Agendabundel
Tekst van het document
2.
5.3.
Opdrachtnemer is voorts verplicht zich toereikend WA/BA en WAM te (doen) verzekeren.
Wet Ketenaansprakelijkheid 1.
Partijen gaan ervan uit dat op hun relatie en op de onderhavige overeenkomst de Wet Ketenaansprakelijkheid van toepassing is.
2.
De opdrachtnemer vrijwaart opdrachtgever tegen eventuele aanspraken die door de ontvanger der directe belastingen of de bedrijfsverenigingen in het kader van de Wet ketenaansprakelijkheid worden gemaakt, alsmede tegen eventuele op die Wet gebaseerde verhaalsaanspraken van (onder)aannemers die met (een deel van) de opdracht zullen worden belast.
5
Overeenkomst Accountantsdiensten Gemeente Brunssum 2019 tot en met 2021 d.d. 20 maart 2019
6.
OPDRACHTSOM, BETALING
6.1.
Opdrachtsom 1.
De kosten die de opdrachtgever aan de opdrachtnemer zal vergoeden voor levering en de bijbehorende dienstverlening zijn de kosten zoals vermeld op het prijzenblad behorende bij de offerte.
2.
Slechts meer- en minderwerk, waarvoor door opdrachtgever schriftelijk goedkeuring is verleend, en overige additionele voorzieningen en wijzigingen, waarvoor opdrachtgever schriftelijk opdracht of goedkeuring heeft verleend, komen voor verrekening in aanmerking.
6.2.
Facturering en Betaling 1.
Opdrachtnemer zal zijn facturen sturen naar: Gemeente Brunssum, t.a.v. de crediteurenadministratie, postbus 31000, 6370 AA te Brunssum, onder vermelding van budgethouder (dhr. P. Peeters). Elke declaratie dient duidelijk en overzichtelijk te worden gespecificeerd. Aanvullend op het reeds gestelde in dit lid is artikel 12 van de Algemene Inkoopvoorwaarden van de gemeente Brunssum 2006 van toepassing.
2.
Betaling prejudicieert niet op de vraag of de opdrachtnemer correct nagekomen is.
7.
BIJZONDER VERLOOP
7.1.
Tekortkoming en onvermogen 1.
Van een tekortkoming in de nakoming is sprake indien de prestatie niet binnen de overeengekomen termijn wordt geleverd of niet beantwoordt aan hetgeen partijen zijn overeengekomen, tenzij de tekortkoming de opdrachtnemer niet kan worden toegerekend.
2.
De volgende omstandigheden zijn in ieder geval toerekenbaar aan de opdrachtnemer: a.
gebrek aan personeel;
b.
ziekte of staking van personeel;
c.
verlate levering van zaken;
d.
uitval van hulpmiddelen;
e.
files;
f.
liquiditeitsproblemen;
g.
toerekenbare tekortkoming in de nakoming van door de opdrachtnemer ingeschakelde derden en andere, voorzienbare omstandigheden waarop de Opdrachtnemer had kunnen en moeten anticiperen.
3.
Opdrachtgever stelt de opdrachtnemer zo spoedig mogelijk na constatering van de tekortkoming schriftelijk in gebreke, tenzij nakoming blijvend onmogelijk is.
4.
De ingebrekestelling als bedoeld in het derde lid bevat een redelijke termijn voor nakoming.
5.
Onverminderd de mogelijkheden die de wet biedt en de overige rechten die hem toekomen,
Deze termijn is fataal, zodat de opdrachtnemer bij niet-tijdige nakoming in verzuim is. heeft opdrachtgever het recht om voor rekening van en na overleg met de opdrachtnemer herstel of vervanging zelf uit te voeren of door derden te laten uitvoeren, in de volgende gevallen: a.
nakoming is blijvend onmogelijk;
b.
de in het vierde lid bedoelde termijn is ongebruikt verlopen;
c.
er is sprake van zodanige spoedeisendheid dat onmiddellijke actie is geboden.
6
Overeenkomst Accountantsdiensten Gemeente Brunssum 2019 tot en met 2021 d.d. 20 maart 2019 6.
Voorts is Opdrachtgever in zodanig geval bevoegd elke andere redelijke voorziening ter beperking van zijn eventuele schade te treffen.
7.
Indien opdrachtgever als gevolg van een rechterlijke uitspraak gehouden is geen uitvoering te geven aan de gegunde overeenkomst dan wel deze te beëindigen, dan is opdrachtgever bevoegd de overeenkomst te ontbinden zonder dat opdrachtgever gehouden is om de daaruit voor de opdrachtnemer voortvloeiende schade te vergoeden.
8. 8.1.
OVERIGE BEPALINGEN De Opdrachtnemer is een combinatie 1.
Indien de opdrachtnemer een combinatie is, dus als combinatie heeft ingeschreven op de onderhavige opdracht, zijn de combinanten hoofdelijk aansprakelijk voor de nakoming van de overeenkomst.
8.2.
Contractoverneming 2.
De opdrachtnemer mag zijn rechten en verplichtingen uit hoofde van de overeenkomst noch geheel noch ten dele aan een ander overdragen zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van opdrachtgever.
3.
Indien er sprake is van rechtsopvolging onder algemene of bijzondere titel in de positie van de opdrachtnemer ten gevolge van herstructurering van de onderneming of insolventie, dan kan opdrachtnemer, mits de opdrachtgever daarmee instemt, door een andere opdrachtnemer worden vervangen, mits deze laatste voldoet aan de aanvankelijk vastgestelde criteria voor kwalitatieve selectie en dit geen andere wezenlijke wijzigingen in de uit voeren opdracht met zich meebrengt.
8.3.
Onderaanneming 1.
Het is opdrachtnemer zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van opdrachtgever niet toegestaan onderdelen van deze opdracht in onderaanneming dan wel door derden te doen verrichten.
2.
Aan toestemming als bedoeld in het eerste lid kan de opdrachtgever redelijke voorwaarden verbinden.
3.
De voorgaande leden 1 en 2 zijn van overeenkomstige toepassing indien de opdrachtnemer een bestaande onderaannemer wenst te vervangen.
4.
Indien de opdrachtnemer zich tijdens de aanbesteding voor zijn draagkracht (financieel of ervaring) beroepen heeft op een onderaannemer, dan geldt dat gedurende de volledige looptijd van deze overeenkomst op voornoemde onderaannemer de door opdrachtgever op de aanbesteding van toepassing verklaarde uitsluitingsgronden ex artikelen 2:86 en 2:87 AW niet van toepassing mogen zijn. Indien zulks wel het geval blijkt te zijn, dan kan de opdrachtgever vervanging zoeken en is opdrachtnemer gehouden op eerste verzoek van opdrachtgever, voornoemde onderaannemer binnen een redelijke termijn te vervangen en daarbij aan de' eisen genoemd in de leden 5 en 6 te voldoen.
5.
Indien de vervanging van een bestaande onderaannemer aan de orde is en het betreft een onderaannemer op wiens draagkracht (financieel of ervaring) de opdrachtnemer zich tijdens de aanbesteding van de opdracht beroepen heeft, dan geldt in ieder geval de voorwaarde dat de Opdrachtnemer zich op de draagkracht van de vervanger kan beroepen, waarbij de
7
Overeenkomst Accountantsdiensten Gemeente Brunssum 2019 tot en met 2021 d.d. 20 maart 2019 opdrachtnemer de documenten en bewijzen levert welke ook voor de voornoemde bestaande onderaannemer in het kader van de aanbesteding zijn aangeleverd. 6.
Indien de vervanging van een bestaande onderaannemer aan de orde is en het betreft een onderaannemer op wiens financiële draagkracht opdrachtnemer zich bij inschrijving heeft beroepen, dan geldt tevens de voorwaarde dat de onderaannemer zich jegens de opdrachtgever hoofdelijk aansprakelijk verklaart tot nakoming van deze overeenkomst.
7.
Opdrachtnemer vrijwaart de opdrachtgever voor extra kosten van de opdrachtgever ten gevolge van vervanging van een onderaannemer.
8.4.
Afdracht premies, sociale verzekeringen en loonbelasting 1.
