A22 - VNOG - Brief reactie op zienswijzen op Concept Kadernota 2026-2029 D455830
Tekst van het document
Van: Verzonden: Aan: CC: Onderwerp: Bijlagen:
VNOG_bestuurssecretariaat <bestuurssecretariaat@vnog.nl> woensdag 19 maart 2025 15:44 Gemeente Brummen; Griffie Paul Jalink; Frank Starke; VNOG_Concern_DIV brief reactie op zienswijzen op Concept Kadernota 2026-2029 20250317 brief gem Brummen reactie op zienswijzen op Concept Kadernota 2026-2029.pdf; Overzicht zienswijzen op cncpt Kadernota 26-29 10mrt25.pdf
Deze brief is verzonden naar het mailadres van de griffie en het algemene mailadres van uw gemeente
Goedemiddag, Bijgaand ontvangt u een brief met bijlage betreffende een reactie op de zienswijzen op Concept Kadernota 2026-2029. Wilt u deze brief doorgeleiden naar het college en de gemeenteraad van uw gemeente. Met vriendelijke groet, Bestuurssecretariaat - Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland Postbus 234, 7300 AE Apeldoorn
1
Aan de gemeenteraad van de gemeente Brummen Aan het college van de gemeente Brummen
Datum Ons kenmerk Behandeld door Onderwerp
: 17 maart 2025 Uw brief van : 24-69754/25-099012/AM Uw kenmerk : F. Starke Bijlage(n) : reactie op zienswijzen op Concept Kadernota 2026-2029
Postbus 234 7300 AE Apeldoorn 088 310 4000 info@vnog.nl www.vnog.nl
: : : Overzicht zienswijzen
Geachte raad en geacht college, Op 12 december 2024 hebben wij u, conform de Gemeenschappelijke regeling VNOG, de concept Kadernota 2026-2029 ter zienswijze aangeboden. In de wet staat dat het dagelijks bestuur schriftelijk en gemotiveerd reageert op ingekomen zienswijzen, alvorens het algemeen bestuur een besluit neemt. Met deze brief ontvangt u onze reactie op de zienswijzen. Wij danken de raden voor hun input. We beseffen dat de reactietijd beperkt was (ook vanwege de feestdagen), maar gelet op het vervolgproces konden we niet meer tijd inruimen dan de acht weken die we in de Gemeenschappelijke Regeling VNOG hiervoor samen hebben afgesproken. Dank u voor uw begrip. Als u de afgelopen weken niet in de gelegenheid was om een zienswijze in te dienen, krijgt u komende tijd nog een nieuwe mogelijkheid. De Kadernota wordt verwerkt in de concept begroting 2026-2029. Voor de concept begroting krijgt u minimaal 12 weken de tijd voor het opstellen van een eventuele zienswijze. Een zienswijze op de Kadernota is niet verplicht en een extra optie die VNOG aanvullend biedt, bovenop de wettelijke vereisten, op verzoek van een aantal raden. Vervolgproces Het algemeen bestuur stelt de Kadernota op 27 maart a.s. definitief vast. U ontvangt daarna nog een afschrift van de definitieve Kadernota. Deze moeten wij vóór 30 april met u delen.
Zoals aangegeven, de Kadernota wordt verwerkt in de concept begroting 2026-2029. Op 3 april behandelt het dagelijks bestuur deze concept begroting. Daarna gaat de begroting ter zienswijze naar de raden toe. Conform de wet staat hier 12 weken voor. We hebben gehoor gegeven aan wensen van raden om deze zienswijzenperiode zo te plannen dat hij voor het zomerreces is afgerond. Zo kunnen de raden van de volle 12 weken gebruik maken. Het dagelijks bestuur zal naar verwachting begin juli reageren op de ingekomen zienswijzen.
Het algemeen bestuur stelt vervolgens de begroting definitief vast in haar eerste vergadering na de zomer (11 september a.s.). De begroting moeten wij voor 15 september hebben vastgesteld. Wij zullen u daarna informeren over het besluit van het algemeen bestuur en u dan ook de definitieve begroting toesturen. Reactie op de zienswijzen – algemeen Een totaaloverzicht van alle ingediende zienswijzen en onze reactie daarop treft u bijgevoegd aan. Dit overzicht zullen wij op 27 maart ook aan het AB voorleggen. Wij hebben de Kadernota niet verder aangepast. Wij leggen de Kadernota nu ter vaststelling aan het algemeen bestuur voor (27 maart). Meerdere gemeenten roepen op tot verdere matiging. Wij hebben begrip voor deze reactie, maar we zien geen mogelijkheden om hier verder aan bij te dragen. Dat heeft diverse redenen. Wij hebben met ingang van 2026 al € 1,9 mln. uit de begroting geschrapt en het lijkt er sterk op dat het Rijk ons een korting van 10% op onze Rijksbijdrage (de Brede Doeluitkering Rampenbestrijding, BDuR; voor VNOG gaat het om € 1,1 mln.) oplegt. In 2020 is met de Toekomstvisie gekozen voor het basisscenario voor VNOG. Wij hebben daar een sobere bedrijfsvoering tegenover gezet, zo is er geen budget voor inhuur. Deze situatie in de context van de inhoudelijke (o.a.
weerbaarheid) en genoemde financiële uitdagingen en risico’s die de komende jaren op ons pad liggen, maakt dat VNOG moet waken om financieel gezond te blijven. Reactie op uw zienswijze In reactie op de specifiek door u ingediende zienswijze: U spreekt uw waardering uit voor de wijze waarop de concept Kadernota tot stand is gekomen. Dank daarvoor. U vraagt aandacht voor de financiële positie van gemeenten, waar de gemeenschappelijke regelingen een bijdrage aan moeten leveren. Wij zijn, net als de gemeenten, al enkele jaren gewaarschuwd voor de financiële uitdagingen waar gemeenten in 2026 voor staan. We hebben hard gewerkt om in de afgelopen jaren onze financiële uitgangspunten in balans te brengen met uw uitdagingen en met de maatschappelijke opgaven op het gebied van de openbare veiligheid. Wij zijn ervan overtuigd dat we die balans hebben gevonden met het proactief inboeken van een demping van € 1,9 miljoen. Bovendien dreigt een dreigende korting van 10% op onze rijksbijdrage BDuR. Op deze manier zijn we in staat om vanuit een sobere en doelmatige positie samen met u en onze andere partners te werken aan het veilig wonen, werken en recreëren in Noord- en OostGelderland.
Uiteraard nemen wij uw oproep ter harte, blijven terughoudend waar mogelijk en kijken als er zich door veranderende omstandigheden verdere besparingsmogelijkheden voordoen, wat hiervan gerealiseerd zou kunnen worden, mits deze inhoudelijk en financieel verantwoord zijn. U doet drie suggesties waar eventueel besparingen zijn te vinden. Wij gaan uw drie suggesties langs. 1. Wat betreft de 10 fte: dit is ruimte van steeds wisselende formatieplaatsen in de beroepsorganisatie van VNOG (ca. 350 fte) vanwege doorstroom in de organisatie. Het is dus niet een exact aanwijsbare groep van functies die zou kunnen worden geschrapt; het fluctueert steeds over de afdelingen en is een gemiddelde. Dit is dus niet zonder meer door te voeren. Een krappe arbeidsmarkt maakt dat ook VNOG te maken heeft met meer doorstroom dan enkele jaren geleden en het lastiger invullen van vacatures. Deze vacatureruimte wordt gebruikt om waar noodzakelijk (m.n. ter vervanging) tijdelijk personeel in te huren (hiervoor zijn geen afzonderlijke budgetten binnen VNOG vrijgemaakt). Deze budgetten zijn dus 2
2.
3.
noodzakelijk, anders wordt inhuur voor tijdelijke vervanging voor ons onmogelijk en komen reguliere taken onder druk te staan. Wat betreft de reserves: de hoogte van de geoormerkte reserves is afgestemd op een bestedingsdoel. De hoogte van de algemene en bedrijfsvoeringsreserve is gerelateerd aan de geïdentificeerde risico’s en volgt een bestuurlijk vastgestelde bandbreedte. Het bijstellen van deze bandbreedte is mogelijk als het AB VNOG hiertoe besluit. Zie ook antwoord op vraag 6. Wat betreft fasering van werkzaamheden: het faseren van werkzaamheden kan leiden tot incidentele besparingen, maar niet tot structurele. Alleen het schrappen van werkzaamheden kan leiden tot structurele besparingen.
