Jaarverslag 2020
Tekst van het document
Jaarverslag integrale veiligheid 2020
Afdeling Bestuurszaken, team Veiligheid, Toezicht & Handhaving Mei 2021 1
Leeswijzer: Dit Jaarverslag Integrale Veiligheid geeft een korte terugblik op de activiteiten die we in 2020 hebben ontplooid op het gebied van Integrale Veiligheid. U leest eerst, per taakveld, een terugblik, om vervolgens nog enkele stukken als bijlage aan te treffen die u een cijfermatig overzicht geven van de verrichte inspanningen
Inhoudsopgave ; Pagina 1
Voorblad / Titelpagina
Pagina 2
Leeswijzer & inhoudsopgave
Pagina 3
Inleiding
Pagina 4
Samenvatting
Pagina 5
Taakveld Crisisbeheersing en Brandweer
Pagina 6 t/m 8
Taakveld Openbare Orde en Veiligheid
Pagina 9
Bijlage 1 Veiligheidscijfers/indicatoren Kadernota Integrale Veiligheid SVBBL 2020-2023
Pagina 10 t/m 14
Bijlage 2 Thema ondermijning
Pagina 15 t/m 22
Bijlage 3 Aanpak Jeugdoverlast
Inleiding 2
In de kadernota Integrale Veiligheid SVBBL 2020-2023 is vastgelegd welk beleid Brunssum in samenwerking met de andere gemeente van de politie basiseenheid (Simpelveld, Voerendaal, Beekdaelen Laadgraaf) wil voeren op het gebied van integrale veiligheid: wat de ambities zijn, de doelstellingen en strategische uitgangspunten. En omdat nu eenmaal niet alle problemen gelijktijdig en met dezelfde intensiteit kunnen worden aangepakt, heeft de raad een aantal prioriteiten benoemd, die met voorrang worden opgepakt of waarvan de bestaande aanpak wordt geïntensiveerd. De focuspunten zijn: Veilige woon- en leefomgeving met daarbinnen de onderwerpen: woonoverlast, overlast van personen met verward gedrag, jeugdoverlast, drugsoverlast, toezicht in de openbare ruimte/ samenwerking BOA’s en wijkagenten alsmede de High Impact Crimes (HIC), zaken zoals woninginbraken en overvallen. Ondermijnende criminaliteit en bestuurlijke weerbaarheid. Onze ambities met het oog op een veilige woon- en leefomgeving zijn: 1. De High Impact Crime cijfers nemen niet meer toe, overlast blijft zo veel mogelijk beperkt. 2. Behoud en waar mogelijk verbetering van de kwaliteit van de woonomgeving; verloedering in de wijk en brengen we terug. 3. Onze inwoners ervaren, dat we de problematiek rondom leefbaarheid en veiligheid in hun wijk serieus nemen en voelen zich minder onveilig. 4.
Onze burgers zijn meer betrokken bij hun buren en hun buurt en voelen ook een verantwoordelijkheid daarvoor. Onze ambities voor de aanpak van ondermijning zijn: 1. We zijn een minder aantrekkelijke omgeving voor georganiseerde criminaliteit. 2. We hebben meer inzicht in en grip op de georganiseerde criminaliteit en op de ondermijnende invloed daarvan op de lokale samenleving. 3. We geven optimaal invulling aan de eisen voor bestuurlijk en ambtelijke weerbaarheid, dat wil zeggen: - Er is sprake van een veilige werkomgeving; er wordt integer gehandeld. - We beschikken over een goede en veilige informatiehuishouding - We beschikken over een goede informatiepositie - We hebben de aanpak en de inrichting van de organisatie van de Bestuurlijke aanpak op orde. Over de uitvoering van het beleid wordt in dit stuk verslag gedaan. Daarbij maken we o.a. ook gebruik van informatie van politie (cijfers) en uit gemeentelijk meldpunt. De cijfers geven een indicatie (ze zijn niet absoluut) van de ontwikkelingen in leefbaarheid en veiligheid. Partners Natuurlijk hebben we als gemeente veel professionele partners met wie we samenwerken om onze beleidsdoelstellingen te realiseren. Onze belangrijkste partners zijn politie, CMWW, woningcorporaties en brandweer.
Daarnaast werken we samen met en binnen het Regionaal Informatie en Expertisecentrum (Riec) (criminaliteit), het Veiligheidshuis (zorg en veiligheid) en de Veiligheidsregio Zuid-Limburg (rampenbestrijding en crisisbeheersing). Met deze en andere partners hebben we afgelopen jaar samen gewerkt voor een veilig Brunssum.
3
Samenvatting Het jaar 2020 was een bijzonder jaar. De coronapandemie heeft (grote) impact gehad op de veiligheid in Brunssum en op de uitvoering van onze veiligheidstaken. Toen duidelijk werd dat het om een (wereldwijde) pandemie ging en een gemeentegrensoverschrijdende en gecoördineerde aanpak noodzakelijk bleek, is binnen de crisisorganisatie van de Veiligheidsregio Zuid-Limburg opgeschaald naar grip 4. Hiermee kreeg de voorzitter van de Veiligheidsregio taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden, die normaal gesproken bij de gemeenten/burgemeesters liggen. De crisisorganisatie van de Veiligheidsregio heeft afgelopen jaar, in nauw overleg met de burgemeesters van de 16 gemeenten en in samenwerking met de gemeentelijke organisaties, uitvoering en invulling gegeven aan de vele regelingen en aanwijzingen die volgden uit rijksbeleid. Met de inwerkingtreding van de nieuwe Wet tijdelijke maatregelen COVID-19 zijn de bevoegdheden van de voorzitter van de Veiligheidsregio weer teruggekomen bij de burgemeester, maar de Zuid- Limburgse burgemeesters hebben afgesproken met elkaar te blijven afstemmen. Ook in 2021 blijven we binnen de crisis(overleg)structuur van de Veiligheidsregio opereren, zo lang dat nodig is. De pandemie heeft gevolgen gehad voor de criminaliteit. Positief is, dat het aantal woninginbraken en overvallen aanmerkelijk is gedaald.