De opdrachtnemer verschaft zo spoedig mogelijk na de opdracht van het werk de gegevens als bedoeld in de artikelen 6 en 7 van de Uitvoeringsregeling inleners-, keten- en opdrachtgeversaansprakelijkheid 2004 en opdrachtgever is gerechtigd te betalen op de geblokkeerde rekening als bepaald in de genoemde artikelen. De opdrachtnemer moet op elke declaratie uitdrukkelijk het loonkosten-, loonheffingen- en BTW-bestanddeel van het gedeclareerde bedrag vermelden. Opdrachtgever is tevens gerechtigd het aldus te betalen bedrag aan loonheffingen te fixeren op 35% van het loonkostenbestanddeel. Opdrachtgever is te zijner keuze gerechtigd van deze opgave of fixatie af te wijken en een hoger bedrag te voldoen op de geblokkeerde rekening.
2.
Opdrachtgever is te zijner keuze gerechtigd het gedeelte van de aannemingssom dat betrekking heeft op de door de opdrachtnemer voor zijn werknemers of onderaannemers verschuldigde loonbelasting en sociale premies alsmede BTW, rechtstreeks aan de belastingdienst over te maken. Alle betalingen op grond van deze bepaling, op welke rekening en in welke omvang dan ook, komen in alle gevallen in mindering op het door opdrachtgever aan de opdrachtnemer verschuldigde. Indien opdrachtgever op enig moment kiest voor een hogere betaling, dan wel een gefixeerde dan wel rechtstreekse storting, dan wel betaling op een geblokkeerde rekening, is hij daar bij een volgende betaling niet aan gebonden en is opdrachtgever opnieuw vrij te bepalen welk bedrag hij op welke wijze voldoet.
8.5.
Vreemdelingenarbeid en Arbeidsomstandigheden 1.
De Opdrachtnemer is verplicht om ervoor te zorgen en staat jegens de opdrachtgever ervoor in dat er op het werk geen arbeid wordt verricht die in strijd is met hetgeen is gesteld bij of krachtens de Wet arbeid vreemdelingen (Wav) en de Arbeidsomstandighedenwet. In dit kader dient de opdrachtnemer onder andere, maar niet uitsluitend: zich ervan te vergewissen dat natuurlijke personen te allen tijde een geldig legitimatiebewijs als omschreven in artikel 1, eerste lid onder 1 ° t/m 3° van de Wet op de identificatieplicht op het werk bij zich hebben. Ongeacht de hierna genoemde verplichtingen toont de opdrachtnemer op eerste verzoek van of namens de Opdrachtgever dit identiteitsbewijs, of, indien de opdrachtgever daarmee volstaat, een kopie daarvan, aan de opdrachtgever alvorens betrokkene zijn werkzaamheden ter uitvoering van deze opdracht aanvangt; de Opdrachtgever toe te staan onaangekondigd controles uit te (laten) voeren ter zake, waar en op welk tijdstip dan ook, alsmede om van werknemers van de opdrachtnemer de identiteit vast te stellen, de echtheid en geldigheid van het identiteitsbewijs van betrokkenen vast te stellen en zonodig melding te maken bij de
8
Overeenkomst Accountantsdiensten Gemeente Brunssum 2019 tot en met 2021 d.d. 20 maart 2019 Arbeidsinspectie en/of politie van (mogelijke) overtreding van de Wav. De Opdrachtnemer zal de betrokken werknemers verplichten aan deze controles mee te werken; elke week de Opdrachtgever een werkstaat te verstrekken, bevattende de namen en gewerkte uren van alle werknemers die aan het project gewerkt hebben; ervoor te zorgen dat ter zake de uitvoering van deze opdracht geen vreemdelingen waarvoor de tewerkstellingsvergunningplicht van toepassing is, werkzaamheden verrichten zonder dat voor deze vreemdelingen een tewerkstellingsvergunning voorhanden is; op verzoek van de opdrachtgever een verklaring te verstrekken die is opgemaakt door een registeraccountant en waaruit blijkt dat het personeel alle rechten ontvangt die voortvloeien uit de CAO en dat de loonbelasting en sociale premies volgens de wettelijke richtlijnen worden afgedragen. 2.
De hiervoor in dit artikel, onder 1., genoemde verplichtingen zijn te zien als ‘eigen’ verplichtingen van de opdrachtnemer en als integraal onderdeel van de (hoofd)opdracht (tot het realiseren van een in de opdracht omschreven werk en/of het uitvoeren van de in de opdracht omschreven werkzaamheden).
3.
De hiervoor in dit artikel, onder 1., genoemde verplichtingen worden bij dezen door de opdrachtgever tevens als zelfstandige opdracht/verplichtingen aan de opdrachtnemer verstrekt en worden door de opdrachtnemer tevens als zelfstandige opdracht/verplichtingen aanvaard.
4.
Deze zelfstandige opdracht/verplichtingen heeft (hebben) derhalve betrekking op -verkort weergegeven- het namens de opdrachtgever zorgen voor (incl. het houden van toezicht op) de naleving van de Wav door de opdrachtnemer, zodat de opdrachtnemer op grond van deze opdracht uit dit artikellid dus de verplichtingen van de opdrachtgever uit de Wav uitvoert. Deze opdracht geldt aldus naast de eigen verplichtingen van de opdrachtnemer op grond van de Wav. Dat namens de opdrachtgever zorgen voor (incl. het houden van toezicht op) de naleving van de Wav heeft betrekking op alle werkzaamheden die door de opdrachtnemer zelf worden uitgevoerd in het kader van de opdracht van de opdrachtgever aan de opdrachtnemer en op alle werkzaamheden die in het kader van de opdracht van de Opdrachtgever aan de opdrachtnemer worden uitgevoerd door onderaannemers, zowel de onderaannemers die rechtstreeks door de opdrachtnemer zijn ingeschakeld als de (onder)onderaannemers die niet rechtstreeks door de opdrachtnemer zijn ingeschakeld.
8.6.
Wet aanpak schijnconstructies 1.
Op de opdracht wordt de wet aanpak van schijnconstructies geacht van toepassing te zijn. opdrachtnemer en alle voor het werk ingeschakelde onderaannemers dienen volledig te handelen conform de gestelde bepalingen in de Wet aanpak schijnconstructies.
8.7.
Vrijwaring 1.
De Opdrachtnemer vrijwaart de opdrachtgever voor alle eventuele aanspraken inclusief boetes van de betreffende bevoegde instanties, indien de opdrachtnemer, en/of de door de opdrachtnemer ingeschakelde onderaannemers, het bepaalde bij of krachtens de Wet Ketenaansprakelijkheid, de Wet Aanpak Schijnconstructies, de Wet arbeid vreemdelingen of de Arbeidsomstandighedenwet overtreden, alsmede tegen eventuele verhaalaanspraken van
9
Overeenkomst Accountantsdiensten Gemeente Brunssum 2019 tot en met 2021 d.d. 20 maart 2019 onderaannemers, alsmede tegen alle uit de overtreding voortvloeiende schade (als inkomensderving of aanspraken van derden). 2.
De Opdrachtnemer vrijwaart de opdrachtgever tevens voor alle eventuele aanspraken die worden ingesteld door de werknemer c.q. derden van de Opdrachtnemer of diens onderaannemer op grond van de ketenaansprakelijkheid voor loon die voortvloeit uit de Wet Aanpak Schijnconstructies.
3.
De Opdrachtgever is gerechtigd de betreffende aanspraken en schade te verrekenen met de nog openstaande betalingen aan de opdrachtnemer. Indien dat bedrag niet toereikend is, zal de opdrachtnemer het (resterende) bedrag uiterlijk binnen 14 dagen, gerekend vanaf het moment waarop de opdrachtgever om betaling heeft verzocht, betalen aan de opdrachtgever. Bij gebreke daarvan is de opdrachtgever gerechtigd om ter zake het (resterende) bedrag een beroep te doen op een eventueel ter zake de nakoming van de opdracht verstrekte garantie.
4.
Ingeval van onderaanneming legt de opdrachtnemer de verplichtingen als genoemd in dit artikel volledig en onverkort naar de onderaannemer door, inclusief de verplichting deze op zijn beurt weer op te leggen aan eventuele subonderaannemers, maar blijft zelf verantwoordelijk voor de naleving van de betreffende regelgeving.
8.8.
Eigendom en gebruik van stukken 1.
