CConstaterende datBrunssum
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Commissie Burgerzaken 6 september 2022, gemeente Brunssum22.208 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Bundel - Commissie Burgerzaken van 6 september 2022

1 2.a

Opening 19:00 uur Vaststellen concept besluitenlijst Burgerzaken d.d. 21-6-2022 Concept Besluitenlijst raadscommissie 21 juni 2022 Burgerzaken.docx

2.b

Toezeggingenlijst (afgedaan tussen 15-6 en 31-8-2022) Toezeggingen afgedaan tussen 15-6 en 31-8-2022.pdf

2.c

Actieve informatieplicht en passieve informatieplicht Passieve informatieplicht: Toelichting door briefschrijver nav brief aan de raad nr. 27 Seniorenraad in oprichting (verzoek fractie PAK) Terugkoppeling vanuit verbonden partijen Wijziging GR ISD BOL in verband met Wet inburgering; Gemeenteblad 2022/58 19:10 - 19:30 uur Weth. Van Leusden Mw. Dormans Raadsvoorstel 58 Wijziging gemeenschappelijke regeling ISD BOL in verband met Wet inburgering 2021.docx

2.d 3

Raadsvoorstel 58 (Bijlage 1) concept collegebesluit Wijziging gemeenschappelijke regeling ISD BOL in verband met Wet inburgering 2021__202214687__.docx Raadsvoorstel 58 (Bijlage 2) Tekst gemeenschappelijke regeling na delegeren Wet inburgering.pdf 4

Renteloze lening Drumfanfare Parcifal; Gemeenteblad 2022/84 19:30 - 19:50 uur Plaatsvervanger van weth. Janssen Mw. Huizinga Raadsvoorstel 84 renteloze lening drumfanfare Parcifal.docx Raadsvoorstel 84 (bijlage) renteloze lening drumfanfare Parcifal bijlage Overeenkomst van geldlening.docx

5

Wijziging GR Omnibuzz 2022/85 19:50 - 20:30 uur Weth. Hermans Dhr. Van Goethem Dhr. Vreuls (directeur Omnibuzz) Raadsvoorstel 85 Wijziging GR Omnibuzz afrekensystematiek.docx Raadsvoorstel 85 (bijlage) Concept wijzigingsbesluit GR Omnibuzz.pdf Raadsvoorstel 85 (bijlage) Toelichting bij conceptwijzigingsbesluit wijziging GR Omnibuzz.pdf Raadsvoorstel 85 (bijlage) Voorstel wijziging afrekensystematiek t.b.v. vergadering AB Omnibuzz.pdf Raadsvoorstel 85 (bijlage) wijziging GR Omnibuzz afrekensystematiek Raadsinformatiebrief.docx

6

Sluiting 20:30 uur

2.a Vaststellen concept besluitenlijst Burgerzaken d.d. 21-6-2022 1 Concept Besluitenlijst raadscommissie 21 juni 2022 Burgerzaken.docx

BESLUITENLIJST VAN DE OPENBARE VERGADERING VAN DE RAADSCOMMISSIE BURGERZAKEN VAN DE GEMEENTE BRUNSSUM GEHOUDEN OP DINSDAG 21 JUNI 2022 OM 19:00 UUR IN DE RAADZAAL

1 van 4 Besluitenlijst van de vergadering van de raadscommissie Burgerzaken van 21 juni 2022

Besluitenlijst van de openbare vergadering van de raadscommissie Burgerzaken, gehouden op dinsdag 21 juni 2022 om 19:00 uur in de Raadzaal. Aansluitend vergadert de commissie ruimte en techniek. Alle vergaderingen zijn openbaar. Van deze vergadering zijn geluids- en/of video-opnamen beschikbaar via: YouTube kanaal van de Gemeenteraad Brunssum kanaal 1 https://www.youtube.com/channel/UCA6bz_Cq8uv6dL93rQSGGjQ AANWEZIG COMMISSIE BURGERZAKEN: Voorzitter:

Dhr. J.W.G. Scheffers (Lijst Borger)

Burger-commissieleden:

Dhr. R. Hendriks (PAK) (toehoorder) Mw. M.G.H. Kessels (PAK) (toehoorder) Dhr. P.A.H. Peters (Lijst Borger) Mw. S.L.F. Gulpen (VVD) Dhr. R.M. Klement (BBB Lijst Palmen) (toehoorder) Mw. J.H. Smeets (PvdA) Mw R.J.M. Sabah - Carta (PVDA) (toehoorder) Dhr. J.A. Arts (SP) Dhr. P.K. Drenth (PAK) Dhr. G. Fober (Lijst Borger) Dhr. J.H.J. Janssen (PAK) (woordvoerder) Dhr. L.J.H. Snackers (BBB Lijst Palmen) Dhr. S.J.H. L'Espoir Dhr N.C.P. Meijers Mw. E. Mulleneers (agendapunt 3) Mw. I. Tuin (agendapunt 4) Dhr. A. van Goethem (agendapunt 5) Dhr. Van den Tillaar en de heer R. Vrancken (Kredietbank Limburg) (agendapunt 3) Mw. M. Dreessen (GGD) (agendapunt 4) Dhr. G. Vreuls (Omnibuzz) (agendapunt 5) Geen

Raadsleden:

Collegeleden: Notulist (plv. griffier): Ambtelijke ondersteuning: Externe ondersteuning:

Participanten:

Agendapunt 1: Opening De voorzitter opent de vergadering om 19:02 uur. Agendapunt 2a: Vaststellen concept besluitenlijst Burgerzaken d.d. 10-5-2022 De besluitenlijst van de commissie burgerzaken van 10 mei 2022 wordt ongewijzigd vastgesteld. Agendapunt 2b: Vaststellen toezeggingenlijst (afgedaan tussen 26-4-2022 en 14-6-2022) De toezeggingenlijst met nummers 91 (2020), 30, 31, 45, 67, 70 (2021) en 17,24, 26, 27, 29 en 33 (2022) zijn akkoord. De toezeggingen worden als afgedaan beschouwd. Agendapunt 2c: Actieve informatieplicht & passieve informatieplicht In het kader van de actieve informatieplicht wijst wethouder L’Espoir op een jeugd-webinar. Namens wethouder Janssen meldt wethouder L’Espoir op de kwartaalrapportage en de afdoening vragen over herplaatsing WSW. Wethouder L’Espoir geeft aan dat naar grote waarschijnlijkheid (99%) de gemeente Brunssum een subsidie gaat krijgen voor het koploperproject onderwijs (de Rijke Schooldag). Als laatste geeft wethouder L’Espoir aan dat voor de zomer de staatssecretaris op bezoek komt inzake het AWACS dossier. Van de passieve informatieplicht wordt geen gebruik gemaakt. Agendapunt 2d: Terugkoppeling verbonden partijen In het kader van het terugkoppelen van verbonden partijen verwijst wethouder L’Espoir naar de behandeling van de de agenda aangaande verschillende verbonden partijen.

Agendapunt 3: KBL 1e begrotingswijziging 2022 en begroting 2023; Gemeenteblad 2022/38 Wethouder L’ Espoir geeft een toelichting op het voorstel en beantwoordt, samen met dhr. Van den Tillaar en ambtelijke ondersteund door mevrouw Mulleneers, de gestelde vragen. Diverse fracties vragen aandacht voor de planning van de behandeling van de stukken van de verbonden partijen 2 van 4 Besluitenlijst van de vergadering van de raadscommissie Burgerzaken van 21 juni 2022

(outputkalender) zodat deze volgend jaar niet te laat worden aangeboden. Toezegging 37 (21-6-2022): Opgave aantal cliënten KBL voor de gemeente Brunssum Wethouder L’Espoir zegt toe: schriftelijk een overzicht te verstrekken van het aantal cliënten uit Brunssum uitgesplitst voor de drie varianten. De commissie adviseert unaniem voor behandeling in de raad van het raadsvoorstel/besluit: 1. Een instemmende zienswijze af te geven op de 1e begrotingswijziging 2022 KBL 2. In te stemmen met de pro forma begroting 2023 en meerjarig 2024-2025 met de volgende zienswijze: de gemeenteraad Brunssum verzoekt Kredietbank Limburg in kwartaal 3 2022 een voorstel, plan van aanpak en planning aan te leveren aan de portefeuillehouder waarmee uiterlijk in het eerste kwartaal van 2023 besluitvorming wordt afgerond betreffende een nieuwe financieringssystematiek inclusief de kostendekkendheid van de dienstverlening, voor álle inkopende gemeenten 3. GR KBL in kennis te stellen van de zienswijzen van gemeente Brunssum met bijgaande brief 4. Kennis te nemen van de jaarrekening De commissie adviseert unaniem het voorstel als akkoordstuk te behandelen in de raadsvergadering van 12 juli 2022. Agendapunt 4: GGD begroting 2023; Gemeenteblad 2022/49 Wethouder L’Espoir geeft een toelichting op het voorstel en beantwoordt samen met mevrouw Dreessen de gestelde vragen, ambtelijk ondersteund door mevrouw Tuin.