De cybercriminaliteit daarentegen is toegenomen. Dat is de reden waarom we samen met een aantal andere gemeenten in Zuid-Limburg onderzoeken, hoe we als gemeenten de aanpak van deze vorm van criminaliteit kunnen versterken. Daarbij realiseren we ons dat dit vooral op het gebied van voorlichting en preventie zal zijn. De verwachting, dat door de coronapandemie overlast en burenruzie sterk zouden stijgen, is niet bewaarheid. Jeugdoverlast heeft wel tot extra maatregelen genoopt. Om hierop grip te krijgen, heeft de burgemeester in het laatste kwartaal van 2020 voor een periode van 3 maanden aan 2 personen een gebiedsverbod opgelegd voor het centrum en daarnaast voor datzelfde gebied een algemeen samenscholingsverbod afgekondigd. Het tweede focuspunt van beleid is de ondermijning. Met de gemeenten van SVBBL (Simpelveld, Voerendaal, Beekdaelen, Brunssum, Landgraaf) hebben we een gezamenlijke ondermijningstafel ingericht om de aanpak van dit soort criminaliteit af te stemmen en te versterken. Het door het RIEC in 2020 opgeleverde ondermijningsbeeld vormt hiervoor een goede onderlegger. In de Integrale Ondermijningsbeelden van de SVBBL-gemeenten zijn twee thema’s het meest naar voren gekomen, te weten drugs en witwassen. In het bijzonder daarop richten we een gezamenlijke aanpak.
4
Taakveld: Crisisbeheersing en brandweer (XT-11) Wat wilden we bereiken en wat hebben we daarvoor gedaan? Doel: Wat wilden we bereiken Brandweerzorg en rampenbestrijding/crisisbeheersing zijn op een adequaat niveau. Risico's zijn beheersbaar door preventie, en pro-actie; de gevolgen van incidenten zijn zo beperkt mogelijk door een goede voorbereiding, repressie en nazorg. Resultaat: Wat hebben we daarvoor gedaan Met de andere 15 gemeenten, die zijn aangesloten bij de Veiligheidsregio Zuid-Limburg, sturen we op een adequate organisatie van de rampenbestrijding/crisisbeheersing en brandweerzorg. Met een extra financiële injectie in 2020 is de brandweer op orde met het oog op nieuwe ontwikkelingen en is een goede uitgangspositie geschapen voor een uitgebreide discussie met gemeenten en gemeenteraden over de brandweerzorg van de toekomst. Terugblik De crisisbeheersing heeft in het teken gestaan van de aanpak van de coronapandemie. Met een grip 4 aanpak hebben de crisisorganisatie van de Veiligheidsregio en gemeenten onder bestuurlijke leiding van de voorzitter van de Veiligheidsregio, de burgemeester van Maastricht, uitvoering gegeven aan de door het rijk genomen/opgelegde maatregelen. Alle gemeenten van de Veiligheidsregio hebben ingestemd met de financiële injectie van de brandweer, die nodig was om de organisatie op orde te brengen.
De discussie over de toekomst van de brandweerzorg in Zuid-Limburg zullen we in 2021 voeren. Doel: Wat wilden we bereiken Bestuurders en ambtenaren zijn in staat hun rol bij een ramp of crises adequaat in te vullen. (Bevolkingszorg). Resultaat: Wat hebben er daarvoor gedaan Bevolkingszorg is op een adequaat niveau door het opleiden, trainen en oefenen van bestuurders en ambtelijke organisatie. Terugblik Alle collegeleden, maar ook de daartoe aangewezen functionarissen, zijn opgeleid en getraind om hun rol in de rampenbestrijding adequaat te kunnen vervullen. In 2021 starten we met een nieuw meerjarig opleidingsprogramma.
5
Taakveld: Openbare orde en veiligheid (XT-12) Wat wilden we bereiken en wat hebben we daarvoor gedaan? Doel: Wat wilden we bereiken Overlast en criminaliteit zijn zo veel mogelijk beperkt en teruggedrongen. De cijfers van High Impact Crime blijven dalen en het aantal meldingen van overlast neemt af. Resultaat; Wat hebben we daarvoor gedaan We signaleren (potentiële) problemen tijdig, proberen ze zoveel mogelijk te voorkomen of pakken ze in een zodanig vroeg stadium aan dat erger wordt voorkomen. Maar als repressie noodzakelijk is, pakken we door. Terugblik We monitoren structureel aan de hand van politiecijfers, meldingen in ons klachtenmeldpunt en overige signalen ontwikkelingen op het gebied van veiligheid en leefbaarheid. De coronamaatregelen hebben een positief effect gehad op de high impact crime cijfers. Het aantal woninginbraken en overvallen is aanmerkelijk gedaald. Cybercriminaliteit daarentegen is toegenomen. Dat is de reden waarom we samen met een aantal andere gemeenten in Zuid-Limburg onderzoeken, hoe we als gemeenten de aanpak van deze vorm van criminaliteit kunnen versterken, waarbij we ons realiseren dat onze rol niet verder reikt dan op het gebied van voorlichting en preventie. De verwachting dat door de coronapandemie overlast en burenruzie sterk zou stijgen, is niet bewaarheid.
Als wij, of één van onze (keten)partners dit soort situaties signaleren, dan schakelen we veelal een buurtbemiddelaar (van het CMWW) in, waarmee we ernstiger problematiek veelal voorkomen. Wel zijn we geconfronteerd met hardnekkige jeugdoverlast. Om daar grip op te krijgen, zijn er voor het centrum een gebiedsverbod en een samenscholingsverbod uitgevaardigd. We werken samen met externe partners en benaderen problematiek vanuit een gedeelde visie op veiligheid, zorg en ruimtelijke kwaliteit. In de aanpak van personen die structureel overlast geven, waaronder verwarde personen, maken we zo effectief mogelijk gebruik van het bestaande en nieuwe juridische instrumentarium. Indien noodzakelijk en mogelijk passen we artikel 2:78 uit de APV toe (overlastartikel) of de nieuwe Wet verplichte Geestelijke Gezondheidszorg, die per 1 januari 2020 in werking treedt. Afgelopen jaar hebben we de Wvggz geïmplementeerd. In een beperkt aantal gevallen hebben we gebruik gemaakt van deze wet. Slechts In 2 gevallen is uiteindelijk een zorgmachtiging opgelegd (verplichte zorg). Het aantal crisismaatregelen is beperkt gebleven tot 3. Door een goede samenwerking binnen de ambtelijke organisatie alsook door steeds meer “outreachend” te werken, kunnen we escalatie van problematiek beter voorkomen.
