesteldebeleidsplan. 2. Deze taken worden zoveel mogelijkuitgevoerdin samenwerkingmet ketenpartners en (overige)organisatiesop hetgebied van werk, scholing,zorgen inkomen.
Hoofdstuk4 De voorzitteren de vicevoorzitter Artikel 13
Aanwijzing, taaken vervanging
1. De voorzitteren de vicevoorzitter wordendoor en uit hetalgemeenbestuuraangewezen. 2. Bij verhinderingof ontstentenisvan de voorzitter wordt deze vervangendoor de vicevoorzitter. 3. De voorzitteris belast met de leiding van de vergaderingen van hetalgemeenbestuuren hetdagelijks bestuur. 4. De voorzittertekentde stukkendie van het algemeenbestuuren het dagelijks bestuur uitgaan. 5. De voorzittervertegenwoordigt de dienst in en buiten rechte. De voorzitter kan de vertegenwoordiging opdragenaan eendoor deze aan te wijzengemachtigde.
Hoofdstuk 5 De directeur Artikel 14
Taken,verantwoordelijkheden en bevoegdheden
1. De bestuursorganen wordenbijgestaandoor eendirecteur,aan wie in hetdagelijks bestuur eenadviserende stem toekomt. 2. De directeurwordt aangenomen, geschorsten ontslagen door hetdagelijks bestuur. 3. Het dagelijks bestuurwijst eenplaatsvervanger voorde directeur aan, die de directeur in gevalvan verhindering of ontstentenis vervangt. 4. De directeurfungeert in hetalgemeen bestuuren hetdagelijks bestuurals secretaris. 5. De directeurondertekent mede alle stukkendie van hetalgemeen en hetdagelijks bestuur uitgaan. 6. De directeuris belast met de dagelijkse leidingvan de dienst. 7. De verantwoordelijkheden en bevoegdheden van de directeur worden vastgelegd in een statuut. Het statuutwordt vastgesteld door hetdagelijks bestuur. 8. Het dagelijks bestuurkomt jaarlijks met de directeur eenbedrijfsplan overeen, waarin de door de dienst te leverenprestatieszijn vastgelegd. 9. De directeuris verantwoording verschuldigd aan hetdagelijks bestuur.
Hoofdstuk6 Informatie,verantwoording enontslag
Artikel 1 5
Intern
1. De leden van hetdagelijks bestuurzijn, tezamenen ieder afzonderlijk, aan het algemeen bestuurverantwoording verschuldigd voorhetdoor hengevoerdebestuur. 2. Zij geventezamen, dan wel afzonderlijk, gevraagd of ongevraagd,aan het algemeen bestuuralle informatiedie vooreenjuistebeoordeling van hetdoor hetdagelijks bestuur te voerenen gevoerdebestuurnodig is. 3. Een lid van hetdagelijks bestuurkan door hetalgemeen bestuurworden ontslagen, als dit lid nietmeerhetvertrouwen van het algemeen bestuurbezit. 4. De leden 1 en 2 zijn van overeenkomstige toepassing op de voorzittervoorhet door hem gevoerdebestuur. Artikel 16
Extern door het algemeenen dagelijksbestuur
Het algemeenen het dagelijks bestuurgevenaan de raden van de gemeenten gevraagd en ongevraagdalle informatie,die vooreenjuistebeoordeling van hetdoor hetbestuurgevoerde ente voerenbestuurnodig is. Artikel 1 7
Externdoor individueleledenvan het algemeenbestuur.
1. Een lid van het algemeenbestuurverschaft de raad, waarbinnendit lid zitting heeft,alle inlichtingen die door de raad of door eenof meer leden van de raad worden verlangd en wel op de in het reglement van orde voorde vergaderingen van de desbetreffenderaad aangegeven wijze. 2. Een lid van het algemeenbestuur is aan de raad waarbinnendit lid zitting heeft verantwoording verschuldigdvoorhetdoor hem in dat bestuurgevoerdebeleid enwel op de in het reglementvan orde voor de vergaderingenvan de desbetreffende raad aangegeven wijze. 3. Een lid van hetalgemeenbestuurkan door de raad waarbinnendit lid zitting heeftuit het algemeenbestuurworden ontslagen, indien dit lid niet meer hetvertrouwen van de raad bezit.
Hoofdstuk7 Het personeel Artikel 18 Personeel
Op het personeel is van toepassingde cao Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties(cao SGO). Het dagelijks bestuurbeslist overde toepassing van arbeidsvoorwaardendie buitende kaders van de cao SGO vallen.