Alle intellectuele en industriële eigendomsrechten en databankrechten die zullen ontstaan of kunnen worden uitgeoefend ten aanzien van de resultaten van de overeenkomst berusten te allen tijde en uitsluitend bij opdrachtgever, met uitzondering van rechten op eventueel ten behoeve van de opdracht door de opdrachtnemer ontwikkelde software modellering(en) en de daarvoor gebruikte softwareprogrammatuur, alsmede op andere door de opdrachtnemer in het kader van de overeenkomst ontwikkelde kennis en knowhow die ten grondslag ligt aan het geleverde resultaat. Voor het overige is artikel 29 Algemene Inkoopvoorwaarden van de gemeente Brunssum 2006 onverkort van toepassing.
2.
Opdrachtnemer zal dit in alle overeenkomsten van hem met derden ter uitvoering van de overeenkomst ten behoeve van opdrachtgever bedingen en overeenkomstig de vereisten als vervat in de Auteurswet (doen) effectueren.
3.
Opdrachtnemer dient, op verzoek van de opdrachtgever, geheimhouding omtrent de opdracht te betrachten en zal in dat verband een geheimhoudingsverklaring tekenen.
8.9.
Toepasselijk recht en geschillen 1.
Op de overeenkomst en alle overeenkomsten die daaruit voortvloeien is uitsluitend Nederlands recht van toepassing.
2.
Partijen lossen waar mogelijk hun geschillen op door middel van goed overleg.
3.
Indien partijen niet tot een oplossing komen of in spoedeisende gevallen, zullen de geschillen worden voorgelegd aan de bevoegde rechter te Maastricht tenzij de partijen alsnog een andere vorm van geschillenbeslechting overeenkomen.
8.10. 1.
Mededelingen en vertegenwoordiging Alle (formele) mededelingen naar aanleiding van of in verband met de overeenkomst en nadere overeenkomsten en de uitvoering daarvan, dienen schriftelijk per e-mail en/of aangetekende brief te geschieden.
10
Overeenkomst Accountantsdiensten Gemeente Brunssum 2019 tot en met 2021 d.d. 20 maart 2019
8.11. 1. 2.
Bijlagen Alle in de overeenkomst genoemde bijlagen worden geacht van de overeenkomst deel uit te maken. Voor zover ondergenoemde documenten met elkaar in tegenspraak zijn, geldt dat het hoger genoemde document prevaleert boven het lager genoemde: a) de overeenkomst, inclusief alle bijlagen; b) (eventuele) nota(s) van inlichtingen (*); c) aanbestedingsleidraad inclusief alle bijlagen; d) Algemene Inkoopvoorwaarden van de gemeente Brunssum 2006; e) de inschrijving van opdrachtnemer;
(*) Indien er meer nota’s van inlichtingen zijn, prevaleert, in geval van tegenstrijdigheden tussen de nota's van inlichtingen, het bepaalde in de meest recente nota van inlichtingen.
Aldus overeengekomen en vastgelegd op 11 pagina's tekst, en in tweevoud ondertekend,
Namens opdrachtnemer Dhr. R.B.A.C. Aelmans MSc RA.
haais. Diunssum
Plaats:
Datum
Datum:
O
11
Overeenkomst Accountantsdiensten Gemeente Brunssum 2019 toten met 2021 d.d. 20 maart 2019
8.11. 1.
Bijlagen Alle in de overeenkomst genoemde bijlagen worden geacht van de overeenkomst deel uit te maken.
2.
Voor zover ondergenoemde documenten met elkaar in tegenspraak zijn, geldt dat het hoger genoemde document prevaleert boven het lager genoemde: a) de overeenkomst, inclusief alle bijlagen; b) (eventuele) nota(s) van inlichtingen (*); c) aanbestedingsleidraad inclusief alle bijlagen; d) Algemene Inkoopvoorwaarden van de gemeente Brunssum 2006; e) de inschrijving van opdrachtnemer;
(*) Indien er meer nota’s van inlichtingen zijn, prevaleert, in geval van tegenstrijdigheden tussen de nota’s van inlichtingen, het bepaalde in de meest recente nota van inlichtingen.
Aldus overeengekomen en vastgelegd op 11 pagina’s tekst, en in tweevoud ondertekend,
Namens opdrachtnemer Dhr. R.B.A.C. Aelmans MSc RA.
Plaats: Brunssum
Plaats:
Datum
Datum:
tr-V-iot:
11
1 Raadsvoorstel 111 (bijlage) Notitie samenwerking KSG-Astrium gemeente Brunssum.pdf
Notitie samenwerkingsverband KSG-Astrium Conform onze eerdere afspraak heeft de griffie ons verzocht een aanvullende notitie inzake onze samenwerking en gewijzigde construct tussen KSG en Astrium aan de Raad te verstrekken. Bijgaand treft u onderstaande notitie. Wij zullen deze in de vergadering van de rekeningcommissie van 7 december mondeling toelichten. Marktontwikkelingen: wat is er gebeurd? Sinds meerdere jaren heeft KSG haar ambities in de publieke sector in Limburg e.o. kunnen waarmaken en haar cliëntenportefeuille geleidelijk kunnen opbouwen. Echter, is KSG in de loop van 2021 met 2 marktontwikkelingen geconfronteerd die hebben geleid tot de keuze om met een accountantsorganisatie met een grotere portefeuille in de publieke sector – Astrium Overheidsaccountants: top -4 in de gemeentesector - te gaan samenwerken teneinde een grote ambitie in de publieke sector voor regio Zuid Oost Nederland te kunnen realiseren: 1) Publieke discussie rondom de aanscherping van de kwaliteit van accountantscontroles met als gevolg het Voorstel Wet Toekomst Accountancysector d.d. 9 juli 2021: de wens van de publieke opinie en Tweede Kamer is om accountantsorganisaties meer robuuster te maken en zich te laten verantwoorden op het gebied van kwaliteitsindicatoren van controleopdrachten;
De term robuust staat gelijk aan een grotere en bredere basis. 2) Uitdaging op gebied van personele bezetting: de afgelopen jaren heeft KSG helaas niet kunnen bewerkstellingen om de verwachte groei in vaste medewerkers voor de inzet in de publieke sector te verwezenlijken. KSG kiest bewust voor samenwerking met een gelijkgestemd accountantskantoor. KSG wil niet nog meer druk op het bestaande team leggen en de afhankelijkheid richting cliënten in de publieke sector verminderen. Beide ontwikkelingen nopen KSG ertoe om een directe samenwerking met Astrium Overheidsaccountants op te starten. We zien dit nadrukkelijk als een kans om samen met Astrium een goede en vliegende start te maken. Het uitfaseren van bestaande contracten door KSG is hierin geen optie en ook niet de wens van de Tweede Kamer. Opzet samenwerking In de lente 2021 hebben KSG en Astrium elkaar gevonden. Sinds de lente van 2021 heeft KSG het proces tot samenwerking zeer nauwkeurig doorlopen om voldoende zeker te zijn dat Astrium als samenwerkingspartner bij ons en ook bij onze huidige cliëntenportefeuille past. KSG en Astrium hebben beide dezelfde hands-on aanpak en persoonlijke benadering. Wij zijn ervan overtuigd dat we samen een hogere service en kwaliteitsgraad kunnen bieden en meer continuïteit/ stabiliteit hebben door het beste van twee werelden te combineren.
Daarmee zal de kwaliteit van onze dienstverlening toenemen voor onze klanten. Dat heeft uiteindelijk geleid tot een samenwerkingsovereenkomst tussen KSG en Astrium op 7 juli 2021. In de eerste maanden na de zomer kunnen we u beamen dat er een goede synergie tussen KSG en Astrium is ontstaan en dat medewerkers een goede en gezonde klik met elkaar hebben. Dit vinden wij een goede ontwikkeling in de dienstverlening naar onze klanten.
