A2 - VNG - Ledenbrief Model Verordening gemeentelijke rekenkamer D403845
Tekst van het document
Gearchiveerd: maandag 20 maart 2023 12:11:36 Van: VNG Verzonden: maandag 20 maart 2023 11:49:40 Aan: Gemeente Brummen Onderwerp: Lbr. 23/008 - Model Verordening gemeentelijke rekenkamer Precisie: Normaal
Lees online
| Gegevens wijzigen
Lbr. 23/008 - Model Verordening gemeentelijke rekenkamer 20 maart 2023
Geachte leden van college en gemeenteraad, Met deze ledenbrief ontvangt u de nieuwe VNG Model Verordening gemeentelijke rekenkamer. Dit model is aangepast aan de Wet versterking decentrale rekenkamers. Deze wet is op 1 januari 2023 in werking getreden en kent een overgangstermijn van een jaar. Dit betekent dat alle gemeenten uiterlijk op 1 januari 2024 een onafhankelijke rekenkamer moeten hebben. Dit mag ook een gemeenschappelijke rekenkamer zijn. Een rekenkamerfunctie of -commissie is niet meer mogelijk. Er zijn 2 situaties te onderscheiden: (1) Uw gemeente heeft nog een rekenkamerfunctie, en (2) Uw gemeente had voor 1 januari 2023 al een onafhankelijke rekenkamer. Volledige brief en bijlagen
Contact
Afmelden Gegevens wijzigen
Dit bericht is verzonden door de VNG. Lees onze proclaimer.
vng.nl
Aan de leden
Datum
20 maart 2023 Ons kenmerk
U202300208 Lbr. 23/008 Bijlage(n)
3
Onderwerp
Model Verordening gemeentelijke rekenkamer
Geachte leden van college en gemeenteraad, Met deze ledenbrief ontvangt u de nieuwe VNG Model Verordening gemeentelijke rekenkamer. Dit model is aangepast aan de Wet versterking decentrale rekenkamers. Deze wet is op 1 januari 2023 in werking getreden en kent een overgangstermijn van een jaar. Dit betekent dat alle gemeenten uiterlijk op 1 januari 2024 een onafhankelijke rekenkamer moeten hebben. Dit mag ook een gemeenschappelijke rekenkamer zijn. Een rekenkamerfunctie of -commissie is niet meer mogelijk. Er zijn 2 situaties te onderscheiden: (1) Uw gemeente heeft nog een rekenkamerfunctie, en (2) Uw gemeente had voor 1 januari 2023 al een onafhankelijke rekenkamer. 1. Uw gemeente heeft nog een rekenkamerfunctie -
-
De raad moet voor 1 januari 2024 een onafhankelijke rekenkamer instellen. Raadsleden en externe leden die de rekenkamerfunctie uitoefenen, verliezen na intrekking van de verordening dan wel uiterlijk op 1 januari 2024 van rechtswege het lidmaatschap van de rekenkamerfunctie. De raad kan deze externe leden wel benoemen als lid van de onafhankelijke rekenkamer, voor de wettelijke termijn van 6 jaar. Voor bestaande rekenkamerfuncties is het niet mogelijk om in de verordening overgangsrecht op te nemen op grond waarvan een oude rekenkamercommissie nog werkzaamheden afrondt of op grond waarvan de nieuwe rekenkamer gehouden is een onderzoek af te ronden. Dat zou in strijd komen met de wet. De onafhankelijke rekenkamer (als rechtsopvolger van de rekenkamerfunctie) kan lopende onderzoeken wel voortzetten, of kan besluiten dat niet te doen.
Vereniging van Nederlandse Gemeenten Nassaulaan 12 Den Haag | Postbus 30435 | 2500 GK Den Haag 070 - 373 83 93 | info@vng.nl
vng.nl
2. Uw gemeente had voor 1 januari 2023 al een onafhankelijke rekenkamer -
De raad hoeft niet opnieuw een onafhankelijke rekenkamer in te stellen. Als de raad deze nieuwe (Model) Verordening gemeentelijke rekenkamer vaststelt, dan verandert dat niets aan de benoeming van de huidige zittende leden. Die leden zijn immers op grond artikel 81c, vierde lid, van de Gemeentewet benoemd voor een periode van 6 jaar. Artikel 4 van de modelverordening regelt de herbenoeming van zittende leden.