U geeft aan dat als er tekorten ontstaan door bijzondere omstandigheden, er altijd teruggevallen kan worden op de deelnemers. Dank voor uw aanbod. U verzoekt ons om voor aanvullende taken in het kader van geopolitieke taken budget bij het Rijk te vragen en dit in mindering te brengen bij de gemeenten. Wij zijn het eens met het eerste deel van uw redenatie. Als er vanuit het Rijk nieuwe extra taken in het kader van geopolitieke spanningen (bijvoorbeeld rondom weerbaarheid en veerkracht) voor de veiligheidsregio’s bij komen, dan ligt rijksfinanciering voor de hand. En daar zullen wij ons ook hard voor maken. Maar het ligt niet voor de hand om vervolgens dit in mindering te brengen op de gemeentelijke bijdrage, waarmee de huidige/bestaande taken van de veiligheidsregio’s voor hun inwoners worden bekostigd. Een mindering kan alleen wanneer bestaande taken van de veiligheidsregio’s komen te vervallen als er nieuwe taken bij komen. Het mag immers niet zo zijn dat nieuwe taken vanuit het Rijk leiden tot verslechtering van onze bestaande dienstverlening aan onze inwoners en gemeenten, of leiden tot tekorten in de begroting waar de gemeenten vervolgens voor moeten opdraaien. Tenslotte verzoekt u ons de reservepositie te laten dalen en de overschotten terug te laten vloeien naar de gemeenten. Zie eerder antwoord hiervoor.
Het terugvloeien van reserves leidt overigens tot een eenmalig voordeel voor de gemeenten, niet tot een structurele besparing. Tenslotte Wij danken u hartelijk voor de betrokkenheid bij VNOG. Met vriendelijke groet, Namens het dagelijks bestuur van de Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland,
drs. D.G.L. Kransen secretaris
A.J.M. Heerts voorzitter
3
Peildatum overzicht: t/m 10 maart 2025 bijgewerkt
Zienswijzen gemeenten Noord- en Oost-Gelderland op de concept Kadernota 2026-2029 Op 12 december 2024 is de concept Kadernota 2026-2029 ter zienswijze aan de raden aangeboden. De zienswijzen en opmerkingen inclusief een reactie van het DB VNOG treft u hierna aan. Het overzicht is bijgewerkt tot aan de peildatum. Resumé zienswijzen: 9 1 11 1 22
Geen zienswijze indienen en/of voor nu geen zienswijze, maar mogelijk later wel bij de concept begroting Zienswijze over een ander onderwerp Zienswijze (al dan niet voorlopig) met oproep om verder te bezuinigen Nog onbekend op peildatum
1
Peildatum overzicht: t/m 10 maart 2025 bijgewerkt Zienswijzen gemeenten Noord- en Oost-Gelderland op de concept Kadernota 2026-2029 Gemeente Aalten
Datum 7 jan (college) 14 jan (raadcie) 28 jan (raad)
Zienswijze gemeente (samengevat) Besluit raad: 1. De gemeenteraad ziet en waardeert dat de VNOG de komende jaren al veel besparingen heeft ingeboekt. Zoals echter ook in de Kadernota is aangegeven, krijgen gemeenten de komende jaren te maken met “ravijn-jaren”, waarbij alle extra inspanningen om te kunnen bezuinigen aangegrepen moeten worden. Het samenwerkingsverband en gemeenschappelijke regeling is ‘verlengd lokaal bestuur’ en maken daarmee ook onderdeel uit van de gemeentelijke financieringssystematiek. Verwacht mag worden dat het verlengd lokaal bestuur, de VNOG, ook meebeweegt met de (financiële) ruimte van de gemeente. Middels deze zienswijze vraagt onze gemeenteraad de VNOG om uiterst terughoudend te zijn met extra uitgaven en actief op zoek te blijven naar mogelijkheden om te bezuinigen.
Apeldoorn
7 jan (college) Ter kennisname raad
Berkelland
7 jan (college) 28 jan (raad)
Bronckhorst
6 mrt (agen.cie) 20 mrt (pl.avnd) 27 mrt (raad) 6 feb (raadcie) 20 feb (raad)
Besluit college: 1. Geen zienswijze in te dienen [op de Kadernota VNOG 20262029]. 2. Het presidium verzoeken de Kadernota VNOG 2026-2029 en de brief van 7 november 2024 ter kennis name door te sturen aan de raad. Besluit raad: 1. Op 28 januari 2025 heeft de raad besloten geen zienswijze in te dienen tegen de concept-Kadernota 2026-2029. Besluit agendacommissie – de raad voor te stellen: 1. Geen zienswijze in te dienen op de concept Kadernota 20262029. Besluit raad: 1. De gemeenteraad heeft veel waardering voor de zorgvuldig opgestelde concept Kadernota 2026 – 2029 en toelichting daarop. En ook het feit dat u deze beleidsarm heeft gehouden. 2. Toch vraagt zij uw aandacht voor de bezuinigingen waar onze gemeente, maar ook de andere 21 andere deelnemers van de GR, mee worden geconfronteerd. Zij vraagt u concreet, conform onze brief van 7 november 2024, een proces te starten met de overige deelnemers om een bijdrage te leveren aan de bezuinigingen. De resultaten daarvan ziet de raad graag terug in de Begroting van de VNOG voor 2026 – 2029.
Brummen
2
Reactie DB VNOG 1. Dank voor uw reactie. Wij zijn, net als de gemeenten, al enkele jaren gewaarschuwd voor de financiële uitdagingen waar gemeenten in 2026 voor staan. We hebben hard gewerkt om in de afgelopen jaren onze financiële uitgangspunten in balans te brengen met uw uitdagingen en met de maatschappelijke opgaven op het gebied van de openbare veiligheid. Wij zijn ervan overtuigd dat we die balans hebben gevonden met het proactief inboeken van een demping van € 1,9 miljoen. Bovendien dreigt een dreigende korting van 10% op onze rijksbijdrage BDuR. Op deze manier zijn we in staat om vanuit een sobere en doelmatige positie samen met u en onze andere partners te werken aan het veilig wonen, werken en recreëren in Noord- en Oost-Gelderland. Uiteraard nemen wij uw oproep ter harte, blijven terughoudend waar mogelijk en kijken als er zich door veranderende omstandigheden verdere besparingsmogelijkheden voordoen, wat hiervan gerealiseerd zou kunnen worden, mits deze inhoudelijk en financieel verantwoord zijn. -
-
-
1. 2.
Dank voor uw waardering. Wij zijn, net als de gemeenten, al enkele jaren gewaarschuwd voor de financiële uitdagingen waar gemeenten in 2026 voor staan. We hebben hard gewerkt om in de afgelopen jaren onze financiële uitgangspunten in balans te brengen met uw uitdagingen en met de maatschappelijke opgaven op het gebied van de openbare veiligheid. Wij zijn ervan overtuigd dat we die balans hebben gevonden met het proactief inboeken van een demping van € 1,9 miljoen. Bovendien dreigt een dreigende korting van 10% op onze rijksbijdrage BDuR. Op deze manier zijn we in staat om vanuit een sobere en doelmatige positie samen met u en onze andere partners te werken aan het veilig wonen, werken en recreëren in Noord- en Oost-Gelderland. Uiteraard nemen wij uw oproep ter harte,
Peildatum overzicht: t/m 10 maart 2025 bijgewerkt 3.
4.
5.
De indruk is ook dat er nog wat ruimte zit in uw Concept Kadernota voor 2026 - 2029. Zij vraagt u op onderdelen aan te scherpen en dit te laten terugkomen in de begroting voor 2026 – 2029. Te denken valt aan de 10 FTE flexibel, de hoogte van de reserves en het eventueel faseren van bepaalde werkzaamheden. [zij] merkt op dat wanneer er tekorten ontstaan door bijzondere omstandigheden er natuurlijk kan worden teruggevallen op de deelnemers. Dit is een extra reden om opgebouwde reserves terug te brengen naar een minimum noodzakelijk niveau. Verzoekt de VNOG om voor de financiering van veiligheid in het kader van geopolitieke spanningen budget te vragen bij het Rijk met als gevolg dit bedrag in mindering te brengen in de bijdragen van de gemeenten en dit in de kadernota en de begroting zichtbaar te maken.
3.
4. 5.