6
Doel: Wat wilden we bereiken Behouden en waar mogelijk verbeteren van de kwaliteit van de woonomgeving en het terugdringen van verloedering. Resultaat: Wat hebben we daarvoor gedaan Toezicht en handhaving door gemeentelijk blauw wordt versterkt. Terugblik In 2020 is de groep Boa’s uitgebreid van 2 naar 4 personen. En het team wijkagenten is op volle sterkte gekomen. Aan de twee camera’s, die we al hadden, is een derde toegevoegd. Deze derde camera is in het centrum geplaatst. Terugblik We hebben, ondanks de beperkingen ten gevolge van Covid-19, de bestaande aanpak zo goed als mogelijk voortgezet. Zodra daar meer ruimte voor is, zullen we de interactieve totstandkoming van wijkveiligheidsplannen oppakken. Elk huishouden heeft afgelopen jaar een Veiligheidskaart in de brievenbus gekregen. Verder hebben we alle ondernemers opgeroepen om deel te nemen aan het politieprogramma “camera in beeld”. Een nieuwe campagne voor het promoten van Burgernet is daarnaast in voorbereiding. Doel: Wat wilden we bereiken Voorkomen en terugdringen van structurele jeugdoverlast. Resultaat: Wat hebben we daarvoor gedaan Aanpak van jeugdoverlast gebeurt zowel persoonsgericht als groepsgericht. Terugblik Sinds augustus 2020 zijn er straatcoaches binnen onze gemeente actief. Zij vormen een verbindende schakel tussen jongeren en gemeente/politie.
Zij praten met de jongeren, halen info op en proberen op die manier bruggen te slaan. Evaluatie heeft aangetoond dat ze een missend puzzelstukje zijn in het reeds aanwezige jongerenwerk en derhalve is de tijdelijke inhuur van deze straatcoaches verlengd. Naar aanleiding van een tweetal incidenten én de daarmee samenhangende aanwezigheid van grote(re) groepen jongeren in het centrum heeft de burgemeester van medio oktober 2020 t/m medio januari 2021 aan twee plegers van incidenten een gebiedsverbod opgelegd en daarnaast een samenscholingsverbod uitgevaardigd voor het centrum. Samen met jongeren, ouders, gemeente én wijkteam wordt er gezocht naar een nieuw in te richten JOP (Jongeren Ontmoetings Plek) in Brunssum-west. Indien er sprake is van criminaliteit hanteren we een integrale aanpak onder regie van het Veiligheidshuis. In 2020 is er geen sprake geweest van criminele jeugdgroepen/jeugdigen, waardoor we niet hebben hoeven opschalen naar een zware aanpak binnen het Veiligheidshuis. Voor de jongeren die zijn betrokken bij het plegen van overlast of anderszins ongewenste (illegale) gedragingen laten zien, worden binnen het JPP (Jeugd Preventie Programma) afspraken gemaakt over een integrale aanpak. Deelnemers in het JPP zijn de gemeente, het CMWW, Alcander, de politie en het Veiligheidshuis.
7
Doel: Wat wilden we bereiken Brunssum nog onaantrekkelijker maken voor georganiseerde/ondermijnende criminaliteit. Resultaat: Wat hebben we daarvoor gedaan We hebben meer inzicht in en grip op de georganiseerde criminaliteit en de ondermijnende invloed daarvan op de lokale samenleving. We hebben meer inzicht in en grip op de georganiseerde criminaliteit en de ondermijnende invloed daarvan op de lokale samenleving. We geven optimaal invulling aan de eisen voor bestuurlijke weerbaarheid: - er is sprake van een veilige werkomgeving en er wordt integer gehandeld - we beschikken over een goede en veilige informatiehuishouding - we hebben de aanpak en de inrichting van de organisatie van de bestuurlijke aanpak op orde. We voeren het plan van aanpak ondermijning uit, waarin nadrukkelijk aandacht is voor drugsproblematiek en mensenhandel. Indien nodig passen we afdeling 16 van de APV toe, waarmee we de Bibob-toets kunnen uitbreiden naar bepaalde branches van bedrijven of panden. We versterken de aanpak van en bewustwording bij ondernemers ten aanzien van de ondermijnende criminaliteit. (Regio Deal Transformatie Parkstad) Terugblik Het Regionaal Informatie en Expertise Centrum (RIEC) heeft een Integraal Ondermijningsbeeld (IOB) opgeleverd, dat onze informatiepositie en het inzicht in de lokale problematiek vergroot. Het is een belangrijke pijler voor onze aanpak.
Lokaal hebben we al geruime tijd een goed functionerende ondermijningstafel. Door de oplevering van IOB’s (integrale Ondermijningsbeelden) voor alle gemeenten, zijn we in staat geweest om overleg op het niveau van SVBBL (Simpelveld, Voerendaal, Beekdaelen, Brunssum en Landgraaf) in te richten. Daar stemmen we als gemeenten met andere partners, zoals politie en de Belastingdienst, af over de aanpak en samenwerking van diverse vormen van georganiseerde misdaad. Vooruitlopend op de oplevering van het IOB (Integraal Ondermijningsbeeld) hebben we onze pijlen in het bijzonder gericht op de aanpak van drugsproblematiek en mensenhandel. - We hebben het Damoclesbeleid aangescherpt in die zin dat we nu ook tegen de voorbereidende handelingen gericht op productie van hennep kunnen optreden. - Met extra middelen van en onder de vlag van het RIEC voeren we een pilot uit in de aanpak van synthetische drugs. - In het kader van de aanpak van mensenhandel hebben we met enkele andere gemeenten van Zuid-Limburg, de Politie, het Openbaar Ministerie, de Belastingdienst, de Koninklijke Marechaussee, de regionaal ketenregisseur mensenhandel, het RIEC en de zorgcoördinator mensenhandel een aantal integrale handhavingsacties uitgevoerd op illegale thuisprostitutie. Hierbij is vaak sprake van uitbuiting. De aanwijzing van een branche is in voorbereiding.
In het kader van de RegioDeal gaan we enkele KVO-projecten (Keurmerk Veilig Ondernemen) uitvoeren. In 2020 zijn onze voorstellen door de Stuurgroep Regio Deal/Parkstadbestuur goedgekeurd. We zijn met de voorbereidingen voor de uitvoering begonnen.