Samenwerkingsovereenkomst De samenwerkingsovereenkomst betreft een overeenkomst van onder aanneming tussen KSG en Astrium Overheidsaccountants. Wellicht ten overvloede gemeld hebben KSG en Astrium zich in deze qua opzet hebben laten adviseren door een gerenommeerd advocatenbureau. Daarbij is het meeste belangrijke geregeld dat Astrium Overheidsaccountants in onder aanneming onder dezelfde voorwaarden de wettelijke controleopdrachten van gemeenten uitvoert. Zie hiervoor onderstaande tekst uit de samenwerkingsovereenkomst: Voorwaarden Cruciaal in deze overeenkomst is dat beide partijen, zowel KSG als Astrium, de voorwaarden in de bestaande overeenkomsten met de gemeenten respecteren. Dat betekent ook dat de dienstverlening wordt doorgezet onder de bestaande inhoudelijke condities ten aanzien van onder andere prijs, afspraken planning en afstemmingsmomenten met jullie als opdrachtgever. Daarnaast blijft het bestaande controleteam voor de gemeente Brunssum in stand en daarmee de continuïteit gewaarborgd.
Momenteel zijn KSG en Astrium nog in conclaaf om de samenwerking in een afzonderlijke entiteit juridisch (met aandelenverhouding 50%-50%) meer gestalte te geven dan alleen een samenwerkingsovereenkomst. Hierin worden alle voor -en nadelen zorgvuldig tegen elkaar afgewogen. We trachten binnen 2 weken uitsluitsel hierover te geven. Situatie na samenwerking voor gemeenten Ten behoeve van de voorzetting van de opdracht van de jaarrekeningcontrole heeft KSG conform de aanbestedingsvoorwaarden de instemming van de Raad nodig. Daarom wil KSG kort hieronder toelichten: 1) Wat er feitelijk en op papier wijzigt gedurende de uitvoering van de opdracht tot de jaarrekeningcontrole; 2) Welke voordelen dit voor gemeente Brunssum biedt; 3) Wat de juridische consequenties zijn en welke oplossingen KSG kan aanreiken. Punt 1 De volgende aspecten blijven onverminderd van toepassing: • De contractpartner blijft KSG; • De overeengekomen condities en afspraken worden nageleefd; • Team blijft nagenoeg hetzelfde (m.u.v. de heer Willem Schuitemaker als directeur aangewezen voor het samenwerkingsverband). Wijzigingen: • Nagenoeg hetzelfde team zal de opdracht feitelijk uitvoeren. De opdracht wordt echter via onder aanneming onder de vaktechnische verantwoordelijkheid van Astrium Overheidsaccountants in een groter geheel uitgevoerd.
Doelstellingen hierbij zijn gericht op het neerzetten van een breder compliancestelsel in een meer robuuste samenwerkingsorganisatie voor toezichthouders en het aantrekken/inzetten van meer beschikbare medewerkers voor de dienstverlening richting cliënten (specifiek gericht op de publieke sector). • De rapportages zullen op Astrium -logo & papier worden uitgebracht om aan de vaktechnische voorschriften van toezichthouders te voldoen. • De aanhef van de 1e concept -opdrachtbevestiging was fout. Er volgt een nieuwe opdrachtbevestiging;
Metafoor: "Opdracht tot de jaarrekeningcontrole wordt onder een bredere paraplu uitgevoerd. Meer mensen kunnen onder de paraplu in de regen voor langere tijd naar het gemeentehuis lopen om de opdracht op hoog kwalitatief niveau volgens de wensen en regels van het maatschappelijk verkeer te kunnen blijven uitvoeren" Punt 2 Voordelen: • Bredere samenwerkingsorganisatie met groter vangnet voor vaktechniek, compliance en beschikbaarheid medewerkers; • Duurzame waarborg voor continuïteit op langere termijn; • Aanpak en methoden en medewerkers blijven identiek, met voorbehoud van enkele nuanceringen, t.o.v. voorgaande jaren met mogelijkheid om P. Bosch direct te kunnen vervangen (indien nodig op gebied van onafhankelijkheid na 7 jaar volgens onafhankelijkheidsvoorschriften). Punt 3 De samenwerking tussen KSG en Astrium is reeds juridisch in een samenwerkingsovereenkomst vormgegeven. Tezamen met deze notitie is hierbij de onder aanneming voldoende aangetoond. Doordat het construct wijzigt, is voor gemeente Brunssum een optie om een addendum op de huidige overeenkomst accountantsdiensten schriftelijk overeen te komen of een nieuwe (verkorte) overeenkomst af te sluiten. Hierin wordt onder meer op hoofdlijnen de onder aanneming opgenomen. KSG blijft onverminderd hoofdcontractant.
Daarnaast hopen we binnen afzienbare tijd u te informeren hoe we de samenwerkingsorganisatie tussen KSG en Astrium meer juridisch gestalte hebben gegeven.
1 Raadsbesluit 111 Accordering onderaanneming accountant KSG.pdf
I gemeente Br fetdss pm
p Raadsvoorstel Collegeverg. d.d. Gemeenteblad Dienst/Afdeling Nr. Portefeuillehouder Onderwerp Raadsverg d.d. Uiterlijke beslisdatum
n.v.t. 2021/111 Griffie N.v.t. Accordering onderaanneming accountant KSG 21 december 2021 n.v.t.
Aan de raad. 1. Onderwerp Accordering onderaanneming accountant KSG 2. Uitgangssituatie a. Aanleiding Jaarlijks tekent de griffier in het kader van de jaarrekeningcontrole een “Opdrachtbevestiging accountantscontrole jaarrekening”. Met de opdrachtbevestiging voor 2021 werd duidelijk dat niet KSG maar het accountantsbureau Astrium Overheidsaccountants de jaarrekeningcontrole over 2021 uit zou gaan voeren. KSG en Astrium Overheidsaccountants zijn een samenwerkingsovereenkomst aangegaan. De samenwerkingsovereenkomst betreft een overeenkomst van onder aanneming tussen KSG en Astrium Overheidsaccountants. b. Huidige situatie/ probleemstelling Op grond van de overeenkomst die de gemeenteraad op 20 maart 2019 met de accountant KSG is aangegaan voor accountantsdiensten Gemeente Brunssum 2019 tot en met 2021, is onderaanneming op grond van art. 3.8 lid 1 mogelijk. Hiervoor moet schriftelijk toestemming gegeven worden. 3. Gewenste situatie a. Wat willen we bereiken? Onderaanneming door Astrium Overheidsaccountants mogelijk te maken middels toestemming van de gemeenteraad. b. Kaders Overeenkomst Accountantsdiensten Gemeente Brunssum 2019 tot en met 2021 Art. 8.3. Onderaanneming 1. Het is opdrachtnemer zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van opdrachtgever niet toegestaan onderdelen van deze opdracht in onderaanneming dan wel door derden te doen verrichten. c.
Argumenten en overwegingen Op verzoek van de griffier hebben zowel KSG accountant alsook Astrium Overheidsaccountants, in de auditcommissie van 7 december 2021 uitvoerig toelichting gegeven op de onderaanneming. De volgende aspecten blijven onverminderd van toepassing: • De contractpartner blijft KSG;
1
• De overeengekomen condities en afspraken worden nageleefd; • Team blijft nagenoeg hetzelfde (m.u.v. de heer Willem Schuitemaker als directeur aangewezen voor het samenwerkingsverband). Wijzigingen: • Nagenoeg hetzelfde team zal de opdracht feitelijk uitvoeren. De opdracht wordt echter via onder aanneming onder de vaktechnische verantwoordelijkheid van Astrium Overheidsaccountants in een groter geheel uitgevoerd. Doelstellingen hierbij zijn gericht op het neerzetten van een breder compliancestelsel in een meer robuuste samenwerkingsorganisatie voor toezichthouders en het aantrekken/inzetten van meer beschikbare medewerkers voor de dienstverlening richting cliënten (specifiek gericht op de publieke sector). o De rapportages zullen op Astrium Overheidsaccountants -logo & papier worden uitgebracht om aan de vaktechnische voorschriften van toezichthouders te voldoen. Voordelen: • Bredere samenwerkingsorganisatie met groter vangnet voor vaktechniek, compliance en beschikbaarheid medewerkers; • Duurzame waarborg voor continuïteit op langere termijn; • Aanpak en methoden en medewerkers blijven identiek, met voorbehoud van enkele nuanceringen, t.o.v. voorgaande jaren met mogelijkheid om P. Bosch direct te kunnen vervangen (indien nodig op gebied van onafhankelijkheid na 7 jaar volgens onafhankelijkheidsvoorschriften). Het contract loopt tot en met het jaar 2021.