3
blijven terughoudend waar mogelijk en kijken als er zich door veranderende omstandigheden verdere besparingsmogelijkheden voordoen, wat hiervan gerealiseerd zou kunnen worden, mits deze inhoudelijk en financieel verantwoord zijn. Wij gaan uw drie suggesties langs. a. Wat betreft de 10 fte: dit is ruimte van steeds wisselende formatieplaatsen in de beroepsorganisatie van VNOG (ca. 350 fte) vanwege doorstroom in de organisatie. Het is dus niet een exact aanwijsbare groep van functies die zou kunnen worden geschrapt; het fluctueert steeds over de afdelingen en is een gemiddelde. Dit is dus niet zonder meer door te voeren. Een krappe arbeidsmarkt maakt dat ook VNOG te maken heeft met meer doorstroom dan enkele jaren geleden en het lastiger invullen van vacatures. Deze vacatureruimte wordt gebruikt om waar noodzakelijk (m.n. ter vervanging) tijdelijk personeel in te huren (hiervoor zijn geen afzonderlijke budgetten binnen VNOG vrijgemaakt). Deze budgetten zijn dus noodzakelijk, anders wordt inhuur voor tijdelijke vervanging voor ons onmogelijk en komen reguliere taken onder druk te staan. b. Wat betreft de reserves: de hoogte van de geoormerkte reserves is afgestemd op een bestedingsdoel. De hoogte van de algemene en bedrijfsvoeringsreserve is gerelateerd aan de geidentificeerde risico’s en volgt een bestuurlijk vastgestelde bandbreedte.
Het bijstellen van deze bandbreedte is mogelijk als het AB VNOG hiertoe besluit. Zie ook antwoord op vraag 6. c. Wat betreft fasering van werkzaamheden: het faseren van werkzaamheden kan leiden tot incidentele besparingen, maar niet tot structurele. Alleen het schrappen van werkzaamheden kan leiden tot structurele besparingen. Dank voor uw aanbod. Wij zijn het eens met het eerste deel van uw redenatie. Als er vanuit het Rijk nieuwe extra taken in het kader van geopolitieke spanningen (bijvoorbeeld rondom weerbaarheid en veerkracht) voor de veiligheidsregio’s bij komen, dan ligt rijksfinanciering voor de hand. En daar zullen wij ons ook hard voor maken. Maar het ligt niet voor de hand om vervolgens dit in mindering te brengen op de gemeentelijke bijdrage, waarmee de huidige/bestaande taken van de veiligheidsregio’s voor hun inwoners worden bekostigd. Een mindering kan alleen wanneer bestaande taken van de veiligheidsregio’s komen te vervallen als er nieuwe taken bij komen. Het mag immers niet zo zijn dat nieuwe taken vanuit het Rijk leiden tot verslechtering van onze bestaande dienstverlening aan onze inwoners en gemeenten, of leiden tot tekorten in de begroting waar de gemeenten vervolgens voor moeten opdraaien.
Peildatum overzicht: t/m 10 maart 2025 bijgewerkt 6.
Doetinchem
7 jan (college) 16 jan (beeldv. raad) 30 jan (raad)
De reservepositie van de VNOG te laten dalen en de overschotten terug te laten vloeien naar de gemeenten.
6.
Besluit raad: 1. Allereerst willen wij de VNOG bedanken voor het aanbieden van de concept Kadernota en de mogelijkheid tot het indienen van een zienswijze. Wij waarderen de zorgvuldige voorbereiding, de toelichting en transparantie in de concept Kadernota. 2. Onze gemeenteraad heeft in zijn vergadering van 30 januari 2025 het volgende besloten. De financiën van gemeenten staan de komende jaren onder druk. Er komen minder gelden uit het gemeentefonds. Dit betekent enorme druk op de gemeentelijke begroting met als gevolg diverse bezuinigingen. Wij zien gemeenschappelijke regelingen als een verlengstuk van ons lokaal bestuur. Dat betekent dat ook zij een bijdrage moeten leveren. 3. In uw begroting is (flexibele) ruimte te vinden om de bijdrage van de gemeenten blijvend te verlagen en dit te verwerken in de begroting 2026-2029. Wij geven aan: a. Om de personeelsbegroting niet te baseren op het maximum van de salarisschalen maar op de werkelijke loonkosten; b. Het sterk verlagen van het aantal van 10 fte aan vaste vacatureruimte als flexibele schil;
1. 2.
4
3.
Zie antwoord op vraag 3. Het terugvloeien van reserves leidt overigens tot een eenmalig voordeel voor de gemeenten, niet tot een structurele besparing. Dank voor uw waardering. Wij zijn, net als de gemeenten, al enkele jaren gewaarschuwd voor de financiële uitdagingen waar gemeenten in 2026 voor staan. We hebben hard gewerkt om in de afgelopen jaren onze financiële uitgangspunten in balans te brengen met uw uitdagingen en met de maatschappelijke opgaven op het gebied van de openbare veiligheid. Wij zijn ervan overtuigd dat we die balans hebben gevonden met het proactief inboeken van een demping van € 1,9 miljoen. Bovendien dreigt een dreigende korting van 10% op onze rijksbijdrage BDuR. Op deze manier zijn we in staat om vanuit een sobere en doelmatige positie samen met u en onze andere partners te werken aan het veilig wonen, werken en recreëren in Noord- en Oost-Gelderland. Uiteraard nemen wij uw oproep ter harte, blijven terughoudend waar mogelijk en kijken als er zich door veranderende omstandigheden verdere besparingsmogelijkheden voordoen, wat hiervan gerealiseerd zou kunnen worden, mits deze inhoudelijk en financieel verantwoord zijn. Wij gaan uw vijf suggesties langs. a. Een loonsombegroting op medewerkersniveau zou leiden tot jaarlijkse fluctuaties die de deelnemers van een gemeenschappelijke regeling voor ongewenste verrassingen kunnen plaatsen.
Relatief veel personeelsleden van VNOG zitten aan het einde van hun salarisschaal in verband met de leeftijdsopbouw, dat betekent dat het baseren op werkelijke loonkosten betrekkelijk weinig financieel oplevert. Wel nemen de risico’s toe gezien de begroting van een gemeenschappelijke regeling als VNOG zo ver van tevoren wordt vastgelegd. b. Wat betreft de 10 fte: dit is ruimte van steeds wisselende formatieplaatsen in de beroepsorganisatie van VNOG (ca. 350 fte) vanwege doorstroom in de organisatie. Het is dus niet een exact aanwijsbare groep van functies die zou kunnen worden geschrapt; het fluctueert steeds over de afdelingen en is een gemiddelde. Dit is dus niet zonder meer door te voeren. Een krappe arbeidsmarkt maakt dat ook VNOG te maken heeft met meer doorstroom dan enkele jaren geleden en het lastiger invullen van vacatures. Deze vacatureruimte wordt gebruikt om waar noodzakelijk (m.n. ter vervanging) tijdelijk personeel in te huren (hiervoor zijn geen afzonderlijke budgetten binnen VNOG vrijgemaakt). Deze budgetten zijn dus
Peildatum overzicht: t/m 10 maart 2025 bijgewerkt c.
4.
Elburg
13 jan (beeldv. raad) 3 feb (raad)
Het sterk verlagen van de post Onvoorzien (staat nu op € 250.000, -); d. Het sterk verlagen van de post Overheadkosten en e. Het brengen van de loonindexering van 2026 naar 3,80% in plaats van 4,25% Wij begrijpen dat dit voor de VNOG een volgende stap in het verlagen van de kosten is, maar vragen u toch hierin mee te bewegen. Uiteraard staan wij open voor gesprek om daar waar knelpunten ontstaan dit met elkaar te overleggen.
Besluit raad: 1. De gemeente Elburg dankt u voor het toesturen van het document. Zoals aangegeven bij de herziening van de gemeenschappelijke regeling ziet onze raad graag een meer sturende rol op het gebied van nieuw beleid met financiële gevolgen. Door 5
4. 1.
noodzakelijk, anders wordt inhuur voor tijdelijke vervanging voor ons onmogelijk en komen reguliere taken onder druk te staan. c. De post Onvoorzien is afgeraamd naar het minimumbedrag van € 250.000. Dit minimum is, in afstemming met alle gemeenten, vastgelegd in de Financiële Verordening van VNOG. Deze aframing is onderdeel van de € 1,9 miljoen aan demping geweest. d. We danken u voor uw suggestie. De komende jaren gaat VNOG verder met de doorontwikkeling van haar bedrijfsvoering, waarbij we ook kijken naar de strategische personeelsplanning (komende pensioneringen, veranderde behoeften qua toekomstige type vaardigheden, nieuwe automatiseringsstappen) en of hier mogelijkheden tot besparingen liggen. Eerdere onderzoeken hebben overigens laten zien dat de overheadkosten van VNOG in relatie tot andere veiligheidsregio’s beperkt zijn. Als onderdeel van de doorgevoerde demping is de bedrijfsvoering op onderdelen reeds gestroomlijnd. Er zijn de afgelopen jaren echter ook nieuwe opgaven en taken bij gekomen. Bovendien leven we in tijden van snelle verandering die soms vragen om versterking van bedrijfsvoeringaspecten en/of nieuwe accenten. We moeten hier ook rekening mee houden. VNOG moet waakzaam blijven om de bedrijfsvoering niet te ver uit te hollen, want dat kan onverantwoorde risico’s met zich meebrengen. We komen hier in de jaarrekening en begroting ook op terug. e.