8
Bijlage 1: Veiligheidscijfers/indicatoren Kadernota Integrale Veiligheid SVBBL 2020-2023 Sociale en fysieke kwaliteit
Brunssum Monitor
2015
2016
2017
2018
2019
2020
Verwarde personen
Politie
74
100
75
150
181
196
Drugs en drankoverlast Drugshandel Burengerucht Waarvan burenruzie Overlast Waardering kwaliteit woonomgeving Verloedering in de buurt
Politie Politie Politie
34 27 136
73 33 224
59 21 236
58 20 228
86 46 204
73
Politie Parkstad
196
280
376 7,5
404
443 7,6
Parkstad
3,5
Vernieling en zaakbeschadiging
Politie
238
186
213
156
147
143
Veiligheidsbeleving
Brunssum Monitor
2015
2016
2017
2018
2019
2020
Sociale cohesie in de buurt Voelt zich weleens onveilig in eigen buurt Voelt zich vaak onveilig in eigen buurt
Parkstad Parkstad
5,9 38
5,8 36
5,9 37
Parkstad
4
5
4
HIC delicten
Brunssum
Diefstal/inbraak woning Diefstal/inbraak box/garage/schuur Straatroof Overval Diefstal van brom-, snor-, fietsen
4,6
4,5
Monitor
2015
2016
2017
2018
2019
2020
Politie Politie
153 92
168 173
118 68
141 47
159 24
55 24
Politie Politie Politie
3 2 193
3 2 153
2 2 77
10 2 73
5 6 36
1 53
99
77
99
142
207
Horizontale fraude
9
Bijlage 2: Thema: ondermijning Aanpak van georganiseerde criminaliteit Gemeenten hebben een belangrijke rol bij de bestrijding van georganiseerde criminaliteit. Gemeenten zijn door de rijksoverheid in de aanpak van georganiseerde criminaliteit aangewezen als coördinator van de bestuurlijke aanpak (CCVb, 2010). Het Handboek Bestuurlijke Aanpak Georganiseerde Criminaliteit geeft de ambitie van de bestuurlijke aanpak als volgt weer: “Een bestuurlijke aanpak biedt enerzijds de mogelijkheid om criminelen en criminele groepen te ontmoedigen zich in de gemeente te vestigen en anderzijds om gevestigde criminelen uit de gemeente te weren. Een adequate aanpak voorkomt dat criminelen of criminele groepen malafide activiteiten ontplooien, bijvoorbeeld door hen aanvragen van vergunningen en subsidies te weigeren. Daarnaast kan ook worden opgetreden tegen situaties waarin blijkt dat vergunningen of subsidies al worden aangewend voor criminele activiteiten. Een inrichting kan voor bepaalde of onbepaalde tijd worden gesloten, er kunnen nadere voorwaarden aan een vergunning worden verbonden of een vergunning kan worden ingetrokken.” (CCV, 2010a).
De bestuurlijke aanpak bestaat uit het zo effectief en efficiënt mogelijk inzetten van de bestuurlijke instrumenten om te voorkomen dat de onder- en bovenwereld zich met elkaar vermengen en dat de (lokale) overheid onbewust meewerkt aan het faciliteren van georganiseerde criminaliteit.1 Bestuurlijke instrumenten kunnen preventief worden ingezet en een bestuurlijke aanpak past bovendien uitstekend binnen situationele criminaliteitsbestrijding.2 De bestuurlijke aanpak van georganiseerde criminaliteit richt zich niet zozeer op de kernactiviteiten van de georganiseerde criminaliteit, maar juist op de cruciale ondersteunende activiteiten zoals de situaties en gelegenheidsstructuren die de georganiseerde criminaliteit faciliteren en soms zelfs aanmoedigen.3 De bestuurlijke aanpak kan alleen effectief zijn wanneer deze onderdeel uitmaakt van een geïntegreerde aanpak, waar in het bijzonder de afstemming met de opsporing van cruciaal belang is.4 Lokaal overleg bestuurlijke aanpak Door Spapens en Fijnaut (2005) wordt gewezen op het vereiste van een actieve rol van het lokaal bestuur bij de aanpak van georganiseerde criminaliteit. Deze actieve rol wordt in de eerste plaats vervuld door het op lokaal niveau verzamelen, bundelen en analyseren van beschikbare informatie.
Doordat gemeenten vergunningen verlenen, belastingen heffen, een gemeentelijk basisregistratie personen bijhouden, brandveiligheid en bouwconstructies controleren, is op gemeentelijk niveau veel informatie voorhanden over personen en onroerend goed.5 Per pand wordt vervolgens informatie verzameld, gebundeld en wordt de openbronneninformatie (Kadaster, Kamer van Koophandel, en dergelijke) gekoppeld. Hierdoor ontstaat een beeld met betrekking tot een bepaald pand. In Limburg is in iedere gemeente een lokaal overleg bestuurlijke aanpak onder leiding van een gemeentelijke coördinator bestuurlijke aanpak. Vast onderdeel van het lokaal overleg is het delen van informatie om te komen tot een gezamenlijk beeld.
Prins, R. (2016). De bestuurlijke aanpak van georganiseerde criminaliteit in Nederland. Hoe het lokale bestuur een partner werd in de gezamenlijke strijd tegen georganiseerde criminaliteit. Cahiers Politiestudies. Jaargang 2016-2, nr. 39, p. 151-165. 2 Holvast, N. en Van der Meij, P. (2011). De problematiek van sfeervervaging bij de bestuurlijk-strafrechtelijke aanpak van mensenhandel in de legale prostitutiesector. Tijdschrift voor Veiligheid (10) 3, p. 3-16. 3 Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid (2010). Handboek bestuurlijke aanpak georganiseerde criminaliteit. Het instrument in de praktijk. Utrecht, p. 7. 4 Huisman, W. (2010). Gemeenten in de strijd tegen de georganiseerde criminaliteit. Tijdschrift voor Veiligheid, 3, p. 57. 5 RIEC Limburg. Jaarverslag 2011. 1
10
Indien hieruit het vermoeden ontstaat van crimineel misbruik wordt de casus doorgeschoven naar één van de specialistische werkgroepen dan wel naar het informatieplein voor de geïntegreerde aanpak.6 Op basis van de verkregen informatie en analyse wordt een interventiestrategie bepaald. Informatieplein Ketenpartners kunnen bij het informatieplein signalen en casuïstiek van georganiseerde criminaliteit inbrengen door het opstellen van een signaaldocument. Indien het signaal niet voldoet aan de gestelde criteria7, wordt aan de ketenpartner – die het signaal heeft ingebracht – gevraagd om het signaaldocument bij te stellen. Vanuit het RIEC-bureau vindt na acceptatie een geïntegreerde informatieverrijking plaats door beschikbare informatie te verzamelen. Bij het informatieplein wordt het signaal door alle ketenpartners bekeken, waarbij de vraag of andere organisaties het signaal herkennen centraal staat. Partners kunnen het signaal verrijken door informatie (bijvoorbeeld belastinginkomsten en antecedenten) toe te voegen. Vervolgens gaat de gevonden informatie terug naar de inbrenger van het signaal, waarbij een quickscan wordt uitgevoerd. Het opstellen van een beslisdocument is hierbij het laatste onderdeel in de informatie veredelingsfase.
