C3 - B&W - Beantwoording schriftelijke vragen VVD inz. verdeling opvangplaatsen D478587
Tekst van het document
Gemeenteraad Brummen
Brummen Ons kenmerk Uw kenmerk Onderwerp
: 17 maart 2026 : Z124608/D478445 : : Beantwoording schriftelijke vragen VVD inz. verdeling opvangplaatsen
Geachte leden van de gemeenteraad, Op 5 maart jongstleden ontvingen wij schriftelijke vragen van de fractie van de VVD over de verdeling van opvangplaatsen (D478028). Graag geven we u hierop een antwoord. Algemene inleiding Voordat we specifiek in gaan op de gestelde vragen, is het goed om meer algemeen de systematiek van de Spreidingswet toe te lichten. De Spreidingswet werkt met een tweejaarlijkse cyclus. In februari van het eerste jaar stelt de minister de capaciteitsraming vast en daarmee de opgave per provincie, alsmede een indicatieve verdeling van deze opgave over de gemeenten. Deze indicatieve verdeling is nadrukkelijk geen taakstelling, maar dient als hulpmiddel voor de gesprekken aan de Provinciale RegieTafel (PRT) om te komen tot een provinciaal plan. De indicatieve verdeling die de minister aanreikt houdt ook geen rekening met reeds gerealiseerde plekken, lopende ontwikkelingen of geldende afspraken zoals eerder genomen Verdeelbesluiten, gesloten Bestuursovereenkomsten of onderlinge uitruilafspraken tussen gemeenten met betrekking tot de verschillende doelgroepen. Deze zaken worden meegewogen in de gesprekken aan de (subregionale) PRT om te komen tot een onderlinge verdeling van de asielopvangcapaciteit.
De uitkomst van de gesprekken in de PRT leidt in de systematiek van de Spreidingswet aan het einde van het eerste jaar tot een provinciaal plan van aanpak, op basis waarvan de minister in december een Verdeelbesluit neemt. Provincies en gemeenten hebben dan in beginsel tot juli van het opvolgende jaar de tijd om deze opgave te realiseren. De eerste cyclus van de Spreidingswet startte in februari 2024 met voor Brummen, volgend uit de indicatieve verdeling, een aantal van 119 opvangplekken. Zoals bij een aantal gelegenheden met uw is raad gedeeld, heeft het college in oktober 2025 350 plekken aangedragen als deelbijdrage
Engelenburgerlaan 31 6971 BV Brummen Postbus 5 6970 AA Brummen Telefoon (0575) 56 82 33 Fax (0575) 56 82 88 E-mail: gemeente@brummen.nl
Z124608/D478445
Blz. 2 van3
aan het provinciaal plan. Een onderdeel van deze afspraken in de regio is dat Brummen langer de tijd heeft om asielopvang van deze omvang te realiseren en niet wordt aangesproken voor tussentijdse (crisis)noodopvang. Door een onnavolgbare verwerking van het provinciaal plan door het ministerie en een langdurige behandeling van het bezwaar, heeft het nog tot december 2025 geduurd voordat de minister een (herzien) Verdeelbesluit nam. De nieuwe wetscyclus startte in februari 2026 na het aantreden van het Kabinet Jetten. De indicatieve verdeling voor de tweede wetscyclus is hiermee heel kort na het Verdeelbesluit van de eerste cyclus genomen. Dit is beslist niet de gebruikelijke gang van zaken. Feit is dat het Verdeelbesluit van december 2025 momenteel gewoon geldt, met daarin een opdracht voor Brummen voor het realiseren van 350 plekken. Juridisch gezien is dit het kader waarbinnen het college opereert en ook de gesprekken voert aan de PRT.
Praktisch gezien gelden daarbij dezelfde overwegingen zoals eerder met u gedeeld als het gaat om het realiseren van asielopvang om Brummen: - er is uitzicht op een locatie die geschikt is voor 350 opvangplekken; - er is geen uitzicht op locaties die geschikt zijn voor 119 (of wat dat betreft 110) opvangplekken; - op een locatie van 350 plekken realiseert COA voldoende faciliteiten en begeleiding om een goede kwaliteit van opvang te borgen en daarmee ook de impact op de omgeving te beperken; - bij een kleinere opvang (ordegrootte 110-119) komen teveel taken bij de gemeente te liggen; een organisatie met de omvang als die van ons is daarvoor te kwetsbaar. Dezelfde overwegingen uit de eerste cyclus van de Spreidingswet leiden wat ons betreft tot dezelfde uitkomst: wij vervullen onze opgave door 350 plekken te realiseren op de Michaelshoeve. Beantwoording vragen: 1. Is het college bekend met de op 27 februari gepubliceerde indicatieve verdeling van de tweede cyclus waarin voor Brummen een opgave van 110 opvangplaatsen wordt genoemd? Ja, die is ons bekend. 2. Deelt het college de opvatting dat deze nieuwe indicatieve opgave relevant is voor de beoordeling van de proportionaliteit van een bestuursovereenkomst die uitgaat van opvang voor 350 personen? Het genoemde aantal van uit de indicatieve verdeling is enkel in rekenkundig opzicht proportioneel in relatie tot het inwoneraantal.