Andere wijzigingen in de Wet versterking decentrale rekenkamers De Wet versterking decentrale rekenkamers geeft u nu wel de mogelijkheid om de onafhankelijke rekenkamer te laten ondersteunen door een medewerker die ook werkzaam is bij de griffie. De bevoegdheden van de onafhankelijke rekenkamers zijn uitgebreid. Zo kunnen zij nu onderzoek instellen naar de contracten met privaatrechtelijke rechtspersonen waarmee bijvoorbeeld zorg of maatschappelijke ondersteuning in het sociale domein wordt ingekocht. Ook de mogelijkheden om onderzoek te doen naar subsidies, garanties en leningen is verruimd. Ten slotte hebben zij meer mogelijkheden om onderzoek te doen naar privaatrechtelijke rechtspersonen waarin verschillende overheidsorganen samenwerken. Gemeenschappelijke onafhankelijke rekenkamer De raad kan een gemeenschappelijke onafhankelijke rekenkamer instellen met de raad of raden van een of meer andere gemeenten of een combinatie van raden en provinciale staten. Volgens de wet moet dit met toepassing van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). Zie artikel 81l van de Gemeentewet. Het instellen van een gemeenschappelijke onafhankelijke rekenkamer kan dus niet bij verordening. U kunt de modelverordening wel gebruiken om deze om te vormen naar een Wgr-regeling.
In de Wgr-regeling moeten ten minste regels worden gesteld over (a) het op verzoek van de voorzitter of het enige lid van de onafhankelijke rekenkamer in dienst nemen van de ambtenaren die nodig zijn voor een goede uitoefening van de werkzaamheden van de onafhankelijke rekenkamer; en (b) de vergoeding die de leden van de rekenkamer voor hun werkzaamheden ontvangen en de tegemoetkoming in de kosten (artikel 81o van de Gemeentewet). Bijlagen Deze ledenbrief bevat 3 bijlagen: - Bijlage 1 - Model Verordening gemeentelijke rekenkamer (nieuw model, maart 2023) - Bijlage 2 - Tekst van de Model Verordening gemeentelijke rekenkamer (nieuw model, maart 2023): opgemaakt in Word 2.0 format (DROP) voor publicatie - Bijlage 3 - Implementatiehandleiding bij de Model Verordening gemeentelijke rekenkamer (nieuw model, maart 2023): nadere toelichting van de te maken keuzes en instructies voor de toepassing van de verordening Meer informatie De geconsolideerde teksten van de VNG-modellen (met de bijbehorende toelichtingen) zijn ook te raadplegen via de Kennisbank Decentrale Regelgeving (KDER). De VNG-modelverordeningen (zonder de toelichtingen) staan ook in Modellen Decentrale Regelgeving (MDR).
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
2/3
Voor vragen over deze ledenbrief kunt u terecht bij het informatiecentrum van de VNG (070-373 83 93 of e-mail: info@vng.nl). Met vriendelijke groet, Vereniging van Nederlandse Gemeenten
mr L.K. Geluk Algemeen directeur
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
3/3
Model Verordening gemeentelijke rekenkamer (nieuw model, maart 2023) Leeswijzer modelbepalingen - […] of bijvoorbeeld [iets] = door gemeente in te vullen, zie bijvoorbeeld artikel 2. - [iets] = facultatief, zie bijvoorbeeld artikel 3. - [iets OF iets] = door gemeente te kiezen, zie bijvoorbeeld artikel 2, tweede lid. - Combinaties zijn ook mogelijk, zie bijvoorbeeld artikel 4. - Ook wordt er gewerkt met varianten waaruit gekozen kan worden. Zie bijvoorbeeld artikel 7. Nadere uitleg is opgenomen in de VNG-ledenbrief. Besluit van de raad van de gemeente [naam gemeente] tot vaststelling van de Verordening gemeentelijke rekenkamer [naam gemeente en eventueel jaartal] (Verordening gemeentelijke rekenkamer [naam gemeente en eventueel jaartal]) De raad van de gemeente [naam gemeente]; gelezen het voorstel van college van burgemeester en wethouders van [datum en nummer]; gelet op de artikelen 81k en 149 van de Gemeentewet; gezien het advies van de [naam raadscommissie]; besluit vast te stellen de volgende verordening: Verordening gemeentelijke rekenkamer [naam gemeente en eventueel jaartal]
Artikel 1. Definities In deze verordening wordt verstaan onder: - college: college van burgemeester en wethouders; - rekenkamer: gemeentelijke rekenkamer als bedoeld in artikel 81a van de Gemeentewet[; - voorzitter: voorzitter van de rekenkamer]. Artikel 2. Rekenkamer 1. Er is een rekenkamer. [2. De rekenkamer bestaat uit één lid. De raad benoemt ook een plaatsvervangend lid.