Dit betekent dat er in 2022 een nieuwe aanbesteding moet plaatsvinden. d. Opties en keuze De samenwerking tussen KSG en Astrium Overheidsaccountants is reeds juridisch in een samenwerkingsovereenkomst vormgegeven. Doordat het construct wijzigt, is voor gemeente Brunssum een optie om voor het controle jaar 2021 schriftelijk in te stemmen met de onderaanneming. e. Financiële consequenties Onderaanneming door Astrium Overheidsaccountants heeft geen financiële consequenties. De bepalingen zoals aangegaan met KSG blijven onverminderd van kracht. 4. Bijlagen - Overeenkomst accountantsdiensten gemeente Brunssum en KSG - Notitie samenwerkingsverband KSG- Astrium Overheidsaccountants
Namens de Auditcommissie, De griffier,
Dhr. P. Peeters
IP gemeente
Br irsss sm I
Raadsbesluit Gemeenteblad nr. Afdeling Registratiekenmerk
: 2021/111 : Griffie
De Raad van de gemeente Brunssum, Gehoord de auditcommissie van 7 december 2021, Gelezen art. 8.3. Onderaanneming van de Overeenkomst Accountantsdiensten Gemeente Brunssum 2019 tot en met 2021.
Besluit: Voor het controle jaar 2021 wat betreft de jaarrekeningcontrole in te stemmen met onderaanneming door Astrium Overheidsaccountants De griffier te machtigen KSG en Astrium Overheidsaccountants hiervoor schriftelijk toestemming te verlenen.
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van raad van
2 1 DEC. m\
3
6.3 Vaststelling Algemene Plaatselijke Verordening Gemeente Brunssum 2021, eerste wijziging ; Gemeenteblad 2021/99 (versie 2) 1 Raadsvoorstel 99 (versie 2) Wijziging APV; vaststelling Algemene Plaatselijke Verordening Gemeente Brunssum 2021, eerste wijziging..docx
Raadsvoorstel Collegeverg. d.d. Registratiekenmerk Gemeentebladnr. Afdeling opsteller Naam opsteller Bereikbaar onder Portefeuillehouder Raadsvergadering d.d. Uiterlijke datum
: 16 november 2021 : 2001526 : 2021/99 versie 2 : Bestuurszaken : Marian de Jong, de : +31455278653 , marian.de.jong@brunssum.nl : Wilma van der Rijt, van der : <Vul hier de vergaderdatum in> : Niet van toepassing
Aan de raad,
1.
Onderwerp
Wijziging Algemene Plaatselijke Verordening Gemeente Brunssum 2021; vaststelling Algemene Plaatselijke Verordening Gemeente Brunssum 2021, eerste wijziging.
2.
Uitgangssituatie (WAAROM?)
a.
Aanleiding
In juli 2021 heeft de raad een geactualiseerde Algemene Plaatselijke Verordening (APV) vastgesteld. Er is aanleiding om -tussentijds- enkele aanpassingen in deze APV door te voeren en derhalve de APV opnieuw te actualiseren. Dat betreft met name: 1. Een specifiek verbod op overlast gevend lachgasgebruik. De VNG doet een voorstel hiervoor. In Brunssum bestaat de bestuurlijke/politieke wens om een dergelijke regeling in de APV op te nemen. 2. Enkele bepalingen gericht op het tegengaan van misbruik van -jeugdige- prostitué(e)s. Naar aanleiding van geconstateerde misstanden bij controles in het kader van aanpak mensenhandel is het wenselijk om te beschikken over bestuursrechtelijke maatregelen om hiertegen op te treden. In de APV leggen we hiervoor de basis.
b. Huidige situatie/probleemstelling 1. Een specifiek verbod op overlast gevend lachgasgebruik is een bestuurlijke/politieke wens. Omdat een landelijk verbod op het oneigenlijk gebruik van lachgas op zich laat wachten, wordt bij het optreden hiertegen gebruik gemaakt van bestaande juridische regelingen. Ook de APV van Brunssum bevat enkele bepalingen waarmee optreden mogelijk is. Op verzoek van een aantal gemeenten heeft de VNG afgelopen jaar nogmaals gekeken naar de mogelijkheid van een specifieke regeling in de gemeentelijke APV. Die is gepresenteerd. De bestuurlijke/politieke wens bestaat om deze regeling ook in onze APV op te nemen.
2. We willen meer kunnen doen tegen misbruik van -jeugdige- prostitué(e)s. Naar aanleiding van controles op mensenhandel, in het bijzonder in de prostitutiebranche, concluderen we dat het meer dan wenselijk is om te beschikken over bestuursrechtelijke maatregelen gericht op bescherming van -jeugdige- prostitué(es). De basis hiervoor leggen we in twee nieuwe bepalingen in onze APV. 3. Een wijziging van het eerste lid van artikel 151d van de Gemeentewet maakt het noodzakelijk om in de lokale regeling inzake woonoverlast in artikel 2:78 APV dezelfde wijziging door te voeren. 4. Verder is een wijziging van artikel 2:68 (heling) nodig in verband met de invoering van een digitaal opkopersregister, en een verduidelijking van het eerste lid van artikel 6:5 (overgangsbepalingen).
3.
Gewenste situatie (WAT?
a.
Wat willen we bereiken?
We willen dat Brunssum beschikt over: a. een actuele APV, die voldoet aan hogere wet- en regelgeving; een APV die goed leesbaar is en voorschriften bevat, die in voorkomend geval een rechterlijke toets kunnen doorstaan; b. een APV, die het geschikte instrumentarium biedt voor de realisering van het gemeentelijk beleid op gebied van leefbaarheid en veiligheid. De thans voorliggende voorstellen betreffen: - Een specifiek verbod op overlast gevend lachgasgebruik. Nieuw artikel 2:48a. - Twee nieuwe bepalingen die het de gemeente mogelijk maken om op te treden tegen misbruik van jeugdige prostitué(e)s. Artikel 3:8a richt zich tot de prostitué(e) en de exploitant van een seksinrichting. Artikel 3:16 richt zich tot potentiële klanten. - Een wijziging van het eerste lid van artikel 151d van de Gemeentewet maakt het noodzakelijk om de lokale regeling inzake woonoverlast in artikel 2:78 APV op datzelfde punt te wijzigen. - Een aanpassing van artikel 2:67 (heling) in verband met de invoering van een digitaal opkopersregister. - Een verduidelijking van de formulering van artikel 6:5 lid 1 inzake overgangsbepalingen.
b. Kaders 1. 2. 3. 4. 5.
Eerdere besluitvorming (traject tot dusverre): Nvt Rol/ bevoegdheden college van B en W: het college bereidt een voorstel aan de raad voor. De raad besluit over de APV. Algemene beleidskaders (landelijk/ provinciaal/ lokaal): Gemeentewet en diverse specifieke wetten. Past het voorstel in de strategische visie/ relatie met uitvoeringsagenda? Ja Relatie met programmabegroting/ financiële gevolgen: Er zijn geen extra kosten gemoeid met de invoering van de wijzigingen in de APV. Evenmin zijn er aanwijsbare risico's.
c. Argumenten en overwegingen De belangrijkste wijzigingen betreffen 1. Een specifiek verbod op oneigenlijk gebruik van lachgas dat leidt tot overlast in een nieuw artikel 2:48a. Er wordt, naar de bestuurlijke/politieke wens, een voorstel gedaan om een specifiek verbod op het oneigenlijk gebruik van lachgas in de APV op te nemen, in artikel 2:48a. Omdat een landelijk verbod op het oneigenlijk gebruik van lachgas nog even op zich laat wachten, wordt bij het optreden hiertegen gebruik gemaakt van bestaande juridische regelingen. Ook de APV van Brunssum bevat enkele bepalingen waarmee optreden mogelijk is. Op verzoek van een aantal gemeenten heeft de VNG nogmaals gekeken naar de mogelijkheden van een specifieke regeling in de gemeentelijke APV. Die is gepresenteerd. Bestuurlijk/politiek bestaat de wens om een dergelijke regeling ook in onze APV op te nemen. 2. De nieuwe artikelen 3:8a en 3:16, die het de gemeente mogelijk maken om op te treden tegen misbruik van jeugdige- prostitué(e)s. Artikel 3:8a richt zich tot de prostitué(e) en de exploitant van een seksinrichting. Artikel 3:16 richt zich tot potentiële klanten. We willen meer kunnen doen tegen misbruik van -jeugdige- prostitué(e)s.
