E9 - Burgemeester en wethouders gemeente brummen - Collegebesluit - Vaststelling beleidsregels Wmo 2021
Tekst van het document
5.9.2 Algemene voorzieningen Het college streeft ernaar zoveel mogelijk algemene voorzieningen in te zetten. Als er nog geen algemene voorziening beschikbaar is, wordt onderzocht of deze gecreëerd kan worden. Als het opzetten van een algemene voorziening binnen redelijke termijn gerealiseerd kan worden, en deze voorziening is passend voor de inwoner dan wordt er geen maatwerkvoorziening ingezet.
30
5.9.3 Voorliggende voorzieningen • • • • •
Onderwijs: begeleiding van kinderen met problemen is de verantwoordelijkheid van school. Tevens zijn er mogelijkheden vanuit de Wet passend onderwijs; Kinderopvang: kinderopvang is verantwoordelijkheid van ouders en de werkgever; Jeugdwet: opvoedingsondersteuning voor alle ouders en ouders van kinderen met een beperking kan vanuit de jeugdwet worden geboden; Arbeidsvoorzieningen: op grond van ziektewet, WIA, Wajong en WSW zijn er mogelijkheden voor aangepast werk. Wet Langdurige Zorg: op grond van een indicatie kan begeleiding vanuit de WLZ worden geboden.
5.9.4 Afwegingskader begeleiding groep
Om te bepalen of er noodzaak bestaat voor ondersteuning in de vorm van begeleiding groep wordt afgewogen wat de aanleiding is waardoor de inwoner niet in staat is om zijn of haar eigen dagstructuur vorm te geven. Daarbij wordt onderzocht in hoeverre de inwoner een begeleide en gestructureerde omgeving nodig heeft als gevolg van ernstige beperkingen in de zelfredzaamheid (cognitief en/of fysiek en/of psychisch). Afgewogen wordt of een algemene voorziening tot voldoende resultaat kan leiden. Daarnaast wordt onderzocht of er recht bestaat of kan bestaan op zorg op grond van de Wet langdurige zorg. Wanneer een inwoner aanspraak kan maken op de Wet langdurige zorg voor begeleiding groep en dit weigert zelf te onderzoeken dan wordt er geen begeleiding groep vanuit de Wmo ingezet.
5.9.5 Afwegingskader begeleiding individueel
Begeleiding individueel levert een bijdrage aan het vergroten en behouden van de zelfredzaamheid in het dagelijks leven door het bieden van ondersteuning aan de inwoner. Dit kan gaan om regieverlies, het vastzitten in patronen in denken en handelen, onvoldoende inzicht in eigen problematiek, onvoldoende overzicht of begeleiding van het gezinssysteem bij psychosociale problematiek. Er wordt altijd eerst onderzocht of kortdurende clientondersteuning passend kan bijdragen aan een zo groot mogelijke zelfredzaamheid en/of participatie. Ook wordt onderzocht of een combinatie van kortdurende clientondersteuning en een algemene voorziening zoals een welzijnsvoorziening passend kan gaan ondersteunen. Pas wanneer dit geen passende oplossing biedt kan onderzocht worden of een maatwerkvoorziening begeleiding individueel noodzakelijk is. Ook binnen het onderzoek naar een maatwerkvoorziening wordt onderzocht of een combinatie van kortdurende clientondersteuning en/of algemene voorziening met een maatwerkvoorziening begeleiding een oplossing kan bieden. Wanneer een inwoner aanspraak kan maken op de Wet langdurige zorg voor dagbesteding en dit weigert zelf te onderzoeken dan wordt er geen begeleiding individueel vanuit de Wmo ingezet.
5.9.6 Vervoer naar groepsgerichte vormen van ondersteuning
Wanneer een inwoner in staat is met het openbaar vervoer te reizen (eventueel na oefenen onder begeleiding) of met de fiets of een ander vervoermiddel zelfstandig (of onder begeleiding van mantelzorg of vrijwilliger) de groepsbegeleiding kan bereiken wordt er geen vervoersvoorziening verstrekt. Wanneer dit niet mogelijk is kan vervoer een onderdeel zijn van de maatwerkvoorziening. Hierbij geldt dat wordt gekozen voor de dichtstbijzijnde geschikte locatie en de goedkoopst adequate vorm van vervoer. Voor dit vervoer kan het college het routegebonden vervoer toekennen.
5.10 Leidraad kortdurend verblijf
31
Kortdurend verblijf omvat logeren in een instelling voor inwoners met een somatische, psychogeriatrische of psychiatrische aandoening of beperking, een verstandelijke, lichamelijke of zintuiglijke handicap. Het gaat om een verblijf van een persoon van 18 jaar of ouder in een accommodatie waar onder professionele verantwoordelijkheid 24-uurszorg wordt geleverd.
