C3 - B&W - Raadsinformatiebrief over terugkoppeling rode draad uit consultatie gemeenteraad Brummen D452437
Tekst van het document
Gemeenteraad Brummen
Brummen Ons kenmerk Uw kenmerk Onderwerp
: 21 januari 2025 : Z102132/D450980 : : Raadsinformatie over terugkoppeling rode draad uit consultatie gemeenteraad Brummen Verstedelijking in Balans Regio Stedendriehoek
Geachte raadsleden, Met deze raadsinformatiebrief informeren we u graag over het proces van Verstedelijking in Balans van de Regio Stedendriehoek. Wat ging vooraf? Gemeenten, waterschappen en de provincies hebben in samenwerking met regionale organisaties de handschoen opgepakt om de grote langjarig fysieke opgaven in de regio Stedendriehoek te gaan realiseren. In het regioarrangement vastgesteld in 2023 zijn een vijftal hoofdopgaven benoemd. Het regioarrangement vormt de basis voor verdere gebiedsuitwerking en is de voorbereiding voor de uitvoering van gebiedsmaatregelen. De hoofdopgave Verstedelijking in balans is met “voorrang opgepakt”. De te ontwikkelen verstedelijkingsstrategie is gestart met het opstellen van de Contourenschets. Een strategisch gespreksdocument voor de samenwerking met het Rijk in de volgende fase: het opstellen van het ontwikkelperspectief naar 2050. Het ontwikkelperspectief is een regionale gebiedsvisie. Daarin staat verstelijking in balans centraal. Tijdens de raadsconferentie op 19 november en middels een presentatie op het Forum van 4 december heeft u nader kennis genomen van dit proces. Naar aanleiding van de presentatie op 4 december heeft u per fractie input meegegeven. Die input is ambtelijk verwerkt, bijgevoegd (D450971) en gedeeld met de regionale werkgroep. Dat is gedaan omdat er een rode draad werd uitgevraagd per gemeente.
Hoe gaat het verder? De werkgroep Participatie en Omgeving verzamelt de opbrengsten van deze consultatierondes in alle gemeenteraden en bundelt deze. Deze bundel wordt met u gedeeld met als doel dat alle raden kennis kunnen nemen van elkaars ideeën en opvattingen over deze ontwikkelingen. Daarnaast wordt er door de werkgroep gewerkt aan een participatieplan. Dit voorjaar worden inwoners uit de regio betrokken bij regionale visievorming. En begin volgend jaar staat de voorbereiding op besluitvorming van het ontwikkelperspectief (eind 2026) gepland. U zult opnieuw worden betrokken in consultatierondes. In 2027 wordt een uitvoeringagenda en regionale investeringagenda uitgewerkt. De werkwijze is in het kader van de omgevingswet, dat de integrale gebiedsvisie uitwerking krijgt in deelgebieden. In alle gevallen zullen de gemeenteraden, algemeen besturen van waterschappen de provinciale staten aan zet zijn wanneer er sprake is van nieuw beleid of ruimtelijke keuzes.
Engelenburgerlaan 31 6971 BV Brummen Postbus 5 6970 AA Brummen Telefoon (0575) 56 82 33 Fax (0575) 56 82 88 E-mail: gemeente@brummen.nl
Z102132/D450980
Blz. 2
Met vriendelijke groet, burgemeester en wethouders van Brummen,
H. Matser secretaris
Bijlage(n):
G.J.M. van Rumund burgemeester (wnd.)
- Rode draad consultatie contourenschets gemeenteraad Brummen (D450971)
450971 Rode draad consultatieronde gemeenteraad Brummen Opgesteld door Anne Reintjes, n.a.v. Consultatie Contourenschets Regio Stedendriehoek Input consultatie per fractie. Welke elementen ziet u uit de Contourenschets als kansrijk voor de ruimtelijke ontwikkeling van de regio richting 2050? o Wat betreft oriëntatie op het Daily urban system is voor Brummen van belang dat onze inwoners regelmatig op grotere afstand werken en ook sociale verbanden hebben zowel binnen als buiten de regio. Oriëntatie op interregionaal past daarbij. o Onze voorkeur gaat uit naar een organische groei, dus vanuit bestaande steden en dorpen, zoals die historisch gezien ook heeft plaatsgevonden. Schaalniveau moet passend zijn. o Grootstedelijke ontwikkeling, inclusief woningbouw en voorzieningen in de (streekhoofd-)steden. In de kleine kernen gemeentes zal ingezet moeten worden op versterking van groen, natuur (inclusieve landbouw) en landschap. Woningbouw zal hier naar vermogen, behoefte en wenselijkheid plaatsvinden. Passend bij scenario B. o Grootschalige bedrijventerreinen alleen aan de randen van de streekhoofdsteden (langs de A1 en A50). Kleinschalige ontwikkeling, voor lokale bedrijven (die gelieerd zijn aan al gevestigde bedrijven) aan de buitenranden van de dorpen. Niet richting middengebied Driestrekenpark Voorsterlanden.