OF 2. De rekenkamer bestaat uit [aantal] leden, waaronder een voorzitter.] [Artikel 3. Klankbordgroep 1. Er is een klankbordgroep voor de rekenkamer. 2. De klankbordgroep bestaat uit [aantal] leden. De raad kan daarnaast een [aantal] plaatsvervangers benoemen die hen bij afwezigheid kunnen vervangen.] Artikel 4. Herbenoeming 1
[Het lid van de rekenkamer kan OF De leden van de rekenkamer, waaronder de voorzitter, kunnen] maximaal [aantal] keer voor een periode van zes jaar worden herbenoemd.
Artikel 5. Ambtelijke ondersteuning 1. De rekenkamer heeft een ambtelijk secretaris. 2. Burgemeester en wethouders wijzen de ambtelijk secretaris aan, alsmede ook een of meer plaatsvervangers, op voordracht van [het lid OF de voorzitter] van de rekenkamer.
Artikel 6. Budget [Het lid OF De voorzitter] van de rekenkamer is bevoegd binnen zijn budget uitgaven te doen voor de uitvoering van de werkzaamheden van de rekenkamer. Artikel 7. Vergoeding
[1. [Het lid OF De leden] van de rekenkamer [ontvangt OF ontvangen] voor [zijn OF hun] werkzaamheden een vaste maandelijkse vergoeding. 2. De vergoeding bedraagt voor [het lid OF de voorzitter] [percentage] % [en voor gewone leden [percentage] %] van de vergoeding voor raadsleden. OF 1. [Het lid OF De leden] van de rekenkamer [ontvangt OF ontvangen] voor [zijn OF hun] werkzaamheden een vaste maandelijkse vergoeding. 2. De vergoeding bedraagt voor [het lid OF de voorzitter] € [bedrag] per maand [en voor gewone leden € [bedrag] per maand]. De vergoeding wordt jaarlijks geïndexeerd met dezelfde indexering die geldt voor de vergoeding voor raadsleden. OF 1. [Het lid OF De leden] van de rekenkamer [ontvangt OF ontvangen] voor [zijn OF hun] werkzaamheden een vergoeding per vergadering. 2. De vergoeding bedraagt voor [het lid OF de voorzitter] € [bedrag] per vergadering [en voor gewone leden € [bedrag] per vergadering]. De vergoeding wordt jaarlijks geïndexeerd met dezelfde indexering die geldt voor de vergoeding voor raadsleden.] [3. [Het lid OF de leden] van de rekenkamer [ontvangt OF ontvangen] daarnaast een vergoeding voor [zijn OF hun] reiskosten. Dit is maximaal de belastingvrije kilometervergoeding. Kosten van openbaar vervoer worden geheel vergoed. OF 3. De vergoedingen, genoemd in het tweede lid, zijn inclusief reis-, verblijf- en overige kosten.]