Naar aanleiding van controles op mensenhandel, in het bijzonder in de prostitutiebranche, concluderen we dat het meer dan wenselijk is om te beschikken over bestuursrechtelijke maatregelen gericht op bescherming van -jeugdige- prostitué(es). De basis hiervoor leggen we in de artikelen 3:8a en 3:16 in onze APV. Dit doen we ook omdat we verwachten dat inwerkingtreding van de Wet regulering sekswerk nog zeker enige tijd zal duren. 3. Wijziging artikel 2:78 APV inzake woonoverlast. In het eerste lid van artikel 2:78 APV wordt de zinsnede "aan een persoon die niet als ingezetene met een adres in de gemeente in de basisregistratie personen is ingeschreven" geschrapt. De wijziging heeft tot gevolg dat de burgemeester in alle gevallen direct de verhuurder aan kan spreken bij zeer ernstig overlast gevend gedrag van huurders. De burgemeester kan dit direct doen en hoeft daarvoor niet eerst de huurder te hebben aangesproken. In de bijlage Toelichting wijziging APV 2021 ------>APV 2022 wordt een uitgebreide toelichting gegeven op de voorgestelde wijzigingen. d. Opties en keuzes Het is aan de raad om te oordelen over de voorstellen voor wijziging van de APV. In de voorafgaande paragrafen en in de bijlage "Toelichting wijzigingen APV 2021 ---->à APV 2022" zijn motivering en overwegingen beschreven.
Voorgesteld wordt: In te stemmen met de voorgestelde wijzigingen van de Algemene Plaatselijke Verordening Gemeente Brunssum 2021 en de Algemene Plaatselijke Verordening Gemeente Brunssum 2021, eerste wijziging integraal vast te stellen. Het college van burgemeester en wethouders, Burgemeester
Secretaris
Raadsbesluit Gemeentebladnr. Afdeling Registratiekenmerk
: 2021/99 versie 2 : Bestuurszaken : 2001526
De raad van de gemeente Brunssum gemeentebladnummer 2021/99; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 16 november 2021, afdeling Bestuurszaken; Besluit: Vast te stellen de Algemene Plaatselijke Verordening Gemeente Brunssum 2021, eerste wijziging. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van
De Raad vernoemd,
Voorzitter
Griffier
1 Raadsvoorstel 99 (bijlage versie 2) Algemene plaatselijke verordening gemeente Brunssum 2021, eerste wijziging.docx
De Raad van de gemeente Brunssum gemeentebladnummer 2021/99 versie 2; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 16 november 2021, afdeling Bestuurszaken; gelet op het bepaalde in artikel 149 van de gemeentewet; Besluit vast te stellen: "ALGEMENE PLAATSELIJKE VERORDENING GEMEENTE BRUNSSUM 2021, EERSTE WIJZIGING ”. HOOFDSTUK 1. ALGEMENE BEPALINGEN Artikel 1:1 Definities In deze verordening wordt verstaan onder: a. bebouwde kom: het gebied binnen de grenzen die zijn vastgesteld op grond van artikel 20a van de Wegenverkeerswet; b. bevoegd gezag: bestuursorgaan dat bevoegd is tot het nemen van een besluit ten aanzien van een omgevingsvergunning als bedoeld in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; c. bouwwerk: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1.1 van de geldende Bouwverordening der Gemeente Brunssum; d. bromfiets: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid, onder e, van de Wegenverkeerswet 1994; e. college: het college van burgemeester en wethouders; f. gebouw: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid van de Woningwet; g. handelsreclame: iedere openbare aanprijzing van goederen of diensten, waarmee kennelijk beoogd wordt een commercieel belang te dienen; h. motorvoertuig: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990; i.
openbaar water: wateren die voor het publiek bevaarbaar of op andere wijze toegankelijk zijn; j. openbare plaats: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van de Wet openbare manifestaties; k. parkeren: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens (RVV 1990); l. rechthebbende: degene die over een zaak zeggenschap heeft krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht; m. voertuig: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens (RVV 1990) met uitzondering van kleine wagens zoals: kruiwagens, kinderwagens en rolstoelen; n. weg: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid, onder b, van de Wegenverkeerswet 1994. Artikel 1:2 Beslistermijn 1. Het bevoegde bestuursorgaan beslist op een aanvraag voor een vergunning of ontheffing binnen acht weken na de datum van ontvangst van de aanvraag. 2. Het bestuursorgaan kan de termijn voor ten hoogste acht weken verlengen. 3. Het bepaalde in het eerste lid geldt niet voor de beslissing op een aanvraag om vergunning als bedoeld in artikel 3:4, eerste lid. 4. In afwijking van het tweede lid is artikel 3.9 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht van toepassing als beslist wordt op een aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 2:10 of 2:11. 5.
In afwijking van het bepaalde in lid 1 en lid 2 beslist het bevoegde bestuursorgaan op een aanvraag als bedoeld in artikel 2:25 (evenement) en 2:25A binnen 26 weken na de dag waarop de aanvraag ontvangen is.
Artikel 1:3 Indiening aanvraag Vervallen Artikel 1:4 Voorschriften en beperkingen 1. Aan een vergunning of ontheffing kunnen voorschriften en beperkingen worden verbonden. Deze voorschriften en beperkingen strekken slechts tot bescherming van het belang of de belangen in verband waarmee de vergunning of ontheffing is vereist. 2. Degene aan wie een vergunning of ontheffing is verleend, is verplicht de daaraan verbonden voorschriften en beperkingen na te komen. Artikel 1:5 Persoonlijk karakter van vergunning of ontheffing De vergunning of ontheffing is persoonsgebonden, tenzij bij of krachtens deze verordening anders is bepaald of de aard van de vergunning zich daartegen verzet. Artikel 1:6 Intrekking of wijziging van vergunning of ontheffing De vergunning of ontheffing kan worden ingetrokken of gewijzigd als: a. ter verkrijging daarvan onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt; b. op grond van een verandering van de omstandigheden of inzichten opgetreden na het verlenen van de vergunning of ontheffing, intrekking of wijziging noodzakelijk is vanwege het belang of de belangen ter bescherming waarvan de vergunning of ontheffing is vereist; c. de aan de vergunning of ontheffing verbonden voorschriften en beperkingen niet zijn of worden nagekomen; d.
van de vergunning of ontheffing geen gebruik wordt gemaakt binnen of gedurende een daarin gestelde termijn dan wel, bij het ontbreken van een gestelde termijn, binnen een redelijke termijn; e. de houder dit verzoekt. Artikel 1:7 Termijnen 1. De vergunning of ontheffing geldt voor onbepaalde tijd, tenzij bij de vergunning of ontheffing anders is bepaald of de aard van de vergunning of ontheffing zich daartegen verzet. 2. De aard van de vergunning of ontheffing verzet zich in ieder geval tegen gelding voor onbepaalde tijd als het aantal vergunningen of ontheffingen is beperkt en het aantal mogelijke aanvragers het aantal beschikbare vergunningen of ontheffingen overtreft. Artikel 1:8 Weigeringsgronden 1. De vergunning of ontheffing kan door het bevoegd gezag of het bevoegde bestuursorgaan worden geweigerd in het belang van: a. de openbare orde; b. de openbare veiligheid; c. de volksgezondheid; d. de bescherming van het milieu. 2. De vergunning of ontheffing kan tevens worden geweigerd als de aanvraag daarvoor minder dan drie weken voor de beoogde datum van de beoogde activiteit is ingediend en daardoor een behoorlijke behandeling van de aanvraag niet mogelijk is. 3.
In afwijking van het bepaalde in lid 2 kan de aanvraag voor een vergunning als bedoeld in artikel 2:25 (evenement) of 2:25A worden geweigerd als deze minder dan 26 weken voor het tijdstip waarop de aanvrager de vergunning nodig heeft, wordt ingediend. Artikel 1.9 Termijnen Vervallen.