Hoofdstuk8 Het beleidsplanenhetjaarverslag Artikel 19
Het beleidsplan
1. Het dagelijks bestuur bereidt tenminsteeenmaal per 4 jaren (gelijklopendmet de zittingsperiode van de gemeenteraad) vóór1 novembereenmeerjarenbeleidsplan vooren legt dit ter goedkeuring en vaststellingvoor aan de raden van de deelnemers.In het beleidsplanstaat welk beleid voorde deelnemerswordt uitgevoerd.
2. Het dagelijks bestuurstelt op basis van het meerjarenbeleidsplanjaarlijks hetbedrijfsplan voorde dienst op. 3. Als de raad van eendeelnemerten aanzienvan eenbepaald onderwerpeeneigenbeleid wenst uit te voeren,dat afwijkt van het gemeenschappelijk beleid, wordt ook het afwijkende beleidsstandpuntvan deze deelnemerin hetbedrijfsplanopgenomen en door de dienst uitgevoerd.Voorde financiëlegevolgen hiervanis artikel 22, lid 3, onder b, van toepassing. 4. Op basis van hetmeerjarenbeleidsplan wordt jaarlijks eenprogrammabegroting opgesteld, waarin de activiteitenvoorelkjaar wordenaangegeven met de vermeldingvan de daarvoor benodigdefinanciëleen personele middelen. 5. Het dagelijks bestuurstelt jaarlijks eenjaarverslag op. Het jaarverslag wordt door het algemeenbestuur vastgesteld en samen met de jaarrekeningaan de raden van de deelnemende gemeenten ter kennisname aangeboden.
Hoofdstuk9 Financiëlebepalingen Artikel20
Financieelen administratief beheer
1. Het algemeen bestuurstelt voorschriften vast voorhetfinanciëleen administratieve beheer van de dienst. Het bepaalde in artikel 212 en 213 van de Gemeentewetis van overeenkomstige toepassing. 2. De door de deelnemeraan de dienst verstrektebudgettenin het kader van de uitvoering van de Participatiewet(inkomensdeel enwerkdeel)en andere fondsenen doeluitkeringen, die door het rijk aan de deelnemerszijn verstrekt, bedoeld voorde uitvoering van de in artikel 6 en 1 0 bedoelde taken,worden door de dienst beheerd.
Artikel21
Begrotingsprocedure
1. Het dagelijks bestuurzendt jaarlijks voor 1 april een, op basis van het in artikel 19 genoemdemeerjarenbeleidsplan opgestelde,ontwerpbegroting van de dienst voor het komendekalenderjaar,vergezeldvan eentoelichting, aan de raden van de deelnemers. 2. De ontwerpbegroting wordt door de deelnemersvooreeniederter inzagegelegden is tegen betalingvan de kostenalgemeen verkrijgbaar. Het bepaalde in artikel 1 90 leden 2 en 3 van de Gemeentewet is van overeenkomstige toepassing. 3. De raden van de deelnemerskunnenbinnen8 wekenna toezending van de ontwerpbegroting hetdagelijks bestuurvan hunzienswijzelaten blijken. Het dagelijks bestuurvoegtde commentaren, waarin de zienswijzevan de raden zijn vervat, bij de ontwerpbegroting, zoals deze aan hetalgemeen bestuurwordt aangeboden. 4. Het algemeenbestuurstelt de begroting vast uiterlijkop 1 juli van hetjaar voorafgaande aan hetjaar waarvoorde begroting moetdienen. 5. Terstond na de vaststellingvan de begroting zendt hetalgemeenbestuurde begroting ter kennisname aan de raden van de deelnemers. 6. Het dagelijks bestuurzendt de begrotingbinnen2 wekenna vaststellingdaarvan, doch uiterlijkvoor 1 5 juli, aan Gedeputeerde Staten.