De looncompensatie wordt opgenomen in een stelpost in de begroting van VNOG. Nadat de cao-onderhandelingen zijn afgerond, wordt de hogere last voor de personeelsbegroting bepaald. Als de stelpost niet volledig nodig is, vloeit deze via het jaarrekeningresultaat terug naar de gemeenten. Deze werkwijze is bijvoorbeeld voor de jaarrekening 2021 gevolgd. In de jaren daarna was er juist een tekort op de stelpost looncompensatie, wat voor ons reden is om voor 2026 de voorgestelde indexering te hanteren. Zie antwoord op vraag 2. Wij danken u voor uw aanbod voor gesprek. Fijn dat wij hiermee hebben kunnen voldoen aan uw wens.
Peildatum overzicht: t/m 10 maart 2025 bijgewerkt
Epe
14 jan (college) 6 feb (raadcie) 20 feb (raad)
eerder in het proces betrokken te zijn, zijn we beter in staat om financiële gevolgen van keuzes te doorgronden. Vandaar dat wij hebben aangegeven dat, de mogelijkheid om een zienswijze in te dienen bij de (jaarlijkse) Kadernota van de VNOG, toegevoegd zou worden in artikel 10 van de gemeenschappelijke regeling. Goed dat deze mogelijkheid er nu is. 2. Complimenten voor de heldere uiteenzetting van de diverse onderdelen. In de kadernota worden de laatste ontwikkelingen geschetst rondom het materieel, investeringen, kapitaallasten, egalisatiereserve, alsmede over de stijging van de gemeentelijke bijdrage die hiermee gepaard gaat. 3. Aangezien de kadernota een logisch vervolg is op voorgaande rapportages en plannen én de gemeentelijke bijdrage met name beïnvloed wordt als gevolg van de loon- en prijsindex en enkele autonome ontwikkelingen, kunnen wij ons vinden in de voorliggende kadernota. 4. Wanneer duidelijk is dat de Brede Doeluitkering Rampenbestrijding inderdaad gepaard gaat met een landelijke korting van 10% kan dit gevolgen hebben voor speerpunten en ambities van de veiligheidsregio. Uiteraard zijn wij dan bereid om samen met u en andere gemeenten een brede discussie te voeren over de gevolgen voor onze gezamenlijke plannen. Besluit raad: 1. Complimenten voor de heldere uiteenzetting van de diverse onderdelen.
In de kadernota worden de laatste ontwikkelingen geschetst rondom materieel, investeringen, kapitaallasten, egalisatiereserve, alsmede over de stijging van de gemeentelijke bijdrage die hiermee gepaard gaat. 2. Aangezien de kadernota een logisch vervolg is op voorgaande rapportages en plannen én de gemeentelijke bijdrage met name beïnvloed wordt als gevolg van de loon- en prijsindex en enkele autonome ontwikkelingen, kunnen wij ons vinden in de voorliggende kadernota. 3. Wanneer duidelijk is dat de Brede Doeluitkering Rampenbestrijding inderdaad gepaard gaat met een landelijke korting van 10% kan dit gevolgen hebben voor speerpunten en ambities van de veiligheidsregio. Uiteraard zijn wij dan bereid om samen met u een brede discussie te voeren over de gevolgen voor de gezamenlijk plannen. 4. De gemeenteraad is al langer op de hoogte van de komende kostenstijgingen bij de VNOG. Ze ziet dat de VNOG haar best heeft gedaan om de afgelopen en komende jaren te bezuinigingen waar mogelijk en met resultaat. We blijven benadrukken de 6
2. 3. 4.
Dank u voor de complimenten. Dank voor uw reactie. Dank voor uw aanbod.
1. 2. 3. 4.
Dank voor uw complimenten. Dank voor uw reactie. Dank voor uw aanbod. We nemen uw oproep ter harte, blijven terughoudend waar mogelijk en kijken als er zich door veranderende omstandigheden verdere besparingsmogelijkheden voordoen, wat hiervan gerealiseerd zou kunnen worden, mits deze inhoudelijk en financieel verantwoord zijn.
Peildatum overzicht: t/m 10 maart 2025 bijgewerkt
Ermelo
29 jan (raadcie) 12 feb (raad)
VNOG een strak verantwoord financieel bewind te blijven voeren. De verwachting is namelijk dat het gemeentelijke ravijnjaar 2026 grote financiële gevolgen heeft voor veel gemeenten en dat dit ook zo zijn effect zal hebben op financiële discussies rondom de gemeenschappelijke regelingen zoals de VNOG. 5. We wensen de VNOG veel succes met de verdere uitwerking en uitvoering van de concept-Kadernota 2026-2029 en hopen dat dit proces in goede samenwerking verloopt. Besluit raad: 1. Met belangstelling hebben wij kennisgenomen van de concept Kadernota 2026-2029 van de Veiligheidsregio Noord- en OostGelderland (VNOG). Wij waarderen de stappen die de VNOG de afgelopen tijd heeft gezet om samen te komen tot werkbare oplossingen voor de diverse uitdagingen en dilemma's die zowel de regio als gemeenten aangaan. 2. De gemeente Ermelo staat voor een grote financiële opgave die vraagt om ingrijpende en weloverwogen keuzes. Om een structureel sluitende begroting te realiseren en concreet invulling te geven aan bestaande taakstellingen wordt momenteel gewerkt aan een tweede ronde van ombuigingen. In dit traject kijkt gemeente Ermelo ook naar de ontwikkeling van de bijdrage aan verbonden partijen. 3. De financieel technische uitgangspunten, die bepaald zijn in de kadernota en de basis vormen voor de komende begroting, leiden tot een structurele stijging van de gemeentelijke bijdrage.
Uit de financieel technische uitgangspunten blijkt dat de VNOG middelen aanhoudt en opneemt in haar begroting om toekomstige nadelen op te vangen. Dit omvat onder andere de stelpost onvoorzien, het toegepaste percentage voor de looncompensatie die afwijkt van de verwachtingen van het CPB en de ramingsgrondslagen van de loonsombegroting, waar eerder met elkaar over is gesproken. Wij begrijpen dat de VNOG deze maatregelen neemt om extra lasten voor de gemeenten te voorkomen, maar ervaren wel dat dit structurele druk legt op de gemeentelijke begroting. In lijn met de financiële opgave van gemeente Ermelo verzoeken wij de VNOG de aangehouden ruimte in de begroting in te zetten ter verlaging van de gemeentelijke bijdrage en dit te verwerken in de komende begroting.
7
5.
Dank voor uw reactie, wij kijken hier ook naar uit.
1. 2.
Dank voor uw waardering. Wij zijn, net als de gemeenten, al enkele jaren gewaarschuwd voor de financiële uitdagingen waar gemeenten in 2026 voor staan. We hebben hard gewerkt om in de afgelopen jaren onze financiële uitgangspunten in balans te brengen met uw uitdagingen en met de maatschappelijke opgaven op het gebied van de openbare veiligheid. Wij zijn ervan overtuigd dat we die balans hebben gevonden met het proactief inboeken van een demping van € 1,9 miljoen. Bovendien dreigt een dreigende korting van 10% op onze rijksbijdrage BDuR. Op deze manier zijn we in staat om vanuit een sobere en doelmatige positie samen met u en onze andere partners te werken aan het veilig wonen, werken en recreëren in Noord- en Oost-Gelderland. Uiteraard nemen wij uw oproep ter harte, blijven terughoudend waar mogelijk en kijken als er zich door veranderende omstandigheden verdere besparingsmogelijkheden voordoen, wat hiervan gerealiseerd zou kunnen worden, mits deze inhoudelijk en financieel verantwoord zijn. Wij gaan uw twee genoemde onderdelen langs: a. Stelpost Onvoorzien: De post Onvoorzien is afgeraamd naar het minimumbedrag van € 250.000. Dit minimum is, in afstemming met alle gemeenten, vastgelegd in de Financiële Verordening van VNOG. Deze aframing is onderdeel van de € 1,9 miljoen aan demping geweest. b.