Toezegging 38 (21-6-2022): aanvullende informatie over efficiencyverbetering Jgz Wethouder L’Espoir zegt toe: de aanvullende informatie over de behaalde verbeterde efficiency van het onderdeel jeugdgezondheidszorg (GGD), als onderliggend stuk bij de begroting, op te vragen en beschikbaar te stellen. Toezegging 39 (21-6-2022): raadsinformatieavond effecten Trendbreuk (GGD) Wethouder L’Espoir zegt toe: de GGD te verzoeken een informatiemoment te verzorgen over de stand van zaken rondom Trendbreuk (projecten). Toezegging 40 (21-6-2022) Toezicht op gastouderschap in de gemeente Brunssum Wethouder L’Espoir zegt toe: het percentage van toezicht op het gastouderschap in de gemeente Brunssum op te vragen.

De commissie adviseert unaniem voor behandeling in de raad van het raadsvoorstel/besluit: Geeft de op de voorgestelde begroting 2023 GGD Zuid-Limburg de volgende zienswijze: De raad adviseert de GGD de opdracht omtrent het bestuurlijk traject ‘toekomstige GGD-opgave” efficiënt op te pakken; Er wordt onvoldoende in beeld gebracht of de investering in de doorontwikkeling van de eigentijdse professionele JGZ en de trendbreukprogramma’s in de toekomst minder geïndiceerde jeugdzorg en minder meldingen bij Veilig Thuis nodig maakt; De raad vraagt de GGD dat het uitrollen van de nieuwe (bewezen effectieve) interventies alleen dan gebeurt als van tevoren de borging bij de gemeente(n) is vastgesteld; De commissie adviseert unaniem het voorstel als akkoordstuk te behandelen in de raadsvergadering van 12 juli 2022. De kennelijke verschrijving van het jaartal (2020) wordt door de griffie in het raadvoorstel gecorrigeerd. Agendapunt 5: Omnibuzz jaarrekening 2021, begrotingswijziging 2022-1 en begroting 2023; Gemeenteblad 2022/56 Wethouder L’Espoir geeft een toelichting op het voorstel en beantwoordt de gestelde vragen, ambtelijk ondersteund door de heer van Goethem. De commissie adviseert unaniem voor behandeling in de raad van het raadsvoorstel/besluit: 1.

kennis te nemen van het concept jaarverslag en jaarrekening 2021, de concept begrotingswijziging 2022-1 en de conceptbegroting 2023 met het meerjarenperspectief 2043-2026;en 2. daarover een positieve zienswijze in te dienen. De commissie adviseert unaniem het voorstel als akkoord stuk te behandelen in de raadsvergadering van 12 juli 2022. Agendapunt 6: Sluiting 3 van 4 Besluitenlijst van de vergadering van de raadscommissie Burgerzaken van 21 juni 2022

De voorzitter sluit de vergadering om 20:51 uur.

4 van 4 Besluitenlijst van de vergadering van de raadscommissie Burgerzaken van 21 juni 2022

2.b Toezeggingenlijst (afgedaan tussen 15-6 en 31-8-2022) 1 Toezeggingen afgedaan tussen 15-6 en 31-8-2022.pdf

Onderwerp Ter inzage leggen de verordening op het gemeentelijk decoratiestelsel 2012 1ste bestuursrapportage Financiële onderbouwing versmalling Leisurelane Kosten onderhoud Leisurelane Toezicht op gastouderschap in de gemeente Brunssum Raadsinformatieavond effecten Trendbreuk (GGD) Aanvullende informatie over efficiencyverbetering Jgz Opgave aantal cliënten KBL voor de gemeente Brunssum

Datum toezegging Nummer Portefeuillehouder Datum reactie Afgedaan 28-6-2022 47 Van der Rijt 29-6-2022 Ja 28-6-2022 45 Van Dijk 7-7-2022 Ja 21-6-2022 42 Mertens 7-7-2022 Ja 21-6-2022 41 Mertens 7-7-2022 Ja 21-6-2022 40 Van Leusden 13-7-2022 Ja 21-6-2022 39 Van Leusden 13-7-2022 Ja 21-6-2022 38 Van Leusden 13-7-2022 Ja 21-6-2022 37 L'Espoir 22-6-2022 Ja

3 Wijziging GR ISD BOL in verband met Wet inburgering; Gemeenteblad 2022/58 1 Raadsvoorstel 58 Wijziging gemeenschappelijke regeling ISD BOL in verband met Wet inburgering 2021.docx

Raadsvoorstel Collegeverg. d.d. Registratiekenmerk Gemeentebladnr. Afdeling opsteller Naam opsteller Bereikbaar onder Portefeuillehouder Raadsvergadering d.d. Uiterlijke datum

: 26 juli 2022 : 202204230 : 2022/58 : Bestuurszaken - Juridische zaken : Suzanne Dormans-Simons : +31455278443, suzanne.dormans@brunssum.nl : Merle van Leusden - Bruning : 27 september 2022 : Niet van toepassing

Aan de raad, 1. Onderwerp Wijziging gemeenschappelijke regeling ISD BOL in verband met Wet inburgering 2021. 2. a.

Uitgangssituatie (WAAROM?) Aanleiding Op 1 januari 2022 is de Wet inburgering 2021 ingegaan. Uit die wet volgt een inburgeringsplicht voor inburgeringsplichtigen die bestaat uit: a. het afronden van het participatieverklaringstraject; b. het afronden van de module Arbeidsmarkt en Participatie; en c. het behalen van het inburgeringsexamen, de onderwijsroute of de zelfredzaamheidsroute. Op dit moment is de uitvoering hiervan door de gemeente Brunssum gemandateerd aan de gemeenschappelijke regeling ISD BOL en Betere Buren B.V. gezamenlijk. Daarbij zorgt ISD BOL voor de registraties van alle benodigde gegevens van inburgeringsplichtigen in haar systemen, biedt zij administratieve en juridische ondersteuning aan de ontwikkelcoaches van Betere Buren en is zij verantwoordelijk voor de afhandeling van bezwaar- en beroepszaken. De ontwikkelcoaches van Betere Buren zorgen voor de persoonlijke begeleiding van inburgeringsplichtigen. Ook de gemeente Landgraaf heeft de uitvoering gemandateerd: aan ISD BOL voor de onderdelen b. en c. en voor bezwaar en beroep en aan medewerkers van de afdeling Mensontwikkelbedrijf van de gemeente Landgraaf voor onderdeel a.

b. Huidige situatie/probleemstelling In de praktijk blijkt dat deze mandatering niet handig is: - de gemandateerden kunnen de registratiesystemen voor benodigde informatie voor de uitvoering van de wet niet rechtstreeks raadplegen, maar moeten die informatie opvragen bij de gemeente; - de zorg voor archivering ligt bij de gemeenten zelf, terwijl alle documenten zich bij de gemandateerden bevinden; - voor de Algemene verordening persoonsgegevens (AVG) is de gemeente verwerkingsverantwoordelijk; - inwoners moeten verzoeken tot openbaarmaking in het kader van de Wet open overheid (Woo) indienen bij de gemeente en de gemeente moet deze ook in behandeling nemen. 3. a.

Gewenste situatie (WAT?) Wat willen we bereiken? Voorgesteld wordt om de uitvoering van de Wet inburgering 2021 te delegeren aan ISD BOL. Daarmee gaan alle bevoegdheden in het kader van deze wet over naar ISD BOL. En ISD BOL kan vervolgens de persoonlijke begeleiding van inburgeringsplichtigen aan Betere Buren B.V mandateren.

b.

Kaders

Wet inburgering 2021, wet gemeenschappelijke regelingen en gemeenschappelijke regeling ISD BOL. c.

Argumenten en overwegingen Door het huidige mandaat in te trekken en de uitvoering van de Wet Inburgering 2021 te delegeren (door middel van wijziging van de gemeenschappelijke regeling) worden de probleempunten zoals genoemd onder het kopje ‘b. Huidige situatie/probleemstelling” opgelost. Het verschil met mandatering is dat bij delegatie degene die de bevoegdheid overgedragen krijgt wel rechtstreekse toegang krijgt tot de betreffende registratiesystemen, deze ook de zorg voor archivering heeft, verwerkingsverantwoordelijk is en daar ook geheel de verantwoordelijkheden rond de Woo liggen. Omdat het wenselijk is dat de huidige feitelijke taakverdeling wordt voortgezet, zal het dagelijks bestuur van ISD BOL de bevoegdheden die thans worden uitgevoerd door medewerkers van Betere Buren mandateren aan die betreffende medewerkers. Voor het delegeren van de bevoegdheden die verband houden met de uitvoering van de Wet inburgering 2021 is wijziging nodig van de gemeenschappelijke regeling van ISD BOL: in artikel 10 van de regeling dient te worden toegevoegd dat de uitvoering van de Wet inburgering 2021 tot de taken van het dagelijks bestuur behoort en dat de daartoe benodigde bevoegdheden worden overgedragen.

d.