2
[Artikel 8. Monitoring aanbevelingen De griffie verstrekt de raad jaarlijks voor [datum] een overzicht van de aan de raad gedane voorstellen van de rekenkamer welke door de raad zijn overgenomen en door de raad zelf moeten worden uitgevoerd, vergezeld van de wijze waarop aan de voorstellen vervolg is gegeven.] Artikel 9. Slotbepalingen [1. Besluiten, genomen krachtens [citeertitel oude verordening], die golden op het moment van de inwerkingtreding van deze verordening en waarvoor deze verordening overeenkomstige besluiten kent, gelden als besluiten genomen krachtens deze verordening.] 2. De [citeertitel oude verordening] wordt ingetrokken. 3. Deze verordening treedt in werking op [datum]. 4. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening gemeentelijke rekenkamer [naam gemeente en eventueel jaartal]. Aldus vastgesteld in de openbare raadvergadering van [datum]. De voorzitter, De griffier,
3
Toelichting Algemeen Deze modelverordening is een aanvulling op hetgeen in de Gemeentewet is opgenomen over de gemeentelijke rekenkamer. Zie de tekst van de Gemeentewet, zoals op 1 januari 2023 gewijzigd door de Wet versterking decentrale rekenkamers, hoofdstukken IVa (De rekenkamer) en XIa (De bevoegdheid van de rekenkamer). De raad moet een onafhankelijke rekenkamer instellen. Zie artikel 81a van de Gemeentewet. Deze verplichting geldt vanaf 1 januari 2023, met een overgangstermijn van een jaar, dus uiterlijk 1 januari 2024 moet de raad een rekenkamer hebben ingesteld. Daarnaast moet de raad op grond van artikel 81k van de Gemeentewet een verordening opstellen voor een vergoeding voor de werkzaamheden van de leden van de rekenkamer en een tegemoetkoming in hun kosten. Voorts mag de raad op grond van artikel 149 van de Gemeentewet aanvullende regels stellen in het belang van de gemeente en met inachtneming van de wet. De rekenkamer moet een reglement van orde voor haar werkzaamheden vaststellen (artikel 81i van de Gemeentewet). Artikelsgewijs Enkel die bepalingen die verdere toelichting behoeven, worden hieronder nader toegelicht. Artikel 2. Rekenkamer In het eerste lid stelt de raad de rekenkamer in. Dit is een wettelijke verplichting (artikel 81a van de Gemeentewet). [Artikel 3.
Klankbordgroep Rekenkamers hebben in de praktijk soms behoefte om informatie in te winnen bij een afvaardiging van de raad. Voor vragen als wat leeft er binnen de raad en hoe is de organisatie van de raad geregeld. Ook bestaat soms behoefte om organisatorische wijzigingen binnen de rekenkamer of veranderingen in het rekenkamerbudget te bespreken. De raad kan een klankbordgroep (of andere benaming) instellen die fungeert als het aanspreekpunt voor de rekenkamer. Ook is het mogelijk een al ingesteld gremium, zoals een auditcommissie, als aanspreekpunt aan te wijzen. De raad kan zelf het aantal leden en de taken van de klankbordgroep bepalen, maar is niet verplicht een klankbordgroep in te stellen. Hij kan het bijvoorbeeld ook aan de rekenkamer overlaten.] Artikel 4 Herbenoeming De leden van de rekenkamer worden door de raad benoemd en kunnen door de raad ook worden herbenoemd (artikel 81c, eerste en vierde lid, van de Gemeentewet). De benoemingstermijn is wettelijk op zes jaar vastgesteld. Een te korte benoemingsperiode kan de onafhankelijkheid in gevaar brengen, omdat de vraag ‘word ik wel herbenoemd’ dan al te snel weer wordt gevoeld. Voordeel van deze termijn is ook dat over benoeming en herbenoeming in het gewone geval steeds door twee verschillend samengestelde raden wordt beslist.