7. De in dit artikel genoemdeprocedure,met uitzondering van de daarin genoemdedata, is van overeenkomstige toepassing opde besluitentot wijzigingvan de begroting. Artikel22
Bijdragenvan de deelnemers
1. In de begroting staat welke bijdrage elkedeelnemerverschuldigd is voorde uitvoering van de aan de dienst opgedragentaken. De vergoedingvoor geleverdediensten van de deelnemersaan de dienst, die in mindering kan worden gebrachtop de verschuldigde bijdrage, wordt separaatzichtbaar gemaaktin de begroting. 2. De bijdrage per deelnemerin de begrotingbestaat uit directe en indirecte aan de deelnemerstoete rekenen kosten. 3. De direct aan eendeelnemertoe te rekenenkostenbetreffende kosten,die rechtstreeks ten behoeve van deze deelnemerzijn gemaakt. Dit betreft: a. programmakosten waaronderwordt verstaan alle kostendie direct voortvloeien uit de toepassing van beleid en regelgeving in de uitvoering van de in artikel 6 en 1 0, lid 1 ondera en b genoemde taken onderaftrek van de daarvoor ontvangen ontvangsten. b. alle extra kostenvan de dienst, die worden veroorzaaktdoor gemeentelijk beleid als bedoeld in artikel 1 9 lid 3, dat afwijkt van hetalgemene beleid. 4. De indirect aan een deelnemertoe te rekenenkosten betreffende kosten, die niet rechtstreeksten behoevevan deze deelnemer zijn gemaakt, en die derhalve slechts via eenverdeelsleutel zijn toete rekenen aan de betreffendedeelnemer. Dit betreft: a. apparaatskosten waarondersalarislasten, overigepersonele lasten, etc. b. beheerskosten, waaronderorganisatielasten, huisvestingslasten, etc. 5.
De toete passenverdeelsleutel zal jaarlijks worden opgenomen in de ontwerpbegroting. 6. Een eventuele tussentijdseonder- of overschrijdingvan de begroting op de in lid 3 en 4 genoemde kosten,wordt door de dienst opovereenkomstige wijze als bedoeld in lid 5 van dit artikel verrekendmet de deelnemer. 7. Direct na ontvangstdoor de deelnemersvan de betalingen van hetrijk voorde kostenzoals bedoeld in lid 3 en 4 worden de budgettendoor de gemeente aan de dienst overgemaakt. 8. Kennelijkeonbillijkhedendie uit de toepassingvan dit artikel voortvloeien worden ter beslissingvoorgelegd aan hetdagelijks bestuur. 9. Over wijzigingenmet betrekkingtot de wijze waarop verrekening met de deelnemers plaatsvindt, beslist hetalgemeenbestuur. Artikel 23
Voortgangsrapportages
1. Het dagelijks bestuur legt tweemaal per jaar middels een bestuursrapportage verantwoordingaf aan hetalgemeenbestuuroverde voortgang en de eindprognose van de in de programmabegroting opgenomen beleidsdoelstellingen, de uitputtingvan de middels de programmabegroting ter beschikkinggestelde budgettenen de overige afspraken, zoals die zijn vastgelegd in het in de artikelen 14 en 19, lid 2, genoemde bedrijfsplan. 2. Het dagelijks bestuurzendt deze bestuursrapportage zo snel mogelijkna vaststellingaan hetalgemeen bestuur,ondergelijktijdigetoezending aan de raden van de deelnemers. 3. De raden van de deelnemerskunnenbinnen8 wekennadat de bestuursrapportage henis toegezonden daartegenschriftelijkbij hetalgemeen bestuurbezwaar indienen.
Artikel24
De jaarrekening
1. Het dagelijks bestuur biedt de jaarrekeningover het afgelopen kalenderjaar met alle bijbehorende bescheidenjaarlijks voor1 april ter voorlopige vaststellingaan hetalgemeen bestuuraan, ondergelijktijdigetoezendingaan de raden van de deelnemers.De rekening moet zijn vergezeld van een verslag van het onderzoeknaar de getrouwheiden de rechtmatigheidvan de jaarrekening ingestelddoor de overeenkomstig artikel 213van de gemeentewet aangewezen deskundigenen van hetgeen het dagelijks bestuurvoor zijn verantwoordingstaak verder dienstig acht. 2. In de rekening wordt voor elk van de deelnemers overeenkomstigde toerekeningsmethodiek zoals verwoord in artikel 22, leden 5 en 6, hetbedrag opgenomen dat voorrekening van de desbetreffendedeelnemerkomt. De vergoeding voordienstendie de deelnemeraan de dienst heeftgeleverdwordt hierbij separaatzichtbaar gemaakt. 3. Na afloopvan elk kalenderjaaren uiterlijk4 wekenna de vaststellingvan de jaarrekening van de dienst vindt tussende dienst en de deelnemerseendefinitieveafrekeningplaats overeenkomstig de in artikel 22 vastgelegdeafspraken. 4. De raden van de deelnemerskunnenbinnen8 wekennadat de rekeningovereenkomstig lid 1 van dit artikel is toegezonden, daartegenbij hetalgemeen bestuurbezwaar indienen. 5.