Opties en keuze Uw raad wordt voorgesteld om, overeenkomstig bijgaand conceptbesluit, aan ons college toestemming te verlenen tot het wijzigen van de gemeenschappelijke regeling ISD BOL en te besluiten tot wijziging van de GR ISD BOL. Uw raadsbesluit (tot wijziging van de GR ISD BOL en tot verlening van toestemming aan ons college om tot wijziging over te gaan) en ons collegebesluit zullen (conform artikel 3:42 Algemene wet bestuursrecht) worden bekendgemaakt in het digitaal gemeenteblad. Van de wijziging van de GR ISD BOL zal (conform artikel 26, eerste en vierde lid, Wgr) door de gemeente Brunssum wordt kennisgegeven in het gemeenteblad.

Het college van burgemeester en wethouders,

Burgemeester

Secretaris

Raadsbesluit Gemeentebladnr. Afdeling Registratiekenmerk

: 2022/58 : Bestuurszaken - Juridische zaken : 202204230

De raad van de gemeente Brunssum gemeentebladnummer 2022/58; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 26 juli 2022; overwegende dat het wenselijk is dat de uitvoering van de Wet inburgering 2021 voor de gemeenten Brunssum en Landgraaf gedelegeerd wordt aan het openbaar lichaam ISD BOL en het daarom noodzakelijk is de regeling te wijzigen; gelet op de Wet gemeenschappelijke regelingen; Besluit: 1. Voor wat betreft de collegebevoegdheden toestemming te verlenen aan het college voor de wijziging van de gemeenschappelijke regeling ISD BOL conform het concept collegebesluit opgenomen in bijlage 1. 2. Voor wat betreft de raadsbevoegdheden in te stemmen met de wijziging van de gemeenschappelijke regeling ISD BOL conform het volgende wijzigingsbesluit. I. De gemeenschappelijke regeling van ISD BOL wordt gewijzigd als volgt. Artikel 10 komt te luiden: Artikel 10 Taken en bevoegdheden van het dagelijks bestuur 1.

2. 3. 4.

De taken van het dagelijks bestuur zijn: a. de uitvoering van de Participatiewet inclusief de invoeringswet, de uitvoering van de Wet Inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werknemers (IOAW) en de Wet Inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte zelfstandigen (IOAZ), de uitvoering van het Besluit bijstandverlening zelfstandigen (Bbz) en bij deze wetten behorende algemene maatregelen van bestuur en uitvoeringsregelingen. b. de uitvoering van de Wet inburgering 2021. c. de uitvoering van andere door een of meer deelnemende gemeenten aan de dienst opgedragen taken binnen het sociaal domein. d. het verlenen van diensten binnen het sociaal domein aan gemeenten buiten het onder artikel 3 lid 2 genoemde rechtsgebied dan wel aan andere organisaties dan gemeenten ongeacht hun plaats van vestiging, met dien verstande dat het algemeen bestuur hiermee dient in te stemmen. De diensten worden verleend tegen een vooraf overeengekomen prijs. Verschuldigde BTW wordt apart in rekening gebracht. Aan het dagelijks bestuur van de dienst worden bij deze regeling alle bevoegdheden overgedragen, die nodig zijn voor de uitvoering van de in lid 1 onder a en b van dit artikel genoemde taken.

De vaststelling van nadere regels op grond van de verordeningen is de bevoegdheid van de afzonderlijke Colleges, tenzij deze bevoegdheid is gedelegeerd aan het dagelijks bestuur. Voorts heeft het dagelijks bestuur, onverminderd het bepaalde in artikel 33 b van de Wet gemeenschappelijke regelingen, de volgende taken en bevoegdheden: a. het vertegenwoordigen van de dienst binnen regionaal bestuurlijk overleg. b. het behartigen van de belangen van de dienst bij andere overheden, instellingen, bedrijven of personen, waarmee contact voor de dienst van belang is. c. het houden van toezicht op het functioneren van de dienst.

II.

Dit besluit treedt in werking op 1 november 2022.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van

De Raad vernoemd,

Voorzitter

Griffier

1 Raadsvoorstel 58 (Bijlage 1) concept collegebesluit Wijziging gemeenschappelijke regeling ISD BOL in verband met Wet inburgering 2021__202214687__.docx

Bijlage 1

Collegebesluit Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Brunssum;

overwegende dat het wenselijk is dat de uitvoering van de Wet inburgering 2021 voor de gemeenten Brunssum en Landgraaf gedelegeerd wordt aan het openbaar lichaam ISD BOL en het daarom noodzakelijk is de regeling te wijzigen; gelet op de Wet gemeenschappelijke regelingen; Besluit: De gemeenschappelijke regeling van ISD BOL wordt gewijzigd als volgt. I.

Artikel 10 komt te luiden: Artikel 10 Taken en bevoegdheden van het dagelijks bestuur 1.

2. 3. 4.

II.

De taken van het dagelijks bestuur zijn: a. de uitvoering van de Participatiewet inclusief de invoeringswet, de uitvoering van de Wet Inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werknemers (IOAW) en de Wet Inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte zelfstandigen (IOAZ), de uitvoering van het Besluit bijstandverlening zelfstandigen (Bbz) en bij deze wetten behorende algemene maatregelen van bestuur en uitvoeringsregelingen. b. de uitvoering van de Wet inburgering 2021. c. de uitvoering van andere door een of meer deelnemende gemeenten aan de dienst opgedragen taken binnen het sociaal domein. d. het verlenen van diensten binnen het sociaal domein aan gemeenten buiten het onder artikel 3 lid 2 genoemde rechtsgebied dan wel aan andere organisaties dan gemeenten ongeacht hun plaats van vestiging, met dien verstande dat het algemeen bestuur hiermee dient in te stemmen. De diensten worden verleend tegen een vooraf overeengekomen prijs. Verschuldigde BTW wordt apart in rekening gebracht. Aan het dagelijks bestuur van de dienst worden bij deze regeling alle bevoegdheden overgedragen, die nodig zijn voor de uitvoering van de in lid 1 onder a en b van dit artikel genoemde taken.

De vaststelling van nadere regels op grond van de verordeningen is de bevoegdheid van de afzonderlijke Colleges, tenzij deze bevoegdheid is gedelegeerd aan het dagelijks bestuur. Voorts heeft het dagelijks bestuur, onverminderd het bepaalde in artikel 33 b van de Wet gemeenschappelijke regelingen, de volgende taken en bevoegdheden: a. het vertegenwoordigen van de dienst binnen regionaal bestuurlijk overleg. b. het behartigen van de belangen van de dienst bij andere overheden, instellingen, bedrijven of personen, waarmee contact voor de dienst van belang is. c. het houden van toezicht op het functioneren van de dienst. Dit besluit treedt in werking op 1 november 2022.

Brunssum,

2022

Het college van burgemeester en wethouders,

Burgemeester

Secretaris

1 Raadsvoorstel 58 (Bijlage 2) Tekst gemeenschappelijke regeling na delegeren Wet inburgering.pdf

Gemeenschappelijke regeling van ISD BOL Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Artikel 1

Begripsomschrijvingen

Deze regeling verstaat onder:

a. ISD BOL: het openbaar lichaam Intergemeentelijke Sociale Dienst Brunssum en Landgraaf, als bedoeld in artikel 3, verder te noemen: de dienst;

b. deelnemer(s): de bij de regeling aangesloten gemeenten Brunssum en Landgraaf;

c. gemeentebesturen: de raden en de colleges van burgemeester en wethouders, ieder voor zover zij bevoegd zijn;

d. Gedeputeerde Staten: Gedeputeerde Staten van de provincie Limburg. Artikel 2

Belang

De regeling behartigt door het op bedrijfsmatige wijze uitvoeren van taken op terreinen van het sociaal domein, de belangen van de deelnemers op genoemde terreinen. De dienst neemt daarbij de door de deelnemers geformuleerde visie en missie in acht. De

overheveling van taken en bevoegdheden van het college wordt nader bepaald in artikel 6 en artikel 10 van deze regeling. Artikel 3

Openbaar lichaam

1. Er is een openbaar lichaam: ISD BOL. Het openbaar lichaam is gevestigd te Brunssum. 2. Het rechtsgebied van de dienst omvat het grondgebied van de deelnemers. Artikel 4

Bestuursorganen

De dienst kent de volgende bestuursorganen: het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter.