Toegepaste percentage looncompensatie: De looncompensatie wordt opgenomen in een stelpost in de begroting van VNOG. Nadat de cao-onderhandelingen zijn afgerond, wordt de hogere last voor de personeelsbegroting bepaald. Als de stelpost niet volledig nodig is, vloeit deze via het jaarrekeningresultaat terug naar de gemeenten. Deze werkwijze is bijvoorbeeld voor de jaarrekening 2021 gevolgd. In de jaren daarna was er juist een tekort op de stelpost looncompensatie, wat voor ons reden is om voor 2026 de voorgestelde indexering te hanteren. c. Ramingsgrondslagen loonsombegroting: Een loonsombegroting op medewerkersniveau zou leiden tot jaarlijkse fluctuaties die de deelnemers van een gemeenschappelijke regeling
3.
Peildatum overzicht: t/m 10 maart 2025 bijgewerkt 4.
Wij begrijpen dat dit de wendbaarheid van de VNOG beperkt en stellen voor om op termijn samen te verkennen hoe de risico’s tussen de VNOG en de gemeenten gespreid kunnen worden.
4. Harderwijk
17 dec (college) 9 jan (raadcie) 16 jan (raad)
Besluit raad: 1. Allereerst spreken wij onze waardering uit aan de VNOG voor het aanbieden van de concept Kadernota en het bieden van de mogelijkheid om een zienswijze in te dienen. We waarderen niet alleen de duidelijke opzet en uitgebreide toelichting in de Kadernota, maar ook de openheid en bereidheid om gemeenten actief te betrekken bij het proces, middels een zienswijze. Deze benadering toont een constructieve samenwerking en een gedeeld streven naar transparantie, verantwoordelijkheid en democratische legitimatie. 2. De financiën van gemeenten staan onder druk. (…) Wij zien gemeenschappelijke regelingen als een verlengstuk van ons lokaal bestuur. Dat betekent dat ook zij een bijdrage moeten leveren aan deze ombuigingen. Daarom vragen wij de VNOG om de (flexibele) ruimte in de begroting in te zetten om de bijdrage van gemeenten blijvend te verlagen en dit te verwerken in de Begroting 2026-2029. 3. Zoals in onze eerdere zienswijze aangegeven zijn wij van mening dat de personeelsbegroting niet gebaseerd zou moeten worden op het maximum van de salarisschalen, maar op de werkelijke loonkosten. 4. Ook vinden wij dat de 10 fte aan vaste vacatureruimte die als flexibele schil wordt aangehouden afgeraamd zou moeten worden.
1. 2.
3.
4.
8
voor ongewenste verrassingen kunnen plaatsen. Relatief veel personeelsleden van VNOG zitten aan het einde van hun salarisschaal in verband met de leeftijdsopbouw, dat betekent dat het baseren op werkelijke loonkosten betrekkelijk weinig financieel oplevert. Wel nemen de risico’s toe gezien de begroting van een gemeenschappelijke regeling als VNOG zo ver van tevoren wordt vastgelegd. Dank voor uw aanbod; wij gaan graag verder met u in gesprek in het kader van ons antwoord onder 2. Dank voor uw waardering. Wij zijn, net als de gemeenten, al enkele jaren gewaarschuwd voor de financiële uitdagingen waar gemeenten in 2026 voor staan. We hebben hard gewerkt om in de afgelopen jaren onze financiële uitgangspunten in balans te brengen met uw uitdagingen en met de maatschappelijke opgaven op het gebied van de openbare veiligheid. Wij zijn ervan overtuigd dat we die balans hebben gevonden met het proactief inboeken van een demping van € 1,9 miljoen. Bovendien dreigt een dreigende korting van 10% op onze rijksbijdrage BDuR. Op deze manier zijn we in staat om vanuit een sobere en doelmatige positie samen met u en onze andere partners te werken aan het veilig wonen, werken en recreëren in Noord- en Oost-Gelderland.
Uiteraard nemen wij uw oproep ter harte, blijven terughoudend waar mogelijk en kijken als er zich door veranderende omstandigheden verdere besparingsmogelijkheden voordoen, wat hiervan gerealiseerd zou kunnen worden, mits deze inhoudelijk en financieel verantwoord zijn. Een loonsombegroting op medewerkersniveau zou leiden tot jaarlijkse fluctuaties die de deelnemers van een gemeenschappelijke regeling voor ongewenste verrassingen kunnen plaatsen. Relatief veel personeelsleden van VNOG zitten aan het einde van hun salarisschaal in verband met de leeftijdsopbouw, dat betekent dat het baseren op werkelijke loonkosten betrekkelijk weinig financieel oplevert. Wel nemen de risico’s toe gezien de begroting van een gemeenschappelijke regeling als VNOG zo ver van tevoren wordt vastgelegd. Wat betreft de 10 fte: dit is ruimte van steeds wisselende formatieplaatsen in de beroepsorganisatie van VNOG (ca. 350 fte) vanwege doorstroom in de organisatie. Het is dus niet een exact aanwijsbare groep van functies die zou kunnen worden geschrapt; het fluctueert steeds over de afdelingen en is een gemiddelde. Dit is dus niet zonder meer door te voeren. Een krappe arbeidsmarkt maakt dat ook VNOG te maken heeft met meer doorstroom dan enkele jaren geleden en het lastiger invullen van vacatures. Deze vacatureruimte wordt gebruikt om waar noodzakelijk (m.n.
ter vervanging) tijdelijk personeel in te huren (hiervoor zijn geen afzonderlijke budgetten binnen VNOG vrijgemaakt).
Peildatum overzicht: t/m 10 maart 2025 bijgewerkt 5.
Hattem
Heerde
7 jan (college) 20 jan (raadcie) 3 feb (raad)
13 jan (raadcie) 27 jan (raad)
Bovendien stellen wij voor om de post onvoorzien structureel te verlagen. 6. We begrijpen dat dit de wendbaarheid van de VNOG verkleind en onderkennen het risico dat hier mee gepaard gaat. Wanneer knelpunten zich voordoen steken we de hand uit hier samen in op te trekken. Ook vinden we het van belang dat wanneer de korting op de BredeDoelenuitkering-Rampenbestrijding (BDuR) wel doorgang vindt, samen met de VNOG tot een oplossing te komen in de dekking, dan wel het bijstellen van doelen en ambities. Daarnaast kan de gemeenten worden gevraagd om dit risico te betrekken bij het bepalen van hun weerstandsvermogen. Besluit raad: 1. De VNOG dient kritisch te kijken naar haar eigen takenpakket in het kader van bezuinigingsmogelijkheden voor komende jaren. De gemeenteraad roept de VNOG daartoe op inzichtelijk te maken welke mogelijkheden er zijn voor begrotings-ombuigingen. Daarvoor ontvangen wij graag per begrotingsonderdeel een onderbouwing met een mogelijkheid tot bezuinigen (of niet) en de eventuele consequenties daarvan. Op die manier worden gemeenten in de mogelijkheid gesteld om -samen met de VNOGeen overwogen keuze te maken. 2. Daarnaast is in de recente Miljoenennota/Rijksbegroting een korting van 10% op de brede doeluitkering rampenbestrijding opgenomen per 2026. Een korting op de rijksbijdrage van 10% zou voor de regio ongeveer € 1.150.000 kunnen bedragen.
De gemeenteraad roept de VNOG op om deze bezuiniging en het tekort wat deze bezuiniging met zich meebrengt op te nemen in de uiteindelijke kadernota en de begroting en als VNOG dit tekort te financieren en hiervoor geen beroep te doen op de gemeentes.
Besluit raad: 1. Op 27 januari jl. besprak onze raad deze nota. De raad heeft kennis genomen van het overleg wat momenteel gaande is om de korting van 10% op de BDuR vanaf 2026 tegen te gaan. Onze raad roept u op om als VNOG een brief aan het kabinet te sturen waarin nogmaals de onwenselijkheid van deze korting duidelijk gemaakt wordt, zeker in het licht van de financieel zware jaren die de gemeenten tegemoet gaan. Mocht deze korting toch doorgevoerd worden, verzoekt de raad u om het financiële gevolg in uw eigen begroting op te vangen en heel helder in de begroting te laten zien waar deze gevolgen landen. 9
5.
6.
1.
2.
1.
