A97 - Omroep Gelderland - Vraag of artikel 213a onderzoeken toegevoegd zijn aan jaarstukken 2020
Tekst van het document
Aan de Voorzitter van de Raad van de Gelderse gemeenten, t.a.v. de Griffier i.a.a.:
Rekenkamer(functie)
Arnhem,
£ 9 JÜM 2tIH
Betreft: Toepassing artikeS 2S 3a Gemeentewet door gemeente
Geachte Voorzitter van de Raad, tr. artikel 213a van de Gemeentewet staat vermeld dat gemeenten periodiek onderzoek naar de doelmatigheid en de doeltreffendheid van het door hem gevoerde bestuur moet uitvoeren. In artikel 197 van de Gemeentewet staat dat de onderzoeken bij de Jaarstukken moeten worden gevoegd. Op dit moment behandelt uw Raad de Jaarstukken over 2020. Het is om die reden goed om uw Raad te wijzen op de onderzoeken ex artikel 213a Gemeentewet en de wettelijke verplichting van het Ccilege om deze 2'3a-onderzoeken aan de Jaarstukken toe te voegen. Voor mij is dit aanleiding om onderzoek te doen naar de uitvoering van artikel 213a Gemeentewet. Graag informeer ik of uw gemeente in 20! 9 en 2020 deze onderzoeken heeft uitgevoerd. Ook informeer ik graag naar het onderzoeksplan over 2021. Ik wi! u vragen of u mij per brief kan informeren over de uitvoering. Daarnaast verzoek ik u of u de 2'3a-onderzceken openbaar v/il maken en mij deze digitaal toe te zenden. Indien van toepassing en noodzakelijk mag u deze brief als verzoek bedoeld in de Wet openbaarheid bestuur behandelen. Me: vriéndelijke groeten,
Ramon Barends
Bijlagen: 2. (I. Rekenkamerbrief gemeente Lelystad en 2. Wetgeving)
Bureau Gelderland Mierlosiraat 43 ® 6844 DW • ARNHEM
Rekenkamer Lelystad
De raad van de gemeente Lelystad Postbus 91 8200 AB LELYSTAD
uw brief van
uw kenmerk
ons kenmerk
datum
—
—
—
22 juni 2020
behandeld door P.B. Nieuwenhuis
doorkiesnummer 14-0320
bijlagen
dossiernummer
onderwerp
pr-nummer
Rekenkamerbrief stand van zaken 213a onderzoeken in de gemeente Lelystad.
oeach'ce raad^, Naar aanleiding van de kadernota 2021-20241 vragen wij aandacht voor de onderzoeken ex artikel 213a gemeentewet. In dit artikel is het college de verplichting opgelegd periodiek onderzoek te doen naar de doeltreffendheid en doelmatigheid van het door hem gevoerde bestuur. 3e rekenkamer Lelystad heeft in 2008 en 2009 deelgenomen aan een onderzoek naar de uitvoering en positionering van deze zelfonderzoeken door het college. Daarnaast werden de 213aonderzoeken ook belicht in een rekenkameronderzoek uit 2017 naar de controlerende taak van de raad. Aan de hand van deze rekenkameronderzoeken belichten wij de huidige stand van zaken van de onderzoeken ex artikel 213a in de gemeente Lelystad.
1 ‘
Versie voor raadsbehandeiing van april 2020.