Hoofdstuk 2 Het algemeen bestuur Artikel 5

Samenstelling van het algemeen bestuur

1. Het algemeen bestuur is samengesteld als volgt:

van iedere deelnemer: het collegelid dat belast is met de portefeuille sociale zaken plus twee door de gemeenteraad uit diens midden aan te wijzen leden.

2. De raden van de deelnemers beslissen in de eerste vergadering van elke zittingsperiode

over de aanwijzing van de leden en twee plaatsvervangende leden van het algemeen bestuur.

3. De conform lid 2 van dit artikel aangewezen leden van het algemeen bestuur hebben,

onverminderd het bepaalde in artikel 17 lid 3, zitting gedurende de zittingsduur van de gemeenteraad.

4. De leden van het algemeen bestuur treden af op de dag waarop de nieuwe leden door de

nieuwe raden van de deelnemers zijn aangewezen. De leden-portefeuillehouders blijven lid van het bestuur tot het moment waarop in hun opvolging is voorzien.

5. Het lid dat ophoudt lid van de raad te zijn, respectievelijk het bestuurslid dat niet langer

portefeuillehouder sociale zaken is, houdt daarmee tevens op lid te zijn van het algemeen bestuur.

6. Het lid dat ter vervulling van een tussentijdse vacature als lid van het algemeen bestuur

wordt benoemd, treedt af op het tijdstip waarop degene in wiens of wier plaats dit lid is benoemd, zou hebben moeten aftreden.

7. De leden van het algemeen bestuur die tussentijds ontslag nemen, stellen de voorzitter van het algemeen bestuur alsmede de raad die hen heeft aangewezen hiervan op de hoogte.

Het ontslag is onherroepelijk. Leden van het algemeen bestuur die ontslag hebben genomen, behouden hun lidmaatschap totdat in hun opvolging is voorzien.

8. De aanwijzing voor de vervulling van plaatsen die zijn opengevallen, vindt in de eerstkomende vergadering plaats van de raad die het aangaat.

Artikel 6

Taken en bevoegdheden van het algemeen bestuur

1. Ter vervulling van het in artikel 2 genoemde belang heeft het algemeen bestuur de taak om het beleid te ontwikkelen en voor te bereiden op strategisch, tactisch en operationeel niveau.

2. Aan het algemeen bestuur worden alle bevoegdheden overgedragen, die nodig zijn voor de vervulling van de taak als bedoeld in lid 1 van dit artikel met uitzondering van de

bevoegdheden, die bij wet of in deze regeling aan een ander bestuursorgaan zijn toebedeeld.

3. Het vaststellen van verordeningen en van beleid blijft de bevoegdheid van de afzonderlijke gemeenteraden.

4. Het algemeen bestuur is bevoegd tot de oprichting van en de deelneming in stichtingen, maatschappen,

vennootschappen,

verenigingen,

coöperaties

en

onderlinge

waarborgmaatschappijen, indien dat in het bijzonder aangewezen moet worden geacht voor de behartiging van het daarmee te dienen openbaar belang.

5. Het besluit bedoeld in lid 4 van dit artikel wordt niet genomen dan nadat de raden van de

deelnemers een ontwerpbesluit is toegezonden en in de gelegenheid zijn gesteld hun wensen en bedenkingen ter kennis van het algemeen bestuur te brengen.

Artikel 7

De werkwijze van het algemeen bestuur

1. Het algemeen bestuur stelt een reglement van orde voor zijn vergaderingen vast.

Besluiten worden genomen met gewone meerderheid van stemmen. Als de stemmen staken geldt de procedure zoals beschreven in artikel 32 lid 4 van de Gemeentewet.

2. Het algemeen bestuur vergadert zo vaak als hij daartoe heeft besloten, maar minimaal twee keer per jaar en verder zo dikwijls als de voorzitter dit nodig acht of ten minste

twee leden van het algemeen bestuur zulks verzoeken (onder schriftelijke opgave van de redenen). In het laatste geval vindt de vergadering binnen twee weken plaats.

3. De voorzitter roept de leden schriftelijk tot de vergadering op.

4. Tegelijkertijd met de oproep brengt de voorzitter dag, tijdstip en plaats van de vergadering ter openbare kennis. De agenda en de daarbij behorende voorstellen- met uitzondering van de stukken waaromtrent geheimhouding is opgelegd,- worden tegelijkertijd met de oproep en op een bij de openbare kennisgeving aan te geven wijze ter inzage gelegd.

5. De vergaderingen van het algemeen bestuur zijn openbaar.

6. De deuren worden gesloten wanneer een vijfde deel van de aanwezige leden daarom verzoekt of de voorzitter het nodig oordeelt.

7. Het algemeen bestuur beslist vervolgens of met gesloten deuren wordt vergaderd.

8. Uit de Gemeentewet zijn van overeenkomstige toepassing de bepalingen in artikel 20

(quorum voor opening van vergadering), artikel 22 (onschendbaarheid, verschoningsrecht),

artikel 26 (handhaving orde vergadering), artikel 28 (niet-deelname aan de stemming),

artikel 29 (quorum voor geldige stemming), artikel 30 (totstandkoming besluit), artikel 31 (geheime stembriefjes), artikel 32 (overige stemmingen) en artikel 33 (ambtelijke bijstand leden van het bestuur). Artikel 8

Besloten vergadering

In een besloten vergadering van het algemeen bestuur worden geen besluiten genomen over het beleidsplan, de begroting (wijziging), de jaarrekening en het liquidatieplan.

Hoofdstuk 3 Het dagelijks bestuur Artikel 9

Samenstelling van het dagelijks bestuur

1. Het dagelijks bestuur bestaat uit de voorzitter en één

ander lid, door en uit het algemeen

bestuur aan te wijzen. De aldus aangewezen leden van het dagelijks bestuur mogen niet afkomstig zijn uit dezelfde gemeente.

2. De leden van het dagelijks bestuur oefenen hun functie uit met ingang van de eerste vergadering van het algemeen bestuur in de nieuwe samenstelling.

3. De leden van het dagelijks bestuur treden, onverminderd het bepaalde in artikel 15 lid 3,

af op de dag van aftreden van het algemeen bestuur. Ze houden hun lidmaatschap totdat in hun opvolging is voorzien.

4. De aanwijzing van leden van het dagelijks bestuur ter vervulling van plaatsen, die

openvallen, vindt plaats binnen 2 maanden of indien dit niet mogelijk is, zo spoedig mogelijk daarna.

5. Degene die ophoudt lid van het algemeen bestuur te zijn, houdt tevens op lid te zijn van het dagelijks bestuur.

Artikel 10 Taken en bevoegdheden van het dagelijks bestuur 1. De taken van het dagelijks bestuur zijn:

a. de uitvoering van de Participatiewet inclusief de invoeringswet, de uitvoering van de

Wet

Inkomensvoorziening

oudere

en

gedeeltelijk

arbeidsongeschikte

werknemers (IOAW) en de Wet Inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte

zelfstandigen

(IOAZ),

de

uitvoering

van

het

Besluit

bijstandverlening zelfstandigen (Bbz) en bij deze wetten behorende algemene maatregelen van bestuur en uitvoeringsregelingen.

b. de uitvoering van de Wet inburgering 2021.

c. de uitvoering van andere door een of meer deelnemende gemeenten aan de dienst opgedragen taken binnen het sociaal domein.

d. het verlenen van diensten binnen het sociaal domein aan gemeenten buiten het

onder artikel 3 lid 2 genoemde rechtsgebied dan wel aan andere organisaties dan

gemeenten ongeacht hun plaats van vestiging, met dien verstande dat het algemeen bestuur hiermee dient in te stemmen. De diensten worden verleend tegen een vooraf overeengekomen prijs. Verschuldigde BTW wordt apart in rekening gebracht.

2. Aan het dagelijks bestuur van de dienst worden bij deze regeling alle bevoegdheden overgedragen, die nodig zijn voor de uitvoering van de in lid 1 onder a en b van dit artikel genoemde taken.

3. De vaststelling van nadere regels op grond van de verordeningen is de bevoegdheid van de afzonderlijke Colleges, tenzij deze bevoegdheid is gedelegeerd aan het dagelijks bestuur.

4. Voorts heeft het dagelijks bestuur, onverminderd het bepaalde in artikel 33 b van de Wet gemeenschappelijke regelingen, de volgende taken en bevoegdheden:

a. het vertegenwoordigen van de dienst binnen regionaal bestuurlijk overleg.

b. het behartigen van de belangen van de dienst bij andere overheden, instellingen, bedrijven of personen, waarmee contact voor de dienst van belang is.

c. het houden van toezicht op het functioneren van de dienst. Artikel 11

Werkwijze

1. Het dagelijks bestuur vergadert zo dikwijls als de voorzitter of een ander lid van het

dagelijks bestuur dit nodig acht, zulks onder opgave van redenen. De vergadering vindt plaats binnen twee weken nadat het verzoek is ingekomen.