Deze budgetten zijn dus noodzakelijk, anders wordt inhuur voor tijdelijke vervanging voor ons onmogelijk en komen reguliere taken onder druk te staan. De post Onvoorzien is inmiddels afgeraamd naar het minimumbedrag van € 250.000. Dit minimum is, in afstemming met alle gemeenten, vastgelegd in de Financiële Verordening van VNOG. Deze aframing is onderdeel van de € 1,9 miljoen aan demping. Wij danken u voor uw aanbod en waarderen uw aangeboden hulp.
Wij zijn, net als de gemeenten, al enkele jaren gewaarschuwd voor de financiële uitdagingen waar gemeenten in 2026 voor staan. We hebben hard gewerkt om in de afgelopen jaren onze financiële uitgangspunten in balans te brengen met uw uitdagingen en met de maatschappelijke opgaven op het gebied van de openbare veiligheid. Wij zijn ervan overtuigd dat we die balans hebben gevonden met het proactief inboeken van een demping van € 1,9 miljoen. Bovendien dreigt een dreigende korting van 10% op onze rijksbijdrage BDuR. Op deze manier zijn we in staat om vanuit een sobere en doelmatige positie samen met u en onze andere partners te werken aan het veilig wonen, werken en recreëren in Noord- en Oost-Gelderland. Uiteraard nemen wij uw oproep ter harte, blijven terughoudend waar mogelijk en kijken als er zich door veranderende omstandigheden verdere besparingsmogelijkheden voordoen, wat hiervan gerealiseerd zou kunnen worden, mits deze inhoudelijk en financieel verantwoord zijn. Via het landelijke Veiligheidsberaad wordt op het hoogste niveau namens alle 25 veiligheidsregio’s een krachtig signaal richting het Rijk omtrent de onwenselijkheid van deze korting afgegeven. Mocht de korting toch doorgaan, dan zullen we uw insteek rondom dit onderwerp mee laten wegen bij het nadenken over de gevolgen van deze ontwikkeling, zo die zich zal voordoen. Dank voor uw reactie.
Via het landelijke Veiligheidsberaad wordt op het hoogste niveau namens alle 25 veiligheidsregio’s een krachtig signaal richting het Rijk omtrent de onwenselijkheid van deze korting afgegeven. Mocht de korting toch doorgaan, dan zullen we uw insteek rondom dit onderwerp mee laten wegen bij het nadenken over de gevolgen van deze ontwikkeling, zo die zich zal voordoen.
Peildatum overzicht: t/m 10 maart 2025 bijgewerkt Lochem
17 dec (college) 13 jan (raadcie) 27 jan (raad)
Besluit raad: 1. De gemeenteraad van Lochem heeft veel waardering voor de zorgvuldig opgestelde concept Kadernota 2026 – 2029 en toelichting daarop. En ook het feit dat u deze beleidsarm heeft gehouden. 2. Toch vraagt zij uw aandacht voor de bezuinigingen waar onze gemeente, maar ook de andere 21 andere deelnemers van de GR, mee worden geconfronteerd. Zij vraagt u concreet, conform onze brief van 7 november 2024, een proces te starten met de overige deelnemers om een bijdrage te leveren aan de bezuinigingen. De resultaten daarvan ziet de raad graag terug in de Begroting van de VNOG voor 2026 – 2029. 3. De indruk is ook dat er nog wat ruimte zit in uw Concept Kadernota voor 2026 - 2029. Zij vraagt u op onderdelen aan te scherpen en dit te laten terugkomen in de begroting voor 2026 – 2029. Te denken valt aan de 10 FTE flexibel, de hoogte van de reserves en het eventueel faseren van bepaalde werkzaamheden. 4. [zij] merkt op dat wanneer er tekorten ontstaan door bijzondere omstandigheden er natuurlijk kan worden teruggevallen op de deelnemers. Dit is een extra reden om opgebouwde reserves terug te brengen naar een minimum noodzakelijk niveau.
1. 2.
3.
4. 10
Dank voor uw waardering. Wij zijn, net als de gemeenten, al enkele jaren gewaarschuwd voor de financiële uitdagingen waar gemeenten in 2026 voor staan. We hebben hard gewerkt om in de afgelopen jaren onze financiële uitgangspunten in balans te brengen met uw uitdagingen en met de maatschappelijke opgaven op het gebied van de openbare veiligheid. Wij zijn ervan overtuigd dat we die balans hebben gevonden met het proactief inboeken van een demping van € 1,9 miljoen. Bovendien dreigt een dreigende korting van 10% op onze rijksbijdrage BDuR. Op deze manier zijn we in staat om vanuit een sobere en doelmatige positie samen met u en onze andere partners te werken aan het veilig wonen, werken en recreëren in Noord- en Oost-Gelderland. Uiteraard nemen wij uw oproep ter harte, blijven terughoudend waar mogelijk en kijken als er zich door veranderende omstandigheden verdere besparingsmogelijkheden voordoen, wat hiervan gerealiseerd zou kunnen worden, mits deze inhoudelijk en financieel verantwoord zijn. Wij gaan uw drie suggesties langs. a. Wat betreft de 10 fte: dit is ruimte van steeds wisselende formatieplaatsen in de beroepsorganisatie van VNOG (ca. 350 fte) vanwege doorstroom in de organisatie. Het is dus niet een exact aanwijsbare groep van functies die zou kunnen worden geschrapt; het fluctueert steeds over de afdelingen en is een gemiddelde.
Dit is dus niet zonder meer door te voeren. Een krappe arbeidsmarkt maakt dat ook VNOG te maken heeft met meer doorstroom dan enkele jaren geleden en het lastiger invullen van vacatures. Deze vacatureruimte wordt gebruikt om waar noodzakelijk (m.n. ter vervanging) tijdelijk personeel in te huren (hiervoor zijn geen afzonderlijke budgetten binnen VNOG vrijgemaakt). Deze budgetten zijn dus noodzakelijk, anders wordt inhuur voor tijdelijke vervanging voor ons onmogelijk en komen reguliere taken onder druk te staan. b. Wat betreft de reserves: de hoogte van de geoormerkte reserves is afgestemd op een bestedingsdoel. De hoogte van de algemene en bedrijfsvoeringsreserve is gerelateerd aan de geidentificeerde risico’s en volgt een bestuurlijk vastgestelde bandbreedte. Het bijstellen van deze bandbreedte is mogelijk als het AB VNOG hiertoe besluit. Zie ook antwoord op vraag 6. c. Wat betreft fasering van werkzaamheden: het faseren van werkzaamheden kan leiden tot incidentele besparingen, maar niet tot structurele. Alleen het schrappen van werkzaamheden kan leiden tot structurele besparingen. Dank voor uw aanbod.
Peildatum overzicht: t/m 10 maart 2025 bijgewerkt 5.
6.
Verzoekt de VNOG om voor de financiering van veiligheid in het kader van geopolitieke spanningen budget te vragen bij het Rijk met als gevolg dit bedrag in mindering te brengen in de bijdragen van de gemeenten en dit in de kadernota en de begroting zichtbaar te maken. De reservepositie van de VNOG te laten dalen en de overschotten terug te laten vloeien naar de gemeenten.
5.
6.
Montferland
17 dec (college) 30 jan (raad)
Besluit raad: 1. Onze gemeenteraad waardeert en ziet dat de VNOG de komende jaren al veel besparingen heeft ingeboekt. 2. Toch is onze gemeenteraad van mening dat in deze Kadernota nog structurele ruimte te vinden is, die een extra belasting leggen op de gemeentelijke begroting. Onze raad denkt daarbij vooral aan het verder terugdringen van de overheadkosten. Zoals u ook in de Kadernota al aangeeft, krijgen gemeenten de komende jaren te maken met “ravijn-jaren”, waarbij alle extra inspanningen om te kunnen bezuinigen aangegrepen moeten worden. Onze gemeenteraad voelt zich solidair met deze gemeenten. De samenwerkingsverbanden en gemeenschappelijke regelingen zijn ‘verlengd lokaal bestuur’ en maken daarmee ook onderdeel uit van de gemeentelijke financieringssystematiek. Verwacht mag worden dat deze verlengd lokaal besturen, zoals de VNOG, ook meebewegen met de (financiële) ruimte van de gemeenten. Met deze zienswijze draagt onze gemeenteraad de VNOG dan ook op om actief verder te zoeken naar mogelijkheden om te bezuinigen, bijvoorbeeld in de overheadkosten. We vinden het belangrijk dat we hierin samen optrekken in het licht van uw en onze huidige en toekomstige financiële situatie.