o Wij zien kansen in het versterken van de mobiliteit binnen de regio en de regio uit. Nadruk moet dan liggen op het vergroten van het aanbod soorten mobiliteit binnen de regio. Met name inzetten op ov en fietsverbindingen. Voor autoverkeer, is aandacht voor ontsluiting op de hoofdassen belangrijk. Bijvoorbeeld ook voor Zutphen als daar een groot deel van de opgave landt. o Scenario A bevat wat ons betreft veel goede elementen, zoals veel ruimte voor natuur. Brummen (en Voorst) als het groene hart ligt voor de hand en is ruimtelijk gezien een goede keuze. Balans is inderdaad juiste woord (wonen, werken en recreëren) o Bouwen rondom bestaande stations. Ontstaan nieuwe woon-werk-leefmilieus. Welke elementen ziet u uit de Contourenschets als belemmerend voor de ruimtelijke ontwikkeling van de regio richting 2050? o OV uitbreiding, zodat je makkelijker in de kernsteden Apeldoorn en Zutphen kan komen, is misschien niet zo gemakkelijk te realiseren. o Complexiteit. We zullen ook rekening moeten houden met de aangrenzende regio’s. Voor de ruimtelijke invulling vraagt dit ook afstemming met de omgeving van de regio. o De maakbaarheid van de ruimte kent zijn grenzen. Water en bodemsturend is een belangrijk principe.
o Een belemmering zou het gebied tussen Veluwe en IJssel kunnen zijn, maar tegelijk is het ook een kans: vorm een stevige overgang tussen Veluwe en IJssel met Brummen en Voorst door de creatie van Voorsterlanden en/of IJssellanden. o Wij zien de volgende belemmering bij scenario D: alle functies in het gebied worden te versnipperd en daardoor het minst versterkt. o Wij missen in de visie (op openbaar vervoer) de noord zuid oriëntatie van/naar de regio (in het kader van voorzieningen als hoger onderwijs, specialistische zorg en andere grootstedelijke voorzieningen). o Landelijk gebied wordt vooral beschouwd vanuit economische waarden of een ruimtelijke opgave (wonen, werken en recreëren). Het ontbreekt aan een visie op "Stille Natuur": namelijk natuur die niet gebruikt wordt door de mens. Voor de leefbaarheid is dit een randvoorwaarde. Het gebrek aan natuurwaarde wordt heel duidelijk door terminologie als landschapspark.
Wat wilt u verder nog meegeven voor het vervolgtraject? o De west-oost verbinding in ons land is belangrijk voor belangrijke toekomstige mobiliteitsverbindingen in Europa en moet een plek krijgen. Dit is regio-overstijgend. Een passend voorstel hiervoor graag meenemen in verdere uitwerking van scenario B. o Er moet nadrukkelijk rekening gehouden worden met meer ruimte voor rivieren in belang van het waterbeheer van Nederland (in zowel nationaal als regionaal belang). In het bijzonder krijgen de IJssel (IJsselvallei) en de Waal een grotere rol in ons rivierenland. Landelijke richtlijnen als bodem- en watersturend, Ruimte voor de rivier 2.0 en de kaderrichtlijn water randvoorwaardelijk. o Regionale doelen als Drinkbare IJssel, bescherming grondwater, versterken groen-blauwe dooradering, gebruiken als uitgangspunten. o Doorrekenen in uitwerking van ontwikkelperspectief. Aandacht voor demografische en landbouwtransitie: vergrijzing op met name het platteland zorgt voor een potentiële verandering van de boeren bedrijvigheid. o Doorrekenen in uitwerking van ontwikkelperspectief. Aandacht voor de negatieve landschappelijke gevolgen van schaalvergroting (en hier in m.n. de uitvoering rekening mee houden). o In 2025 worden inwoners geconsulteerd. Hoe komen we tot een juiste weging van de resultaten? De stemmen vanuit de dorpen zullen in aantal minder zijn dan de stemmen uit de steden.
En de ene stad/dorp kan een visie hebben die niet aansluit bij de andere stad/dorp. o De nieuwe raad wordt begin/medio 2026 geconsulteerd en besluit eind 2026. Dat zal voor nieuwe raadsleden een uitdaging zijn, want dit is een abstract en groot dossier. o Het versterken van de samenwerking tussen onderwijs en bedrijfsleven kan de concurrentiepositie met andere regio's verbeteren. We kunnen dan optimaal gebruik maken van onze ligging voor bedrijven en ons woonklimaat voor de studenten en werknemers. o Het is belangrijk om in het vervolgtraject iedereen mee te nemen. De gemeenteraden maar ook de inwoners, bedrijven en onderwijsinstellingen. Samen komen we verder. Maak duidelijk voor gemeenten wat de meerwaarde is van de samenwerking. Vier de successen!