2. Het dagelijks bestuur kan zijn werkzaamheden verdelen over zijn leden. Het dagelijks bestuur deelt zijn besluiten daarover mee aan het algemeen bestuur.

3. Het dagelijks bestuur kan een reglement van orde voor zijn vergaderingen vaststellen, dat aan het algemeen bestuur ter kennisneming wordt overgelegd.

Artikel 12

kaders

1. De uitvoering van de in artikel 10, lid 1 onder a en b genoemde taken is gebonden aan het door de deelnemers ingevolge artikel 19 vastgestelde beleidsplan.

2. Deze taken worden zoveel mogelijk uitgevoerd in samenwerking met ketenpartners en (overige) organisaties op het gebied van werk, scholing, zorg en inkomen.

Hoofdstuk 4 De voorzitter en de vicevoorzitter Artikel 13

Aanwijzing, taak en vervanging

1. De voorzitter en de vicevoorzitter worden door en uit het algemeen bestuur aangewezen.

2. Bij verhindering of ontstentenis van de voorzitter wordt deze vervangen door de vicevoorzitter.

3. De voorzitter is belast met de leiding van de vergaderingen van het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur.

4. De voorzitter tekent de stukken die van het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur uitgaan.

5. De voorzitter vertegenwoordigt de dienst in en buiten rechte. De voorzitter kan de vertegenwoordiging opdragen aan een door deze aan te wijzen gemachtigde.

Hoofdstuk 5 De directeur Artikel 14

Taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden

1. De bestuursorganen worden bijgestaan door een directeur, aan wie in het dagelijks bestuur een adviserende stem toekomt.

2. De directeur wordt aangenomen, geschorst en ontslagen door het dagelijks bestuur.

3. Het dagelijks bestuur wijst een plaatsvervanger voor de directeur aan, die de directeur in geval van verhindering of ontstentenis vervangt.

4. De directeur fungeert in het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur als secretaris.

5. De directeur ondertekent mede alle stukken die van het algemeen en het dagelijks bestuur uitgaan.

6. De directeur is belast met de dagelijkse leiding van de dienst.

7. De verantwoordelijkheden en bevoegdheden van de directeur worden vastgelegd in een statuut. Het statuut wordt vastgesteld door het dagelijks bestuur.

8. Het dagelijks bestuur komt jaarlijks met de directeur een bedrijfsplan overeen, waarin de door de dienst te leveren prestaties zijn vastgelegd.

9. De directeur is verantwoording verschuldigd aan het dagelijks bestuur.

Hoofdstuk 6 Informatie, verantwoording en ontslag

Artikel 15

Intern

1. De leden van het dagelijks bestuur zijn, tezamen en ieder afzonderlijk, aan het algemeen bestuur verantwoording verschuldigd voor het door hen gevoerde bestuur.

2. Zij geven tezamen, dan wel afzonderlijk, gevraagd of ongevraagd, aan het algemeen

bestuur alle informatie die voor een juiste beoordeling van het door het dagelijks bestuur te voeren en gevoerde bestuur nodig is.

3. Een lid van het dagelijks bestuur kan door het algemeen bestuur worden ontslagen, als dit lid niet meer het vertrouwen van het algemeen bestuur bezit.

4. De leden 1 en 2 zijn van overeenkomstige toepassing op de voorzitter voor het door hem gevoerde bestuur.

Artikel 16

Extern door het algemeen en dagelijks bestuur

Het algemeen en het dagelijks bestuur geven aan de raden van de gemeenten gevraagd en

ongevraagd alle informatie, die voor een juiste beoordeling van het door het bestuur gevoerde en te voeren bestuur nodig is. Artikel 17

Extern door individuele leden van het algemeen bestuur.

1. Een lid van het algemeen bestuur verschaft de raad, waarbinnen dit lid zitting heeft, alle inlichtingen die door de raad of door een of meer leden van de raad worden verlangd en wel op de in het reglement van orde voor de vergaderingen van de desbetreffende raad aangegeven wijze.

2. Een lid van het algemeen bestuur is aan de raad waarbinnen dit lid zitting heeft

verantwoording verschuldigd voor het door hem in dat bestuur gevoerde beleid en wel op

de in het reglement van orde voor de vergaderingen van de desbetreffende raad aangegeven wijze.

3. Een lid van het algemeen bestuur kan door de raad waarbinnen dit lid zitting heeft uit het

algemeen bestuur worden ontslagen, indien dit lid niet meer het vertrouwen van de raad bezit.

Hoofdstuk 7 Het personeel Artikel 18 Personeel

Op het personeel is van toepassing de cao Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties (cao

SGO). Het dagelijks bestuur beslist over de toepassing van arbeidsvoorwaarden die buiten de kaders van de cao SGO vallen.

Hoofdstuk 8 Het beleidsplan en het jaarverslag Artikel 19

Het beleidsplan

1. Het dagelijks bestuur bereidt tenminste eenmaal per 4 jaren (gelijklopend met de

zittingsperiode van de gemeenteraad) vóór 1 november een meerjarenbeleidsplan voor en legt dit ter goedkeuring en vaststelling voor aan de raden van de deelnemers. In het beleidsplan staat welk beleid voor de deelnemers wordt uitgevoerd.

2. Het dagelijks bestuur stelt op basis van het meerjarenbeleidsplan jaarlijks het bedrijfsplan voor de dienst op.

3. Als de raad van een deelnemer ten aanzien van een bepaald onderwerp een eigen beleid

wenst uit te voeren, dat afwijkt van het gemeenschappelijk beleid, wordt ook het

afwijkende beleidsstandpunt van deze deelnemer in het bedrijfsplan opgenomen en door

de dienst uitgevoerd. Voor de financiële gevolgen hiervan is artikel 22, lid 3, onder b, van toepassing.

4. Op basis van het meerjarenbeleidsplan wordt jaarlijks een programmabegroting opgesteld,

waarin de activiteiten voor elk jaar worden aangegeven met de vermelding van de daarvoor benodigde financiële en personele middelen.

5. Het dagelijks bestuur stelt jaarlijks een jaarverslag op. Het jaarverslag wordt door het

algemeen bestuur vastgesteld en samen met de jaarrekening aan de raden van de deelnemende gemeenten ter kennisname aangeboden.

Hoofdstuk 9 Financiële bepalingen Artikel 20

Financieel en administratief beheer

1. Het algemeen bestuur stelt voorschriften vast voor het financiële en administratieve beheer

van de dienst. Het bepaalde in artikel 212 en 213 van de Gemeentewet is van overeenkomstige toepassing.

2. De door de deelnemer aan de dienst verstrekte budgetten in het kader van de uitvoering

van de Participatiewet (inkomensdeel en werkdeel) en andere fondsen en doeluitkeringen,

die door het rijk aan de deelnemers zijn verstrekt, bedoeld voor de uitvoering van de in artikel 6 en 10 bedoelde taken, worden door de dienst beheerd.

Artikel 21

Begrotingsprocedure

1. Het dagelijks bestuur zendt jaarlijks voor 1 april een, op basis van het in artikel 19

genoemde meerjarenbeleidsplan opgestelde, ontwerpbegroting van de dienst voor het komende kalenderjaar, vergezeld van een toelichting, aan de raden van de deelnemers.

2. De ontwerpbegroting wordt door de deelnemers voor eenieder ter inzage gelegd en is tegen betaling van de kosten algemeen verkrijgbaar. Het bepaalde in artikel

190 leden 2 en 3 van de Gemeentewet is van overeenkomstige toepassing.

3. De raden van de deelnemers kunnen binnen 8 weken na toezending van de

ontwerpbegroting het dagelijks bestuur van hun zienswijze laten blijken. Het dagelijks bestuur voegt de commentaren, waarin de zienswijze van de raden zijn vervat, bij de ontwerpbegroting, zoals deze aan het algemeen bestuur wordt aangeboden.

4. Het algemeen bestuur stelt de begroting vast uiterlijk op 1 juli van het jaar voorafgaande aan het jaar waarvoor de begroting moet dienen.

5. Terstond na de vaststelling van de begroting zendt het algemeen bestuur de begroting ter kennisname aan de raden van de deelnemers.

6. Het dagelijks bestuur zendt de begroting binnen 2 weken na vaststelling daarvan, doch uiterlijk voor 15 juli, aan Gedeputeerde Staten.

7. De in dit artikel genoemde procedure, met uitzondering van de daarin genoemde data, is van overeenkomstige toepassing op de besluiten tot wijziging van de begroting.