HOOFDSTUK 2. OPENBARE ORDE EN VEILIGHEID, VOLKSGEZONDHEID EN MILIEU AFDELING 1. VOORKOMEN OF BESTRIJDEN VAN ONGEREGELDHEDEN Artikel 2:1 a Samenscholing en ongeregeldheden 1. Het is verboden op een openbare plaats deel te nemen aan een samenscholing, onnodig op te dringen, te vechten of door uitdagend gedrag aanleiding te geven tot ongeregeldheden. 2. Degene die op een openbare plaats: a. aanwezig is bij een voorval waardoor ongeregeldheden ontstaan of dreigen te ontstaan; b. aanwezig is bij een gebeurtenis die aanleiding geeft tot toeloop van publiek waardoor ongeregeldheden ontstaan of dreigen te ontstaan; of c. zich bevindt in of aanwezig is bij samenscholing; is verplicht op bevel van een ambtenaar van politie zijn weg te vervolgen of zich in de door hem aangewezen richting te verwijderen. 3. Het is verboden zich te begeven naar of zich te bevinden op openbare plaatsen die door of vanwege het bevoegde bestuursorgaan in het belang van de openbare veiligheid of ter voorkoming van ongeregeldheden zijn afgezet. 4. De burgemeester kan ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in het derde lid. 5. Dit artikel is niet van toepassing op betogingen, vergaderingen en godsdienstige en levensbeschouwelijke samenkomsten als bedoeld in de Wet openbare manifestaties. Artikel 2:1 b Verblijfsontzegging (snel mensen verwijderen) 1.
In het belang van de openbare orde, het voorkomen of beperken van overlast, het voorkomen of beperken van aantasting van het woon- en leefklimaat, de veiligheid van personen en goederen, de verkeersvrijheid of veiligheid en de gezondheid of zedelijkheid kan het college een gebied aanwijzen waar door politieambtenaren aan een persoon, die zich bevindt op de weg of plaats, die deel uitmaakt van dit gebied, gedurende de uren daarbij genoemd, het bevel kan worden gegeven zich onmiddellijk in een bepaalde richting te verwijderen. 2. Met het oog op de in het eerste lid genoemde belangen kan de burgemeester: a. aan de persoon aan wie tenminste eenmaal een bevel is gegeven als bedoeld in het eerste lid, een verbod opleggen om zich gedurende een in dat verbod genoemd tijdvak van ten hoogste veertien dagen, anders dan in een openbaar middel van vervoer, te bevinden op de weg of plaats, die deel uitmaakt van een door het college aangewezen gebied als bedoeld in het eerste lid, gedurende de uren daarbij genoemd; b.
aan de persoon, aan wie eerder een verbod als bedoeld onder a is opgelegd, een verbod opleggen om zich gedurende een in dat verbod genoemd tijdvak van ten hoogste zes maanden, anders dan in een openbaar middel van vervoer, te bevinden op de weg of plaats, die deel uitmaakt van een door het college aangewezen gebied als bedoeld in het eerste lid, gedurende de uren daarbij genoemd. 3. De burgemeester beperkt het in het tweede lid, onder a en b genoemde verbod of de daarin genoemde termijn als dat in verband met de persoonlijke omstandigheden van betrokkene noodzakelijk is. 4. Het is verboden zich te gedragen in strijd met een door de burgemeester opgelegd verbod als bedoeld in het tweede lid, onder a en b. Artikel 2:2 Optochten Vervallen. Artikel 2:3 Kennisgeving betogingen op openbare plaatsen 1. Degene die het voornemen heeft op een openbare plaats een betoging te houden, waaronder begrepen een samenkomst als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Wet openbare manifestaties, geeft daarvan voor de openbare aankondiging en ten minste 48 uren voordat de betoging wordt gehouden, schriftelijk kennis aan de burgemeester.
2. De kennisgeving bevat: a. naam en adres van degene die de betoging houdt; b. het doel van de betoging; c. de datum waarop de betoging wordt gehouden en het tijdstip van aanvang en van beëindiging van de betoging; d. de plaats en, voor zover van toepassing, de route en de plaats van beëindiging van de betoging; e. voor zover van toepassing, de wijze van samenstelling; en f. maatregelen die degene die de betoging houdt zal treffen om een regelmatig verloop te bevorderen. 3. Degene die de kennisgeving doet, ontvangt daarvan een bewijs waarin het tijdstip van de kennisgeving is vermeld. 4. Als het tijdstip van de schriftelijke kennisgeving valt op een vrijdag na 12.00 uur, een zaterdag, een zondag of een algemeen erkende feestdag, wordt de kennisgeving gedaan uiterlijk om 12.00 uur op de aan de dag van dat tijdstip voorafgaande werkdag. 5. De burgemeester kan in bijzondere omstandigheden de in het eerste lid genoemde termijn verkorten en een mondelinge kennisgeving in behandeling nemen. Artikel 2:4 Afwijking termijn Vervallen. Artikel 2:5 Te verstrekken gegevens Vervallen. Artikel 2:6 Verspreiden geschreven of gedrukte stukken of afbeeldingen 1.Voor het verspreiden of openlijk aanbieden van geschreven of gedrukte stukken dan wel afbeeldingen onder publiek dient aan de volgende regels te worden voldaan: a.
Het verspreiden of openlijk aanbieden van geschreven of gedrukte stukken dan wel afbeeldingen onder publiek is toegestaan op iedere dag tussen 09.00 uur en 18.00 uur en op koopavonden tot 21.00 uur. b. De verspreider is verplicht de geschreven of gedrukte stukken of afbeeldingen direct op te ruimen of te laten opruimen, als deze in de omgeving van de plaats van uitreiking op de weg of een andere voor het publiek toegankelijke plaats worden weggeworpen of zijn achtergebleven. c. De verspreider mag geen overlast veroorzaken voor winkelend publiek en overige voetgangers en gebruikers van de openbare ruimte. d. Aanwijzingen, gegeven door ambtenaren van politie, dan wel andere bevoegde ambtenaren, dienen te worden opgevolgd. e. De verspreider is verplicht de schade die hij door zijn handelen aan gemeentelijke eigendommen of eigendommen van derden toebrengt te vergoeden en voorts dient hij alle mogelijke maatregelen te nemen om te voorkomen dat de gemeente dan wel derden ten gevolge van zijn handelen schade zullen lijden. 2. Het eerste lid geldt niet voor het huis-aan-huis verspreiden of het aan huis bezorgen van geschreven of gedrukte stukken en afbeeldingen. 3. Het college kan in bijzondere gevallen ontheffing verlenen van het bepaalde in het eerste lid. 4.
Op de aanvraag om een ontheffing is paragraaf 4.1.3.3.van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing. Artikel 2:7 Feest, muziek en wedstrijden en dergelijke Vervallen.
Artikel 2:8 Dienstverlening Vervallen. Artikel 2:9 Vertoningen op openbare plaatsen 1.Voor het optreden ten behoeve van het publiek als straatartiest, straatmuzikant, straatfotograaf, tekenaar, filmoperateur of gids dient aan de volgende regels te worden voldaan: a. Het optreden als straatartiest, straatmuzikant, straatfotograaf, tekenaar, filmoperateur of gids is toegestaan op iedere dag tussen 09.00 uur en 18.00 uur en op koopavonden tot 21.00 uur. b. De straatartiest, straatmuzikant, straatfotograaf, tekenaar, filmoperateur of gids dient zich regelmatig minimaal 100 meter te verplaatsen en mag zich niet langer dan 15 minuten op een en dezelfde plaats ophouden. c. De straatartiest, straatmuzikant, straatfotograaf, tekenaar, filmoperateur of gids mag geen overlast veroorzaken voor winkelend publiek en overige voetgangers en gebruikers van de openbare ruimte. d. Aanwijzingen, gegeven door ambtenaren van politie, dan wel andere bevoegde ambtenaren, dienen te worden opgevolgd. e. De straatartiest, straatmuzikant, straatfotograaf, tekenaar, filmoperateur of gids is verplicht de schade die hij door zijn handelen aan gemeentelijke eigendommen of eigendommen van derden toebrengt te vergoeden en voorts dient hij alle mogelijke maatregelen te nemen om te voorkomen dat de gemeente dan wel derden ten gevolge van zijn handelen schade zullen lijden. 2.