Voorts draagt het feit dat benoeming plaatsvindt na overleg met de rekenkamer ertoe bij dat de leden primair op grond van deskundigheid worden benoemd (artikel 81c, vijfde lid). In de praktijk zal na verloop van tijd door tussentijds aftreden vanzelf de situatie ontstaan dat niet steeds de gehele rekenkamer opnieuw moet worden benoemd. Dit komt de continuïteit en de onafhankelijkheid van de rekenkamer ten goede. Zie Kamerstukken 27 751, nr. 3, p. 68. Artikel 5. Ambtelijke ondersteuning In de Gemeentewet is geregeld dat burgemeester en wethouders op voordracht van de voorzitter of 4
het enige lid van de rekenkamer besluit tot het aangaan van arbeidsovereenkomsten met zoveel ambtenaren van de rekenkamer als nodig zijn voor een goede uitoefening van haar werkzaamheden (artikel 81j, tweede lid). De ambtenaren die werkzaamheden verrichten voor de rekenkamer, verrichten niet tevens werkzaamheden voor een ander orgaan van de gemeente, met uitzondering van de op de griffie werkzame ambtenaren (artikel 81j, derde lid). Dit betekent dat griffiemedewerkers deels voor de griffie en deels voor de rekenkamer kunnen werken. Vanwege de onafhankelijke positie van de rekenkamer zijn de ambtenaren, inclusief dus de griffiemedewerkers, voor werkzaamheden voor de rekenkamer uitsluitend verantwoording schuldig aan de rekenkamer (artikel 81j, vierde lid). Dit artikel voorziet in het benoemen van een secretaris en plaatsvervangend secretaris(sen) voor de rekenkamer. Artikel 6. Budget De raad moet de rekenkamer de nodige middelen ter beschikking stellen voor een goede uitoefening van haar werkzaamheden (artikel 81j van de Gemeentewet). Dit omvat de totale kosten van de rekenkamer en alle overige kosten voor de uitvoering van de taken. Artikel 7. Vergoeding De leden van de rekenkamer ontvangen een bij verordening van de raad vastgestelde vergoeding voor hun werkzaamheden en een tegemoetkoming in de kosten (artikel 81k van de Gemeentewet). [Artikel 8.
Monitoring aanbevelingen Volgens artikel 185a van de Gemeentewet moet het college jaarlijks aan de raad een overzicht sturen van de aan het college gedane voorstellen van de rekenkamer, vergezeld van zijn standpunt daaromtrent en van de wijze waarop aan de voorstellen vervolg is gegeven. Niet alle voorstellen, of meestal aanbevelingen genoemd, zijn voor wat betreft de uitvoering de verantwoordelijkheid van het college. Er zijn ook aanbevelingen die de raad zelf moet uitvoeren. Om een zo compleet mogelijk beeld te krijgen van de status van alle aanbevelingen uit de rekenkamerrapporten, kan de raad ervoor kiezen om de griffie jaarlijks ook een overzicht op te laten stellen met de status van de aanbevelingen die aan de raad zijn gericht, door de raad zijn overgenomen en door de raad zelf moeten worden uitgevoerd. Dit kan de raad helpen om een overzicht te behouden van de overgenomen aanbevelingen en de status hiervan.] [Artikel 9. Slotbepalingen Het eerste lid is facultatief, omdat dit alleen voor gemeenten geldt die voor de inwerkingtreding van de Wet versterking decentrale rekenkamers al een rekenkamer hadden. En dus niet voor rekenkamercommissies, daarvoor is geen overgangsrecht mogelijk omdat vanaf 1 januari 2023 de wettelijke plicht geldt om een onafhankelijke rekenkamer in te stellen.
Het eerste lid zorgt ervoor dat besluiten genomen vóór de inwerkingtreding van de Wet versterking decentrale rekenkamers hun rechtskracht behouden als de constructie van rekenkamers wijzigt als gevolg van deze wet. Voorbeelden van dergelijke besluiten zijn het raadsbesluit tot instellen van de rekenkamer en besluiten tot benoeming en herbenoeming van [het lid OF de leden of voorzitter] van de rekenkamer. Deze bepaling voorkomt daarmee dat bestaande rekenkamers opnieuw moeten worden ingesteld en dat daarmee de zittingstermijnen van de zittende leden weer bij nul beginnen terwijl wellicht de gemeente een maximum aantal zittingstermijnen heeft.]
5
Model Verordening gemeentelijke rekenkamer (nieuw model, maart 2023) Besluit van de raad van de gemeente [naam gemeente] tot vaststelling van de Verordening gemeentelijke rekenkamer [naam gemeente en eventueel jaartal] (Verordening gemeentelijke rekenkamer [naam gemeente en eventueel jaartal]) De raad van de gemeente [naam gemeente]; gelezen het voorstel van college van burgemeester en wethouders van [datum en nummer]; gelet op de artikelen 81k en 149 van de Gemeentewet; gezien het advies van de [naam raadscommissie]; besluit vast te stellen de volgende verordening: Verordening gemeentelijke rekenkamer [naam gemeente en eventueel jaartal]
Artikel 1. Definities In deze verordening wordt verstaan onder: · college: college van burgemeester en wethouders; · rekenkamer: gemeentelijke rekenkamer als bedoeld in artikel 81a van de Gemeentewet[; · voorzitter: voorzitter van de rekenkamer].