Artikel 22

Bijdragen van de deelnemers

1. In de begroting staat welke bijdrage elke deelnemer verschuldigd is voor de uitvoering van de aan de dienst opgedragen taken. De vergoeding voor geleverde diensten van de

deelnemers aan de dienst, die in mindering kan worden gebracht op de verschuldigde bijdrage, wordt separaat zichtbaar gemaakt in de begroting.

2. De bijdrage per deelnemer in de begroting bestaat uit directe en indirecte aan de deelnemers toe te rekenen kosten.

3. De direct aan een deelnemer toe te rekenen kosten betreffen de kosten, die rechtstreeks ten behoeve van deze deelnemer zijn gemaakt. Dit betreft:

a. programmakosten waaronder wordt verstaan alle kosten die direct voortvloeien uit de

toepassing van beleid en regelgeving in de uitvoering van de in artikel 6 en 10, lid 1 onder a en b genoemde taken onder aftrek van de daarvoor ontvangen ontvangsten.

b. alle extra kosten van de dienst, die worden veroorzaakt door gemeentelijk beleid als bedoeld in artikel 19 lid 3, dat afwijkt van het algemene beleid.

4. De indirect aan een deelnemer toe te rekenen kosten betreffen de kosten, die niet rechtstreeks ten behoeve van deze deelnemer zijn gemaakt, en die derhalve slechts via een verdeelsleutel zijn toe te rekenen aan de betreffende deelnemer . Dit betreft: a. apparaatskosten waaronder salarislasten, overige personele lasten, etc. b. beheerskosten, waaronder organisatielasten, huisvestingslasten, etc.

5. De toe te passen verdeelsleutel zal jaarlijks worden opgenomen in de ontwerpbegroting.

6. Een eventuele tussentijdse onder- of overschrijding van de begroting op de in lid 3 en 4

genoemde kosten, wordt door de dienst op overeenkomstige wijze als bedoeld in lid 5 van dit artikel verrekend met de deelnemer.

7. Direct na ontvangst door de deelnemers van de betalingen van het rijk voor de kosten zoals bedoeld in lid 3 en 4 worden de budgetten door de gemeente aan de dienst overgemaakt.

8. Kennelijke onbillijkheden die uit de toepassing van dit artikel voortvloeien worden ter beslissing voorgelegd aan het dagelijks bestuur.

9. Over wijzigingen met betrekking tot de wijze waarop verrekening met de deelnemers plaatsvindt, beslist het algemeen bestuur.

Artikel 23

Voortgangsrapportages

1. Het dagelijks bestuur legt tweemaal per jaar middels een bestuursrapportage

verantwoording af aan het algemeen bestuur over de voortgang en de eindprognose van de in de programmabegroting opgenomen beleidsdoelstellingen, de uitputting van de

middels de programmabegroting ter beschikking gestelde budgetten en de overige afspraken, zoals die zijn vastgelegd in het in de artikelen 14 en 19, lid 2, genoemde bedrijfsplan.

2. Het dagelijks bestuur zendt deze bestuursrapportage zo snel mogelijk na vaststelling aan het algemeen bestuur, onder gelijktijdige toezending aan de raden van de deelnemers.

3. De raden van de deelnemers kunnen binnen 8 weken nadat de bestuursrapportage hen is toegezonden daartegen schriftelijk bij het algemeen bestuur bezwaar indienen.

Artikel 24

De jaarrekening

1. Het dagelijks bestuur biedt de jaarrekening over het afgelopen kalenderjaar met alle

bijbehorende bescheiden jaarlijks voor 1 april ter voorlopige vaststelling aan het algemeen bestuur aan, onder gelijktijdige toezending aan de raden van de deelnemers. De rekening

moet zijn vergezeld van een verslag van het onderzoek naar de getrouwheid en de rechtmatigheid van de jaarrekening ingesteld door de overeenkomstig artikel 213 van de

gemeentewet aangewezen deskundigen en van hetgeen het dagelijks bestuur voor zijn 2.

verantwoordingstaak verder dienstig acht. In

de

rekening

wordt

voor

elk

van

de

deelnemers

overeenkomstig

de

toerekeningsmethodiek zoals verwoord in artikel 22, leden 5 en 6, het bedrag opgenomen dat voor rekening van de desbetreffende deelnemer komt. De vergoeding voor diensten die de deelnemer aan de dienst heeft geleverd wordt hierbij separaat zichtbaar gemaakt.

3. Na afloop van elk kalenderjaar en uiterlijk 4 weken na de vaststelling van de jaarrekening van de dienst vindt tussen de dienst en de deelnemers een definitieve afrekening plaats overeenkomstig de in artikel 22 vastgelegde afspraken.

4. De raden van de deelnemers kunnen binnen 8 weken nadat de rekening overeenkomstig lid 1 van dit artikel is toegezonden, daartegen bij het algemeen bestuur bezwaar indienen.

5. Het algemeen bestuur onderzoekt de rekening en stelt haar vast uiterlijk op 1 juli van het

jaar volgend op het jaar, waarop de rekening betrekking heeft. Het algemeen bestuur doet de raden van de deelnemers mededeling van de vaststelling.

6. Vaststelling van de rekening strekt het dagelijks bestuur tot decharge behoudens later in rechte gebleken valsheid in geschrifte of andere onregelmatigheden.

7. De rekening wordt binnen 2 weken na de afrekening, doch uiterlijk voor 15 juli van het jaar volgend op het jaar waarop de rekening betrekking heeft aan Gedeputeerde Staten verzonden. Artikel 25

Liquiditeit

De deelnemers zullen er steeds zorg voor dragen dat de dienst te allen tijde over voldoende middelen beschikt om aan zijn verplichtingen jegens derden te kunnen voldoen.

Artikel 26

Medewerking gemeenten

1. De deelnemers verlenen hun medewerking aan de uitvoering van de besluiten die het bestuur van de dienst neemt binnen de aan het bestuur toegekende bevoegdheden.

2. Als de deelnemer, naar het oordeel van het bestuur de in lid 1 van dit artikel bedoelde

medewerking niet of in onvoldoende mate verleent, kan het bestuur namens of ten laste van de deelnemer een besluit uitvoeren of laten uitvoeren.

Alvorens daartoe over te gaan stelt het bestuur de betrokken deelnemer daarvan in kennis.

Hoofdstuk 10 Het archief en privacy Artikel 27

Archief

1. Het dagelijks bestuur is belast met de zorg voor de archiefbescheiden van de organen van het openbaar lichaam, overeenkomstig een door het algemeen bestuur, met inachtneming

van artikel 40 van de Archiefwet 1995 vast te stellen regeling (Archiefverordening), die aan gedeputeerde staten moet worden medegedeeld.

2. Het dagelijks bestuur is tevens belast met de zorg voor de archiefbescheiden die worden gevormd krachtens de aan het samenwerkingsverband gedelegeerde taken.

3. De zorg voor de archiefbescheiden die ontstaan uit hoofde van de door de deelnemers of andere overheidsorganisaties gemandateerde bevoegdheden berust bij deze overheden.

4. Bij

opheffing

van

de

gemeenschappelijke

regeling

wordt

ten

aanzien

van

de

archiefbescheiden een voorziening getroffen conform artikel 4 lid 1 van de Archiefwet 1995.

5. Voor de bewaring van de op grond van artikel 12, lid 1 en artikel 13 van de Archiefwet 1995 over te brengen archiefbescheiden van de in deze regeling genoemde bestuursorganen is aangewezen de archiefbewaarplaats van de gemeente Brunssum.

6. De directeur is belast met het beheer van de archiefbescheiden, voor zover deze archiefbescheiden niet zijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats.

7. De door het dagelijks bestuur aangewezen archivaris is belast met het toezicht op het

beheer van de archiefbescheiden, voor zover deze archiefbescheiden niet zijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats.

8. Met het toezicht op het beheer van de archiefbescheiden die ontstaan uit hoofde van een

door een overheidsorganisatie gemandateerde bevoegdheid is belast de archivaris van de desbetreffende overheidsorganisatie.

Artikel 27a

Privacy en informatiebeveiliging

1. De dienst wordt voor de uitvoering van de overgedragen taken en bevoegdheden

aangemerkt als zelfstandig verwerkingsverantwoordelijke in de zin van artikel 4 onder 7 van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (hierna: AVG).

2. Het dagelijks bestuur is belast met de zorg voor het toezicht op een correcte naleving van de AVG en rapporteert desgewenst daarover aan de gemeentebesturen.

3. Het dagelijks bestuur is belast met de zorg voor het implementeren van de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO).

4. De bepalingen van de Suwinet-wetgeving en het meest actuele Suwinet-normenkader voor afnemers zijn onverkort van toepassing op de dienst.