Ondermijningstafel SVBBL8 Geaccepteerde signalen van het informatieplein worden vervolgens op de ondermijningstafel SVBBL besproken. Aan deze districtelijke ondermijningstafel bespreken gemeenten, de Belastingdienst, OM, politie en het RIEC signalen en concrete casuïstiek. Daarnaast kan op afroep ook de landelijke partners aanschuiven, zoals KMar, IND, Douane, UWV, FIOD en Inspectie SZW. Zowel aan de ondermijningstafel als in de lokale overleggen wordt informatie gedeeld onder de mantel van het RIEC-convenant.
Integraal ondermijningsbeeld In 2020 heeft het RIEC het integraal ondermijningsbeeld (IOB) opgeleverd. Met dit IOB wordt de driehoek en belastingdienst van de gemeente in positie gebracht om zicht en inzicht te krijgen in problematieken die spelen in de gemeente en op basis daarvan betere keuzes te kunnen maken voor eventuele handelingsperspectieven. Het IOB biedt de best mogelijke 'foto' van de ondermijnende criminaliteit in de gemeente, gebaseerd op het bijeenbrengen van data van gemeente, politie, Belastingdienst en Openbaar Ministerie.
Inspectie Veiligheid en Justitie (2013). Integraal, tenzij… Leidraad om samen het criminele ondernemingsklimaat te verslechteren. Den Haag: Ministerie Veiligheid en Justitie. 7 Voorbeelden van criteria zijn: RIEC-thema, betreft ondermijning, relevantie voor meerdere partners. 8 Simpelveld, Voerendaal, Beekdaelen, Brunssum, Landgraaf 6
11
In onderstaande figuur treft u in een infographic de resultaten aan.
12
13
Ontwikkelingen 2020 Drugscriminaliteit Herziening Damoclesbeleid Projecten Drugsdumpingen Mensenhandel Thuisprostitutie
Mensenhandel Bedrijventerreinen Milieucriminaliteit
Regiodeal: Keurmerk Veilig Ondernemen (KVO)
Voorbereidingshandelingen voor de productie van drugs toegevoegd aan Damoclesbeleid. Op het gebied van hennep en synthetische drugsproductielocaties zijn diverse projecten opgestart. Deelname doorontwikkeling van het Protocol Aanpak Drugsdumpingen. Controles ogv illegale onvergunde thuisprostitutie. Het samenwerkingsverband heeft zich primair ten doel gesteld om een beeld te vormen over de aard en omvang van seksuele uitbuiting in de regio. Werkwijze aanpak mensenhandel regionaal ontwikkeld. Structurele controles worden in integrale flexteamacties opgepakt gezien de problematiek op het gebied van milieucriminaliteit en andere vormen van ondermijning op bedrijventerreinen. De doelstelling van het project is het zichtbaar maken van ondernemers, te weten te komen welke activiteiten er worden ontplooid en het onaantrekkelijk maken (voorkomen) van criminele activiteiten. Opstarten KVO Haefland/Rode Beek. De aanpak helpt publieke en private partijen gezamenlijk afspraken te maken om overlast, criminaliteit en onderhoud aan te pakken.
In de volgende tabel wordt de casuïstiek van 2020 in aantallen weergegeven. Signalen lokaal overleg bestuurlijke aanpak Geaccepteerde signalen informatieplein Ondermijningstafel Bibob-onderzoeken Sluitingen Damoclesbeleid
31 5 5 10 20
14
Bijlage 3: Aanpak Jeugdoverlast Brunssum
1. Inleiding Overlast door Brunssumse jeugd is verdubbeld en stijgt sneller dan in de rest van de provincie (De Limburger, 2020). Drank- en drugsoverlast door Brunssumse jeugd neemt toe (De Limburger, 2020). Stenengooiende jongeren zorgen voor overlast in Brunssum (1Limburger, 2021). Fors meer klachten over jongeren: veel overlast in Parkstad (1Limburger, 2020). Zomaar wat krantenkoppen die de laatste maanden over Brunssum in de krant stonden. Het schetst geen rooskleurig beeld van de situatie omtrent jeugdigen. Het is natuurlijk een gek jaar. Corona heeft de situatie geen goed gedaan. Door de lockdown waren er meer jeugdigen op straat. De scholen en sportaccommodaties zijn lange tijd gesloten geweest. Bewoners zijn meer thuis omdat er moet worden thuisgewerkt. Het is helaas dan ook een landelijke trend. Meerdere gemeenten hebben hun cijfers omtrent jeugdoverlast zien stijgen. In dit verslag wordt omschreven hoe de huidige situatie is m.b.t jeugd, welke rol partners hebben, welke projecten er lopen en wat juridische mogelijkheden zijn. Hiermee wordt duidelijkheid geschept over hoe de aanpak van de jeugd er momenteel in Brunssum uitziet.
2. Soorten jeugdgroepen Jeugdgroepen zijn volgens het CCV – Centrum voor Criminaliteitspreventie & Veiligheid onder te verdelen in een viertal groepen. 1 Aanvaardbare jeugdgroep Het gaat hierbij om jongeren die zich in groepen begeven, maar zich gedragen binnen de normen die de sociale omgeving stelt. Zij veroorzaken weinig hinder of overlast, maar kunnen wel bijdragen aan een verminderd veiligheidsgevoel bij omwonenden. 2 Hinderlijke jeugdgroep Deze groep hangt rond in de buurt, is af en toe luidruchtig en trekt zich niet zoveel aan van de omgeving. Soms loopt het uit de hand, maar de overlast is snel in de kiem te smoren en vaker toeval dan gepland. Incidenteel maken deze jongeren zich schuldig aan vernielingen. Over het algemeen is het een groep die nog voldoende ‘autoriteitsgevoelig’ is en aangesproken kan worden op zijn gedrag. 3 Overlastgevende jeugdgroep Deze groep is meer nadrukkelijk aanwezig. De jongeren treden af en toe provocerend op, vallen omstanders wel eens lastig (uitschelden of intimideren), brengen regelmatig vernielingen aan en trekken zich veel minder aan van andere mensen. Deze ‘lichtere’ vormen van criminaliteit waar ze zich aan schuldig maken, worden doelbewust gepleegd. Ze zijn minder goed te corrigeren. Ze doen er ook meer aan om te zorgen dat ze hiervoor niet gepakt worden.
De jongeren vertonen vaak (beginnende) problemen, bijvoorbeeld met overmatig alcohol- of drugsgebruik. In de eerste twee groepen komen deze zaken wel eens voor, maar in veel mindere mate. Een deel van de overlastgevende groep heeft bovendien te maken met problemen thuis en/of op school, en soms is er zelfs invloed vanuit het criminele circuit.