11
1. 2.
Wij zijn het eens met het eerste deel van uw redenatie. Als er vanuit het Rijk nieuwe extra taken in het kader van geopolitieke spanningen (bijvoorbeeld rondom weerbaarheid en veerkracht) voor de veiligheidsregio’s bij komen, dan ligt rijksfinanciering voor de hand. En daar zullen wij ons ook hard voor maken. Maar het ligt niet voor de hand om vervolgens dit in mindering te brengen op de gemeentelijke bijdrage, waarmee de huidige/bestaande taken van de veiligheidsregio’s voor hun inwoners worden bekostigd. Een mindering kan alleen wanneer bestaande taken van de veiligheidsregio’s komen te vervallen als er nieuwe taken bij komen. Het mag immers niet zo zijn dat nieuwe taken vanuit het Rijk leiden tot verslechtering van onze bestaande dienstverlening aan onze inwoners en gemeenten, of leiden tot tekorten in de begroting waar de gemeenten vervolgens voor moeten opdraaien. Zie antwoord op vraag 3. Het terugvloeien van reserves leidt overigens tot een eenmalig voordeel voor de gemeenten, niet tot een structurele besparing. Dank voor uw waardering. Wij zijn, net als de gemeenten, al enkele jaren gewaarschuwd voor de financiële uitdagingen waar gemeenten in 2026 voor staan. We hebben hard gewerkt om in de afgelopen jaren onze financiële uitgangspunten in balans te brengen met uw uitdagingen en met de maatschappelijke opgaven op het gebied van de openbare veiligheid.
Wij zijn ervan overtuigd dat we die balans hebben gevonden met het proactief inboeken van een demping van € 1,9 miljoen. Bovendien dreigt een dreigende korting van 10% op onze rijksbijdrage BDuR. Op deze manier zijn we in staat om vanuit een sobere en doelmatige positie samen met u en onze andere partners te werken aan het veilig wonen, werken en recreëren in Noord- en Oost-Gelderland. Uiteraard nemen wij uw oproep ter harte, blijven terughoudend waar mogelijk en kijken als er zich door veranderende omstandigheden verdere besparingsmogelijkheden voordoen, wat hiervan gerealiseerd zou kunnen worden, mits deze inhoudelijk en financieel verantwoord zijn. Voor wat betreft de overheadkosten het volgende. De komende jaren gaat VNOG verder met de doorontwikkeling van haar bedrijfsvoering, waarbij we ook kijken naar de strategische personeelsplanning (komende pensioneringen, veranderde behoeften qua toekomstige type vaardigheden, nieuwe automatiseringsstappen) en of hier mogelijkheden tot besparingen liggen. Eerdere onderzoeken hebben overigens laten zien dat de overheadkosten van VNOG in relatie tot andere veiligheidsregio’s beperkt zijn. Als onderdeel van de doorgevoerde demping is de bedrijfsvoering op onderdelen reeds gestroomlijnd. Er zijn de afgelopen jaren echter ook nieuwe opgaven en taken bij gekomen. Bovendien leven we in tijden van snelle verandering die soms vragen om
Peildatum overzicht: t/m 10 maart 2025 bijgewerkt versterking van bedrijfsvoeringaspecten en/of nieuwe accenten. We moeten hier ook rekening mee houden. VNOG moet waakzaam blijven om de bedrijfsvoering niet te ver uit te hollen, want dat kan onverantwoorde risico’s met zich meebrengen. We komen hier in de jaarrekening en begroting ook op terug. Nunspeet Oldebroek
10 dec (college) 16 jan (raadcie) 30 jan (raad)
Oost Gelre
-
Oude IJsselstreek
14 jan (college) 3 feb (raadcie) 20 feb (raad)
Besluit raad: 1. Wij worden door de kadernota op een goede wijze geïnformeerd over de ontwikkelingen in de periode 2026-2029 en de mogelijke financiële consequenties hiervan. Wij zien op dit moment geen aanleiding voor het indienen van een zienswijze op de kadernota 2025-2028 VNOG. Er komt nu geen zienswijze op de Kadernota, maar er komt een zienswijze op de concept begroting. Besluit raad: 1. De komende jaren worden gemeenten geconfronteerd met aanzienlijke financiële druk, wat hen dwingt kritisch te kijken naar hun begroting en de bijbehorende gemeenschappelijke regelingen. Deze samenwerkingsverbanden, zoals de VNOG, fungeren als verlengde arm van het lokale bestuur en maken onderdeel uit van het gemeentelijke financieringsstelsel. Het is dan ook van essentieel belang dat deze entiteiten zich aanpassen aan de (financiële) mogelijkheden van de gemeenten. We staan gezamenlijk aan de lat om de noodzakelijke bezuinigingen door te voeren. In uw eerdere communicatie heeft u aangegeven al anticiperende bezuinigingsmaatregelen te hebben getroffen, hetgeen wij erkennen en waarderen. 2. Dit laat onverlet dat wij een zeer dringend beroep op u doen om ook voor de jaren 2026-2029 onverminderd te blijven zoeken naar aanvullende besparingsmogelijkheden.
Wij verzoeken u met klem voortdurend aandacht te blijven besteden aan kostenbesparende maatregelen die kunnen bijdragen aan het beperken van de aanzienlijke stijging van de gemeentelijke bijdragen. 3. De gemeenteraad van Oude IJsselstreek ziet ook mogelijkheden om aanpassingen door te voeren in de kadernota dan wel de uiteindelijke begroting. Hierbij denken wij met name aan de post 'onvoorzien' en de loonkosten, die momenteel zijn gebaseerd op de hoogste anciënniteit. Hoewel de post 'onvoorzien' een verplichte post is, wordt het geraamde bedrag door de organisatie zelf bepaald. De VNOG heeft dit bedrag nu relatief hoog geraamd. Gezien het feit dat de inzet van deze post aan 12
-
1. 2.
3.
Dank voor uw waardering. Dank voor uw reactie. Wij zijn, net als de gemeenten, al enkele jaren gewaarschuwd voor de financiële uitdagingen waar gemeenten in 2026 voor staan. We hebben hard gewerkt om in de afgelopen jaren onze financiële uitgangspunten in balans te brengen met uw uitdagingen en met de maatschappelijke opgaven op het gebied van de openbare veiligheid. Wij zijn ervan overtuigd dat we die balans hebben gevonden met het proactief inboeken van een demping van € 1,9 miljoen. Bovendien dreigt een dreigende korting van 10% op onze rijksbijdrage BDuR. Op deze manier zijn we in staat om vanuit een sobere en doelmatige positie samen met u en onze andere partners te werken aan het veilig wonen, werken en recreëren in Noord- en Oost-Gelderland. Uiteraard nemen wij uw oproep ter harte, blijven terughoudend waar mogelijk en kijken als er zich door veranderende omstandigheden verdere besparingsmogelijkheden voordoen, wat hiervan gerealiseerd zou kunnen worden, mits deze inhoudelijk en financieel verantwoord zijn. De post Onvoorzien is inmiddels afgeraamd naar het minimumbedrag van € 250.000. Dit minimum is, in afstemming met alle gemeenten, vastgelegd in de Financiële Verordening van VNOG. Deze aframing is onderdeel van de € 1,9 miljoen aan demping.
Peildatum overzicht: t/m 10 maart 2025 bijgewerkt strikte eisen is gebonden, achten wij de kans klein dat het gehele bedrag daadwerkelijk zal worden gebruikt. Dit maakt het ons inziens dan ook mogelijk deze post naar beneden bij te stellen. Daarnaast worden de loonkosten berekend op basis van de hoogste anciënniteit. In de praktijk is het echter ongebruikelijk dat alle medewerkers op de hoogste anciënniteit worden ingeschaald. Ons inzien kan deze raming van de loonkosten naar beneden worden bijgesteld, wanneer deze post op basis ook van de werkelijke anciënniteit wordt ingevuld. De gemeenteraad van Oude IJsselstreek draagt de VNOG met klem op om, naast de hierboven genoemde aanpassingen, uiterst actief en doortastend aanvullende bezuinigingsmogelijkheden te onderzoeken. Wij verwachten van u een duidelijke beoordeling van de bovenstaande aandachtspunten en de daaruit voortvloeiende conclusies, als essentiële input voor de verdere besluitvorming over de wijziging van de concept-kadernota 2026-2029.
4.
Besluit raad: 1. Geen zienswijze in te dienen ten aanzien van de concept kadernota VNOG 2026 – 2029.