5. De dienst verstrekt in het kader van de Eenduidige Normatiek Single Information Audit (ENSIA) een jaarlijkse verantwoording, over het gebruik, beheer en de beveiliging van Suwinet, aan de besturen van de deelnemers. De jaarlijkse verantwoording geschiedt aan de hand van een TPM-verklaring die door een onafhankelijke auditor is goedgekeurd. Het bestuur van de deelnemers wordt uiterlijk op 31 januari van het volgende kalenderjaar op

de hoogte gebracht van de verantwoording over het voorgaande kalenderjaar. De deelnemer heeft de jaarlijkse verantwoording nodig om zich zowel horizontaal (aan de

gemeenteraad) als verticaal (aan het Ministerie Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties) te kunnen verantwoorden over het gebruik van Suwinet.

Hoofdstuk 11 Toetreding, wijziging en opheffing

Artikel 28

Toetreding

1. De raad en het College van burgemeester en wethouders van een nieuwe gemeente, die wenst toe te treden, richt het verzoek ter zake aan het algemeen bestuur.

2. Het algemeen bestuur zendt het verzoek als bedoeld in lid 1 binnen 12 weken door aan de besturen van de deelnemers onder overlegging van zijn advies omtrent de toetreding en eventueel daaraan te verbinden voorwaarden.

3. Toetreding vindt plaats indien de raden en de Colleges van burgemeester en wethouders van de deelnemers daarmee instemmen.

Artikel 29

Wijziging

De regeling wordt gewijzigd door een eensluidend besluit van de raden en de Colleges van burgemeester en wethouders van de deelnemers.

Artikel 30

Opheffing en liquidatie

1. De regeling wordt op verzoek van de raad en het college van een deelnemer opgeheven.

2. In geval van opheffing van de regeling en daardoor uiteindelijk de ontbinding van het

openbaar lichaam ISD BOL wordt door het algemeen bestuur, de raden en de colleges van

burgemeester en wethouders gehoord hebbende, een liquidatieplan vastgesteld. In het liquidatieplan kan van de bepalingen van de regeling worden afgeweken.

3. Het liquidatieplan voorziet in de verplichting van de deelnemers om alle rechten en verplichtingen van de dienst te verdelen op een in het plan te bepalen wijze.

4. Het liquidatieplan voorziet in de gevolgen die de opheffing heeft voor het personeel. 5. Het liquidatieplan voorziet in de gevolgen die de opheffing heeft voor het archief. 6. Het dagelijks bestuur is belast met de uitvoering van de liquidatie.

7. De organen van de gemeenschappelijke regeling blijven ook na het tijdstip van opheffing in functie totdat de liquidatie is voltooid.

Artikel 31

Bekendmaking en inwerkingtreden toetreding, wijziging en opheffing

1. De deelnemers maken de besluiten tot het wijzigen of opheffen van de regeling in hun eigen gemeenten bekend op de wijze als bedoeld in artikel 3:42 Algemene wet

bestuursrecht. De gemeente die toetreedt tot de regeling maakt het besluit tot toetreding in de eigen gemeente bekend op de wijze zoals in bedoeld in artikel 3:42 Algemene wet bestuursrecht.

2. Het bestuur van de gemeente, waar de dienst is gevestigd maakt de besluiten tot wijziging, opheffing, alsmede besluiten tot toetreding tijdig in alle deelnemende gemeenten bekend

door kennisgeving van de inhoud daarvan in het door dat gemeentebestuur uitgegeven gemeenteblad.

3. Een besluit tot toetreding, wijziging of opheffing treedt niet eerder in werking dan nadat het door alle gemeenten op de voorgeschreven wijze is bekendgemaakt.

Hoofdstuk 12 Slotbepalingen

Artikel 32

Duur van de regeling

Artikel 33

Titel

De regeling is aangegaan voor onbepaalde tijd.

Deze regeling kan worden aangehaald als gemeenschappelijke regeling van ISD BOL.

Aldus besloten door:

De raad van de gemeente Brunssum, in zijn openbare vergadering van ………….

Griffier

Voorzitter

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Brunssum, in zijn vergadering van …………………………….

Voorzitter

Secretaris

De raad van de gemeente Landgraaf, in zijn openbare vergadering van …………………

Griffier

Voorzitter

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Landgraaf, in zijn vergadering van …………………….

Voorzitter

Secretaris

4 Renteloze lening Drumfanfare Parcifal; Gemeenteblad 2022/84 1 Raadsvoorstel 84 renteloze lening drumfanfare Parcifal.docx

Raadsvoorstel Collegeverg. d.d. Registratiekenmerk Gemeentebladnr. Afdeling opsteller Naam opsteller Bereikbaar onder Portefeuillehouder Raadsvergadering d.d. Uiterlijke datum

: 23 augustus 2022 : 202211050 : 2022/84 : Maatschappelijke ontwikkeling : Natasja Wetzels : +31455278534, natasja.wetzels@brunssum.nl : Hugo Janssen : 27september 2022 : Niet van toepassing

Aan de raad, 1. Onderwerp Raadsvoorstel & besluit renteloze lening drumfanfare Parcifal 2. a.

Uitgangssituatie (WAAROM?) Aanleiding De gemeente Brunssum ontving een schriftelijk verzoek van Drumfanfare Majorettepeloton Parcifal waarin men aangaf in aanmerking te willen komen voor een renteloze lening van de gemeente ten behoeve van de aanschaf van nieuwe blaasinstrumenten. Drumfanfare Majorettepeloton Parcifal geeft aan in aanmerking te willen komen voor een renteloze lening voor een bedrag van € 16.050,-

b.

Huidige situatie/probleemstelling Op grond van artikel 12 van de Subsidieregeling 5: Cultuur Brunssum 2022 bestaat de mogelijkheid om in aanmerking te komen voor een renteloze geldlening voor de aanschaf van instrumenten, uniformen en concertkleding voor verenigingen die op grond van artikel 11 van diezelfde regeling een subsidie ten behoeve van fondsvorming ontvangen. Het college dient een besluit te nemen op de betreffende aanvraag.

3. a.

Gewenste situatie (WAT? Wat willen we bereiken? Ondersteuning van culturele verenigingen in de gemeente Brunssum waarmee zij in staat worden gesteld hun activiteiten uit te blijven oefenen.

b.

Kaders Subsidieregeling 5: Cultuur Brunssum 2022 Treasurystatuut (artikel 15, lid 8): de bevoegdheid voor het verstrekken van leningen aan derden uit hoofde van de publieke taak is een bevoegdheid van de raad.

c.

Argumenten en overwegingen Recht op renteloze geldlening: Op grond van artikel 12 lid 1 Subsidieregeling 5: Cultuur Brunssum 2022 bestaat de mogelijkheid om in aanmerking te komen voor een renteloze geldlening als de vereniging op grond van artikel 11 van diezelfde regeling een subsidie ten behoeve van fondsvorming ontvangt. Bij besluit van 21 december 2021 is aan Drumfanfare en Majorettepeloton Parcifal voor het kalenderjaar 2022 op grond van artikel 11 van de Subsidieregeling 5: Cultuur Brunssum 2022 een subsidie van € 1.863,- verleend als subsidie voor fondsvorming.

Drumfanfare Majorettepeloton Parcifal komt daarmee in aanmerking voor een renteloze geldlening. Nadat tenminste 25% van de lopende lening is afgelost, kan een nieuwe lening worden verstrekt die tezamen met het nog niet afgeloste deel van de lopende lening niet meer mag bedragen dan tien maal het bedrag dat in het betreffende kalenderjaar aan de vereniging werd verleend voor fondsvorming. Er is geen sprake van een nog lopende geldlening door Drumfanfare Majorettepeloton Parcifal. Hoogte renteloze geldlening: Op grond van artikel 12 lid 1 Subsidieregeling 5: Cultuur Brunssum 2022 bedraagt de renteloze geldlening bedraagt ten hoogste tien maal het bedrag dat de vereniging over het betreffende jaar voor fondsvorming ontving. Gelet op het bovenstaande komt Drumfanfare Majorettepeloton Parcifal in aanmerking voor een renteloze geldlening van maximaal € 18.630,-. Het door Drumfanfare Majorettepeloton Parcifal gevraagde bedrag is lager dan het maximale bedrag waarvoor een renteloze lening verstrekt kan worden. Het bedrag van € 16.050,- kan daarmee verleend worden.