5.10.1 Kortdurend verblijf ter ontlasting van de mantelzorger
Ondersteuning middels kortdurend verblijf in een instelling is een vorm van respijtzorg die via het college kan worden toegekend. Deze vorm van kortdurend verblijf kan ingezet worden bij (dreigende) overbelasting van de mantelzorger. Dit als andere (lichtere) vormen van respijtzorg onvoldoende ondersteuning bieden. Een lichtere vorm van respijtzorg is bijvoorbeeld de inzet van vrijwilligers die de mantelzorger tijdelijk (alle) zorgtaken uit handen nemen of de voorziening dagbesteding. Onder de maatwerkvoorziening kortdurend verblijf ter ontlasting van de mantelzorger wordt verstaan: verblijf van de persoon voor wie de mantelzorger verantwoordelijkheid draagt, in een accommodatie waar onder (professionele) verantwoordelijkheid 24uurszorg wordt geleverd. Het verblijf is voor een korte periode. Dat kan bijvoorbeeld in de vorm van een weekendverblijf.
5.10.2 Afwegingskader kortdurend verblijf ter ontlasting van de mantelzorger
Deze vorm van kortdurend verblijf kan noodzakelijk zijn als de mantelzorger de volledige ondersteuning biedt aan een persoon die intensief toezicht nodig heeft. De belangrijkste afweging is of er sprake is van dreigende of al aanwezige overbelasting van de mantelzorger. Het gaat in de praktijk bijna altijd om intensieve mantelzorg, waarbij de zorgvrager intensieve verzorging, begeleiding en/of toezicht nodig heeft, gedurende de hele dag.
5.10.3 Omvang
Kortdurend verblijf gericht is op het ontlasten van de mantelzorger. Deze wordt toegekend voor maximaal 36 etmalen per jaar. In het onderzoek wordt gekeken naar wat er nodig is opdat de mantelzorger de ondersteuning vol kan houden. De periode waarvoor de toekenning geldt, is variabel en mede afhankelijk van de ontwikkeling van de ondersteuningsvraag van de inwoner en zijn/haar mantelzorger. De inwoner en zijn/haar mantelzorger is zelf verantwoordelijk voor vervoer van en naar de instelling voor kortdurend verblijf. Daarbij dient in de eerste plaats gebruik te worden gemaakt van eigen vervoer of van hulp uit het eigen netwerk. Wanneer betrokkene beperkingen heeft op het gebied van vervoer zal hij/zij doorgaans in het bezit zijn van een pasje voor de regiotaxi of een taxikostenvergoeding krijgen, waarmee hij/zij zich naar de instelling kan vervoeren. Pas als deze vormen van vervoer niet tot voldoende oplossing leiden kan er ook (aanvullend) vervoer worden toegekend.
5.11 Leidraad beschermd wonen en opvang Beschermd Wonen is een voorziening onder de Wmo 2015, waarbij het gaat om het bieden van een veilige afgeschermde woon- en leefomgeving waar samenhangend toezicht en begeleiding wordt geboden aan volwassen personen die door hun (psychiatrische) beperkingen niet in staat zijn zelfstandig te leven en een mogelijk gevaar voor zichzelf of anderen vormen. De begeleiding is gericht op het bevorderen en herstel van zelfredzaamheid en participatie evenals op het bevorderen van het psychische en psychosociaal functioneren en het psychiatrisch ziektebeeld (incl. verslaving) te stabiliseren.
32
(Maatschappelijke) opvang is een voorziening onder de Wmo 2015, waarbij het gaat om het bieden van (tijdelijke) opvang aan personen die de thuissituatie hebben verlaten en niet in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving. De opvang betreft verblijf in een opvanginstelling of instellingswoning met daarbij stabiliserende begeleiding. Het vastgestelde beleid van de gemeente Apeldoorn (centrumgemeente) voor beschermd wonen en opvang wordt door het college in deze beleidsregels overgenomen.
33
6
Slotbepalingen
Samenhang
De beleidsregels horen bij de Verordening maatschappelijke ondersteuning 2020 Brummen. Intrekking De Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning gemeente Brummen 2017 die het college heeft vastgesteld op 20 december 2016, vervallen op de dag waarop de nieuwe beleidsregels in werking treden.
Inwerkingtreding
Deze beleidsregels treden in werking op de dag na de bekendmaking.
Citeertitel
Deze beleidsregels worden aangehaald als: “Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning Gemeente Brummen 2021”
34