Het algemeenbestuuronderzoektde rekening en stelt haar vast uiterlijkop 1 juli van het jaar volgendop hetjaar, waaropde rekeningbetrekkingheeft.Het algemeenbestuurdoet de raden van de deelnemersmededelingvan de vaststelling. 6. Vaststellingvan de rekeningstrekt hetdagelijks bestuurtot dechargebehoudenslater in rechtegebleken valsheid in geschrifteof andereonregelmatigheden. 7. De rekening wordt binnen2 wekenna de afrekening, doch uiterlijkvoor1 5 juli van hetjaar volgend op het jaar waarop de rekeningbetrekkingheeft aan GedeputeerdeStaten verzonden. Artikel 25
Liquiditeit
De deelnemerszullener steeds zorg voordragen dat de dienst te allen tijde overvoldoende middelen beschiktom aan zijn verplichtingen jegensderden te kunnen voldoen. Artikel 26
Medewerkinggemeenten
1. De deelnemersverlenenhun medewerkingaan de uitvoeringvan de besluitendie het bestuurvan de dienst neemtbinnende aan het bestuurtoegekende bevoegdheden. 2. Als de deelnemer,naar het oordeelvan het bestuurde in lid 1 van dit artikel bedoelde medewerkingnietof in onvoldoendemate verleent,kan het bestuurnamensof ten laste van de deelnemereenbesluituitvoeren of laten uitvoeren. Alvorensdaartoe overte gaanstelt hetbestuurde betrokkendeelnemerdaarvan in kennis.
Hoofdstuk10 Het archiefen privacy Artikel 27
Archief
1. Het dagelijks bestuuris belast met de zorgvoorde archiefbescheiden van de organen van hetopenbaarlichaam, overeenkomstig eendoor hetalgemeen bestuur,met inachtneming
van artikel 40 van de Archiefwet1 995 vast te stellenregeling (Archiefverordening), die aan gedeputeerde staten moetworden medegedeeld. 2. Het dagelijks bestuuris tevensbelast met de zorg voorde archiefbescheiden die worden gevormd krachtensde aan hetsamenwerkingsverband gedelegeerde taken. 3. De zorg voorde archiefbescheiden die ontstaanuit hoofdevan de door de deelnemersof gemandateerdebevoegdheden berustbij deze overheden. andere overheidsorganisaties 4. Bij opheffingvan de gemeenschappelijke regeling wordt ten aanzien van de archiefbescheiden een voorziening getroffenconformartikel 4 lid 1 van de Archiefwet 1 995. 5. Voorde bewaringvan de opgrondvan artikel 1 2, lid 1 enartikel 1 3 van de Archiefwet1 995 overte brengenarchiefbescheiden van de in deze regeling genoemdebestuursorganen is aangewezen de archiefbewaarplaatsvan de gemeente Brunssum. 6. De directeur is belast met het beheervan de archiefbescheiden,voor zover deze archiefbescheiden nietzijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats. 7. De door het dagelijks bestuuraangewezen archivaris is belast met het toezichtop het beheervan de archiefbescheiden, voorzoverdeze archiefbescheiden nietzijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats. 8.
Met hettoezichtop het beheervan de archiefbescheiden die ontstaanuit hoofdevan een door een overheidsorganisatie gemandateerdebevoegdheidis belast de archivaris van de desbetreffendeoverheidsorganisatie. Artikel 27a
Privacyen informatiebeveiliging
1. De dienst wordt voor de uitvoeringvan de overgedragentaken en bevoegdheden aangemerktals zelfstandig verwerkingsverantwoordelijke in de zin van artikel 4 onder 7 van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (hierna:AVG). 2. Het dagelijks bestuuris belast met de zorgvoorhettoezichtopeencorrectenalevingvan de AVG en rapporteert desgewenstdaarover aan de gemeentebesturen. 3. Het dagelijks bestuuris belast met de zorg voor het implementeren van de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO). 4. De bepalingen van de Suwinet-wetgeving en hetmeestactueleSuwinet-normenkader voor afnemerszijn onverkortvan toepassing opde dienst. 5. De dienst verstrekt in het kader van de Eenduidige Normatiek SingleInformationAudit (ENSIA) eenjaarlijkse verantwoording,over het gebruik, beheeren de beveiligingvan Suwinet,aan de besturenvan de deelnemers.De jaarlijkse verantwoordinggeschiedtaan de hand van eenTPM-verklaringdie door eenonafhankelijke auditor is goedgekeurd.Het bestuurvan de deelnemerswordt uiterlijkop 31 januarivan hetvolgendekalenderjaarop de hoogtegebracht van de verantwoordingover het voorgaande kalenderjaar. De deelnemerheeftde jaarlijkse verantwoordingnodig om zich zowel horizontaal(aan de gemeenteraad)als verticaal (aan het MinisterieBinnenlandseZaken en Koninkrijkrelaties) te kunnen verantwoorden overhetgebruikvan Suwinet.