De burgemeester kan in bijzondere gevallen ontheffing verlenen van het bepaalde in het eerste lid. 3. Op de aanvraag om een ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing. AFDELING 2. BRUIKBAARHEID, UITERLIJK AANZIEN EN VEILIG GEBRUIK VAN DE WEG Artikel 2:10 Het plaatsen van voorwerpen op, aan of boven de weg of een openbare plaats 1. Het is verboden om zonder vergunning van het bevoegd bestuursorgaan de weg of een weggedeelte te gebruiken anders dan ten behoeve van de publieke functie daarvan. 1a. In afwijking van het eerste lid kan het bevoegd gezag een omgevingsvergunning verlenen van het in het eerste lid bedoelde gebruik, voor zover dit een activiteit betreft als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid onder j of k van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. 1.b. Het verbod is niet van toepassing op overige gevallen waarin krachtens een wettelijke regeling een vergunning voor het gebruik van de weg is verleend. 1.c Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door de Wet beheer rijkswaterstaatswerken, artikel 5 van de Wegenverkeerswet 1994 en de Omgevingsverordening Limburg 2014 (provinciale wegen). 2. Het verbod is tevens niet van toepassing op: a. terrassen, die voldoen aan de door het college te stellen nadere regels; b.
het plaatsen van infoborden als bedoeld in artikel 2:10a van deze verordening; c. evenementen als bedoeld in artikel 2:24 van deze verordening; d. standplaatsen als bedoeld in artikel 5:17 van deze verordening; e. voorwerpen of stoffen waarop gedachten of gevoelens worden geopenbaard. 3. Het verbod is voorts niet van toepassing op: a. Het uitstallen van producten en reclame-uitingen door winkels en bedrijven; b. Het stallen van goederen, bouwmaterialen en materieel voor een periode korter dan een week, mits voor zowel in de situaties als bedoeld onder a. als onder b wordt voldaan aan de volgende regels: 1. Het beoogd gebruik mag geen schade toebrengen aan de weg, gevaar opleveren voor de bruikbaarheid van de weg of voor het doelmatig en veilig gebruik daarvan, dan wel een belemmering vormen voor het doelmatig beheer en onderhoud van de weg. 2.Het beoogd gebruik dient hetzij op zichzelf, hetzij in verband met de omgeving te voldoen aan redelijke eisen van welstand.
3. De overlast van de in de nabijheid gelegen onroerende zaken dient zo veel mogelijk te worden voorkomen of te worden beperkt. 4. Het gebruik mag slechts plaatsvinden gedurende de daarvoor strikt benodigde tijd. 5. De breedte van de uitstallingen mag niet meer bedragen dan de breedte van het perceel. 6. De diepte van de uitstallingen mag vanaf de gevel maximaal 1 meter bedragen. 7. Op het trottoir dient voldoende ruimte over te blijven voor rolstoelgebruikers. 8. Het beoogd gebruik mag geen belemmering opleveren voor het verkeer en de hulpdiensten. 9. Er dient, voor zover van toepassing, te worden voldaan aan het Beheerplan Promenade. 10. Aanwijzingen, gegeven door ambtenaren van politie, dan wel andere bevoegde ambtenaren, dienen te worden opgevolgd. 11. De gebruiker is verplicht de schade die hij door zijn handelen aan gemeentelijke eigendommen of eigendommen van derden toebrengt te vergoeden en voorts dient hij alle mogelijke maatregelen te nemen om te voorkomen dat de gemeente dan wel derden ten gevolge van zijn handelen schade zullen lijden. 4. In dit artikel wordt onder bevoegd bestuursorgaan verstaan het college of, voor zover het betreft voor het publiek openstaande gebouwen en daarbij behorende erven als bedoeld in artikel 174 van de Gemeentewet, de burgemeester. 5. Op de aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.3.3.
van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing. Artikel 2:10a Infoborden invalswegen 1. Onder infoborden worden verstaan de welkomstborden aan de invalswegen van de gemeente Brunssum die worden gebruikt voor aankondigingen van zaken die deze gemeente betreffen op het gebied van onder meer sport, cultuur, recreatie en evenementen die Brunssum kunnen promoten. 2. Voor het plaatsen van infoborden aan de diverse invalswegen dient aan de volgende regels te worden voldaan: a. Er moet uiterlijk 10 dagen voorafgaand aan het tijdstip waarop de borden moeten worden geplaatst melding zijn gedaan aan het college. b. De borden mogen alleen worden geplaatst voor de aankondiging van activiteiten van Brunssumse non-profit organisaties die de gemeente Brunssum betreffen op het gebied van sport, cultuur, recreatie en evenementen. c. De borden mogen gedurende een periode van maximaal 2 weken worden geplaatst. d. Het formaat van de borden bedraagt 180 x 45 cm en 8 mm dik of 180 x 30 cm en 8 mm dik. e. Als er meer aanvragen dan beschikbare plaatsen zijn, dan krijgen de vaste evenementen op basis van de evenementenkalender prioriteit. f.
De organisator is verplicht de schade die hij door zijn handelen aan gemeentelijke eigendommen of eigendommen van derden toebrengt te vergoeden en voorts dient hij alle mogelijke maatregelen te nemen om te voorkomen dat de gemeente dan wel derden ten gevolge van zijn handelen schade zullen lijden. g. Aanwijzingen, gegeven door ambtenaren van politie, dan wel andere bevoegde ambtenaren, dienen te worden opgevolgd. 3. Het college kan in bijzondere gevallen ontheffing verlenen van het bepaalde in het tweede lid. 4. Op de aanvraag om een ontheffing is paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing. Artikel 2:10 b Afbakeningsbepalingen en uitzonderingen Vervallen. Artikel 2:10 c Vrij te stellen categorieën Vervallen.
Artikel 2:11 (Omgevings)vergunning voor het aanleggen, beschadigen en veranderen van een weg 1. Het is verboden zonder of in afwijking van een vergunning van het bevoegde bestuursorgaan een weg aan te leggen, de verharding daarvan op te breken, in een weg te graven of te spitten, aard of breedte van de wegverharding te veranderen of anderszins verandering te brengen in de wijze van aanleg van een weg. 2. De vergunning wordt verleend a. als omgevingsvergunning door het bevoegd gezag, als de activiteiten zijn verboden bij een bestemmingsplan, beheersverordening, exploitatieplan of voorbereidingsbesluit; b. door het college in de overige gevallen. 3. De vergunning wordt geweigerd als één van de weigeringsgronden, zoals genoemd in artikel 1:8 van deze verordening, van toepassing is. 4. Het verbod is niet van toepassing voor zover in opdracht van een bestuursorgaan of openbaar lichaam werkzaamheden worden verricht. 5. Het verbod geldt voorts niet voor zover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door het Wetboek van Strafrecht, de Wegenwet, de Wet beheer rijkswaterstaatswerken, de Omgevingsverordening Limburg 2014 (provinciale wegen), de Waterschapskeur en de Telecommunicatiewet. 6. Op de aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.
Artikel 2:12 Maken of veranderen van een uitweg 1. Het is verboden zonder omgevingsvergunning van het bevoegd gezag een uitweg te maken naar de weg, van de weg gebruik te maken voor het hebben van een uitweg of verandering te brengen in een bestaande uitweg naar de weg. 2. De vergunning kan worden geweigerd in het belang van: a. een veilig gebruik van de weg; b. het noodzakelijk behoud van een openbare parkeerplaats; c. de bescherming van de openbare groenvoorzieningen; d. de bescherming van het uiterlijk aanzien van de omgeving; of e. vanwege strijd met het geldend bestemmingsplan of de geldende beheersverordening; of f. als er sprake is van een uitweg van een perceel dat al door een andere uitweg wordt ontsloten, en de aanleg van deze tweede uitweg ten koste gaat van een openbare parkeerplaats of openbaar groen. 3. Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door de Wet beheer rijkswaterstaatswerken, de geldende Waterschapskeur of de Omgevingsverordening Limburg 2014 (provinciale wegen). 4. Op de aanvraag om een vergunning is Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing. Artikel 2:13 Veroorzaken van gladheid Vervallen. Artikel 2:14 Winkelwagentjes 1. Een winkelier die winkelwagentjes ter beschikking stelt, is verplicht deze a.