15
4 Criminele jeugdgroep Deze groep bestaat (in ieder geval gedeeltelijk) uit jongeren die op het criminele pad zijn geraakt. Ze zijn al vaker met de politie in aanraking gekomen. Kenmerkend voor dergelijke groepen is dat ze criminaliteit plegen voor het financiële gewin. De feiten zijn ook ernstiger, ze schrikken bijvoorbeeld niet terug voor het gebruik van geweld.
2.1 Situatie in Brunssum In Brunssum hebben we voornamelijk met de eerste drie groepen te maken die zich op verschillende plekken ophouden. Een aantal jongeren neigt meer naar de criminele kant. Dit mengt zich in verschillende groepen. De overlastlocaties bestaan voornamelijk uit het centrum en Treebeek. In het centrum gaat het voornamelijk om het Lindeplein, Victoriaplein, Kerkstraat en de Schiffelerstraat. In Treebeek gaat het om het Orionplein en de energiecentrale in Treebeek. Veelvoorkomende klachten op deze plekken zijn: • •
Geluidsoverlast: brommers, mobieltjes, geschreeuw en harde muziek. Vervuiling: blikjes, glas en andere rommel worden niet in de prullenbak gedeponeerd en achteraf ook niet opgeruimd. Vernielingen: vernieling van auto’s, speeltoestellen of straatmeubilair. Jongeren die nog tot laat rondhangen op straat: soms tot diep in de nacht zijn ze aanwezig en versperren ze de weg. Omstanders kunnen zich daardoor onveilig of bedreigd voelen en wegblijven. Het oneigenlijk gebruik van bijvoorbeeld een speelplek van kleine kinderen. Agressie en gebrek aan aanspreekbaarheid. De jongeren zijn soms moeilijk op hun gedrag aan te spreken. Afspraken die bijvoorbeeld met de politie zijn gemaakt, worden niet altijd nagekomen. Mensen die kritiek uiten, kunnen de wind van voren krijgen.
• • • •
3. Cijfers In dit hoofdstuk worden de cijfers van zowel politie als uit het melddesk systeem van de gemeente besproken. Uit cijfers van de politie en gemeente blijkt dat er uit het centrum de meeste meldingen komen. Daaropvolgend is Brunssum-West. De cijfers uit 2020 zijn hoger dan de eerdere jaren. Zoals al eerder besproken speelt corona en de lockdown hierin een grote rol. Het is daarom ook lastig om de cijfers goed te kunnen vergelijken met eerdere jaren. Wijk
2020
2019
2018
2017
Wijk Brunssum - West Wijk Brunssum - Noord Wijk Brunssum - Oost Wijk Brunssum - Zuid Wijk Brunssum - Centrum Data politie
95 54 50 19 118
67 21 27 6 52
49 8 43 6 91
75 24 40 8 101
16
Wijk
2020
2019
2018
2017
Wijk Brunssum - West Wijk Brunssum - Noord Wijk Brunssum - Oost Wijk Brunssum - Zuid Wijk Brunssum - Centrum Melddesk gemeente
46 18 18 6 101
13 10 1 2 30
17 4 9 2 39
23 5 6 1 23
4. Rollen partners Elke partner heeft zijn eigen rol in dit proces. In dit hoofdstuk wordt beschreven welke rol die partner heeft en hoe dat aansluit bij de andere partners. Gemeenten Bij de aanpak van jeugdgroepen heeft de gemeente de regierol. Dit houdt in dat zij de coördinatie van de groepen op zich nemen en een aanpak voor jongeren ontwikkelen en uitvoeren. Er zijn twee teams binnen Brunssum die zich voornamelijk met de jeugdoverlast bezig houden. Dit zijn team Veiligheid, Toezicht en Handhaving (VTH) en team Jeugd. De gemeente maakt afspraken met partners waarmee onder andere overlast door jeugd wordt teruggedrongen. De gemeente heeft tevens een regierol in het initiëren van preventieprojecten, zoals buurtpreventieprojecten, wijkpanels, jongerenopvang, sociale voorzieningen waaronder buurthuizen, speelplaatsen en hangplekken. Bij het opzetten van dergelijke plekken worden zowel de jeugdigen als directe buurtbewoners betrokken om te zorgen dat het een breed gedragen plan is. In het kort zijn de taken van de gemeente ten aanzien van overlast van jeugd en jeugdgroepen: • Regiefunctie ten aanzien van de aanpak overlast van jeugd en jeugdgroepen waar het overtredingen van de sociale norm betreft (bij overtreding van de wettelijke norm is de politie de regisseur).
• Interne regiefunctie; eenduidige visie, afstemming tussen alle gemeentelijke afdelingen • Inhoudelijk richten op kansen (netwerken) en financiën. • Voorzieningenbeleid (contact met wijken, regie en partner). • Reageren op klachten vanuit de buurt (sociale normoverschrijding). • Monitoren van de afspraken die de gemeente maakt. Straatcoaches Secutor De straatcoaches worden ingehuurd door de gemeente. Zij werken elke donderdag- t/m zondagavond. Zij zijn voornamelijk een bruggenbouwer tussen de verschillende partners. Zij hebben geen handhavende rol. Zij zoeken contact met de jeugd en proberen hun vertrouwen te winnen. Vanuit die vertrouwensbasis wordt jeugd aangesproken op hun gedrag. Op deze manier kunnen zij de jeugd laagdrempelig bereiken en wijzen op de regels die er gelden. Het gaat vaak om jongeren die op school niet goed meekomen of in kwetsbare thuissituaties zitten. Soms is er alcohol of drugs in het spel en gaat het om jongeren die gevoelig zijn voor de verleidingen van de criminaliteit. De straatcoaches proberen te voorkomen dat ze van kwaad tot erger gaan. Waar sprake is van overlast, gaan de straatcoaches in gesprek met jongeren, maar ook met bewoners met als doel zorgen dat beide groepen elkaar beter leren begrijpen. Zodat jongeren snappen dat het best wel vervelend kan zijn, als je op een plein erg nadrukkelijk aanwezig bent.