Rekenkamer Lelystad Stadhuisplein 2 Postbus 91 8200 AB Lelystad 14-0320 WM/wLëjyiigdml/fhkêhkMiêJ:
rekenkamer@lelystad.nl
ons kenmerk
datum 22 juni 2020
pagina 2
213A-ONDÈRZOEK IS WETTELIJK VERPLICHT Op pagina 41 van de kadernota 2021 - 2024 staat dat er geen dekking in de kadernota is opgenomen om structureel budget vrij te maken voor de jaarlijkse onderzoeken ex artikel 213a, hoewel het college het vrijmaken van budget hiervoor wel wenselijk acht. Elke Nederlandse gemeente is wettelijk verplicht jaarlijks een aantal 213a-onderzoeken uit te voeren. Deze onderzoeken moeten verder ook voldoen aan diverse wettelijke voorwaarden en voorwaarden uit lokale regelgeving. De kernboodschap van deze rekenkamerbrief is, dat het niet reserveren van budget voor 213a onderzoek op gespannen voet staat met wettelijke verplichtingen dienaangaande evenals met de verplichtingen en ambities uit de eigen verordening 213a. Uit de eerdergenoemde rekenkameronderzoeken bleek bovendien, dat de onderzoeken ex artikel 213a een belangrijke bron van informatie zijn voor de controlerende taak van de raad. Ook maken deze onderzoeken onlosmakelijk deel uit van de publieke verantwoording aan de burger. Het vorengaande illustreert dat geldgebrek geen reden mag zijn, deze onderzoeken ex artikel 213a niet meer uit te voeren. IN WELKE MATE HEEFT DE GEMEENTE LELYSTAD DE AFGELOPEN JAREN AAN RANDVOORWAARDEN VOOR 213A ONDERZOEK VOLDAAN?
Éën samenvatting van de bevindingen uit deze rekenkamerbrief. De gemeente Lelystad heeft een verordening voor 213a-onderzoek en het college laat periodiek 213a-onderzoeken uitvoeren. Meestal gaat het daarbij om meer dan één 213a-onderzoek per jaar2. In de periode 2005-2008 werd er nog een gemiddelde van 2,25 213a-onderzoeken per jaar opgeleverd in de gemeente Lelystad. In de jaren 2017 tot en met 2019 is een gemiddelde van vier 213a-onderzoeken per jaar uitgevoerd. Daarmee wordt qua aantallen onderzoeken en frequentie van onderzoek voldaan aan artikel 213a lid 1, artikel 197 lid 2 gemeentewet en de Lelystadse verordening op 213a-onderzoeken. De kwaliteit en inhoud van de uitgevoerde 213a-onderzoeken zijn niet onderzocht, dus daar laten we ons verder niet over uit. Uit het rekenkameronderzoek naar de 213a-onderzoeken van 2009 bleek onder meer dat de informatievoorziening over de in uitvoering zijnde en afgeronde onderzoeken aan de raad en de rekenkamer niet altijd consequent en voorspelbaar is geweest. Ook leken destijds de onderzoeksplannen voor 213a-onderzoek behoorlijk vrijblijvend, want niet alle geplande 213aonderzoeken werden m de praktijk ook echt uitgevoerd. Tevens bleek toen dat de rekenkamer zeer
In 2017 waren dat er vijf, in 2018 waren dat er vier en in 2019 waren dat er drie. Aangezien er onduidelijkheid is over de uitgevoerde 213a-onderzoeken in de jaren 2013 tot en met 2016, tellen we deze niet mee.
ons kenmerk
datum 22 juni 2020
pagina 3
zelden tot nooit expliciet op de hoogte werd gesteld van de voorgenomen 213a-onderzoeken. Verder kreeg de rekenkamer - en in mindere mate waarschijnlijk ook de raad - niet altijd de verslagen van 213a-onderzoek. Dit alles is tot op zekere hoogte nog steeds het geval, al is er de afgelopen jaren wel verbetering te zien. De onderzoeksagenda 213a wordt sinds 2017 doorgaans, maar niet consistent, via de programmabegroting aangekondigd en - meer consistent - via de jaarverslagen verantwoord. In een afstemmingsoverleg tussen de Lelystadse commissie van de rekening, accountant, ambtelijke organisatie en rekenkamer vindt enige afstemming plaats van de planning en uitvoering van 213aonderzceken. In grote lijnen concluderen we echter, dat in de praktijk gedeeltelijk wordt voldaan aan artikel 213a lid 2 en 3. Wanneer we de digita'e versies van de jaarverslag 2017, 2018 en 2019 van de gemeente Lelystad bekijken, lijken de verslagen van de 213a onderzoeken in geen van de gevallen aan het jaarverslag te zijn toegeveegd. Daarmee wordt consequent niet voldaan aan artikel 197 lid 2 gemeentewet. Aan artikel 197 lid 3 - dat de facto gaat over openbaarheid en de functie van 213a-onderzoek voor publieke verantwoording - wordt niet consequent voldaan. Niet alle 213a-rapporten uit die jaren zijn (makkelijk) te vinden op de website van de gemeente Lelystad.
