Commissie Burgerzaken 14 december 2021 - antwoorden vragen Pilot Noord en vervolg wijkgericht werken.odt
Tekst van het document
4. Pilot Noord en vervolg wijkgericht werken Oplegnotitie 1. U vraagt ons om, onder voorbehoud van een positief besluit adviesaanvraag OR, de pilotfase, met het Noorderhuis in De Gasperistraat, af te ronden en deze aanpak structureel voort te zetten. Wanneer verwacht u het besluit van de adviesaanvraag van de OR? Dat is 26 januari 2022. Dan is de eerst volgende overlegvergadering van de OR. Blz. 4 en 5 2. U geeft aan dat de projectleider verantwoordelijk is voor de uitvoering van zeer uitdagende en complexe projecten, waarbij de beweging van ‘gemeentehuis naar wijk’ centraal zal staan. Hiervoor zal een extra investering gedaan moeten worden. Binnen de begroting is beperkt ruimte om aan deze beweging vorm te kunnen geven. Voor een verdere uitrol is voor de komende 3 jaar per jaar € 159.000,- extra nodig. Kunt u een onderbouwing geven voor deze extra kostenpost? Antw.: Frictiebudget (3 jaar) Kostensoort Projectleider Wijkmanager Projectkosten wijkontwikkeling Totaal kosten Gedeeltelijke dekking in Reguliere Begroting (product 620005) Gevraagd frictie budget
Totale Kosten € 100.000 € 90.000 € 40.000 € 230.000 € -71.000 € 159.000
Projectleider is nodig om alle zaken die nodig zijn te organiseren - locatie - inregelen bedrijfsvoering - team vormen - wijkanalyse - plan van aanpak voor betreffende wijk samen met burgers, ambtenaren en stakeholders - subsidie aanvragen en verantwoorden Wijkmanager zorgt dat plan van aanpak uitgevoerd wordt. Hij, zij legt contacten met partijen in de wijk en de ambtelijke organisatie. Een wijkmanager is in de beginfase fulltime belast met één wijk. Projectkosten: deze kunnen betrekking hebben op verschillende aspecten: een pand gebruiksklaar maken, inhuren van advies over spelregels bij het veranderen van de budgetteringssystematiek, enzovoorts. 3. U geeft aan in het besluit: Zover de implementatie dit toelaat ieder volgend half jaar te starten met een volgende wijk.
Op basis van welke criteria wordt er gekozen welke wijk het dienstverlenende wijkgericht werken wordt doorgezet? Antw.: De criteria zijn effect, tijd en middelen. Vanuit het besef dat wij binnen de komende 2 jaar de aanpak gestaag en solide uit willen breiden over geheel Brunssum zal het college een gecombineerde (sociaal-maatschappelijk en praktische) afweging maken. De basis voor de afweging ligt dan in effect, tijd en middelen. Welk effect bereiken we voor die wijkbewoners als we in ‘die wijk’ starten, welke tijd is er nodig om te starten en hoeveel investeringsmiddelen zijn nodig. Dus daar waar de nodige uitdagingen liggen en locatie en samenwerkingen eenvoudig te realiseren zijn (met relatief bepekte investeringen) starten we. 4. Hoe moeten wij de samenhang zien in het kader van de nog komende Nota Diensteverlening (zoals toegezegd in de afgelopen begrotingsvergadering)? Het uitgangspunt bij wijkgericht werken is “publieke waarde toevoegen” Dat uitgangspunten zal ook in het dienstverleningsconcept een plek krijgen. Dit zou bijvoorbeeld kunnen betekenen dat er in de wijk een mogelijkheid bestaat om, met hulp, een aanvraag te doen voor een gemeentelijke voorziening. 5. Hoe kunnen wij als raad een vinger aan de pols houden met betrekking tot het functioneren van de (straks meerdere) ‘gemeentehuizen in de wijk’?
Samen met de wijk, de raad, de smo-raad zullen op basis van de specifieke wijkplannen indicatoren opgesteld gaan worden om de effecten te kunnen monitoren en zo nodig bij te kunnen sturen. Denk aan bijvoorbeeld: - meer mensen doen naar vermogen mee - veiligheidsgevoel neemt toe - etc. De raad kan ook op voorhand al criteria meegeven. Sowieso rapporteert het college via de jaarverantwoording, 1ste en 2de bestuursrapportage. Indien wenselijk kan er altijd een werkbezoek en/of raadsinformatiebijeenkomst georganiseerd worden.