Hoofdstuk11 Toetreding,wijzigingen opheffing
Artikel 28
Toetreding
1. De raad en het Collegevan burgemeester en wethoudersvan eennieuwegemeente, die wensttoete treden, richt hetverzoekter zake aan hetalgemeen bestuur. 2. Het algemeen bestuurzendt hetverzoekals bedoeld in lid 1 binnen1 2 wekendoor aan de besturenvan de deelnemersonderoverlegging van zijn advies omtrentde toetredingen eventueel daaraan te verbindenvoorwaarden. 3. Toetredingvindt plaats indien de raden en de Collegesvan burgemeester en wethouders van de deelnemersdaarmee instemmen. Artikel29
Wijziging
De regeling wordt gewijzigd door eeneensluidendbesluitvan de raden en de Collegesvan burgemeester enwethoudersvan de deelnemers.
Artikel 30
Opheffing eri liquidatie
1. De regeling wordt opverzoekvan de raad en hetcollegevan eendeelnemeropgeheven. 2. In geval van opheffing van de regelingen daardoor uiteindelijkde ontbindingvan het openbaarlichaam ISD BOL wordt door hetalgemeen bestuur,de raden en de collegesvan burgemeester en wethoudersgehoordhebbende,een liquidatieplanvastgesteld. In het liquidatieplankan van de bepalingen van de regeling wordenafgeweken. 3. Het liquidatieplanvoorziet in de verplichtingvan de deelnemersom alle rechtenen verplichtingen van de dienst te verdelenop eenin hetplante bepalenwijze. 4. Het liquidatieplanvoorzietin de gevolgen die de opheffing heeftvoorhet personeel. 5. Het liquidatieplanvoorzietin de gevolgen die de opheffing heeftvoorhetarchief. 6. Het dagelijks bestuuris belast met de uitvoering van de liquidatie. 7. De organen van de gemeenschappelijke regelingblijven ook na hettijdstip van opheffing in functietotdat de liquidatie is voltooid. Artikel 31
Bekendmaking en inwerkingtredentoetreding,wijziging en opheffing
1. De deelnemersmaken de besluitentot het wijzigenof opheffen van de regelingin hun eigen gemeenten bekend op de wijze als bedoeld in artikel 3:42 Algemenewet bestuursrecht. De gemeente die toetreedttot de regelingmaakt hetbesluittot toetreding in de eigengemeente bekend op de wijze zoals in bedoeld in artikel 3:42Algemene wet bestuursrecht. 2. Het bestuurvan de gemeente, waar de dienst is gevestigdmaakt de besluitentot wijziging, opheffing, alsmede besluitentot toetredingtijdig in alle deelnemende gemeenten bekend door kennisgeving van de inhouddaarvan in het door dat gemeentebestuur uitgegeven gemeenteblad. 3. Een besluittot toetreding,wijzigingof opheffing treedt niet eerder in werkingdan nadat hetdoor alle gemeenten opde voorgeschreven wijze is bekendgemaakt.
Hoofdstuk 1 2 Slotbepalingen
Artikel 32
Duur vande regeling
De regeling is aangegaan vooronbepaaldetijd. Artikel 33
Titel
Deze regeling kan wordenaangehaaldals gemeenschappelijke regeling van ISD BOL.
Aldus beslotendoor:
2ï-4.2oZl
De raad van de gemeente Brunssum,in zijn o
Het collegevan burgemeester enwethoudersvan ae gemeerue brunssum,in zijn vergadering van ......................................
Secretaris
De raad van de gemeente Landgraaf, in zijn openbare vergaderingvan
Griffier
Voorzitter
Het collegevan burgemeester en wethoudersvan de gemeente Landgraaf, in zijn vergaderingvan ............................
Voorzitter
Secretaris