Artikel 2. Rekenkamer 1 . Er is een rekenkamer. [ 2 . De rekenkamer bestaat uit één lid. De raad benoemt ook een plaatsvervangend lid. OF 2 . De rekenkamer bestaat uit [aantal] leden, waaronder een voorzitter.]
[Artikel 3. Klankbordgroep 1. Er is een klankbordgroep voor de rekenkamer. 2. De klankbordgroep bestaat uit [aantal] leden. De raad kan daarnaast een [aantal] plaatsvervangers benoemen die hen bij afwezigheid kunnen vervangen.]
Artikel 4. Herbenoeming [Het lid van de rekenkamer kan OF De leden van de rekenkamer, waaronder de voorzitter, kunnen] maximaal [aantal] keer voor een periode van zes jaar worden herbenoemd.
Artikel 5. Ambtelijke ondersteuning 1 . De rekenkamer heeft een ambtelijk secretaris. 2 . Burgemeester en wethouders wijzen de ambtelijk secretaris aan, alsmede ook een of meer plaatsvervangers, op voordracht van [het lid OF de voorzitter] van de rekenkamer.
Artikel 6. Budget [ Het lid OF De voorzitter] van de rekenkamer is bevoegd binnen zijn budget uitgaven te doen voor de uitvoering van de werkzaamheden van de rekenkamer.
Artikel 7. Vergoeding
[ 1 . [ Het lid OF De leden] van de rekenkamer [ontvangt OF ontvangen] voor [zijn OF hun] werkzaamheden een vaste maandelijkse vergoeding. 2. De vergoeding bedraagt voor [het lid OF de voorzitter] [percentage] % [en voor gewone leden [percentage] %] van de vergoeding voor raadsleden. OF 1 . [ Het lid OF De leden] van de rekenkamer [ontvangt OF ontvangen] voor [zijn OF hun] werkzaamheden een vaste maandelijkse vergoeding. 2. De vergoeding bedraagt voor [het lid OF de voorzitter] € [bedrag] per maand [en voor gewone leden € [bedrag] per maand]. De vergoeding wordt jaarlijks geïndexeerd met dezelfde indexering die geldt voor de vergoeding voor raadsleden. OF 1 . [ Het lid OF De leden] van de rekenkamer [ontvangt OF ontvangen] voor [zijn OF hun] werkzaamheden een vergoeding per vergadering. 2. De vergoeding bedraagt voor [het lid OF de voorzitter] € [bedrag] per vergadering [en voor gewone leden € [bedrag] per vergadering]. De vergoeding wordt jaarlijks geïndexeerd met dezelfde indexering die geldt voor de vergoeding voor raadsleden.] [3. [Het lid OF de leden] van de rekenkamer [ontvangt OF ontvangen] daarnaast een vergoeding voor [zijn OF hun] reiskosten. Dit is maximaal de belastingvrije kilometervergoeding. Kosten van openbaar vervoer worden geheel vergoed. OF 3 . De vergoedingen, genoemd in het tweede lid, zijn inclusief reis-, verblijf- en overige kosten.]
[Artikel 8. Monitoring aanbevelingen De griffie verstrekt de raad jaarlijks voor [datum] een overzicht van de aan de raad gedane voorstellen van de rekenkamer welke door de raad zijn overgenomen en door de raad zelf moeten worden uitgevoerd, vergezeld van de wijze waarop aan de voorstellen vervolg is gegeven.]