En zodat bewoners snappen dat jongeren niet altijd uit zijn om de boel te verzieken, maar gewoon plezier maken. 17
Voor aanvang van hun dienst leggen de coaches verbinding met de operationeel coördinator (OPCO) van de politie om eventuele werkopdrachten te bespreken en korte lijnen te houden. Na elk dienstweekend stellen zij een rapportage op van hun bevindingen die met alle partners wordt gedeeld. Jongerenwerkers CMWW De jongerenwerkers van het CMWW bieden laagdrempelige ondersteuning aan jongeren in hun ontwikkeling naar volwassenheid. Ze doen dit door contact te maken, te signaleren, motiveren, opvoeden en activeren. Ze organiseren veelzijdige activiteiten: van een urban golf in het centrum tot een basketbaltoernooi, van rots en water training tot muzieksessies. De rode draad is altijd de persoonlijke vorming van de jeugd. Het jongerenwerk is gericht op het: stimuleren van talentontwikkeling; functioneren als rolmodel; helpen opbouwen van een sociaal netwerk; helpen aanpakken van persoonlijke of sociale problemen; vinden van positieve vormen van vrijetijdsbesteding; bevorderen van actieve participatie in de samenleving; het vinden van een toekomstperspectief. Jongeren krijgen de kans hun talenten te ontwikkelen, waarbij de nadruk ligt op wat zij kunnen, in plaats van op wat er fout gaat. De jongerenwerkers spelen een prominente rol bij het voorkomen van problemen, zoals schooluitval, werkloosheid, overlast, uitsluiting en radicalisering.
Dit doen jongerenwerkers door laagdrempelige ondersteuning te bieden en daar te zijn waar jongeren opgroeien. Veiligheidshuizen Het veiligheidshuis komt in beeld zodra er sprake is van multiproblematiek. Sommige problemen van jeugdigen zijn zo complex dat reguliere zorg- en veiligheidsprocessen geen oplossing bieden. Als een jeugdige wordt geprioriteerd voor de persoonsgerichte aanpak van het Veiligheidshuis dan nemen zij de (proces)regie over en organiseert samenwerking om via casusoverleggen de kennis en expertise van de diverse ketenpartners bij elkaar te brengen. Dit met als doel het vinden van een passende integrale aanpak voor jeugdigen met zeer ingewikkelde problemen. Daarnaast sluiten zij ook aan bij het JPP om vooraf over bepaalde jeugd mee te denken voordat het komt tot een prioritering. Politie De politie probeert in eerste instantie een verbinding te maken met de aanwezige jeugd en jongeren. Als de jeugd zich niet gedraagt wordt er repressief opgetreden. Het draait dan om het signaleren en registreren van de problematische jeugdgroepen en - indien zich een delict heeft voorgedaan - het opsporen en aanhouden van de betrokken jongeren. De politie monitort wekelijks de meldingen die binnekomen van jeugdigen. Deze worden gefilterd voor het JPP. Daarnaast controleren zij dagelijks de bekende overlastplekken. Inmiddels is er sprake van een zero tolerance beleid.
Jeugdigen worden eenmalig gewaarschuwd, daarna volgt een sanctie. Openbaar Ministerie Het OM heeft de regie over de opsporing en vervolging van criminele jeugdgroepen.
18
5. Lopende aanpak In dit hoofdstuk worden de aanpakken besproken die er momenteel lopen. Top X Project Jeugdoverlast vraagt om een gestructureerde aanpak. Het doel is uiteindelijk om een zo groot mogelijke uniforme werkwijze te creëren in Parkstad. Vanuit Heerlen is een drietrapsraket ontwikkeld waarmee in Brunssum ook wordt gewerkt. Deze bestaat uit drie stappen. Deze zijn opgedeeld in stap 1, 2 en 3. In de praktijk is het uiteraard niet altijd zo strak ingedeeld en kunnen de stappen ook parallel lopen. Doel van deze aanpak is dossiervorming. Zo is er beter zicht op een jeugdige om hem te helpen. Bij jongeren die echt de grens over gaan heeft het OM baat bij een goede dossiervorming om hen aan te pakken en zwaardere straffen uit te delen.
Stap 1 Stap 2 Stap 3
• Jeugd Preventie Platform • Haltverwijzing • Persoonsgerichte aanpak
Stappenplan Top X 1. Jeugd Preventie Platform (JPP) Jeugd die in beeld komt via verschillende partners, komt als allereerste terecht op de agenda van het JPP. Een keer in de zes weken vindt het JPP plaats. In dit overleg zijn alle partijen die een rol spelen bij de Brunssumse jeugd betrokken. Dit zijn gemeente, CMWW, politie, HALT, bureau jeugdzorg, straatcoaches, veiligheidshuis en Alcander. Van te voren worden door de politie, gemeente en het CMWW alle politiemeldingen gescreend. Jeugdigen die vaker voorkomen en zorgelijk gedrag vertonen worden op de lijst gezet om te bespreken met andere partners. Ook vanuit andere partners kunnen jeugdigen op de agenda worden gezet. Er worden gezamenlijke afspraken gemaakt wie met welke jeugdige aan de slag gaat. Jeugd die vaker in beeld komt krijgt allereerst een STOP-gesprek met de jeugdagent, team jeugd en de ouders. De volgende stap is een Halt-verwijzing. 2. HALT Als een STOP-gesprek onvoldoende helpt kan de jeugdige van de politie een Halt-verwijzing krijgen. Halt heeft de wettelijke taak om strafbaar gedrag onder jongeren aan te pakken, zonder dat de jongere een strafblad krijgt. De jongere krijgt letterlijk een tweede kans. De jongeren worden doorgestuurd naar Halt voor één van de preventieve Halt-interventies. De Halt-straf is een straf op maat die past bij de overtreding of het misdrijf en bij de jongere.
Het aantal uren dat de straf duurt, is afhankelijk van een aantal punten zoals leeftijd en de ernst van de situatie. Een Halt-straf kan bestaan uit bijvoorbeeld gesprekken tussen jongere, ouders en de Halt-medewerker, het maken van leer-/werkopdrachten of het aanbieden van excuses.
19
3. Persoonsgerichte aanpak (PGA) Als ook dit niet helpt kan een jeugdige geprioriteerd worden voor de persoonsgerichte aanpak (PGA) van het Veiligheidshuis. Een persoonsgerichte aanpak een integrale, op de persoon en zijn (gezins)systeem toegesneden mix van bestuursrechtelijke, strafrechtelijke, zorg en overige interventies. De persoonsgerichte aanpak beoogt afglijden naar de criminaliteit en verslechtering van welzijn te voorkomen. De procesregie hiervan ligt bij het Veiligheidshuis. Perron 045 Een ander middel is perron 045 van het CMWW in Brunssum en Onderbanken. Jongeren worden hier begeleid bij het behalen van een startkwalificatie op minimaal MBO-2 niveau, HAVO of VWO. Bij perron045 maakt de jeugdige, samen met familie en sociaal netwerk, een plan voor de toekomst. Hierbij bepaalt de jeugdige een eigen aanpak en hij wordt gekoppeld aan een vrijwillige coach, die hij zelf mag uitkiezen. Tevens organiseren zij activiteiten en trainingen speciaal voor jongeren. Ze helpen jongeren die vragen hebben over hun toekomst. Vragen kunnen bijvoorbeeld gaan over het vinden van een baan, een leuke daginvulling, meer sociale contacten of hoe ze meer kunnen meedoen in de samenleving. Momenteel wordt er onderzocht of er een mogelijk voortraject aan Perron045 kan worden toegevoegd voor een jongere doelgroep.