Niet openbare of niet makkelijk vindbare rapporten kunnen geen rol spelen in de publieke verantwoording. En onderzoeken ex artikel 213a zijn juist we! bedoeld voor het afleggen van publieke verantwoording. Daaruit volgt dat een praktijk, waarbij een aantal 213a rapporten niet eenvoudig vindbaar en beschikbaar is voor een breed publiek, in strijd is met wetgeving. Of de verslagen van alle 213a-cnderzoeken in de jaren 2017 tot en met 2019 in de praktijk altijd conform wettelijke verplichting - ter inzage zijn gelegd, is niet af te leiden uit de bestudeerde stukken. We hebben dit niet verder onderzocht. Met het oog daarop doen we over ter inzagelegging van 213a-onderzoeken geen uitspraak in deze rekenkamerbrief. In de bijlagen bij deze rekenkamerbrief worden bovenstaande bevindingen nader toegelicht en meer in detail uitgewerkt. TOT SLOT We hebben uw raad met deze rekenkamerbrief een snel, globaal, overkoepelend beeld willen geven van de stand van zaken rondom de 213a-onderzoeken in de gemeente Lelystad. We pretenderen hierbij niet uitputtend of volledig te zijn, omdat we uitsluitend uit zijn gegaan van een begrensd aantal stukken, een beperkt aantal variabelen, een zeer beknopt normenkader (alleen de wettelijke voorschriften) en onze eigen waarnemingen v.w.b. de aankondiging van 213a onderzoek en de toezending van verslagen van 213a-onderzoek aan de rekenkamer.
ons kenmerk
datum 22 juni 2020
pagina 4
Indien uw raad over dit onderwerp - of daarmee verband houdende onderwerpen - nog aanvullende vragen heeft kunt u contact opnemen met de rekenkamer Lelystad. Wij zullen deze vragen zo goed mogelijk beantwoorden. Ook als een uitgebreider rekenkameronderzoek gewenst is naar dit onderwerp, verneemt de rekenkamer Lelystad dit graag van uw raad. Wij vertrouwen erop dat wij u hiermee voldoende hebben ingelicht. Met vriendelijke groet, de rekenkamer van de gemeenie Lelystad, de secretaris,
de voorzitter.
P.B. Nieuwenhuis
RJ.E. Douma
Gemeentewet
Artikel 197
1.
Het college legt aan de raad over elk begrotingsjaar verantwoording af over het door hem gevoerde bestuur, onder overlegging van de jaarrekening en het jaarverslag. 2.
Het college voegt daarbij de verslagen, bedoeld in artikel 213a, tweede lid.
De raad legt de in het eerste en tweede lid, alsmede de in artikel 213, derde en vierde lid, bedoelde stukken, wanneer ce bespreking daarvan geagendeerd is op de in artikel 19, tweede lid, bedoelde wijze, voor een ieder ter inzage en stelt ze algemeen verkrijgbaar. Van de terinzagelegging en de verkrijgbaarstelling wordt openbaar kennis gegeven. De raad beraadslaagt over de jaarrekening en het jaarverslag niet eerder dan twee weken na de openbare kennisgeving.
Artikel' 213a
Het college verricht periodiek onderzoek naar de doelmatigheid en de doeltreffendheid van het door hem gevoerde bestuur. De raad stelt bij verordening regels hierover.
riet college brengt schriftelijk verslag uit aan de raad van de resultaten van de onderzoeken.
Hat collega svslt de rekenkamer of, indien geen rekenkamer is ingesteld, personen die de rekenkamerfunctie uitoefenen, tijdig op de hoogte van de onderzoeken die hij doet instellen en zendt haar, onderscheidenlijk hen, een afschrift van een verslag als bedoeld in het tweede lid.