Artikel 9. Slotbepalingen [ 1 . Besluiten , genomen krachtens [citeertitel oude verordening], die golden op het moment van de inwerkingtreding van deze verordening en waarvoor deze verordening overeenkomstige besluiten kent, gelden als besluiten genomen krachtens deze verordening. ] 2 . De [ citeertitel oude verordening ] wordt ingetrokken. 3 . Deze verordening treedt in werking op [datum]. 4 . Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening gemeentelijke rekenkamer [naam gemeente en eventueel jaartal]. Aldus vastgesteld in de openbare raadvergadering van [datum]. De voorzitter, De griffier,
Implementatiehandleiding bij de Model Verordening gemeentelijke rekenkamer (nieuw model, maart 2023)
In de implementatiehandleiding wordt ingegaan op de keuzes die gemeenten kunnen maken en bijbehorende afwegingen.
Algemeen De Model Verordening gemeentelijke rekenkamer kent diverse artikelen die facultatieve of nader door de gemeente in te vullen onderdelen of keuzemogelijkheden bevatten. In de tekst van de modelverordening en de daarbij behorende toelichting worden deze onderdelen weergegeven met behulp van de VNG Leeswijzer modelbepalingen. Deze implementatiehandleiding is opgesteld om te helpen bij het maken van die keuzes. Uiteraard is het gehele model in zekere zin facultatief, in die zin dat het instrument van een verordening enkel gebruikt moet worden voor zover dat in een individuele gemeente wenselijk is én dat het gemeenten vrij staat om een andere invulling te geven dan waarvoor in de modelverordening is gekozen. Verder kan onafhankelijk van de keuzes die specifiek worden aangegeven in de modelverordening, ook op andere punten worden gekozen voor lokaal maatwerk en kunnen bepalingen worden aangepast of toegevoegd. Gemeenten die ervoor kiezen om andere bepalingen dan de facultatieve bepalingen niet over te nemen, deze in gewijzigde vorm over te nemen of deze aan te vullen, moeten er zelf scherp op zijn dat deze keuzes in lijn zijn met de relevante regelgeving én dat deze stroken met de systematiek van de bepalingen die wel overgenomen worden. De modeltoelichting is zo opgesteld dat gemeenten deze kunnen overnemen als ze ook het bijbehorende artikel overnemen.
In de modeltoelichting zijn de facultatieve bepalingen dus eveneens als facultatief (cursief) aangemerkt. Afhankelijk van de gemaakte keuzes zullen ook bepaalde onderdelen van de toelichting wel of juist niet geschikt zijn voor overname. Voor een goed beeld dient de toelichting in samenhang met de VNG ledenbrief en de implementatiehandleiding gelezen te worden.
Gemeentewet De Gemeentewet geeft een regeling voor de decentrale rekenkamer. De gemeente mag daar bij verordening niet van afwijken. Het verdient dan ook aanbeveling om de hoofdstukken IVa (De rekenkamer) en XIa (De bevoegdheid van de rekenkamer) van de Gemeentewet te bestuderen, alvorens de verordening op de rekenkamer op te stellen. In artikel 81a is bepaald dat gemeenten een lokale rekenkamer moeten instellen. De raad heeft hier twee mogelijkheden. De eerste mogelijkheid is dat de raad een eigen onafhankelijke rekenkamer instelt. Een tweede mogelijkheid is om met een of meerdere gemeenten en/of provincie(s) een gemeenschappelijke rekenkamer in te stellen bij gemeenschappelijke regeling. Deze modelverordening ziet toe op de eerste mogelijkheid. De modelverordening vervangt de Model Verordening op de rekenkamercommissie en de Model Verordening op de rekenkamer. De rekenkamer wordt uitgebreid geregeld in de Gemeentewet. De modelverordening herhaalt niet langer die bepalingen in de Gemeentewet maar geeft aanvullende regels op grond van artikel 81k en 149 van de Gemeentewet. In artikel 81k is bepaald dat de raad bij verordening de vergoeding dient vast te stellen die leden voor hun werkzaamheden en tegemoetkoming in de kosten ontvangen. In artikel 149 is een eigen, autonome
verordeningsbevoegdheid voor de raad gegeven. De overige bepalingen kan de raad ook bij raadsbesluit regelen.