-
Besluit raad: 1. In de eerste plaats spreken wij onze complimenten uit voor het stuk. Wij zien dat u rekening probeert te houden met de moeilijke financiële situatie waarin veel gemeenten zich bevinden. U heeft structurele aanpassingen doorgevoerd, u gaat voorlopig geen structurele verplichtingen aan en u streeft ernaar het beleidsplan zoveel mogelijk binnen de meerjarenbegroting 20252028 uit te voeren. Dit waarderen wij. Onze veiligheid vinden wij heel belangrijk, helemaal met de onrustige geopolitieke situatie in de wereld en de gevolgen van klimaatveranderingen. 2. Zoals u ook heeft aangegeven in uw Kadernota, staan gemeenten de komende jaren voor grote financiële uitdagingen door de ravijnjaren. Wij zien gemeenschappelijke regelingen zoals de VNOG als verlengd lokaal bestuur. Wij verwachten dat u meebeweegt met de financiële ruimte van de gemeente. Daarom verzoeken wij u om nog eens kritisch naar uw bedrijfsvoering te 13
1. 2.
4.
5.
Putten
Voorst
11 dec 24 (college) 20 jan (raadcie) 30 jan (raad) 13 jan (raadcie) 4 feb (raad)
5.
Een loonsombegroting op medewerkersniveau zou leiden tot jaarlijkse fluctuaties die de deelnemers van een gemeenschappelijke regeling voor ongewenste verrassingen kunnen plaatsen. Relatief veel personeelsleden van VNOG zitten aan het einde van hun salarisschaal in verband met de leeftijdsopbouw, dat betekent dat het baseren op werkelijke loonkosten betrekkelijk weinig financieel oplevert. Wel nemen de risico’s toe gezien de begroting van een gemeenschappelijke regeling als VNOG zo ver van tevoren wordt vastgelegd. Zie antwoord onder 3, 4 en 5. De komende jaren gaat VNOG verder met de doorontwikkeling van haar bedrijfsvoering, waarbij we ook kijken naar de strategische personeelsplanning (komende pensioneringen, veranderde behoeften qua toekomstige type vaardigheden, nieuwe automatiseringsstappen) en of hier mogelijkheden tot besparingen liggen. Eerdere onderzoeken hebben overigens laten zien dat de overheadkosten van VNOG in relatie tot andere veiligheidsregio’s beperkt zijn. Als onderdeel van de doorgevoerde demping is de bedrijfsvoering op onderdelen reeds gestroomlijnd. Er zijn de afgelopen jaren echter ook nieuwe opgaven en taken bij gekomen. Bovendien leven we in tijden van snelle verandering die soms vragen om versterking van bedrijfsvoeringaspecten en/of nieuwe accenten. We moeten hier ook rekening mee houden.
VNOG moet waakzaam blijven om de bedrijfsvoering niet te ver uit te hollen, want dat kan onverantwoorde risico’s met zich meebrengen. We komen hier in de jaarrekening en begroting ook op terug.
Dank voor uw complimenten. Dank voor uw reactie. Wij zijn, net als de gemeenten, al enkele jaren gewaarschuwd voor de financiële uitdagingen waar gemeenten in 2026 voor staan. We hebben hard gewerkt om in de afgelopen jaren onze financiële uitgangspunten in balans te brengen met uw uitdagingen en met de maatschappelijke opgaven op het gebied van de openbare veiligheid. Wij zijn ervan overtuigd dat we die balans hebben gevonden met het proactief inboeken van een demping van € 1,9 miljoen. Bovendien dreigt een dreigende korting van 10% op onze rijksbijdrage BDuR. Op deze manier zijn we in staat om vanuit een sobere en doelmatige positie samen met u en onze andere partners te werken aan het veilig wonen, werken en recreëren in Noord- en Oost-Gelderland. Uiteraard nemen wij uw oproep ter harte, blijven terughoudend waar mogelijk en kijken als er zich door veranderende omstandigheden verdere besparingsmogelijkheden voordoen, wat hiervan gerealiseerd zou kunnen worden, mits deze inhoudelijk en financieel verantwoord zijn.
Peildatum overzicht: t/m 10 maart 2025 bijgewerkt
3. 4.
kijken en te onderzoeken welke verdere besparingen mogelijk zijn om de stijging van de gemeentelijke bijdrage verder te beperken. De besparingen moeten verantwoord zijn en mogen niet ten koste gaan van de veiligheid. Wij denken dat er nog ruimte is in de loon- en overheadkosten. Wij vragen u te onderzoeken in hoeverre u onderstaande besparingen verantwoord door kunt voeren: a. de personeelskosten baseren op de werkelijke loonkosten; b. de flexibele schil van 10 fte vacatureruimte verlagen; c. de post onvoorziene kosten verlagen; d. langere afschrijvingstermijnen hanteren voor de voertuigen; e. de loonindexering verlagen;
14
3. 4.
Zie antwoord onder 4a. Wij gaan uw suggesties langs: a. Een loonsombegroting op medewerkersniveau zou leiden tot jaarlijkse fluctuaties die de deelnemers van een gemeenschappelijke regeling voor ongewenste verrassingen kunnen plaatsen. Relatief veel personeelsleden van VNOG zitten aan het einde van hun salarisschaal in verband met de leeftijdsopbouw, dat betekent dat het baseren op werkelijke loonkosten betrekkelijk weinig financieel oplevert. Wel nemen de risico’s toe gezien de begroting van een gemeenschappelijke regeling als VNOG zo ver van tevoren wordt vastgelegd. b. Wat betreft de 10 fte: dit is ruimte van steeds wisselende formatieplaatsen in de beroepsorganisatie van VNOG (ca. 350 fte) vanwege doorstroom in de organisatie. Het is dus niet een exact aanwijsbare groep van functies die zou kunnen worden geschrapt; het fluctueert steeds over de afdelingen en is een gemiddelde. Dit is dus niet zonder meer door te voeren. Een krappe arbeidsmarkt maakt dat ook VNOG te maken heeft met meer doorstroom dan enkele jaren geleden en het lastiger invullen van vacatures. Deze vacatureruimte wordt gebruikt om waar noodzakelijk (m.n. ter vervanging) tijdelijk personeel in te huren (hiervoor zijn geen afzonderlijke budgetten binnen VNOG vrijgemaakt).
Deze budgetten zijn dus noodzakelijk, anders wordt inhuur voor tijdelijke vervanging voor ons onmogelijk en komen reguliere taken onder druk te staan. c. De post Onvoorzien is inmiddels afgeraamd naar het minimumbedrag van € 250.000. Dit minimum is, in afstemming met alle gemeenten, vastgelegd in de Financiële Verordening van VNOG. De aframing is onderdeel van de € 1,9 miljoen aan demping. d. Wij zullen bezien of deze suggestie mogelijk is. Onze ervaring leert dat naarmate een voertuig ouder wordt, de onderhoudskosten toenemen. De huidige termijnen zijn op een optimum tussen afschrijvingen en onderhoud gekozen. e. De looncompensatie wordt opgenomen in een stelpost in de begroting van VNOG. Nadat de cao-onderhandelingen zijn afgerond, wordt de hogere last voor de personeelsbegroting bepaald. Als de stelpost niet volledig nodig is, vloeit deze via het jaarrekeningresultaat terug naar de gemeenten. Deze werkwijze is bijvoorbeeld voor de jaarrekening 2021 gevolgd. In de jaren daarna was er juist een tekort op de stelpost looncompensatie, wat voor ons reden is om voor 2026 de voorgestelde indexering te hanteren.
Peildatum overzicht: t/m 10 maart 2025 bijgewerkt f. besparen met behoud van duurzaamheid. In de recente Rijksbegroting is, naast een decentralisatie van de uitkering naar het gemeentefonds, een korting van 10% op de BDuR opgenomen per 2026. Wij maken ons zorgen om de borging van de veiligheid wanneer deze bezuiniging doorgevoerd wordt. Daarom moedigen wij de 22 burgemeesters van de deelnemende gemeenten aan om nogmaals gezamenlijk een brief te sturen aan Minister van Weel om dwingend onder de aandacht te brengen dat deze bezuiniging per direct van tafel moet. Besluit raad: 1. Een zienswijze in te dienen, met de opdracht aan de Veiligheidsregio Noord- en Oost Gelderland om voor 2026 dezelfde indexeringssystematiek aan te houden als voorgaande jaren, d.w.z. voor de loonkosten een percentage aanhouden van 3,20% in plaats van 4,25%, en de Kadernota 2026- 2029 daarop aan te passen. 5.