Maar het houdt geen rekening met andere factoren, zoals hierboven genoemd. Praktisch gezien gelden bij het afsluiten van een Bestuursovereenkomst dezelfde overwegingen zoals eerder met u gedeeld als het gaat om het realiseren van asielopvang in Brummen: o er is uitzicht op een locatie die geschikt is voor 350 opvangplekken; o er is geen uitzicht op locaties die geschikt zijn voor 119 (of wat dat betreft 110) opvangplekken; o op een locatie van 350 plekken realiseert COA voldoende faciliteiten en begeleiding om een goede kwaliteit van opvang te borgen en daarmee ook de impact op de omgeving te beperken;
Z124608/D478445
o
Blz. 3 van3
bij een kleinere opvang (ordegrootte 110-119) komen teveel taken bij de gemeente te liggen; een organisatie met de omvang als die van ons is daarvoor te kwetsbaar.
3. Klopt het dat realisatie van een opvanglocatie voor 350 personen op de Michaelshoeve niet vóór juli 2026 kan plaatsvinden? Ja, en dat is ook bekend bij zowel het ministerie als de PRT. In de praktijk wordt dit niet als onoverkomelijk gezien, vanwege het aantal structurele plekken dat wij realiseren. 4. Hoe verhoudt een bestuursovereenkomst voor 350 opvangplaatsen zich volgens het college tot een mogelijke wettelijke opgave van circa 110 plaatsen in de volgende cyclus? Zoals hierboven aangegeven betreft het genoemde aantal van 110 geen wettelijke opgave, maar hooguit een hulpmiddel bij de gesprekken aan de PRT. Waarbij zoals gezegd het rijk geen rekening houdt met andere afspraken zoals bijvoorbeeld andere doelgroepen, (crisis)noodopvang en reeds afgesloten Bestuursovereenkomsten. 5. Is het college bereid om, gezien deze nieuwe indicatieve opgave, de proportionaliteit van de omvang en looptijd van de bestuursovereenkomst opnieuw te beoordelen voordat tot ondertekening wordt overgegaan? Nee, want de nieuwe indicatieve verdeling leidt niet tot nieuwe inzichten of overwegingen. Intussen geldt ook gewoon het Verdeelbesluit van december 2025. 6. Is het college bereid de raad hierover te informeren vóórdat de bestuursovereenkomst wordt ondertekend? Inmiddels hebben wij u laten weten dat de bestuursovereenkomst (inclusief werkafspraken) is getekend. Deze is op woensdag 11 maart jl.
ter informatie toegestuurd aan de gemeenteraad. We vertrouwen erop dat we uw vragen adequaat hebben beantwoord. Met vriendelijke groet, burgemeester en wethouders van Brummen,
H. Matser secretaris
Ir. J.N. Rozendaal burgemeester (wnd.)
Bijlage: - D478018: Schriftelijke vragen VVD inz verdeling opvangplaatsen
GEMEENTERAAD van BRUMMEN SCHRIFTELIJKE VRAGEN AAN HET COLLEGE Datum: 05-03-2026 Steller: C.J. Wijnhoven (VVD) Onderwerp: Indicatieve verdeling opvangplaatsen Het college wordt verzocht de volgende vragen schriftelijk te beantwoorden: 1. Is het college bekend met de op 27 februari gepubliceerde indicatieve verdeling van de tweede cyclus waarin voor Brummen een opgave van 110 opvangplaatsen wordt genoemd? 2. Deelt het college de opvatting dat deze nieuwe indicatieve opgave relevant is voor de beoordeling van de proportionaliteit van een bestuursovereenkomst die uitgaat van opvang voor 350 personen? 3. Klopt het dat realisatie van een opvanglocatie voor 350 personen op de Michaelshoeve niet vóór juli 2026 kan plaatsvinden? 4. Hoe verhoudt een bestuursovereenkomst voor 350 opvangplaatsen zich volgens het college tot een mogelijke wettelijke opgave van circa 110 plaatsen in de volgende cyclus? 5. Is het college bereid om, gezien deze nieuwe indicatieve opgave, de proportionaliteit van de omvang en looptijd van de bestuursovereenkomst opnieuw te beoordelen voordat tot ondertekening wordt overgegaan? 6. Is het college bereid de raad hierover te informeren vóórdat de bestuursovereenkomst wordt ondertekend? Toelichting: Op 26 februari jl. heeft de gemeenteraad gesproken over de voorgenomen bestuursovereenkomst inzake een opvanglocatie voor 350 personen.
Op 27 februari heeft het ministerie een nieuwe indicatieve verdeling voor de volgende cyclus bekendgemaakt. Hierin wordt voor de gemeente Brummen een indicatieve opgave van 110 opvangplaatsen genoemd. Deze indicatieve verdeling was ten tijde van de beraadslaging in de raad nog niet bekend. De VVD-fractie beschouwt dit als een relevant nieuw feit dat mogelijk gevolgen heeft voor de proportionaliteit en toekomstbestendigheid van de voorgenomen bestuursovereenkomst. Daarbij speelt tevens dat realisatie van een opvanglocatie voor 350 personen op de Michaelshoeve naar verwachting niet vóór juli 2026 kan plaatsvinden. Ondertekening: C.J. Wijnhoven namens de VVD-fractie