Artikelsgewijs Artikel 2. Rekenkamer Eerste lid: De raad bepaalt hoeveel leden de rekenkamer zal hebben (artikel 81b van de Gemeentewet). De raad kan kiezen tussen een rekenkamer met een ‘directeursmodel’ (één lid, die ook bestuurder en directeur is), of een rekenkamer met een ‘voorzittersmodel’ (meerdere leden, waaronder een voorzitter). Tweede lid: Als de raad voor één lid kiest, moet hij op grond van artikel 81c, derde lid, van de Gemeentewet ook een plaatsvervangend lid benoemen. In de praktijk kwam het voor dat een raad geen uitvoering gaf aan deze wettelijke bepaling. Daarom is dit nu ook opgenomen in de modelverordening. Artikel 3. Klankbordgroep Als de raad deze facultatieve bepaling in de verordening opneemt, moet in het tweede lid nog het aantal leden en aantal plaatsvervangende leden worden bepaald. Artikel 4. Herbenoeming In artikel 81c, vierde lid, van de Gemeentewet is bepaald dat de raad een lid van de rekenkamer kan herbenoemen. De wetgever heeft hierbij geen limiet gesteld aan het aantal herbenoemingen. Gemeenten moeten hier zelf bepalen hoe vaak een lid kan worden herbenoemd. Artikel 7. Vergoeding De wetgever schrijft niet voor hoe hoog de vergoeding moet zijn. In de verordening zijn de meest gebruikte praktijkvoorbeelden opgenomen. De raad moet hier een keuze maken.
Dit geldt zowel voor het eerste en tweede lid (3 varianten) als voor het derde lid (twee mogelijke varianten). Het staat gemeenten uiteraard vrij om de vergoeding (bij verordening) op een andere manier te bepalen. Gemeenten onderscheiden drie vormen van vergoeding: een vaste vergoeding per maand, een vaste vergoeding per vergadering en/of een variabele vergoeding per uur (vergoeding gerelateerd aan de daadwerkelijke inzet). De vaste vergoeding per maand wordt verstrekt als percentage van de vergoeding voor raadsleden of als bedrag per maand. Artikel 8. Monitoring aanbevelingen Als de raad deze facultatieve bepaling in de verordening opneemt, moet nog een datum worden ingevuld.
Artikel 9. Slotbepalingen Eerste lid: Deze facultatieve bepaling geldt alleen voor gemeenten die voor de inwerkingtreding van de Wet versterking decentrale rekenkamers al een rekenkamer hadden. En dus niet voor rekenkamercommissies, daarvoor is geen overgangsrecht mogelijk. Het is wetgevingstechnisch niet mogelijk om in een verordening overgangsrecht op te nemen op grond waarvan een oude rekenkamercommissie nog werkzaamheden afrondt of op grond waarvan de nieuwe rekenkamer gehouden is een onderzoek af te ronden. Dat zou in strijd komen met de wet. Er is zoals bekend een wettelijke overgangstermijn van een jaar voor de omvorming van de rekenkamerfunctie naar de rekenkamer. In die periode (of zoveel eerder dat de nieuwe verordening ingaat) kunnen lopende onderzoeken zoveel mogelijk worden afgerond.
De onafhankelijke rekenkamer (als rechtsopvolger van de rekenkamerfunctie) kan vervolgens de onderzoeken voortzetten, of kan besluiten dat niet te doen. Het is denkbaar dat voor lopende onderzoeken een externe onderzoeker of onderzoeksbureau is ingeschakeld. Wat de consequenties dan zijn van het stopzetten van die opdracht is vanzelfsprekend ook afhankelijk van contractuele voorwaarden. Dat is in wezen niet anders dan in de situatie waarin een rekenkamer(commissie) besluit om een onderzoek vroegtijdig te beëindigen. Als de raad deze facultatieve bepaling in de verordening opneemt, moet nog de citeertitel van de oude verordening worden opgenomen. Tweede lid: hier moet nog de citeertitel van de oude verordening worden opgenomen. Derde lid: hier moet de datum van inwerkingtreding van deze verordening worden opgenomen. Vierde lid: bij de citeertitel van de verordening moet nog de naam van de gemeente worden ingevuld. En eventueel het jaartal, alhoewel de VNG adviseert dat bij voorkeur niet te doen omdat een jaartal de onjuiste indruk zou kunnen wekken dat deze verordening alleen maar in dat jaar geldt.