Aflossing renteloze geldlening: Aflossing van de lening vindt op grond van artikel 12 lid 3 Subsidieregeling 5: Cultuur Brunssum 2022 plaats door verrekening van het bedrag waarop de vereniging op grond van artikel 11 van de betreffende regeling (subsidie voor fondsvorming) recht op heeft. De in artikel 11 Subsidieregeling 5: Cultuur Brunssum 2022 genoemde subsidie voor fondsvorming bedraagt een percentage van het in het betreffende jaar door de vereniging van haar leden ontvangen bedrag aan contributie met een daaraan verbonden maximaal bedrag per lid. Concreet is dit voor fanfares 35% van de daadwerkelijk ontvangen contributie met een maximum van 27 euro per lid per jaar. De hoogte van de subsidie (en dus ook de hoogte van de aflossing van de lening) is daarmee afhankelijk van de daadwerkelijk door de vereniging ontvangen inkomsten uit contributie. In de regeling is geen sprake van een maximale termijn waarbinnen de lening afgelost dient te worden. Door de koppeling van de hoogte van de aflossing aan de hoogte van de subsidie voor fondsvorming, past de aflossing zich steeds aan de financiële mogelijkheden van de vereniging aan. Hiermee worden de financiële risico's voor de vereniging zo beperkt mogelijk gehouden.

De lening dient volledig te worden afgelost, maar wanneer de financiële mogelijkheden van de vereniging minder worden, dan zal ook het jaarlijks aflossingsbedrag lager worden en wordt de looptijd van de lening gewoon verlengd. Wanneer de vereniging in een kalenderjaar niet of niet tijdig een subsidieaanvraag voor fondsvorming doet, wordt de volledige renteloze lening direct opeisbaar. Dit staat in artikel 12 lid 4 Subsidieregeling 5: Cultuur Brunssum 2022. d.

Opties en keuze De raad kan ervoor kiezen het bedrag van de renteloze geldlening lager vast te stellen. Hier zijn echter geen redenen voor. Het college gaat een overeenkomst van geldlening aan waarbij terugbetaling wordt geregeld volgens de door het college vastgestelde 'Subsidieregeling 5: Cultuur Brunssum 2022'. Hiertoe is een overeenkomst tot geldlening met variabele aflossing opgesteld. Dit betreft het document met kenmerk 202212637.

Het college van burgemeester en wethouders,

Burgemeester

Secretaris

Raadsbesluit Gemeentebladnr. Afdeling Registratiekenmerk

: <Vul hier het gemeentebladnr. in) : Maatschappelijke ontwikkeling : 202211050

De raad van de gemeente Brunssum gemeentebladnummer <Vul hier het gemeentebladnr. in>; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. <Vul hier de datum in>, afdeling Maatschappelijke ontwikkeling; Besluit: 1. De raad gaat akkoord met het verstrekken van een renteloze lening aan drumfanfare Majorettepeloton Parcifal tot een bedrag van €16.050,- ten behoeve van de aanschaf van nieuwe instrumenten. 2. Het college gaat een overeenkomst van geldlening aan waarbij terugbetaling wordt geregeld volgend de door het college vastgestelde "subsidieregeling 5: Cultuur Brunssum 2022". Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van <vul hier de datum van de raadsvergadering in>

De Raad vernoemd,

Voorzitter

Griffier

1 Raadsvoorstel 84 (bijlage) renteloze lening drumfanfare Parcifal bijlage Overeenkomst van geldlening.docx

Overeenkomst van geldlening

De ondergetekenden: 1. De gemeente Brunssum, ten deze vertegenwoordigd door de burgemeester en de gemeentesecretaris en

2. Drumfanfare Majorettepeloton Parcifal te Brunssum, te dezer zake vertegenwoordigd door de voorzitter, secretaris en penningmeester

verklaren het volgende te zijn overeengekomen: aan Drumfanfare Majorettepeloton Parcifal te Brunssum, hierna te noemen de drumfanfare, een geldlening, groot € 16.050,- (ZESTIENDUIZENDENVIJFTIG euro) te verstrekken voor de aanschaf van instrumenten, zulks onder de navolgende voorwaarden en bedingen: 1. over de verleende som is de drumfanfare geen rente verschuldigd. De berekende rente à 0,5% komt ten laste van de gemeente. Voor de berekening van deze rente wordt de maand op 30 en het jaar op 360 dagen gesteld; 2. bij het bepalen van de hoogte van de lening is rekening gehouden met het bepaalde in artikel 12 van Subsidieregeling 5: Cultuur Brunssum 2022; 3. het geleende geld zal door de drumfanfare worden terugbetaald door jaarlijkse verrekening van de door de gemeente te betalen subsidie voor fondsvorming met de nog openstaande lening conform het bepaalde in artikel 12 Subsidieregeling 5: Cultuur Brunssum 2022, voor het eerst in het kalenderjaar 2023; 4. wanneer de drumfanfare in een kalenderjaar niet of niet tijdig een subsidie voor fondsvorming aanvraagt, wordt de volledige renteloze lening direct opeisbaar; 5. algehele of gedeeltelijke tussentijdse aflossing der lening is toegestaan op 31 december van elk jaar, mits de drumfanfare tenminste 14 dagen tevoren aan de gemeente schriftelijk kennis geeft van haar voornemen tot extra aflossing.

Deze kennisgeving is onherroepelijk en verplicht de drumfanfare op de gestelde datum de extra aflossing te doen; 6. de opbrengst van de geldlening mag alleen worden aangewend voor een bedrag van € 16.050,- ten behoeve van fondsvorming als bedoeld in artikel 11 Subsidieregeling 5: Cultuur Brunssum 2022; 7. de uit het onder 6 bedoelde fonds (dat mede is gevormd uit de opbrengst van de onderhavige geldlening) aangeschafte instrumenten mogen niet zonder toestemming van het College van burgemeester en wethouders worden vervreemd, zolang de geldlening niet geheel is afgelost. Instrumenten moeten behoorlijk tegen brand en diefstal worden verzekerd gedurende de looptijd van de lening. De polis van deze verzekering(en) of een duplicaat daarvan, alsmede de laatste premiekwitantie, zullen op eerste aanvraag aan de gemeente worden overhandigd; 8. alle kosten op het afgeven en ten uitvoerleggen van de overeenkomst, nu en later, zijn voor zover de wet zulks toelaat, voor rekening van de drumfanfare.

Ondertekening gemeente Brunssum Ondertekend te Brunssum op

(datum)

(handtekening)

(handtekening)

Mw. W.J.F. van der Rijt

Dhr. H. van de Roer

Burgemeester

Gemeentesecretaris

Ondertekening Drumfanfare Majorettepeloton Parcifal Brunssum Ondertekend te

(plaats) op

(handtekening) ________________________________________(naam) Voorzitter

(handtekening) ________________________________________(naam) Secretaris

(handtekening) ________________________________________(naam) Penningmeester

(datum)

5 Wijziging GR Omnibuzz 2022/85 1 Raadsvoorstel 85 Wijziging GR Omnibuzz afrekensystematiek.docx

Raadsvoorstel Collegeverg. d.d. Registratiekenmerk Gemeentebladnr. Afdeling opsteller Naam opsteller Bereikbaar onder Portefeuillehouder Raadsvergadering d.d. Uiterlijke datum

: 30 augustus 2022 : 202223758 : 2022/85 : Maatschappelijke ontwikkeling : Angelo van Goethem : angelo.van.goethem@brunssum.nl : Vérénice Hermans : 27 september 2022 : Niet van toepassing

Aan de raad, 1. Onderwerp Raadsvoorstel & besluit wijziging Gemeenschappelijke Regeling Omnibuzz (afrekensystematiek) Samenvatting In het AB Omnibuzz van 6 juli jl. is positief besloten over het starten van de besluitvormingsprocedure om de GR Omnibuzz per 1 januari 2023 te wijzigen met betrekking tot artikel 18, de afrekensystematiek. Het voornemen om de kosten voor het Omnibuzz-vervoer tussen gemeenten anders te verdelen bestaat al sinds de uitbreiding van de GR Omnibuzz in 2016. Via amendementen is destijds verzocht om de afrekening van de kosten meer in lijn te brengen met de daadwerkelijke kosten. Deze wens is later herhaaldelijk geuit vanuit deelnemende gemeenten en kan op ambtelijk draagvlak rekenen. Dit betekent dat dezelfde totale kosten anders verdeeld worden over de deelnemende gemeenten. Het verzoek richtte zich in eerste instantie op de beheerskosten, maar tijdens de uitwerking is dezelfde lijn doorgetrokken naar de vervoerskosten. Dit is geconcretiseerd door de afrekening van de vervoerskosten op basis van zones om te zetten naar kilometers. Kilometers liggen immers aan de basis van de daadwerkelijke kostenberekening van vervoer, omdat dit een meer eenduidige eenheid is dan zones. Kilometers zijn voor alle betrokkenen (klanten, gemeenten en vervoerders) een duidelijke en bekende eenheid, in tegenstelling tot de zonesystematiek. Op 1 juli jl.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Brunssum&id=d71959a1-ebb2-4b27-95c7-239cbdcf9b36