6. Projecten in de wijk Hangplek Treebeek Eind 2020 hebben een aantal jeugdigen zich met ouders gemeld bij de gemeente. Ze gaven aan graag een jeugdplek te willen. Deze groep staat nu vaker bij de energiecentrale in Treebeek. We hebben geluisterd naar hun wensen en samen met deze groep gekeken naar mogelijke hangplekken binnen de gemeente. Er is momenteel een plek die verder wordt uitgewerkt. Er is ook een ronde door de buurt gelopen en gesproken met omwonenden om hun mening te horen. Het is uiteindelijk de bedoeling dat het een plek wordt waar zowel de jeugd als de omwonenden zich in kunnen vinden. Het wordt daarom ook als gezamenlijk traject met zowel de buurt als de jeugdige opgepakt. Activiteiten jongerenwerkers CMWW De activiteiten van jongerenwerkers hebben gedurende de eerste corona lockdown enige tijd stil gelegen. Begin 2021 zijn deze verder opgepakt. Zo zijn er regelmatig basketbaltoernooitjes op het skatepark. Op 26 maart was er urban golf in het centrum. Het jongerencentrum in noord is helaas al sinds maart 2020 gesloten i.v.m. corona. Het is nog onduidelijk wanneer dit weer opengaat. Ook worden er momenteel nog geen binnen activiteiten in de gymzaal georganiseerd. Daarnaast lopen er samen vanuit de gemeente en het CMWW gesprekken met een ouder van een zoon die dagelijks in het centrum hangt.
Met deze ouder en de zoon wordt gekeken om binnen de coronaregels structurele activiteiten voor de jeugd te organiseren. Hierbij worden de jeugdigen betrokken zodat het een breed gedragen activiteit wordt waar zij zelf verantwoordelijkheid in hebben. Verlichting skatepark Momenteel wordt onderzocht of het wenselijk is om het skatepark in het centrum te verlichten. Er is nu geen verlichting. Zowel vanuit jeugd als uit de partners komt vaker deze vraag. Het is een plek waar jeugd vaak naartoe wordt gestuurd, maar waar ze erg afhankelijk zijn van het seizoen i.v.m. zonsondergang. De mening van de bewoners rondom het skatepark m.b.t. het plaatsen van verlichting spelen een belangrijke rol.
20
7. Juridische mogelijkheden Iedere overlastsituatie dient te worden beoordeeld binnen de eigen context. De wijze waarop overlast tot een beheersbaar niveau kan worden gereduceerd, kan dan ook per situatie verschillen. Onderstaand wordt een uiteenzetting gegeven van instrumenten die ter overweging kunnen worden genomen bij de behandeling van casuïstiek. Het samenscholingsverbod is al een keer voor de duur van drie maanden ingezet in het centrum (okt 2020 – jan 2021). Dit heeft toen geholpen om de overlast tijdelijk terug te brengen naar een beheersbaar niveau. Tegelijkertijd zijn er toen twee gebiedsverboden opgelegd aan jeugdigen in het centrum. Indien er zich opnieuw dergelijke situaties voordoen met jeugd kan dit weer worden opgelegd. OPLEGGEN GEBIEDSVERBOD/ SAMENSCHOLINGSVERBOD/ MELDINGSPLICHT
Doel: tegengaan overlast individu of groep. Situatie: ernstige en/of herhaaldelijke verstoring openbare orde door individu of groep. Bevoegdheid: burgemeester. Grondslag: art. 2:1 APV, art. 172a en b Gemeentewet
AANWIJZEN VEILIGHEIDSRISICOGEBIED
Doel: voorkomen overlast en handhaving openbare orde, preventief fouilleren op verboden wapens. Situatie: (dreiging) verstoring openbare orde in specifiek gebied door aanwezigheid van wapens of drugsoverlast. Bevoegdheid: burgemeester. Grondslag: art. 2:76 APV, art. 151b Gemeentewet, 174b Gemeentewet.
NOODBEVEL
Doel: het geven van bevelen aan bepaalde personen of organisaties, die nodig worden geacht ter handhaving van de openbare orde of ter beperking van gevaar. Situatie: bij oproer, wanordelijkheden, rampen of zware ongevallen of wanneer de vrees daartoe bestaat. Grondslag: art. 175 Gemeentewet.
NOODVERORDENING
Doel: het geven van algemeen verbindende voorschriften ter handhaving van de openbare orde of ter beperking van gevaar. Situatie: bij oproer, wanordelijkheden, rampen of zware ongevallen of wanneer de vrees daartoe bestaat. Bevoegdheid: burgemeester. Grondslag: art. 176 gemeentewet. Doel: het voorkomen of beëindigen van verstoring van de openbare orde. Bevoegdheid: burgemeester. Grondslag: art. 154a Gemeentewet juncto art. 2:75 APV.
BESTUURLIJKE OPHOUDING
LICHTE BEVELSBEVOEGDHEID
Doel: bij (dreigende) verstoring van de openbare orde alle bevelen geven die noodzakelijk worden geacht voor de handhaving van de openbare orde. Situatie: bij plotseling opkomend of zich concreet voordoend gevaar. Bevoegdheid: burgemeester. Grondslag: art. 172 lid 3 Gemeentewet.
21
Conclusie Uit bovenstaand stuk blijkt dat er veel wordt ondernomen op het gebied van jeugdoverlast. Vanuit allerlei instanties is er zicht op jeugd en wordt er hulp aangeboden waar nodig. Een belangrijke rode draad in de aanpak is het in gesprek blijven met de jeugd en bewoners en hen betrekken bij vraagstukken zoals nu gebeurt in Treebeek. De verwachting is dat dergelijke projecten bijdragen aan het verminderen van de overlast. Daarnaast wordt de lockdown de komende maanden verder versoepeld en heeft de jeugd weer meer mogelijkheden. Het Top X traject blijft van kracht en indien nodig worden juridische middelen ingezet.
22